logo_musiczine_nl

Cactus Club, Brugge - concerts

Cactus Club, Brugge - concerts 2026 03-06 Ata Kak 05-06 Oasis tribute by Oasies (Org: Show-Time.be) 08/06 Breaking waves: Memorials 11-06 This will destroy you: ‘Young mountain (05) & another language (2014)’ performed in full + Mascara 12-06 10cc (ism…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
Stereolab
Festivalreviews

Rock Werchter 2026 – 51 ste editie - Vier dagen muziekbeleving, die verschillende muzikale generaties met elkaar verbindt

Geschreven door

Rock Werchter 2026 – 51 ste editie - Vier dagen muziekbeleving, die verschillende muzikale generaties met elkaar verbindt
Rock Werchter 2026
Festivalterrein
Werchter
2026-07-02 t-m 2026-07-05

Vier dagen muziekbeleving , die verschillende muzikale generaties met elkaar verbindt
Rock Werchter danst, popt en rockt. Rock Werchter heeft aandacht voor de gerespecteerde waarden, artiesten, opkomend talent en Eigen Werk. Voor elk wat wils dus.
Na het feest van 50 jaar, blijft Rock Werchter de kaart trekken van innovatie, verjonging en nostalgie, van welk decennia ook. Opkomend talent naast gevestigde waarde. Zich vinden in eigen bands en stijl. Elke dag werd deze connectie gemaakt. Een mooi evenwicht op alle vlak..
Het festival klinkt vertrouwd, leuk, gezellig, aangenaam en spannend. Het is en blijft Vlaanderens meest prestigieuze festival.
Vier dagen muziekbeleving in al z’n aspecten. Liefde en Muziek, het maakt het festival universeel, streven naar gelijkheid, gelijkwaardigheid, samenhorigheid en respect.
Het festivalpark werd herschikt, meer plek om te bewegen, meer ademruimte. Iedereen moet zich comfortabel voelen met bankjes, zitjes, shelters, eet- en bar gelegenheden, mooi aangepast qua inrichting, inkleuring … Meer dan muziek, ook comfort, rust- en genietplek. Een vlottere doorstroming tussen de podia en de zones.
Meest in het oog springende veranderingen: de herlocatie van KluB C, het gloednieuwe NEST (een soort arena), verder Het Magazijn, De Smaakfabriek en verschillende activatiestanden . Elk jaar inzetten van de tenten, locaties in een upgrade en in een prachtige outfit.
Festival-, totaalbeleving dus, Quality time … Een dikke 10 voor gezelligheid en sfeer. De muziek en beleving wint in die vier dagen.
Rock Werchter was een rimpelloze editie met een uniek bezoekersaantal van 156000, met bijna 90000 muziekliefhebbers per dag.
Rock Werchter - sfeer, muziek, beleving, een absolute must
Een gevarieerde affiche, een tevreden publiek dus! Van Mumford & Sons (met verrassende act van onze Pommelien!) naar The xx tot Twenty One Pilots en The Cure, als voornaamste pijlers van deze editie. Gerijpte rijke nostalgie. Met een magi-e-straal parcours om af te leggen.
Ons verslag

dag 1 – donderdag 2 juli 2026 – Bands van de laatste nostalgische golf, maken het nog steeds waar, Kasabian, The Vaccines, Lumineers, Prodigy en The War On Drugs. België sterk met Yong Yello, Monza, Zwangere Guy en Triggerfinger. Tot slot, Werchter ten top met Pommelien en Mumford & Sons. Wie had dit gedacht?!

Yong Yello (mainstage
) is één van de artiesten, die de hiphop naar een hoger niveau plaatst in ons landje en het hart op de juiste plaats heeft. Er is nu net een ‘deluxe’ versie uit van z’n tweede album ‘Benny en de banaliteit van ons bestaan‘.
Met veel toeters en bellen opent hij het vierdaags rockfestival; met de ‘fanfare van de goede hoop’ krijgen z’n songs wat meer ruimte en klinken ze breder, kleurrijker door keys, flute, percussie, blazerssectie tot zelfs een muziekdoosje, o.m. op “tis nooit genoeg” en ”ik moet dringend op vakantie” als openers. ‘Liefde voor alle mensen wie/hoe dan ook’ is het centrale thema. “Zoeken naar wa liefde” rapt, zingt hij met Sef erbij. “We geven ni op” is er één met Loïs, “luchtkasteel” en “destructief” volgen. “Koppigaard” ging in première hier uit deze deluxe.
Vol overgave kregen we dus een puike set, die muzikaal wat deed denken aan 90s The Goats en Arrested Development (zeker eens checken!), waarbij hij aardig het publiek steeds meehad. Mooi.

Ben Ellis (nest), trio uit Wales, brengt net met de regenachtige middag een grauwer, mistiger geluid in hun emotievolle, dromerige, soms rauw, rammelende melodieuze folkpop. Niks nieuws onder de zon in het genre, maar de kunst van het songschrijven zat ‘em wel in de vingers, zagen we in dit half uurtje.

‘Inpluggen en spelen’ was het met Amerikaanse kwartet uit Nashwille, All them witches (the barn), die zich met de jaren op het voorplan plaatsten inde stofferige ‘stoner’ desertrock. Ze hebben al uit een handvol albums uit, ‘house of mirrors’ als recentste. In een zekere coolness, maar met kunde klinkt de sound korrelig, gruizig, zonder aan finesse, subtiliteit in te boeten. Sterk op elkaar ingespeeld horen we een donkere filmische trip, zeker in het tweede deel van de set; “alabaster” o.m., waarbij de repetitieve, meeslepende, opbouwende ritmiek de boventoon had. Over de gitaar en bas zweefden de slides, de vioolpartijen en70s organ. Met een knipoog naar Kyuss, Earthless, Black Crowes en 16 Horsepower.

Basht. (nest) past goed in het rijtje van de huidige UK/Ierse postpunk, en maakt een mooie link van Pavement naar Fontaines DC. Het kwartet klinkt opwindend, dynamisch, snedig en rammelt zwierig om zich heen met hun opzwepende nummers van gitaar, bas en drums. Binnenkort komt hun debuut uit.

Het Britse kwintet The Vaccines (the barn) vieren het 15 jaar bestaan van hun debuut, ‘what did you expect?’ en spelen met plezier de oudere leuke, sprankelende poprocksongs met een sneert. Het zijn wel die oudjes die ‘em doen en we krijgen in sneltempo een pak hapklare opwindende nummers, als “wreckin bar”, “post break-up sex” en “wetsuit”, waarvan de refreinen spontaan, luidkeels worden meegezongen. Het zit goed in elkaar, het swingt en de zanger Justin Hayward-Young entertaint ren dweept het publiek op. Het zorgt ervoor dat de recentere “headphones baby” en “heartbreak kind” wat naar omhoog worden getild.
Geestige muziek in een party gevoel , een uurtje samenhorigheid en ‘the time of your life ‘beleven. “Teenage icon”, “i always knew” en “all my friends are falling in love” waren dan ook geslaagde afsluiters. Nu nog die oude drive en zwier terugvinden op het nieuwere werk.

Een aanhoudende spanning en groove in een rollarcoaster van tempowissels vinden we bij het Britse Yard act (klub c) uit Leeds. Kregen we voorheen The Fall als ijkpunt, dan klinkt hun gortdroge, hoekige postpunk nu iets funkier zonder het jazz alternatief te verliezen, door diepe bassgrooves, messcherp gitaarspel, een verdwaalde, ontspoorde sax en hitsende drumpartijen, die op hun beurt Talking Heads doen opborrelen. En er is en blijft de verteltrant van podiumbeest-woordkunstenaar James Smith.
Ze zijn toe aan bijna drie platen in hun nog jonge carrière. Sterkhouders “dark days”, “dream job”, “tall tales”, “we are hits” en enkele nieuwtjes als “empty pledges”, “redeemer” en “you’ re gonna need a little music”, titelsong van de nieuwe plaat, sieren de set. Het publiek moest eerst worden meegetrokken in hun muzikaal verhaal.
De sound en présence deed denken aan ons eigen Lavvi Ebbel van Lukas Vander Taelen in de 80s. Boeiend in tempowissels en diversiteit. Een gelijkenis waardig.

Die andere Britse band Kasabian (mainstage) is er eentje die graag inspeelt op een toffe festivalsfeer. Hun muziek nodigt uit tot smileys en party feelings. En ze hebben wat te vieren, want ze zijn ook 25 jaar bezig. Dit gevoel en beleving ervaarden we met hun oudjes. In een mallemolen van elektronica, percussie, beats, samples (o.m. van “we are your friends”, “insomnia”) worden de dansspieren geprikkeld. De refreinen worden meegezongen en er wordt lekker met de handjes gezwaaid.
Een dance machine van groovende, dansbare rock, ook al een beetje nostalgie, opgezweept door hun zanger Serge Pizzorno. Energiebommetjes dus met een “club foot”, “underdog”, “you’re in love with a psycho”, “vlad the impaler”, “release the pressure”, “LSF” en “fire”.

Intussen was Karen Dio (nest), Braziliaans-Brits, ook goed op dreef, weirde korte punkrock- grunge, die flirt met The Hives. Stevig, gedreven hoedanook, met interessante songs als “casual” (Chappell Roan), “i wanna be” en “sick ride”. Het publiek smulde ervan in de avondzon. 

Bizar genoeg blijven de Amerikanen van Lumineers (mainstage) populair in ons landje, ze zijn onmiskenbaar verbonden met happy feeling nummers “hey ho” en “ophelia”, die in hun carrière erop uit springen, hier niet konden ontbreken, en dus zorgden voor de nodige ambiance bij ondergaande zon. Ze waren de ideale geleider op Mumford & Sons, die later de eerste avond van Werchter besloten.
Ze brengen melodieuze folkpop/rootsamericana. Het klinkt sfeervol, groovy, dromerig, zwierig, opwindend en tekent voor samenhorigheid, een kampvuurgevoel en meezingmomenten door het kenmerkende mandoline-gitaargetokkel, viool, piano, keys. Niet direct nieuw werk uit, maar hier putten ze uit hun roemrijke start, 15 jaar terug. Genieten en de dansspieren prikkelen is de boodschap, het ging er moeiteloos in als zoetenkoek, met een dosis confetti erbovenop. “Cleopatra” en “stubborn love” waren mooie afsluiters.

Het Canadese Pup (nest), ook al zo’n tien jaar bezig, nestelt zich in de gitaarunderground, graaft graag in die grunge scene en steekt er wat nieuw leven in. Ze zijn al toe aan hun vijfde plaat ‘who will look after the dogs?‘. Gevolg is een leuk, snedig, ruig, energiek, uptempo concertje van rammelende noiserock, zonder al te veel franjes, die ergens bands als Weezer, Buffalo Tom als Mudhoney, Nirvana bij elkaar brengt.

Tom Smith (klub c), frontman van Editors, komt met z’n band met nieuw werk af, ‘surface, echo & sound’. Solo neemt hij even de ruimte om Editors’ en eigen materiaal ‘there is nothing in the dark that isn’t there in the light’ te ontdoen van allerlei vernuft; het klinkt sober, spaarzaam, elegant, treffend als gevoelig, emotievol, pakkend onder z’n innemende, indringende vocals en expressieve stijl.
Schitterend wat we hier hoorden van pareltjes waarbij Smith (met een tweede gitarist) als het publiek sterk geëmotioneerd waren. In zo’n Smith jasje kregen we op gitaar, piano en mondharmonica “sugar”, “munich”, “smokers outside the hospital door”, “the rush” en afsluiters “papillon” en “no sound but the wind” van Editors, Samen met een “life is for living” en “northern line”. Sing-songwriting die op alle vlakken overtuigde, met een Smith dicht bij z’n publiek.

The War On Drugs (mainstage) beleefde hun succesvolste periode ook al zo’n kleine tien jaar terug, met ‘lost in a dream’ en ‘a deeper understanding’. Op het hoofdpodium met de avondzon, komt hun muziek nog steeds het best tot uiting. Het is ‘on the road music’, een soort ‘route 66’, uiterst genietbaar en heerlijk wegdromend in een Dire Straits/Neil Young badje. Het recente materiaal, ook al een paar jaar oud, van ‘i don’t live here anymore’, klinkt wat directer, met een “i don’t wanna wait” en “harmonia’s dream” maar het blijft breed, kleurrijk door die keys, piano, sax, het kenmerkende psychedelische gitaarspel, -getokkel en die dromerige lichthese vocals van Adam Granduciel . De oudere “red eyes”; “pain” en “an ocean between the waves” zaten in t begin.
Letterlijk werden we meegesleept in het tweede deel met het lange “thinking of a place”, “under pressure” en “the strangest thing”, die ons meevoerde naar prachtige uitzichten en onbekende oorden . Hoedanook blijft het filmisch, boeiend en dromerig, ontroerend door de repetitief opbouwende ritmiek en tempowissels. Puike set. Altijd goed. Niet verrassend.

Prodigy (the barn) waren een van de smaakmakers in de 90s binnen de dancerock. Schitterende, spraakmakende, succesvolle platen tot 98, met een ‘music for the jilted generation’ en ‘the fat of the land’. Ze zijn een soort ‘rebel warriors’ in hun geluid, beats en schreeuwerige vocals. Het heeft iets agressiefs door die pompende, harde, knallende beats. Prodigy is één met z’n publiek, ze zijn ‘one fxx family’.
Het onverwachtse overlijden van mede spil Keith Flint, deed deze Britten bijna kraken, maar kijk, sinds een kleine vijf jaar willen ze die oude hits, kleppers in alle gretigheid ons opnieuw mee overdonderen. Het zijn sterkhouders, energiek, fel, hectisch, weirdo en … nostalgisch door al die elektronicariedels, die door de mallemolen worden gedraaid.
En de lightshow was even flashy, hyperkinetisch. “Voodoo people”, “poison” zaten bij de openers, verder een “firestarter”, “no good” en in de laatste rechte lijn “smack my bitch up”, “out of space”.
The barn was dan ook meteen full house om nog eens die Prodigy muzikale gekte te ondergaan. ‘Back to life’ dus, klaar voor de mainstage opnieuw!

Ondertussen had iedereen zich verzameld aan de mainstage om vrienden van Rock Werchter nog eens te omarmen. Het Londense collectief Mumford & Sons werd opgewarmd door een Lumineers injectie, en hebben sinds hun vorige passage op Werchter een nieuwe boost gekregen. Hun materiaal klinkt goed op ‘rushmere’ en ‘prizefighter’; er is opnieuw de goesting en de gretigheid. Spil Marcus Mumford is een entertainer die publiek en band in zijn greep houdt.
Meteen speelden ze enkele prijsbeesten, “i will wait”, “awake my soul” en “lover of the light”. Een mooie, wisselende reeks van meeslepende, broeierige als aanstekelijke, zwierige tracks, leuk, ontspannend en die een eenheidsgevoel oproepen.
Er was het moment met The Lumineers, maar de eenheid met België was ten top met de onverwachtse verschijning van Pommelien Thijs, onze popqueen bij uitstek, die er eentje meezong van hen, het recente” badlands” (Pommelien in het Engels hier!) en omgekeerd begeleidde Mumford & Sons haar met eentje van haar oeuvre, “atlas” (Jawel, in het Nederlands, leuk moment voor allemaal). Zondermeer sterk en wat een response. Pommelien en Mumford & Sons werden letterlijk op handen gedragen. Wat een euforie en uitgelatenheid. Het oversteeg de ganse eerste dag (en misschien wel van de festivalzomer).
Een uniek sfeertje blijven ze bieden in hun folkpop-rock van akoestisch gitaargetokkel, mandoline, blazers, contrabas en strijkers. Een feelgood groove die een breed publiek bereikt.
Ze werden sterk onthaald met een Marcus in het publiek op “ditmas” en het werkte even aanstekelijk op hen. “Little lion man”, “the banjo” en “the cave” sloten een perfect concert af.
Net als vorige keer is dit combo meer dan enthousiasmerend en overtuigend, anderhalf uur lang, die zich sinds een paar jaar duidelijk hebben herpakt en terug op het hoogste niveau bezig zijn.
Een terechte afsluiter. We konden mooi nahuppelen en -genieten op die folky riedels!

Check ook de optredens van Monza, Triggerfinger, Zwangere Guy die we hier niet konden zien, maar die we dit jaar in een club zagen. Ze zijn een mooi houvast van hun set op Werchter.
Lees gerust
Monza (try-out) - Great Gigs In The Park 2026 - De Vlaamse Beatles!
Monza (try-out) - Nederlandstalige pop op z’n best van een fijne band, even warm onthaald door een fijn publiek
Triggerfinger - Een eeuwige knaldrang!
Zwangere Guy – Vlammen zonder Vuur!
Zwangere Guy – try-out – Vredesduif met een missie en een solidaire boodschap

dag 2 – vrijdag 3 juli 2026 – Jong Talent, Sing-songwriters en Jong Nostalgie.
In ons parcours heel wat moois op verschillende vlakken. Uitschieters in de barn met Viagra Boys, Franz Ferdinand, FKA Twigs en Charlotte De Witte. The xx mocht het in somberheid uitwuiven. Jong Nostalgie die we maar al te graag opnieuw hoorden.

Nog even nagenietend van Mumford & Sons komt hier al een opvolger aankloppen op de grote deur. Het Ierse Kingfishr (mainstage) heeft alles in zich om definitief door te breken met hun melodieus kwalitatief sterke folkpop. Vier ingenieursstudenten hebben hun droom waargemaakt om als muzikant een breed publiek te bereiken. Twee jaar terug waren ze hier al eens op de Slope, nu werd het tijd voor het grotere werk.
De charismatische frontman heeft een klok van een stem, die de songs naar een hoger niveau tilt. Momenteel proberen ze de Ierse pubs te ontgroeien. De songs klinken aanstekelijk, groovy door gitaar-, mandolinegetokkel en mondharmonica. “I cried, i wept”, “man on the moon” en “caroline” zijn er maar drie die het publiek moeiteloos omarmde.

Onze begische Ise (Smeets) (klub c) geeft haar innemend songmateriaal zeggingskracht met een heuse band, waaronder twee van The Haunted Youth. De Limburgse provinciegenoten  geven het materiaal een gezwinde indie-droomsound, door een vleugje galm en psychedelica. “Just a lie” en “goodbye letter” wisten dit te onderschrijven.
Samen met Emmy d’Arc wil ze de huidige jonge generatie vrouwelijke sing/songwriting een boost geven. Solo speelde ze “lonely days”, dat teruggrijpt naar die roots. Terug steviger, ruwer, snediger zonder aan emotionaliteit in te boeten klonk “remember”. Tja, met die van The Haunted Youth erbij, heb je chance.
Haar lichthese vocals zijn gelinkt aan een Melissa Etheridge. Met Ise mogen we in ons landschap rekening mee houden. Het debuut is er, de sound is er, nu nog een beetje aan haar podiumprésence werken.

Het Britse Wolf Alice (mainstage) is geëvolueerd van indienoise naar meer indiepop in die kleine 15 jaar. Het zorgt ervoor dat ze nu een paar singles uithebben die toegankelijk, sfeervol, gevoelig klinken, o.m. “just two girls” en “the sofa” uit de nieuwe, vierde ‘the clearing’.
De set werd dus afgewisseld tussen de twee sferen. Toegankelijk alternatief, waarbij het kwintet met zangeres Ellie Rowsell zo goed mogelijk het publiek bij hun set betrekken.
Alle registers worden open gezet op “formidable cool” en “play the greatest hits” door een megafoon en schreeuwzang; tot slot wuiven ze ons uit met het dromerige “don’t delete the kisses”. Duidelijk een wolfje met een schapenvacht van twee kleuren.

Het ierse Cardinals (nest) van de broers Manning worden bestempeld als ‘the next big thing’. Hun debuut ‘masquerade’ zit een beetje in dezelfde nonchalance als Fontaines DC en dan weet je het wel, hier is sprake van fris, gedreven, snedig, rommelig, rammelende indiepostpunk. Het klinkt allemaal losjes uit de pols, wat onvast maar behoudt een intens broeierige spanning. Rauw, ruw, emotievol met een lofi inslag.

The last dinner party (mainstage) zijn graag geziene dames op het festival. Ze debuteerden hier twee jaar terug. Ze presenteren een soort barokke pop in een Louis XIV stijl en pathos. Glamour & kitsch is vervat in die galmende indiepop. Het nieuwe materiaal van ‘from the pyre’ is minder beklijvend. De mainstage leek iets te hoog gegrepen, waardoor het wat over ons heen waaide. De zwierige act en de engelenzang van Abigail Morris hield ons bij de leest. Goed zondermeer met songs als “sinner”, de single “big dog” en doorbraak “nothing matters”, dat vooraan mooi werd meegezongen en uitgewuifd.

De Zweedse weirdos Viagra Boys (the barn) van Sebastian Murphy, hebben zich opgewerkt en hadden een volle barn voor zich. Je wordt meegesleept in hun zompige garagerock’n’rollende postpunk, welke song er ook wordt gespeeld van hun totnutoe vier platen; er zijn de snedige, broeierige gitaarkronkels, de psychedelische keys, de opzwepende drums, een ontspoorde sax, kortom een tegendraads toegankelijke ritme, met hierbij de imposante entertainende zanger, in ontbloot bovenlijf vol tattoes en Adidas trainingsbroek, die zich in allerlei bochten wringt en het publiek tot alles beweegt. Bier, sigaretten en politiek bewustzijn (free palestina), het hoort er allemaal bij.
Dit is een dolgedraaide punklocomotief, sneltrein die van geen ophouden weet; het ging van “man made of meat”, “low learner” tot “sports” en een to the bone uitgediept “research chemicals”. Wat een uitzinnig gekke live set en veroveringstocht.

Het was even back to earth komen na zo’n set van de Viagra Boys. In schril contrast klonk Royel Otis (mainstage). We hoorden melodieuze poprock in een ontspannen zomers jasje , die een stevige sneert kon verteren. De dromerige, indringende vocals leunden nauw aan deze van Kevin Parker van Tame Impala. De muziek hielden we aan als background met hitjes “murder on the dancefloor”, “say something” en “linger”.

Een ander fenomeen, toegankelijker weliswaar dan Viagra Boys in diezelfde barn, was de springerige, groovy postpunk van de Schotse Franz Ferdinand, die nieuw leven wordt ingeblazen en eigenlijk wel iets te vieren heeft met hun schitterende twee eerste albums, ‘franz ferdinand’ en ‘you could have it so much better’, nu ruim 20 jaar oud. Plaatwerk met een sterke herkenbaarheidsfactor door okselfrisse, sprankelende nummers, die erin gingen als zoetenkoek. Franz Ferdinand van Alex Kapranos lijkt herboren. Onlangs verscheen ‘the human fear’, die de brug tracht te slaan met vroeger.
Vol goesting, gretigheid en speels, spontaan klonk het van het kwintet. Nieuw materiaal kreeg ook voldoende ruimte met een ‘built it up’ en ‘night and day’, die aantonen dat ze terug op het goede spoor zitten. “The dark of the matinée”, “walk away”, “do you want to” en “40” zijn twinkelend, energiek, sfeervol. Het ging naar een prachtig closing final, waarbij de ganse meute tot op het podium nog eens lekker kon hotsen-springen en meezingen op “michael”, “take me out” en “this fire”.
Wat een ambiance opnieuw. The barn had nu wel na deze twee gitaaracts het kookpunt bereikt …

De slam poetry van de brit Kae Tempest (voorheen Kate Tempest) (klub c) is sterk onderbouwd. We worden overspoeld in de lichthese zangrap, die sfeervol omlijst was door keys en zalvende beats. We worden in zijn verhaal meegezogen doorheen de handvol verschenen platen in de 15 jarige carrière. Het is nu meer gematigd en met een kwinkslag.
Ook zijn er verschillende novels verschenen, altijd goed om het eens door te nemen.

De Britse FKA Twigs (the barn) is ook nog een apart dametje. Op een niet direct te vatten muzikaal badje van soultrippop/r&b/rock/drum’n’bass, kregen we een spectaculaire zinnenprikkelende choreografie van dansers en danseressen in sensualiteit die tot de verbeelding sprak, terwijl op een groot verhoog de elektronica en een gitaar knalde en zalfde.
Zijzelf zingt, rapt en weet beheerst het publiek naar zich toe trekken. Het gaat stappen verder dan Rosalia en Christine & the queens. Je wordt heen en weer geslingerd in de pikante, spraakmakende act en het geluid tussen hemel en de ondergrond. ‘Eusexia afterglow’ en het nakende ‘body high’ stonden hier voorop.
Op het eind werden we samen met haar tot tranen toe bewogen toen ze helemaal alleen, soulvol, helder, innemend, oprecht zong. Dit was hoedanook een aparte show met een even apart geluid.

Agnes Obel (klub c) laat ons lekker wegdromen op haar etherisch geluid. Haar hemelse stem, de warme pianotunes, de sfeervolle keys, de cello (getokkel) en de bezwerende drums bieden een intimistisch ingerichte huiskamer, maar nu op een groot podium. Mooie filmische songs, deels donker getint, ergens gelinkt aan Tori Amos, tekenen dit concept. “Fuel to fire”, “riverside” en “the curse” waren herkenningspunten.

Rock Werchter laat ruimte voor een Tomorrowland techno gevoel; één van de lievelingen is Charlotte De Witte (the barn), toonaangevende DJ in het genre, die net als twee jaar nu terug the barn en ver daarbuiten iedereen overstelpt met bonkende trancy beats&bleeps in een spectaculaire lightshow. Zij port het publiek steeds aan, geeft er een lap op en zorgt voor wat variatie in dit smiley technoconcept met tribal, afro en andere styles of music. En op de schermen zagen we onze Charlotte, met een boodschap die doorsijpelde tussenin ‘protect club culture’, ‘one’ en ‘resistance’ … Heerlijk genietbaar en dansbaar voor wie ervan houdt.

The xx (mainstage) - Goed dat het Britse trio elkaar heeft teruggevonden na wel acht jaar.  Oliver Sim, Romy Madley Croft en Jamie xx wisten zich een kleine twintig jaar terug te profileren met sober, spaarzaam, dromerige indie electropop, die een spannende dreiging en dark ondertoon had; en doorheen de drie platen werd het meer omfloerst van een ontspannende dansbare grooves en beats, die de dansspieren prikkelde.
Net die twee elementen hoorden we in de goed uur durende set. Dat ze een derde maal mochten aanwezig zijn op Werchter, werd sterk geapprecieerd.
In eerste instantie hadden we een sober decor van somber gebroken wit licht en wat stroboscoops, waarop een gigantische lichtgevende ‘X’ te zien was, verder Romy en Oliver als grote silhouetten op het scherm, en op het achterplan electrotechneut Jamie xx.
In de eerste nummers hadden we die slepende wave, het galmend gitaargetokkel, de diepe basstunes en de zangpartijen die elkaar aanvulden en/of afwisselden. In de zang dus, de helder, indringende, melancholische zang van Romy en de zwierige pasjes en baritonstem van Oliver. “Crystalized”, “say something loving”, “islands” en “angels”, het is een schone so(m)berheid die raakte. Het maakte en maakt The xx groots.
Gaandeweg kreeg Jamie xx meer ruimte, rolden de beats en klonk het trio krachtiger, energieker en opwindender. Stijlvolle synthrock en respect voor elkaars werk, waar ze hun ei kwijt konden in de eigen projecten, o.m. op een “loud places”, “wanna”, “enjoy your life” en “GMT”.
“On hold”, “i dare you” en “intro” konden dan definitief de melancho/groovy elegante set besluiten. Het warme onthaal deed het trio deugd en we mogen nog zeker van hen iets opnieuw verwachten. Benieuwd.  

dag 3 - zaterdag 4 juli 2026 – Jonge beloftevolle bands en Nostalgie maken de brug
De beloftevolle Landmvrks, The New Eves, Halsey, CMAT Kneecap, Bleech 9:3, The Haunted Youth maken de brug naar nostalgische bands en artiesten Beirut, Matt Berninger, Gorillaz, Pixies tot de volwassen geworden showbeesten Twenty One Pilots. 

Op deze zaterdagmiddag hadden we meteen een krachtige opener met het Franse Landmvrks (mainstage), die binnen de metalcore sterk bezig zijn. Ze passen binnen het rijtje van Bring me the horizon, Bury me tomorrow en samen met landgenoten Gojira maken ze deze scene levendig; we hebben een stevige, opwindende sound, er zijn de tempowissels en de zangpartijen gaat alle kanten uit, van diepe uithalen tot grunts. Het kwintet perst het allemaal samen op songs als “death”, “sulfur”, “blood red” en “self-made black hold”.
Lijkt me ook wel iets voor videogames. Na Graspop, Werchter Parklife nu ook overtuigend op Rock Werchter.

The New Eves (nest) uit Brighton is er eentje die we nog kunnen terugvinden op Festival Dranouter. Eerst kwam de klemtoon op indiekfolkende tunes van gitaar/baslijntjes, spaarzame staande drums, viool, cello, dat leuk, ontspannend, dromerig , onaards klonk, beetje als het Finse Varttina toen, maar de sound van de vier dames evolueerde naar meer rauwe indie rock, met net een folky ondertoon . Interessant bandje dus die wat muzikale verrassingen in petto had.

Dogstar (the barn) met bassist-steracteur Keanu ‘matrix/john wick’ Reeves, zit in de typische Amerikaanse AOR lijn, die zelfs richting U2 uitgaat. De songs zijn melodieus, compact, meeslepend, rocken en laten ademruimte voor de instrumenten, als op “siren” en “the whisper”. Goed, al veel gehoord, niet verrassend, wel een op elkaar ingespeeld trio, die een ergens een stadionrock gevoel heeft.

Sterk onder de indruk waren we het Noord-Ierse Kneecap (mainstage), die na Pukkelpop een breed publiek willen bereiken en ons wakker schudden met hun politiek beladen boodschappen in snedige riot-punk raps en stevige hiphopbeats. De drie overweldigden met allerhande bolwassingen van wat er in onze maatschappij gebeurt. ‘Fine art’ en het pas verschenen ‘fenian’ zijn alvast de moeite.
Rebel warriors binnen de hiphop dus, waarbij de DJ/MC een Ierse bivakmuts over zich heen heeft getrokken. Het heeft iets mee van een ver verleden van Public Enemy, Beastie Boys en RATM. Ze wonden er geen doekjes om op nummers als “smugglers & scholars”, “guilty conscience”, “H.O.O.D.” en “recap”; ze knalden en zorgden voor een uitzinnige menigte.
De beelden op het achterplan spreken voor zich van wat we meemaken in deze oorlogsvoerende wereld met zijn gevolgen en de strijd naar een free palestine. Wat een tsunami in tempo’s, salvo’s en beats. In het najaar te zien in Vorst! Een must see!

Terug één van die bandjes die ‘the next big thing’ kunnen zijn. Het Brits/Ierse Bleech 9:3 (nest) hield ons in hun greep met een rits spannende, intense, stevige indiegrunge, waarvan je niet omheen Fontaines DC met een Nirvana tune kunt. Uitschieters waren “canonball” en “tourniquet”. Af en toe klonk het kalmer, sfeervoller. Kijk, in die scene het ontdekken waard dus. Komt nog terug in de Bota, dit najaar.

Het NYse Beirut (the barn) van Zach Condon laat de blazers, gitaar-mandoline getokkel, accordeon en sfeervolle keys vloeien in hun sound. Een unieke combinatie van indiefolkpop americana, tex-mex en Balkan. In die mix borrelt ergens een Goran Bregovic en Calexico op. ‘A study of losses’ brengt hen opnieuw naar Werchter. We kregen  een fijn backcatalogue in hun twintigjarig oeuvre. Condon begeleidt, zalft de broeierige, groovy, aanstekelijke dromerige, zachtmoedige nummers met z’n innemende weemoedige vocals. Heerlijk genietbaar, heupwiegend en mee neuriënd slalomt het combo doorheen de set van “no no no”, “gallipoli” naar “guericke’s unicorn” (van de nieuwe plaat), “postcards from italy” en “the rip tide”. Een sterke closing final tot slot met “sante fé”, “a sunday smile”, “nantes” en “the gulag orkestar”.
Beirut heeft wel op elke plaat enkele uitschieters en deze werden vanavond niet geweerd. Puike set dus.
Na al die jaren mag Dranouter het combo van Zach naar zich eens toetrekken.

Show en entertainment zit ‘em zeker in de Amerikaanse popdiva Halsey (mainstage). Ze maakt deel van de lichting dames Chappell Roan, Olivia Rodrigo enz. We hebben gedreven, sfeervol materiaal , én in voorbereiding van Twenty One Pilots, krijgen ze alvast een stevige sneert.
Persoonlijk hebben we niet direct affiniteit met haar show en muziek, maar duidelijk is dat er hier wat glamour, kitsch en gimmick is gesmeerd van “nightmare”, “closer” (Chainsmokers) tot “colors” en “gasoline”. Op die manier hebben we nu ook haar eens gezien binnen deze dames lichting.

Matt Berninger (the barn) van The National is een publiekslieveling. De charismatische zanger weet hoe hij z’n publiek voor zich kan winnen; ook al zijn de songs niet steeds evident en hapklaar, hij deelt ze letterlijk met hen en is midden hen te vinden. Het zorgt voor eenheid en samenhorigheid.
Naast het rijkelijke oeuvre van The National, nam hij de voorbije jaren ook de tijd voor twee soloplaten intussen, ‘serpentine prison’ en ‘get sunk’; ze zijn popmelodieus met een donker randje en ze zijn bepaald door z’n kenmerkende bariton stem.
Af en te dweept hij met z’n mondharmonica in een nummer; het charmeert nog maar eens hoe hij bezig is, zonder de politieke beladenheid in deze wereld te vergeten. “Frozen oranges” en “distant axis” moet ons vooruit helpen naar een free palestine.
Op “no love” krijgt Trump een schop onder de kont op de 4th of July; er was eerst een valse start, maar was al gauw verholpen door een entertainer als hij. “One more second” bood herkenbaarheid en op “slow show” en “terrible love”, met blazers van Beirut, was hij één met z’n publiek.
We kregen dus een uiterst aangename set die ons even de realiteit deed vergeten maar die ons evenzeer deed stilstaan van wat er rondom ons gebeurt allemaal. Schitterend hoe hij het allermaal aan elkaar knoopt.
Een goed op elkaar ingespeelde band weet met de mooi opbouwende “bonnet of pins” en “inland ocean” te overtuigen. Niemand die twijfelde dat we hier een schitterend optreden hadden.

Gorillaz (mainstage) - Leuk, chillend, ontspannend, kleurrijk, groovy, opwindend klonk Gorillaz, het project van Damon Albarn en Jamie Hewlett. Ook al is het materiaal van hun recentste ‘the mountain’ met een afro-Indische touch, niet steeds even evenwichtig, toch weet het uitgebreide combo in hun all-style music het in elkaar te doen vloeien met een loungy, aanstekelijke touch. Muzikale creativiteit, kunde, intensiteit van deze muzikale duizendpoot Albarn, die als een maestro zijn gorilla’s dirigeert en iedereen in zijn greep houdt.
Hij heeft enkele gastzangers (Yassin Bey, Bootie Brown ) en zangeressen (Kara Jackson, Yukimi) mee, en de clips van de vier gekende fictieve personages doen hun werk. Op die manier heb je een totaalbeleving die maakt dat Gorillaz zich sterk op de borst mag kloppen.
We kregen heel wat nummers die opvallend kort waren, zeker tot bijna aan het finale deel. Hier was ‘on melancholy day’ de eerste echte herkenning, zonder afbreuk te doen aan de rits andere nummers die uitermate groovy, sfeerrijk, aangenaam waren.
Albarn ging doorheen het oeuvre van hun 25 jaar bestaan. We kregen een rits sterke uitsmijters als “stylo”, “dirty harry”, “feel good inc.” en “clint eastwood”, die de laatste zonnestralen uitwuifden.  

The Pixies (the barn) moet het hebben van hun plaatwerk van de end80s-begin 90s. 40 jaar rockgeschiedenis van deze uit Boston afkomstige band. Korte, krachtige noisepop die in sneltempo wordt gespeeld van deze zestigers. Ook hier een portie nostalgie van hun spraakmakende albums ‘surfer rosa/come on pelgrim’, ‘doolittle’, ‘bossanova’ en ‘trompe le monde’. We vinden hier een rits hectische nummers en hits die in ons rockgeheugen gegrift zijn.
Af en toe komt er nog iets nieuws uit, o.m. anderhalf jaar terug nog ‘the night the zombies came’  met bassiste Emma Richardson; ze hebben natuurlijk niet meer de vaart van voorheen, hoeft ook niet , en er zit wat meer blues in.
Black Francis (Frank Black) zingt, schreeuwt, krijst nog altijd in de nummers. “Cactus”, “nimrod’s son”, “mr grieves” openden het goed uurtje noisepop; “Here comes your man” was de eerste echte herkenning; snedig, scherp blijft “vamos”, “gouge away”, “bone machine”, “debaser” en “isla de encanta”.
Wat minder vaart, maar door iedereen wel meegezongen, “monkey gone to heaven” en ”where is my mind”, het zijn songs die Pixies naar een breder publiek bracht. En dan zouden we er nog een paar vergeten uit hun classical time. Hoedanook het nieuwe blijft opgebaard. Pixies is en blijft een goed geoliede machine. Zestigers die te bewonderen zijn.

Twenty One Pilots (mainstage) - Met z’n twee (Tyler Joseph en Josh Dun) wisten ze na hun vorige passage op Werchter opnieuw een typische Amerikaanse show neer te zetten, zoals Green Day dat maar al te graag doet. De drummer mept er op los en de zanger is een waar multi-instrumentalist (gitaar, bas, piano, keys) die alle andere instrumenten voor z’n rekening neemt.
De twee betrekken het publiek nauw bij de songs, de zanger is overal bij het publiek en soms eens midden hen; de drummer slaagt erin zomaar voorbij het podium een verhoog op te klimmen en daar nog eens te drummen.
Voor de jongeren is het een ‘smul’ show , entertainment ten top met leuke nummers, covers, die tekenen voor een zorgeloos anderhalf uurtje. Muzikaal ging het alle richtingen uit, van opener “the contract” naar “shy away” tot de Milky Chance cover “stolen dance” en de extra meezinger “one way”. Het werd nog leuker met “jumpsuit”, “drag path” en “ride” met een security fan die het refrein mocht meezingen. “Tally” werd gecombineerd met Cher’s “believe” en tot slot kregen we nog een deuntje “seven nation army” erbovenop.
Fun & plezier in allerhande statements dus bij deze twee, die hotsten en sprongen, en iedereen in beweging brachten. “Stressed out” en “trees” sloten een zinderende show af.
Twenty One Pilots is aan volgende adem toe; de recentste “clancy” en “breach”  zijn reeds het resultaat nu; songs als “drum show” en “rawfear”, die we live hoorden, zijn alvast veelbelovend.
Trouwens, in deze show viel aardig wel een vergelijk op met onze Oscar & the wolf ’s Max Colembie in présence en zang.
Twenty One Pilots was er eentje voor het jongere volkje, iets anders dan de afsluiters van de voorbije twee dagen en van morgen The Cure.

Check ook de optredens van The Haunted Youth en CMAT die we hier niet konden zien, maar die we dit jaar in een club zagen. Ze zijn een mooi houvast van hun set op Werchter.
Lees gerust
The Haunted Youth – 2025 Festival Dranouter 2025 – Muzikale Beleving en Vakantie in Dranouter
CMAT - 2026 Un concert généreux et intensément vivant…

dag 4 – zondag 5 juli 2026 – The Cure simpelweg magie-straal en kleppers Mogwai, Moby, David Byrne moesten bijna niet onderdoen. Gerijpte rijke nostalgie! Belgische bands evenzeer sterk op het voorplan met Kaat Van Stralen, Dressed Like Boys en Psychonaut.

Kaat Van Stralen (mainstage) was superblij hier te mogen zijn op Werchter; een droom is werkelijkheid geworden. De winnaar van de Nieuwe Lichting van vorig jaar, brengt melodieus broeierige, snedige rock in een punky attitude en jasje. De scherpe teksten, het opkomen voor wie je bent en de mate van politieke beladenheid sieren; pijlen worden afgeschoten naar wat om ons heen en van wat er in onze eigen politiek gebeurt. “Aerobics”, “hoe wil je me? (wat ik doe, wat ik wil, hoe ik ben)”, “vieze vlinder”, “ik weet hoe het werkt” en natuurlijk “stop met wenen” waren nummers die ons op dit middaguur wakker schudden, ons lieten meehuppelen en -zingen.
Live stonden de declamerende songs er en Kaat, breedgerokt op het podium, ontpopte zich tot een El sympathico. Sterke opener!

Bad Nerves is hier op Werchter ook al geen onbekende meer. Nu staan ze op de mainstage, na de Slope paar jaar terug. We hebben hier een portie stevige rock’n’roll door de verschroeiende riffs. Ze raasden door hun set heen, en ook al zijn de nummers an sich niet direct radio edit, ze klinken energiek met een “antidote”, “can’t be mine” die het publiek wist te triggeren.

Dressed Like Boys (klub c) is de uitlaatklep van Jelle Denturck van DIRK. Hier komt het emo kantje in finesse met sfeervol, gevoelig, straight from the heart materiaal aan bod, waarin hij zijn ziel steekt en met een zekere pathos.
Net als bij Kaat Van Stralen is het een opkomen voor jezelf, voor wie/wat/hoe je bent (het ganse concept van de LGBTQ+) en met enige maatschappijkritiek van wat er om ons heen gebeurt.
Sfeervol twinkelende piano/keys en de helder indringende vocals zijn de pijlers in de rakende nummers, die een sterke integere opbouw hebben, ergens tussen The Beatles, Sufjan Stevens, Rufus Wainwright en Perfume genius in. Hij heeft wat te vertellen en smijt zich letterlijk in de nummers als “Jaouad”, “lies” en de afsluiters “pinnacle” en de geschiedenisles in “stonewall riots forever”. De response was enorm.
Puik werk opnieuw van deze West-Vlaming die met Dressed Like Boys een grootse band in spé wordt, gezien de klub hier al vol zat.

Westside Cowboy is één hecht blok op het podium. Een spervuur aan gitaarriffs, stuwende drums en de sterke vocale samenzang, zorgen voor een heerlijke sound in the nest. Westside Cowboy is nog een relatief jonge naam binnen de scene, maar kon zich voldoende onderscheiden. (Erik)

Sinds hun doorbraak in 2018 via De Nieuwe Lichting heeft de Wase band SONS (mainstage) al een indrukwekkend parcours afgelegd. Sons klinkt straight forward, zonder al te veel franjes, een niet te stoppen pletwals. Een nieuwe plaat is uit, ‘Hallo’. Leuk om vooraan al wat moshpits en crowdsurfers te zien. Twee leden zijn net ook papa geworden, van Elliott en Oskar, en dat betekent dat ze met hun gitaarrock er nog ne lap op geven. Robin Borghgraef zingt, entertaint, port het publiek aan en dook ook nog het publiek in om hier een Belgisch wereldrecord crowdsurfen neer te zetten. “Do my thing”, “surfin”, “family dinner”, “bike”, “ricochet” en “waiting on my own”, het zijn allemaal nummers om het publiek naar hun hand te zetten. Sons zijn de jonge vaders van de Belgische rock!

Cory Wong in the barn, is een Amerikaanse gitarist, songwriter en producer, die zowel als soloartiest als in tal van samenwerkingen actief is. Een mix van jazz, rock en funk krijgen we, Zelfverzekerd, virtuoos, speels en met een mate van improvisatie. Verfijnd gitaarwerk in adrenalinekicks. (Erik)

NewDad (nest) is er ook eentje als ‘the next big thing’, uit Ierland weliswaar. Op hun beurt laten ze het wat meer rammelen en is er een 80s galm in hun gitaarspel te bespeuren. Een indrukwekkende muur van gitaren dus, met de dromerige, heldere zang van Julie Dawson, tekende voor een melodieus meeslepende, opzwepende set.
Een aangename ontdekking, dit kwartet, die ons nieuwsgierigheid nog meer opwekte met die Yeah Yeah Yeahs cover “heads will roll”.

Rise Against - De Amerikanen timmeren ondertussen al een kwarteeuw aan de weg en zijn op heel wat festivals zelfs een gedroomde headliner. Op de mainstage kregen we de perfecte harde show vol rauwe uppercuts en energiebommetjes. Compromisloos, rechttoe-rechtaan, een heerlijk wild feestje van moshpits en crowdsurfers. Rise Against , ‘alive and kicking’, zondermeer (Erik)

Mogwai is één van de postrockiconen. De vijf Schotten hebben een nieuwe adem gevonden in het genre, en weten sinds een paar jaar opnieuw te overweldigen. De spannende dreiging is er in de oude traditie van repetitief opbouwende, aanzwellende partijen en explosies, waarbij de subtiliteit, finesse reikende hand zijn met de overstuurde, noisy uithalen en de registers opentrekken. ‘Rave tapes’ en het vorig jaar verschenen ‘the bad fire’ gaven de aanzet van hun tweede adem in hun 30 jarige carrière. En ook hier politieke thema’s met Palestina vlaggen.
Oud en nieuw vinden elkaar hier moeiteloos. Al meteen kregen we twee oude kleppers “yes! I Am a Long Way from Home” en “cody” , die mokerslagen toedienden. De nieuwere “hi chaos”, “remurdered” en “lion rumpus” meten zich ermee. Gepast, gevat is er in hun instrumentale muziek opening naar enkele beheerste zangpartijen.
Mogwai klonk ingetogener, met sfeervolle, zalvende keys en een spaarzamere begeleiding op “hunted by a freak” en “nipale vegan hip pain”.
Maar met “mogwai fear satan”, “we’re no here” kregen we onvermijdelijk prachtige climaxen. Postrocksongs bij uitstek in alle tempowissels. Het extravert slot zinderde na. Klasse!

Last Train (the nest) is een Franse band, die sinds het debuutalbum ‘weathering’ uit 2017 al meteen een ijzersterke live-reputatie heeft opgebouwd. Ook op Rock Werchter vuurwerk en een muzikale sneltrein. (Erik)

A Perfect Circle (mainstage) heeft z’n verwantschap met Tool. Niet verwonderlijk want Maynard James Keenan, is hier ook de spil. Eigenlijk als je er hun set op nahoudt, hebben we een short versie van de opzienbarende Tool. Er is de somberheid, de hoekige ritmes en de begeesterende, slepende, opzwepende tempowissels onder die over-herkenbare zegzang. Live stond A Perfect Circle hier niet echt op zijn plaats, gezien het (single) materiaal minder gekend is en het in deze blakende zon wat voorbij waaide. Beter hadden ze in één van de tenten gestaan, die nummers als “rose”, het nieuwe “starless” en “judith” naar een hoger nivau konden tillen.
Enfin soit, hier was sprake van kunde, klasse, kracht, finesse in een mysterieus, mystiek, hypnotiserend sfeertje.

Van donkerte geen sprake bij David Byrne (the barn), de frontman van wijlen Talking Heads die in de 80s een verfrissende input gaf aan de rock met funk, afro, tribal, salsa, sampling in een artyfarty concept; allerhande stijlen werden met elkaar verweven. Vernieuwend was het toen en 40-45 jaar later, klinkt dit nog steeds even eigentijds intrigerend, sterk overtuigend. Byrne houdt van kleuren tijdens zijn shows, en vandaag op Werchter werd blauw de keuze. Hier werden de dansspieren geprikkeld van Talking Heads materiaal en van z’n solowerk; er is de unieke sfeer, dynamiek en de act op het podium , de instrumenten zijn gekluisterd aan zijn bandleden en met dansers worden synchrone pasjes gezet of wordt er door elkaar gelopen. Het tilt alles omhoog. Schitterend opnieuw wat deze 74 jarige presteert, waarbij zijn vocals nog steeds even sterk als vroeger klinken. We waren van de vorige passage met ‘american utopia’ al verbaasd, nu met ‘who is the sky?’ waren we opnieuw onder de indruk. Aanstekelijk, Uitbundig, Feestelijk, Gemoedelijk, Theatraal.  
Opnieuw was the barn reeds een half uur op voorhand een full house.
De nieuwe single “everybody laughs” opende , en dan kregen we met “and she was” een rits Talking Heads nummers, “nothing but flowers”, “this must be the place” en “strange overtones” (eentje nog Brian Eno toen), die net toont hoe het nummer met zijn trancy world/tribalsounds de tand des tijds overleeft. Verder de grote classics “slippery people”, “psycho killer”, “once in a lifetime” en “burning down the house”. Indrukwekkend, wat een ontlading, met de act en de rondstappende instrumentalisten. Op alle vlakken was er iets te ontdekken, een totaal beleving tot in de puntjes uitgewerkt! Respect.

Met zijn album ‘Play’ , al een goede 25 jaar oud, groeide Moby (mainstage) uit tot één van de pioniers van de elektronische popdance. Dat hij nu nog steeds accuraat en baanbrekend is, bewees hij op Werchter. Moby is altijd al een eigenzinnige performer geweest én het siert hem. We waanden ons op een ware rockende rave party met soms pompende beats; langs de andere kant zorgden de gastzangeressen, met Moby op gitaar dan, voor een haast soulfunky aanvulling op sommige chillende droompopsongs. Die brede, diverse aanpak ging erin als zoetenkoek, overtuigde en overdonderde.
Zijn ode aan David Bowie, deelde hij met een beklijvende versie van “heroes”. Moby heeft ook heel wat te vertellen over de animal rights en de wereldproblematiek, maar hij zorgt evenzeer voor ontspanning en een feestje.
We kwamen al meteen in beweging met de openers “bodyrock”, “go”; het ging verder naar “why does my heart feel so bad”, “honey”, “natural blues” (iedereen gsm lichtjes in de lucht!) tot de prachtafsluiters “porcelain”, “lift me up”  en het vermakelijke “feeling so real”.
Schitterende return, het smaakt na al die jaren naar meer! (+ Erik)

Psychonaut (nest) - Toen we de band nog aan het werk zagen op GGITP in Sint-Niklaas waren we diep onder de indruk. Lees gerust "Emotionele mokerslagen werden hier toegediend. We lieten ons de hele set lang meevoeren door intensiteit, rauwheid en subtiliteit."
Ook vanavond kunnen we die neerslag van deze definitieve afsluiter op de nest maar beamen. In die harde, stevige, bezwerende sound is “the fall of consciousness” een absoluut hoogtepunt. Het maakt Psychonaut pur sang in de opbouw, de spanning, de kracht en de emotionele ontlading. “You are the sky” en “everything else is just the weather” wuift de editie op het alternatiever podium definitief uit.
De ode aan hun overleden vaders – en het vader-zijn algemeen– raakte . Kijk, Psychonaut brengt net die combinatie van emotie, intensiteit en muzikale kracht. We bleven achter met een wauw gevoel (Erik)

Een blij weerzien terug met The Cure (mainstage), één van de iconen binnen de new wave scene. Als waardig ouder wordende festivalganger blikken we maar al te graag terug naar die eighties, toen we als prille tiener “a forest” hoorden en vrijwel onmiddellijk ‘seventeen seconds’ aankochten.
45 jaar later valt het ons op dat er hier op Werchter niet veel ‘zwartzakken’ waren , nee, verschillende generaties zijn met elkaar verbonden, die genieten van de decennia Robert Smith en C°. Nu is The Cure hier terug na zeven jaar.
“Plainsong” en “pictures of you” zetten meteen de sfeer van die twinkelende gitaren, de sfeervolle keys, de diepe bas, de bezwerende drums en die eigen unieke weemoedige stem van Smith.
Hij heeft op zijn eigen manier contact met het publiek met begroetingen langs alle kanten, vaak met een kwinkslag en met korte ‘thank you’s’.
Gretigheid en spelvreugde, toegankelijkheid en somberheid zijn het muzikale houvast, die het publiek moeiteloos meevoert, bijna twee en een half uur lang.
Volgende herkenning in alle wisselende stemmingen: “lovesong”, “fascination street”, “in between days”, “just like heaven” en “a forest”, die de festivalweide doet ontploffen. Sterk. Perfect op elkaar ingespeeld bolt The Cure in hun indrukwekkende oeuvre, de songs vloeien bijna in elkaar over en met het mooie, zeemzoeterige, zachtmoedige, krachtige “disintegration” wordt overtuigend besloten.
Een bis om van te smullen volgt, o.m. “lullaby”, “the walk”, “friday i'm in love”, “close to me”, “why can't i be you? en uiteraard “boys don’t cry” die voor een laatste collectieve ontlading zorgde, en ons definitief uitwuifde.
Op hun manier hield The Cure een volledige festivalweide moeiteloos in de ban. En in welk genre ook, The Cure staat op eenzame hoogte te soleren. Doortastend, mooi, verbluffend, precies, intens, ontroerend en bovenal simpelweg magi(e)straal. Gerijpte, rijke nostalgie!

Setlist: Plainsong // Pictures of You // High // A Night Like This // Lovesong // Treasure // Want // Burn // Fascination Street // Never Enough // alt.end // Push // In Between Days // Just Like Heaven // Trust // Secrets // Play for Today // A Forest // From the Edge of the Deep Green Sea // Disintegration
Bis: Lullaby // Wrong Number // The Walk // Mint Car // The Lovecats // Friday I'm in Love // Close to Me // Why Can't I Be You? // Boys Don't Cry
(Erik-Johan)

Een gedroomd slot van een werkelijk onvergetelijke vierdaagse. Verbazing en euforie , die ons nostalgisch deed terugblikken. Een mooi closing end!

Op naar een nieuw hoofdstuk ‘Rock’ Werchter Live
Tot volgend jaar! In 2027 is Rock Werchter er op 1,2,3 en 4 juli.

Neem gerust een kijkje naar de pics van Down The Rabbit Hole, Groene Heuvels, Beuningen, die in het hetzelfde weekend plaatsvond in Nederland, met deels gelijklopende bands @Wim Heirbaut
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/9882-down-the-rabbit-hole-2026?Itemid=0
Organisatie: Live Nation - Rock Werchter

Gent Jazz 2026 – Singer-songwriterveteranen, ‘A journey to the outer sounds & colours of live music’

Geschreven door

Gent Jazz 2026 – Singer-songwriterveteranen, ‘A journey to the outer sounds & colours of live music’
Gent Jazz 2026
Bijlokesite
Gent
2026-07-04
Geert Huys

Met de veelzeggende ondertitel ‘A journey to the outer sounds & colours of live music’ lijkt Gent Jazz de puristen van het genre vriendelijk te waarschuwen dat ook dit jaar het festivalprogramma niet vies is van muzikale zijuitstapjes. Met drie singer-songwriterveteranen die hun mosterd eerder halen bij folk en blues, oogde de affiche van dag 3 dan ook alsof ze was weggelopen uit de hoogdagen van Festival Dranouter.

Afwisselend met de internationale kleppers op de Main Stage kreeg jong Belgisch talent een vrijgeleide op de Garden Stage. Zo mocht RAMAN. (***½) op een van de groenste plekjes van de Bijlokesite bewijzen waarom zijn in januari verschenen debuut ‘I Do’ nu al tot de strafste Belgische releases van 2026 wordt gerekend.
Toegegeven, zowel qua stem als muzikaal blijven vergelijkingen met Jeff Buckley en vooral Chris Whitley onvermijdelijk. Toch voegt Simon Raman zoveel eigen emotionele zeggingskracht en muzikale bezieling toe dat elke verdenking van epigonisme al snel verdwijnt. Met de loden namiddagzon als bondgenoot serveerden de Gentenaar en zijn stevig uit de kluiten gewassen ritmesectie een doorleefde set die laveerde tussen bezwerende voodoo blues en atmosferische neo-soul. Muzikale mentor en boezemvriend Tiny Legs Tim keek ongetwijfeld trots toe vanaf De Overkant en zag zijn poulain hier –wellicht niet voor het laatst– een Groots Concert geven in hun thuisstad.

Telkens wanneer hij vanuit de Ierse westkust afzakt naar Gent, voelt dat voor LUKA BLOOM (****) een beetje als thuiskomen. De vonk voor die blijvende liefde voor de Arteveldestad sloeg al over in 1989, toen Barry Moore onder zijn kersverse nom de plume Luka Bloom in de Vooruit mocht opwarmen voor de Cowboy Junkies.
Tijdens het uur speeltijd dat de Ier deze keer kreeg toebedeeld, gunde hij het publiek een intieme inkijk in zijn levensverhaal. Persoonlijke herinneringen en anekdotes vormden hierbij de natuurlijke aanloop naar de songs die eruit waren gegroeid. De aan zijn overleden vader opgedragen opener “The Man Is Alive” bleek de voorbode van één lange aaneenschakeling van hoogtepunten. In combinatie met zijn diep in de Celtic tradition gewortelde zweverige gitaarspel weet Bloom in z’n dooie eentje het publiek keer op keer ademloos aan de grond te nagelen. Tijdens het anti-oorlogslied “I’m Not at War With Anyone” kon je haast een speld horen vallen, terwijl hij het publiek zachtjes zijn mantra liet meefluisteren: ‘I don’t need to be friends with everyone, but I’d like to live in peace with everyone’.
Met de tijdloze neo-folk evergreens “Gone To Pablo”, “Rescue Mission” en “You Couldn’t Have Come At A Better Time” –alle drie geplukt uit zijn weergaloze doorbraakschijf ‘Riverside’– verliet de kleine Ier de Bijlokesite langs de grote poort, na alweer een Gentse thuismatch die niemand onberoerd liet.

De prijs van stijlvolste performance had SUZANNE VEGA (****) al van bij haar opkomst beet. Met goudkleurige sandalen, keurig gemanicuurde nagels, flink aangezette pretoogjes en een zwarte Victoriaanse hoge hoed etaleerde ze meteen haar fascinatie voor klassieke diva’s. Het bruggetje naar opener “Marlene On The Wall”  –het iconische folkrock liedje over (de poster van) Marlene Dietrich– was daarmee snel gemaakt. Meteen was ook de toon gezet voor een strak geregisseerde set.
De rol van haar sidekick Gerry Leonard, meesterlijk gitarist en voormalig artistieke rechterhand van David Bowie, bleek daarbij van onschatbare waarde. Met een funky bluesriff herleidde hij het muzikale complexe “99.9 F°” moeiteloos tot zijn naakte essentie. Vega zelf liet geen kans onbenut om met het publiek te dollen, en kondigde met een knipoog aan dat we eerst allemaal oude klassiekers zouden voorgeschoteld krijgen alvorens nieuw werk te ‘moeten’ aanhoren. “The Queen and The Soldier” omschreef ze als ‘a long and very sad song’, maar mede dankzij de subtiele bijdragen van celliste Stephanie Winters groeide het uit tot het tweede beklijvende anti-oorlogslied van de avond.
Ook na ruim vier decennia blijft de 67-jarige New Yorkse nieuwe parels aan haar repertoire toevoegen. In Gent kregen zowel het titelnummer van haar jongste album “Flying With Angels” als “Speaker’s Corner” een plaats op de setlist, een donker relaas over hoe de freedom of speech almaar verder onder druk komt te staan. Toch bleef Vega nooit lang hangen in zwaarmoedigheid. In “Chambermaid” kroop ze met zichtbaar plezier in de huid van Bob Dylan’s imaginaire kamermeisje, inclusief een ondeugende knipoog naar diens “I Want You”. Na trefzekere uitvoeringen van haar twee ultieme signature songs, “Luka” en “Tom’s Diner”, bracht ze met “Walk On The Wild Side” ook nog een warm eerbetoon aan stadsgenoot en vriend Lou Reed.
Eén conclusie drong zich op: deze Suzanne Vega is nog lang niet van plan op haar lauweren te rusten.

Exacte cijfers hebben we niet, maar we durven erop te wedden dat het laatste concert van JOHN HIATT (***½) op Belgische bodem dé doorslaggevende trekpleister was van deze al vroeg uitverkochte festivaldag. De bijna 74-jarige Amerikaan wil zich in de toekomst onthouden van uitputtende trans-Atlantische trips, en gunt daarom de landen waar hij al vroeg in zijn carrière voet aan de grond kreeg nog een laatste passage tijdens zijn European Farewell Tour.
Op de Bijlokesite –de voorlaatste halte van deze akoestische solotour– werd echter al snel duidelijk dat ook Hiatt’s stembanden hun beste tijd hebben gehad. Zelf sprak hij over ‘a frog in the throat’, maar moeilijker te verbergen was dat sommige hoge noten en lange vocale uithalen hem niet meer moeiteloos afgingen. De introspectieve opener “My Old Friend” kreeg daardoor ongewild een extra emotionele lading. Ondanks die vocale kwetsbaarheid werkte de veteraan zich dapper door een gevarieerde set, enkel gewapend met een akoestische gitaar en mondharmonica. Aan rootsrock klassiekers geen gebrek in Gent: “Thing Called Love”, “Memphis In The Meantime”, “Slow Turning”, “Tennessee Plates” en “Real Fine Love” bleven ook in hun meest uitgepuurde vorm overeind als bakens binnen de Amerikaanse singer-songwritertraditie.
Van vorige passages herinneren we ons vooral een spraakzame, guitig entertainende Hiatt. Dit keer bleef de interactie met het publiek beperkt, alsof het nakende afscheid alle woorden overbodig maakte. Net daardoor wonnen ingetogen songs als “Long Time Comin’” en “Feels Like Rain” alleen maar aan zeggingskracht en groeiden ze uit tot de beklijvendste momenten van de avond. En daar bleef het niet bij. ‘Dat was onze openingsdans!’ fluisterde ergens een trotse fan toen uberclassic “Have A Little Faith In Me” als slotakkoord werd ingezet. Het daaropvolgende applaus hinkte op twee gedachten: uitgelaten dankbaarheid voor alles wat geweest is, maar tegelijk het pijnlijke besef dat één van de grootste Amerikaanse singer-songwriters van de voorbije halve eeuw wellicht voorgoed afscheid heeft genomen van het Europese continent.

Neem gerust een kijkje naar de pics op de site www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz

Gent Jazz 2026 - Van ingetogen luistermuziek, José González, naar dansende benen, Dressed Like Boys, en broer en zus, Angus & Julia Stone, die liefdevol op het podium

Gent Jazz 2026 - Van ingetogen luistermuziek, José González, naar dansende benen, Dressed Like Boys, en broer en zus, Angus & Julia Stone, die liefdevol op het podium
Gent Jazz 2026
Bijlokesite
Gent
2026-07-03
Jasper Vanassche en Michiel De Meyere

De tweede festivaldag begon zoals een zomerdag hoort te beginnen: veel zon, weinig haast. Het publiek druppelde binnen, de tent vulde zich pas laat op de dag echt. Van ingetogen luistermuziek naar dansende benen en broer en zus die liefdevol op het podium.

Marble Sounds - Aan Marble Sounds de taak van de opener. Deels ondankbaar, want het publiek was nog matig aanwezig, en dat voel je op zo'n groot podium. De band, het geesteskind van de Vlaamse singer-songwriter Pieter Van Dessel, trok zich daar echter weinig van aan. Het samenspel van instrumenten en lichtontwerp zat mooi in elkaar, en er bleef zelfs ruimte voor een improvisatiemoment dat je bij deze band niet altijd verwacht. De glasheldere stemmen van de zangers droegen het geheel. Een ingetogen en zorgvuldige start.

Cassandra Coleman - Cassandra Coleman zorgde voor de soundtrack bij het eerste glas. De singer-songwriter uit Nashville brengt indiefolk en dreampop die je ergens tussen Florence Welch, Bon Iver en AURORA kan plaatsen, ingetogen en filmisch. Haar tonen dreven op de achtergrond terwijl mensen iets gingen bijhalen aan de bar en zich lieten opwarmen door dat zalige zonnetje. Niks mis mee: niet elke set hoeft de aandacht op te eisen. Ze bleef ondertussen interactief met het publiek, wat de losse, ontspannen sfeer alleen maar versterkte.

Dressed Like Boys - Hier ging de knop om. Dressed Like Boys is het soloproject van de Gentenaar Jelle Denturck, bekend van de indieband DIRK, en op het podium kwam dat binnen alsof het zo uit de jaren 80 was gestapt, outfits incluis. Zijn muziek leunt ergens in de buurt van Sufjan Stevens, Rufus Wainwright en Perfume Genius, en live vertaalt dat zich in songs met veel tempowisselingen en een mooie opbouw naar de climax. Het meest aangrijpende moment was "Jaouad", een eerbetoon aan Jaouad Alloul, de Belgisch-Marokkaanse acteur, schrijver, zanger en dragqueen die hij bezingt als iemand die simpelweg zichzelf durft te zijn. Ondertussen stond de tent helemaal vol. "Lies" kreeg het publiek na een intiemer stuk in beweging, "Pinnacle" hield dat vast, en met "Stonewall Riots Forever" als afsluiter zette hij er een punt achter dat bleef nazinderen. Een sterk optreden, het kantelpunt van de dag.

Lambert - Na dat feestje kwam Lambert de temperatuur weer wat terugdraaien. De pianist en componist, geboren in Hamburg en gevestigd in Berlijn, treedt altijd op met een gehoornd Sardijns masker. Zijn neoklassieke piano heeft diepe jazzwortels, en improvisatie staat er centraal. Dat verklaart de gezellige, bijna garden-style sfeer waar het publiek gezapig op doorbabbelde. Geen muziek die de zaal stillegt, wel muziek die een namiddag draagt, en op een jazzfestival zit die man met het masker helemaal op zijn plek.

José González - José González bracht het concert waar je even je adem voor inhoudt. De Zweeds-Argentijnse singer-songwriter uit Göteborg, zoon van ouders die de Argentijnse dictatuur ontvluchtten, begon ooit in punk- en hardcorebands en studeerde biochemie voor hij met zijn debuut ‘Veneer’ (2003) koos voor fluisterzang en klassieke gitaar. "Line of Fire" en "Killing for Love" zetten het publiek weer in beweging, en met zijn eigen "Crosses" en zijn befaamde cover van "Heartbeats", oorspronkelijk van The Knife, bewees hij nog eens hoeveel hij uit één gitaar en één stem haalt. Zijn versie van "Teardrop", naar Massive Attack, was een hoogtepunt, en hij sloot af met "Blackbird" van The Beatles. Knappe songs van een echte artiest, al bleef het eerder luistermuziek dan festivalmuziek. Prachtig, op voorwaarde dat je erbij stilstaat.

Angus & Julia Stone - En dan het slot. Angus en Julia Stone zijn broer en zus uit Sydney, kinderen van folkmuzikanten, en sinds hun doorbraak met ‘Big Jet Plane’ (2010) een van de mooiste duo's in het genre. Wat kan Julia eigenlijk níét: gitaar, trompet, mondharmonica, ze pakt het allemaal op. "Yellow Brick Road", met die regel "she shot me down with a revolver", en "Just a Boy" deden hun werk, en hun cover van Sam Smiths "Stay With Me" werd een meezinger met de hele zaal. Fans houden hen wel eens voor een koppel door die gedeelde achternaam, maar het is net de zichtbare band tussen broer en zus die het mooiste was. Ze amuseerden zich duidelijk terwijl ze speelden, en dat plezier stapte zo de zaal in. Het publiek genoot mee.

Conclusie
Dag twee had een duidelijke boog: van de ingetogen opener naar een uitverkochte tent, van dansmuziek naar fluisterstil luisteren en weer terug. Dressed Like Boys leverde de energie, José González de klasse, en Angus & Julia Stone de warmte om op af te sluiten. Zon, goede timing tussen de sets, en een publiek dat mee ademde.

Neem gerust een kijkje naar de pics op de site www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz

Live is Live 2026 - van 27 juni t-m 29 juni 2026 - Een legendarische Iron Maiden zonder sleet

Geschreven door

Live is Live 2026 - van 27 juni t-m 29 juni 2026 - Een legendarische Iron Maiden zonder sleet
Live Is Live 2026
Middenvijver Park
Antwerpen
2026-06-29
Stijn Raepsaet

De derde en laatste festivaldag van Live is Live in het Antwerpse Middenvijverpark stond volledig in het teken van metal. Met Doro, Testament, Epica en als absolute headliner Iron Maiden, had de organisatie een affiche samengesteld waar menig metalhart sneller van ging slaan. Het publiek kreeg bovendien nog een flinke portie zomerse hitte voorgeschoteld, waardoor het een dag werd waarop vuur, zweet en klassiekers hand in hand gingen.

De Duitse metalqueen Doro had er geen enkel probleem mee om het mondjesmaat toestromende publiek op temperatuur te brengen. Alsof de resterende hittegolf nog niet voldoende was, werd opener “I Rule The Ruins” (cover Warlock) begeleid door imposante vuurfonteinen. In haar compacte maar krachtige set passeerden verder onder meer “Burning the Witches”, “Raise Your Fist in the Air” en “Für Immer” de revue. Afsluiten deed ze met het onvermijdelijke “All We Are”, dat door het inmiddels talrijker aanwezige publiek luidkeels werd meegezongen.

Vervolgens was het de beurt aan Testament, zonder twijfel de zwaarste band op de affiche. Toch bleek al snel dat de gemiddelde Iron Maiden-fan ook wel raad wist met een stevige portie San Francisco Bay Area thrash metal. De immer sympathieke Chuck Billy leidde zijn band door een kolkende set met onder meer “Into The Pit”, “Demonic Refusal” en “Sins of Omission”. Als afsluiter werd “Over The Wall“ de weide ingeknald. Testament leverde een bijzonder strakke prestatie af, waarbij ook de indrukwekkende stagep(r)op – een dreigend skelet dat hoog boven het publiek uittorende – de aandacht trok.

Het Nederlandse Epica had vervolgens weinig moeite om de inmiddels goed gevulde festivalweide verder van de nodige metal te voorzien. Opener “Cross The Divide” kampte nog met enkele fout afgestemde geluidsinstellingen, maar zodra “Sensorium” werd ingezet, was dat euvel helemaal vergeten. Wat een fenomenaal nummer blijft dat live. In een set die op veel festivals moeiteloos headlinerwaardig zou zijn, sprongen vooral “Cry for the Moon”, “Unchain Utopia” en het epische “Consign to Oblivion” eruit. Daarnaast viel vooral de warme interactie tussen de bandleden op, met toetsenist Coen Janssen als vrolijke sfeermaker die voortdurend het publiek wist te entertainen.

Omstreeks negen uur brak dan eindelijk het moment aan waar iedereen voor gekomen was: Iron Maiden. Met hun ‘Run For Your Lives Tour’ focust de band uitsluitend op nummers uit de eerste negen studioalbums (1980-1992), een periode die door veel fans wordt beschouwd als de absolute gouden jaren van de band.
De openingscombinatie van “Murders in the Rue Morgue”, “Wrathchild” en “Killers” zorgde meteen voor een stevige dosis nostalgie. Opvallend blijft hoe ongelooflijk energiek de bandleden op hun inmiddels respectabele leeftijd nog steeds over het podium razen. Waar andere bands misschien af en toe naar een zuurstoffles zouden grijpen, leek Iron Maiden alleen maar sterker te worden naarmate de avond vorderde. Van enig krachtverlies in Bruce Dickinsons stem was geen sprake en Janick Gers demonstreerde opnieuw zijn kenmerkende elegante gitaaracrobatiek. Iron Maiden lijkt simpelweg niet te verouderen.
Na een weergaloze uitvoering van “Phantom of the Opera” volgde met “The Number of the Beast” de eerste massale zangstonde van de avond. Het publiek zou nog vaak uit volle borst mogen meebrullen. “Infinite Dreams” haalde door zijn relatieve onbekendheid tijdelijk wat vaart uit de set, maar stelde muzikaal geen seconde teleur.
Toen vervolgens een gigantische piramide op de videowall verscheen, wist iedereen wat eraan zat te komen. “Powerslave” blijft persoonlijk een van mijn favoriete Maiden-nummers en Bruce Dickinson, gehuld in een imposant verenmasker, nam het publiek moeiteloos mee naar het oude Egypte.
Het persoonlijke hoogtepunt van de avond was echter zonder twijfel “Rime of the Ancient Mariner”. Het ruim dertien minuten durende meesterwerk, gebaseerd op een gedicht van Samuel Taylor Coleridge, kreeg dankzij de indrukwekkende videobeelden een extra dimensie. Antwerpen beleefde dit epische nummer zichtbaar intens. Daarna volgde “Seventh Son of a Seventh Son”. Hoewel het eveneens een monumentaal nummer is, voelde het door de opeenvolging van lange instrumentale passages net iets te snel geprogrammeerd na “Rime of the Ancient Mariner”. Het enige kleine minpuntje in een verder haast perfecte set.
Vanaf dan was het enkel nog raak met klassieker na klassieker. Voor de bisronde kregen we nog “The Trooper”, “Hallowed Be Thy Name” en “Iron Maiden”, waarbij een levensgrote Eddie letterlijk uit de videowall leek te kruipen.
Tijdens de bisronde gingen we eerst de lucht in met een magistrale uitvoering van “Aces High”, gevolgd door een meeslepende “Fear of the Dark”, waarbij Dickinson met een lantaarn door het donkere podium dwaalde onder een volle maan. Als afsluiter werd het podium omgetoverd tot een futuristische tijdsmachine voor “Wasted Years”, een perfecte afsluiter van een indrukwekkende avond.
Bruce Dickinson bedankte het Antwerpse publiek nog uitvoerig en liet verstaan dat we binnenkort nog nieuws over Iron Maiden mogen verwachten. Dat vooruitzicht alleen al deed duizenden fans tevreden huiswaarts keren. Iron Maiden bewees opnieuw waarom de band al bijna een halve eeuw tot de absolute wereldtop behoort. Ze zijn niet zomaar een legende. Ze blijven er één.

Ook de organisatie van Live is Live verdient een welgemeende pluim. Alles verliep bijzonder vlot, de logistiek zat goed in elkaar en ondanks de grote opkomst bleef de festivalsfeer de hele dag aangenaam.
Tot volgend jaar!

In beeld @Live Is Live
PRESS - Dropbox
dag 1, dag 2, dag 3

Organisatie: Live Is Live (ism FKP Scorpio)  

Werchter Parklife 2026 – Linkin Park, still alive and kicking …

Geschreven door

Werchter Parklife 2026 – Linkin Park, still alive and kicking …
Werchter Parklife 2026
Festivalterrein
Werchter
2026-06-28
Erik Vandamme

De organisatie van Rock Werchter kwam dit jaar ook met een nieuw concept, Werchter Parklife. Een festival gebouwd rond een één grote naam binnen de scene, met de focus op (alternatieve) rock. Met Linkin Park stond er een band op het podium die uit een heel diep dal is gekropen. Hoe vervang je een boegbeeld die het absolute gezicht was van een band, vroegen we ons luidop af toen Chester Bennington in 2017 overleed. Over Emily Armstrong als vervangster vlogen vooral op sociale media pro en contra’s door de lucht. De band heeft intussen bewezen er nog steeds te staan als een huis. Meer nog … Met een voorlaatste stop van hun 'From zero'-wereldtour hield Linkin Park opnieuw halt in Werchter.

Wij arriveerden net te laat voor de Franse formatie Landmvrks die ons vorig jaar met hun album ' The Darkest Place I've Ever Been' overstag maakte. Ze speelden scherp en snedig en zijn op Rock Werchter ook van de partij. Dan zijn we er!
Ook openingsact Phantogram misten we in deze case van aanvang .

Zwangere Guy (****) was een andere genre dan de doorsnee rock, die we vandaag kregen, wiens komst naar Werchter Parklife bij sommige fans de wenkbrauwen fronste. Nochtans is in de muziek van Linkin Park zijn er wat hip hop invloeden verweven. Dankzij de iconische raps van Mike Shinoda en scratching van DJ Mr. Hahn, combineert Linkin park net moeiteloos alternatieve rock, nu-metal met klassieke hiphopbeats, rhymes en turntablism. Dit even terzijde.
Zwangere Guy is een rasechte verteller, een rap poëet, een entertainer én een gevoelig mens, die goed met zijn publiek kan omgaan en hen tot ‘unite’, ‘verbinding brengt. “Gorik Pt 1” en “Wie is Guy” waren sterk . Zwangere Guy laat zich van zijn meest persoonlijke kant zien. De emoties in zijn vocals tonen aan dat hij meent wat hij zegt en zingt. Dit is het soort hip hop/rap waar wij ook overslag van gaan. Kommer en kwel, het bestrijden van demonen maken de brug naar een feestelijke stemming bij Zwangere Guy. “Papucho” zette de puntjes op de 'i'. Schitterend!

Met Clipse (***) stond een tweede rap/hip hop act op het podium Het duo Pusha T en No Malice hebben al wat in de scene bewezen. Dus dachten we, samen met het publiek hier een wervelend hiphop feest te zullen meemaken. Dat viel dik tegen. Er zat weinig ziel in hun hiphop style of music. Alles zat wat in diezelfde lijn, waardoor het gauw ging vervelen. Zelfs enkele kleppers van hen, die op herkenning applaus konden rekenen, brachten weinig soelaas.
Hier kon gerust een Belgische rock act gestaan hebben, die perfect aansloot op de closing bands

Niet getreurd, toen was er Papa Roach (*****) die ons vorig jaar op Pukkelpop sterk overtuigden en dit jaar opnieuw, in november, zullen te zien in zaal.
Na een knallende start met een nieuwe song “Even if it Kills me” haalde de band brutaal uit met “Bloodbrothers” en “Dead Cell”.  De drijvende kracht is zanger Jacoby Shaddix die alle hoeken van het podium opzocht, zijn publiek er telkens bij betrok, en hen deed meezingen en genieten. “Getting Away with murder” - door duizenden meegebruld – werd een eerste hoogtepunt.
Jacoby had er zin in, en port steeds zijn band en het publiek aan. Een wervelend nu-metal feest dus in rauwheid en opwinding.
Onder die stoere bast schuilt echter ook een gevoelig kantje, toen de zoons van Jacoby in  de spotlight kwamen op “See you in Hell” en “BRAINDEAD”. Het onderstreepte dat hij in de eerste plaats gewoon een papa is. Wat een emotioneel moment.
Papa Roach bleef doorknallen. Op “Help” met de vuist in de lucht, de tekst meebrullend die op het scherm verscheen. “Born for Greatness” was een volgende mokerslag.
De ode aan het nu-metal genre kregen we met “Blind/My Own Summer (Shove It)”/“Break Stuff”/”Chop Suey” hoefde misschien niet persé, maar zorgde er wel voor dat het publiek compleet overstag ging.
Het concert ging op hetzelfde elan door, tot de apotheose volgde met het onvoorwaardelijke “Last Resort”, waarbij de handjes in de lucht gingen en nog een keer alle registers werden opengetrokken. Wat een nu-metal uppercut …
Even bekomen was het, met een lekkere pasta en biertje…

De verwachtingen voor Linkin Park (****1/2) waren erg hoog gespannen. Een tiental minuten durende aftelling gebeurde op de tonen van “Duality” van Slipknot. De band haalde meteen verrassend, strak, vuurkrachtig uit met “Points of Authority”. Emily nam niet direct de bindteksten voor haar rekening, maar het was vooral Mike Shinoda die voor het nodige entertainment zorgde .
Echter, daar waar Chester al die aandacht - gewild of ongewild - naar zich toetrok, werd al vrij snel duidelijk dat elke schakel binnen Linkin Park nu nog belangrijker is geworden. Op “Up From the bottom”, “Somewhere I Belong” werd dat publiek nauw betrokken. Mike ging op een bepaald moment een jonge fan super gelukkig maken, door hem zijn pet te bezorgen; die jongen beleefde ‘the time of his life’.
Linkin Park heeft trouwens een opvallende jonge fanbase, aan de vele jonge fans met t-shirt te zien, al dan niet vergezeld van hun ouders, die ook wel uit de bol durfden te gaan. Linkin Park voor jong en oud dus.
We kregen knap materiaal, ''Burn it Down”, “Lying from you” en “Casulality”. De band houdt ervan ook buiten hun comfortzone te treden. “Numb” kreeg een reggae-eske versie. Het nieuwe “Heavy is the crown” werd door het publiek sterk ontvangen, een hit in wording … Kleppers waren natuurlijk “Bleed it out”, “Papercut”, “In the End” en “Faint” met veel confetti. Een waardig, overtuigend slot!
Linkin Park is still alive & kicking na het overlijden van hun spil Chester Bennington. Een muzikaal klinkende volmondige 'JA’.
Het event was al lang voor hun komst uitverkocht. De band werd zondermeer met open armen ontvangen. Wat een return, wat een come-back van deze Linkin Park. Deze Linkin Park 2.0 kon ons moeiteloos overtuigen. Eventueel scepticisme mag bij het grof vuil worden gezet.

Organisatie: Werchter Parklife (Live Nation)

Live Is Live 2026 – van 27 juni t-m 29 juni 2026 - Robbie Williams – Popentertainer bij uitstek!

Geschreven door

Live Is Live 2026 – van 27 juni t-m 29 juni 2026 - Robbie Williams – Popentertainer bij uitstek!
Live Is Live 2026
Middenvijver Park
Antwerpen
2026-06-27
Erik Vandamme

Het concept van Live Is Live - vorig jaar een sabbat jaar - is lichtjes veranderd. De drie dagen zijn gebouwd rond een headliner, met enkele concerten die deels in dezelfde lijn op aansluiten.
Met maandag Iron Maiden en zondag Nick Cave and the bad seeds bleek het een schot in de roos. Op de eerste festival dag kregen we niemand minder dan Robbie Williams. Het was ook een beetje de heetste dag van de prille zomer, en met dreigende 'onweersberichten' die zorgden voor afgelaste festivals 'last minute'.
Ons respect gaat dan ook uit naar de duizenden fans die de hitte trotseerden, maar ook - en vooral - de vele vrijwilligers die zorgden dat de muziekliefhebber ondanks alles, toch een fijne concertdag konden beleven, steeds met de glimlach. Chapeau !
Wat de muziek betreft? Het werd al gauw duidelijk dat de meesten voor Robbie Williams waren gekomen, die zich naar goede gewoonte toonde als een entertainer 'pur sang'. Het werd een leuke dag met de andere acts erbij.

We pikten een stukje Cleymans & Van Geel (****) op als opener, die hun ervaring als theatermakers, TV persoonlijkheden en top talent als zanger/ entertainers toonden  voor een al matig opgekomen publiek. Hun set vol aanstekelijke songs met een hoge dosis humor, brachten alsof ze het voor een volledige festivalweide deden. Petje af!

De bekoorlijke Davina Michelle (****) had een heuse 'huiskamer' geïnstalleerd op het podium met zitbankjes en en staande lampen. Het zorgde voor een gezellig, 'cosy', knus sfeertje. Ook in de set kwam het tot uiting. Ze straalt zelfzekerheid en vertrouwen uit. Davina spreekt voortdurend haar publiek aan, gaat hen opzoeken en neemt iedereen mee in haar verhaal. Ze spoort de fans ook aan mee te zingen, en slaagt er mooi in.
Davina heeft al wat hits op haar naam staan, en is op weg een grote naam te worden in de pop scene.  Davina Michelle deed met haar huppelende act iedereen naar adem happen. Songs vanuit het buikgevoel. Klasse dame, zonder meer.

Ozark Henry (****) trotseerde evenzeer de hitte om zijn emotioneel beladen songs aan het brede publiek te brengen. Zijn warme stem en uitstraling deden de temperatuur stijgen. Opzwepende songs als “At Sea” en “I'm your sacrafice” deden iedereen zweven. Ozark Henry gaat zijn publiek ook letterlijk opzoeken. Muzikaal tussen melancholie, droom en groove, opwinding. Klasse ook wat hij bracht.

Op deze 'entertainment dag' mocht onze grootste Belgische entertainer niet ontbreken. Bart Peeters & De Ideale Mannen (****)hebben een rits hits uit, die elke Vlaming en Belg intussen wel kent. Bart en C° hebben een soort ‘jonge wolven speelsheid’. Een artiest met tonnen charisma verhalen vertellen. Aanstekelijke liedjes waarop de eerste danspasjes volgden en die door iedereen worden meegebruld. Sjiek.

We keken al een tijdje uit naar het duo Suzan & Freek (*****). Niet alleen om hun emotioneel beladen verhaal van het koppel, maar vooral ook hoe ze het in de nummers brengen vanuit hun gevoel. Persoonlijk weten ze de mensen diep te raken. Ondanks de wolk van weemoed, is dit geen volledige tristesse , maar ook één van hoop.
Suzan & Freek weten goed genoeg hoe pijn en vreugde zo dicht bij elkaar kunnen liggen, de ziekte van Freek staat in sterk contrast met de geboorte van hun kind. In hun bindteksten hadden ze het er ook over.
In hun songs zorgden ze voor knuffelmomenten en dynamiek. Op songs als “Niemand" had je de verwijzing naar de ziekte van Freek, waarbij hij het publiek opriep het leven te vieren. Op "NU en niet morgen" stonden we letterlijk met tranen in de ogen. Met “De Overkant” en “Honderd keer” werden de dansspieren dan aangesproken. Een mooie pianoballade, “Lichtjes branden” wisten ze ons diep te ontroeren. Wat een afwisseling in emotionele rollercoasters van het duo. Kippenvelmomenten pur sang!

Wat verpozing was meer dan interessant na deze magisch mooie set. Er was o.m. een tent waarin een DJ iedereen de mooiste tunes bracht. Het onderstreept de gemoedelijk, familiale  sfeer op Live Is Live.

Met de Sugababes (***) stond een heuse hit machine op het podium. Keisha Buchanan, Mutya Buena en Siobhán Donaghy hebben soulvolle vocals en een diva uitstraling. Soul r&b hiptop z’n best.
Ze kregen het publiek moeiteloos mee in hun hits van weleer. Het vrij nieuwe “Jungle” kwam niet echt binnen. Eigenlijk verliep de hele set wat stroef. Ingestudeerde danspasjes die zo uit een video tape op YouTube leken te komen, brachten ook niet veel soelaas. Gelukkig zorgden opzwepende songs als “Ugly” - met een sterk emotionele tongval -, “Round round” en “Push the Button” voor beternis. Sugababes tenden voor een nostalgische trip, maar in het geheel ietwat te gezapig, oppervlakkig om iedereen te overtuigen.

En plots kon je overal neerzitten, want iedereen ging vooraan staan voor Robbie Williams (*****) die zich profileerde als dé popentertainer bij uitstek. Al vanaf “ Let me entertain you” kreeg hij iedereen mee. Robbie sprak zijn publiek voortdurend aan , dolde met de muzikanten en zijn fans. Hij bracht covers die iedereen kan meezingen. Het lijkt een makkelijke weg zoiets, maar hij brengt het allemaal charismatisch , ludiek , ontspannen, waardoor je aan zijn voeten gekluisterd blijft. Het trio “Song/Seven Nation Army” - prachtige basloop - en “Livin on a prayer” waren er een schoolvoorbeeld van. “Rocket” en “Rock DJ” lieten dé crooner én de rock ster in Robbie Williams zien. Pure groovende, opzwepende (nostalgie) pop. Zijn langdradige bindteksten namen we erbij. Met knappe songs als “Relight my fire” en “Millenium” werd dit muzikaal gevoel nog eens beklemtoond.
Hij introduceerde zijn band op ee unieke wijze. Telkens werd er één voorgesteld bij een nummer, met een toepasselijke intro; o.m. een flard “Are You Gonna Go My Way”/“Another One Bites the Dust”/”Paradise city”/”Respect”/”YMCA”/”Bohemian Rhapsody”/”Hey Jude”. Eigenwijs, respectvol voor het originele. En uiteraard door iedereen meegebruld.

“Come undone” en “Kids” waren evenzeer sterk. Maar het mooiste moment was toch toen een zekere Eefke, een fan die vooraan stond, in de spotlight kwam op “She is the one”. Een mooi beeld op het scherm was het, waarvan iedereen even intens genoot. Op “My Way”, (opgedragen aan zijn vader) met beelden uit zijn jeugd, kregen we Robbie’s emotioneel kantje; hij betrok er zijn publiek bij. Om met het duo “Feel” en “Angels” af te sluiten.
Missie geslaagd in ‘let me entertain you', ‘the King of Popentertainment

In beeld @Live Is Live
PRESS - Dropbox
dag 1, dag 2, dag 3

Organisatie: Live Is Live (ism FKP Scorpio)

Jera On Air 2026 – 32 ste editie - The hottest edition ever!

Geschreven door

Jera On Air 2026 – 32 ste editie - The hottest edition ever!
Jera On Air 2026
Festivalterrein
Ysselsteyn
2026-06-25 t-m 2026-06-27
Hans De Lee

Voor de 32ste keer werd het dorpje Ysselsteyn (NL) 3 dagen lang het epicentrum van alle liefhebbers van punkrock, metalcore, hardcore en aanverwante (sub)genres.
Tal wat topbands sierden dit jaar alweer de knap uitgebalanceerde affiche waaruit heel wat kwaliteit en diversiteit sprak!
Met als resultaat een frisse mix van gevestigde waarden, opkomende bands, lokaal talent en nieuwe spelers aan het hardcorefront.  Al is ‘frisse’ hier misschien niet de meest geschikte omschrijving.
Alvorens een bondig verslag te geven van wat zich muzikaal zoal afspeelde op de 5 beschikbare podia toch even een dikke pluim voor de organisatie van dit festival.  Door de uitzonderlijk warme omstandigheden (Ysselsteyn was eerder Lauwwatersteyn of Ovensteyn) was de uitdaging nog groter dan vorige edities om alles veilig en gezond te laten verlopen.  Het team van Jera slaagde met brio in dit opzet en stelde alles in het werk om het voor iedereen (fans, medewerkers, artiesten, perslui, VIPs enz.) zo aangenaam mogelijk te maken ondanks de verschroeiende hitte (eigenhandig  50,8° Celsius gemeten in de zon).
Het siert de mensen van dit festival dat ze jaar na jaar met de glimlach en met het nodige gezond verstand, telkens weer, voor elke uitdaging die zich stelt, met een prima oplossing komen en de ‘Jera machine’ op die manier altijd soepel weten te laten draaien.
En wat is het elk jaar een heerlijk weerzien met de immer vriendelijke dame die in de ‘perscontainer’ vlakbij de ingang haar opwachting maakt en alle leden van de pers/fotografen met een brede glimlach welkom heet en voorziet van de nodige toegangsbandjes, codes en badges.  Dank u wel Renée!  Al 16 jaar op post en hopelijk komen daar nog vele jaren bij.  Cheers!
Maar genoeg sentiment!  Terug naar de orde van de dag : music maestro!

dag 1 - donderdag 25 juni 2026
Dankzij 90 minuten extra sightseeing op de E17 om en rond Antwerpen werd het doel om het optreden van Quicksand als eerste mee te pikken helaas niet gehaald. 

Bij het betreden van de weide konden we nog net horen hoe Set It Off  heel pittig de laatste nummers van hun set loslieten op een goed gevulde Eagle tent.  Deze band uit Florida is gekend voor zijn poppy punk en rocksongs en brachten sinds hun start in 2008 al 6 full cd’s uit.  Afsluiter “Wolf in sheep’s clothing” is de perfecte illustratie van hun typische poprocksound.

Dan maar meteen tijd voor het grote geschut.  De heren van Bury Tomorrow maakten hun opwachting in de ruime Vulture tent.  Ontstaan in 2006 te Southampton (UK) is deze band opgeklommen tot één van de voornaamste metalcore acts uit Europa.  Het massaal aanwezig publiek behoefde echt geen opwarming en daarom werd geopteerd om direct met de deur in huis te vallen en van bij de start meedogenloos te knallen met de fantastische opener “Choke” van het al even fantastisch album ‘Cannibal’. Het zweet dat zowel van de bandleden als van de enthousiaste fans gutste had niet de minste tijd om op te drogen want daar werd al “Abandon Us” en “Cannibal” geserveerd met een bijzondere intensiteit.  Geen genade met het publiek en met de mensen van security, integendeel, een warme oproep om te crowdsurfen van frontman Daniel Winter-Bates die gretig werd opgevolgd. Intussen werd ondermeer “Boltcutter” explosief gebracht en gaf Bury Tomorrow een visitekaartje af voor de headlinetour die er begin 2027 aankomt in Europa,  met Stick To Your Guns als support.
Wat is deze band toch uitgegroeid tot een waar metalcore boegbeeld : professioneel en met volle overtuiging gebracht en nummers die loeihard klinken maar toch blijven hangen dankzij een doorgaans heel catchy refrein. 
De perfect op elkaar afgestemde zangpartijen tussen brulboei Daniel en zijn sidekick Tom Prendergast (clean vocals en keyboards) vormen de kern van de meeste composities.  Getuige daarvan nummers als “Vilain Arc” en “Black Flame” die op het einde van het optreden een uitgeput maar voldaan publiek achterlaat in een kokende tent.

Vervolgens was het uitkijken naar de Canadese troepen van Alexisonfire, een uniek post-hardcore gezelschap dat al meer dan 20 jaar zijn eigen koers vaart (weliswaar met enkele jaren van inactiviteit) en sinds enige tijd toch weer zeer actief blijkt en zelfs concrete plannen heeft om tegen eind 2026 een nieuw album uit te brengen (vorige albums dateren van 2022 en 2009).
Een goed gevulde tent voor aanvang van het concert, al was het maar om dekking te zoeken voor de loodzware hitte en zon en om even te kunnen verkoelen in de wind die geproduceerd werd door de enorme ventilatoren.  Het begin van de set kwam wat rommelig over maar eens de band vertrokken was klonk hun rauwe sound als een geslaagde mix van oldschool punk(rock) en (post) hardcore met een glansrol voor de beide zangers : George Petitt en Dallas Green. 
Oude nummers werden afgewisseld met recenter materiaal maar voor de die-hard fans was het toch vooral wachten op het meest gekende epos van de band, het nummer dat hen definitief op de rockwereldkaart zette en voor veel radio airplay zorgde : “Young Cardinals” (2009), een krachtige en meeslepende rocksong die de typische Alexisonfire sound het best illustreert.  Het is alvast uitkijken naar dat nieuwe album.

Met Trivium stond er zowaar een pure metalband op de affiche van de eerste festivaldag.  Het toont aan hoe men bij Jera, over de grenzen van bepaalde muziekgenres heen, openstaat voor kwaliteit en diversiteit en niet zozeer vasthoudt aan een beperkt aantal genres of aan een bekrompen hokjesmentaliteit (zelfs Het Goede Doel mocht dit jaar aantreden!)
De band uit Orlando, Florida stelde absoluut niet teleur!  Integendeel, de moderne metal die ze brachten onder leiding van opperninja Matt Heafy werd zeer positief onthaald.  Matt hanteert zijn gitaar als een wapenstok en maakt met zijn strak afgetraind en fel ingekleurd lijf een heel frisse indruk.  In een poging het publiek in het Nederlands toe te spreken stelt hij meermaals de vraag ‘Oe ghaat et?’
Sympathiek is het ongetwijfeld maar dan is de muziek die hij brengt toch van een veel hogere kwaliteit.  “Pull harder on the strings of your Martyr” maakte meteen duidelijk waarvoor Trivium naar Jera gekomen was : perfect gebrachte metal, gespeeld in een rotvaart en met een ogenschijnlijk gemak dat je zou vergeten hoe technisch die nummers en dat gitaarspel wel niet zijn.  Maar Trivium is een ervaren geheel, goed gerodeerd en steeds garant voor kwaliteit op het podium.
Nummers als “Down from the Sky” en “Like light to the flies” onderstrepen de vakkennis van dit energiek viertal en als kroon op het (warme) werk wordt een puike set afgesloten met het magistrale “In Waves”. Zonder meer een heel overtuigend optreden!

Aan de toeloop naar de Vulture tent te zien waren heel wat Jera bezoekers gekomen om de doortocht van Rise Against bij te wonen. Klokslag om 23u, toen voor het eerst die dag de temperatuur voelbaar iets minder tropisch werd, kreeg de band een oorverdovende ontvangst van de  plaatselijke menigte die tot ver buiten de contouren van de tent reikte.  De charismatische frontman Tim McIlrath was van bij het begin goed bij de les en bracht samen met zijn bandleden een overtuigende versie van “Re-Education (through labor)”. De populariteit van Rise Aganinst is na al die jaren duidelijk intact gebleven en heel wat festivalgangers zongen moeiteloos elk nummer van begin tot eind mee.
Jammer dat ook voor de bands hoog op de affiche de duurtijd van hun set beperkt was tot zo’n dikke 45 à 50 minuten. Rise Against had moeiteloos een dubbel aantal minuten kunnen volmaken en blijven boeien met talrijke steengoede nummers uit hun meer dan 25-jarig bestaan. Maar in realiteit werd na goed een half uur reeds de verwachte eindspurt ingezet en werd zweet nog energie gespaard om de tent helemaal te laten los gaan op gekende parels als “Prayer of the Refugee”, “Help is on the way” en het bloedmooie slotnummer “Savior”. Dit feest had best nog wat langer mogen doorgaan al was het onmiddellijk uitkijken naar Architects, die de eer hadden dag 1 van Jera 2026 naar de geschiedenisboeken te spelen.

Architects
speelt al enige tijd op Champion League niveau in het metalcore wereldje.  Het heerschap uit Brighton (UK) timmert sinds 2004 aan hun muzikale carrière.  Eerst deden ze dat met vrij complexe en weinig toegankelijke metalcore maar gaandeweg trok de band meer en meer de kaart van melodieuse composities gericht naar een breder publiek.  Vooral sinds het 6de (!) album uit 2014  ‘Lost Forever / Lost Together’ kwam de grote doorbraak en naamsbekendheid. 
Niet dat hun muziek intussen minder intens en stevig was maar de technische complexiteit werd voortaan meesterlijk omgezet in zeer herkenbare en iets ‘lichtere/luchtigere’ songs van structuur.  De dood van stichtend bandlid Tom Searle in 2016 zorgde voor een enorme klap maar de overige bandleden zetten door en met het nummer “Doomsday” (het laatste nummer waaraan Tom meeschreef) werd de 7de studioplaat (‘All Our Gods have abandoned us’) emotioneel ingeluid.
Intussen zit Architects aan 11 full albums en bereikt hun populariteit stilaan de hoogste toppen.  De status van afsluiter op Jera kwam dan ook niet onverwacht en dreef heel wat fans naar Ysselsteyn.
De set van zo’n 60 minuten was een evenwichtig geheel van nieuwe nummers van de straffe recente langspeler ‘The Sky, The Earth & All Between’ en gekend ouder werk.  Frontman en brulboei Sam Carter bewees een echte entertainer te zijn en trok alle aandacht naar zich toe.  Hij bespeelde het publiek vakkundig en toverde met zijn stem de diepste grunts en de felste krijsen tevoorschijn, afgewisseld met cleane zangpartijen (niet altijd even zuiver).  Het geluid stond bijzonder hard, de belichting en achtergrondbeelden waren verbluffend knap en het publiek laadde zich een laatste keer op om na een verschroeiende dag de band maximaal te ondersteunen.
Opener “Elegy”, gevolgd door “Whiplash” waren de ideale inleidende songs voor het reeds vernoemde “Doomsday”. Verbluffende metalcore, soms extreem, soms heel catchy, af en toe opgesmukt met wat elektronische invloeden maar altijd trouw aan hun eigen architectorische sound.
Luister naar “Curse” en “When we were young” en je begrijpt meteen waar het bij deze band om draait.
Het publiek was niet klein te krijgen.  De resterende energie, die tijdens de dag niet was weggesmolten, werd enthousiast omgezet in topsport crowsurfing en moshpitting.
Architect sloot dankbaar af met het ijzersterke “Animals” en vele aanwezige Nederlanders trokken daarna  voldaan maar met snelle tred richting huis of beeldscherm ergens ten velde om het nationaal voetbalteam te zien aantreden op het WK.
Volledige line up van donderdag :  Architects / Rise Against / Trivium / Madball / Pennywise / Alexisonfire / Bury Tomorrow / Converge / Basement / Boundaries / Dying Wish / Fiddlehead / Nevertel / Quicksand / Set It Off / Speedway / The Ataris / The Menzingers / Wargasm / Ways Away

dag 2 - vrijdag 25 juni 2026
Wat vooraf niemand voor mogelijk had gehouden bleek toch een realiteit te gaan worden.  De hoge temperaturen die werden genoteerd op festivaldag 1 zouden volgens de recentste voorspellingen moeiteloos worden overschreden op dag 2.
Uit de zon blijven was eens te meer de boodschap, gecombineerd met voldoende hydrateren en, naast het luisteren naar fijne muziek, vooral ook luisteren naar het lichaam en rustig aan doen.
Er volgt tenslotte nog een 3de en finale festivaldag die we ook niet willen missen.

Toen we het terrein betraden hoorden we op de achtergrond TX2 zijn stinkende best doen om het (vooral) jonge publiek te winnen voor zijn poppy emocore.  Geen idee of ze daar in slaagden en of het hier gaat om eerder een ééndagsvlieg of om mogelijks een act die met de jaren kan uitgroeien tot een vaste waarde.  Ik geef ze graag het voordeel van de twijfel.

Annisokay zagen we vorig jaar aan het werk in Antwerpen (Kavka/Zappa) en wilden we nog wel eens opnieuw zien aantreden maar dan in open(warme) lucht en vanop een heel groot podium.  Nauwelijks te geloven dat deze band al bijna 20 jaar operationeel is en stilaan als één van de meest ervaren metalcore bands uit Duitsland kan beschouwd worden.
Het 4-tal weet als geen ander in hun sound de diepe grunts meesterlijk te combineren met cleane en heel commercieel klinkende refreinen.  Hiervoor zorgt enerzijds de ‘kwade’ zanger Rudi Schwarzer en anderzijds de ‘brave’ Christoph Wieczorek (tevens de gitarist van de band).  De nummers zijn stuk voor stuk oorwurmen waarbij de refreinen zich moeiteloos in je hoofd nestelen en daar een heel poos overleven. 
In de set die op Jera wordt gespeeld zitten tal van dergelijke oorwurmen, de meest gekende zijn “Like a parasite”, “Calamity” en afsluiter “STFU”. Ze maken van het optreden best een genietbaar spektakel en brengen heel wat beweging in de fans vooraan het podium. 
Toch kan ik me niet van de indruk ontdoen dat deze heren zich wat onwennig voelden op het reuzepodium en zich allicht beter in hun sas voelen in een zaaltje met een lager podium en dichter bij hun publiek.  Al bij al een okay concert.

Iedereen heeft wel een uitgelezen mening over Hollywood Undead.   Velen voelen zich geroepen om hun muziek en podiumkunsten als fake en als commerciële rommel te beschouwen.  Anderen houden dan net van hun aanstekelijke mix van rap en rock/metal en hun voorspelbare maar leuke live prestaties.  Feit is dat de band toch steeds een graag geziene gast blijft op menige grote festivals in Europa en dat hun optredens nog altijd uitdraaien op een knotsgek tafereel met rondhossende rappers en muzikanten die ontelbare keren van microfoon of instrument wisselen.  Op Jera was dit, oh verrassing, helemaal niet anders, weliswaar zonder de gebruikelijke maskers op hun tronie.
Maar nogmaals, de tent was heel goed gevuld en het publiek reageerde meer dan enthousiast op de gebuikelijk sing-along songs die al jaren de setlist van Hollywood Undead bepalen. 
Er wordt steevast gestart met “Undead”  en iets later moet de meestamper “Riot” de sfeer hoog houden. En eindigen doet men als vanouds met hun grootste succesnummer “Everywhere i go”. Tussendoor merken we enkele nieuwe songs op als “1x1” en “Savior” maar deze halen helaas het niveau van vroeger werk niet.  De cover “Sweet Caroline” is makkelijk scoren maar zorgt toch voor een heerlijk meebrul moment onder het hete tentzeil. Vermakelijk, maar ook niet meer dan dat.

Met Alkaline Trio uit Chicago stond een rasechte en ervaren punkrock act op het hoofdpodium.  Opperhoofd Matt Skiba kan intussen 30 jaar Alkaline Trio vieren maar daarvan viel bij zijn opkomst niets te merken.  De man hinkte moeizaam de bühne op en verklaarde dat hij na een recent motorongeluk noodgedwongen het concert zittend moest afwerken. Hij beloofde echter niets aan intensiteit en goesting te zullen inboeten.  En toch vond ik het optreden eerder langzaam op gang komen.  Skibba en nog meer oudgediende Dan Adriano deden hun stinkende best om vaart in de set te krijgen maar het kostte wat tijd om het publiek mee te krijgen. 
“Mercy me” luidde een eerste hoogtepunt in, maar het was toch wachten op “This could be love” en eindnummer “Radio” om terug volledig overtuigd te geraken van de enorme kwaliteiten van deze vintage band. Jammer dat “This Addiction” niet werd weerhouden in de setlist. 
Graag herkansing in de toekomst, als de band echt op volle kracht kan uitpakken.  Uiteraard veel respect dat ondanks de kwetsuur van Skibba de band geen optredens annuleerde en de tour in Europa gewoon liet doorgaan..

En dan was het hoog tijd voor A Day To Remember (US), een heerschap met een niet onaardige staat van dienst wat betreft poppunk en metalcore geluiden.  Het was drummen in de tent en van bij de aanvang van de set ging het er heel beweeglijk aan toe voor het podium, zeker nadat ADTR één van hun gekendste hits had uitgekozen om hun Jera passage te openen : “The Downfall of us all” werd met veel lef de weide ingeslingerd. Net als op Graspop de week ervoor klonk ADTR heel strak en een pak steviger als op plaat/CD.  Het geluid was perfect en zanger Jeremy (van bij de start in 2003 vocalist van dienst) bleek het publiek zonder moeite naar zijn hand te zetten.  Als een ware circusdirecteur, inclusief een pak confetti en strandballen, loodste hij het optreden in goede banen en passeerden een resem herkenbare songs zoals “Miracle” en “All my friends” de revue.  Net toen het buiten iet of wat minder warm werd, ging onder het tentzeil de temperatuur de hoogte in, mede door de vlammenspuwers op het podium en door een laatste inspanning van publiek en band.   Met “All i want” en “If it means a lot to you” zette A Day To Remember de kroon op het werk en verdween de band onder luid applaus van het statige Eagle podium. 

Ice Nine Kills speelde 2 jaar geleden ook al op Jera en stelde toen niet teleur.  Benieuwd of ze dit jaar ook zo straf voor de dag zouden komen.   Iedereen weet intussen dat de band uit Boston (US) niet schuw is van wat horrortaferelen en bloed op het podium, versterkt door een resem lugubere beelden (uit gekende horrorfilms) op het scherm achter de muzikanten die zoals steeds strak in het pak zitten.  Zombiefiguren, afgehakte ledematen, een slagerschort,...het maakt allemaal deel uit van een ‘normale’ set van INK.  Heel vermakelijk allemaal, al voegt het weinig toe aan de muziek en valt de band soms wel wat in herhaling met deze ‘acteerstukjes’.    Gelukkig viel er muzikaal ook wel wat te beleven.  Ice Nine Kills speelt vooral metal en doet dat al sinds 2000 op een niet onaardige manier. “Funeral Derangements” werd met brio gebracht, de NOFX-cover “Linoleum”  had voor mijn part niet gehoeven, veel straffer waren de typische INK songs als “The American Nightmare” en “Twisting The Knife”. Deze laatste song werd gebracht met extra vocale ondersteuning van Hannah Greenwood (vocals en keyboards bij Creeper uit UK) evenals slotsong “A work of Art” dat het einde inluidde van een klein uur knap entertainment.

En toen was het tijd om naar het lichaam te luisteren en na een slopende dag met alweer warmterecords en voortdurend een loden zon aan de hemel, huiswaarts te keren.
Tijdens de slome wandeling naar de auto hoorden we in de verte The Offspring als vanouds het publiek vermaken en net als bij Graspop op traditionele wijze en met een batterij aan hits een meezingers de laatste bodem aan energie aan te spreken bij de dappere Jera gangers die tot het gaatje gingen.  Respect!
Volledige line up van vrijdag :  The Offspring / Suicidal Tendencies / Ice Nine Kills / Annisokay / Hollywood Undead / Alkaline Trio / A Day To Remember / Allt / Ignite / Belvedere / Destroy Boys / Gridiron / Haywire / Heriot / H09909 / Jaya The Cat / King 810 / Magnolia Park / Malevolence / Melrose Avenue / Periphery / The Baboon Show / The Flatliners / Trash Talk / Thrown / TX2

dag 3 - zaterdag 26 juni 2026
Het wordt eentonig maar ook op de 3de festivaldag was het alweer een kwestie van goed te hydrateren en geregeld de schaduw op te zoeken.  Lang geleden dat een hittegolf zo fel was en zo’n stempel drukte op het reilen en zeilen van Jera On Air.  De warmte was vandaag misschien iets minder fel, al was dat nauwelijks voelbaar!  De vermoeidheid was daarentegen meer voelbaar dan gewoonlijk.  Maar nogmaals alles verliep prima en in de meest veilige omstandigheden.

La Dispute mocht de spits afbijten.    Geen hapklare brok met luchtige punkrock meestampers  à la The Offspring, maar eerder complexe post hardcore met lyrics over gevoelige of emotionele thema’s.  De oorsprong van dit heerschap ligt in Michigan (US) waar ze sinds 2004 onder leiding van frontman Jordan Dreyer, wars van alle trends en hypes, hun eigen ding doen en muziek brengen die ze in de eerste plaats zelf het meest appreciëren. 
Na meer dan 20 jaar hebben ze terecht een zekere naamsbekendheid opgebouwd en een loyale fanbase die ook in Ysselsteyn present is vooraan het podium.  Het optreden komt vrij traag op gang, er zit duidelijk minder ‘tempo’ en meer ‘structuur’ en uitwerking in de diepte in de muziek van La Dispute.  Voor de fans een heerlijke ervaring, voor het nieuwsgierige andere publiek of de ‘toevallige’ toeschouwers die minder vertrouwd zijn met hun muziek toch even wennen. 
Songs als “King Park” en “Why it scares me” zijn op zich heel sterke composities, kwetsbaar en met veel overtuiging gebracht, doch temidden al dit ander geweld op de vele podia komen ze deze keer minder tot hun recht dan verwacht.  Dat dit niet ligt aan de oprechte inspanning van de band moge duidelijk zijn.  Ze geven zich voor de volle 100% maar op de één of andere manier is de vibe en de energie met het publiek te weinig aanwezig.

Dan is de doortocht van Distant  een gans ander verhaal!  Deze band speelt natuurlijk een (halve) thuismatch (de andere helft is Slovaaks) en tapt al sinds 2014 uit een stevig deathcore vaatje en dat zullen ze bij Jera geweten hebben.  Wat een splinterbom was me dat!  Van begin tot eind de beuk erin en constant de Vulture tent op zijn grondvesten doen daveren met moderne deathcore, bijhorende breaks en indrukwekkende vocals van meesterstrot Alan Grnja.  Wat een performance! En wat een fijne interactie met een erg actief publiek dat plots vergeten was dat de temperaturen nog altijd makkelijk de 35°C overschreden.   Intens concertje!

Imminence uit Zweden zagen we in het verleden al aan het werk op Jera.  Toch wilden we ook dit jaar weer hun set meepikken omdat het buitengewone performers zijn die unieke metalcore brengen van hoog niveau en met geregeld vioolgeluiden prominent aanwezig in hun sound.   Hun optredens zijn steevast erg sfeervolle en mooi aangeklede totaalspektakels.  In de Eagle tent waande je jezelf omstreeks 18u in een donker kerkgebouw waar elk moments iets te gebeuren stond.  Geslaagde sfeerschepping en passende belichting!  Frontman Erik Berg kwam als laatste het podium op.  Hij bepaalt als het ware op 2 manieren het specifieke geluid van de groep, enerzijds met zijn krachtige stem die vele vormen en variaties kan aannemen en anderzijds met zijn klassieke viool die steeds bij de hand is en in vele songs een wezenlijk onderdeel vormt van de identiteit van de band.  Ook deze editie van Jera was het smullen van begin tot eind en werd je meegenomen op een zwar(t)e trip doorheen kenmerkende landschappen en beklijvende muzikale kunstwerken.  De laatste CD van Imminence heet niet voor niets ‘The Black’. 
De setlist was grotendeels opgebouwd uit nummers van deze CD en benadrukte nog eens heel duidelijk wat een topschijf dit is.  Ondermeer “Desolation” en “Heaven shall burn” klonken magisch. “The call of the void” was wat mij betreft nog straffere kost en het hoogtepunt van vandaag.  En wat te zeggen van slotnummer “The Black”?  Een wereldnummer!  Incluis ook hier de prachtige vioolgeluiden die heerlijk samengaan met het pittige gitaarwerk en de zowel intense als breekbare vocals van opperpriester Berg.  Een muzikale prestatie van een ongewone schoonheid. 

Voor een smerige pot authentieke oldschool hardcore moest je rond 19u de verplaatsing maken naar het Buzzard podium alwaar End It zijn opwachting maakte.  De nog vrij jonge band uit Baltimore bracht in 2025 hun sterke debuutplaat ‘Wrong side of heaven’ uit en sindsdien gaat het steil bergop met de carrière van deze kerels.  Frontman en spreekbuis Akil Godsey is ‘gene gewone’ zoals men in de volksmond soms zegt.  Hij ratelt tussen de korte maar explosieve nummers onverwijld door en communiceert soms langer met het publiek dan de gemiddelde duur van een End It song.  Gelukkig zijn die nummers van een zodanige intensiteit en lokken ze zodanig veel ‘beweging’ uit bij het publiek dat zijn gezever als een welkom rustmoment mag beschouwd worden. 
Bijna de volledige debuutplaat wordt gespeeld terwijl stagedivers je vooraan om de oren vliegen en de band in een (opr)echte hardcore stijl van jetje geeft als was het hun laatste optreden.  Geen weedgeur maar een zweetgeur stijgt op vanonder het tentdoek.  Dit was een dik half uur helemaal los gaan.

Tijd voor All Time Low een band die zowat het tegenovergestelde speelt van End it, namelijk mierzoete en gepolijste bubble gum poppunk voor een eerder jong en ook wel opvallend vrouwelijk publiek.  Niets tegen deze band natuurlijk,  integendeel,  ze brengen een heel toffe set en zijn uiterst professioneel en ervaren maar het contract met End It of pakweg Get the Shot kan niet groter zijn.
Nummers als “Suckerpunch”, “Weightless” en “Time-bomb” hebben een hoog popgehalte en zijn een aaneenschakeling van heel luchtige stukjes muziek met een hoog sing along gehalte.  Het gaat er bij de fans in als vers suikerbrood en zorgt voor een ontspannen en gemoedelijke sfeer tussen al het geweld van deze 3 overvolle dagen. 
All Time Low brengt op gepaste wijze een einde aan hun tijd op Jera met een schitterende versie “Dear Maria, Count me in”, het muzikale visitekaartje bij uitstek van dit gezelschap uit Towson, Maryland.

Geen flauw idee waarom een band als We Came As Romans met een dergelijke staat van dienst en populariteit moest aantreden in de Buzzard.  Van voor de aanvang van hun concert bleek de bescheiden tent reeds veel te klein voor dit metalcore kwaliteitslabel en stond er ongezien veel volk op de omliggende weide.  En al deze toeschouwers hadden verre van ongelijk  want het zou een dijk van een show worden. 
De intro was een flinke streep hiphop, gevolgd door het stevige maar zeer genietbare “All is Beautifull / Bad Luck”.  De toon is meteen gezet.  De band bruist, net als de fans,  van energie!  Hoedje af als je weet dat dit reeds hun tweede optreden van de dag is en meteen ook het laatste van hun Europese zomertour.  Lead vocalist Dave Stephens weet het enthousiaste volk  moeiteloos te bespelen en zorgt tijdens ondermeer het fantastische “Dark Bloom” (van de gelijknamige langspeler) voor een ware ‘ketting’ aan crowdsurfers. 
Ook naar het einde van de set wordt helemaal geen gas teruggenomen maar eerder nog een ultiem tandje bijgestoken om af te sluiten met een knal!  De knal bestond ondermeer uit het fel gesmaakte “Where did you go”, “Blackhole” en finaal “Daggers”.  Straffe prestatie en voor mijn part HET optreden van de dag!

Een band die zichzelf een naam als Viagra Boys toedeelt kan je moeilijk het verwijt maken dat ze zich al te serieus nemen.  Ook in de muziek, die deze gekke bende uit Zweden live brengt, zitten een paar vette knipogen en verwijzingen naar tijden waar punk en garagerock hoogtij vierden en lol trappen op het podium heel belangrijk was.  Frontman Sebastian Murphy is een imposant figuur, groot van gestalte, ferme bierton vooraan en op het podium steevast in blote bovenbast die ontelbare tattoos herbergt.  Een ware volksmenner ook, niet vies van absurde bindteksten en hun induiken van het publiek als de drang onweerstaanbaar wordt. 
En de muziek?  Een heerlijke mix van punk, vintage rock’n’roll, garage rock en wat live saxofoon.  Het deed me bij flarden denken aan een geslaagde cocktail/rocktail met ondermeer invloeden van The Clash, The Hives en andere bands die een dergelijk geluid en/of performance brengen.
Kortom een regelrechte ouderwetse rock’n’roll party op het podium, vrij chaotisch maar charmant en (r)echt uit het hart.  Vooral nummers als “Punk Rock Loser”, “Ain’t no thief” en “Down the Basement” deden de boel ontploffen en zorgden alweer voor een zalige reactie van een onvermoeibaar en enthousiast Jera publiek. 
Naar het einde van de set was het vooral de gekende single “Sports” (uit 2018) die een memorabele finale inluidde van een uiterst vermakelijk en intens optreden. 
De band zou enkele dagen later ongetwijfeld op Rock Werchter opnieuw de boel op stelten zetten.

Volledige line up van zaterdag :  Papa Roach / Dog Eat Dog / Distant / Get The Shot / All Time Low / Hatebreed / Turbonegro / Bob Vylan / We Came As Romans / Viagra Boys / Catch Your Breath / Combust / Desolated / End It / Free Throw / Harms Way / Imminence / La Dispute / Static X / Mouth Culture / Rain City DRive / Sugar Spine / Talco

Neem gerust een kijkje naar de pics @Wim Heirbaut
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/9757-jera-on-air-2026?Itemid=0

Organisatie: Jera On Air

Werchter Boutique 2026 – zaterdag 27 juni 2026 - Perry Out, Storm In!

Geschreven door

Werchter Boutique 2026 – zaterdag 27 juni 2026 - Perry Out, Storm In!
Werchter Boutique  2026
Katy Perry – Pitbull – MIKA – Pommelien Thijs – James Arthur - Roxy Dekker – Emmy D’Arc
Festivalterrein
Werchter
2026-06-27
Audric Govaert

Werchter Boutique 2026 - Katy Perry – Pitbull – MIKA – Pommelien Thijs – James Arthur - Roxy Dekker – Emmy D’Arc

Werchter Boutique, vaak gezien als het brave zusje van Rock Werchter, net iets toegankelijker voor families of dagjestoeristen, maar eigenlijk gewoon jaarlijks uitzonderlijk sterk genre-specifiek geprogrammeerd.
Dit jaar alles rond headliner Katy Perry, terug van weggeweest, al stond ze de voorbije jaren wel nog twee keer in de AFAS Dome. Dat ze uiteindelijk -SPOILER ALERT- door duistere weersvoorspellingen niet mocht aantreden, is dan ook niet enkel zonde voor de fans die van ver buiten de landgrenzen afgereisd kwamen, maar ook voor Perry zelf een gemiste kans.
Na beelden van de show gezien te hebben is het een grote stap naar boven na vorige teleurstellende shows. Alle hits van het iconische album ‘Teenage Dream’ zouden de revue passeren en ook haar nieuw werk gaat terug de goede richting uit. Waar de naam van de Amerikaanse popster de laatste jaren vooral controverse met zich meebracht, stond nu een volle wei klaar om haar terug in hun armen te sluiten. Genoeg over wat niet doorging...

Roxy Dekker bewees om kwart na één dat het Werchterse publiek wél in staat is op tijd present te tekenen aan het podium. Een kort maar krachtige set zorgde voor een constant hoog energielevel waar radiohitjes werden afgewisseld met nog meer radiohitjes. Ballade-moment “Jouw Idee” zou in theorie een mooie veelzijdigheid van de Nederlandse moeten aantonen, maar viel toch een beetje dood in de middagzon.

Van doodvallen gesproken, James Arthur stond ook op de lineup! Slecht was het nooit, maar zoals elke artiest in het rijtje Dean Lewis, Lewis Capaldi of Rag’n’Bone Man, is een ‘stilstaan achter het statief’ show nooit pakkend genoeg voor de grote mainstage van Werchter. De zoete ballads misstonden zeker niet en misschien werd zelfs wat kippenvel gecreërd tijdens “Impossible” of “Say You Won’t Let Go”, maar het groot aantal bezoekers dat tijdens James’ set besloot de schaduw op te zoeken was merkbaar.

Next up, Pommelien Thijs. Nog maar net bekomen van haar 5 AFAS Dome shows in april, maar volledig klaar om de ingekorte versie hiervan uit te pakken op enkele festivalweides deze zomer. Aan intro en outfit werd meteen duidelijk dat deze versie van Pommelien veel beter op Rock Werchter 2025 had gepast dan de show rond ‘Per Ongeluk’ destijds. Net iets minder poppy, net iets volwassener en alles gefocust op de full live band. Dit had zomaar als headliner gekund en achteraf gezien van alle acts dus ook de, qua uur misplaatste, meest geschikte hoofdact. “Ben Je Klaar” overtuigde op plaat al, maar kwam live nog sterker binnen met toegevoegd rock-kantje na een ingetogen intro. België mag blij zijn dat een artiest als Pommelien Thijs nog gewillig is zomerse festival(letje)s aan te doen, maar als het dit jaar de laatste keer is moet je ze gezien hebben.

De set van MIKA begon na de sterke set van de Belgische pop-koningin zeer matig. Nieuw materiaal  kwam zeer zwak binnen en overtuigde nog geen halve weide. Het was te verwachten, maar vanaf hij er een eerste hit tegen aangooide, onder de naam van “Relax, Take It Easy” bijvoorbeeld, kwam het publiek snel toegestroomd. Je zou het zonde kunnen vinden, hoe een ervaren artiest als MIKA het echt enkel van z’n hits moet hebben, maar hijzelf lijkt er weinig last van te hebben. ‘I want to see at least 50 giants’ riep hij, het publiek aansporend om ondanks de hitte in elkaars nek te kruipen, Werchter luisterde. Dat sommige hits uitgerokken werden tot wel dubbel hun originele lengte vergeven we hem snel. Tijdens “Big Girls (You Are Beautiful)” kroop de zanger zo goed als elk kwadrant van de weide in, zonder security (!). Snel werd duidelijk hoe hij na decennia nog relevant blijft, een geboren performer. Gooi hier nog eens 3 outfit changes en 3 gigantische opblaasbare props bij en een spektakelshow was verzekerd.

De (toen nog voor-)laatse act liet zich pas om 19u45 voor het eerst zien, maar was al van het begin van de dag talrijk aanwezig op de weide. De bald-cap hype ontstond een aantal jaar terug tijdens Mr. Worldwide’s USA tour, maar is via tiktok snel ook tot in Europa geraakt. Pitbull, goed voor meer dan 25 MILJARD spotify-streams was voor velen duidelijk de reden van ticket-aankoop. De opzet van z’n show werd snel duidelijk: 100% Amerikaans, een dozijn aan schaarsgeklede danseressen inclusief. Een 3-tal nummers waar Pitbull zelf rapte ( of zong? Of riep?) over de luide backing track, afgewisseld met een 5 minuten dj-set met hits van AC/DC tot David Guetta, zelfs “The Final Countdown” werd afgespeeld.
Een bijzonder concept, maar elke keer de zanger terug tevoorschijn kwam, barstte iedereen zo uit in enthousiasme, we misten hem al.
Is een Pitbull show sterk live? Neen. Maar zit het visueel goed in elkaar? Ook neen. Entertaining is het zeker wel en laat dat nu zijn waar Werchter Boutique om draait. Voor de meerwaardezoekers zijn er genoeg andere festivals in de buurt, maar om de zomer feestend in te zetten, moest je op 27 juni nergens anders zijn.

Organisatie: Werchter Boutiqe (Live Nation)

Pagina 1 van 145