logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_16
Hooverphonic
CD Reviews

Meatbodies

Flora Ocean Tiger Bloom

Geschreven door

Frontman en gitarist in Meatbodies is Chad Ubovich, die tevens bassist is in Fuzz, één van Ty Segall’s vele projecten. Bij het vermelden van de naam Ty Segall weten we algauw dat we hier te maken hebben met psychedische rock die zowel wortelt in sixties- en seventiesrock, als in hardrock, punk en garagerock. Meatbodies is er al zeer bedrijvig in geweest op hun vorige drie platen en heeft nu met deze nieuwe plaat, die voor een stuk toch andere horizonten opzoekt, een hoogtepunt bereikt.

Van deze ‘Flora Ocean Tiger Bloom’ zijn we vanaf de eerste seconden (met dank aan de geweldige opener “The assignment”) immers onmiddellijk helemaal ondersteboven, dit is een heuse knaller in tegenstelling tot de laatste plaat van Ty Segall, waar we toch een beetje op onze honger blijven zitten. De pupil heeft de mentor overtroffen, zeg maar. Meatbodies behouden op ‘Flora Ocean Tiger Bloom’ de driftigheid van platen als ‘Meatbodies’ en ‘Alice’, maar deze keer is hun psych-rock versmolten met een flard shoegaze en een ferme kluit nineties gitaarrock.
Zo klinken “Hole” en “Gate” als Smashing Pumpkins in betere tijden (die van ‘Gish’ en ‘Siamese Dream’, niet die van ondingen als ‘Atum’ of ‘Cyr’) en heeft “Billow” iets van Oasis die Perry Farrell heeft ingelijfd als vervanger voor de zeurkous Liam Gallagher.
Een absoluut hoogtepunt is “Move”, een aanzwellende knaller van boven de 7 minuten die naar de allerbeste Jane’s Addiction hunkert, het soort song die live ongetwijfeld voor een spetterende finale moet zorgen. Nog een voltreffer is “ICNNVR2” dat terug inzet met een vette Pumpkins riff en een tijdje later wordt opgefokt met een geflipte saxofoon die is weggelopen uit ‘Funhouse’ van The Stooges.
Op “They Come Down” en het aan paddo’s onderhevige “Psychic Garden” komen de Ty Segall invloeden terug aan de oppervlakte. Maar Segall wordt hier genadeloos voorbijgestreeefd, want op diens laatste album is het immers ver zoeken naar een song van dit kaliber. 

‘Flora Ocean Tiger Bloom’ is nu al met voorsprong het beste Meatbodies album.

Bluai

Save It For Later

Geschreven door

Bluai is een gemoedelijk meidengroepje met een adoratie voor slackerpop en americana à la Big Thief of Boygenius. Ze hebben met hun bekoorlijke liedjes een tijdje terug Humo’s Rock Rally gewonnen. Er moet dus wel iets in zitten, waar wij horen het vooralsnog niet. Dit plaatje klinkt immers te netjes, te vrijblijvend, te af, te braaf. Hoewel er hier een paar voortreffelijke songs op staan, niet in het minst “My Kinda Woman” en “In Over My Head”, passeert dit eerder als een vrij onschuldig kabbelplaatje waarop de scherpe kantjes vakkundig zijn weg gevijld.
Het stoort nergens, maar blijft ook niet hangen. De meligheid wordt gelukkig wel op een veilige afstand gehouden, maar de opwinding is helaas ook even ver te zoeken.

Sovjet War

Suburbia EP

Geschreven door

Sovjet War verzamelde eeuwige roem in de jaren ’80 in de Belgische postpunk-scene. In 2022 stond de band uit het Leuvense er plots terug, nog ongeveer in originele bezetting. En met het vinyl-album ‘Psychopuppets’ dat zich als scharnier aandiende tussen verleden en heden, met oude en nieuwe songs.
Nu is er de nieuwe EP ‘Suburbia’, met vijf tracks. Wat opvalt is de relatieve eenvoud van de opnames. Dit zijn gewoon vier bandleden in de studio. Geen overbodige toevoegingen, intro’s of arrangementen, maar heel pure, eerlijke composities en opnames. Enkel “Destination Zero” heeft een korte soundbyte als intro en wat vervormde stemmen aan het begin. En in die eenvoud valt op dat deze band een onmiskenbaar talent heeft voor puike lyrics en pakkende melodieën.
“Boring Morning” is een beetje drammerig, maar dat was zowat alle postpunk vroeger. “Destination Zero” is een update van die oude sound naar vandaag, met een lekker pompende bas en drum. Er komt ook een kekke gitaarsolo langs zoals we die al heel lang niet meer gehoord hebben. “In The Name Of Progress” is meer snelle punk dan postpunk, met een refrein dat je lekker mee kan brullen. Titeltrack ‘Suburbia’ klinkt in de eerste minuut een klein beetje gedateerd, in die zin dat jongere bands in het genre dit vandaag nooit zo zouden opnemen. Maar als band met zo veel verleden komen ze er wat mij betreft mee weg. Het heeft zelfs iets charmants dat ze zo ‘oldschool’ durven zijn en niet krampachtig de nieuwste trends proberen volgen. “The Sudden Blow” heeft een intro met een schurende gitaar en een pittig pogo-tempo. Dit nummer is wat rauw militant in de lyrics en dat was waarschijnlijk ook helemaal de bedoeling.
Zanger Rudy Berges had nog meer ideeën voor deze release, maar daar bestond weinig interesse voor bij de andere bandleden. Hij heeft daarvan acht nummers gebundeld in ‘One Prison, Many Doors’ van zijn zijproject Gutter Smell. Daar zaten volgens ons best nog wel een paar heel degelijke songs bij. Nu we gehoord hebben welke songs het wel gehaald hebben, is een besluit niet makkelijk. Aan de ene kant blijft de overtuiging dat Sovjet War maar een kleine stap had moeten zetten om van een prima EP naar prima full album te springen. Aan de andere kant is er ook de vaststelling dat de vijf songs van de EP (die we hier met een volledige bandbezetting te horen krijgen) op een full album waarschijnlijk ook de vijf beste van het album zouden geweest zijn …

https://www.youtube.com/watch?v=5jeWvejW3H8&list=OLAK5uy_ldWMn9ri6VaCgnBb_GitqWORGJ8xuDinw

Ted Russell Kamp

California Son

Geschreven door

Ted Russell Kamp is zopas begonnen aan zijn Europese tournee en dat deed hij in België en Nederland. Deze Amerikaanse countryrocker komt zijn nieuwe album ‘California Son’ voorstellen en voor de liefhebbers van het genre is dat altijd goed nieuws.
De Amerikaan is misschien niet de bekendste naam in de countryrock, maar hij behoort tot de zo goed als vast band van de bekendere Shooter Jennings. Hij leent zijn bas- en andere talenten ook al eens uit aan anderen. Hij staat bijvoorbeeld in de credits van het album ‘We Are Chaos’ van shockrocker Marilyn Manson. Net zo goed leende hij zijn talent aan Liam Finn, de zoon van Neil Finn, van Crowded House.
Op ‘California Son’ profileert Ted Russell Kamp zich als songschrijver en veelzijdig muzikant (gitaar, bas, percussie, dobro, zang, Hammond, …). Hij schreef de meeste lyrics en muziek, maar hij is wel zo eerlijk om de andere muzikanten en collega-zangers in de studio mee te erkennen als co-auteur.
Het album opent met twee songs met hitpotentieel: titeltrack “California Son” en “Hard To Hold” klinken bijzonder catchy en zonnig-vrolijk en hebben een leuk ritme. In de bluesballad “One Word At A Time” komt de stem van Kamp niet mooi tot zijn recht. “Ballad Of The Troubadour” is ook zo’n slepende bluesballad met flink wat melodrama, maar hier valt er minder te klagen over de vocale prestatie. Integendeel, hier horen we een echo van Tom Petty. Dezelfde poëtische kracht horen we op het doorleefde folky kampvuurlied “Firelight”.
Deze countryrocker heeft een talent voor catchy tunes met een steady tempo, zo blijkt nogmaals op “The Upside To The Downside”. “High Desert Fever” doet denken aan de hoogdagen van Dr Hook, al bleef die meestal ver weg van de huilende pedalsteel.
Als hij wat moeite doet, is Ted Russell Kamp een prima songwriter, maar vaak genoeg, zoals op “Miracle Mile”, stapelt hij ook gewoon de clichés op elkaar. Het blijft ten slotte toch country, toch? “Hangin’ On The Blues” had in hetzelfde bedje ziek kunnen zijn, maar hier redt hij zich met een bijzonder leuke baslijn als enige begeleiding, zodat de aandacht niet naar de dertien-in-een-dozijn lyrics gaat. Goede redding, maar het was close. Als hommage aan country-folk-legende Merle Haggard hadden de lyrics van deze song net iets meer vlees aan het been mogen hebben.
Ted maakt die halve misser goed met alweer een catchy en vrolijke rocker: “Roll Until The Sun Comes Up”. Met een ander stem-timbre had dit een prima single kunnen zijn voor een Chris Isaak. Albumafsluiter “Every Little Thing” is wat zwaarder op de hand en gaat windrichting Warren Zevon en Tom Petty. Über-Amerikaans, maar wel heel authentiek en doorleefd, met ook nog een leuke bijrol voor een orgeltje.

‘California Son’ is een heel divers en heel vaak een zonnig album. Genres ontmoeten elkaar en één man verbindt alles met zijn talent als zanger, songschrijver en gitarist. Heerlijk album.
Ted Russell Kamp staat op 14 november in CC Het Gasthuis in Aarschot.

Coutry/Roots
https://www.youtube.com/watch?v=VfmIWxP8Isk

Geraldines

Rather/Succumb -singles-

Geschreven door

Rockband Geraldines uit Mechelen speelde zijn eerste shows in 2013. De groep bracht - na enkele EP’s - in 2020 zijn eerste album uit: ’Never Worry Always Worry’. Dat album leverde goede recensies, airplay bij Studio Brussel en plaatsjes op in Spotify-playlists als Indie Goesting en New Music Friday.
Maar 2020 was ook het jaar van corona. De meeste shows werden geannuleerd en de nummers van het debuutalbum werden amper gespeeld op een podium. Na een paar schaarse festivalshows en met weinig voeling voor enkele recent gepende nummers, voelde de band in 2021 dat het op was. De stekker ging eruit en de bandleden focusten zich op andere dingen in het leven.
Maar de band definitief achterlaten lukte niet. Na heel wat gepalaver ontstond het idee voor ‘Real Dinges’. Dat is een anagram voor de bandnaam Geraldines, maar voor de band staat het vooral synoniem voor een nieuw elan, met als grootste voorwaarde dat de band vollédig zijn eigen ding zou doen. Zonder rekening te houden met tijdsdruk, studio’s, radiovriendelijkheid, gangbare songstructuren of andere remmingen.
De mooie songstructuren gingen eraan en ze sneden het vet van de nummers, tot alleen nog de essentie overbleef. ‘Real Dinges’ is volgens de band een indrukwekkend conceptalbum geworden met bijna twee dozijn uitgebeende creaties. Soms ruw en korter dan gangbaar is in het huidige streamingtijdperk, maar 100% authentiek. Het nieuwe album verschijnt dit najaar op vinyl en digitaal.
Nu lost Geraldines “Rather” en “Succumb” als digitale Spotify-singles. Dat zijn het derde en vierde nummer van het album. Beide klokken af op minder dan anderhalve minuut. De teksten gaan over de mooie en minder mooie dingen des levens, zoals liefde, de dood en verlies. Op hun luidst klinken Geraldines hier als een vrijpartij tussen Pixies en Sonic Youth. In hun kalmste momenten rammelen ze zoals slackerbands als Teenage Fanclub en Lemonheads dat in de jaren ’90 deden.
Deze twee nieuwe nummers zijn niet zo catchy als het reeds eerder uitgebrachte ‘Out’, maar de passie, de energie en de authenticiteit spatten er van af.
Op zaterdag 6 april speelt Geraldines de nummers van ‘Real Dinges’ een eerste keer live, bij LAB-T in Diest.

Fischer-Z

Triptych (Ep 2)

Geschreven door

Voor de opnames van deze plaat werd Berlijn verruild voor Carpentras. Het album gaat, naast enkele tracks over vrouwen, duidelijk over de hedendaagse politieke en maatschappelijke tendensen. Een goed voorbeeld daarvan is de eerder uitgekomen single “A Plea” dat het verhaal vertelt over een Russische soldaat die een brief naar zijn thuisfront schrijft en het nodeloze verlies van jonge mannen aankaart. Op dit vlak teksten, die we van John Watts mogen verwachten.
Er waren al enkele songs bekend die op het eind vorig jaar verschenen ‘Triptych EP1’ stonden. We hadden het catchy “Man Man Man” met Leila Watts die de tegenstem zingt. Het vrij zonnig klinkende “Nefertete” dat wat van de sfeer van het album ‘Destination Paradise’ heeft. “The Hamburger Beat” is er één met een herkenbaar wijsje. Ten slotte was er ook “This Woman and I” dat zoals de meeste songs op deze EP over een vrouw gaat.
Daarnaast staan er nog acht andere tracks op ‘Triptych’. Op “The Anaesthetist” horen we de weemoedige en breekbare stem van John Watts. Een sfeervol nummertje met subtiele details die de song mooi kleuren. “Still On The Train” is een variatie op een treinritme. Ook hier zingt waarschijnlijk Leila Watts de backing vocals, wat mooi blend met zijn stem. “Bertha” is muzikaal een track die er wat uitspringt. We horen enkel zijn stem, een accordeon en een orgel die samen het korte nummer vormen. Wel een geslaagde track! “Amoral Vacuum” is muzikaal sterk: het bevat variatie en onverwachte elementen. Er zit veel in die ene song. En dan hebben we het nog niet over de inhoud van de tekst gehad dat verder gaat dan een hedendaagse doorsnee songtekst. “Blue Sound” sluit het album af, dit melancholisch gezongen nummer is gehuldigd in weidse klanken; naar het einde komt er nog een sax en wat spoken words voorbij.
Uiteindelijk staan er twaalf songs op ‘Triptych’. Het laat een geïnspireerde Fischer-Z horen die hier en daar een pareltje heeft gemaakt. Met tevens ook enkele heel relevante teksten.
Een heel fijn album dat een mooie toevoeging is aan zijn inmiddels omvangrijk oeuvre.

Erotic Secrets of Pompeii

Mondo Maleficum

Geschreven door

De prijs van de origineelste groepsnaam hebben ze al binnen, die van het meest frisse en geschifte debuutalbum, daar streven ze naar. Het lijkt hen aardig te lukken, ‘Mondo Maleficum’ is opwindend, fris, verrassend, springerig en buitengewoon.
Een plaat met een hoek af, met krankzinnige songtitels, opgejaagde gitaartjes, theatrale zang en scheve synths. Wij horen de meest uiteenliggende referenties, Bryan Ferry, Talking Heads, Kaiser Chiefs, Sparks, LCD Soundsystem, Khruangbin, Elvis, Squid, Yard Act,…
Wij horen eigenlijk vooral een verdomd originele nieuwe band die een unieke eigen sound gecreëerd heeft. Superaanstelijke geflipte songs als “Osiris at The Large Hedron Collider”, “The Wheel, the Spade, the Stars In Motion”, “Utterly Rudderless” en “Crocodilian” mikken op de dansbeentjes, maar doen die alle richtingen uitslaan waardoor uw tere lichaampje algauw compleet in een knoop komt te liggen.
Bijzonder fijn en gek plaatje. We zijn er wild van.

The Black Crowes

Happiness Bastards

Geschreven door

De broertjes Robinson kunnen al sinds een tijdje terug door één deur, en daar mogen wij ons alleen maar zeer gelukkig om prijzen. Twee jaar geleden klonken de herrezen Crowes in de Lotto Arena terug snedig als vanouds toen ze toerden ter ere van de twintigste verjaardag van hun geweldige debuutplaat ‘Shake Your Money Maker’.
De reünie heeft hen meer dan goed gedaan, zo blijkt, want daar is een nieuwe plaat van gekomen, en wat voor één. The Crowes rocken en rollen als een bende jonge hengsten, de gitaren zijn luider, feller en smeriger dan ooit, de rock’n’roll wordt in zijn puurste vorm geserveerd. “Bedside Manners” en “Rats and Clowns” zijn onstuimige rock’n’roll songs die de toon zetten, het gaat hard, het stoomt lekker door en de riffs zijn vettig. “Wanting and Waiting” lijkt zo te zijn geplukt uit de debuutplaat, het neigt wat naar “Jealous Again” en serveert The Black Crowes in volle glorie, met snedige riffs en soulvolle vocals. Dit is het soort song die The Stones in hun beste periode uit hun mouw wisten te schudden maar die op het lauwe ‘Hackney Diamonds’ helaas in geen duizend mijl te bespeuren zijn. Ook het snerende “Dirty Cold Sun” en de gemene blues “Bleed It Dry” zijn uitdagende tikken op de deur van The Stones met de boodschap “That’s how you do it, you old farts”.
“Flesh Wound” is lekker stuiterende folkrock en “Follow The Moon” is wederom zo een felle rocker waarin The Crowes zich van hun meest duivelse kant laten horen.
Het kan al eens wat rustiger ook. “Wilted Rose”, met als special guest de Amerikaanse countryzangeres Lainey Wilson, is een ballad die gelukkig net uit de buurt blijft van de meligheid, hier gaan country, soul en rock mooi samen. Afsluiter “Kindred Friend” is vintage classic rock met een vette knipoog naar Neil Young en Tom Petty.

‘Happiness Bastards” is van het beste en meest energieke dat The Black Crowes in jaren gemaakt hebben, even scherp en sterk als ‘Shake Your Money Maker’ en ‘The Southern Harmony And Musical Companion”.
Op naar de AB op 21/05.

Kim Gordon

The Collective

Geschreven door

Diepe bassen, knarsende hip-hop beats, ruis, gekraakte elektronica en als er eens een gitaar langs komt, dan is die door de vleesmolen gedraaid. Geen zondags plaatje dus, maar we hebben hier dan ook te maken met de immer dwarse en legendarische Kim Gordon. Als Sonic Youth coryfee is zij diegene die met haar solowerk het verst is afgedreven van de originele sound, maar tegendraads is het des te meer, en dat is natuurlijk ook hetgeen waar Sonic Youth al die tijd voor stond.
Net als op voorganger ‘No Home Record’ is producer en geluidskunstenaar Justin Raisen, geen onbekende in hip-hop middens, mee verantwoordelijk voor de gekraakte soundscapes. Het klikt tussen die twee, zoveel is zeker, Raisen zet de juiste beats en ondertonen op de donkere en declamerende stem van Kim Gordon.
Het resultaat is even verrassend als vernieuwend. En dat voor een madam van 70!

Monkey3

Welcome To The Machine

Geschreven door

Instrumentale spacerock uit Zwitserland. Niet bepaald iets om grote stadions en arena’s te laten vollopen, maar wel het soort muziek dat onze aandacht meer dan waard is, en de uwe.
Monkey3 is immers een band die verdomd bedreven is in het genre, getuige hun vorige albums die stuk voor stuk adembenemende instrumentale krachttoeren waren.
Deze ‘Welcome To The Machine’ zou wel eens hun voorlopig meesterwerk kunnen zijn, want alles zit perfect. Monkey3 speelt vakkundig met tempowisselingen, elektronische spielereien, melodieuze intermezzo’s, virtuoze gitaarpartijen, stevige riffs en glooiende keyboards.
Opener “Ignition” is wat dat betreft al een voltreffer. Geen idee of het toeval is dan wel zo bedoeld, maar hier is het duidelijk dat niet alleen de albumtitel verwijst naar Pink Floyd. Ook in de epische afsluiter “Collapse” kunnen we er niet omheen, Floyd is in the house.
“Collison” pakt dan weer uit met progrock-hoogstandjes die wel eens naar Rush neigen. In “Kali Yuga” en “Rackman” balanceren de keyboards geweldig met de gitaren, het heeft soms wat van Ozric Tentacles, maar dan met zwaardere riffs en zonder de hippie-streken.
U merkt het, ‘Welcome To The Machine’ heeft heel wat in huis, en dat allemaal samengebald in 5 uitvoerige tracks. Benieuwd welke vonken dit live zal geven. Kunnen we alvast checken in de Casino, St Niklaas (16/05), Magasin 4, Brussel (17/05) of op Alcatraz (09/08).

Pagina 28 van 396