logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
Hooverphonic

Mauro Pawlowski

Mauro & The Grooms: aanschouwen is bezwijken

Geschreven door

Driewerf hoera, Democrazy Gent is alive and kicking! Getuige de voortreffelijke programmatie op allerhande locaties de komende maanden. We keken al een tijdje uit naar het drieluik Manngold - Johnny Berlin - Mauro & The Grooms. Niet in het minst omdat laatstgenoemden een zeldzaam najaarsconcert (dEUS trekt straks immers terug Europa in) speelden waarbij Musiczine niet kon ontbreken. Stiekem hoopten we dat de band ons opnieuw zo erg zou overdonderen als op die avond ergens in februari 2004. Een optreden dat bij ondergetekende nog altijd als 'het beste optreden ooit gezien in de Handelsbeurs' geboekstaafd staat! Zowaar geen geringe verdienste!

Mauro & The Grooms staken meteen van wal met het uitbarstende “Doing Something Right”,  het geschifte “Corruption”, het roestige “Make it Complicated” en het angstzweet veroorzakende “Fear Life” vanop de gitzwarte 'debuut'plaat 'Black Europa'. Het publiek werd koud gepakt en bezweek voor het charisma van de grootmeester en zijn bruidegommen. Na “What it takes” (die beweging van Mauro bij het uitzingen van "Walk like a rock'n'roll star"!), “Days To burn” en “Visions” was het tijd voor het lichtelijk fantastische “Trip to Beg” waarbij stilstaan onmogelijk werd en we zelfs Mauro betrapten op éénmalig loos gaan. Het grimmige “Ghost Rock” en “Slow Bones”, respectievelijk van de onmisbare 'Ghost Rock EP' en de  'Tired Of Being Young EP'(als onderdeel van 'Set Sail To Dream Riot') werkten naar een duivels hoogtepunt. Hierna zochten Mauro & Co kalmere wateren op met o.a. “Comes With A Feeling”, “Stay Awake”, “Leavin' Montreux” en “Out Of The Storm”. Een rustige, maar niet minder sferische, tip van de sluier van het nieuwe werk dat er ergens in de toekomst zit aan te komen. Na een overdonderende en asgrauwe toegift met o.a. “Weapon Of Beauty” viel het doek.
Overdonderen zoals een paar jaar geleden deed Mauro & The Grooms ons echter niet. Het was merkbaar dat de band een hele tijd niet had gespeeld. De oudere nummers waren iets minder uitgewerkt als een paar jaar terug en bezorgden ons ook minder kippenvel als toen in de Handelsbeurs. Niettemin: Mauro & The Grooms blijven imponeren! We kijken al uit naar de volgende doortocht van multitalent Mauro en zijn duivelszonen van The Grooms!

Manngold, de nieuwe Gentse formatie rond de onvermijdelijke gitarist Rodrigo Fuentealba mocht de spits afbijten. Ze deden dat op een indrukwekkende manier met een sterke instrumentale prestatie en twee simultaan spelende drummers. De muzikanten van Manngold verdienden al sporen bij bands als Motek, Vive La Fête, Gabriël Rios en het nog niet vergeten Fifty Foot Combo. Te volgen dus!

Johnny Berlin deed een slordige poging om een combinatie te maken van postpunk en 80's new wave. Hun album mag het dan wel goed doen in de lijstjes, live brachten ze een maar weinig boeiende set. Enkel single “Four” oversteeg het niveau enigszins.

Organisatie: Democrazy, Gent

Wire

Een concert van ups & downs: Wire

Geschreven door

Een stevige brok muziekgeschiedenis konden we met Wire het afgelopen weekend bewonderen. Na Gent was er vanavond afspraak te Brussel. Dertig jaar terug lag het songschrijversduo Newman/Lewis en drummer Gotobed aan de basis van de huidige rits postpunkbands; hun melodieuze arty punkyrock klonk rechttoe-rechtaan, uptempo, snedig en broeierig, had pakkende refreintjes en was af en toe iets subtieler. Op Pukkelpop 2003 kwamen deze vijftigers opnieuw samen en bundelden hun overtuigende EP’s ‘Read & Burn’ en de ‘Send’ cd met enkele oudjes samen, en gaven lik op stuk aan jonge bandjes door een hels moordende korte set. Na talloze projecten waaronder Newmans Githead brachten ze onlangs een nieuwe plaat uit ‘Object 47’. Het vierde origine bandlid Bruce Gilbert is vervangen door een gitariste, die op het podium het verst van de andere drie leden stond.

Een overwegend ouder publiek zag z’n helden van weleer aan het werk, en een handvol jongeren zagen waar een Franz Ferdinand, Pigeon Detectives en ga zo maar door de mosterd vandaan haalden. Newman had in z’n aktetas de tekstvellen mee, om deze tijdens het concert onder z’n leesbrilletje af en toe eens te spieken.
Een klein anderhalf uur lang grossierde het kwartet in hun materiaal en speelde een concert van ups& downs: er waren songs met een intense broeierige spanning, retestrak snel materiaal en enkele stuurloze niemandalletjes. Wisselend kwalitatief materiaal dus, waarvan de miltante noise injectie, die hun songs tijdens de vorige tournee prikkelden, afwezig bleek. Ze trokken alvast meteen de aandacht met “Our time”, “Too late” en “Comet”. En songs als “Being sucked in again”, “The Agfers of Kodack”, “Circumspect” en “I don’t understand” hielden hun muzikale zoektocht tijdens de set overeind. Hun directe, to the point en sfeervoller materiaal werd niet uitgesponnen en kreeg geen dreunende repetitieve ritmes mee.
Een prachtige bisronde onderstreepte de ‘eeuwige’ muzikale jeugdigheid van het kwartet met het opbouwend dreigende “Boiling boy”, het broeierige “Lowdown” en de springerige krakers “12 XU” en “160 beats That”. Wat Wire als een icoon binnen de punkwave plaatste en actueel hield binnen de Britpop en postpunk!

Support was de Londenaar Duke Garwood, die op z’n gitaar enkele experimentals en bluesslides ten beste tokkelde en speelde . Eerder was hij al zien in ‘a trubute to Gram Parsons’.

Organisatie: Botanique Brussel

The Melvins

Melvins en Co: één grote vriendenclub!

Geschreven door

De openingsavond van het najaarseizoen van de Democrazy werd geopend met de legendarische en onnavolgbare meesters van de oergrunge, The Melvins. Deze cultband uit Seattle, USA, rond zanger/gitarist Buzz Osborne aka King Buzzo en drummer Dale Crover doen inmiddels 25 jaar hun eigen ding. Hun mengeling van alternatieve metal, sludge, punk, noise en grunge was van grote invloed op vele bands die vandaag en in het (recente) verleden het mooie weer maakten: Nirvana, Tool, Mastodon, Eyehategod, Tad, Soundgarden, Crowbar, Clutch, Boris, etc. Toch wisten ze altijd net dat tikje anders uit de hoek te komen dan hun collega's, vooral door hun experimenteerdrang, hun moeilijk te categoriseren muziek en cryptische en humoristische teksten.

Een goed gevulde Vooruit (zo'n 1000 aanwezigen) was getuige van een sterke performance van deze veteranen waarbij de nadruk vooral lag op hun laatste 2 albums, 'Nude with boots' and 'A senile animal.' Hierop staat het 'double drums-concept' centraal: 2 drummers (vast lid Dale Crover en Big Business-drummer Coady Willis) die er aardig op los mepten en zorgsen voor de nodige drive en energie en bovenal een aparte beleving. Jarred Warren (Big Business- zanger en bassist) klonk als de jonge King Buzzo en was gehuld in een matroosoutfit, een leuk zicht. Zanger/gitarist Buzz Osborne was met zijn eigenzinnige kapsel een aparte verschijning en zorgde voor zijn herkenbare vocals en heavy, groovy  riffs. We hoorden vrijwel de gehele 'Nude with boots' plaat passeren met knappe songs als "The kicking machine", "Dog island", "Suicide in progress", "The smiling cobra" en het titelnummer. Van voorganger 'A senile animal' werden o.a.. "The talking horse", "A history of bad men", "The mechanical bride" en "Civilized worm" gespeeld. Tijdens het optreden werd duidelijk dat hun 'classic rock'-roots op de voorgrond stonden en het experiment werd tot een minimum beperkt (behalve enkele noisy soundscapes/intermezzo's). Vooral Black Sabbath, Kiss en Led Zeppelin klonken door.
Minpunt was dat de iets oudere fans weinig herkenbaar spul voorgeschoteld kregen, enkel "Honey bucket", "Joan of Arc" en "Oven" werden gespeeld.

Hiermee bewezen The Melvins nog altijd hun onvoorspelbaarheid en eigen identiteit. Een dynamische en rauwe set. Much respect!!!

Support-act Big Business (tevens ritmesectie van The Melvins) werd live bijgestaan door Melvins-drummer Dale Crover die nu zorgde voor de vette gitaarpartijen en een extra drummer. De songs uit 'Here come the waterworks' en ‘Head for the shallow' bevatten elementen uit stoner rock, sludge en punk en live misten deze knallers hun doel niet. Dit smaakte naar meer!

Opener was Porn (voorheen The Men of Porn) uit San Francisco die een instrumentale set serveerden van noise, metal, stoner rock en sludge. De combinatie van 2 synchroon spelende drummers (waaronder Dale Crover), loodzware riffs en creepy distortion, feedback en effecten werd maar matig ontvangen. Er was ook niet echt sprake van nummers of structuren, het was één lange jampartij van 30 minuten. Enkel voor de die hards en noise freaks onder ons!

Organisatie: Democrazy, Gent

The Stray Cats

Fun, ervaring en enthousiasme

Geschreven door

Reünies, vaak gaan ze gepaard met schaamteloos geldbejag (iemand The Police of The Sex Pistols gezien?) maar al even vaak krijgen we een bende te zien die het stomende bloed van weleer hebben teruggevonden en er terug invliegen als in de prille dagen. The Stay Cats vallen gelukkig in deze tweede categorie, hun enthousiasme op het podium werkte in Brussel zeer aanstekelijk en sloeg over op het publiek die het trio bedankte met een uitgelaten respons. Brian Setzer manifesteerde zich als een briljant gitarist (voor wie daar nog aan twijfelde), maar het waren vooral Slim Jim Phantom en Lee Rocker die zich het meest amuseerden, de eerste al staande knallend op zijn sober drumstelletje en de tweede versmolten met zijn contrabas alsof het een bijzonder schoon vrouwmens was. Van bij de eerste tonen van “Rumble in Brighton” zat het snor en bewees het trio dat ze met heel hun lijf en brein in de rock’n’roll gedrenkt zijn.
Ervaring zat, alsook talent, maar ook overtuiging, fun en energie,dat maakt dat The Stray Cats anno 2008 nog steeds voor een vettig potje rockabilly kunnen zorgen. En zoals het een goede reünie betaamt, werden er geen nieuwe dingen uitgeprobeerd maar werden gewoon de oude classics uit de kast gehaald en gespeeld met een enthousiasme van “hop, stop maar een staaf dynamiet in ons hol en steek die lont aan”. In bijna twee uren passeerden gloeiende stampers als “Runaway boys”, “Gene and Eddie”, “Rock this town”, “Stray cat strut” en een sterk en fel “Fishnet Stockings”.
Twee uur compromisloze rockabilly en rock’n’roll, meer moet dat niet zijn. Des te jammer dat het nu wel de allerlaatste Stray Cats tournee was, het ding heet dan ook ‘The Farewell tour’. De heren vonden het zelf ook een beetje spijtig, want de gemeende en uitbundige reactie van een uiterst dankbaar publiek deed hen toch duidelijk iets. Dank u wel, Stray Cats!

Organisatie: Live Nation

Conor Oberst

Een nieuwe Green On Red is geboren onder Conor Oberst

Geschreven door

De jonge Dylanesque singer/songschrijver Conor Oberst stond met z’n muzikaal project Bright Eyes en de plaat ‘Casadaga’ van vorig jaar op het punt definitief door te breken. Maar dit muzikaal talent liet het voor wat het was en bracht onlangs een eerste plaat uit onder z’n eigen naam; hij nam ze op met enkele vrienden onder The Mystic Valley Band. We hebben te maken met ‘70’s retrorock en americana/countrypop in de beste traditie van Green On Red, het oude Wilco, Will Johnson (South San Gabriel/Centro-Matic) en Bob Dylan natuurlijk. Het zijn emotievolle, dromerige ‘on the road’/kampvuursongs, waarin het gitaarspel en de Hammond toetsen een prominente rol krijgen. Fris, zwierig, meeslepend, ingetogen en sober!

Anderhalf uur liet Oberst de bijna uitverkochte Orangerie proeven van het nieuw gevarieerd materiaal, waarbij de Bright Eyes songs werden geweerd. Als dirigent van de band liet hij ruimte voor z’n vrienden om af en toe een eigen ‘rarity’ nummer of een cover te zingen.Maar deze songs, “Central city”, “I gotta reason pt 2” en “Sundown” lagen mijlenver van Oberst’s beklijvende emotionaliteit en intensiteit.
In een folky ontmoeting serveerde een gretig spelende Oberst gejaagd de snedig rockende “Moab”, “Sausalito” en “Get well cards”. Hij wisselde de uitgebalanceerde retrojuweeltjes af met sfeervoller en intiemer - in melancholie gedrenkt – werk als de huiveringwekkende “Milk thistle” en “Lenders in the temple”, die net als “Eagle on a pole”, en “Cape canaveral” een sobere begeleiding hadden, gedragen door Oberst schelle (praat)zang; soms spuugde hij letterlijk z’n woorden uit! De broeierig poppy songs “Danny Callaghan”, I gotta reason pt 1”, “ Souled out” en het kort krachtige “NYC” vulden mooi aan. Eenvoudigweg subliem wat er daar op het podium gebeurde.
Oberst en de zijnen apprecieerden de sterke respons, wat een uitgebreide bis opleverde, waaronder Harry Nillson’s “Everybody’s talking” en Dylans bluesy “Corina Corina”. Een stomend, uptempo rocker “I don’t want to die in a hospital” en het ingetogen, dreigende “Brezzy” besloten definitief een prachtig, in te lijsten concert, die de zondige uitstapjes van z’n begeleidingsband zalfden.

Het uit Leeds afkomstige trio Sky Larkin onderscheidde zich met hun dynamisch slepende indierock; in de zang van Katie Harkin hoorden we restantjes Breeders/Magnapop. Voor wie hen miste , is er in november afspraak met het beloftevolle Los Campesinos uit Wales.Te noteren!

Organisatie: Botanique, Brussel

The Faint

De ADHD van The Faint

Geschreven door

Een betere start van de najaarsprogrammering kon de Botanique zich niet voorstellen met de electrorock van het Amerikaanse kwintet The Faint uit Nebraska. Ze zijn al van ‘95 actief en bewegen zich binnen de electronic body wave, postpunk en punkfunk.. Hun sound klinkt rauw, dansbaar, energiek en opzwepend.

Live hoorden we lekker vettige, ronkende en gierende gitaren, een diepe bas, dreunende synthi en aanstekelijke, springerige en hoekige ritmes. We zagen een weirdo hyperkinetische zanger (Todd Fink) in doktersjas en oude vliegeniersbril die heen en weer hotste op het kleine podium. In een arty punky attitude gingen ze als bezetenen tekeer , deden hun instrumenten afzien en haalden muzikale beelden aan van Devo, John Fox, Radio 4 en Hot Hot Heat.
In een hels tempo speelden ze een spannende set van ruim vijftien songs, die vervaarlijk op elkaar geleken. Ze grossierden in hun oeuvre van vijf platen; ze trokken het feestje op gang met de snedige “Agenda suicide” en Dropkick the punks”. De aandacht behielden ze met overtuigende versies van “Take me to the hospital”, Worked up so sexual” en “Posed to death”. Een ‘Best of’ keuze, die de party in de Rotonde maar feestelijker kon maken. De sterke songs van de nieuwe cd ‘Fasciination’ zaten vooral in het tweede deel van de set: “Get seduced”, “I treat you wrong”, “Machine in the ghost” en “Mirror error”.
Het publiek kon uitzinnig beginnen dansen op het bruisende, groovende en pompende “Paranoiattack” en “I disappear”; in de bis was er het bekende “Glass danse” (uit ‘danse macabre’)  en de huidige single “The geeks were right”.

Kortom, we hoorden een in overdrive zwierig The Faint, die het débâcle op Dour, zo’n drie jaar terug, volledig had goedgemaakt.

Onze Franstalige Brusselse vrienden Cafeneon stelden hun debuutplaat voor en verbaasden al op ‘Les nuits bota’ samen met Tunng.: ze halen de mosterd uit de electro/wave van Joy Division/The Cure, Clashdub , psychedelica (Stereolab) en de ‘wahwah/ shoegaze’ van My Bloody Valentine en Swervedriver, onder de meerstemmige rauwe zang van Rudolphe Coster en de zweverige ‘ Birkin’ zang van Catherine Brevers. De groep bewees (nog maar eens) heel wat in petto te hebben met hun goed opgebouwd, broeierig materiaal; het rommelig tikkeltje namen we er maar al te gaarne bij! Band met potentieel, die gaat voor z’n publiek! Goed gedaan!

Organisatie: Botanique, Brussel

Mogwai

De filmische melancholie en uitspattingen van het Schotse Mogwai

Was het Belgische weertje in de zomer (alweer) niet te vet, het avondje superieure postrock van Motek en Mogwai in combinatie met de charmante locatie in het Openluchttheater Rivierenhof te Deurne was de perfecte afsluiter van een zomervakantie.

Het Vlaamse Motek opende de avond met “Combi Collina” uit hun nieuwe ‘Port Sunshine’ album. Al vlug werd het duidelijk waar Motek voor stond: dromerige, zwevende en rustige nummers nu en dan afgewisseld met turbulerende gitaaruitbarstingen, pittig gekruid met feedback, delay en stereosounds.
We hoorden dat Motek een audio-visuele groep kan zijn. Wel deze keer was hun set van voornamelijk nieuwe songs, sterk genoeg om het publiek te vervoeren zonder de visuele steun. Alles telde om het publiek te doen dromen en ze namen er hun tijd voor: “Risist”, “Epoxy”, “Another seamans song
“, “Tryer” en “Immer Blei” volgden.
Rustige, opbouwende lange nummer, intensiteit creëren om dan later uit te spatten, of net weer niet. Motek’s zoektocht tijdens de set om emoties om te zetten in muziek was positief. Als afsluiter brachten ze uit hun vorige plaat het weemoedige, sentimentele “I am your son”.
De atmosferische vibe die Motek bracht, werd geaccentueerd door de locatie in open lucht, waar het publiek omringd was door de bomen van het park Rivierenhof en de zitplaatsen van het
Colosseum-achtige Openluchttheater. Indrukwekkend rustgevend. Iedereen tevreden … en opgewarmd voor Mogwai.

Na 13 jaar is en blijft Mogwai één van de boegbeelden van het postrock genre. Van Mogwai krijgen we nooit genoeg; hun laatste optreden dateert al van het Cactusfestival vorig jaar … Een kanjer van een setlist (14 (lange) nummers) nam ons mee doorheen de eenvoudige, maar toch verfijnde denkwereld van het Schotse vijftal.
Uit het binnenkort te verschijnen ‘Hawk is Howling’ trokken ze met “The Precipice” het anderhalf uur durend gitarengordijn (3 gitaren, bas en drum) open; wij werden spontaan uitgenodigd om mee te zweven. Reden voor velen om de zitplaats te ruilen voor een staanplaats om zo dicht mogelijk de postrock pioneers te bewonderen; dan pas werd het duidelijk dat het concert uitverkocht was. Een terecht nokvol Openluchttheater!

Per nummer veranderde er wel iets aan de bezetting: de gitaar werd ingeruild voor keyboard of omgekeerd en gitarist en bassist ruilden af en toe van plaats. Een kwestie om de klankkleur zoveel mogelijk schakeringen te geven, vermoeden we. Drum en bas zorgden voor een constante “steady beat” die als maagdelijke witte canvas diende, waardoor gitaren en keyboard doorspekt met effecten rijkelijk over de ritmesectie heen schilderden.
Na een goeie tien minuten in de set liep het even fout met de gitarist die plots zijn klank kwijt was. De gitaarroadie rende een halve marathon om alle kabels en verbindingen te checken, maar het probleem kon echter maar verholpen worden bij aanvang van het volgende nummer. Bij vele bands zou zulk een voorval een nummer ten gronde kunnen brengen, maar niet bij Mogwai. Het nummer bleef overeind door een perfecte volume afregeling; een pluim voor de roadie en de PA man trouwens, perfecte volumeafregeling.
Vijf nummers uit het nieuwe ‘Hawk is Howling’ verspreidden ze over de set (“The Precipice”, “Scotland’s Shame”, “I’m Jim Morrisson”, “Batcat” en “Space Expert”), afgewisseld met nummers uit het vroegere repertoire: “Friend of the night” en “We are no here” uit ‘Mr Beast’ van 2006, en oud werk, waaronder “Like Harod”, “Cody”, “2 Rights Make One Wrong” en “Helicon”. Trouwens, ze besloten met een magnifiek uitgesponnen “We’re No Here”, overstelpt van feedbackgeraas, noise, delays en andere effecten.

Mooie set dus van filmische melancholie, ergens tussen ingehouden emoties en oncontroleerbare uitspattingen en soms monotoon repetitief. Niet echt iets nieuws, tenzij dat er af en toe met cleane brave stem werd gezongen.
Mogwai zocht naar sfeerschepping en verwezenlijkte het als geen ander. De nieuwe nummers zijn een stuk rustiger dan de zwaardere oudere, die soms apocalyptische uitspattingen bevatten. Maar de naadloze overgangen tussen oud en nieuw zorgde voor een boeiend Mogwai avontuur! … Een geslaagd postrock zomeravondje.

Organisatie: OLT, Deurne ism Arenberg, Antwerpen

Yeasayer

Beloftevol voor de toekomst, Yeasayer

Geschreven door

Yeasayer: jonge gasten uit Brooklyn die in het verre Gent hun kunstjes komen tonen voor een select clubje toeschouwers. Was de band al een beetje een hype in de pers en in hun thuisland, hier moest nog alles bewezen worden. We zagen een zeer beloftevolle band in opmars, het moest nog allemaal een beetje in de juiste plooien vallen en er werden al een paar schoonheidsfoutjes gemaakt, maar toch waren we hier getuige van een uiterst talentvol bandje die barst van de creativiteit. Ook al waren de songs niet allemaal even sterk, we voelden een soort zeldzame genialiteit die met de jaren alleen maar kan groeien. Een avontuurlijke smeltkroes van stijlen en sounds deed ons denken aan ondermeer Talking Heads, Afro Celt Sound System, Peter Gabriel, Virgin Prunes, Cold War Kids, Vampire Weekend, Tom Verlaine en weet ik veel wat nog allemaal. Nogal veel sounds werden gehaald uit een ritmebox, maar dat kon ook niet anders, die verscheidenheid aan geluiden zou anders wel een tiental extra muzikanten vergen en daarvoor hebben deze groentjes hoegenaamd nog geen budget genoeg.

De set van Yeasayer duurde amper een uurtje en werkte zichzelf naar een climax toe, ook al omdat de beste songs netjes tot op het einde werden behouden, in tegenstelling tot hun debuutalbum waar ze mooi vooraan staan. Hier hebben we het dan over prachtsongs als “Sunrise”, “Wait for the summer” en “2080”. De stoom en de groove zat daarmee helemaal juist naar het einde toe en het gezelschap overtuigde ons van hun ontegensprekelijke talent. Nog een paar albums met dit soort songs en ze kunnen de volgende keer een absoluut wervelend en onvergetelijk concertje vullen. Maar nu was het ook al meer dan goed.

In afwachting hadden we ook nog het Belgische Du Parc gekregen. Een beetje ongepast, want ze brouwden een soort inspiratieloze slow-core die deed denken aan een vierderangs Black Heart Procession. Niet echt iets om te onthouden.

Organisatie: Democrazy, Gent

Pagina 368 van 389