logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

giaa_kavka_zapp...
Hooverphonic
Johan Meurisse

Johan Meurisse

donderdag 28 augustus 2008 03:00

Fleet Foxes

Band voor de toekomst is het vijfkoppige Fleet Foxes uit Seattle . Met de deur in huis vallen heet zoiets. De band combineert dromerige indiepop, psychedelica americana, folk en ‘60’s pop onder een meerstemmige zang: fijne gitaarakkoorden, psychedelicatoetsen en een zalvende percussie, bepaald door de warme, hemelse vocale pracht van songschrijver van Robin Pecknold.
Na de EP ‘Sun Giant’ onderscheidt de band zich met de naar hun vernoemde plaat.
”White Winter Hymnal”, “Ragged Woods”, “Tiger Mountain Peasant Song”, “Your protector” en “Blue Rige Mountains” zijn subtiel uitgewerkte songs, die tekenen voor een prachtig zorgeloos ‘laidback’ weekendgevoel. Knipoog naar bands als The Shins, My Morning Jacket, Band of Horses, Belle & Sebastian en Beach Boys.

donderdag 21 augustus 2008 03:00

Last Night

Na een paar tegenvallende platen als ‘18’ en ‘Hotel’ greep Moby op z’n nieuwe plaat ‘Last Night terug naar de ‘Play’ periode. Inderdaad , de electrodance, techno en ambientpop heeft een aanstekelijke groove, bevat soul en is dansbaar.Keyboards, drum en beats dus onder een gelaagde soulzang van Joy Malcolm en de onvaste achtergrondstem van onze kleine hyperkinetische do-it-all Richard Melville Hall uit New York.
Hij heeft een paar schitterende dansnummers op ‘Last Night’ als “I love to move in here”, “Everyday’s it’s 1989”, “Live for tomorrow” en “Disco lies”. Moby zocht iets vaker z’n roots op, wat een aardige en afwisselende danceplaat met enkele ambiente stukken opleverde. Een recept van dansen, zweven  en chillen onder een heldere sterrenhemel.

donderdag 21 augustus 2008 03:00

Evil Urges

De indie/alt. americana band My Morning Jacket leverde sinds hun ontstaan een paar pareltjes af: ‘The tennessee fire’, ‘At dawn’, ‘It still moves’ en ‘Z’; stevige, pittige, bezwerende en ingetogen, sfeervolle melancholische songs met een retro- en psychedelisch randje, onder de hemels, zalvende stem van zanger/componist Jim James. Wat hen bijna de stiefzonen maakte van Neil Young & The Crazy Horse.
De opvolger van hun prachtplaten is er eentje met een dubbel gevoel. In het eerste deel van de cd horen we songs die wel een brede waaier van stijlen (country, pop, en soul) hebben, maar onvoldoende spannend en broeierig zijn en bijgevolg niet beklijven. Op “Sec walkin” klinkt de band als een tweederangs The Commodores/Lionel Ritchie. Enkel “Touch me I’m going to scream pt 1” en de titelsong boeien.
Het is pas met de retrorockers (knipoog naar Kings Of Leon!) “Two halves”, “Aluminium park”, de intieme “Librarian” en “Look at you” en de finale reeks “Smokin from shootin”, “Remnant” en “Touch me I’m ….pt 2” dat My Morning Jacket een handvol compositorische  sterke songs aflevert.
Besluit: ‘Evil Urges’ is een half geslaagde plaat van een vijfsterrenband …

donderdag 21 augustus 2008 03:00

The age of the understatement

Een heerlijk klinkende plaat is de samenwerking tussen Arctic Monkeys frontman Alex Turner en vriend Miles Kane (zanger van The Rascals). Onder The last Shadow Puppets wordt de postpunk omgebogen tot zwierige en sfeervolle georkestreerde ‘60’s pop. De gevarieerde composities klinken lekker ouderwets, zitten ingenieus en subtiel in elkaar en zijn mooi uitgewerkt.
De songs passen in een ‘60’s spaghetti western en onderstrepen het zang- en compositorisch talent van beiden.
Invloedrijk voor deze plaat waren The Walker Brothers en de componisten Burt Bacharach en David Axelrod. “Standing next to me”, “Calm like you”, “Only the truth” en de titelsong klinken simpel, to the point en doeltreffend. Op “The chamber”, “Meeting place” en “The time has come again” mindert de vaart. En tenslotte “Black Plant” heeft een dreigende ondertoon.
Het lijkt erop dat ze hun verdomde British fxx mentality zijn ontgroeid…
’The age of the understatement’ is pure klasse. Grootse plaat.

woensdag 20 augustus 2008 03:00

Pukkelpop 2008: zaterdag 16 augustus 2008

The Black Box Revalation zijn een beetje als The Van Jets vorig jaar … overal wel ergens te zien! Ze slaagden in een frisse, opwindende set van rauwe, vettige en retestrakke garage rock’n’roll blues. Het jonge duo overweldigde op ongedwongen, speelse wijze en diende kopstootjes toe aan andere duo bands en zouden een Jon Spencer doen vergapen. Vakkundig hielden ze een nokvolle marquee dicht bij zich op songs als “Gravity blues”, “Love is on my mind”, “I think I like you”, “I don’t want it”, “Set your heart on fire” en een beklijvende “Never alone/always together”. The Black Box Revelation zijn altijd goed voor een tien op tien!

Hadden The Rones (main stage) beter niet gewisseld met Black Box Revelation, want we hadden een serieuze ommezwaai qua belangstelling voor dit jonge Belgische bandje die na het Pukkelpopweekend z’n debuut ging uitbrengen. The Rones leken als twee druppels water op The Queens of The Stone Age; ook de zanger leek wel een jonge Josh Homme. Slecht klonk hun intense stonerrock zeker niet, enkel bleef variatie uit . Opvallend was hun versie van “Voodoo people” van Prodigy, die ze lekker onderdompelden in stevige gitaren.

The Black Kids in de marquee toonden aan dat ze meer in hun mars hadden dan de instant klassieker “I’m not gonna teach your boyfriend how to dance  with you”. Hun toegankelijk huppelende en dansbare gitaar’skool’rock viel al bij al mee. Het kwintet uit Florida had twee goed uit de kluiten gewassen dames mee, die muzikaal niet moesten onderdoen aan hun mannelijke collega’s . Tof bandje die een paar leuke songs uit hun gitaren en elektronica apparatuur toverden.

Het stoorzender geluid van Fuck Buttons (chateau) uit Bristol lokte aanvankelijk een pak volk. Ze speelden een combinatie van dronesoundscapes, psychedelica, noise en avantgarde op hun synths die dikwijls overstuurd klonken en van effects waren voorzien; de vocoderzang klonk door een telefoonmodule. Intrinsieke schoonheid voor de ene, voor de andere herrie, terreur en ongepast elektronicagedreun.

Het Britse trio The Wombats (main stage) heeft een goed debuut uit ‘ A guide to love &desperation’. Is het op plaat opzwepende vaardige, strakke gitaarpoprock, live klonk het rauw, rommelig en rammelde het meer, onder de schreeuwzang van Matthew Murphy: “Kill the director”, “Party in the forest/where’s Laura”, “Here comes the anxiety”ven “Backfire at the disco”. Bizar genoeg paste het bij het concept van de groep, die tussen de nummers met alle plezier grapte en moeiteloos de technische panne kon omzeilen, om er dan flink tegen aan te gaan. De gevraagde kangoeroedans op “Let’s dance to Joy Division” was aardig meegenomen.

Ook de aparte zompige bluesrock van Two Gallants (club) wist te raken. Hun doorleefd songmateriaal op indringende gitaarakkoorden, opzwepende drums en een grauwe stem klonk even gepassioneerd en treffend als Dave Eugene Edwards van Wovenhand. Ze bouwden in 45 minuten een intens broeierige spanning op, met pareltjes van songs waaronder “Cruces jail” en “Steady rollin’”.

Coem (wablief)is een goed bewaard Limburgs geheim, die al jaren bezig is, maar met het recente ‘We’ve got speakers on the outside of our spacecraft’ wat meer airplay verkrijgt. De songs zitten doordacht en subtiel in elkaar, ondergaan onverwachtse wendingen en hebben een dromerige zang. Een rijk gelaagd geluid dus. Het kwintet was aangevuld met een blazersectie om hun moeilijk definieerbaar geluid elan te geven. Ze slaagden optimaal in hun opzet: muziek voor doorzetters…

Dan Le Sac vs Scroobius Pip (chateau) debuteerde onlangs met de plaat ‘Angles’. Het duo tast de grenzen af van hiphop en elektronica. Live stonden ze garant voor een frisse en energieke act, pompende beats, bleeps en hippe snedige raps. Ze waren onder de indruk van de respons voor hun allereerste optreden op Belgische grond. Toegankelijke en aangename streetdance.

De marquee was al tien minuten vóór het concert volgelopen om het New Yorkse Management ‘MGMT’ aan het werk te zien. MGMT wordt bepaald door het weirde duo Goldwasser/Vanwyngaerden. Love, peace en geestesverruimende muziek is hun motto en ze omschrijven zichzelf als een band uit de toekomst die ‘70’s psychedelica speelt. Soms moeilijk te vatten, wat ze willen uitdrukken.
Hun dromerige, psychedelische danceptrip op het debuut ‘Oracular spectacular’ (invloeden van Hawkwind, Pink Floyd, Polyphonic Spree, Flaming Lips en Black Mountain) ging erin als zoeten koek. Hun kleurrijke poppsychedelica klonk rommelig en slordig. Laaiend enthousiast werden hun hits “Weekend wars”, “The youth”, Time to pretend” en “Electric feel” onthaald. Maar de ontnuchtering viel toen de band, eerder dan voorzien, na het stomende “Kids” het plots voor bekeken hield. Terecht verdeelde reacties voor dit ‘hippe’ collectief.

Het Canadese Black Mountain overweldigde in de club met hun melt van retrorock, stoner, ‘70’s psychedelica, americana en postrock. We hoorden in de langgerekte hypnotiserende stukken begeesterende gitaarsoli en percussie, een bezwerende, zweverige zang en bedwelmende toetsen. “Wucan”, “Queens will play” en “Tyrants” klonken slepend, opbouwend en dynamisch; ze dompelden ons onder in hun niet-van-deze-wereld muziek. Een hippe alternatieve live band!

Het sympathieke Bloc Party (main stage), onder zanger Kele Okereke, staat scherp …messcherp! Ze speelden net als in Lotto Arena een overtuigend en genadeloos optreden. Twee cd’s hebben ze pas uit en het was net dat ze op een totaal ontspannen, relaxte manier een ‘Best of’ brachten. Een ongekende spontaniteit van een goed op elkaar afgestemde band. De groep amuseerde zich en gaf het beste van zichzelf. Een prominente rol was weggelegd voor drummer Matt Tong (onnavolgbare drumritmes) en Okereke. Hij zong de longen uit z’n lijf, betrok het uitzinnige publiek telkens in de set, schudde handjes en ontroerde met een geboortekaartje van een Belgisch koppel dat hun zoontje naar hem had genoemd.
Een in te lijsten concert dat met “Hunting for witches”, “Banquet”, “Two more years”, “This modern love”, “The prayer”, “So here we are”, “Like eating glass” en “Helicopter” ons steeds verraste. Ook de stuwende electronica van nieuwtjes “Mercury” en “Flux” stonden ‘er’.En tenslotte gooiden ze er een bis “She’s hearing voices” tegen aan. Oorstrelend, Onweerstaanbaar en Op handen gedragen … Terecht!

Godfathers/pioniers van de post-, sludge en experimentele metal, Neurosis (shelter), fungeerden als laatste act in The Shelter. Het vijftal uit Oakland, USA, opgericht in '85 (!), heeft reeds tien albums op hun naam staan. Hun unieke sound bevat elementen van doom metal, sludge metal, industrial, ambient en folk. Belangrijkste invloeden zijn Black Sabbath, Swans, Melvins, Pink Floyd en King Crimson, niet de minsten dus.
Steve von Till, Scott Kelly en kompanen brachten vooral materiaal van hun vorig jaar verschenen 'Given to the rising'. Ze speelden daaruit de titeltrack, “To the wind”, “Distill” en “Fear and sickness”. Verder hoorden we lang uitgesponnen en indrukwekkende songs uit ‘The eye of every storm’ en 'A sun that never sets'. De duistere soundscapes/samples en bijhorende visuals van Josh Graham versterkten hun totaalsound. Van contact met het publiek was er geen sprake, de muziek sprak voor zich. Deze grootmeesters bezorgden ons een intense en bijna wereldvreemde ervaring!! (met dank aan Frank Verwee)

Voor wie Sigur Ros (main stage) miste op Werchter , was dit de herkansing. De leden waren mooi uitgedost en omringd door een blazersectie en het Amiina string kwartet, in een lightshow van lichtballen, confetti en papiersnippers. Het was genieten van hun wondermooie en ijzingwekkende elegante schoonheidsbombast. Het IJslandse gezelschap kon rekenen op een volle wei, die genoot van hun unieke sprookjesachtige en mysterieuze sound. Ze speelden aanzwellende partijen, orkestraties en geselden hun gitaarsnaren met strijkstok op ”Glosoli” en “Saeglopur, klonken direct op “Inni mer syngur”, poppy op “Vid spilum endalaust”, en lieten de fanfare aanrukken op “Gobbledigook”. Wat een gevarieerd droomgeluid.

Het New Yorkse We Are Scientists besloot Pukkelpop in de club. Een gebald, rechttoe- rechtaan geluid en een energieke strakke set. De nieuwe songs van hun eerder tegenvallende tweede plaat ‘Brain thrust mastery’ kregen een stevige adrenalinestoot. Als een tornado raasden ze over ons heen met “Scene is dead”, “Cash cow” en “It’s a hit” als rode draad. Puike prestatie!

De fans van Soulwax (main stage) waren in de loop van de avond voldoende opgewarmd met een 2 Many DJ’s set (boiler room) en een Nite Versions live at Fabric and 120 other places.(dance hall). Het sierde de broertjes Dewaele wat ze vandaag konden presteren. Punkfunk, electronica gefreak en pompende beats koppelden ze aan hun mixes van o.a. Robbie Williams en Daft Punk.. Niet direct my cup tea , maar respect wat de Dewaele Brothers aan die knoppen uitvoerden, vóór het vuurwerk kon worden afgeschoten.

Een geslaagde Pukkelpopeditie werd besloten …

Organisatie: Pukkelpop, Hasselt-Kiewit

donderdag 14 augustus 2008 03:00

Twenty One

Het Britse Mystery Jets is een jong bandje uit Londen, die toe is aan z’n tweede plaat. ‘Twenty One’, de gemiddelde leeftijd van deze jonge gasten, is een gevarieerde popplaat geworden. Licht verteerbare gepolijste rocksongs, met een vleugje ‘80’s wave, die de springplank kunnen zijn naar een breed publiek. De singles “Young love” (met singer/songwriter Laura Marling) en het ingetogen “Umbrellahead” (leuke pianoriedel) maken alvast de weg vrij. De zang van Blaine Harrison is deels verwant aan Jeff Buckley, en wordt ondersteund door gitarist William Rees. Een fijne samenzang, wat het geheel emotievoller maakt.
Een goed geslaagde tweede plaat, doch niet verrassend.

donderdag 07 augustus 2008 03:00

Antidotes

Het Brits beloftevolle Foals, een kwintet uit Oxford, heeft met ‘Antidotes’ een schitterend gevarieerde plaat uit binnen een grillig en toegankelijk concept: een freakend CYHSY, de punkfunk van !!!, de postpunk van Bloc Party en Franz Ferdinand, de postrock van Mogwai, dreunende repetitieve sounds van TV On The Radio en The Fall en tenslotte ‘80’s invloeden van Talking Heads en Gang Of Four.
Foals bundelt het in frisse, aanstekelijke, avontuurlijke songs, die hyperkinetische ritmes, een nerveuze melodie en hoekige en strakke riffs bevatten, met een portie fuzz als toegevoegde waarde.
Ze omschrijven zichzelf als ‘achterlijke, autistische sell out’ pop. Een omschrijving om maar eventjes de wenkbrauwen te fronsen, maar wat het nu ook is, ze hebben een pak interessante nummers uit: “The french open”, “Cassius”, “Olympic airways”, “Two steps twice” en “Big big love” zijn straffe kost op dit plaatje. Een verdiende airplay en een verplichte aanschaf!

Triggerfinger
Drie heren in das en maatpak spelen zinderende garage rock’n’roll en beschouwen hun instrument als hun eerste lief. ‘Can you feel the muscles in your boobs’ vroeg zanger/gitarist Ruber Block zich al af na het derde nummer. Inderdaad, een goed half uur lang voelden en ondergingen we hun zompige, retestrakke sound met stoner- en bluesslides. AC DC en ZZ Top flitsten door het hoofd toen we songs hoorden als “Short term memory love”, “Faders up”, “First taste” en “On my knees”. En ze schuwden hun oude helden niet, want ze speelden in een ‘Triggerfinger’ groove “Boris the spider” van The Who en sloten af met een uitgesponnen “Commotion” van CCR. Triggerfinger op z’n 25 jaar Stu Bru. Beklijvende rock’n roll met een prikkelende melodie. ‘What grabs Ya’?

Sonic Youth
Sonic Youth staat al meer dan 25 jaar garant voor wonderschone dwarrelende gitaarpop; te interpreteren als indiegitaarnoise/poprock en omschreven als spannend, intens, hartverwarmend, bedreven …en avontuurlijk door de diverse tempowisselingen, onverwachtse wendingen en een juiste dosis noise, fuzz en gitaarstormen. Kippenvelmuziek noem ik dit!
De band hield een korte Europese tournee en vergat daarbij de fans in ons landje niet. Het kwartet , aangevuld met los/vast lid Mark Ibold, maakte een synthese van hun twee voorbije concerten in de Hallen Van Schaarbeek (december 2006) en hun ‘Daydream Nation’ tour op Pukkelpop 2007, de SY klassieker bij uitstek!.
En inderdaad, die songs hebben ze stevig in de vingers, want ze putten opnieuw rijkelijk uit deze plaat, die net 20 jaar geleden verscheen.
Na het muzikaal experiment van opener “Burning spear” (speelgoedpiano, radiotunes, voices, pedaaleffects, noise versterking) overdonderden ze met hun noiselandschap van ‘Daydream Nation’, een uiterst beheerste Do It Yourself en hoe komt het uit aanpak: “Sprawl”, “Cross the breeze”, ”The wonder”, “Hyperstation”, “Eric’s trip” en “Silver rocket”. Poprock, gitaarknoppengefreak, feedbackgeraas, drumsticks en strijkstokken over de gitaarsnaren. Verbluffend!
Als een punkrock diva ontpopte bassiste Kim Gordon zich op “Bull in the heather”, “Drunken butterfly”en het recente “Jams run free”: hitsend gekreun en sensuele, verleidelijke danspasjes en pirouettes makend op het podium als een dolle twintiger …
Op “Mote” leverden ze een gevecht met hun pedaaleffects en versterkers, stootten we op een geluidsmuur met Lee Renaldo in een hoofdrol. En Thurston Moore kon zich op het afsluitende uitgesponnen “Ratspink steam” uitleven op z’n gitaar. Wat een gitaarbrij. Drummer Steve Shelley hield de anderen goed in het oog om steeds gepast de songs in het juiste ritme te steken.
In de bis gooiden ze er nog het stokoude “Shaking hell” en “Teenage riot” bovenop,met alle mogelijke noise en versterkersgeflirt…, die onder controle werden gehouden door de bezwerende percussie.
Een klein anderhalf uur waanden we ons twintig jaar jonger en flitsten de beelden van hun allereerste optreden te België (Futurama in de Brielpoort te Deinze!) door het hoofd.

Supergrass
Al heel wat volk was richting centrum of aan de toog toen het Britse Supergrass, onder zanger/gitarist Jazz Coombes, het gitaaravondje beëindigde. Ze brachten na meer dan drie jaar (en een ‘best of’) de nieuwe cd ‘Diamond hoo ha’ uit, die totnutoe praktisch geen airplay verkrijgt.
Potige melodieuze retroBritpop is hun handelsmerk, waarbij ze met de jaren wat subtieler klinken. Supergrass stelde in het begin nieuw werk voor (“Bad blood”, “345”, “Rebel in you”, “Ghost of a friend” en de titelsong) en gaf ze elan door kleurrijke ‘70’s toetsen.
Ze moesten het vooral hebben van de herkenbaarheid van “Mary”, “Late in a the day”, “Moving” en “St Petersburg”, die freakier klonken. Tenslotte speelden ze een snedig en opzwepend tweede deel met “Richard III”, “Pumping on your stereo”, “Caught by the fuzz” en het zomerse “Sun hits the sky”. In de bis koppelden ze aan “Lenny” “Whole lotta love”.
Supergrass heeft nog steeds voldoende power, maar het intrigeert en pakt minder dan vroeger, waardoor de ‘jus’ er een beetje van is …

Ons Antwerpse Shameboy mocht de nacht ingaan met hun nerveuze electrodance. Voor de alternatieve gitaarfreaks ietwat bevreemdend, voor de opgedaagde jongeren aangenaam pompend vertier …

Organisatie: Lokerse Feesten, Lokeren

maandag 04 augustus 2008 03:00

Folkdranouter 2008: zaterdag 2 augustus 2008

Dag 2 werd ingezet met één van de Vlaamse legendes binnen de kleinkunst Zjef Vanuytsel (Flamundo). Samen met Kris De Bruyne, Wim De Creane , Johan Verminnen en Jan De Wilde, gaf Vanuytsel, inmiddels 61 geworden,  het Vlaamse lied elan door z’n ‘Zotte morgen’. Hij nam vorig jaar een nieuwe plaat op, ‘Ouwe makkers’. Onze architect nam z’n bouwverlof ter harte en grossierde met z’n begeleidingsband en strijkerensemble diep in z’n oeuvre. Het songmateriaal was breder van opzet en werd mooi uitgediept; “Ik weet wel, mijn lief”, “Tederheid”, “Stil inde Kempen”, “Zonneschijn” en “Zotte morgen” klonken emotievol, sfeervol en meeslepend. Nostalgische pop van een sympathiek man, die genoot van de sterke opkomst!

Woven Hand (Kayam) is het vervolgverhaal op 16 Horsepower van singer/songwriter en religieus predikant, Dave Eugene Edwards. Een uurtje onheilspellend, donker dreigend, pakkend materiaal. Adembenemend, spannend en beklijvend. Kippenvelmomenten ervaarden we op songs als “Whistling girl”, “Speaking hands”, “Iron feather” en “Winter shalker”. Sommige nummers als “Tin fingers”, “Deerskin doll” en “Your Russia” klonken pittig, snedig en stevig; ze werden overstelpt door de pedaaleffects, een diepe bas en opzwepende percussie. Tussen de nummers hoorden we een soort kerkgezang. Edwards was nog net tekort voor een ticketje zondagsmis te Dranouter !, doch overschouwde band en publiek op z’n draaistoel… Mooi!
 
Na een ietwat tegenvallende set op het Cactusfestival herstelden Rios, Neve en Proesmans (Kayam) zich. Er zat meer swing en dynamiek in de set, een uitstraling als tijdens hun theatertournee. De moderne kruisbestuiving van pop, latino, jazz en modern klassiek boeide en werkte aanstekelijk. Zuiderse klanken met een knipoog naar de tango van Gotan Project. Een intens samenspel onder Rios’ warme vocals en tintelende gitaarspel, Neve’s beheerste pianospel en de droge drums van Proesmans. Een greep van hun songs: “Baby lone star”, “Angelhead”, “I’m gonna die tonight”, “Auscensia” en “Stay”. Overtuigend optreden!

De New Yorkse singer/songschrijfster Suzanne Vega (Kayam) zagen we al in verschillende gedaantes: met full band, elektronica vernuft en solo. Op Dranouter werd ze een sober begeleid van een bassist en een drummer. Ze besloot haar Europese tournee te Dranouter. Het trio vormde een geoliede machine, wat de melodieuze folky popsongs ten goede kwam. Haar bekendste nummers zaten mooi vervat in de set, aangevuld met enkele nieuwe. Een boeiende set van korte, kernachtige songs. Een spaarzame start met “Rock in this pocket”, “Frank (Sinatra) & Ava (Gardner) (een sprookjeshuwelijk van ups &downs) en “Cracking”. Op het juiste moment stak het trio er meer vaart en ritme in met de dromerige “Marlene on the wall” en “When heroes goes down”. Haar bassist speelde een hoofdrol op “99.9 F” en “Blood makes noise”; z’n diepes bastunes vingen de elektronicabeats op.
Af en toe neuriede het publiek al “Tom’s Dinner”, maar Vega onderschepte dit handig met prachtsongs “Left of centre”, “Solitaire” en “Luka”. “Tom’s Dinner” was de obligate bis, die naast het meezinggehalte een dansbare groove meekreeg. Puike liveset van een vastberaden dame op het podium.

Ozark Henry (Kayam),onder multi-instrumentalist Piet Goddaer, stelde z’n ‘A decade’ voor, de overzichtsplaat van mans oeuvre van vijf cd’s. Een perfect uitgebalanceerde sound van het kwartet (al een tijdje zonder gitarist!) en pareltjes van subtiele, melodieuze songs, die sfeervol, meeslepend klonken of een steviger beatje hadden, onder Goddaers warme stem.
Het publiek werd op z’n wenken bediend van deze hitmachine: van een ingetogen, intiem “Godspeed” en “Vespertine” naar “Word up”, “Rescue me” en “Sweet instigator” tot de dansbeats op de instrumental “Echo as a metaphor”, “Sun dance” en “La donna e mobile”. “Inhaling” kreeg ‘80’s electro mee. Het recenter materiaal “These days”, “At sea”, “Indian summer” en in de bis “Get yourself a chance with me” was de finalereeks van het concert. Poprock op z’n best. Klasse! Een welgemeende Merci en handjes wuiven.

Tenslotte besloot het Engelse The men they could’t hang (Palace), die al 25 jaar bezig trouwens en nog maar sporadisch te zien waren in ons landje. De band is een goed bewaard geheim, die het midden hield van The Pogues, The Waterboys, The Levellers en The Saw Doctors. Een fijn concept van gevarieerde, speelse, vrolijke en ontspannende nummers. De band zong in een verschrikkelijk Brits dialect. Ze trakteerden ons op enkele Schotse traditionals en zeemansliederen. Kortom, het sympathieke The men they couldn’t hang was een rockend boombal.

Organisatie: Folkdranouter Dranouter

donderdag 31 juli 2008 03:00

For Emma, Forever Ago

Een gans verhaal schuilt achter deze prachtplaat van singer/songwriter Justin Vernom aka Bon Iver. Na het uiteenvallen van z’n band, het totaal onbekende DeYarmond Edison, in 2006, ging hij ruim 3 maand in totale afzondering in een hut in de bossen naar het Noordwesten van Wisconsin. In onmenselijke vriestemperaturen sprokkelde hij hout en joeg hij op herten om te overleven; in inspirerende momenten nam hij z’n akoestische gitaar ter hand om liedjes te componeren. Na deze periode van eenzaamheid en isolement bracht hij z’n handvol nummers eerst in eigen beheer uit (in 2007).
Meeslepende en intieme songs van pakkende weemoed, die kwalitatief sterk waren. Ze werden heropgenomen en soms spaarzaam begeleid door toetsen, blazers en percussie, ondersteund van stemmen (een soort Gregoriaanse mannenstemmen), wat een gospel tint gaf.
Z’n songschrijverstalent is optimaal te horen in de warme nummers”Skinny love”, “The wolves (act I and II)”, en “For Emma”.
Dit is een prachtplaat van immense schoonheid, een winterplaat …in volle zomer.

 

Pagina 311 van 337