Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026 Agel, donderdag 1 oktober 2026, Museum, 20h Shitkid, donderdag 1 oktober 2026, Rotonde, 20h Local slang: Lyzza, Bamao Yendé, Camillusonly, …, vrijdag 2 oktober 2026, Witloof Bar, 20h Prohibition, Ciseaux, vrijdag 2…

Trix, Antwerpen - events

Trix, Antwerpen - events - 01 okt: Eli Oaks - 01 okt: Hifive: Infinity knives & Brian Ennals - 02 okt: Matt Meason (new date) - 02 okt: B-Phace & Frilps Joe - 03 okt: Samurai Pizza, Babybeard - 03 okt: Cola - 07 okt: Tje, Niels Orens - 08 okt: Wu Lyf - 09…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Jon Spencer
Ora Cogan

Evanescence

Evanescence speelt afgelijnd concert bij z’n eerste doortocht

Geschreven door
Evanescence uit het Amerikaanse Arkansas deed voor het eerst Noord-Frankrijk en ons landje aan. Ze ondernemen een grootse tournee nav de tweede plaat ‘The Open Door’, opvolger van ‘Fallen’. Ze hielden halt in le Zénith, Lille en in de Lotto Arena, Antwerpen (Live Nation concert) ; een uitgelezen kans om deze band, die al een vier jaar bezig is, onder songwriter/gitarist Ben Moody en zangeres/pianiste Amy Lee, aan het werk te zien. Hun bombastische popgothicmetal, aangevuld met orkestraties, barok (en soms koorzang), omschreven als kasteelromantiek, leverde al een paar grootse hits op als “Bring me to life”, “Tourniquet”, “Call me when you’re sober”, “Lithium” en het uiterst pakkende “My immortal”, gedragen door de helder, overtuigende fluwelen stem van Amy Lee. Tori Amos goes metal leek me hoe dan ook een fijne uitdrukking. Een band die alle leeftijden aansprak, afgaand op het publiek.

‘The Open Door’ werd bijna integraal voorgesteld in de bijna uitverkochte Zénith. Ze startten venijnig en pittig met songs uit de recente cd:  “Weight of the  world” en “Sweet sacrifice”, ondersteund van voorgeprogrammeerde strijkers. Amy Lee liep heen en weer op het podium als een Roodkapje, vluchtend voor haar boze wolven; zij was de verschijning in de ‘not happy ending’ sprookjesverhalen. “Going under” en “The only one”  klonken sfeervoller en broeierig, voorzien van een snedige gitaarloop en strakke drums. Amy Lee leidde vervolgens “Lithium” en “Good enough” in op piano die dan krachtiger losbarsten in een finale van tempowisselingen, orkestraties en pianopartijen. De herkenbaarheid kwam naar voor in “Tourniquet”, “Call me when you’re sober” en “Bring me to life”; de afsluitende songs “Whisper” en “Lacrymosa”  kregen een boeiende gothic tint en koorzang. In de bis kon “My immortal” niet ontbreken, gedragen door stem en piano van Amy Lee, dat explodeerde in popmetal. “Your star” besloot orkestraal de set.

De groep speelde een afgewerkt concert en show met Amy Lee in een hoofdrol,  en kon rekenen op een sterke respons.
Als support act trad Mass Hysteria: snedige rock met een wave tint, een fijne opwarmer in de theatrale wereld van Evanescence.

Org: Agauchedelalune, Lille

Wolfmother

Wolfmother als echte wolven

Geschreven door
De AB te Brussel zal binnenkort voor onbepaalde tijd terug dicht gaan voor herstellingswerken, Wolfmother heeft namelijk het dak er af geblazen. De power, dynamiek en explosiviteit die deze band uitstraalt is ongeëvenaard. Wolfmother speelt het soort seventies hard-rock die tot voor enkele jaren totaal onhip was, maar nu terug hot is. Gierende gitaren en hoge stemmetjes, psychedelische orgelpartijen, het mag allemaal weer, en dat is maar goed ook.

Boegbeeld van deze band is zanger/gitarist Andrew Stockdale, een showman eerste klas die vooral weet hoe de rockclichés uit te vergroten, hierbij het publiek op te zwepen en toch geloofwaardig te blijven. Stockdale is een rockbeest die geboren is voor het podium en hier gretig gebruik van maakt. Het is misschien allemaal een beetje theatraal, maar er is tenminste geen pretentie of arrogantie mee gemoeid, wat je wel eens tegenkomt bij vele nieuwe Engelse bandjes. Zijn maats staan ook niet bepaald stil, en dan vooral bassist Chris Ross, die zijn basgitaar al eens omruilt voor de keyboards om er een flinke lap op te geven.
Wolfmother heeft welgeteld één album op hun repertoire, een kanjer als je ’t ons vraagt, en deze passeerde dan ook quasi volledig de revue. Vuurwerk vanaf de eerste minuut met een heftig “Dimension” tot de laatste met een gloeiend heet “Joker and the thief”. Alles wat daar tussen zat was even opzwepend, denderend en ophitsend. Welgeteld één nieuwe song hebben we gehoord, “Pleased to meet you”, een verpletterende kopstoot die het verlangen naar hun tweede plaat sterk aanzwengelt.
Wolfmother haalt het beste uit Black Sabbath en Led Zeppelin en voegt daar een flinke scheut White Stripes aan toe. Een formule die echt werkt, dit was meer dan duidelijk in een laaiend enthousiaste AB.
De pompende en energieke sound van deze Australiërs is meer dan welkom dezer dagen. Laat die gitaren maar gieren tegen een huizenhoge wall of sound, we kunnen er niet genoeg van krijgen.

Wolfmother is een rockband zoals er nog veel te weinig zijn, gasten die hun klassiekers kennen en een bruisende lap rock’n’roll produceren met een vette knipoog naar de seventies maar toch met hun beide poten in de hedendaagse rockmuziek staan. Zie ook The White Stripes. Duiken in de het rijke rockverleden en daar een wervelende nieuwe sound uit puren.

Wolfmother is hot, dat is een feit. Mijnheer Schueremans, waarom vraagt u deze band niet naar Rock Werchter?!

Organisatie: Live Nation

Motörhead

Motörhead on speed

Geschreven door
Het Britse drietal Motörhead van Lemmy & C° liet ons anderhalf uur genieten van hun compromisloze, loeiharde en strakke rechttoe-rechtaan rock’n’roll. In een snelvaarttempo speelden ze een twintigtal moordende songs. De laatste cd’s ‘Inferno’ en ‘Kiss of death’ grijpen terug naar hun hoogdagen van onvervalste hardrock.

Het sterk op elkaar ingespeelde drietal stond op scherp: een bedreven gitaarspel, een drums van mokerslagen en het intrigerende basspel van Lemmy, gedragen door z’n rauw doorleefde stem. Motörhead zweepte z’n publiek op en testte onze trommelvliezen met hun harde, gebalde sound. ‘We are Motörhead and we play rock’n’roll’. Die boodschap was alvast duidelijk met songs als “Snaggletooth”, “Stay clean”  en “Killers”. Op kruissnelheid waren oudere songs als “Metropolis”, “Over the top” en “I got mine”, afgewisseld met recenter materiaal waaronder “Tragedy” en “Sword of glory”. “Rosalee” was een eerbetoon aan soulmate Phil Lynott (Thin Lizzy). Naar een finale ging het met “Sacrifice”, waarbij de drummer een solo ten beste gaf, het maatschappijkritische “Power” en straight forward gitaarrock’n’rollers “Killed by death” en “Iron fist”.
In de bis kregen we een onvervalste bluesrocker “Whorehouse blues”, Motörhead op akoestische gitaar en mondharmonica, om tenslotte te eindigen in ‘harder en faster’ klinkende “Ace of spades” en “Overkill”.

Dit was fxx rock’n’roll van een trio die nog maar weinig ouderdomstekenen vertoonde ook hebben ze al dubbel en dik geleefd. Na nota bene 30 jaar bezig zijn klonken ze nog steeds messcherp.

Support act was het Duitse  Skew Siskin, die het publiek opwarmde met hun potige ‘70’s  metal rock. Verdienstelijk maar kon niet bij de keel grijpen.

Organisatie: FLP, Lille

Band of Horses

Band Of Horses op z’n My Morning Jackets

Geschreven door

Welkom in het wereldje van de (alt.)country/americanapop. Twee interessante bands stonden geprogrammeerd in de Trix te Antwerpen en bezorgden ons door hun doorleefde, meeslepende, broeierige en aanstekelijke emotievolle sound een fijne avond.
The Hellsayers
leunden het nauwst  aan het sfeervolle Calexico en My Morning Jacket, mede door de aan Jim James refererende hemelse stem. Het vijftal heeft een tragere muzikale aanpak dan Band Of Horses. Ze namen evenveel ‘speelrecht’ voor handen. Een dromerige, pakkende sound die af en toe iets krachtiger klonk. We hoorden een paar pareltjes als “Island of Malta” en “The lonesome sea”. Op het eind vervoegde de toetsenist van Band Of Horses hen, wat de sound kleurrijker maakte.

Uit Seattle, USA,  is er de band rond Benjamin Bridwell, Band Of Horses. De band grijpt terug naar de sound van eind’80’s groepen als Green On Red, The Long Ryders en The Triffids, en onderscheidt zich van My Morning Jacket, Wilco en landgenoten Arcade Fire: emotievolle songs, die verslavend inwerken en een prachtige opbouw hebben. Vorig jaar verscheen hun debuut ‘Everything all the time’; de band werkt nu naarstig aan de tweede plaat. Het zijn mannen met baarden, houthakkershemden en een lichaam vol tatoeages. Het zijn lieve, spontane en relaxte gasten, die er een fijn en (te) kort feestje van maakten (een klein uur!). Het was een enthousiaste band, die duidelijk genoot van de respons.
Net zoals My Morning Jacket bij hun laatste doortocht (op Pukkelpop) koos voor een snedige, fel bedreven en subtiele aanpak, deed Band Of Horses het hen wonderbaarlijk na: fijne melodieën, een puik gitaarspel en een sterke zang. “The great salt lake” en “the weed party” kregen een extravert tintje.
Zanger Bridwell wisselde verschillende malen van gitaar, speelde steelpedal of  - zoals op “Monsters” - een 3 snarige bas, waarbij de band refereerde naar Morphine. Naar een hoogtepunt gingen ze met de single “Funeral”, die een schitterende opbouw had: van intiem, sfeervol tot krachtig en dynamisch.
Bridwell en z’n band schudden songs uit hun mouw alsof het kinderspel was; ze stelden voor de helft van de set nieuwe songs voor,  warme intense en fel bedreven americanapop die het publiek boeide.
De band speelde twee nieuwe songs in de bis, “Writers” en “Ronnie”, waarbij de toetsen op het voorplan kwamen en er zelfs een vleugje gospel was te horen.

Overtuigende sets van twee bands die een ticket doorbraak verdienen!

Organisatie: Trix, Antwerpen

Tom McRae

Intrigerende, bloedmooie set

Geschreven door

Met een bagage van vier cd’s, variërend van goed naar ronduit schitterend, trekt de singer/ songwriter Tom McRae deze dagen op tournee. In het sympathieke zaaltje te Tourcoing zat het al meteen goed, vanaf de eerste seconden had McRae het publiek in zijn greep. Het werd meteen muisstil in de zaal en we voelden het al onmiddellijk, de Tom was vertrokken voor wat een memorabel concert zou worden. 

Een vrij sobere bezetting van piano, cello en Tom’s akoestische gitaar (en heel af en toe eens elektrisch), meer hadden de man en zijn twee bandleden niet nodig om het publiek stevig bij het nekvel te grijpen. Maar het belangrijkste instrument is zijn formidabele stem die hier nog meer dan op zijn albums de intieme en mooie songs een extra impuls geeft. Qua stemtimbre is hij voor ons nog één van de enigen die in de buurt komt van de legendarische Jeff Buckley (nota bene net tien jaar geleden het loodje gelegd).
Tom McRae weet zelf maar al te goed dat zijn debuutplaat ontegensprekelijk zijn beste is en hij putte er dan ook rijkelijk uit. Prachtsongs als “You cut her hair”, “Bloodless”, “Second law” (helemaal in zijn eentje op toetsen, kippenvel), “A & B song” en vooral “The boy with the bubblegum” waren bloedmooi. Het wonderschone “End of the world news” had hij sober ingekleed. Zonder microfoon en met de hulp van een zachtjes meezingend publiek maakte hij er een bijzonder knap en intiem moment van. Prachtig !
Uiteraard speelde hij ook een vijftal songs uit zijn nieuwste ‘King of cards’, een album waarvan we nu al weten dat het bijlange niet zo zal blijven hangen als die uitmuntende debuutplaat uit 2000. Maar de nieuwe songs vielen echter niet uit de toon en kregen stuk voor stuk een betere behandeling dan wat ze in de studio gekregen hebben. Wat ons deed besluiten dat je Tom Mc Rae in de eerste plaats live moet zien, voelen en ondergaan om de pracht van zijn songs in vol ornaat te kunnen vatten.
Tom Mc Rae had twee uitstekende bandleden mee, maar de keren dat zij even achter de coulissen verdwenen om de Tom in zijn muzikale blootje alleen verder te laten doen, ging het haar op onze armen pas helemaal rechtstaan.
We hebben de man al meerdere malen aan het werk gezien, maar dit moet toch de meest intrigerende set zijn die we hem ooit zagen spelen. Voor herhaling vatbaar op Cactusfestival! 

Als opwarmer kregen we ene Steve Reynolds voorgeschoteld die helemaal in zijn eentje mooie dingen deed op zijn akoestische gitaar en ook een aardig potje kon zingen. Niet toevallig in het voorprogramma van Tom McRae, want dit was duidelijk hoorbaar één van zijn grote voorbeelden, naast Luka Bloom, want daar moet Steve Reynolds naar onze mening wel wat gitaarloopjes van afgekeken hebben. Toch wel een aangename kennismaking met deze singer-songwriter.

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

Built To Spill

De kunst van Neil Young and Crazy Horse

Geschreven door

Opvallend veel jong volk met (bakke)baarden kwam afgelopen vrijdagavond afgezakt naar de Trix Club voor de eerste showcase van Built To Spill op Belgische bodem sinds hun doortocht op Rock Herk in 1999. Liefhebbers van de betere independent indierock keken dus halsreikend uit naar de komst van deze semi-legendarische groep, wiens geluid sinds jaar en dag wordt getypeerd door de melancholische en breekbare stem van frontman en opperbaard Doug Martsch en de meerlagige lang uitgesponnen gitaarpartijen.

Net als Neil Young & Crazy Horse verstaat Built To Spill de kunst om dromen en emoties over verlies en verlangen te integreren in epische gitaarnummers. Niet toevallig dus dat Martsch & co live wel eens durven uitpakken met een 20 minuten durende versie van Young’s ‘Cortez the Killer’! Martsch verklaarde bij aanvang van het optreden dat zijn band geen playlist had samengesteld, waarop het publiek dolenthousiast reageerde met een regen van verzoeknummers. Ondanks herhaaldelijk aandringen werd ‘Cortez the Killer’ dan toch niet ingezet, maar een uitgebreide bloemlezing uit hun zes studioalbums maakte dit verzoek al snel overbodig. Uit het klassieke album ‘Perfect From Now On’ (1997) onthouden we vooral “Randy Described Eternity” en “Made-up Dreams”, stuk voor stuk memorabele gitaarbrokken die live afklokken op ruim 6 minuten. Op recentere albums opteert de groep eerder voor compacte gitaarsongs zoals “Center of the Universe”, “Carry the Zero” en “You Were Right”die allen op eenvoudig verzoek in de setlist opdoken. Tot die laatste categorie behoort ongetwijfeld ook de huidige single “Conventional Wisdom”, nu al één van de gitaarparels uit 2007 en live goed voor een versie van net geen 10 minuten waarbij drie gitaristen ‘duel eerden’ alsof Sebadoh en Dinosaur Jr. tegelijk naar huis moesten gespeeld worden.  Tussen de nummers door werd ruimschoots de tijd genomen om geluid (en licht) bij te stellen en het gitaarzweet even weg te vegen, maar echt storend kon je dit bezwaarlijk noemen. Na goed anderhalf uur werden Marthsch & co uiteraard teruggeschreeuwd voor meer ... en meer kregen we. Het laatste bisnummer, waarvan ondergetekende spijtig genoeg (nog) geen titel op de kop kon tikken, mondde uit in een jamsessie van een goed kwartiur waar de groep een laatste maal haar epische gitaarkunsten kon demonstreren om vervolgens het publiek verweesd achter te laten.
Laat het aub geen acht jaar meer duren vooraleer deze zeer sympathieke indierockers nog eens voet zetten op Vlaamse concertbodem!

Enkel afgaand op het laatste deel van de set van opwarmer The Arquettes bleek dat de meeste laatkomers ongelijk hadden. De melodieuze doch niet van scherpe randjes gespeende powerrock kwam bijzonder goed uit de verf op het podium van de Trix Club. Bovendien beschikt dit talent van eigen bodem met zijn vrouwelijke bassiste en de harmonische samenzang à la Posies en Beatles over twee sterke troeven voor de toekomst.

Organisatie: Trix, Antwerpen

Sioen

Sioen stelt nieuwe cd overtuigend voor

Geschreven door

Sioen heeft al drie aardige cd's uit: de voorbije cd's `See you naked' en `Ease your mind' zijn vernuftig in elkaar gestoken popplaten en het onlangs verschenen `A potion' legt de nadruk op de singer/songwriter Frederik Sioen. We hebben te maken met vakkundig gearrangeerde indringende songs, gekenmerkt door een broeierige opbouw en gedragen door de warme, melancholische lichthese stem van Sioen.

Live beschikt hij over een hechte band; een prominente rol werd ingenomen door violist Jeroen Baert. Een boeiende sfeervolle set was het resultaat.

Sioen opende intiem op piano met de titelsong van de huidige cd `A potion'. In het begin was er sprake van luistersongs: ?She likes it better?, met een knipoog naar David Sylvian, ?What I fail to understand? en ?Suicidal sunset?. ?Ease your mind? was de aanzet tot meer vaart en met ?Who are you driving you mad?? speelde de talentrijke band grilliger. ?Ready for your love (high)? en ?Too good to be true ? waren emotievolle popsongs, bepaald door Sioens begeesterende pianospel en Baerts vioolpartij.

De combinatie van zacht gevoelige nummers met een avontuurlijke song bracht voldoende afwisseling. ?No conspiracy at all? en ?Who stole my band? volgden naadloos op elkaar. ?Wild Wild West? en de uitnodigende Balkansong ?I play a song for you? besloten de set!

Sioen werd warm onthaald en speelde nog een drietal songs: het pakkende ?So lonely?, gedragen door stem en piano, het sfeervolle ?Another ballad? en het forser klinkende ?Reign?.

Ze gaven een sfeervolle, breekbare en ingetogen set, die af en toe krachtiger en avontuurlijk was.

Het Brusselse Mud Flow opende de avond en speelde gevarieerd materiaal van dwarrelende gitaarrock tot dromerige pop: van ?My fair lady Audrey? naar ?Planes? tot ?The story was best left untold?. Verdienstelijk. Band in volle ontwikkeling.

Organisatie: Handelsbeurs, Gent

Cat Power

Cat Power toont haar klauwen

Geschreven door

Cat Power & Dirty Delta Blues

Chan Marshall, synoniem voor Cat Power, kwam met een interessante bezetting naar `Les Nuits Bota'. Ze werd geruggensteund door Judah Bauer (Jon Spencer Blues Explosions), Jim White (Dirty Three), Gregg Foreman en Erik Paparozzi, onder de Dirty Delta Blues. Het Koninklijk Circus werd omgedoopt in een grootse donkere kroeg.

Cat Power kwam naar voor als zangeres en liet toetsen en piano volledig over aan Gregg Foreman. Vorig jaar bewees Chan Marshall al op scherp te staan in de AB, opnieuw had ze er zin in en vermaakte ze het publiek met haar eerlijke, puur oprechte songs, waarin haar kwetsbare ziel werd blootgelegd, onder haar hese, melancholische, wat onvaste stem; een doorleefde `americana retrorock delta bluessound', ergens tussen Velvet Underground, Black Crowes, G Love en Wilco, een `straight from lived in bars' geluid.

Ze putte rijkelijk uit het succesvolle `The greatest' cd en er waren een pak nieuwe songs, bewerkingen van andermans nummers, die in het najaar op plaat komen. Cat Power tippelde als een katje (met handschoenen!) op het podium en hield samen met haar band het publiek in haar klauwen; een sfeervolle, broeierige set die vooral in het tweede deel forser en krachtiger klonk.

NYC en Cat Power zijn onafscheidelijk, wat meteen duidelijk was in één van de eerste songs van de set. Na het intieme ?Sing to Bobby? kwam de klemtoon op Foremans bedreven pianospel op ?The greatest? en ?Living proof?. De americanablues van ?Moon?, ?Making believe? en ?don't explain? waren de ideale songs bij een nachtelijk bezoek aan een klein café na het concert waar het ruikt naar whiskey en sigaretten. Op ?Hey Arethea?, ?I `ve been lovin'? en ?Satisfaction? herleefde de southern rock'n'roll van The Black Crowes, bepaald door `70's keyboards en de gitaarsoli van Bauer.

Cat Power bood een afwisselende set. Ze huppelde als een ballerina op het sfeervol donkere ?Where is my love?. ?Angelitos negros? was het meest avontuurlijk bezwerende nummer en ?Lived in bars? was het sleutelnummer van de avond, de groep werd uitgebreid voorgesteld en kon rekenen op minutenlang applaus.

In de bis trakteerde ze ons op drie songs, wat een twee uur durende set opleverde van een fijne barband, die Marshall tot volle ontplooiing liet komen.

We hoorden wisselende meningen over het optreden. Eén raad: sta stil bij de stabiele dame, die steeds opnieuw de paden verkent op het terrein van de americana bluesrock, wat zorgt voor verrassende bewerkingen van eigen en andermans nummers!

Org: Botanique, Brussel - Les Nuits Botanique

Pestpop 2007: zaterdag 21 april

Geschreven door
Dag twee verliep in een al even relaxte sfeer want veel meer volk was er niet komen opdagen. Ik vermoed dat het aantal toeschouwers net iets minder was dan tijdens de editie van 2006. Tijdens dag twee was er ook een tweede podium waar vooral lokale bands en enkele buitenlandse subtoppers hun ding mochten doen. Voor het B-podium hebben we ons nog goed geamuseerd met de rock'n'roll show van het Belgische Southern Voodoo. Deze Mötorhead klonen speelden een genietbaar optreden, inclusief minivuurwerk, erotische danseres (nu ja?elk zijn smaak hé!) en vuurspuwer. Even ervoor hadden op het hoofdpodium Zak Stevens en zijn band Circle II Circle nog een erg verdienstelijk optreden gegeven, met een bloemlezing uit de 3 Circle II Circle albums maar ook songs uit zijn periode bij Savatage. Hoogtepunt van het Circle II Circle optreden was toen Chris Caffery (die in de namiddag ook een sterk optreden had gegeven) het podium mee op mocht om af te sluiten met het ijzersterke ?Edge Of Thorns?.

Na Southern Voodoo was het, voor de tweede maal in evenveel dagen, tijd voor Jon Oliva's Pain. Ditmaal werd het een volledig elektrisch optreden van ongeveer 90 minuten. Anders dan de dag ervoor was Jon Oliva nu wel erg goed bij stem. Dat er toch wat meer fans waren opgekomen stemde hem duidelijk gunstig wat resulteerde in een wervelende show. Jon Oliva's Pain bracht het beste uit beide JOP albums en natuurlijk erg veel Savatage songs. Ook zijn band had er duidelijk zin in maar misschien had dit ook wel te maken met het feit dat dit het allerlaatste optreden van de tour was. Gitarist Matt Laporte (niet moeders mooiste) speelde zeer melodieus en vrij efficiënt. Hoogtepunten alom! Vooral de `Streets - medley' (bijna het ganse Savatage album `Streets - A Rock Opera' werd gespeeld) was fenomenaal. Jammer van de vele technische storingen tijdens dit optreden. Zo gebeurde het vaak dat de microfoon van Jon niet werd versterkt toen die van de ene naar de andere microfoon liep.

Ook erg storend was de soundcheck van Mortiis die zich aan het klaarmaken was tijdens de JOP set op het tweede podium. Dit was ook Jon niet ontgaan. Na een welgemeende fuck you kon de man de prachtsong ?Heal My Soul? dan toch nog verder afmaken. Een beetje meer respect was hier zeker op zijn plaats geweest. Meer dan ooit liet Jon ons ook herinneren aan het overlijden van zijn broer Chris en droeg hij meerdere songs op aan zijn broer en soulmate. De finale kwam er met de opener van `Maniacal Renderings': ?Through The Eyes Of The King?gevolgd door part 1: ?Hall Of The Moutain King? met opnieuw Chris Caffery op gitaar. Voor de P.A. man was dit duidelijk een brug te ver want die bakte er tijdens deze laatste song niets van en verklootte deze ultieme Savatage klassieker. Conclusie: een zeer sterk optreden van Jon Oliva's Pain (zoveel beter dan de dag ervoor) dat toch wat werd ontsierd door de vele technische foutjes.

Daarna zagen we nog een stuk van het angstaanjagende, explosieve optreden van het Noorse Mortiis. De mix van Black Metal en Industrial Rock sprak ons echter niet aan waardoor we, net zoals de meeste Savatage fans, vroegtijdig huiswaarts keerden en My Dying Bride aan ons lieten voorbij gaan.

Als we eerlijk zijn was Pestpop 2007 niet helemaal wat we er van verwacht hadden. Het klasse optreden van Jon Oliva's Pain heeft echter veel goed gemaakt maar voor de rest waren de bands redelijk zwak en voor ons melodieuze rockfans weinig interessant.

Misschien zou het toch doeltreffender zijn om het festival uit te bouwen in de richting van één specifiek genre waarbij op zijn minst één grote naam wordt geprogrammeerd.

In elk geval blijkt dat de organisatie ook na deze teleurstellende editie het hoofd boven water kan houden want het heeft al plannen voor een derde editie.

Die komt er volgend jaar op 19 april 2008. Het wordt een editie `back to basics', met één dag en één podium.

Organisatie: Pestpop

Maxïmo Park

Maxïmo Park op scherp

Geschreven door
Maxïmo Park is een beloftevol vijftal uit Newcastle, onder zanger/songschrijver Paul Smith. Smith, met Chaplin hoed, komt lief en vriendelijk over, maar éénmaal de eerste tonen zijn te horen, manifesteert hij zich als een hyperkinetische weirdo zanger, die met z'n indringende ogen, z'n bekkentrekken en hoekige Madness ska danspassen, doet huiveren.

Maxïmo Park staat garant voor een dynamische, springerige en aanstekelijke sound: postpunk en `80's wave/elektro door snedige, huppelende ritmes en intrigerende synthi. Een gewaagde Franz Ferdinand en Kaiser Chiefs. Ze zorgden voor anderhalf uur frisse, boeiende rock van een twintigtal songs. De geraffineerde songs gaven ze live een adrenalinestoot.

De band putte afwisselende uit de twee cd's `A certain trigger' en `Our earthly pleasures'. Songs als ?Graffiti?, ?Girls who play guitar?, ?Now I'm all over the shop? en ?Our velocity? gaven een fel, verbeten, stevige start. Wat een tempo! ?A forthnight's time?, ?Russian literature? en ?I want you to stay?, op plaat subtieler, waren live meer uptempo. Overtuigend!

De fijne ?Books from boxes? ?By the monument? en ?Karaoke plays?, deden het helse tempo wat afnemen. De band verloor z'n kracht en energie niet en speelde in een snelvaart tempo, melodieuze postpunkpopsongs als ?Apply some pressure?, ?Nosebleed? en ?The unshockable?, wat aanzette tot crowdsurfen en ? een kus aan de zanger! ?Going Missing? was alvast een straffe afsluiter door z'n broeierige opbouw en z'n forse tempo aan het eind; op z'n Muds en Raceys sprongen de zanger als de toetsenist de hoogte in! De groep was alvast onder de indruk van de respons en trakteerde ons op een drietal nummers in de bis; een feestje met snedige, groovy songs als ?Kiss you better?, ?Sandblasted and set free? en ?Limassol?.

Maxïmo Park leverde een aanstekelijke, rechttoe- rechtaan live set, met zanger Paul Smith in een hoofdrol; de meest melodieus subtiele uitgewerkte poprocksongs gaven ze een push forward. Een band live op scherp.

Showstar, uit het Waalse Huy, viel op door de verleidelijke, excentrieke zanger Christophe Danthinne, die alvast iets meehad van John Inman van `Are you being served?'. Een smaakvolle Britpopsound, de ene maal zweverig met een psychedelica toon, de andere maal strakke postpunk.

Org: Botanique, Brussel

Pagina 969 van 980