logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_03
Epica - 18/01/2...
Johan Meurisse

Johan Meurisse

donderdag 14 januari 2010 01:00

Tentacles + EP

Het uit Long Beach, Californië, afkomstige Crystal Antlers komt aandraven met een intens verschroeiende debuutplaat. Ruisende noiserock, bezwerende garagepunk van gierende gitaren, opzwepende drums, pompende baslijnen, heerlijk getikte ‘70’s synths/toetsen en feedbackgeraas, balancerend tussen melodie, tegendraadse ritmes en experiment. Het geheel is een weirde opwindend goedje, beheerst door de praktisch onverstaanbare, schreeuwerige vocals en zegzang van Jonny Bell, die doet terugdenken aan de onderschatte Michael Gira in z’n jonge Swans jaren.
Binnen de huidige lichting Japandroids en No Age, is hun sound doordrongen van Liars, The Mars Volta en van doorgedraaide 13th Floor Elevators, Flaming Lips en The Doors. Een overweldigende, compromisloze sound, die door een paar instrumentals en een paar toegankelijke nummers als “Until the sun dies” en “Memorized” ons opnieuw op adem brengen.
Een voorproefje hoorden we al met een titelloze EP, die zes heel sterke songs bevat, waaronder “Until the sun dies”, “A thousand eyes”, “Arcturus” en “Parting song for the torn sky”.
Op het eind van ‘Tentacles’ slaat het kwintet totaal door met weirde songs “Your spears”, “Swillen sky” en “Several tongues”. Weergaloos wordt de inhoud van ons hoofdje leeggezogen …Crystal Antlers zorgt voor de ideale schreeuwtherapie …

donderdag 14 januari 2010 01:00

Black Swan

Als we de muziek van het sympathieke Britse kwintet horen, komen volgende zaken naar boven … Band met hitpotentie… radiovriendelijk, toegankelijk, neigende naar stadionrock … Coldplay, Snow Patrol, Keane en Doves. De band heeft totnutoe vier cd’s uit, waarvan ‘Beyond the neighborhood’ uit 2007 het minst sterk klonk. Maar ze bijten sterk van zich af op het recente ‘The black Swan’, dat kwalitatief gerust naast de oudere ‘Vehicles & animals’ en ‘Tourist’ kan staan.
In Engeland zijn ze succesvol, bij ons loopt het veel minder vaart; de singles horen we regelmatig. Athlete is hier zeker geen hype, nee, het is een bedreven band die de kunst heeft goede Britpop te produceren van dromerig, sfeervol, ontroerend en emotievol materiaal. Ze hebben met Joel Potts een sterke zanger.
’Ordinary guys’ die in de voetsporen treden van Coldplay en U2. Ze hebben evenwichtige songs bij elkaar geschreven door melodieus fijne, subtiele gitaarloops, kleurrijke toetsen/ synths en een dromerige zang.
De doorwinterde band heeft sfeervolle poprockers uit als “Superhuman touch”, “The getaway” en “The unknown”, bieden een sterke opbouw aan “Don’t hold your breath” en raken de gevoelige ziel met pakkende, breekbare songs als “Love come rescue”, “Light my way” en “The awakward goodbye”.  Kortom, op ‘The Black Swan’ horen we niks dan mooie popsongs!

donderdag 07 januari 2010 01:00

Run Rabbit Run

’Run Rabbit Run’ is een door het Brooklynse strijkwartet Osso uitgevoerde herinterpretatie van Sufjan Stevens ‘Enjoy your rabbit’ uit 2001, met arrangementen van o.m. Michael Atkinson en Nico Muhly. De dames van Osso waren ook al te horen op Stevens’ meesterwerk ‘Illinois’ (2005). In de uitvoering van Osso zijn de songs bijna klassieke composities geworden en ondanks de verbouwing blijven ze duidelijk herkenbaar, die ook de gekte van het origineel behouden.
De kamermuziek klinkt allemaal wel leuk als tussendoortje, maar we kijken halsreikend uit naar nieuw werk van de grootmeester zelf.

donderdag 07 januari 2010 01:00

The Living and the Dead

De 33 jarige Texaanse zangeres Jolie Holland komt in de spotlights met dit solo album ‘The Living and the Dead’. Zij is tevens mede oprichter van The Be Good Tanyas. Ze onderscheidt zich in eenvoudige traditionele sing/songwriterpop, geworteld in blues, country, folk en jazz en wordt gerekend tot de nieuwe lichting vrouwen americana. Ze heeft een kritisch scherpe blik en schrijft over de zelfkant van de maatschappij. We horen in de sfeervolle, dromerige en ingetogen nummers invloeden van Dylan, Waits, V.U., Janis Joplin en Lucinda Williams. “Mexico City”, “Corrido por Buddy” en “Your big hands” zijn de meer krachtige songs van de cd. Ze kreeg hierbij medewerking van Marc Ribot, Matt Ward en Rachel Blumberg. Een handvol ingetogen nummers als “You painted yourself in”, “Sweet loving man” en de gekende traditional “Love Henry” (ook nog door Dylan gespeeld) zijn uiterst sober gehouden en bezorgen ons kippenvel. Met simpele middelen overtuigt ze op de plaat en geeft ze de vrouwelijke songwriterpop een tijdloos karakter.

donderdag 07 januari 2010 01:00

Upper air

Het Amerikaanse Bowerbirds uit North Carolina, genoemd naar de gelijknamige Australische vogel, onder de tandem Phil Moore en Beth Tacular, ontdekten we in 2008 als support van Bon Iver. Meteen viel op dat dit een bandje was met potentieel. Hun folky americana ligt ergens tussen de freakfolk van Banhart/Newsom, de lofi van Mountain Goats en de pop van Lavender Diamond, maar had vooral iets mee van de americana/countryrock van Band Of Horses en South San Gabriel. We beluisterden dan hun debuut ‘Hymns for a dark horse’, dromerige herfstige muziek, die met regelmaat krachtiger klonk en kon rocken; de sfeervolle songs op hun beurt straalden gemoedsrust uit.
De tweede plaat ‘Upper air’ draait ‘em specifiek rond de tandem Moore – Tacular en is een uiterst sober gehouden plaat. Ze leunen op het akoestische gitaarspel van Moore, soms voorzien van de ritmische begeleiding van toetsen, viool, spaarzame drums en zwierige accordeon.
De charismatische band houdt het op dromerige folkpop op de tien nummers. Ze intrigeren net voldoende om te spreken van een rustig, gezellig, weemoedig plaatje, waarbij vooral de ‘bredere’ omlijsting van “House of diamonds”, “Teeth”, “Silver clouds” en “Chimes” het sterkst overtuigen, naast de ‘intimiti’ op plaat, die knus zijn, maar minder beklijven dan op hun debuut. Maar ze slagen er nog steeds in een optimaal thuisgevoel te creëren, en da’s het belangrijkste … 

woensdag 30 december 2009 01:00

Fantasies

Het Amerikaans/Canadese Metric plaatste zich in de spotlights met hun dynamische live optredens op Les Nuits Bota en Pukkelpop. Ze zijn al toe aan hun derde cd, die de definitieve doorbraak in Europa betekende. Terecht, want we horen een afwisselend fris sprankelend en innemend album van synthgitaarpop van melodieus fijne en uitgebalanceerde composities. We zijn onder de indruk van hun groovy, opzwepende en hun sfeervol rustige songs, onder de bedwelmenende, dromerige zang van de bevallige spring-in-‘t-veld Emily Haines.
Het is radiovriendelijke muziek met puike synthrockende singles “Help, I’m alive”, “Sick muse”, prikkelen met “Stadium glove” en “Dead disco” en sluiten moeiteloos aan met het ingetogener werk als “Twilight galaxy” en “Collect call”. Een beklijvende acoustic gitaar/pianoversion van “Help I’m alive” besluit op overtuigende wijze de cd!
Ze komen vervaarlijk in de buurt van The Yeah Yeah Yeahs, halen rockinvloeden aan van The Breeders, Juliana Hatfield en graaien graag in het synthbakje van Garbage, Veruca Salt, Echobelly, Lush, Elastica en zorgen voor een heropfrissen van de ‘70s pop van Blondie.

woensdag 30 december 2009 01:00

Imidiwan: Companions

De Touareg nomaden van Tinariwen zijn ontstaan in de rebellenkampen van Khadaffi, leiden een nomadenbestaan en vanuit de onderdrukking speelden ze ‘de tishoumaren’ (= muziek van de werklozen), een soort worldpop, die militant werd ervaren.
Tinariwen brak definitief door met de vorige plaat ‘Aman Iman’. Europa was onder de indruk van hun hypnotiserende retro/world/woestijnblues. Het zijn fascinerende songs die een sterke melodielijn hebben en je in een onweerstaanbare trance brengen door de bedwelmende klanken en ritmes. De gitaargrooves, de bluesy licks en worldpop laten je niet los en krijgen een zuiderse prikkel door de gevarieerde samenzang en de hoge vrouwenstemmen.
Invloedrijk zijn Jimi Hendrickx, Led Zeppelin, Robert Plant, Santana en geestesgenoten Ali Farka Touré en Nusrat Fateh Ali Khan. Ze eigenen zich terecht een plaatsje binnen de Afrikaanse bands uit Mali als Amadou & Mariam en Toumani Diabeté.
Het is heerlijk luisteren naar hun pittige, aantrekkelijke en aanstekelijke songs als “Imidiwan afrik tendam”, “Lulla”, “Tenhert” en “Tahult”, de sfeervolle “Enseqi ehad didagh”, “Tamodjerazt assis” en de onheilspellende trance op de instrumentale afsluiter.
Tinariwen behouden hun roots en deden beroep op hun producer van het eerste uur. Ze zijn een toegankelijke band die het nomadenbestaan vertolken en hun medereizigers een hart onder de riem steken in de Sahara.

woensdag 30 december 2009 01:00

Wall of arms

Het kwintet uit Brighton, The Maccabees, verrast aangenaam met de tweede cd ‘Wall of arms’. Ze overtuigen met aanstekelijke, broeierige en snedige indiepoprock; de opbouwende songs beschikken over een boeiende melodielijn en zijn gelinkt aan de ‘80’s waverock. Onmiskenbaar is de invloed van Arcade Fire en de zang van Win Butler. Maar we horen ook in de zang van Orlando Weeks Finn Andrews van The Veils weer. Trouwens, The Maccabees deden beroep op Markus Dravs, die eerder al instond voor het materiaal van … jawel Arcade Fire.
De eerste songs “Love you better”, “One hand holding” en “Can you give” vormen de toon van de sterke plaat. Persoonlijk kapen “Young lions” en “No kind words” de hoofdprijs. De afsluitende sfeervolle “17 hands” en “Bag of bones” onderstrepen de klassepopindie. We kunnen enkel maar zeuren over de aartslelijke hoes …

woensdag 30 december 2009 01:00

Let’s change the world with music

’Let’s change the world with music’ …wat een droomtitel van een plaat. Niet verwonderlijk, de romantische songwriter Paddy McAloon van het Schotse Prefab Sprout zit hier achter. Hij intrigeerde midden de jaren ’80 met een paar puike platen dito singles. We plaatsen het even op een rijtje: doorbraak ‘Steve McQueen’ (’85): “Faron young” – “Appetite” – “When loves breaks down”; ‘From Langley Park to Memphis’: “King of rock’n’roll” – “Cars & girls” – “Hey Manhattan” en tot slot ‘Jordon: the comeback’ in ’90, één van de meest prestigieuze en perfect stilistische popplaten, minutieus uitgewerkte sprookjespop van het songschrijftalent, die zich probleemloos naast een John Lennon kon plaatsen.
Na deze meesterlijke plaat, hoorden we nog sporadisch van McAloon: in ’97 verscheen het bleke ‘Andromedia heights’, en de laatste jaren bracht hij solo nog een tweetal platen uit. Getergd van de muziekbusiness en geplaagd door partiële blind- en doofheid trok hij zich terug.
’Let’s change the world with music’ is een demoversie van een verkapt conceptalbum na ‘Jordon: the comeback’ die, ruim vijftien jaar later, ‘opgekalefaterd’ werd door Calum Malcolm. Ze werd toen na een handvol mislukte opnamesessies weg gekieperd. We horen restanten van hun meeslepende elegante, vakkundige, sfeervolle pop/soul/gospel. De eerste songs “Let there be music” en “Ride” hebben wat meer groove en drive, maar de daaropvolgende songs laten de fijnzinnig- en subtiliteit doorschemeren van heerlijke, ingetogen pop als “Music is a princess”, “Falling in love” en “Angel of love”. Een beetje zoals ‘The spirit of Eden’ van die andere befaamde perfectionistische songwriter, Mark Hollis van Talk Talk.

woensdag 23 december 2009 01:00

Further Complications

Britpop en Pulp zijn de eerste gedachten als het over muzikale duizendpoot Jarvis Cocker gaat. Een man van vele gezichten, die z’n rijkdom aan ideeën en stijlvarianten plaatst binnen uitbundige, aanstekelijke, broeierige en intieme songs . Momenteel staat Pulp op non-actief en hoorden we hem in enkele gastrolletjes op platen van o.a. Air en Marianne Faithfull. Opmerkelijk is de samenwerking met Steve Albini die de Cocker sound compacter en directer maakt. Eenvoudige, doeltreffende pop dus.
Hij brengt stomende en dynamische Britpopgekte in “Angela”, “Richard” en de titelsong, maar koppelt het aan enkele ingetogen  nummers als “Leftovers” en “Hold still”. Of je hoort een dromerige crooner “I never said I was deep”. Op het afsluitende uitgesponnen “You’re in my eyes” stort hij zich in de ‘70’s soul/disco, die de sfeer ademt van Rose Royce en Marvin Gaye. Het onderstreept mans veelzijdigheid op het tweede solo –album, drie jaar na ‘Jarvis’.

Pagina 289 van 338