Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026 Agel, donderdag 1 oktober 2026, Museum, 20h Shitkid, donderdag 1 oktober 2026, Rotonde, 20h Local slang: Lyzza, Bamao Yendé, Camillusonly, …, vrijdag 2 oktober 2026, Witloof Bar, 20h Prohibition, Ciseaux, vrijdag 2…

Cactus Club, Brugge - concerts

Cactus Club, Brugge - concerts 2026 02/10 WERF records night: Compro Oro, Helena Casella, Kunde, Margritte , … (ism Kaap) 03/10 Sub. Merge: Murdock + Shawiya Tribe + … (Org: Do vzw) 06-10 Berre 07-10 Ploegendienst, Grgy 10-10 Benenwerk indoor - classix…

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Club laat: DJ G2G + guests, Club Wintercircus, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

garbage_olt_riv...
The Cure

The Fratellis

Costello Music

Geschreven door
Deze drie Schotten hebben de U.K. al op zijn kop gezet met de singles ?Henrietta?, ?Creepin up the backstairs? en vooral ?Chelsea dagger? en werden op die manier razendsnel uitgeroepen tot the next big thing.

En bij wijlen wordt je inderdaad wel wild van dit opzwepende debuut, het refrein van het geweldige ?Chelsea dagger? is helemaal niet meer uit ons hoofd weg te krijgen, het fantastische ?Creepin up the backstairs? is gloeiend heet en heeft een moordende riff in de rangen (van zo een song kunnen ze bij Franz Ferdinand enkel maar dromen) en ?Got ma nuts from a hippy? is even fel en geestig als zijn titel doet vermoeden.

Het warm water hebben de Fratellis niet bepaald uitgevonden, want hier wordt vakkundig gejat uit de voltallige Britse muziekcatalogus. Erg is dat helemaal niet, ze hebben de goeie invloeden er uitgekozen. ?Henrietta? is pure Supergrass, ?Whistle for the choir? en ?Ole black 'n' blue eyes? hebben de Beatles in hun lijf, ?Baby Fratelli? is voor zijn refreintje ten rade geweest bij die gekken van Slade en bij zowat de helft van de overige songs is T-Rex op bezoek. Ook The Kinks en The Faces komen ons wel eens voor de geest. Al deze invloeden hebben de Fratellis opgeslorpt in 44 minuten stomende energie verpakt in 13 buffels van songs.

`Costello Music' is heet als de hel, catchy als een minirokje met een stel moordbenen onder en bruisend als een dozijn dafalgans in een magnus champagnefles.

De zomerfestivals hebben dit groepje gewoon nodig.

Black Flower

Morning In The Jungle -single-

Geschreven door

Black Flower is een Belgisch etno-jazz-band (met ook afrobeat en dub) rond saxofonist Nathan Daems met bandleden die referenties kunnen voorleggen  van Calexico en Beck tot The Valerie Solanas en De Beren Gieren. Doorgaans doen ze hun ding volledig instrumentaal, maar voor hun eerste vocale gast hebben ze meteen een prijsbeest uitgekozen: Meskerem Mees. Zij werkte eerder samen voor singles van Tourist LeMC en Mooneye en heeft vooral haar prachtig eigen album ‘Julius’ op haar conto staan.
Deze “Morning In The Jungle” heeft een mooie setting. Het verhaal begint (op papier) in Brazilië waar lekker gedanst wordt en lichamen tegen elkaar aanschurken. Tegelijk is er een vrouwelijke pickpocket aan het werk en de single is eigenlijk de soundtrack bij het mogelijke verhaal van het avontuur dat volgt op dat gegeven, tot aan het ochtendgloren. Een leuke zet van Black Flower om dat zo te ‘verkopen’.
Muzikaal is dit een mooi voorbeeld van waar Black Flower voor staat: swingende exotische jazz van de bovenste plank. Knappe productie. Niets op aan te merken. Meskerem Mees krijgt een mooie gastrol in het muzikale verhaal, maar kan/mag/wil als zangeres niet helemaal op haar hoogste niveau schitteren, terwijl het in jazz toch vaak net de bedoeling is dat elke artiest zijn momentje krijgt/neemt. Samengevat is dit een prima single die maar een zucht verwijderd is van geweldig.

Op het B-kantje, want deze single komt uit op een beperkte oplage van 300 7”-vinyls, krijg je nog een onuitgegeven track van Black Flower als extraatje.

Jazz/Blues
Morning In The Jungle -single-
Black Flower feat Meskerem Mees

https://blackflower1.bandcamp.com/album/morning-in-the-jungle-feat-meskerem-mees

 

Pride Of Lions

The Roaring Of Dreams

Geschreven door

Jim Peterik is een zeer getalenteerde songschrijver. Dat dit op zich nog geen garantie is voor een sterk product konden we vaststellen toen Peterik's soloalbum 'Above The Storm’ vorig jaar op ons werd losgelaten. Want als we eerlijk zijn was dit toch eerder een tegenvallende plaat. Vooral omdat we van Peterik beter gewoon zijn. Het zou dus zeer moeilijk worden voor Pride Of Lions om met een derde studioalbum te bevestigen. Met de release van 'The Roaring Of Dreams' is er echter geen twijfel meer mogelijk. Pride Of Lions staan meer dan ooit aan de top van de hedendaagse A.O.R. scène en hebben dit niet alleen te danken aan Peterik's 'songwriting' maar vooral ook aan de goddelijke stemkwaliteiten van supertalent Toby Hitchcock. Het titelloze Pride Of Lions debuutalbum was de perfecte A.O.R. plaat. Op de opvolger 'The Destiny Stone' stonden er enkele songs die mij wat minder aanspraken. Maar over het algemeen was ook dat album een bijzonder sterke A.O.R. plaat. Ook op ‘The Roaring Of Dreams’ staan er enkele songs die mij persoonlijk wat minder aanspreken waardoor ik dit album niet de volle pot kan geven. Ook het 'waw-effect' is verdwenen. De Pride Of Lions band haalt opnieuw erg stevig uit met zowel potige melodieuze up-tempo rockers, alsook enkele killerballades. Toch is het vooral opnieuw Toby's superkrachtige stem die dit album tot een waar pareltje omtovert. Tot mijn persoonlijke favorieten reken ik: de stevige opener "Heaven On Earth", de superballades: "Love's Eternal Flame" en "Faithful Heart", het originele (met een 'French Horn' arrangement) "Tall Ships" en afsluiter "Turnaound".

Op deze laatste song mag de zus van Toby (Tori) een duet aangaan met haar oudere broer. Mooi, mooi, mooi!!

Pride Of Lions is A.O.R. A.O.R. is Pride Of Lions.

Al dat moois is deze zomer (8 augustus) ook weer te zien en te horen op de Lokerse Feesten! Allen daarheen!

Deafheaven

Deafheaven - Inter Arma - Sons of A Wanted Man - 'De ene intensieve mokerslag na de andere'

Geschreven door

De zomer is voorbij, de herfst is in het land. Dat zorgt voor frissere temperaturen, en al eens een spatje regen links en rechts. Op zo een herfstige dinsdag zakten we af naar Trix in Antwerpen voor een avond boordevol intensieve mokerslagen, die je doorheen schudden en compleet murw slaan. Elk van de drie bands op het podium - Deafheaven, Inter Arma en Sons Of A Wanted Man - doen dat op hun eigen wijze, het resultaat is echter hetzelfde. Trix was trouwens aardig vol gelopen op deze dinsdagavond. Wij waren er ook bij, en lieten ons gewillig tot moes slaan door de verwoestende wervelstormen die op ons af kwamen. Een overzicht

Mokerslag 1: Het opbouwen van een ondoordringbare geluidsmuur
Een Belgische band die aan een steile opmars naar boven toe bezig is, dat is Sons Of A Wanted Man (****1/2) zeker en vast. Zowel het debuut ‘Black Days Black Dust’ als het recente ‘Awaking’ lieten al een diepe indruk op ons achter. Ook live wist Sons of A Wanted Man ons ondertussen eveneens al compleet te bekoren. Hun gedenkwaardig optreden op Rock Herk deze zomer zit nog vers in het geheugen.
Sons of A Wanted Man wist me trouwens te vertellen dat ze het eigenlijk niet gewoon zijn om in zo een grote zaal voor zoveel publiek te spelen. Optreden in een zaal als Trix is dus een mijlpaal voor de band. Vanaf die eerste noot raast Sons Of A Wanted Man over de hoofden van de fans heen, en haalt in de volledige set telkens opnieuw even verschroeiend uit zodat je geen tijd hebt om op adem te komen. Bovendien straalt Sons Of A Wanted Man, naast de perfectie overschrijden, enorm veel spontane professionaliteit uit, waardoor een geluidsmuur op jou afkomt die niet alleen de trommelvliezen doet barsten. De muren in Trix beginnen te barsten van zoveel oerkracht die de heren uit hun instrumenten toveren, gerugsteund door een beweeglijke frontman, die met zijn stembereik demonische wezens uit de Hel letterlijk oproept, is het hek vrij snel van de dam. Zowel instrumentaal als vocaal worden vanaf de eerste tot de laatste noot dan ook alle registers compleet open getrokken. Er is totaal geen speld tussen te krijgen. Zenuwen? Niets van gemerkt trouwens, en ook dat getuigt van pure klasse.
Besluit: Sons Of A Wanted Man is klaar om de wereld van Blackned/post/sludge of welke metal je het ook kunt noemen, compleet te veroveren. Wij wisten dat eigenlijk al een tijdje, in Trix zet Sons of A Wanted Man dat nog wat meer in de verf. Missie geslaagd mijne heren!

Mokerslag 2: Het opentrekken van een doos van Pandora doet vreemde wezens ontsnappen uit de Hel
De muziek van Inter Arma (****) in één woord omschrijven is bijzonder moeilijk. De band combineert Sludge met Blackned/death metal ingrediënten en voegt daar streepjes post-metal aan toe die aanvoelen alsof de vier ruiters van de Apocalyps de Trix gaan overnemen. De heren delen voortdurend oorverdovende mokerslagen uit, maar net door daar telkens opnieuw verrassende wendingen aan toe te voegen zet de band je eigenlijk voortdurend op het verkeerde been.
Inter Arma , die trouwens al sinds 2006 eigenzinnig aan de weg timmert, trekt dus eigenlijk een soort doos van Pandora open, waaruit heel vreemde wezens uit de Hel ontsnappen, die je enerzijds koude rillingen bezorgen en anderzijds eerder stevig doorheen schudden. Net door de wat vreemde chaotische aanpak die Inter Arma naar voor brengt, dient de aanhoorder dus toch een inspanning te doen om het echt te begrijpen. Enerzijds dompelt de band je bewust onder in een logge en trage doom sfeer, om daarna zodanig verschroeiend hard uit te halen waardoor je tegen een muur van geluid wordt gekwakt. Om, eens terug op positieven gekomen, door diezelfde eerder trage en dreigend soundscape ervoor te zorgen dat er koude rillingen over je rug lopen, van pure angst.
Besluit: De logge riffs die Inter Arma drie kwartier door de boxen doet loeien, vormen telkens een wat vreemd, maar boeiend contrast met het rammelende drumwerk. Waardoor je als aanhoorder letterlijk van het kastje naar de muur wordt gestuurd, en niet goed weet wat er juist is gebeurd. Net die eigenzinnige aanpak, en het niet binnen die lijntjes willen kleuren tot voortdurend improviseren en experimenteren, is de grote sterkte van een band als Inter Arma. Eens je door de psychedelische, donker aanvoelende walmen bent bevangen is geen weg terug meer mogelijk. Net als die doos van Pandora, verrast de band je dan ook voortdurend, tot je totaal van de kaart en verweesd achterblijft, in een donker hoekje van de kamer.

Mokerslag 3: De ultieme doodsteek...
Nu die poorten van de Hel dankzij voornoemde bands compleet open zijn gegaan, is de tijd gekomen om de aanhoorder die ultieme doodsteek te bezorgen. Dat moet Deafheaven (*****) moeten hebben gedacht toen ze aan hun set begonnen. Deafheaven brengt een heel melodieuze, intensieve set die je verdooft en tot waanzin drijft. Twee gewaarwordingen die refereren naar Helse tochten in griezelige bossen en donkere landschappen. De heren hebben maar acht songs nodig om ons compleet te overtuigen van wat we eigenlijk al wisten. Niet alleen gekende kleppers. Ook de songs uit hun recente album ' Ordinary Corrupt Human Love' staan als een huis, waaruit dan weer blijkt dat Deafheaven na al die jaren nog steeds even vuurkrachtig en verschroeiend uithaalt als in zijn beginjaren.
Deafheaven combineren shoegaze met black metal en overgiet die met postrock elementen. In golvende bewegingen, die aanvoelen als een rit over wilde wateren, doet de band een ware aardbeving ontstaan in Trix. Het publiek deint gewillig mee over diezelfde golvende lijnen, en lijkt onder hypnose te zijn gebracht door de krachtige riffs tot drum salvo's.
Het is echter frontman George Clarke die met zijn ijle stem en charismatische uitstraling de meeste aandacht naar zich toe trekt. De man ontpopt zich tot een ware volksmenner, van het eerder donkere soort. Als het ware grijpt hij de aanhoorder voortdurend bij de strot, knijpt de keel dicht en laat geen spaander geheel van je hersenpan. Zo een moment, typisch aan een optreden van Deafheaven, is “You Without End” in de bisronde. Een song die begint met een atmosferische piano klank, waarbij je zelfs een speld kan horen vallen in de zaal. Dreigend bouwt de band een intensieve muur van geluid op, die uitmondt in een climax waardoor de trommelvliezen barsten en die geluidsmuren prompt worden omver geblazen. Indrukwekkend!
Besluit: Deafheaven zorgt dus inderdaad voor de ultieme doodsteek. Telkens opnieuw en opnieuw, in eerder golvende beweging van zalven en slaan. Tot je compleet één geworden met die onaards aanvoelende wervelstorm, nog maar eens jouw eigen demonen strak in de ogen kijkt. Met het angstzweet op de lippen, trillende van emoties, van ontroering tot innerlijk pijn. Zoveel uiteenlopende gevoelens maakt de band los, zoveel intensiviteit in een uur en half schotelt Deafheaven ons voor, dat we op het einde van de set, nog trillend op de benen de zaal verlaten de donkere nacht tegemoet. Na een intensieve avond boordevol onaards aanvoelende mokerslagen.
Setlist: Honeycomb - Canary Yellow - Sunbather - Brought to the Water - Worthless Animal
Encore: You Without End - Glint - Dream House

Organisatie: Trix, Antwerpen

Lethal Injury

Lethal Injury - CD release - 'De underground leeft, de zoveelste bevestiging'

Geschreven door



'De Underground Leeft' … We hebben dit al zoveel maal aangegeven in vele van onze recensies en concertverslagen. We gaan dit blijven herhalen. Want inderdaad, binnen elke muziekstijl bloeit er wel iets binnen die underground. Neem nu een band als Lethal Injury. Ooit begonnen als een doorsnee Thrash Metal band van de betere soort, en ondertussen geëvolueerd tot een volwaardige gouden parel aan de horizon. Want hen het label 'thrash metal' opkleven is ondanks alles deze band tekort doen. Dat bewijst Lethal Injury o.a. met zijn debuut dat eindelijk op de markt is gekomen. Een debuut dat trouwens op 28 september werd voorgesteld in de historische locatie 'De Grote Post' ,omgetoverd tot een heus cultuurcentrum, in Oostende.
Over 'Melancholia' schreven we: '' Song na song slaat Lethal Injury ons met verstomming, en biedt ons zoveel verrassende wendingen aan op dit klasse debuut, dat we dus niet zomaar een zoveelste thrash plaat, maar een pure klasse metal schijf – in de ruime zin van dat woord – aangeboden krijgen, waardoor een ruim publiek over de streep kan worden getrokken. Voor een debuut is dit dan ook een ware mokerslag in het gezicht geworden, die ons doet beseffen dat we hier te maken hebben met een band die binnen het metalgebeuren nog hogere ogen zal gooien dan ze dankzij voornoemde live reputatie al doen. Bovendien, en dat is nog het meest opvallende, bij elke luisterbeurt doen we telkens opnieuw andere ontdekkingen, waaruit blijkt dat de band stevig aan het improviseren is geslagen op hun debuut".

Lethal Injury had een gezellig metal avondje op poten gezet, om dit debuut voor te stellen. In een goed gevulde bovenzaal kreeg de band het gezelschap van Motsus en Speed Queen die de temperatuur in de zaal deden stijgen, waarna Lethal Injury het potje deed overkoken. Een overzicht

Donkere riffs, om de lont aan het vuur te steken en ervoor te zorgen dat de boel pas echt ontploft!
Eigenlijk was het stoner/sludge gezelschap Motsus een beetje de vreemde eend in de bijt op deze avond boordevol thrash en andere aanverwante heavy/speed metal. Echter is dit naderhand bekeken de perfecte band geworden om de gedoodverfde lont aan het vuur te steken, om de boel te doen ontploffen. Riffs, Riffs en Riffs is de rode draad in de donkere sludge/stoner muziek van Motsus. De band timmert sinds 2012 aan de weg, en blijkt binnen een muziekstijl die we toch al enkele jaren volgen, een meerwaarde te zijn. Geen idee waarom ons dat is ontgaan, want het was de eerste keer dat we deze band echt hebben opgepikt. Dit geheel terzijde.
Motsus brengt verschroeiende riffs naar voor, die als kokende lava je hersenpan binnen dringen en je ziel doen branden in de Hel. Althans zo voelt dat aan. De spanning is gedurende de volledige set namelijk gewoon te snijden, waardoor de temperaturen - die in de zaal eigenlijk al redelijk hoog lag - naar een kookpunt beginnen te stijgen.

Snel, Sneller, Snelst.. en dodelijke riffs die snijden als scheermesjes. Missie geslaagd!
Speed Queen
heeft zijn naam niet gestolen. Want inderdaad snelheid is de rode draad in de muziek van deze band. Snelheid en technisch hoogstaande gitaar/drumwerk dat als een mokerslag in je gezicht terecht komt. Ook al gaat alles wat diezelfde lijn uit, dit stoort allerminst. Doordat Speed Queen die lat zodanig hoog legt, dat je gewoon vanaf de eerste noot omver wordt geblazen. En tot de laatste noot wordt meegesleurd in de oorverdovende wervelstorm die de band je aanbiedt. Naar goede gewoonte gaat Speed Queen dan ook als een horde olifanten in een porselein winkel tekeer, tot geen spaander geheel blijft van de zaal. Bovendien beschikt Speed Queen over een frontman die niet alleen enorm veel charisma uitstraalt, maar eveneens over een stem beschikt waardoor geluidsnormen nog maar eens worden overschreden. Ook al hebben we de man in het verleden nog beweeglijker gezien dan nu. Zijn aangeboren charisma en het uitdelen van kwinkslagen zorgen ervoor dat Speed Queen de boel pas echt doet ontploffen, waardoor de weg open ligt voor Lethal Injury om de ultieme doodsteek toe te dienen. Een betere opener van de finale kon deze laatste zich dan ook niet dromen.

Een gevarieerde set die schippert tussen duisternis, feestjes bouwen en koude rillingen over de rug laten lopen!
Het valt ons bij een cd voorstelling toch telkens op. Ondanks de inspanningen die de voornoemde bands leveren, het merendeel van de aanwezige komt voor één reden. De cd voorstelling van de band zelf. Dat was ook bij Lethal Injury het geval. Kreeg Speed Queen de handen op elkaar, dan was het hek pas volledig van de dam bij Lethal Injury. Het meest opvallende op de nieuwste schijf is dat Lethal Injury is uitgegroeid tot een totaal omvattend metal band, pure sang. Alles wat het genre zo mooi maakt, vind je namelijk terug op deze schijf. Duisternis die je tot waanzin drijft, ingetogen momenten die je een krop in de keel bezorgen. Verschroeiende riffs die als een bot mes in je vlees snijden. Of het doen ontstaan van een feestelijke stemming. Het keert allemaal terug op dit bijzonder tot de verbeelding sprekend debuut.
Die vele emoties, worden dus ook op het podium naar voor gebracht. In Oostende schippert Lethal Injury tussen het bouwen van een wervelend Thrash metal feestje en je koude rillingen tot het bot bezorgen door middel van black/death metal ingrediënten, en daardoor de duisternis letterlijk doen neerdalen over de zaal. Na de ene mokerslag, volgt wederom een moment dat de band de poorten van de Hel compleet open doet zwaaien. Waarna uiteindelijk een wervelend feest ontstaat waardoor die poorten worden gesloten, om opnieuw plaats te maken voor een eerder feestelijke stemming. Een gevarieerd aanbod, dat is wat de band ons voorschotelt. Lethal Injury is dus duidelijk volwassen geworden, en legt de lat zodanig hoog dat je van de ene aangename verrassing in de andere verschroeiende wending terecht komt. Dit getuigt van pure klasse van eenzaam hoog niveau.
Valt het u op dat we hierbij geen pluim steken op de hoed van de gitaristen/bassist, of een extra woordje aandacht schenken aan de vocale inbreng en drumsalvo's? Dat laatste is heel bewust. In de volledige set valt het op dat Lethal Injury anno 2018 vooral een goed geoliede machine is geworden, waarbij elke schakel, elke inbreng, minstens even belangrijk blijkt te zijn. Bovendien, de muzikale smaken van elk van de bandleden zijn wellicht wat verschillend, maar toch voelen de heren elkaar blindelings aan. Wat ervoor zorgt dat we een optreden aangeboden krijgen dat niet alleen technisch de perfectie overschrijdt. Bovendien straalt deze band enorm veel spelplezier en spontaniteit uit waardoor een nieuwe bladzijde kan worden omgedraaid, en de weg naar eeuwige roem - in zoverre dat nog kan - open ligt.

Besluit: Op basis van dit debuut, en deze show in Oostende ziet die toekomst voor Lethal Injury, binnen het globale metal gebeuren - in een enorm brede omkadering - er dan ook meer dan veelbelovend tot rooskleurig uit.

Naast de knappe prestatie van de bands zelf willen we toch ook een pluim op de hoed steken van de geluidsman. Want de mix bij een instrumentale muziek van bijvoorbeeld Motsus is uiteraard heel belangrijk, en dat bleek ook duivels goed te zitten. Niet alleen bij Motsus, maar over de ganse avond bekeken, was dit trouwens het geval. Eveneens bij Speed Queen en Lethal Injury was er geen speld tussen te krijgen, de perfectie werd dus ook wat de geluidsmix betreft voortdurend overschreden. Ook dit mag eens in de verf worden gezet.

Organisatie: Lethal Injury + HLP

Feist

Feist - Gerijpt als een overheerlijke wijn

Geschreven door

Er is een reden waarom het optreden van Feist in de Ancienne Belgique al maandenlang uitverkocht was. Niet alleen is de immer elusieve Leslie Feist een zeldzaamheid op Belgische podia, met “I Feel It All”, “Mushaboom” of “1234” speelde ze zich al in de harten van het countryrock minnend publiek. Haar nieuwe plaat ‘Pleasure’ vloog wat onterecht onder de radar, maar heeft een jaar na datum nog steeds niets aan kracht ingeboet. Haar korte Europese tour brengt haar slechts naar Parijs, Lissabon, Braga, End of The Road Festival en dus ook Brussel. Dat het een exclusief avondje zou worden, stond dus al vast, dat het ook nog eens meeslepend en adembenemend zou worden, was geheel Feist’s verdienste. Een avondje voor de fijnproevers met een mooie doorsnede van haar hele carrière.

Als opener van de avond kregen we ook al meteen iets exclusiefs. La Force is het soloproject van Ariel Engle, bekend als nieuwe zangeres van Broken Social Scene. Net als Feist zong Engle mee op nieuwste plaat ‘Hug of Thunder’, dus er was meteen al een connectie. Engle bracht gloednieuwe nummers en was zichtbaar nog wat nerveus. Dat deed ze in vloeiend Frans en Engels en enkel bijgestaan door afwisselend een backingtrack, orgeltjes, gitaar en een indringende stem die bij bss ook al doeltreffend bleek. Pas als alle elementen samen kwamen, konden haar nummers echt overtuigen. Met de hulp van Daniella Gesundheid en Leslie Feist zelve zette ze met het op Imarhan en Bombino gestoelde “Riding the Camel” zowaar wat toearegrock in. Toch waren haar nummers  duidelijk een work in progress en er is heel wat werk voor de boeg.

De Canadese Leslie Feist stond dan wel nog vorig jaar op het Brussels Summer Festival, voor een zaalshow in ons land moeten we al terugkeren naar 2011. In de muziekwereld heet dat dan al bijna een eeuwigheid. Ondertussen bracht ze wel het fijne ‘Pleasure’ uit en spendeerde ze haar tijd met meubels bouwen en inspiratie opdoen. Dat ruwe, artisanale gevoel zit diep vervlochten in haar muziek. Je voelt dat er aan elk nummer zorgvuldig gewerkt en geprutst is. Case en point was al meteen opener het plagerige “Pleasure” dat met zijn simpele lichtshow en eenvoudige bezetting wel tekende voor een maximale sound. Het publiek hangt al meteen aan haar lippen en daar wist de Canadese wel raad mee.

‘It’s the only thing that’s cute to be bad at,’ knipoogde ze Feist nadat ze het publiek toesprak in schattig gebroken Frans. Hoewel ze zich zeker uit de slag kon slaan in het Frans, was het voor de Canadese meer dan een gimmick. ‘C’est pas mingon parce que j’ai habité à Paris pour six ans et ça c’est mon Français,’ stamelde ze verder. Zelfrelativering is Feist duidelijk ook niet onbekend. Het Franstalige publiek in de Ancienne Belgique vond het alvast geweldig. En dan hebben we het nog niet over de muziek gehad. “The Bad In Each Other” was een opzwepende brok countryfolk en met “Any Party” leek het feestje helemaal vertrokken. Feist is meer dan het meisje/vrouw met gitaar in een bloemetjesjurk. Haar nummers zijn vaak al even stekelig en avontuurlijk als een avondje uitgaan en met je zatte botten in een haag belanden.
De Canadese doet dan wel beroep op een mannelijke backing band, zij en enkel zij hield de teugels strak in de handen. Haar gitaar en stemgeluid zijn de ruggengraat die je doorheen haar nummers leidden. Voor “How Come You Never Go There” en “The Limit To Your Love” dat dankzij de James Blake cover een langer leven beschoren was, haalde Feist nog eens La Force en Daniella Gesundheid op het podium. Even later bewees ze dan weer dat ze het best ook alleen kon op het intieme “Baby Be Simple”.
Over “Anti-Pioneer” vertelde Feist dat het nummer moest ‘rijpen als een goeie wijn’ om uiteindelijk op Metals op fles te kunnen gegoten worden. Net als dat nummer wordt de Canadese zelf alleen maar beter met de jaren. Op haar unieke stem zit nog lang geen sleet en als performer wisten we haar nog nooit zo ongedwongen en enthousiast het publiek te bespelen.
‘Genoeg trieste liedjes,’ grapte ze tegen het einde van de set. Publiekslieveling “My Moon My Man” betekende ook meteen het begin van een verschroeiende eindsprint. “Sealion” ontaarde in een groovend meezingmoment, terwijl het jarige “Let It Die” zelfs een “In de gloria” kreeg toegezongen. Op “I Feel It All” ging Feist voor een keer harten lijmen in plaats van zelf de trekker over te halen. Het toont maar dat ze niet meer die melancholische twintiger is van vijftien jaar geleden.
Ook al werd er meegezongen op “Any Party”, “A Man Is Not His Song” en “Sealion”, in de bissen deed Feist er nog een schep boven op. “Mushaboom” was zo zacht als een fleece dekentje waar het heerlijk onder schuilen was, terwijl ze zich op het aangrijpende “Intuition” van haar fragielste kant liet zien. Een gematuurde en tragere versie van “1234” zette het publiek eerst nog op verkeerde been, omdat helemaal open te barsten in een gelukzalig meezing momentje. Zowaar drie kersen op een al overheerlijke taart.

‘Probably the last one for a while,’ zo kondigde Feist haar mini-Europese tournee aan. Laat ons hopen dat de Canadese ons niet nog eens zeven jaar op onze honger laat zitten.

Setlist: Pleasure - The Bad In Each Other - Any Party - Get Not High, Get Not Low - How Come You Never Go There - Anti-Pioneer - The Limit To Your Love - Baby Be Simple - A Man Is Not His Song - Lonely Lonely - When I Was A Young Girl - Lost Dreams - My Moon My Man – Sealion - I Feel It All - Let It Die - Mushaboom (solo) - Intuition (solo) – 1234

Met dank aan Dansende Beren www.dansendeberen.be

Pics homepag – concert 2012 - Théâtre Sébastopol, Lille @Xavier Marquis

Organisatie: Live Nation + Ancienne Belgique, Brussel

The Damned

So, who’s paranoid?

Geschreven door

Yep, The Damned, die bestaan nog. Mogen we niet vergeten dat deze band met ‘Damned damned damned’ in 1977 het allereerste punkalbum op de wereld heeft gebracht (jawel, nog voor de Pistols). Nadien is de groep eigenlijk nooit opgehouden met bestaan, een paar personeelswijzigingen ten spijt, en hebben ze een hoop platen uitgebracht waaronder weliswaar weinig onvergetelijke. Ook de sound varieerde in al die jaren van punk naar een soort goth rock.
Dit nieuwe album heeft niks meer met de punk anno ’77 te maken, en evenmin met goth-rock. Dus Damned fans die daarop zitten te wachten zijn eraan voor de moeite. Op ‘So, who’s paranoid?’ krijgen we wel zowat de originele bezetting, dus met Captain Sensible en zanger Dave Vanian.
Op deze nieuwe plaat is The Damned erin geslaagd zichzelf een soort eigentijdse Britpoprock toe te meten die soms doet denken aan veel jongere bands als pakweg Maximo Park (in songs als “Danger to yourself” en het vinnige “Maid for pleasure”), elders dan weer aan The Who of Alice Cooper. In de sound sluipen al wat theatrale en bombastische momenten (in “Dr. Woofenstein”, “Since I met you” en “Nature’s dark passion”), dus de punk is wel heel ver af. Vanian’s zang doet meermaals aan Julian Cope denken (voor diegenen die niet met Cope’s werk vertrouwd zijn, dit is wel degelijk een compliment) en Captain Sensible laat zich heel dikwijls tot een heuse gitaarsolo verleiden, wat vroeger ook al volledig uit den boze was. Om de fans van het eerste uur nog wat meer af te schrikken krijgen we bovendien nog een lading piano, strijkers, een hoop keyboards en zelfs koorzangen. Zelfs de meest felle en energieke song “Nothing” neigt meer naar hard-rock dan naar punk en is voorzien van een ware hard-rock solo en dito keyboards.
Misschien toch een klein raakpuntje met het geluid van eind jaren zeventig, maar dan niet dat van henzelf : soms is er een zweem van generatiegenoten The Stranglers te herkennen, en dat is volledig te wijten aan een retro-orgeltje dat regelmatig komt voorbijdrijven, zoals in opener “A nation fit for heroes”.
De band eindigt zonder enige vorm van schroom met het 14 minuten durende psychedelische “Dark asteroid”, inclusief een lang uitgesmeerde wah-wah gitaarsolo waar geen einde lijkt aan te komen. U gelooft uw oren niet.  
The Damned heeft met ‘So who’s paranoid?’ het soort plaat gemaakt waar ze in 1977 hardnekkig zouden op gespuugd hebben. Toch is dit album best te genieten, als je maar de punk uit je hoofd kan zetten.

Kings Of Convenience

declaration of dependance

Geschreven door

Het Noorse duo Erlend Oye en Eirik Boe, twee belangvolle singer/songwriters, namen hun tijd en lieten elkaar de ruimte om dan terug bij elkaar te komen. Het debuut ‘Quiet is the new loud’ dateert al 2001 en lag samen met het materiaal van Turin Brakes aan de basis van de toen heersende new acoustic movement, een voorliefde van eenvoudig en sober gehouden gevoelige, dromerige akoestische gitaarpop, gedragen door een soort engelenzang. Aan het vervolg ‘Riot on an empty street’, drie jaar later pas, eveneens een ‘60’s getinte akoestische plaat , werden af en toe piano, banjo en een blazer toegevoegd; nu lieten de heren vijf jaar op zich wachten. Ondertussen had Erlend Oye z’n handen vol met The whitest boy alive, het deejayen, dancenummers inzingen, het uitbouwen van een solocarrière enz … Boe werkte intussen z’n studie af.
Kijk als de heren elkaar vinden in het ‘so we meet again’ princiep, dan geeft het vonken. Inderdaad, opnieuw horen we die eenvoudig simpel gehouden akoestische folkpop, die zo pakkend klinkt. Het zijn lieve, dromerig uitgekiende prachtsongs, gedragen door hun samenzang of door de zachte fluisterstem van Oye. “Mrs cold”, “Boat behind“ en “Rule my world” kun je probleemloos meefluiten en neuriën. Het kan nog intiemer en kaler, zoals op “My ship isn’t pretty”, “Renegade”, “Power of not knowing” en de afsluiters “Second to numb” en “Scars on land” die enkel door akoestische gitaargetokkel en stem worden bepaald … een vat vol melancholie … voor bij zonsondergang of bij het haardvuur, op donkere winteravonden met een glas rode wijn … genietend van serene rust of het geeft een helende werking na een stressvolle dag! Beperkte bijdrages van viool en contrabas worden toegevoegd.
Simon & Garfunkel zijn één van de voornaamste referenties. Ergens las ik dat Kings Of Convenience de cocktail zijn voor verliefde stelletjes en oude geliefden die elkaar in de armen vallen …zo zie je maar … drama met een happy end!

Iceage

New Brigade

Geschreven door

Het Deense Iceage heeft een debuut uit van twaalf songs; een debuut dat nog geen half uur duurt . Bijna allemaal twee minuten songs binnen een postpunk kader , die rauw, rammelend & noisy zijn, soms wat ontstemd, met een laag feedback erover . Kort, krachtig , energiek en fel, tuimelend in een bed van Wire, Black Flag, de wave van Joy Division en de grunge van Nirvana .
‘New Brigade’ kan worden geïnterpreteerd als één muzikale trip. Het is van een bandje die live lak heeft aan alles …

Superchunk

Superchunk - Angry old men hebben nog altijd het vuur

Geschreven door

Superchunk - Angry old men hebben nog altijd het vuur
Superchunk
Kreun
Kortrijk
2018-06-01
Nick Nyffels

Superchunk is een van die bijzonder invloedrijke Amerikaanse gitaarbands uit de jaren negentig, die misschien niet het succes gekend hebben dat ze verdienden, ook omdat ze dat bewust afgehouden hebben. Wij waren toen student met een beperkt budget en zonder auto, en omdat ze toen nooit op T/W en Pukkelpop gestaan hebben, is deze band een beetje aan ons voorbijgegaan in de nineties: ongetwijfeld zullen we wel een video gezien hebben op 120 Minutes of in Beavis & Butthead, en natuurlijk ook op de Matador-compilatie cd’s uit die tijd, maar dat was het zowat voor onze Superchunk-ervaring. Compromisloos waren ze trouwens ook, want toen Matador records door een major verdeeld werd, besloten ze te stoppen op dit label, en verder te gaan op hun eigen label, Merge records, dat later het grootste succes zou kennen met Arcade Fire.

Tijd dus om onze schade op te halen, en dat treft, want Superchunk kwamen hun nieuwe plaat ‘What a time to be alive’ voorstellen in de Kreun. Bassiste Laura Ballance schrijft nog altijd mee op de platen, maar live laat ze zich vervangen door een andere bassist, omdat ze gehoorschade opgelopen heeft in de bijna dertig jaar dat deze band uit Chapel Hill, het universiteitstadje in North Carolina, bezig is. De nieuwe plaat pakt Trump en de vergoelijking van “The Alt-right” als respectabele mening aan, en is de eerste plaat sinds 1993 die zonder keyboard opgenomen is, frontman Mac Mccaughan omschrijft ze dan ook als een punkplaat.

Op het podium van de Kreun kwam dat er ook uit: Superchunk schoot razend uit de startblokken met “I got cut” en hielden dat tempo bijna het volledige uur aan: we merkten een mid-tempo nummer op na vijfentwintig minuten, maar dat moet het ongeveer geweest zijn. We kregen veel nummers uit de nieuwe plaat, maar het publiek mocht ook verzoeknummers doorgeven, dus we kregen een bloemlezing uit hun dertigjarige carrière. De perfecte soundtrack voor skateboarders, al zullen die van Superchunk dit nu wel aan hun kinderen overlaten. Maar kwaad klonk frontman Mac Mccaughan nog altijd, een songtitel als “Reagan youth” loog er niet om. Mcaughan heeft nog altijd die ijle stem, die moeite lijkt te hebben om het einde van de zinnen te halen, en ziet er ondertussen uit als de oudere, maar minder corpulente versie van James Murphy (LCD Soundsystem), maar als gitarist was hij verschroeiend vanavond: bij wijlen was dit J. Mascis, maar dan zonder de classic rock solo’s, snedig en to the point. Ook de ritmesectie was overdonderend en verbeten, net als de tweede gitarist die nog meer razernij in de mix gooide.

Eigenlijk klonk Superchunk nog even energiek als in hun begindagen, of misschien zelfs nog kwader dan toen. Hits heeft deze band nooit gehad, wel een resem anthems, zoals “Slack motherfucker” dat vanavond afsloot.
Tijdens de bis kregen we nog een furieuze cover met “Brand new love” van Sebadoh, we vinden het origineel nog altijd beter wegens de snik van Lou Barlow, maar we klagen niet, en “Throwing things” uit “No pocky for kitty” sloot af.

Setlist: I got cut / Reagan youth / what a time to  be alive / From the curve / good dreams / Detroit has a skyline / Black thread / Bad choices / Low F / Learned to surf / Erasure / Break the glass / Driveway to driveway / the first part / Slack motherfucker
Bis: Brand new love/ Cloud of hate / Throwing things

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/super-chunk-01-06-2018/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/a-band-called-e-01-06-2018/

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Pagina 970 van 980