logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

L7
Afghan Whigs
CD Reviews

The Damned

So, who’s paranoid?

Geschreven door

Yep, The Damned, die bestaan nog. Mogen we niet vergeten dat deze band met ‘Damned damned damned’ in 1977 het allereerste punkalbum op de wereld heeft gebracht (jawel, nog voor de Pistols). Nadien is de groep eigenlijk nooit opgehouden met bestaan, een paar personeelswijzigingen ten spijt, en hebben ze een hoop platen uitgebracht waaronder weliswaar weinig onvergetelijke. Ook de sound varieerde in al die jaren van punk naar een soort goth rock.
Dit nieuwe album heeft niks meer met de punk anno ’77 te maken, en evenmin met goth-rock. Dus Damned fans die daarop zitten te wachten zijn eraan voor de moeite. Op ‘So, who’s paranoid?’ krijgen we wel zowat de originele bezetting, dus met Captain Sensible en zanger Dave Vanian.
Op deze nieuwe plaat is The Damned erin geslaagd zichzelf een soort eigentijdse Britpoprock toe te meten die soms doet denken aan veel jongere bands als pakweg Maximo Park (in songs als “Danger to yourself” en het vinnige “Maid for pleasure”), elders dan weer aan The Who of Alice Cooper. In de sound sluipen al wat theatrale en bombastische momenten (in “Dr. Woofenstein”, “Since I met you” en “Nature’s dark passion”), dus de punk is wel heel ver af. Vanian’s zang doet meermaals aan Julian Cope denken (voor diegenen die niet met Cope’s werk vertrouwd zijn, dit is wel degelijk een compliment) en Captain Sensible laat zich heel dikwijls tot een heuse gitaarsolo verleiden, wat vroeger ook al volledig uit den boze was. Om de fans van het eerste uur nog wat meer af te schrikken krijgen we bovendien nog een lading piano, strijkers, een hoop keyboards en zelfs koorzangen. Zelfs de meest felle en energieke song “Nothing” neigt meer naar hard-rock dan naar punk en is voorzien van een ware hard-rock solo en dito keyboards.
Misschien toch een klein raakpuntje met het geluid van eind jaren zeventig, maar dan niet dat van henzelf : soms is er een zweem van generatiegenoten The Stranglers te herkennen, en dat is volledig te wijten aan een retro-orgeltje dat regelmatig komt voorbijdrijven, zoals in opener “A nation fit for heroes”.
De band eindigt zonder enige vorm van schroom met het 14 minuten durende psychedelische “Dark asteroid”, inclusief een lang uitgesmeerde wah-wah gitaarsolo waar geen einde lijkt aan te komen. U gelooft uw oren niet.  
The Damned heeft met ‘So who’s paranoid?’ het soort plaat gemaakt waar ze in 1977 hardnekkig zouden op gespuugd hebben. Toch is dit album best te genieten, als je maar de punk uit je hoofd kan zetten.

Eels

Hombre Lobo

Geschreven door

Respect. Dat is wat je op z'n minst voor Marc Everett (aka E), de frontman van Eels moet opbrengen. Hij verloor zijn hele familie aan tal van tegenslagen. Zo pleegde zijn zus zelfmoord en verloor hij anderen aan kanker en zelfs een terroristische aanslag. Zowat iedereen zou bij de pakken blijven zitten, maar Everett niet. Hij vond kracht in de muziek die hij componeerde, wat bij momenten héél straffe songs oplevert.
'Hombro Lobo', wat zoveel betekent als weerwolf, is het zevende studio-album van Eels. Everett speelt de weerwolf (die baard!) in de 12 songs die het mooie weer maken op deze plaat. Onder de veelal opzwepende, zomers getinte blues-songs zitten er diepgaandere teksten dan het meer van Loch Ness. '12 songs of desire' staat er op de hoes te lezen. Dat is zeker niet gelogen. Jaloezie, onbeantwoorde liefde, eenzaamheid zijn de thema's en worden aangevuld met veel wolvengehuil. De songs zijn heel rauw opgenomen en dragen hun steentje bij aan het hele weerwolfimago. Topnummers zijn “Prizefighter”, “The Look You Give That Guy”, “Tremendous Dynamite”, “Beginner’s Luck”, “My Timing Is Off” en “What a Fella Gotta Do”. Een pakkend album, maar dat zijn we niet anders gewend van E.

Au Revoir Simone

Still night, still light

Geschreven door

Meisjespop. We hoorden het al eens van Cocorosie, Electrelane en Stereolab. De drie bevallige dames van Au Revoir Simone uit NY brengen zeemzoeterige, dromerige elektronicapop, wat zich het best omschrijft als folktronica. Hun songs zijn een bundeling van fragiele schoonheid op toetsen , klavieren en drumcomputer, die door beats groovy en krachtiger klinken, gedragen door de zacht zalvende stemmen stemmenpracht van Erika Forster, Annie Hart en Heather d’Angelo. Het zijn eenvoudige, repetitieve en opbouwende melodieën, die door het donker ondertoontje passen bij soundtracks van passionele drama’s. Hun intrigerende orgelpartijen passen ook bij de outfit van The Residents. Een tip voor hun  volgende plaat (over vier jaar?!).
’Still night, still light’ biedt net als de voorganger ‘The bird of music’ hartverwarmende en weemoedige romantiek, met “Anywhere you looked” als hoogtepunt.

Patrick Watson

Wooden arms

Geschreven door

Patrick Watson is een jong Canadees talent, ergens tussen Buckley en Radiohead, die een tweetal jaar terug debuteerde met ‘Close to Paradise’. Ongrijpbare sprookjesachtige droompop werd geciteerd.
De opvolger ‘Wooden arms’ is een mooi vervolgverhaal … in de fijnzinnige sfeervolle composities zijn voldoende varianten in klankkleur en orkestraties aangebracht. Watson wil met z’n band sfeer creëren. Het lijkt wel een kamerorkest, ‘een nightclubbing Tom Waits’, die hun charmante pop overdekt met jazzy loops en modern klassiek, durft te experimenteren door onverwachtse wendingen, en de songs een filmische ondertoon biedt. Songs die tot de verbeelding spreken.
Hij is een virtuoos op piano en toetsen en is vocaal tot veel in staat. De dissonante klanken die hij en z’n band produceren kan hij als een volleerd orkestleider ter orde roepen, wat de dromerige chaos stroomlijnt.
’Wooden arms’ is een speciaal plaatje van opmerkelijke songs die zich per beluistering blootgeven. Het vrouwelijk element is aanwezig in de background zang van de Canadese diva Lhasa de Sela (in de titelsong) en Katy Moore op “Big bird in a small cage”. Mooi hoe hun stemmen zich kunnen voegen bij Patricks falset. Geniet van deze wondere wereld (die je voert naar verre oorden) van elf songs die elk op beurt staan als een huis …

Bat For Lashes

Two suns

Geschreven door

Het Britse Bat For Lashes (Brighton) onder de bevallige Natasha Khan (Britse van Pakistaanse afkomst) kreeg de verdiende erkenning met de emotievolle single “Daniel” van deze tweede cd ‘Two suns’. Bat For Lashes biedt een uniek geluid van sombere, dreigende, etherische gothic folkpop. De songs zijn mooi uitgewerkt door de doffe apocalyptische drumroffels, de prikkelende elektronica, toetsen, piano, synthbeats en een gitaarloop, gedragen door haar hemelse lichthese vocals. Het gaat van een lichtvoetig duistere “Siren song” naar traag slepende songs als de opener “Glass” tot toegankelijke, dromerige ballads “Peace of mind” en “Travelling woman”. Hoogtepunt binnen die bedwelmende, betoverende liedjes vormt natuurlijk die opmerkelijke single “Daniel”, wat als een classic mag worden beschouwd!
Haar sombere zweverigheid mag geplaatst worden tussen Kate Bush, Tori Amos, Goldfrapp, Björk en Anne Clark. Ze roept de breekbare pop op van bands van Elisabeth Frazer (Cocteau Twins), Alison Shaw (The Cranes), Lamb (Louise Rhodes) en combineert het met de rock en roots van PJ Harvey, Joan Wasser (Joan as Police Woman) en Cat Power. Ze lijkt de verpersoonlijking wel van Toni Halliday (Curve) en overstijgt probleemloos ‘de lookalikes’ van de Evanescences (Amy Lee) en Within Temptations (Sharon den Adel).
’Two suns’ is een uitermate consistent album van een volwassen talent …Te koesteren!

Ray LaMontagne

Gossip in the grain (2)

Geschreven door

Talentvolle heren die teruggrijpen naar de soul van de golden sixties, het is een interessante nieuwe trend geworden, zie o.a. Jamie Lidell en Eli ‘Paperboy’ Reed.
Ook singer/songwriter Ray Lamontagne, gezegend met een heerlijke zachte stem, heeft bakken soul in zich. Dit bewijst hij al meteen met de opener, tevens eerste single, “You are the best thing”, een geweldig soulnummer dat doet denken aan grootheden als Otis Redding en Sam Cooke. De soul vloeit tevens rijkelijk in mijmerende ballads als “I still care for you” en “Let it be me”. Lamontagne ziet het wel wat breder en beperkt zich niet tot één genre, hij kan ook bloedmooie akoestische songs schrijven, getuige het afsluitende titelnummer en zeer zeker “Winter birds”, een naakte prachtsong, meteen onze favoriet van de plaat. Rootsy country en folk horen we achtereenvolgens in “Hey me, hey mama” en het prachtige bluesy “Henry nearly killed me” (we moeten hier even denken aan Peter Case).
‘Gossip in the grain’ is een intiem stukje romantiek, badend in heldere melodieën en zalvende gitaren, een zachte plaat om bij voorkeur bij een mooie zonsondergang te beluisteren. En laat ons nu maar stoppen, want we worden te melig.

Depeche Mode

Sounds of the Universe

Geschreven door

Het trio Gahan, Fletcher en Gore zijn pioniers van de ’80’s electro/synthpop; een handvol wereldhits van in onze jeugdjaren zijn in ons geheugen gegrift als “I just can’t get enough”, “Everything counts”, “People are people”, “Master & servant”, “Blasphemous rumours”, … In de jaren ’90 evolueerden ze naar een gelaagder geluidsdecor, eigen geworden dreigende en twinkelende elektronica, bleeps en gitaarloops. Songs die een bredere aanpak lieten horen en niet gefixeerd zijn op een dreunende, swingende electrobeat.
’Sounds of the Universe’ klinkt minder donker dan de voorgaande platen en heeft met “Wrong”, “Peace” en “Miles away/the truth” drie potentiële hits klaar. De andere songs zitten ingenieus in elkaar binnen het vertrouwde DM concept van sfeervol broeierige luistersongs. We vinden ook een paar synthballads terug, “Little soul”, “Come back”, “Perfect” en “Corrupt” die de cd op innemende wijze besluit. Maar er is ook een keerzijde …het trio slaat af en toe de bal mis door enkele niemandalletjes “Fragile tension” en “Jezebel”.
Maar soit, Depeche Mode heeft geen behoefte om nog electroknallers te produceren. Ze weten met de huidige stijl een breed publiek aan te spreken en boeken nog steeds positieve resultaten na ruim 25 jaar…

Ozark Henry

Grace

Geschreven door

De trilogie die Ozark Henry van zanger/componist Piet Goddaer wist af te sluiten – ‘Birthmarks’ (’01) – ‘The sailor not the sea’ (‘04) en ‘The soft machine’ (’06) krijgt nog een leuk staartje. ‘Grace’ is een compilatie cd van veertien akoestisch toongezette songs, ontdaan van enige franjes, zacht, puur, naakt en oprecht. De essentie van de songs blijft mooi bewaard, bepaald dor mans piano en stem. Af en toe liet Goddaer al deze aanpak doorschemeren op z’n live acts zoals te horen op “Sweet instigator”, “Vespertine”, “Grace” en “Word up”. Een andere, overtuigende kijk …Het rustige en intieme karakter vult het indrukwekkende oeuvre van Goddaer aan. Sommige nummers worden dan toch spaarzaam begeleid, wat de radiovriendelijkheid ondersteunt, waaronder het poprockende “Godspeed”. “Me & my sister” klinkt zelfs bijna onherkenbaar! Goddaer slaagt erin z’n songs alle richtingen te doen uitgaan. ’Grace’ vormt een mooie aanvulling door het sfeervolle, zalvende en rustgevende concept.
Uitkijken wordt het naar de nieuwe plaat die in het najaar zal verschijnen. Voorproefje hebben we al met de single “Remains” .

Music For Men

Geschreven door

Voordat Gossip hun eerste hit bij ons scoorde (“Heavy Cross”, dat op dit album staat) was zangeres Beth Ditto al behoorlijk bekend bij het grote publiek (de groep bestaat al zeven jaar). Het had niets te maken met de muziek die The Gossip maakte, maar omdat ze op z'n zachts uitgedrukt nogal corpulent is. Ze druist helemaal in tegen het gedroomde slanke figuur dat ongeveer 98% van de vrouwen nastreeft. Ook is ze heel open over haar homosexualiteit, wat zeker in de Verenigde Staten voor de nodige controverse heeft gezorgd. Maar laten we ons daar geen woordspelingen of flauwe grappen over maken, het blijft nog steeds de muziek die telt.
De stijl die The Gossip (de “The” hebben ze nu achterwege gelaten) in het verleden hanteerde was meer punk-gericht. Ze zijn van dit genre afgestapt en hebben voor pop gekozen, soms met invloeden uit disco en funk. Misschien ook daarom dat Gossip nu doorbreekt bij het grote publiek. Althans met hun “Heavy Cross”, de huidige single. Dit is veruit de beste track op het album. De rest van de nummers konden ons jammer genoeg heel wat minder overtuigen dan “Heavy Cross”. Opener “Dimestore Diamond”, “8th Wonder”, “2012” en “Spare Me From The Mold” zijn het vernoemen nog waard. Dit zijn ook de iets hardere nummers op het album. Bij “8th Wonder” grijpen ze nog het meest van al terug naar de punk die ze vroeger maakten. De popliedjes zijn iets te mager (sorry, we konden het niet laten).
Popliefhebbers zullen wel weg zijn van dit album. Wij hadden liever dat ze bij hun vorige stijl gebleven waren, want dan komen Beth Ditto en de hare beter tot hun recht.

Jack de Marseille

Inner Vision

Geschreven door

De elektronica van Jack de Marseille situeert zich binnen de house/techno scene. Al vijf jaar is zijn muziek vooral gestoeld op deep en progressive house met invloeden uit de electro, techno en breakbeat. Uitgangspunt: trance effect bereiken en inwerken op de dansspieren. ‘Inner Vision’, op de nieuwe cd van deze Franse DJ/Producer bundelt hij Chicage house, Detroit techno, Berlin dubs en trance door zalvende repeterende beats. Een sfeer creëren van een loungy laidback gevoel (als op de lange opener “Lovely”, “Spititual life” en “Aminimalogy”); de beats kunnen af en toe iets forser en krachtiger klinken en richting dansvloer gaan, “Echospace” en “Body & mind”. Vooral de langere nummers zijn intrigerende chillende staaltjes electronicasounds, muziek bij zwoele zomerse avonden ‘on the beach’, die door lichteffects een meerwaarde kunnen hebben …

Pagina 359 van 402