logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

giaa_kavka_zapp...
Deadletter-2026...
Johan Meurisse

Johan Meurisse

zaterdag 15 mei 2010 02:00

Affiche Couleur Café 2010 - compleet

Couleur Café 2010 – affiche compleet
De affiche van onze 21ste editie is volledig … zie verder de programmatie
Met trots stellen we 4 knallers voor en zes Wanted!-artiesten. Papa Wemba, Rox en Selah Sue vervolledigen onze line-up op vrijdag. De Afrikaanse band Mokoomba staat zondag op ons Fiesta-podium en de zes Belgische Wanted!-groepen openen elke dag het festival in de Fiesta-tent.

VOLLEDIGE LINE-UP MET 4 NIEUWE NAMEN
Couleur Café 2010 belooft een sterke editie te worden met een aantal topnamen die we niet meer opsommen. We hebben dit jaar uitzonderlijk veel straffe vrouwen uit alle muziekgenres en we focussen op Congo met verschillende generaties artiesten die de Congolese muzieksien vertegenwoordigen. Reggae en ragga-fans worden ook in de watten gelegd en opmerkelijk is de opkomst van Colombiaanse artiesten.
Selah Sue (Be):
Een van onze Wanted!-laureaten 2009 die door het Couleur Café-publiek omarmd werd. Dit jaar nodigen we dit jonge talent opnieuw uit met haar spiksplinternieuwe band om vrijdagavond het Univers-podium te openen. Ze doet deze zomer slechts een select aantal zomerfestivals. Mis dit niet!
Rox (Jam/Iran): U kent ongetwijfeld haar catchy zomernummer ‘My Baby Left Me’, en er staat nog meer fraais op haar debuutalbum dat begin juni uitkomt. Op zondag 9 mei stond deze jonge Britse soulzangeres met Jamaïcaans-Iraanse roots op Les Nuits Botanique waar ze vergeleken werd met Lauryn Hill (de volledige concertbespreking van De Standaard staat op onze mediasite).
Papa Wemba (Congo): De koning van de Congolese rumba rock maakt een sterke comeback en kon niet ontbreken in dit Congo-jaar.
Mokoomba (Zimbabwe): Vorig jaar stond de groep geprogrammeerd, maar kreeg geen visum. Deze keer is deze winnaar van Music Crossroads, een wedstrijd voor muzikaal talent uit zuidelijk Afrika, zeker van de partij. Mokoomba staat voor aanstekelijke Afro-fusion en traditionele Tongaritmes.

6 WANTED! GROEPEN + COULEUR CAFE TV
Sinds 2006 zoekt Couleur Café nationaal talent onder de noemer Wanted!. We willen muzikale grenzen doorbreken en groepen sensibiliseren die er niet aan zouden denken zich aan te bieden voor het Brusselse festival. Dankzij Couleur Café kunnen Vlaamse artiesten zich voorstellen aan onze Franstalige landgenoten en viceversa. Dit jaar hebben we voor Wanted! samengewerkt met vi.be, het muzikantenplatform van Poppunt en met hun Waalse tegenhanger Court Circuit.

Uit de 330 dossiers die we dit jaar ontvingen van groepen, fanfares en dj’s van eigen bodem heeft de Wanted!-jury 6 groepen gekozen die zichzelf op 25, 26 of 27 juni komen bewijzen in de Fiesta-tent. De 3 dj’s die elke avond mogen afsluiten in de Dance Club zijn nog niet gekozen.

Nieuw: vanaf woensdag 12 mei kan u kennismaken met elke Wanted!-artiest op Couleur Café TV (i.s.m. Moodio.TV) op onze website.

De zes Wanted!-groepen + 1 reprise
De in Congo geboren zanger Fredy Massamba tourde jarenlang met Tambours de Brazza en werkte ook samen met Zap Mama, Mos Def en The Roots. Zijn solo-album Ethnophony is een Europees-Afrikaanse mix van hiphop, funk en Afrikaanse ritmes.
1060: Brusselse souljazz rond zangeres Joy Simar en componist Renoar Hadri.
La Chiva Gantiva: Rasechte Brusselse band met Colombianen, Chilenen, een Fransman en een Belg die Colombiaanse ritmes met een rocktwist brengen. Vernieuwend en origineel.
Scylla : Brusselse klassehiphop.
Rootman J and the Zionyouth Crew is een rootsreggae band rond de in Afrika geboren maar in Limburg gevestigde multi-instrumentalist Rootman J. Hun debuut Destined Destination verscheen onlangs.
Fanfare de Belgistan is een van de beste feestfanfares van het land die Jazz, Balkan, Marrokaanse Gnawa en Oosterse muziek op aanstekelijke wijze tot hun eigen Belgistani sound mixen.

En dan nog één Wanted!-herkansing. Human beatboxer Primitiv komt uit de Wanted!-lichting van 2009, maar omdat zijn korte act toen last-minute vervroegd werd, misten zijn fans zijn optreden. Dus mag hij het dit jaar overdoen.

LINE-UP PER DAG
Vrijdag 25 juni 2010
Titan: Ska P - Rodrigo y Gabriela - Suprême NTM
Univers: Selah Sue - Diam’s – Shantel & Bucovina Club Orkestar – Papa Wemba
Fiesta: Fredy Massamba (W) – Rox - Ben L’Oncle Soul – Choc Quib Town - Ebony Bones
Zaterdag 26 juni 2010
Titan: Beenie Man – Nneka – Femi Kuti - Snoop Dogg
Univers: Féfé – Los Amigos Invisibles - Staff Benda Bilili – Soprano - Queen Ifrica & Tony Rebel
Fiesta: La Chiva Gantiva (W) - 1060 (W) - Scylla (W) - Tres Coronas - Manou Gallo - Speed Caravan
Zondag 27 juni 2010
Titan: Salif Keita - Olivia Ruiz - Nas & Damian Marley - George Clinton
Univers: Danakil – Baloji - Lady Linn & Her Magnificent Seven - Hindi Zahra – Sizzla
Fiesta: La Fanfare du Belgistan (W) – Primitiv - Rootman J and the Zionyouth Crew (W) - Systema Solar - Mokoomba - Wax Tailor

SLECHTS 500 COMBI-CAMPING TICKETS BESCHIKBAAR
De voorverkoop via www.couleurcafe.be  en in de gekende voorverkooppunten loopt zeer goed. Vooral de combitickets en de combi + camping tickets (voorbehouden aan festivalbezoekers die buiten het Brusselse Gewest of in het buitenland wonen), verkopen als zoete broodjes.
Let op: er zijn nog maar 500 combi campingtickets beschikbaar en deze kunnen enkel besteld worden via www.couleurcafe.be .
Er zijn wel nog voldoende dagtickets te koop.
Dagticket: € 34* (€ 42 aan de kassa)           
3 dagen combiticket: € 73* (beperkt aantal)
3 dagen combi+campingticket: € 88* (opgelet enkel via www.couleurcafe.be) * + reservatiekosten
De 3 dagen combi+camping tickets zijn voorbehouden aan +16 jarigen die niet in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wonen / Het festival is gratis voor kinderen onder 10 jaar begeleid door een volwassene.

Een hilarisch leuk avondje potige, zompige, vettige en spacey punkrock’n’roll ondergingen we met de formule die de Bota organisatie voorschotelde met The Black Lips & The King Khan & BBQ Show present The Almighty Defenders.

Een goed gevuld Orangerie ging al meteen plat voor het duo The King Khan & BBQ Show uit Canada. Het duo kwam eind vorig jaar in de spotlights met ‘Invisible girl’, hun vierde cd al trouwens! De verkleedpartij van de heren , het ‘back to basics’ instrumentarium van twee gitaren, een footstepdrums en de harmonieuze en de afwisselende, doorleefde stemmenpracht gaven een opzwepende, dynamische, frisse stijl van ‘60’s Beach Boys, surf rock’n’roll, Elvis’ rockabilly, doowop en punkrock. De ‘two member’ band klonk luchtig, recht door zee, smerig, vunzig, rauw, ruw maar o zo lieflijk, met de gepaste dosis relativering en zelfspot … Zoals we het ruim 20 jaar geleden kenden van Dead Moon. Ook de heren van The Black Box Revelation waren aanwezig onder het publiek en genoten van de performance, wat misschien inspirerend kan werken voor de komende eigen gigs …
Met twee eenvoudige, onnozele versterkers gaven ze een eigen draai aan hun stijl, en hadden ze genoeg om zich rot te amuseren.

Een bekertje bier of een leren jekker vloog al eens door de lucht; de ambiance factor steeg nog op de flower punkrock’n’roll van de uit Atlanta, Georgia afkomstige The Black Lips. Een springerige sound aangevuld met garagerock, ‘60’s Beatlespop, indie en enkele powerfulle en gematigde probeersels, zoals op hun laatste cd; de ongecompliceerde, ongedwongen en aan de jaren ’60 refererende garagesound, de aanstekelijke refreintjes en de (valse) samenzang van het kwartet klonk verwarrend en chaotisch. Ondanks de variatie, rammelde het langs alle kanten en de vocals en het geschreeuw zweefden ergens in het rond. Het enthousiasme van het kwartet en de op in sneltempo volgende songs konden de pret niet bederven, met de gekende single “Bad kids” als hoogtepunt van de set.

En tot slot kwamen leden van de beide bands samen met hun Almighty Defenders . Een uit de hand gelopen, doldwaze postmodern gospel rockshow die ergens baadde in de gewaden van de Polyphonic Spree. Fun, pleasure, music, dope & beer. Een leuk project, maar niks verrassend. Dat ze samen op tour zijn, bracht al de nodige vonken in de Orangerie.

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv les Nuits Bota 2010)

maandag 10 mei 2010 02:00

Faithless kwam, zag én … genoot

Grootse groepen willen nog eens voeling houden met hun fans in kleine zaaltjes …onlangs zagen we nog Editors in een zaaltje van zo’n 800 man (Grand Mix, Tourcoing!). Ondanks de uitgekiende, afgewerkte set zorgde hun coole uitstraling ervoor dat de vonk onvoldoende oversloeg. Andere koek was het met Faithless, de Britse band rond rapper Maxi Jazz en elektronicawonders Sister Bliss en Rollo Armstrong. Tijdens hun set in de AB spatten de vonken er vanaf. Tja, dit was de unieke gelegenheid om zo’n grootse band eens niét in de grote concerttempels aan het werk te zien!
Toen het doorbraakalbum ‘Reverence’ in ’95 verscheen, zagen we de lieflijke, charismatische popdance formatie ook in de AB, maar vanaf dan was het clubcircuit gedaan, want de band oversteeg zichzelf en was enkel nog te zien in de grootste concertzalen en sloot de verschillende festivals af, waaronder hun tweede thuisbasis Rock Werchter. Jawel, Faithless groeide uit tot de festivalband en publiekslieveling van de ‘90’s, die peace, love en unity predikte en voor het ideale samenhorigheidsgevoel zorgde.
De twee vorige cd’s ‘No roots’ (‘04) en ‘To all new arrivals’ (’07) zijn eerder gematigd goed, maar hadden net niet dié bepalende tune en synthtoets van lady Sister Bliss om iedereen in extase te brengen of uit z’n dak te doen gaan.

Afgaande op het unieke zaalconcert van Faithless én de pré-release van het komende album ‘The dance’, hadden we een Faithless als in z’n beste dagen! Wat een return to the front! Moeiteloos plaatste het nieuwe materiaal zich naast de eerste drie platen ‘Reverence’, ‘Sunday 8PM’ en ‘Outrospective’. De grote hits zaten mooi verdeeld binnen de bijna twee uur durende set en werden afgewisseld met de sfeervol zalvende, opbouwende songs en het nieuwe materiaal.
Faithless werd meteen sterk onthaald … een triomftocht op voorhand … “This is for you, Brussels”, prevelde Maxi Jazz en met het nieuwe “Happy”, “Sun to me” en “All races” konden we al genieten van de bezwerende trance en het aanstekelijke Faithless –geluid, wat ons reikhalzend doet uitkijken naar de cd; de dubbele percussie, de elektronica en de zacht aandoende beats werkten in op de dansspieren en brachten de nummers naar een climax. Ze waren inderdaad ‘de warm-up’ naar “God is a DJ”, die de ganse zaal tot ontploffing bracht. Explosies die we verderop nog hoorden in de classiscs “Insomia” en “Salva mae”. Ongelofelijk tot wat die songs in staat waren in de ‘(kleine) AB’ … nét die bezwerende opbouw, de zegraps, de doel-treffende, efficiënte mee neuriënde elektronicatoetsen en de zalvende beats deden iedereen meeklappen en dansen. Momenten die in ons geheugen staan gegrift!
Daarnaast hoorden we nieuw materiaal, dat ons sterk onder de indruk bracht, de bezwerende trancepop van “Feel me now”, met een glansrol voor gastzanger Neil Arthur, die vocaal diep kon gaan en hoog kon uithalen, de opbouwende groove van “Tweak” en de huidige single “Not going home”, die de set besloot en ergens zweefde tussen het origineel op de nakende cd en de remix van Eric Prydz, een lang uitgesponnen versie, opgezweept door de steviger wordende ritmes, beats en percussie. Zelfs een vleugje wave en industrial zat erin verwerkt. Af en toe was er een adempauze, loungemomenten, door het sfeervolle “Everything all right” en “Crazy balheads”. Verder was het genieten van het poprockende “Mass destruction”, het hemelse “Bring my family back” en de lichte grooves van “What about love” en “Bombs”. Intrigerend klonk alvast “Drifting away” door de steeds repeterende gitaarloops.
Door de jaren is Faithless zichzelf gebleven en voelen ze zich allesbehalve ‘God – verheven’ boven alles. In de bis was er de finesse en subtiliteit van “Take the long way home” en het directe “Muhammed Ali”. Tot slot kon iedereen nog eens uit de bol gaan op “We come 1”.

Faithless kwam, zag, én … genoot van het luidkeelse, puike onthaal. Minutenlang lieten een vriendelijke Maxi Jazz en Sister Bliss na het optreden het publiek “We come 1” nog scanderen en mee neuriën. Faithless draagt z’n publiek een warm hart toe, met terechte V-vingers in de lucht … Wat een leuk, ontspannend avondje hebben zij ons bezorgd. Het wordt alvast uitkijken naar de nieuwe plaat, die als een bom moet invallen en ons naar de Werchter weide brengt …

Organisatie: Live Nation

donderdag 06 mei 2010 02:00

Liquid Love

Het NYse duo Shy Child, Pete Cafarella (vocals/toetsen) en Nate Smith (drums), kwamen drie jaar terug in de belangstelling met de cd ‘Noise won’t stop’, een avontuurlijk synth geluid van pop, punkfunk, nu rave en psychedelica.
De groep wordt alvast gegeerd binnen de Klaxons, The Rapture en Friendly Fires- middens, en nestelen zich naast een Late of the pier en Metronomy.
Het duo trekt de kaart van de toegankelijkheid op de opvolger en kan een doorbraak forceren naar een breder publiek en naar de ‘dansminded persons’. ‘Put your danceshoes on’ op de frisse, aanstekelijke deuntjes en beats van hun indie synth- en electropop; de zweverige duo zanglijnen maken het geheel nog wat leuker en aangenamer.
’Liquid Love’ is een vermakelijk plaatje waarbij de eerste songs “Disconnected“ en de titelsong de pijlers zijn voor de rest van de cd; de nummers overlappen elkaar een beetje en bieden weinig variëteit. Lekker in het gehoor liggend, met een referentie naar de ‘80’s electropop van Propaganda en kitsch van Erasure. Enkel de sfeervolle, dromerige afsluiter “Dark destiny” en het meer dan 7 min durende “Criss cross”, een opbouwende, bezwerende trip, tonen aan dat het duo veel meer in huis kan hebben en voldoende afwisseling bieden in z’n synthpop. Het is dan ook het prijsbeestje van de cd.
’Liquid Love’ is een goed plaatje, maar verrast niet, m.a.w. wat meer muzikale diversiteit en inventiviteit was op z’n plaats.

donderdag 06 mei 2010 02:00

Extra Wow

 

Na Animal Collectieve, Fuck Buttons, Shy Child en Archie Bronson Outfit  is er nu uit Portland, Oregon Nice Nice, gecentraliseerd rond het duo Jason Buehler en Mark Shirazi. Ze brachten al enkele platen uit die onopgemerkt bleven, maar door de huidige instroom van de psyche rock / elektronica kunnen we niet meer om hen heen. Integendeel, deze stijl beleeft hoogdagen en het duo stelt ons op de proef met hun ‘post-everything’ geluid: postrock, psychedelica, noise, Indiase world, knetterende gitaren en repetitief opbouwende, intrigerende melodielijnen en bezwerende, opzwepende ritmes.
Het geheel klinkt heerlijk en geflipt door de elektronica, effectpedals en percussie. De band haalt invloeden aan van Pink Floyd, Spacemen 3 ( we mogen de cd’s van Sonic Boom Pete Kember en Jason Pierce terug van onder het stof halen), Spiritualised, Sonic Youth en de Indiase world van Eno – Byrne, Paul Weller en Afro Celt Soundsystem.
Al meteen zijn we onder de indruk van de opener “Set & setting”. En we fronsen de wenkbrauwen op de broeierige, rauwe noise elektronica van “One hit”. Een heerlijk, bedwelmende, zalvende, vettige, onverwoestbare en ziedende sound brengen de heren. Belletjes vliegen om de oren op de bezwerende trips van “A way we glow” en “Big Bounce” en op songs als “See waves” en “A vibration” zouden Eno - Byrne en Spacemen 3 jaloers op zijn.
Ook de finalereeks is er één om U tegen te zeggen … “A little love” – “Double head” – “Make it gold”, door z’n zalvende, relaxte, dromerige, bezwerende aanpak die ons in een ‘andere’, ‘betere’, ‘nieuwe’ wereld brengt en niet vies is van geestesverruimende middelen.
Je leest het, dit is eenvoudig weg een prachtplaat met talrijke variaties en behoorlijk uniek in z’n genre…

 

We zijn alvast blij dat het niet écht Brits klinkende Archie Bronson Outfit terug op het voorplan is met nieuw werk ‘Coconut’. Vier jaar lieten ze op zich wachten en intussen is het Londense drietal uitgebreid tot een kwintet. De heren hadden vroeger een grove baard en waren gekleed in houthakkershemd, nu zijn ze korter geknipt en treden ze op in gekleurde gewaden.
De onversneden portie rauwe, broeierige en opzwepende bluesy gitaarrock’n’roll horen we natuurlijk nog op ‘Coconut’, maar ABO laat de psychedelica meer doorklinken door zwevende synths en baslijnen, stevige ritmes en wahwah golven. De productie was trouwens in handen van Tim Goldsworthy die al eerder z’n sporen verdiende bij LCD Soundsystem, Hercules & The Love affair en The Rapture. Een bredere sound dan vroeger dus, door de intrigerende, bedreven en sfeervolle toetsen en synths, waarbij ze zelfs de ‘80’s wave en punkfunk niet schuwen.
Muzikaal combineren ze Jon Spencer, het oude Cave ( remember de tijd van ‘The firstborn is dead’ (’85) ), Alan Vega, The Kills, The Fall en een dolgedraaid 16 Horsepower met de aanstekelijke groove van Swervedriver, Spacemen 3 en de ‘80’s van The Cure en Gang Of Four, onder de doorleefde, emotievolle zang van Sam Windett.

Ze serveerden een energieke en gevarieerde set met enkele boeiende outtro’s. Een lang uitgesponnen “You have a right to a mountain life/one up” opende de gig. Eén van de twee toetsenisten begon aan een bezwerende trip op een Grandaddy meets Spacemen 3 wijze. De song ging crescendo door de repetitief opbouwende melodielijn en explodeerde toen de andere groepsleden hun instrumenten inplugden en het nummer van een stevige scheut gitaarrock’n’roll en opzwepende percussie voorzagen, bepaald door een galmende, zweverige zang van Windett. Een opzienbarende start! Op adem komen was er niet bij, want “Magnetic warrior” volgde, een snedige psychedelische rocker overstelpt van noisy wahwah pedaaleffects.
Windett voelde vroeger onwennig aan op het podium, nu was hij duidelijk communicatiever, voelde zich goed in z’n vel en stond hij er met z’n band als een huis. Ze hielden het eerste half uur een hels tempo aan met broeierige, krachtige versies van de nieuwtjes “Hoola” en “Wild strawberrys”. De synths plaatsten zich prompt naast de gierende en brommende rock’n’roll en in de rauw rockende uptempo’s van de oudjes “Kink” en “Cherry lips” hadden de synths en toetsen een zalvende werking door hun onderhuidse aanwezigheid. De leden gingen totaal op in hun heerlijk bedwelmende soms overstuurde herrie.
En dat ABO goed geluisterd had naar de invloedrijke jaren ’80 hoorden we in “Shark’s tooth” door dat tikkeltje ‘80’s waverock op z’n Cure’s, terwijl “Chunk” het meer moest hebben van de ‘80’s funkende (punkfunk) dance van Talking Heads, Gang Of Four en A certain ratio en het zelfs kon gelinkt worden aan het oude TC Matic en Lavvi Ebbel. Ze werden afgewisseld met de ruwe “Kangaroo heart” en “Dart for my sweetheart”, die door de bluesy slides intens beklijfden. Het sfeervolle “Bite it & believe it”, ergens tussenin de songs, was de meest gelaagde pop in de set.
De band raasde door de pittoreske Rotonde met een ongemeen rauwe “Harness”, die alle ABO ingrediënten samenbracht en het overgoot van elektronicableeps en pedaaleffects. Een schitterende versie die ervoor zorgde dat de band ‘God’- verheven werd en het publiek uit z’n dak deed gaan.
Een leuk rockende bis breidden ze er nog aan, met een avontuurlijke “Cuckoo” die door een sitarklinkende gitaar en gedoseerde synths duidelijk breder klonk; tot slot speelden ze een doorleefde broeierige “On the shore” en een hyperkinetische “How I sang dang”, door de ‘hoempapa’ opzwepende ritmes.

De psyche elektronica en punkfunk is in de moddervette garagerock van ABO doordrongen, biedt duidelijk een meerwaarde en heeft live een verslavende werking. Onverwoestbaar en ziedend! Na de MaZ in Brugge eerder deze week, moest de Bota eraan geloven …

Peggy Sue: met een referentie aan Buddy Holly speelden de dames Rosas Rex en Katy Klaw uit Brighton dramatiek met een rauw randje! De dames maken deel uit van de huidige lichting vrouwelijke sing /songschrijfsters, integreren Feist, Cat Power en Joan As Policewoman in hun dromerige folkypop en maken bochten naar de ruwe bolster van Sleater-Kinney; op die manier doen ze onrechtstreeks denken aan een rauwe Indigio Girls en Tegan & Sara. Ze staan in de spotlights met de cd ‘Fossils and other phantoms’.
Ze boden een overwegend boeiende set door zachte strelingen en ruwe partijen, de sfeeropbouw en de vocale samenzang en - pracht. De emotionaliteit klonk door en ze wisten van zich af te bijten.

Naast het dance event in de Chapiteau met Kalkbrenner – Shameboy schoot de Bota - organisatie ook raak in de Rotonde met ABO …

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Bota 2010)

Arid liet in 2008 terug van zich horen met ‘All things come in waves’. Na de eerder break, de solo uitstap van Jasper en het langdurig herstel van toxoplasmose, waren ze ‘alive & kicking’, behielden hun Vlaamse fans en wonnen zelfs zieltjes in Wallonië en Frankrijk.
De opvolger ’Under the cold street lights’ versmelt de eerste twee platen tot één en zorgt ervoor dat het rockende aspect van de comeback in 2008 werd doorgezet. De melodieus emotievolle poprock en de weemoedige ballads kregen een flinke scheut venijnigheid en klonken rauwer en steviger; de toetsen namen een prominente rol in, zonder aan de melodielijn in te boeten en tot slot werden Jaspers vocale capriolen tot een minimum herleid. zijn. Er wordt zelfs meer de kaart getrokken van dubbele zanglijnen, wat een duidelijke meerwaarde is.

Het tot een trio gereduceerde Arid, Steverlinck – Du Pré - Van Havere, wordt live aangevuld door een bassist en een toetsenist en net als op plaat krijgen we een stevig eerste half uur, een puur rockende band, die z’n instrumenten laat spreken, “Something brighter”, “Broken dancer” en de single “Come on”. Ook “Tied to the hands” klinkt directer dan op plaat.
Steverlinck betrok de eerste rijen bij de nummers en leek het icoon van de ideale schoonzoon wat te zijn ontgroeid. Dan hadden we een Arid als vanouds met het gekende recept van een afwisselende, gevarieerde aanpak en emotionaliteit, de aanzwellende partijen van “All will wait” en de intens broeierige, spannende ‘emohitwonders’ “Too late tonight”, “You are” en “Believer”, die het hemelse, hoge en heldere stremgeluid van Jasper in de spotlight plaatste. De melodieuze finesse kwam centraal en was de aanzet om nog sfeervoller en intiemer te klinken met “Mindless”, waarin Jsper deels experimenteerde met pas opgenomen vocals als tweede stem, “Seven odd days”, die kleur kreeg door het pianospel, een sfeervolle “Little things of venom” door een diepe basstune en een bezwerende percussie, en tot slot een dromerig opbouwende “All that’s here”. De vaart was ietwat uit het optreden, maar liet ons lekker wegdromen in hun gevoelswereld … en deed de vrouwenhartjes sneller slaan. Jawel, Arid blijft nog steeds gegeerd door het vrouwendeel en werden hoedanook warm onthaald.
Na het ingetogen middendeel sleutelden de heren aan de volumeknop, wat een snedige “Customs of gold” en “Why do you run” opleverde. Avontuurlijker ging het eraan toe met “When it’s over” en “Life”, die elan had door Du Pré’s steelpedal en eindigde in een gitaarbrij. Arid liet z’n tanden zien waarbij de poprockende melodie verrassende en onverwachtse wendingen kon ondergaan.
De dromerige, broeierige opbouw, de subtiliteit en de onderhuidse spanning hoorden we in de veelzijdigheid van de bis met een sfeervolle “Me & my melodie”, “Words” en “If you go”, die telkens naar een mooie climax gingen. Tot slot speelde Jasper een ingehouden, sobere, breekbare “Lock & chain” op akoestische gitaar.

Arid is bezig aan een heuse clubtour, na de twee succesvolle optredens in de AB. Ze slagen in een goede act en présence, hebben een ruwe muzikale bolster en zorgen voor variatie in hun rock en balladvoer, waardoor ze de fans van het eerste uur niet verliezen, rockfanaten winnen en jongeren aantrekken.

Het Limburgse Roadburg en The Galacticos zijn muzikale broertjes van elkaar in die zin dat twee leden deel uitmaken van beide bands, zanger Siegfried Smeets van Roadburg speelt toetsen bij The Galacticos en zanger Thibaut Vaninbroukx van The Galacticos speelt gitaar bij Roadburg.
Roadburg stelt dromerige indiepop centraal en is bijgevolg eerder het donkere broertje. Live moest Roadburg eerst nog wat dreef komen, want de eerste songs waaronder de mooie psychedelische “Plenty of peace left” en “Peel me” gingen wat de mist in door de zwaar aangezette partijen en de ruwere (rommelig aandoende) aanpak. Vanaf “Heaven’s trash” klonk het kwintet evenwichtiger en kwamen de meeslepende, zweverige, sfeervol opbouwende indie kenmerken naar boven, met puike versies van “Don’t lose your luster” en “Instant flowers”, die het enthousiasme en de muzikale tristesse versmolten.
De band speelde leuke opwindende, catchy rock, maar moest af en toe iets bijstellen om de ganse tijd te boeien!

Organisatie: Democrazy, Gent

donderdag 29 april 2010 02:00

EP

Muffler Men is een kwartet uit Oost-Vlaanderen, die het houdt op de ‘90’s melodieuze grungerock van bands als Stone Temple Pilots, Alice In Chains en de subtiliteit toevoegen van een Foo Fighters, The Posies en QOSA. De drie songs op de EP “Every piece of you”, “Shiver” en “Killer on the loose” zijn leuke, broeierige snedige rockers, die oog hebben voor finesse en een broeierige spanning.
MM heeft wat in z’n mars en beschikt over heel wat rockcapaciteit.Bijgevolg smaakt dit duidelijk naar meer. Nu nog dat tikkeltje eigenheid en de spotlight kan terecht op hen worden geplaatst.

Info op http://www.myspace.com/mufflermen

donderdag 29 april 2010 02:00

Me Versatile Me

Het bleek verdacht stil na haar zangcarrière met Delavega, maar de beloftevolle soulzangeres Lize Accoe nam de tijd te werken aan haar soloplaat ‘Me Versatile Me’. Het is een gevarieerde plaat geworden van sfeervolle broeierige soulpopsongs, die soms een flinke scheut funk’n’groove opgegoten krijgen, onder haar warme, bezwerende en emotievolle heldere vocals.
Ze werkte samen met Peter Revalk (remember Wizards Of Ooze) en mixer Steve Greenwell uit New-York. Ze verzamelde een weldegelijke band rond haar en bracht een uiterst evenwichtige plaat uit. Een breed instrumentarium, kleur gegeven door piano-toetsen, blazers en een indringende bas.
Fris aanstekelijk en dansbaar klinken “Don,’t believe” en “Reminisce”, die door de huppelende ritmes, ‘70’s toetsen en funkende swing op de dansspieren werken; “Bolder” krijgt een G Love & Special Sauce tempo/swing mee of ze geeft nummers meer ademruimte, als “Need some sleep” en “I will”, die rijk, subtiel en broeierig zijn.
Zij toont alvast solo aan een soulfenomeen in spé te zijn, die onderhuids Mary J. Blige, Macy Gray, Erykah Badu, Lauren Hill en Leela James naar de kroon steekt, met haar afwisselend materiaal, die de gedroomde doorbraak moet betekenen naar een breder publiek.
We waren onder de indruk van haar performance met uitgebreide band en backing vocalistes als support van Joss Stone, want ze maakte er een party & cocktailfeestje van !
”Enjoying music/life to its fullest”, voegt ze er aan toe  … dat is bij deze genoteerd …

Info op http://www.myspace.com/lizeaccoe

donderdag 29 april 2010 02:00

The long & dangerous sea

De groepsleden van het Nederlandse Moke hebben al een verleden bij andere bands die het binnen de Britpopscène houden. Inderdaad de band draaiende rond Felix Maginn (zang/gitaar) en gitarist Phil Tilli hebben een sterke tweede cd uit, die het debuut ‘Shorland’ van 2007 opvolgt  … én overstijgt. Hun songs hebben een spannende, broeierige opbouw, krijgen kleur door de weelderige arrangementen en elektronica en worden gedragen door de warme stem van Maginn.
De songs zijn mooi uitgewerkt en staan pal naast de return van Echo & The Bunnymen. Meer zelfs, Ian McCulloch kan misschien bij deze heren even aankloppen om te horen hoe hij nog een best een popsong schrijft! Ze hebben alvast de kunst om te beroeren en te ontroeren door die gitaarlagen en fijne melodielijnen. Ze spelen ten dienste van het liedje en hebben hiermee en heel overtuigende, heerlijke plaat uit, luister maar eens naar “Love my life”, “Switch”, “Nobody’s listening” en de titelsong.
Nederlandse band die het verdient zich te onderscheiden van die hippe (Nederlandse) hiphopscène en nog iets muzikaals kan betekenen na het verhaal van Johan …

Pagina 134 van 180