logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
Suede 12-03-26
Johan Meurisse

Johan Meurisse

donderdag 18 februari 2010 01:00

Forget the night ahead

Al bij de eerste tonen van “Reflection of the television” uit de cd ‘Forget the night ahead’ zijn we onder de indruk van het uit Glasglow afkomstige The Twilight Sad. De groep draait rond Andy MacFarlane, muzikaal architect van de band en zanger James Graham, die met z’n Schots accent de songs een extra dimensie geeft.
De songs passen binnen de ‘80’s waverock/shoegaze/pop, waarbij Joy Division, Echo & The Bunnymen, The Smiths, en verder The Chameleons moeiteloos staan naast My Bloody Valentine, Ride en Swervedriver. Gooi er nog de melodieuze finesse van Snow Patrol, de glamwave van Glasvegas, oudere broers IlIketraIns en Editors, de melancholie van Arab Strap en de postrock van Mogwai tegenaan, en we hebben de ideale cocktail klaar voor The Twilight Sad. Wat een kennismaking! Opzoekingwerk leverde op dat ze al aan hun tweede cd toe zijn en debuteerden in 2007 met ‘Autumns & fifteen winters’.
We horen broeierige, intens meeslepende, dromerige songs, die een donker kantje hebben met ontregelde gitaarstormen, net gepast en nooit te fel en te hard. Het is genieten van het boeiende materiaal als “I became a prostitute”, “Seven years of letters”, “Made to disappear” en “The birthday present”. De pianoloops die in sommige songs voorkomen, waaronder “At the burnside” en “The room”, geven kleur aan het heerlijke materiaal.
Tja, daar smeult iets in Schotland.

donderdag 18 februari 2010 01:00

Mind Chaos

Uit Portland, Oregon komt het energieke, groovy kwartet Hockey. Los van de sport hebben ze een even beweegbare danssound. Ze halen invloeden van de punkfunk, ‘70’s retro en ‘80’s popwave. Ze hebben de rock-, wave- en psychedelicalooks (kijk maar naar eens naar zanger Ben Grubbin) en onderscheiden zich met een aantal opwindende, frisse, aanstekelijke popsongs als “Too fake”, “Learn to lose”, “Song away” en “Put the game down”. Ze steken er nog meer swing in op “Wanna be black”, “Four holy photos” en “Peacher”. Enkel “3 A.M. Spanish” valt uit boot en klinkt weinig doeltreffend, maar voor de rest houdt de band er duidelijk de pit en dynamiek in en straalt het materiaal een ‘positive vibe’ uit. De groep put uit de punkfunk van LCD Soundsystem, The Rapture en The Klaxons, linkt het aan het huppelende Hot Hot Heat en het oude Franz Ferdinand en kruidt het tot slot met de ‘70’s retro van The Strokes. Het zorgt ervoor dat ze naast geestesgenoten Friendly Fires en Passion Pit komen.
Hockey: we hebben er alvast een leuk bandje bij die alles in zich heeft om een groots succes te worden …

donderdag 18 februari 2010 01:00

Silver threats

The Black Box Revelation, het duo Jan Paternoster (zang/gitaar) en Dries Van Dijck (drums) 20 en 18 jaar jong nota bene!, zijn héél goed op elkaar ingespeeld. Ze verbaasden een paar jaar terug met hun debuut ‘Set your head on fire’, dat rauwe, vette en retestrakke garage rock’n’roll blues bevat met een gevoelig randje, want ze toverden ook een paar breekbare parels. Venijnig, scherp, broeierig, fris materiaal, dat intrigeerde en beklijfde…
‘Silver threats’ ligt in het verlengde van de vorige cd. Ze hebben met Mario Goossens, drummer van Triggerfinger een goed producer, die op dezelfde golflengte staat …tja, hoe kan het ook anders …, trokken met hem de studio in van Ray Davis, perfectioneerden hun geluid en brachten een reeks van 11 fraaie overtuigende strakke, toegankelijke, melodieuze lappen gitaarrock, waaronder een catchy melodie, smerige rock’n’roll, rauwe rhythm & blues, Barkmarket dreiging en psychedelica schuilt.
Hun ‘less is more’ aanpak is hot en is op de leest van een strakke, robuuste White Stripes. Het is genieten van hun stomende rock’n’roll pur sang als “Where has all this mess begun”, “Run wild”, “5 o’clock turn back the time” en “Love licks”. Ook de single “Do I know you” heeft iets aparts met die gitaarlicks. Ze zijn van het juiste (rock) hout gesneden, dit wild enthousiast energieke duo. Het afsluitende “Here comes the kick” (met hulp van Beverly Jo Scott) is een lange bezwerende gitaartrip en ze schroeven even de versterkerknoppen terug met een sfeervol gehouden “Our town has changd for years now” door het gitaargetokkel en de tromroffels. Enkel de single “High on a wire” verraadt een “Personal Jesus” lick van DM, maar OK, daar maalt niemand om want we hebben een heerlijke cd van Belgisch beste live act …

Vancouver, Canada, staat dezer dagen in de belangstelling door de Olympishe Winterspelen. Het duo, Brian King (gitaar) en David Prowse (drums), zijn geworteld in die stad en overstelpten ons de vorige maanden met een woeste bak onvervalste garagerock, rauw rammelende lofi noiserock, terend op de ‘90’s noisepop en posthardcore. Niet verwonderlijk dat Fugazi, At the drive-in, Jesus Lizard, Husker Du en Mudhoney een belangrijke invloedssfeer zijn, ze opkijken naar bands als Sebadoh, Lightning Bolt, McClusky en Liars, en dat zij samen met Crystal Antlers, Wavves en No Age een nieuwe wind blazen.
Ze ondernemen een heuse clubtour om hun overtuigende plaat ‘Post-nothing’ elan te geven.

Ze serveerden een flinke scheut energieke, frisse, dynamische, opzwepende en frisse songs uit hun cd en de twee eerder verschenen EP’s ‘All lies’ en ‘Lullaby death James’. Broeierig, snedig materiaal bepaald door heftige, droge drums, een ziedende, scheurende, ronkende gitaar en snelle, verbeten soms vettige riffs, allemaal binnen een toegankelijke, aanstekelijke melodielijn en een goed op elkaar afgestemde zang. King martelde zijn gitaar, krijste en gromde, kon de gaspedaal fors indrukken, sprong op de drumkit en jutte het publiek op… En ook de drummer moest niet onderdoen qua dynamiek en enthousiasme, wat terecht referenties opriep aan The White Stripes, Death from above 1979, The Kills, Shellac en ons Black Box Revelation en Madensuyu.
Het lukt het duo allemaal in een soepele, elegante stijl. “No alliance for the queen” opende sterk en na een lange intro zetten ze “The boys are leaving town” in. Meteen was de toon gezet van een puike act van het duo, die de songs lieten exploderen door diverse tempowisselingen en krachtige erupties; de aan Helmet gelinkte “Darkness on the edge of gastown”, “Heart sweats” en “Wet hair” waren pareltjes hierin. Ze betrapten elkaar op schoonheidsfoutjes, maar dit drukte de pret niet. In hun speels enthousiasme hielden ze er een fijne finale op na met “Crazy/forever”, “Sovereignty”, de van Big Black genomen “Racer x” en Young hearts spark fire”; ze porden aan het refrein mee te brullen … Het spelplezier droop er van af dus …

Japandroids bood (h)eerlijke no-nonsense, catchy trashy rock, die ze zelf doodleuk omschrijven als “Post-nothing”. Overtuigende set van een band die we zeker nog mogen terug verwachten …

Organisatie: 4AD, Diksmuide

donderdag 11 februari 2010 01:00

Contra

Vampire Weekend heeft een voortreffelijke tweede cd uit, ‘Contra’ die het titelloze debuut opvolgt. Ze brengen ‘schone’ popliedjes, die rijkelijk geschakeerd zijn door Afrikaanse popritmes. Ze integreren de speelsheid en ritmiek van afropop in hun Westers geluid, wat referenties oproept aan Paul Simon, Talking Heads en Peter Gabriel.
‘Contra’ klinkt even boeiend en is een logische verderzetting, zonder drastische wendingen. Ze behouden de wereldse aanpak van een melodieus aanstekelijke groovy sound en grijpen invloeden van Azië en Z-Amerika aan.
Wat ze allemaal uit hun instrumenten toveren lijkt onwaarschijnlijk. Elke song overtuigt en haalt een invloedssfeer aan die de song grootser en breder maakt door o.a. reggae, funk en dancehall.
Geniet en onderga wat deze band allemaal verwezenlijkt op de tien songs: sfeervol, fris, sprankelend, leuk en toegankelijk. “Horchate”, “White sky”, “Holiday“ en “California English” zijn al meteen super qua ritme, vibe en groove. De orkestraties hebben de doorslag op het ingetogen “Taxi cab”, “Cousins” klinkt directer en de afsluitende reeks “Giving up the sun”, “Diplomat’s son” en “I think ur a contra” zijn sfeervolle tintelende knallers door hun onwaarschijnlijke mix aan stijlen.
De plaat is zeker en vast het gedroomde vervolg op hun debuut en bevat zomaar eventjes vijfsterren klassesongs. ‘Contra’ is dus een zeer rijk album en zorgt dat we in de nog jonge bandgeschiedenis te maken hebben met grootse, inventieve en boeiende, avontuurlijke Vampires.

donderdag 11 februari 2010 01:00

Only Revolutions

Het Schotse trio Biffy Clyro van de broers Johnston timmeren hard aan de weg een breder publiek te bereiken, zonder de fans van het eerste uur te willen verliezen. ‘Only Revolutions’, hun vijfde album al, is mainstreampoprock, een gevarieerde, uitgebalanceerde plaat met toegankelijk, geestdriftig, direct en vrolijk materiaal, soms aangevuld met een vleugje bombast door orkestarrangementen.Een ‘larger than life’ op de Foo Fighters manier, zoals ze omschrijven.
De eerste songs “The captain” en “That golden rule integreren oud en nieuw. “Bubbles” (met medewerking van Josh Homme) en “Cloud of stink” zijn snedig en gebald met heftige riffs. Maar we houden het liefst van hun opbouwende songs als “Shock shock”, “Booom blast & ruin” en het afsluitende “Whorses”. En “Mountains” levert hen wel die ideale poprocker en kan de definitieve doorbraak betekenen!
Ondanks de Kings Of Leon attitude klinkt de muziek van de hardwerkende Schotten nog steeds de moeite, wat een doorsnee goed klinkende cd opleverde, genoemd naar het gelijknamig boek van ene Danielewski, die de leden lazen …

donderdag 11 februari 2010 01:00

Ocean Eyes

De vuurvliegen van de 23 jarige Adam Young uit Owatonna, Minnesota teisteren al weken de hitparade! De “Fireflies” zijn nu net het prototype van de beeldrijk dromerige sound van de tweede plaat na de in 2008 verschenen cd, ‘Maybe I’m dreaming’ die aan onze neus voorbij ging.
Het zijn poëtische teksten en tot de verbeelding sprekende songtitels die we horen: “The bird & the worm”, “Umbrella beach”, “The saltwater room”, “Meteor shower”, “The tip of the iceberg” en “On the wing”, maw het zijn oceanen, meteoren en vogels binnen z’n aparte stijl van indietronica, te zien als indie/synthpop, die de mosterd haalt bij The Album Leaf en Postal Service. De toetsen, piano, de orkestraties en de gekunstelde electrozang geven kleur.
Het zijn sfeervolle, gepolijste songs die een puike opbouw hebben en meer groove kunnen bevatten. “Cave In”, “The bird & the worm” en natuurlijk “Fireflies” zijn de uitschieters van het intens broeierige materiaal van de songschrijver.

zondag 14 februari 2010 01:00

Een hard, fel en meedogenloos Front 242

Front 242: electronic body music pioniers, opgericht in ’81, uit Brussel, waren één van Belgisch (Brussel) invloedrijke en baanbrekende bands in de dance. Zij haalden de mosterd bij de electro van Kraftwerk, de synthwave van Suicide, de avantgarde van Einstürzende Neubauten en de punkfunk van Cabaret Voltaire en waren samen met Nitzer Ebb, DAF, The KLF, Front Line Assembly, SPK en Lords Of Acid de vaandeldragers van de ‘90’s en huidige dance/electro/techno/industrial scene.
Front 242 had naam en faam door z’n energieke en opzwepende live acts. De heren waren toen gekleed in uniforme commando-gevechtskleding. Platen als ‘Geography’ (’82), ‘No Comment’ (’85) en ‘Official version’ (’87) zijn in het geheugen gegrift door de dwingende, monotone en pompende beats van synthesizers, (elektronische) percussie en de felle zegzang. Ze evolueerden naar een breder, kleurrijker en meer geraffineerd klankenspectrum. ‘Tyranny for you’ (’91) en ‘I Up Evil/Off’ (’93) waren doorspekt met pop en trancegerichte beats.
De band bestaande uit Jean-Luc De Meyer (vocals), Richard 23 (vocals, keyboards), Patrick Codenys (keyboards/programming/mixing), Tim Kroken (live drums) en Daniel B aan de mengtafel, gaven de jaren ’80 ‘smile new beat’ een bepalende push. En de wave/electrorevival zorgde ervoor dat naast dertigers en veertigers, jongeren de muziek leerden kennen. De motivatie van het touren scherpte terug aan met hun 25 jarig bestaan in 2006, toen ze letterlijk op handen werden gedragen op hun twee uitverkochte jubileumconcerten in de AB.

Front 242 kan rekenen op een trouwe fanshare; de weken op voorhand uitverkochte Vooruit was er het harde bewijs van; ze hadden nog steeds een puike livereputatie en toonden aan dat ze een act zijn om rekening mee te houden, ondanks het feit dat ze zich wat ‘krampachtig’ vasthouden aan dezelfde playlist. We zagen een Front, die nog maar bitter weinig zo hard, fel en meedogenloos z’n publiek inblikte. Wat een (neverending) jeugdig enthousiasme, ondanks hun gezegende leeftijd! ‘Play it loud & hard’, dachten ze, want “98” en “Moldavia” klonken aanstekelijk, militant, pompend en gedreven en zorgden voor pogoënde taferelen vooraan. Het kon even geen kwaad zich een frisse tiener of jeugdige gast te voelen. “Together” en “Circling overhand” waren gematigder door de bezwerende, trancy ritmes en de krachtige, duistere beats. Op die manier stak het kwartet voldoende afwisseling en variatie in de set. Een stuwende “Religion” en een luidkeels meegezongen “Welcome to Paradise” volgden. Wat een broeierige, verbeten ritmes en hels tempo! De commandostijl wakkerden ze aan met “Funkhadafi” en de ‘warnings’ en ‘emergencies’ van “Commando” zelf. De spannende dreiging droop er van af!
Ze kwamen even op adem met slepend en lomer materiaal, maar draaiden letterlijk de beheersingknop om in een schitterende ‘closing final’. Moest er nog zand zijn na de mokerslagen van “No shuffle”, “Take one”, “In rhythmus bleiben” en de vette bezwerende “Quiet unusual” en “Tragedy for you”.
Ze speelden een perfecte, uitgebalanceerde set, injecteerden de arm- en dansspieren en deden het pogoën heropleven. De uitgelaten menigte schreeuwde om meer en werd op hun wenken bediend met enkele voortreffelijke salvo’s van “Headhunter” en het oude, steengoede “Kampfbereit”, die “Radio activity” van Kraftwerk in een repetitieve pianoloop integreerde. Ze besloten en verve de set met “Unidentified man”, live al lang opgeborgen, maar één van de smaakmakers op fuiven. Het maakte hun feestje compleet en de Vooruit daverde op z’n grondvesten. De oude electrowave liefhebbers genoten van de dolgedraaide vijftigers op het podium …

Ook A Split Second, een trio rond Mark Ickx, kreeg ruim de tijd om het oude materiaal van onder het stof te halen. Dat ze opnieuw te zien zijn is te zoeken in het verschijnen van de ‘Complete Discography’. Midden de jaren ‘80 slaagden ze erin de discotheken te veroveren met “Flesh” een song die snelle, onrustige en neurotische electrobeats vuurde en een monotoon lomer, trager en slepend ritme kreeg door het toerental van 45rpm naar 33rpm te veranderen, de kiem van de new beat rage. Samen met “Rigur mortis” zat het nummer middenin de set verstopt. We hoorden dreunende, zwaardere en opzwepende ritmes en beats, waarvan we Suicide, Die Krupps en Front in één adem konden opnoemen, en ze schuwden hierin de pure industrial niet.
A Split Second was een leuk weerzien en vormde de aanzet van een resem gigs buiten de discotheken van weleer …

Organisatie: Amusez-Vous

Als The Black Angels een plaat uitbrengen of in ons land te zien zijn, draaien we even de knop van de dagdagelijkse (harde en stresserende) realiteit om. Ze intrigeren met hun psychedelische retrorock’n’roll, waarin ze een bezwerende, hallucinante droomwereld en een hypnotiserende nighttrip creëren, met pedaaleffects, distortion, fuzz, elektrodrones en een galmende zang. Het kwintet refereert rijkelijk aan oudjes Rocky Erickson, The Doors, Hawkwind en V.U (btw groepsnaam is afkomstig van “The black angels’s death song”), de laatjaren ’80 met Jesus & Mary Chain, de ‘90’s psychedelica van Spacemen 3 en Spiritualized en tot slot komt de rits geestesgenoten bovendrijven The Black Keys en BRMC met hun melancholische en opzwepende retrowaveblues, Dead Meadow, Warlocks, Archive en Black Mountain.
’Tune On , Tune In, Drone out” is het mantra van de psychedelische rockband. Zelf noemen ze het patriottistische psychedelica uit de jaren veertig, twintig jaar voor onze tijd uit, nu 65 jaar achteruitlopend. Wat het ook moge betekenen, het zullen wel de drugs van ‘music is the dope’ zijn die de aparte muzikale trip moeten doen begrijpen.
Bizar genoeg heeft de band nog geen definitieve doorbraak kunnen forceren, maar ze prikkelen alvast de alternatieve muziekliefhebber die houdt van de trips van het debuut ‘Passover’ (2006) en de tweede ‘Directions to see a ghost’, die al wat meer toegankelijke poppier songs bevat.

Een volgepakt 4AD kon het enig optreden in ons landje (hun support van Wolfmother niet meegerekend!) bijna twee uur lang ondergaan!
Live dompelden ze ons onder in ‘hun duistere, andere wondere (droom)wereld’ van aanstekelijke, repeterende ritmes en een trancegericht opbouwend geluid, waarbij de ene keer de gitaren, de andere keer de drums of de synths wat meer doorklonken. Het bezwerende gedreun klonk allemaal iets zwaarder. De moddervette psychedelica (met een knipoog naar de sixties) ontnam de voeten op de grond. Een belangrijke meerwaarde live vormde de spannende, dreigende emotie van de ‘80’s wave.
De toon werd meteen gezet met slepende thrillers “You on the run” en “Mission district” uit de vorige cd en “Black grease” van hun debuut. De ‘60’s invloed van The Beatles was onmiskenbaar aanwezig op het nieuwe “Telephone”, een chaotische kakafonie, die de ‘Sgt. Peppers’ nieuw leven inblies! We hoorden midden de set opstootjes shoegaze, funk, surfrock en rock’roll en een strakker geluid op “The first Vietnamese war” en “Yellow el”/“Haunting” (waarschijnlijk ook nieuwe nummers). Hogere sferen wakkerden ze aan met adembenemende psychedelische versies van het gekende materiaal, “Science killer”, “Doves”, “Young men dead” en “Entrance”. We misten enkel de stroboscoops hier, maar niettemin begonnen de eerste rijen te dansen en te springen. Totaal opgaan noemt zoiets. En The Black Angels verwenden ons af en toe met nieuw materiaal, dat mooi in de andere verweven zat.
Ook in de bis was het zalig genieten en wegzakken van oudjes “Empire”, “Sniper at the gates of heaven” en “Bloodhound on my trail”, die een ongelofelijke eruptie en outtro van noisegalm, fuzz en distortion meekregen!

De Gentse support Needle and the Pain Reaction kwam in eerste instantie maar flauwtjes over met lawaaierige eenvoudige pop, doornsnee snedige power gitaarrock’n’roll, die te pas en te onpas wou refereren aan Iggy & The Stooges, maar halfweg de set overtuigde de band met een pittiger, gevarieerder en boeiender geluid van degelijke en aanstekelijke riffs en een broeierige intensiteit. Kwalitatief sterk, scherp, leuk en emotioneler klonken ze. De set balanceerde tussen voorspelbaarheid en avontuur. Oh ja, het trio is al een kleine tien jaar bezig en debuteert uiteindelijk met ‘Obsessions of an epic womanizer’.

Organisatie: 4AD, Diksmuide

donderdag 04 februari 2010 01:00

Gorilla Manor

In 2009 werden we overstelpt met bands in de voetsporen van Fleet Foxes, Grizzly Bear, Patrick Watson en Band Of Horses. Op die manier kwamen de huidige rits bands Megafaun, Fredo Viola na Local Natives bovendrijven.
De vijf Californiërs van Local Natives putten uit de traditie van warme, dromerige, opbouwende indiepop/folk/americana en beschikken zelfs over vier zangers!
Ze kunnen zich een eigen plaatsje toe eigenen, want ze durven krachtiger en harder te gaan, en geven aan sommige nummers verrassende wendingen door een popgroove van kleurrijke en zalvende toetsen, huppelende ritmes en een dubbele, opzwepende percussie, wat hen richting ‘andere geestesgenoten’ Vampire Weekend en Yeasayer brengt. We vergeten hierbij de invloed van het Canadese Arcade Fire niet, maar zeerzeker klinkt de ‘60’s traditie door van Beach Boys, Simon & Garfunkel, Crosby, Stills & Nash, en de ‘80’s funky loops van Talking Heads; niet voor niks staat “Warning sign” op dit grootse debuut ‘Gorilla Manor ‘ als cover.
De plaat is dus een heel gevarieerde en evenwichtige plaat in zijn genre. Aan de basis van hun indiepop liggen de subtiele, verfijnde melodieën, de leuke, speelse ritmes, de emotievolle stemmenpracht (vooral Ryan Hahn – Taylor Rice) en de sfeervolle aanpak, die wat kracht kon worden bijgezet.
De eerste songs, “Wide eyes”, “Sun hands” en “Airplanes” (wat een nummer!) rocken, net als “Camera talk” die middenin de set verstopt zit. Hun gevoelige sound krijgt elan in “Shape shifter”, “Cards & quarters”, “Stranger things” en het afsluitende “Sticky thread” door piano, strijkers en de stemmenpracht. En dan zijn er nog de ingehouden, ingetogen sfeervolle parels “World news”, “Who knew who cares” en “Cubism dream”.
Kortom, dit is een band die het moet hebben van de wisselende stemmingen, gevoelige en bedreven instrumentatie en ontroerende vocale pracht! Moet er nog zand zijn ? Schitterende debuutplaat.

Pagina 138 van 180