logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15418 Items)

Mercury Rev

Mercury Rev Clear Light Ensemble - Mercury Rev blaast en beukt tot rode ballon springt

Geschreven door

Mercury Rev Clear Light Ensemble -- Crossing Border 2010
Deze zomer zagen we Mercury Rev in de in de binnentuin van het M in Leuven, en de band paste wonderwel in die kunstzinnige omgeving. Hun laatste werk, ‘Snowflake Midnight’, dateert al weer van 2008, en het ziet er sterk naar uit dat Mercury Rev nooit meer de populariteit van ‘Deserter’s Songs’ of ‘All is dream’ zal bereiken. Waar Flaming Lips voluit de kaart van de spectaculaire en commerciële liveshows uitspeelt (wel in sterk contrast met hun compromisloze albums), kiest Mercury Rev voor de artistieke ontplooiing, weg van de pop en terug naar de psychedelica van hun eerste platen ‘Yerself is steam’.

We wisten niet wat we van het project waarmee Jonathan Donahue en co vanavond naar de Arenberg gekomen waren, Mercury Rev Clear Light Ensemble, moesten verwachten. Het zou een livebegeleiding worden bij een aantal avant-garde films, maar we hadden het raden naar hoe dat ingevuld zou worden. De naam Clear Light Ensemble, suggereerde een kamerorkest, maar wie met die verwachting naar de Arenberg gekomen was, kwam bedrogen uit: vanavond zou Mercury Rev een functionele set spelen, puur ter ondersteuning van de vier kortfilms die vanavond vertoond werden. Geen zang van Jonathan Donahue dus, geen bekende nummers van Mercury Rev, het viertal speelde de hele avond in het halfduister, met de rug naar het publiek, gericht op het filmscherm, om zo goed mogelijk te anticiperen op wat er op het witte doek gebeurde. De bezetting vanavond was er een zonder drums, maar wel met gitaren, keyboards en klarinet.

Als opwarmer kregen we abstracte beelden, de muziek die Mercury Rev speelde was elektronisch en donker, en deed ons op een bepaalde manier wel aan Wolfgang Voigt’s GAS denken, de producer en labelbaas van het Keulse Kompakt label.

Le Ballon rouge (1956) is een Franse kortfilm van Albert Lamorisse, over een jongetje (de zoon van de regisseur) die een rode ballon vindt. Als spelend ontdekt de jongen dat de ballon een eigen wil heeft, en hem volgt door de Parijse wijk Menilmontant. Als de jongen naar school moet, dan wacht de ballon geduldig aan de schoolpoort tot de les gedaan is. Er volgen grappige scènes met volwassenen die de ballon proberen te grijpen, en een poëtische ontmoeting met een meisje en een blauwe ballon. Uiteindelijk worden de jongen en de rode ballon achternagezeten door een bende boefjes, en wordt de rode ballon door een katapult stukgeschoten. Dit is echter niet het einde, want van overal in de stad komen gekleurde ballonnen naar het jongetje gevlogen, en stijgt de jongen de lucht in gedragen door een bos ballonnen. Het charmante aan deze film is dat hij een stukje Parijs uit de jaren vijftig toont, die voorgoed verloren gegaan is: je ziet mannen met alpinopetten, kinderen met gebreide broeken, de eerste versies van de legendarische 2 pk-tjes. Heel herkenbaar en nog altijd sprankelend, niet te verwonderen dat deze kortfilm met een Gouden Palm in Cannes onderscheiden werd.

Lucifer Rising (1972), is een kortfilm die wellicht interessanter is om wie er aan meegewerkt heeft of als tijdsdocument van de jaren zeventig dan om de inhoud van de film. Je moet al een volledig arsenaal aan hallucinogene middelen genomen hebben om iets van dit werkstuk te maken, en wellicht zat de regisseur en de volledige filmcrew ook aan de lsd of paddo’s. De film is een onsamenhangend geheel van vulkaanerupties, Egyptische goden, hier en daar een blote tiet, druïde Stonehenge referenties en satanische rituelen. Jimmy Page en Marianne Faithfull hebben een rolletje. De componist van de oorspronkelijke soundtrack, Bobby Beausoleil, maakte deel uit van de bende van Charly Manson, en zit een levenslange gevangenisstraf uit voor een moord die hij onder invloed van Manson pleegde.

Bij beide kortfilms bracht Mercury Rev een mengeling van elektronische beats, drones en psychelische gitaarstukken, waarbij de climax van de film en de muziek nauw bij mekaar aansloten. Bij momenten had het iets van Underworld, dan was het weer Pink Floyd, of Mercury Rev zoals we het van “Senses on fire” kennen. Luid was het zeker, niet iedereen in de grote zaal van de Arenberg kon die geluidsstorm appreciëren, maar ondergetekende lustte er wel pap van.

Nive Nielsen is de eerste Groenlandse eskimozangeres die ik ooit aan het werk zag, en ik zal wel niet de enige zijn. Geen folkoristische gezangen echter, en ook geen eigenzinnige rare folk zoals we die van IJslandse bands gewend zijn. Hier stond een uitgebreide folkrockband, qua instrumentatie ergens tussen Fleet Foxes en Arcade Fire, met sterke nummers, maar de zang van Nive was soms wat dun.

Organisatie: Crossing Border (ism Arenbergschouwburg, Antwerpen)

Einstürzende Neubauten

Einstürzende Neubauten – twee avonden - 3 decades – Wondermooi …

Einstürzende Neubauten bestaat dertig jaar. 3 decades, Zes uur over de twee avonden, Totaalspektakel, Uitverkocht; de die-hard fans kregen hiervoor een goedkoper combiticket, wat uitermate chique was! Blixa Bargeld en z’n kompanen onderstreepten de speciale band die ze, door de jaren heen, hadden met de AB en zetten dan ook hun beste beentje voor om de onlangs nieuw verschenen compilatie ‘Strategien against Architecture IV’ glans te geven.
Observatie van de twee avonden leerde ons het volgende:
“ Einstürzende Neubauten - een stevig en nog steeds actueel klinkend muziekspektakel in een industriële atmosfeer. Genieten van oerklanken, beats en een industrial setting : tonnen, pvc buizen, kortom een hele ijzerwinkel, creatief samengebracht tot één muzikaal geheel; explosief als intimistisch klinkend, impressief als expressief aanvoelend. Wat verwacht je anders van the older & new Blixa die de paradox niet schuwt, wiens muziekaffiniteit reikt van rock, avant garde tot werk van Sjostakovitsj. En wiens waardering uitgaat naar de klank, het geluid in z'n naakte schoonheid (of afstotelijkheid), alsook de stilte in al z'n erotiek (of ‘on’ erotiek) en het contrast (of net niet) tussen beide: sound / no sound ...” Indrukwekkend dus wat de vijftigers op gemoedelijke wijze wisten verwezenlijken …

De eerste avond was een short cut Einstürzende in de AB Box in drie stukken : ze gaven zichzelf vrij spel in een short performance en performances van de individuele EN - leden – ‘Die Körper Ohne Uns’ en ‘Beating the drums’.
The short performance was materiaal (maar vier nummers btw!) - dat ze nog maar bitter weinig op hun setlist hadden staan. Een uitzonderlijk parcours van een uur die alle elementen van hierboven samenbracht in uitmuntende, bezwerende versies voor oog en oor bestemd en vol verrassende wendingen: «Sonnenbarke» van ‘Silence is sexy’, «Seele brennt», van de collector item van ‘Yu-Gung’ medio de jaren ’80, plus de cover «Stranger in the sand» van Lee Hazlewood vulde aan. «Grundstuck», was het meest diverse en spectaculaire nummer, die ze al eens speelden tijdens hun 25st Anniversary Tour.
In dit concept koesteren we «Pelikanol» en « Perpetuum mobile», die we waarschijnlijk nooit live zullen horen …

‘Die Körper Ohne Uns’: Hier kon gitarist Jochen Arbeit even z’n ding doen met moderne dans, video, weirde knisperende elektronica, soundscapes en vervormde gitaarloops en – experimentjes. Boodschappen van treurnis & blijdschap, met een link naar de Residents was hier op z’n plaats met absurd theater!

Het derde stuk was het project van NU Unruh, ‘Beating the drums’’; overal op het podium en in de zaal werden tafels met drums en cymbalen geplaatst en iedereen werd uitgenodigd om eens lekker & naar hartelust met de gekregen drumsticks erop te slaan; chaos - uit de maat en op maat, door de tunes van enkele trance aanzwellende instrumentale soundscapes en electrobeats. Genot en frustratie kenden de vrije loop op de bezwerende ritmes. Een uurtje interactief spektakel op z’n Safri Duo’s “Played a live gogo”, z’n Liars’ “Let the drums speak” en het straatspektakel van Les Tambours du Bronx.

De tweede avond was een reguliere Einstürzende Neubauten show , nou ja ’t is te zien hoe je het wil interpreteren, maar hier heb je visueel spektakel gecombineerd met stahlwerk (staven, staalplaten, buizen, wielschijven), allerhande percussie materiaal (van plastic, pvc buizen, veren, tonnen, blikken, bekers, belletjes, glas, slangen van compressoren en andere ‘garbage materiaal) en de traditionele instrumenten, die wel uit de bocht gingen, gedragen door de Duits/Engelse fluister -, krijsende gil/ praatzang van Blixa.
Termen als chaos, melodie, kabaal, schoonheid, toegankelijkheid, experiment , creativiteit, spitsvondigheid en klasse zijn hier op hun plaats. Geluid, oerklanken, avantgarde, industrial, pop en rock die zalvend, zacht, sfeervol, gebald, krachtig, dansbaar en explosief klonken, gaan hier samen.
Daarnaast werd traditietrouw de gig opgenomen en kon je iets na het optreden de USB aankopen als herinnering van 30 jaar Neubauten.
Elke song had z’n eigen structuur en verhaal. Hoe ze het op het podium uitvoerden, was steevast de moeite. Duidelijk was dat de songs een intrigerende en mooie opbouw hadden, vervat van een dosis experiment. Verbluffend en indrukwekkend hoe de staalpercussionisten NU Unruh, Rudolf Moser, gitarist Jochen Arbeit, bassist Alexander Häcke en de toetsenist met de instrumenten konden omspringen. De (krijsende) zegzang, soms hoog uithalend, van Blixa gaf dan nog een extra tintje.

De klemtoon van de set focuste zich vanaf de cd ‘Tabula rasa’ (’93). De toegankelijke melodieën en zalvende beats puilden uit van creativiteit, avontuur, subtiliteit, finesse en de praatbabbels van Blixa. Al meteen kregen we enkele uitgebreide versies te horen van “Befindlichkeit des landes” (‘Silence is sexy’), “Die interimslieben” (‘Tabula rasa’) en uit de recente plaat ‘Alles wieder offen’ (uit 2007), “Von wegen” en “Unvollständigkeit”, die een closing final hadden door metalen buizen en glaswerk uit een laadbak te laten vallen. We kwamen even op adem en konden wegdromen op een ingetogen, donker, sfeervol pakkende “Nagorny karabach” van dezelfde plaat en “Dead friends around the corner” uit ‘Perpetuum mobile’.
We konden ons ‘nostalgisch’ hartje ophalen met oudjes “Installation” en “Jeder satz mit ihr halt nach (rampe)”; verbaasd en met wijdopen mond stonden we te genieten, te kijken en te luisteren naar de repeterende aanzwellende ritmes en de explosieve stootjes. Opnieuw werd recent materiaal aangehaald met “Ich hatte ein wort” en “Let’s do it dada”, die een zalvende melodie en industrial wave tint hadden, durfden te ontsporen, en waarop creatief omgegaan werd met staalpercussie en een vinylplaat. Verbluffend crimineel gedaan!
Een snedige “Haus der Luëge”, een gevoelige “Sabrina (I wish this could be your colour)” volgden. “Susej”, al van in de beginjaren ‘80 in de gedachtespinsels van Blixa, maar pas recent vaste vorm gekregen, besloot de set. Hier grapte hij over een jonge vs oude vs nieuwe Bargeld …. Na een kleine pauze volgde nog een uitgesponnen bis ronde van bijna een uur. De kers op de taart was een staalharde versie van “Headcleaner”, die ontaarde in noisegolven; een glansrol was weggelegd voor Häcke, die uit de kabel van z’n bas allerhande dreunende geluiden haalde, en daaropvolgende z’n bas pijnigde.
Tot slot hadden we nog het erotiserende “Silence is sexy”, met de niet weg-te-slane postcoïtale sigaret, die enkele vrouwen op de eerste rij naar een hoogtepunt bracht … Op de opbouwende songs “Youme & Meyou” en “redukt” vloeiden staalpercussie en orkestraties samen. En de link met klassiek schuilde om de hoek in het wonderschone “Total eclipse of the sun”, die na ruim 2 ½ uur de ‘last decade’ van Einstürzende Neubauten besloot.

Kijk, Einstürzende Neubauten is een invloedrijke band, is z’n naam meer dan waardig en is de band voor wie graag slalomt tussen avantgarde en toegankelijkheid, én geluid, lawaai tot schoonheid en kunst verheft …

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Kraakpand 2010 – Kraakpand 5.2. – Vijf bands – Vijf uiteenlopende genres met Broken Glass Heroes als afsluiter

Geschreven door

Kraakpand 2010 – Kraakpand 5.2. – Vijf bands – Vijf uiteenlopende genres met Broken Glass Heroes als afsluiter

Voor Kraakpand 5.2. trokken we opnieuw naar de Handelsbeurs tin Gent, waar Dirk Blanchart terug de host van de avond was. De ervaren rot in het vak nam ook deze keer ruim de tijd om tussen de optredens door luchtige mini interviews van de artiesten af te nemen. Ook deze keer was de affiche rijkgevuld met een diversiteit aan bands van erg uiteenlopende pluimage, zo gaven volgende bands kleur aan de avond: Tineke Postma (NL), Ernst Löw (NL) & de Bloedvogels, T. Nile (CAN), Lisbee Stainton en Broken Glass Heroes. Op de tonen van “A Man With Harmonica” ( Ennio Morricone) betraden de artiesten de zaal, helemaal klaar om het beste van zichzelf te geven.

De spits werd afgebeten door Tineke Postma, de Nederlandse deerne is een begrip in de internationale jazz wereld. Ze studeerde aan het conservatorium in Amsterdam waar ze een beurs kreeg om aan de Manhattan School For Music in New York te gaan studeren. Nadat ze afstudeerde aan het conservatorium in Amsterdam is ze daar les gaan geven. Tineke bracht een speelse set met moderne jazz naar het voorbeeld van haar idolen zoals: Wayne Shorter en Miles Davis. Wij stonden vooral versteld van de verscheidenheid aan klanken en melodieën die ze uit haar saxofoon toverde, het feit dat ze geruggensteund werd door Geri Allen op piano, Scott Colley op de bas en Terri Lyne Carrington op de drums maakten het geheel helemaal compleet. Tineke Postma is met haar jazz niet meteen mijn ding maar het was zeker eens de moeite waard om naar te gaan kijken.

Met Ernst Löw hadden ze een Nederlander in huis gehaald die we nog kennen van bij Tweetakt (“Koning en de nar”); de trouwe ‘Thuis’ kijkers kunnen hem dan weer kennen van zijn rol als Arno waar hij een piano leerlaar speelde. Ernst Löw en zijn Bloedvogels brachten Nederlandstalige popsongs waarbij nummers als “Jezus” en “Kristal” aangenaam verrasten … met “Jezus”vertelden ze een absurd verhaal over een jonge kerel die koste wat het kost Jezus wil zijn; vooral de zuivere en heldere stem van zangeres Nikkie van Lierop (voormalige frontzangeres van Praga Khan) blonk hier meer dan uit. Het beste hadden ze duidelijk bewaard voor op het einde want met een eigen interpretatie van “Down By The Water” (PJ Harvey) die ze omdoopten tot “Onder Het Water”, kregen we een mooie afsluiter.

De eerste singer/songwritster van de avond kregen we in de gedaante van Tamara Nile aka T. Nile; de banjospeelster groeide op midden in de wildernis van Canada tussen een hippiefamilie. Van kleins af aan trok ze samen met haar vader door heel Canada en de Verenigde Staten. Na het uitbrengen van haar debuut album ‘At My Table’ in 2006 ging het erg snel voor haar, dit album opende vele deuren van verschillende clubs en festivals door heel Canada. Het vele spelen doorheen het hele land resulteerde in een Folk Music Award als beste aankomende artieste als beloning. Europa leerde ze in 2009 kennen met haar eerste Europese tournee waar ze vergezeld werd door Joanna Chapman Smith.
Hier vanavond in de Handelsbeurs toonde ze hoe je folk met pop moet vermengen met een misschien niet alledaagse banjo als instrument. Nummer “Something Better”een vrolijk liefdeslied kon op heel wat bijval rekenen van een enthousiast publiek…

Met Lisbee Stainton stond er een 21jarige Britse singer/songwritster op de planken die in haar thuisland al heel wat van haar liet horen. Na haar debuut album ‘Firefly’ dat in 2006 verscheen werd ze ontdekt door Tom Robinson (
programmamaker voor de BBC).
Ze speelde een akoestische set boordevol gevoelige en kwetsbare songs, op een 8 string guitar. Met “Just Like Me” kregen we een nummer met een dromerige tekst over hoe en wie ze later wil zijn; dit nummer werd gedragen door een vloeiend gitaarspel en vrolijke melodieën. Andere pareltjes waren “Rainbow”, een heel swingend nummer en “Gril On An Unmade Bed” een sober en ingetogen nummer dat tevens de titeltrack is van haar laatst verschenen album. Met Lisbee Stainton zagen wij een jonge dame aan het werk die over heel wat kwaliteiten beschikt om het nog ver te schoppen.

Muzikale duizendpoten Pascal Deweze en Tim Vanhamel hoeven we allicht niet meer voor te stellen, deze heren hebben door de jaren heen al in heel wat bands en projecten gespeeld met Sukilove en Millionaire als meest bekendste. Toen ze door een productiehuis gevraagd werden om de soundtrack van het inmiddels populaire tv programma ‘Benidorm Bastards’ te maken, beviel dit hen zo erg dat ze maar besloten om een volledig album te maken en een nieuw project op te starten die de Broken Glass Heroes als naam meekreeg.
Hun debuutalbum kwam eind augustus uit, ‘Grandchildren Of The Revolution’. Met die Broken Glass Heroes keren ze terug naar de jaren zestig, een soort sixtiespop. Als inspiratie voor hun plaat moeten ze tussen het neuzen door in hun cd-collectie op The Beach Boys gestoten zijn want de gelijkenis en invloeden zijn overduidelijk. Vanaf opener “Poor Little Rich Girl” at het publiek uit hun hand, dit gevoel versterkten ze met “Baby Don’t Worry”een nummer waarbij er lustig meegezongen werd. Afsluiten deden ze met “Let’s Not Fall Apart” het nummer dat beter bekend is als de soundtrack van Benidorm Bastards.
Voor ons was het de 3de keer Broken Glass Heroes in evenveel maanden en voor de 3de keer op een rij slaagden ze er in om met hun vrolijke zomerse sixtiespop ons met een brede glimlach naar huis te laten keren …

Organisatie: Handelsbeurs Gent

Devildriver

Bevrijd van alle demonen na een krachtig exorcisme door DevilDriver

Geschreven door

De Vk* had vrijdag de eer om het Californische DevilDriver te verwelkomen. Ze stonden al enkele jaren op Graspop en nu was Sint-Jans Molenbeek aan de beurt om de groep rond Dez Fafara (ex-Coal Chamber) live aan het werk te zien. De avondklok werd ingesteld.

Eerst kregen we nog 2 guests voorgeschoteld: het tevens uit Californië afkomstige Vengince bracht een experimentele mix van metal, hardcore en Bay Area thrash overgoten met een electronisch sausje, terwijl het vanuit Londen opererende maar oorspronkelijk vanuit Gibraltar afkomstige Breed 77 (dat we vroeger al eens mochten aanschouwen als support act voor Prong) nog een stapje verder gaat door nog vlagen flamenco aan hun alternatieve metal te durven toevoegen.
Beiden kregen een groot halfuur om het publiek op te warmen en aan de temperatuur van de – ook qua akoestiek schitterende – zaal te voelen, slaagden ze met glans.

Rond 22h00 was het de beurt aan support 36 Crazyfists om het kwik in de thermometer nog een beetje de hoogte in te jagen, wat voor deze Canadezen, afkomstig uit het berenkoude Alaska een welkome afwisseling was. Met al 6 albums achter de kiezen zijn de mannen van 36 Crazyfists reeds ouwe rotten in het vak. In 1994 opgericht brachten ze in hun begindagen een soort nu-metal in navolging van deze opgekomen muziekstroming in de VS. Later schakelden ze over op metalcore en post-hardcore. En het was in die stijl dat we van bij de start van de set rake klappen rond onze oren kregen.
Zanger Brock Lindow had zijn naam niet gestolen: één brok energie in de vorm van een reus van 2 meter (hetzelfde petje op als AC/DC-frontman Brian Johnson) die de longen uit zijn lijf schreeuwde en onophoudelijk alle hoeken van het podium opzocht. Ook het publiek was opgehitst en de eerste molenwiekende armen, gevolgd door kicks ter hoogte van het hoofd werden gesignaleerd in de moshpit. De agressie was af te lezen van de personen die zich in dit tumult durfden begeven en het overgrote deel van het publiek werd noodgedwongen richting zijkanten van de zaal gestuwd. Dat er geen gewonden vielen, blijft een raadsel. De Canadezen kregen een uur de tijd om het publiek op boiling point temperatuur te brengen en slaagden daar met verve in.

De exorcisten van DevilDriver namen om 23h15 het podium van de Vk* in beslag. Een directe kopstoot “I Could care less” zou het begin worden van een groot uur duiveluitdrijving. De groep ontstond in 2002, nadat Dez Fafara genoeg had van de ingeslagen weg met Coal Chamber en besloot om uit deze groep te stappen na een ontmoeting met de andere bandleden op één of andere typische Californische BBQ. En dat er een groep op het podium stond, was al van bij de aanvang van de set duidelijk: de twee gitaristen Mike Spreitzer en Jeff Kendrick pijnigden hun gitaren alsof het slachtoffers waren in Guantanamo Bay en de ritmesectie Jon Miller (bas) en John Boecklin (drums) waren één brok graniet die deze groove metal ondersteunden.
Dez Fafara ging tekeer alsof hij dringend zelf een duiveluitdrijving nodig had. Zijn lange haar vloog alle kanten op en nu en dan zagen we een staaltje windmilling of circle headbanging om U tegen te zeggen. Aan beweging op het podium geen gebrek en ook in het publiek was er geen seconde tijd om rustig dit tafereel te aanschouwen.
Tweede hoogtepunt was “Forgiveness is a 6 gun” dat met de snelheid en de kracht van een machinegeweer in het publiek werd afgeschoten. Fafara is de ideale frontman om er nog een schepje bovenop te doen en het publiek op te hitsen naar ongekende hoogtes. Geen ellenlange bindteksten maar kort en krachtige vragen aan het publiek of ze het naar hun zin hadden, etc. Hierdoor bleef de ganse set doordenderen als een ‘TGV on speed’, waarbij DevilDriver gretig putte uit hun 4 reeds uitgebrachte albums: ‘Devildriver’ (2003), ‘The Fury of our Maker’s hand’ (2005), ‘The last kind words’ (2007) en ‘Pray for the villains’ (2009). En die TGV nam bruusk halt kort na middernacht met de krachtige encore “These fighting words”.

De avondklokaan de Vk* kon opgegeven worden. De demonen waren uitgedreven en de kalmte keerde terug over het talrijk opgekomen publiek. Mission accomplished! Het is ongeduldig wachten op het nieuwe album ‘Beast’ waarvan de release voorzien is begin 2011. Dit wordt zeker terug een beestig album van het beestige Devildriver!

Setlist DevilDriver
[1] I could care less [2] Hold back the day [3] Pray for villains [4] Head intot headache (let ‘em rot [5] Clouds over California [6] Fate stepped in [7] Forgiveness is a 6 gun [8] Not all who wander are lost [9] It’s in the cards [10] Nothing’s wrong [11] Impending disaster [12] End of the line [13] Meet the wretched // [encore] These fighting words

Organisatie: Vk*, Sint-Jans Molenbeek

Anne Clark

Anne Clark geeft glans aan de vervlogen ‘80s wavegolf …

Geschreven door

Binnen de ‘80s wave en Belpop kunnen we niet omheen een Anne Clark en Luna Twist, iconen waar we al fan van waren in onze tienerjaren. De Amusez-Vous organisatie wist beiden te strikken op 1 avond … En met gerust hart kunnen we zeggen, na de twee concerten hadden we er een gevoel van overgehouden én blijven we fan!

De Belgische waverock van Luna Twist rond Alain Tant en Dirk Blanchart, heeft amper 2 jaar bestaan maar bracht enkele memorabele songs uit. Om 20h30 begonnen zij aan hun gig. Tja, Alain Tant heeft de oude trucs nog niet verleerd, want als een slangenmens bewoog hij zich op het podium. Blanchart en de drie andere muzikanten genoten zichtbaar van de respons, het was de kick voor een snedig setje … Ze gaven alvast het beste van zichzelf. We werden moeiteloos meegezogen in de muzikale golf van de bekende “Decent Life”, “Look out (you’re falling in love again)” en de classic ”African time”, die de set besloot. Ook de minder bekende songs als “Oh,Oh,Oh” , ”So danceable”, ”Backbeat” en “Life during wartime”, een cover van Talking Heads, werden gesmaakt. Het mocht zeker ‘meer van dat zijn’. De ouwe muzikale grijze ratten speelden een uur, maar waren lang nog niet versleten! 28 jaar was het geleden dat ze hier hadden geconcerteerd, maar ze bewezen op scherp te staan!

Voor de doorsnee wave liefhebber kwam om 22h00 hun Queen dichteres aandraven, Anne Clark. De reeds 50-jarige Anne zag er nog altijd heel bekoorlijk uit. Ze had zich omringd met 5 enthousiaste muzikanten (cellist, gitarist, drummer en 2 keyboardspelers). Ook zij heeft hier nog in een ver verleden opgetreden (27 jaar terug!).
Het concert begon een beetje in mineur met microproblemen tijdens het eerste nummer. Toen de problemen opgelost waren, hoorden we de fantastische stem van Anne die nog niets in kracht en timbre had ingeboet.
Ze betoverde de zaal met haar bezwerende, dikterende praatzang. Het rustige materiaal werd af en toe verstoord door het geroezemoes, alsof men aftelde naar haar grootste klassiekers. Toen ze echter afsloot met “Our Darkness” was alle aandacht er, en veranderde de zaal in één dansende, pogoënde massa. Toen “Sleeper in Metropolis” volgde in de bis, kon iedereen tevreden naar huis.
De bijna twee uur durende show was misschien iets teveel, toch overtuigde deze grootse, kleine dame met een zeer geslaagd (her) optreden in Gent

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Amusez-Vous 

Monster Magnet

Monster Magnet: de terugkeer van het goddelijke monster

Geschreven door

Een mens heeft tegenwoordig mogelijkheden te over om zijn of haar geest te verruimen. Afgelopen woensdag kozen we eens niet voor een goed boek maar wel voor een avondje Monster Magnet. Wie zich verdiept in het oeuvre van deze Amerikaanse zware jongens komt immers al gauw op een andere planeet terecht waar niets is wat het lijkt en je van de ene in de andere hallucinatie verzeilt raakt. Bovendien lijkt de typische sound van de band wel voor eeuwig en altijd geassocieerd met de beruchte slik-, spuit- en snuifexploten van frontman en opper spacelord Dave Wyndorf die het aantal net-niet-fatale overdosissen en ‘near death experiences’ al lang niet meer op één hand kan tellen.
Ook op muzikaal gebied moet zoiets onvermijdelijk zijn tol gaan eisen. Terwijl hun live shows ongeëvenaard blijven hinkt Monster Magnet’s jongste album materiaal stevig achterop en zijn de memorabele stonerriffs van weleer toch wat ver te zoeken.
Na Wyndorf’s zoveelste afkickavontuur is er nu het nieuwe en verrassend sterke ‘Mastermind’ waarop de groep uit zijn eigen as verrezen lijkt. De groep kreeg dan ook moeiteloos de Gentse Handelsbeurs uitverkocht waar het anders zo nette stadspubliek plaats moest ruimen voor zwart leder, lang haar en sloten bier.

De bescheiden heropstanding van Monster Magnet was op de planken van de Handelsbeurs vooral te merken aan de kleine details. Wyndorf ziet er bij aanvang fris en monter uit, en neemt opvallend uitgebreid de tijd om zijn fans te begroeten alvorens de eerste noot gespeeld is. Terwijl een Monster Magnet optreden gewoontegetrouw start met een sonic bang van jewelste kondigt Wyndorf schijnbaar verontschuldigend aan dat het eerste nummer gewoon heel rustig zal beginnen om daarna alleen maar crescendo te gaan.
Met het bijna 20 jaar oude “Nod Scene” houdt de groep woord: een lichtvoetig psychedelisch nummer dat eindigt in een ongenadig gitaargevecht tussen Wyndorf en diens gitaristen Phil Caivano en Garrett Sweeny. Deze laatste is trouwens Monster Magnet’s jongste aanwinst nadat sterkhouder Ed Mundell vlak na de opnames van het nieuwe album plots zijn biezen pakte om een solo carrière te ambiëren.
Mundell wordt live echter niet gemist: het heerlijk brutale “Tractor” lonkt nog steeds naar het beste van Motörhead, en met “Dopes To Infinity” uit het gelijknamige doorbraakopus van midden jaren ’90 wordt al vroeg het kookpunt een eerste keer bereikt.
Met gepaste trots eiste Wyndorf ook wat aandacht op voor Monster Magnet’s jongste album. Veel drang om te vernieuwen valt er op deze nieuwe worp niet te bespeuren, gretigheid om hun vroegere niveau te benaderen des te meer. Met nieuwe nummers als de epische stonerrock sleper “Hallucination Bomb” en het lang uitgesponnen “Dig That Hole” vindt de groep dan ook moeiteloos aansluiting bij de topplaten ‘Superjudge’ (’93) en ‘Dopes To Infinity’ (’95). Uit die platen worden met respectievelijk “Dinosaur Vacuum” en “Look To Your Orb For The Warning” twee uit graniet opgetrokken spacerockers opgediept die het publiek langzaam maar zeker in ademnood brengen.
Wyndorf heeft van dat laatste alleszins geen last; als een onbezonnen jonkie met een nog intact paar trommelvliezen keert hij zijn versterker net niet binnenste buiten terwijl zijn makkers het strakke tempo erin houden. Met “Spacelord”, de enige Monster Magnet single die er ooit echt in slaagde om de mainstream te bereiken, gaat het dak van de Handelsbeurs er uiteindelijk volledig af. Alhoewel meer meezingpop dan stonerrock lijkt dit anthem niet kapot te krijgen, en is het voor de groep keer op keer zichtbaar genieten. Het optreden was toen eigenlijk al af, maar toch hoopte iedereen stiekem op meer.

Veel tijd om een jointje op te steken gunde Wyndorf zichzelf echter niet. Na een korte adempauze hadden hij en zijn kompanen nog een viertal uppercuts in petto met de huidige single “Gods And Punks” en het eveneens nieuwe “Bored With Sorcery” voorop. Met de snedige slotakkoorden “Crop Circle” en “Powertrip” ging de zaaltemperatuur nog één keer pijlsnel de hoogte in. Met deze anderhalf uur durende powertrip bewezen Wyndorf & co op verbluffende wijze dat het goddelijke monster in Monster Magnet eindelijk terug is van eventjes weggeweest. Of hoe lelijke muziek toch zo mooi kan zijn...

Organisatie: Democrazy,Gent (ism Handelsbeurs)

Plan B

Plan B –wordt toegevoegd bij de huidige soulrage …

Geschreven door

Plan B is het alter ego van muzikant en acteur Benjamin Drew die eerder onopvallend in 2006 al een rapalbum maakte. De opvolger ‘The defamation of Strickland Banks’ haakt in op de huidige soulrage. De nieuwe Britse rapper/sing/songwriter brengt Motownsoul, sixtiesfunk, rock en hiphop samen, soms aangevuld met brede orkestraties en bepaald door een zoetgevooisde, zalvende zangstem en een rauw Brits ‘East-End’ accent, wat hem refereert aan Mike Skinner van The Streets. Hij debuteerde met de singles “She said” en “Prayer” en kreeg al hoge noteringen in de Engelse charts. Hij wordt nu ook met mondjesmaat binnengehaald in ons landje.
De muziek klinkt half zwart, half blank …‘Blue eyed soul’ noemt zoiets ... De plaat vertelt het fictieve verhaal van soulzanger Strickland Banks die, na aanvankelijk succes, ten onrechte in de bak belandt. Er komt hieromtrent nog een gelijknamige film.
Hartverscheurende en trefzekere soulpop met een voorliefde aan Smokey Robinson, Michael Jackson, Charles & Eddie, Terence Trent d’Arby, Eminen, The Streets en de huidige vrouwelijke soul van Amy Winehouse en Duffy.

De soul rockende sensatie Plan B houdt halt in de AB, maar moest het met een matige belangstelling doen in de Splendid in Lille.
Eerst werden we opgewarmd door een beatboxer die erin slaagde een resem instrumenten na te bootsen; opmerkelijk en intrigerend waren de vioolpartijen hierin; dan slingerden een paar explosievere klanken en beats van een paar clubdancehits ons om de oren. In geen mum van tijd had hij het publiek naar zijn hand …
Drew alias Plan B kwam, mooi uitgedost, met een heuse begeleidingsband van synths, gitaar, bas, drums en twee uit de kluiten gewassen zwarte ‘twin’ backing vocalistes het podium gewandeld.
Laat ons eerlijk zijn, niet elk nummer was boeiend, maar hij wist een klein uur lang overwegend aanstekelijke, smakelijke en gedegen soul en hiphop ineen te knutselen, en steeds waren er de overgangen van zang naar rap en weer terug. Hij schuifelde praktisch aanhoudend zijdelings op het podium.
Plan B ging van start met de sfeervolle “Writings on the wall” en “Free”, gekenmerkt van een lichte swing. Het frisse “Praying” volgde al snel en was het eerste uptempo nummer. Vóór het krachtiger klonk en de soulrock het voortouw nam, hadden we de loungy, dromerige, licht heupwiegende “Welcome 2 hell” en “Love goes down”, ideale candlelightsongs met Valentijn, die breder georkestreerd werden.
Onmiskenbaar kwam het rapverleden van de man naar boven op “The recluse”, “Every rule” en “Coming up easy”, die aan elkaar geregen waren.
Leuk allemaal, maar zoals eerder gezegd, wist niet elke song binnen de stijl te raken. De soulpopgroove intrigeerde op het afsluitende ”She said”, Plan B’s nummer one hit, die door vingertics en handclaps elan kreeg.
In de bis volgde een soulmedley van Bill Withers’ “Somebody to lean on” en “Ain’t no sunshine”, Ben E Kings “Stand by me” en “My girl” van The Temptations.
Het werd nog heter; een partycocktail volgde door beatbox, raps en gespeelde rhymes waaronder een “Alors on danse”. De leden ging zelf even uit hun dak, pogoëden en duwden tegen elkaar op een stampende “Stay too long” uit de eigen stal.

Plan B gaf een leuk concert, maar of het een blijvertje zal zijn, is een andere zaak … Intussen kan er nog een artiest worden toegevoegd bij de huidige soulrage …

Organisatie: Agauchedelalune, Lille (ikv Ground Zero Festival)

Iggy Pop

Iggy Pop & James Williamson - Kill City: Restored Edition

Geschreven door

Punklegende Iggy Pop voorstellen is voor veel muziekliefhebbers niet echt nodig. De man werd samen met z’n eerste succesvolle band The Stooges een icoon in de punkmuziek. Na het uiteenvallen van deze band (die ondertussen wel al een aantal jaar terug actief is in wisselende bezettingen) hield hij er een succesvolle solocarriëre op na. Zo maakte hij in de jaren zeventig de meesterwerken ‘Lust for Life’ en ‘The Idiot’. Een ander maar tegelijk minder bekend album uit die periode is  ‘Kill City’ dat hij samen met gitarist James Williamson componeerde.
‘Kill City’ werd opgenomen in 1975, net na het uiteenvallen van The Stooges en het was eigenlijk bedoeld als een demo voor geïnteresseerde platenmaatschappijen. Twee jaar later was het platenmaatschappij Bomp die de schijf uitbracht. Deze plaat werd opgenomen op groen vinyl en het bleek meteen dat de kwaliteit ervan zeer pover was.
James Williamson en Iggy Pop hebben de handen na 33 jaar terug in mekaar geslaan en hebben dit album opnieuw opgenomen. Het resultaat mag er wezen: je zou kunnen zeggen dat dit plaatje het midden houdt tussen The Stooges en het solowerk van Iggy. Wie houdt van goeie muziek, moet ‘Kill City’ zeker een kans geven.

Black Country Communion

Black Country Communion

Geschreven door

Wij hebben een hemelse schrik van supergroepen, vooral wanneer deze zich op het bedenkelijke terrein van Amerikaans getinte hard-rock en AOR bevinden. U herinnert zich misschien nog levendig het gedrocht Chickenfoot, ook zo een supergroep die een plaat maakte waar al een laag schimmel op stond nog voor ze werd uitgebracht (die laag is nu enkel maar aangedikt). Ver uit de buurt blijven was hier de absolute boodschap, want de stank was niet te harden.
Black Country Communion is ook weer zo een onding, een groep met allemaal mannen van de “kijk eens mama, zonder handen” school. De band bestaat uit zanger/bassist Glenn Hughes (Deep Purple van de zeventiende generatie), drummer Jason Bonham (zoon van zijn vader), keyboard speler Derek Sherinian (Dream Theater) en gitaarpoeper eerste klas Joe Bonamassa.
Het is Bonamassa die het grootste part van de nummers geschreven heeft en dat is er aan te horen. Hij vertrekt in Honolulu, speelt een solo, trekt door de ganse VS, doorkruist Canada, komt aan in Alaska en is nog steeds dezelfde solo aan het spelen. Zo iets.
Op zijn eigen platen komt er nog wat blues bij kijken, maar hier is dat quasi volledig achterwege gelaten en vervangen door typisch Amerikaans macho rock waarin de uitvoerders over hun instrumenten en vooral over elkaar struikelen. Ze zijn de hoge cliché hard-rock stemmetjes en vervelende muzikale intermezzo’s ook niet vergeten, want ze weten dat daar een publiek voor is in de States. In Europa zal het al wat minder storm lopen. Toch misschien eens proberen in Duitsland, want daar zijn er nog altijd wat schaamteloze figuren die zomaar in het openbaar een plaat van The Scorpions durven te kopen.
U bent liefhebber ? Neem uw luchtgitaar en ga vooral uw gang (opletten voor kramp in de vingers) maar laat ons met rust.

The Grand Opening

In the midst of your drama

Geschreven door

Soms lijkt het er op dat de gehele bevolking van Zweden besloten heeft om het muzikantje uit te hangen. Ook al is het land van IKEA bekend voor zijn metal en pop is dit duo, dat opgericht is rondom het personage van singersongwriter John Roger Ollson, gespecialiseerd in wat we Amerikaanse folkpop zouden plachten te noemen.
Als een groep Daniel Lanois of Talk Talk als invloeden citeert, weet je meteen dat het aangeraden is om je oor goed te luister te leggen en inderdaad is ‘In the midst of your drama’ zo’n cd geworden die zich weet na meerdere beluisteringen weet te ontplooien tot iets aangenaam moois.
Je kan deze fijne plaat gerust plaatsen naast het betere werk van Aztec Camera (niet in het minst doordat John’s stem sprekend op die van Roddy Frame lijkt) en The Unbelievable Truth.
Of het de wereld echt zal veroveren is een bijna retorisch overbodige vraag maar het heeft ons wel een uur weten te boeien!

Denvis And The Real Deal

Join the circus

Geschreven door

In thuisland Nederland mag Dennis Grotenhuis zich eigenlijk een cultfiguur in wording beginnen noemen. Niet alleen stond het turbulente (al of niet verzonnen) leven van deze man als voorbeeld voor Leon Verdonschot’s rockroman maar naast muzikant is onze vriend ook nog eens aktief als TV-presentator, regisseur, toneelspeler en avonturier.
Af en toe is deze Brabantse duizendpoot ook muzikant en dan mag je hem aanspreken als Denvis en samen met een zevental vrienden maakte hij deze ‘Join the circus’-cd waarbij je meteen denkt aan het rockcircus dat ooit ene Mick Jagger op poten zette in de jaren ’60.
Deze cd valt meteen op door zijn niet alledaagse verpakking dat zich presenteert als een soort van kleuterboekje met circusprentjes die weliswaar niet voor kinderogen bestemd zijn.
De muzikale keuze van Denvis and the Real Deal is al even gevarieerd als diens levenswandel ook al verlaat men nooit het pad van de traditionele rock.
Deze in eigen beheer uitgebrachte cd bevat een bonte mengeling van pop, bluesrock, alt rock en zelfs wat country. Wie op zoek gaat naar vernieuwing zal hier zeker zijn gading niet kunnen vinden want ook al getuigt ieder nummer van kwaliteit hoor je ook overduidelijk waar Dennis de mosterd haalt.
Zo is “Tao” duidelijk verwant met wat  The Rolling Stones deden op “Exile On Main Street” of horen we bij “Chickensoup” zowaar de oude Elvis Costello nog eens terug.
Beweren dat deze cd een meesterwerk is, zou overdreven zijn maar hij misstaat zeker niet naast het werk van vroegere goden als Green On Red of The Hoodoo Gurus …

Zach Hill

Face Tat

Geschreven door

In het experimentele muziekmilieu is de drummer Zach Hill al lang geen onbekende meer want deze muzikale duizendpoot kon je  steeds wel ergens op een podium zien met groepen als Prefuse 73 of Wavves. Blijkbaar had hij nu weer terug tijd om de studio in te duiken voor een nieuw solo-album, ook al is deze Zach Hill een geval apart.
’Face Tat’ is op het eerste (en ook waarschijnlijk op het honderdste) gehoor één kakafonie waar allerlei muziekstromingen door de muzikale mengmolen worden gedraaid. We kunnen moeilijk gaan beweren dat deze geluidsaanval spek voor ieders bek zal zijn maar wie het ziet zitten om Albini-achtige geluidjes die op een manier verwerkt worden zoals alleen een Alec Empire dat kan zal aan deze ‘Face Tat’ heel wat plezier beleven.
We zijn er ons ook echter ten volste van bewust dat heel wat lezers de knop zullen omdraaien na enkele minuten. Zach Hill is een muzikale gek en dat hoor je, een tip voor zij die een open geest hebben.

Foals

Foals – Total Life Forever Foals! is op z’n plaats

Geschreven door

Twee bands die ik graag in één adem opnoem, én die beiden staan voor ijzersterke optredens zijn het Canadese instrumentaal spelende Holy Fuck en het uit Oxford opererende Foals. Vanavond stonden Foals in de spotlights … Een groot spandoek met de letters van de band werd achteraan het podium gehangen.

Het publiek ging prat op deze beloftevolle band, die aan hun tweede plaat ‘Total Life Forever’ toe zijn, die het in 2008 verschenen ‘Antidotes’ opvolgt; een uitverkochte Splendid in Lille was dan ook het resultaat.
Het kwintet van zanger/ gitarist Yannis Philippakis speelt een boeiende combinatie van postpunk, punkfunk en postrock en refereert aan bands als Talking Heads, Bloc Party, !!!, Friendly Fires en Battles. De songs worden gekenmerkt van een intrigerende, opzwepende opbouw, hyperkinetische ritmes, een nerveuze melodie, hoekige strakke riffs en ondergaan verrassende wendingen. De toegevoegde elektronica geeft een eigen specifieke toets en de zang van Philippakis waait over de songs heen.
Live klonk het materiaal doeltreffend, pakkend, dartelend en twinkelend. De energie was gebald, hoekig, snedig, scherp, en kende intense uitspattingen en explosies. Het jonge publiekje was meteen weg van die aanstekelijke ritmes en sprong op en neer. Sommigen skydive-den en rolden naar het podium op de repeterende, opbouwende en ophitsende ritmes en op de aanzwellende, krachtiger wordende melodieën van “Olympic airwaves”, “Cassius”, Balloons en de titelsong “Total Life Forever”.
Eerder zetten ze al de toon met een uitgesponnen “Blue blood”, opener van de recente plaat en van de gig. Hier viel de zweverige, soms (hogere) galmzang van Yannis en de beheerste instrumentatie op van de bandleden, die elkaar perfect aanvoelden. Een band op kruissnelheid! Inderdaad, anders kom je er niet toe het publiek zo snel in te palmen.
Maar dit hou je natuurlijk niet de ganse tijd vol. Wat we op plaat hoorden, hoorden we ook live, namelijk middenin de set kwam de klemtoon op en de meer epische, sfeervolle, aan math/progrock verwante stukken: een zalvende, gelaagde opbouw, zachte en strakkere motieven en jams van “Miami”, “What remains” en “Spanish Sahara”. Iedereen genoot wel van het meeslepende materiaal en de band werd dan ook terecht warm onthaald. Het triggerde de band om af en toe een forsere kopstoot toe te dienen. Een mooie afwisseling die indrukwekkend was. Tussenin imponeerden ze nog met het langgerekte “After glow”.
Tot slot lieten ze hun fans niet meer los en kwamen ze met een sterke ‘final touch’ en bis door een concept van hypnotiserende ritmes, stuwende baslijnen, frisse, slepende en strakke gitaren en bezwerende, opzwepende drums: “Red socks pugie”, “The French open” en de prijsbeesten “Electric bloom” en “Two steps , twice”. Yannis was niet meer te houden, sprong op de boxen, pijnigde z’n gitaar, was met drumsticks bezig en liet de eerste rijen z’n bezwete lichaam bepotelen …

Kijk, dit was een concert ‘pur sang’ … Yannis en Foals zijn niet de grote sprekers, maar lieten net de muziek voor zich spreken in zulke structuren. Ze herinnerden zich hun optreden nog van twee jaar terug in datzelfde pittoreske zaaltje van tijdens het Festival les Inrocks toen ze samen met Holy Fuck de anderen het nakijken hielden.
Foals is een unieke live ervaring en wij hebben het geweten, dedzju! Schitterend dus! ‘Foals - Total Live Forever’!. Binnenkort in de Bota!

Eveneens uit GB is het trio The Invisible. Deze support creëerde een apart sfeertje, een soort rocklounge door de repeterende songopbouw, de bezwerende trancy ritmes, de lichte grooves, een beheerste dosis elektronica en overwaaiende vocals; een handvol langgerekte songs in een combinatie van postrock, punkfunk en wave elektronica intrigeerden …

Organisatie: Agauchedelalune, Lille (ikv Ground Zero Festival)

The Hundred in the Hands

The Hundred In The Hands - Shoegaze met New Order-beats

Geschreven door

Dankzij de mensen van de Democrazy werd de Gentse binnenstad de laatste weken, en ook de daarop volgende, omgetoverd in een soort van Camden Town waar je naast bekende namen ook tal van onbekend talent kon gaan opsnuiven.

Voor het project The Big Next Thing waarbij het Nederlandse concept van London Calling als spiegel diende is de concertzaal van Café Charlatan de trouwe speelplaats geworden. Het lijkt ondertussen bijna routine geworden maar ook deze keer koos men weer voor wat binnenlands talent als opener, ook al kun je Elko Blijweert niet echt meer als een beginneling gaan bestempelen. Deze sympathieke mens werkte eerder reeds met mensen als Rudy Trouvé en Daan Struyven maar de laatste tijd voelt hij zich veilig aan de zijde van Saar Van Der Leest met wie hij tegenwoordig het duo Tip Toe Topic vormt. Een speelse naam die meteen ook veel over de muziek vertelt want van bij de start is het duidelijk dat we hier te maken hebben met een allesbehalve ordinair popbandje.
Terwijl Saar zich over haar klarinet en Casio buigt, brengt Elko die omgeven is door een gigantische muur van effektpedalen gitaargeluiden die gaan van distortion, garagerock, funk tot zelfs een zomers surfgitaartje.
Gisteren bracht dit duo een leuke set ook al is een nummer als “The King” waarbij een gooi gedaan wordt naar het werk van The Residents iets te hoog gegrepen maar Tip Toe Topic is zonder een twijfel een groep die Vlaanderen een meerwaarde kan bieden ook al hebben we niet echt iets radiovriendelijks gehoord, maar soms hoeft dat ook niet.

Wie zonder probleem wel op de radio kan is het nieuwe wonderduo The Hundred In The Hands. Nu ja, de dagen dat Warp aanzien wordt als het hippe label ligt blijkbaar ook al ver achter ons want wat de Britse pers ook mag beweren, van een overrompeling in de Charlatan was er jammer genoeg geen sprake. Zoals je kon vermoeden wederom ten onrechte want ook al klinkt hun debuut best leuk maar net iets te poppy, bewezen gisteren
Eleanore Everdell en Jason Friedman dat ze heel wat meer in hun mars hebben dan zomaar een verzameling leuke popliedjes.
Meteen ontpopte de bloedstollend mooie Eleanore zich tot een rockdiva met een act die verduiveld veel leek op die van Crystal Castles terwijl de dandyesque Jason voor de nodige geluidsmuur zorgde. Inderdaad, op cd zijn deze Amerikanen slechts een doorslagje van Dubstar maar op een podium zijn het twee gedreven rockers die evenveel respect hebben voor de fuzzgitaar van The Jesus & Mary Chain als voor de drumbeats van de vroegere New Order.
Na een uur wees Eleanore ons terug de weg naar de dichtgetrokken mist maar we waren ook weer getuige geweest van een groep die je binnenkort ongetwijfeld terug zult zien en mits wat nodige airplay zal het hoogstwaarschijnlijk een groter podium zijn.

Zij die er gisteren wel bij waren kunnen het misschien ooit aan hun kleinkinderen vertellen dat zij ooit op een mistige dag tot die happy few behoorden, misschien …

Organisatie: Democrazy, Gent

Two Door Cinema Club

Two door cinema club – Nood-Ierse college students zorgen voor een dampende herfstavond

Geschreven door

De Noord-Ierse teenagers van Two door cinema club slaagden er bijna in een Aéronef te laten vollopen. De jonge ‘college’ gasten hebben nog maar 1 plaat uit, ‘Toursist history’, tien frisse, lieflijke, fijne, catchy, dansbare indiepopsongs die kort, vaardig en kernachtig klinken. De springerige gitaarsongs zitten knap in elkaar, hebben opbouwende, aanstekelijke melodielijnen en meezingbare, soms neuriënde refreinen. Synths en beats spreken de dansspieren aan en een gillende gitaarpartij zit er mooi tussenin verweven. Een eenheid vormen ze, hebben de juiste drive en worden gedragen door de jonge, hoge, dromerige stem van zanger Alex Trimble.
Ze zitten duidelijk in de lift bij het jonge volkje. Doe het hen maar na om al meteen zoveel ‘jonge’ mensen op de been te krijgen. Chique! De popmelodietjes bleven in het hoofd hangen. Zwierig, leuk en opzwepend allemaal wat het kwartet presteerde … “Cigarettes in the theatre”, “Do you want it all”, “Hands off cash, monthy” en de bruisende singles “Undercover Martyn”, “Something good can work” waren de sfeermakers van in het begin. Boeiend hielden ze het door de tempowisselingen, de forse injectiestoten, de gitaarriedels en de herkenbare tunes van o.m. “This is the life”, “You’re not stubborn” en “What you know”. Ook de nieuwe “La novelle chanson”, “Kids” en “Costume party” moesten niet onderdoen en konden exploderen met dansbare grooves. Telkens werden de jonge wolven sterk onthaald.
Drie songs gooiden ze nog te grabbel in de bis, “Eat that up, it’s good for you”, “Come back home” en “I can talk”.

Die kerels zijn net als Air Traffic, een paar jaar terug, klaar om het grote publiek te bereiken. Ze hebben de kunst om toegankelijke, speelse en intense goede popsongs te schrijven! Dit popvaatje kan een mooie toekomst bieden …

Supports waren het Franse Teenagers en Florrie. Teenagers speelden doorsnee poprock, waarvan de melodieën nu niet direct bleven hangen. Ze voegden er een vleugje ’80s wave en punkfunk aan toe. Charmeren konden ze wel maar muzikaal had het niet veel om handen …
Florrie bracht het er beter van af. Ze verdiende haar strepen al als drumster van Girls Aloud en Pet Shop Boys en die electro en dansbare tunes voegde de jonge Britse singer/songschrijfster uit Bristol, die nu in Frankrijk verblijft, met plezier toe aan de eigen broeierige, funkende electropop. Toegegeven, niet alle songs waren spannend, maar ze hadden de juiste groove en heerlijke overgangen. Watch that lady …

Organisatie: Aéronef, Lille

M.I.A.

M.I.A. - Vrouw met ballen hitst Trix op

Geschreven door

Als vrouwen al ballen zouden hebben, dan is M.I.A. toch wel van een serieus klokkenspel voorzien. Haar stijl, attitude en muziek is een welgemeende ‘fuck you’ naar marketinggestuurde plastieken poppen als Lady Gaga, Beyoncé of Rihanna (zet uw tv op TMF of MTV en vul naar believen het lijstje verder aan). Qua rebellie, boosheid en ‘fuck you’ gehalte is er maar één madam die een beetje in M.I.A. haar buurt komt en dat is Peaches, maar dat is dan weer een zodanig manwijf dat we een sterk vermoeden hebben dat ze wel echte ballen heeft …

Het concertje van M.I.A. kon je op zijn minst ophitsend noemen. De beats en raps mistten hun doel niet, ze waren luid, explosief en messcherp. De algemene teneur was nogal militant en pompend. Een drum, een knallende beatbox (met samples van onder andere scheurende racewagens en luid knallende geweerschoten) en een paar onstuimige dansers in combat outfit waren de perfecte begeleiding voor de snauwende en knarsende raps van M.I.A.
Een uiterst agressieve song als “Born Free”, gebouwd op die beukende Suicide sample uit “Ghost rider”, was een regelrechte aanval richting onderbuik. Die knaller (en nog steeds onze favoriet) zat trouwens vroeg in de set, maar het explosieve en bitsige sfeertje werd nadien wel sterk aangehouden met opjuttende dance tracks als “Story to be told”, “Bamboo Banga” en “Boyz”… tot een stroompanne roet in het eten kwam gooien.
Doodjammer en de nachtmerrie van iedere band of artiest, maar iedereen heeft er vroeg of laat wel mee te maken. Bij M.I.A kwam die technische panne dan nog net op het moment dat de dame (met knalgele pruik nota bene) haar publiek al danig had opgejut en er een gloeiend temperatuurtje in de zaal hing. Balen is dat.
Maar kom, na de veel te lange onderbreking hitste M.I.A. de gemoederen alweer op en bij “Paper planes” (voortdrijvend op het prachtige Clash nummer “Straight to Hell”) gingen de poppen alweer aan het dansen en kookte het potje algauw weer over.
Helaas was het kort daarop al gedaan. Veel te kort dus. Ook daarom hadden wij de indruk dat het op de Lokerse Feesten misschien allemaal iets beter en heter was, maar daar had dan ook niemand de stekker uitgetrokken. Is de Kreun in Kortrijk gewaarschuwd volgende week?!

Desalniettemin toch weer een stomend potje dance, rap en jungle van het betere soort.

Organisatie: Trix, Antwerpen

Danko Jones

Danko Jones - stevig avondje vettige rock & roll!

Geschreven door

Zondagavond 14 november stond er in Trix een stevig potje rock & roll op de agenda. Het Britse 5-tal Young Guns, opende de avond, maar laten we daar verder niet veel woorden aan vuil maken. Keihard was het, maar bij gebrek aan sterke songs en een vrij matige zanger, best snel te vergeten ! Geef ons dan maar het rauwe rock & roooooooll geweld van noorderburen Peter Pan Speedrock, die tussenin geprogrammeerd stonden in de Trix Club. PPS tracteerde ons -naar aloude gewoonte- op een portie uiterste smerige en snelle rocksongs, zo mogelijk nog vettiger dan hetgeen ons later op de avond nog te wachten stond.
We pikten maar een half uurtje mee, maar krakers als “Resurrection” en “We Want Blood” zinderden nadien nog de hele avond door !

Na zijn doortocht op de zomerfestivals (Bij ons o.a. Pukkelpop) schuimt Mr. Jones dit najaar terug de zalen af ter promotie van zijn nieuwste schijf ‘Below The Belt’. Een knappe CD, die weliswaar -wat ons betreft- niet kan tippen aan ‘Born a Lion’, zijn onovertroffen ‘piece de resistance’ uit 2002. Een avondje Danko Jones staat steevast garant voor een stevige portie vettige ‘straight in your face’ rock ’n roll’ en het was zondagavond in Trix dan ook niet anders!
Na een -naar Jones’ normen- gezapige start met “I think Bad Thoughts” & “Active Volcanoes”, het openingstweeluik uit de nieuwe plaat, was het er met “Play the Blues” knal op! Geen slepende blues song, maar simpelweg een dijk van een rocksong, zoals we die graag horen (uit die ‘Born a Lion’ CD).
Het startschot was gegeven en de band (DJ + bassist John ‘JC’ Calabrese en drummer Dan Cornelius) bleef gedurende de ganse avond het strakke tempo aanhouden: een schitterend “Forget my name” en “Code of the Road” gingen de eerste publieksbabbel vooraf. Als rasechte entertainer wist Jones zo af en toe het publiek wat op te jutten (en vanavond ook vice versa !) met zijn stoere praat tussen de songs in. Dat waren dan ook de enige ‘rustpunten’ in de set! Het publiek was ondertussen voldoende opgewarmd (en opgejut) om meezinger “First Date” de Trix in te slingeren en iedereen luidkeels te laten meebrullen.
Midden in de set onthouden we vooral het uitmuntende “Full of Regrets”, sterkste song uit de nieuwe CD, en het zoete duo “Sugar Chocolate” en “Sugar High” ging er inderdaad in als zoete koek!
Nagenoeg alle Danko Jones songs zijn gefundeerd op hetzelfde recept: meestal korte puntige rocksongs met vettige riffs. Op plaat leidt dit soms tot een zekere ‘uniformiteit’, maar live leent dergelijk materiaal zich perfect tot het creëren van een waar rock & roll feest.
Tegen het einde van de set was het dan ook niet verwonderlijk dat de crowdsurfers ons nagenoeg continu boven het hoofd gesmeten werden. Na een sterk “Invisible” (uit de ‘Sleep is the Enemy’ CD) was “Loverscall” wat mij betreft het absolute hoogtepunt van de set: alweer een dijk van een song en alweer uit die ‘Born a Lion’ CD (voorafgegaan door Jones’ deskundige uitleg over het hoe en wat en waarom van deze meestersong). Bij het ingaan van de bisronde (het publiek permitteerde de heren absoluut niet om een lange pauze te nemen!) vroeg Jones welke song we wilden horen.
”Caramel City” was één van de requests en alhoewel het volgens Jones zelf een 8 jaar geleden was dat hij dit nog gespeeld had, zette hij de song toch in. De band kon niet volgen (wegens niet ingestudeerd) en de song werd prompt afgebroken, waarop Jones besloot om dan maar de setlist te volgen en een knallend “Dance” de zaal instuurde. (Een snelle search op het net leerde ons dat de setlist de voorbije weken nagenoeg altijd identiek was, inclusief bisnummers. Zouden de bindteksten tussen de songs dat ook zijn ?).

De show werd afgesloten met “She’s Drugs” en de amper anderhalve minuut durende mokerslag “Samuel Sin”, een waardig slot van een stevig avondje vettige rock & roll !

Organisatie: Trix, Antwerpen

The Gaslight Anthem

The Gaslight Anthem - Passievolle straight-forward rock

Geschreven door

De AB werd in gang gereden met de poppunkertjes van Sharks, zo een groepje van dertien in een dozijn. Piepjonge kereltjes die helemaal nog niet rijp waren voor een concerttempel als de AB. Hun geslaagde cover van de onsterfelijke Clash klassieker “I fougth the law” was het enige vermeldenswaardige momentje.

Een stuk beter was de doortocht van Chuck Ragan, in een vorig leven nog frontman van emo-punkers Hot Water Music. Het bleek een goedgemutste struise kerel te zijn met een doorleefde, rauwe en naar Springsteen neigende stem. Hij vertolkte, vergezeld van een naarstige violist, op akoestische gitaar zijn songs met veel bezieling en kon op nogal wat respons van het publiek rekenen.
Wij wensen de man nog een glorieuze toekomst, maar een beetje meer variatie in de songs zou hier wel op zijn plaats zijn. De chuck mocht later trouwens met The Gaslight Anthem nog een potje komen meespelen en zingen, hij bleek een vertrouwde makker te zijn.

The Gaslight Anthem stond vanavond garant voor een aardig staaltje powerrock met de spirit van The Clash, de passie van The Replacements en de schwung van -we kunnen er echt niet omheen- Bruce Springsteen. Er zijn immers te veel raakpunten (die stem, die gedrevenheid) om The Boss niet te vermelden, maar laat toch duidelijk zijn dat The Gaslight Anthem niet zomaar een bandje zijn die hun grote voorbeelden naspelen, ze hebben wel degelijk een eigen geluid ontwikkeld, en wat voor één.

Je voelde en hoorde dat de heren een punk verleden hebben, en daar hebben ze de juiste drive aan overgehouden. Songs als “1930”, “Stay lucky” en “The backseat” waren er het levende bewijs van, dingen die zonder omkijken rechtdoor stormden en niet te veel omwegen opzochten.
De kracht van The Gaslight Anthem zit hem trouwens in de puntigheid van de steeds kort gehouden efficiënte rocksongs die met zijn allen sterk op hun poten staan. Maar liefst 24 nummers kregen we voorgeschoteld in anderhalf uurtje. Geen ruimte voor solo’s of onnodige muzikale opschepperij dus. Heel even nam frontman en uiterst sympathieke peer Brian Fallon de tijd om de zaal toe te spreken, maar voor de rest gaf de groep er zonder veel commentaar een geweldige lap op met gebalde rocksongs voorzien van ijzersterke melodieën, zoals de uiterste knappe en goudeerlijke “Diamond church street choir”, “The Queen of lower Chelsea” en “Miles Davis and the cool”, om er maar een paar te noemen.
Eigenlijk zat het vuur er al van bij de aanvang goed in, maar toch bleek de band naarmate de set vorderde meer en meer onder stoom te komen en ontmondde het hele optreden in een heuse climax. De jonge wolven speelden met een ongedwongen drive en passie en zonder enig zweempje van arrogantie. En om te tonen dat er ook een portie soul door hun bloedvaten stroomt, brachten ze een knappe eigen versie van de onverslijtbare Wilson Pickett kraker “In the midnight hour”.
Trouwens een bijzonder goede inval van Fallon om zonder het podium te verlaten al meteen de bisronde aan te vangen. “Laten we hier gewoon blijven staan en die overbodige pauze overslaan, zo kunnen we meer songs spelen”, zei Fallon. Groot gelijk had ie en daarop zette The Gaslight Anthem al van ver de eindspurt in met een splijtende demarrage met pure Philip Gilbert allures. Het dak ging er af met de gloeiende knalpotten “Great expectations” en “The ’59 sound” (hebben ze elders al een paar keer met nonkel Springsteen hemzelve tot een spetterend vuurtje uitgebouwd) en het almachtige “American slang”. Dan werd er heel eventjes gas teruggenomen met een mooi “Here’s looking at you, kid” om vervolgens finaal te ontploffen met de felle punkrocker “The backseat”.

Kijk, The Gaslight Anthem was nu een groepje volledig naar ons hart …

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

I Love Techno 2010 – geslaagd en terecht 15 kaarsjes uitgeblazen

Wie houdt van dansmuziek kan niet omheen het megaspektakel van I Love Techno. De organisatie vierde feest, want ze waren toe aan de 15e editie. Net als de vorige jaren geraakte het event, dat de verschillende dansstijlen van techno, electro, house, drum’n’bass, ambient, dubstep enz samen brengt, uitverkocht. 35000 liefhebbers van de elektronische muziek konden er terecht voor één groot feest.
Echt grote kleppers hoefden niet op het grootste indoorfestival van Europa; 5 rooms werden gevuld met live acts, dj’s, opkomend talent en gevestigde waarden. Hier troffen de feestvierders, omgetoverde discotheken, carnavaleske toestanden, de beats en de chills elkaar.
I Love Techno was en is de reikende hand voor de kleinere broertjes als Sensation White, 10daysoff, Tomorrowland, Landry Day en het Elements Festival.
Vóór de feesteditie losbarstte werden de Elektropedia Vanguard Awards uitgereikt aan Front 242, de broers Dewaele, José Pascual & Frie Verhelst (USA Import), vzw 5voor12 en Marc Meulemans (postuum). De Brusselse Fuse werd ‘beste Belgische club aller tijden’.
Een honderdtal geïnteresseerden en ouders kreeg meer tekst en uitleg over het event door de politie, het parket en de drugsontwenningskliniek.
De bezoekers worden steeds internationaler. Naast de 20.000 tickets aan Belgen was de rest aan Fransen, Duitsers, Spanjaarden, Italianen, Britten, Zwitsers en Amerikanen.
Steeds meer bezoekers komen per trein, en de controles in het verkeer boden een ‘keep it safe on the road’.
En muzikaal verder dan: dit jaar konden we er terecht om Underworld, die geschiedenis binnen de techno en de dance schreef, aan het werk te zien en verder waren er o.m. Bloody Beetroots, Vitalic, Crookers, Goose, Magnetic Man, Booka Shade, Sound Of Stereo, Ellen Allen, Kele en Dave Clark, één van de spilfiguren van de happening.

We proefden lekkers van een stomend nachtje ILT ingrediënten

Kele heeft even het populaire Bloc Party op non actief geplaatst en amuseert zich met het eigen speeltje onder z’n eigen naam. Rockmusic met elektronische ritmes, grooves en vibes, wat er al zat aan te komen met de laatste plaat ‘Intimacy’. Hij werd begeleid met een live drummer en twee toetsenisten/knoppendraaiers (waaronder een erg bevallige, jonge, hyperkinetische dame). Kele stoeit met elektro, techno, trance, drum’n’bass, tribalritmes en pop, en bracht een evenwicht tussen de electroclash van de soloplaat, de singles “Tenderoni” en “Rise” voorop, met een knipoog aan het materiaal van LCD Soundsystem, enkele Bloc Party afleggertjes en een BP medley van “Blue light”, “The prayer”, “One more chance” en “Flux”.
Live koos Kele met z’n begeleiding voor bruisende energie, amusement en ambiance, maar het was niet direct ‘the cup of tea’ voor het overgrote deel van de dansfreakende jongeren …

Die waren wel te vinden voor één van de toppers in de huige dance, Magnetic Man, die met “I need air” een grote hit op zak hebben. In hun agenda stonden ze genoteerd, want het was aanschuiven geblazen. De hitgevoelige opbouwende lagen trancy dubstep werden gekenmerkt door drum’n’bass en grillige uitstapjes. Mainstream, goed verteerbaar en energiek met plaagstootjes dus …

Een gezellige drukte heerste bij Underworld, die al voor de vijfde keer aanwezig waren. In tegenstelling tot andere jaren was de zaal niet helemaal volgelopen. Daar zal ongetwijfeld de recente cd ‘Barking’ wel voor iets hebben tussen gezeten. De zesde studioplaat van de heren Hyde – Smith verscheen onopvallend binnen de huidige rits releases. Minder trancefloorkillers als voorheen.
Behoorlijk wat nieuw materiaal kregen we voorgeschoteld, maar aan klassiekers ontbrak het gelukkig niet; met “Rez”, “Cowgirl”, en “Two months off” weerklonken steeds meer de hits, met als apotheose “Born Slippy”. Na al die jaren prijkten ze nog waardig op de affiche.

Ook Goose palmde Flanders Expo in. Na de overweldigende liveset op Pukkelpop, verscheen onlangs de nieuwe plaat ‘Synrise’. En Goose is ‘hot’ … ze zorgden voor een geweldig feestje. Hun electropop, punkfunk, ‘80s waverock en beats’n’pieces hadden een onweerstaanbare groove en een pompende beat. Tja, ze zijn ergens tussen LCD Soundsystem, Soulwax ‘Nite Versions’, Kele en Daan te situeren. Het bonkte en echo-de er maar op los daar in de Flanders Expo met songs als “Can’t stop me now” en “Words” uit de pas verschenen ‘Synrise’ en de classics “Black gloves”, “Bring it on” en “British mode”. Goose kan na de AB gerust naar Vorst Nationaal hoor …

En The Bloody Beetroots deden er nog een tandje bij met ‘harder & faster’ wordende beats  een staaltje krachtiger dan de Prodigy. Een nieuwe lichting dansliefhebbers lonkt na Underworld en de Chemical Brothers!

Vitalic is op plaat een outsider, maar live schaaft hij de zaken grondig bij. Door de opzwepende techno en de diverse tempowisselingen, sluit hij duidelijk aan bij de doorsnee danceliefhebber. Ook hier noteerden we ‘hot temperatures’.

Ook Booka Shade is een publiekslieveling en een vaste waarde bij de ILT organisatie. De sympathieke Duitsers legden er de pees op en gingen compromisloos te werk. Snel hadden ze het publiek naar hun hand. Een medley met krachtige, harde, zware beats vlogen om de oren. Het nieuwe materiaal is grilliger en sloeg nog niet meteen aan.

Je kon voor een portie goed gekruide old-school techno terecht bij Dave Clarke, de resident DJ van ILT, waar hij (gelukkig) niet van afwijkt. De aanwezigen waren laaiend enthousiast. Als één van onze all-time favorits is zo’n set dan te snel voorbij. De 15 ILT kaarsjes waren de kers op de taart.

Het lukte echter Robert Hood niet om het volk in extase te houden. Na een korte minimalistische intro was het tijd voor harder werk. Hij triggerde ons om langzamerhand de uitgang te zoeken en huiswaarts te rijden … Misschien zat het vroege uur er wel voor iets tussen …

I Love Techno is een feest waar iedereen kan en mag uit de bol gaan in een vrij ongedwongen, relaxte sfeer. De muziek was verscheiden en er vielen leuke live acts te noteren.
Elk jaar moeten we kiezen en proeven van het degelijke grote aanbod en hebben we het gevoel van ‘die zou ik toch nog moeten gehoord hebben’ …

I Love Techno, tot volgend jaar !!!

Organisatie: I Love Techno - Live Nation

Vieux Farka Touré

Vieux Farka Touré - Gemengde gevoelens

Geschreven door

Wat heb ik lang moeten nadenken om dit te kunnen plaatsen, Cut In The Hill Gang. Wanneer John Wesley Myers (die zich tegenwoordig laat aanspreken als James Leg), frontman van de Black Diamond Heavies , één van de beste livebands van de laatste jaren, en Johnny Walker, zanger van de Soledad Brothers, één van de beste livebands in de jaren daarvoor, zich vervoegen in één groep, dan zijn de verwachtingen uiteraard bijzonder hooggespannen. Voeg daarbij nog nieuwe gitarist (en zanger) Reuben Glaser, voorman van Pearlene, dan mag je wel spreken van een supergroep.
Maar je voelt het al komen, het resultaat was niet bepaald gelijk aan de som der delen. Nochtans begon het indrukwekkend met een slepende blues waarbij Walker, pompend op mondharmonica, heerlijk uithaalde op slidegitaar.
Wat volgde was nooit echt ondermaats (buiten dat nummer, gezongen door de drummer) maar ik bleef toch behoorlijk op mijn honger zitten. Daarvoor wrong het beestje toch te veel. Die natuurlijke flow, die zo kenmerkend was voor de Black Diamond Heavies en de Soledad Brothers ontbrak hier volledig. Zonde ook dat een talent als pianist John Wesley Myers nauwelijks hoorbaar was. Zelfs een gegarandeerde stomper als "Roadrunner" van Bo Diddley bleef deels in het moeras steken.
Naar het einde toe kwam het uiteindelijk toch nog opwindend met ondermeer het onverwoestbare " Gospel according to John", bekend van de Soledad Brothers. Achteraf was ik verre van overtuigd hoewel ik er meteen moet bij zeggen dat wanneer dit een totaal onbekend Amerikaans groepje in één of ander zompig café was geweest ik wellicht superlatieven tekort kwam om deze ontdekking wereldkundig te maken. Nu bleef het gevoel hangen dat er veel meer in gezeten had. Stilaan tijd voor een reünie van de Soledad Brothers, zeker?

Vieux Farka Touré kon dus één en ander goedmaken maar ook dat gebeurde slechts gedeeltelijk. Wie kwam in de hoop wat woestijnblues, zoals we die kennen van vader Ali, te horen was eraan voor de moeite en Vieux mag dan al beweren zich te laten inspireren door jazz, op het podium was daar alleszins niets van te merken. Wat we kregen was vrij stevig gebrachte, aanstekelijke Afropop met veel aandacht voor de percussie maar die toch gedomineerd werd door de gitaar. Want Vieux Farka Touré is een begenadigd gitarist die zijn kunnen soms teveel exposeert.
‘De Santana van Afrika’ hoorde ik iemand fluisteren. Zover zou ik het nu ook weer niet drijven om hem te vergelijken met één van de vervelendste gitaarvirtuozen op deze aardkloot. Zijn gitaar had best wel iets te vertellen en wist het publiek behoorlijk op te hitsen. Eén vrouw kon het niet langer houden en sprong op het podium om daar als een bezetene te dansen onder luide aanmoedigingen van Vieux' muzikanten.
Net toen ik dacht dat het stilaan genoeg geweest was bracht hij op een indrukwekkende manier een nummer van zijn vader en werd duidelijk dat de muziek van Ali Farka Touré heel wat meer inhoud kent dan hetgene we hier gezien hadden. Je zal zijn zoon maar wezen.

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: 4AD, Diksmuide

Kele

Kele verzekert danceparty!

Geschreven door

Kele Okereke, spil van het populaire Britse Bloc Party, heeft de band even op non-actief geplaatst en leeft zich wat meer uit op rockmusic met elektronische ritmes, grooves en vibes. Het zag er aan te komen na de cd ‘Intimacy’, want hun postpunk, doorspekt van funk en ‘80s wave, omarden ze van een harder industrieel geluid en elektronica loops. Kele werd begeleid met een live drummer en twee toetsenisten/knoppendraaiers (waaronder een erg bevallige, jonge, hyperkinetische dame). De single “Flux” leidde het in 2008 al in, en op dezelfde leest is het solo album gebaseerd.

Kele stoeit met elektro, techno, trance, drum’n’bass, tribalritmes en pop. Hij beleefde er alvast muzikaal plezier aan, grapte er maar op los, kon inspelen op het (jonge) publiek en heeft met “Tenderoni” en “Rise” twee hits op zak. Opvallend weinig volk opgedaagd, die de benen konden strekken op de clubsound. Het bedierf de pret niet, want we beleefden een klein uurtje lang een fijne avond, die een evenwicht bracht tussen de electroclash van de soloplaat, met een knipoog aan het materiaal van LCD Soundsystem, enkele Bloc Party afleggertjes en een BP medley.
Full Metal Jackets “Drill instructor” leidde de partycocktail in en meteen kregen we een salvo electrobeats om de oren van “Walk tall”. Even energiek en bruisend klonk “On the lam”, pompende, hitsende beats en opzwepende drums, waarvan de heldere vocals van Kele sterk doorkwamen en overtuigden. De flashlights sierden het concept. “Everything you want” en “Unholy thoughts” (gebaseerd op één van de vele boeken die Kele las!) klonken broeierig, hadden een leuke groovende basstune en intrigeerden door pianoloops. Hier omarde Kele ook even een gitaar; de songs gingen wat meer richting Bloc Party en die BP pijler is niet weg te denken in het geluid. Een medley volgde, “Blue light”, “The prayer” en “One more time”, die in elkaar vloeiden. Op het einde van de set durfde Kele met z’n begeleiding exploderen met stevige electroversies van “This modern love” en “Flux”. Tja, dat hij nog een groep als BP heeft, was wel duidelijk.
Natuurlijk steeg de temperatuur op de singles “Tenderoni” en “Rise” … de krachtige, dynamische ritmes en beats kregen door de xylopartijen warmte en kleur; ook “Yesterday’s gone” en “All the things I could have” beantwoorden het best aan het laatste materiaal van Kele’s eigen band door een intens spannende rockopbouw en de elektronica speldenprikjes.

Op plaat klinkt het concept wat gematigder en sfeervoller, live koos Kele met z’n begeleiding voor bruisende energie, amusement en ambiance. Leuk allemaal wat hij bracht zonder dipjes en verveling. Op die manier is Kele een soloproject zoals het hoort …

De van Londen naar Berlijn verhuisde ‘jonge’ Mama was de support. Zij probeerde leven in de brouwerij te steken. Enkel op het podium te zien met een laptop en een aan Macy Gray ontleende stem, zorgde voor een portie bezwerende elektronische soulpop, die misschien niet indrukwekkend was, maar een aangenaam opkikkertje en opwarmer was …

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

Pagina 422 van 498