zoek artikels

Volg ons!

Facebook Instagram Youtube Myspace Myspace

Se connecter

Onze partners

Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte door je te abonneren op onze nieuwsbrief !
Please wait
Erik Vandamme

Erik Vandamme

Begin jaren tachtig was de jazz, r'n'b, Soul en Gospel band Carmel (****1/2), ofwel Carmel McCourt, bassist Jim Parris en drummer Gerry Darby, redelijk populair. Als grote voorbeelden haalt Carmel artiesten aan als Ben E. King, Percy Sledge maar vooral Aretha Franklin. En dat was ook te merken aan haar performance op o.a. Torhout/Werchter 1988 en op Via Rock 1993 toen we Carmel op beide evenementen zagen.
Nostalgie trips zijn altijd een beetje een risicovolle onderneming. Zo zorgde de doortocht van die andere jaren '80 icoon Paul Young in Sint-Niklaas voor erg uiteenlopende reacties. De Casino, Sint-Niklaas was goed vol gelopen voor dit optreden van een Jazz/R&B/soul diva die wellicht de meeste aandacht naar haar toe trekt, maar haar bandleden en publiek met zoveel liefde omarmt, dat het eerder het totaalplaatje is dat ons over de streep trekt.

Dat laatste blijkt al vanaf de eerste song op de setlist. Carmel gooit haar wonderbaarlijke en heldere stem in de strijd, maar zet ook een stap opzij - vaak letterlijk - om haar muzikanten de kans te geven de ene solo na de andere uit hun mouw te schudden. Zo waren we danig onder de indruk van de piano virtuoos die de klavieren streelde , of de talentvolle achtergrond zangeres, die een stapje naar voren zette. Met dank aan een frontvrouw die deze dame deed stralen op dat podium. Ook de drummer van dienst mocht regelmatig tot het oneindige improviseren, gerugsteund door een saxofonist die de ene warme klank na de ander uit zijn instrument tovert. Als kers op de taart mogen natuurlijk gitaar en basklanken niet ontbreken.
Om maar te zeggen, als een top artiest zijn of haar muzikanten de vrijheid geeft om zich volledig te ontplooien , dan ontstaat er een magie die je zelden tegen komt.
Hoe groot die liefde is bleek toen Carmel verjaardagwensen in ontvangst mocht nemen van haar band. Ze mag vandaag - zaterdag 24 november - namelijk 60 kaarsjes uitblazen. Ook het publiek reageerde wild enthousiast. Het enthousiasme van de fans en de band op het podium werkte trouwens als een rode lap op een stier, en ook dat siert een artieste als Carmel. Ze ontving dat warme applaus van band en publiek met enorm veel liefde, en legt de lat prompt nog hoger om uiteindelijk alles in de strijd te gooien om de fans een perfecte avond voor te schotelen waardoor ze met een gelukzalig gevoel vanbinnen de zaal verlaten.
Ondanks de status geen routineklus af te leveren, maar alle registers open te gooien en een kinderlijke spontaniteit uit te stralen als een jonge wolf in het vak? Daarvoor krijgt Carmel dan ook een sterretje meer in onze eindafrekening.

Besluit: Carmel grasduint in haar volledige oeuvre , een kleine twee uur lang. Dat sommige nummers vrij lang worden uitgesponnen mede door muzikanten die tot het oneindige improviseren stoort daarbij totaal niet. Bovendien is Carmel nog steeds heel goed bij stem, en straalt een charisma en spelplezier uit als een jong veulentje in het vak, met de ervaring van een jazz en soul diva zoals haar grote voorbeeld Aretha Franklin.
Tijdens het door het publiek meegebrulde “More, More” bleef het publiek roepen om meer. Waarna de voltallige band tot twee keer toe een bisnummer bracht. Ik was met niet al te hoge verwachtingen vertrokken richting Sint-Niklaas, dat geef ik eerlijk toe. Maar Carmel bezorgde mij en alle aanwezigen een top avondje dat aan de ribben blijft kleven. Niet door veel show vertoon, maar door op een eenvoudige , spontane wijze ons hart diep te raken. Aan de reacties van het publiek te horen tijdens en na het concert, was ik niet de enige die met een brede glimlach huiswaarts keerde. Soms kunnen nostalgie trips wel degelijk geslaagd zijn.

(Foto Carmel: Sven Dullaert)

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

donderdag 15 november 2018 23:17

In Lucid

Sweeping Death is een Duitse progressieve metal band die sinds 2012 onder de naam Order of Priority aan de weg timmert. Medio 2016 werd de naam dus veranderd in Sweeping Death. Dit resulteert in de single “Die for Metal” en de EP “Astoria”. Over die laatste schreven we
'Sweeping Death verleggen grenzen binnen een uiteenlopend pakket van metal muziekstijlen. Gaande van de 'power' van powermetal, over de technisch hoogstaande uitspattingen van zogenaamde 'epic' metal gaan Sweeping Death telkens, zonder enig probleem, over naar Thrash Metal in zijn meest pure zin. Om daarbovenop ook nog eens het soort heavy metal naar voor te brengen, zoals alleen de groten op aarde dit kunnen. Deze EP 'Astoria' is het soort visitekaartje dat ons vol verwachting doet uitzien naar de toekomst.
'In Lucid' is het eigenlijke debuut. Een veelkleurige tot veelzijdige schijf, die vooral instrumentaal bekeken ons compleet van onze sokkel blaast.
We hadden het op de EP al gemerkt. Binnen het progressieve metal en aanverwante is deze Duitse band best een te ontdekken parel die je niet aan jou mag laten voorbij gaan. De band bestaat uit één voor één top muzikanten, die riffs en drum salvo's uit hun instrumenten toveren waarbij grenzen worden verlegd. Telkens bezorgen die koude rillingen, adrenalinestoten , een ware krop in de keel. Niets wordt aan het toeval overgelaten, vanaf die eerste energieke song “Blues Funeral”, voorafgegaan aan een heel aanstekelijk klinkende intro “Eulogue”, zijn we vertrokken voor een bijzonder epische trip.
De vocale inbreng zorgt dan weer voor een psychedelische tongval, waardoor je onder hypnose wordt gebracht. Luister maar naar het lang uitgesponnen, circa tien minuten lange epos, “Suicide of a Chiromantist”. En je hoort een buitgewoon getalenteerd gezelschap dat vooral goed heeft geluisterd naar de jaren '70 bands maar eveneens met beide voeten in het heden staan. De band weet trouwens een zodanig uitgebreide pallet aan stijlen, en stijlbreuken naar voor te brengen dat hen in een hokje duwen, de band tekort doen is.
Episch metal is nog de beste omschrijving als je door duivelse riffs bij “Resonanz”, "Antitecture” tot magische afsluiters “Lucid Sin” - circa zeven minuten riff plezier - en “Stratus” weer eens door elkaar wordt geschud. Als de band toch een grens verlegt, dan is het in het toveren van veelkleurige riffs en riffs die snijden als vlijmscherpe scheermesjes in je vege lijf.
Besluit: De gitaarliefhebber, die houdt van lang uitgesponnen solo's, kan deze plaat uiteindelijk zonder daarover te hoeven nadenken, aanschaffen. Je zult niet ontgoocheld worden, want elke song is een bommetje boordevol aanstekelijke potjes oorgasme voor de doorsnee liefhebber van het instrument gitaar. Zonder afbreuk te doen aan de bijzondere vocale inbreng van een frontman die wat stem betreft wat doet denken aan heavy metal grootheden uit de jaren '80. Eveneens de drumpartijen klinken als stevige mokerslagen. Maar de band blinkt dus het meest uit in dat prachtige instrument de gitaar. Waarin deze heren meesters zijn, die bovendien totaal niet moeten onderdoen voor de zogenaamde grootheden binnen de gitaristen. Integendeel zelfs.

Tracklist: Eulogue (1:08) - Blues Funeral (5:41) - Horror Infernal (4:11) - Suicide of a Chiromantist (9:53) - Purpose (3:37) - Resonanz (6:09) - Antitecture (4:25) - Lucid Sin (7:47) - Stratus (5:59)

donderdag 15 november 2018 23:14

Check My Spleen

We kijken vaak te weinig over de taalgrens, want daar is best wat moois te ontdekken. Ook visa versa is dat helaas nog steeds het geval. Nochtans gooien bands als BB Brunes, It it Anita, Cocaine Piss tot Girls in Hawaii in het Franse en in het Brusselse heel hoge ogen. Sommige breken wel door in Vlaanderen, maar vaak is de impact iets minder. Het hoe en waarom ontgaat ons al veel jaren.
Dit terzijde stellen we een gloednieuwe Indie Pop parel aan u voor: Fabiola. We legden ons oor te luisteren naar het aanstekelijke schijfje 'Check My Spleen' en horen een band die uiteenlopende aanstekelijke muziekstijlen aan elkaar rijgt alsof dat de normaalste zaak van de wereld is. Deze band het label' Indie' opkleven is hen dan ook enorm tekort doen.
Van het dansbare “Faillure”, waar alle registers worden open gegooid, naar het weemoedige “St. Servais” tot het kleurrijke “Shit (is coming back)”. Telkens weet de band nieuwe wegen in te slaan, waardoor je inderdaad geen muziekstijl kunt kleven op Fabiola. De gevarieerde aankleding en het aanspreken van al even uiteenlopende emoties is belangrijk.
Fabiola trekt ons over de streep?, jawel ook al wordt daarbij helaas iets te nadrukkelijk binnen die lijntjes gekleurd, en klinkt alles nogal braaf en zo toegankelijk mogelijk. Tegen schenen schoppen en heilige huisjes omver duwen is er dus niet bij. Fabiola moet het hebben van fijne pop deuntjes die in je hoofd blijven hangen, en die je lekker mee neuriet in je huiskamer. Daar is op zich uiteraard nooit iets mis mee, maar wij houden toch van een meer avontuurlijke aanpak.
De aanstekelijkheid combineert Fabiola met sausjes melancholie. Daardoor kan dus vooral een ruim publiek aan pop en indie liefhebbers worden aangesproken. Ergens raken sommige songs een gevoelige snaar. Zoals “Kingdom”, “Robert Palmer” - een ode aan de zanger zelf?- een open vraag die we graag zouden zien beantwoord worden. Of “Betty”. Een opvallend lekker fleurige song die je enerzijds een traantje doet wegpinken maar vooral enorm veel positieve energie bevat waardoor je danst inn het malse gras.
Afsluiten doet Fabiola met een best weemoedig “Bottom of the well” dat je in eerste instantie een krop in de keel bezorgt, in hoge mate door die glasheldere en breekbare vocalen. En verder mondt het uit in diezelfde aanstekelijkheid waardoor je de zon ziet schijnen achter de donkere wolken.
Besluit: Fabiola brengt met 'Check My Spleen' een best aanstekelijk schijfje uit dat enerzijds aan de ribben kleeft en anderzijds, omgeven door walmen van melancholie en weemoedigheid, je eerder kippenvelmomenten bezorgt. Helaas blijft de band iets teveel binnen die lijntjes kleuren, het mocht voor ons toch iets meer experimenteel of avontuurlijker zijn geweest. Maar de indie/pop liefhebber die houdt van een fleurige en kleurrijke aanpak, waardoor hij of zij de zorgen uit het leven even opzij kan zetten, zal hier niet om malen. In het verlengde van menig pop artiest die hiermee grote zalen uitverkopen, voorspellen we Fabiola dan ook een gouden toekomst, ook in Vlaanderen.
Tracklist: 1.Failure 03:06 2. Break Of Dawn 03:08 3. My Bird 03:27 4. Robert Palmer 03:19 5. The Fox Of Scotland 02:45 6. St. Servais 03:54 7. Kingdom 03:34 8. Shit (Is Coming Back) 02:30 9. Betty 03:37 10. Bottom Of The Well 04:52

donderdag 15 november 2018 23:10

City In Decay

Hoewel De Belgische band Endtime Odyssey pas in 2012 is ontstaan, hebben elk van de bandleden al heel wat ervaring opgedaan bij bands als coRPus, Io, Left Passage en Precious Stone. De band bestond oorspronkelijke uit (Lio - zang, Tobias - toetsen, Joeri - bass, Tim - gitaren & Steve - drums). Endtime Odyssey blijft door de jaren heen stevig aan de weg timmeren. Nadat Tobias de band heeft verlaten blijven de vier overgebleven leden verder werken aan een eerste full album. Uiteindelijk werd de Keyboard spot in 2017 ingevuld door Veronika. Eindelijk kwam het langverwachte debuut van Endtime Odyssey op de markt, onder eigen beheer.
Aanstekelijke refreinen, die van begin tot einde aan je ribben blijven kleven. Het is de rode draad in de songs als “Burned Up”, “Sinner’s Paradigm”, “City in decay” tot “Metal on Skin”. Door de gezapige aanpak worden geen geluidsmuren afgebroken, maar blijkt de band songs te brengen die op de dansspieren werken, maar eveneens duidelijk de gevoelige snaar raken.
Maar vooral, ondanks de wat weemoedige benadering in sommige gevallen, bezorgen de songs op de plaat je een goed gevoel vanbinnen. Het moet niet altijd duisternis pijn en oorlog zijn. Nee, Endtime Odyssey straalt dus vooral enorm veel positieve energie uit die we dezer dagen heel goed kunnen gebruiken. Maar het meest opvallende is dus dat je een band hoort waarin alle leden dezelfde kant uitkijken. Dat kan moeilijk anders als je vier jaar noest hebt gewerkt om een product af te leveren.
Elke riff, elke drumsalvo en vocale inbreng en keyboard aanslag zit zo goed in elkaar, dat je gewoon geen speld kunt tussen krijgen. Dat laatste is dus niet de verdienste van één element binnen de band, maar de kruisbestuiving tussen elk van hen , en het opvallende hoge stembereik van Lio .
Het is dus echter vooral de samensmelting tussen die instrumentale aanpak met die inderdaad wel heel bijzondere vocale aankleding dat ons het meest kan bekoren. Daardoor wordt de perfectie overschreden, telkens opnieuw en opnieuw. De best lange songs als “Metal on Skin”, “A Life of Pretence” tot de pracht van een afsluiter “Stargazer” zetten die stelling gewoon nog meer in de verf.
Besluit: Net zo als de prachtige tot de verbeelding sprekende platenhoes die je een gevoel gemoedsrust bezorgt als je door je vensterraam over de stad heen kijkt, straalt dit debuut van Endtime Odyssey dus vooral enorm veel positiviteit uit. Maar wat ons nog het meest over de streep trekt op 'City in Decay' is de bijzonder aanstekelijke aankleding, die bovendien zeer gemakkelijk in het gehoor ligt. Waardoor een ruim publiek aan metal en rock liefhebbers, binnen een bovendien heel brede omkadering, kan aangesproken worden.
Deze band in het hokje progressieve metal duwen, is hen daarom eigenlijk tekort doen. Endtime Odyssey is gewoon een heel fijne rock/metal act die door zijn muziek je rock hart zal raken. Zonder meer is dit dan ook een klasse debuut, van een band die hard heeft gewerkt om eindelijk te komen waar ze moeten staan, aan de absolute top van het progressieve en aanverwante metal gebeuren, wat ons betreft.
Tracklist: Burned Up (5:02) - Sinners' Paradigm (6:19) - City in Decay (6:13) - Metal on Skin (11:48) - Essence of Time (4:36) - A Life of Pretence (6:40) - Stargazer (8:36)

donderdag 15 november 2018 23:02

Serpent’s Curse

Heads for the Dead is een supergroep bestaande uit leden van Wombbath , Henry Kane en Revel in Flesh. Dit duo bracht eind september zijn debuut op de markt 'Serpent's Curse'. Een death metal schijf waarbij grenzen van horror en waanzin voortdurend worden afgetast. Vernieuwend is het niet meer, maar Heads for the Dead doen het genre alle eer aan die de muziekstijl verdient. Met dit debuut slaagt Heads for the dead erin de meest huiveringwekkende beelden bij ons naar boven te laten komen, waardoor koude rillingen van pure angst voortdurend over onze rug lopen.
Vanaf de titeltrack “Serpent’s Curse” word je meegesleurd naar de meest donkere krochten van de Hel. De band bestaat uiteraard uit klasse muzikanten die hun jarenlange ervaring in de strijd gooien, maar het is de bijzonder rauwe en verschroeiende stem van frontman Ralf Hauber die ons het meest over de streep trekt. Deze klinkt huiveringwekkend, alsof hij letterlijk de demonische wezens uit de Hel oproept om iedere aanhoorder prompt te verscheuren. Sessie drummer Erik Bevenrud (Down Among the Dead Men) voegt daar de nodige vuurkracht aan toe, waardoor je hersenpan bij elke mokerslag opnieuw wordt ingeslagen. De band pint zich trouwens niet vast op enkel Death Metal. Menig traag op gang komende gitaar riff van virtuoos Jonny Pettersson blijft hangen binnen een donker doom, black metal sfeertje.
Elke song ligt op diezelfde verschroeiende, duistere en meedogenloze lijn. Songs als “Heads for the dead”, “Deep Below”, “Post Mortem Suffering” doen je in een donker bos belanden waar de demonische wezens uit het niets tevoorschijn komen en je doen baden in het angstzweet. De cover van Wolfbrigade “In Darkness You Feel No Regrets” is de perfecte afsluiter van een knappe plaat die elk beetje fan van het death Metal genre prompt in huis zou moeten halen.
Besluit: Heads For the Dead laat niets aan het toeval over en blijft op de volledige schijf rauw en verschroeiende uithalen tot je compleet murw geslagen, in een hoek van de kamer achterblijft. Nee, bijster origineel is dat allemaal niet meer. Maar dit debuut is één van het betere death metal schijven geworden, die we de laatste tijd al zijn tegen gekomen. De perfectie wordt telkens opnieuw overschreden, en de Horror beelden die door onze kop schieten , zorgen ervoor dat we uiteindelijk ook onze eigen demonen strak in de ogen kijken. Kortom, als het de bedoeling was om de perfecte soundtrack te maken van een griezelige horror film, dan is Heads for the dead door het uitbrengen van deze schijf, met brio in zijn opzet geslaagd.
Tracklist: Serpent’s Curse 04:57 - Heads for the Dead 02:25 - Deep Below 05:36 - Post Mortem Suffering 01:32 - The Awakening 05:04 - Death Calls 01:01 - Of Wrath and Vengeance 04:18 - Gate Creeper 04:11- Return to Fathomless Darkness 04:23 - In Darkness You Feel No Regrets (Wolfbrigade cover) 02:30

Death Metal
Serpent’s Curse
Heads For The Dead

 

donderdag 15 november 2018 22:58

The Stars, The Oceans & The Moon

Kijk, wij zijn voorstander van bands die durven buiten hun eigen lijntjes te kleuren. Artiesten die het avontuur opzoeken, en niet angstvallig zich blijven vastpinnen op hun oude succesformule, kunnen eveneens op onze waardering rekenen. Echo & The Bunnymen brengt een nieuwe plaat uit, die eigenlijke geen nieuwe is. 'The Stars, the Oceans & the Moon' is gewoon een eigentijdse bewerking van klassiekers die de band ooit heeft uitgebracht. Op zich niet slecht bekeken. Al is niet elke bewerking even geslaagd. We hadden bovendien liever een album gezien met gloednieuwe songs, maar als het de bedoeling is om aan te tonen dat de band wellicht nieuwe wegen wil aanboren in de toekomst, dan is Echo & the Bunnymen wel degelijk in zijn opzet geslaagd. De twee nieuwe songs die er wel opstaan: “The Somnambulist” en “How Far?” doen ons alvast het beste verhopen naar die toekomst toe. “Bring On the Dancing Horses” klinkt nog melancholischer dan voorheen. Maar het is toch een startsein voor een nostalgie trip die ons soms een wenkbrauw doet fronsen, maar ook vaak aangenaam verrast. Het is allemaal even wennen om songs waar we mee zijn opgegroeid volledig te zien worden uitgekleed, tot er haast niets meer overblijft van het origineel. Eens die luchtbel doorprikt, komt er echter vaak een gloednieuwe song boven drijven die ons naar adem doet happen. Zoals bij de magische mooie bewerking van “Lips like Sugar” het geval is. Die song klinkt plots nog sensueler dan voorheen. Ook “Rescue” verrast ons aangenaam, en wordt omgeven door walmen van weemoedigheid. Ook “Nothing Lasts Forever”, “Rust” en afsluiter “The Killing Moon” zijn zonder meer pareltjes die ergens een gevoelige snaar raken. En zo kunnen we nog even doorgaan.
Besluit: De originele songs van Echo & The Bunnymen waren een onderdeel van mijn jeugd, en hebben ervoor gezorgd dat ik postpunk fan ben geworden. Ze waren niet de enige uiteraard, maar toch. Om zulke songs helemaal uit elkaar te halen, en die in een nieuw kleedjete steken? Het is voor mij toch een beetje heiligschennis. Maar eerlijk is eerlijk. De band heeft de songs heruitgevonden, sommige zelfs verfijnd. Echter zijn het vooral de twee nieuwe songs, lekker aanstekelijke en dansbare pareltjes, die me het meest over de streep trekken. Deze beide kleppers doen hopen op een gloednieuwe plaat boordevol melancholie, dansbare en energieke uitstappen en songs die de gevoelige snaren raken.
Kortom, de fans van Echo & The Bunnymen die open staan voor vernieuwende en frisse ideeën mogen deze plaat met gerust gemoed in huis halen, het loont de moeite om daarbij even het verleden opzij te durven te zetten, en vooral te kijken naar de toekomst.

Tracklist: Bring On The Dancing Horses 04:01 - The Somnambulist 03:23 - Nothing Lasts Forever 04:10 - Lips Like Sugar 04:27 - Rescue 04:17 - Rust 05:03 - Angels & Devils 03:40 - Bedbugs & Ballyhoo 03:25 - Zimbo 04:33 - Stars Are Stars 03:30 - Seven Seas 03:43 - Ocean Rain 05:41 - The Cutter 04:23 - How Far? 04:40 - The Killing Moon 04:59

donderdag 15 november 2018 22:52

Monuments of Misanthropy

Pulverized is een uit Chili afkomstige Death Metal band die met ‘Monuments of Misanthropy’ zijn debuutalbum op de markt brengt, na 2 demo's die in 2010 en 2014 zijn uitgebracht. Het geluid van deze Chileense Death Metal band gaat de richting uit van typische Old School Death metal overgoten met een sausje van een meer moderne en technische aanpak. De basis elementen op dit debuut voegen dus eigenlijk niets nieuws toe aan het concept Death Metal, maar het zijn de subtiele neveneffecten die een enorm verschil uitmaken.
De rode draad op de plaat zijn verpletterende riffs, drumsalvo's als mokerslagen en een verschroeiende brute stem die ervoor zorgt dat poorten van de Hel moeiteloos open zwaaien. Ingrediënten die we voortdurend vinden binnen het genre death metal , maar zodanig hoogstaand gebracht dat we vanaf begin tot einde een adrenalinestoot door onze aders voelen stromen die ervoor zorgt dat we ook onze eigen demonen prompt strak in de ogen kijken. Vanaf die eerste vuurpijl “Devoción” voelt het aan alsof donkere klauwen uit de hel je de adem ontnemen, en niet meer los laten tot je compleet murw geslagen in de hoek van de kamer terecht komt.
Het zijn echter vooral die duivelse, verschroeiende solo’s en de traag op gang komende vocale aankleding die uitmonden in een climax die recht in je vlees snijdt. Het zorgt ervoor dat 'Monuments of Misanthropy' een bijzonder meesterwerk is geworden, waar geen speld valt tussen te krijgen. Perfectie wordt zowel instrumentaal als vocaal dus telkens opnieuw overschreden, waardoor je als death metal liefhebber alvast naar de platenboer mag rennen om dit uitzonderlijke pareltje binnen te halen. U zult niet worden ontgoocheld, integendeel zelfs.
Zuid-Amerika heeft altijd wel heel bijzonder tot de verbeelding sprekende bands voortgebracht. We kunnen met een gerust gemoed deze Pulverized - die zijn naam niet heeft gestolen - hieraan toevoegen. Ook al ligt alles in een gekende lijn, songs als “Cadávers”, “Aniquilación Genética” bezorgen je de injectie die nodig is binnen het death metal gebeuren om je tot waanzin te drijven. Dat de heren steeds uit datzelfde vaatje lijken te tappen, het stoort net door die perfectie totaal niet, integendeel.
Pulverized mag dan een doorsnee Death Metal plaat uitbrengen, de band zet een stempel op het genre dat we maar zelden tegen komen. Dat blijkt nog maar eens aan de circa acht minuten lange meesterwerk “Profecia-Flagelo-Extinción” waar Pulverized alle registers nog maar eens compleet open gooit. En een kers op de taart aflevert, die je de uiteindelijke doodsteek geeft om je als liefhebber van de meest pure death metal compleet over de streep te trekken. Donkerder dan dit kan Death Metal gewoon niet klinken.

Tracklist: Devoción 03:37 _ Consumed by Ignorance 04:33 - In the Depths of Insanity 05:43 - Cadáveres 08:34 - Aniquilación Genética 06:39 - Profecía-Flagelo-Extinción 08:30

Death Metal
Monuments of Misanthropy
Pulverized

 

donderdag 15 november 2018 22:48

Muunduja

Ter introductie van het project Maarja Nuut & Ruum citeren we even uit de biografie die we ontvingen in onze mailbox: ‘Het Estlandse duo Maarja Nuut & Ruum opereren vanuit een muzikale interzone. Het diepgewortelde, intuïtieve wereldbeeld van het verleden wordt verbonden met de hyper meditatieve werkelijkheden en schijnbaar onbegrensde technologische mogelijkheden van het nu en de toekomst. Dit hebben ze ‘gevangen’ op hun debuutalbum ‘Muunduja’. Een hoogstandje van sonische inventiviteit waarbij het abstracte raamwerk van Ruum een prachtige aanvulling is op de melodieën van Nuut. Hoewel Muunduja het debuut voor hen betekent als duo, zijn beiden afzonderlijk gevierde artiesten. Nuut is violiste, zangeres en stemkunstenaar, terwijl Ruum voortkomt uit de hedendaagse Electronic muziek.’
Dit terzijde, legden we ons oor te luisteren naar het prachtige, bezwerende elektronische pareltje dat dit duo op ons los liet. 'Muunduja' kwam uit via Fat Cat Records.

Die jarenlange ervaring speelt het duo voortdurend uit, maar het is vooral de kruisbestuiving tussen deze talentvolle muzikant en zangeres/violist dat ons nog het meest over de streep trekt. Ook al is alles gebouwd rond die bijzonder breekbare, sprookjesachtige stem van Nuut, inderdaad een ware stemkunstenaar, dankzij de elektronische, eveneens vaak bevreemdende en spookachtige inbreng van virtuoos Ruum ontstaat iets onaards mooi dat moeilijk onder woorden te brengen, waardoor de aanhoorder toch een inspanning moet doen om het echt te begrijpen.
Maarja Nuut & Ruum gaan vanaf die eerste parel “Haned Kadunud” bovendien aan het improviseren met vocalen en instrumentale inbreng, waardoor iets magisch moois ontstaat. Weemoedigheid wordt verbonden met zweverige geluiden die je tot rust brengt maar ook een zekere duisternis bevat. Net die eerder donkere walmen boordevol melancholie, mede door de magische inbreng van viool, bezorgt ons een krop in de keel en laat ons telkens opnieuw totaal verweesd achter. Luister maar naar het prachtige “Kuud Kuulama” of “Kurb Laulikz en “Miniature”, waar die viool en elektronische klanken zweven tussen tot rust brengen en eerder door een dreigende ondertoon je hart doorboren.
Nog een opvallend iets … Elke song is telkens opnieuw een nieuwe bouwsteen naar een hogere etage waar je weer eens wordt verrast door een geheel nieuw kunstwerk. Waarna je vol bewondering, denkende het eind punt te hebben bereikt, bij een volgende etage toch weer op een andere wijze van je sokkel wordt geblazen. Elke schakel daarin is even belangrijk, waardoor het dus belangrijk is dit album in zijn geheel te bekijken en beluisteren. Net als het lezen van een spannend boek, waarbij je op het puntje van je stoel een bladzijde omdraait en van de ene in de andere verrassende plot wending terecht komt. Deze plaat is dus ook een meesterwerk boordevol valkuilen en nieuwe invalswegen.
Besluit: Hoewel we links en rechts wel enige toegankelijkheid ontdekken, ligt de focus op 'Muunduja' duidelijk op het experimenteren en improviseren tot het oneindige. Streepjes ambient worden vermengd met Folk elementen - dit in grote mate dankzij de viool inbreng dus - en sausjes noise die oorverdovend klinken en, binnen een intieme omkadering, je eerder tot rust brengen. Daardoor spreekt die duo enorm uiteenlopende emoties aan. Beide talentvolle artiesten gooien hun sterkste wapens in de strijd door een uiteenlopend stembereik, magische viool en door elektronische klanken zodanig te laten klinken dat ze van een andere planeet of dimensie lijken te komen.
Beide virtuozen blijken elkaar daarbij dus zodanig perfect aan te vullen; er ontstaat iets magisch moois. Of hoe Hel en Hemel nog maar eens met elkaar worden verbonden, alsof dat de normaalste zaak van de wereld is.

Tracklist: Haned kadunud 06:27 - Käed-mäed 03:01 - Muutuja 06:01 - Mahe 05:09 - Takisan 03:50 - Kuud kuulama 04:07 - Kurb laulik 03:58 - Miniature C 02:34 - Une meeles 05:26

Ambient/Noise/Folk/Experimenteel/Elektronica
Muunduja
Maarja Nuut & Ruum

donderdag 15 november 2018 22:43

Dreamhatcher

Wat er gebeurt als je artiesten en muzikanten, die ook binnen andere projecten, bewust buiten de lijntjes kleuren samen brengt? We stellen u voor. MDC III. Dit is het project rond saxofonist Mattias De Craene (Nordman..) die een samenwerking aangaat met Lennert Jacobs (The Germans) en Simon Segers (De beren gieren, Stadt, Hong Kong Dong.) Wie de geschiedenis van die bands wat kent, weet al waar hij zich mag aan verwachten. 'Dreamhatcher' kwam op de markt via W.E.R.F. Records en is jazz dat geen jazz is, maar toch weer wel. Experimenteel en tegendraads. Compleet chaotisch, maar vooral een waar kunstwerk dat sterk doet denken aan artiesten als Einstürzende Neubauten. Om maar een kunstzinnig voorbeeld te geven.
De heren gaan voortdurend aan het improviseren op deze plaat. Dat blijkt al uit spookachtige en wat vreemd klinkende opener “Bobby”. Gevolgd door tien minuten waanzin, veranderende ritmes en stijlbreuken tot het oneindige. “TinniT” geeft min of meer de toon aan van hoe die schijf in elkaar zit. De aanhoorder telkens opnieuw op het verkeerde been zetten. Tot die zelf waanzinnig is geworden. Het is daarbij niet zozeer één element, maar de kruisbestuiving tussen deze uitzonderlijk getalenteerde muzikanten dat ons het meest over de streep trekt. MDC III verlegt voortdurend een grens, waar geen grens is, en blijft over de ganse plaat op diezelfde interessante en verrassende elan doorgaan.
'Dreamhatcher' is een plaat voor fijnproevers, die houden van muziek en dit tot ware kunst verheven. De streepjes Jazz die we ontdekken, worden zodanig door elkaar geschud dat het lijkt alsof Mattias en de zijnen het Jazz genre opnieuw uitvinden. Luister maar naar het meesterlijke “Sandman”, waar bevreemdend aanvoelende klanken je doen baden in het angstzweet en ook een gevoel van rust en intimiteit bezorgen. Bewust speelt MDC III met emoties, door het brengen van geluiden die je hypnotiseren en naar verre oorden vervoeren. De band slaagt erin de aanhoorder in en onaards aanvoelende wereld te doen vertoeven, van begin tot einde.
Bovendien doen we na enkele luisterbeurten prompt nieuwe ontdekkingen, en dat is nog maar eens een extra pluspunt aan deze klasse plaat. Afsluiten doet MDC III met een wondermooi eerbetoon aan Wim De Craene, de te vroeg overleden kleinkunst grootmeester en Nonkel van Mattias, “Harry”. Een vrij luguber verhaal eigenlijk, dat dankzij de manier waarop MDC III het brengt , je koude rillingen tot de bot bezorgt. Nonkel Wim zal wellicht heel trots zijn geweest op wat zijn neef met deze song heeft gedaan, zeker weten. MDC III drijft de duivels uit, op een wijze zoals stammen in de jungle dat ook deden. En voegt daar zoveel experimentele soundscapes tot bevreemdend aanvoelende klanken aan toe dat je ademloos gekluisterd naar de plaat zal luisteren tot je, compleet één geworden met de wereld die deze band je aanbiedt, tot intensieve rust bent gekomen of dus eerder tot waanzin gedreven..

Besluit: 'Dreamhatcher' is een meesterwerk geworden waar Jazz muziek compleet wordt uigekleed overgoten met sausjes boordevol noise, intimiteit, verdovende sax tot keyboard klanken en drumpartijen die eerder een gemoedsrust op jou doen neerdalen dan de oren suizen. Nee, in slaap val je daar niet bij, integendeel. Dit is een vooral een waar kunstwerk en een zoveelste bewijs wat voor begenadigde muzikanten en artiesten we toch hebben in ons land. Iets waar we best trots zouden mogen op zijn. Dat laatste zet MDC III nog maar eens uitvoerig in de verf.

Tracklist: Bobby 01:05 - TinniT 10:46 - Miniature I 02:46 - Call 349   04:17 - Voices 01:51 - Sandman 05:54 - The Overthrow 08:08 - Onar 04:40 - Miniature II 02:20 - Harry 01:58

Jazz/Experimenteel/Rock
Dreamhatcher
MDC III

 

donderdag 15 november 2018 22:14

Wunderbar

Chris Cheney (Guitars/Vocals), Scott Owen (Bas) , Andy Strachan (Drums) vormen samen het Australische trio The Living End. De band timmert reeds 25 jaar aan de weg. En heeft dus al heel wat ervaring in het vak. De nieuwste schijf is uit, het 8ste album ondertussen. De Australische band ging ondertussen uitgebreid op tournee en hield ook halt op de Lokerse Feesten. We schreven daarover: ‘De drie bandleden vullen elkaar blindelings aan en stralen, net als op de nieuwe schijf trouwens, enorm veel spelplezier uit. Door die dosis levenservaring te vermengen met de nodige jeugdige spontaniteit - frontman Chris spreekt zijn publiek voortdurend aan - worden ook wij over de streep getrokken. Echter is het eerder die bijzonder aanstekelijke combinatie tussen gitaar, contrabas en verdovende drums dat ervoor zorgt dat we de ene adrenalinestoot na de andere te verwerken krijgen, waardoor je prompt begint te heupwiegen. Want hierop stil staan is onmogelijk."
Al direct bij de eerste aanstekelijke song “Don’t Lose” geeft de stelling nog wat meer kracht. Songs als “Not Like the other boys”, “Otherside”, “Death of the american dream” laten voortdurend een band horen die spelplezier uitstraalt, waarbij de bandleden bovendien allemaal dezelfde kant uitkijken. Na meer 25 jaar blijft the Living End trouwens nog steeds meesters in riffs naar voor brengen, die één voor één aan de ribben blijven kleven. Maar vooral heeft die jarenlange ervaring er niet voor gezorgd dat een routineklus wordt afgeleverd, gelukkig maar. Dit trok ons op Lokerse Feesten nog het meest over de streep, dat is ook de rode draad op deze plaat. Puurder dan dit kan rock-'n-roll niet zijn.
Van de pure 'punk' attitude van weleer schiet wellicht niet zoveel meer over, de band is geëvolueerd in zijn muziekstijl. En toch wordt links en rechts de maatschappij een spiegel voorgehouden, waardoor die punk ingesteldheid, eerder subtiel boven komt drijven. Bovendien schotelt The Living End een heel gevarieerde plaat voor. Zo gaat het van lekker up-tempo songs over tot heel breekbare liedjes, waarbij de stem van Cheney je prompt een krop in de keel bezorgt. Het valt ons trouwens op hoe glashelder Cheney zijn stem nog steeds klinkt, de jaren hebben dus geen invloed op zijn vocale capaciteiten. Bovendien blijken de muzikanten nog steeds tovenaars met klanken te zijn. Vooral de inbreng van een contrabas die zorgt voor een rockabilly gevoel, blijkt een meerwaarde, waardoor het totaalplaatje compleet klopt. Maar ook dat was ons reeds in Lokeren opgevallen.
Besluit:
The Living End klinkt op zijn bijzonder aanstekelijke 8ste album nog even fris en monter als op zijn debuut. Maar blijft eveneens verder bladzijden omdraaien, en durft nieuwe wegen inslaan. Weemoedig en broos, maar ook gedreven en ware wervelstormen doen ontstaan. Of subtiel een mokerslag uitdelen, waardoor je murw wordt geslagen. Het zit allemaal verweven in deze knappe schijf.
Kortom. 'Wunderbar' is een zoveelste bewijs dat jarenlange ervaring nooit hoeft te resulteren in een routineklus. Integendeel zelfs. Deze band klinkt na 25 jaar nog altijd als jonge wolven die nog alles moeten bewijzen. Maar eveneens met de nodige ervaring, om ervoor te zorgen dat instrumentaal als vocaal grenzen worden verlegd.

Tracklist: 1. Don’t Lose It - 2. Not Like The Other Boys - 3. Otherside - 4. Death Of The American Dream - 5. Drop The Needle - 6. Love Won’t Wait - 7. Proton Pill - 8. Amsterdam - 9. Too Young To Die - 10. Wake Up The Vampires - 11. Rat In A Trap

Pagina 36 van 43
FaLang translation system by Faboba