logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Epica - 18/01/2...
Hooverphonic
Concertreviews

Yo La Tengo

Yo La Tengo: Freewheeling Yo La Tengo

Geschreven door

Yo La Tengo heeft al twintig jaar een eigen unieke kijk op de gitaarpsychedelica, met groepen van toen: 11 th Dream Day, Seam, Flowerhead, The Wedding Present, Firehose, The Fall en Slint; een muzikaal verkenningspad van een poppy dromerig, sfeervol en loungy geluid tot een bedreven, noisy sound in een tapijt van fuzz en distortion. Avontuurlijk, boeiend en intrigerend.
Het drietal uit Hoboken, NYC, Ira Kaplan (gitaar), vrouwlief Georgia Hubley (drumster, knipoog naar Moe Tucker van V.U.) en Jamers McNew op bas hadden vanavond een speciale formule klaar: ze speelden een semi-akoestische set van hun oeuvre in een soort persconferentiestijl, waar het zittende publiek allerlei vragen kon stellen over hun rijkelijk gevulde carrière, samenwerkingen, ervaringen over filmsoundtracks (o.a. ‘The sounds of the sounds of science’), kennis van Belgische bands, ontmoetingen met andere artiesten (waaronder Rollins/Black Flag, Daniel Johnston) tot zelfs vragen over de Simpsons.

’Freewheeling’ Yo la Tengo staat voor een geheel aan shows van muzikaal entertainment, die ze in de VS regelmatig doen door hun songs spaarzaam te begeleiden. Het is ‘Talking - Enjoying – Playing’. Hierin zitten er geen requests, maar de ‘vraag- antwoord’ vorm werd telkens met een song getrakteerd. In september verschijnt het nieuwe werk; in het begin van de ruim anderhalf uur durende set kregen we enkele intens sfeervolle songs te horen. In het tweede deel van de set klonk de band krachtiger door een repetitief basspel, een ietwat fors klinkende drums en Ira, die eens kon loos gaan op z’n akoestische en elektrische gitaar, waarbij hij vanuit z’n stoel de pedaaleffects stevig kon indrukken of het geluid vervormde tegen z’n versterker!
We hoorden prachtversies van “Big day coming”, “Pass the hatchet, I think I’m good kind”, “What can I say”, “Sugarcube”, “Mr Tough” en “This is YLT”. De afwisselende zang en de samenzang sierden het geheel.
Ze breidden er nog een uitgebreide bis aan met een sober en elegant “Speeding motorcycle” - btw jarenlang geweerd in de setlist, maar … op verzoek nu toch wel gespeeld, Lou Reed’s “Best friend” en het intiem pakkende “I feel like going home”.

Een enthousiaste band en een nieuwsgierig publiek: een los ontspannende formule en interactie die niemand onberoerd liet, en een sterke respons opleverde.

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Whitesnake

David Coverdale’s revanche

Geschreven door

Op verkiezingsdag zondag 7 juni stond één van mijn ‘all time favorite bands’ in de Brusselse AB: Whitesnake. De voorbije jaren had ik Whitesnake een aantal keren gezien op enkele festivals. De band met de charismatische frontman David Coverdale kon mij toen geen enkele keer overtuigen en dit vooral vanwege de tegenvallende, wispelturige vocalen van de grootmeester ‘himself’. Met wat ambivalente gevoelens begaf ik mij naar de uitverkochte AB en kwam naderhand aangenaam verrast thuis van een fantastisch concert vol hoogstaande melodieuze rock.

Whitesnake bestaat sinds 1977. David Coverdale richtte de band op nadat zijn avontuur bij Deep Purple was afgelopen. Doorheen de geschiedenis laste de band enkele lange pauzes in. Ondertussen is Whitesnake sinds 2004 terug goed op dreef in wat nu al de vijftiende line-up is. Vorig jaar verscheen dan ook nog eens het uitstekende nieuwe album ‘Good To Be Bad’, de opvolger van ‘Slip Of The Tongue’ uit 1989.

Support-act van de avond was het onbekende Electric Mary. De avond ervoor hadden we de heren al tegen het lijf gelopen bij het concert van John Waite in de Spirit Of 66, waar ze enkele dagen later ook een headline show zouden gaan spelen. Nu mochten ze openen voor Whitesnake, wat ongetwijfeld een hele eer was voor deze sympathieke Australiërs. Stevige ruwe ongepolijste rock-’n-roll, waarbij vooral de schorre, schreeuwerige vocalen van zanger Rusty Brown opvielen. Duidelijk een geroutineerde band, al mikt men nu pas met het vorig jaar verschenen album ‘Down To The Bone’ op internationaal succes. Er was echter één groot minpunt aan de set en dat was de foutieve geluidsbalans, die meer dan eens in het rood ging! Jammer, want om het wat dragelijker te maken zag ik menig doorwinterde hardrockfan de frontlinie verlaten om achteraan in de zaal te gaan luisteren.

Niet zo bij Whitesnake, die meteen de juiste sound neerzette. Na de “My Generation” introtape trapte de band af met “Good To Be Bad”, de openingstrack uit het nieuwe album. De sfeer zat er meteen goed in en het was duidelijk zichtbaar dat de band er erg veel zin in had. David Coverdale, die straks 58 wordt, zag er behoorlijk fris uit. Bovendien was hij deze keer erg goed bij stem, al kun je niet ontkennen dat Coverdale het uiterst moeilijk heeft om de hoge noten te halen. Gelukkig werd hij vakkundig geholpen door een zeer sterke begeleidingsband (die meermaals de vocalen van hem overnam) en kreeg hij ook technische hulp van de man achter de geluidstafel. Over de songs uit de setlist zijn de meningen sterk verdeeld. Er werden vooral songs gespeeld uit de periode na het titelloze album uit 1987. Enkele uitzonderingen hierop waren “Guilty Of Love” uit ‘Slide It In’, een album dat dit jaar zijn 25ste verjaardag mocht vieren. Hoogtepunt van de avond was het bluesy “Ain’t No Love In The Heart Of The City”, de cover uit Whitesnake’s ‘Snakebit EP’ van 1978. Luidkeels meegezongen door de volle AB…een magisch moment. Ook het kleine Deep Purple stukje “Mistreated”, na “Can You Hear The Wind Blow” sloeg erg aan. Verder zaten de nieuwe songs slim verweven tussen de oudere hits. Als ‘love band’ was er natuurlijk ook plaats voor veel ballads. Het sterke akoestisch gebrachte “The Deeper The Love” en “Is This Love” vormden een rustig middenstuk. Naast de hoogtepunten werd het fel uitgesponnen “Got What You Need” het dieptepunt van de avond. Een vrij saaie drumsolo werd voorafgegaan door een overbodig gitaarduel tussen Dough Aldrich en Reb Beach. Voor Coverdale tijd zat om op adem te komen en zijn nieuw ‘Rebel Spirit’ shirt aan te trekken. Want naast de muziek blijven ‘de looks’ voor Whitesnake natuurlijk erg belangrijk.
De finale was weinig verrassend maar daarom niet minder gewenst. “Still Of The Night” blijft natuurlijk het Whitesnake epos bij uitstek en met een grandioze versie van “Fool For Your Loving” werd iedereen voldaan huiswaarts gestuurd.

Anno 2009 blijft het legendarische Whitesnake nog steeds sterk overeind. Mede door een professionele begeleidingsband weet Coverdale de zwakkere momenten te overbruggen en zo kregen we een avond vol pure 80’s hardrock en emotie. De band speelde wel op veilig en persoonlijk had ik liever wat ouder werk gehoord.
Na enkele mindere Whitesnake optredens kan ik nu concluderen dat dit toch een beetje Coverdale’s revanche was en het zou dan ook volkomen fout zijn als we de efficiënte melodische rock van Whitesnake nu (al) zouden afschrijven!

Setlist: * Good To Be Bad *Bad Boys *Can You Hear
d The Wind Blow / Mistreated *Love Ain’t No Stranger *Guilty Of Love *Lay Down Your Love *The Deeper The Love *Is This Love *Got What You Need *Ain’t No Love In The Heart Of The City *All Your Love Tonight *Here I Go Again
*Still Of The Night *Fool For Your Loving

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Jarvis Cocker

Jarvis: hoogtepunt van een ‘middle-class hero’

Geschreven door

Sheffield...Noord-Engelse stad met stalen zenuwen en een rijk muzikaal verleden. Thuishaven van ondermeer Joe Cocker, Def Leppard, The Human League, Moloko, Arctic Monkeys en Pulp. Laatstgenoemde band werd in 1978 opgericht door de 15-jarige (!) Jarvis Cocker en wist zich pas 16 jaar later, nota bene in volle Britpop gekte, te verzekeren van enige roem en faam met het doorbraak album ‘His ‘N’ Hers’. Nog eens drie albums en een handvol radiohits later zet de groep zichzelf (tijdelijk) op non-actief en begeeft Cocker zich op een succesvol solopad. Onder de artiestennaam Jarvis laat hij vanuit zijn nieuwe stekje te Parijs in 2006 een eerste titelloos album op de wereld los, waarop hij zich profileert als het middle-class popster-tegen-wil-en-dank equivalent van grote voorbeelden Scott Walker en Leonard Cohen. Na het doden van de tijd met gastrolletjes op platen van o.a. Air en Marianne Faithfull verscheen een paar weken terug ‘Further Complications’, zijn tweede soloplaat die hij afgelopen zaterdag in de AB kwam voorstellen.

Een zichtbaar relaxte en goedgemutste Jarvis kwam bij het doven van de zaallichten dartel het podium opgewandeld als een skinny dandy; een tweed jacket uit de kringloopwinkel en de zware donkere bril blijken na al die jaren nog steeds zijn uiterlijk handelsmerk, en sinds kort hoort daar ook een stevige ringbaard bij. Vooraleer er ook maar één noot was gespeeld stak Cocker het publiek reeds in zijn broekzak door een roos van een fan op de eerste rij met het nodige gevoel voor Britse kolder in ontvangst te nemen. Het leek er zelfs heel even op dat Cocker de eerste tien minuten van de set als stand-up comedian zou vullen, maar daar stak zijn begeleidingsband gelukkig een stokje voor door met de semi-instrumental “Pilchard” stevig te openen. Jarvis werkte op zijn recentste album samen met hardcore guru en veelzijdig producer Steve Albini, wat duidelijk heeft geresulteerd in een meer rechttoe-rechtaan geluid, ontdaan van onnodige franjes. Ook live klinken nieuwe nummers als “Angela” (de huidige single) en het titelnummer “Further Complications” als stevige hedendaagse glamrock die Cocker verder inkleurt met sputterende synthpartijen.
Jarvis schrijft songs over typetjes uit zijn publiek, en maakt dan ook de nodige tijd om met dat publiek te interageren. Tijdens het eerste rustpunt “Slush” belooft hij pizza en na enig aandringen ook bier aan elk vocaal talent in de overigens slechts matig gevulde AB Box. Wanneer zowel pizza als bier uitblijven weet een ontwapenende Cocker er zich op magistrale wijze uit te lullen en ontpopt hij zich als een first class entertainer. De crooner in Cocker komt vervolgens boven tijdens “Big Julie”, een nummer met hoog ‘spoken word’ gehalte uit diens titelloze debuut, en het nieuwe “Leftovers” met de schitterende openingszin van Cocker in de rol van verborgen verleider: “I met her in the Museum of Paleontology & I make no bones about it; I said: if you wish to study dinosaurs, I know a specimen whose interest is undoubted”. Wie er de tekstvellen eens bijneemt stoot op het nieuwe album trouwens nog op andere geniale vondsten zoals de binnenkomer “I love your body because I lost my mind” uit het slepende “I Never Said I Was Deep”. Het tempo werd naar het einde van de set toe stevig opgetrokken met het withete “Caucasian Blues”, waarop Jarvis zowaar een blokfluitsolo ten beste gaf, om uiteindelijk een eerste keer achter de gordijnen te duiken na een pompeus “Black Magic”.
In de twee rondes met toegiften liet Jarvis zich van zijn meest fitte kant zien tijdens het punky “Fat Children” om vervolgens met het zachtjes voortkabbelende “Hold Still” het publiek terug muisstil te krijgen, enkele luidruchtige Hollanders niet te na gesproken. Na de onvermijdelijke evergreen “Don’t Let Him Waste Your Time” besloten Cocker & co de set met de langgerekte disco pastiche “You’re In My Eyes (Discosong)”. Jarvis nam hierbij uitgebreid de tijd om zijn vlekkeloos musicerende band voor te stellen, en weg was de middle-class hero.

Ongelofelijk toch hoe Cocker, zonder ook maar één keer de indrukwekkende Pulp catalogus open te slaan, ruim anderhalf uur lang wist te boeien. De cynische romanticus, de gelouterde dandy en de sexueel gefrustreerde vrijgezel: we hebben ze zaterdagavond allemaal de revue horen passeren. Een uniek optreden met vele gezichten dus, of om het met de lyrische woorden van Cocker zelf te zeggen “If I could, I would refrigerate this moment. I would preserve it for all time”.

Neem gerust een kijkje naar de pics onder live foto’s

Organisatie: Ancienne Belgique

Beoordeling

John Waite

De man achter de monsterhit “Missing You”, voor het eerst op een Belgisch podium.

Geschreven door

John Waite is bij het grote publiek vooral bekend van zijn wereldhit “Missing You”. Waite is echter veel meer dan die ene hit. Zo kennen sommigen Waite uit een ver verleden van zijn werk met The Babys of uit de recentere rockgeschiedenis als frontman van de melodic rockband Bad English. Deze gedistingeerde gentleman konden we al live aan het werk zien op het Arrow Rock Festival van 2006 waar hij toen een prima set speelde. De roodharige Brit woonde geruime tijd in New York maar verblijft nu onder de Californische zon. Eindelijk vond hij ook eens de tijd en het geld om naar het vaste continent te komen voor een allereerste Europese minitournee. De programmatie van deze tour verliep echter niet van een leien dakje, zodat helaas enkele shows werden afgelast. Voor het allereerste optreden van John Waite op Belgische bodem reden we tot in Verviers, waar in de oergezellige club Spirit Of 66, Mr. Wonderful een erg gesmaakt optreden weggaf.

Voor aanvang van het optreden had ik het genoegen om Wouter Kramer te ontmoeten. Deze sympathieke Nederlander (ja…ze bestaan toch!) is verantwoordelijk voor de Nederlandstalige John Waite fansite ‘John Waite The Greatest’. De man volgt Waite op de voet en is zo een beetje Waite’s PR man voor de lage landen.
Het concert begon pas na 21.30 en op dit late uur zat de Spirit behoorlijk vol. Wouter vertelde me dat enkele avonden ervoor in Duitsland slechts een veertig tal fans kwamen opdagen. Gelukkig was er hier toch meer interesse.
John Waite opende met “Best Of What I’ve Got” uit het platina bekroonde debuutalbum van Bad English uit 1989. In tegenstelling tot wat de titel deed vermoeden kregen we een erg zwakke start van het concert. Algemeen was het geluid in de zaal te steriel en veel te dof. De gitaarsound trok werkelijk nergens op, terwijl John’s stem wel onmiddellijk goed zat in de mix. Met deze openingssong werd ook duidelijk dat de band toch de aanwezigheid van een keyboardspeler mag ambiëren. Zowel Waite’s solowerk, alsook de songs die hij met Bad English maakte zouden zoveel rijker klinken met wat keys erbij. Een gemiste kans wat ons betreft maar dit belette ons niet om verder te genieten van de afwisselende set. Tijdens “Back On My Feet Again” liet Waite horen nog steeds over een fantastische stem te beschikken.
“Change” werd wat te vlak gespeeld maar met de Bad English hitsong “When I See You Smile” kreeg hij eindelijk de ganse club mee. Deze ‘number one hitsong’, geschreven door Diane Warren werd luidkeels meegezongen en werd veel beter en authentieker vertolkt dan de versie die we op Arrow 2006 hadden gehoord. Ondanks de geweldige respons bleef Waite zichtbaar gespannen en zeer gefocust. Bij “Whenever You Come Around” (uit ‘Figure In A Landscape’) nam John de akoestische gitaar ter hand. Na een korte onderbreking werd de song hernomen en mede door een prachtige slidegitaarsolo van klassegitarist Jimmy Leahey, werd de song één van de vele hoogtepunten van de avond. John Waite bracht ook enkele leuke covers, waaronder het alom gekende “Along The Watchtower” van Bob Dylan en “Rock ‘n’ Roll” van Led Zeppelin. Beide songs deden de ambiance in de club ferm toenemen.
In de finale werd een erg sterk “Missing You” door iedereen meegezongen, terwijl “Isn’t it Time” de kers op de taart was.

Na het optreden maakte John Waite zich vrij voor zijn fans. Een foto- en signeersessie bevestigde de terechte status als ‘Mr Wonderful’.
John Waite live was dik de moeite. Het werd echter zeker geen feilloos optreden, hiervoor was zijn begeleidingband te onervaren. Gelukkig bezorgde vooral de clubsfeer en de stem van Waite ons toch een memorabele rockavond!

Setlist:
* Best Of What I *Back On My Feet Again *Change *When I See You Smile  *In Dreams *Along The Watchtower *Whenever You Come Around *Bluebird Café *Mr. Wonderful *Time Stood Still  *Encircled *Everytime I Think Of You *Midnight Rendezvous *Head First
*Missing You *Isn’t It Time
*Rock ’n’ Roll

JOHN WAITE VIDEOS ON YOU TUBE
Part1
http://www.youtube.com/watch?v=mSiVdIK6DBA
Part2
http://www.youtube.com/watch?v=w3ZX8qRcIhs
Part3
http://www.youtube.com/watch?v=9KAS8X-Gqig
Part4
http://www.youtube.com/watch?v=N2v3okonNWI
Part5
http://www.youtube.com/watch?v=glYN30xnEZQ

PHOTO Slideshow
http://www.slide.com/r/VU9IjQLE5D-xqWbN300VWwLzSX8neNf7?previous_view=lt_embedded_url

Organisatie: Spirit Of 66, Verviers


Beoordeling

Neil Young

Een ‘Best Of’ Neil Young

Geschreven door

Nonkel Neil Young in Antwerpen: vanaf de eerste noot is onze kwieke zestiger er keihard ingevlogen met “Love and only love” en een stampend “Hey hey my my”. Van een vlammende start gesproken: fantastisch!! En het bleef hoogtepunten regenen: oudjes als “Everybody knows this is nowhere”, “I've been waiting for you” en een beukend “Cinnamon girl” (alle drie 40 jaar oud !), een schitterend lang uitgesponnen (en zo hoort het ook) “Cortez the Killer” en enkele rustige momenten met Young op akoestische gitaar. We hoorden enkele prachtige versies van o.a. “Old man”, “Don't bring me down” en evergreen “Heart of Gold”, met oudgediende Ben Keith die schitterde op pedal steel. Onverwachte songkeuzes waren er met “Pocahontas” of een raggend “Mansion on the hill”. Weliswaar zonder z’n Crazy Horse, maar Young's huidige band beschikt over 'long time buddies' Niko 'the bass player' Bolas, drummer Chad Cromwell en Ben Keith, die beslist niet moesten onderdoen voor The Horse; ze rockten constant de pannen van het dak.
Afsluiten werd gedaan met een stomende “Rockin' in the free world”. Minpunten (als we dan toch moeten muggenziften): niets van de nieuwe 'Fork in the road' CD, waar er volgens ondergetekende toch een aantal songs op staan die zich misschien niet kunnen meten met 's mans klassiekers, maar zeker tot Young's beste werk van de afgelopen 20 jaar behoren (Maar anderzijds hadden we dan wat van al het ander fraais moeten missen). En ... slechts één bis: maar dan wel een (weerom knallend) “Like a hurricane” als apotheose van een dan toch al reeds 2 uur durende show! Chapeau ! ... en dat ie nog lang moge doorrocken!

Setlist (+/-):- Love and only love, - Hey hey my my (into the black), - Everybody knows this is nowhere, - Pocahontas, - Cortez the killer, - Spirit road, - I've been waiting for you, - Mother earth, - Old man, - Don't bring me down, - Going back, - Heart of gold, - Comes a time, - Mansion on the hill, - Rockin' in the free world, - Like a hurricane

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Gringo Starr

Gringo Starr: vette brokken zoeken in de soep

Geschreven door

Gringo Starr... Prachtige naam vind ik dat. Dit viertal komt uit Atlanta, stad van de Black Lips met wie ze net een tour in Groot Brittanië achter de rug hebben. De vergelijkingen vooraf met grote namen als The Kinks, Dream Syndicate en in mindere mate The Strokes volstonden ruimschoots om me nog eens uit mijn kot te lokken. Dat gegoochel met namen bleek achteraf weer eens niet te kloppen.

Het optreden begon schitterend met een lillende lap rock vol epische gitaren maar helaas waren het niet allemaal zo'n parels als die opener. Er werd voortdurend van instrumenten gewisseld, slechts ééntje nam niet plaats achter de drums (foei!). Alle vier mochten ze ook al eens de leadvocals voor hun rekening nemen en ze konden ook allemaal effectief zingen. Op zich is daar absoluut niets mis mee, deze vorm van anarchie was zelfs het uithangbord van de legendarische Oblivians! Alleen leek het erop alsof de nummers telkens door de respectievelijke zanger geschreven werden en zo switchten we van het ene genre naar het andere, het ene al wat bedenkelijker dan het andere. Mijn absolute favoriet was dat schriele mannetje met het houthakkershemd (vraag me geen namen) die met een schurende stem heerlijk slepende gitaarsongs bracht die me voortdurend deden denken aan The Del Fuegos. Telkens hij aan de beurt was wist je dat er wat ging gebeuren. Niet dat zijn maten er niets van bakten, dat niet maar er zaten toch een paar serieuze stinkers tussen. Het was een beetje vette brokken zoeken in de soep, gelukkig waren er genoeg om mijn honger te stillen. Het lijkt erop alsof het met Gringo Starr twee richtingen uit kan. Ofwel kiezen ze voor dat betere gitaarwerk en blijven we ze aan ons hart kluisteren ofwel kiezen ze voor die gezichtsloze troep en raken ze zo misschien nog, mits wat geluk, ooit eens in De Afrekening. Misschien is er nog een derde optie: ze kiezen niet en blijven gewoon wat aanmodderen. Benieuwd wat het wordt.

Neem gerust een kijkje naar de pics onder live foto’s

Organisatie: De Zwerver, Leffinge

Beoordeling

Wreckless Eric & Amy Rigby

Briljant duo: Wreckless Eric & Amy Rigby

Geschreven door

Eerlijk gezegd, wist ik niet goed wat ik hier van moest verwachten maar mijn sympathie voor overlevers (en hiermee bedoel ik niet groepen als de Rolling Stones die de dollars blijven binnenrijven maar artiesten die koppig blijven doorploeteren in het bruine kroegencircuit) dreef me toch naar De Zwerver. En daar werd ik totaal onverwacht overrompeld door een briljant optreden.

Wreckless Eric kende zijn moment de gloire eind jaren zeventig bij Stiff Records maar leek nadien veroordeeld tot de marge hoewel de man steeds muzikaal actief bleef. Amy Rigby (Amy who?) is reeds van de vroege jaren '80 bezig, eerst in bandjes als The Last Roundup en The Shams, later solo. In 2005 nodigt ze samen met Marti Jones, Wreckless Eric uit voor de show ‘Cynical girls’ en sindsdien zijn ze blijven samenspelen en werden ze zelfs man en vrouw. Het lijkt een eigenaardige combinatie: een Britse pubrocker en een Amerikaanse singer-songwriter maar het werkt perfect, zo mochten we tijdens een bijna twee uur durende set constateren. Eric op elektrische gitaar of bas, Amy op akoestische gitaar en enkele malen op piano en beiden gezegend met een mooie stem, dat volstond ruimschoots.
Ze brachten krachtige heldere songs, zowel van hem als haar, alsook twee covers : ééntje van de ten onrechte vergeten P.F. Sloan, een ander van de Flamin' Groovies. Hier geen geneuzel zoals we zo vaak horen bij de nieuwe lichting. Enkele nummers werden ondersteund door een elektronische beat terwijl Eric ook niet vies was van af en toe een korte onbeholpen scheurende gitaarsolo. Zijn enige hit "Whole wide world" werd netjes opgespaard tot het einde maar slechts weinigen zaten hierop nog te wachten na zoveel lekkers.
Bovendien is Eric een bijzonder grappig man die het optreden doorspekte met talrijke anekdotes waarin o.a. John Mayall en Van Dyke Parks (stond met die laatste op hetzelfde festival de dag voordien) een flinke veeg uit de pan kregen. Meer dan eens werd het zelfs hilarisch zoals bv. in het begin toen hij onoverkomelijke problemen leek te hebben met de belichting waardoor iemand hem een zonnebril aanreikte. Toen iemand er hem op attent maakte dat hij hiermee op Bono geleek volgde een hartgrondig "fuck". Maar laten we niet vergeten dat de bijdrage van Amy minstens even groot was. Wie een song als "Dancing with Joey Ramone" uit de mouw kan schudden heeft bij mij meteen een streepje voor.

Dit was een fantastische avond die bij elke aanwezige nog land zal nazinderen, met dank aan Piv Huvluv die dit stel naar De Zwerver haalde.

Organisatie: De Zwerver, Leffinge

Beoordeling

808 State

Hacienda Night: A Guy Called Gerald en 808 State

Geschreven door

Petrol had een Hacienda-night georganiseerd met een behoorlijk indrukwekkende line-up. Daarvoor dient U wel wat de geschiedenis van de house te kennen. De Hacienda was een club in Manchester die in het begin van de jaren tachtig begon met een diverse programmatie die nog zwaar leunde op de Britse new wave-scene. Met name New Order was van in het begin verbonden met de scene in de Hacienda. Pas in de late jaren tachtig vanaf de tweede Summer of Love in 1988 werd de Hacienda een legende toen acid house een begrip werd en ecstacy in industriële hoeveelheden Groot-Brittanië begon te overspoelen. Uit die tijd dateert ook het begrip anthems, nummers die steeds weer gedraaid werden in de club, met name op de piekmomenten tegen het einde van de avond. Twee van die nummers waren “Voodoo Ray” en “Pacific State” waarvan de respectieve auteurs vanavond op de affiche stonden, met name dus A Guy Called Gerald en 808 State. Om de affiche te vervolledigen waren er nog Justin Robertson, de man ook achter Lionrock en Jon da Silva, een van de residents uit de glorietijd van de Hacienda.

De Hacienda is een legende geworden vanwege niet eens zozeer de muziek, die voornamelijk import was, maar wel vanwege de onvergetelijke sfeer. Ondertussen is dit allemaal twintig jaar geleden en was het ook wel te verwachten dat je dat niet zomaar kan kopiëren. Er was wat te weinig volk in deze examenperiode en in Antwerpen komt alles traditioneel traag op gang. Echt veel sfeer was er dan ook niet, hoewel dat aan de andere kant ook inhield dat er ruimte was om te dansen. Je kon ondertussen ook nog eens rustig Jane Fonda in Barbarella bewonderen maar ze mogen onderhand eens iets anders programmeren want het is nu al de derde keer dat ik die film in de Petrol gezien heb. Het blijft een monument van überkitsch. Justin Robertson mocht de spits afbijten als DJ en hij deed het erg goed. Erg leuke dingen gehoord, zoals flarden Go Bang en veel wat ik niet kende, maar de avond moest nog op gang komen.
Daarna was het de beurt aan A Guy Called Gerald, alias voor Gerald Simpson, die volgens Justin Robertson met wie ik in de toiletten nog een leuk gesprek had ondertussen in Berlijn woont en na een jungle-fase zich blijkbaar met nogal monotone experimentele elektronica bezig houdt. Het kon niet echt overtuigen en het mooiste moment was nog “Voodoo Ray” zelf, de plaat waarmee hij geschiedenis maakte. Daarna kwam 808 State die een aantal bijzonder goeie platen maakten rond 1990. Die stijl kwam bij momenten terug in hun DJ-set, die anders ook wel gevarieerd was. Ik heb het einde van de avond die rond 7 uur geprogrammeerd stond wegens oververmoeidheid niet gehaald, maar het was wel degelijk een geslaagde avond.

Alleen met die bedenking dat het een Petrol- avond en geen Hacienda-night was. Het was ook niet te verwachten dat die sfeer nog opnieuw te creëren viel, hoewel ik wel wat meer oudere clubbers verwacht had.
De mensen op de affiche zijn ondertussen ook muzikaal in andere richtingen geëvolueerd en dat is maar goed ook. Het is goed om te weten waar de hedendaagse dansmuziek vandaan komt, maar het belang van de Hacienda zal altijd meer op sociologisch vlak als belangrijkste exponent van de rave-revolutie dan op het puur muzikale liggen. Andere plekken zoals New York, Chicago en zelfs Düsseldorf waren op muzikaal vlak belangrijker.

Organisatie: Petrolclub, Antwerpen

Beoordeling

Pagina 350 van 389