logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
Epica - 18/01/2...
Johan Meurisse

Johan Meurisse

donderdag 25 september 2008 03:00

Carried to dust

Het combo rond Joey Burns (zang, gitaar, bas) en John Convertino (drums) heeft een nieuwe frisse plaat uit; ‘Carried to dust’ doet het middelmatige ‘Garden ruin’, de vorige cd, wat vergeten en concurreert met platen als ‘The black light’, ‘Hot rail’ (hun doorbraak cd) en ‘Feast of wire’. Ze bieden een ruime kijk op americana door het toevoegen van warme, exotische, zuiderse klanken, waarbij het combo creatief en broeierig klinkt; accordeon, de Spaanse gastzang van Jairo Zavala en de Mexicaans klinkende trompet van Jacob Valenzuela zijn daar verantwoordelijk voor.
Een swing en groove horen we in songs als “Victor Jara’s hands”, “Writer’s Minor Holiday”, “Inspiracion”, “House of Valparaiso” en “El Gatillo”, wat een amalgaan aan stijlen samenbrengt binnen hun kleurrijke americanapop: mariachi/latino, jazz, folk en spaghetti western. Ze wisselen dit moeiteloos af met sfeervol, ingetogen songs: “Two silver trees”, “Slowness”, “Hole in your head” en “Fractured air”.
Een klasse album en een band in topconditie. Da’s Calexico in een notendop momenteel!

donderdag 18 september 2008 03:00

Falling off the lavender bridge

Je moet het maar kunnen, eerst deel uitmaken van een noise gezelschap en dan moeiteloos overstappen naar singer/songwriting vol melancholische countryrock. Devonte Hynes, één van de spils van Test Icicles, nog maar 21, liet de band opdoeken en koos voor deze aanpak. Z’n debuut heeft veel mee van AMC, Bright Eyes en Lemonheads. Soms zijn nummers omlijst door een breed instrumentarium als akoestische gitaar, steelpedal, piano en strijkerarrangementen als op het sfeervolle “Devil tricks for a bitch”, het opbouwende aan Sigur Ros gelinkte “Dry lips” en het uitgesponnen “My time spent down”; of ze worden sober gehouden, “Salty water” en “Everyone I know is listening to crunk”. De vrouwelijke backing vocals bieden een meerwaarde.
’Falling off the lavender bridge’ is een moedig, gevarieerde en weemoedige plaat!

donderdag 18 september 2008 03:00

Friendly Fires

Het Britse Friendly Fires debuteert met een melodieus aanstekelijk popdance plaatje. Het trio haalt verschillende invloeden aan als The Klaxons, !!! en LCD Soundsystem , combineert ‘70’s funk, ‘80’s Talking Heads en de electro van New Order. Hun geluid past perfect binnen het concept van de new rave. Het levert hen een luchtig en vrolijk plaatje op: “Jump in the pool”, “In the hospital” en “Paris”. Naast een pompend beatje klinkt het gezelschap wat sfeervoller en laten wat meer trance en zalvende beats doorklinken als op “Strobe”, “Skeleton boy” en “Photobooth”. De dansspieren worden aangesproken op “On board” en “Lovesick”, nummers die onze Stijn het nakijken geven door die groovende funky beat. Dit is een heerlijk afwisselend plaatje in z’n genre.

maandag 22 september 2008 03:00

Leffingeleuren 2008: zondag 21 september 2008

Een stralende zondag en een ietwat ouder volkje. De jongeren waren wandelen gestuurd en de ouders waren te zien op het festivalterrein. Een kleine 5000 bezoekers zagen De Dolfijntjes Van Wim Opbrouck, Zita Swoon, Orishas en Arno.

Headphone gaf het startschot, debuteerde op het Cactusfestival en werd sindsdien door menig organisator geboekt. .Een ‘lazy sunday afternoon delight’ sfeertje creëerden ze met hun subtiel uitgewerkte dromerige pop.

Het feestgedruis kon worden aangevat met De Dolfijntjes XXL, het West-Vlaams gezelschap uit Harelbeke rond Opbrouck en Willaert. Al bijna twintig jaar zorgen zij voor grappig entertainment en nemen een loopje met klassiekers door eigen interpretaties, wat uitmondt in de meest onmogelijke medleys. Onversneden rock’n’roll versies in hun gekend West-Vlaams dialect, op accordeon, blazers en ritmesectie. De Dolfijntjes worden terecht omschreven als een hedendaags turboschlager orkest. Op een sterk niveau slaagden ze erin het publek uit hun dak te doen gaan met sloganeske, rijmende refreinen en een meezinggehalte!

Het was de eerste keer dat ik nu Stef Camil’s band aan het werk zag zonder z’n vroegere rechterhand Tom Pintens. Het is en blijft een groot gemis na al die trouwe jaren dienst. Een onwennig gevoel.
Zita Swoon bracht in 2007 de nieuwe plaat ‘Big city’ uit; de band balt een geheel van pop, soul, funk, jazz, latingroove, Balkan en cabaret samen en staat garant voor een broeierig, dansbaar setje. Een geheel eigen muzikale taal ontwikkelden ze! Ze ondernamen een heuse clubtournee, speelden enkele ‘BandInABox’ concerten en waren maar op een handvol festivals te zien. In elke tournee horen we een eigen specifieke invalshoek. Vooral in het eerste deel klonken ze uiterst sfeervol met “Qu’est ce que je veux”, “I feel alive in the city”, de requim to Jeff Buckley in “Song for a dead singer”, en “l’Opaque paradis”. In een partyswing kruidden ze “Thinking about you all of the time” en “People are like slamming doors” door dubbele percussie, Hammond toetsen en danspasjes van de backing vocalistes, de zusjes Gysel, en Stef Camil. Pas naar het eind hoorden we opwindende versies van een “Everything is not the same” en “Hot hotter hottest”.

Het Cubaanse Orishas zorgde voor een zomers geluid; een kruisbestuiving van pop, hiphop, latin, salsa en rumba, die aangenaam en aanstekelijk inwerkte op de dansspieren door de beats, scratches, trompet en zuiderse ritmes. De twee rappers en de zanger gingen enthousiast tekeer, wat de band heel wat respons opleverde. Een fijn feestje op valavond.

Arno: een enorm gerespecteerd man, le plus beau, roots te Oostende, tot ridder geslagen en de titel van ‘The hardest working man’. Inderdaad, wie Arno het laatste jaar niet heeft kunnen zien , moet erg veel gaten hebben gehad in z’n concertagenda. Samen met z’n band beschikte Arno over de juiste dosis ‘jus’ om frisse en ingetogen funkende rock te spelen en de kaart van ambiance te trekken. De pittige, strakke en venijnige aanpak blijft boeien, mede door een nieuwe, energieke gitarist, die Geoffrey Burton verving. Maar de pak optredens leveren een voorspelbare (soms dezelfde) setlist op, waardoor Arno niet echt meer verrast.
Hij stelde sterke songs voor van z’n ‘Jus de Box’ en grossierde in z’n rijkelijk gevulde oeuvre. Onvervalste rock hoorden we: “From Hero to Zero”, “Mourir à plusieurs”, “I’m not into hop”, “Ratata” en “Meet the freaks”. Wat hij afwisselde met een ingetogen “Lonesome Zorro” en “Les yeux de ma mère”. Het TC Matic materiaal “l’Union fait la force”, “Que pasa” en de instant klassiekers “Ooh lala” en “Putain putain” blijven tijdloos. Een ‘Best of’ die en verve besloten werd met “Les filles du bord de la mer”. Mooi om op zo’n 7 km van de kust al die kelen te horen meezingen en schreeuwen.

Organisatie: VZW de Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

Stralend weer en een uitverkochte tweede dag te Leffinge, wat ongeveer 6000 bezoekers inhield! Het was koppen lopen in de concerttent bij de Nederlandse hiphop De Jeugd Van Tegenwoordig en onze West-Vlaamse Soulwax crew Goose. Hun straffe pompende electropunkfunkbigbeats zorgde voor een groots feestje!

De Verse Vis winnaars The Belgionites gaven het startschot van deze tweede succesvolle dag.
De smaakmaker bij de jongeren, vroeg in de namiddag, waren hun Jeugd Van Tegenwoordig. De drie MC’s en One DJ zijn erg populair en hadden al met twee nummers een hit 50 op zak, “Watskeburt” en “Hollereer”. De vier Nederlandse ‘schoffies’ waren ruim een kwartier te laat maar dit was niet erg, want ze staken meteen het vuur aan de lont met “Watsekeburt”. Het refrein werd luidkeels meezongen. De MC’s porden aan tot handjeszwaaien, jutten hun fansop en prikkelden met de ‘Hollandse hoeren’ bindtekst. Sloganesk vunzige taal die wat achterhaald klinkt, maar net die ongedwongen eenvoud en de pretentieloze attitude siert hen. Populair festivalbandje die de tent op z’n kop zette met hun praktisch onverstaanbare raps en simpel beatje!

Een uurtje zinderende garage rock’n’roll van drie in das en maatpak gekleedde heren. Dit kon maar ons eigen Triggerfinger zijn, die met de tweede cd ‘What Grabs Ya?’ definitief wisten door te breken. Hun zompig en retestrak setje werd en verve besloten door een uitgesponnen “Commotion” van CCR.

Rock Rally winnaar Mintzkov (uit 2000) was dit jaar weinig te zien in de clubs en op festivals. Met de cd ‘360°’ boden ze een strakker geluid, dat nauw refereerde aan de dEUS sound van broeierig bedreven gitaarpop. Het jaartje ‘rustiger aandoen’ liet sporen na qua belangstelling, wat niet belette een fris spelende band te horen met songs als “Safe house”, “Ruby red”, “Return & smile”, “Mimosa” en “One equals a lot”. Ze breiden er een schitterend slot aan met het opbouwende “Hitman” en het nieuwe singletje “Violetta”. Mintzkov maakte ons nieuwsgierig naar volgend jaar.

Het Franse Nouvelle Vague pijnigde onze hersenen met hun ‘80’s New Wave/Rock classics. Ze kregen een spaarzame begeleiding of ze stopten ze in een bossanova kleedje: sober, elegant en ontdaan van enige franjes, gedragen door de zwoele zang van de twee dames, waaronder deze van Phoebe Killdeer. Ze gaven de covers kleur door een passende act en hun sensuele danspassen.
De originele aanpak werd telkens beloond; hoogtepunten waren “Too drunk to fuck” (een maskeradebal), “God save the queen” (Sex Pistols unplugged), een handclapping “Not knowing” en een luidkeels meegezongen “Love will tear us apart”. En dan spraken we nog niet over “A forest”, “Human fly”, “The guns of Brixton” (de ontbrekende CocoRosie song!) en “Bela Legosi’s dead”. Nouvelle Vague koesterde ons mooie herinneringen van deze classics.

Een invloedrijke band op Triggerfinger was Jon Spencer. Beide bands waren op één en dezelfde avond op hetzelfde festival. “Ladies & gentlemen, here’s Heavy Trash” gaf frontman Jon Spencer, samen met de begenadigde gitarist Matt Verta-Ray aan. Het vijfkoppige bonte gezelschap speelde een heerlijk opgejaagd potje vettige rock’n’roll/rockabilly. Maar ze moesten eerst nog wat op dreef komen in hun rock’n’roll performance. Het publiek was te vinden voor hun aanstekelijke, wervelende, duivelse sound. Een stomend concertje!

Een nokvolle tent droeg het West-Vlaamse Goose op handen. De groep wordt haast een mythe van zichzelf. Wat een enthousiaste, uitzinnige menigte voor hun pompende electropunkfunkbigbeats! Het rockte en werkte aanstekelijk op de dansspieren. “British mode”, “Two Good Two Real”, “Black gloves” en “Low made” gingen naadloos over in het nieuwe materiaal “Audience”, “Girl” en “Everybody”. Snoeihard en energiek, een goed geoliede machine en topper van de tweede festivaldag!

Maar ook in het Zaaltje De Zwerver viel er heel wat te beleven en shame on you als je daar niet eens binnen ging. De organisatoren stelden enkele beloftevolle bands en artiesten voor.
Modey Lemon ontpopte zich als een Black Mountain maar dan binnen de retrogrunge. Mudhoney, Nirvana en Fu Manchu vlogen ons om de oren. Het trio breidde er een ongelofelijk slot aan met een krachtige, repetitieve, overrompelende song. Wat een samenspel gitaar, bas en drums! Overweldigend! En respect voor de bassist, die de pijn moest verbijten aan z’n stevig ingepakte voet.
Het powerrock trio Rose Hill Drive begon onwennig aan de set, maar het vertrouwen groeide. Ze behielden de aandacht met een rauw woestijnrockend geluid, dat refereerde aan vervlogen Kyuss tijden.
Van de Nieuw-Zeelandse schone Aka Pip Brown onder Ladyhawke hoorden we maar een paar songs, want de zaal was intussen volgelopen voor deze beloftevolle artieste die met “Paris is burning” een aardig hitje op zak heeft. Een beetje Kim Wilde, een beetje Avril Lavigne, maar dan eentje met een eigen gezicht …
Voor wie houdt van doorleefde soulpop van Bettye Lavette of Nicole Willis kon alvast ook terecht bij de beloftevolle Amerikaanse Stephanie McKay. Erkenning verdient ze met haar pas verschenen tweede album ‘Tell it like it is’. Verrassend mooi was de puur oprechte emotievolle sound en haar pakkende overtuigende stem.

Het deejayende drietal Kraak & Smaak uit Leiden zijn aan een wereldwijde opmars bezig met hun nieuwe cd ‘Plastic people’. Samen met een zanger en een zangeres brachten ze voldoende variatie aan in hun trippende funkende house en zalvende, smaakvolle loungy beats. Zelfs het vleugje wereldmuziek klonk best aardig. Partymuziek voor wie minder aan die straffe, pompende beats is van Goose.

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge


donderdag 28 augustus 2008 03:00

Evolutionism

Charleroi resident DJ, technomuzikant en producer Fabrice Lig komt aandraven met een fijne plaat. Op ‘Evolutionism’ horen we een gevarieerd aanbod binnen deze stijl, van trancy elektronica soundscapes tot meer techno met een funky randje.
Hij kreeg de hulp van de Japanse geluidstovenaar Ken Ishii, wat de plaat in z’n totaliteit zeker ten goede komt, want de diverse avontuurlijke geluidsexperimentjes en de dansbare grooves zorgden voor een aanstekelijk plaatje. “Children of Galapagos”, “DDNA”, “Australian P-Tek Funk”, “The power of the city” (met zangeres Cleo), en Herbie Hancock’s “Rockit” mogen voor het uitstalraam van deze knoppenfreak geplaatst worden!

Info op http://www.fabricelig.com en http://www.third-ear.net

donderdag 11 september 2008 03:00

Anhedonia

Burning Brides is een powertrio onder zanger/gitarist Dimitri Coats uit Philadelphia. Ze vielen al op als support van Monster Magnet en QOSA. Ze putten uit deze bands om hun retro/stonerrock elan te geven . Hun EP’s en het debuut ‘Fall of the plastic empire’ (’01) refereerde nauw aan het eerste werk van QOSA en (Slain By)Yatsura.
Ze zijn zo’n tien jaar bezig nu en de nieuwe plaat breidt een mooi vervolg op ‘Leave no ashes’ van 2005. Het vorig jaar verschenen ‘Hang love’ ontsnapte aan onze aandacht.
’Anhedonia’ is een strakke, compacte plaat waarop ze eens sterk kunnen uithalen met “Lovesick”, “Summer leaves” en “If one of us goes further”; of intrigeren met een broeierige opbouw en slepende ritmes op “Hurry up”, “Comfortably dumb”, “This is a wave” en “Fire escape”. Simpelweg schitterend! De bredere opzet heeft ook z’n minpunten met doordeweeks materiaal; luister maar naar “Flesh & bone” en “Heavy rocks”.
’Anhedonia’ klinkt minder vettig en zompig dan hun ouder materiaal, maar doet geen afbreuk aan hun muzikaal uitgangspunt van ‘90’s retro/stonerrock, die bands als QOSA, Mark Lanegan Band en z’n oude Screaming Trees hoog in het vaandel houden.

donderdag 04 september 2008 03:00

Conor Oberst

Een talentrijk songwriter is Conor Oberst uit Nebraska. De man is al van z’n vijftiende bezig en heeft een paar sterke platen onder het pseudoniem Bright Eyes weten uit te brengen. Met de laatste cd ‘Casadaga’ bereikte hij een breder publiek en stond hij op het punt door te breken. Maar hij nam samen met enkele vrienden onder The Mystic Valley Band een ‘on the road/kampvuur’ plaat op van emotievolle, dromerige ‘70’s retrorock, americana/countrypop. De Hammond toetsen en Oberst’s gitaarspel nemen een prominente rol in op deze titelloze plaat, wat refereert aan het oude Green On Red (met Chris Cacavas), het oude Wilco en het songwriterschap van een Dylan en Will Johnson (South San Gabriel/Centro-Matic).
Een gevarieerd plaatje dat fris, zwierig, meespelend ingetogen en sober klinkt, én waarbij Oberst de andere groepsleden de kans biedt in de spotlights te staan. “Sausolito”, “Get-well-cards”, “Lenders in the temple”, “Danny Callaghan”, “Moab” en “Souled out” zijn het toonbeeld van deze overtuigende plaat; met “I don’t want to die in a hospital” kan Oberst een grootse hit op zak hebben, wat hem gegund zou zijn. Volgend project graag!

donderdag 04 september 2008 03:00

Punkgasm

Het Amerikaanse Don Cabellero is al van ‘93 bezig, maar onderging een ‘tabula rasa’ na 2000, waarbij enkel de virtuoze drummer Damon Che overbleef; hij hield de touwtjes in handen. De andere spil, gitarist Ian Williams, maakt momenteel het mooie weer bij Battles.
De groep klonk toen innoverend met hun ‘mathrock’, gegroeid uit bands als Slint, van hoekige, complexe of aanstekelijke, groovende en subtiel in elkaar gestoken ritmes; de goed op elkaar ingespeelde band bracht instrumentale songs, die diverse tempowisselingen en onverwachtse wendingen ondergingen.
Don Caballero kronkelde tussen een Jane’s Addiction, Barkmarket, Tool, Porno for Pyros, Battles en oudjes The Fall en PIL.
De groep heeft onder de vernieuwde bezetting een tweede cd uit, ‘Punkgasm’ die regelmatig refereert aan het oude werk, (waaronder de sterke opener “Loudest shop vac in the world” die overgaat in “The irrespective dick area”, “Bulk eye”, “Pour you into the rug” en “Who’s a puppy cat”).
Er is sprake van een rustiger en meer licht verteerbaar geluid, waarbij de songs hun rauwe toon en donkere inslag behouden binnen een postrock landschap (“Slaughbaughs’ ought not own dog data”, “Awe man that’s jive skip” en “Why is the couch always wet?”).
Op een paar songs werkt Don Caballero zelfs met stemmen: “Celestial dusty groove”, “Dirty looks” en de titelsong, wat een half geslaagd resultaat oplevert.
De groep onderscheidt zich nog steeds in z’n instrumentale avantgarde sound, maar klinkt braver. En … ze zijn nog steeds geniaal in het vinden van songtitels.

donderdag 28 augustus 2008 03:00

The Hungry Saw

Het Britse Tindersticks stond vijf jaar op non actief. De solo uitstap ‘Leaving Songs’ van zanger/songschrijver Stuart Staples met leden Neil Fraser en David Boulter was een half geslaagd succes. Een reünie met deze twee kon niet uitblijven.
Resultaat is een homogene plaat van heerlijke, adembenemende romantische pop, in smachtende soul en retro gedrenkt, onder die typische ‘crooner’ zang (grauwe baritonzang) van Staples. De luisteraar wordt ondergedompeld in die zalvende melancholie van fijnzinnig en zorgvuldig uitgekiend materiaal, als ”Yesterdays tomorrow”, “The other side of the world” en “The turns we took”, ondersteund door toetsen, blazers en strijkers. De plaat heeft drie instrumentale tussendoortjes (“Introduction”, “E-Type” en “The organist entertains”).
”Boobar come back to me” en de titelsong hebben de sterkste hitpotentie en behoren tot het sterkste wat Tindersticks maar kon uitbrengen. ‘The Hungry Saw’ was het wachten waard.

Pagina 310 van 337