zoek artikels

Volg ons!

Facebook Instagram Youtube Myspace Myspace

Se connecter

Onze partners

Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte door je te abonneren op onze nieuwsbrief !
Please wait
Johan Meurisse

Johan Meurisse

donderdag 14 februari 2008 01:00

The day after

Drie jaar terug debuteerde De La Vega met ‘Falling into place’. Ze kwamen eerder nog in de belangstelling met de superzwoele single “Surely”. De La Vega bracht een veelheid van invloeden samen tot een eigen geluid: een groovy, sfeervolle, innemende en broeierige sound. Vocaal wordt de sound op de tweede cd moeiteloos opgevangen door Elke Bruyneel, die Lize Accoe vervangt.
De La Vega staat garant voor dromerige, romantische en loungy soulpop met een jazzy tint: “One time”, “The day after (part I)”, “Dance baby” en “Once in a lifetime”. De opener “Charlatan”en “La derniere guitare”, gedragen door de zwoele praatstem van de Franse radiomaker Mark Isaye, lijken regelrecht de soundtrack van een Franse avonturenfilm in de sixties. Ozark Henry stond in voor “Little clouds”, het sterkste nummer van de plaat .
‘The day after’ is op plaat in drie stukken verdeeld en klinkt meer afgelijnd en eenduidiger dan de vorige cd , maar boet niks van de warme sensualiteit . Puike cd van de band.

Het Antwerpse kwartet Belgian Asociality (Mechelen, Keerbergen) bestaat twintig jaar. De ‘enfants terribles’ van de Vlaamstalige pop’, Mark Vosté (zang) en Tom Lumbeek (bas), zijn opnieuw wakker geworden en zullen binnen enkele maanden een nieuwe ‘worp’ klaar hebben na ‘Belgian Asociality, ‘Astamblieft!’, ‘ATP’ en ‘Wakker worre’. Korte, krachtige, opzwepende songs met humoristische en cynische no-nonsens teksten, die meezing- en meebrulbaar zijn. Invloeden uit de hardcore, ska, metal en country worden aangehaald. “Zonder schroom, zeggen wat je denkt”! Maw dit is prettig gestoorde, rammelende pretpunk! Hen wordt amateurisme verweten van eenvoudige, simpele muziek, doch ze slagen er telkens in een feestje te bouwen, waar gretig kan gestagedived en gepintelierd worden.
In Zaal Black Horse was dit ook het geval. Meteen zat de vonk erin; wat wil je met songs als “Stagediv”, “De gefrustreerde automobilist”, “Boerderie”, “Morregen”, “Feasty boys”, “België” (met persiflage van het volkslied op z’n Leterme’s), “Jupiler”, “Bompa punk”, “Wodka”, “Van mijn erf” en “Non non, rien ne va changer, tout va continuer”.
Een klein anderhalf uur lang hielden ze het tempo hoog, ondergingen de songs leuke, soms onverwachtse, wendingen en ontpopte den Mark zich als een ‘Sergio’entertainbeest.
Ze speelden een best of, waarbij af en toe eens een nieuw nummer werd voorgesteld, waaronder “Die van ons”. Op die manier wordt het dus nog eventjes afwachten hoe de nieuwe plaat zal klinken “Het is gedaan” en “’t’Is weer goe geweest” in overtuigende acapella stijl, besloten de set.

Belgian Asociality heeft na 20 jaar nog niks ingeboet van hun ‘boereleute’ mentaliteit. Zoals ze zelf zeggen “Wa minder haar, moar nog ne even grote smoel”.

Het jonge plaatselijke gezelschap ICTC gooide er een pak ACDC covers tegenaan, waarbij de zanger en de gitarist zich als een jonge Johnson en  A.Young onderscheidden. Ze hielden het publiek in hun greep met puike covers als “Back in black”, “If you want blood, you’ve …”, “Thunderstruck”, “For those about to rock”, “Highway to hell”, “Rock’n’roll damnation” en “Whole lotta Rosie”. Tof bandje.

Organisatie: The Unforgiven ’motorcycle’ Brotherhood, Oudenaarde-Ename

Het Amerikaanse The Von Bondies liet in 2004 van zich horen met de single “C’mon C’mon” uit hun  tweede cd ‘Pawn shoppe heart’. Een fris, gedreven, energieke poppy rock’n’roll sound. Frontman is Jason Stollmeister, vocaal bijgestaan door de twee mooi ogende dames Gbur/Banks. Op Werchter, vier jaar terug, was er sprake van een lauw, rommelig concertje en staken ze onvoldoende dynamiek in de set. Het was trouwens niet de meest happy periode, want naast de wisselende concerten, kwam Stollmeister in conflict met boezemvriend Jack White, wat Jason –en  z’n band - in een negatief daglicht plaatste.

De voorbije jaren was het stil rond deze beloftevolle band. Ze ondernemen momenteel een korte tournee om de binnenkort nieuwe cd ‘Love, hate and then there’s you’ te promoten.
Een uitverkochte Rotonde bewees dat de band nog niet in een godvergeten hoekje werd geplaatst. Een opvallend jong publiek genoot van een kwintet die op scherp speelde: een goed geoliede band, snedig strakke rocksongs - onder diverse tempowisselingen -, enkele puike soli en tenslotte de sterke zang en  vrouwelijke backing vocals. De songs volgden elkaar in sneltempo. De oude Datsuns leken wel herboren. Stollmeister en z’n bandje waren onder de indruk van de respons en lieten zelfs op het eind de eerste rijen op het podium toe.
Het oude “It came from Japan” uit hun debuut ‘Lack of communication’ (nog geproduced door Jack White!) zette de garagerock’n’roll toon. Ze hielden het tempo hoog met songs als “Tell me what you see” en “Fever”. Af en toe was er ruimte voor enkele nieuwe songs als “Pale bride” en “Rock’n’roll nurse” (door de drummer gezongen).
De cd ’Pawn shoppe heart’ was de rode draad doorheen de korte, stevige set: “Not that social”, waar de dames Gbur/Banks de vocalen op zich namen, “Been swank”, “Pawnshopped heart”, en de single “C’mon C’mon”.
Enkel in het eerste nummer van de bis, de titelsong “Lack of communication”, klonken The Von Bondies ingetogen, pakkend en breekbaar, bepaald door de mooie samenzang van Stollsteimer/Banks. Het rock’n’roll hart sprak “No regrets” en “Broken man”, die de set op wervelende wijze besloten.

Het kwartet werd sterk onthaald en uitvoerig bedankt. Van een beginnend rommelig, rammelend bandje was er geen sprake meer.

The Hickey Underworld, winnaars van de voorbije Humo’s Rock Rally, openden. Ze speelden een strak setje emocore à la Quiksand. Ze lieten een goede indruk na. Ze zijn bezig aan hun debuut, en na de overtuigende live prestatie betekent dit … in het oog houden!

Organisatie: Botanique, Brussel

Githead is het nieuwe muzikale project van Colin Newman, ex Wire. Dertig jaar terug lag hij met z’n band aan de basis van de huidige postpunk; in 2003 was er zelfs een nieuw teken van leven met de ‘Read & Burn’ EP’s en de cd ‘Send’. Op Pukkelpop 2003 gaven deze vijftigers de upcoming jonge postpunkbandjes (van toen) het nakijken, met hun rechttoe-rechtaan, snedige, punky melodieuze gitaarrock. Ze speelden een hels moordend tempo.
Githead klinkt verfijnder, subtieler en toegankelijker en kruist Wire’s postpunk en Yo la Tengo’s indiepop. In Githeads geluid horen we Wire’s melodieuze opbouw en pakkende refreintjes.
Newman heeft als tweede gitarist Robin Rimbaud (aka Scanner), bassiste (en vrouwlief) Malka Spigel en drummer Max Franken (beiden ex Minimal Compact) in de band.

Een klein anderhalf uur lang speelde het kwartet songs van hun reeds twee verschenen cd’s ‘Profile’ (’05) en het recente ‘Art Pop’(’07): broeierige gitaarpoprock, een diepe bas, opzwepende percussie, enkele puike soli en een melancholische zang.
In het begin hoorden we met “Alpha”, “On your own” en “Fake corpses” een intens, meeslepende sound. Ze zetten een tandje bij, want “Drop” en “Drive by” klonken steviger. Spigel nam de vocals op zich op het meer ingetogen wave elektronica getinte “Lifeloops”. Het was de aanzet naar enkele dromerig sfeervolle indiepop songs waaronder ‘To have & to hold” en “Craft is dead”; een sterke samenzang kleurde het geheel.“All set up/comprehension” en “Live in your head” onderstreepten de kwalitatieve sterkte van  Newman’s songschrijven, vaardige, mooi uitgesponnen nummers die een hoogtepunt vormden in de set.
Het Britse kwartet kon rekenen op een sterke respons. Tweemaal keerden ze terug met een snedig klinkende “Profile”, een op z’n Yo La Tengo’s weemoedige “Raining down” met de stem van Spigel, en tenslotte een reprise van de single “All set up/comprehension”.

De groep heeft een serieus stuk underground geschiedenis achter de rug van vier fraaie artiesten. Ze zorgden voor een niet onaardige, afgewerkte set, die af en toe krachtiger klonk.

Het Mexicaanse Los Llamarada kon het etiket van ‘beloftevol bandje’ onvoldoende waarmaken. Hun rauwe postpunk met feedbackgeraas en de afwisselende mannelijke en vrouwelijke schreeuwzang, boden te weinig spanning, wat de interesse deed afnemen. Het kwartet had wel iets van PIL, maar stootte op te weinig hecht boeiend songmateriaal. Op plaat klinken ze geolied en gedurfd, live chaotisch en rauw, rammelend die de bocht van ‘jong inspiratievol’ miste.

Organisatie: 4AD, Diksmuide

dinsdag 22 januari 2008 01:00

Morrissey twintig jaar aan het werk

Het muzikaal avontuur van het songschrijversduo Johnny Marr en Steven Morrissey,The Smiths, één van de exponenten van de (huidige) Britpop, werd stopgezet in 1987.
Morrissey is momenteel twintig jaar solo actief, wat wordt gevierd met een compilatie cd, een nieuwe cd in het najaar en een (mini)tournee. Deze nobele, die wat nors neigende trekjes heeft van Van Morrison, hield halt te Lille.
In de zomer van 2006 trad hij op in de AB te Brussel; we onthielden een frisse, aanstekelijke set en een aangenaam, vriendelijke man.

De set werd ingeleid met zwart/wit fragmenten van artiesten, 40 jaar terug in de tijd: James Dean, Sacha Distel, Claude Brasseur, Brigitte Bardot en New York Dolls. De rock’n’roll twist en de Morrissey ‘lookalikes’ zweepten het publiek op; Morrissey kon rekenen op een horde ‘die hard’ fans, die geen glimp van hun ‘80’s idool wilden missen, en z’n naam scandeerden.
Samen met een jongere begeleidingsband, mooi uitgedost met wit hemd en das - én waarbij we op de drums ‘Some of us is turning nasty’ opmerkten -, vatte Morrissey een twee uur durende set aan, die snedig, bedreven als sfeervol, melancholisch klonk.
Morrissey, half open ogen en het gezicht half gekeerd naar publiek en band, laveerde als een échte nobele Britse gentlemen over het podium; hij was goedgeluimd, schudde handjes met z’n fans op de eerste rij en boog eerbiedig het hoofd na de sterke respons op de songs. Z’n stem heeft nog niks ingeboet aan emotionaliteit: weemoedig, warm en overtuigend.
Morrissey opende ijzersterk met een Smiths klassieker “How soon is now?”: mooi uitgesponnen en een krachtig klinkende opbouw. Trouwens, hij speelde een paar Smiths songs - “You’ve heard this one before”, “Stretch out & wait” en “Death of a disco dancer” -, die aan de set een frisse injectiestoot en een fijne ‘80’s trip gaven.
Morrissey grossierde in z’n uitgebreid oeuvre, doch de klemtoon lag vooral op de recente cd’s ‘You are the quarry’, ‘Ringleaders of the tormentors’ en prijsbeest ‘Vauxhall & I’: “The first of the gang to die”, “I just want to see the boy happy”, “Billy Budd”, “Life is a pigsty” en “Why don’t you find out yourself?”. Hij lichtte dikwijls een tip van de sluier van het nieuwe veelbelovende materiaal: “That’s how people grow up” (nieuwe single!), “All you need is me”, “Something is squeezing my skull”, “I’m throwing my arms around Paris” en “Mama lay softly on the riverbed”; Sfeervolle, dromerige songs met een stevig scherp randje.
Morrissey stevende naar een climax en werd door een paar fanatiekelingen beloond op het podium, die hun ‘80’s icoon omhelsden. Een subtiel opgebouwd ”Irish blood, English heart” sloot de set af.
In de bis hoorden we geen “Everyday is like a sunday”, maar een volledig uitgediepte instant klassieker “The last of the famous international playboys”, wat eervol en overtuigend de avond beëindigde.

Zoals oude kratten wijn, wordt Morrissey er met de jaren beter op. Een weemoedige ondertoon kenmerkt twintig jaar Morrissey, zonder dat de drive verloren gaat.

De uit San Antonio, Texas afkomstige ‘girl’band Girl In A Coma, gehaald van Girlfriend in a coma (?) van The Smiths, wist op z’n  Joan Jett’s en Sleater-Kinney’s rauw, rommelige punky gitaarrock te spelen. De zangeres, met een indringende blik en een felle schreeuwzang, werd geruggensteund door twee corpulente zussen; ze stelden enkele songs van hun debuut ‘Both before I’m gone’ voor.

Organisatie: Agauchedelalune ism Aéronef, Lille

donderdag 10 januari 2008 01:00

Trees outside the academy

Thurston Moore is één van de belangrijkste songwriters van het gitaarrammelende noisepop gezelschap Sonic Youth . Deze bijna vijftiger bracht naast SY-werk al enkele samenwerkingsverbanden uit, en heeft na ‘Psychic Hearts‘ (’95) z’n eerste soloplaat uit.
We horen fijnzinnige, sfeervolle songs van de rauwe dwarrelende gitaarpop van SY, semi-akoestisch werk, sferische instrumentaaltjes en enkele tapes. Af en toe kan het wat krachtiger en bedreven klinken, en is het eerder een SY concept, zoals op “Wonderful witches/language meanies” en de titelsong. “The shape is in a trance”, “Frozen guitar”, “Honest james” en “Silver blue” zijn uiterst aangename songs (staan op het eerste deel van de cd!) en “Thurston@13” is een gestofte tape toen hij dertien was. Het tweede deel is beduidend minder boeiend.
De plaat werd opgenomen in de huisstudio van J. Mascis en naast hem, hielp SY drummer Steve Shelley mee en zijn er vioolpartijen van Samara Lubelski.
De plaat beantwoordt nauw aan wat Pavement medio de jaren ‘90 afleverde.
Besluit: een soloplaat met enkele fraaie songs van deze frontman, wat een aangename verpozing is binnen het oeuvre van SY.

donderdag 27 december 2007 01:00

Arquettes EP

Het Gentse Arquettes debuteert met een weerbarstig plaatje van vijf songs. Rauw melodieuze, broeierige rock’n roll en sfeervolle toetsen , ergens tussen een venijnig klinkende Das Pop, The Van Jets en een bedreven Sparklehorse, onder een bitterzoete samenzang, siert dit viertal.
De EP kwam tot stand met Pascal Deweze van Sukilove (en talloze andere projecten). Ze onderscheiden zich al met songs als “It’a relief” en “Feehler”. “The great diverse” en “Dress” behouden dezelfde vaardige, snedige aanpak. Het semi-akoestische “Her Party” besluit de EP en zorgt voor een aangename verfrissing van dit beloftevol sympathiek bandje.

Info op www.myspace.com/arquettes

donderdag 27 december 2007 01:00

The Shepherd’s Dog

Iron & Wine is het muzikaal project van de bebaarde Amerikaanse singer/songwriter Sam Beam. De huidige aanpak is duidelijk breder dan op de vorige cd’s, die eerder ingetogen americana/folk ‘haardvuur’songs waren.
’The Shepherd’s Dog’ brengt artiest én band op het voorplan; luister maar eens naar “Pagan, Angel and a Borrowed car”, “Carousel”, “Innocent bones”, “Wolves”, “Boy with a coin”, “The devil never sleeps” en “Peace beneath the city”. Ze staan garant voor mooi afwisselend en kwalitatief sterk songmateriaal: fris, vaardig, dromerig, sfeervol, intiem pakkend of door de psychedelica klinkend als een indieband.
De sterkte van de cd ligt in de gemoedsrust, wat ervoor zorgt dat dit een uiterst aangename, genietbare cd is.

donderdag 20 december 2007 01:00

Wait for me

The Pigeon Detectives zijn een jong Brits bandje uit Leeds. Ze spelen melodieus ongecompliceerde punkpop en rauwe rock’n’roll, onder zanger Matt Bowman (lijkt een jonge Roger Daltrey wel!) die z’n publiek duidelijk weet op te jutten. Rechtstreeks uit de stal van Kaiser Chiefs verweven ze de sound van Buzzcocks, Libertines, Hot Hot Heat en The Strokes. “I found out”, “Don’t know how to say goodbye” en “I’m not sorry” zijn uptempo klinkende rocksongs. “To know I love you” en de titelsong overtuigen door hun broeierige opbouw.
Kortom, ‘Wait for me’ bevat lekker, gestroomlijnde, springerige rock!

dinsdag 18 december 2007 01:00

Sunn O))): gitzwarte hoogmis

Het Amerikaanse gezelschap Sunn 0))), onder Stephen O Mailley en Greg Anderson, hebben de muzikale formule klaar van de apocalyps: een unieke sound van een hallucinante, tranceachtige dronetrip van logge, repeterende, donkere en ronkende ritmes van Moog synthi, gitaar- en bas feedbackgeraas, onder een muur van versterkers en pedaaleffects. De recente cd ‘Black One’ bereikte zelfs een ruimer publiek.

De vijf heren in monnikspij speelden anderhalf uur lang een instrumentale ‘wall of sound’, een hypnotiserend, angstinducerend geluid in een mistig rookgordijn. Enkel was er het gemis van een Gregoriaanse zang. Het leek de soundtrack voor horror suspense, de Stephen King films en Friday the 13ths. Muziek die het daglicht niet kan verdragen …
Er was de schitterende start van een diepe, ‘to the bone’ klinkende trombone, waarin de sound aanzwol naar een waaier van noise en fuzz en een verloren gewaaid pianoriedeltje. Het dreigende ‘drone’ karakter trilde door je lichaam. De band liet een sterke indruk na.
Sunn O))) was Halloween en tekende voor een gitzwarte hoogmis. In het rookgordijn zagen we slechts af en toe een schim van de five people in capes en hun instrument. De typisch monniksgebaren en rituelen betekenden alvast een meerwaarde.

Black Heart Rebellion, een jonge Brugse band, was de perfecte warming up. Hun combinatie van hardcore, postrock, soundscapes en screamo kon rekenen op een sterke respons. Ergens tussen Isis, Amen Ra, 65 daysofstatic en Mogwai. Trouwens, de band stond middenin de zaal, een ‘abandinabox’, in een lichtdecor van zwart-witte sneeuw van een twintigtal dooreen gestapelde (oude) tv toestellen, waarvan de distributie was uitgevallen. Een prachtige vondst die hun sound fijn onderstreepte. De zang had geen microversterking nodig en ging door merg en been.

De twee groepen tekenden voor een niet alledaags concertavondje, en waren een beangstigende, huiveringwekkende nachtmerrie.

Organisatie: 4AD Diksmuide

Pagina 226 van 243