Het Depot Leuven - concertinfo 2026

Het Depot Leuven - concertinfo 2026 events 02 + 03 + 04-04 Metejoor (ism Live Nation) 05-04 Dub unit 06-04 The Damned 08-04 Luna 10-04 What-U-On-About: Enei, Simula, Skeptical 11-04 The Perfect Tool, Bulls On Parade 14-04 Klaas Delrue 50 17-04 Avaion 18-04…

logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

dEUS - 19/03/20...
The Wolf Banes ...
Johan Meurisse

Johan Meurisse

donderdag 29 oktober 2009 01:00

Eskimo Snow

Het Amerikaanse Why?, uit Oakland California, bepaald door de broers Wolf, is al zo’n kleine vijf jaar bezig en hebben met hun vierde plaat, de opvolger van ‘Alopecdia why?’, mét band uit. Ze maakten van hun pseudoniem de groepsnaam Why. We horen op ‘Eskimo Snow’ tien bezwerende, leuke intens opbouwende indie/rootspopamericana songs. Ze zijn soms rijkelijk ondersteund door allerlei instrumenten en geluidjes (piano, toetsen, xylo, blazers, …) en zorgen voor een kleurrijk palet. Op die manier klinkt het geheel broeierig, dromerig en sfeervol. De zegrap van Jonathan ‘Yoni’ Wolf maakt het nog iets specialer. De vroegere hiphopinvloeden zijn duidelijk ondergeschikt geworden, wat ruimte biedt aan de country en folk van de twee andere groepsleden. Pareltjes zijn alvast “Into the shadows of my embrace”, “Berkeley by hearseback” en “This blackest purse”.

donderdag 29 oktober 2009 01:00

A brief history of love

Na het beluisteren van dit plaatje van het Londense duo Robbie Furze en Milo Cordell is het me wel duidelijk dat deze The Big Pink een ‘real’ big pink is. ‘A brief history of love’ is een debuutplaat om U tegen te zeggen …broeierig, intens meeslepende shoegazepop. Inderdaad, het zijn goed in elkaar gestoken beheerste popsongs, met gedoseerde industriële beats en gevatte galmende wave; door hun opbouw en invloeden her en der klinken ze uitermate boeiend. De eighties wave, de indiewave van de jaren ‘90 en de psychedelische retrotrips schieten ons rond de oren; en dat betekent dat namen als Jesus & Mary Chain, My Bloody Valentine, Ride, Spacemen 3, Curve, BRMC en de huidige rits Horrors meets Black Angels de referenties vormen.
Feit is dat The Big Pink een band is met groeipotentieel; “Dominos” zorgt voor de definitieve doorbraak en biedt de kans om oudere singles als “Too young to love” en “Velvet” terug op te loaden! Aanstekelijk en fris klinkt het allemaal; terecht mag deze band ‘high hip’ worden!
Ze overtuigen sterk door een eigen geluid aan die verschillende stijlinvloeden te geven … Ze hebben alvast héél véél in petto, luister maar eens naar de opener “Crystal visions”, “At war with the sun”, “Golden pendulum”, “Frisk” en “Count backwards from Ten”.
Vorig jaar was er Glasvegas, dit jaar kan de fakkel overgedragen worden aan deze ‘big next thing’, The Big Pink!

donderdag 22 oktober 2009 02:00

Monsters Of Folk

Een sterke cohesie en kracht vormt de samenwerking tussen de songschrijvers M. Ward (She & Him), Jim James (My Morning Jacket) en Conor Oberst (Bright Eyes, …). Het trio had in 2004 soms een paar gezamelijke optredens en vanuit die contacten begon het drietal deze optredens als de Monsters Of Folk. Naast hun eigen projecten en bands, doken ze vanaf dan regelmatig de studio in met Mike Mogis van het label Saddle Creek, die als producer en vierde bandlid fungeerde. Deze plaat kwam uiteindelijk tot stand, met een overbrugging van een goede twee jaar. Rustig werkten de heren, individueel – gezamenlijk, aan het materiaal. Hun americana/rootsrock doet denken aan de Traveling Wilburys (ook al zo’n vervlogen project) en Crosby, Stills, Nash & Young. Ook aan de hoes maak je onmiddellijk die link.
De songs krijgen een vervaarlijk monsterlijk hoge score; we horen pittig , gedreven songs , “Man named truth” en “Losin to head”, broeierig dromerig materiaal met een lichte groove als “Dear God”, “Say please” (de single), “Whole lotta losin’” en “Ahead of the curve”, en er zijn innemende ballads, die door de gitaarslides en steelpedal een hoge emofactor hebben, “The right place”, “Goodway”, “Temazcal”, “Magic marker” en “His master’s voice”.
Het weze duidelijk dat deze drie gerenormeerde artiesten deze stijl perfect beheersen, de songs vocaal, ofwel apart ofwel tesamen, zeggingskracht geven en aandachtig zijn voor allerlei subtiele geluidjes.
Grootse artiesten, die een uniek en gevarieerd plaatje uithebben … te koesteren dit ‘Monsters Of Folk’ project.

De Botanique stelde vanavond twee prille bands voor die al een lange periode samen op tournee zijn. Beiden bieden een niet alledaagse sound, die origineel, gewaagd en gevat klinkt. Ze waren in het voorjaar al te zien op het Dominofestival als supports van The whitest boy alive.

The Invisible trok net als Micachu & The Shapes Matthew Herbert aan als producer. Het trio maakt een eigen bereide sound door een potpourri aan stijlen van pop, funk, soul, jazz en elektro, en halen hierbij de new rave en de punkfunk overhoop. Zelf noemen ze het ‘Experimental Spacepop’. We horen invloeden van A Certain Ratio, Foals, !!! en TV On The Radio. De zachte soulstem van de imposante zanger/gitarist, Dave Okumu, zweeft boven en tussen de instrumentatie van synths, bas gitaar en drums. Soms klonk het geheel van deze som wat etherisch. Groovy stukken als “Monster’s waltz” en “London girl” wisselden met intens sfeervoller werk. “Jacob & the angel” bracht de twee sferen  samen.
Ze balanceerden tussen toegankelijkheid en experiment.

Micachu & The Shapes is evenzeer afkomstig uit Londen en kon ook rekenen op de steun van knoppenfreak Matthew Herbert. Een avontuurlijke combinatie van garagerock, postpunk en elektronica, die onverwachtse wendingen ondergaan en tegendraadse ritmes hebben; de sound kan explosief en zacht zijn en is doorspekt met de (excentrieke) stemvariant van MC Mica Levi. Een versmachtende popmelodie is te horen binnen hun gewaagde aanpak van synths, drums en Levi’s ‘chu’ , een zelf geprepareerde gitaar waaraan een bassnaar is toegevoegd en een pedaal werd bevestigd om het gitaargetokkel scherper en rauwer te laten klinken, zijn de basis . Het debuut ‘Jewellry’ kwam vanavond in de spotlights, aangevuld met enkele EP nummers en één nieuw nummer die ze tijdens de tour in elkaar al hadden geflanst (niet pejoratief bedoeld!). Openers “Curly teeth” en “Vulture” klonken behoorlijk stevig en strak, terwijl “If I could eat your heart” en “Lips” grillig klonk. Ook de wisselende soms vervormde vocals speelden een rol.
De sfeer en toon van het concert was als bij The Invisible, een variatie tussen toegankelijkheid en experiment. “Turn me well” teerde op sfeerschepping en stemvariatie, terwijl “Wrong “ bijvoorbeeld het moest hebben van het aparte geluid. “Guts” en “Golden phone” volgden en lagen in dezelfde lijn.
Het trio eindigde met een sober gehouden en stemmige “Hardcore (?)” en “Not so sure”, bepaald door het gitaargetokkel, de onverwachtse wendingen en de stemmen van Levi en tweede dame Raisa Khan.

Micachu & The Shapes en The Invisible waren niet alledaagse nieuwigheden, die het bordje ‘te ontdekken’ opgehangen kregen …

Organisatie: Botanique, Brussel

Het Franse Nouvelle Vague zijn producers uit Parijs, Marc Collin en Olivier Libaux, die net zoals ik de jaren ’80 hebben meegemaakt en een zekere voorliefde behouden. Maar ik beluister eerder graag die platen terug en ga retrobands bekijken, terwijl zij als muzikanten al drie cd’s uitpakken met een keuze van bekend en minder bekend werk van ‘80’s (punk) pop en new wave classics. De coversongs hebben een zwoele, groovy ondertoon en krijgen leuke, frisse, knappe en creatieve impulsen. Het geheel klinkt bevreemdend, sensueel en romantisch, bepaald door de vocals van twee charmante zangeressen, die een prominente rol innemen. Er is oudgediende Melanie Pain (in glitterjurk), met haar broeierige, fluisterende sexy stem in navolging van de Cocorosie dames, die groots is in het lichtvoetig materiaal en er is de performster Nadeah Mirande (in avondjurk), een blonde diva, die als een bezetene kon tekeer gaan en grauw en grimmig kon uithalen … een podiumbeest … de lange blonde haren wild om zich heen slaand, wat de mannen hun fantasie op hol deed slaan … De dames voelden elkaar heel erg goed in hun wisselende en gevarieerde zang.
Op de recente Nouvelle Vague cd horen we minder de bossonova en reggae inslag. Een diepe contrabas, sfeervolle psychedelica toetsen, een tokkelende gitaar en bezwerende, zalvende drums vormden de toonaard en boden de ideale cocktailparty, die op de dansspieren inwerkte, opwindend en hitsig kon zijn en soms veel aan de verbeelding overliet …Letterlijk voelden we hun adem en knuffel, de ‘perfecte sensuele (tong) kus’ van hun recentste plaat.

In loungestijl opende het gezelschap met “So lonely” van The Police, die buiten de tekst, muzikaal moeilijk herkenbaar was. De danspasjes van de bevallige dames zagen we op “Master & servant” en “Ever fallen in love”. Verleidelijk klonken “Road to nowhere”, “Human fly” en “The guns of Brixton”. We voelden de zweetparels van de uitzinnige perform van Nadeah, die zich in de zaal smeet op de Dead Kennedy’s klassieker “Too drunk to fuck”; het refrein werd eerst zachtjes, dan harder meegezongen. Een moment van rust ervaarden we door een beheerst gehouden “God save the queen”, gedragen door Melanie’s fluisterstem in een meezingdialoog, wat gevolgd werd door een schitterend origineel gecoverde versie van Madness’ “Grey day”, die qua act naar een soort duiveluitdrijving neigde. Om totaal loos te gaan, was nog een paaldanseres tekort op het podium.
Er viel naast de muzikale originaliteit veel te beleven op het podium. Een boeiende gig, die het dromerig met het meer uptempo werk afwisselde en verrassende wendingen bood: van “I just can’t get enough”, “Blister in the sun”, naar obscure versies van “All my colours” en “Parade” (van Magazine), tot een freefolkversion van “Friday night, saturday mornings” (van The Specials) en een waverockende “Dance with me”. “Love will us tear us apart” van Joy Division was de terechte afsluiter na anderhalf uur. De song klonk gaandeweg krachtiger en de dames lieten het publiek de ruimte om het refrein mee te zingen en de herkenbare sound mee te neuriën.

Ook de bis was om van te snoepen … een huiveringwekkende “Bela Lugosi’s dead” van Bauhaus, die de dreigende spanning en wave behield van het origineel , een groovy “Not knowing” en een ingehouden “Manner of speaking” (Tuxedomoon), op cello en akoestische gitaar.
Om maar even te zeggen hoe sterk en overtuigend Nouvelle Vague de gecoverde nummers verrassende, avontuurlijke en aangename wendingen gaf, van meezinghits tot van onder het stof gehaalde ‘80’s classics.

Ook de support mocht er best zijn …The Error Team, een trio op synths (Hammond), piano en drums, bracht de Nouvelle Vague’s bossonova , de latin/exotica van Gotan Project, de Cinematic Orchestra’s filmmusic en een ‘50’s jazzy boombal samen. Een instrumentaal uiterst beheerste lounge en easy listening …

Organisatie: Democrazy, Gent

donderdag 15 oktober 2009 03:00

Monoliths & Dimensions

Het Amerikaanse Sunn O ))), Stephen O’Malley en Greg Anderson, masters of doom en dronetrips, bereikten met de vorige cd ‘Black one’ terecht een ruimer publiek. Hun hallucinante tranceachtige trips werden gestuurd en bepaald door logge, lome en repeterende, donkere ritmes van gitaar- bas feedbackgeraas en Moog synths, onder een muur van versterkers en pedaaleffects … Grensverleggend …doom en drones als kunstmuziek.
Op het recente ‘Monoliths & Dimensions’ staan vier indrukwekkende composities (een trip van ruim 50 minuten) van massief, slepende gitaardrones, ingevuld met keelgezangen, mannen – en vrouwen koren, blazers, violen en synths. Een verbluffend geheel …IJzingwekkend, ontroerend en filmisch.
Sunn O ))) staat garant voor avantgarde, een kruispunt van drone, modern klassiek, minimalisme en jazz. For fans of Earth, Oren Ambarchi, Eyvind Kang en Sun Ra…kwestie dat we deze bands niet zouden vergeten melden …

donderdag 15 oktober 2009 03:00

Exit dreams

The Hunches uit Portland, Oregon overdonderden in 2004 met de cd ‘Hobo Sunrise’; deze garagerockende band bracht een portie stevig, harde, gedreven smerige rock’n’roll, doorspekt van trashpunk, ‘80’s wave, noise en fuzz, onder diverse tempowisselingen en de schreeuwerige vocals van Hart Gledwill.
Die snoeiharde aanpak horen we op de eerste songs “Actors” en “Ate my teeth” terug … alsof er in die drie jaar niks is gebeurd … Gitaren slaan in het rood … Maar dan is er plots het gevoelige kantje van de heren, want de daaropvolgende songs “Not invited” en “Deaf ambitions” zijn sfeervol en ingetogen. En dan zoekt de band op ‘Exit dreams’ een evenwichtsoefening tussen hard, rauw materiaal en subtiel emotievolle songs, zonder in te boete aan een sterke melodie, “From the window”, “Carnaval debris” en “Your sick blooms”. Meer broeierig klinken “Fell drive” en “Unraveling” en met songs als “Street sweeper” en “Pinwheel spins” balanceert de band tussen The Horrors, The Pains being pure at heart, Blood Brothers en Jesus & Mary Chain. “Swim hole”, rauwe lofi, besluit de plaat.
The Hunches klinken minder verpletterend, kozen voor afwisseling en weten op die manier net de smerige rock’n’roller als de breekbare ziel in ons te bereiken …

Vijf jaar na ‘American Idiot’, hun gig op Rock Werchter en eerste zaalconcert sinds mensenheugnis, was het Amerikaanse punkrocktrio Green Day (live met zes!), onder Billie Joe Armstrong, er terug als vanouds bij en bewezen twintig jaar na ontstaan, dat ze nog steeds in de running zijn; ze behouden de punkpop een fris, levendig, eigentijds en jeugdig gezicht met hun ‘to the point’, melodieus opbouwende rock en meezingbare refreinen; hun catchy, vaardig en gedreven geluid dompelden ze onder in een twee en half uur durend totaalspektakel … Amusement en show, zonder hun roots van punkrockers ook maar te verliezen… Hou er zelf maar eens de aandacht bij om te putten uit een rijkelijk gevulde carrière, het publiek op te jutten, in te gaan op reacties van de eerste rijen, ruimte te laten voor enkele jeugdige fans, speelse intermezzo’s toe te laten en alles te laten knallen met een (gezonde) dosis vuurwerk!

Net vóór de aanvang dwarrelde een reuzengroot (dronken) konijn rond op het podium en hitste de menigte op met ‘rock’n’roll high skools’ en ‘YMCA’s. Plots floepten de lichten uit, en stonden we aan de rand van een grootse stad van hels verlichte flatgebouwen, waarvóór de band Green Day stond. Het hyperkinetisch leuke gezelschap (aangevuld met een toetsenist en twee gitaristen (waarvan 1-tje schuin achter de boxen)), onder Billie Joe Armstrong, vloog erin met een paar songs van de recentste cd, “Song of the century”, “21st Century breakdown” en “Know your enemy”. ‘Punkrock without rules’, want Armstrong haalde er al iemand van het publiek bij om het feestje op gang te trekken … refreinen werden luidkeels meegezongen en de menigte zwaaide met de handen in de lucht. ‘A typical American show’, maar eentje die beheerst, doordacht en zonder scrupules was … Een klein jongetje mocht zich een moment een ‘groots artiest’ wanen aan de zijde van Armstrong.
Ze hielden het tempo met “Holiday” en “The static age” hoog. Met dezelfde positieve en enthousiaste ingesteldheid hoorden we meer gematigde versies van “Are we the waiting”, “St. Jimmy” en “Boulevard of broken dreams”, die naadloos in elkaar overgingen en intrigeerden dor een puike opbouw.
Tijd voor wat afkoeling en animatie, dacht Billie Joe dan … hij spoot de eerste rijen met een waterpistool en een tuinslang. Alsof dit nog niet genoeg was, gebruikte hij nog een wc rolschieter, schoot hij met een kanon t shirts het publiek in en knalde het op het podium met vuurwerk. Het gaf elan aan de snedige uptempo rockers “Hitching the ride”, “Welcome to Paradise”, “When I come around”, “Brain stew” en “Jaded”.
Op “Longview” werd een jonge gast uit het publiek heel even Billie Joe op zang, terwijl hij zich dan toelegde op z’n gitaarspel. Zonder podiumvrees zong onze vriend de tekst, wat luidkeels werd onthaald. Een stagedive maakte een eind aan deze sterrentocht ..  “Basket cage” volgde. Refererend aan de skapunk van Rancid (met blazer!), was er plaats voor een volgende medley op “She”; flarden “Stand by me”, “I can’t get no satisfaction” en “Shout” waren te horen. De huidige single “21 guns” en “Minority” besloten na twee uur het feestje en verve.
Ze breidden er in de bis nog een leuk vervolg aan en zweepten het publiek op met verrassende wendingen van “American idiot” en “Jesus of Suburbia”. Wat een apotheose! Groots vertoon van deze artiesten! Terecht kwam zanger/gitarist en frontman Billie Joe in de spotlights en zorgde met de akoestische versies van “Wake me up when september ends” en “Time of your life” voor kippenvelmomenten … Een heerlijk tokkelende gitaar en gevoelige vocals …, waarbij iedereen de refreinen meezong!

Green Day stond garant voor speelplezier en entertainment vol emotie. Doorwinterde punkrockers die weten wat ze willen en kunnen. Kortom, een viersterren concert ‘to remember’ van deze dolle bijna veertigers

Support was Prima Donna, die een half uur doorsnee American Rock speelde. Hun gig verbleekte na het muzikaal concept van Green Day …

Neem gerust een kijkje naar de pics onder live foto’s

Organisatie: Live Nation

Als we de muziek van het sympathieke Britse kwintet horen, komen volgende zaken naar boven … Band met hitpotentie… radiovriendelijk, toegankelijk, neigende naar stadionrock … Coldplay, Snow Patrol, Keane en Doves. De band heeft totnutoe vier cd’s uit, waarvan ‘Beyond the neighborhood’ uit 2007 het minst sterk klonk. Maar ze bijten sterk van zich af op het recente ‘The black swan’, dat kwalitatief gerust naast de oudere ‘Vehicles & animals’ en ‘Tourist’ kan staan.
In Engeland zijn ze succesvol, bij ons loopt het veel minder vaart; de singles horen we regelmatig. Athlete is geen hype, nee, het is een bedreven band die de kunst heeft goede Britpop te produceren van dromerig, sfeervol, ontroerend en emotievol materiaal. Ze hebben met Joel Potts een sterke zanger.

Een goed gevulde Orangerie kon een evenwichtige band aan het werk zien die uit elke cd een handvol songs plukte en de huidige cd in de spotlights plaatste. We hoorden gevarieerd materiaal, waarvan de afsluitende song “Light the way” mag ingelijst worden als één van de meest melancholisch pakkende, breekbare songs van het moment. Het zijn doorwinterde artiesten, die zonder enige stress midden de set een stroompanne overwonnen door doodleuk twee songs akoestisch en niet versterkt te spelen. Potts zorgde voor een kampvuursfeertje en betrok onmiddellijk het publiek erbij door handclapping en obligate ‘oohoohs’. Een pluim!
Het nieuwe “Superhuman touch” opende, directe poprock, ondersteund door kleurrijke synths, die op de recente cd een belangvolle rol innemen. De daaropvolgende songs “You got the style”, “Shake those windows” en de oude single “Half light” hadden een intense opbouw, wisten meer aan te zwellen en klonken soms krachtiger. Het ingetogen “The black swan” was gericht aan z’n grootvader, die onlangs was overleden en heldheftig had gestreden in WO II. Na de sfeervolle, dromerige liefdessong “Tourist” viel bij aanvang van “One million” plots de stroom uit. Bij controle bleek er verlies te zijn op hun versterkers; Joel Pott was niet uit z’n lood te brengen en bracht een ‘all together’ gevoel in ‘een singalong’ van “One million” en “Wires”. Na een paar valse starts kon de band terug inspringen met de melodieus aanstekelijke “Westside”, “The outsiders” en “Magical mistakes” die net als bij een Keane bepaald werd door een beheerste dosis elektronica en beats. Athlete besloot krachtiger met “24 hours” en het melodieus broeierige “The getaway”, die op het eind een sterk meezinggehalte kreeg.
Door het speelse karakter en hun spontaniteit kon de groep rekenen op een warm onthaal. Twee toegiften kregen we nog na ongeveer anderhalf uur: een snedige, stevige versie van “Love comes rescue” en “Light the way”, de hartenbreker van het moment!

We hoorden een uiterst verzorgde set van een band, die het verdient naast de groten te staan. Waarschijnlijk zijn het nog te ‘ordinary guys’. Eén ding is wel zeker, Athlete is een kwalitatief sterke band die live staat als een huis …

Neem gerust een kijkje naar de pics onder live foto’s

Organisatie: Botanique, Brussel

donderdag 08 oktober 2009 03:00

Grace/Wastelands (2)

Na de helse avonturen van drugs, rechtszaken en vriendinnetjes en de muzikaliteit van Libertines en Babyshambles vond Pete Doherty het tijd om eens een soloplaat uit te brengen. ‘Grace/Wastelands’ is die genaamd. Hij heeft het nog steeds graag over de utopische plek die Engeland in zijn beleven zou moeten zijn. Maar de man van melodieus grillige, rammelende, puntige maar ook hoe-komt-het-uit punkrock, heeft een uiterst sfeervol, gevoelig plaatje uit, dat hij samen maakte met leden van Babyshambles en Blur gitarist (en eveneens solo artiest Graham Coxon. Voor de gelegenheid is er een extra ‘r’ achter zijn voornaam.
’Grace/Wastelands’ is een gevarieerd album binnen die intimiteit, gaande van sober gehouden songs op akoestische gitaar, soms ondersteund door een strijker (viool) of een blazer en mans innemende onvaste stem, waaronder “1939 returning”, “Salomé” en “I am the rain”. Hij combineert het met lichte groovy bluesy en jazzy uitstapjes, zonder aan emotionaliteit in te boeten, luister maar eens naar opener “Arcady”, “Sweet by & by” en “Palace of bone”. De sound kan iets voller klinken door een soft gehouden percussie, een lichte orkestratie, toetsen en/of een pianotoets: “Last of the English roses”, “A little death around the eyes” en “New love grows on trees”. En hij overtuigt toch met popsongs als “Sheepskin tearaway” en “Broken love song”.
Er zijn talloze pareltjes terug te vinden op dit solo album; een uiterst evenwichtig album, waarbij hij niet uit de bocht gaat van de nonchalance die er live kan zijn. De songs krijgen een handige gestroomlijnde draai. ‘Grace/Wastelands’ is een recept van mans talentvol musiceren en vakmanschap, die de punk in hart en nieren draagt …


Pagina 145 van 180