logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Ora Cogan
The Cure

M.I.A.

Maya

Geschreven door

M.I.A. is het verhaal van Maya Arularpragasam, dochter van ‘een Tamil Tijger’, die haar vader praktisch nooit heeft gekend. Ze heeft moeten vluchten met haar familie uit Sri Lanka en India en is uiteindelijk in Engeland beland. M.I.A. werd gedoopt, ‘Missing In Action’.
Onze M.I.A. debuteerde in 2005 met ‘Arular’, vernoemd naar haar pa, en muzikaal een behoorlijk boze, creatieve, avontuurlijke plaat, een geheel van hiphop, r&b, electro, dance en rauw grimmige breakbeats, Oosterse sounds en Jamaica invloeden.
En dat het een vrouw met ballen was, bewees ze nog eens te meer op de opvolger ‘Kala’ (2007), een knipoog naar haar moeder waarin ze fungeerde als de spreekbuis van een generatie jongeren. Een amalgaan aan stijlen, met het nodige knip - en plakwerk, een soort hippe opzwepende, hyperkinetische ‘allstyle’ dancemusic.
Nu drie jaar later is er de opvolger die haar eigen naam draagt, ‘Maya’, en een resem tekens draagt, die voor de nodige verwarring zorgen en talrijke vraagtekens oproepen. Onze dame is intussen zelf moeder geworden, maar dat belette haar niet een uiterst weirde plaat af te leveren door een stortvloed aan geluiden. Een ‘pfff’ plaat die fascinerend, overdonderend, overweldigend en onbegrijpelijk klinkt.
Een electroclash van elektronicasalvo’s, industrial (digital hardcore) van Atari Teenage Riot, de paranoïde wave/noise waanstructuur van Suicide, drum’n’bass, hiphop, reggae en Caribische elementen, verweven in een pop -/rockstructuur en harde, pompende knockouts en groovy zalvende beats.
Twaalf gevarieerde songs die geweldig, energiek, onrustig, compromisloos als aangenaam sfeervol zijn. De bezwerende pop van “XXXO”, “Story to be told”, “It takes a muscle”, “It iz what it iz” en “Tell me why” staan lijnrecht tegenover de geschifte killers & tornados van “Steppin up”, “Teqkilla”, “Born free” en “Meds & feds”. De verschillende kanten van M.I.A. zijn dus hier samengevat op de overtuigende derde cd.

Tame Impala

Innerspeaker (2)

Geschreven door

De jongste Pukkelpopeditie, dag 1, 14.00 hr. In Humo’s Pukkelpop ABC lezen wij onder Tame Impala :‘Psychedelische rock die elke lsd-boer op de wei werkloos zal maken’. Toch maar even gaan kijken, denken wij, en wat blijkt ? We worden helemaal van onze sokken geblazen door deze Australische neo hippies. Meteen is de revelatie van Pukkelpop 2010 gekend.
Zo snel mogelijk de plaat binnen doen is onze eerstvolgende gedachte.
En inderdaad, ‘Innerspeaker’ is psychedelisch, en nog geen klein beetje. Ook de hoes laat er geen twijfels over bestaan, hierop wordt een soort utopia afgebeeld waaruit op elk moment een bende stonede weed-vogels kunnen tevoorschijn komen.
De muziek zweeft in zeven lagen door onze koptelefoon, Midlake en Dungen hangen in de buurt, de keyboards en gitaren zijn overladen met tonnen echo’s, de zang komt ergens van tussen de wolken aangewaaid, sixties en seventies zijn alom tegenwoordig en de groove is constant aanwezig. We menen in de verte ook ergens de Stone Roses te hebben bespeurd, maar dat kan ook aan de kwaliteit van onze spacecake gelegen hebben.
Geen echte uitschieters van songs te melden op deze plaat, wel een kleurrijke totaalsound waar een mens als het ware in verdwaalt en er met de nodige middeltjes op zak kan blijven in rond dwarrelen. U moet het echt eens proberen.
Bedwelmend plaatje.

Killing Joke

Absolute Dissent

Geschreven door

Na het onvolprezen debuutalbum en het daaropvolgend ‘What’s this for’ uit begin jaren tachtig waren wij Killing Joke nagenoeg volledig uit het oog verloren (ook de koerswijziging met ‘Night time’ uit ‘85 met daarop het hitje “Love like blood” kon ons weinig bekoren) tot zij in 2003 terug aan het front kwamen met de splinterbom ‘Killing Joke’ en drie jaar later met het al even machtige ‘Hosannas from the basements of hell’ (die titel alleen al !). Wij waren weer helemaal wakker geschud en lieten die twee albums gewillig keer op keer als een allesvernietigende pletwals over ons heen gaan.
Op vandaag zijn wij dan ook geweldig opgewonden met ‘Absolute Dissent’ die de lijn van de bulldozerrock van zijn twee voorgangers volop doortrekt en hier en daar zelfs nog een tandje bij steekt.
Dichter bij metal zijn ze nooit geweest, maar het blijft onmiskenbaar Killing Joke. De band creëert een zware volumineuze sound, een geluidsmuur van gortige gitaarriffs en mokerslagen van drums. Daarbovenop schreeuwt een razende Jaz Coleman zijn vocals er met ware doodsverachting uit. Het is des duivels, maar de songs blijven telkens overeind en blijven de melodie in zich houden.
Moordsongs, met Coleman als vrijwillige killer van dienst, zijn “Absolute dissent”, “The great cull”, “In excelsis”, “Depthcharge” en “Endgame” (waarin Coleman nogal naar Lemmy neigt). De totale verpulvering komt er met “This world hell”, een uiterst rauwe lap agressie die uw hersenen met volle geweld uit uw hoofd komt rukken.
Toch mogen de vocals al iets melodieuzer en worden ook de synths bovengehaald op het fraaie eighties klinkende “European super state” die het venijn in zich heeft wat “Love like blood” bijvoorbeeld mistte. Ook een pompend “The raven king” werkt zich na een rustige aanvangsfase naar een ware bruisende climax toe.
Afsluiter “Ghost of ladbroke grove” begeeft zich zelfs op dub gebied en ontpopt zich zonder uit te schuiven tot een bijtende knoert van een song.
‘Absolute Dissent’ is een ronduit schitterend en vooral verpletterend weerzien met deze culthelden en een meer dan waardige opvolger voor de twee onvergetelijke klassiekers ‘Killing Joke’ uit 2003 en ‘Hosannas from the basements of hell’ uit 2006.

Caitlin Rose

Own side now

Geschreven door

In thuisbasis Nashville wordt Caitlin Rose zonder meer omschreven als de meest opwindendste act van het moment en dat zal waarschijnlijk wel zijn gedeeltelijke waarheid bevatten, ook al moet je hier bereid zijn om de cowboylaarsjes boven te halen.
Caitlin Rose is het soort meisje die sinds haar vorige EP ‘Dead Flowers’ alle aandacht naar zich wist  toe te trekken en waarvan deze ‘Own Side Now’ het debuut geworden is die al de hoogstaande verwachtingen moet inlossen.
Ondanks de vele inspanningen van diverse hedendaagse alt country-acts bespeelt Caitlin Rose het countrygenre in de meest traditionele zin van het woord waarbij haar materiaal af en toe wel eens in de afgelikte gevarenzone durft te belanden.
Indien je van een fragiele vrouwenstem houdt die gepaard gaan met countryriedeltjes waarin niet al te veel gebeurt (lees Emmylou Harris, Linda Rondstadt of zelfs Dolly Parton) dan is deze femme fatale in countryoutfit uw ding.
De rest van de wereldbevolking hoeft alvast niet te vlug een trip naar Nashville te gaan boeken of voor een goed verstaander: enkel voor liefhebbers van traditionele country.

Solaram

Love & The Sweet Divine

Geschreven door

Wanneer een groep aangekondigd wordt als een kruising tussen The Stone Roses en War zal een normaal muziekliefhebber wel eens de wenkbrauwen fronsen maar in het geval van Solaram blijkt het zelfs geen leugen te zijn.
Als je trouwens ziet dat deze cd verschenen is op het kwaliteitslabel Rainbow Quartz dat met de regelmaat van de klok ons om de oren slaat met poppy psychedelica-releases weet je meteen dat je in goede handen verkeert.
Solaram is eigenlijk een project van Joe Tagg die in vroegere dagen actief was in vrij onbekende bands als Three 4 Tens of Himalaya.
Op ‘Love & The sweet divine’ wordt echt niet op een druppeltje zweet gekeken want deze cd is vanaf het prille begin tot het bittere eind een psychedelisch popfestijn.
Weliswaar komen alle grote namen uit de popencyclopedie (Beatles, Led Zeppelin, Pink Floyd) om de hoek loeren maar Joe Tagg heeft dit mooi weten te verpakken in frivole beatpopnummertjes die bij momenten even vet klinken als The La’s.
Weer zo’n klein groepje dus om absoluut te ontdekken!

Wavves

King of the beach

Geschreven door

Vorig jaar werden we naast de ‘vv’s’ van de uit San Diego opererende trio Wavves, onder zanger/gitarist Nathan Williams bestookt met twee cd’s van elk een goede 35 minuten. Het potje ongeregeld bracht rauwe, weinig gestructureerde, ontregelde sounds, waaronder pakkende popliedjes verborgen zaten. Ze werden omschreven als nofi, wat staat voor ‘alternative’ punk/noise/surf/shoegaze/indie/lofi psycherock; de op zich eenvoudige songs werden bedekt door een dikke laag gierende gitaar, ruis, pedaaleffects en Williams’ galmende zangkoortjes. Een pak invloedrijke bands werden door de mallemolen gehaald, gaande van The Ramones, Nirvana, Jesus & Mary Chain, My Bloody Valentine, The Black Angels en de ‘60s pop van Beach Boys.
De charismatische band, die naast Williams uit bandleden van Jay Reatard bestaat (bassist Stephen Pope en drummer Billy Hayes) brengen op de eerste volwaardige studioplaat aanstekelijke indie/surfpunkpop. Een duidelijk toegankelijker en helder geluid, dat knipoogt naar het speelse en avontuurlijke van voor heen, wat ervoor zorgt dat het nonchalante rinkelende en rammelende behouden blijft, fel, scherp, snedig, leuk en ontspannend. “Super soaker”, “Baseball Cards”, “Concertable balloon” en de titelsong passen ideaal in dit concept. Het afsluitende “Baby say goodbye”, “Post acid”, “Mickey mouse” en “Idiot” klinken meeslepend, broeierig, dromerig en bezwerend, en tonen de bredere invalshoek van de band. Er is ruimte voor lieflijk materiaal dat blij of verdrietig is, waaronder “When will you come” en “Green eyes”. En tot slot putten ze uit de Ween-stal met het verrassende “Linus spacehead”, dat onverwachtse wendingen ondergaat. De fijne galmende zang geeft elan.
De belofte is eindelijk ingelost, en het moet gezegd worden, het is een plaat die per beluistering verslavend werkt  … Onthouden dus die wave van Wavves …

Karen Elson

The ghost who walks

Geschreven door

De roodharige Engelse Karen Elson, echtgenote van Jack White (The White Stripes/ The Raconteurs / Dead Weather / …), heeft al een succesvolle carrière als topmodel, en muzikaal brengt ze zachtaardige, gevoelige rootrock. Haar debuut ‘The ghost who walks’ is volwassen en klinkt overtuigend.
Invloedrijk was de cabaret van The Citizens band, waarin ze vroeger zong, en de uitstapjes richting traditionele country, folk en gothic. Er valt voldoende afwisseling te noteren in haar sfeervol onderhouden songs, die bezwerend zijn door een instrumentarium van saloonpiano, intrigerende toetsen, steel pedal, akoestische en elektrische gitaar, accordeon en droge drums. Het zijn fijnzinnige, dromerige en emotievolle composities, die een ongepolijst, helder geluid kennen en bepaald worden door haar indringend en zuiver stemgeluid. Luister maar eens naar die variatie in pakkende songs als “The truth is in the dirt”, “Lunasa”, “100 years from now”, “Stolen roses” en de titelsong, de broeierige aanpak van “Pretty babies”, “Cruel summer”, “The birds they circle” of de directe aanpak van “Garden”, “The last laugh” en “Mouths to feel”. Fascinerend debuut!

Teenage Fanclub

Shadows

Geschreven door

Het Schotse Teenage Fanclub neemt de laatste tien jaar rustig de tijd te werken aan hun platen. Zo zijn ze nog maar aan de vierde plaat toe sinds 2000. Dat ze nu maar om de vijf jaar aan iets nieuws werken, heeft te maken dat de drie songschrijvers Norman Blake, Gerard Love en Raymond McGinley uitgeweken zijn naar verschillende landen. Twintig jaar zijn ze al bezig en putten muzikale energie van groepen als Big Star (een great old favorite van Teenage Fanclub!), The Byrds en The Beach Boys. Zelf lagen ze begin jaren ’90 mee aan de basis van de huidige indiescene.
Fraaie popsongs zonder al te veel weerhaken en schokkende wendingen, weemoedig, dromerig, ingehouden en sfeervol, met finesse en subtiliteit gespeeld. De subtiele samenzang en het gitaarspel geven kleur. Rustig voortkabbelende songs dus voor heerlijke, lome zomeravonden …

Pagina 389 van 468