logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
giaa_kavka_zapp...

The Fabulous Thunderbirds

The Fabulous Thunderbirds laten ons het WK voetbal even vergeten

Geschreven door

Wat heb ik van deze groep uit Austin gehouden! Hun eerste vijf LP's heb ik destijds grijsgedraaid. Vooral de eerste bezetting was legendarisch met naast wonderkinderen Kim Wilson en Jimmie Vaughan (die ik zo veel meer bewonderde dan broer Stevie Ray), Keith Ferguson (later nog bij de fantastische Tailgators en intussen reeds wijlen) op bas en Mike Buck (later nog bij The Texas Tornados en het South Filthy van Jack Oblivian en Jeffrey Evans) op drums. Al vlug begon de eindeloze reeks personeelswissels maar hun swampy rock-'n-roll bleef tot de verbeelding spreken. Toen in '89 ook Jimmie Vaughan de handdoek in de ring gooide (om solo nooit echt gensters te slaan) hield ik het definitief voor bekeken. De laatste plaat met Jimmie deugde eigenlijk ook al niet meer.
En nu 20 jaar later spelen ze plots aan mijn achterdeur en kon ik het toch niet laten om mijn oude helden nog eens te gaan zien. Correctie : oude held want ‘The Fabulous Thunderbirds’ staat eigenlijk gewoon voor Kim Wilson & band. Een beetje tegen mijn verwachtingen in maakten ze er een behoorlijk spetterende avond van en zal het toch net iets leuker geweest zijn dan ‘Duitsland – Spanje’.

Nochtans begonnen ze als een doorsnee bluesband waar ik het warm noch koud van kreeg. En veel oude nummers (buiten "Tuff Enuff", "She's tuff" en "My babe") om me aan op te trekken waren er ook al niet. Maar gaandeweg kwam de vaart er toch in en dat vooral dankzij gitarist Johnny Moeller. Een Jimmie Vaughan is hij zeker niet, integendeel, hij leek wel diens tegenpool. Terwijl Vaughan, steeds strak in het pak, zijn spel ook steeds bijzonder strak hield, zagen we hier een gitarist met wapperend bloemenhemd en dito haren die zich niet op één stijl liet vastpinnen en zijn inspiratie de vrije loop liet. Naast de traditionele blueslicks hoorden we een waaier aan invloeden (funk, soul, psychedelische rock, ...). Kim Wilson van zijn kant is nog steeds een begenadigd zanger en superb op mondharmonica. Toch ging hij één keer serieus uit de bocht met een oneindige mondharmonicasolo die de groep de gelegenheid gaf om achter de coulissen uitgebreid te gaan eten. Wou Wilson misschien bewijzen over wat voor een adem hij beschikt? Het is hem vergeven want plots hing er zowaar magie in de lucht toen tweede gitarist Mike Keller de leadgitaar voor zijn rekening nam en Johnny Moeller op een verse gitaar ramde alsof hij solliciteerde bij The Gories. "Payback time" klonk plots even swampy als de Thunderbirds uit de begindagen en het is verdomd een nummer uit 2009!! Zou ik dan toch eens naar hun laatste plaat moeten luisteren?

Organisatie: de Zwerver, Leffinge

Gent Jazz Festival 2010: Norah Jones - DjanGo! 100 Years Django Reinhardt - A Tribute

Geschreven door

Opwarmer was een Tribute to Django Reinhardt. Wie kan dit beter dan ouwe rot Koen de Cauter, een wandelende roman inmiddels, die met zijn drie zonen Was, Myrdinn en Waso de hort opgaat.
Django Reinhardt wordt door velen beschouwd als de grootste muzikale persoonlijkheid die de Europese jazz heeft voortgebracht. Koen De Cauter, al bijna vier decennia de verdediger van de gipsy jazz, brengt met een octet een hommage aan het weergaloze genie. We waren getuige van een schitterend concert met stuk voor stuk virtuoze muzikanten. Met een staand publiek en bijbehorend geroezemoes (ze haalden nét niet het vuvuzelaniveau) ging té veel van het concert verloren. Foei!
Koen De Cauter (sopraansax, klarinet en zang), Fapy Lafertin (gitaar), Jon Birdsong (cornet), Myrddin De Cauter (klarinet), Waso De Cauter (gitaar), Bart Vervaeck (gitaar), Dajo De Cauter (bas), Lionel Beuvens (drums)

Geetali Norah Jones Shankar – zo heet de dame voluit, en ons genoegzaam bekend als ‘dochter van’ én inmiddels wereldberoemde jazzdiva. Met haar eerste album ‘Come away with me’ (2002) had ze meteen een monstersucces. Terecht, want la Jones creëert een vrij nieuw geluid binnen de vocale jazz, waar ze vooral haar Texaanse en zuiderse invloeden toevoegt bij haar frisse stemgeluid. ‘Come away with me’ was een millionseller, evenals opvolger ‘Feels like home’.
Dat Norah Jones een veelzijdige dame is, bewijzen haar optreden als actrice in ‘My blueberry nights’ en -niet in het minst- haar keuze om het bij het uitbrengen van een nieuwe plaat, over een totaal andere boeg te gooien. Met ‘The fall’ (2009) gaat ze de rocktoer op. Ze haalde hier reeds platina mee, en bij ons is vooral de single “Chasing pirates” een ware hit geworden.
Het doet een beetje vreemd aan om haar met een gitaar te zien omgord. Waar ze voorheen als het ware aan haar pianostoel kleefde, staat Jones nu frontaal op het podium, mét gitaar en bijhorende gele skirt met witte bollen – als was ze weggelopen uit een Grease-movie). Even wennen toch…

De set was helemaal opgebouwd rond de laatste plaat, en het was er ook aan te horen (en te zien). De band,
Norah Jones (piano, Wurlitzer, guitaar, zang), Sasha Dobson (meerdere instrumenten), Smokey Hormel (guitaar), John Kirby (keyboards), Gus Seyffert (bas), Joey Waronker (drums), was een stevig 6-tal, met tweede frontvrouw Sasha Dobson (talking of being ‘hot’!) als dragende backing vocal én stevige ritmegitarist. Met Smokey Horne als lead en Norah Jones zélf als begeleidend gitarist (en ze doet het uitstekend), maakt dit dat het geluid voornamelijk door gitaren voortgebracht wordt, en binnen de set was dit er ook aan te horen.
What am I to you (feels like home/2004) – (tell me darling true)” zette meteen de toon van het concert. Een stevige opener, volledig in de stijl van Hare dochter van de meester op sitar. Weliswaar niet op piano zoals op plaat, maar stevig met de gitaar in de hand. Het moet gezegd, het doet vreemd, maar het staat haar wel.
De set is verder bijna uitsluitend opgebouwd rond ‘The Fall’. “Chasing pirates” (gewéldige gitaardelay!) zit wat verder in de set, evenals haar tweede hitsingle “It’s gonna be”. Vooral deze laatste was vrij indrukwekkend, met ondersteuning van extra percussie. Jones kon voor dit nummer even thuiskomen achter haar Wurlitzer.
Jones en haar muzikanten slagen erin om doorheen de set de songs vrijwel nooit liederlijk uit te spinnen, zoals vele muzikanten wel eens beogen. Nooit was er een ‘kijk, mama zonder handen-moment’. Solo’s werden tot het strikte minimum beperkt, en dat resulteerde ook in een kwalitatieve set.
De rock-uitstap van Jones was -tot voor het concert- een beetje aan mij voorbijgegaan. Haar verschijning gisteren heeft hier wat aan veranderd. Vooral haar swamp influences kan ze niet wegsteken. Bijwijlen maakt ze er een country-feestje van (“Cry cry cry/ ‘a song about a dog’”) …’Chicken skin moment’.
De volgelopen Bijloke-site wachtte uiteindelijk braaf af tot la Jones wat ouder werk uit de kast haalde. Als ze achter haar piano schuift, weet je het wel. “Sunrise (feels like home)” en vooral “Come away with me” konden op veel bijval rekenen.
Het staand publiek (jaja, hoe meer plaats, hoe meer volk) kreeg nog enkele hits en werd op hun wenken bediend. Als Gus Seyffert de staande bas ter hand neemt, zetten ze “Sinking soon” in. Een folky en pakkende rif uit ‘Not too late’ (2007). Dit moment bewijst nogmaals dat de dame van vele markten thuis is.

Men kan zich de vraag stellen of een dame als Norah Jones wel thuis hoort op een jazz festival zoals Gentjazz. Uiteraard programmeren de heren organisatoren ook wat breed, en met een dame als Norah Jones loopt de keet vol. Vooral in een eerste week van Gentjazz met wat klassieke en meer oldschool jazz, doet de programmatie van Norah Jones wat vreemd aan. Maar dat ze een klassedame is, is een understatement van jewelste …En dat Gentjazz nu mag beginnen…

Neem gerust een kijkje naar de pics op http://www.gentjazz.com of op ons eigen site van haar optreden in Vorst Nationaal in juni ll

Organisatie: Gent Jazz Festival, Gent

Angus & Julia Stone

Down the way

Geschreven door

Angus & Julia Stone - broer en zus uit Sydney, Australië … alles met de naam Stone heeft (toch wel) iets magisch. Joss Stone zit gegrift in ons geheugen qua emotievolle soulpop en het duo uit Australië verbaast en intrigeert met subtiele, elegante songs, alsof het niks is om indringende, soepele popsongs te schrijven … Het duo heeft de songwriterschap in zich! Na 2 EP’s en het debuut ‘A book like this’ (’08) zijn ze toe aan hun tweede cd, ‘Down the way’.
Geen enkele van de dertien dromerige songs moet onderdoen; er is voldoende variatie te horen, ofwel door de spaarzame begeleiding van piano/akoestische gitaar, “For you”, “Santa monica dream”, “The devil’s tears” en de opbouwende “I’m not yours”, “Dream your swords”, ofwel worden op ze gepaste en gevatte wijze georkestreerd door keys, elektronische strijkers en  blazers, “Hold on” en “Big jet plane”. En breed kleurenpalet dus. En ze zijn niet vies van een flinke scheut country/americana waaronder ”On the road” en het uitgesponnen “Yellow brick road”, door steelpedal – gitaarslides en -soli.
Het is genieten van het mooie sfeervolle, dromerige materiaal. Vocaal wisselen ze elkaar af of vullen ze elkaar aan. Julia’s bedeesde vocals neigen in de richting van Hope Sandoval en Angus durft naar Damien Rice of de falsetto van Jeff Buckley te gaan.

Kelis

Flesh tone

Geschreven door

We waren de laatste jaren Kelis wat kwijtgeraakt. De plaat ‘Kelis was here’ had niet het verhoopte succes als haar andere platen, waarop steevast enkele puike singles waren te horen als “Caught out here”, “Good stuff”, “Flash back”, “Trick me” en “Milkshake”. Een grillige muzikale loopbaan van grootse hits en tragische missers …
Op ‘Flesh tone’ komt de r&b, funk, soul geluid grotendeels niet meer voor. Ze is een dance diva en vamp geworden, die niet zonder handschoentjes te pakken is. Ze is recent gescheiden van rapper Nas, kwam dikwijls in aanraking met de politie, liep arrestaties op en had ruzie met bontbestrijders. Een gevaarlijke katje dus, die met de nieuwe plaat de clubdance tour opgaat. Ze heeft opnieuw een grootse single op zak, “Acapella” door David Guetta geprocudeerd btw; de elektronica, elektro en beats klinken fors door in “22nd century” , “4th of July” en “Brave”. Op die manier wint ze het jonge publiek voor zich en borduurt ze op het danceconcept van Madonna en Lady Gaga. ‘Mission succeed’ om opnieuw op het voorplan te treden…

Fool’s Gold

Fool’s Gold

Geschreven door

Een warm, tropisch geluid horen we op het debuut van de muzikale smeltkroes uit L.A., Californië, Fool’s Gold. De band gecentraliseerd rond Luke Top (zang/bas) en Lewis Pesacov (gitaar) verweven Afrikaanse, Oosterse, Indiase aanstekelijke ritmes en melodieën in Westerse pop en intrigerende, tintelende gitaarakkoorden. Hun world(beat)pop wordt dan nog dikwijls in het Hebreeuws gezongen door de Israeli roots. Het draagt bij tot de muzikale veelkleurigheid, opgezweept door de percussie, blazers en samenzang … speels, zomers, ontspannend maar met een ‘message’ van wat er ginder aan de andere kant van de wereld gebeurt …een glimlach en een traan … stof tot nadenken dus! Ze zijn alvast reikende hand met de grensvervagende muziek. Een hechte eenheid en een sterk op elkaar ingespeelde band, die al meteen boeit met de eerste songs “Surprise hotel” en “Nadine”.
Acht mooi uitgewerkte, soms uitgesponnen songs die nauw durven te leunen aan de Tinariwen sound en ervoor zorgen dat Stone Roses’ “Fools gold” een even aanstekelijk en broeierig eerbetoon krijgt. Een coherent, diepgaand en veelkleurig meesterwerkje dus!

We Are Scientists

Barbara

Geschreven door

Nerdy is hotter dan de eerste hittegolf op het jaar. We Are Scientist verraadt aan de bandnaam alleen al dat ook zij uit hetzelfde vaatje tappen zoals muziekmakende pioniernerds Weezer of onze eigenste Galacticos. Wat wel opvalt is dat ze hetzelfde genre muziek produceren. Degelijke, snedige poprock. ‘With Love And Squalor’ was de debuutplaat die hen in 2005 lanceerde als ‘the next big thing’, maar het is toch vreemd dat we sinds die debuutplaat niet veel meer van hen vernomen hebben. Tot onze verbazing is ‘Barbara’ al hun vierde plaat en komen ze nu opzetten met een bescheiden hitje “Rules Don’t Stop Me”. Oprichters Keith Murray en Chris Cain worden nu versterkt met ex-Razorlight drummer Andy Burrows nadat de vorige drummer Michael Tapper in 2007 de band verliet. Op papier al een mooie aanwinst.
Op deze langspeler vinden we enkele goede popnummers terug. De single “Rules Don’t Stop Me” is een schot in de roos. Verder hebben “I Don’t Bite”, “Nice Guys” en “Central AC” die ons naar het niveau van “With Love And Squalor” kan tillen. Dan hebben we het enkel over de nummers met de klassieke ingrediënten die een popgroep zoals deze moet combineren. Ze missen bij momenten wel hun punch, maar blijven toch overeind. “Pittsburgh” is een beklijvende track die blijft hangen en is een waar hoogtepunt. Een ander nummer waar het tempo omlaag gaat is “Foreign Kicks”.
Er werd ook met synths geëxperimenteerd in “Jack & Ginger” en “Break It Up”, maar de uitkomst daarvan stelt ons wat teleur. Na een halfuurtje zal je al merken dat alle 10 nummers er al doorgejaagd zijn.
Al bij al mogen we het over een geslaagde comeback hebben na een lange radiostilte (althans bij ons). De formule zit nog niet helemaal lekker, maar ze kunnen zich zeker herpakken. Hopelijk maken We Are Scientists een opmerkelijke doortocht als ze op Pukkelpop spelen later in deze warme zomer.

Iron Fate

Cast in iron

Geschreven door

Blijkbaar moet je voor een vette portie kwaliteitsmetal nog steeds naar Duitsland trekken en op die tocht kom je zeker bij Massacre Records terecht, een label dat sinds enkele jaren (o.a. door de topact Crematory) tot één van de betere in hun soort behoort.
Iron Fate zijn een nieuwe Duitse band en meteen bij de eerste noten van dit debuut hoor je dat deze lieden zich hebben laten inspireren door de grootste voorbeelden uit de traditionele hard rockgeschiedenis zoals Iron Maiden, Judas Priest of om wat recenters te noemen Hamerfall.
Deze stevige brok powermetal voldoet aan alle kwaliteiten die je van een metalplaat verwacht : prachtige hoes, loeiharde (maar ultramelodische) gitaren, de verplichte ballad (“Imagine a better world”) en een stem van Denis Brosowski die klinkt als dat van het typisch gekastreerd koorknaapje. U kan natuurlijk best leven zonder deze aanwinst maar wie ooit gek was van pakweg “Number of the beast” moet dit maar eens een kans geven.

INFO www.myspace.com/ironfateband

The Agitators

Among Friends

Geschreven door

Uit de as van de groepen Double US en het legendarische Eightbal herrees in 2000 The Agitators. Deze Antwerpse heren maken  een heerlijke mix van streetpunk en melodieuze ‘oi’ in het verlengde van bands als Cockney Sparrer, GBH, The Clash en Rancid. Ze zingen bovendien over de belangrijkste zaken in het leven: voetbal, vrienden en bier drinken! De mannen zijn al een decennium actief maar dit is naast een split cd met de punkrockers van The Heartaches  en twee full cd’s slechts hun derde volwaardige album.
Nu is er dus ‘Among Friends’ en het moet gezegd worden: dit plaatje weet ons te bekoren! De straatpunkers slaagden erin verschillende sterke nummers te componeren waarbij het onmogelijk is om niet luidkeels mee te blèren of om je hoofd stil te houden. De hele plaat is zeer melodieus en de productie is ijzersterk.
Het begint al met het gevarieerde en meezingbare openingsnummer “Eddy Would Go” dat de toon zet voor de hele plaat. Zoals vanouds handelen er op ‘Among Friends’ heel wat nummers over de meest edele der balsporten: in “4 minutes”, onze favoriet op deze plaat wordt het legendarische kopbaldoelpunt van Georges Grun bezongen, in “Red and White” declareren The Agitators hun liefde voor Royal Antwerp FC en in “No to the Merger” laten ze duidelijk blijken wat ze denken van een eventuele fusie met een paarse voetbalvereniging. Ook “Markus Agitator”, een ode aan hun overleden drummer, “You’re going down” en het emotionele “Friends (are there for you)” vinden wij ongelooflijke klassenummers.. Een laatste pluspunt is  het accent van zanger Mark Van Lier die rechtstreeks weggeplukt lijkt uit de Engelse straatpunkscène.

Rock Werchter 2010: zondag 4 juli 2010

Dag vier bood een stevig rockmenu en hier werd het rockmindende publiek op z’n wenken bediend … Waar voor hun …!

Meteen werden we wakker geschud door het beloftevolle The Van Jets. De glamourrock’n’roll van ‘Electric Soldiers’ werd omgezet in onversneden, broeierige rock’n’roll op de tweede ‘Cat Fit Fury’, hoewel de scheutjes ‘Ziggy Stardust’ en ‘Fashion’ van David Bowie nooit veraf waren. We hoorden aanstekelijke openers “Down below” en “Dancer”, een spannend middendeel met “What’s going on” en “The future”, en waren onder de indruk van de krachtige licks, pedaaleffects en percussie op “The matador” en “Onawa”. The Van Jets hebben potentieel voor de toekomst (die hen nu kan toelacht!).

De zwoele, sensuele, exotische jazzy soulpophouse van het kleurrijke, charismatische Antwerpse gezelschap Sweet Coffee, onder Raffaele Brescia en Patrick Bruyndonx, kreeg in de Pyramid Marquee een flinke dancebeat mee, die hen richting Groove Armada, Basement Jaxx, Arsenal en Faithless bracht. Ze waren de helende cocktail bij spanning en stresstoestanden en hadden voor deze unieke gelegenheid een resem gastzangers en - zangeressen mee. “U-Turn”, “Tomorrow”, “Alone” en “Don’t think” waren de ‘Tune-your-summer en het recept van de ‘lazy sundays’ kreeg je o.m. door “Lost in tears”. Je zomer werd alvast gekleurd door Sweet Coffee ...

Pure, onversneden rauwe rock’n’roll en blues met weerhaken, dat hadden we nog niet gehad. Tot de komst van The Black Keys. Met zijn tweetjes serveerden ze de meest rauwe rock die we in Werchter mochten meemaken. Toen ze wat hulp kregen van een keyboard speler en een bassist werd er bovendien nog wat authentieke soul in de weide gegooid. En denk nu maar niet dat ouderwets klinkt, hoegenaamd niet, bijwijlen klonken ze funky as hell. Dan Auerbach is de meest gedreven zanger/gitarist die dit weekend op de Mainstage mocht postvatten. Zo puur als ’t maar zijn kan, een vijfsterren-optreden. Hebben wij van heel het weekend iets beter gezien ? Ik denk het niet.

De herrezen Alice In Chains (met nieuwe zanger, omdat de vorige een klein beetje dood is) brachten met verve de Grunge opnieuw tot leven. Hun set was een mooie combinatie van de nieuwe plaat (“Check my brain”, Man in the box”) afgewisseld met enkele oudjes (o.m. “Would). De gitaren op scheurstand, de versterkers volledig open. Zo moest het en zo was het ook.


De Engelse indierockers van Gomez zijn mee op tour met Pearl Jam. Een goede tien jaar terug boden zij heel wat varianten en verrassingen aan in die sound en ze beschikken over drie zangers en gitaristen pur sang. De laatste platen verbleken wat en gaan eerder aan ons voorbij vanwege ‘gewoontjes’ en ‘al veel gehoord’. Een dromerig, subtiel doordachte sound die af en toe werd doorbroken door een krachtiger aanzet of een licht vrolijke noot, waaronder “Silence”, “Whippin’ piccadilly”, “Ping one down” en afsluiter “How we operate”.

Ware het niet dat wij tegen dan al volledig gaar en doorbakken waren, we zouden gezegd hebben dat Vampire Weekend het zonnetje terug op de weide bracht. Heerlijke zomerse muziek met fijne knipoogjes naar Talking Heads. Frivool, knap en leuk, en een fijne verademing na al het luide rockgeweld dat hier aan voorafging. Wat een “Holiday” …

Ook weer volledig naar onze goesting was de monstersound van Them Crooked Vultures, uiterst vitale rock van heren met standing (u kent ze ondertussen wel al). In tegenstelling tot het bommenarsenaal van Greenday en Rammstein, zat het vuurwerk hier volledig in de muziek. Josh Homme is een goddelijke gitarist, Jones basst geweldig en Dave Grohl moet maar in één drummer zijn meerdere erkennen, en dat is Animal van The Muppet Show. Them Crooked Vultures was er boenk op.

The Arcade Fire
stond nogal hoog op de affiche, maar ze stonden er terecht. De nieuwe plaat is nog niet uit en hits hebben ze nooit gehad, dus het grote publiek moest toch wel even wennen. Dit optreden was er eentje voor de fijnproevers en blonk uit in kwaliteit. De band deed ons vanavond met veel honger uitkijken naar hun nieuwe album ‘The Suburbs’. “Keep the car running”…

Pearl Jam waren weer volledig hun eigenste zelf. Als absolute headliner van het hele festival speelden zij vooral pure rockmuziek, rechtdoor, niks geen vuurwerk, luchtballonnen, opgezwollen lichtshow of acrobatische standjes. Rocken was de boodschap. En dat is waar Pearl Jam goed in is en steeds in zal blijven. De setlist is ook nooit een greatest hits bij die mannen (afgezien dan van het obligate “Even flow”, “Alive” en “Jeremy”). Ook nu weer de nodige verrassingen, zo werden we als opener al getrakteerd  op een bruisende versie van “The Public Image” van PIL  en gingen alle registers op het eind volledig open met de MC 5 klassieker “Kick out the jams”. Alles wat daartussen zat was hard, meedogenloos en zonder franjes . En altijd even prachtig, kortom Pearl Jam pur sang.

Organisatie: Live Nation – Rock Werchter

Rock Werchter 2010: zaterdag 3 juli 2010

Klinkende namen, een handvol talentrijke bands … én show, entertainment en verkleedpartijen sierden dag drie. We waren benieuwd hoe ze het ervan af brachten … 

Het beloftevolle Delphic gaf het startschot in de Pyramid Marquee. Hun aanstekelijke, dromerige, dansbare songs werkten in op de dansspieren, vooral toen ze de elektrodrums ten volle benutten. Popelektronica, rock, punkfunk, postpunk en ‘80’s synthpop waren samengebald. De singles “Doubt” en “This momentary” plaatsten ze naast een uitgesponnen “Counterpoint”; meteen een feestje op de vroege middag. Delphic … smth to believe ...

Het Australische Temper Trap brak vorig jaar door met de cd ‘Conditions’: bezwerende, dromerige poprock, die door krachtige ritmes, een brok psychedelica en bombast voortgestuwd werden, gedragen door de falsets en de meer directe zang van spil Dougy Mandagi. Het kwintet had er duidelijk zin en speelde een snedig gedreven, energieke rockset. De singles “Rest” en “Sweet disposition” klonken krachtiger en neigden naar de stevige aanpak die we kennen van “Fader”. Ook kreeg “Drum song” elan door de dubbele percussie en de vele cymbalen. En op het eind van “Science of fear” ging de gitarist volledig prat en gooide de zanger zich op de eerste rijen …

Wij zijn niet echt metallisten, maar de Belgische metalen trots Channel Zero heeft ons moeiteloos weten te overtuigen met hun snoeiharde set. Zwaar, loodzwaar, maar het ging er goed in op de Werchterse weide en wij waren echt niet de enigen die dat vonden. De heren durfden het aan om met hun prijsbeest “Suck My Energy” aan te vatten en hielden de drive het hele optreden aan. Franky DSVD zijn strot trotseerde zonder veel problemen de kwellingen van het bijtende “Help” en de loeiende afsluiter “Black Fuel”. Een set even moordend als de hitte.

Het eigenwijze Yeasayer uit NYC, Brooklyn goochelt nog meer dan Delphic met diverse stijlen, en voegen er world en Indiase elementen aan toe. De toegankelijkheid kan sierlijk gestoord worden door bevreemdende, geflipte melodieën, dreigende, tegendraadse ritmes en experiment. Met momenten bizarre muziek dus, die intrigeert en op de dansspieren werkt. Daar zorgde songs als “O.N.E”, “Mondegreen” en “Ambling Alp” voor van de recente ‘Odd Blood’. Ook hier het nodige spelplezier, verrassende wendingen, wisselende toonhoogtes in de vocals en leuke interventies (btw ze herinnerden zich nog steeds hun eerste optreden een paar jaar terug in Gent!).

Ontgoocheling van het festival was Gossip. Wij verklaren ons nader: Vandaag hadden wij hier vooral onze zinnen op gezet, maar ja, een dagje eerder hadden wij ook al ons geld gezet op Brazilië tegen Nederland, het mocht ook niet zijn en daarmee zat Werchter dan ook dit weekend opgescheept met luidruchtige zatte Hollanders. Maar goed, we wijken af. Dikke Bertha kwam met zichtbare tegenzin het podium opgewandeld, speelde om te beginnen een slappe versie van “Standing in the way of control - een song die normaal een hoogtepunt zou moeten zijn-  en haspelde heel de set af op automatische piloot, ongeïnspireerd en een verveelde indruk nalatend. Hadden we enkel voor haar betaald, we vroegen meteen ons geld terug. Enkel afsluiter “Heavy cross” deed even het vuur oplaaien, maar toen was het kalf (of de koe, zoals u wil) al lang verdronken.

Des te meer vonden wij het jammer dat we Gossip niet vroeger hadden gelaten voor wat het was om naar Porcupine Tree te gaan zien. Een prog-rock groep zowaar, nooit gedacht dat zo iets op Werchter zou geraken. Wij zagen fantastische muzikanten en hoorden knappe songs met geweldige gitaarrifs, we dachten heel even aan Archive, Dream Theater of aan Pink Floyd met zware gitaarversterkers. Helaas maar twintig minuutjes van gezien, maar wel genoten.

Het Britse The Ting Tings heeft al twee jaar z’n debuut uit, was één van de revelaties met Blood Red Shoes en trekt nog steeds rond in diverse clubs en op festivals. Momenteel zijn ze ‘on tour’ met Pink en kregen een hoge plaats aangemeten op het hoofdpodium. Sprankelende, springerige, frisse en speelse gitaarpop van Jules de Martino (drums/vocals) en de bevallige Katie White (gitaar/effects/vocals) in een verleidelijke verpleegsteroutfit (wat een verzorging zou zij ons kunnen geven …). De aanstekelijke, huppelende ritmes, de gitaar- en syntheffects en een opzwepende bassdrum, de sexy looks en de speelse onbevangenheid zorgden voor een opwindend , stomend setje van “We walk”, “Great DJ”, “Fruit machine”, “Shut up & let me go”, “We started nothing” en “That’s not my name”.
Band met charisma, die duidelijk de aandacht trok en optimisme en levensvreugde uitstraalde. Kortom een positieve vibe … Nu zijn we toch écht benieuwd naar het nieuw materiaal van het duo …

De Pyramid Marquee tent puilde uit voor de sensatie van het moment Florence and The Machine. Nog in de roes van de hype die er rond haar persoontje is ontstaan, had zij Werchter al volledig aan haar voeten vanaf de eerste noten die haar groep speelde. Jawel, Florence kan zingen, en publiekslieveling “Dog days are over” is waarlijk een knappe song, maar laat ons toch nog even wachten tot de hype over is, eens zien of ze dan nog een publiek weet te overtuigen.

Pink: een on-the-road Last Vegas (Pink) show van pop, rock, glamour, show & entertainment & verkleedpartijen… alles erop en eraan , professioneel en uitgekiend. Maar het muzikale wordt deels onderdrukt en er is veel opzichtige kitsch in de performance door het kunst - en vliegwerk, de vrouwelijke toydolls, de outfitwissels en de vlammenwerpers. “Get the party started” en “Funhouse” waren dan ook de terechte openers voor haar rockshow; verder volgde nog een medley met ene Butch Walker over haar muzikale roots en friends (The Who – Greenday- The Police en Four Non Blondes ), enkele intieme songs waaronder “Dear Mr President”, en met “So what” leverde ze een krachtige dansbare afsluiter af … It’s the way of life van Pink …

De absolute revelatie van zaterdag was Empire of the Sun. U mag het misschien kitscherig en erover vinden, wij vonden het fantastisch. Het swingde en rockte tegelijkertijd, de tent kolkte over dankzij de wervelende show met ondermeer een viertal danseressen die geregeld van pakjes veranderden (het ene nog gekker dan het andere), uiterst zwevende psychedelische visuals en vooral een knap musicerende frontman die duidelijk wat kneepjes van Prince had geleerd. De heerlijk geflipte sound mag u gaan zoeken in de richting van Prince, Funkadelic, The Flaming Lips en The Scissor Sisters. Knap, bijzonder knap.

Ook show en spektakel kon bij het Duitse Rammstein niet ontbreken. Rammstein doolde en marcheerde met Duitse metal, perverse, vunzige teksten en gedachten en had uitgewerkte ideeën om vuur, veel vuur in hun performance te steken. Muzikaal leedvermaak dus… En net zoals de Deutsche Mannschaft Argentinië had verpletterd, dienden zij mokerslagen toe in hun ‘stahlarbeitende’ muziek, als “Rammlied” en “Feuer frei”. Verder ontvlamde iemand op “Benzin” en was “Pussy” het orgastisch hoogtepunt, waarbij Lindemann op een enorm falluskanon kroop en de eerste rijen volspoot met … snippers en badschuim. Tot slot hadden we classics als “Links”, “Du hast”, “Sonne” en “Ich will”, waarbij de toetsenist bootje vaarde over het publiek. Een oprechte ‘Danku, merci’ toonde aan dat de heren ook maar mensen waren. En hoorden we daar ergens niet “Don’t cry for me Argentina” uit de luidsprekers …

Organisatie: Live Nation – Rock Werchter

Pagina 822 van 966