logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Epica - 18/01/2...
avatar_ab_18
Concertreviews

Adam Green

Adam Green - Hoed(k) af!

Geschreven door

Adam Green en Fred Des Terrils
Botanique (Rotonde)
Brussel


Een akoestische avond in de Botanique vanavond. En dat blijkt populair te zijn, want de Rotonde is helemaal uitverkocht.

We worden opgewarmd door Fred Des Terrils. Één jonge, smalle snaak/staak die het helemaal alleen doet. Hij start met een country-riedel op ukelele en mondharmonica. Daarna neemt hij nog een elektrische gitaar, slidegitaar en keyboard in de hand en basdrum bij de voet. Na het country-introotje gaan we over naar de orde van de dag en dat blijkt Franstalige blues/roots te zijn. Niet alle nummers worden van zang voorzien, en dat is jammer want de instrumentale nummers blijken niet van het hoogste niveau te zijn en boeien het publiek wat te weinig. De teksten zijn doorspekt met humor en geven het geheel een heel aangenaam gevoel. Ook de bindteksten zijn van hoog niveau. Een klein voorbeeld: "het is mijn eerste uitverkochte show". Ook zijn voorkomen lijkt een zweem van zelfspot en humor te bevatten. Naar het einde van het optreden haalt hij een klein keyboard uit. Dan worden de instrumentale nummers een stuk interessanter. Een leuke opwarmer.

Een humoristische opwarmer is niet slecht gekozen als voorprogramma van Adam Green. Want ook bij hem vieren zelfspot en humor hoogtij. Misschien daarom dat hij altijd wat onder de radar is gebleven. Hij pretendeert niet de grote filosoof en serieuze mens te zijn. Hij maakt mooie nummers, zonder de sérieux van gelijkaardige artiesten.

Net dat maakt hem zo speciaal. Wat hij met zijn prachtige outfit direct al wil duidelijk maken. En daarom is de Rotonde dan ook volgelopen. Ik had hem alleen verwacht, maar voor deze tour heeft hij een gitarist meegenomen. Beide hebben een verleden bij het ter ziele gegane Moldy Peaches. En gelukkig had hij een gitarist mee. Want we worden getrakteerd een prachtig setje danspassen die Adam met veel plezier ten toon spreidt.
De gitarist blijkt ook een begenadigd songwriter en zanger te zijn en mag ook een nummer spelen. Heel goed, het mag gezegd worden. Maar de ware ster van de avond is toch Adam. Met zijn ongebreideld charisma palmt hij de hele zaal in.
Tijdens de 3 bisrondes mag het publiek zijn favoriete nummers roepen. Die worden veel enthousiasme gebracht. Ook nummers van de Moldy Peaches passeren na enig denk en testwerk de revue.
Hij duikt dan ook nog eens het publiek in om even te crowdsurfen. Nog niet vaak tegengekomen bij een singer-songwriter. Alle 'hits' krijgen we te horen: “Jenny”, “Friends of Mine”, ”Carolina” en het schitterende “No Legs”.

Een waar feest voor de fans die niet onberoerd blijven bij dit optreden. A'dam doet wat van gek verwacht wordt en legt de lat voor de toekomst heel hoog: moppen tappen, rake opmerkingen, komische dans- en andere bewegingen en het belangrijkste mooie muziek met een hoek af. Een topper dus deze Adam Green.
Binnenkort begint hij te werken aan een film. Mensen die hem willen steunen kunnen via deze link financieel bijdragen …

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Depeche Mode

Depeche Mode – Een concert met twee snelheden

Geschreven door

Depeche Mode – Een concert met twee snelheden   
Depeche Mode
Sportpaleis
Antwerpen
2014-01-25
Erwin Vanlaere

Kraftwerk mag dan wel als meest invloedrijke groep binnen de elektronische muziek beschouwd worden, ook de nalatenschap van Depeche Mode t.a.v. het hedendaagse muziekgebeuren is erg aanzienlijk. Qua commercieel succes moeten de Duitse grootmeesters het wellicht zelfs afleggen tegen de intussen ook al niet meer zo jonge Britten wiens teller van het aantal verkochte albums op meer 100 miljoen staat.

En toch bleef het parcours dat Depeche Mode sinds de oprichting in 1980 heeft afgelegd, niet vrij van enige oneffenheid. Hoewel de groep vrijwel meteen een grote hit scoorde met « Just Can’t Get Enough » kwam de algemene appreciatie pas veel later. Meer zelfs, aanvankelijk keken rockfanaten zelfs erg meewarig naar deze plastische, op synthesizers en drumcomputers steunende formatie. Deze stigmatiserende houding escaleerde ook in ons land  toen Depeche Mode in 1985 geprogrammeerd stond op de affiche van Torhout-Werchter en het voorwerp van spot en hoongelach uitmaakte. Intussen behoort dit voorval tot een ver verleden, is de verstrengeling van rock- en dansmuziek gemeengoed geworden en heeft de groep met passages op Rock Werchter (2006 en 2013) en TW Classic (2009) aangetoond een rol als headliner gemakkelijk te kunnen dragen. Ook de recensies waren niet minder dan positief. Want sinds Depeche Mode gebruik begon te maken van gitaren en echt drumwerk en de lichtvoetige synthpop aldus injecteerde met o.m. industrial, rock en blues, heeft het meer volwassen geluid dat hieruit voortvloeide, de groep geen windeieren gelegd en sloten zelfs de grootste criticasters hen in de armen.

Maar ook binnen de eigen rangen werd de weerbaarheid van Depeche Mode grondig op de proef gesteld toen leden van het eerste uur de groep verlieten en dienden te worden vervangen, diverse verslavingen de onderlinge relaties onder hoogspanning plaatsten en zelfmoordpogingen en tumors dienden te worden overwonnen. De groep krabbelde telkens  wonderwel overeind en wist zijn plaats aan de wereldtop te behouden. Ook live is er sinds jaren een solide basis gesmeed door de inbreng van de Oostenrijkse drummer Christian Eigner en toetsenist Peter Gordeno. De shows staan keer op keer als een huis en zorgen nog steeds voor overvolle en uitverkochte zalen en arena’s.

Ook de tickets voor het concert in het Antwerpse Sportpaleis van afgelopen zaterdag waren in  een mum van tijd de deur uit, en dit nauwelijks een half jaar na het optreden op de weide van Rock Werchter. Bijkomend merkwaardig gegeven is dat hun recentste album ‘Delta Machine’, waar de tour aan gekoppeld is, geen echte catchy, uptempo of hapklare nummers bevat. Ook aan de stijl is er op het dertiende studioalbum – behalve de inbreng van wat meer blues – nauwelijks iets gewijzigd (voor de derde maal op rij zat trouwens Ben Hillier achter de knoppen). Maar Depeche Mode kan rekenen op een trouwe schare fans en dat zou ook zaterdagavond meermaals blijken.

Want het moet gezegd, ook in Antwerpen etaleerde de groep haar eigenzinnigheid. Hoewel vooraf als opwarmer pompende beats door de luidsprekers schalden en een opzwepend feestje in het verschiet leek, stond het eerste deel van de set bol van de trage en vooral donkergetinte nummers.
Openers van dienst « Welcome To My World » en « Angel », niet toevallig ook de twee eerste tracks op ‘Delta Machine’, zetten de toon. Gedrenkt in een beetje triphop en dubstep met toevoeging van vooral pulserende beats en industriële klanken, viel daarin heel wat somberheid te bespeuren en besloot Eigner zijn drumstel eerder te geselen dan te zalven wat hij ook bij de aanvang van « Walking In My Shoes » onderstreepte.
De groep had het publiek meteen op zijn hand. Vooral ook toen ‘oudjes’ als « Black Celebration » en « Policy Of Truth » aan bod kwamen.
Bovendien hebben ze met Dave Gahan nog steeds een charismatische frontman in de rangen. Zelfs op zijn 51ste levensjaar hoeft hij maar eventjes als een moderne Elvis op het ritme van de muziek met zijn achterwerk te schudden (tijdens het bijzonder fraaie « Precious »), zijn jasje te openen of als een derwisj rond zijn eigen as te tollen of zich de loopbrug te begeven (bij o.m. « Should Be Higher ») om – vooral – de vrouwen tot de allerlaatste rijen te doen krijsen van genot. Maar bovenal is Gahan een erg goede zanger die met zijn baritonstem alle nummers naar een hoger niveau stuwt.
Geen bariton- maar wel een zachte tenorstem heeft de multi-instrumentalist en voornaamste liedjesschrijver Martin L. Gore. Zoals bij iedere tournee kreeg ook hij nu zijn gloriemoment toebedeeld om solo en louter op piano begeleid door Gordeno, enkele nummers te brengen. Met wisselend resultaat.
Zo bleek het nieuwe « Slow » eenmaal ontdaan van nagenoeg alle instrumentatie en mede door het repetitief zingen van de zin “As Slow As You Can Go”, zo sloom uit te pakken dat er  gevreesd kon worden dat de trein der traagheid helemaal zou sputteren en tot stilstand zou komen. Dan maar liever de studioversie inclusief de bluesy gitaar. Gelukkig was « But Not Tonight » wel pakkend én verrassend. Want het was de allereerste keer dat de groep dit nummer tijdens een tournee live vertolkte. In 1986 uitgebracht, fungeerde dit nummer in  Europa namelijk louter als een b-kantje van « Stripped ». Enkel in de Verenigde Staten werd  dit mede door het gebruik in de film ‘Modern Girls’ als single uitgebracht en als ‘bonus track’ toegevoegd op het album « Black Celebration ». Nu het na vele jaren van onder het stof werd gehaald, werd dit door de fans zo fel gesmaakt dat ook al verschenen de overige groepsleden terug op het podium, men vanuit het publiek bleef zingen als betrof het een nieuwe hymne. Het vormde in ieder geval een mooie inleiding tot « Heaven », de eerste single uit ‘Delta Machine’.

En toen was – precies halfweg de set - het moment aangebroken om met « Behind The Wheel » – kan het nog symbolischer? – het gaspedaal stevig in te duwen en via een extra lading beats te zorgen voor een juiste bandenspanning. Deze tempowisseling kwam niets te vroeg want de groep kreeg bij deze electropop van het hoogste niveau meteen bij alle aanwezigen de handen op elkaar en de achterwerken van de stoelen. Het geluid van een racende auto op het einde maakte het helemaal af.
Ook in hoge versnelling passeerden « A Pain That I’m Used To » (uitgevoerd in de Jacques Lu Cont remix waarbij Eigner zich nogmaals in het zweet drumde) en « Question Of Time » (mét de pirouettes van Gahan incluis) de revue.
Het massaal meegezongen « Enjoy The Silence » onderstreepte nog maar eens zijn status als klassieker. De subtiele symbiose tussen elektronica en gitaar ontbolsterde halfweg door toevoeging van extra drums en overstuurde elektronica geleidelijk tot een fantastische climax. Ook bij « Personal Jesus » werd de spanning gestaag de hoogte ingejaagd door het nummer vanuit een mooie lange swamp blues intro te laten aanzwellen en te laten losbarsten bij het fel gescandeerde “Reach Out And Touch Faith”. De versie die in Antwerpen werd gebracht, deed sterk denken aan het beste van The Black Keys. Gahan jongleerde met de microfoonstandaard zoals Freddie Mercury dit ooit als de beste kon en zocht alle kanten van het podium op.
Het was hierna ook het sein voor alle groepsleden om de zijlijn op te zoeken en zich klaar te maken voor de toegiften. Daarbij trok Depeche Mode nogmaals alle registers open en scoorde een overtuigende vijf of vijf.
Het begon nog uiterst intiem met « Shake The Disease », door Gore gezongen en opnieuw louter begeleid door Gordeno. Deze tot volledige naaktheid gereduceerde non-album single uit 1985 schitterde in alle bescheidenheid.
« Halo » kreeg de Goldfrapp remix aangemeten terwijl « Just Can’t Get Enough » dat na lange tijd ook nog eens live zijn opwachting maakte, bijzonder sterk aanleunde bij de originele 80’s uitvoering en hiermee plots de vreemde eend in de bijt werd. En dan te bedenken dat Depeche Mode hiermee groot geworden is. 

Met het strakke « I Feel You » waarbij Gahan zich bij momenten de ziel uit het lijf schreeuwde, en een uitstekend « Never Let Me Down Again » kwam er een einde aan een twee uur durende, op en top verzorgde show (niet enkel muzikaal maar ook visueel dankzij prachtige beelden van Anton Corbijn op reuzenschermen geprojecteerd). De machine van Depeche Mode sputtert duidelijk nog niet.

Setlist:
Welcome To My World – Angel - Walking In My Shoes – Precious - Black Celebration - Should Be Higher - Policy Of Truth – Slow - But Not Tonight – Heaven - Behind The Wheel - A Pain That I’m Used To - A Question Of Time - Enjoy The Silence - Personal Jesus
------------
Shake The Disease – Halo - Just Can’t Get Enough - I Feel You - Never Let Me Down Again

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/depeche-mode-25-01-2014/

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Son Lux

Son Lux - a new stereophonic sound spectacular

Geschreven door

Ryan Lott is een 34-jarige klassiek opgeleide componist die nog met Sufjan Stevens samengewerkt heeft en die als Son Lux een eclectische mix van electronica, klassieke composities en hiphop brengt. ‘Lanterns’, de derde plaat van Son Lux dook op in menig eindejaarslijstje, en in het nieuwe jaar hadden we de kans deze Amerikaanse componist live aan het werk te zien in een uitverkochte Grand Mix.

We waren benieuwd hoe hij live zijn complexe nummers zou brengen, te meer daar ‘Lanterns’ vol stond met koortjes en een uitgebreid instrumentarium gaande van saxofoon, strijkers en fluit tot zelfs gestemde wijnglazen. Ryan Lott had voor een minimale bezetting gekozen, met drummer Ian Chang en jazzgitarist Rafiq Bathia, terwijl hij zelf een keyboard en laptop meegebracht had die hij in een voorovergekantelde opstelling bespeelde.
Beginnen deed Lott met de opener van zijn plaat, “Alternate World” dat Sufjan Stevens’ gewijs begon met wervelende belletjes, waarover hij zijn hese stem lardeerde, waarna de beat inzette en het nummer zich tot een hymne ontplooide die aan James Blake deed denken. De outro van het nummer kreeg jazzlickjes mee van de gitarist, die tegen geprogrammeerde operakoortjes aanbotsten.  Als mission statement kon dit tellen.
In “No crimes” kregen de scheurende gitaar en de syncoperende drums een voorname rol, en saboteerde Lott zijn compositie met ontregelende geluidjes, maar altijd op een manier dat alles op het einde weer op zijn pootjes terecht kwam, wat heel duidelijk toonde hoe gemakkelijk Lott zijn complexe composities live durft verknippen en verplakken.  In zijn podiumact schuwt Lott ook de grote gebaren niet, als een Messias hief hij zijn armen de hoogte in, balancerend op de fijne lijn tussen bombast en overtuiging.
“Easy”, de single die je misschien van Stu Bru kent, kreeg een pak freejazz gitaar over zich heen gekieperd, het leek wel of Battles nog eens naar de Grand Mix gekomen was. Daarop volgend kregen we twee oudere nummertjes, bijvoorbeeld “Wither” dat alle kanten op knetterde op een electronisch basisloop. Vervolgens riep Lott de vroege Goldfrapp op in het melancholische “Ransom” waarna een rustpunt ingebouwd werd met “Stay”, dat jazzy begon: de drummer bespeelde de cymbalen zachtjes met zijn handen, maar opnieuw ontspoorde dit nummer met een gitaarsolo J. Mascis waardig. “Plan the escape” begon met de spooky synths die we kennen van The Knife, om dan het orchestrale van een Sufjan Stevens in de blender te gooien met de experimentele jazzrock van Battles. Gedurfd. “Pyre”  knetterde en schuurde dan weer dat het een lieve lust was, voortdenderend op een kapotte beat.
De grande finale vanavond was “Lost it to trying” dat met zijn euforisch refrein naar de festivals lonkte, en waarin het leek of Son Lux zijn eigen nummer aan het scratchen was, zonder dat daar een draaitafel aan te pas kwam.
Als bis bracht Lott nog solo het verstilde “Lanterns Lit”,  het eerste kippenvelmoment van het verse jaar was een feit.

Son Lux deed vanavond ons brein knetteren. En zo hebben we het graag.

Setlist Alternate World - No crimesEasyWitherBetrayRansomStay - Plan the escapePyre - Lost it to trying
Bis Lanterns lit

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

Beoordeling

Gabriel Rios

Gabriel Rios - Fenomenaal concert

Geschreven door

Gabriel Rios - Fenomenaal concert
Gabriel Rios
30cc
Leuven
2014-01-23
Wouter Verplancke

De avond begon met Hydrogen Sea, dit duo had al eerder in het voorprogramma van Gabriel Rios gestaan. Dit straalde dan ook van het podium af, vol zelf vertrouwen brachten ze elektronische pop met een dromerig kantje, sterk gelijkend op het Duitse Hundreds. Ondanks dat ze maar met twee op het podium stonden, wisten ze toch het publiek te overtuigen. Een puntje van kritiek zou kunnen zijn dat sommige nummers nogal abrupt werden afgesloten.

Na de pauze trakteerde Gabriel Rios ons op “Voodoo Chile”, een prachtige cover van Jimi Hendrickx’s werk. De avond die ons te wachten stond, zou geen overzichtje zijn van zijn ouder werk.
Deze avond zou een avond worden vol nieuwe nummers waarvan we er al vier kenden dankzij zijn website. Rios laat immers elke derde maandag van de maand een nieuwe single op de wereld los, dan heb je ongeveer een maand om het volledig op te zuigen, waarna je niet langer kan wachten op een nieuwe single.
Het concert zelf werd voor Rios wel een ‘walk through memorylane’, hij trakteerde ons op verhalen over zijn avonturen in New York. Het uittesten van de nieuwe nummers op een publiek bestaande uit soms zeven tot dertien man. Ondanks dat hij nu voor een uitverkochte stadschouwburg stond te spelen, voelde het concert toch intiem en vertrouwd aan.
De nieuwe nummers worden gekenmerkt door simpliciteit, een man met een gitaar, een contrabas en een cello, meer is blijkbaar niet nodig om wat naar mijn mening de beste cd van 2014 zal worden.
Hou de website van Gabriel Rios maar in de gaten want er komen nog veel goeie nummers aan. Ik zelf kijk uit naar “Burning Son”, een nummer met een iets stevigere ondertoon.

Setlist: Voodoo Chile-Straight Song- Skip the Intro- City Song- Madstone- Burning Son- Saint Mary- Work Song- Gold- Apprentice- Police Sounds- Old Shoes- El Carretero- Swing Low- All Is Fair- Beast in me

Neem gerust en kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/gabriel-rios-23-01-2014/
Organisatie: 30cc, Leuven

Beoordeling

Axelle Red

Axelle Red – Rode gloed van een even warm concert

Geschreven door

Axelle Red is al een kleine twintig jaar bezig en kan al terugblikken op een succesvolle carrière. Vorig jaar plaatste ze zich op het voorplan met de sterke, overtuigende plaat ‘Rouge Ardent’ . De songs hebben nu net die ideale formule van pop, chanson, variété, soul’n’funk en  zitten simpelweg goed in elkaar.

De Limburgse Fabienne Demal is in het buitenland even populair en zorgt voor ‘unity’ gevoel in ons landje. Zij koestert Franstalige als Vlaamse fans met haar sfeervolle , indringende en lichtvoetige pop . Die gekende Françoise stijl wordt enorm geapprecieerd , meer dan haar Engelstalige nummers .
Ze is een veelzijdige artieste en daar kunnen we niks anders dan respect voor opbrengen , want naast sing/songschrijfster en moeder is ze maatschappijkritisch, komt ze op voor de vrouwenrechten en zet zij zich in voor allerhande projecten , o.m. als Unicef-ambassadrice.
Vanavond concerteert ze in uitgesteld relais; door laryngitis moest in december het concert noodgedwongen worden gecancelled. Ze speelde een twee uur durende set , waarbij natuurlijk de klemtoon kwam op het vol lof onthaalde ‘Rouge Ardent’, en grossierde zij op ongedwongen wijze in haar carrière.
Een rode achtergrond en een rode gloed injecteerde het gevoelig emotievolle kader van haar materiaal . Ze beschikt trouwens over een sterke begeleidingsband , met een soulfull damesduo op de achtergrond , die de nummers breder, voller maakten.
Kortom , we hadden hier een prima band met Axelle Red als sterke persoonlijkheid die haar nummers voldoende stoffeert . ‘Rouge Ardent’ zelf is geïnspireerd op ‘Into the wild’ van Sean Penn. Ze draagt haar luisteraars een warm hart toe en bood een uitermate gevarieerde set van uptempo grooves en tristesse, melancholie.
De eerste nummers “Amour profond” , “Ta claque” en “A tatons” toonden aan hoe aanstekelijk haar nummers kunnen zijn, inwerkten op het gevoel en instonden voor een lichte swing en move . De piano/keys en het gitaarspel, evenals het achtergrondkoor, maakten de rode kleur nog roder! Meer dramatiek hadden we bij het innemende “Sur la route sable” en “Je te l’avais dit” . Breekbaar klonk ze met een sober gehouden “Ce matin” , enkel begeleid van akoestische gitaar en het solo gespeelde “Quelque mots d’amour” op piano , één van de covers die ze naar boven haalde . Tussenin zaten successen als de sfeervolle “Elle danse seul” en “Sensualité”. “Rester femme” was één van de spannendste songs en werd enorm mooi uitgediept; het publiek liet ze golvend mee neuriën . Met een dosis warmte en gevoeligheid kon je hier heerlijk wegdromen.
Inderdaad, mijmering , nostalgie en kippenvelmomenten , maar we gleden net niet teveel af , want “Le monde tourne mal” , “Ma prière” en “De mieux de mieux” vingen dit met de nodige dynamiek en opwinding op .

Axelle Red werd sterk onthaald en kon rekenen op de modale dertiger, veertiger in de AB . We kregen er nog een boeiende, broeierige bis bij . In een sexier outfit kwam ze nog met een dampend funkende “Venez vers moi” , het ingetogen “Parce que c’est toi” , die een nightclubgevoel uitstraalde en “Rouge Ardent” , die letterlijk een dikke rode streep onder het optreden trok .

Vanuit een maatschappijkritische bril hadden we een uiterst sfeervolle set die haar talent, haar goed ingespeelde begeleidingsband  en haar materiaal onderstreepte,  of het nu spaarzaam of breder klonk . Kijk, op onze sympathie mag ze alvast blijven rekenen!

Organisatie: Greenhouse Talent

Beoordeling

Trans-Siberian Orchestra

Trans-Siberian Orchestra - Handvol die-hards ziet schitterend TSO in veel te groot Vorst Nationaal

Geschreven door

Trans-Siberian Orchestra ook wel TSO genoemd door de kenners, was terug te zien in België. Greenhouse Talent slaagde er opnieuw in om deze unieke formatie naar België te halen net zoals ze al in 2011 deden. Toen stond TSO in de Antwerpse Stadsschouwburg met een sublieme show rond het album 'Beethoven's Last Night'. Deze keer werd Vorst Nationaal gekozen als één van de 13 stops tijdens deze korte 'Europe Winter Tour'.

Met meer dan 10 miljoen concertbezoekers (hoofdzakelijk in de V.S.) is TSO een van de meest succesvolste rockacts van de afgelopen 10 jaar. Hun spectaculaire symfonische rockshows maken van elk TSO optreden een onvergetelijk totaal rockspektakel. Helaas liep het Belgische publiek niet echt warm voor deze rockopera sensatie en was de setting 'Vorst Nationaal Club' ook nog veel te hoog gegrepen. Het was pijnlijk om te zien dat de machtige rocktempel Vorst Nationaal er zo ongezellig leeg (slechts 1500 aanwezigen -  werd er gefluisterd!) bij zat.
Doch toen TSO even na half negen in grote getale het podium op kwam had iedereen er echt heel veel zin in. "Time And Distance" & "Winter Palace" brachten meteen de nodige bombast en lieten ons al meteen genieten van visuele hoogstandjes. Een uiterst professionele spectaculaire lichtshow en vooral een overdosis aan lasereffecten en rooktapijten kleurden de ganse avond de show perfect in. Een lichtspektakel dat we enkel eerder zagen bij Pink Floyd en hun opvolgers. Het is mij echter niet duidelijk waarom er in Vorst geen vuurwerk gebruikt kon worden (volgens bronnen zou dit komen door een nieuwe hoofdstedelijke verordening die dit niet meer toelaat). Jammer, want een dag later in Amsterdam zat de show wel vol extra pyro effecten!
TSO ontsproten uit het ter ziele gegane Savatage, bracht gedurende de avond ook enkele opmerkelijke Savatage covers. De basis van dit symfonische gezelschap is immers bijna de ganse Savatage bezetting met: John Lee Middleton (Bass), Chris Caffery & Al Pitrelli (Guitars) en Jeff Plate (Drums). Hoewel 'Poets And Madmen', de laatste studioplaat van Savatage al dateert van 2001 wordt deze metalrockband vandaag nog steeds op handen gedragen door een zeer fanatieke fanbasis. De gebrachte Savatage covers werden dan ook zeer warm onthaald. "This Is The Time (1990)", gebracht door een eerste zanger en de alom bekende Jeff Scott Soto was meteen een schot in de roos....al moet ik toegeven dat Jeff hier niet meteen al te best bij stem was. "Handful Of Rain", gezongen door de zwarte zangeres Erika Jerry slaagde er in met haar diepe, warme stem een toch wel eigenzinnige maar uiterst geslaagde versie neer te zetten. Maar hoogtepunt van de avond werd gebracht door de blonde God Nathan James die een schitterende versie van de Savatage klassieker "Gutter Ballet" bracht. Plotseling leek het alsof Vorst Nationaal helemaal vol zat. Waarmee duidelijk bewezen werd dat elke metal liefhebber nog steeds hoopt op de dag dat Savatage hun reünietournee zal aankondigen.
Buiten al dat moois van Savatage was er natuurlijk nog veel meer om van te genieten. De setlist bevatte songs & 'instrumentals' uit alle vijf TSO (kerst)albums. Net als de vorige keer was ook nu verteller Bryan Hicks van de partij die de muziekflarden aan elkaar praatte. Gelukkig kreeg hij deze keer een wat minder prominente rol toebedeeld, wat de vaart in het spektakel duidelijk ten goede kwam. Ook opnieuw van de partij was zanger en Meat Loaf kloon (maar dan gezonder en beter bij stem!) Rob Evan die met zijn trillende vibrato stem de absolute vocale uitblinker was van de avond. Instrumentaal zat alles ook perfect in elkaar. Naast de 17 koppige TSO band stond ook nog een Brussels symfonisch orkest mee op te planken. Die gaf de klassieke stukken nog wat extra bombast mee en presenteerde ons schitterende uitvoeringen van klassieke klassiekers zoals o.a. "Carmina Burana" en "Beethoven's Requiem (The Fifth)". De Oekraïense pianist Vitalij Kuprij  mocht in de finale ook nog eens zijn virtuositeit demonstreren en bracht in zijn waanzinnige pianosolo ook een stukje van ons Belgisch volkslied! De finale werd afgesloten met publiekslieveling en Savatage instrumental: "Christmas Eve (Sarajevo 12/24)" maar toen hadden we er al bijna 150 minuten opzitten.

Trans-Siberian Orchestra bracht opnieuw een geniale rockshow! Een totaalspektakel met een perfecte mix tussen bombastische symfonische rock en klassiek, bovendien voorzien van een adembenemende lichtshow. Verrassend was dan weer de perfecte klank (toch vooraan) in een leeg Vorst Nationaal en de prominente aanwezigheid van Savatage melodieën en songs in de setlist.
Hopelijk worden er uit de geringe interesse voor dit optreden niet al te veel conclusies getrokken en krijgen we in de toekomst toch nog de kans om TSO live aan het werk te zien op een Belgisch podium!

Setlist: *Time And Distance *Winter Palace *This Is The Time (1990) *Christmas Jam *Handful Of Rain *A Last Illusion *Gutter Ballet *Misery *Mephistopheles' Return *Mozart/Figaro *Sparks *The Hourglass  *Someday *Child Unseen *Believe  *Wish Liszt (Toy Shop Madness) *After The Fall *Wizards In Winter *All That I Bleed *Dreams Of Fireflies (On A Christmas Night) *Carmina Burana *Epiphany
------------------
*The Mountain *Piano Solo *Beethoven *Requiem (The Fifth) *Christmas Eve (Sarajevo 12/24)

Neem gerust een kijkje naar de pics
 
Organisatie: Greenhouse Talent

Beoordeling

Babyshambles

Babyshambles - Ode aan de Rommel

Geschreven door

Bijna vier jaar geleden was het, Babyshambles op Belgisch grondgebied. Hun doortocht op De Lokerse Feesten in 2010 was tevens hun laatste optreden voor dik drie jaar. Je kon de vertoning op z’n minst interessant noemen. Was Paul Weller (die voor Babyshambles aantrad) nog het toonbeeld van een piekfijn, tot in de puntjes geregeld optreden dat bijna even strak zat als Paul’s kostuum, dan was Babyshambles de totale anarchie. Ontstemde gitaren, een stomdronken Pete die de champagne rijkelijk deed vloeien, gespeelde vechtpartijtjes met gitarist Mik Whitnall tijdens “Fuck Forever”, een klein meisje uit het publiek op het podium tijdens “Albion”. Perfect georkestreerd was het niet, wat je gerust als een verademing kunt noemen in tijden waarin bands hun bindteksten instuderen en op hun setlist aangeven wanneer ze zo nodig aan een sigaret moeten leuren, zodat hun roadie deze op tijd kan rollen. Ze zelf aansteken lukt hen nog net.

Geruisloos verdween Babyshambles dus na hun passage in Lokeren uit de picture, Peter zijn solotour bleef maar verder slabakken en kende meer lows dan highs, en dan hebben we het wel degelijk over de kwaliteit van de optredens, niet over zijn geestestoestand. Pete is natuurlijk een soort hedendaagse versie van de Byronic Hero uit de Romantiek. Zelfdestructief, emotioneel getormenteerd, intelligent, mysterieus, een lak aan regels en een mal du siècle gevoel. Noem het gerust een wonder dat hij nog rondloopt.
Waar iedereen vermoedde dat Babyshambles en bij uitbreiding Pete zelf nooit meer op het hoogste niveau zou terugkomen, deed de band plots het onverwachte: met “Nothing Comes To Nothing” begin juli een nieuwe single uitbrengen. Het was met voorsprong ons favoriet (zomer)nummer van 2013. Diezelfde dag nog speelden ze voor het eerst terug samen op Soirs d’été in Parijs. “Vive la republique”, schreeuwde Pete in de microfoon alvorens de openingsakkoorden van “Fireman” in te zetten. Liberty, equality, fraternity, Doherty. Babyshambles is terug.
De heuse Europese tour bracht hen op 16 januari naar een hopeloos uitverkochte AB in Brussel.
Amper een handvol minuten te laat waren ze. Misschien hadden ze wel rekening gehouden met het feit dat dit optreden volledig live gestreamd werd. Wat ook vrij snel bleek is dat we te maken hadden met een, voor zijn normen, vrij sobere Pete. Want voor iedereen die dacht dat hij compleet lazarus was, we’ve seen worse, far worse. Dit was: niet té veel blabla en gewoon zoveel mogelijk nummers er door rammen in een klein anderhalf uur.
Opener “Delivery” zette de toon, een uitzinnig publiek deed z’n best zo goed mogelijk in beeld te komen. Het had naadloos moeten overgaan in “Nothing Comes To Nothing”, ware het niet dat de drummer Adam Falkner niet helemaal bij de les was. Ze speelden doodleuk de outro van “Delivery” opnieuw om de overgang wel te doen kloppen. No worries lads, die mannen van de montage knippen dat er wel uit. Tijdens de uitzending op Acht op 8 februari zal je hier niks van merken.
Al tijdens derde nummer “Seven Shades” liet Doherty zich in het publiek vallen. Het typeerde de losse sfeer. Skanummers “Stone Me” en “I Wish” (met een refrein dat een voetbalkreet kon zijn), “Fall From Grace”, “Beg Steal Or Borrow” en “UnBiloTitled” waren de ideale ‘rust’momenten tussen opzwepende songs als “Gang of Gin”, “Fireman”, “Baddie’s Boogie”, “Side Of The Road”, “8 Dead Boys” en “Pipedown”. Stuk voor stuk zo verschroeiend gespeeld en enthousiast onthaald dat het wel leek alsof we op 1 of ander punkoptreden beland waren.
Natuurlijk was niet alles even strak. Het eerder genoemde “Gang of Gin” bijvoorbeeld was zo rommelig als de studeerkamer van een universiteitsstudent in volle examenperiode. (Geloof me, ik weet waarover ik het heb) Wie wel een retestrakke Babyshambles wil horen legt beter hun platen op, de optredens zijn steevast een ode aan de rommel, en dat was nu niet anders. Het is een heuse live-ervaring die elke muziekliefhebber eens zou moeten meegemaakt hebben. Pete die sigaretten en aanstekers in het publiek gooide, op z’n eentje een onbekend nummer speelde, vroeg of dit land nu eigenlijk al een regering heeft, verhalen vertelde over hoe hij kids ruiten zag inslaan in Brussel, meer op de grond lag dan hij op z’n benen stond, portretten aannam, zijn gitaar richting roadie gooide en vervolgens diezelfde roadie die het uitzinnig publiek van het podium moest duwen zélf het publiek induwde. Er gebeurde altijd wel wat en je verveelde je geen seconde.

Opnieuw bleek wat voor een ideale afsluiter ze hebben met “Fuck Forever”. Een gevoel van blijdschap (yes! Fuck Forever!) en tristesse (fuck! het beste optreden van 2014 zit erop), overvalt je. Niet dat het publiek zich daar wat van aantrok, zij dansten nog een laatste keer en zwaaiden vervolgens met pijn in het hart Pete and the boys uit. Tot een volgende keer. Op Rock Werchter bijvoorbeeld. Tenzij een zwangere kat er een stokje voorsteekt lijkt vlak voor Arctic Monkeys ideaal, kwestie van het contrast tussen Het Perfecte Optreden en Het Vermakelijkste Optreden extra in de verf te zetten. Als het nog niet duidelijk was: wij kiezen resoluut voor het tweede. Fuck Forever.

Edit: Ondertussen is Babyshambles al bevestigd voor Rock Werchter. Geachte organisatie, nu jullie blijkbaar toch meelezen: polsen jullie eens bij The Strokes ook? Dankuwel.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/babyshambles-16-01-2014/
Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Lanterns On The Lake

Lanterns On The Lake - Bezwijkt onder zwaarmoedigheid

Geschreven door

Het gerenommeerde en verfijnde Bella Union platenlabel lijkt begin 2014 een versnelling hoger te willen schakelen. Met de gloednieuwe band Snowbird neemt oprichter Simon Raymonde (ex-Cocteau Twins) na vele jaren zelfs eigenhandig het touw opnieuw in handen. In hun kielzog passeerden ook labelgenoten Lanterns On The Lake de revue in een goed volgelopen Witloof Bar.
Dit Britse indie vijftal stelde er het nieuwe ‘Until The Colours Run’ voor. Een delicaat album waarop shoegaze, postrock en folk elkaar een beetje voor de voeten lopen. De songteksten zijn geïnspireerd door de grimmige economische vooruitzichten van thuisstad Newcastle. Ook live viel er weinig opbeurends te beleven op het podium.
“Buffalo Days“ en “Another Tale From Another English Town” ontblootten zich nog gracieus als een priemende zonnestraal tussen een dik wolkendek op een Engelse groene heuvelrug.  Maar helaas bezweek het concert voor de rest onder haar eigen zwaarmoedigheid.
Hazel Wilde, de zangeres met verleidelijke stem, was duidelijk opgetogen over de grote opkomst in de zaal. Maar of Lanterns On The Lake in staat is om volgende keer een nog meer muziekminnend volk te lokken bleef na dit optreden nog een vraagteken. 

Organisatie: Botanique, Brussel   

Beoordeling

Pagina 228 van 386