• Botanique, Brussel - concertenreeks
    Botanique, Brussel - concertenreeks Botanique, Brussel - concertenreeks Concertlijst tgv corona - de Botanique blijft gesloten Tentoonstellingen - overzicht 2021 - info site Er…

zoek artikels

Volg ons!

Facebook Instagram Youtube Myspace Myspace

Onze partners

Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte door je te abonneren op onze nieuwsbrief !
Please wait
Filip Van der Linden

Filip Van der Linden

donderdag 29 oktober 2020 15:08

Hydra

De Amerikaan Bradley Bills is een bezige bij. Hij was al de drummer bij o.m. KMFDM, het Belgisch-Amerikaanse Lords of Acid en My Life With The Thrill Kill Kult en hij zit in Pigface. Zijn soloproject heeft hij Chant gedoopt en daarmee brengt hij op ’Hydra’ een soort van repetitieve basic industrial elektro met primaire, ruwe ritmes en lyrics die de maatschappij op de korrel nemen. Liefhebbers van EBM zullen dit misschien wel kunnen smaken, al zit er bij momenten veel tekst en verhaal in de songs.
Bills schreef de songs zonder een groot concept in gedachten, maar verzameld als album, zit er toch grofweg de rode draad in van de opkomst en val van een demagoog en de verlossing die gebracht wordt door een onverwachte held.
Muzikaal en conceptueel is dit het meest ambitieuze album van Chant tot dusver. Persoonlijk zou ik Chant voor dit album laten vervellen van een eenmansproject naar een met gastbijdrages, zeker als je ziet welke vrienden Bills heeft. Eens halfweg heb je het wel ongeveer gehad met de zang van Bills, hoe goed de muziek ook is. De leukste tracks zijn de single “President God”, het dansbare “Love Sex & Revolution” en “Primetime Annihilation”. Andere, zoals “Uprising” en titeltrack “Hydra” smeken om een donkere, nog dansbaardere EBM-remix.
Dit is voer voor fans van Front 242, Nitzer Ebb, Nine Inch Nails en Marilyn Manson.

Dance/Elektro
Hydra
Chant

donderdag 29 oktober 2020 11:06

Be A Rebel -single-

New Order bestaat 40 jaar en dat zou gevierd worden met een leuke tournee, die afgezegd is vanwege de intussen bekende reden. Om die tournee wat kleur te geven, is er een nieuwe single. “Be A Rebel” heeft een aantal sterke punten. Deze synthpop klinkt heel herkenbaar. Deze single had door geen andere band uitgebracht kunnen worden. Hij is uitermate dansbaar en uplifting. Een beetje overdadig uplifting, zelfs voor deze donkere tijden. Er komen nog heel wat remixes van deze single en het lijkt een beetje alsof “Be A Rebel” op die maat gemaakt is.
Tegelijk klinkt het allemaal wel heel gladjes en maakt de single weinig slachtoffers, zelfs bij herhaalde luisterbeurten. Met zo’n songtitel had “Be A Rebel” beter nog wat meer eigen gezicht gekregen. Hopelijk maken ze dat nog goed in de remixen.

donderdag 29 oktober 2020 19:37

Tightwad -single-

Gilby Clarke zal bij de fans van hardrock vooral herinnerd worden als lid van Guns ’n Roses, wat hij ook nog probeert in de rest van zijn leven. De Amerikaan bracht zopas een paar leuke singles uit als “Rock ’n Roll Is Getting Louder” en “The Gospel Truth”. Dat er met “Tughtwad” nu een derde single is, laat vermoeden dat er een album op komst is. Voor dit nummer krijgt hij de hulp van Nikki Sixx van Mötley Crüe op bas en Stephen Perkins van Jane’s Addiction op drums.  Mooi voor de geschiedenisboeken, maar ook niet meteen een garantie op een fantastisch nummer.
“Tightwad” is geschreven rond een riff die Clarke ontdekte toen hij een nieuw gitaarpedaal aan het testen was. En zo klinkt deze single ook: coole riff waar je zeker iets mee moet doen, maar die riff zorgt er ook voor dat het nummer niet echt op snelheid raakt en wat verzandt in lauwe mid-tempo pubrock.
De vorige singles hadden meer catchyness. Bekende vrienden in de studio is inderdaad geen garantie op een fantastisch nummer als die bekende vrienden maar matig geïnspireerd zijn. Toch maken de singles mij benieuwd naar dat album van Gilby Clarke.

donderdag 22 oktober 2020 11:54

Serpentine Prison

Matt Berninger van The National klinkt op zijn solo-album ‘Serpentine Prison’ heel erg als The National. Dat is meteen goed nieuws. Het zou ons verbaasd hebben mocht hij plots een voorliefde voor rap of nu-metal getoond hebben.
Berninger krijgt op zijn solo-uitstapje dan ook de hulp van Scott Devendorf en Ben Lanz van The National. Er doen wel meer gasten mee op ‘Serpentine Prison’, maar die blijven allemaal netjes in de schaduw van Berninger. Die prevelt en zingt over de tracks van trage en verstilde, wijdse minimal rock, folk en americana.  De man houdt van vissen als tijdverdrijf en dat hoor je in zijn muziek: hij neemt zijn tijd en vraagt ook van de luisteraar geduld als inspanning. Je moet elke track volledig en het album helemaal integraal uitzitten, liefst verschillende keren na elkaar, voor je in zijn huid kan kruipen. Pas na een reeks luisterbeurten openbaart Berninger zijn verhalen over liefde en verlies, over angst en hunkering.
Een schoolvoorbeeld van Duyster-muziek die je zowel op Radio 1 als StuBru kan horen. Als je bv. ook onze eigen SJ Hoffman al goed vindt, is dit album een must have. De hoogtepunten aanduiden is een makkie: de singles “One More Time”, “Serpentine Prison” en “Distant Axis”.

donderdag 22 oktober 2020 11:51

Verloren In De Tijd

Lieven Tavernier zal wel nog lang herinnerd worden als de songschrijver die bekend werd door zijn sterkste materiaal door anderen te laten uitvoeren. Hij schreef “De Eerste Sneeuw” en “De Fanfare Van Honger En Dorst” voor Jan De Wilde. Nog meer artiesten interpreteerden Taverniers songs: Roland, The Bony King of Nowhere, Gabriel Rios, Stef Kamil Carlens, Thé Lau en Raymond van het Groenewoud.
Sinds enige tijd treedt Lieven Tavernier ook steeds vaker zelf op de voorgrond met eigen werk en vertalingen van Brassens in het Gents en van Nathalie Merchant en Jules De Corte in het Frans.
Voor zijn nieuwe album ‘Verloren In De Tijd’ kreeg hij de hulp van muzikanten als Maarten Flaman van The Antler King, David Geboers (percussie), Philippe Thuriot (Ictus, Catherine Delasalle),Gijs Hollebosch (HT Roberts, Les Gitares Magiques), Klaas Delvaux(White Velvet, An Pierlé), Yves Meersschaert (Derek & The Dirt).
Op zijn nieuwe album toont Tavernier zich opnieuw een uitmuntend songschrijver. Als zanger zal hij misschien de finale van The Voice niet halen, maar hij kent zijn mogelijkheden en beperkingen. De band die hem begeleidt , kleurt mooi rond zijn teksten. “Als Je Niet Naar Me Kijkt” evenaart de funeral blues van de Willard Grant Conspiracy en in het vrolijke “Brunnersdorf” hoor ik vaag een echo van “J.O.S. Days” van The Nits.
Voor liedjesteksten als die van “De Eerste” ontbreekt het aan superlatieven. Het is meer dichten dan zingen. Het is het verhalend vertellen waar jonge bands en artiesten niet meer het geduld of het talent voor hebben. Er zijn ook uitzonderingen als Kobe Sercu en Augustijn, maar die hebben nog een lange weg te gaan voor ze een song als “Eens Breken De Dijken” uit hun pen zullen laten vloeien. “Eerste Lief” is ontroerend, breekbaar en onthullend, maar gaat net niet te ver in het blootgeven van de details. Net geen Guido Belcanto. Mijn persoonlijke favoriet is het ontwapenende “Lucy In Groningen”, met een begeleiding alsof het voor Tom Waits is.
Zo staat ‘Verloren In De Tijd’ vol met parels die we te weinig horen op de radio. Op “Eens Breken De Dijken” en “Vreemdeling” toont Tavernier dat hij geen man van het verleden, maar van het heden is. Hij verraadt wel zijn leeftijd door het vele terugkijken en door het vaak over de dood te hebben. In de herfst van het leven schrijven heel wat artiesten hun beste songs.

donderdag 22 oktober 2020 11:45

Don’t Follow Me, I’m Lost EP

Admiral Freebee is terug, maar niet zoals iedereen hem kent. Een vervelende armblessure dwong Tom Van Laere om zijn gitaar tijdelijk aan de wilgen te hangen. Keyboards, drumcomputers en allerhande elektronica mochten wel van de dokter en daarmee nam hij de demo’s voor de EP ‘Don’t Follow Me I’m Lost’ op met zijn smartphone. Daarna ging hij met liefst twee verschillende bandbezettingen naar de studio. Daarbij goed volk als Jasper Maekelberg (Faces On TV), Alan Gevaert (dEUS, Vincent Starwaver), Joris Caluwaerts (STUFF.) en Mario Goossens (Triggerfinger, Sloper).
Het is niet enkel het weglaten van de (eigen) gitaar en het omarmen van de keyboards, Van Laere verkent op deze EP het spectrum van de ‘nieuwe’ popmuziek waarbij sfeer en stemming (doorgaans broeierig donker synth-driven) voorrang hebben op lyrics met inhoud en klassieke songstructuren. De Admiraal lukt er op deze EP goed in om de klassieke songstructuren los te laten, maar twijfelt om zover te gaan dat ook de lyrics als los zand gaan voelen.
Combineert hij zo het beste van twee werelden of valt hij net tussen twee stoelen in? Aan de ene kant verdient hij waardering voor het lef om na een goedgevulde carrière nog deze nieuwe muzikale horizonten te gaan verkennen. Aan de andere kant beseft hij dat niet elke bestaande fan mee zal gaan in dit verhaal. Dat is dan waarschijnlijk waar die ietwat vreemde albumtitel op slaat.
Met ‘slechts’ een EP speelt de Admiraal bovendien wat op veilig. Dit is niet het ‘album dat zijn carrière sloopt’. Wordt de ingeslagen weg op te weinig gejuich onthaald, dan is er geen man overboord en blijft dit een voetnoot die de Belpop-aflevering wat kleur geeft. Slaat het wel aan, dan zal er wel snel een album volgen.
Zuiver muzikaal is dit een donker album met meer gemijmer dan de echte verhalen van vroeger. Laat die pakkende lyrics nu net één van de grootste troeven zijn van de ‘oude’ Van Laere. Daarom hopen wij dat die armblessure snel geneest en dat Tom snel opnieuw zijn gitaar vastneemt.

donderdag 22 oktober 2020 11:39

Kvitravn -single-

Wardruna komt - als alles goed komt met de coronacrisis - volgend jaar naar Graspop. Dat is opmerkelijk en ook weer niet. De Noorse band werd opgericht door twee voormalige leden van metalband Gorgoroth, maar houdt het bij donkere folk, zonder elektrische gitaren of de klassieke drums. De Noren grijpen terug naar wat volgens hun opzoekingen de authentieke muziekinstrumenten uit de Vikingperiode zijn en zetten die aanpak nog kracht bij met lyrics in het oud-Noors. Het is een aanpak die veel bijval krijgt. Bovenop de vele fans wereldwijd zijn ook de makers van tv-series en van videogames fan.
Na Graspop volgt voor Wardruna nog een passage in het Koninklijk Circus in het najaar van 2021.
De nieuwe single “Kvitravn” vertelt het verhaal van de zoektocht naar een witte raaf. Ook in onze taal staat die voor iets heel uitzonderlijks, maar in de wereld van sagen en legendes krijgen witte (albino) dieren nog een extra sacrale dimensie en het is dat aspect dat hier aan bod komt.
Deze nieuwe single is de voorbode van een nieuw album dat in januari van volgend jaar uitgebracht wordt. “Kvitravn” zit muzikaal helemaal in de slipstream van de vorige single (“Lyfjaberg”), hoewel die dan weer niet op dat nieuwe album zal staan.

Folk/World
Kvitravn -single-
Wardruna

PESCH - Mag ik nu verder de invasie van de USA voorbereiden?

Peter Slabbynck van Red Zebra en Chesko (Geert Vandekerkhof) van Der Klinke hebben samen een nieuw project opgezet. Voeg daarbij Sam Clays die zowel bij Red Zebra als Der Klinke speelt en je hebt het trio PESCH.
Dat wordt een EBM-knaller en er zijn reeds een handvol songs klaar. Musiczine mocht al eens gaan luisteren en hoorde twee tracks die een tip van de sluier lichten. Denk aan een mix van het beste van Star Industry, Praga Khan, Enzo Kreft en Signal Aout 42.
In dit interview doet Peter Slabbynck het relaas van PESCH.

Hoe is dit project op de rails geraakt?
Peter: Zoals zoveel artiesten had ik door de coronacrisis plots heel weinig om handen. Er was voor 2020 heel wat gepland voor de 40ste verjaardag van “(I Can’t Live In A) Living Room”. Gelukkig kon ik terugvallen op akoestische shows met een beperkte bezetting, maar er bleef nog veel tijd om te doden. Daarop vielen twee zaken samen: mijn eindeloze verzameling Atoma-schriftjes waarin ik allerlei songtitels en lyrics noteer en een vroeger idee om ‘ooit’ eens samen muziek te maken met Chesko. Ik had al een paar keer laten vallen dat ik al heel lang zin heb om eens iets in elektro te doen. Dat viel niet in dovemansoren.

Wij mochten al even luisteren, maar zet de lezers eens op het juiste spoor. Wat wordt PESCH?
Peter: Het wordt Electronic Body Music, met twee voeten vooruit. Chesko levert de beats en de synths. Denk aan het vroegste werk van Front 242 en The Neon Judgement. Of aan het oudere werk van The Human League, op ‘Travelogue’. Chesko levert topwerk af: stevig, donker en dreigend, en ik moet als zanger - in de beste EBM-traditie - enkel een paar rake zinnen toevoegen. Maar eigenlijk zijn we met drie zangers, waar bij iedereen zijn eigen manier van zingen heeft. Dat is interessant om de nummers vocaal verder aan te kleuren.

Er zijn al een handvol nummers klaar? Vertel!
Peter: Twee zijn er zo goed als klaar. Dat zijn “What’s Wrong With People” en “Let’s Invade America”. Die laatste track willen we uitbrengen op de dag van de Amerikaanse verkiezingen, 3 november dus. In mijn lyrics wil ik op het snijvlak zitten tussen ernst aan de ene kant en anderzijds satire en humor. Voor wie mij al langer volgt: PESCH neem ik een heel stuk ernstiger dan bv. indertijd de John Lennon Riffle Club. In PESCH zit veel humor, maar we doen dit niet even snel voor de fun. Ik wil er dus echt wel tijd en energie in investeren. Hoever we geraken, zien we wel.

“Let’s Invade America” is een sneer naar Donald Trump, mag ik veronderstellen?
Peter: Tuurlijk. Die man is al een grap op zichzelf. Je kan Trump niet overtreffen in absurditeit. Daar kan je als songschrijver gewoon niet meer over met een grappige tekst. Als het straks slecht afloopt in de USA, zit er niks anders op dan een interventiemacht te sturen. Een invasie dus.

Hoe gaat PESCH te werk?
Peter: Het voordeel van de formule van PESCH is dat de composities vlot vooruit gaan. Chesko componeert en speelt alles in in zijn thuisstudio en ik bedenk bij mij thuis de lyrics zodra ik de track op de mail krijg. Al heb ik meestal wel een titel in gedachten. Het is een heel andere dynamiek dan bij Red Zebra, waar het allemaal iets complexer is. Met een band heb je misschien twee maand nodig voor één nummer, terwijl wij met PESCH - bij wijze van spreken - elk half uur een kunnen maken. Intussen is dus ook Sam Claeys lid van  PESCH. Als je weet dat PESCH de samentrekking is van de eerste letters van onze voornamen (Peter en Chesko), dan was het logisch dat er nog iemand met een S in de voornaam mee komt doen. De verwijzing naar het Franse pêche (perzik) geeft iets fris aan het project. Maar een perzik is natuurlijk geen onschuldig stuk fruit. Vraag dat maar aan The Stranglers. Zou het Franse woord voor zondigen daarom pécher zijn? Om maar te zeggen dat nummers over sex niet uitgesloten zijn.

Komen er optredens met PESCH ?
Peter: Dat is zeker de bedoeling. De première gaat naar de Sinner's Day dag, op 11 augustus in Waregem waar we meteen op de affiche staan met Front 242 en The Neon Judgement. Maar eerst wat try-outs in de aanloop. We moeten zeker mikken op Duitsland, maar zolang we met het coronavirus te maken hebben, heeft het weinig zin om veel plannen te maken. De muziek van PESCH is ook niet bedoeld om van te genieten aan een tafel en een stoeltje, zoals de coronaconcerten vandaag.
Nummers uitbrengen is in deze omstandigheden dan een stuk makkelijker. Zo kunnen we misschien al een interessant repertoire opbouwen tot we met PESCH concerten gaan spelen waarop de mensen uit de bol gaan. Ik heb meer dan genoeg ideeën voor songtitels en lyrics. We zijn nu nog vooral bezig met het creatieve en nog niet met het zakelijke. Werk genoeg. En vooral veel fun. Maar een maxi voor volgende zomer met een vijftal nummers moet zeker haalbaar zijn.

Voor jou is dit niet het eerste project naast Red Zebra
Peter: Ik moet af en toe kunnen uitbreken. Nu met al die regeltjes die we moeten volgen tijdens de viruscrisis heb ik dat gevoel nog meer dan anders. Er wordt al eens geïnformeerd naar een reünie van De Lama’s - wat ik zeker niet uit de weg zou gaan -, voor Red Zebra heb ik nog zaken die ik wil uitwerken, en er is nu PESCH, en dan ben ik nog Nederlandstalige teksten aan het schrijven voor een mogelijk nieuw project. Voor buitenstaanders lijkt het er misschien op dat ik een chaoot ben, maar ik heb al die uitlaatkleppen tijdens maar ook buiten corona. Financieel gezien zou ik me misschien beter enkel toeleggen op mijn werk als zelfstandig copywriter of vertaler, maar dat zit niet in mijn aard. Ik aard niet in één hokje.

Komt er behalve van PESCH nog nieuw of heruitgebracht materiaal uit binnenkort?
Peter: De vinylverkoop boomt heel hard op dit moment. Dat biedt mogelijkheden. Heruitgaves van Red Zebra, of zelfs De Lama’s, op vinyl zou ik graag voor elkaar krijgen. Maar zelfs met die grotere interesse voor vinyl blijft er het feit dat je als band je muziek het makkelijkste verkoopt na een optreden. Zolang er maar met mondjesmaat optredens zijn voor telkens een beperkt publiek, zullen weinig bands investeren in nieuwe muziek. Ik zie wel voordelen aan de hele situatie, met name voor Red Zebra. Het zal mogelijk nog even duren vooraleer de buitenlandse bands en artiesten opnieuw massaal op tournee komen naar ons land. Als de concertzalen coronaproof blijven organiseren of als ze straks opnieuw zoals vroeger kunnen werken, zal dat in de eerste plaats zijn met Belgische bands. Maar je vroeg naar vinyl? Wel er zit er een speciale heruitgave van “Living Room” aan te komen. Dat wordt iets voor het voorjaar.

“Living Room” van Red Zebra blijft na 40 jaar een onverwoestbare klassieker. Ben je nog steeds tevreden met dat nummer?
Peter: Het was oorspronkelijk slechts het B-kantje van “Innocent People”, maar het is inderdaad ons bekendste nummer geworden. Ik ben er nog steeds fier op en ik ben dankbaar dat ik dankzij dat nummer al die kansen gekregen heb. Maar het blijft zelfs na al die jaren een vreemd nummer in de set van Red Zebra. Ik ben nog net iets meer fier op de nummers van ‘Bastogne’.
Ik kan alleen maar hopen dat PESCH hier en daar ook de nodige aandacht krijgt. Het zijn ook andere tijden, wellicht zou “Living Room” nu weinig kansen krijgen. En mag ik nu verder de invasie van Amerika voorbereiden?

donderdag 15 oktober 2020 18:17

Irish Coffee - Ik ben nog niet uitverteld!

Irish Coffee - Ik ben nog niet uitverteld!

Irish Coffee mocht deze zomer zijn zesde album voorstellen in de meer dan 50 jaar dat de band bestaat. Of het nieuwe ‘Heaven’ net zo’n collector’s item wordt als het debuutalbum uit 1971 , valt nog af te wachten, maar daar ligt zanger William Souffreau niet meteen wakker van. Volgend jaar wil hij wel wat zaken in gang zetten voor het gouden jubileum van single “Masterpiece” en het debutalbum. Wie weet komt er wel een box uit met alle albums van Irish Coffee …

We beginnen liefst bij het begin. Hoe is Irish Coffee ontstaan?
William Souffreau: Irish Coffee ontstond onder de naam Voodoo als coverband, zoals er eind jaren ’60, begin jaren ’70 veel waren in Vlaanderen. Wij speelden de hits na van bv. de Bee Gees, maar ook wat ze toen het hardere werk noemden: Deep Purple, Led Zeppelin, Spooky Tooth en Blind Faith. Daarmee maakten we het verschil met de meeste andere bands van die tijd.
Als Voodoo waren we het huisorkest van de El Gringo in Hekelgem (Aalst) en speelden we daar bijna elke zaterdag. Louis De Vries had ons eens geboekt als voorprogramma van The Pebbles. Hij was manager van die band, die hij naar een hit had geleid in Vlaanderen en Spanje, en hij was ook manager van o.m. Ferre Grignard en Middle Of The Road. Hij had in België optredens georganiseerd met Jimi Hendrix, Fleetwood Mac, Toots Thielemans, Pink Floyd en Procul Harum. Niet de eerste de beste dus. Hij zag ons bezig en zei dat er voor ons misschien meer in zat. De voorwaarde was dat we dan eigen nummers moesten maken en hij dacht ook al aan een nieuwe naam. Een beetje dezelfde formule waarmee hij van The Pebbles een succes maakte. Onze ‘eigen’ single werd dan “Masterpiece”, een nummer over rauwe armoede, en op de B-kant “The Show.”

Toen “Masterpiece” uitkwam was de bandnaam reeds veranderd
William Souffreau: Louis De Vries trok met die single naar de Midem, de jaarlijkse muziekvakbeurs in het Franse Cannes. Daar regelde hij dat die single onder licentie uitkwam in Nederland, Spanje, Frankrijk, Duitsland, Zwitserland, maar ook in de Verenigde Staten, Brazilië en Mexico. Daar waren ‘grote’ labels bij als Ariola en Barclay. In de Verenigde Staten werd de single uitgebracht door Parrot, het label van o.m. Tom Jones, The Zombies en Engelbert Humperdinck. In al die landen was het succes bescheiden en al zeker niet groot genoeg om bv. een internationale tournee op te zetten.
Maar aan Cannes hebben we wel de naamsverandering van Voodoo naar Irish Coffee overgehouden. De Vries had een Amerikaan ontmoet die ons in de VS wou lanceren, maar daar waren al te veel bands die iets met voodoo in de bandnaam hadden. Onze nieuwe bandnaam Irish Coffee hebben ze naar verluidt gewoon afgelezen van de prijslijst in de bar waar ze aan het onderhandelen waren. In het begin waren we niet zo gelukkig met de nieuwe naam, maar uiteindelijk wende dat wel. Voodoo was al bij al ook niet zo een toffe naam.

Hoe werd die single ontvangen in Vlaanderen?
William Souffreau: Die single kwam uit in 1971, het jaar van “Du” van Peter Maffay, “Pour Un Flirt” van Michel Delpech en “Rozen Voor Sandra” van Jimmy Frey. Ik denk niet dat Vlaanderen al helemaal klaar was voor een hardrock-single, van eigen bodem bovendien.
Ik zou het moeten opzoeken, maar ik denk niet dat we met “Masterpiece” hoger geraakt zijn dan plaats 20 in de Vlaamse of Belgische hitparade van toen. We werden niet heel vaak gedraaid op de Vlaamse radio, iets meer in het Franstalige deel van België. We kwamen wel op TV: in Tienerklanken op de toenmalige BRT en in Popshop op de RTBF. Later hebben we ook in Frankrijk eens een week in een kasteel gelogeerd voor de opnames van een tv-show van Annie Cordy. Dat leverde ons wel heel wat optredens op en De Vries stuurde ons het hele land door.

Na de single kwam er het album
William Souffreau: Die Amerikaan wou ons enkel lanceren in de VS als er ook een album was. Dat debuutalbum zijn we dan maar snel gaan opnemen in Schelle. Ik weet dat ik voor een aantal tracks nog de lyrics aan het bedenken en uitschrijven was terwijl de rest van de band de track al aan het inspelen was. Ik had gelukkig al wat ervaring in het schrijven van songs en lyrics, van in mijn vorige rockbandjes. We hadden ook uitstekende gitaristen en een toetsenist die zeker op internationaal niveau meekon. Onze toetsenist Paul Lambert, die eerder bij Rocco Granata speelde, stond op hetzelfde niveau als Jon Lord van Deep Purple.
Zelf waren we op dat moment niet zo tevreden over ons debuutalbum. Het onze was opgenomen in een paar dagen en op zes sporen, terwijl de Amerikaanse en Britse bands soms maanden in de studio zaten en op zestien sporen opnamen. En dat verschil viel ons natuurlijk meteen op.
Dat album is uiteindelijk nooit uitgebracht in de VS, enkel in België. Als je de prijzen ziet die ze daar nu voor betalen, zullen we toch wel iets goed gedaan hebben. Ik hoor dat er duizelingwekkende prijzen betaald worden voor het originele album uit 1971 (nvdr: volgens de gespecialiseerde website discogs gemiddeld 750 €, met uitschieters tot wel 1.500 €).

Werd het album beter ontvangen?
William Souffreau: Het album deed het goed in België, maar ook niet uitzonderlijk goed. Omdat we één van de weinige harde bands waren, werd Irish Coffee wel geregeld gevraagd om het voorprogramma te spelen van ‘hardere’ bands die op tournee waren in België: Uriah Heep, Focus, Dr. Feelgood, Golden Earring en Flash, de band van de gitarist van Yes. Stel je daar geen Sportpaleizen of de wei van Werchter bij voor. Dat waren vaak kleine zaaltjes of kermistenten.
Het concertgebeuren was nog lang niet zo goed georganiseerd als vandaag. Er werd veel geïmproviseerd. Dankzij de steun van de Franstalige nationale radiozender konden we vaak in Wallonië spelen, al was dat dan vaak in een hooischuur of op het binnenplein van een vierkantshoeve. De RTBF heeft ooit zelfs eens een concert van ons live uitgezonden. Ik hoop nog altijd dat die opnames ooit eens zullen opduiken. Eén van de albumtracks uit 1971, ‘When Winter Comes’, is in 2017 nog als sample gebruikt in “Kill You” van de Amerikaanse rapper Pounds.

Wat gebeurde er in de jaren na de single en het album?
William Souffreau: Er kwamen nog wel singles, maar niet meer met de impact van “Masterpiece”. Na het album daalde de vraag naar optredens elk jaar wat meer. In België heb je snel in elke venue gespeeld waar je terecht kan, terwijl je in pakweg Duitsland of de UK meer tijd kreeg om te touren en te groeien. Er werd geen nieuw materiaal uitgebracht en na het overlijden van toetsenist Paul Lambert ging in ’75 zowat de hele band – op Souffreau na – spelen als begeleidingsband van kleinkunstenaar Wim De Craene.
Ik zette een nieuw project op poten onder de bandnaam Joystick, met nog de bassist en drummer van Irish Coffee en de Brit Tony Boast. Toen brachten we funk, met zelfs een blazerssectie erbij, terwijl de hele wereld net in de ban was van de punk. Enkel de beginletter verschilt, maar we kwamen met het verkeerde genre voor dat moment. Omdat er toen nog altijd weinig ‘hardere’ Belgische bands waren en mijn telefoonnummer nog in het adresboekje stond van heel wat organisatoren stond, hebben we met Joystick twee keer als support voor Motörhead gespeeld. Die twee keer hebben we de blazers wel thuisgelaten. Dat was in de Okapi in Aalst en zaal Maekeblijde in Poperinge.
Met Joystick zijn er jammer genoeg nooit opnames uitgebracht, maar ik ‘recycleer’ al eens een Joystick-nummer voor een nieuw album van Irish Coffee of voor een solo-album.

Maar stilaan groeit dan al de legende van Irish Coffee
William Souffreau: Onze naam en onze singles waren bij heel wat mensen blijven hangen. Wij waren de eerste hardrockband van het land. Mensen stonden ervan versteld dat dat kon in België. Vooral de single “Masterpiece” kon op dat moment wedijveren met de singles van andere Europese bands. Ook onze shows moeten indruk gemaakt hebben. In de jaren ’80 en ’90 ving ik al eens op dat leden van een Belgische hardrock- of zelfs metalband dankzij Irish Coffee zelf met muziek begonnen zijn.


Terwijl William Souffreau na Irish Coffee en Joystick heel verschillende muzikale paden bewandelt, groeit de legende. Het zijn vaak kleine zetjes die die sneeuwbal doen rollen. In 1990 staat “Masterpiece” op de CD-reeks van ‘Wit-Lof From Belgium’ en wordt de band vermeld in het begeleidende boek van Gust De Coster en Geert De Bruycker. Twee jaar later volgt de heruitgave van het album op CD in België en Italië, waar het album ook een niet-officiële heruitgave op vinyl krijgt. Daarna komen er nog meer illegale releases op vinyl en CD, officiële en minder officiële verzamel-CD’s en meer vermeldingen in naslagwerken.

Na de eeuwwisseling komt Irish Coffee met een aantal oud-leden samen voor nieuw werk. In 2004 was er een album dat op CD uitkwam en in 2005 was er een show op de Duitse tv-zender WDR. Hoe is dat gebeurd?
William Souffreau: Ik kreeg een telefoontje of we met Irish Coffee een concert konden spelen dat ze dan gingen opnemen en uitzenden. Dan moet je niet lang nadenken, natuurlijk. De Dire Straits hebben  dat gedaan, net als Cheap Trick, Grateful Dead en Rainbow. Ik kon wel een band bij elkaar krijgen die nummers van Irish Coffee kon spelen, alleen hadden we geen drummer. Maar iemand kende de drummer van Yevgueni. En die was zo vriendelijk om tijdens de rit naar Duitsland al onze nummers te beluisteren en ook nog eens meteen te memoriseren. Gekkenwerk, maar het is gelukt. ‘Live At Rockpalast’ werd in 2008 uitgebracht als dubbel-album.

Daarna volgden nog meer nieuwe albums van Irish Coffee, zoals ‘Revisited’ uit 2013 en ‘When The Owl Cries’ uit 2015, met steeds minder oud-leden
William Souffreau: Ik schrijf nog steeds nieuwe songs. De ene keer bundel ik die in een solo-album, zoals recent nog op ‘Tobacco Fields’, een andere keer steek ik die in een Irish Coffee-jasje. Het is niet dat ik kost wat kost de legende rond Irish Coffee in de aandacht wil houden. Het is eerder dat ik aanvoel dat het verhaal van die band nog niet helemaal verteld is. Ik ben het enige originele bandlid, maar we hebben nu opnieuw een heel sterke bandbezetting. Johan, Erik en Frank speelden eerder samen bij The Balls en Ditch en vroegen al eens of ik een nummer kwam meezingen op hun shows toen. Nu heb ik ze ingelijfd bij Irish Coffee, samen met drummer Bruno Beeckmans van Bellemont.
Dit is niet mijn begeleidingsband, maar eerder een reïncarnatie. Met hen wil ik graag nog een Irish Coffee-album opnemen waarbij zij nog meer inbreng hebben in het schrijven en arrangeren van de nummers.

Je bent 74. Voel je dat de klok tikt?
William Souffreau: Ik zit nog vol plannen. Zo wil ik nog een crooneralbum maken met violen en alles erop en eraan. Het blijkt dat ik er nu de ideale stem voor heb. Ik heb voorts nog over genoeg zaken iets te vertellen. De drang om verhalen te vertellen en er de juiste muziek op te zetten, die is nog niet weg. Ik sta nog elke morgen op met het idee dat ik een nieuwe gitaar wil gaan kopen. Mocht het binnen een paar jaar niet langer lukken om live te spelen, dan zal je mij nog wel in de studio vinden. Jullie zijn nog niet van mij af.

De viruscrisis zorgt dat de live-agenda van Irish Coffee zo goed als leeg is
William Souffreau: Dat is voor elke band hetzelfde. Het is voor ons jammer dat we de nummers van ‘Heaven’ nu niet live kunnen laten tot leven komen, maar onze tijd komt nog wel. Het mooie van kunnen ouder worden is dat je tijd en geduld in een heel ander perspectief gaat zien. Net als succes. Niets moet nog, maar alles is meegenomen.

Zijn er nog zaken die je wil afvinken op zijn to do-lijstje?
William Souffreau: Het respect voor Irish Coffee is groot. Misschien is het de moeite om eens in het archief van de VRT en RTBF te duiken voor een Belpop-aflevering op de Belgische tv-zender Canvas. De aanzet is al gegeven toen ze met de theatershow Belpop Bonanza zopas naar Aalst kwamen en mij uitnodigden voor een gesprek op het podium. Hetzelfde geldt voor de organisatoren van pakweg Graspop en Alcatraz: als zij de eigen pioniers van de hardrock en metal willen eren met een plek op hun podium, zullen wij wel voor een memorabele show zorgen.

donderdag 01 oktober 2020 21:05

Cross The Line -single-

Donna Cannone bestaat voor de helft uit twee voormalige bandleden van Thundermother, aangevuld met zanger/guitarist Bjorn Strid van Soilwork/The Nightflight Orchestra en nog de Italiaan Luca d’Andria (Warm Sweaters For Susan). Twee Italianen en twee Zweden, twee dames en twee heren, genoeg passie en agressie voor een leuke rock/hardrock-single zou je denken en dat klopt ook voor deze “Cross The Line”. Het is über-catchy, heel up-tempo en direct meezingbaar, ook al heb je geen idee waar het nou precies over gaat. Je bent meteen helemaal mee over de streep getrokken. Begin volgend jaar volgt er een album.
https://www.youtube.com/watch?v=1O56XVgO-5o

Pagina 12 van 49
FaLang translation system by Faboba