logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Cure
Ora Cogan
Concertreviews

Years & Years

Years & Years - Return to Palo Santo

Geschreven door

Voor de derde keer in minder dan een jaar strijken de mannen van Years & Years neer op Belgische bodem. U weet wel, die Britse electropop groep met de extravagante zanger en de vreemde dansmoves. In 2015 bracht de band rond Olly Alexander hun debuutplaat uit met daarop hits als “King” en “Desire”. In 2018 volgenden nieuwe hits zoals “If You’re Over Me” en “Sanctify”. Deze maken deel uit van de tweede langspeler ‘Palo Santo’. Voor de lp in de rekken verscheen, stonden ze op Werchter Boutique. Daar werden we voor het eerst voor het eerst verwelkomd in het universum van ‘Palo Santo’. Enkele weken later bracht de band hun tweede album uit. Sindsdien zijn de jongens aan het toeren geweest. Years & Years sloot hun jaar af op de Warmste Week waar een duizendtal gelukkigen opnieuw te gast waren in ‘Palo Santo’. Vandaag keren we terug naar het koninkrijk van Olly Alexander in de Lotto Arena. Return To Palo Santo.

Om stipt acht uur betreed een DJ het podium, na wat rustgevende geluiden komt er een beat. Nog wat later loopt zangeres/rapster Martha Da’ro het podium op. Haar set komt wat traag op gang, maar na een klein kwartiertje weet ze wel de zaal te boeien. Martha Da’ro droomde als kind dat wanneer zij “What’s my motherfucking name?” zou roepen, er luid gereageerd zou worden met haar naam. In haar dromen was het waarschijnlijk iets enthousiaster, maar de zangeres van Angola krijgt het grootste deel van de Lotto Arena wel mee. De aangename beats en teksten met inhoud doen wat een voorprogramma moet doen: opwarmen. Met slechts een handvol nummers weet Martha Da’ro zo een plezant sfeertje te creëren.

Om klokslag negen gaan de poorten van Palo Santo open. Years & Years - We worden (opnieuw) onthaald met “Sanctify” door Olly Alexander en zijn vijfkoppige band. Tijdens “Shine” wordt er luider meegezongen en meer meegedanst. De gekke moves van Olly zorgen voor enthousiast geschreeuw. De Lotto Arena heeft er zin in en zit tot de nok gevuld met energie, maar op het podium ontbreekt er soms wat energie. Tijdens nummers als “Karma” en “Preacher” zien we hoe de vermoeidheid van het touren toeslaat. België is de laatste stop van de ‘Palo Santo Tour’. Hierna kunnen de jongens genieten van welverdiende rust.
Met “Eyes Shut” wordt het allemaal wat rustiger als Olly Alexander plaats neemt achter de piano. Hier toont de Britse zanger zijn zangkwaliteit. Ook tijdens de hoge noten op het einde van “Lucky Escape” probeert hij dat. Olly Alexander zijn stem is niet altijd even zuiver, maar niemand die zich eraan stoort. We zijn hier om te feesten en “Desire” is hier een schoolboek voorbeeld van. Het dak gaat er net niet af. Daarna wordt het opnieuw wat rustiger met “Palo Santo”. Olly gaat hier met een meters lange jurk de lucht in. De Brit gaat van de grond en we hangen allemaal aan zijn lippen. Tijdens nummers als “Preacher” en “Ties” komen we weer met onze voeten op de grond. Deze weten net iets minder te boeien.
Tijdens “Hallelujah” wordt er dan weer veel gedanst om daarna mee te zingen met “Like A Prayer”. Madonna en Ariana Grande passeren in de rapte terwijl Olly Alexander een andere extravagante outfit aantrekt. Het schaduwspel tijdens “Worship” is niet het enige visuele hoogtepunt van de avond. De visuals op het scherm achter de band zijn een prachtige rondleiding in het koninkrijk van Years & Years. Als de reis naar Palo Santo er bijna opzit, wordt iedereen bedankt en er een einde aan gebreid met “If You’re Over Me“. Dat gaat gepaard met nog meer gekke dansmoves en enthousiasme. Wederom gaat het dak er bijna af.
Years & Years had een missie, het plafond van de Lotto Arena aan grut spelen en dus volgen “All For You” en het recente “Play”. We moeten het niet meer zeggen, maar nog meer vreemde moves van Olly. Naast ons wordt er een opmerking gemaakt over hoe schattig Olly is als hij naar het publiek lacht. We gaan akkoord. Afgesloten wordt er met (hoe kan het ook anders) “King”. Nu gaat het dak er helemaal af! Er wordt gezongen, gedanst en nog meer van dat. Het perfecte nummer om het feest mee af te sluiten en afscheid te nemen van Palo Santo.
Olly Alexander zingt misschien niet altijd even zuiver, maar door zijn eigenaardige bewegingen vergeten we dit snel. De vermoeide, maar schattige zanger weet een feest op poten te zetten in zijn koninkrijk met zijn dansbare muziek. Ja, hier en daar zakte het wat in, maar dat vergeten we snel door de vele hits die in de setlist zaten. Years & Years opende vandaag voor de derde keer in België de poorten naar Palo Santo en ja, Olly is nog steeds de king van de dansvloer.
Wie geen ticket kon bemachtigen voor de show in de Lotto Arena of er gewoon niet bij kon zijn krijgt een vierde kans om de wereld van Years & Years te betreden op Rock Werchter.

Setlist: Sanctify – Shine – Karma – Meteorite - Eyes Shut - Lucky Escape – Gold – Desire - Palo Santo – Ties – Preacher – Hallelujah - No Tears Left To Cry/Like A Prayer (backing vocals) – Worship – Rendezvous - If You’re Over Me - All For You – Play – King

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/lotto-arena-antwerpen/years-and-years-07-02-2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/lotto-arena-antwerpen/martho-daro-07-02-2019

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Good Charlotte

Good Charlotte – Punkrock still lives!

Geschreven door

Good Charlotte zakte gisteren samen met Sleeping With Sirens af naar Brussel. Hmm, dat hebben we precies al eens eerder meegemaakt. Nog geen twee jaar geleden deelden beide bands eveneens de bill in dezelfde zaal. Poppunk is nog steeds in leven, maar nieuwe bands wagen zich zelden aan de oude recepten die door bands als blink-182 en Green Day geschreven werden. In 2017 namen beide bands nog ISSUES mee op sleeptouw, gisteren kreeg het Brusselse publiek, in een andermaal nagenoeg uitverkochte Ancienne Belgique, af te rekenen met The Doze en het Britse Boston Manor.

Eerstgenoemden moesten we helaas aan ons voorbij laten gaan, maar we waren gelukkig net op tijd voor de laatstgenoemden. Veel podiumruimte hadden ze, door de reeds opgestelde instrumenten van de twee hoofdacts niet. Het viertal moest hierdoor manoeuvreren op beperkte ruimte, maar gaf alles wat ze in huis hadden. De korte, maar pittige set begon met een focus op nieuwer werk ging stapsgewijs terug in de tijd. De muziek van Boston Manor zou je kunnen omschrijven als een erg sterk uitgevoerde kruisbestuiving tussen de poppy punk van bands als Simple Plan en de tearjerkende emotracks van bands als American Football. Zanger Henry Cox bewees zich meer dan voortreffelijk als frontman. De zanglijnen waren ‘on point’ en hij gaf zich - voor een op dat moment nog maar voor één derde gevulde AB - al speelde hij voor een uitverkochte zaal. Boston Manor deed wat we niet frequent meer zien bij support acts, een indruk nalaten die overtuigt om hen asap nogmaals aan het werk te willen zien.

Vervolgens werd de eerste lichting doeken van de opgestelde instrumenten gesleurd, en kreeg Sleeping With Sirens het podium. Zanger Kellin Quinn, die in het milieu bekend staat om zijn hoge, fragiele stemgeluid, had het niet onder de markt in het begin van de set. Vocaal moest ie stevig opbotsen tegen de stormachtige gitaren van zijn bandmaats, waardoor hij vaak net aan kracht tekort schoot om goed hoorbaar te zijn. Enkele tracks verder, bij “Better off Dead” en “We Like It Loud” liep alles uiteindelijk weer gesmeerd. Her en der ontstond er een gezellig, woelende moshpit. Geen hardbeukend gedoe, maar daar zal het - gemiddeld genomen – tenger gebouwde publiek eerder blij om geweest zijn. Sleeping With Sirens kreeg de poppen helemaal aan het dansen bij het zeer sterk overkomende “Congratulations”. De lont was nu ontstoken. Perfecte timing, want meteen hierop volgden emoklassiekers als “If I’m James Dean, You’re Adurey Hepburn” en “If You Can’t Hang”. Tracks die op hun eigen manier een tijdloos karakter hebben, en in Ancienne Belgique zonder twijfel degelijk gebracht werden. Finaal kregen we nog een goeie schop onder ons gat met het pittige “Kick Me”.

Headliner van de avond Good Charlotte betrad netjes op tijd het podium. Het broederpaar Benji en Joel Madden mag dan wel truckerlooks hebben. In de AB bleken ze ook over een peperkoeken hartje te beschikken. Op zich verschilde de gespeelde setlist nauwelijks met die van twee jaar geleden, met het verschil dat de minder populaire tracks van toen nu vervangen waren door tracks uit hun nieuwste plaat ‘Generation RX’. De titeltrack was tevens ook de opener van de set. De ondertussen volgestouwde zaal, bleek tijdens één van de awkward bindtekstmomentjes netjes opgedeeld te zijn tussen mensen die Good Charlotte al eerder, of nog nooit aan het werk zagen. Best bijzonder om te merken dat een genre, als poppunk/punkrock, die tegenwoordig erg moeilijk aan airplay raakt in onze contreiren, nog steeds nieuwe fans weet te bereiken en aan te spreken. Hallo, invloed van Spotify/Apple Music?
Lang moesten we trouwens niet wachten op de eerste popkleppers, met “The Anthem” als derde, en “Keep Your Hands Of My Girl” als vijfde gespeelde track. De sound die het vijftal neerzette was ruig, hard, maar werd nergens een chaotisch boeltje, zoals bij Sleeping With Sirens wel wat het geval was. De Madden broertjes behielden alle controle over de groep. Joel kon daarnaast ook – op enkele uitzonderingen na – zijn vocals meer dan goed laten doorklinken doorheen de gitaarwoesternij.
Nadat de keet door een ander ‘oud hitje’ “Girls & Boys” al voor een derde keer in een springfestijn was veranderd, ging het tempo een stuk omlaag. Het nieuwe “Actual Pain” kwam in eerste instantie wat vreemd binnen, maar kon ons toch voldoende overtuigen. Na al die jaren heeft frontman Joel Madden weliswaar nog steeds moeite met zijn bindteksten entertainend te houden. Wat hij zegt mag dan wel grappig, gepassioneerd of lief overkomen. De stiltes tussen zijn mogelijks weldoordachte zinnen, zorgden voor een wat awkward overkomen. Tegenwoordig lijkt het ook obligatoir om als Amerikaanse band je gal te spuwen over het Trump-bewind, zoals ook Good Charlotte deed alvorens “Prayers” in te zetten. We hadden stiekem gehoopt dat we ondertussen dat punt al voorbij zouden zijn, want politiek gezwets tijdens punkshows heeft zelden een maatschappelijke meerwaarde gehad. Gisteren zorgde het vooral voor een tempodrukkend intermezzo.
Ook de emotionele intro voor “Hold On” – weliswaar met een veel zinvollere, maatschappelijke boodschap – zorgde voor een moment van rust.
Tijd voor actie, zo vonden wij, zo vond gelukkig ook de band. “Walfdorf Worldwide” was de ideale track om terug wat peper in de kont te krijgen. De track ademt ‘American highschool vibes’ en doet meteen denken aan matig-komische films als ‘American Pie’. Ook deze track hield vast aan de hoge kwaliteit van uitvoering van het optreden. Ten slotte kregen we nog een nagenoeg identiek slotsalvo te verduren als twee jaar geleden. Maar waarom ook niet? Never change a winning team, weet U wel. “Little Things” en “The River” deden een al wat-kolkendere moshpit ontstaan en geen aanwezige kon blijven stilstaan toen we achtereenvolgens “Dance Floor Anthem”, “I Just Wanna Live” en “Lifestyles of The Rich & Famous” geserveerd kregen.

Good Charlotte bewees eigenhandig, en met de steun van enkele degelijke bands uit hetzelfde milieu, nog steeds een sterke live act te zijn. Muzikaal zat alles goed in elkaar en genoten we van mogelijks een van de betere punkrock concerten sinds lange tijd. De vele interactiemomentjes met het publiek zorgden voor een gemoedelijke sfeer, maar zorgden toch soms voor wat awkwardness. De set week tenslotte niet zoveel af van de set van enkele jaren terug, maar dat zal de aanwezigen worst gewezen hebben.
Good Charlotte bezorgde een nagenoeg volgepakte AB een erg vermakelijke avond en bewees dat punkrock, ondanks de afnemende relevantie, bijlange niet ten dode opgeschreven is.

Neem gerust een kijkje naar de pics
The Dose
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/the-dose-07-02-2019
Boston Manor
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/boston-manor-07-02-2019
Sleeping with Sirens
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/sleeping-with-sirens-07-02-2019
Good Charlotte
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/good-charlotte-07-02-2019

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

The Wombats

The Wombats – samen met Circa Waves een indie rock hoogdag

Overmorgen is het precies één jaar geleden dat ‘Beautiful People Will Ruin Your Life’ op de wereld werd losgelaten. De vierde plaat van The Wombats gaf hen een plaatsje op Pukkelpop en nu ook een nagenoeg uitverkochte grote zaal van Trix. Dat ze daarbij nog Circa Waves meenamen (die nota bene ook binnenkort met een plaat komen en een Afrekening-hitje scoren momenteel), was een hele mooie toevoeging.
Beide bands deden waarvoor ze gekomen waren: aanstekelijke indie rock serveren dat zowel dansbaar als meezingbaar was.

Circa Waves opende de dans en dat deden ze een halfuurtje lang. Spijtig, want bij ons kon er gerust nog een extra halfuurtje in. Dan maar strak en met een hoog tempo er acht nummers doorjassen. Er valt een duidelijk onderscheid te merken tussen de nummers van de band uit Liverpool. Zo heb je de heel aanstekelijke met een simpele gitaarlijn, en daarnaast heb je de meer bombastische. Het valt op dat het vooral de nieuwe songs zijn die zich meer lagen hebben aangemeten. Beide geven wel de nodige portie energie, en is het dat niet wat iedereen nodig heeft?
“Fossils” was catchy, strak en snel, “Movies” bevatte een sterke opbouw en “Somebody Good” was een atypische stadionanthem die de band makkelijk weet te integreren in hun korte set. Want met slechts een halfuur op de klok, verlangden we nadien gewoon naar meer. Afsluiter “T-Shirt Weather” zorgde voor het eerste gigantische meezingmoment, en we voelden het al aan ons water dat er ook bij The Wombats meerdere zo’n momenten zouden volgen. Circa Waves bleek dus de perfecte opwarmer, al hoeven ze dat tegenwoordig al lang niet meer te zijn.

Anderhalf uur kreeg The Wombats om ons te overtuigen van hun discografie, die ondertussen vier albums rijk is. Het publiek, inmiddels helemaal warm door de fijne warming-up onder leiding van Circa Waves, kreeg meteen nieuw werk voorgeschoteld. De Britten staken van wal met “Cheetah Tongue”, en werden per direct getrakteerd op het gelukzalig enthousiasme dat zich in Trix had opgestapeld. Toch viel op dat het nummer weinig bijdroeg tot die optimale sfeer, maar dat het vooral het publiek was dat er veel goesting in had. Met “Moving To New York” was het hek echter al snel van de dam: de grote zaal van Trix ontwikkelde zich tot een stuiterend en brullend geheel. ‘Christmas came early’, en het eerste hoogtepunt in de set gelukkig ook.
In het tussenstuk viel vooral op dat de nieuwe nummers live wat dash missen om het enthousiasme een hele set op een gelijk niveau te houden. De nonchalance waarmee nummers als “Black Flamingo” of “I Don’t Know Why I Like You But I Do” werden gebracht, gaven de nummers ook te weinig speelsheid mee om live helemaal te overtuigen. “Lemon To A Knife Fight” was dan weer een tegenvoorbeeld, aangezien deze single wel doorgespeeld werd, en naarstig werd meegebruld door de bijna uitverkochte Trix. Ook “Ice Cream” werd met het spreekwoordelijke mes tussen de tanden aan het publiek gepresenteerd, en was veruit het nummer van ‘Beautiful People Will Ruin Your Life’ dat live het meest bleef hangen. Er werd zowaar een ietwat vettige riff op het publiek losgelaten, terwijl “Ice Cream” op plaat eerder een kneusje dan een topnummer is.
Met “Kill The Director” en “Techno Fan” dropte het drietal respectievelijk een tweede en een derde bom, en die waren wat ons betreft perfect getimed. Alweer werd duidelijk dat oudere nummers de sleutel naar het hart van het Trixpubliek waren, want de blijdschap en het geluk viel weer van de mensen hun gezicht en dansbewegingen af te lezen. Die eerste werd als een ware indie anthem meegebruld door al wie voor The Wombats naar Borgerhout was afgereisd, en dat enthousiasme werkte besmettelijk.
Het drietal uit Liverpool was goedgeluimd aan de set begonnen, maar geraakte nummer na nummer meer bevangen door het enthousiasme van het publiek, en ging hier meer en meer in mee. Toen er ook nog een dozijn kleurrijke ballonnen op het publiek werd afgevuurd, konden we ons moeilijk voor de geest halen hoe ‘een mindere dag hebben’ precies voelt…
“Let’s Dance To Joy Division” zette de kroon op het werk, en liet de voltallige Trix kirren van plezier. Voor het eerst in de set werd het moeilijk om door de sing-a-longs de instrumenten en stemmen van het drietal te horen, en als je dat kan waarmaken als band, heb je volgens ons een straf nummer in je repertoire zitten. Tijdens de bisronde werd even gas terug genomen, en kwam Matt Murphy met akoestische gitaar “Lethal Combination” brengen. Daarna vervoegde de rest van de band hem nog voor “Turn” en (definitieve) afsluiter “Greek Tragedy”, en daarbij viel vooral op dat die eerst genoemde zeer vol en overtuigend werd gebracht. Ook een deel van het publiek wist “Turn” grotendeels mee te zingen. Gezien dit geen uptempo nummer is volgens het gekende recept, was dit een positief verrassende vaststelling.
The Wombats maakten het zichzelf vocaal en instrumentaal niet al te moeilijk. Toch wist het drietal een zeer professionele en goed uitgevoerde set aan het publiek te presenteren, waarbij op gepaste wijze gespeeld wordt met ups en downs in energie en enthousiasme. Zowel instrumentaal als vocaal zat de performance van de heren wel snor. Aangevuld met enkele absolute klassiekers, kreeg je zo’n band die live heel moeilijk kan teleurstellen. Trix at uit de hand van de Britten, en deed dat mede door de uitstekende set die Circa Waves er al had opzitten.

Wat een hoogdag voor de indierock liefhebber moest worden, loste ongetwijfeld de hoge verwachtingen in. We kregen twee zeer fijne bands, waarvan beiden eigenlijk een headline tour verdienen.

Setlist Circa Waves: So Long – Fossils – Movies - Somebody Good – Stuck - Stuck In My Teeth - Fire That Burns - T-Shirt Weather
Setlist The Wombats: Cheetah Tongue - Moving To New York - Jump Into The Fog - Give Me A Try - Black Flamingo – Emoticons - Lemon To A Knife Fight - I Don’t Know Why I Like You But I Do - Pink Lemonade - Bee-Sting - Kill The Director - Ice Cream - Techno Fan - Your Body Is A Weapon - Tokyo (Vampires & Wolves) - Let’s Dance To Joy Division - Lethal Combination – Turn - Greek Tragedy

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Trix, Antwerpen

The Wombats – samen met Circa Waves een indie rock hoogdag
Circa Waves + The Wombats

Beoordeling

Ghost

Ghost - Te veel van het goede

Geschreven door

Zelden weten nieuwe bands binnen het metalgenre zich op te werken tot zaalvullende acts. Festivals als Graspop of Alcatraz moeten hierdoor sinds jaar-en-dag steeds dezelfde konijnen uit de headliner-hoed trekken. Al lijkt er, bij name van Ghost, Zweedse verandering aan te komen. Het heeft er alles weg van dat ze het zullen klaarspelen om zich te nestelen tussen de Iron Maidens en Metallica’s van de wereld. Een nagenoeg volgepakte Lotto Arena vol zwarte shirts, denimjasjes volgenaaid met bandpatches en sporadische groepjes als nonnen verklede dames achtte zich bereid om hun ziel en oorkanalen ten dienste te stellen van Cardinal Copia en zijn Nameless Ghouls.

Alvorens Ghosts ceremonie ingeluid werd, kreeg een ander Zweedse exportproduct Candlemass drie kwartier de tijd om ons te overtuigen. De band gaat al mee sinds de jaren ’80, wat deels verraden werd door de beerbods van het gezelschap. Al kan er wel niet gesproken worden van een gebrek aan uitstraling. De frontman van dienst leek wat op een bastaardzoon die genen erfde van zowel Alex Agnew (Diablo Blvd) als James Hetfield (Metallica) en paradeerde vol flair over het podium. Desondanks de vele personeelswissels die ze de afgelopen decennia hebben doorgemaakt, klonk Candlemass ook sterk als collectief, waarin vooral de dreunende dubbele bass drum een heerlijke hoofdrol speelde. Hoogvlieger in hun set was het nieuwe “Astorolus – The Great Octopus” waarbij de dreun heerlijk tegen onze ribben ging plakken.

Ghost begint hoe langer, hoe meer ook door te sijpelen bij het Studio Brussel publiek. Dat hebben ze deels te danken aan de Hotshot-status van “Dance Macabre” en het catchy “Rats”, beide afkomstig uit hun meest recente plaat ‘Prequelle’. Maar, laten we eerlijk zijn, mensen die gebaseerd op deze twee nummers afzakten naar Antwerpen, zullen hoogstwaarschijnlijk niet voldaan huiswaarts gekeerd zijn, alsook niet de mensen die houden van pittige, intense sets.

De hitzoekers werden wel snel op hun wenken bediend, want na opener “Ashes”, waar zanger Tobias Forge vooral nog op zoek was naar zijn stemgeluid, gooide de band meteen al “Rats” op het altaar. Hitje of niet, echt veel leven zat er niet in het publiek. In een poging de boel op te stoken, werd “Absolution” nagenoeg volgestouwd door Forge die zijn geografische kennis deelde. ‘Antwerpen! Belgium!’ Na enkele keren was de meerwaarde hiervan echt wel gaan vliegen. Om te kunnen ontkennen dat de kardinaal een meesterlijke entertainer is, zouden we daarentegen gekke argumenten moeten bovenhalen. Ontkennen dat Ghost één van de sterkste conceptuele bands van het moment is, dat is nagenoeg onmogelijk.
Het impressionante podium werd intens gebruikt door zowel Cardinal Copia als zijn gitaarspelende Ghouls. De kitsch droop er weliswaar van af, zelfs Forge wees op subtiele wijze op de plastieken uitstraling van zijn speelveld. Geen mens die zich eraan stoorde, want ook aan special effects geen gebrek bij Ghost. Een erg sterke lichtshow, duivels podiumrook, enkele steekvlammen en vooral de machtige kostuums ontbraken niet in de Lotto Arena.
In het eerste deel van de dienst ging het niveau na het matige “Absolution” weliswaar vlotjes de hoogte in. “Ritual” werd gekenmerkt door een intensere, lagere zanglijnen waarin Forge zijn stem dermate pakkender overkwam, en “Per Aspera ad Inferi” werd door een significant deel van het publiek meegebruld. Het was toch het epische “Cirice” – dat na een best wel lange en overbodige intro werd ingezet – dat ons kippevel bezorgde. Het werd ons persoonlijk hoogtepunt van de set. Weliswaar hadden we dan nog maar één derde van de show achter de rug. Ging Ghost ons nog tot het einde kunnen blijven boeien, verrassen en entertainen?
Het antwoord hierop is niet zo eenduidig. Qua entertainende factoren kwamen we zeker aan onze trekken, flashy kostuumwissels en een sporadische saxsolo door Papa Nihil, Cardinal Copia’s mentor als het ware, boden ons het nodige visuele vermaak. Muzikaal verdween de spanning weliswaar mondjesmaat. Daar kon het akoestisch sterk uitgevoerde “Jigolo Har Megiddo” helaas niet zo veel aan veranderen.
Van begin af aan hadden we de indruk dat Ghost ergens tussen twee werelden zweeft. Aan de ene kant de wereld van stevige gitaren en een ‘metal performance’ neerzetten, aan de andere kant lijkt het gezelschap een doodse variant op de Phantom Of The Opera musical op te voeren. De momenten dat we muzikaal omver werden geblazen werden, waren vooral erg schaars voor een 25-tracks durende ceremonie.
Na een korte break hoopten we dat er terug wat vuur in de set zou gepompt worden en het geen vervolg van de afhaspeling aan nummers zou gaan worden. Vuur kregen we letterlijk, maar ook figuurlijk. “Spirit” werd meesterlijk theatraal ingezet, maar net zoals bij het merendeel van de songs, kwamen de vocale lijnen geluidstechnisch niet zoals het hoorde tot bij het tribunepubliek. Iets wat vooral bij “From The Pinnacle To The Pit” en “Majesty” erg storend werd. De show begon zich eindelijk als een duiveltje in een wijwatervat te gedragen toen er wat ‘woef’ in de set werd gestoken. Met “Faith” en fan-favorites “He Is” en “Mummy Dust”, zat het venijn andermaal in de staart. Vurig, speels en headlinerwaardig materiaal. Al klonk Forges stem in “Mummy Dust” misschien eerder als een slechte, Italiaanse ober, dan als een dreigende frontman.
In plaats van op dit vermakelijke stevige elan verder te gaan en in een rotvaart de set te besluiten, werd er aan de noodrem getrokken. Elke nameless Ghoul, werd tijdens een best-wel-overbodige “If You Have Ghosts”-cover (Roky Erickson) door Cardinal Copia voorgesteld. Iets wat in een mum van tijd geklaard kan zijn, al deed onze kardinaal er op zijn gezegende leeftijd een dikke tien minuten over. Veel te lang, en ronduit overbodig. Na ruim twee uur recht te staan, of oncomfortabel neer te zitten, wil je nog een laatste keer overdonderd worden door een spetterend slotsalvo. Niet een tergend lange lezing uit de bindtekstbijbel ondergaan. Gelukkig werd ons geduld beloond met een indrukwekkend sterke uitvoering van hit “Dance Macabre”, waar het geluid voor het eerst in de volledige zaal nagenoeg perfect klonk. Klap op de vuurpijl werd “Square Hammer”. Intens, gepassioneerd en hard. De ideale afsluiter voor een metalshow, zo vonden wij.
Zo dacht Ghost er helaas niet over. Er volgde vervolgens nog een hoop gelul over vrouwelijke orgasmes en valse showeindes, alvorens de groep “Monstrance Clock” inluidde. Deze track kon bijlange niet de intensiteit van “Square Hammer” evenaren, waardoor we met een erg wrang gevoel de zaal verlieten. Het was toen ruim half twaalf en het leven was zichtbaar uit het grootste deel van het publiek gezogen. We ervaarden weinig adrenaline-rushes bij onszelf als bij de rest van de aanwezige mensen en geesten, ergens moet het dus fout gegaan zijn, lijkt het ons. Na het optreden werd er vooral veel gepraat en geanalyseerd, aan extase was er een gebrek.
Had deze show een compactere uitvoering gekregen, met een grotere focus op muzikale kracht dan op entertainment, we zouden de Zweden hoogstwaarschijnlijk overladen hebben met complimenten. Tracks als “Faith” en “Cirice” hielden de set met verve overeind en nummers als “Rats” en “Dance Macabre” pleaseden de sporadische luisteraar. Wat de meerwaarde van ruim de helft van de rest van de set was, daar stellen we ons vragen bij.

Ghost bewees in de Lotto Arena over de kwaliteiten te beschikken om een volwaardige (metal)headliner te worden. Ze leverden een show met hoog entertainmentwaarde af, maar wisten onze aandacht geen 150 minuten te behouden. Het tempo en het wow-gevoel schoten enkele malen de hoogte in, maar doken ook meermaals de diepte in. Wanneer de show eenmaal echt op gang was getrokken, haalde frontman Tobias Forge het tempo er vervolgens zelf met ellenlange, overbodige bindteksten uit, wat vooral het slot van de show vergalde.

Setlist: Ashes – Rats – Absolution – Ritual - Con Clavi Con Dio - Per Aspera ad Inferi - Devil Church – Cirice – Miasma - Jigolo Har Megidda (acoustic) - Pro Memoria - Witch Image - Life Eternal – Spirit - From The Pinnacle To The Pit – Majesty - Satan Prayer – Faith - Year Zero - He Is - Mummy Dust - If You Have Ghosts - Dance Macabre - Square Hammer - Monstrance Clock

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Parkway Drive

Parkway Drive - Melodieuze ruwheid

Geschreven door

Het centrum van de metal(core)scene bevond zich dinsdagavond even in Brussel waar Parkway Drive er naar aanleiding van hun laatste album ‘Reverence’ (2017) het podium van Vorst Nationaal inpalmde. Met Killswitch Engage en Thy Art is Murder in het voorprogramma was dit optreden al voorbestemd om een van de betere metaloptredens van het jaar te worden.

De aftrap van een avondje muzikaal geweld werd gegeven door Thy Art is Murder. De Australische deathcore band uit Sydney, of ‘Shitney’ zoals zanger Chris McMahon het graag noemt, mocht in een  twintigtal minuten bewijzen wat die in zijn mars had.  Wie een rustige set verwachtte om gestaag op te warmen richting headliner was eraan voor de moeite. Met nummers als “Dear Desolation”, “Reign of Darkness” en “Puppet Master” werd Vorst namelijk onmiddellijk hevig door elkaar geschud. Mooi gebrachte brutaliteit die het publiek duidelijk kon smaken.

Daarna was het tijd voor Killswitch Engage, een band die al ruim een decennium helder aan het metalcorefirmament schijnt en voor een deel van het publiek ongetwijfeld de doorslag gaf om op een doordeweekse werkdag richting Brussel te tuffen.  Zoals we brulboei Jesse Leach kennen, schreeuwde hij ook nu weer de longen uit zijn lijf en kon daarbij op heel wat hulp rekenen van de fans. Gitarist Adam Dutkiewicz liep als een hyperkinetisch konijn rond, maar was daarbij opvallend zwijgzaam. Iets wat we niet van hem gewoon zijn. Een strakke set werd geserveerd waarbij vooral de vroegere hits als “My Curse”, “Rose of Sharyn” en “My Last Serenade” op veel bijval konden rekenen. De Amerikanen bewezen nog maar eens dat ze nog lang niet ‘uitgeschakeld’ zijn als vertegenwoordigers van het genre.  Na dit strak afgewerkte optreden is het watertandend uitkijken naar het achtste album dat in de loop van 2019 gelanceerd zal worden.

Dat Parkway Drive veel aandacht besteed aan appearance en performance, werd duidelijk aan de manier waarop de Australiërs aan hun set begonnen. In plaats van het podium gewoon op te komen, verschenen de bandleden achterin de zaal en baanden zich zo een weg door het publiek. Nadat ze zich keurig opgesteld hadden op het verhoogje van het podium werd “Wishing Wells” ingezet, de ideale opener. Na een rustige inleiding van een minuut grunt zanger Winston McCall voor de eerste keer de ziel uit zijn lijf en ‘is de kop eraf’ voor een anderhalf uur durende set. De keuze om “Prey” als nummer twee op de setlist te plaatsen, noemen we nu eens het ijzer smeden terwijl het heet is. Deze meezinger uit het laatste album ‘Reverence’ (2018) is een mooi voorbeeld van de melodieuzere koers die Parkway Drive volgt sinds het album ‘Ire’ (2015). Een keuze die hen geen windeieren gelegd heeft en de fanbase alleen maar vergroot heeft. Een eerder ingetogen hit als “Cemetery Bloom” zou vroeger trouwens nooit de setlist gehaald hebben, en “Writings on the Wall” en “Shadow Boxing” al helemaal niet. Deze laatste twee werden voor de gelegenheid door een waar snaarkwartet vergezeld.
Na het opzwepende “Wild Eyes” en “Chronos” verdween McCall van het podium om iets later op een platform achterin de zaal te verschijnen vergezeld door een celliste. Even wat gas terugnemen was een understatement, want in het licht van een schijnwerper werd het akoestische “The Colour of Leaving” als laatste nummer voor de bisronde gebracht. De kracht van het lied zat hem in de eenvoud waarmee het gebracht werd maar helaas werd de intimiteit hier en daar wat doorbroken door een valse noot van McCall. Brullen is hem duidelijk meer op het lijf geschreven.
Na een korte pauze werd op de boeddhistische begintonen van “Crushed”  een groot logo boven het podium gehesen waarna het lied losbarstte en de weg vrijgemaakt werd voor “Bottom Feeder” dat met vuurwerk en een vuurzee het einde van de avond bezegelde. Na het publiek uitgebreid te danken viel het doek tot slot letterlijk over de show.

Parkway Drive bewees (wederom) dat ze tot het kruim van de metalscene behoren. Door de strategische keuze van nummers op de setlist en een tot in de puntjes georkestreerde show werden de verwachtingen meer dan ingelost. De Australiërs lieten geen spaander heel van Vorst en lieten ons het emotionele ontslag van minister Schauvliege eerder op de avond snel vergeten.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/vorst-nationaal-brussel/thy-art-is-murder-05-02-2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/vorst-nationaal-brussel/killswitch-engage-05-02-2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/vorst-nationaal-brussel/parkway-drive-05-02-2019

 Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Ian Sweet

Ian Sweet - Bommetjes energie , Latino danspasjes en improviseren tot het oneindige

Geschreven door

Terwijl aan de overkant van de straat, in de grote zaal van Ancienne Belgique, de poorten van de Hel werden open gezet dankzij Behemoth, Wolves in the Throne Room en At the Gates vertoefden wij eerder in de zevende hemel in het gezellige muziek café Bonnefooi voor een Jam sessie met Yoyo Borobia en Ian Sweet. Oorspronkelijk was het de bedoeling dat deze laatste zou optreden in AB Club. Echter werd besloten uit te wijken naar Bonnefooi en werden de tickets gratis. We kregen een gevarieerde avond voorgeschoteld boordevol bommetjes energie, lekkere latino danspasjes tot streepjes jazz maar vooral enorm veel sausje improviseren tot het oneindige.

Bommetjes energie die in je gezicht tot ontploffing komen
Twee jaar geleden bracht Jilian Medfords een heel persoonlijk debuutalbum op de markt 'Shapeshifter', onder de naam Ian Sweet (****) . Op haar eerste schijf liet ze zich bijstaan door een bassist en drummer. Nu stelt Ian Sweet een nieuwe schijf voor 'Crush Crusher' , compleet solo deze keer. In Bonnefooi stond ze echter niet op haar eentje te soleren, maar liet ze zich bijstaan door een drummer en bassist die haar muziek nog voller maakten.
In de biografie op de website van Ancienne Belgique lezen we: ''Haar compleet geschifte indierock gaat alle kanten uit en komt hard binnen. " Die stelling blijkt dus ook te kloppen. Om maar te zeggen, ook al doet haar artiestennaam anders vermoeden. Ian Sweet brengt geen zeemzoetigheid. Eerder schiet de jongedame, zowel vocaal als instrumentaal, bommetjes boordevol energie op de aanhoorder af. Met de nodige vuurkracht in haar stem verdooft ze u dan ook op een eerder verschroeiende wijze, dan zacht strelend om je in intieme sferen onder te brengen. En daar is totaal niets mis mee, integendeel.
Indierock, met gebalde vuist in de lucht, is dan ook de rode draad in deze set. Ian Sweet beschikt over een uiteenlopend stembereik waardoor je enerzijds kippenvel krijgt bij de sobere momenten om anderzijds, eens de registers worden open getrokken, door elkaar wordt geschud. Tot je totaal van de kaart en verweesd in de hoek van de kamer achterblijft. Ian Sweet houdt u daarbij een soort spiegel voor, en drijft het tempo zo hoog op dat het aanvoelt alsof je tegen een geluidsmuur wordt gedrukt waardoor je met een krop in de keel achterblijft. Door zo op de emoties in te werken van de luisteraar, worden dan ook voortdurend gevoelige snaren geraakt. Echter op een heel gevarieerde, energieke en inderdaad totaal geschifte wijze. Ondanks de energieke set krijgen we bovendien het gevoel dat het einddoel totaal nog niet is bereikt bij Ian Sweet. Wat ons doet uitzien naar een rooskleurige toekomst.
Kortom: Een naam om te onthouden binnen dat typische indierock gebeuren deze Ian Sweet,

Zuiders feestje boordevol Jazz, soul , latino en enorm veel improvisatie
Na deze aan de ribben klevende wervelstorm, besloten we van de gelegenheid gebruik te maken om de Jam Sessie in Bonnefooi als extra kers op de taart te verorberen. YoYo Borobia (*****) is een singer-songwriter van de wereld, lezen we in de biografie op de website. We citeren even: ''Ze werd geboren in Venezuela, de dochter van een Baskische moeder en een Galicische vader, en woonde als tiener in Madrid. Later ging hij naar Parijs en eindigde in 2011 een uitwisseling in Brazilië, waar ze een gunstige plek vond om meer artistieke projecten te ontwikkelen en haar composities te verrijken.''
Kortom is YoYo Borobia van enorm veel markten thuis. Vooral de Latino klanken zo eigen aan landen als bijvoorbeeld Venezuela komen boven drijven in haar muziek. Echter houdt het daar niet mee op. Jazz, pop-rock, soul, gospel, funk, A Capelle, Spaanse muziek, Braziliaans en latijns Amerikaans. Het passeert allemaal de revue.
Hoewel YoYo dankzij haar kristalheldere stem en bijzonder aanstekelijke uitstraling de meeste aandacht naar zich toetrekt is het eerder dankzij de kruisbestuiving en haar op indrukwekkende wijze solerende muzikanten dat het dak er meerdere keren afgaat. Hierop stilstaan is namelijk onmogelijk. Meerdere malen stonden we met verstomming geslagen, te kijken, luisteren en genieten van wat de gitarist uit zijn instrument toverde. Of hoe drum en piano klanken op de heupspieren werken, waardoor je niet anders kunt dan dansen, dansen en vooral dansen.
Besluit: YoYo Borobia bouwt in Bonnefooi een wervelend Latino feestje in verlengde van de muziek zo eigen aan die Latijns-Amerikaanse landen. Het was dan ook bijzonder spijtig dat het café na het optreden van Ian Sweet eigenlijk wat was leeg gelopen. Want zulke wervelende feestjes, binnen een Zuiderse omkadering, putje winter? Dat verwarmt niet alleen je ledematen, maar ook je ziel. En doet je hart sneller kloppen. Zonder meer verlieten we Bonnefooi dan ook met een grote glimlach op de lippen. Na het vertoeven in een Hemels paradijs waar Latijns-Amerikaanse klanken, energieke bommetjes en improviseren tot het oneindige met voorliefde voor muziek in alle kleuren van de regenboog de rode draad vormt op deze gezellige zondagavond.

Organisatie: Bonnefooi + Ancienne Belgique, Brussel

Ian Sweet + Yoyo Borobia
Ancienne Belgique
Brussel

Beoordeling

Death Cab For Cutie

Death Cab For Cutie - Intense melancholie

Geschreven door

Thank You For Today, zo heet de nieuwe plaat van Death Cab For Cutie en zo was ook het algemene gevoel toen iedereen De Roma verliet. Death Cab For Cutie bracht namelijk iets minder dan twee uur hun melancholische en dromerige wereld tot leven voor een uitverkochte zaal. Zoals gewoonlijk werd er een perfecte mix gebracht tussen hoop en wanhoop, liefde en verdriet en intensiteit en melancholie. Een gigantisch strakke set waarbij de band er duidelijk zin in had.

Voor we Ben Gibbard en de zijnen konden aanschouwen, kwamen eerst The Beths het podium opgedraven. De groep uit Nieuw-Zeeland konden we al eens zien in een klein café in Brussel, maar nu mochten ze op een groot podium hun kunnen tonen. En dat kunnen werd heel goed bevonden door de reeds goed gevulde zaal. Een bemoedigend applaus volgde na het einde van hun set. Die bracht een leuke afwisseling tussen aanstekelijke indie rock liedjes en zachte dreampop songs. The Beths weten alles wel meteen in je hoofd te laten nestelen, en laat dat net hun sterkte zijn.

Death Cab For Cutie had duidelijk goed geluisterd naar het voorprogramma, en ging op hetzelfde aanstekelijke elan verder. Eerst werden er twee nummers van de recente plaat voorgesteld. Daardoor viel al meteen op dat de band tegenwoordig meer focust op een diversiteit aan sounds. Glijdende gitaren, zachte synths en natuurlijk de uitgesproken stem van Gibbard gaven ons van bij het begin bemoedigende schouderklopjes. Het was alsof we even op een wolk aan het zweven waren en we op ons gemak naar de hemel konden turen.
Lang duurde dit gevoel niet, want Death Cab For Cutie ging er rats op om ook eens hard uit de hoek te komen. “Long Division” ging iets sneller te werk en tijdens het refrein werden de gitaren ook iets strakker bovengehaald. Dit was trouwens niet de enige keer, ook bij “Crooked Teeth” en “Black Sun” toonde de groep dat ze gitaren konden laten gieren. Nergens was het weliswaar te veel, en hierdoor kon DCFC een goed evenwicht vinden tussen hard en zacht. Dat was nodig, want zo dook er nergens verveling op.
De nieuwe nummers lijken ook live heel goed tot zijn recht te komen. De sterke muzikaliteit bij de muzikanten draagt hier natuurlijk aan bij. Een intense drumlijn, strakke gitaarlijnen of speelse synths, alles zorgde voor een boeiend geheel. De band had er duidelijk ook zin in en bewoog gelukkig mee op ieder nummer dat de revue passeerde. Gibbard zelf gooide zo nu en dan eens zijn gitaar in de lucht, en danste heel goed op de melodie die de band serveerde. Ook de andere bandleden konden zich behelpen met af en toe eens een dansje te placeren. Hierdoor werd het publiek nog meer meegezogen in de performance die de band hiermee neerzette.
Death Cab For Cutie is niets zonder zijn uitmuntend pianogeluid en bij “What Sarah Said” kroop Gibbard voor het eerst achter zijn piano. Wat we kregen was een hemelse opbouw naar iets episch. Dit was trouwens niet de enige keer, ook klassieker “I Will Possess Your Heart” wist weer heel wat grootsheid boven te halen. Wat een intro, wat een nummer, wat een muzikaliteit. Er werd lang opgebouwd en de groepsleden durfden het ook aan om er af en toe nog extra dreiging aan toe te voegen, straf.
Het was niet enkel intensiteit dat de klok sloeg, ook aanstekelijke nummers zoals “You Are A Tourist” en “Soul Meets Body” waarbij het publiek de stembanden kon smeren, kregen we op ons bord. Gelukzalige muziek kan dus ook, en dat toont aan dat de band van alle markten thuis is. Zo ook van marketing, want ze gaven aan dat ze het voorprogramma verplicht hadden om hun merch aan te doen om zo viraal te gaan. En zelf deden ze ook hun best, want in de bisronde verscheen iedereen met een t-shirt van The Beths. Bands die elkaar steunen, zo hebben we het graag.

Death Cab For Cutie kwam dus niet enkel muzikaal goed uit de hoek, ze wonnen ook sympathiepunten bij iedereen. Zo kon iedereen met een warm hart naar huis gaan nadat de tonen van “Transatlanticism” nog eens goed De Roma deden daveren. Het epische gitaarwerk is toch iets wat de band goed afgaat. Maar ook het melancholische en het dansbare kan de band verrassend brengen. Muzikaal gaat er nooit iets fout, en ook in de opbouw en nummerkeuze had Death Cab For Cutie alles mooi uitgedacht. Een sterke band die nog maar eens bewijst waarom ze één van de indiegrootheden zijn.

Setlist: I Dreamt We Spoke Again - Summer Years - The Ghosts of Beverly Drive - Long Division - Title And Registration - Gold Rush - Crooked Teeth – Photobooth - No Sunlight - What Sarah Said - 60 & Punk - I Will Possess Your Heart - Autumn Love - Black Love - Expo 86 - Northern Lights - You Are A Tourist – Cath - Soul Meets Body - Marching Bands Of Manhattan - I Will Follow You Into The Dark - When We Drive - Tiny Vessels – Transatlanticism

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-roma-antwerpen/death-cab-for-cutie-03-02-2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-roma-antwerpen/the-beths-03-02-2019

Organisatie: De Roma, Antwerpen

Beoordeling

De Staat

De Staat - Een draaideur naar de hel

Geschreven door

Meer dan een decennia lang raast De Staat door het Nederlandse muzieklandschap en ver daarbuiten. Hun succesroute vertaalde zich tot nog toe in zeven albums, waarvan hun laatste worp ‘Bubble Gum’ in januari uitkwam. Die laatste werd een uitstekende plaat waar de band zijn grenzen verder aftast zonder het té ver te zoeken. Met een nieuw album onder arm is het veelvoud aan nummers nog nooit zo groot geweest en dus was het afwachten met welke platen het vijftal ons in de Kreun zou platwalsen. Eén ding is zeker en dat is dat De Staat oerdegelijke liveshows kan neerzetten, dat bewees de band ondermeer op Lowlands en Sziget. Laat maar komen.

Het knotsgekke drietal Kitty, Bunny en Bear of ook wel The Very Very Danger genoemd, kreeg de eer het publiek in Kortrijk op te waren. De band rond Ian Clement beukt er al vanaf minuut één stevig op los en dat kon het publiek wel smaken. De set van een halfuur bevatte dan ook voldoende materiaal om niet alleen ons te overtuigen van hun kwaliteiten. Hun zelfverklaarde mortarpop en garagedoom vertaalt zich nog het best in stonerrock met een flinke dosis humor en absurditeit. Kan je je daar maar weinig bij voorstellen? Dat is volkomen normaal. Het drietal beloofde ons dan ook een eerste EP in maart, die je ongetwijfeld meer duiding zelf geven bij al je vragen.

Na een geslaagde opwarming was het natuurlijk wachten op De Staat zelf. Het vijftal is gefocust en neemt zijn taak als afsluiter van onze zondagavond heel serieus. Zonder veel boe of ba zet De Staat de toon van de avond en dat doen ze met “Me Time”. Een nummer vol psychotische synths die de typische sound bezit van het recentste plaat ‘Bubble Gum’. Om ons nog wat gekker te maken, vonden de heren het nodig om ons aan het einde van “Me Time” te trakteren op een snelle en strakke versie van het nummer. Iedereen wakker zeker? Dat De Staat en zijn muziek gemaakt is voor een live publiek konden we eigenlijk al vermoeden, maar eerst zien en dan geloven is ons uitgangspunt. In De Kreun deed het alvast zijn werk, want lang wachten op het eerste enthousiaste handgeklap was het niet. “Psycho Disco” en “Mona Lisa” met zijn machtige opbouw brachten het publiek na drie nummers al in de zone, meer hadden onze noorderburen kennelijk niet nodig.
Frontman Torre Florim vraagt het publiek toch nog even of ze weten wie ze zijn. Een overbodige vraag, waar het publiek van De Kreun hem een logische repliek bij geeft. Niet veel later doet De Staat onverstoord verder en dat is bij momenten puur genieten. Muzikaal gezien presteert De Staat op een dusdanig hoog niveau dat we er haast duizelig van worden. Op vlak van timing en techniciteit zagen we geen betere band in lange tijd. Uitstekende en complexe nummers als bijvoorbeeld “Peptalk”, “Make The Call” en “All Is Dull” vloeien zo vlotjes uit de heren hun vingers en mond alsof het niets is.
Wie zich niet kan vinden in de stevige rockplaten van De Staat is in de verkeerde zaal terecht gekomen. Met “Phoenix” gooit de band het wel even over een andere boeg, maar dat was het dan ook. De knuffelplaat met zachte stekels, doet De Kreun lichtjes ontdooien om er dan weer stevig op los te gaan. De Staat staat ook garant voor een flinke portie theatraliteit, dat is bijvoorbeeld te merken aan hun muziekvideo’s. Ook live wordt die lijn doorgetrokken. Op een gegeven moment staan zanger Torre Florim en toetsenist Rocco Hueting recht tegenover elkaar, alsof ze een duet bezingen. Niets is minder waar, want hun zachtheid ten opzichte van elkaar verandert al snel in een afstandelijke robotachtige dans, die ons kan laten bewegen op het hyperkinetische “Pikachu”. Eigenwijze kerels die van De Staat, maar het publiek sluit hun absurditeit maar al te graag in de armen.
Sommige nummers doen het beter dan andere nummers en dat is bij De Staat niet anders. Het hoge niveau blijft wel aanhouden, maar bij hun bekendste hit “Witch Doctor” zagen we toch meer smartphones de lucht in gaan dan bij andere nummers. In deze tijden een duidelijk signaal van “er gaat iets speciaal gebeuren”. “Witch Doctor” komt recht uit de hel en klinkt zo opzwepend dat het lijkt alsof De Staat een bezeten sekte is. Tot een moshpit kwam het niet, maar wat een legendarische liveplaat is me dit. De Kreun staat even op zijn kop.

Terwijl de band even het podium verliet om God wie weet welke reden, werden ze terug geroepen door een enthousiast publiek. Het publiek kreeg waar voor zijn geld en zo gaf De Staat ons nog enkele straffe platen zoals “I’m Out Of Your Mind” en het oerdegelijke “KITTY KITTY”. Die laatste moet niet onder doen voor hun grootste hit, integendeel. Het sleept je nog een laatste maal mee in het knotsgekke verhaal van De Staat. Een rockband met een stevige hoek af die je moet gezien hebben.

Setlist: Me Time - Psycho Disco - Mona Lisa - Input Source Select – Peptalk - All Is Dull - Phoenix (Space Intro) – Habibi - Make The Call – Pikachu - Fake It Till You Make It - Get On Screen - Witch Doctor - I Wrote That Code - I’m Out Of Your Mind - KITTY KITTY

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-kreun-kortrijk/de-staat-03-02-2018
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-kreun-kortrijk/the-very-very-danger-03-02-2019

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk  

Beoordeling

Pagina 129 van 395