• Botanique, Brussel - concertenreeks
    Botanique, Brussel - concertenreeks Botanique, Brussel - concertenreeks Concerten Omni-woensdag 20 november 2019-Witloof Bar-20h Ezra Furman - woensdag 20 november 2019 - Rotonde -…

Talen

zoek artikels

Volg ons!

Facebook Instagram Youtube Myspace Myspace

Se connecter

Onze partners

Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte door je te abonneren op onze nieuwsbrief !
Please wait

TW Classic 2018 – Bloedheet genieten!

Geschreven door Stan Vanhecke en Astrid De Maertelaere

TW Classic 2018 – Bloedheet genieten!
TW Classic 2018
Festivalterrein
Werchter
2018-07-14
Stan Vanhecke en Astrid De Maertelaere

40 000 mensen. Een stralende zon. De Rode Duivels versloegen de Engelsen en pakten brons. Maar bovenal geweldige optredens van Editors, Kraftwerk, The National, dEUS en ga zo maar door. Het waren de ingrediënten van een zeer geslaagde TW Classic.

BLØF mocht de spits afbijten op deze zomerse festivaldag. Ze waren er volledig “Klaar voor”, het nummer waar hun setlist mee startte. Met “Harder dan ik hebben kan” was de neutrale fan reeds overtuigd. Heerlijk vonden ze het, dat het al zo druk was. “Omarm” was ook één van de nummers waar ze ontzettend trots op waren, aangezien ze in hun nopjes waren met de cover van Ronnie Flex. Of net niet. Iedereen keek natuurlijk uit naar “Zoutelande” waarvoor Geike Arnaert zich ook naar de warme festivalwei in Werchter had begeven. Opvallend: met Geike kregen we ook de enige vrouwelijke artieste van de dag. De catchy hit blijkt een bewerking te zijn van een bestaand Duits lied Frankfurt Oder en heeft in België nu ook reeds voor de 21e week op rij de nummer één van de Vlaamse Ultratop 50 bereikt. Alle koppen draaiden richting podium en we waren blij dat we daar waren. Toch bleek dit niet het einde van de set, BLØF verraste ons nog met een cover van The Scene. “Iedereen is van de wereld (en de wereld is van iedereen)” deed menige pintjes en handen de lucht in rijzen. Tussendoor herkenden we nog enkele deuntjes van Papa Was a Rollin’ Stone.
BLØF bleek een goede opwarmer te zijn voor de rest van de dag. En wie er niet genoeg van de Nederlanders kan krijgen, 30 november staan ze weer in ons Belgenland, in de Lotto Arena.

Na BLØF was het tijd voor de wel zeer vroeg geprogrammeerde Richard Ashcroft. Openen deden we met “Sonnet”. Voor het publiek was het dus onmiddellijk duidelijk: Richard draait zijn hand niet om voor het spelen van wat songs van The Verve. Achteraf was dat zelfs een understatement. In een set van acht lang uitgesponnen nummers, waren er zelfs vijf van de band dat in 2009 voor de derde en laatste keer uit elkaar ging.
Richard bracht zijn heerlijk lijzige en ietwat krakende stem mee, samen met een rode bomberjacket in een verzengende hitte. Na Sonnet kregen we “A Song For The Lovers” en “Break The Night With Colour”, waarvan die laatste al een gigantische klassieker op zichzelf is geworden. Gelukkig smeet Ashcroft zich ook volledig in die classics, en voelt hij zich er niet te goed voor. “Lucky Man” ging door merg en been en de jas van Richard ging uit. “Hold On” was dan weer dankbaarder om een dansje op te placeren, wat ook duchtig werd gedaan. Het nummer van plaat ‘These People’ uit 2016 was ook het meest recente en op tempo nummer dat de zanger bracht. Voor “The Drugs Don’t Work” verlieten de begeleidende muzikanten even het podium. Ashcroft ging er alleen voor staan met zijn gitaar bij het fantastisch gevoelig nummer over het verliezen van zijn vader. Kippenvel op een warme dag, het kan. Om de sterke set af te sluiten smeet Richard Ashcroft het onvermijdelijke “Bitter Sweet Symphony” in ons gezicht. De hymne doorstaat de tijd als de beste en klinkt nog steeds fris. Als een paar oudjes nog lagen te zwijmelen in hun beanbags, dan waren ze nu toch stevig opgewarmd voor de rest van de dag.

Hoewel vele voetbalsupporters zich richting het grote scherm bij de ‘North West Walls’ begaven voor de kleine finale, mochten Nathaniel Rateliff & The Night Sweats toch nog rekenen op een mooie opkomst. Dat was vorige week tijdens Brazilië-België toch iets minder het geval voor London Grammar. Naar eigen zeggen is hij zelf geen liefhebber van het WK. Deze veelkoppige band is op tour met hun nieuwe album ‘Tearing At The Seams’ en brengt een stevige portie soul. Nathaniel is blijkbaar enkele jaren geleden in het muziekwereldje gerold nadat hij zijn beroep als trucker achter zich moest laten om gezondheidsredenen en kreeg de eer om in het voorprogramma van Mumford & Sons te staan. Op de tonen van de juichende Belgen na een eerste goal, openden de Amerikanen met het swingende “Be There” en “Look It Here”. Ook “I Did It” uit het iets oudere album werd bovengehaald, een blues nummer dat perfect paste bij Nathaniel zijn country hoed en waarin de saxofonist zich van zijn beste kant liet zien. Hoewel sommige nummers iets te lang werden, kon hij met zijn guitige lach en sfeervolle songs toch wat mensen aan het dansen krijgen. De vrolijke melodieën van meezingers “You Worry Me”,  “I Need Never Get Old” en “S.O.B.” deden ons nog meer zin krijgen in de verdere line up van de avond. Eén kleine bedenking misschien: wat ons betrof hoort Nathaniel toch voor Richard geprogrammeerd te worden.

dEUS kwam de Belgische eer op TW Classic verdedigen, al deden ze dat eigenlijk iets minder goed dan de Rode Duivels een klein uur daarvoor. “Niemand kan op tegen onze jongens”, voorspelde Tom Barman al voor het eerste nummer in zijn witte communicantenoutfit. Toch begonnen ze stevig met het gitaarrocknummer “If You Don’t Get What You Want”. Opgevolgd door het elektrisch geladen “The Architect” toch al een mooie combo om mee te starten. De jongens hadden ook aan de fans van het eerste uur gedacht, met “Fell Off The Floor, Man” en “Theme From Turnpike”, twee nummers van tweede album ‘In A Bar, Under The Sea’.
Voor de fans van het tweede uur klonk die eerste vooral rommelig, de tweede zorgde voor een gloriemomentje voor nieuwe gitarist Bruno De Groote, die er zelfs wat van zichzelf kon inleggen. Maar beide soorten fans konden niet anders dan genieten van “Instant Street”. Het rustig en lang opbouwende nummer barst telkens weer uit in een fantastisch feest voor je oren en een live ervaring van jewelste. Ze doen het telkens juist, met voldoende scherpte in de tonen, stijgend volume, tot het nummer kraakt en barst. Perfect gespeeld, en dus ook alweer een dikke duim voor de vervanger van Mauro. Daarna kregen we nog “Quatre Mains”, “Sun Ra”, “Hotellounge (Be The Death Of Me)” en het dreigende “Bad Timing”. Jammer genoeg werkte die laatste song als een profetie van orakel Tom Barman, want slotsong “Suds & Soda” werd abrupt gestopt na de intro doordat de tijd op was. “Sorry schattekes. We zijn over tijd. Een volgende keer!”, excuseerde Tom zich, en ze waren weg. Een serieuze anticlimax: een beetje Antwerpenaar veegt daar toch zijn voeten aan, dachten wij dan.

Opnieuw een Amerikaanse band op de affiche en dan nog eentje van formaat. Na dEUS kwam The National al struikelend het podium op, en dan hebben we het vooral over frontman Matt Berninger. Hij had er duidelijk terug zin in en zette in met “Nobody Else Will Be There”. Tijdens “The System Only Dreams In Total Darkness” vlogen de eerste handen al de lucht in, maar ook de eerste microfoon al op de grond. Na dit krachtige nummer, zorgden het prachtig gezongen “Don’t Swallow the Cap”, “Walk It Back” en “Guilty Party” voor een rustiger intermezzo. Met ballonnen onder de arm (Matt blijkt hier toch een fascinatie voor te hebben, dat bleek al op Best Kept Secret), kondigde de zanger vervolgens een “nieuw” nummer aan. Dit bleek echter eentje uit de oude doos te zijn, “Squalor Victoria”. Hits als “Bloodbuzz Ohio” en “Day I Die” blijven genieten en “I Need My Girl” bezorgden ons alweer kippenvel.
We mochten kennismaken met hun nieuwe nummer “Light Years” wat voorlopig nog op geen enkele van hun albums terug te vinden is. “Fake Empire” was een bewijs van de sereniteit die de band kan uitstralen. Afsluiten deed The National met “About Today”. Kortom, anderhalf uur genieten.

Maar de klepper voor het iets oudere publiek was dit jaar ongetwijfeld Kraftwerk. In 3D dan nog wel, al was dat eerder een knipoog naar het minimalistische dan iets anders. Zonder of met 3D-brilletje, de visuals werden niet echt anders. Een grappig zicht op de wei, dat wel. De electronicapioniers gaven op TW Classic een lesje muziekgeschiedenis op droge wijze, en speelden met z’n vieren, elk achter hun eigen desk voor een gigantisch beeldscherm. Starten deed de groep met enkele computersongs: “Numbers/Computer World”, “It’s More Fun To Compute/Home Computer” en “Computer Love” waren de eerste nummers van de set. De blieps, bloops en beats klonken prima na al het rockgeweld. Bij “Spacelab” hadden we voor het eerst echt iets aan ons 3D-brillen. Het ruimteschip kwam een klein beetje uit het beeld en het publiek porde elkaar aan om de brilletjes terug op te zetten. De bandleden bleven stoïcijns hun wervelende sound op het publiek afsturen. Gecontroleerd en correct, een juiste chaos van willekeurige klanken.
Meest melodieus was natuurlijk “The Model”, en sprak duidelijk het brede publiek het meeste aan. De typische herhaling was soms zalig, soms hilarisch, maar ook soms ronduit langdradig. Zo voelden “Autobahn” en “Trans Europe Express” eigenlijk aan alsof we echt op een lange reis in de auto of trein zaten.
Maar Kraftwerk kon wel begeesteren, zeker met afsluiters als “The Robots” en de fantastische outro met afscheidnemende robots, “Boing Boom Tschak/Techno Pop/ Musique Non-Stop”.

Editors liet even op zich wachten, maar TW Classic hield het publiek enthousiast door “Gimme! Gimme! Gimme!” van ABBA door de boxen te laten spelen. Met griezelige bewegingen  en een 3D-bril op zijn neus kwam Tom Smith het podium op gewandeld. De headliner van dit festival startte met “ColdenHallelujah (So Low)”. Twee nummers uit hun nieuwe album ‘Violence’ dat ze in maart dit jaar gelanceerd hebben. De albumcover was te bewonderen op het doek dat net voor de start van de show naar beneden viel.
Ondertussen was confetti, vlammen en vuurwerk ons deel. Spektakel dus, maar in het begin jammer genoeg niet zo volumineus als we hadden gehoopt. De klik was er nog niet helemaal, al hadden wij de indruk dat het publiek al de hele dag behoorlijk mak was. Gelukkig was het nog maar het begin van de set. Vanaf “Formaldehyde” begon hetgeen we zagen ook eindelijk in onze oren te weerklinken. De bombastische Editors gooiden er onmiddellijk “Munich” achteraan. Goeie keuze. Met “Violence” toonden ze zich met een meer elektronische vibe. Zo ook met “No Harm”, al werd dat nummer onnodig lang uitgesponnen. De geeuw werd onderdrukt, dus tijd voor wat oh oh oh’s met “Sugar”. “Racing Rats” schudde Werchter weer wakker. En met “Smokers Outside The Hospital Doors” raakte Tom Smith toch weer elke gevoelige snaar.
De ‘extra time’ ging in, en die maakte de set helemaal af. Maar liefst vijf(!) nummers volgden als toemaatje. En niet van de minste. We kregen het akoestische “Ton Of Love” en een tot ontploffing komend “Papillon”. Tussendoor hoorden we “Ocean Of Night” en “Magazine”. Afsluiten deed Smith natuurlijk met “No Sound But The Wind”. Acht jaar na het onvergetelijk moment op Rock Werchter is het ondertussen op zijn plaats op TW Classic.

Een spetterende afsluiter met veel bombarie, al was het ook een optreden dat soms de interactie met het publiek wat miste. Maar onder de duizenden schilfers witte confetti genoot het publiek wel na van een weer erg geslaagde TW Classic.

Organisatie: Live Nation – Rock Werchter

Aanvullende informatie

  • Date: 14-07-2018
  • Festival Name: TW Classic 2018
  • Festival Place: Festivalterrein
  • Festival City: Werchter
Gelezen: 434 keer