Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026Stoned Jesus, Wheel, woensdag 1 april 2026, Orangerie, 20h Oliver Symons, zaterdag 4 april 2026, Witloof Bar, 20h Koma, woensdag 8 april 2026, Rotonde, 20h Son Little, vrijdag 10 april 2026, Orangerie, 20h Chalk,…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
Stereolab
CD Reviews

Sleath

Polluted Thoughts -single-

Geschreven door

“Polluted Thoughts” is de tweede single van Sleath in aanloop naar zijn volgende album. Het is opnieuw sloppy en het geeft nog maar eens een nieuwe dimensie aan het begrip lo-fi, maar hij grijpt wel ruim zes minuten je aandacht zonder zijn greep te lossen. Sleath zingt en rammelt op gitaar en hij wordt begeleid door een drummer op het A-kantje “Polluted Thoughts”. Geen idee waar hij het over heeft, maar de lange outro is bezwerend goed en - toch naar Sleath-normen - retestrak ingespeeld.
Het B-kantje is het korte “Dried Out Eyes”, waarin in de lyrics we voorzichtig toch een hoopje liefde en overgave ontwaren. Met in het begin opnieuw een weerbarstig ritme in de drums, maar in de (hier veel kortere) outro speelt Sleath misschien voor het eerst bijna foutloos gitaar en zelfs bijna zonder haperingen. Het valt zo op dat we het missen.
Inmiddels zijn we opgewarmd voor het album ‘Thoughts Too Thick To Think’.  Verrassen zal Sleath waarschijnlijk niet meer lukken, maar we kijken er toch naar uit.

Red Zebra

My Boss, The Robot -single-

Geschreven door

Exact 40 jaar na “I Can’t Live In A Living Room” (het B-kantje toen van “Innocent People”) brengt Red Zebra nog eens een single uit. Dankzij de coronacrisis is er helaas geen video bij, maar dat mag de pret niet drukken. “My Boss, The Robot” sluit veel beter aan op het oude en meest geliefde werk van de band, of toch beter dan vorige, vooral rockende singles als “Spit On The City”, “I Got The Microphone And You Don’t” en het inmiddels ook al bijna 20 jaar oude “Punks Don’t Have Barbecues”.
Deze “My Boss, The Robot” heeft een intro die bijzonder catchy is, met een retro en bijna rockabilly gitaartje en vooral een ritme dat voor vleermuizen en andere pogoënde medemensen heel dansbaar is.  De lichtjes provocerende lyrics van Slabbinck maken het hier mooi af. Deze single is een mooi extraatje voor het verzamelalbum dat later dit jaar uitkomt (omdat alle vorige verzamelaars uitverkocht zijn).

Proyecto Secreto

Alto

Geschreven door

De Gentse ska-band Proyecto Secreto is terug met het nieuwe album ‘Alto’. Deze band brengt instrumentale en soms jazzy ska, met uitstapjes naar latin en rock. Denk aan de Skatalites en het New York Ska-Jazz Ensemble, maar deze Belgische band heeft toch wel een eigen gezicht.
Op ‘Alto’ is het een voortdurend komen en gaan van klassieke ska, uit de oude doos zeg maar, en wat we misschien als ‘progressieve’ ska kunnen bestempelen. Jazz en exotica zijn zeker invloeden en vooral de blazers in de band krijgen tijd en plaats om op avontuur en ontdekking te gaan, een beetje te freestylen zoals hun stadsgenoten van Compro Oro. De ritmes van drum en gitaar zijn hier dan weer eerder strak en altijd herkenbaar.
Dave Hillyard en Vic Ruggiero van The Slackers doen mee op “Guilty”, dat zo de enige gezongen track is van het album. Een leuke afwisseling en als die mensen dat willen doen, neem je dat uiteraard met beide handen aan, maar de band kruipt hier wel in een dienende rol en laat vooral zanger Ruggiero vrijuit scoren. De mix was in handen van de legendarische Victor Rice, maar die benadrukte slechts het individuele talent van de band. De twee dub-versies, “Mike Tyson Dub” en “Green Cake Dub”, hebben moeite om meteen te overtuigen, maar na een paar luisterbeurten ben je wel hard mee.
Eén van de leukste tracks is het slome “Dance Obama”, met een intro die beelden oproept van een spaghettiwestern en een retro-orgeltje dat al een paar keer eerder opdook. “Mariskal” heeft dan weer een vibe die past bij een B-movie uit de jaren ’70 of ’80. Voorts is het moeilijk om uitblinkers aan te duiden. “Ethiopian Gypsy” of “Jamaica 69” zijn dan zeker grote kanshebbers, maar nog beter is om het album in zijn geheel en in de voorgestelde volgorde te consumeren. 

Heisa

Serenity Now -single-

Geschreven door

“Serenity Now” is na “Let Go” de tweede single van Heisa als aanloop naar het full album ‘Joni’. De albumrelease is inmiddels uitgesteld vanwege de coronacrisis, maar de single is alvast een goede voorzet. Dit is trademark-Heisa, met een diepe, ronde baslijn die het volume beheerst zoals bij Tool en een lekkere opbouw naar noise-erupties, met meer ingehouden controle dan bij pakweg Brutus. Het nummer heeft een beetje de stil-luid-stil-aanpak die zo kenmerkend was voor de jaren ’90, maar dan met een serieuze update.
Heisa staat al een hele tijd op onze radar en met “Let Go” en “Serenity Now” stijgen de verwachtingen nog meer.

Augustijn

Gin Oge Toe

Geschreven door

Toch al kort na het debuut is Augustijn al terug met ‘Gin Oge Toe’. Op deze opvolger toont de West-Vlaming zich net iets minder kwetsbaar dan op successingle “In De Schouwte” en debuutalbum ‘Echt’. Opener van dienst en eerste single “Deure” zet je wat op het verkeerde been. Het nummer duurt bijna zeven minuten en is rijkelijk geproduced en gearrangeerd, heel anders dan de minimale bezetting van op ‘Echt’. Thematisch borduurt dit nummer wel voort op het debuut, met de bedenkingen van een zanger die nog steeds twijfelt over het in de spotlights gaan staan. Met de conclusie kunnen we alleen maar blij zijn: Augustijn zet door (ie doe deure).
Op “Een Liedje”, het tweede nummer, zitten we muzikaal wel opnieuw op de lijn van het debuut, met opnieuw een heel beperkte bezetting en de doodeerlijke lyrics heel centraal in de mix. Augustijn heeft het hier over de vele goedbedoelde tips die hij krijgt nu hij plots als solo-artiest uit de schaduw is getreden. Dat tekst-thema is al eerder gebruikt in de popmuziek, maar in het Nederlands zullen toch meer mensen zich aangesproken voelen, reviewers incluis.
“Kan Beter” gaat over tegenvallende schoolresultaten en de toen daaraan gekoppelde toekomstvoorspellingen. Als het nummer autobiografisch is, zet Augustijn zijn vroegere leraren hier mooi een neus . Muzikaal zit hij hier, en op de meeste nummers, ergens tussen Het Zesde Metaal en Yevgueni in. “Klakke” herneemt de rijke productie van “Deure”, maar dan toch weer niet zo voluit, en is ook in lengte bijna zijn evenknie.
Van dit soort nummers hadden we er graag meer gezien of gehoord op ‘Gin Oge Toe’, omdat Augustijn hier zijn eigen speeltuin zoveel interessanter maakt. Hetzelfde geldt in grote lijnen voor “Sterker”, maar deze twee tracks hebben dan weer het nadeel dat de lyrics minder centraal staan. Op “Sterker” komt tekstueel ook weer die twijfel naar voren of hij wel goed bezig is. Het funky en grappige “Misschien” had van Ertebrekers kunnen zijn. “Nummertje” kabbelt op een loungy manier voorbij zonder veel slachtoffers te maken. “Gin Oge Toe” heeft een Elbow-intro en drijft voort op zuinige piano-toetsen. Van alle nummers op dit album heeft deze titeltrack het meeste hitpotentie. Het is fris en verrassend en catchy as hell. Na twee luisterbeurten ben je helemaal mee met het verhaal.
Augustijn moet op ‘Gin Oge Toe’ muzikaal al wat grootser uitpakken om ons na ‘Echt’ een tweede keer omver te blazen. Hij doet dat ook een paar keer en op de andere tracks bevestigt hij al het goede van zijn solo-debuut. Het mooie is dat de beste momenten van dit album die liedjes zijn waar de productie hem een beetje in de schaduw zet, waar dat bij het vorige album net omgekeerd was. Het moet zijn dat het de bedoeling was.

Brant Bjork

Brant Bjork

Geschreven door

Met dit titelloze album brengt de koning van de desertrock zijn 15 e soloalbum uit in 20 jaar tijd. Je moet weten dat hij daarnaast ook flink wat albums heeft gemaakt met Fu Manchu, Kyuss, Mondo Generator en nog enkele andere projecten. Een heel bezige bij die vooral drummer en songschrijver is maar ook producer, zanger en tekstschrijver. Gelukkig raakt die hoge productiviteit niet aan de kwaliteit van diens muziek.
Ook dit album is terug een ferm album in de Palm Desert-scene. Niet teveel toeters en bellen maar vrij directe en laidback rocksongs. De essentie van de songs blijven zo over. Opener “Jungle In The Sound” was al een single. Het heeft een leuke ritmische riff en een aantrekkelijke zanglijn. “Mary (You’re Such A Lady)” heeft diezelfde drive als het vorige nummer. De zang in het refrein doet mij in de verte zelfs aan Lenny Kravitz denken. Nummer drie “Jesus Was A Bluesman” is een heerlijke track. De zang is net als de tekst om van te snoepen. De band ondersteunt het nummer haast onzichtbaar, maar het zit hem in details: een basloopje hier, een gitaarsolootje daar… “Cleaning Out The Ashtray” is met zijn zes minuten het langste nummer van het album en bevat een iets langer muzikaal intermezzo. Toch blijft alles goed gestructureerd en wordt alles goed opgebouwd. Een stevige drumslag leidt ons doorheen “Duke Of Dynamite”. “Shitkickin’ Now” drijft op een bluesgitaar zonder echt blues te spelen. Het is een echt uptempo liedje tussen al de midtempo songs. De zang heeft weer iets bezwerend. Een verrassend ritmisch thema begeleidt “Stardust & Diamond Eyes”. In het refrein wordt de boel opengegooid zonder het volume en de speciale effecten open te draaien. Telkens wordt terug naar het thema teruggekeerd. De zang heeft naar het einde toe iets mijmerends over zich. “Been So Long” ligt gitaargewijs heel dicht bij “Message In A Bottle” van The Police. Voor de rest geen gelijkenissen tussen de twee. Hij doet zijn eigen ding en de zang duwt het nummer een andere richting uit. Maar ergens mis ik wel iets dat het nummer naar een hoger level duwt.
Bjork’s laatste album is geen nieuwe ‘Jalamanta’ geworden, maar het komt wel aardig in de buurt. Het album moet het vooral hebben van de groove, de warme bastonen en de aangename zang. Zoals eerder gezegd drijft het album op groove en essentie. Geen onnodige fratsen en versieringen, maar direct en to the point. Een aangename plaat!

The Sonic Dawn

Enter The Mirage

Geschreven door

Amper een jaar na ‘Eclipse’ komen de Denen van The Sonic Dawn alweer met een nieuwe plaat af. We waren onder de indruk van ‘Eclipse’ en zagen er voor de band veel potentie in. Ze toerden in het voorprogramma van o.a. Brant Bjork en kregen veel positieve aandacht. Op ‘Enter The Mirage’ gaan ze gewoon op hetzelfde elan verder. Ze houden het niveau van de vorige plaat aan en muzikaal borduren ze ook verder op die plaat. De jaren ‘70 klinken hier terug zwaar door, maar met hun eigen touch en de nodige frisheid geven ze het toch iets eigentijds. Je zou het niet zeggen als je luistert maar het gaat hier wel degelijk om een trio. De sitar en synths versterken het psychedelische karakter van de band. Het thema op dit album gaat over vrijheid en over het ontdekken en exploreren van je visioenen. Met dit album hebben ze geprobeerd om hun livesound te benaderen. De songs zijn in elk geval terug goed opgebouwd. Een song als “Hits Of Acid” klinkt als The Beatles die de psychedelische rock ontdekken. “Loose Ends” heeft naar het einde toe een klavecimbel of orgel dat naar “The End” van The Doors neigt. “Children Of The Night” is een fijn uptempo nummer terwijl “Shape Shifter” als een trip of langgerekte roes klinkt. Het titelnummer is zeker één van de betere uit het album. Met een mooie opbouw en een nice flow in de song. Ook “Sun Drifter” is een fijne track met onverwachte overgangen. Er wordt langzaam naar een climax toe gewerkt. Er wordt sterk afgesloten met “UFO”.
Met ‘Enter The Mirage’ bevestigen ze al het goede uit ‘Eclipse’. Ze hebben er goed, nieuw materiaal bij om mee op te treden. Als ze op hun volgende release nog een stapje hoger kunnen zetten, kunnen ze wel eens groot worden in het genre. Ik denk in elk geval dat ze het in zich hebben.

Spilar

Komt Er Een End -single-

Geschreven door

Vanuit Dranouter, het mekka van de folk in Vlaanderen, komt er een gloednieuwe folkband ons verleiden met mooie liedjes. In het sappige West-Vlaams zoals we dat gewoon zijn van Het Zesde Metaal en ’t Hof van Commerce. De band bestaat uit broer en zus Maarten en Eva Decompel die hun stemmen combineren of afwisselen. Ward Dhoore (Trio Dhoore) en Jeroen Geerinck (Snaarmaarwaar) staan in voor de keys en de snaren, terwijl Louis Favre het drumwerk voor zijn rekening neemt. Soms herwerken ze oude middeleeuwse stukken of liedjes van o.m. Wannes Cappelle maar ze maken ook eigen werk. Deze single komt uit hun langspeler ‘Stormweere’ die normaal volgende maand ging voorgesteld worden in het Dranouter Centrum. Waarschijnlijk zal dit door de intussen welbekende reden niet doorgaan, maar de release van de plaat is voor 17 april voorzien.
De single is een vrij rustig nummertje waarbij Maarten Decombel nadenkt over een mogelijk eindigende relatie. De gitaren brengen zwoele en warme klanken bij de zang. De zang blijft snel in het hoofd hangen. De percussie is goed geplaatst en staat ten dienste van de song. Het is folk of rootsmuziek, maar het klinkt wel hedendaags. Vergeet dus die oude gietenwollen sokken maar. Een leuk nummertje dat best wat aandacht mag krijgen. Misschien op Radio 1?

Pop/Folk
Komt Er Een End -single-
 

IDIOTS

Chapter I. Spring EP

Geschreven door

De titel van de EP van IDIOTS verwijst enerzijds naar het moment van uitbrengen en anderzijds naar het feit dat er twee EP’s uitgebracht zullen worden. In het najaar volgt ‘Chapter II Fall’. IDIOTS wordt ook niet meer geschreven met een uitroepteken in de naam. Voortaan is het gewoon IDIOTS en er is intussen ook een andere drummer ingelijfd: Minco de Bruin.
Vijf nummers sieren deze EP. Opener “Lipstick Glamgirl” is een catchy en strakke artrocksong. Ritmisch wat DNA van Franz Ferdinand in de genen. Heel fijne song. “Monkey In The Driver’s Seat” is een nummer dat sterk doet denken aan hun vorige album. Tekstueel draagt het duidelijk de stempel van Luc Dufourmont: serieus onder een op het eerste zicht gekke tekst. Diepgang noemt men dat zeker? “Lonewolf” is een instrumentale, maar heel boeiende song. Naar het einde toe komen er wat ‘woehoe’s’ in en wordt er muzikaal naar een soort climax toegewerkt. “Office” begint met een radiostem zoals Manu Chao ook pleegde te doen. De riff doet mij aan iets bekends denken maar ik kan niet vatten wat. Voor de rest is het een strakke rocksong met een punkattitude. “Bai Chang” klinkt iets luchtiger en is in het Frans gezongen. De gitaarklanken onderstrepen het luchtige in de song.
IDIOTS hebben een heel geslaagde EP gemaakt. Hij bevat hun punkattitude verpakt in clevere rocksongs die bij momenten ook catchy zijn. Alles klinkt gebald en haarscherp.

Gapang

Kontrasismo

Geschreven door

In maart 2016 ontstond de Filippijnse band Gapang, wat niets meer of minder betekent dan 'kruipen' in het Filippijns. Gapang profileert zich als sludge/doommetalband en bracht ondertussen twee zeer interessante EP’s uit: 'Mabagal, Mabigat At Madumi’(2018) en 'A Smirk To The Posturing'. Deze band omschreven we in het verleden als volgt: “Het meest opvallende is de combinatie tussen trage en donkere doom, met hartverscheurende en oorverdovende harde sludge-elementen. Deze kruisbestuiving zorgt ervoor dat je als luisteraar compleet murw geslagen in de touwen terecht komt." Honderden keren voorgedaan, maar als die muziek je vol in het gezicht raakt, dan werkt dat altijd. NU kwam een full album op de markt, 'Kontrasismo', waarbij dat allemaal nog eens in de verf wordt gezet. Wat sludge/doom betreft ? behoort Gapang nog steeds tot één van die onontgonnen parels die gerust waar meer aandacht mogen krijgen.
Dat laatste wordt bewezen met het ellenlange “Free”, een circa zeven minuten lange confrontatie met de meest donkere kant van je ziel en de ziel van Gapang zelf. Want met “Gin Bulag Swing” en “Signal To The Brain Dead” hoor je dat de band enorm veel frustratie en woede van zich wegwerpt, zowel vocaal als instrumentaal. Net door die wederom perfecte kruisbestuiving tussen zowel doom als sludge ? blijf je geboeid zitten luisteren en genieten. Van enig licht aan het eind van de tunnel is totaal geen sprake. Meerdere langdurige vuurpijlen die je hart vol raken zijn songs “Tulo”, “Neverhide” en “Wane”, een verschroeiende klepper van meer dan twaalf minuten. Ze doen een huivering over je rug ontstaan die uiteindelijk ervoor zal zorgen dat ook jij je demonen strak in de ogen kijkt. Ok, we vallen in herhaling, want hier wordt niets nieuws geproduceerd, zoveel is duidelijk. Maar kwalitatief is hier geen speld tussen te krijgen. Wie houdt van de betere doom en slugde zal dus in deze plaat zeker zijn gading vinden.
Wij volgen de Filippijnse sludge- en doomscene al een tijdje op de voet en ontdekken binnen die contreien vaak onwaarschijnlijk mooie parels. Gapang is er daar zeker eentje van en drukt met deze knappe 'Kontrasismo' meer dan ooit zijn stempel op deze muziekstijl. Temeer reden om hen ook in Europa en ver daarbuiten eindelijk in de schijnwerpers te zetten en de nodige speelkansen te gunnen. Promotors op zoek naar een nieuwe parel in sludge en doom mogen met een gerust hart deze band boeken. Want net door zo langzaam je hersenpan binnen te dringen, tot je ziel brandt in de Hel, zal het ook live zorgen voor een intense totaalbeleving die je donker hart verwarmt. Al sinds 2016 een aanrader, met dit full album zet de band dat nog maar eens in de verf.

Pagina 106 van 394