Rock Werchter 2026 – 51 ste editie - Vier dagen muziekbeleving, die verschillende muzikale generaties met elkaar verbindt
Rock Werchter 2026
Festivalterrein
Werchter
2026-07-02 t-m 2026-07-05
Vier dagen muziekbeleving , die verschillende muzikale generaties met elkaar verbindt
Rock Werchter danst, popt en rockt. Rock Werchter heeft aandacht voor de gerespecteerde waarden, artiesten, opkomend talent en Eigen Werk. Voor elk wat wils dus.
Na het feest van 50 jaar, blijft Rock Werchter de kaart trekken van innovatie, verjonging en nostalgie, van welk decennia ook. Opkomend talent naast gevestigde waarde. Zich vinden in eigen bands en stijl. Elke dag werd deze connectie gemaakt. Een mooi evenwicht op alle vlak..
Het festival klinkt vertrouwd, leuk, gezellig, aangenaam en spannend. Het is en blijft Vlaanderens meest prestigieuze festival.
Vier dagen muziekbeleving in al z’n aspecten. Liefde en Muziek, het maakt het festival universeel, streven naar gelijkheid, gelijkwaardigheid, samenhorigheid en respect.
Het festivalpark werd herschikt, meer plek om te bewegen, meer ademruimte. Iedereen moet zich comfortabel voelen met bankjes, zitjes, shelters, eet- en bar gelegenheden, mooi aangepast qua inrichting, inkleuring … Meer dan muziek, ook comfort, rust- en genietplek. Een vlottere doorstroming tussen de podia en de zones.
Meest in het oog springende veranderingen: de herlocatie van KluB C, het gloednieuwe NEST (een soort arena), verder Het Magazijn, De Smaakfabriek en verschillende activatiestanden . Elk jaar inzetten van de tenten, locaties in een upgrade en in een prachtige outfit.
Festival-, totaalbeleving dus, Quality time … Een dikke 10 voor gezelligheid en sfeer. De muziek en beleving wint in die vier dagen.
Rock Werchter was een rimpelloze editie met een uniek bezoekersaantal van 156000, met bijna 90000 muziekliefhebbers per dag.
Rock Werchter - sfeer, muziek, beleving, een absolute must
Een gevarieerde affiche, een tevreden publiek dus! Van Mumford & Sons (met verrassende act van onze Pommelien!) naar The xx tot Twenty One Pilots en The Cure, als voornaamste pijlers van deze editie. Gerijpte rijke nostalgie. Met een magi-e-straal parcours om af te leggen.
Ons verslag
dag 1 – donderdag 2 juli 2026 – Bands van de laatste nostalgische golf, maken het nog steeds waar, Kasabian, The Vaccines, Lumineers, Prodigy en The War On Drugs. België sterk met Yong Yello, Monza, Zwangere Guy en Triggerfinger. Tot slot, Werchter ten top met Pommelien en Mumford & Sons. Wie had dit gedacht?!
Yong Yello (mainstage) is één van de artiesten, die de hiphop naar een hoger niveau plaatst in ons landje en het hart op de juiste plaats heeft. Er is nu net een ‘deluxe’ versie uit van z’n tweede album ‘Benny en de banaliteit van ons bestaan‘.
Met veel toeters en bellen opent hij het vierdaags rockfestival; met de ‘fanfare van de goede hoop’ krijgen z’n songs wat meer ruimte en klinken ze breder, kleurrijker door keys, flute, percussie, blazerssectie tot zelfs een muziekdoosje, o.m. op “tis nooit genoeg” en ”ik moet dringend op vakantie” als openers. ‘Liefde voor alle mensen wie/hoe dan ook’ is het centrale thema. “Zoeken naar wa liefde” rapt, zingt hij met Sef erbij. “We geven ni op” is er één met Loïs, “luchtkasteel” en “destructief” volgen. “Koppigaard” ging in première hier uit deze deluxe.
Vol overgave kregen we dus een puike set, die muzikaal wat deed denken aan 90s The Goats en Arrested Development (zeker eens checken!), waarbij hij aardig het publiek steeds meehad. Mooi.
Ben Ellis (nest), trio uit Wales, brengt net met de regenachtige middag een grauwer, mistiger geluid in hun emotievolle, dromerige, soms rauw, rammelende melodieuze folkpop. Niks nieuws onder de zon in het genre, maar de kunst van het songschrijven zat ‘em wel in de vingers, zagen we in dit half uurtje.
‘Inpluggen en spelen’ was het met Amerikaanse kwartet uit Nashwille, All them witches (the barn), die zich met de jaren op het voorplan plaatsten inde stofferige ‘stoner’ desertrock. Ze hebben al uit een handvol albums uit, ‘house of mirrors’ als recentste. In een zekere coolness, maar met kunde klinkt de sound korrelig, gruizig, zonder aan finesse, subtiliteit in te boeten. Sterk op elkaar ingespeeld horen we een donkere filmische trip, zeker in het tweede deel van de set; “alabaster” o.m., waarbij de repetitieve, meeslepende, opbouwende ritmiek de boventoon had. Over de gitaar en bas zweefden de slides, de vioolpartijen en70s organ. Met een knipoog naar Kyuss, Earthless, Black Crowes en 16 Horsepower.
Basht. (nest) past goed in het rijtje van de huidige UK/Ierse postpunk, en maakt een mooie link van Pavement naar Fontaines DC. Het kwartet klinkt opwindend, dynamisch, snedig en rammelt zwierig om zich heen met hun opzwepende nummers van gitaar, bas en drums. Binnenkort komt hun debuut uit.
Het Britse kwintet The Vaccines (the barn) vieren het 15 jaar bestaan van hun debuut, ‘what did you expect?’ en spelen met plezier de oudere leuke, sprankelende poprocksongs met een sneert. Het zijn wel die oudjes die ‘em doen en we krijgen in sneltempo een pak hapklare opwindende nummers, als “wreckin bar”, “post break-up sex” en “wetsuit”, waarvan de refreinen spontaan, luidkeels worden meegezongen. Het zit goed in elkaar, het swingt en de zanger Justin Hayward-Young entertaint ren dweept het publiek op. Het zorgt ervoor dat de recentere “headphones baby” en “heartbreak kind” wat naar omhoog worden getild.
Geestige muziek in een party gevoel , een uurtje samenhorigheid en ‘the time of your life ‘beleven. “Teenage icon”, “i always knew” en “all my friends are falling in love” waren dan ook geslaagde afsluiters. Nu nog die oude drive en zwier terugvinden op het nieuwere werk.
Een aanhoudende spanning en groove in een rollarcoaster van tempowissels vinden we bij het Britse Yard act (klub c) uit Leeds. Kregen we voorheen The Fall als ijkpunt, dan klinkt hun gortdroge, hoekige postpunk nu iets funkier zonder het jazz alternatief te verliezen, door diepe bassgrooves, messcherp gitaarspel, een verdwaalde, ontspoorde sax en hitsende drumpartijen, die op hun beurt Talking Heads doen opborrelen. En er is en blijft de verteltrant van podiumbeest-woordkunstenaar James Smith.
Ze zijn toe aan bijna drie platen in hun nog jonge carrière. Sterkhouders “dark days”, “dream job”, “tall tales”, “we are hits” en enkele nieuwtjes als “empty pledges”, “redeemer” en “you’ re gonna need a little music”, titelsong van de nieuwe plaat, sieren de set. Het publiek moest eerst worden meegetrokken in hun muzikaal verhaal.
De sound en présence deed denken aan ons eigen Lavvi Ebbel van Lukas Vander Taelen in de 80s. Boeiend in tempowissels en diversiteit. Een gelijkenis waardig.
Die andere Britse band Kasabian (mainstage) is er eentje die graag inspeelt op een toffe festivalsfeer. Hun muziek nodigt uit tot smileys en party feelings. En ze hebben wat te vieren, want ze zijn ook 25 jaar bezig. Dit gevoel en beleving ervaarden we met hun oudjes. In een mallemolen van elektronica, percussie, beats, samples (o.m. van “we are your friends”, “insomnia”) worden de dansspieren geprikkeld. De refreinen worden meegezongen en er wordt lekker met de handjes gezwaaid.
Een dance machine van groovende, dansbare rock, ook al een beetje nostalgie, opgezweept door hun zanger Serge Pizzorno. Energiebommetjes dus met een “club foot”, “underdog”, “you’re in love with a psycho”, “vlad the impaler”, “release the pressure”, “LSF” en “fire”.
Intussen was Karen Dio (nest), Braziliaans-Brits, ook goed op dreef, weirde korte punkrock- grunge, die flirt met The Hives. Stevig, gedreven hoedanook, met interessante songs als “casual” (Chappell Roan), “i wanna be” en “sick ride”. Het publiek smulde ervan in de avondzon.
Bizar genoeg blijven de Amerikanen van Lumineers (mainstage) populair in ons landje, ze zijn onmiskenbaar verbonden met happy feeling nummers “hey ho” en “ophelia”, die in hun carrière erop uit springen, hier niet konden ontbreken, en dus zorgden voor de nodige ambiance bij ondergaande zon. Ze waren de ideale geleider op Mumford & Sons, die later de eerste avond van Werchter besloten.
Ze brengen melodieuze folkpop/rootsamericana. Het klinkt sfeervol, groovy, dromerig, zwierig, opwindend en tekent voor samenhorigheid, een kampvuurgevoel en meezingmomenten door het kenmerkende mandoline-gitaargetokkel, viool, piano, keys. Niet direct nieuw werk uit, maar hier putten ze uit hun roemrijke start, 15 jaar terug. Genieten en de dansspieren prikkelen is de boodschap, het ging er moeiteloos in als zoetenkoek, met een dosis confetti erbovenop. “Cleopatra” en “stubborn love” waren mooie afsluiters.
Het Canadese Pup (nest), ook al zo’n tien jaar bezig, nestelt zich in de gitaarunderground, graaft graag in die grunge scene en steekt er wat nieuw leven in. Ze zijn al toe aan hun vijfde plaat ‘who will look after the dogs?‘. Gevolg is een leuk, snedig, ruig, energiek, uptempo concertje van rammelende noiserock, zonder al te veel franjes, die ergens bands als Weezer, Buffalo Tom als Mudhoney, Nirvana bij elkaar brengt.
Tom Smith (klub c), frontman van Editors, komt met z’n band met nieuw werk af, ‘surface, echo & sound’. Solo neemt hij even de ruimte om Editors’ en eigen materiaal ‘there is nothing in the dark that isn’t there in the light’ te ontdoen van allerlei vernuft; het klinkt sober, spaarzaam, elegant, treffend als gevoelig, emotievol, pakkend onder z’n innemende, indringende vocals en expressieve stijl.
Schitterend wat we hier hoorden van pareltjes waarbij Smith (met een tweede gitarist) als het publiek sterk geëmotioneerd waren. In zo’n Smith jasje kregen we op gitaar, piano en mondharmonica “sugar”, “munich”, “smokers outside the hospital door”, “the rush” en afsluiters “papillon” en “no sound but the wind” van Editors, Samen met een “life is for living” en “northern line”. Sing-songwriting die op alle vlakken overtuigde, met een Smith dicht bij z’n publiek.
The War On Drugs (mainstage) beleefde hun succesvolste periode ook al zo’n kleine tien jaar terug, met ‘lost in a dream’ en ‘a deeper understanding’. Op het hoofdpodium met de avondzon, komt hun muziek nog steeds het best tot uiting. Het is ‘on the road music’, een soort ‘route 66’, uiterst genietbaar en heerlijk wegdromend in een Dire Straits/Neil Young badje. Het recente materiaal, ook al een paar jaar oud, van ‘i don’t live here anymore’, klinkt wat directer, met een “i don’t wanna wait” en “harmonia’s dream” maar het blijft breed, kleurrijk door die keys, piano, sax, het kenmerkende psychedelische gitaarspel, -getokkel en die dromerige lichthese vocals van Adam Granduciel . De oudere “red eyes”; “pain” en “an ocean between the waves” zaten in t begin.
Letterlijk werden we meegesleept in het tweede deel met het lange “thinking of a place”, “under pressure” en “the strangest thing”, die ons meevoerde naar prachtige uitzichten en onbekende oorden . Hoedanook blijft het filmisch, boeiend en dromerig, ontroerend door de repetitief opbouwende ritmiek en tempowissels. Puike set. Altijd goed. Niet verrassend.
Prodigy (the barn) waren een van de smaakmakers in de 90s binnen de dancerock. Schitterende, spraakmakende, succesvolle platen tot 98, met een ‘music for the jilted generation’ en ‘the fat of the land’. Ze zijn een soort ‘rebel warriors’ in hun geluid, beats en schreeuwerige vocals. Het heeft iets agressiefs door die pompende, harde, knallende beats. Prodigy is één met z’n publiek, ze zijn ‘one fxx family’.
Het onverwachtse overlijden van mede spil Keith Flint, deed deze Britten bijna kraken, maar kijk, sinds een kleine vijf jaar willen ze die oude hits, kleppers in alle gretigheid ons opnieuw mee overdonderen. Het zijn sterkhouders, energiek, fel, hectisch, weirdo en … nostalgisch door al die elektronicariedels, die door de mallemolen worden gedraaid.
En de lightshow was even flashy, hyperkinetisch. “Voodoo people”, “poison” zaten bij de openers, verder een “firestarter”, “no good” en in de laatste rechte lijn “smack my bitch up”, “out of space”.
The barn was dan ook meteen full house om nog eens die Prodigy muzikale gekte te ondergaan. ‘Back to life’ dus, klaar voor de mainstage opnieuw!
Ondertussen had iedereen zich verzameld aan de mainstage om vrienden van Rock Werchter nog eens te omarmen. Het Londense collectief Mumford & Sons werd opgewarmd door een Lumineers injectie, en hebben sinds hun vorige passage op Werchter een nieuwe boost gekregen. Hun materiaal klinkt goed op ‘rushmere’ en ‘prizefighter’; er is opnieuw de goesting en de gretigheid. Spil Marcus Mumford is een entertainer die publiek en band in zijn greep houdt.
Meteen speelden ze enkele prijsbeesten, “i will wait”, “awake my soul” en “lover of the light”. Een mooie, wisselende reeks van meeslepende, broeierige als aanstekelijke, zwierige tracks, leuk, ontspannend en die een eenheidsgevoel oproepen.
Er was het moment met The Lumineers, maar de eenheid met België was ten top met de onverwachtse verschijning van Pommelien Thijs, onze popqueen bij uitstek, die er eentje meezong van hen, het recente” badlands” (Pommelien in het Engels hier!) en omgekeerd begeleidde Mumford & Sons haar met eentje van haar oeuvre, “atlas” (Jawel, in het Nederlands, leuk moment voor allemaal). Zondermeer sterk en wat een response. Pommelien en Mumford & Sons werden letterlijk op handen gedragen. Wat een euforie en uitgelatenheid. Het oversteeg de ganse eerste dag (en misschien wel van de festivalzomer).
Een uniek sfeertje blijven ze bieden in hun folkpop-rock van akoestisch gitaargetokkel, mandoline, blazers, contrabas en strijkers. Een feelgood groove die een breed publiek bereikt.
Ze werden sterk onthaald met een Marcus in het publiek op “ditmas” en het werkte even aanstekelijk op hen. “Little lion man”, “the banjo” en “the cave” sloten een perfect concert af.
Net als vorige keer is dit combo meer dan enthousiasmerend en overtuigend, anderhalf uur lang, die zich sinds een paar jaar duidelijk hebben herpakt en terug op het hoogste niveau bezig zijn.
Een terechte afsluiter. We konden mooi nahuppelen en -genieten op die folky riedels!
Check ook de optredens van Monza, Triggerfinger, Zwangere Guy die we hier niet konden zien, maar die we dit jaar in een club zagen. Ze zijn een mooi houvast van hun set op Werchter.
Lees gerust
Monza (try-out) - Great Gigs In The Park 2026 - De Vlaamse Beatles!
Monza (try-out) - Nederlandstalige pop op z’n best van een fijne band, even warm onthaald door een fijn publiek
Triggerfinger - Een eeuwige knaldrang!
Zwangere Guy – Vlammen zonder Vuur!
Zwangere Guy – try-out – Vredesduif met een missie en een solidaire boodschap
dag 2 – vrijdag 3 juli 2026 – Jong Talent, Sing-songwriters en Jong Nostalgie.
In ons parcours heel wat moois op verschillende vlakken. Uitschieters in de barn met Viagra Boys, Franz Ferdinand, FKA Twigs en Charlotte De Witte. The xx mocht het in somberheid uitwuiven. Jong Nostalgie die we maar al te graag opnieuw hoorden.
Nog even nagenietend van Mumford & Sons komt hier al een opvolger aankloppen op de grote deur. Het Ierse Kingfishr (mainstage) heeft alles in zich om definitief door te breken met hun melodieus kwalitatief sterke folkpop. Vier ingenieursstudenten hebben hun droom waargemaakt om als muzikant een breed publiek te bereiken. Twee jaar terug waren ze hier al eens op de Slope, nu werd het tijd voor het grotere werk.
De charismatische frontman heeft een klok van een stem, die de songs naar een hoger niveau tilt. Momenteel proberen ze de Ierse pubs te ontgroeien. De songs klinken aanstekelijk, groovy door gitaar-, mandolinegetokkel en mondharmonica. “I cried, i wept”, “man on the moon” en “caroline” zijn er maar drie die het publiek moeiteloos omarmde.
Onze begische Ise (Smeets) (klub c) geeft haar innemend songmateriaal zeggingskracht met een heuse band, waaronder twee van The Haunted Youth. De Limburgse provinciegenoten geven het materiaal een gezwinde indie-droomsound, door een vleugje galm en psychedelica. “Just a lie” en “goodbye letter” wisten dit te onderschrijven.
Samen met Emmy d’Arc wil ze de huidige jonge generatie vrouwelijke sing/songwriting een boost geven. Solo speelde ze “lonely days”, dat teruggrijpt naar die roots. Terug steviger, ruwer, snediger zonder aan emotionaliteit in te boeten klonk “remember”. Tja, met die van The Haunted Youth erbij, heb je chance.
Haar lichthese vocals zijn gelinkt aan een Melissa Etheridge. Met Ise mogen we in ons landschap rekening mee houden. Het debuut is er, de sound is er, nu nog een beetje aan haar podiumprésence werken.
Het Britse Wolf Alice (mainstage) is geëvolueerd van indienoise naar meer indiepop in die kleine 15 jaar. Het zorgt ervoor dat ze nu een paar singles uithebben die toegankelijk, sfeervol, gevoelig klinken, o.m. “just two girls” en “the sofa” uit de nieuwe, vierde ‘the clearing’.
De set werd dus afgewisseld tussen de twee sferen. Toegankelijk alternatief, waarbij het kwintet met zangeres Ellie Rowsell zo goed mogelijk het publiek bij hun set betrekken.
Alle registers worden open gezet op “formidable cool” en “play the greatest hits” door een megafoon en schreeuwzang; tot slot wuiven ze ons uit met het dromerige “don’t delete the kisses”. Duidelijk een wolfje met een schapenvacht van twee kleuren.
Het ierse Cardinals (nest) van de broers Manning worden bestempeld als ‘the next big thing’. Hun debuut ‘masquerade’ zit een beetje in dezelfde nonchalance als Fontaines DC en dan weet je het wel, hier is sprake van fris, gedreven, snedig, rommelig, rammelende indiepostpunk. Het klinkt allemaal losjes uit de pols, wat onvast maar behoudt een intens broeierige spanning. Rauw, ruw, emotievol met een lofi inslag.
The last dinner party (mainstage) zijn graag geziene dames op het festival. Ze debuteerden hier twee jaar terug. Ze presenteren een soort barokke pop in een Louis XIV stijl en pathos. Glamour & kitsch is vervat in die galmende indiepop. Het nieuwe materiaal van ‘from the pyre’ is minder beklijvend. De mainstage leek iets te hoog gegrepen, waardoor het wat over ons heen waaide. De zwierige act en de engelenzang van Abigail Morris hield ons bij de leest. Goed zondermeer met songs als “sinner”, de single “big dog” en doorbraak “nothing matters”, dat vooraan mooi werd meegezongen en uitgewuifd.
De Zweedse weirdos Viagra Boys (the barn) van Sebastian Murphy, hebben zich opgewerkt en hadden een volle barn voor zich. Je wordt meegesleept in hun zompige garagerock’n’rollende postpunk, welke song er ook wordt gespeeld van hun totnutoe vier platen; er zijn de snedige, broeierige gitaarkronkels, de psychedelische keys, de opzwepende drums, een ontspoorde sax, kortom een tegendraads toegankelijke ritme, met hierbij de imposante entertainende zanger, in ontbloot bovenlijf vol tattoes en Adidas trainingsbroek, die zich in allerlei bochten wringt en het publiek tot alles beweegt. Bier, sigaretten en politiek bewustzijn (free palestina), het hoort er allemaal bij.
Dit is een dolgedraaide punklocomotief, sneltrein die van geen ophouden weet; het ging van “man made of meat”, “low learner” tot “sports” en een to the bone uitgediept “research chemicals”. Wat een uitzinnig gekke live set en veroveringstocht.
Het was even back to earth komen na zo’n set van de Viagra Boys. In schril contrast klonk Royel Otis (mainstage). We hoorden melodieuze poprock in een ontspannen zomers jasje , die een stevige sneert kon verteren. De dromerige, indringende vocals leunden nauw aan deze van Kevin Parker van Tame Impala. De muziek hielden we aan als background met hitjes “murder on the dancefloor”, “say something” en “linger”.
Een ander fenomeen, toegankelijker weliswaar dan Viagra Boys in diezelfde barn, was de springerige, groovy postpunk van de Schotse Franz Ferdinand, die nieuw leven wordt ingeblazen en eigenlijk wel iets te vieren heeft met hun schitterende twee eerste albums, ‘franz ferdinand’ en ‘you could have it so much better’, nu ruim 20 jaar oud. Plaatwerk met een sterke herkenbaarheidsfactor door okselfrisse, sprankelende nummers, die erin gingen als zoetenkoek. Franz Ferdinand van Alex Kapranos lijkt herboren. Onlangs verscheen ‘the human fear’, die de brug tracht te slaan met vroeger.
Vol goesting, gretigheid en speels, spontaan klonk het van het kwintet. Nieuw materiaal kreeg ook voldoende ruimte met een ‘built it up’ en ‘night and day’, die aantonen dat ze terug op het goede spoor zitten. “The dark of the matinée”, “walk away”, “do you want to” en “40” zijn twinkelend, energiek, sfeervol. Het ging naar een prachtig closing final, waarbij de ganse meute tot op het podium nog eens lekker kon hotsen-springen en meezingen op “michael”, “take me out” en “this fire”.
Wat een ambiance opnieuw. The barn had nu wel na deze twee gitaaracts het kookpunt bereikt …
De slam poetry van de brit Kae Tempest (voorheen Kate Tempest) (klub c) is sterk onderbouwd. We worden overspoeld in de lichthese zangrap, die sfeervol omlijst was door keys en zalvende beats. We worden in zijn verhaal meegezogen doorheen de handvol verschenen platen in de 15 jarige carrière. Het is nu meer gematigd en met een kwinkslag.
Ook zijn er verschillende novels verschenen, altijd goed om het eens door te nemen.
De Britse FKA Twigs (the barn) is ook nog een apart dametje. Op een niet direct te vatten muzikaal badje van soultrippop/r&b/rock/drum’n’bass, kregen we een spectaculaire zinnenprikkelende choreografie van dansers en danseressen in sensualiteit die tot de verbeelding sprak, terwijl op een groot verhoog de elektronica en een gitaar knalde en zalfde.
Zijzelf zingt, rapt en weet beheerst het publiek naar zich toe trekken. Het gaat stappen verder dan Rosalia en Christine & the queens. Je wordt heen en weer geslingerd in de pikante, spraakmakende act en het geluid tussen hemel en de ondergrond. ‘Eusexia afterglow’ en het nakende ‘body high’ stonden hier voorop.
Op het eind werden we samen met haar tot tranen toe bewogen toen ze helemaal alleen, soulvol, helder, innemend, oprecht zong. Dit was hoedanook een aparte show met een even apart geluid.
Agnes Obel (klub c) laat ons lekker wegdromen op haar etherisch geluid. Haar hemelse stem, de warme pianotunes, de sfeervolle keys, de cello (getokkel) en de bezwerende drums bieden een intimistisch ingerichte huiskamer, maar nu op een groot podium. Mooie filmische songs, deels donker getint, ergens gelinkt aan Tori Amos, tekenen dit concept. “Fuel to fire”, “riverside” en “the curse” waren herkenningspunten.
Rock Werchter laat ruimte voor een Tomorrowland techno gevoel; één van de lievelingen is Charlotte De Witte (the barn), toonaangevende DJ in het genre, die net als twee jaar nu terug the barn en ver daarbuiten iedereen overstelpt met bonkende trancy beats&bleeps in een spectaculaire lightshow. Zij port het publiek steeds aan, geeft er een lap op en zorgt voor wat variatie in dit smiley technoconcept met tribal, afro en andere styles of music. En op de schermen zagen we onze Charlotte, met een boodschap die doorsijpelde tussenin ‘protect club culture’, ‘one’ en ‘resistance’ … Heerlijk genietbaar en dansbaar voor wie ervan houdt.
The xx (mainstage) - Goed dat het Britse trio elkaar heeft teruggevonden na wel acht jaar. Oliver Sim, Romy Madley Croft en Jamie xx wisten zich een kleine twintig jaar terug te profileren met sober, spaarzaam, dromerige indie electropop, die een spannende dreiging en dark ondertoon had; en doorheen de drie platen werd het meer omfloerst van een ontspannende dansbare grooves en beats, die de dansspieren prikkelde.
Net die twee elementen hoorden we in de goed uur durende set. Dat ze een derde maal mochten aanwezig zijn op Werchter, werd sterk geapprecieerd.
In eerste instantie hadden we een sober decor van somber gebroken wit licht en wat stroboscoops, waarop een gigantische lichtgevende ‘X’ te zien was, verder Romy en Oliver als grote silhouetten op het scherm, en op het achterplan electrotechneut Jamie xx.
In de eerste nummers hadden we die slepende wave, het galmend gitaargetokkel, de diepe basstunes en de zangpartijen die elkaar aanvulden en/of afwisselden. In de zang dus, de helder, indringende, melancholische zang van Romy en de zwierige pasjes en baritonstem van Oliver. “Crystalized”, “say something loving”, “islands” en “angels”, het is een schone so(m)berheid die raakte. Het maakte en maakt The xx groots.
Gaandeweg kreeg Jamie xx meer ruimte, rolden de beats en klonk het trio krachtiger, energieker en opwindender. Stijlvolle synthrock en respect voor elkaars werk, waar ze hun ei kwijt konden in de eigen projecten, o.m. op een “loud places”, “wanna”, “enjoy your life” en “GMT”.
“On hold”, “i dare you” en “intro” konden dan definitief de melancho/groovy elegante set besluiten. Het warme onthaal deed het trio deugd en we mogen nog zeker van hen iets opnieuw verwachten. Benieuwd.
dag 3 - zaterdag 4 juli 2026 – Jonge beloftevolle bands en Nostalgie maken de brug
De beloftevolle Landmvrks, The New Eves, Halsey, CMAT Kneecap, Bleech 9:3, The Haunted Youth maken de brug naar nostalgische bands en artiesten Beirut, Matt Berninger, Gorillaz, Pixies tot de volwassen geworden showbeesten Twenty One Pilots.
Op deze zaterdagmiddag hadden we meteen een krachtige opener met het Franse Landmvrks (mainstage), die binnen de metalcore sterk bezig zijn. Ze passen binnen het rijtje van Bring me the horizon, Bury me tomorrow en samen met landgenoten Gojira maken ze deze scene levendig; we hebben een stevige, opwindende sound, er zijn de tempowissels en de zangpartijen gaat alle kanten uit, van diepe uithalen tot grunts. Het kwintet perst het allemaal samen op songs als “death”, “sulfur”, “blood red” en “self-made black hold”.
Lijkt me ook wel iets voor videogames. Na Graspop, Werchter Parklife nu ook overtuigend op Rock Werchter.
The New Eves (nest) uit Brighton is er eentje die we nog kunnen terugvinden op Festival Dranouter. Eerst kwam de klemtoon op indiekfolkende tunes van gitaar/baslijntjes, spaarzame staande drums, viool, cello, dat leuk, ontspannend, dromerig , onaards klonk, beetje als het Finse Varttina toen, maar de sound van de vier dames evolueerde naar meer rauwe indie rock, met net een folky ondertoon . Interessant bandje dus die wat muzikale verrassingen in petto had.
Dogstar (the barn) met bassist-steracteur Keanu ‘matrix/john wick’ Reeves, zit in de typische Amerikaanse AOR lijn, die zelfs richting U2 uitgaat. De songs zijn melodieus, compact, meeslepend, rocken en laten ademruimte voor de instrumenten, als op “siren” en “the whisper”. Goed, al veel gehoord, niet verrassend, wel een op elkaar ingespeeld trio, die een ergens een stadionrock gevoel heeft.
Sterk onder de indruk waren we het Noord-Ierse Kneecap (mainstage), die na Pukkelpop een breed publiek willen bereiken en ons wakker schudden met hun politiek beladen boodschappen in snedige riot-punk raps en stevige hiphopbeats. De drie overweldigden met allerhande bolwassingen van wat er in onze maatschappij gebeurt. ‘Fine art’ en het pas verschenen ‘fenian’ zijn alvast de moeite.
Rebel warriors binnen de hiphop dus, waarbij de DJ/MC een Ierse bivakmuts over zich heen heeft getrokken. Het heeft iets mee van een ver verleden van Public Enemy, Beastie Boys en RATM. Ze wonden er geen doekjes om op nummers als “smugglers & scholars”, “guilty conscience”, “H.O.O.D.” en “recap”; ze knalden en zorgden voor een uitzinnige menigte.
De beelden op het achterplan spreken voor zich van wat we meemaken in deze oorlogsvoerende wereld met zijn gevolgen en de strijd naar een free palestine. Wat een tsunami in tempo’s, salvo’s en beats. In het najaar te zien in Vorst! Een must see!
Terug één van die bandjes die ‘the next big thing’ kunnen zijn. Het Brits/Ierse Bleech 9:3 (nest) hield ons in hun greep met een rits spannende, intense, stevige indiegrunge, waarvan je niet omheen Fontaines DC met een Nirvana tune kunt. Uitschieters waren “canonball” en “tourniquet”. Af en toe klonk het kalmer, sfeervoller. Kijk, in die scene het ontdekken waard dus. Komt nog terug in de Bota, dit najaar.
Het NYse Beirut (the barn) van Zach Condon laat de blazers, gitaar-mandoline getokkel, accordeon en sfeervolle keys vloeien in hun sound. Een unieke combinatie van indiefolkpop americana, tex-mex en Balkan. In die mix borrelt ergens een Goran Bregovic en Calexico op. ‘A study of losses’ brengt hen opnieuw naar Werchter. We kregen een fijn backcatalogue in hun twintigjarig oeuvre. Condon begeleidt, zalft de broeierige, groovy, aanstekelijke dromerige, zachtmoedige nummers met z’n innemende weemoedige vocals. Heerlijk genietbaar, heupwiegend en mee neuriënd slalomt het combo doorheen de set van “no no no”, “gallipoli” naar “guericke’s unicorn” (van de nieuwe plaat), “postcards from italy” en “the rip tide”. Een sterke closing final tot slot met “sante fé”, “a sunday smile”, “nantes” en “the gulag orkestar”.
Beirut heeft wel op elke plaat enkele uitschieters en deze werden vanavond niet geweerd. Puike set dus.
Na al die jaren mag Dranouter het combo van Zach naar zich eens toetrekken.
Show en entertainment zit ‘em zeker in de Amerikaanse popdiva Halsey (mainstage). Ze maakt deel van de lichting dames Chappell Roan, Olivia Rodrigo enz. We hebben gedreven, sfeervol materiaal , én in voorbereiding van Twenty One Pilots, krijgen ze alvast een stevige sneert.
Persoonlijk hebben we niet direct affiniteit met haar show en muziek, maar duidelijk is dat er hier wat glamour, kitsch en gimmick is gesmeerd van “nightmare”, “closer” (Chainsmokers) tot “colors” en “gasoline”. Op die manier hebben we nu ook haar eens gezien binnen deze dames lichting.
Matt Berninger (the barn) van The National is een publiekslieveling. De charismatische zanger weet hoe hij z’n publiek voor zich kan winnen; ook al zijn de songs niet steeds evident en hapklaar, hij deelt ze letterlijk met hen en is midden hen te vinden. Het zorgt voor eenheid en samenhorigheid.
Naast het rijkelijke oeuvre van The National, nam hij de voorbije jaren ook de tijd voor twee soloplaten intussen, ‘serpentine prison’ en ‘get sunk’; ze zijn popmelodieus met een donker randje en ze zijn bepaald door z’n kenmerkende bariton stem.
Af en te dweept hij met z’n mondharmonica in een nummer; het charmeert nog maar eens hoe hij bezig is, zonder de politieke beladenheid in deze wereld te vergeten. “Frozen oranges” en “distant axis” moet ons vooruit helpen naar een free palestine.
Op “no love” krijgt Trump een schop onder de kont op de 4th of July; er was eerst een valse start, maar was al gauw verholpen door een entertainer als hij. “One more second” bood herkenbaarheid en op “slow show” en “terrible love”, met blazers van Beirut, was hij één met z’n publiek.
We kregen dus een uiterst aangename set die ons even de realiteit deed vergeten maar die ons evenzeer deed stilstaan van wat er rondom ons gebeurt allemaal. Schitterend hoe hij het allermaal aan elkaar knoopt.
Een goed op elkaar ingespeelde band weet met de mooi opbouwende “bonnet of pins” en “inland ocean” te overtuigen. Niemand die twijfelde dat we hier een schitterend optreden hadden.
Gorillaz (mainstage) - Leuk, chillend, ontspannend, kleurrijk, groovy, opwindend klonk Gorillaz, het project van Damon Albarn en Jamie Hewlett. Ook al is het materiaal van hun recentste ‘the mountain’ met een afro-Indische touch, niet steeds even evenwichtig, toch weet het uitgebreide combo in hun all-style music het in elkaar te doen vloeien met een loungy, aanstekelijke touch. Muzikale creativiteit, kunde, intensiteit van deze muzikale duizendpoot Albarn, die als een maestro zijn gorilla’s dirigeert en iedereen in zijn greep houdt.
Hij heeft enkele gastzangers (Yassin Bey, Bootie Brown ) en zangeressen (Kara Jackson, Yukimi) mee, en de clips van de vier gekende fictieve personages doen hun werk. Op die manier heb je een totaalbeleving die maakt dat Gorillaz zich sterk op de borst mag kloppen.
We kregen heel wat nummers die opvallend kort waren, zeker tot bijna aan het finale deel. Hier was ‘on melancholy day’ de eerste echte herkenning, zonder afbreuk te doen aan de rits andere nummers die uitermate groovy, sfeerrijk, aangenaam waren.
Albarn ging doorheen het oeuvre van hun 25 jaar bestaan. We kregen een rits sterke uitsmijters als “stylo”, “dirty harry”, “feel good inc.” en “clint eastwood”, die de laatste zonnestralen uitwuifden.
The Pixies (the barn) moet het hebben van hun plaatwerk van de end80s-begin 90s. 40 jaar rockgeschiedenis van deze uit Boston afkomstige band. Korte, krachtige noisepop die in sneltempo wordt gespeeld van deze zestigers. Ook hier een portie nostalgie van hun spraakmakende albums ‘surfer rosa/come on pelgrim’, ‘doolittle’, ‘bossanova’ en ‘trompe le monde’. We vinden hier een rits hectische nummers en hits die in ons rockgeheugen gegrift zijn.
Af en toe komt er nog iets nieuws uit, o.m. anderhalf jaar terug nog ‘the night the zombies came’ met bassiste Emma Richardson; ze hebben natuurlijk niet meer de vaart van voorheen, hoeft ook niet , en er zit wat meer blues in.
Black Francis (Frank Black) zingt, schreeuwt, krijst nog altijd in de nummers. “Cactus”, “nimrod’s son”, “mr grieves” openden het goed uurtje noisepop; “Here comes your man” was de eerste echte herkenning; snedig, scherp blijft “vamos”, “gouge away”, “bone machine”, “debaser” en “isla de encanta”.
Wat minder vaart, maar door iedereen wel meegezongen, “monkey gone to heaven” en ”where is my mind”, het zijn songs die Pixies naar een breder publiek bracht. En dan zouden we er nog een paar vergeten uit hun classical time. Hoedanook het nieuwe blijft opgebaard. Pixies is en blijft een goed geoliede machine. Zestigers die te bewonderen zijn.
Twenty One Pilots (mainstage) - Met z’n twee (Tyler Joseph en Josh Dun) wisten ze na hun vorige passage op Werchter opnieuw een typische Amerikaanse show neer te zetten, zoals Green Day dat maar al te graag doet. De drummer mept er op los en de zanger is een waar multi-instrumentalist (gitaar, bas, piano, keys) die alle andere instrumenten voor z’n rekening neemt.
De twee betrekken het publiek nauw bij de songs, de zanger is overal bij het publiek en soms eens midden hen; de drummer slaagt erin zomaar voorbij het podium een verhoog op te klimmen en daar nog eens te drummen.
Voor de jongeren is het een ‘smul’ show , entertainment ten top met leuke nummers, covers, die tekenen voor een zorgeloos anderhalf uurtje. Muzikaal ging het alle richtingen uit, van opener “the contract” naar “shy away” tot de Milky Chance cover “stolen dance” en de extra meezinger “one way”. Het werd nog leuker met “jumpsuit”, “drag path” en “ride” met een security fan die het refrein mocht meezingen. “Tally” werd gecombineerd met Cher’s “believe” en tot slot kregen we nog een deuntje “seven nation army” erbovenop.
Fun & plezier in allerhande statements dus bij deze twee, die hotsten en sprongen, en iedereen in beweging brachten. “Stressed out” en “trees” sloten een zinderende show af.
Twenty One Pilots is aan volgende adem toe; de recentste “clancy” en “breach” zijn reeds het resultaat nu; songs als “drum show” en “rawfear”, die we live hoorden, zijn alvast veelbelovend.
Trouwens, in deze show viel aardig wel een vergelijk op met onze Oscar & the wolf ’s Max Colembie in présence en zang.
Twenty One Pilots was er eentje voor het jongere volkje, iets anders dan de afsluiters van de voorbije twee dagen en van morgen The Cure.
Check ook de optredens van The Haunted Youth en CMAT die we hier niet konden zien, maar die we dit jaar in een club zagen. Ze zijn een mooi houvast van hun set op Werchter.
Lees gerust
The Haunted Youth – 2025 Festival Dranouter 2025 – Muzikale Beleving en Vakantie in Dranouter
CMAT - 2026 Un concert généreux et intensément vivant…
dag 4 – zondag 5 juli 2026 – The Cure simpelweg magie-straal en kleppers Mogwai, Moby, David Byrne moesten bijna niet onderdoen. Gerijpte rijke nostalgie! Belgische bands evenzeer sterk op het voorplan met Kaat Van Stralen, Dressed Like Boys en Psychonaut.
Kaat Van Stralen (mainstage) was superblij hier te mogen zijn op Werchter; een droom is werkelijkheid geworden. De winnaar van de Nieuwe Lichting van vorig jaar, brengt melodieus broeierige, snedige rock in een punky attitude en jasje. De scherpe teksten, het opkomen voor wie je bent en de mate van politieke beladenheid sieren; pijlen worden afgeschoten naar wat om ons heen en van wat er in onze eigen politiek gebeurt. “Aerobics”, “hoe wil je me? (wat ik doe, wat ik wil, hoe ik ben)”, “vieze vlinder”, “ik weet hoe het werkt” en natuurlijk “stop met wenen” waren nummers die ons op dit middaguur wakker schudden, ons lieten meehuppelen en -zingen.
Live stonden de declamerende songs er en Kaat, breedgerokt op het podium, ontpopte zich tot een El sympathico. Sterke opener!
Bad Nerves is hier op Werchter ook al geen onbekende meer. Nu staan ze op de mainstage, na de Slope paar jaar terug. We hebben hier een portie stevige rock’n’roll door de verschroeiende riffs. Ze raasden door hun set heen, en ook al zijn de nummers an sich niet direct radio edit, ze klinken energiek met een “antidote”, “can’t be mine” die het publiek wist te triggeren.
Dressed Like Boys (klub c) is de uitlaatklep van Jelle Denturck van DIRK. Hier komt het emo kantje in finesse met sfeervol, gevoelig, straight from the heart materiaal aan bod, waarin hij zijn ziel steekt en met een zekere pathos.
Net als bij Kaat Van Stralen is het een opkomen voor jezelf, voor wie/wat/hoe je bent (het ganse concept van de LGBTQ+) en met enige maatschappijkritiek van wat er om ons heen gebeurt.
Sfeervol twinkelende piano/keys en de helder indringende vocals zijn de pijlers in de rakende nummers, die een sterke integere opbouw hebben, ergens tussen The Beatles, Sufjan Stevens, Rufus Wainwright en Perfume genius in. Hij heeft wat te vertellen en smijt zich letterlijk in de nummers als “Jaouad”, “lies” en de afsluiters “pinnacle” en de geschiedenisles in “stonewall riots forever”. De response was enorm.
Puik werk opnieuw van deze West-Vlaming die met Dressed Like Boys een grootse band in spé wordt, gezien de klub hier al vol zat.
Westside Cowboy is één hecht blok op het podium. Een spervuur aan gitaarriffs, stuwende drums en de sterke vocale samenzang, zorgen voor een heerlijke sound in the nest. Westside Cowboy is nog een relatief jonge naam binnen de scene, maar kon zich voldoende onderscheiden. (Erik)
Sinds hun doorbraak in 2018 via De Nieuwe Lichting heeft de Wase band SONS (mainstage) al een indrukwekkend parcours afgelegd. Sons klinkt straight forward, zonder al te veel franjes, een niet te stoppen pletwals. Een nieuwe plaat is uit, ‘Hallo’. Leuk om vooraan al wat moshpits en crowdsurfers te zien. Twee leden zijn net ook papa geworden, van Elliott en Oskar, en dat betekent dat ze met hun gitaarrock er nog ne lap op geven. Robin Borghgraef zingt, entertaint, port het publiek aan en dook ook nog het publiek in om hier een Belgisch wereldrecord crowdsurfen neer te zetten. “Do my thing”, “surfin”, “family dinner”, “bike”, “ricochet” en “waiting on my own”, het zijn allemaal nummers om het publiek naar hun hand te zetten. Sons zijn de jonge vaders van de Belgische rock!
Cory Wong in the barn, is een Amerikaanse gitarist, songwriter en producer, die zowel als soloartiest als in tal van samenwerkingen actief is. Een mix van jazz, rock en funk krijgen we, Zelfverzekerd, virtuoos, speels en met een mate van improvisatie. Verfijnd gitaarwerk in adrenalinekicks. (Erik)
NewDad (nest) is er ook eentje als ‘the next big thing’, uit Ierland weliswaar. Op hun beurt laten ze het wat meer rammelen en is er een 80s galm in hun gitaarspel te bespeuren. Een indrukwekkende muur van gitaren dus, met de dromerige, heldere zang van Julie Dawson, tekende voor een melodieus meeslepende, opzwepende set.
Een aangename ontdekking, dit kwartet, die ons nieuwsgierigheid nog meer opwekte met die Yeah Yeah Yeahs cover “heads will roll”.
Rise Against - De Amerikanen timmeren ondertussen al een kwarteeuw aan de weg en zijn op heel wat festivals zelfs een gedroomde headliner. Op de mainstage kregen we de perfecte harde show vol rauwe uppercuts en energiebommetjes. Compromisloos, rechttoe-rechtaan, een heerlijk wild feestje van moshpits en crowdsurfers. Rise Against , ‘alive and kicking’, zondermeer (Erik)
Mogwai is één van de postrockiconen. De vijf Schotten hebben een nieuwe adem gevonden in het genre, en weten sinds een paar jaar opnieuw te overweldigen. De spannende dreiging is er in de oude traditie van repetitief opbouwende, aanzwellende partijen en explosies, waarbij de subtiliteit, finesse reikende hand zijn met de overstuurde, noisy uithalen en de registers opentrekken. ‘Rave tapes’ en het vorig jaar verschenen ‘the bad fire’ gaven de aanzet van hun tweede adem in hun 30 jarige carrière. En ook hier politieke thema’s met Palestina vlaggen.
Oud en nieuw vinden elkaar hier moeiteloos. Al meteen kregen we twee oude kleppers “yes! I Am a Long Way from Home” en “cody” , die mokerslagen toedienden. De nieuwere “hi chaos”, “remurdered” en “lion rumpus” meten zich ermee. Gepast, gevat is er in hun instrumentale muziek opening naar enkele beheerste zangpartijen.
Mogwai klonk ingetogener, met sfeervolle, zalvende keys en een spaarzamere begeleiding op “hunted by a freak” en “nipale vegan hip pain”.
Maar met “mogwai fear satan”, “we’re no here” kregen we onvermijdelijk prachtige climaxen. Postrocksongs bij uitstek in alle tempowissels. Het extravert slot zinderde na. Klasse!
Last Train (the nest) is een Franse band, die sinds het debuutalbum ‘weathering’ uit 2017 al meteen een ijzersterke live-reputatie heeft opgebouwd. Ook op Rock Werchter vuurwerk en een muzikale sneltrein. (Erik)
A Perfect Circle (mainstage) heeft z’n verwantschap met Tool. Niet verwonderlijk want Maynard James Keenan, is hier ook de spil. Eigenlijk als je er hun set op nahoudt, hebben we een short versie van de opzienbarende Tool. Er is de somberheid, de hoekige ritmes en de begeesterende, slepende, opzwepende tempowissels onder die over-herkenbare zegzang. Live stond A Perfect Circle hier niet echt op zijn plaats, gezien het (single) materiaal minder gekend is en het in deze blakende zon wat voorbij waaide. Beter hadden ze in één van de tenten gestaan, die nummers als “rose”, het nieuwe “starless” en “judith” naar een hoger nivau konden tillen.
Enfin soit, hier was sprake van kunde, klasse, kracht, finesse in een mysterieus, mystiek, hypnotiserend sfeertje.
Van donkerte geen sprake bij David Byrne (the barn), de frontman van wijlen Talking Heads die in de 80s een verfrissende input gaf aan de rock met funk, afro, tribal, salsa, sampling in een artyfarty concept; allerhande stijlen werden met elkaar verweven. Vernieuwend was het toen en 40-45 jaar later, klinkt dit nog steeds even eigentijds intrigerend, sterk overtuigend. Byrne houdt van kleuren tijdens zijn shows, en vandaag op Werchter werd blauw de keuze. Hier werden de dansspieren geprikkeld van Talking Heads materiaal en van z’n solowerk; er is de unieke sfeer, dynamiek en de act op het podium , de instrumenten zijn gekluisterd aan zijn bandleden en met dansers worden synchrone pasjes gezet of wordt er door elkaar gelopen. Het tilt alles omhoog. Schitterend opnieuw wat deze 74 jarige presteert, waarbij zijn vocals nog steeds even sterk als vroeger klinken. We waren van de vorige passage met ‘american utopia’ al verbaasd, nu met ‘who is the sky?’ waren we opnieuw onder de indruk. Aanstekelijk, Uitbundig, Feestelijk, Gemoedelijk, Theatraal.
Opnieuw was the barn reeds een half uur op voorhand een full house.
De nieuwe single “everybody laughs” opende , en dan kregen we met “and she was” een rits Talking Heads nummers, “nothing but flowers”, “this must be the place” en “strange overtones” (eentje nog Brian Eno toen), die net toont hoe het nummer met zijn trancy world/tribalsounds de tand des tijds overleeft. Verder de grote classics “slippery people”, “psycho killer”, “once in a lifetime” en “burning down the house”. Indrukwekkend, wat een ontlading, met de act en de rondstappende instrumentalisten. Op alle vlakken was er iets te ontdekken, een totaal beleving tot in de puntjes uitgewerkt! Respect.
Met zijn album ‘Play’ , al een goede 25 jaar oud, groeide Moby (mainstage) uit tot één van de pioniers van de elektronische popdance. Dat hij nu nog steeds accuraat en baanbrekend is, bewees hij op Werchter. Moby is altijd al een eigenzinnige performer geweest én het siert hem. We waanden ons op een ware rockende rave party met soms pompende beats; langs de andere kant zorgden de gastzangeressen, met Moby op gitaar dan, voor een haast soulfunky aanvulling op sommige chillende droompopsongs. Die brede, diverse aanpak ging erin als zoetenkoek, overtuigde en overdonderde.
Zijn ode aan David Bowie, deelde hij met een beklijvende versie van “heroes”. Moby heeft ook heel wat te vertellen over de animal rights en de wereldproblematiek, maar hij zorgt evenzeer voor ontspanning en een feestje.
We kwamen al meteen in beweging met de openers “bodyrock”, “go”; het ging verder naar “why does my heart feel so bad”, “honey”, “natural blues” (iedereen gsm lichtjes in de lucht!) tot de prachtafsluiters “porcelain”, “lift me up” en het vermakelijke “feeling so real”.
Schitterende return, het smaakt na al die jaren naar meer! (+ Erik)
Psychonaut (nest) - Toen we de band nog aan het werk zagen op GGITP in Sint-Niklaas waren we diep onder de indruk. Lees gerust "Emotionele mokerslagen werden hier toegediend. We lieten ons de hele set lang meevoeren door intensiteit, rauwheid en subtiliteit."
Ook vanavond kunnen we die neerslag van deze definitieve afsluiter op de nest maar beamen. In die harde, stevige, bezwerende sound is “the fall of consciousness” een absoluut hoogtepunt. Het maakt Psychonaut pur sang in de opbouw, de spanning, de kracht en de emotionele ontlading. “You are the sky” en “everything else is just the weather” wuift de editie op het alternatiever podium definitief uit.
De ode aan hun overleden vaders – en het vader-zijn algemeen– raakte . Kijk, Psychonaut brengt net die combinatie van emotie, intensiteit en muzikale kracht. We bleven achter met een wauw gevoel (Erik)
Een blij weerzien terug met The Cure (mainstage), één van de iconen binnen de new wave scene. Als waardig ouder wordende festivalganger blikken we maar al te graag terug naar die eighties, toen we als prille tiener “a forest” hoorden en vrijwel onmiddellijk ‘seventeen seconds’ aankochten.
45 jaar later valt het ons op dat er hier op Werchter niet veel ‘zwartzakken’ waren , nee, verschillende generaties zijn met elkaar verbonden, die genieten van de decennia Robert Smith en C°. Nu is The Cure hier terug na zeven jaar.
“Plainsong” en “pictures of you” zetten meteen de sfeer van die twinkelende gitaren, de sfeervolle keys, de diepe bas, de bezwerende drums en die eigen unieke weemoedige stem van Smith.
Hij heeft op zijn eigen manier contact met het publiek met begroetingen langs alle kanten, vaak met een kwinkslag en met korte ‘thank you’s’.
Gretigheid en spelvreugde, toegankelijkheid en somberheid zijn het muzikale houvast, die het publiek moeiteloos meevoert, bijna twee en een half uur lang.
Volgende herkenning in alle wisselende stemmingen: “lovesong”, “fascination street”, “in between days”, “just like heaven” en “a forest”, die de festivalweide doet ontploffen. Sterk. Perfect op elkaar ingespeeld bolt The Cure in hun indrukwekkende oeuvre, de songs vloeien bijna in elkaar over en met het mooie, zeemzoeterige, zachtmoedige, krachtige “disintegration” wordt overtuigend besloten.
Een bis om van te smullen volgt, o.m. “lullaby”, “the walk”, “friday i'm in love”, “close to me”, “why can't i be you? en uiteraard “boys don’t cry” die voor een laatste collectieve ontlading zorgde, en ons definitief uitwuifde.
Op hun manier hield The Cure een volledige festivalweide moeiteloos in de ban. En in welk genre ook, The Cure staat op eenzame hoogte te soleren. Doortastend, mooi, verbluffend, precies, intens, ontroerend en bovenal simpelweg magi(e)straal. Gerijpte, rijke nostalgie!
Setlist: Plainsong // Pictures of You // High // A Night Like This // Lovesong // Treasure // Want // Burn // Fascination Street // Never Enough // alt.end // Push // In Between Days // Just Like Heaven // Trust // Secrets // Play for Today // A Forest // From the Edge of the Deep Green Sea // Disintegration
Bis: Lullaby // Wrong Number // The Walk // Mint Car // The Lovecats // Friday I'm in Love // Close to Me // Why Can't I Be You? // Boys Don't Cry
(Erik-Johan)
Een gedroomd slot van een werkelijk onvergetelijke vierdaagse. Verbazing en euforie , die ons nostalgisch deed terugblikken. Een mooi closing end!
Op naar een nieuw hoofdstuk ‘Rock’ Werchter Live
Tot volgend jaar! In 2027 is Rock Werchter er op 1,2,3 en 4 juli.
Neem gerust een kijkje naar de pics van Down The Rabbit Hole, Groene Heuvels, Beuningen, die in het hetzelfde weekend plaatsvond in Nederland, met deels gelijklopende bands @Wim Heirbaut
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/9882-down-the-rabbit-hole-2026?Itemid=0
Organisatie: Live Nation - Rock Werchter