logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Editors
Editors

Zornik

Crosses

Geschreven door

Zornik neigde de voorbije jaren te verzanden in meligheid, wat aan eigenheid inboette en hen deed opslorpen binnen de Muse bombast.
’Crosses’ is een van energie barstende nieuwe plaat, die een frisse indruk nalaat door enkele aanstekelijke, snedige, rauwe poprocknummers als “Black hope shot down”, “The backseat”, “Sad she said” en “No”. Ze zijn ondertussen een kwartet, wat een voller geluid biedt en het geheel ten goede komt. “Go” is zelfs nog straffer door z’n strakke aanpak. Ademruimte krijgen we op de trage pianoslepers ‘Straight to the bone’ en ‘There she goes’, die mooi in elkaar overgaan. En Zornik hoeft zelfs z’n catchy rock niet te schuwen, “Lost & Found” is zo’n typische classical. De ‘80’s elektronica klinkt niet té nadrukkelijk.
Puik plaatje van Buyse en de zijnen en … nét op tijd om muzikaal te variëren.

Battleroar

To Death and Beyond

Geschreven door

Genaamd naar een zin uit het Heavy Load nummer “Singing Swords”, proberen de Grieken van Battleroar de traditie van pure onversneden Heavy Metal vanuit een epische benadering verder te zetten. Hierbij laat men zich inspireren door legendes als Manowar, Manilla Road, Jag Panzer, Omen en natuurlijk ook Heavy Load zelf.
Met ‘To Death and Beyond’ is deze band toe aan zijn derde volwaardige langspeler. Dat men niet aan zijn proefstuk toe is, wordt al onmiddellijk duidelijk. Het acht minuten durende openingsnummer “The Wrathforge” laat namelijk al meteen een enorme indruk. Na een spanning opbouwende intro, galoppeert de rhytm-guitar erop los, aangevuld door melodische leads. Met heroïsche vocalen doet Marco Concoreggi zijn intrede op het album. De zuiders getinte vocalen doen bij momenten denken aan de sfeer die rond Manilla Road hangt, wat enkel een compliment kan zijn! Vooral naar het einde toe groeit dit nummer, wanneer de lyrics een hoger meezinggehalte krijgen en een heldhaftigere toon aannemen!
Zoals bij de ware epische en ‘True Metalbands’ gaan het overgrote deel van de lyrics over heldhaftige prestaties en Metal. Het catchy “Dragonhelm” behoort ook tot deze klasse. Net als de overige nummers op dit album, wordt “Dragonhelm” gesierd door heerlijke gitaarlijnen afgewisseld met galopperende ritmes. Geen enkel groepslid hoeft voor een ander onder te doen. Bovendien weerklinkt een hoop spelvreugde in de muziek, wat het geheel enkel aangenamer maakt om te beluisteren.
Regelmatig worden ook melodische sfeervolle rustpunten in het album verwerkt, zodat er genoeg variëteit aanwezig is om het album aandachtig te kunnen blijven beluisteren. Het acht minuten durende “Finis Mundi” kan hierbij met zijn akoestische intro als ideaal voorbeeld dienen. Het nummer vervolgt in een midtempo ritme, waarbij vooral zanger Concoreggi zich van zijn beste kant laat zien. Halverwege het nummer schroeft men het tempo opnieuw wat terug en krijgen we een rustgevende, melancholisch getinte vioollijn te horen met na verloop van tijd erbij passende zanglijnen, waarna het nummer krachtig afgerond wordt en tot een absoluut hoogtepunt neigt! Ook het later op het album voorkomende nummer “Oceans of Pain” valt met dit nummer te vergelijken al ligt het tempo op dit nummer algemeen lager. Door de gelijkenissen met “Finis Mundi” dingt ook dit nummer mee naar de titel ‘Hoogtepunt van het album’.
Vervolgens komen we aan bij het zwakkere nummer op het album, “Metal From Hellas” sluit helaas wat minder aan bij zijn epische voorgangers en spreekt mij persoonlijk ook minder aan, hoewel het niveau zelfs hier nog bijzonder hoog ligt. “Hyrkanian Blades” deed mij onmiddellijk aan het Britse Conquest of Steel denken, waardoor aangename ervaringen opgeroepen werden. Dit nummer belooft dan ook live een aardige klassieker te worden vanwege het achterliggende enthousiasme. Net omwille van diezelfde reden spreekt het nummer “Born in the 70’s” waarin de invloeden van Heavy Load het duidelijkst te horen zijn, mij enorm aan. Met de nummers “Warlord of Mars” en “Warlord of Disgrace” wordt het album mooi afgerond zonder nog echt iets nieuws toe te voegen aan het geheel. Gezien de kwaliteit van de vorige nummers, vormt dit echter geen enkel problemen.

De balans tussen epische passages en stevige heavy Metal is op “To Death and Beyond” perfect in evenwicht. Het album verveelt geen moment en verschaft tal van aangename momenten! Liefhebbers van het genre zullen dit album met open armen ontvangen.

Dead Souls

Cognac & Coffee

Geschreven door

Dead Souls is na de gedeelde liefde voor Joy Division op zoek gegaan naar een eigen gezicht binnen de wavepop. Hun ‘Cognac & Coffee’ toont een band in volle ontwikkeling. Het kwartet refereert in de negen songs  aan Interpol, Editors en Joy Division luister maar naar “Zen for bird”, “Six feet under”, “Smash your guitar” en “Peter Chriss”; ze hebben een broeierige opbouw, een diepe bas, snedig gitaarspel en een bezwerende percussie onder een zweverige zang.
De tevredenheid is groot als we de indie van Yo La Tengo horen; “Boxoffice waiters” en de titelsong beklijven door het repeterende ritme. Afsluitende song “Jesus” is het meest ingetogen nummer; de licht orkestrale inbreng en de drums bepalen de sfeer en sombere stemming.
Live zijn ze een energieke, gedreven band.
Dead Souls heeft een moedig debuut uitgebracht.

dEUS

Vantage Point

Geschreven door

Een goede twee jaar terug werd een nakende crash van dEUS net onderschept door Mauro, Alan Gevaert en Stephane Misseghers. De spil van dEUS, Tom Barman/ Klaas Janzoons, kon gerust zijn. ‘Pocket Revolution’ liet een band op scherp horen die op gepaste wijze een dosis avontuur stak in hun spannende songs. Live een hecht klinkende band, een geoliede machine, zonder elkaar naar de kroon te steken. Oef dus …dEUS kon opnieuw ademen.
Onder deze bezetting namen ze ‘Vantage Point’ op, genoemd naar hun huisstudio te A’pen. Het is een boeiende en gevarieerde plaat, die een intens broeierig sfeertje uitstraalt; pittig opgebouwd materiaal die een poppy inslag behoudt. De songs zitten goed in elkaar en er valt voldoende afwisseling te noteren:
”Favourite game”, “Slow” (+ vocals Karin Dreijer van The Knife) en “The architect” zijn funky en compact, nerveus en gejaagd. “Oh Your God” rockt en “When she comes down”, “Is a robot” en “The vanishing of Maria Schneider” (+ vocals Guy Garvey van Elbow) klinken bevreemdend, grillig doch aanstekelijk. Er wordt stoom afgelaten door enkele vertrouwde sfeervolle, smaakvolle typische dEUS songs: “Eternal woman”, “Smokers reflect” en het afsluitende “Popular culture”.
’Vantage Point’ is een hechte rockplaat van een homogene band.

Elbow

The Seldom Seen Kid

Geschreven door

De platen van het Britse Elbow uit Manchester laten zich ontdekken per luisterbeurt; ze bieden een weemoedige sound van fraai gearrangeerd, subtiel uitgewerkt materiaal. ‘The Seldom Seen Kid’ volgt ‘Leaders of the free world’ op en is vernoemd naar een bevriende singer/songwriter.
Het is een afwisselend plaatje van heerlijk muziek, grillig, sfeervol, somber als zwierig en poppy. De songs kunnen onverwachtse wendingen ondergaan. “Mirrorball” onderscheidt zich binnen de rustige, dromerige nummers. “The fix”, een duet met Richard Hawley, is leuk door toetsen; “Starlings” wordt bepaald door strijkers, er is het koortje van “One day like this”of je hoort het licht klassieke, door soundscapes gedomineerde, “Friends of ours”. In deze rij besluit “Some riot” heel intiem. “The loneliness of a tower crane driver” straalt een Twin Peaks sfeertje uit en tenslotte is er de dynamiek van de broeierige “An audience with the pope” en “Weather to fly”.
Het geheel klinkt ontroerend, stijlvol en schoon en wordt gedragen door de melancholische stem van zanger/componist Guy Garvey.
Elbow is een erg originele band, die de kunst heeft fijnzinnige pop te schrijven, zonder écht veel grootse hits.

Natalie Grant

Relentless

Geschreven door

Dat ik een voorliefde heb voor het ‘Contemporary Christian Music’ genre (zeg maar radiovriendelijke pop/rock met een Christelijke boodschap) is voor de lezers van mijn albumrecensies geen geheim meer. Het blijft moeilijk om je te ‘outen’ als liefhebber van dit genre, zeker als je evenzeer genres zoals Metal en Progrock hoog in het vaandel draagt. Deze Natalie Grant is voor mij een ontdekking. Deze uit Seattle afkomstige schoonheid is inmiddels 36 jaar en bracht met ‘Relentless’ haar zevende plaat uit.
Reeds drie jaar op rij werd Grant verkozen als beste vrouwelijke artieste op de GMA Dove Awards (dé Grammy Awards van de Christelijke pop/rock) en dat wil toch wat zeggen.
Het album ‘Relentless’ bevat een puike verzameling power-ballades en up-tempo poprocksongs. “I Will Not Be Moved”, opent de plaat in de beste Kelly Clarkson stijl. Meteen daarna krijgen we met “In Better Hands” de mooiste ballade die ik de laatste jaren hoorde. Zowaar krijg je bij het horen van zoveel geïnspireerde emotie een echt warm gevoel! Ook bijzonder mooi is het up-tempo “Let Go” dat zo van Shania Twain had kunnen zijn. Maar het sterkst is La Grant in de ballades die ze zo bijzonder mooi neerzet. Steeds is er de Goddelijke aanwezigheid in de songs maar dat mag geen obstakel zijn om te genieten van “Our Hope Endures”, “Make A Way” en “In Christ Alone”.
Warm aanbevolen voor liefhebbers van mainstream pop/rock met het hart op de juiste plaats.

The Kooks

Konk

Geschreven door

Het Britse The Kooks heeft na de debuutplaat ‘Inside In/Inside Out’ en de daaropvolgende tournee geen makkelijke periode gekend. Interne spanningen zorgden ervoor dat de groep op springen stond. Na het vertrek van hun bassist is de band rond songwriter Luke Pritchard terug op het goede spoor. Het kwartet behoudt de melodieuze broeierige rock’n’roll sound met aanstekelijke, pakkende refreinen. Af en toe klinken ze ietwat krachtiger door de snedige gitaarriffs van gitarist Hugh Harris. Het zijn fijne popsongs, die intens meeslepend of strak kunnen zijn en een spannende opbouw hebben.
Volgende nummers onderscheiden zich: “See the sun”, “Always where I need to be”, “Do you wanna”, “Love it all”, “Sway” en “Shine on”, en vangen de paar mindere op als “Down to the market”. Zelfverzekerde rock’n’roll bandje die zelfs op het eind drie intieme overtuigende akoestische songs er tegenaan gooit en vele tienerharten sneller doet slaan: “One last time”, “Tick of time” en “Walk away”.
Wereldfaam is binnen handbereik voor dit jong Brits bandje.

Loney, dear

Loney, noir

Geschreven door

Het platenmateriaal van het Zweedse Loney, dear is er eentje om te koesteren;  de band rond het duo Emil Svanängen en Jens Lekman wordt ferm onderschat, want ze hebben de kunst om vakkundig en kwalitatief subtiele songs uit te schrijven: ontroerende, dromerige melancholische, tedere pop met een gevoelig breekbare ondertoon. Het is aangenaam genieten van hun tien songs die bepaald worden door een semi-akoestisch gitaarspel, sprankelende toetsen, lichte elektronica en zalvende, opzwepende percussie, gedragen door een prachtige, warme samenzang. “ I am John”, “No one can win”,”I will call you lover again” en “Carrying a stone” zijn wonderschoon.
De groep ligt in de lijn van Belle & Sebastian, Arcade Fire en refereert aan de ‘60’s pop van The Beach Boys.
Een goed bewaard muzikaal geheim.

Pagina 439 van 468