logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Suede 12-03-26
dEUS - 19/03/20...
Concertreviews

Milow

Sfeerrijke Milow klaar voor Europese zomer

Geschreven door

Milow is back. Back in Belgium. Want de voorbije maanden tourde hij in Nederland en Duitsland. Met succes. Of net door het succes. Van zijn 50 Cent cover “Ayo Technology” vooral dat hij van een pornosong omturnde tot een melancholische meezinger. Het legde hem geen windeieren, want alles wat hij hier in de Benelux aanraakt verandert in goud. De AB-concerten van Jonathan Vandenbroeck (27) zijn al weken uitverkocht. En terecht ! Dat merkten we in een in alle opzichten warme Vooruit.
,Het is vijf maand en elf dagen geleden dat we nog eens in België stonden en het voelt goed’, opende hij glimlachend zijn gig in de Gentse Vooruit. Indrukwekkend hoe hij en zijn band het podium en de zaal beheersten en begeesterden. Een gevarieerde set, met af en toe wat rock ‘n’ roll, maar vooral serene en knap gedragen luistersongs die je een goed gevoel bezorgden.
‘I don`t know if Neil Young would love these songs’, liet hij zich ontvallen. Weten we ook niet, maar het zou wel kunnen aangeslagen hebben bij één van zijn idolen. De Young-invloeden zijn er, net als die van Springsteen bij momenten. En van Van Morrison, Leonard Cohen, Bob Dylan, the Beatles en Jackson Browne, de klassiekers zeg maar. “Brown Eyed girl” werd een leuke toevoeger aan zijn “Canada”-song, zijn vierde van de avond toen. Klassiekers schreven we, maar Milow klinkt o zo 21e eeuws en heeft duidelijk meer in zijn mars dan het poppygehalte dat we – ja we zijn eerlijk – hadden verwacht.
Het publiek zat de hele tijd niét te wachten op zijn grote hits “Technology” en “You don’t know”. Hij boeide, met een genot van een podiumbeest, en brieste naar het einde van de reguliere set zelfs tot tweemaal toe voor zijn microstandaard, de zaal tot in de botten ophitsend.
Zwaar wereldverbeterend zijn Milows teksten niet, al refereerde hij met “Stephanie” wel naar de moord op het meisje in Mechelen in 2005.  Hij nam zijn tijd voor bindteksten en al geraakte hij er soms zelf wat in verstrikt, het bleef uitnodigend. Maar vooral muzikaal zat het prima in elkaar. Tot in de details van een kerkorgeltje bij “The Priest”.
En met Nina Babet wist Vandenbroeck ook een evenwaardige zingpartner te strikken. Het concert had en Milow heeft haar nodig. Ze draagt op de fijne momenten het geheel mee en af en toe neemt ze zelfs de bovenhand, leidt de man uit Leuven zachtjes en sensueel (en sterk wilder op “One of it”) mee in de paring der muzieknoten.
Voor het onvermijdelijke “Technology”  liet hij de zaal sfeerrijk lichtjes opsteken en het werd (bijna uiteraard) lekker lang uitgesponnen zonder dat het verveelde of langgerekt leek.  Met You don’t know als afsluiter – zachtjes afzwakkend om dan uptempo te eindigen - liet hij zijn fans vanzelfsprekend hunkeren naar meer.
En die bissessie wordt een voltreffer op Folk Dranouter deze zomer. Een akoestische set ‘pur sang’ met één microfoon en de hele band – zelfs op afstand  - erom heen geposteerd. Mooi, innig en grappig want Jasper Hautekiet – de lokale Gentse held aan de contrabas toen – kreeg zonder het te beseffen het hele publiek achter zich. Straatmuzikanten, zo leek het wel met een schitterende versie van “Dreams and Renegades” als slotakkoord met voor ieder bandlid een vooraanstaande en afzonderlijke rol. Voorwaar een gevarieerd  en bevlogen concertje om in te lijsten.  Klaar voor de grote Europese doorbraak, want deze zomer trekt hij verder Nederland, Luxemburg, Frankrijk, Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland in.

Support Douglas Firs: Schattig onbeholpen talent
Douglas Firs  (Gertjan Van Hellemont ) – na Selah Sue een  nieuwe ontdekking van Milow – mocht de Vooruit opwarmen. Een heel stemvaste jonge singer-songwriter die dat met verve deed, al waren enkel de eerste tien rijen van de zaal beleefd genoeg om te luisteren. En het loonde de moeite. Hij zwierf van akoestische gitaar over piano (“Childhood fevers”) naar elektrische gitaar (“Dirty Dog”). Zalig onbeholpen wel, maar onschuldig goed in wat hij deed. Schattig zelfs. Al zal hij dat zelf wellicht niet zo’n leuk compliment vinden.

Playlist Milow
1. The Ride. 2. Stepping Stone. 3. Until the morning comes. 4. Canada. 5. Darkness Ahead and Behind. 6. Stephanie. 7. One of it. 8. Out of my hands. 9. The Priest. 10. Ayo Technology. 11. Born in the eighties. 12. You don’t know. Bis 1. This city is on my side. Bis 2. House by the creek. Bis 3. Dreams and Renegades.
Playlist Douglas Firs
1. I will let you down. 2. Apple. 3. Cocainemurder. 4. Love you now. 5. Childhood Fevers. 6. Dirty dog. 7. Baby Jack

Neem gerust een kijkje naar de pics onder live foto’s

Beoordeling

George Thorogood & The Destroyers

George Thorogood & The Destroyers: Eén formule: Rocken!

Geschreven door

Er zijn nog zekerheden in het leven. Je kan er je huis op verwedden dat een concert van George Thorogood & The Destroyers nooit zal tegenvallen. Waarom ? Klasse en jarenlange ervaring in de rock’n’roll business is het antwoord. Natuurlijk is alles zeer voorspelbaar en daardoor weinig verrassend (wie op voorhand een setlist durfde samenstellen zat er geen vijf nummers naast). So what ? Iedereen is hierheen gekomen voor een portie potige rock’n’roll, niet voor de nieuwste experimentele trendy geluidjes. En het publiek kreeg wat het wilde, strakke rock en blues, waarvan de wortels bij John Lee Hooker, Howlin’ Wolf en vooral Bo Diddley liggen, door George en zijn Destroyers voorzien van een extra pak elektriciteit.

Thorogood, die er op zijn 58 ste nog behoorlijk vitaal uitziet, is in tegenstelling tot het beeld van bad guy en dronkelap die hij in zijn songs opvoert een echte professional, en een ervaren entertainer ook. Het publiek ophitsen kan hij als geen ander en ook al is het allemaal een beetje te Amerikaans, hij komt er mee weg. Op het podium is hij duidelijk de baas maar is er zich terdege van bewust dat er een ijzersterke band achter hem staat. The Destroyers zijn ervaren rotten die hun boss al jaren hondstrouw volgen en die op vandaag nog altijd de pan uit swingen. Typerend voor het Destroyers geluid is steeds die swingende sax die lekker doorheen de nummers rolt, onmisbaar en ongeëvenaard. Thorogood zelf steelt natuurlijk de show met zijn vlijmscherp rockende gitaar, doch achter hem heeft hij met Jim Suhler ook nog een begenadigd gitarist staan, die zich weliswaar moet inhouden in functie van de baas (we hebben die kerel ooit in Peer nog met zijn eigen band bezig gezien en geloof ons vrij, ’t was behoorlijk indrukwekkend).
De band speelde naar goede gewoonte een verzameling van hun beste songs als de Bo Diddley klassieker “Who do you love”, de ultieme krakers “Bad to the bone” (een gemene motherfucker van een song, hier nog maar eens een beresterk hoogtepunt), “I drink alone” , “Move it on over”, “Night time” en natuurlijk de onvermijdelijke John Lee Hooker boogie “One bourbon, one scotch, one beer”, een song die inmiddels een statement geworden is voor het imago van de band. De drive en het tempo zaten gans het optreden strak in hun vel, er waren geen storende lange solo’s of uitgesponnen songs, alleen maar bruisende rock’n’roll en stomende boogie, anderhalf uur lang. De groep beloonde een uitverkochte AB (voor een groot deel gevuld met ouwe rockers met gezonde bierbuiken) op een splijtend en wervelend slot met “Madison blues”, nog zo een klassieker van het eerste uur. U ziet het, weinig of geen nieuwe songs, geen kat die daar om maalde want niemand was daarvoor gekomen.

George Thorogood & The Destroyers waren in de AB nergens verrassend, maar altijd fantastisch, energiek en barstend van de klasse. Kortom, een band die zonder omwegen doet waar ze het best in zijn : Rocken !

Met het jonge gitaartalent Scott MC Keon (UK) was de avond al op een aangename manier ingezet. Mc Keon en zijn band (trio) speelden bij vlagen felle blues en rock met een swingend soul-en funkrandje en meerdere fijne gitaarhoogstandjes (denk even in de richting van Chris Duarte en Rorry Gallagher). Wij hoorden een handvol sterke songs en verwachten dat we in de komende jaren hier nog zullen van horen.

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

DM Stith

DM Stith: juweeltjes van een te koesteren artiest

Geschreven door

David M Stith: een talentrijk singer/songwriter die z’n complexe leefwereld vertaalde in de ‘Heavy ghost’ plaat, opvolger van de verschenen EP ‘Curtain Speech’: het zijn intrigerende composities, meeslepend en intiem van aard, dromerig, gevoelig als - door het klankuniversum van drumroffels, strijkers (celliste/violiste) en mans bezwerende zang (een ietwat engelachtige stem) -, onheilspellend en mysterieus. Ze hebben een intense songopbouw, een broeierige spanning en klinken boeiend door de aanzwellende partijen. Vroeger kon Stith z’n creativiteit via poëzie en beeldende kunst kwijt. Na enkele muzikale omzwervingen werkte hij samen met Shara Worden (My Brightest Diamond), kwam in contact met Sufjan Stevens, en begon dan aan eigen werk.

Een charismatisch artiest zonder rockallures, een student ‘lookalike’, wat nerveus, twijfelend als worstelend op het podium, maar éénmaal een song wordt aangevat, nam hij een zelfverzekerde houding aan van z’n adembenemend soms bevreemdend materiaal, wat het wereldje van Sufjan Stevens en Bon Iver opriep. Hij maakte z’n debuut op Belgische bodem …
Een klein uur lang wist deze jonge gast ons in z’n greep te houden: “Pity dance” opende sfeervol en dan kwam de warm, innemende sound en de ritmische uitbarstingen op “Thanksgiving moon” en “Around the lion legs”: Stith zette ze sober in, liet ze mooi aanzwellen, bouwde de instrumentatie op en tot slot dreven de tromroffels de onvoorspelbaarheid op. Of hij liet ons wegdromen met songs als “Pigs” en “Fire of birds”, “Morning glory cloud” en “Brad of voices”, die zelfs aardig in de buurt kwam van Simon & Garfunkel: een spaarzame begeleiding en een fijngevoelig samenspel, gedragen door Stith’s impressionant zachte tot soms hoog uithalende vocals. Het afsluitende “Just once”, van z’n EP, ontroerde door de resonantie van spookachtige soundscapes van rode, flexibele plastieken buizen (door het zwaaien begonnen ze op een boemerang te lijken).

Een onderhouden set, die de wisselende emoties van op de plaat moeiteloos kon weergeven, tekenend voor een groots artiest in wording; hij wist de puike composities geniaal met z’n begeleidingsband te spelen. Juweeltjes van een te koesteren artiest.

Ook de singer/songschrijfster en violiste Marla Hansen overbrugde de afstand naar het publiek met haar zacht, ingetogen materiaal, bepaald door vioolgetokkel, een akoestische gitaar en een spaarzame cello, gedragen door haar lichthese, emotievolle stem (nauw verwant aan Suzanne Vega). Samen met de celliste maakte ze deel uit van Stith’s band en speelde ze al een rolletje bij The National, My Brightest Diamond en Sufjan Stevens. Het ging er erg gemoedelijk aan toe op het podium. Ze liet ruimte voor spontaniteit, wat een warm, sfeervolle set opleverde. Ook de U2 cover “One tree hill” klonk sober en elegant in deze muzikale outfit. En op het eind kwam Stith met de zijnen nog de sound verstevigen. Een gezellig onderonsje door de freakende folkpop aanpak.

Organisatie: Cactus Club, Brugge

Beoordeling

Bat For Lashes

Bat For Lashes: volwassen talent en overtuigende live act (Les Nuits Botanque 2009)

Geschreven door

Het concert van het Britse Bat For Lashes (Brighton), onder de bevallige Natasha Khan (Britse van Pakistaanse afkomst) was al maanden uitverkocht en werd ‘last instant’ verplaatst van de pittoreske Rotonde naar de Orangerie; de sombere, dreigende, etherische gothic folkpop kwam daar evenzeer tot z’n recht. Een mediahype ontwikkelde zich door haar podiumprésence, extravagante outfits en haar prijzige sets met o.a. Radiohead. Ze weet met de nieuwe tweede cd ‘Two suns’ en de single “Daniel” het grote publiek aan te spreken.

We merkten vanavond – gelukkig - minder pose, maar een dame die vorm en inhoud bracht aan haar materiaal en samen met bassiste Charlotte Hatherley (van Ash), drumster Sarah Jones en (?) Ben Christophers (elektronica/toetsen) een hecht klinkende band vormde.
Ze nestelde zich met gemak tussen Kate Bush, Tori Amos, Goldfrapp, Björk en Anne Clark. Ze riep de breekbare pop op van bands van Elisabeth Frazer (Cocteau Twins), Alison Shaw (The Cranes), Lamb (Louise Rhodes) en combineerde het met de rock en roots van PJ Harvey, Joan Wasser (Joan as Police Woman) en Cat Power. Ze leek de verpersoonlijking wel van Toni Halliday (Curve, tja, waar is de tijd!) en oversteeg probleemloos ‘de lookalikes’ van de Evanescences (Amy Lee) en Within Temptations (Sharon den Adel).
Natasha Khna is een opkomend talent die muzikaal beheerst te werk ging op toetsen, piano en gitaar en kon variëren in haar stem, van een lichthese, zachte naar een hoge zang of naar een dwingende voordracht.
Haar innemende, sombere soms dreigende songs kregen elan in het decor van een knusse huiskamer: er stonden beeldjes, een opgezette hertenkop en nachtlampjes op het podium en er lagen doeken van afgebeelde wolven aan de synths. Niks bleek aan het toeval overgelaten … We hoorden een duidelijke afwisseling in toetsen, piano, een diepe bas en synthbeats, waarbij vooral de doffe, apocalyptische drumroffels en de prikkelende elektronica meer ruimte kregen, zonder dat haar belangvolle vocals werden weggedrukt. Bijna alle songs van de recente plaat werden gespeeld: een donker en traag slepende “Glass”, het lichtvoetig duistere “Siren song” met Indiase invloeden (dankzij Yeasayer op plaat) en de dromerige ballads “Travelling woman” en “Peace of mind”. “Horse and I” kreeg zeggingskracht door clavecimbel en de stemmenpracht van de dames. “Sleep alone” klonk krachtiger door de synthbeats en de ‘80’s wave; samen met de oudjes “Tahiti” en “What’s a girl to do” was dit het meest groovy nummer. Een traditionele aanpak hoorden we dan op “Sarah” en een dreunende, repeterende bas bepaalde “The wizard”.
Overtuigend vuurde ze haar korte, bedwelmende en betoverende liedjes op haar publiek af, wat een warm onthaal opleverde en haar duidelijk wist te ontroeren.
En ook de bis was om van te snoepen: “Prescilla” en “Moon & Moon” waren prachtige pianoballads, op het intense “Good love” experimenteerde ze met haar vocals en op het dynamische “Two planets” maakte ze zelfs een soort regendansje. Tot slot speelde ze een tweede keer haar doorbraaksingle “Daniel” in een ‘radio edit version’, met een basrifje dat vervaarlijk aan Pixies’ “Monkey gone to heaven” deed denken. Al vroeg in de set had ze er een uitgekleede versie op nagehouden, bepaald door een sobere elektronicatoets, zachte beats, en gedragen door – opnieuw - de vrouwelijke stemmenpracht.

De sombere zweverigheid van Bat For Lashes wist ons te raken: een volwassen talent, twee puike platen, een goed op elkaar ingespeelde band en een overtuigende live act!

Organisatie . Botanique Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2009)

Beoordeling

The Black Box Revelation

The Black Box Revelation: klaar voor de rest van de wereld

Geschreven door

Na hun tweede plaats, na winnaar The Hickey Underworld, op Humo’s Rock Rally 2006 is het snel gegaan voor The Black Box Revelation. Hun single “Kill for Peace (& Peace Will Die)” van de ‘Introducing EP’ en het nummer ‘Fighting with the Truth’ die prijkt op een compilatie van Poppunt kregen al de nodige aandacht. Drummer Van Dijck en zanger/gitarist Paternoster brachten daarna met ‘Set Your Head On Fire’ hun bejubelde debuutplaat uit waarmee ze met een pak singles heel wat airplay verdienden op Studio Brussel en waardoor ze niet uit De Afrekening waren weg te slaan. Ook in de Verenigde Staten oogsten de twee jonge snaken heel wat lof, The New York Times berichtte over hen en al snel werd hun song “I Think I Like You” in het stadion van The Pittsburgh Pirates (uitkomende in The Major League Baseball) voor en na de wedstrijd gespeeld. Daarna volgden nog optredens in LA, San Francisco en New York: ‘Dollars Are Sweet, They Say'! In afwachting van de festivals en enkele buitenlandse concerten in Duitsland, Groot-Brittannië, Italië en Zwitserland speelt The Black Box Revelation ook nog enkele uitverkochte clubconcerten in o.a. De Zwerver te Oostende, Depot te Leuven en Trix Antwerpen.

The Black Box Revelation heeft nieuwe nummers klaar en speelde die voor het eerst live tijdens hun mini-clubtournee. Beide heren staken meteen van wal met “Love, Love Is On My Mind” waarbij het drumstel van Van Dijck meteen wist waar het het volgende uur aan toe was en waarbij de raspende stem van Paternoster rauw in de strijd werd gegooid. Na het aanstekelijke “Gravity Blues” gooide het duo “Stand Your Ground” onder onze stilaan op kooktemperatuur gebrachte hersenpan. Alweer een bijzonder aanstekelijk en vet bluesrocknummer dat niks of niemand uit de weg ging! Toen de band daarna ook nog huidige single “High On A Wire” door de speakers joeg begonnen we te vrezen dat de band meteen al zijn meest krachtige vuurpijlen de zaal had ingejaagd. Niks bleek minder waar! De parel “We Never Wonder Why” lag mooi ingekapseld tussen twee nieuwe nummers waarvan eentje “Five O’Clock Turn Back The Time” werd gedoopt. Het nieuwe materiaal klinkt goed uitgewerkt en op en top Black Box Revelation: rauwe, bluesy rock’n roll zonder scrupules, makkelijk meezingbaar en doorspekt met de schijnbaar ontoonvaste stem van Paternoster. Het publiek ging helemaal uit zijn dak toen beide heren hun meesterlijke ballade “Never Alone/Always Together” inzetten, een ingetogen nummer met een bijzonder geluid dat fel gesmaakt werd door de talrijk opgekomen jonge meute. Bij song “nummer 9” kriebelden we WOW op ons papiertje. Paternoster toverde menig gitaarsolo uit zijn gitaar, nam zijn kompaan op sleeptouw, en schreeuwde vol overtuiging “You don’t have to call me by my name, I don’t want it!”. Fantastisch! Verrassend volgde dan hun catchy debuutsingle “Kill For Peace (& Peace Will Die)” met in het kielzog het sublieme, met een indrukwekkende bluesriff verheven, “I Think I Like You”. Als toegift trakteerde de band op nog twee nieuwe nummers en titeltrack “Set Your Head On Fire”, waarbij het publiek een laatste keer bij het nekvel werd genomen en naar huis werd gelaveerd.

The Black Box Revelation bracht een indrukwekkend optreden met een onwaarschijnlijk vette sound. Ondanks hun beperkte numerieke bezetting vulden zij zonder scrupules het podium en de zaal! Met The Black Box Revelation heeft ons land een eigen sterk duo zoals er in het buitenland een paar te vinden zijn: Blood Red Shoes, The Black Keys, The White Stripes of The Kills om maar enkele straffe bands te noemen. Ongetwijfeld is The Black Box Revelation, samen met de heren van Madensuyu, het sterkste wat er momenteel live te zien is in ons land! De band bewees dat ze klaar zijn voor het grote werk: de festivals (waaronder Cactusfestival en Boomtown!) en het buitenland. Er wacht hen ongetwijfeld een grote toekomst!

Organisatie: Democrazy, Gent

Beoordeling

Hans Teeuwen

Hans Teeuwen: muzikaal vakmanschap

Geschreven door

Een uitverkochte Ancienne Belgique was getuige van een meer dan degelijk concert van Hans Teeuwen, een Nederlander die als cabaretier hoge toppen scheerde en zo’n anderhalf jaar geleden besloot om het over een andere boeg te gooien. De nogal ingrijpende carrièreswitch bracht hem nu dus (in uitgesteld relais want het concert stond oorspronkelijk enkele maanden vroeger gepland) op het hoofdpodium van één van onze meest gerenommeerde concertzalen, een stunt die weinig debuterende zangers hem ooit voordeden. Uiteraard teert hij op de naam die hij als humorist gemaakt heeft, maar bij deze kunnen we al verklappen dat we mogen concluderen dat hij die plaats ook zuiver op zijn muzikale merites verdient.

Teeuwen werd bijgestaan door vijf uitstekende muzikanten die elk de gelegenheid kregen om te etaleren dat ze excelleerden in zowel het samenspelen als het soleren. Meestal gedroeg hyperkinetische Hans zich als een volleerde ‘jazz-crooner’, hij heeft immers het geluk om van nature begiftigd te zijn met stembanden die zich perfect lenen tot het repertoire dat o.a. Cole Porter, Duke Ellington en de Gershwin-broers componeerden. Naar het einde van de reguliere set toe mocht het enthousiaste publiek ook genieten van een portie ‘raw & funky soul’ (“I got a woman” en “Route 66”). In de bissen werd er dan weer geswingd van Brussel tot New Orleans. Ook de eigen nummers konden tijdens de bisronde op veel bijval rekenen, de fans van ’s mans comedy-oeuvre konden zich laven aan een stomende versie van het hilarische “Snelkookpan”. De Engelstalige varianten op poëtische ontboezemingen als “Snelkookpan, vrouwen met een dikke kop, daar hou ik niet zo van” toonden aan dat gekke Hans dezer dagen ook met gemak zijn weg vindt in de Britse comedy-scene.
Het was duidelijk dat Teeuwen er van het begin af zin in had en hoopte dat de Belgen zich lieten meedrijven. Voor de gezelligheid liet hij op het podium volop sigaretten en drank (bier en whiskey) aanrukken, iets wat de amusementswaarde zodanig verhoogde dat hij vaak met zichzelf geen blijf meer wist. Terwijl men van vele jazz-concerten optimaal kan genieten met de ogen dicht (wegens gebracht door statische droogstoppels), konden de toeschouwers hun ogen voortdurend de kost geven. Teeuwen lijkt akelig goed op Nick Cave (zowel qua fysiek als qua motoriek) maar is veel extremer in de manier waarop hij zich van lijf en leden bedient. Ome Nick behoudt steeds enige sérieux hetgeen van Hans niet gezegd kan worden want deze laatste huppelt rond alsof hij ons een inkijk wil bieden in het ganse door hem bestreken gamma van ‘silly walks’.

Hans Teeuwen beschikt ontegensprekelijk over de ‘cool’ van de crooners maar is dus veel uitbundiger dan archetypische voorvaderen als Frank Sinatra. Muzikaal zal vrolijke Hans nooit zo vernieuwend zijn als hij op het vlak van cabaret is (was?). Als er echter iets is wat die ene avond in de Ancienne Belgique duidelijk maakte, dan is het wel dat zijn muzikaal vakmanschap de evenknie vormt van het metier dat hij als humorist verworven heeft. Wie ons niet gelooft en wie te laat was voor een ticket, verwijzen we bij deze door naar de “Hans Teeuwen Zingt”-DVD (de setlist van het daarop geregistreerde optreden komt trouwens volledig overeen met hetgeen hij in Brussel bracht).

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

65daysofstatic

65daysofstatic: verzwolgen door intensiteit van een energieke ‘test’show

Geschreven door

65daysofstatic bracht onlangs ‘Escape From New York’ uit, een liveplaat annex tour-DVD. Het werkstuk kan beschouwd worden als een zoethoudertje voor een nieuw op te nemen plaat in de nabije toekomst. Na het succes van ‘The Fall of Math’ en ‘One Time For All Times’ en het ietwat teleurstellende ‘The Destruction Of Small Ideas’ was er bij de band twijfel ontstaan over welke richting ze met hun muziek uit moesten. In Le Grand Mix was er echter maar weinig van die (stilaan wegebbende?) twijfel te merken: de groep bracht een fabuleus concert met vooral heel veel nieuw materiaal en enkele onverwoestbare oude nummers van op hun eerste 2 albums.

65days heeft het op hun tourdagboek over een ‘test-tour’. De playlist bij de geluidsmixer gaf dan ook niet al te veel geheimen prijs: verder dan wat werktitels (lees: initialen als PF, PX3, WK4) kwamen we niet. Wat het geluid betreft kunnen we wel iets meer duidelijkheid scheppen: 65daysofstatic breekt allesbehalve met het door samples doorspekt hardere gitaar- en drumwerk! Ook de complexe ritmische structuren met zin voor perfectie blijven de band meer dan kenmerken. De groep is ontegensprekelijk wel iets meer richting elektronica en een dansbaar geluid met minder maatwisselingen gaan aanleunen. Frontman Paul Wolinski moedigde ongeveer halfweg de set het publiek zelfs aan om te dansen. Het was dan ook opvallend welke dansbare - bijna drum'n'bass - geluiden 65days uit de instrumenten wist te schudden. Je had als toeschouwer de keuze om mee te bewegen in de door de band voortgebrachte energie of om met verstomming als aan de grond genageld te genieten van tot wat deze band in staat is. Ondermeer het fantastische “Radio Protector” (die pianolijn!) en “Retreat! Retreat!” zetten de kers helemaal op de niet te versmaden taart.

65daysofstatic maakte met veel zweet en energie zijn reputatie van ijzersterke liveband meer dan waar. Het nieuw ingeslagen pad klinkt alvast bijzonder veelbelovend. De groep is en blijft een echte aanrader om live te aanschouwen, wat de komende maanden kan op Dour en het Cactusfestival.

Support van dienst was Casse-Brique uit Brussel. De band haalde de mosterd bij Shellac, maar deed evengoed aan Battles denken.

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

Beoordeling

The Veils

The Veils: indringend, meeslepend en rootsrockend

Geschreven door

De nieuwe plaat ‘ Sun gangs’ is nog maar pas uit of daar zijn The Veils van zanger/gitarist/pianist Finn Andrews op tournee na ruim twee jaar om de plaat kracht bij te zetten. Met de twee vorige cd’s ‘The runaway found’ (‘04) en ‘Nux Vomica’ (‘06) (wereldplaat trouwens!) waren we al goed vertrouwd, maar net als het publiek, moesten we het ‘pretty new material’ nog wat over ons heen laten komen.
The Veils zijn alvast meesters in het brengen van contrasten van lieflijke, breekbare pop tot weerbarstige americana, ergens tussen Cave, 16 Horsepower, The Triffids en V.U. Uit de tracks die we al konden horen van de nieuwe plaat, moeten we terug dat sublieme evenwicht van broeierige rootsrock en meeslepende emotionaliteit en intimiteit concluderen, onder Andrews pakkende, doorleefde stem.

Ook live werd die gevarieerde aanpak beklemtoond. De groep - intussen uitgebreid met een backing vocaliste (had een maagdelijk wit kleedje aan) - trok meteen de aandacht met de bezwerende rocker “Three sisters” uit de recentste cd. Even gepassioneerd en gedreven klonk “The letter” om dan de eerste herkenbare tunes te spelen van het opbouwende “Calliope”.
In het eerste contact met z’n publiek excuseerde frontnam Andrews zich. Een hese, krakende stem en keelproblemen …. Maar geen nood, vanuit het publiek kreeg hij onmiddellijk een pint om de keel te smeren, wat hij in dank aanvaardde. Het ijs was doorbroken om het publiek in de rest van de set te betrekken.
Door Andrews intense pianospel en z’n licht klaaglijke zang was de factor gevoeligheid hoog op de indringende, sfeervolle songs “It hits deep”, “Pan” en “The house she lived in”. De dreigende emotie zetten ze met bezieling verder in pittige en frisse versies van “Advice for the young mothers to be” en “Jesus for the jugular”, net de twee meesterlijke songs van de ‘Nux Vomica’ plaat.
Ondanks de doordachte aanpak van hun nummers gaf de nonchalance waarmee Andrews sukkelde met z’n microfoon en om z’n gitaar in te pluggen, het geheel wat spontane charme. Op de afsluitende song “Larkspur” kwamen ze zelfs aardig in de buurt van de bezwerende spanning en dreiging van Woven Hand. Ze leverden knap werk af om de acht minuten sfeerschepping (surplus Andrews declamerende zangstijl deze keer) van op de plaat live te brengen.
Na een klein uur was het muzikale avontuur bijna over, maar dit was de buiten de waard gerekend dat Andrews, naast een obligate bis, waar we het sobere “Scarecrow” en de spannende rootsrockende “Nux Vomica” hoorden, begon aan een soloperformance. Hij liet de keuze aan de fans. Hij was eerder verbaasd dat nummers gevraagd werden van het debuut, maar in de onderhandelingsronde kwam het tot één nummer van elke plaat, waaronder we een prachtversie van “Livinia” en “Sun gangs”, de titelsong van de recente plaat noteerden. Het onderstreepte de vriendelijke uitstraling van de man, die meteen ook aantoonde hoe z’n songs tot stand kwamen.

The Veils slaagden er moeiteloos hun publiek te laten meeslepen in hun indringende americana/roots/poprock en toonden nogmaals aan dat ze er live staan … U bent gewaarschuwd om hen zeker eens aan het werk te zien … Met een knipoog van één van hun dierbaarste fans van de site, die goedgemutst op hen neerkeek …

Support was multi-instrumentalist Richard Swift, die op tournee is met een full band; z’n spaarzame lofi pop/elektronica kreeg hiermee wat meer armslag. Hij stoeide maar al te graag met z’n stem, die op de afsluitende song door de reverbs het sterkst tot z’n recht kwam.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Pagina 348 van 386