Rock Werchter 2023 - Vier dagen muziekbeleving - dag 3 - zaterdag 1 juli 2023 - Over de generaties heen
Rock Werchter 2023
Festivalterrein
Werchter
2023-06-29 t-m 2023-07-02
Johan Meurisse
Op zaterdag wordt een breder publiek aangesproken en hebben we een dagje ‘generatie-overschrijdend’, over de generaties heen.
Een kinderdroom kwam uit met Xink, ze zijn nu een volwassen boyband en hebben meer in petto dan ‘de vriendschapsband’. Ze kregen twintig jaar na dit succes een voorzetje van Thibault van Equal Idiots/StuBru, en het was er boenk op met een handvol reünieconcerten, die hen van de AB naar de mainstage van Rock Werchter bracht. Een passage van volwassenheid, met ervaring en een toekomst.
Xink klinkt snedig, gedreven en melodieus sterk. ‘De andere kant’, ‘denk aan mij’ en ‘laat me vrij’ rockten en zorgden voor een eerste meezinggehalte dat doodleuk met ‘de vriendschapsband’ z’n top bereikte. Papiertjes vlogen de lucht in. ‘Oh-ho’ en de comebacksingle ‘misschien’; die eerder wat meer indie laat doorsluimeren, wuifden hen definitief uit. Missie geslaagd voor deze intussen dertigers.
Mayorga was één van de winnaars van De Nieuwe Lichting dit jaar. De drie dames en drummer positioneren zich ergens tussen de spontaniteit van The Breeders, Wet Leg en Cocorosie. “Girlcrush” is een onschuldig melodieus poprockend nummertje dat tot op het eind werd bewaard en die de voorste rijen aan the slope in beweging bracht. Op het podium amuseerde het viertal zich wel. De dames maakten de nodige danspasjes met hun instrument en lieten gitaar, drums en synths goed doorklinken. ‘weekend lover’ en ‘all i wanna do’ klonken intens meeslepend, rockend. De nonchalance en de giechels behoorden tot de act en zorgden voor fun en spelplezier, zoals een ‘lovesong’ van The Cure voor de grootmama. Geslaagde ladiespop zonder al te veel verrassingen
De Nederlandse Opposites konden terug worden opgehaald met het succes van Goldband. Nederhiphop van 2MC’s en een DJ die eerst maar al te graag goochelen met samples in hun beats als ‘smack my bitch up’ (Prodigy) en Faithless’ ‘imsomnia’. Het publiek kwam op temperatuur en het feestje kon echt beginnen met hun eigen nummers, ‘slapeloze nachten’ en ‘licht uit’, die wat meer zwier kregen door de hakkende, pompende beats. Het volk stroomde naar die mainstage ‘s namiddags met ‘broodje bakpao’; met Yellow Claws ‘thunder’ was het feestgedruis compleet. Op zich allemaal weinig veelzeggends muzikaal, maar als ‘t ‘em om een fuif draait, dan was de party compleet. The Opposites waren er ooit eens mee gestopt, een kleine tien jaar terug, maar lijken nu terug op dreef met de survival van de Nederhippop.
Opvallend veel volk voor Dead Poet Society, een kwartet uit Boston, die zich ergens manifesteert tussen Nothing But Thieves en Royal Blood. Een stevig, potig setje met een rits nummers die strak, snedig, rauw, grungy, melodieus klinken, als ‘salt’, ‘lo air’ en ‘into deep’. Niks verrassends, maar een 4tal die zich live wenst te manifesteren.
Het NY-se Interpol is aan een tweede leven met hun geluid dat de 80s wave integreert in een postpunk jasje, dat natuurlijk in het zwart is gehuld, met een knipoog naar Joy Division, The Sound meets The Chameleons en The House of Love. Het kwintet rond Paul Banks brengen nu niet direct de vrolijkste muziek waardoor het meer genieten was van die rockende wave dan een feestje bouwen. Niks voor niks druppelde het af en toe als je in dit muzikaal web verweven raakt. Opvallend is dat de band hun laatst verschenen platen, eentje nog van vorig jaar (‘the other side of make-believe’), grotendeels ter zijde laat en het oude werk laat primeren, met de eerste drie albums in de spotlight, dat bijna twintig jaar oud is.
Hun donkere sound intrigeert door Banks baritonzang en twinkelt door de gitaarpartijen, het getokkel, de licks, de diepe bas en de drums omgeven van sfeervolle keys. Na het nieuwe ‘toni’ kwamen we al snel uit op enkele mooie classics ‘obstacle 1’, ‘narc’, ‘c’mere’ en ‘evil’. Songs in donkere extravertie, beheerst, meeslepend, gedreven, maar die de drive in die sound behouden. Ook al gebeurt er niet veel op het podium, de songs klinken goed.
Ze moeten het hebben van het oudere materiaal en de finale was in het genre om van te snoepen met ‘rest my chemistry’, ‘not even jail’, ‘no i in threesome’, ‘PDA’ en ‘slow hands’. Intussen piepten de zonnestralen meer door …
Stone, een kwartet uit Liverpool, is één van de nieuwkomers, die met de single ‘money’ hier wisten door te breken. Frisse, opwindende, energieke punky songs door snedige, gierende gitaren, een diep ronkende bas en opzwepende drums. Met een flinke schop onder de kont, hitsten ze het publiek op. Beloftevolle, talentvolle band, want met ‘ i gotta feeling’ en ‘left right forward’ wordt het tempo hoog gehouden. Met zangpartijen en een zeg/schreeuwzang erbovenop zit het helemaal goed. Fijn setje.
De Schotse sing/songwriter met Italiaanse roots Paolo Nutini is nu niet direct een live blikvanger op de mainstage, omdat de muziek dromerig en stilistisch mooi uitgewerkt is . De laatste plaat ‘last night in the bittersweet’ is er zeker één om u terug tegen te zeggen. De vrouwvriendelijke family rootspop is een soort onthaasting, klonk zeemzoeterig, bouwt op en zwelt soms aan met hier en daar een ontploffingske. ‘Lose it’, ‘acid eyes’, ‘petrified in love’, ‘iron sky’ en ‘shine a light’ nemen we zeker mee in het verhaal. Het werd ervaren als fijne achtergrondmuziek met een aantal uitschieters.
En die achtergrondmuziek namen we mee bij het IJslandse Sigur Ros in de barn, de ideale soundtrack voor een natuurdocumentaire. We stellen ons voor: de zon wordt weggeduwd door donkere wolken, een onweer, om dan terug de zonnestralen toe te laten, met op de achtergrond een beeld van weidse landschappen en een vulkaanuitbarsting.
Net als Interpol had de band rond Jon Por Birgisson een rustpauze nodig om net voor de corona terug aan te sluiten met het onlangs verschenen ‘atta’. Een prachtige orkestrale meeslepende postrocksound is geweven in een bed van pedaaleffects, fuzz en explosies. Minimalisme en lekker ontsporen. Een broeierige spanningsopbouw die ontploft om dan terug tot rust te komen.
Een sound van gitaarakkoorden en - effects met een strijkstok , repeterende bas, piano, keys, boeiende drumpartijen …en tussenin die aparte zang.
Vanavond geen projecties of video’s op het achterplan, maar een gezellige setup van lampjes rondom de vier, die met lichtflitsen de songs naar een hoger level brengt. Een mooie reeks kregen we te horen, ‘glosoli’, ‘svefn-g-englar’, ‘ny batteri’, ‘saeglopur’ en ‘popplagio’. ‘Ylur’ van de recentste plaat is traditioneler en is het meest gewone nummer in het rijtje.
Sigur Ros dringt zich op en eist terecht opnieuw een plaatsje op in het postrocklandschap. Die Scandinavische bands hebben wel iets avontuurlijks, aparts, unieks!
We werden in een hippe wereld gedropt met Dope Lemon in de klub c, het muzikale project van Angus Stone (jawel die met zusje Julia als een succesvolle carrière had). De retrorootspsychedelica, met prachtige cartoons en video’s op het achterplan, gaf het geheel kleur, elan. Eerst hadden we een rustig voortkabbelende sound die een crescendo ritmiek had. Een sfeervolle, chilly, aangename set aan het strand, die ons dikwijls wakker schudde met een onderkoelde cocktail en een frisse pint. Het combo achter de man, strak in het pak met modieuze hoed en zonnebril, speelde een reeks interessante nummers in die trippy ‘kampvuur’ wereld als ‘how many times’,’marinade’, ‘coyote’. Naar het eind klonk het nog forser, krachtiger en werden we met ‘rose pink cadillac’ en ‘home son’ gemoedelijk in de dagdagelijkse realiteit gebracht. Hier hadden we een gevoel van laidback, groove en surfing …
Onvoorwaardelijk respect voor het multi-talent Xavier Rudd in the barn, die vorig jaar nog goed was voor twee uitverkochte AB concerten met het nieuwe album ‘Jan Juc Moon’. De sing/songwriter en multi-instrumentalist uit Australië is activister dan ooit en legt de ongelijkheden in de maatschappij bloot. Hij is een muzikale kameleon, een globetrotter, die een betere wereld wenst. Met een warm hart aan de aboriginals.
Het is soms ongelofelijk hoe hij het muzikaal klaarspeelt met de instrumentatie solo . Zo zien we dat hij tegelijk akoestische, elektrische gitaar, basgitaar speelt, horen we de foottics, de didgeridoo of de mondharmonica . Of hij zit apart aan zijn drumstel. Hij speelt, zingt, entertaint en zorgt voor emotie en een samenhorigheidsgevoel.
Er is wel eens een gastzanger of een danser tussenin. Hij weet de aandacht te behouden. Een een-mans ’world’ project , met enkele prachtnummers, ‘culture bleeding’, ‘spirit bird’, het nieuwe ‘bal land chain’ en ‘follow the sun’, die je bij de leest houden en je een warm hart toedragen.
Oscar and the wolf van Max Colembie is een gevestigde waarde geworden voor de grote podia. Op Pukkelpop was hij al eens een headliner, hier is enkel Muse hem vooraf . Hij heeft z’n angstdemonen overwonnen en is er graag opnieuw bij.
De dromerige, zwoele, sensuele, prikkelende muziek krijgt een dansbare electropop touch, al drie platen lang , ‘the shimmer’ als laatste. De songs hebben een zweverige, zalvende als pulserende tune. Zelf zien we hier een frontman, niet vies van glamour & kitsch , een soort masquerade op z’n Lodewijk de IV, met z’n toepasselijke moves, die het publiek los ontspannend, golfsgewijs meevoert. ‘Warrior’ en ‘the game’ zijn sterke openers van de leefwereld van de man in wolfsvacht. ‘Breathing’, ‘on fire’ hebben nog wat meer beats en worden sterk onthaald. Show, kitsch, discotheqia in z’n muziek weten elkaar te vinden met lichtflitsen en lasers op ‘nostalgic bitch’, ‘strange entity’ en ‘you’re mine’, die met Charlotte nog in elkaar werd gefutseld.
Onder stoom gekomen werden de dansspieren definitief geprikkeld en werd confetti de lucht ingeschoten met ‘fever’ en ‘princess’, die de hartjes nog sneller deden kloppen. Samenhorigheid dus. Dit was dansbare dreampop, een puike liveprestatie.
Het was kiezen tussen Fred again en The Murder Capital …
Fred again is op korte tijd uitgegroeid tot een hype. De jonge producer stond vorig jaar nog in de Botanique, maar op Pukkelpop ontplofte het allemaal. Hij deed vanalles met elektronica , samples enz en hij wist moeiteloos een dansminnend publiek voor zich te winnen. Feest met deze danskoning. Al uren had het publiek the barn in de gaten om zeker op tijd hun plaatsje te bemachtigen voor hun volkfeest, wat het ook werd …
Andere koek met het Ierse The Murder Capital, die een soort slepende postpunk brengt die flirt met de eighties, maar in vaart intenser, krachtiger klinkt en hen eerder richting Jesus & Mary Chain en huidige kleppers Fontaines DC en Idles brengt, dan de doorsnee Interpol. Twee cd’s zijn er nu, de ene song wat explosiever dan de andere. Na sterke openers ‘more is less’, ‘green & blue’ klonk de sound wat breder; spanning en dynamiek behielden ze. Zeker in het tweede deel knalde het met ‘crying’, ‘feeling fades’, ‘ethel’ en ‘don’t cling to life’, die zanger McGovern het publiek in katapulteerde. Ieren op z’n best.
Het Britse Muse van Matt Bellamy was bij de vorige passage op Werchter , net vóór corona in 2019, deze aardse wereld ontgroeid, en bevond zich in het intergalactische stelsel, waardoor ze de realiteit verloren. De nummers kregen zoveel bombast, kitsch en onaardse zaken aangemeten, dat ze het gewone gevoel kwijt geraakten. Teveel space, progressive en drones . Ook het nieuwe album ‘will of the people’ weet onvoldoende te raken, waardoor we echt moeten teruggrijpen naar hun goede alternatieve rockwerk een twintigtal jaar terug.
De lichtshow en allerhande effects is enorm belangrijk om de livenummers draagkracht te geven . Het begon overtuigend genoeg met de titelsong van hun nieuwe plaat (voldoende goed!) en sterkhouders ‘hysteria’ , ‘psycho’ en maps of the problematique’ door die intense, krachtige, felle gitaarcapriolen, bas en drums omgeven van sfeervolle keys .
Dan werd de kaart van het visuele met korte video’s meer getrokken , die weinig connectie maakte met het publiek; we dwalen af in hun onaardse muzikale wereld , meer Griekse mythologie, die de afstand band - publiek maar groter maakte. We kregen maar hier en daar aansluiting, net met de oudjes ‘time is running out’ en ‘supermassive black hole’.
Op de koop toe werden we meermaals geconfronteerd met geluidsproblemen waarbij we nog meer afdwaalden . ‘Plug in baby’, ‘uprising’, ‘starlight’ waren herkenningspunten in het aan-uit geluid.
Muse trachtte zijn nummers voldoende strak, fel in te kleden , maar de coolness en bombast van sommige songs kan geen connectie maken. Muse maakte van zichzelf een karikatuur , ‘een soort bohemian rhapsody van Queen’, een rockopera, die onze wereld heeft verlaten; een ‘close encounters of the third kind’, die ons het sterrenstesel induwde.
‘Knights of cydonia’ moest het orgelpunt zijn , maar hier lieten de boxen het afweten. De excuses van de band waren gemeend en in de frustratie van steeds opnieuw inzetten maar niet lukken, kregen we nog een krakende ‘showbizz’ , die ons definitief uitwuifde .
Bellamy ramde hier z’n gitaar in de versterker , maar beloofde dat ze nog zullen terugkomen. We werden verweesd achtergelaten bij zo’n closing act door de show, de lichteffects en de muziek . Muse mag terug back to basics worden, wat helpend, zalvend kan zijn.
Organisatie: Live Nation - Rock Werchter