logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Viagra Boys
The Cure

The Hickey Underworld

The Hickey Underworld

Geschreven door

Het Antwerpse The Hickey Underworld won in 2006 net vòòr The Black Box Revelation de Humo’s Rock Rally. The BBR gaan al een mooie toekomst tegemoet, maar het ziet ernaar uit dat dit kwartet hen langzaam achterna gaat. Na lang zwoegen hebben ze nu ook hun debuut uit. De titelloze cd klinkt hard rockend, rauw en verwoestend. De tien nummers klinken stevig, scherp en venijnig . Ze krijgen zelfs een stevige scheut grunge en noise. Luister maar eens naar “Sick of boys”, “Zorydan”, “Mystery bruise” en “Flamencorpse”. Ze klinken spannend en geweldig door de krachtige hooks en de diverse snedige tempowisselingen, ondersteund door een felle schreeuwzang.
”Blonde fire” en “Blue world order” zijn op hun beurt meer aanstekelijk en broeierig. Binnen dit concept is de alom bekende single “ Future words”(die de cd lang vòòr ging) de meest poppy.
De groep heeft met dit hevig, intens overdonderend debuut een plaat uit met internationale uitstraling!

Green Day

21st Century Breakdown

Geschreven door

Vijf jaar na ‘American Idiot’ is het Amerikaanse punkrocktrio Green Day, onder Billie Joe Armstrong, er terug als vanouds bij en bewijzen twintig jaar na ontstaan, dat ze nog steeds in de running zijn; ze behouden de punkpop een fris, levendig, eigentijds en jeugdig gezicht met hun ‘to the point’, melodieus opbouwende rock en meezingbare refreinen: catchy, vaardig en gedreven. 18 songs vinden we terug, die ‘oude’ bands als The Offspring, Rancid en reeds teloorgegane Blink 182 en Sum 41 het nakijken geven. En jonge bands mogen opkijken naar deze ‘dolle’ veertigers …
De meeste songs liggen in dezelfde lijn als hun snedige single”Know your enemy”, maar af en toe gaat men richting melige ballad, “Last night on earth” en “21 guns”, “Restless heart syndrome” begint op dezelfde wijze, maar al gauw wordt het overstelpt door de 1-2-3 gitaar, een opzwepende bas en drums; een country inslag horen we dan op “Peacemaker” en “Viva la gloria (little girl)”. Het zorgt voor een gepaste variatie op dit album. “American Eulogy”, dat in twee stukken is onderverdeeld, verwijst naar de punkrockopera van de vorige cd.
Dit is Muzikaal Speelplezier en Entertainment vol Emotie. Puik werk van deze gasten.

Sons Of Seasons

Gods Of Vermin

Geschreven door

We schrijven 2007. Oliver Palotai, Daniel Schild en Luca Princiotta waren leden van Blaze, de band rond voormalig Iron Maiden zanger Blaze Bayley. Omdat ze niet akkoord waren met de beslissingen van Blaze zijn nieuw management, verlieten ze de band. En dan besloot Oliver Palotai om Sons Of Seasons op te richten, samen met zijn twee collega's van bij Blaze. Niet veel later werden ze vervoegd door bassist Jürgen Steinmetz. Oorspronkelijk ging Tijs Vanneste van Oceans Of Sadness de zang voor zijn rekening nemen, maar dit ging niet door vanwege zijn tourschema. Dus hebben ze het klusje laten doen door Henning Basse.
Tot zover een korte biografie van deze nieuwe Symphonic Power Metalband die onlangs een debuut heeft uitgebracht in de vorm van ‘Gods Of Vermin’. Dit is een band met een goede zang en deftige solo's. Maar de muziek zelf, ik vind er eigenlijk niet zo veel aan. Het is wel goed uitgevoerde Symphonic Power Metal. Maar alles klinkt wat te middelmatig, te gewoontjes. Het zijn nummers die niet blijven hangen, die het ene oor in gaan en het andere oor weer uit gaan (bij wijze van spreken). Men probeerde het niveau nog wat op te krikken door Simone Simons, die tevens de verloofde is van voorgenoemde Oliver Palotai, wat gastbijdrages te laten leveren. Akkoord, “Wintersmith” klinkt wel een stuk aardiger zo. Maar ondanks dit ben ik nog steeds niet overtuigd van dit album en van de muziek van Sons Of Seasons. Nergens verrassingen, nergens iets wat opvalt tussen de andere nummers. Kortom, een album zoals er ongetwijfeld nog veel zijn.

The Phantom Band

Checkmate Savage

Geschreven door

Een verrassend plaatje is het debuut ‘ Checkmate Savage’ van het Schotse aimabele The Phantom Band. Vlot kunnen we ons laten meeslepen in hun goed opgebouwde en intens broeierige composities van  bezwerende pop met een tikje postrock, rootsrock en groove. De groep haalt uit alle stijlen wel iets, wat een boeiende geluidscollage oplevert, en gooit er zweverige vocals en meerstemmige backing zang tegenaan. Spannend songmateriaal dus. Check het maar even zelf: de opbouwende opener “The howling” klokt al boven de zes minuten , “Burial sound” refereert door z’n repetitieve opbouw en spaarzame begeleiding aan Slint en we horen de americana van bluesslides op “Halfhound”, “Islands” en “Throwing bones”. Ook het instrumentaal filmische “Folk song oblivion” past mooi binnen het veelzijdige kader van de band. Tot slot is er het afsluitende “The whole is on my side”, een bijna acht minuten durende bezwerende, dromerige trip om dan plots wakker geschud en geconfronteerd te worden met de dagdagelijkse realiteit. Een gevarieerde plaat en te koesteren debuterend bandje.

De Staat

Wait for Evolution

Geschreven door

Na al die jaren is er nu eens een Nederlandse band opgestaan, die zich buiten de landsgrenzen zal weten te onderscheiden: De Staat. De Staat startte als project van zanger/gitarist en producer Torre Florim. Deze man uit Nijmegen kon beroep doen op leden met dezelfde roots, die op de koop toe puike bijdrages leveren en een hechte klinkende band zijn. Ze verwerken de Amerikaanse roots/rock ’n’roll van Jon Spencer, Masters Of Reality en het oude QOSA en gieten er een Nederlands sausje van Claw Boys Claw en Stuurbaard Bakkerbaard overheen. Hun vettig rootsrockende en poppy sound klinkt speels, fris en aanstekelijk. Het kwintet kan rauw rocken: “Sleep tight”, “My blind baby” en “Meet the devil” (met een link aan Black Sabbaths “War Pigs”, of kan zoals op “Habibi” en “Kill the man” meer groovy zijn. “We’re gonna die” heeft een folky inslag en de rootsrock is dan te horen op songs als “The fantastic journey of the underground man” en “I am hero to lose control”.
’Wait for Evolution’ is een origineel plaatje en rijk aan ideeën binnen deze stijlen …

Telepathe

Dance Mother

Geschreven door

Uit Brooklyn, NY, hebben we het jonge bandje Telepathe, waarvan de stemmenpracht en de samenzang opvalt van Melissa Livaudais en Busy Gagnes. De plaat was in productie van Dave Sitek van TV On The Radio, die de band graag liet stoeien op hun toetsen, zonder de melodie en toegankelijkheid uit het oog te verliezen. Ze bewegen zich tussen pop, dance en wave en brengen sfeervolle, dromerige elektronicapop, waarvan “In your line” en “Can’t stand it” de uitschieters zijn. We horen een krachtiger beat op “Lights go down”. Een vleugje Cocorosie is hier op z’n plaats qua speelsheid en frisheid van het materiaal en qua samenzang. ‘Dance Mother’ is een fijn, leuk tweede plaatje van dit gezelschap!

Ensoph

Rex Mundi X-ile

Geschreven door

Ensoph is een Italiaanse band die naar eigen zeggen Goth Industrial Extreme Metal speelt. En dit willen ze bewijzen met hun album ‘Rex Mundi X-ile’. Wanneer ik naar de intro luister, merk ik al onmiddellijk dit het industrial gedeelte sterk aanwezig zal zijn. Maar dat er duidelijk meer dan dat aanwezig is, merk ik al snel bij ‘Dance High & Shine, Shiva!’. Talloze stijlen worden op een aangename manier samengesmolten tot één geheel. Ik zou het druk kunnen noemen, maar laat ik het toch houden bij het woord bombastisch. Oké, er is wel heel veel aanwezig in deze muziek, maar het is niet storend.
’Rex Mundi X-ile’ is een muzikaal avontuur doorheen industrial momenten, gothic sfeertjes en wat commercieel getinte zangstukken. Over de zang gesproken, die bestaat uit screams in combinatie met wat vrouwelijke en mannelijke cleane zang. Maar terug naar de muziek nu. Het leuke is dat je niet echt weet wat je nog te wachten staat, Ensoph is dus geen zo’n voorspelbare band. Ze hebben met ‘Rex Mundi X-ile’ een goed album afgeleverd dat toch zijn mannetje zal weten te staan in zijn genre. Maar goed, ik zal jullie luisterplezier niet verder vergallen. Ben je een liefhebber van industrial en gothic metal toestanden, dan is dit misschien wel iets voor jou.

Fever Ray

Fever Ray

Geschreven door

Fever Ray: het muzikale project van Karen Dreijer Andersson, helft van het Zweedse The Knife, wisten hier door te breken met ‘Silent Shout’. Wie te vinden was voor de grillige, spannende, dreigende en koele elektronica en beats van The Knife, komt hier zeker ook aan z’n trekken, maar bij Fever Ray horen we een breder concept: een sfeervolle, warme, broeierige sound met Indiase invloeden van spaarzame melodielijnen en sluipende, slepende beats, gedragen door de hemelse, heldere en zuivere zang van Karen , die af en toe wat vervormd worden.
Fever Ray manifesteert zich ergens tussen Bel Canto, Björk, Cocteau Twins, Japan en het angstaanjagende van Massive Attack en Sunn o))). De soundscapes van “If I had a heart” en de instrumentaal afsluitende “Coconut” onderstrepen de ijzige mystiek. Het gaat dan van het onderkoelde met trage, lome beats “Triangle walks” en “Concrete walls” tot de meer toegankelijke benadering van “When I grow up”, “Now’s the only time I know” en” I’m not done”.
Fever Ray biedt huiveringwekkende songs en is live impressionant. Een sterke aanrader dus met een knipoog aan de jaren ‘80’s shows van The Residents (‘Eskimo’ – ‘The mole show’, wat trouwens een belangrijke inspiratiebron was!).

Pagina 422 van 468