Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026 Agel, donderdag 1 oktober 2026, Museum, 20h Shitkid, donderdag 1 oktober 2026, Rotonde, 20h Local slang: Lyzza, Bamao Yendé, Camillusonly, …, vrijdag 2 oktober 2026, Witloof Bar, 20h Prohibition, Ciseaux, vrijdag 2…

Trix, Antwerpen - events

Trix, Antwerpen - events - 01 okt: Eli Oaks - 01 okt: Hifive: Infinity knives & Brian Ennals - 02 okt: Matt Meason (new date) - 02 okt: B-Phace & Frilps Joe - 03 okt: Samurai Pizza, Babybeard - 03 okt: Cola - 07 okt: Tje, Niels Orens - 08 okt: Wu Lyf - 09…

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Club laat: DJ G2G + guests, Club Wintercircus, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Ora Cogan
Afghan Whigs

Scala

Scala feat Koen Buyse: popband met hemelse koorzang

Geschreven door
Het Aarschotse meisjeskoor Scala is het idee van de broers Stijn en Steven Kolacny. Olv van deze twee charismatische ‘koorleiders’ coverden ze op hun ‘On the rocks’ platen bekende rocksongs omgebogen naar de hemelse stemmen van het meisjeskoor en de piano, toetsen en elektronica van Steven, met Stijn als dirigent. Poprocksongs kregen een eigen unieke wending. Een eenvoudige, doeltreffende succesformule waarin de broers een vleugje humor staken. Vanaf de cd ‘It all leads to this’ stak Steven er een eigen identiteit in, met meer eigen songs. Het recente ‘Paper plane’ bevat enkel en alleen eigen nummers, wat een nieuwe, maar ook logische stap van de broers inluidt …

Scala werd door de jaren wisselend onthaald op hun formule , maar ze duwden de kritiek definitief van zich af, gezien het eigen materiaal deze avond centraal werd geplaatst en overtuigde. Scala is een popband geworden, met drums, toetsen en een koor. Bevriende gast was Koen Buyse, die ook een drietal nummers inzong. Deze voorstelling werd simultaan getolkt in de Vlaamse gebarentaal, een initiatief waar we toch naar opkeken. Respect! De grappige interventies van Steven tussendoor gaven nog wat elan.
Het frisse, sfeervolle en ingenomen materiaal, zowel Nederlands- als Engelstalig, mocht er duidelijk zijn, waaronder “It ‘ll never come back”, “Woorden”, “Kleine man” en “Little more each time, gevarieerde songs in tempo en die garant stonden in sfeer creëren. Hun nieuwe klanken, net als de choreografie, pasten mooi in de outfit van het koor.
Ook het gecoverde materiaal zat mooi vervat binnen de eigen hemelse pop: “Every breathe you take”, de classic “Nothing else matters”, die van een zachte naar een meer krachtige aanpak ging, en de twee songs van Pierre Rapsat, die zelfs door Steven’s elektronica een groovy beat kregen. Scandinavië werd hoog in het vaandel gedragen dor de broers; twee songs haalden ze aan die refereerden naar de sound dito vocalpracht van Karen Dreijer (van The Knife), Björk en Sigur Ros. En met Koen Buyse werd “King of the town”, uit het succesvolle ‘The place where you will find us’ (’02), en het intieme “Hurt”, sober begeleid (ode aan Johnny Cash en Trent Reznor’s NIN) gebracht.
Een ruime bis breidden ze aan hun voorstelling , waaronder KT Tunstall’s “The black horse & cherry tree”, een ingetogen Bruce Springsteen’s “Streets of Philadelphia” (opnieuw met Koen), een medley en Noordkaap’s “Ik hou van U”, waarop het publiek de kans kreeg het refrein zowel zacht als luidkeels mee te zingen.

Scala profileerde zich als een popband met een hemelse koorzang. Hun nieuw ingeslagen weg intrigeerde, ontroerde en moest niet onderdoen aan de vroegere succesformule.

Organisatie: CultuurCentrum Kortrijk


Danko Jones

Spierballenrock en entertainment

Geschreven door

De Zweedse Backyard Babies mogen vanavond openen. Hun muziek getuigt niet bepaald van originaliteit en ligt ergens tussen garagerockland en hardrock city, maar het klinkt allemaal best wel cool en sympathiek. Denk aan geestesgenoten als The Hellacopters en je komt al aardig in de buurt (alhoewel de onvolprezen en helaas inmiddels begraven Hellacopters toch nog een afdeling hoger spelen). Best wel een aangename opwarmer.

Danko Jones is een rasperformer, een krak in het opzwepen van zijn publiek, een showman die overloopt van de goesting in rock’n’roll. Zijn publiek entertainen is minstens even belangrijk als het spelen van zijn gespierde energieke rocksongs. De man heeft humor, présence en een rock’n’roll hart. Die combinatie van entertainment en stomende no-nonsens rock is wat een Danko Jones optreden zo uniek maakt. De sound is strak, luid en hard, de songs zijn simpel maar efficiënt en gaan van hard-rock tot een enkele keer bijna speed-metal (een ontploffend “Sleep is the enemy” helemaal op het einde).
Danko’s gitaar heeft een hoop potige riffs in huis, zijn stem varieert van helder tot schreeuwend en de retestrakke drums en de soms zware distortion bass vormen de perfecte onderbouw voor de gevatte spierballenrock.
In de uitverkochte Handelsbeurs speelt het trio de gemeenste powersongs uit hun vier albums, met als hoogtepunten stampers als  “Play the blues”, “First date” en “Invisible” . De tracks uit de nieuwste “Never too loud” klinken op plaat soms net iets te braafjes, maar hier laten ze zich van hun gemeenste kant zien.
Danko Jones weet het op een podium altijd net iets heftiger, sneller en giftiger en te brengen, daarom is Danko Jones live oppermachtig. Waarvan akte.

Organisatie: Handelsbeurs, Gent

Arsenal

Arsenal tekende de AB zomers

Geschreven door
Arsenal wist in geen mum van tijd twee keer de AB uit te verkopen. Na enkele try outs , de daaropvolgende clubtour in het voorjaar van 2008 en de intense festivalzomer, wou Arsenal met enkele guests, die meewerkten als gastvocalisten op hun platen, de tour van de derde cd ‘Lotuk’ mooi besluiten. En Arsenal slaagde opnieuw in een stomend multi-cultureel feestje , een opwindende livegig door de smeltkroes van exotische, dansbare pop tot een meer strakke aanpak en een sfeervol , ingetogen sound.

Arsenal zorgde voor de ideale ontlading na een stresserende werkdag met hun kleurrijke, zuiderse en zomerse catchy groovy popsound. Het publiek werd gaandeweg warm gemaakt met “Selvagem” en “Switch”, waarin een prachtrol was weggelegd voor vocaliste Leonie Gysel, naast John Roan, die de menigte graag opzweepte. Het trancy opbouwende “Shu qi ni de tou fa” met de Chinees Chi Zhang als eerste gast en een mooi uitgesponnen “Longee” volgden. Het vuur zat er pas echt in met het dansbare “Lotuk”, dat geïnjecteerd werd met elektronicableeps en onderhouden werd door een sterke samenzang Gysel – Roan. Ze zetten hun heerlijke, aanstekelijke zuiderse sound met pulserende beats en party gevoel verder op “Turn me loose”, met de raps van Mike Ladd (het aan Coldcut geïnspireerde “Walk a mile in my shoes” (zang Robert Owens)), “Estupendo”, “Mr Doorman”, “Saudade” en “Personne ne bouge”, gastrol Baloji, die het nummer live nog aantrekkelijker maakte. Iedereen wiegde mee, zwaaide met de handen of floot en zong vrolijk de refreinen mee. Tussenin zaten het ingetogen “Either” en “How come”, sober begeleid en gedragen door een harmonieuze zang.
Arsenal werd luidkeels onthaald en was onder de indruk van de respons. “Ongelofelijk” en “Brussels is a dancer” hitste Roan de massa op. We kregen een uitgebreide bis aangesmeerd met “The coming”, bepaald door de zang van Gabriel Rios, de dansbare meezinger “A volta” en het hemels fee-rijke “Who we are”, met – opnieuw - een glansrol van Leonie.
Iedereen zat op dezelfde golflengte, amuseerde zich kostelijk en kon er niet genoeg van krijgen; een reprise van “Lotuk” volgde, nog opzwepender en dynamischer, onder het elektronicasounds en beats van Hendrik Willemyns.

Arsenal bracht een unieke zomerse cocktail en speelde – opnieuw - een meer dan overtuigend concert. Een liveband bij uitstek die nooit verveelt, en ons totaal relaxt huiswaarts deed keren …Het enige minpuntje was de afwezigheid Mario Vitalino dos Santos, die op hun recentste album tekende voor de mooiste songs …

Mike Ladd, één van de gastvocalisten van Arsenal die avond, moest er met zijn funky, trippende hiphop elektronica er hard tegenaan om het publiek te boeien. Een showke tussendoor met z’n toetsenist gaf elan aan het geheel.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel


Iglu & Hartly

& Then Boom

Geschreven door

Iglu & Hartley: een niet alledaagse groepsnaam van een vijftal uit het zonnige Californië verbaast met aanstekelijke, vrolijke, ontspannende en een zwoel dromerige sound. Inderdaad, de groep maakt een zonnige cocktail van groovy, funkende en  trippende raprock, waarin we invloeden horen van Beach Boys, Beastie Boys, Eminem, Arsenal en ‘80’s synthpop.
Een consistent album trouwens, misschien een beetje veel van hetzelfde, maar goed in elkaar gestoken poppy songs, waarbij “In this city” en “Out there” zich weten te onderscheiden. De harmonieuze samenzang van de raps van Jarvis Anderson en Sam Martin geven elan. Volmondig ondersteunen we Iglu & Hartly als Surfer Boys met een hippie randje.

Cut Copy

In ghost colours

Geschreven door

Het uit Melbourne afkomstige trio Cut Copy komt aandraven met een pak zweverige, aanstekelijke, zomerse electropopnummers, die ze op sterke wijze combineren met een vleugje disco en house. Een paar tracks krijgen zelfs een krachtiger rockgroove mee en/of worden de pedaaleffects eens stevig ingedrukt (zoals op “Unforgettable season” en “So haunted”).
Het trio zweert aan de ‘80’s electro, verwerken LCD Soundsystem, Daft Punk en Air en doen vocaal als qua sound soms ook denken aan Daan. Een paar instrumentaaltjes zetten steeds aan tot overtuigende songs. Luister maar eens naar “Lights & music”, “Hearts on fire”, “Strangers in the wind” en “Nobody lost, nobody found”.
Cut Copy klinkt misschien gerecycleerd, maar ze slaagden in een overtuigende plaat door aan de songs een handige hedendaagse draai aan te geven.

Noah & The Whale

Peaceful, the world lays me down

Geschreven door

Het Britse Noah & The Whale verrast aangenaam met hun debuut ‘Peaceful, the world lays me down’. Ondanks de pessimistische ondertoon die we in de teksten horen van songschrijver Charlie Fink hebben we te maken met een gevarieerd klinkende poprockplaat met een foklkrandje. Broeierige, fijne pop met dromerige, frisse, speelse en vrolijke melodieën, waarbij de band zich ergens profileert tussen The Saw Doctors, The Waterboys, The Decemberists, Belle & Sebastian, het ouder werk van The Go-Betweens, The Pogues en een ‘60’s Beatles aanpak, door de aanstekelijke opbouw. Het instrumentarium als viool, harmonium en blaasinstrumenten als de backing vocals van Laura Marling zorgen voor een kleurrijk geheel. Er zijn groovy songs: “5 years time”, “Rocks & daggers” en de titelsong, afgewisseld met de sfeervolle “2 atoms in a molecule”, “Give a little love”, “Second lover” en de ingetogen afsluiters “Mary” en “Hold my hand as I’m lowered”. In “Jocasta” kun je het refrein zo meezingen en tot slot op “Shape of my heart” hoor je Balkaninvloeden.
Met deze is ‘Peaceful, the world lays me down’ een tof, afwisselend en een prettig in het gehoor liggende plaat geworden.

JJ Cale

Roll On

Geschreven door

JJ Cale, speciaal voor hem is de term laid-back uitgevonden. De man was een inspiratiebron voor Eric Clapton (die “After midnight” en “Cocaine” coverde en die songs op slag wereldberoemd maakte) en vooral Mark Knopfler (het debuutalbum van Dire Straits is over gans de lijn schatplichtig aan JJ Cale, en laat dit ook nou net toevallig hun allerbeste album zijn). In 1971 kwam Cale met zijn eerste plaat uit. Deze nieuwe ‘Roll on’ is pas zijn zestiende, en dat op de gezegende leeftijd van 71. Alles is op ’t gemak bij JJ Cale. Relax, baby, relax. En zo klinkt het ook, alsof Cale af en toe eens vanuit zijn hangmat komt om zich naar de studio te begeven  -biertje tussendoor-  en daar vanop zijn barkruk alweer een knappe song op tape te zetten.
Nieuwe fans zullen er niet bijkomen met deze plaat maar de bestaande fans (waaronder ene Tom Barman die zelfs zijn debuutfilm naar de JJ Cale song “Anyway the wind blows” noemde) zullen opgetogen zijn.
‘Roll On’ is zo’n typisch JJ Cale album geworden : gezapig, relaxed, bluesy en met lekker voortkabbelende ritmes. De sterke songs zorgen er voor dat dit zelfs een van zijn betere werkstukjes is geworden. In zijn geheel eigen stijl stoeit JJ Cale met country, blues, jazz, rock’n’roll en americana, zijn gitaar laat hij heerlijk drijven op de golven van de zomerse songs, zijn stem volgt gewoon steeds in dezelfde toonaard. De man weet als geen ander zijn vocale beperkingen in te passen in de muziek.
Zoals gewoonlijk laat Cale zich omringen met rasmuzikanten die zich volledig onderdanig maken aan de sound en de sfeer van zijn songs. Op de titelsong mag zelfs Mijnheer Clapton nog eens meedoen, het nummer is een opgewekte rocker, een meer dan geslaagde samenwerking van twee ouwe rotten. Al even vrolijk is het Zuiders klinkende” Fonda-Lina” en ook bij “Oh Mary” beginnen onze beentjes gewillig mee te schudden. Het akoestische “Leavin in the morning” gaat dan weer volop de Dylan toer op.
Zowat alles wat Cale op ‘Roll on’ doet stemt ons welgezind en roept onze goesting op om lekker te kuieren met een biertje bij de hand. Waar is mijn hangmat ?

Novac

Cellar Dwellar

Geschreven door

In ons landje bezitten we al enkele opmerkelijke potige rock ’n’ roll bandjes als Triggerfinger, Black Box Revelation en The Rones. Het West-Vlaamse trio Novac kan meedingen in dit genre, maar koos voor de meer subtielere, broeierige rockaanpak; de rauwe, ongepolijste , rommelige kantjes horen we eerder in het begin van de cd met “Led letter”, “Fontanella” en “Titled”. “Daylight savings”, “Either way” en de titelsong onderstrepen de catchy poprock. Op “Tainted” dwepen ze zelfs met trompetjes. De zang van Tom Vanlaere heeft veel mee van het plaatselijke Basics uit Tielt, maar valt soms wat te hoog uit, wat het rock’n’roll gehalte wat te braafjes maakt. Maar de band kan aardig doorgaan en heeft de kunst van het songschrijven onder de knie.

Info op http://www.novac.be

Briskey

Before-During-After

Geschreven door

Man van alle kunstjes binnen de muziekindustrie is Gert Keunen. Hij heeft met z’n project Brsiskey een nieuwe plaat uit. De derde trouwens na ‘Cucumber Lodge’(klemtoon op jazz/elektronica), ‘Scarlett Road-House’ (zwoel, sensueel, groovy, een fusion van jazz, bigband/blazers en latino).
’Before-During-After’ leidt het soundtracksfeertje van vroeger al ten dele in, want de cd lijkt een sferisch samenbrengen van ‘Goldfinger’ (Shirley Bassey) vs ‘Twin Peaks’ vs ‘Once Upon a time in America’ vs David Lynch en Ennio Morricone. Het onderstreept de muzikale kunde van Briskey in verschillende gedaantes. Een donker, traag slepend jazzy trippopgeluid, dat op de lange nummers “Spellbound” en “The man with an oiled mustache …” tot z’n recht komt. De vocals van Lady Linn en Dorona Alberts (ook al op de vorige plaat terug te vinden) passen ideaal binnen het Briskey decor, luister maar eens naar de adembenemende versies “Ossessione” en “After hours”.
Briskey leverde opnieuw puik werk af en gaat van een bigband filosofie naar een kortfilmproductie.

Info op http://www.briskey.be

Judas Priest

Metal Gods Judas Priest are VERY alive!

Geschreven door

Na AC/DC, Metallica bracht de nieuwe lente nu ook het Priest Feast tot in ons land. Een feest niet voor watjes maar voor echte mannen met een goed stel oren!
Theoretisch kan je het pakket Testament, Megadeth & Judas Priest best homogeen noemen. De praktijk leert ons echter dat er ook binnen het metal genre aardig wat richtingen zijn die niet meteen compatibel zijn met elkaar. Ondergetekende mag dan een Judas Priest liefhebber zijn, van de opwarmbands Testament & Megadeth heb ik echt geen kaas gegeten!

Het feestje van onze ‘Metal Gods’ begon al om 19u00. Vorst zat op dat vroege uur al nokvol, al ging het hier over een Vorst Nationaal Club optreden waarbij de bovenste cirkel van de zaal ontoegankelijk bleef.
Eerst was het de beurt aan de Trash Metal sensatie uit San Francisco, Testament. Een band die in het verleden bijzonder veel formatiewissels kende en waarvan gitarist Eric Peterson & zanger Chuck Billy de enige getrouwe zijn sinds de oprichting in 1983. In 2008 bracht de band het album ‘The Formation Of Damnation’ uit en daar werd dan ook regelmatig naar gerefereerd. Testament ‘is not my cup of tea’ zodat ik wijselijk een echte beoordeling overlaat aan de echte kenners. Nee, in mijn testament zal deze band zeker niet voor komen. Maar de fans waren dolenthousiast met Testament’s komst want er werd volop geheadbangd, vuisten gingen in de lucht en met de regelmaat van de klok gingen enkele habitués tot crowdsurfen over. Wat mij opviel was dat de geluidsbalans sterk in het rood ging. Hier geen decibelbeperking maar wel ‘very loud & heavy’! Soms pijnlijk voor mijn ongeoefende oren.

Na Testament was het de beurt aan Dave Mustaine’s band Megadeth. Tijdens hun passage als headliner op het Schwung Festival van 2007 kon de band mij niet overtuigen en ook nu kon een uurtje Megadeth mij maar matig boeien. Mustaine richtte na twee jaar actief lid te zijn geweest van Metallica (hij werd ontslagen wegens excessief drank- en drugmisbruik) in 1983 Megadeth op. De band zou populairder worden dan Metallica maar ondertussen weten we dat dit alvast te hoog gegrepen was.
Fans heeft Megadeth nog steeds in grote getallen want ‘the crowd went crazy’! Sterke momenten waren er tijdens “Symphony Of Destruction”, “Holy Wars” en het mooie “A Tout Le Monde”. Voor de rest speelde de band te vaak in de automatische piloot modus.

Judas Priest bestaat ondertussen reeds meer dan 35 jaar. Priest wordt vaak aanzien als één van de grondleggers van de Heavy Metal en verkocht meer dan 35 miljoen albums! Ondertussen zijn de leden er echt niet jonger op geworden waardoor ik mij ernstig afvroeg wat Judas Priest anno 2009 nog kon betekenen. In 2004 kwam er een reünie toen Rob Halford opnieuw werd ingelijfd en Tim ‘Ripper’ Owens aan de deur werd gezet. Gelukkig maar, want de twee studioalbums die Owens met Judas Priest opnam beschouw ik als de minste platen uit hun ganse oeuvre. Sinds ‘Angel Of Retribution’ uit 2005 zit Priest terug op het juiste spoor en hun recentste dubbele conceptalbum ‘Nostradamus’ is één van de allerbeste metalplaten van 2008.
Onder oorverdovend gebrul werd de introtape “Dawn Of Creation” ingezet. Meteen viel de hoogbouw ‘on stage’ op, waardoor de sfeer uit de jaren ’80 helemaal terug was. Helemaal bovenaan zat drummer Scott Travis en op een ander platform verscheen Rob Halford (gekleed in een zilveren cape) om de opener “Prophecy” op ons los te laten. Het was een erg sterke, imposante en theatrale start. Jammer dat de set niet bestond uit meer ‘Nostradamus’ songs want ik hou wel van de vernieuwde symfonische Priest. Wel kregen we een soort ‘best of’ vol Priest klassiekers. “Metal Gods”, “Eat Me Alive”, “Between The Hammer And The Anvil”, “Breaking The Law” deden ons metalhart sinds lang weer bloeden.
Opmerkelijk was dat “Death” uit het nieuwe ‘Nostradamus’ zeer lauw werd ontvangen. Blijkbaar is niet iedereen even gek van de nieuwe symfonische aanpak. Rob Halford die aanvankelijk erg goed bij stem was, liet op het bloedmooie “Angel” horen dat hij niet alleen kan schreeuwen. Het werd het enige rustpunt van de ganse avond. Af en toe zong hij er wel eens ferm naast en ook de geluidstechnicus verdoezelde zo hier en daar een foutje met een overdaad aan echo. Bassist Ian Hill en de gitaartandem K.K.Downing & Glenn Tipton bleken de ‘tand des tijd’ wat beter te hebben verteerd want op hun heavy melodieuze gitaarspel viel niets aan te merken, behalve dat het goed was. Het showgedeelte bleef beperkt tot: schitterende backdrops, het neerpoten van enkele Priest vlagen, enkele voor senioren gemaakte decorstukken op maat van Mister Rob Halford, een mooie lichtshow, de gekke podiumwandelingetjes van Halford en de verplichte clichématige Priest motor act tijdens de Fleetwood Mac cover “The Green Manalishi”. Naar het einde toe kreeg Halford zijn stem het steeds moeilijker zodat er na slechts 100 minuten een einde kwam aan de set via een tweede encore ronde met “You’ve Got Another Thing Comin’”.

Het Priest Feast was duidelijk een voltreffer voor de doorwinterde metal liefhebber. De ouwe rotten in het vak kunnen het nog steeds (al spelen ze tegenwoordig wel een klasse lager) maar het respect voor deze band is nog steeds bijzonder groot.
The Metal Gods are VERY alive’!!
Setlist *Dawn Of Creation *Prophecy *Metal Gods *Eat Me Alive *Between The Hammer and The Anvil *Devils Child *Breaking The Law *Hell Patrol *Death *Dissident Agressor *Angel *The Hellion *Electric Eye *Rock Hard,Ride Free *Sinner *Painkiller
*Hell Bent For Leather *The Green Manalishi (With the 2 pronged Crown)
*You’ve Got Another Thing Comin’

Organisatie: Live Nation

Pagina 900 van 980