logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
Hooverphonic
Johan Meurisse

Johan Meurisse

donderdag 24 april 2008 03:00

Vampire Weekend

Uit de bio van het jong New Yorkse kwartet lezen we dat Talking Heads, Paul Simon en Peter Gabriel voorname inspiratie zijn. Inderdaad, het kwartet brengt op hun debuut aanstekelijke, groovy en zwierige poprock,  gelinkt aan Afrikaanse melodietjes, flamenco en klassiek (strijkers, toetsen en piano).
Hun debuut is een avontuurlijk toegankelijke, subtiele plaat geworden van elf puike, sprankelende  songs, die positivisme uitstralen: “A-punk”, “M79” en “Walcott vallen meteen op, maar onderschat de frisse songstructuur niet van “Oxford comma”, “Campus, “One blake’s got a new face” en “I stand corrected”.
Eenvoudigweg heeft Vampire Weekend een geweldig debuut uit.

donderdag 24 april 2008 03:00

KT Tunstall: zelfverzekerde babbelmadam

De talentrijke singer/songschrijfster en jonge Schotse brunette KT Tunstall liet horen dat het al geleden was van het Londense worldfolkpop gezelschap Oi Va Voi dat ze in de AB had opgetreden. Ze heeft een succesvolle solocarrière opgestart, want haar twee platen ‘Eye to the telescope’ en ‘Drastic fantastic’ zijn op gejuich onthaald!

Ze putte afwisselend uit haar twee cd’s, ontpopte zich als een babbelmadam, stond in voor entertainment en betrok het publiek in de goed in het gehoor liggende, onschuldige, fijn uitgebouwde pop, intens, sfeervol, meeslepend en braafkes; af en toe klonk een song krachtiger. Ze werd ondersteund door een heuse band en beschikte over twee backing vocalistes, wat de sound voller maakte.
De vaart zat er meteen in bij openers “Little favours”, “Miniature disasters” en “Hold on”; ze bewoog haar publiek ertoe om ‘walk like an egyptian’ armbewegingen uit te voeren. Tof om te zien!
Moeiteloos stapte ze over naar enkele sfeervolle en kleurrijke songs, “Otherside of the world” en “Someday soon”, door de toetsenpartijen. Haar debuutsingle “Black horse & the cherry tree” werd sterk onthaald door handgeklap en de nodige ‘hoehoe’s’ tussendoor.
Intiemer klonk ze solo op piano; ze verried haar country invloeden niet op het semi-akoestische “Ashes”, waarbij de vijf leden op één rij stonden; een alt sax gaf intensiteit aan het nummer.
Na een afwisselend eerste deel, bouwde ze het tweede deel op met fijngevoelige gitaarpoprock, “Under the weather”, “Beauty of uncertainty”, “Another ace to fall” en “If only”. De singles “Saving my face” en “Suddenly I see” teerden op hitgevoeligheid en vormden een fijne apotheose.
Als een jonge dochter van folkgoeroe Melanie speelde ze tenslotte “The universe & you” , was er de clapping song “Stopping the love” en besloot ze rockend met “I don’t want you now”, na een kleine twee uur.

De zelfverzekerde dame speelde een zelfverzekerde set van aanstekelijke gitaarpop, gedragen door haar heldere, emotievolle vocals. Is de nieuwe Melissa Etheridge nu opgestaan…

Support act was Tom Braxton, uit Dallas, Texas, die samen met een percussionist z’n cd ‘Imagine this’ kwam voorstellen. Een handvol ontroerende akoestische gitaarsongs, onder z’n hese vocals, bereikte de eerste rijen. Tweede kans in een kleiner zaaltje?!

Organisatie: Live Nation


dinsdag 22 april 2008 03:00

Beklijvende pop van Nada Surf

Het jonge Britse trio The Subways viel die avond in voor Babyshambles. Babyshambels moet noodgedwongen de komende twee maand hun tournee afgelasten, gezien Doherty verplicht werd om een dertigtal dagen effectieve gevangenisstraf uit te zitten. Het trio was uitermate blij in Lille te mogen optreden om z’n fans uit te breiden. In juni verschijnt ‘All for Nothing’, de langverwachte opvolger van hun debuut ‘Young for Eternity’. We hoorden een enthousiaste band met opwindende, snedige, felle, strakke punky gitaarrock. Het hyperkinetische tweetal, zanger/gitarist Billy Lunn en rockbabe/bassiste Charlotte Cooper, liep en sprong van de ene naar de andere kant, en de drummer Josh Morgan mepte er op los; ze stelden een pak nieuwe songs voor, die allen een retestrak tempo aanhielden: “Kalifornia”, “Hung for E”, “Obsession”, “Shake shake”, “I won’t let you up” en de forthcoming single “Girls & boys”. Enkel “Allright” klonk melodieuzer en subtieler. Crazy rock’n’roll music, die op een dolenthousiast publiek mocht rekenen, met als apotheose het broeierige, mooi opgebouwde en uitgesponnen  “Rock & roll queen”, die overtuigend de set besloot.

Nada Surf was binnen dit concept wat de vreemde eend in de bijt, maar hun alternatieve collegerock, die leunt aan Semisonic en Fountains Of  Wayne werd smaakvol ontvangen. Een evenwichtige, gevarieerde set van gitaarpop met ballen, droompop en liefdesliedjes. Uit de nieuwe cd ‘Lucky’ werden een handvol songs gespeeld, maar het waren vooral de radiovriendelijke “I like what you say”, “Inside of love”, “Do it again”, “Always love” en “Popular” die het publiek aanzetten tot ‘hoofdwiegen’. Beklijvende frisse pop rondom de sympathieke zanger/gitarist Caws.

Serj Tankian, de van oorsprong in Libanon geboren Armeniër/Amerikaan, doet het al een tijdje zonder zijn vaste kompanen van System of a Down. Eind vorig jaar bracht hij zijn debuut 'Elect the dead' uit. De plaat werd goed ontvangen en kreeg veel positieve kritiek. Nog meer dan bij zijn (ex-)band handelen de songs over politieke, sociale en maatschappijkritische thema's zoals de oorlog in Irak en het regeringsbeleid van George Bush.
Tankian speelde een opzwepende en intense set, waarbij het gehele debuut voorbijkwam. Vooral de singles “Empty walls”, “Lie lie lie” en “The sky is over” deden het goed. Ook “Praise the lord”, “Honking antelope” en “Beethovens cunt'”  werden enthousiast onthaald. Er werd ook een nieuw nummer gebracht, “Sounds of war” en de Dead Kennedys-cover “Holiday in Cambodia”. Live werd hij bijgestaan door een goed geoliede band, met in de gelederen o.a. ex-Primus gitarist Larry LaLonde. Centraal tijdens de set stonden de flexibele, gevarieerde stem van Serj en de complexe, gelaagde nummers, boordevol onverwachte wendingen.
Of hij net zo populair zal worden als System of a Down, valt nog te betwijfelen. Het bondige optreden (een klein uurtje) werd alvast ferm gesmaakt en gewaardeerd!We zijn benieuwd naar de toekomst van de solo uitstap!

Organisatie: Agauchedelalune, Lille ikv Les Paradis Artificiels

De ‘ eerste’ editie van Polsslag kon rekenen op ruim 12000 belangstellenden (ruim 18 jaar terug was er ook al eentje!, maar in een totaal ander concept). De Grenslandhallen van Hasselt werden omgedoopt tot een indoor Hasselt –Kiewit. Een sterk aanbod van bands en DJ’s waren verspreid over vier zalen (Marquee, Club, Dance hall en Boiler room) met elk hun eigen genre, een tof ingerichte chill-out en een gezellige, klein ingerichte festival buitenruimte.
Muzikaal: noteer alvast onze Humo’s Rock Rally winnaars Steak Number Eight,  Holy Fuck en The Ting Tings als ontdekkingen. Isis, José Gonzales bevestigden en The Breeders en Angels & Airwaves boeiden onvoldoende. De Dance hall en Boiler room groeiden uit tot ‘the place to be’ voor het dansminnende publiek en waren het succesvolst.

Volgend parcours stippelden we uit:

De jonge West-Vlaamse honden van Steak Number Eight (Marquee) dompelde het publiek met het middaguur meteen onder een hallucinante, tranceachtige drone, sludge, postrock, hardcore, grunge, noise en screamo. Van hard naar zacht, feedbackgeraas en een galmende (schreeuw)zang.
In de uithoeken van West-Vlaanderen leeft deze stijl enorm, luister maar naar Black Heart Rebellion en Amen Ra. Het kwartet was te situeren binnen deze bands, Isis, 65 days of static, Mogwai, Nirvana en Sonic Youth. Een cv om U tegen te zeggen op zo’n jonge leeftijd.

Holy Fuck (Club)
Nog maar net bekomen van de overtuigende set van Steak Number Eight trakteerde de organisatie al op een tweede revelatie, het Canadese kwartet Holy Fuck; ze stonden dicht bij elkaar opgesteld, speelden een quasi instrumentale set die paste in het rijtje van Batlles en Trans Am, met uitstapjes naar de indie, stonerrock en ‘90’s elektronica soundscapes van Sabres Of Paradise en The Aloof. Een bas, percussie en een pak elektronica!
Hun broeierige, aanstekelijke en energieke sound intrigeerde en was uiterst origineel. Een tip voor een tweede Sonic City noise festival te Kortrijk.

Combinatie Styrofoam (Marquee) en Samin (Dance hall)
Styrofoam, de groep rondom electronicamuzikant/producer Arne Van Peteghem, ging niet aan onze neus voorbij. Het trio lichtte een tipje van de sluier van de te verschijnen nieuwe plaat ‘A thousand words’. Goed opgebouwde, toegankelijke en dromerige indiepop, met een stevig randje en een mooie samenzang.
De Zwitserse/Iraanse producer Samin op z’n beurt, werd bijgestaan door de Venezolaanse Miguel Toro op percussie. Samin zorgde voor zwierige, kleurrijke ritmes en fijne overgangen in z’n Balkan/Algerian dance met uitstapjes naar de bossanova en ragga. Dansbaar, groovy, aanstekelijk; de zomerhit van vorig jaar “Heater” zat mooi in het midden van de set verpakt.

De wavepostrock van het Leedse vijftal iLiKETRAiNS (Club) klonk tav hun optredens op Cactus en in de Bota Rotonde krachtiger en feller, gedragen door de baritonzang van David Martin. Ze waren gekleed in oude spoorweghemdjes. Het kwintet serveerde ‘dark music for happy people’. ‘Elegies to lessons learnt’, hun eerste full cd, plaatsten ze voorop. De songs hadden een spannende dreiging en dramatische ondertoon. We misten hun projecties van tragedies en rampverhalen, die elan gaven aan hun trieste, sombere sound.

Het Berlijnse elektronica dance gezelschap Modeselektor (Dance hall) gaf een grillige, eigenzinnige doch aanstekelijke, dansbare set van elektronicariedels, rave, dubstep, neurotische trance en opzwepende pompende beats. Het trio klonk live éénduidiger dan op plaat en de videoprojecties waren meegenomen.

Het Britse duo The Ting Tings (Club), Jules de Martino (drums/vocals) en Katie White (gitaar/vocals), klinken minder rauw dan die andere man/vrouw duo’s The Kills of Blood Red Shoes; ze laten een verfrissende wind horen van sprankelende, springerige en speelse gitaarpoprocksongs, die levensvreugde en optimisme uitstralen. Het duo haalt eerder de mosterd uit een B’52’s. Ze staken meteen van wal met “Great DJ”, die de laatste weken grijs werd gedraaid op StuBru. “Fruit machine”, “Keep your head”, “Be the one” en “That’s not my name” lagen in het verlengde. Rustpunt was “Traffic light”. Het afsluitende “Started nothing” kan een tweede hotshot betekenen! Er was een ruime belangstelling en The Ting Tings waren een viersterren ontdekking!

Het New Yorkse trio Blonde Redhead (Marquee) heeft op plaat z’n rauw bedreven sound opzij geplaatst, maar live wisselden ze dit af met hun lieflijk, dromerige gitaarpop, ondersteund door ‘70’s psychedelica toetsen. We hoorden uitgebalanceerde pop door de frêle zang van de tengere Kazu Makino of die een ruwer tintje kreeg toen één van de tweelingbroers Pace zong. In een donker sfeervol decor stelden ze het recente ‘23’ centraal, met songs als “Dr Strangeluv”, “Spring & by summerfall”, “The dress” en de titelsong. Stemmige gitaarpop, die in goede aarde viel.

Het Britse Foals (Club) uit Oxford kwam in eerste instantie wat onwennig over. Trouwens, een soundcheck is niet aan hen besteed. Gaandeweg palmden ze het publiek in met hun frisse, groovy, springerige songs, hoekige en strakke ritmes, ‘80’s wave, onder diverse tempowisselingen en plotse explosies.
Het kwintet is te situeren binnen de ‘80’s van Talking Heads, Gang Of Four en Siouxie, het freakende CYHSY en !!!, de postpunk van Bloc Party en Franz Ferdinand en de postrock van Mogwai.
De mop tussendoor begrepen we niet maar ze speelden een originele set van aparte, eigenzinnige songs, inwerkend op de dansspieren, waaronder “Cassius”, “Red Sock Pugie” en “Two steps, twice”.

Mstrkrft (Boiler room), onder de vroegere spil van het retrorock’n’roll duo Death from above 1979 Jesse Keeler, is de weg van de dance ingeslagen, aanvankelijk gestart met de eigen songs te remixen.
Momenteel is Mstrkrft hot en nestelt zich in het rijtje van Simian Mobile Disco, Digitalism, Justice en ons eigen Shameboy. Een volle Boiler Room onderging de pompende beats, trance en verrassende wendingen van het duo.

Van The Breeders (Marquee), onder de zusjes Kim en Kelly Deal, lagen de verwachtingen vooraf al niet hoog. Hun reünie, na ruim zes jaar, met de nieuwe cd ‘ Mountain battles’ leverde een potje gerommel en rammelend gitaargetokkel op, waarbij Kim zich goedlachs door de set slalomde, en Kelly plots na “Canonball” de stuipen op het lijf kreeg en een hysterische bui had, wat de set verder hypothekeerde. Maw een goed eerste half uur met wat we kunnen gewoon zijn van The Breeders: rauw rammelende lofi gitaarpop, o.a. “Tipp city”, “Huffer”, “Divine hammer”, “Pace” en “No aloha”, en de nieuwtjes “Bang on”, “Night of joy” en “Walk it off”. Een stuurloos tweede deel: communicatiestoornis, dispuut, concentratieverlies, chaos, geen zin meer hebben… God knows…Enkel nog “German studies” en “Safari” hielden de makke set staande in het tweede deel.
The Breeders dachten even in hun repetitiehok te verkeren en maakten alvast hun naam waar van wisselende live gigs …

Andere koek was het Amerikaanse Isis (Club), rond Aaron Turner, die een klein anderhalf uur bij het nekvel greep met hun alternatieve, avontuurlijke sound van postmetal, doom, drones, sludge, noise, fuzz en psychedelica, af en toe geruggensteund door Aaron’s (schreeuw)zang. Het leek wel een soundtrack voor een ‘day after’ movie.
Het vijftal ging van loodzwaar tot innemend en bracht diverse tempowisselingen en onverwachtse wendingen aan, door een bezwerende, opzwepende percussie, diepe basses en opbouwende, krachtiger klinkende gitaren. Kortom, niet te vatten muzikale gedachtekronkels, chaos en rauwe emotionele schoonheid. Uniek boeiend en intrigerend!

In een volle Dance hall genoten zwetende lichamen van het Duitse wondertalent DJ/mixer Alex Richa, a.k.a. Boys Noize. Hij schreef al een pak interessante remixen op z’n naam en zweepte het publiek op met z’n chemical trance, breakbeats, techno, pulserende beats, samples en scratches. Hij zorgde voor de juiste kwinkslagen. Een uitgelaten menigte genoot van wat deze 23 jarige op de laptop en aan de draaitafels presteerde.

De Zweedse singer/songschrijver Jose Gonzales (Club) was een aangenaam rustpunt. Twee platen ver (‘Veneer’ en ‘In our Nature’) is de man en hij kan al rekenen op een pak trouwe fans. Hij zorgde samen met twee percussionisten voor ideaal ‘candlelightvoer’, songs ontdaan van enige franjes en bepaald door akoestische gitaar, een softe percussie en mans warme melancholische stem, ingetogen, dromerig en pakkend.
Hij vatte solo de set aan met “Deadweight & velveteen”, “Hints” en “All you deliver”, en liet zich begeleiden op “Crosses“, “Stay in the shade”, “Lovestain” en “In our nature”. Hij ging naar een hoogtepunt met de twee covers “Heartbeats” en “Teardrops”, plus “Love will tear us apart” in de bis.

Ietwat onverwachts voor een doorwinterde muziekliefhebber sloot het relatief onbekende Amerikaanse Angels & Airwaves uit Californië, de nieuwe band van Tom Delonge , ex Blink 182 zanger/gitarist, Polsslag in de Marquee af. Gitaarrock met een punky inslag, maar braafkes en gestroomlijnd. De groep kon rekenen op een horde jonge fans, maar kon door het matige, éénduidige songmateriaal onvoldoende boeien , wat het aantal belangstellenden deed afnemen. Enkel “Love like rockets” en “Breathe” onthielden we. De uitlatingen over de jonge meisjes toen hij solo een paar songs speelde, laten we maar links. Het showaspect was leuk, vooral de gig met bril en laserstralen.

De nacht werd verder gezet voor de onvermoeide, dansende festivalganger met o.a. Alter Ego, Erol Alkan, Carl Craig en de jongens van Goose die een DJ set verzorgden.

Organisatie: Polsslag/Pukkelpop Hasselt

zondag 20 april 2008 03:00

The Kooks: Mission succeed

Het publiek genoot van de toegankelijke melodieuze gitaarpop van het sympathieke duo Get Cape Wear Cape als aanzet naar de aanstekelijke rock’n’roll van het Britse The Kooks. Net als bij Air Traffic waren de eerste rijen overspoeld door tieners die hun idolen, maar vooral zanger/gitarist Luke Pritchard, van dichtbij wilden zien. Maar The Kooks bereikten ook een breder publiek. De vorige cd ‘Inside In/Inside Out’ met singles als “So naieve” en “She moves in her own way” waren knallers en leverden al uitverkochte concerten op in de AB en twee tickets voor Rock Werchter.
Na wat strubbelingen in de band (bassist Max Pafferty werd ontslagen! en vervangen door Dan Logan) is het kwartet klaar voor een nieuwe veroveringstocht met de tweede cd ‘Konk’. Met een uitverkochte AB als gevolg …

De juiste dynamiek,drive en zin zorgden anderhalf uur voor hapklare, aanstekelijke gitaarrock’n’roll en vergaten hun makke optreden op Werchter vorig jaar.
Het kwartet vatte de set aan met de huidige strakke single “Always where I need to been”. Dit tempo hielden ze aan op “Eddi’s Gun”. Pritchard zette het jonge publiekje vooraan naar z’n hand: “Matchbox”, “Ooh la”, “Sway” en “Time awaite” waren fijne popsongs met een spannende opbouw en diverse tempowisselingen, die intens, meeslepend en iets krachtiger klonken. Het semi-akoestische “She moves in her own way” zong het publiek mee en vormde een eerste hoogtepunt. “I want you” en “See the sun” bouwden op naar het springerige, makkelijke meezingbare “Do you wanna” en “So naieve”. “Shine on” kreeg door de toetsen meer ‘70’s psychedelica. Gitarist Hugh Harris ging af en toe op in z’n snedige gitaarriffs, wat de songs rauwer maakte en meer body gaf. Tenslotte op het afsluitende “You don’t love me that way” ploften de gitaren op de grond, als bij elke zelfverzekerde rock’n’roll band. Gillende kelen op de eerste rijen, euforie verderop.
In de bis liet Pritchard vele hartjes sneller slaan met overtuigende akoestische versies van “Sea side” en “Jackie big tits”. De temperatuur steeg toen de band opnieuw twee uptempo nummers speelde, “Stormy weather” en “Sofa song”. Toen Pritchard zich door de uitzinnige eerste rijen op handen liet dragen, werden de kleren hem letterlijk van het lijf getrokken. Da’s rock’n’roll voor de jongere, voor de andere een band met wereldfaam binnen handbereik

Besluit: The Kooks, Mission succeed!

Organisatie: Live Nation

Het Amerikaanse gezelschap The Low Lows onder de weirdo zanger/gitarist Noon Parker lichtte in een bondige, snedige set een tipje van de sluier van hun pas nieuw verschenen cd ‘Shining violence’. Hun dromerige lofi americana kent een sfeervolle en opbouwende, spannende dreiging, bevat een vleugje psychedelica en kan doordrenkt zijn van feedback. Het kwartet leunt aan 16 Horsepower, My Morning Jacket en graaft zelfs dieper naar de indie van Galaxie 500 (begin jaren ’90) en ‘60’s V.U.

De groep speelde feller en strakker dan twee jaar terug op het Brugse Music In Mind festival. Toen na twee songs op het bedreven “Five ways I didn’t die” een snaar brak, speelde Parker doodleuk de rest van de set verder op vijf snaren. Op “Sparrows” en “It may be low” klonken de ‘70’s psychedelicatoetsen door. En tenslotte op “Dear flies, lone spider” trok Parker en de zijnen nog eens alle registers open, een schitterende finale van een afwisselend gevarieerd setje van dit onderschat Amerikaans kwartet. Onmiddellijk daarop sprong Parker van het podium en deelde mee dat er geen ander songmateriaal meer ter beschikking was, doch bedankte het publiek vriendelijk voor het warme onthaal.

Ook waren we onder de indruk van de support, Simple Brain, het kwartet onder de spil De Meyer – Verstraeten. Ze laveerden ergens tussen de melancholie van Sophia, de dromerige pop van Absynthe Minded en de freefolk van Banhart-Cocorosie. De zang en de gitaar kwamen op het voorplan. Een gedicht leidde zelfs twee songs in. Hun afwisselende zang (gelouterd – helder)/ samenzang was charmant binnen hun emotievolle, subtiele dramatiek! Beloftevol bandje uit St-Niklaas!

Organisatie: Cactus Club Brugge

De succesvolle Britse zangeres van Georgische afkomst Katie Melua kon rekenen op een alle leeftijden publiek in een praktisch uitverkocht Vorst Nationaal. De jonge twintiger heeft totnutoe drie cd’s uit en trok op tournee met om haar recente plaat ‘Pictures’ te ondersteunen. Ze brengt kleurrijke en prettig in het gehoor liggende jazzypop, met uitstapjes naar de rootsrock en folk. Ze brak een goede twee jaar terug definitief door met het dromerige “9 Million bicycles”.
 
Bijna twee uur lang serveerde ze solo en met haar band een uiterst gevarieerde set, waarbij de songs werden gedragen door haar helder nachtegalenstem. Het lichtdecor was een meerwaarde.
Melua nam solo een gewaagde start met een handvol songs op gitaar en piano: “Piece by piece”, I do believe in love” “Dirty dice” (een terugblik naar Noord-Ierland waar ze in haar kinderjaren vertoefde), en Randy Newman’s “I think it’s going to rain”. Op het ‘70’s getinte rootsjazzy “My aphrodisiac” was haar band op videowall te zien, doch geleidelijk ging het doek omhoog en zagen we haar full band. Handig gevonden, wat sterk werd onthaald!
Stijlvarianten waren te horen op “Blues in the night” (met slidegitaar!), een swingende “Ghost town” (met blazers), de folky “Thank you stars” en “Spellbound” (met fiddle) en tenslotte op de krachtiger klinkende “Crawling up a hill”, “Perfect circle” en “Spiders web” (rootsrock).
”If you were a sailboat”, haar nieuwe single, ”What I miss about you” en “Crazy” waren zalvende, sfeervolle, dromerige songs. “Scary Films” had een dreigende spanning o.a. door de zwart/wit horrror movies op het scherm en het jazzy “Mockingbird song” refereerde aan Stone/Keys/Winehouse qua vocals
Hoogtepunt vormde haar doorbraaksingle “9 Million bicycles”. En “If the lights go out” verried een komend succes!
Overtuigende covers “On the road again” en “Kozmic blues”van haar idolen (Canned Heat/Janis Joplin) klonken broeierig. Melua eindigde zoals ze begonnen was, akoestisch met een intieme “Cried for you”.

Melua beschikte over een gouden stem en een professionele band, die flirtte met stijlen om haar melodieuze jazzypop elan te geven. Fijn concertje.

Support was Andrea McEwan die enkele songs mee componeerde op Melua’s plaat. Deze Australische speelde sfeervolle, semi-akoestische folkpop, doch haar stem had niet dezelfde sterkte als Melua. Goede start, belangeloos einde.

Organisatie: Live Nation

donderdag 10 april 2008 03:00

Welcome to the blue house

Tim Vanhamel, frontman van Millionaire, stuurt iets fully completely diffrent op op ons af. In afwachting van nieuw werk van z’n eigen band, bracht hij een eerste soloplaat uit.
Hij profileert zich als een jonge V.U.-der met sfeervol, dromerig materiaal; z’n schreeuwzang maakte zelfs plaats voor ‘real singing’. Luister maar naar “Living the way you should”, “Bed river” en “Sometimes I wanna run”. “Until I found you” en “It’s not the drug” zijn de popsongs op de plaat.
Vanhamel schuwt enig bombast niet door strijkers toe te voegen (“Like a fire” en “Garden of weeds”). Pure melancholie horen we op “Saviour” en “A return to love”, verhalen over z’n verloren liefde …Enkel “Tell me” en “Which of us” zijn de felle, avontuurlijk rocksongs, die een vleugje noise en experiment bevatten, wat neigt aan Vanhamel’s oorspronkelijke werk.
’Welcome to the blue house’ is een toegankelijke, gevarieerde popplaat geworden, waarbij we een andere, oprechte kant horen van Tim Vanhamel. Wat trouwens z’n singer/songschrijverschap onderstreept.

donderdag 03 april 2008 03:00

Maskineri

Het Noorse ensemble Kaizers Orchestra, onder Janove Ottesen, heeft opnieuw de juiste drive op plaat te pakken. Live heeft de band een ander verhaal, een feestband eerste klasse. De vorige cd ‘Maestro’ boeide minder door de stuurloze intimiteit.
Hun zigeunermuziek , een combinatie van pop en hoempapa met een Balkan swing, wordt gespeeld door een niet voor de hand liggend instrumentarium. De uitstapjes naar de rock’n’roll, country, elektro en ‘70’s psychedelica vallen op hun plooi binnen het songstructuur van hun aanstekelijk broeierig materiaal. Het tempo wordt strak gehouden. De xylofoon en de pianoriedels op songs als “Moment”, “Den andre er meg”, “9mm” en “Enden av november’ geven kleur. De titelsong biedt de meeste variatie.De band zocht maar twee rustpunten op: “Med en gong eg nar bann” en de afsluiter “Ond cirkel”.
Kaizers Orchestra brengt muzikaal entertainment op het fris klinkende ‘Maskineri’, wat we maar kunnen toejuichen!

donderdag 03 april 2008 03:00

Made in the dark

Het Britse kwintet Hot Chip, onder de tandem Alexis Taylor en Joe Goddard, braken twee jaar terug definitief door met de singletjes “And I was a boy from school” en “Over & over” uit de cd ‘The warning’. Hun popelektronica, met een pak bleeps en geluidjes, werd smaakvol ontvangen.
Op de derde cd gaan ze nog een stapje verder, want ‘Made in the dark’ klinkt zowel toegankelijk door de dromerige pop en de sfeervolle, zalvende dansbare beats op “Ready for the floor en “Hold on”, als ingenieus en ingewikkeld door de vreemde wendingen en onverwachtse melodielijnen, die de luisteraar durven op het verkeerde been te zetten (“Shake a fist” en “Don’t dance”). En het ontgaat hen niet ingetogen prachtsongs te spelen als “We’re looking for a lot of love”, “Wrestless”, “Whistle for will” en de titelsong.
Wat betekent dat we met een uiterst gevarieerde plaat te maken hebben. Het kwintet getuigt van originaliteit en variëteit. Misschien niet steeds even geslaagd maar het resulteert uiteindelijk wel in een boeiende plaat binnen de popelektronica door de beats, dwarrelende geluidjes, ‘70’s psychedelica, ‘80’s wave; drum’n’bass en postpunk.

Pagina 165 van 180