logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Epica - 18/01/2...
Hooverphonic
Johan Meurisse

Johan Meurisse

zondag 29 mei 2011 00:18

Grand Mix concerts

Grand Mix concerts
Nieuw
30.09.11 - Mulatu Astatke ‘ Steps Ahead Tour’ (Eth)
04.11.11 – Chokebore (Hawai)

Concerten
24.05.11 – Thomas Dybdahl (Nor), The Cave Singers (usa), Susanne Sundfor (Nor)
25.05.11 – Metronomy (Uk), Django Django (Uk) (uitverkocht!)
28.05.11 – Play@Home: Soma Bogota, Softly Spoken Magic Spells, Radial Sequence, Chorale Pop Rock Séniors
01.06.11 – TPutsch @Garage: Ty Segall, Thee Vicars, Yussuf Jerusalem
10.06.11 – The Raveonettes, Cotton Club
18.06.11 – La Voix du Rock – Cocoon, Aaron, Yael Naïm, Skip the use, Roken is dodelijk, Somabogota

Info http://www.legrandmix.com

Les Nuits Botanique 2011 – alle zalen – Akron/Family en Agnes Obel
Vanavond was er variëteit troef in de verschillende Bota zalen. We hielden halt in de knus ingerichte Grand Salon voor Stranded Horse en Akron/Family en in de Orangerie stipten we de pianoballads aan van de klassiek geschoolde dames Alina Orlova en Agnes Obel. Een specifieke recensie krijg je van wat er in de Bota Rotonde geprogrammeerd stond.

Stranded Horse: een vleugje mystiek misstond niet bij het soloproject van Yann Tambour die deel uitmaakt van het postrock ensemble Encre. Op basis van de innemende (postrock) sounds hoorden we die wasem door het gitaargetokkel, de kora en zijn zacht nasale stem. Sober, emotievol materiaal, die tot z’n recht kwam in de intieme sfeer van de GS. Perfect dus!

Ook het NYse trio Akron/Family maakte hiervan dankbaar gebruik van om hun inventieve, bevreemdende freakfolk op charismatische wijze los te laten. Hun muziek is niet makkelijk te doorgronden, songs krijgen een jam, experimentele uitvoeringen, hebben verrassende wendingen en zijn live moeilijk te herkennen, én ergens tussenin hoor je de subtiliteit, de finesse en zijn schoonheid door een toegankelijke melodie, gevatte akkoorden en fabelachtige geluidjes. Ze zorgen voor een broeierige intensiteit en raken door een harmonieuze samenzang. Ze laten ruimte voor verbeelding en betrekken het publiek bij de nummers (door lichaambeweging, vingertics, …).
Hypnotiserend, sfeerschepping, lekker wegdromen en dan wakker schieten in de realiteit …Als en eigenbereide rockende, freefolkende band speelden ze, die met het recentste album ‘Akron/Family II - the cosmic birth and journey of Shinju TNT’ de lichtjes in de GS deden fonkelen …

Verstilde pracht hoorden we van Alina Orlova en Agnes Obel in de uitverkochte Orangerie.

Alina Orlova is actrice, schilder, fotografe en een sing/songwriter .Ze is op vele fronten actief, maar zorgt voor een begeesterede schoonheid op piano, indringend, sober, pakkend of door de huppelende ritmes sprookjesachtig, gezongen half in de eigen moedertaal als in het Engels.
Ook zijn ze doordrongen van klassiek, tango en cabaret. Haar hemels, indringende soms hoog uithalende vocals ondersteunden het emotievolle, beladen pianospel. Het publiek was in afwachting van Agnes Obel al aandachtig naar haar werk. Joanna Newson en An Pierlé konden al op de eerste rij staan.

En dat zouden ze zeker doen voor het materiaal van Agnes Obel. Het debuut van de Deense, ‘Philharmonics’ is een schot in de roos. België hangt aan de lippen van de jonge, beloftevolle talentvolle dame die sober, streng en met een vlechtenlook op plaat staat, maar live uitermate lief en sympathiek is. Na een uitverkochte Rotonde, AB Box en Bota zal het publiek ook op Gent Jazz Fest voor haar vallen … Iedereen in de uitverkochte Orangerie was muisstil en onderging de fijne, meeslepende, speelse pianomelodieën, onder haar heldere, expressieve stem. Ze werd bijgestaan door Ane Ostsee, die subtiel en snedig op haar cello speelde en de backing vocals verzorgde.
Ze stelde de songs van haar debuut voor, ingetogen en frisse elfenpop, die een dromerig, donker randje kon hebben en een lichte dreiging kon uitstralen; filmische instrumentals werden toegevoegd om de sfeerschepping te beklemtonen. Op die manier stonden de titelsong, “Beast”, “Just so” en het instrumentale “Louretto” moeiteloos naast elkaar. Op “Brother narrow” kwam even een akoestische gitaar boven. De ingetogen pracht van “Katie Cavel”, “Over the hill” en een pure versie van de gekende  single “Riverside” waren kwetsbaar en emotievol geladen.
Die muzikale verkenningstocht op piano en cello is mooi … Het nieuwe, lang uitgesponnen  “Fuel to fire?” ontroerde en gaf ons de kans lekker weg te dromen. “Close watch“ van John Cale kreeg een avontuurlijke draai. Hier keken Kate Bush en Tori Amos om de hoek en was het duo een excentriek kamerorkest.
Crescendo en krachtiger klonk het duo op de intens broeierige “Sons & daughters” en het afsluitende “On powdered ground”, zonder in te boeten aan fijngevoeligheid.
Ze werden heel erg warm onthaald, en genoten van het de bijval en het succes. Obel speelde tot ze écht geen songs meer had, solo of met de celliste , intiem, eenvoudig en treffend. Het succes is haar gegund en een ‘Waaaw’ - gevoel was hier op z’n plaats …

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Bota)

donderdag 05 mei 2011 02:00

Both ways open jaws

Enkele jaren terug intrigeerde het Frans/Finse duo The Do met het verslavende plaatje ‘A mouthful’, hartverwarmende, dromerige en aanstekelijke elfenpop. Een goede drie jaar later heeft de tandem Olivia B Merilahtin (van Finse Origine) en de Franse multi-instrumentalist en drummer Dan Levy een nieuwe plaat uit ‘Both ways open jaws’, prikkelende pop die de woorden geraffineerd, eigenzinnig, pompeus, gevarieerd, catchy, toegankelijk en verrassend verdient. Spannend materiaal dus met avontuurlijke wendingen, bepaald door het kirrende stemmetje van Olivia, die ook in haar stem voldoende variaties biedt. Een soort ballerina ‘sprookjesachtige’ pop op z’n Rita Mitsouko, die elan krijgt door talrijke geluidjes, cimbaaltjes, staafjes, tamboerijnen, tierlantijntjes, xylofoon, blazers en een dubbele percussie. En die ons wakker schudt in de realiteit.
Grillige en toegankelijke wendingen van geluidseffectjes, trance gerichte pompende en ontspoorde synths en de dromerige, sfeervolle en ingehouden songs raken. En daarvan zijn het pakkende “Too insistent”, “Bohemian dances” en “Slippery Slope”, uitersten …

De charismatische sing/songwriter Jonathan Vandenbroeck aka Milow is de belofte van vorig jaar nagekomen. Tijdens het éénmalig optreden in het KC vorig jaar, vertelde hij dat de nieuwe plaat nu zou af zijn en kijk, ‘North & South’ zorgt opnieuw voor aangenaam luistervoer, dromerige, sfeervolle gitaarpop, die live intenser en krachtiger durft te klinken. En hij is niet vies om onze politici terecht een veeg uit de pan te geven … ook in ons landje moeten we er ‘North & South’ iets van maken.
Hij wordt bijgestaan door een goed op elkaar afgestemde band en backing vocaliste Nina Babet, die al een paar jaar vast deel uitmaakt van de band.

Milow is een groots artiest geworden. Hij slaagde in twee uitverkochte AB concerten, en hij is nog steeds niet vergeten hoe het gegroeid is … Hij spreekt vanuit het hart en z’n bescheidenheid siert hem. Een goede zeven jaar terug stond hij hier nog moederziel alleen op het podium, met een akoestische gitaar in de hand om enkele melodieus aangrijpende popsongs te spelen. In de bis werd de film even terug gespoeld met “One of it”. Hij begon trouwens ook solo met een broeierige “I ain’t scared”. Op “Screamers & renegades” en een lang uitgesponnen “The kingdom” waren meteen de vrouwen gewonnen.
Het gitaarspel en de stempracht vormden de rode draad,  toetsen en drums vulden mooi aan en gaven kleur aan de songs. Een vlekkeloze set trouwens van innemende, romantische, luchtige en rockende ‘Milow’ pop, onder z’n zalvende stem en de warme zang van Babet; Vandenbroeck bood ruimte voor snedige soli; er was sprake van emotionaliteit, intimiteit, vaart en ritme. Ook het Schotse duo Martin & James hielpen een handje; 45 optredens hadden ze er samen opzitten en samen namen ze gretig de tijd enkele neofolky ’on the road’ americana songs te spelen, “Move to town” en “California rain” … akoestische gitaar, mandoline en een close samenzang! Zo eenvoudig kan het en raakt het! “Canada” was op z’n beurt speels en vinnig en “The priest” breekbaar en pakkend. Op die manier toucheerde Milow de gevoelige snaar. We kregen uitstekende versies te horen van o.m. “Never gonna stop”, met een glansrol voor Nina en ”Ayo technology” die broeierig en opzwepend klonk; de gsm lichtjes maakten er een kleurrijk geheel van.
Dan kon de hitreeks beginnen, “You don’t know”, waarbij het refrein luidkeels werd  meegezongen, “You & me”, met een flard “You can call me All” van Paul Simon, en een overtuigende, krachtige “KGB”. Om van te snoepen …

In de bis hoorden we ‘campfire’ songs, die richting Low Anthem en Fanfarlo gingen … gezellig rond een oude microfoon, een sobere instrumentatie en een sterke samenzang. Allemaal heel gemoedelijk. Een ingehouden “Out of my hands”, “Building bridges” en “Little in the middle”, opnieuw samen met Martin & James volgden. Een groep muzikale vrienden vonden elkaar hier en deden een knieval voor hun publiek, die hun artiest telkens warm onthaalde. Jawel, iedereen was onder de indruk van de fijne, gevarieerde gig …

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

donderdag 28 april 2011 02:00

Forget

Twin Shadow is het alter ego van multi-instrumentalist George Lewis. De man laat z’n roots deels doorsijpelen in z’n sfeervolle elektronicapop. Dominicaan van geboorte, opgegroeid in Florida en NYC als thuisbasis hebben, verdiepte hij zich in modieuze elektronica. Hij verwerkt het met ‘80s sounds , die hij innemend kan houden , van een lichte groove voorziet, of er forsere beats tegenaan gooit om het dynamisch, sprankelend en dansbaar te maken. Lewis grijpt terug naar Godley & Creme, Eno/Byrne, Echo & The Bunnymen, Roxy Music, en New Order, en geeft er een eigentijdse en eigenwijze tic aan. Hij kon beroep doen op Chris Taylor van Grizzly Bear als co-producer.
We waren dan ook snel gewonnen voor gevarieerde songs als “When we’re dancing”, “I can’t wait”, “Tether beat” en “Slow”.

donderdag 14 april 2011 02:00

Lokemo

Het vierde album, van de tandem Hendrik Willemyns – John Roan, van Arsenal is er terug eentje om van te snoepen. Ze herdefiniëren hun geluid zonder de zomerse eigenheid te verliezen, en geven steeds verrassende wendingen. Hun warme zomerse, sfeervolle, aanstekelijke multi –culterele sound durft iets scherper, venijniger, dwingender en onheilspellender te zijn.
Ze deden (opnieuw) beroep op enkele gastzangers als Johnny Whitney (die z’n ervaring uit de hardcore/punk laat horen), die de songs “Glitter & Gold” en de titelsong een bepalende push geeft. Voor een donkere Arsenal tintje zorgt zangeres Mélanie Pain van Nouvelle Vague, die “Fear of heights” linkt aan The XX, door het spaarzame arrangement van meeslepende gitaarakkoorden en haar indringende stem … Ook het afsluitende “Sunn drumms” is meer dan moeite, met de hiphippers van Depotax, die het nummer doen huiveren en het een broeierige spanning bieden. Nieuw zijn de soundscapes tussen de nummers, die als rustpunten fungeren en de volgende song inleiden …
Natuurlijk graait de band moeiteloos in de bak van exotische, dromerige, dansbare pop, een mengelmoes van zwoele, opzwepende beats, Braziliaanse klanken en variërende zangpartijen die de Arsenal sound naar een hoger niveau tillen, “One day at the time”, “High venus” en de single “Melvin”.
Ze zullen live terug meer dan voldoende instaan voor opwindende live acts, zonnige cocktails, en kleuren je zomer. Prosit!

vrijdag 01 april 2011 02:00

The dangerous return

De Belgische Puertoricaan Gabriel Rios groeide de voorbije jaren uit tot ‘El sympatico’ met een knuffelbeergehalte. Z’n broeierige, aanstekelijke sound van pop, latino, salsa, soul en hiphop, z’n uitstraling en z’n warme stem zaten hier voor tussen. Ook de sing/songwriter kwam boven in hem op de  twee cd’s ‘Ghostboy’ en ‘Angelhead’. In het volgende initiatief met Jef Neve en Kobe Proesmans zorgde hij voor een intrigerende kruisbestuiving, die een brug sloeg met modern klassiek en jazz.
Op de nieuwe plaat werkte hij verder met deze twee en het virtuoze pianospel en de speelse drums zijn belangrijke pijlers. De songs kunnen ingetogen , rijkelijk gearrangeerd zijn en kunnen onverwachtse en originele wendingen hebben. Degelijk vakmanschap dus.
We vinden een paar toegankelijke songs, “Dauphine” en “Gulliver”  met hitpotentie.
Hij biedt meer avontuur, finesse en doordachte subtiliteit op “You will go far , opener van de derde plaat; de bredere stijl wordt gesteund, net als op “The things we know”. En hij verrast nog meer, “Tida wave”, “Orion”, “Diamond” en de titelsong hebben een ‘Broadway’ musical inslag, zijn sprookjesachtig en filmischer. “Natural disaster” is ongehoord sterk door de hoempapa en de tempowisselingen. “Straight song” en “Old shoes” zijn op hun beurt akoestisch, puur en ongekunsteld!
De dertigjarige artiest klinkt ongewoon mooi, goudeerlijk en bewandelt nieuwe paden. Het ondertreept Rios’ veelzijdigheid en talent!

vrijdag 01 april 2011 02:00

Swanlights

Antony Hegarty – aparte meneer – aparte zang – apart popgeluid – arty farty, die een eeuwige zoektocht maakt naar intimiteit, lichamelijkheid en spiritueel contact. De gevoelige, klassieke kamerpop blijft gebaseerd op het pianospel van Antony, omfloerst van een sobere, beheerste begeleiding van viool, flutes en strijkers, die net niet overhellen naar bombast. De nieuwe plaat biedt meer ruimte en ademt positivisme uit in die bezwerende , melancholische cirkel. Getormenteerd kan hij nog steeds klinken als op “The spirit was gone”, “Ghost” en “The great white ocean”; z’n kunsten beheerst hij tot in de puntjes. Extravertie schuilt om de hoek in het bredere materiaal als “Thank you for your love” en het sprookjesachtige “Salt silver oxygen”. Ook het duet “Flétta” met Bjork is een schot in de roos; of ze nu fluistert, zingt of krijst, het maakt iets los. Op de titelsong stoeit Hegarty met soundscapes … iets wat regelmatig terugkomt …
Op die manier heeft hij een mooi vervolg op ‘The crying light’ en is het opnieuw een ingetogen, betoverende, bevreemdende, doordachte en volstrekt unieke plaat geworden, met een minder geladen boodschap en in een ‘alles is nieuw’ princiep.

Het Noorse Kaizers Orchestra van de sympathieke zanger Janove Ottesen en Helge Risa, de geheimzinnige organist met gasmasker, zitten niet stil. Ze hebben al vier platen uit, 2 goede – 2 minder, maar hun muzikaal vuur blijft smeulen … ‘Maskineri’ uit 2008 gaf het al aan en nav hun tienjarig bestaan komen ze aandraven met de kers op de taart, een trilogie (over twee jaar verspreid); op de huidige tour stellen ze de eerste ‘Violeta violeta’ in de spotlights.
Het sextet brengt een soort zigeunermuziek, (Balkan) pop, polka, gypsy rock en ska en lijkt een balorkest op de scène. Naast een traditioneel instrumentarium geven ze hun opwindende, zwierige en broeierige sound kleur door een kermis-/pumporgel, contrabas en hebben ze afbraakmateriaal mee als olievaten, wielschijven en koevoeten als straffe ingrediënten.

Het leuke huiskwartet speelde een puike set, een stoomtrein waren ze, die maar al te graag live optreedt, zorgt voor entertainment en hun publiek betrekt bij de songs. Ottesen trekt aan de kar en laat z’n trouwe aanhang wat refreinen meezingen, ondanks het feit dat we van de Scandinavische taal geen jota begrepen … De Vooruit werd eventjes de eerste kermisfoor.
En Ottesen houdt van z’n gezin … Toen ze ruim zes jaar geleden nog in Gent optraden, wou z’n dochtertje bij thuiskomst een teddybeer; hij vond een hele grote aan de Kouter, die ze ‘Ghent’ hebben genoemd. Een lieve man met een teddybeer ‘knuffel’ gehalte, die het aanstekelijke materiaal aan elkaar rijgt met grappige interventies, een vleugje humor en een dosis zelfrelativering.
De set deelden ze in drie stukken. Twee met ouder materiaal en een middendeel met het nieuwe die de koers van de vorige cd verderzet en het houdt op luchtige muziek met een gevoelig randje.
Een strak, stevig tempo hielden ze aan van zwierige melodieën, huppelende ritmes, verrassende harde en zachte wendingen, gedragen door die helder indringende, emotievolle vocals van Ottesen. Nummers als “Delikatessen”, “Djevelens orkestar”, “Senior torpedo” en het meezingbare “Sigoynerblod” spraken voor zich ... Een kermiscarrousel leek het wel …
We maakten dan kennis met frisse, energieke songs van de nieuwe cd; de synths klonken wat meer door , hadden een intense en broeierige opbouw en het hoempapa gehalte verloochenden ze niet … Ballerinapop … door o.m. een spannende en smaakvolle “Philemon Arthur & the dung”, “Femtakt filosofi”; “Din kjole …” en “Psycho under min hatte”. “Svarte katter & flosshatter” was filmischer, donkerder, maar was origineel door de megafoon, misschien wel een link naar hun muzikale trilogie.
Het avontuurlijke “Bon fra hellvete” op de tonnen en wielschijven leidde het derde deel in … Creatief, ophitsend, dynamisch en eentje die elan kreeg door stroboscoops. “Kontrol Pa Kontinentet” en “Maestro”, op accordeon, behielden de feestelijke stemming … een gekke, gecontroleerde chaos, die sterk werd onthaald.
Ze trakteerden nog op 1 bis op deze zondagavond; het weerhield hen niet om een ‘singalong’ ronde te houden en “Bak et halleluja/De grind” in een acapella zeemanslied om te toveren.

Kaizers Orchestra trekt live de kaart van entertainment, feest en vertier; de nummers krijgen een polkaswing en ze zorgen ervoor dat de woorden ‘Kaizer’ en his ‘Orchestra’ terecht op hun plaats staan. 

Support was het  éénmansproject Bernhoft, ook uit dezelfde (Noorse) stal van Kaizers Orchestra. Een talent die swampt met pop, blues, soul en jazz, en over een heldere, doorleefde soulstem beschikt. Synthloops en beatbox vullen aan op z’n akoestisch gitaarspel. Een kruising van G Love, Bobby Sichran, Jamie Lidell  en de huidige Aloe Blaccs en Cee-Lo Greens. De cover “Shout” van Tears For Fears moest niet onderdoen van het origineel en werd gedragen door een prachtige falsetto vocal.

Organisatie: Democrazy, Gent

zaterdag 19 maart 2011 01:00

Woods – Muzikale rijdom

Een mooi bewaard muzikaal geheim in de Amerikaanse lofi alternative americanafolk is Woods, uit Brooklyn NY , gecentraliseerd rond Jeremy Earl, die met Jarvis Tavernier sinds 2005 de kern vormt. Ze zijn al toe aan de vierde cd ‘At Echo Lake’ en waren onlangs te vinden op de compilatie ‘Welcome home diggin’’, met eerder niet uitgebrachte nummers.
In een DIY - attitude zijn ze geëvolueerd van lofi trash folk pop tot meer indie/ psychedelische rock; kwalitatief puike pareltjes van songs met een hoge stemmenpracht, vooral die falsetto stem van Earl.
Earl is ook nog beeldend kunstenaar, zorgt voor illustraties en van zijn hand verscheen nog het boek ‘Skull’, met daarin een selectie van zijn tekeningen.

Niet te onderschatten dus, dit bandje die een fris geluid bracht met semi-akoestisch materiaal, die door klanken en voices van home tapes en cassettes kleur krijgen. Op een mengpaneel zijn ze een klankbron, en het inspireert hen op het moment zelf. Ze worden in de nummers gemanipuleerd. Ook pedaaleffects en een vervormde, hoge stem in een oude koptelefoon als micro vormt een absolute, toegevoegde waarde.
Woods ademt de sfeer van Guided by Voices, Sebadoh, Fleet Foxes en Local Natives en biedt deels meezingpareltjes. Onderschatte huiskamerpracht waarbij de nummers mooi in elkaar vloeien. Een klein uur lang genoten we van die originele, dromerige aanpak van o.m een “Sufferin’ season” en “Time fading lines”; galm en echo’s vulden aan en er was ruimte voor hun instrumentatie en soundscapes.

In de kleine Maison des Musiques kwam de zelfingenomen band ideaal tot z’n recht. Een breder publiek kan bereikt worden.

Eerder al bracht Sylvester Anfang II een overweldigende, langgerekte, bezwerende trip van postrock, retropsychedelica en donkere folk; hier ook de nadruk op improvisatie. In het handvol nummers dat ze speelden, hoorden we repetitieve ritmes, drones, schemersoundscapes en aanzwellende gitaar - en synthpartijen; een transfusie van klanken. Instrumentale muziek met een grauw, zwart randje.

Organisatie: Vk*, Sint-Jans Molenbeek

Pagina 272 van 337