logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Jon Spencer
Jon Spencer
Sam De Rijcke

Sam De Rijcke

donderdag 21 februari 2013 01:00

3

De derde plaat reeds van het hobbyclubje van Alan Sparhawk, frontman van Low. De man houdt er van om eens uit een gans ander vaatje te tappen, dat houdt hem kwik. Een beetje tegengif voor de depri sound van Low is immers altijd welkom. Te veel kommer en kwel is niet goed voor een mens.
Zo stampte Sparhawk enkele jaren geleden ook al The Black Eyed Snakes uit de grond, een in vettige motorolie gedrenkt hobbyclubje die bedreven was in het spelen van de meest gortige blues en een vunzige sound creëerde die mijlenver lag van de gekwelde slowcore van Low.
Ook nu blijft Alan Sparhawk ver buiten het vaarwater van Low. Met Retribution Gospel Choir begeeft hij zich in het woelige water waar ook Neil Young met Crazy Horse in vertoeft. De gitaren zijn de baas en ze scheuren, gieren en zweven dat het een lust is. Sparhawk en zijn kompanen laten zich gaan in twee lange brokken van boven de twintig minuten en het zijn er twee om in te kaderen. Vooral “Seven” is een parel, een ongeslepen diamant van 22 minuten, met als extra guest de al even wonderlijke als bescheiden Wilco gitarist Nels Cline die de song met zijn hemels klinkende en uitwaaierende solo’s naar eenzame hoogtes stuwt.
Straffe plaat, een zijstapje die ons beter ligt dan de soms te donkere onweerswolken van Low.
Binnenkort weten we trouwens wat Sparhawk onlangs ook met deze band heeft zitten uitvreten, want er zit een nieuwe Low plaat ‘The Invisible Way’ aan te komen, de release is voorzien in maart.
De kans dat hij met RGC op zwier gaat is dus klein. Jammer.

zaterdag 02 maart 2013 01:00

Sigur Ros - Buitenaards en wonderlijk

Toen we Sigur Ros in 2008 aan het werk zagen in Vorst, verlieten we de zaal met gemengde gevoelens. De band had de strijkers achterwege gelaten en dat ging een beetje ten koste van de subtiliteit, bovendien ondervonden ze toen ook aan den lijve de gevreesde en hinderende galm van de bunker Vorst Nationaal. Wij bleven die dag een beetje op onze honger zitten en troostten onszelf met de gedachte dat we er een volgende keer wel in betere omstandigheden zouden van genieten.


Met wat we hier in de Zénith vandaag meegemaakt hebben zijn we niet alleen tevreden, we zijn zelfs in de zevende hemel, of zeg maar in een ander melkwegstelsel. Dit was gewoon adembenemend, hier hebben we nooit genoeg superlatieven voor.
Er was deze keer van storende elementen hoegenaamd geen sprake. Alles zat perfect, Sigur Ros had heerlijke strijkers en koperblazers meegebracht en de klank was van superieure kwaliteit.
Maar het was vooral de groep zelf die met een briljante prestatie dit concert tot buitenaardse proporties verhief. Jonsi’s ijle stem reikte tot ver boven de ozonlaag, de groep speelde elke wonderlijke noot op het perfecte moment, toetsen en blazers klonken hemels. Er hing magie in de lucht die door de verbluffende en dromerige visuele projecties nog  versterkt werd en leidde tot een wonderlijk totaalspektakel.
De band speelde de eerste drie songs van achter een wazig gordijn wat resulteerde in een prachtig 3D schimmenspel. In combinatie met de sfeer die elke Sigur Ros song oproept was dit van een onaardse schoonheid. Drie nummers ver nog maar en het kippenvel was al te koop per lopende meter.
Amper één song uit die breekbare en weinig toegankelijke maar o zo mooie laatste plaat ‘Valtari’ haalde de setlist. Voor de rest had Sigur Ros voor ons een mooi uitgekiende bloemlezing klaargestoomd uit hun ganse repertoire. Veel oud werk dus die hier op magistrale wijze werd vertolkt. De songtitels gaan we u besparen, ons toetsenbord kan trouwens al die rare ijslandse lettertjes niet aan.
Wij willen gewoon kwijt dat wij emotioneel overdonderd werden door de finesse, de hemelse pracht, de klasse en de warmte die van elke song uitging.
Heel interessant en boeiend aan deze avond was dat Sigur Ros uitpakte met een drietal nieuwe songs die niet alleen veelbelovend klonken, maar die ook nog eens getuigden van een band die niet gekozen heeft voor stilstand. Sigur Ros kwam met nieuwe elektronische dingen voor de dag die wel eens naar de experimenteerdrift van Radiohead neigden en die ons vol van ongeduld deden verlangen naar alweer een nieuwe plaat (die er trouwens nog dit jaar zou komen).

Het publiek stond, gepakt door zoveel pracht en melancholie, twee uur aan een stuk werkelijk aan de grond genageld en bedankte Sigur Ros, zeker na de uitbarstende finale in de bisnummers, met een minutenlange staande ovatie waar Jonsi en zijn groep even niet goed van waren.
Vanavond waanden wij ons echt op een andere planeet. Ware het niet dat we overtuigd atheïst zijn, we spraken van een goddelijke ervaring.
Waanzinnig sterk.
Setlist
Yfirborð
/ Í Gær / Ný Batterí / Vaka / Sæglópur / Brennisteinn
Olsen Olsen / E-bow / Varúð / Hoppípolla / Með Blóðnasir / Glósóli / Kveikur
-------------
Svefn-g-englar / Hrafntinna / Popplagið (nieuw)

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/sigur-ros-28-02-2013/

… en van hun set in Vorst Nat Brussel op 26 februari 2013
http://www.musiczine.net/nl/fotos/sigur-ros-26-02-2013/

Organisatie: Agauchedelalune, Lille

 

donderdag 28 februari 2013 01:00

WovenHand - Hard, rauw en snedig

Niet de eerste keer dat we Dave Eugene Edwards met WovenHand aan het werk zagen, wel de wildste. De band toert dezer dagen als trio de wereld rond ter promotie van het felle en alweer steengoede ‘The Laughing Stalk”.

De kaart van de stevige en rauwe rock die de groep trekt op dat album vertaalde zich live naar een verdomd striemende brok intense rock zonder enige vorm van franjes. Gezien er deze keer geen toetsen of banjo’s te bekennen waren, werd het potige karakter van de plaat met een pak extra vet op het podium gesjanst, wat meteen ook een klein minpuntje naar boven bracht. De nadruk lag zonder weerga op een stevige geluidsmuur met als gevolg dat de subtiliteit vanavond een beetje zoek was geraakt. Dat was nu net de bedoeling van de driftige heren die daarmee dus glansrijk slaagden in hun opzet, namelijk een pot onverbloemde broeiende rock neerzetten. De bezwering en de intensiteit die WovenHand steevast op concerten tentoonspreidt was immers wel aanwezig en dat zorgde ervoor dat we alweer van een snedig, weliswaar vrij kort (amper een uur), concertje konden spreken.

Ook hebben wij een pluim voor het Russische Motorama die een sterke set in de eighties gedrenkte postpunk bracht. De zanger zijn stem bleek een perfecte kopie van Stuart Staples (Tindersticks) maar de sound was iets minder donker. Wij hoorden frisse gitaren die refereerden naar Interpol en Clap Your Hands Say Yeah en we zagen een enthousiast en ambitieus bandje met een pak potentieel in de genen. Laat die Russen maar komen.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/wovenhand-26-02-2013/

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

 

dinsdag 26 februari 2013 01:00

Calexico - Sfeervolle klasse

Wat in 1997 begonnen is als een bescheiden nevenproject van Giant Sand leden Joey Burns en John Convertino is uitgegroeid tot een schitterende band die al lang de underground overstegen is (in tegenstelling tot Howe Gelb’s Giant Sand) en de ene klasrijke plaat na de andere heeft uitgebracht.

De nieuwste van Calexico heet ‘Algiers’ en die klinkt vertrouwd in de oren, wat gewoon wil zeggen dat de band trouw gebleven is aan hun gekende sound en zo alweer een fantastisch album heeft gemaakt.
Dit vertaalt zich ook op het podium, Calexico staat meer dan ooit voor klasse, warmte en sfeer, gebracht door een bende ervaren en fantastische muzikanten. De heren brengen prachtige verstilde songs die ons emotioneel pakken, afgewisseld met feestelijke zuiderse muziek waarin de blazers en lekker rollende keyboards het mooie weer maken. Het valt ons op hoe zeer de klasbakken op elkaar zijn ingespeeld zonder hierbij hun enthousiasme en spontaniteit te verliezen. Joey Burns, wiens stem hemels klinkt, neemt zijn makkers op sleeptouw om samen voor een onvergetelijk concert te zorgen waarin de hoogtepunten te talrijk zijn om op te noemen. Het is feest bij “Minas de Cobre”, “The Chrystal Frontier” en vooral bij “Guero Canelo” die hier in een schitterende lange superenthousiaste versie wordt vertolkt. Maar het is evenzeer genieten van de verstilde pracht van o.a. “Furtune Teller” en “Vanishing Mind.
Calexico pakt ook weer uit met een paar rake covers, zo is de song van Love “Alone Again Or” hen echt op het lijf geschreven, alsof Arthur Lee in 1967 al wist dat Calexico enkele decennia later de perfecte band zou zijn om zijn song te vertolken.
Calexico schittert vanavond op alle gebied en wordt daarvoor uitbundig bedankt door het Franse publiek dat helemaal overstag gaat als de band fijntjes nog een stukje Manu Chao in hun muziek verwerkt, altijd een goede zet. Ze zouden die Franse feestneus eigenlijk eens moeten bellen, uit zo een samenwerking zou zeker iets boeiend kunnen voortkomen.

Feest, klasse en uitmuntende muziek, daarvoor staat de band al jaren garant, zaal Aeronef krijgt er vanavond weer een knap staaltje van. Een vijfsterren optreden. Check Couleur Café Brussel en Cactusfestival in Brugge deze zomer maar!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/calexico-24-02-2013/

Organisatie: Aéronef, Lille

 

donderdag 14 februari 2013 01:00

Fidlar

Blik op oneindig, verstand op nul, gaspedaal volledig ingedrukt en vooruit met de geit. Dat is zowat de ingesteldheid bij de in your face punkrock van Fidlar. Het refrein van de openingssong spreekt boekdelen : ‘I drink cheap beer, so what, fuck you !’
FIDLAR staat trouwens voor “Fuck it, dog, life’s a risk”. U hoeft dus geen uitzonderlijk intellect te hebben om te kunnen volgen. Maar dat moest ook niet bij The Ramones, en hoe geniaal waren die niet ? Waarmee we al onmiddellijk een eerste referentie hebben, denk verder nog aan Circle Jerks, The Germs, Howler en vroege Replacements, en u weet zo een beetje hoe Fidlar klinkt.
Niet echt origineel, zegt u ? Ok, so be it, maar wel duizend keer efficiënter dan de banale prefab punk van groepjes als Blink 182 en Sum 41. Fidlar is stukken opwindender en vooral vuiler, zoals in de vettige garagerockers “Stoke and broke” en “Wait for the man” die ons doen denken aan The Nomads in hun smerigste dagen. “Max Can’t surf” en “Blackout Stout” halen op hun beurt de frisheid van pakweg The Vaccines naar boven en de rotvaart die Fidlar bereikt in kopstoten “White on White”, “Wake Bake Skate” en “5 to 9” nodigt uit tot wilde pogo feestjes en circle pits.
Het is simpele garagepunk, niet meer of niet minder, maar het werkt bijzonder aanstekelijk en dat is wat telt.
Voor zij die een heus punkfeestje willen bouwen en eens goed tegen elkaar willen aanbotsen, Fidlar komt naar de Antwerpse Trix op maandag 4 maart.

donderdag 14 februari 2013 01:00

II

Jonge groepjes die zich laten bedwelmen door de psychedelica en de acid gekte van de sixties zijn weer alomtegenwoordig, denk aan Tame Impala, Thee Oh Sees, Foxygen, Allah-Las, Ariel Pink’s Haunted Graffiti, Jacco Gardner en ook deze Unknown Mortal Orchestra. De band begeeft zich op het open minded pas tussen The Mothers Of Invention, Syd Barrett, Love, The Byrds, The Beatles, Jimi Hendrix, 13 th Floor Elevators en Funkadelic.
Op hun tweede plaat staan sprankelende songs die lijken te zijn gemaakt in de meest geestesverruimende periode van de sixties. Veelzijdigheid, gekte en geschift vernuft liggen aan de grond van verfrissende groovy songs met heerlijke tempowisselingen en muzikale verassingen. Zappateske gitaartjes mengen zich met spacy Flaming Lips geluidjes en ondergedompelde T-Rex riffs. Dit is zonder meer een plaatje die het moet hebben van zijn zweverige sound, maar die ook pareltjes van songs herbergt. Zo kan het prachtige “Monki” doorgaan als iets van Sparklehorse, maar dan met een ietwat minder gekwelde geest aan het roer. Waarmee we willen zeggen, mocht de betreurde Mark Linkous het leven iets rooskleuriger hebben ingezien, dan had hij die song ook wel uit zijn mouw kunnen schudden.
Verder staat hier geen enkele stinker op, integendeel, de songs ademen allemaal een andere fleurige bloemengeur uit zonder daarom dat fletse flower power gevoel van de hippies op te roepen.

donderdag 21 februari 2013 01:00

Bloc Party - Back on track




Met The Joy Fomidable als support act hadden wij voor één keer een goede reden om op tijd te komen, ook al wisten we dat ze in een grote zaal als de Lotto Arena, onder het rumoer van ongeïnteresseerde Bloc Party fans, nooit die glansprestatie van een tweetal weken geleden in de Botanique zouden evenaren (check even de review http://www.musiczine.net/nl/review-concerts/the-joy-formidable/the-joy-formidable-meteen-raak/ ). De band liet het publiek met een zevental rake songs kennismaken met hun driftige gitaarrock en eindigde als gewoonlijk met de spetterende gitaareruptie in “Whirring”, tot op vandaag nog steeds hun beste song en steevast de afsluitende climax op hun concerten. Laat ons hopen dat ze vanavond een hoop nieuwe fans hebben gewonnen, wij waren al eerder overtuigd.

Even zag het er naar uit dat het met Bloc Party gedaan zou zijn, maar de band drukte alle geruchten omtrent een nakende split de kop in door na een stilte van vier jaar op de proppen te komen met een sterke vierde plaat, simpelweg ‘Four’ genoemd. Een nieuwe tournee moest alle twijfels weg nemen en meteen konden we dan ook Kele Okereke zijn half mislukte solo uitstapje vergeven.

En kijk, hier stond terug een hechte groep op het podium. De Bloc Party trein bleek terug op de rails gezet, al durfde de motor af en toe nog wel eens tegenpruttelen. Bloc Party was bij momenten bijzonder sterk op dreef maar wisselde de gedreven momenten af met een paar minder geïnspireerde passages, wat ervoor zorgde dat de ze de spanning en intensiteit niet het ganse optreden konden aanhouden.
Het kwam een beetje moeilijk op gang met “So he begins to lie” en “Hunting for Witches”, op zich wel aardige songs, maar nu bleken ze niet echt het beoogde effect te creëren. “Like Eating Glass” leek het vuur aan de lont te steken maar dan kwam het zwakke broertje “Real Talk” terug roet in het eten gooien. Pas daarna kwam de band, en ook de zaal, echt op temperatuur met “Waiting for the 7.18” en een uiterst energiek “Song for Clay”, één van onze favorieten van de avond. Dan ging het crescendo met het splijtende “Banquet” waarbij de Lotto Arena voor een eerste keer ontplofte. Bloc Party wist hierna de hitte aan te houden met het potige en bijtende “Coliseum”, één van de strafste tracks uit de nieuwe plaat. “One More Chance”, een Bloc Party klassieker met ware dance allures, miste zijn effect niet en mocht vanavond gelden als een absolute voltreffer, de band plakte er een wervelend “Octopus” achteraan en met een puntig en sprankelend “Team A” verdween het viertal een eerste keer van het podium.
Bloc Party bedankte het publiek met twee bisrondes, maar daar sloegen ze de bal een beetje mis. “Ares” en “This Modern Love” waren nog wel knap en vooral het opzwepende “Flux” was een splinterbom die de Lotto Arena nog eens binnenste buiten keerde, maar in afwachting van de onvermijdelijke klepper “Helicopter” haalden de flauwe songs “Montreal” en “Truth” het vuur weg die toen in de lucht hing, en in het heetst van de finale was dit toch een domper, alsof Cavendish in volle spurt naast zijn pedalen schiet.

Maar laat ons de goede momenten onthouden, want die waren uiteindelijk veel talrijker dan de (halve) missers. Bloc Party staat er terug, en dat is het voornaamste.

Organisatie: Live Nation

maandag 18 februari 2013 01:00

Gary Clark Jr - Hendrix was in the house


Doorgaans kunnen beginnende artiesten die nog maar één album uit hebben amper een concertje van een uurtje volspelen. Bij deze Gary Clark Jr - een natuurtalent, zoveel is nu wel duidelijk - was dit wel even anders. Hij overrompelde ons met twee uren van de beste soul- en bluesrock om duimen en vingers bij af te likken. Wij smulden ervan, en nog geen klein beetje.

Op zijn, overigens veelbelovende, debuutplaat ‘Blak and Blu’ laveert Gary Clark Jr nog een beetje te veel tussen ronkende bluesrock en een meer opgekuiste r&b sound. Live had hij echter resoluut de kaart van de elektrische gitaar getrokken, en dat konden wij allen maar toejuichen. Hier werd zonder schroom en met veel gitaargeweld omgesprongen met de betere invloeden als Lenny Kravitz, Led Zeppelin, Buddy Guy en de onvermijdelijke Jimi Hendrix, wiens geest zowat de ganse avond inde AB Club rond dwarrelde. Huidskleur, het briljante gitaarspel en een paar treffende gelijkenissen zorgden er voor dat de vergelijkingen met de grootmeester nog wat meer in de verf werden gezet.
Op het podium waren er hoegenaamd geen blazers, geen keyboards en geen uitstapjes richting r& b of soulpop te bekennen, wel een all time rock’n’roll opstelling met zelfs nog een extra gitarist in de rangen, alsof het gitaarbranie van Clark nog niet genoeg was. Als we Gary Clark Jr voorzichtig een reïncarnatie van Jimi Hendrix durfden noemen, dan konden we bij de tweede gitarist gewagen van een Stevie Ray Vaughan volgeling. Misschien een beetje te overdreven referenties, maar het kon tellen om aan te tonen uit welk vaatje hier werd getapt.
Gary Clark Jr profileerde zich als een werkelijk fenomenale gitarist die zowel gevoel als finesse in zijn instrument legde en daarbovenop nog eens gezegend was met een krachtige soulstem, some guys have all the luck.
De klasse en de power gutsten er uit via stevige bluesmonsters met krachtige riffs en schitterend soleerwerk als “When my train pulls in”, “Bright Lights”, “Numb” en een werkelijk fenomenaal “Third stone from the sun/If you love me like you say” waarin Hendrix meer dan ooit aanwezig was.
Clark zijn soulbloed kwam prachtig naar boven in het pareltje “Please come home” waarin hij ware Prince allures naar boven haalde (dat hoge stemmetje haalde hij probleemloos) en als het even sneller moest gaan dan kwamen stevige rock’n’roll songs als “Travis County” en  “Don’t owe you a thang” de boel Chuck Berry-gewijs wat ophitsen.
In de bisronde schitterde Gary Clark Junior helemaal in zijn eentje met de bloedmooie naakte bluessongs “In the evening” en “Next door Neigbour Blues”, twee momentjes waarbij ons ganse lijf door kippenvel overmand werd.

We hebben vanavond in de AB een zeg maar legendarisch concert meegemaakt en een wonderlijk natuurtalent ontdekt.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

vrijdag 15 februari 2013 01:00

Brad - Afwisselend stevig en ingetogen

Brad is geboren in volle grunge periode, maar liet de wildere en onstuimige geruite hemden- rock over aan de collega’s van Soundgarden, Nirvana en Mudhoney. De band koos bewust voor een sound die weliswaar een grunge randje had, maar die vooral trachtte de gevoelige snaar te raken.
In 20 jaar tijd heeft Brad nog maar 4 albums in mekaar geknutseld. Dat heeft natuurlijk alles te maken met de andere bezigheden van de groepsleden. Zo heeft Stone Gossard een kleine bijverdienste als vaste gitarist in het bescheiden rockgroepje Pearl Jam en is Shawn Smith al actief geweest in Pigeonhed, Satchell en vooral als solo artiest. Tevens is de imposante en baardige verschijning in België ook gekend als gastzanger bij Arsenal.
Niet zo simpel dus om deze indrukwekkende gelegenheidsgroep nog eens samen te krijgen voor een tournee, vandaar dat we deze eenmalige passage op een Belgisch podium ter promotie van hun nieuwste plaat ‘United We Stand’ niet mochten missen. We zullen het ons niet beklagen.

Brad was sterk op dreef en bracht een knappe set van ruim anderhalf uur met de nodige afwisseling, met uiteraard een pak songs uit hun nieuwste plaat (niet hun beste maar toch nog altijd zeer de moeite) en een opvallend flinke greep (maar liefst 7 songs) uit hun 20 jaar oude en nog steeds razend knappe debuut ‘Shame’.
Heerlijk verstilde songs (“The Only Way”, “Screen”) wisselden af met stevige brokken rock (“Secret girl”, “Waters Deep”, “My Fingers”, “Miles Of Rope”) en tussendoor ook nog een prachtvertolking van hun eerste hitje met die fenomenale baslijn “20 th Century”, nog steeds een wereldsong. Het was al vrij snel duidelijk, hier stond geen verzameling van ego’s op het podium, maar wel een hechte groep die straalde van het speelplezier. Stone Gossard mag dan al een aardig CV hebben, de man bleek een gewone sterveling te zijn ontdaan van elke vorm van sterallures, voorzover hij die ooit al gehad zou hebben. Hij liet vooral zijn instrument spreken zonder daarbij in de rol van guitar hero te vervallen, en dat sierde hem. Zijn gitaar stond steeds in dienst van de songs en schitterde ondermeer in pareltjes als “Every Whisper” en “Last Bastion”. Gossard mocht heel even tijdens “Desenfado” achter de microfoon plaatsnemen, en meteen wisten wij waarom dit tot één song beperkt bleef, laten we het beleefdheidshalve houden op een ‘beperkt vocaal bereik’.
Het gezicht (en ook het lijf in zijn geval) van Brad is echter Shawn Smith, een hartige dikkerd met hoog knuffelbeergehalte. Dankzij diens fluwelen stem was Brad vanavond bij momenten briljant, vooral wanneer de harige teddybeer tijdens de uitgebreide bisronde helemaal in zijn eentje achter de piano plaatsnam voor een paar kippenvelmomenten van het zuiverste water. Wij gingen compleet overstag voor de innemende schoonheid van het intieme Satchel diamantje “Suffering”. Al even ontroerend was “Wrapped in my memory”, het eerbetoon aan een oude vriend, de overleden grunge pionier Andrew Wood die met zijn dood het legendarische Mother Love Bone mee het graf in nam (wat meteen ook de geboorte betekende van Pearl Jam). De song vloeide over in een bloedmooie ingetogen versie van de Mother Love Bone klassieker “Chrown Of Thorns”, adembenemend. Als climax volgde dat andere hitje, het wonderlijke “The Day Brings”, waarna het vuur nog eens aan de lont werd gestoken met het potige “Lift” en een ronkende versie van de Stones klassieker “Jumping Jack Flash”.

Een laatste rustig momentje, het uiterst knappe “Buttercup”, was het fijne sluitstuk van een uitmuntend optreden.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/brad-13-02-2013/

Organisatie: Trix, Antwerpen

vrijdag 08 februari 2013 01:00

Metz - Onversneden hemels lawaai

 

Fijn dat er nog jonge gitaargroepjes zijn die het (punk) hart op de juiste plaats dragen. Het Canadese Metz is er zo eentje. Wild, onstuimig en uiterst gretig gaan ze tekeer in het achterzaaltje van de Aeronef. Met de spirit van Nirvana, Big Black en Mudhoney in hun jonge dagen spuwt het trio er een rits lellen van songs uit, welgemikte mokerslagen als “Get off”, “Knife in the water”, “Headache” en “Wasted”.  Het is punk, opwindende noise en overstuurde grunge die bulkt van de energie en barst van de goesting.
Hun pas op het Sub Pop label (waar anders ?) verschenen debuutplaat is een onversneden brok hemels lawaai die amper een half uurtje duurt. Geen wonder dus dat de live set er al na een kleine drie kwartier op zit, de ganse plaat is er dan al met een ongeremde gedrevenheid doorgejaagd. Maar dat is net wat dergelijke bandjes zo boeiend maakt.
Kort, bondig, to the point en rechtstreeks naar de ballen gemikt. Meer moet dat niet zijn.
Geweldig concertje.
Op 11/03 ook nog te zien in de AB Club. Haast u !

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/metz-06-02-2013/

Organisatie: Aéronef, Lille

Pagina 67 van 113