Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026 Agel, donderdag 1 oktober 2026, Museum, 20h Shitkid, donderdag 1 oktober 2026, Rotonde, 20h Local slang: Lyzza, Bamao Yendé, Camillusonly, …, vrijdag 2 oktober 2026, Witloof Bar, 20h Prohibition, Ciseaux, vrijdag 2…

Cactus Club, Brugge - concerts

Cactus Club, Brugge - concerts 2026 02/10 WERF records night: Compro Oro, Helena Casella, Kunde, Margritte , … (ism Kaap) 03/10 Sub. Merge: Murdock + Shawiya Tribe + … (Org: Do vzw) 06-10 Berre 07-10 Ploegendienst, Grgy 10-10 Benenwerk indoor - classix…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Cure
Editors

Sovjet War

Het eerste Belgische concert van Ford’s Fuzz Inferno, het laatste van Sovjet War

Geschreven door

Het eerste Belgische concert van Ford’s Fuzz Inferno, het laatste van Sovjet War
Sovjet War + Ford’s Fuzz Inferno

Het eerste Belgische concert van Ford’s Fuzz Inferno en het laatste Belgische concert van Sovjet War, daarvoor waren heel wat mensen naar de Djingel Djangel in Antwerpen gekomen. Voor de ene band is het het begin van een nieuw hoofdstuk, voor de andere willen we ervoor pleiten dat dit misschien slechts het voorlopig laatste concert was.

De eigenaar van de Djingel Djangel kondigt de eerste band aan en omdat het de avond is dat Sinterklaas op pad is, polst hij even bij het publiek of er toch geen stoute kinderen in de zaal zijn, waarop dan 'ja, toch wel' volgt. "En zijn er ook hele stoute kindjes in de zaal?", vraagt hij daarop en als dan de hele zaal 'ja' brult is de toon al gezet voor de rest van de avond. Dit wordt gewoon leuk.

Ford’s Fuzz Inferno was lange tijd de duo-band van Hans Ford (Waste, Betty Ford Clinic, …) en Patrick Delabie (Scoundrels, Betty Ford Clinic, …), twee veteranen van de Nederlandse scène. Als Ford’s Fuzz Inferno brengen ze fuzzpunk. Sinds de aanvulling met de Belgische drummer Bootsy (Scoundrels, A Clean Kitchen Is A Happy Kitchen, ZOOL, …) surft deze Nederlandse band op een golf van meer media-aandacht en meer concerten in het buitenland. Met name in de UK willen heel wat fans zich warmen aan deze brandhaard van fuzzy, punky garage. Ondanks dat de Belgische drummer al even aan boord is, is het concert in Antwerpen nog maar het eerste Belgische concert.
De sfeer is goed bij het enthousiaste publiek in de Djingel Djangel, maar ze mochten met iets meer geweest zijn. Er was blijkbaar wel wat concurrentie van net iets populairdere bands in dezelfde genres in de nabije omgeving. Een paar fans van Ford’s Fuzz Inferno zijn helemaal vanuit Nederland afgereisd om hun band aan het werk te zien. De tijd dat Nederland Antwerpen zag als geannexeerd gebied is dan misschien wel voorbij, het toont toch de toewijding van de fans.
Het Nederlands-Belgische trio laat de iets mindere opkomst niet aan zijn hart komen, met de gedachte dat het een volgende keer wel beter zal zijn. Ze stappen enthousiast het podium op in hun schreeuwerige hemden, slechts één van hun handelsmerken, naast bijvoorbeeld dat ze voor elk van hun releases een nieuwe naam uitvinden voor hun ‘platenmaatschappij’ in eigen beheer.
Ze brengen in Antwerpen een lange set van 17 korte nummers die enthousiast onthaald worden bij het publiek. Het is een dwarsdoorsnede van alle releases die de band sinds 2022 uitgebracht heeft, met wel slechts twee songs van het recentste album Ultimate Fuzz Frequencies. Maar als je de setlist van Antwerpen naast de tracklist legt van het album ‘Fuzz Up Your Electric Chair, Baby! (Live at Studio 195)’, dan kan je driekwart van de songs aanvinken. Hilariteit op het podium en in de zaal als de band hun “Throwing Stones” at Drones aankondigt. “Hebben jullie nog problemen met drones aan jullie luchthavens? Jullie kunnen ons inhuren!”. De leukste momenten voor mij waren “Fuzz Dogs”, “Body Functions”, “Leisure Class Saturday” (een nummer over black friday) en het afsluitende lijflied “Eternal Circles of Fuzz”. Dit was een prima concert van een band die in België nog wel meer fans zal weten te vinden. Het is alleen een kwestie van tijd.

Daarna is het aan Sovjet War. Die band uit de regio Leuven kende een eerste leven begin jaren ’80, met enkele cult-hitjes en legendarische supports van bekendere bands. Na een lange pauze was er de wederopstanding in 2017 – min de coronajaren. Ze speelden in de reünie een reeks leuke concerten, brachten oud en nieuw werk samen uit op het album ‘Psychopuppets’ en voegden daar nog de EP ‘Suburbia’ aan toe. Het concert in Antwerpen valt naast twee supports die ze in Nederland (Nieuwe nor, Slachthuis) spelen voor hun Britse collega’s van Peter & The Test Tube Babies. Dat leek hen wel een mooi hoogtepunt om de band op te doeken. Ook leuke momenten in de reünieperiode waren hun passage op Geleen Calling en die keer dat ze met de Nederlandse postpunkers van Desinteresse in Duitsland speelden.
Hun postpunk brengen ze bij Sovjet War met de nadruk op punk: elk nummer heeft een pittig tempo. Frontmand Rudy vecht op het podium als een leeuw voor de aandacht van het publiek en lukt daar prima in. Al na een paar nummers wordt er flink gedanst voor het podium en naarmate de set vordert wordt het publiek enthousiaster. Toegegeven, Sovjet War is op het podium een beetje een diesel. Het duurt even voor iedereen in de band in de juiste flow en vibe zat. Behalve voor de zanger is er ook een dikke pluim voor de bassist en voor de drummer. De ritmes werden heel strak gelegd en beiden deden hun best om het publiek er bij te betrekken.
In de afscheids-set komen heel wat tracks langs die we kennen van ‘Psychopuppets’ en ‘Suburbia’ en nog een paar echt oude nummers, van toen de band nog The Sovjets noemde. Ik heb het hardst genoten van “The Nuthouse”, “DNA” en “In The Name Of Progress”. Hun grootste hit – “Guns For Fun” – spaarden ze op voor de bisronde.
Frontman Rudy heeft nog geen zin om met muziek maken te stoppen en is daarom het soloproject Gutter Smell gestart dat misschien ooit kan uitgroeien tot een volledige band om dan ook live mee te gaan optreden. Maar eigenlijk zie ik vandaag geen reden waarom ze Sovjet War nu zouden opdoeken. De bandnaam is nog nooit zo controversieel geweest als vandaag, misschien net iets te, maar kom.
De band speelt nog prima en ze zitten vandaag vermoedelijk in die fase van hun leven dat ze als een makkelijker een weekend vrij kunnen maken om concerten te gaan spelen. En er is – geografisch dan – nog wel wat gebied dat veroverd kan worden, zowel in eigen land als in het nabije buitenland.
Ik zou denken dat er nog wel een hoger hoogtepunt in zit dan dit afscheidsconcert in de Djingel Djangel.

Organisatie: Djingel Djangel, Antwerpen

Oproer

Oproer – Klaar voor de doorbraak, indrukwekkende live ervaring

Geschreven door

Oproer – Klaar voor de doorbraak, indrukwekkende live ervaring  
Oproer + Sad Boys Klub

Sad Boys Klub - Fun fact: 20 november 2024 , Sad Boys Klub speelt, samen met Ciggy Sunday bij de kleine buur van de AB, de Bonnefooi. Even een ‘belletjetre’ om te laten weten aan de grootste club van het land: Interesse? Whe’re ready!!
Guess what : op 06/12/2025 speel je dan de support voor Oproer in de grote zaal (ABBox )… Big dreams come true!
Voor dit evenement werd alles uit de kast gehaald,  zelfs een nieuwe banner!
De Gentse band Sad Boys Klub zette afgelopen weekend met overtuiging hun eerste stappen op het podium van de Ancienne Belgique, en dat debuut voelde allerminst als een proefrit. De zaal vulde zich met verwachtingsvolle spanning, die meteen werd aangescherpt toen de lichten uitgingen en de band opkwam op het pulserende, melancholisch-elektronische “A New Error” van Moderat. Een keuze die perfect aansloot bij hun eigen esthetiek: donker, intens, emotioneel – maar altijd met een verfijnde onderlaag.
Vanaf de eerste klanken van “Cry scene” werd duidelijk dat Sad Boys Klub hun liveset tot in de puntjes hadden opgebouwd. De song zette de toon met scherpe gitaren en een vocal delivery die tussen fragiliteit en woede balanceerde. Het publiek werd moeiteloos meegezogen in hun wereld: gruizig, eerlijk en gelaagd.
Met “Promised land” toonde de band hun meer dromerige kant. De synthlagen en de subtiele opbouw gaven het nummer een bijna filmische kwaliteit, waarbij de spanning bleef groeien tot de laatste noot wegstierf. Het daaropvolgende “A calling” bracht dan weer een duistere energie, gedragen door een krachtige ritmesectie en een frontman die zijn emoties voelbaar door de zaal stuurde.
“Ballet dancer” en “No narrative” vormden het emotionele hart van de set. Het eerste klonk bijna breekbaar, met delicate zanglijnen die contrasteerden met de rauwere momenten elders in de show. Het tweede liet dan weer horen hoe goed Sad Boys Klub is in het bouwen van spanningsbogen: stiltes, uitbarstingen, onverwachte wendingen — ze zaten er allemaal in.
De band schakelde vervolgens een versnelling hoger met “Captain”, een nummer dat live nog aan kracht won. De gitaren sneden scherper, de drums duwden de zaal vooruit en het publiek liet zich volledig meeslepen.
Met “God is insane” zorgden ze voor een van de meest intense momenten van de avond. Het nummer klonk in de AB groter en dreigender dan ooit, en bewees dat Sad Boys Klub in staat is om zowel muzikaal als thematisch diep te gaan zonder zichzelf te verliezen in dramatiek.
De band rondde hun set af met een knipoog naar hun oorsprong: “Concrete man”, hun allereerste single. Het nummer werd onthaald met luide herkenning en bracht de zaal in beweging. Het was een krachtige, bijna symbolische afsluiter — alsof ze wilden zeggen: hier zijn we begonnen, maar kijk waar we nu staan.
Een band klaar voor grotere podia dus. Met hun debuut in de AB heeft Sad Boys Klub bewezen dat ze niet langer enkel een belofte uit Gent zijn, maar een band die klaar is voor een groter publiek. Hun combinatie van emotionele intensiteit, zorgvuldig opgebouwde songs en meeslepende performance liet een blijvende indruk achter.
Als hun eerste AB-show een voorsmaakje is van wat komen zal, dan staat Sad Boys Klub aan de vooravond van iets groots.

De Ancienne Belgique stond gisteravond volledig in het teken van Oproer, dat zijn gloednieuwe album ‘The Catch’ aan het publiek voorstelde. De zaal (ABBox) was uitverkocht,  en vanaf de eerste noot maakte de band duidelijk dat dit geen doorsnee releaseconcert zou worden, maar een energieke en emotioneel geladen showcase van hun meest ambitieuze werk tot nu toe.
Bij het opengaan van het gordijn dacht ik me even vergist te hebben van zaal … 5 man, strak in het pak. Het leek alsof Das Pop de scéne had betreden. Niet dus, maar qua kledingstijl een big match!
Oproer opende strak en zelfverzekerd, waarna ze meteen diep doken in het nieuwe materiaal.
“Was It Worth a War” zette de toon: melancholisch, breekbaar, maar met de krachtige stem en gedreven ritmes die het handelsmerk van de band vormen. Met “I Hold No More Grudge” en “If You Change Your Mind” trokken ze de lijn door, waarbij vooral de dynamiek opviel—van ingetogen coupletten naar explosieve refreinen.
Frontman Dries Van Der Schueren had zowaar z’n elastieken benen aangetrokken, kronkelde en vloog bijtijds door de lucht. Geweldige energie. Halverwege de set volgden publieksfavorieten zoals “Coldfeet”, “Something to Die For” en het vinnige “Not Me Sir”.
De AB ging los bij “Sure You’ve Heard About Enough” en “You’re Too Much”, nummers waarin zowel de gitaar partijen als de ritmesectie perfect samensmolten tot een strakke en meeslepende sound.
Een band die verhalen vertelt … Oproer bewees nog maar eens dat ze uitblinken in het combineren van emotie en rauwe energie. Het poëtische “Rosaline” bracht een moment van verstilling, spijtig van het rumoer tijdens de stille pauzes,  terwijl “In Royal Blue”  ( wat een fenomenaal instrumentaal tussenstuk!! ) en “Say It Out Loud” opnieuw de volle kracht van het nieuwe album naar voren brachten.
Met “Sweet Fame”, het ironisch getitelde “I Think Your Mother Wants Me Dead” en het oppeppende “Get Back on Your Feet” liet de band zien dat ‘The Catch’ een veelzijdige plaat is, vol scherpe teksten en slimme melodieën.
Een daverende afsluiter … Na een oorverdovend applaus keerde Oproer terug voor een dubbele encore. Het publiek zong uit volle borst mee met “Money”, dat live nog potiger klonk dan op plaat.
Met “Different Realities” sloten ze de avond af—een epische finale die de AB nog één keer volledig op zijn grondvesten deed daveren.
Oproer bewees in de AB dat ‘The Catch’ niet alleen een sterke studioplaat is, maar vooral een indrukwekkende live-ervaring. De belichting was vooral opgebouwd om de contouren te benadrukken, en gaf zo meer speelsheid een de bewegingen van Dries. Ook speciaal : het 2-maal verplaatsen van de platformen. ( Volgens de verkregen playlist eerst van dambord naar V-vorm, en dan naar 1 lijn. Voor de ene storend, voor de ander geeft het een extra dynamiek aan de show, want ondertussen bleef de band lekker voortspelen. Misschien eens bellen naar Studio 100, die hebben ervaring met automatische verrijdbare platforms …).

De band speelde met overtuiging, emotie en een volwassenheid die hun muziek naar een hoger niveau tilt. Het publiek kreeg een avond die nog lang zal nazinderen, en Oproer bevestigde dat ze klaar zijn voor grotere zalen en een nog breder publiek.

Neem gerust een kijkje naar de pics
Sad Boys Klub
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/8917-sad-boys-klub-06-12-2025?Itemid=0

Oproer
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/8918-oproer-06-12-2025?Itemid=0
Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Sabaton

Sabaton – Veni, vidi, vici!

Geschreven door

Sabaton – Veni, vidi, vici!

Fans van stevige muziek, geschiedenis en entertainment moesten 2 december in de AFAS Dome zijn. Sabaton tekende namelijk present in de stad van Brabo en dat ter promotie van hun laatste worp, ‘Legends’ (2025). Wie de Zweden ietwat volgt weet dat hun optredens altijd ware shows zijn, maar met een tourneetitel als ‘The Legendary Tour’ creëer je natuurlijk torenhoge verwachtingen.

Als voorprogramma werd geopteerd voor iets speciaals, namelijk The Legendary Orchestra. Dit project werd opgericht naar een idee van Sabatons bassist en mastermind Pär Sundström. Hij had een droom: een gelegenheidsorkest dat enkele van de grootste hits van Sabaton zou brengen op klassieke en bombastische wijze.
Hij strikte de Nederlandse producer/componist Joost van den Broek om de arrangementen te schrijven en trok een collectief van opkomende en gevestigde orkestmuzikanten aan. Op de website legendary-orchestra.com lezen we verder: “Het [orkest] combineert klassieke precisie met de kracht van metal en geeft een nieuwe invulling aan de muziek van Sabaton door middel van epische orkestrale arrangementen. Uitzonderlijk getalenteerde, zorgvuldig geselecteerde muzikanten vormen het kloppende hart van dit project, dat zich zal blijven ontwikkelen naarmate verschillende artiesten zich aansluiten en weer vertrekken bij elk nieuw hoofdstuk.”
Met topmuzikanten Mia Asano op elektrische gitaar, Patty Gurdy op draailier (ofte hurdy gurdy) en zangeres Noa Gruman als uitgangsborden ontbreekt het alvast niet aan talent en uitstraling.
Hoe zich dat in de praktijk allemaal vertaalt, kregen we te zien in Antwerpen: een verbluffend muzikaal spektakel waarbij zelfs ik, als kritisch recensent, quasi met open mond stond naar te kijken. De gekende Sabatonnummers werden op originele wijze in een klassiek bad ondergedompeld, maar behielden toch hun energie, en dat vooral dankzij de drie eerder genoemde muzikantes. Als ware duivelinnen in een wijwatervat  brachten ze de wereld van Sabaton tot leven.
Als klassieke opener kregen we “Ghost Division” gevolgd door een prachtige versie van “Bismarck”. Een nummer dat voor mij het origineel van Sabaton overtrof, was het ingetogen “The Final Solution”. Tijdens het slotnummer “Swedish Pagans” werd ‘ho-ho-hooo’  ook tijdens deze versie traditiegetrouw luid meegekweeld door het enthousiaste publiek.
Vergeleken met de flauwe opener van de laatste Rammstein concerten, waarbij de fans zich moesten proberen op te warmen met eenvoudige pianocovertjes van de band, kregen we met The Legendary Orchestra een volwaardige opener die de honger naar de headliner enkel maar aanwakkerde.

En die honger werd verder gevoed doordat we eerst een van de langste intro’s in de recente muziekgeschiedenis moesten doorstaan. Op een klein podium midden het publiek verscheen namelijk plots Napoleon Bonaparte die het publiek begroette. Iets later vervoegde Ghengis Khan de voormalige Franse keizer. Grappig hoe de twee in de clinch gingen en geschiedkundige weetjes spuiden. Toen Julius Caesar iets later ook het podium besteeg en een monoloogje afstak, was de magie van de originaliteit al wat uitgewerkt. Toen nog iets later, nadat Caesar een dolk in de rug kreeg, een schare kruisvaarders het bonte gezelschap vervoegde, begonnen hier en daar wat ongeduldige blikken merkbaar te worden. Hadden we betaald voor een metaloptreden of een Studio 100 musical? Toen plots de helmen van de ridders afgingen en gekende gezichten verschenen, trok een golf van euforie door de zaal. Sabaton had arrived, en wat ons betreft geen moment te vroeg.
Wandelend op een gezakte, mobiele brug richting hoofdpodium werd opener “Templars” ingezet. Zanger Joakim Brodén was zijn sympathieke zelve en net als de andere leden bewoog hij zich energiek over het immense podium dat wat weg had van het kasteel van Carcassonne. Leek me niet evident met een maliënkolder aan! Het decor zelf en de details ervan kon men niet anders dan als imposant en verbluffend noemen: over de hele kasteelmuur waren bijvoorbeeld brandende fakkels en banieren te bewonderen. Vooral de drakenhoofden die in de kasteelmuur verwerkt werden, waren uitermate indrukwekkend. Die kwamen trouwens goed tot hun recht bij “Hordes of Khan” en “A Tiger Among Dragons”, toen ze zowaar vuur spuwden.
De nummers van het nieuwe album ‘Legends’ vulden vooral  het eerste deel van de set. Vaak werden die voorafgegaan door een korte introductie van de historische ‘legend’ waarover het lied ging. Zo leidde Napoleon I, Emperor in en zagen we Julius Caesar weer alvorens “Crossing the Rubicon” over ons heen geknald werd. Wat ons betreft (opnieuw) niet echt nodig, maar storen deed het niet.
Ergens in het midden van de set namen de zangers van The Legendary Orchestra hun plaats in op de kantelen en bleven daar tot het einde van het optreden ter muzikale ondersteuning. Het beklijvende “Christmas Truce”, dat baadde in een zee van gsm-lichtjes, kreeg hierdoor een extra gelaagdheid en ook de rest van de set klonk zo nog een tikkeltje epischer. Naar het einde van de set werd de AFAS Dome getrakteerd op enkele van de oudere hits (die nog niet gespeeld werden door The Legendary Orchestra).  Zo kregen we als afsluiters “The Art of War”, “To Hell and Back” en, tot verrassing van velen, “Masters of the World” te horen.

Geïnspireerd door Julius Caesar kunnen we zeggen dat Sabaton kwam, zag en overwon in Antwerpen. Naast de vele catchy nummers en hits werden we vooral getrakteerd op een visueel spektakel dat zijn gelijke niet kent. Ok, soms werd gebalanceerd op het randje van ‘erover’, maar less is more is zeker niet aan de orde in deze context.
Brood en spelen is wat het volk wil, en Sabaton bediende het op zijn wenken.
Volgende afspraak met de meesters van het epische lied is op 21 juni op Graspop!

Neem gerust een kijkje naar de pics

Sabaton
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/8905-sabaton-02-12-2025?Itemid=0
The Legendary Orchestra
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/8906-the-legendary-orchestra-02-12-2025?ltemid=0

Organisatie: Live Nation

Ono Moloko

Smoke and flames - A Real G Birthday -single-

Geschreven door

Op soundcloud kan je enorm veel muziek ontdekken: Onbekende artiesten, meer underground of lo-fi en in alle genres. Per toeval kom ik Ono Moloko tegen met het nummer “Smoke and Flames”. Ono Moloko is de muzikant Nejib  Seddik en heeft als uitvalsbasis Gent. Voor de teksten werkt hij soms samen met Sarah Van Den Bossche. Hij is heel actief bezig want op soundcloud en spotify staan er dit jaar vrij veel releases van singles op.

Wat valt op? De sfeer die hij neerzet, de professionele opnames en mix. Daarnaast is “Smoke and Flames” een heel goed nummer met een zangeres dat hier schitterend werk aflevert. Een nummer in hetzelfde genre en stijl is “Only a Memory”.
Ik heb ook “A Real G Birthday” erbij geplaatst omdat dit nummer dan een iets andere kant toont van Ono Moloko. Maar de sfeer en vibes blijft wel in hetzelfde genre.

Als ik voor deze twee songs vergelijkingen of raakvlakken moet maken dan denk ik aan: Gorillaz, Twenty One Pilots, Morcheeba, Dido…
Pop/Electro/trip hop/lounge
Smoke and flames - A Real G Birthday -single-
Ono Moloko

https://soundcloud.com/onomoloko
https://music.youtube.com/playlist?list=OLAK5uy_lCXVfqIahXO0zGZPe7pVJaxKYCvUCt_m0
https://open.spotify.com/artist/4ZA1z96B7kSTPmfvmRWTsN?si=7-YUilgiRnS4dOrUkX8kcg

Selma Peelen

In The Boy’s Room EP

Geschreven door

Selma Peelen is een alt-pop noir band uit Amsterdam. De drie dames brengen een mix van donkere pop, folk, akoestische punk en artrock. Hun muziek is soms rauw en soms kwetsbaar, met teksten over feminisme, verlangen, kwetsbaarheid en verzet.
Zelf geven ze PJ Harvey, Chelsea Wolfe en Emma Ruth Rundle als muzikale referenties voor hun album ‘In the Boy’s Room’. Dat is niet ver naast de waarheid. In ‘Vlaamse’ en andere internationale muzikale referenties zouden wij de puzzlestukken leggen met stukjes Reena Riot, Nick Cave, Le Butcherettes, Usi Es, Faun, The Girl Who Cried Wolf, Kristin Hersch en Rudolf Hecke’s God=Dog.
Het klinkt bezwerend, ritualistisch, kwestbaar en zuiverend/louterend. Zowel muzikaal als thematisch kan Selma mij hiermee uitdagen. Op dit album gebeurt iets, de spanning is voelbaar aanwezig en wordt als een extra bandlid geïntegreerd in de sound. Het is wel een heel ernstig album geworden, met weinig tijd en plaats voor frivoliteit of bijvoorbeeld passionele sensualiteit. Maar daar is niks mee. Ernst verdient zeker een plaats in de muziek.

De drie nummers op ‘In The Boy’s Room’ die mij het meest uitdaagden, zijn “Pinky Swear”, “Wandering Womb” en “Set Fire”. Dit is een band die we zeker eens live aan het werk willen zien in Vlaanderen.

https://www.youtube.com/watch?v=J-oWvhb49f0

Lézard

How Does It Feel -single-

Geschreven door

De Belgische band Lézard zoekt en vindt inspiratie in de swingende postpunk van de jaren ’80. Denk aan de poppy kant van TC Matic, aan de 2025-update van Devo en the B-52’s of aan een muzikaal triootje van Ian Dury (die van The Blockheads) met Les Rita Mitsuko. Hoekig, springerig, dansbaar, licht naïef en toch met soms een klein donker of kritisch randje.
Die aanpak leverde al knappe singles op als “Rock & Roll”, “Pop Pop Pop Pop Pop Pop Pop Stop” en “Manifastique”. Die maakten van Lézard één van de hipste bands van West-Europa. De vierde single in de aanloop naar hopelijk een full album gaat verder op dat elan.
“How Does It Feel” is ook al tegendraads dansbaar en über-catchy. Het is niet voor niets dat België al te klein is voor Lézard. Dit is internationale klasse.

https://www.youtube.com/watch?v=O4g-BHdvhyI

Parkaparaplu

Liefde Is Dood -single-

Geschreven door

Emma Rotsaert kwam als Parkaparaplu al de neus aan het venster steken tijdens de coronapandemie. Tijdens de lockdown studeerde ze nog en voor haar eindwerk heeft ze nummers geschreven en opgenomen en zelf videoclips gemaakt. De resulteerde in het album ‘De Dood Van Een Tuinkabouter’.

Sindsdien is er heel wat veranderd. Emma speelde in de tv-serie How To Kill Your Sister wat haar jeel wat media-aandacht opleverde en ze zit in Arbeid Adelt!, net als Geert Vanbever, haar compagnon de route in Parkaparaplu. Het opzet van Parkaparaplu is niet of nauwelijks veranderd: donkere Nederlandstalige poëzie op een bedje van dark, cold en new wave. Het ligt allemaal niet zo ver van bijvoorbeeld Nel & J.P.
“Liefde Is Dood” is een prima single, met de kille sound van de jaren ’80 (Sisters, Anne Clark, The Sound, Bauhaus, ..) en een intrigerende tekst over liefde en religie.
Misschien is die losjes geïnspireerd door de tv-reeks Godvergeten, maar het kan ook op eigen ervaringen gebaseerd zijn.

parkaparaplu - liefde is dood - Google Zoeken

GIÖBIA

X-Æon

Geschreven door

Giöbia is een Italiaanse instrumentale spacerockband die al een paar keer in België kwam optreden. ‘X-Æon’ is hun zesde studio-album.
Hun sound is een mix van spacerock, psychedelische acid rock, synthrock en prog. De invloeden komen waarschijnlijk van bands en artiesten als een Mike Oldfield, Pink Floyd, Kayak, Hawkwind, Gong, Ozric Tentacles en Jean-Michel Jarre.
De progressieve elementen in de songopbouw en de kosmische facetten (dromerige riffs, zweverige synths, …) zijn knap uitgewerkt en krijgen veel plaats en ruimte op dit nieuwe album. Bij momenten klinkt dit wat retro, maar er zitten ook recentere invloeden bij. Wanneer die recentere invloeden benadrukt worden, hoor je vooral heavy, hypnotiserende psych. Niet altijd super-heavy, maar wel opvallend zwaarder en logger dan de andere stukken. Samen is het een boeiende mix van oud en nieuw, zonder breuklijnen tussen de tijdsgeesten. In “The Death Of The Crows” zit nog een extra genre dankzij een opvallende postpunk-vibe.
“L’Eau Fugitive” gooit mij terug naar het ietwat miskende album ‘Rubycon’ van Tangerine Dream uit 1975. Eén song op dit album (“1976”) heeft een lang gesproken gedeelte in het Engels, maar voor het overige is dit album volledig instrumentaal. Deze gesproken track doet mij wat denken aan de EP ‘Intersatelital’ van Vinnum Sabbathi en andere tracks doen mij wat denken aan de Duitse Spacelords, maar deze Italianen zijn wel degelijk authentieke pioniers in het genre van de cosmic psychrock.

Als geheel is dit album een verkenning van het onbekende, zowel in het muzikale als in de songtitels. De wereld die we kennen is verloren en de band gaat next level om ons mee te nemen hetgeen wat zou kunnen volgen. Als Giöbia daarbij de soundtrack mag leveren, is het einde van de wereld misschien toch niet zo afschrikwekkend.
Zoals voor veel instrumentale bands is het bij Giöbia één van de uitdagingen om spannend te blijven zonder lyrics, maar dat lukt prima op X-Æon. De leukste tracks zijn voor mij “Les Ferromagnétaux” en “Fractal Haze”.

Giöbia komt in februari van volgend jaar naar het tweedaagse Heavy Psych Sounds Fest in het Brussel, samen met Conan, Belzebong en Lord Elephant. Giöbia was er overigens ook al bij op het eerste Belgische festival van hun label, in 2019 in Magasin 4. Toen speelden ze met onder meer Black Rainbows.

https://www.youtube.com/watch?v=VZCTrMucz4Q

 

Paul Numi

Wired on Wonder

Geschreven door

Na twee goed ontvangen albums (‘Chimera’ en’ Parallel Lives’) is Paul Numi al terug met ‘Wired on Wonder’, zijn derde album in vijf jaar tijd. Dat hoge tempo betekent niet dat er ingeboet wordt inzake kwaliteit.
Voor ‘Wired on Wonder’ stapt Paul Numi het veld op met een nieuwe ploeg. Eén van de bekendste in het team is drummer Mario Goossens. Dat is inderdaad de Mario van Triggerfinger. De vaste producer van Triggerfinger is de Amerikaan Greg Gordon en die deed de mix van ‘Wired on Wonder’. We vermelden ook Bart Van Huyck, die in het verleden al meespeelde op een album van Lords of Acid. Voorts mag de pianist van Chimera terugkeren in de opstelling en werd een beroep gedaan op een koor uit Nigeria. Ook opvallend: Paul Numi neemt hier voor het eerst meer rollen op dan op de twee vorige albums. Hij zingt (ook de backings) en speelt bas en gitaar en hij is uiteraard ook de songschrijver, waar hij op vorige albums grofweg enkel de zanger en songschrijver was.
Namedropping is een leuk spel, maar niet altijd leveren bekende namen ook een degelijk album op. Hier wel. ‘Wired on Wonder’ is ondanks alle hulp van buitenaf het meest persoonlijke album van Paul Numi. En dan niet omdat hij muzikaal het laken naar zich toe trok. De lyrics zijn persoonlijker, graven dieper en nemen al eens een maatschappelijk standpunt in of tonen meer persoonlijke emoties (er komen twee vrouwennamen langs). Dit is ook het eerste album sinds het overlijden van Paul Numi’s broer, die een belangrijke rol speelde in zijn artistieke bestaan.
De stevige rocker “To What Seems” doet in de intro wat denken aan Echo & The Bunnymen. Verderop schuift het nummer wat op naar de Manic Street Preachers. De zang klinkt misschien net wat heser en dunner dan op de vorige albums, maar tegen de natuurwetten van de ouderdom is niemand opgewassen. “Don’t Let The Old Man In” legt de vinger op de wonde inzake ouder worden en “AI Gets Deal Fever” houdt onze generatie een spiegel voor op een leuke melodie. De lyrics daarentegen graven op dit album merkelijk dieper, voor wie de tijd wil nemen om die te ontdekken.
“What We Believe” start als een pianoballad van Elbow of Smith & Burrows en met dat gospelkoor erbij krijg ik meteen een Kerst-gevoel. “Someone” heeft een Departement S-vibe. “Phoebe My Dear” is in lengte, songtitel en akoestische aanpak een knipoog naar een track van de Stone Roses op hun debuutalbum. Een leuke knipoog, maar als je die context niet kent, is het misschien eerder een wist-je-datje. “Guide Me Towards The Light” moet heel zwaarwichtige lyrics op de schouders dragen, maar blijft wel nog overeind. Liever wat diepzinniger dan al te luchtig. “A Roving Still” is Paul’s antwoord op het gedicht So We No More Go A Roving Still van dichter Lord Byron.

De leukste tracks op ‘Wired on Wonder’ zijn voor mij de vooruitgeschoven singles “Caroll An” en “Love Still Sleeps In Futuropolis” en “To What Seems”.

https://www.youtube.com/watch?v=ZM5Cp-pDc4w

Black Sabbitch

Unrest in the West

Geschreven door

Tributebands … Er zijn er die het heel goed doen, die soms zelfs misschien te hard hun best doen, maar er zijn er ook bij waarbij het niet verder lijkt te gaan dan inspiratieloos naspelen van populaire bands om de eigen kassa te spijzen. Maar soit, iedereen mag kiezen hoe hij zijn publiek of geld verdient. Er bestaat ook duidelijk een publiek voor. Bovendien zijn tributebands vaak de enige manier om de muziek van overleden of gestopte artiest of band nog live te kunnen horen.
Black Sabbitch is een Amerikaanse Black Sabbath-tributeband met enkel dames in de rangen. Op zich al een leuk concept. En ze hebben lak aan de conventies van de tributes. De zang lijkt niet echt op die van wijlen Ozzy en de gitariste doet niet veel moeite om Tony Iommi te proberen evenaren. Dat laatste is natuurlijk maar weinig gitaristen gegeven. En heel vaak is het bij Black Sabbitch een heel verdienstelijke poging. Een paar songs worden een tandje trager gespeeld dan de originelen, meer naar een gemiddeld stoner-ritme. Toch behandelen de vier dames de songs met veel respect. Songstructuur en lyrics worden niet verkracht. Ze doen er wel hun eigen ding mee, liever dan alles perfect te willen naspelen. Herkenbaar, maar soms ergens in een andere dimensie.

‘Unrest in the West’ is hun eerste live-album en geeft een perfect beeld van hoe de dames live klinken. In de songkeuze zie ik opnieuw veel respect voor hun voorbeelden. Ze hebben geen “War Pigs” of “Paranoid” op dat album gezet. Nochtans zou dat heel wat twijfelende Sabbath-fans over de streep kunnen trekken als die het vinyl vastnemen en/of beoordelen in hun lokale platenwinkel of webwinkel.
En ze spelen die twee songs, net als het ook al populaire “N.I.B.”, wel altijd in hun set. Maar ze kiezen voor deze release liever voor songs die misschien wat minder bekend zijn bij het brede publiek. Voor de Sabbath-fans zijn het allemaal klassiekers: “The Wizard”, “Children Of The Grave”, “Into The Void” en “Wheels Of Confusion”.

Black Sabbitch heeft een heel uitgebreide setlist en op ‘Unrest in the West’ krijgen we daar nog maar een fractie van te horen. Op een manier hoop ik dat de verkoop van dit tribute-album het zo goed doet dat hier een vervolg op komt.

https://www.youtube.com/watch?v=d0sRqQh4I6M

Pagina 49 van 980