Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026Stoned Jesus, Wheel, woensdag 1 april 2026, Orangerie, 20h Oliver Symons, zaterdag 4 april 2026, Witloof Bar, 20h Koma, woensdag 8 april 2026, Rotonde, 20h Son Little, vrijdag 10 april 2026, Orangerie, 20h Chalk,…

logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Wolf Banes ...
avatar_ab_12
Concertreviews

Hookworms

Hookworms - Britse psych-rock met onstuimige synths

Geschreven door

Hookworms - Britse psych-rock met onstuimige synths
Hookworms
N.E.S.T.
Gent
2018-02-06
Sam De Rijcke

Hookworms is een bandje die met de release van het kersverse ‘Microshift’ nu plots overal met lof overladen wordt, maar ze verdienden eigenlijk al veel langer uw aandacht. Al vanaf ‘Pearl Mystic’ uit 2013 hadden wij door dat die gasten voor een krachtig nieuw geluid zorgden dat werd gedistilleerd uit extracten van zowel Spacemen 3, Spiritualized, Primal Scream als Hawkwind. Ook opvolger ‘The Hum’ was daar een sterk staaltje van. Voor de nieuwe ‘Microshift’ zijn ze met die sound het elektronicabos ingetrokken en hebben ze een flinke scheut LCD Soundsystem in hun sound gekieperd. En nu is plots iedereen wakker geschoten.

De nieuwe wending had zo zijn effecten op het podium, heel dikwijls in positieve zin maar ook af en toe in negatieve. Zo waren de heren een beetje te druk bezig met het frunniken aan de knoppen van hun toestellen waardoor de sound bij momenten nogal dicht geplamuurd en chaotisch klonk. Nu, dit had ook veel te maken met het feit dat de klank wel zeer scherp en luid stond afgesteld, Nest is vooralsnog niet de ideale concertzaal.
Hookworms combineerde de wilde uitspattingen van de eerste platen met de elektro-uitstapjes van de nieuwe. Soms leidde dat een beetje tot overkill maar over ’t algemeen kwamen de Britten overtuigend en energiek uit de hoek.
Als het echt spetterde dan klonk het tamelijk fantastisch. Dit was het geval in “On Leaving” en “Radio Tokyo”, niet toevallig twee sterkhouders uit hun vorige plaat ‘The Hum’. Hier was Hookworms fel op dreef en haalden ze hun beste ingrediënten boven, een verslavende groove, een stomend ritme, nerveuze doch efficiënte synths en gitaren die naarstig doorscheurden. De nieuwe songs bleken trouwens sterk genoeg om overeind te blijven, opener “Negative Space” bleek ook live een topper te zijn en “Static Resistance” en “Ullswater” brachten heel wat vaart in het zaakje.
En hoewel het eerste fameuze album ‘Pearl Mystic’ jammerlijk quasi volledig genegeerd werd hing de geest en de wilde sound van die plaat wel degelijk rond in hun set. Het ging er bijwijlen geschift, psychedelisch en wild aan toe.
Som sputterde de motor echter en kwam er te veel ongewenst prul uit. “Each Time We Pass”, ook al geen hoogvlieger op die nieuwe plaat, ging volledig de mist in en dat had veel te maken met de gastzangeres die een beetje zielloos haar part kwam inzingen. Het schuchtere mens bleek geen présence, geen stem en duidelijk ook geen goesting te hebben. Ook het poppy “Shortcomings”, één van de mindere momenten op de nieuwe plaat, weekte weinig beroering los.
“Boxing Day”, opgefleurd met een fijn ontspoorde sax, bleek dan weer een interessant krautrock zijstapje. De gastsaxofonist mocht trouwens op het podium blijven voor een geweldige afsluiter waarin Hookworms nog eens met verve alle registers open trok.

Een beloftevolle band met een bijwijlen geschifte maar intense sound. Er is hier en daar wel nog wat werk aan, een beetje overbodige beats en blieps elimineren zou geen slecht idee zijn.

Organisatie: Democrazy, Gent

Beoordeling

Belle & Sebastian

Belle & Sebastian – 2018 - Tussen hamer en aambeeld

Geschreven door


Een tweetal jaar geleden stond
Belle & Sebastian in het Rivierenhof. De Schotten hebben er blijkbaar mooie herinneringen aan overgehouden, inclusief de muggen. Gisteren stonden ze zo’n tien kilometer verder (we zijn steeds slecht geweest in schatten) in de al even majestueuze Roma. De ideale setting voor onbeschaamde dagdromerij, nu maar afwachten of ze daar ook toe in staat waren, want hoe je het ook draait of keert: dit is een band op retour.

Eerst werden we opgewarmd door
Pictish Trail. Wie een druk concertleven heeft en al eens een support act wil meepikken (doen!) heeft ze zeker al eens gezien als voorprogramma van British Sea Power, KT Tunstall of Malcolm Middleton.  Het is die laatste, en inderdaad de boy from Arab Strap, die de muziek van Johnny Lynch ontdekte. Onschuldige indiepop, maar meer niet, en voor vele Roma-gangers de ideale achtergrondmuziek om drankbonnen in te slaan. Meer zal Pictish Trail ook nooit betekenen.

Belle & Sebastian, opgericht in 1996, en de band bij uitstek voor liefhebbers van de jaren 60 die dit tijdperk nooit hebben meegemaakt. Dagdromers, of muziekmakers voor mensen die ook wel eens in een kamertje wegkwijnen om het gaan dan van de daken te schreeuwen dat The Smiths de beste groep aller tijden is.

Een concept dat gouden platen opleverde. ‘The Life Pursuit’, ‘If You’re Feeling Sinister’ of ‘Tigermilk’. We zeggen maar wat. Maar sinds ze acht jaar geleden ‘Belle and Sebastian Write About Love’ hebben uitgebracht, scheelt er iets. Misschien is het toch dat dagje ouder worden.? Nu ja, de charismatische en altijd goed gemutste Stuart Murdoch geeft het zelf toe: je bent op tour en je mist de kinderen. De hypocrisie van een rock’n’roll-ster zoals hij het zelf grappig omschrijft.
Het optreden begon positief met “Nobody’s Empire” uit ‘Girls in Peacetime Want To Dance’. Videootjes uit vervlogen tijden gaven meteen de sfeer weer waar Belle & Sebastian al decennia voor staat. Ging dit een optreden worden om in te kaderen? Dat hoopten we voor een paar minuten, maar meteen bij het spelen van “I’m A Cuckoo” uit hun succesalbum ‘Dear Catastrophe Waitress’ kwam de slordigheid en de veel te grote nonchalance bovendrijven. Kan best ontwapenend zijn, maar bij deze Schotten verwacht je perfectie, een term die ze zichzelf hebben opgelegd. Eigen schuld, dikke bult.
De subtiliteit was bij momenten ver te zoeken. OK, we hoorden wel “We Rule The School”. Ook dat Stuart zich af en toe een Fred Astaire waande, kon nog net door de beugel, zelfs de electro van “Sweet Dew Lee”, maar niet de Schotse schlager die “I’ll Be Your Pilot” is. Tien Om Te Zien was nooit veraf, en het zou ons geen seconde verbaasd hebben om plots Willy Sommers achter de coulissen te zien opduiken.
Sarah Martin is misschien wel een gezellige tante (toon dat wel niet op een podium zeg!), maar af en toe hoorde je wel eens een valse noot van haar, wat niet eens te wijten was aan de enkeling in de zaal die het nodig vond om bijna de hele set ongevraagd te staan mee klappen en de liedjes luidop absoluut mee wilde neuriën.
Ook Stuart ging net iets te vaak over de lijn. Zelfs “The Boy From The Arab Strap” ging compleet de mist in. Niet zo zeer omdat de zes het nodig vonden om een paar mensen uit het publiek op het podium uit te nodigen (als je geen kwaliteit meer kan leveren, doe je inderdaad misschien maar beter beroep op de feelgoodfactor), wel omdat hij het nodig vond om oeverloos met deze gegadigden te zitten kletsen. Leuk voor hun, slaapwekkend voor de rest.

We zagen tevreden gezicht, maar minstens even veel twijfelachtige. Als je als band ooit het warm water uitvond en jaren nadien er alles moet uitpersen om alsnog de term middelmatig te verdienen, dan weet je eigenlijk dat je maar beter de witte vlag bovenhaalt …

Met dank aan Luminousdash.com www.luminousdash.com

Organisatie: De Roma, Antwerpen

Beoordeling

David Nance

David Nance - Pretentieloos en meeslepend

Geschreven door


De eerste band, Topanga (Brugge/Gent) had een hele schare supporters, inclusief gillende meiden (dat was lang geleden!), weten te mobiliseren. En één ding moet je ze nageven, Topanga had een frontman bij die naam waardig. Een wonderbaarlijke kerel, strak in het pak, zo strak zelfs dat een broekspijp volledig openscheurde toen hij zich aan een dansje waagde in het ledige (het publiek had zich weer knus rond de toog teruggetrokken) halfrond voor het podium. Er viel dus wel wat te beleven. De vier brachten dansbare synthpop waarin je met een beetje goede wil krautrockinvloeden of een enkele keer een Sonic Youth gitaartje kon horen. Maar de meeste tijd hoorde ik niets dan opdringerige synths, iets waar de jeugdiger medemens ongetwijfeld vrolijk van wordt maar bij mij dus niet werkte. Toch benieuwd wat de jongens ervan zullen bakken in de Rock Rally.

David Nance maakte, wat mij betreft, met “Negative boogie” één van de beste platen van 2017. Nooit eerder had ik iets van deze kerel uit Omaha, Nebraska gehoord. Toch bleek dat hij reeds jaren aanmodderde met als resultaat een kluwen van cassettes, cd-r’s en enkele vinylplaten. Zo nam hij ook een paar dingen op met Simon Joyner, die in 2016 ook al de 4AD bezocht, waaronder een complete herneming van de Stones LP ‘Goat’s head soup’. Dat opnieuw opnemen van een volledig album blijkt een hobby van hem te zijn. Zo nam hij ook ‘Berlin’ van Lou Reed, ‘Beatles for sale’ en ‘Doug Sahm and Band’ onder handen. Een ander aanknopingspunt is dan weer Brimstone Howl (nog in de Pit’s gezien) met wie hij uitgebreid de hort op ging. Toch is ‘Negative boogie’ zijn eerste ‘serieuze’ plaat, hoewel... Het hele zootje werd in amper één dag opgenomen.
De verwachtingen waren hoog maar vanaf het eerste nummer wist je dat dit goed zat. Die opener “Poison”, een homp bloeddoorlopen rock, klonk me zo bekend in de oren dat het wel een cover moest zijn. Ik heb me suf gepiekerd zonder resultaat en ook op zijn onoverzichtelijke discografie is het nergens terug te vinden. Na die knaller bleef het mooi, zij het wat anders dan verwacht. Zo duurde het ontzettend lang eer hij een nummer uit zijn laatste plaat speelde. Het enige manco van de avond was dan ook dat hij prijsbeesten als “More than enough (reprise)”, “5,2 and 4” en “River with no colour” op stal liet. Jammer maar hetgeen we in de plaats kregen was ook niet mis. Verre van. Weidse songs met heimwee naar de seventies (niet alles was toen slecht) en meestal voorzien van meanderende gitaar outro’s. Wat klonken die gitaren immer warm en beklijvend, nooit opdringerig, eerder achteloos en geen seconde vervelend. Ik heb het over gitaren, want naast David Nance was er ook nog ene Jim Schroeder die het al even goed in de vingers had. De man had blijkbaar vooraf reeds met een deel van het volk verbroederd want zijn naam werd af en toe gescandeerd. Verder bestond de groep uit de wonderlijke drummer, Kevin Donahue, en de al even doeltreffende Tom May op bas. Met de stompende “hit”, “Negative boogie”, werd het tempo plots gevoelig opgetrokken. Meteen de start van een lange spetterende finale met als definitieve uitsmijter “Coming home”, een verschroeiend epos waarin alle remmen werden losgegooid. We waren nog naar adem aan het happen toen David Nance zich verontschuldigde omdat hij verder geen nummers meer kende. Uiteraard moest hij nog eens terugkomen en ze speelden dan maar twee covers. Eerst de ontwrichtende tearjerker, “Silver wings”, van Merle Haggard, nadat een verdwaalde country liefhebber erom geroepen had, gevolgd door ”Don’t cry no tears” van de onvermijdelijke Neil Young. Want als er één naam was die tijdens dit optreden geregeld door mijn hoofd spookte was het wel de zijne.

Een erg bescheiden David Nance, die er met zijn beslijkte broek eerder uitzag als een grondwerker (wat een contrast met die dandy van Topanga), bleek wat conventioneler dan wat op basis van ‘Negative boogie’ verwacht kon worden. Dat was evenwel geen bezwaar om hem stevig in de armen te sluiten.

Organisatie: 4AD, Diksmuide

Beoordeling

Ghostpoet

Ghostpoet - Tricky in maatpak ... en dat is een compliment!

Geschreven door

De invloed van BBC Radio 6 DJ Gilles Peterson in het spotten en promoten van opkomend talent begint zo stilletjes aan John Peel-achtige proporties aan te nemen. Neem nu de Leftfield MC Obaro Ejimiwe - aka Ghostpoet - wiens eigen beheer debuut EP in 2010 een zodanige indruk maakte op Peterson dat die prompt aan de catalogus van diens eigen Brownswood label werd toegevoegd. De tussentijdse balans na vier full albums oogt zo mogelijk nog indrukwekkender voor een a-commerciële outsider als Ghostpoet: twee van zijn schijven sleepten intussen een prestigieuze Mercury Prize nominatie in de wacht, en uit alle muzikale windstreken duiken collega’s op aan de deur van de opname studio om een gastbijdrage met Ejimiwe te kunnen inblikken.

Met de afgelopen herfst verschenen ‘Dark Days + Canapés’ worp onder de arm leek het dan ook een koud kunstje voor Ghostpoet om de AB Club volledig te doen vollopen. Opener “Many Moods At Midnight” maakte meteen duidelijk aan de fans van het eerste uur dat de tijden van Ghostpoet als eenzame MC on stage definitief voorbij zijn. Tegenwoordig staat Ghostpoet voor een hechte groep die de ongemakkelijke rhymes en stuiterende beats van weleer aanvullen met een organische ritmesectie en ijle gitaren.
Zoals de titel van zijn jongste opus al enigszins suggereert heeft
Ejimiwe inmiddels ook de zwartgallige postpunk van Bauhaus, The Cure en Siouxie ontdekt. Het heeft zijn muziek er een pak donkerder, maar daarom niet minder toegankelijk op gemaakt. De klankkleur van Massive Attack’s claustrofobische meesterwerk ‘Mezzanine’ dat dit jaar 20 kaarsjes mag uitblazen is wat dat betreft een belangrijk referentiepunt. Het mag dan ook geen toeval heten dat de opwarmende DJ Madame Moustache net voor de aftrap nog eens “Angel” uit die plaat door de boxen joeg! Van Massive Attack is het maar een kleine stap naar ene Tricky, die net als Gil Scott-Heron en Roots Manuva in het rijtje invloedrijke muzikale rolmodellen van Ghostpoet past. OK, we hebben Tricky zelden of nooit in een strak maatpak weten steken, maar de zwartgallige voordracht, de schaduwgevechtjes on stage en de serene iewat afstandelijke houding tegenover het publiek refereren onmiskenbaar naar het enfant terrible van de triphop.
Tijdens de anderhalf uur durende set stonden vooral het laatste album en diens al even briljante voorganger ‘Shedding Skin’ (’15) centraal. Beide platen worden bevolkt door tal van gastbijdragen die intussen zodanig stevig met de nummers vergroeid zijn dat elke andere versie inferieur is aan het origineel. Zo klonk het post-triphop juweeltje “Woe Is Meee” in de AB een pak minder urgent door de afwezigheid van de dreigende bariton van Massive Attack’s Daddy G, en kerfde “Shedding Skin” net iets minder diep in de ziel zonder de onderkoelde fluisterstem van Melanie De Biasio. Ter compensatie fungeerde de bijna onzichtbare toetseniste regelmatig als tweede stem, en één keer haalde ze zelfs een viool boven en voorzag hierbij “Blind As A Bat...” van een psychedelisch folkrandje.
Het wereldbeeld van Ghostpoet lijkt wel geïnspireerd door zijn huidskleur: zijn songs zijn doorgaans gitzwarte observaties die in de ik-vorm vertellen over menselijke miserie in al haar vormen. Als tegen het einde van de set het relaas van een bootvluchteling in het ijzingwekkende “Immigrant Boogie” passeert moeten we toch even slikken: “I was dreaming of a better life/With my two kids and my lovely wife/But I can’t swim and water’s in my lungs/So, here it ends, well, life has just begun”. Dat uitgerekend dit nummer vorig jaar werd uitgebracht als vooruitgeschoven single typeert Ghostpoet volledig.

Afsluiten deden
Ejimiwe & co met “Freakshow”, een van postpunk doordrongen triphop epos dat in andere tijden en een betere wereld wekenlang de toppositie van De Afrekening zou moeten innemen. Echter, zo lang nietszeggende ondingen als Imagine Dragons de plak zwaaien moet Ghostpoet zich tevreden stellen met een reputatie als cult hero. Onze platenkast staat er vol van, dus ondergetekende hoor je niet klagen.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Architects

Architects onder de indruk van de sterke respons!

Geschreven door

Architects onder de indruk van de sterke respons!
Counterparts, While She Sleeps & Architects
Ancienne Belgique
Brussel
0
1-02-2018

Het beloofde weer een gezellige avond te worden in het hartje van Brussel want niemand minder dan Architects (die notabene vorig jaar nog als voorprogamma van Parkway Drive in de AB stonden) kwam ons verwarmen als headliner op deze koude donderdagavond. Met in hun zog While She Sleeps en Counterparts.

We waren juist op tijd aangekomen om nog een deel van de Canadezen van Counterparts mee te pikken. De zaal was nog niet helemaal vol gelopen voor de agressieve/melodische hardcore van deze mannen maar dat deerde de band duidelijk niet. Nummers als 'Choke', 'Haunt Me' en 'Witness' werden door de diehards van voor aardig mee gebruld. Herhaaldelijk vroeg de zanger en gitarist om een moshpit en circlepit maar het was duidelijk nog vroeg voor de meesten. Afsluiten deden ze met 'The Disconnect'. Aardig begin van de avond maar toch was het duidelijk dat de meeste hier kwamen om wat er hierna allemaal te gebeuren stond inclusief mijzelf.

Klaar om de volgende band te checken. Beginnen deden ze met 'You Are We' en het was al snel duidelijk dat de mannen van While She Sleeps volle gas vooruit zouden gaan want echt veel tijd hadden ze niet om de zaal te doen ontploffen. Maar dat hadden duidelijk ze niet nodig ook. De zanger liet het publiek in no time uit zijn hand eten en raasde als een bezetene over het podium. Nummers als 'Civil Isolation', 'Seven Hills', 'Brainwashed', 'Death Toll' en 'Four Walls' passeerden de revue. De positieve energie tussen het publiek en de band was te voelen tot op het laatste stoeltje bovenaan. Als voorlaatste nummer speelden ze 'Silence Speaks' weliswaar zonder Oli Sykes maar dat was duidelijk niet nodig om de menigte met de teksten te laten schreeuwen. En na de dollemans rit waren we helaas al aan het laatste nummer gekomen, want op de tonen van 'Hurricane' was het al aftellen naar de headliner .

Het was tijd voor Architects en aangezien de zaal beneden helemaal vol was en er bijna geen plaats meer was om te bewegen besloot ik boven aan te staan want ik wou de show op het podium niet missen. Ik zag de band nog deze zomer op Graspop maar vond dat het geluid niet echt geweldig was en hoopte dat dit deze avond anders zou zijn en zo was het ook. Van in het begin werd je door Sam Carter en de rest meegenomen in een reis door de meeste van hun albums. Beginnen deden ze met 'A Match Made In Heaven' en 'Downfall' van hun recenste album All Our Gods Have Abandon Us, later in de set was het ook nog de beurt aan 'Gravity', 'Deathwish'. De vlam zat dan al goed in de pijp, en de het was eigenlijk overbodig te vragen of de energie goed zat. Ook het Lost Forever/Lost Together album mocht niet ontbreken. O.a. 'Naysayer', 'Broken Cross', 'Dead Man Talking' en na 'The Devil Is Near' was het tijd voor een speach zoals alleen Sam Carter het kan over dat iedereen gelijk is, dat er al genoeg haat in de wereld is. En van hun album Daybreaker speelden ze 'Black Blood' & 'Alpha & Omega' . Rascisme, homofobie is een ziekte en iedereen zou moeten ingrijpen als ze dit zien gebeuren.  Zoals ik al zei was de zaal beneden vol maar toch kregen ze tijdens 'Phantom Fear' toch een moshpit/wall of death voor geschoteld. Er was nog 'tijd' voor 2 nummers. Eerst was 'Gravedigger' aan de beurt . Daarna speelden ze als hommage aan het overlijden van Tom Searle (hun gitarist en de persoon die al de teksten schreef en in augustus vorig jaar de stijd tegen kanker had verloren) 'Doomsday' waarbij er bij mij toch wat haar op mijn armen recht kwam. Hij bedankte het publiek om te komen kijken naar hen en kon de massale belangstelling niet geloven (dit heeft hij wel tienmaal gezegd). En het licht ging uit.
N
atuurlijk kwam de band nog eens op het podium voor het overlijden van hun dierste vriend Tom Searle. En als afsluiter nog 2 nummers van hun laatse album 'Nihilist' en 'Gone With The Wind'. Een meer dan geslaagde show, waarbij je het gevoel had dat het nog wel een uurtje mocht doorgaan zo. En een terechte headliner waarbij het niet kon uitblijven dat ze de aAB zouden uitverkocht krijgen.

Setlist While She Sleeps: You Are We – Civil Isolation – Seven Hills – Brainwashed – Death Toll – Four Walls – Silence Speaks – Hurricane
Setlist Architects: Match Made In Heaven – Downfall – Naysayer – Deathwish – Broken Cross – Dead Man Talking – Alpha Omega – Black Blood – Gravity – Phantom Fear – The Devil Is Near – These Colours Don't Run – Gravedigger – Doomsday – Nihilist – Gone With The Wind

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Douglas Firs

Douglas Firs - Americana ruist overtuigend door onze naaldtakken

Tijdens het Gentse lichtfestival konden de fans van Douglas Firs hun hartje ophalen in de oude Gentse bibliotheek, dat nu bekend is als NEST. Gertjan Van Hellemont zorgde voor een prima presentatie van hun nieuwste plaat, ‘Hinges of Luck’.

De band begon dan ook met “The Both of Us” een topnummer van die derde langspeler. Een song vol melancholie, maar vooral in het begin. Het nummer switcht al snel naar het stevigere gitaarwerk, waardoor het publiek wel scherp wordt gehouden. Van Hellemont en kompanen waren zeker niet zinnens om er een setje op ‘automatique’ van te maken. Ook zo in “Caroline”, dat een beetje scherper klonk dan vroeger, op “The Long Answer is No”. Uitschieters in de stem, een mondharmonica en een korte gitaarsolo zorgden daarvoor. Toch tijd voor een meer up tempo nummer, moet de singer-songwriter hebben gedacht, want met “Everything is a Lie” kregen we wat snelheid in de set, met een stevige bas. Het is waarschijnlijk het meest Amerikaans klinkende nummer in de Americanastijl die Douglas Firs wel heeft.
Een heel mooi begin dus, jammer dat daarna even wat geluidsproblemen waren bij bassist Simon Casier (ook bekend van Balthazar en Zimmerman). Gertjan loste het sympathiek op met een kort praatje. Sympathieke gast eigenlijk, zonder valse bescheidenheid. Dat geldt trouwens voor de volledige band, dat zo ‘down to earth’ overkomt dat je je bijna begint af te vragen hoe ze überhaupt aan een indie band zijn begonnen. Waarschijnlijk omdat het zo’n fantastische muzikanten zijn, talent drijft boven. Beste voorbeeld daarvan was Cleo, dat op haar verjaardag even kwam meezingen tijdens “How Can You Know”, een ingetogen liedje dat veel weg had van Angus & Julia Stone. Daarna kregen we “Montréal”, geschreven op de eerste dag in Canada met heimwee naar huis en met een speciaal gestemd en twinkelend akkoord. Dat deed Gertjan Van Hellemont even alleen, bij “The Waiting Around” haalde hij Cleo en zijn broer, toetsenist van de band terug op het podium. “Er staan ook vrolijke liedjes op de nieuwe plaat”, begon de zanger. “Maar die zijn volgens mij al allemaal geweest.” Waarna we één van de mooiste nummers van de avond te horen kregen.

Het optreden kon ondertussen niet meer stuk, het publiek was in vervoering. Toch kregen we nog enkele toppers om af te sluiten. Het zachte “Undercover Lovers” met fantastische hoge zang. “The Long Answer is No” met beats als van een denderende trein.
En “Judy” van ‘The War On Dr…’, euhm, ‘Douglas Firs’ dus. Ze maakten een heel mooie set compleet.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/douglas-firs-31-01-2018/
Organisatie: Democrazy, Gent

Beoordeling

The Strypes

The Strypes – Het dak eraf!

Geschreven door

Gisteren was het podium in de AB weggelegd voor de Ierse rockband The Strypes. Het jonge viertal zette de zaal van begin tot einde in vuur en vlam en we rolden weergaloos van het ene nummer in het andere. Hun oudste lid is dan misschien wel maar 22, hun muziek klonk nog nooit zo volwassen.

Vóór het jong geweld op ons wordt losgelaten, beklimt Max Meser het podium. De 25-jarige Brit brengt Britpop power ballads die ons met momenten doet denken aan The Last Shadow Puppets. Deze vergelijking komt misschien door het lichtblauwe kostuum van de bassist of de Miles Kane-waardige gitaarsolos. Met “Weak For Love” haalt Meser zijn meest swingende rockabilly kant boven en toont hij waarom hij een perfecte opwarmer is voor The Strypes.


The Strypes, die sinds 2010 bestaan en afkomstig uit Cavan, zijn aan hun derde langspeelplaat toe, namelijk ‘Spitting Image’. Ze waren onder andere al te bezichtigen op Rock Werchter en Dour, dus een Belgisch podium is voor hun geen onbekend terrein.
Vanaf de eerste minuut was duidelijk wat de bedoeling was van de Ieren. Misschien ietwat te enthousiast wilden ze het publiek meekrijgen met hun show. De gewillige toeschouwers kregen amper tijd om te ademhalen maar dat bleek geen probleem. Vlak voor bassist Pete O’Hanlon ontstond er ook snel een moshpit die anderhalf uur ononderbroken zou duren. Ook hijzelf genoot daar duidelijk van.
De mannen van The Strypes zijn ieder op zich wel wat speciaal. Veel gekkere bassisten zullen we nog niet gezien hebben. Laten we hopen dat hij goeie schoenen aanhad, wat hij heeft een redelijke afstand afgelegd op dat podium. De gitarist zorgde dan weer voor een ander hoogtepunt, want die speelde het refrein van “Blue Collar Jane” feilloos met de gitaar achter de rug. Ook het gesynchroniseerd schudden van de hoofdjes kon het publiek duidelijk smaken.
Op een avond die praktisch perfect liep waren er hier en daar toch enkele mankementjes. De drummer was iets te ijverig waardoor een nummer na 30 seconden eens herstart moest worden, een gitaar moest op het podium opnieuw volledig gestemd worden, maar dat werd ze haast direct vergeven door het publiek.
Hoewel hun muziek op plaat soms wat eentonig en niet zo actief klinkt, kunnen we wel zeggen dat ze live een prestatie van jewelste neerzetten. Een betere workout dan 90 minuten genieten van Ross Farrelly is er waarschijnlijk niet. Een ongetwijfeld hoogtepunt was er wanneer de hele zaal door de knieën ging om op het refrein van “Scumbag City” recht te veren.
“This was the best f*cking gig of the whole tour.” luidde het bij gitarist Josh McClorey.
De mensen in de zaal zagen ook hoe sterk The Strypes uit de hoek kwamen, wat resulteerde in iemand die hier en daar op het podium klom of nummers die luidkeels meegezongen werden. Een meezingmoment moest zelf onderbroken worden door een cover van “Psycho Killer”, origineel van Talking Heads.

The Strypes hebben nu wel overtuigend bewezen dat ze live ijzersterk zijn, en dat ze hun nummers tot in de puntjes beheersen. Een geslaagde avond vol rock, geduw en vliegende drumsticks.

Setlist: Rollin’ And Tumblin’ - Eighty-Four - Cruel Brunette
- (I need a break from) Holidays - Black Shades Over Red Eyes - Hometown Girls - Grind And Bear It - Freckle And Burn - Easy Riding - Angel Eyes
Get Into It - Behind Closed Doors - Great Expectations - Mystery Man - What a Shame – Still - Gonna Drive You Home - Scumbag City
- Heart Of The City - Blue Collar Jane

Ism Dansende Beren www.dansendeberen.be

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Adrian Crowley

Adrian Crowley is wel heel erg minimaal in de 4AD

Geschreven door


De 4AD was goed gevuld voor een triootje op zaterdagavond. We pikten nog de laatste nummers mee van de Londense Nadine Khouri, die op haar door John Parish geproducete plaat ‘The salted air’ ook hulp kreeg van de hoofdact van vanavond, Adrian Crowley. Te kort dus voor een beoordeling, het klonk allemaal nog al spaars, de nummers die we achteraf googelden, klonken niet slecht: een beetje pop noir, veel sfeer, iets voor fans van Mazzy Star en This Mortal Coil: minimaal, maar toch naar een hoger plan gebracht door de productie van Parish.

Head Full of Flames is een viertal uit het Brusselse dat al een tijd bezig is, maar voorlopig wat onder de radar blijft. De band ontstond aan het Leuvense Lemmensinstituut, en de bassist, Pieter-Seaux, ken je wellicht beter van bij het duo Hydrogen Sea. Head Full of Flames brengen rustige, knap opgebouwde gitaarfolk, je kan ze nog het beste vergelijken met Isbells. De nummers zitten goed in elkaar, de percussie legt subtiele accenten, en de zang mag er zeker zijn. Echte wintermuziek, die melancholisch is maar toch voldoende dynamiek vertoont.

Adrian Crowley staat altijd garant voor kwaliteit. Dit is ook zo op zijn nieuwe plaat ‘Dark Eyed Messenger’, waar hij zijn gitaar achterwege laat, en zijn bariton laat begeleiden door een mellotron. De Ier wordt dan ook heel hoog gewaardeerd door de critici, maar bij het grote publiek blijft deze 50-jarige folkie toch miskend. Crowley tourt dan ook heel low-key door Europa, en dat was eigenlijk het grootste probleem vanavond: bij gebrek aan opsmuk door een begeleidingsband klonk Crowley wel heel spaars: het eerste deel van de set speelde hij gitaar, in het tweede deel begeleidde hij zichzelf op mellotron, maar in beide gevallen was het zeer minimaal, en dit ten koste van de sfeer: stel je voor dat Nick Cave zijn ‘Skeleton tree’ zonder Bad Seeds had opgenomen, dan kwam je ongeveer uit bij wat Crowley vanavond in de 4AD bracht.
De Ier begon er aan met “Silver Beech tree” uit zijn nieuwe album, dat de hoofdbrok vormde van de set. Wij leerden Crowley kennen in 2013, toen we hem aan het werk zagen in de Nijdrop, en qua podium-act was dit heel gelijklopend: Crowley babbelt tussen de nummers door met het publiek, maar voor mij mocht er gerust meer swung en melodie in de uitvoering zitten: het was soms wel erg traag en erg parlando. Toen stelde Crowley zijn plaat ‘I see three birds flying’ voor, en ook vanavond bracht hij met “Fortune teller song” een nummer uit die meer gitaargerichte plaat.
Crowley heeft een goede muzieksmaak, dankzij hem kennen we nu ook een obscure song van The Velvet Underground, “Ocean”, en daar zijn we blij om. De beste songs deze avond waren “Catherine in the dunes” , “Valley of tears”, oud-testamentische hel en verdoemenis in de stijl van Dave Eugene Edwards, en “Unhappy seamstress” waarin hij ons terugvoerde naar de kindertijd met een opwindmuziekdoos: we hebben er ooit ook nog één gehad die “Te Lourdes op de bergen” speelde, dit exemplaar speelde een andere maar even krakkemikkige melodie. Afsluiten deed Crowley met een cover van een van zijn grote voorbeelden, Lee Hazlewood’s “My autumn’s done come”.

De platen van Crowley kunnen we aan iedereen aanbevelen, zijn optredens kunnen een begeleidingsband gebruiken, Crowley is geen Luka Bloom die met zijn gitaar een hele concertzaal kan begeesteren, daarvoor is zijn muziek ook te donker.

Organisatie: 4AD, Diksmuide

Beoordeling

Pagina 142 van 386