logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
giaa_kavka_zapp...
Concertreviews

Big Thief

Big Thief - Op rand van grote doorbraak!

Geschreven door

Lichte verbijstering in de zaal wanneer Adrianne Lenker met kortgeschoren kopje en vormeloos gehuld in een oranje boeddha achtige tuniek op de planken van de uitverkochte Orangerie verschijnt. Is dit wel nog dezelfde ongecompliceerde indiefolkie uit Brooklyn die 2 jaar geleden grote furore maakte in de Rotonde?

Opener “UFOF” van hun derde, veelgeprezen gelijknamige plaat stelde ons meteen gerust. Big Thief schuwt hun fascinatie voor mythologische onderwerpen niet, maar van een geforceerde spirituele muzikale zoektocht was er nooit sprake, gelukkig maar. Niet zweverig maar rauw en  intens, hét handelsmerk van Big Thief, was dit memorabel concert des te meer.
Nieuwe muzikale hypes waren aan dit geolied viertal niet besteed, wel americana in de allerbeste traditie à la Neil Young en Fleetwood Mac, soms lekker gezapig of intimistisch (“Cattails”, “Paul”) dan weer zinderend met nijdige gitaarriffs (“Real Love”, “Shark Smile”, “Masterpiece”) maar altijd even overdonderend. En met een vleugje melancholie en tristesse. Tijdens “Mary” en “Orange” konden zelfs de fleurige bloemenboeketjes aan de microfoon standaarden op het podium geen enkele opbeuring brengen.   
Verbale interactie met het publiek was er amper, maar die was ook niet nodig, eerder contraproductief wanneer de songs op zich voldoende klasse hebben om als emotionele bruggenbouwers te fungeren. Dikke pluim ook voor de band, die over de zeldzame gave beschikten om geen noot te veel spelen en daardoor ruimte creëerden om Adrianne Lenker met haar verpletterende stem in de spotlights te zetten.

Op het eind mocht er toch nog eens gelachen worden ook. Hoewel dit aanvankelijk niet echt de bedoeling leek kon Big Thief het gejoel van het publiek niet langer weerstaan en gaven ze na lang  aandringen nog twee folky, tekstueel hilarische bisnummertjes prijs met de lichten in de zaal aan. Twee kersjes op een taart die naar nog veel meer smaakt. 

Pics Big Thief @ Bestkeptsecret http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/best-kept-secret-2019
Organisatie: Botanique , Brussel

Beoordeling

The Raconteurs

The Raconteurs - Onstuimig verhaal

Geschreven door

Na meer dan tien jaar radiostilte stuurde The Raconteurs op de valreep van 2018 twee nieuwe singles op de wereld af. “Sunday Driver” en “Now That You’re Gone” bleken de voorbode van het hervatte, vurige leven van de band. Op 21 juni komt hun derde plaat ‘Help Us Stranger’ uit en nu kregen we daar al heel wat voorsmaakjes uit te horen. We kunnen nu al verklappen dat die helemaal in de lijn liggen van hun nieuwe releases. Na dit furieuze optreden bestaat er geen twijfel meer over: de mannen van The Raconteurs zijn nog lang niet uitverteld.

De dames van Goat Girl begonnen aan de avond met moeilijk te doorgronden en daardoor erg intrigerende zang. We dachten dat we een schitterend voorprogramma te horen zouden krijgen, maar niets bleek minder waar. De band had moeite met timing en dat stoorde mateloos. Het leek vooral of we ruwe demoversies van hun songs te horen kregen die barstten van de schoonheidsfoutjes. Zo was de timing van de bassiste niet punctueel genoeg en speelde ze zelfs slordig. De drummer besloot dan weer om even recht te staan voor de show, maar -je raadt het al- sloeg vervolgens volop naast de tel. Gelukkig konden hun folk-achtige songs ons wel over de streep trekken. Die konden we veel beter smaken dan de nummers waarop ze enige electro-invloed lieten passeren en we kunnen de band enkel maar aanraden om die waaierige folkrichting uit te blijven gaan. Goat Girl heeft zeker iets te bieden, want in afwachting van The Raconteurs zaten die nummers dan ook nog even in ons hoofd.

Toch zou The Raconteurs de ziel uit hun lijf moeten spelen om dat weer helemaal recht te trekken. En dat deden ze ook, zonder een fractie van een seconde op de rem te gaan staan. Nog voor de eerste noot gespeeld was, smeet White een gitaar omver in zijn roekeloze enthousiasme. Die uitspatting was maar het begin van alle furore, die de set van begin tot eind zou kleuren.

Kwestie van even te tonen waar het op stond, begonnen ze eraan met het krachtige “Consoler of the Lonely”, opgevolgd door het nog onuitgebrachte ”Bored and Razed” en een stevige versie van “Level”. Niet alleen muzikaal werd van jetje gegeven, ook de hyperactieve lichten droegen bij aan dat overweldigende gevoel. Op voorhand leek het erop dat The Racs het met een minimaal decor zouden doen, maar dat was buiten de lichtshow gerekend, die heel de zaal in lichterlaaie zette.
Elke keer wanneer de intro van een oude bekende werd ingezet, voelde het een beetje als thuiskomen. Die nummers gaan dan ook al zo lang mee dat ze een soort warme evidentie geworden zijn. Zo veel jaren werd gedacht dat we deze mannen nooit samen aan het werk zouden zien, en dat maakte de ervaring des te specialer. Deze getalenteerde muzikanten zich zien amuseren op het podium terwijl ze de grootste prestaties neerzetten; je zou er bijna een bucketlist voor aanmaken.
Na de uitbarsting die “Top Yourself” geworden was, begaf White zich naar de piano voor een nieuw exemplaar. “Shine the Light on Me” scheen rustiger te worden, maar ook hier toverden de Amerikanen al gauw felle toevoegingen en een opbouw uit hun gitaren. Dat presteerden ze elke keer wanneer je dacht even adem te kunnen halen: ofwel kregen we nieuwe nummers op ons bord die sowieso alle aandacht opeisten, ofwel raasde The Raconteurs er genadeloos door. De set werd nooit eens neergelegd en intens was het zeker.
We hebben het wel over thuiskomen, maar aan rustgevende haardvuurnummers moest je je dus niet verwachten. De scheurende nummers volgden elkaar op en werden zelfs stuk voor stuk met dubbel zoveel scherpte, kracht en overtuiging gebracht dan op plaat. Ook al had Brendan Benson de tekst van “Many Shades of Black” duidelijk niet geblokt, toch stoorde dat niet. Het publiek kende de klassieker goed genoeg om de zaal bijeen te brullen. Op vele momenten werd de set een heus riff-festijn en duwden de mannen nog een opbouw in ons gezicht wanneer we dachten dat we het hoogtepunt al bereikt hadden.
Na elf nummers verliet de band het podium, en dat korte intermezzo om even te checken hoe het zat met onze hartslag, was welkom. Al zat er weinig ademruimte in voor het publiek, want er moest toch een aardig aantal minuten geschreeuwd worden vooraleer de bende terug op de bühne verscheen.
Met niets minder dan zes bisnummers sloten ze hun verhaal in Brussel af. Opnieuw volgde The Raconteurs het recept van de extra smak hevigheid op twee uitbundige klassiekers en vier exemplaren van hun nieuwe album. Recent of niet, “Help Me Stranger” en “Now That You’re Gone” werden even enthousiast meegezongen als hun decennium oude songs; een laatste bewijs dat ze niet enkel uit de oude herinneringendoos moeten puren om er iets van te maken.

The Raconteurs zette een furieuze set neer in het Koninklijk Circus. Ook al zal de opmerking gegarandeerd de kop opsteken dat ze hun grootste hit “Steady As She Goes” aan zich voorbij hebben laten gaan, toch bekijken wij het liever van de andere kant. Hun oude bekenden werden met zoveel onstuimigheid gespeeld dat je onmogelijk op je honger kon blijven zitten, en daarnaast waren de previews van de nieuwe songs die ‘Help Us Stranger’ zullen sieren meer dan veelbelovend.

Op zondag 2 juni speelt The Raconteurs op Best Kept Secret Festival.

Setlist: Consoler of the Lonely - Bored and Razed - Level - Old Enough - Somedays (I Don’t Feel Like Trying) - Top Yourself - Shine the Light on Me - Hands - Broken Boy Soldier - Many Shades of Black - Sunday Driver - Hey Gyp (Dig The Slowness) - Salute Your Solution - Only Child - Now That You’re Gone - Help Me Stranger - Carolina Drama

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Kikagaku Moyo

Wand, Wooden Shjips, Kikagaku Moyo - Psychedelica op drie verschillende wijzen

Geschreven door

Wand, Wooden Shjips, Kikagaku Moyo - Psychedelica op drie verschillende wijzen
Kikagaku Moyo
Botanique (Orangerie)
Brussel
2019-05-27
Nick Nyffels

De Botanique had een avondvullend programma rond psychedelische rock in elkaar gestoken, en hoewel de geprogrammeerde bands niet super bekend zijn, was de Orangerie toch uitverkocht voor een bijzonder boeiend trio van bands die elk een totaal andere invulling aan psychedelica gaven.

Wand, de Californische band van Cory Hanson, mocht vanavond aftrappen en speelde een korte set die voornamelijk uit hun laatste album ‘Laughing matter’ plukte. Wand komt uit de psychedelische garage-scene rond Ty Segall en Mikal Cronin, zo speelde hij nog samen met Cronin in Meatbodies en zat hij ook bij de The Muggers, de begeleidingsband van Segall die hier ook in de Orangerie stond ten tijde van het album ‘Emotional mugger’. Wand heeft echter een heel andere interpretatie ontwikkeld van psychedelische rock over de laatste platen: dit is zonnige, Californische psychedelica, met een zachte, lieflijke stem gezongen die ergens in de driehoek zit tussen The Paisley Underground, de V.U. en de Engelse gitaarpop van begin jaren negentig (Ride). Qua gevoel en ambitie doet ‘Laughing matter ‘ heel erg denken aan het neo-psychedelische meesterstuk van The Boo Radleys, ‘Giant Steps’. Een Britse manier van zingen dus, die gecountered werd door heel prikkelende gitaarsolo’s, waarbij Hanson ook zijn gitaar met een strijkstok bespeelde. De zang stuurde hij soms door een vervormer, zodat je een ijle LSD-kleur kreeg.
Hoogtepunt van de korte set was “Aeroplane”, gezongen door de keyboardspeelster, een lang stuk dat minimaal begon en ontspoorde, Yo La Tengo gewijs met verschroeiende gitaarsolo’s, zuurzoete psychedelica die je goesting gaf in meer.

Na een korte pauze was het tijd voor de tweede band van de avond. Wooden Shjips kwam zijn vijfde plaat voorstellen, het vorig jaar verschenen ‘V’. Het recept is nog altijd hetzelfde van deze band uit San Francisco: echte autosnelwegmuziek die je doet wegdromen terwijl de kilometers afgemaald worden. De band, een grijzend en baardig viertal middle aged hippies had projecties meegebracht en liet de nummers naadloos in elkaar overvloeien, met orgelklanken en de hypnotische, mid-tempo beat van de drummer als basis. De voor de hand liggende link van hun in de jaren zestig geënte geluid op een bedje van fuzz-gitaar kon je maken met een The Jesus & Mary Chain. Opnieuw was de set kort, een kleine vijfenveertig minuten, die zo  voorbij was door het hypnotische karakter van deze spacerock.

De afsluiter van de avond was het mij volledig onbekende Kikagayo Moyo, een Japans vijftal uit Tokio. De bandnaam zou iets moeten betekenen als geometrische patronen. Ze hebben al vier albums uit, waarvan het laatste ‘Masana temples’ is. Kikagayo wierp je volledig terug naar de vroege jaren zeventig, en bracht een mix van psychedelische rock en krautrock,(een nummer als “Fluffy” kosmisch is zowel een weggever als ‘mission statement’), uit een tijdperk waarin de hardrock en metal nog moesten uitgevonden worden. De band had zelfs een sitar speler, die echter wat in het groepsgeluid verzoop, maar onvermijdelijk naar The Beatles verwees.
Het was dus schaamteloos retro, zonder daarom een goedkope imitatie te zijn. Net als veel andere Japanse bands die in Europa opgemerkt worden, zit er een vreemde eigenheid in de muziek, al was het maar door de Japanse zangteksten die je in het ongewisse lieten.
Naast de lange, uitgesponnen, laid-back krautrock nummers, speelde de band ook dromerige popsongs, kwamen ze bij wijlen heel funky uit de hoek door de wah-wah gitaartjes en had ook het ook iets heel modern zoals de overgangen die bij Tortoise gejat waren. Je kan deze Japanners nog gaan ontdekken deze zomer op Pukkelpop, ga ze zeker eens gaan bekijken.

Setlist Wand: Hare / Wonder/Xoxo/Rio Grande/Scarecrow/Airplane/Melted Rope
Setlist Kikagaku Moyo: Dripping Sun/Streets of Calcutta(Ananda Shankar cover)/Cardigan Song/Blanket Song/Gatherings/Nazo Nazo/Fluffy Kosmisch/Old Snow, White Sun

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Strand of Oaks

Strand of Oaks - Hier nemen wij onze hoed voor af

Geschreven door

We trokken niet alleen massaal naar de stembus, ook in Trix was het over de koppen lopen. In de grote zaal speelde namelijk Timothy Showalter met Strand of Oaks een uitverkochte show. Met maar liefst zes albums op zak wist hij ons te overtuigen van zijn muzikale talent. Het voorprogramma van de avond werd verzorgd door zijn landgenoot Frankie Lee.

Voorzien van zijn typische witte cowboyhoed, bijhorende outfit en mondharmonica betrad Frankie Lee als eerste van de avond het podium. Vergezeld door zijn gitaar wist hij ons gedurende een half uur mee te nemen naar het Amerikaanse platteland. Als we enkel uitgingen van de look, mochten we ons verwachten aan hillbilly en country. Daarentegen kregen we een nodige dosis americana en folk, waarbij een oplettende luisteraar ook “Chains” van Fleetwood Mac en “Everytime The Sun Comes Up” van Sharon Van Etten kon herkennen.

Strand of Oaks opende hun set op een nogal gedurfde manier. De opener van de avond was namelijk meteen misschien wel hun grootste single “Weird Ways”. Het voordeel hiervan was natuurlijk dat de band direct heel het publiek mee had. De toon van de avond was hiermee gezet. Epische gitaren die op een subtiele wijze opbouwden naar een hoogtepunt waren zo goed als de rode draad van de set. “Goshen 97” en “Ruby” mondden zelfs uit in een onverwacht meezingmomentje door het publiek. Showalter en co gaven het beste van zichzelf, en tijdens die laatste mochten ook de nodige gitaarsolo’s niet ontbreken.

Timothy Showalter ziet er misschien uit als een ruige bikerboy, maar niets is minder waar. Onder zijn hoed en verstopt achter zijn grote bos haar zit eerder een grote teddybeer verstopt. Tijdens “Shut In” zagen we hem zelfs een traantje wegpinken en ook op “Wild And Willing” liet hij zich even van een andere kant zien. Bijna a capella bracht hij die song, waardoor het pure helemaal naar boven kwam. Toch voelden we ons meer verbonden met hem tijdens de uitgesponnen gitaarmomenten. “For Me” en “Radio Kids” waren hierbij misschien wel een van de betere voorbeelden.
Dat Strand of Oaks pas met hun zesde album ‘Eraserland’ bekendheid verwierf bij het grote publiek is voor ons een groot vraagstuk. Voor de fans van het bijna eerste uur begon het allemaal met het nummer “JM” op de derde plaat ‘Heal’. Vooral de liveversie bij Ayco Duyster in het gelijknamige programma Duyster kende een eigen leven op het internet. Het ging zelfs zover dat Ayco werd bedankt tijdens de show van de band op Pukkelpop enkele jaren geleden. Ook op het podium wisten ze het uitgesponnen en rauwe karakter van die song over te brengen. Met maar liefst een meer dan tien minuten durende versie sloeg de band ons met verstomming.
Voor de bisnummers bracht de band Frankie Lee met zijn mondharmonica nog eens op het podium. Tijdens “In The Blue” verliet Showalter zelfs het podium en nam Lee de vocals voor zich, al kwam hij overtuigender over zonder band. Het leek alsof hij niet opgewassen was tegen de volle klank van de band. De twee heren namen samen de zang voor zich op het laatste nummer van de avond, “Forever Chords”. Lee stond er af en toe wat ongemakkelijk bij op de momenten dat hij niet moest zingen, maar gelukkig maakte de band dat helemaal goed en lieten ze ons met een mond vol tanden achter.

We durven het bijna niet te zeggen, maar met zes albums op zijn palmares is Timothy Showalter met Strand of Oaks bijna een oude rot in het vak. Toch doet de naam van de band nog niet veel belletjes rinkelen bij de meesten onder ons en dat is een spijtige zaak. Strand of Oaks heeft een hele hoop straffe songs, die ze ook nog eens live perfect weten te vertalen. Wij roepen alvast iedereen op om te gaan kijken naar hun show op Rock Werchter.

Setlist: Weird Ways - Final Fires - Goshen 97 - Ruby - Plymouth - For Me - Wild And Willing - Radio Kids - Visions - Shut In - JM - Rest Of It - In The Blue - Forever Chords

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Trix, Antwerpen

Beoordeling

Eagles

Eagles - Een voorlopig afscheid

Geschreven door

De Amerikaanse rockband Eagles gaf gisteren de aftrap van hun nieuwe Europese tour in ons eigenste Sportpaleis. Dat de band terug een wereldtour organiseerde, was een verrassing van groot formaat. Drummer Don Henley liet namelijk in 2016 weten dat de Eagles niet meer op het podium zouden staan na de dood van gitarist/toetsenist Glenn Frey. Ondanks deze uitspraak speelden ze een jaar later nog een tweetal shows in New York en Los Angeles, dit leken dan ook eerder twee afscheidsconcerten. Maar niets is minder waar en dus stond de überlegendarische band gisteren op het podium van het Antwerpse Sportpaleis.

Eagles hebben al heel wat op hun palmares staan. Sinds hun eerste album ‘Eagles’, dat uitkwam in 1972, volgden alleen al vorige eeuw nog vijf albums. Na de tour van het laatste album ‘The Long Run’ in 1980, ging de rockband uit elkaar en focusten de artiesten zich op hun solocarrières.
Drummer Don Henley vond als soloartiest het meeste succes met het zalige “Boys Of Summer”. Door het maken van een videoclip voor een verzamelalbum ter ere van Eagles, vonden de vier muzikanten elkaar terug in 1994 en besloten ze om weer samen muziek te maken. Na een heuse knipperlichtrelatie is de band nu toch weer bij elkaar en stonden ze misschien wel voor de laatste keer in het Sportpaleis.
In plaats van met vier, stonden ze deze avond met z’n vijven op het podium, en dan hebben we ook de extra drummer, gitarist, twee toetsenisten en vijf blazers nog niet meegerekend. De bandleden Joe Walsh, Don Henley en Timothy Schmit worden tijdens deze tour bijgestaan door countryzanger Vince Gill en Deacon Frey, zoon van oud-lid Glenn Frey. Deze laatste moet zich als 26-jarige bewijzen tussen deze legendes, maar doet dit schitterend. Ondanks het grote leeftijdsverschil past zijn uitstraling en stem perfect binnen de huidige bezetting van Eagles.
Beginnen deden Eagles met een cover van Steve Young. Bij de inzet van “Seven Bridges Road” stonden de vijf bandleden en gitarist/vocalist Stuart Smith op een rechte lijn; enkel verlicht door zes spots. We kregen tijdens deze a capella intro al de indruk dat dit optreden vocaal enorm goed zou zitten. De stemmen van de zangers mengden perfect tijdens dit emotionele moment waar vele fans al lang naar uitkeken. Na deze zalige intro, vielen enkele gitaren in die een hoog countrygehalte in de song brachten. Niet echt verwonderlijk, aangezien de oorspronkelijke stijl van de Eagles country met bluegrass invloeden was. In dit opzicht past dan ook de jonge country stem van de Deacon Frey erg goed in het plaatje, wat ons duidelijk werd tijdens “Take It Easy”.
Tijdens één van de vele gitaarwissels gaf Don Henley aan wat de fans van dit optreden konden verwachten: ‘Just a bunch of guys playing instruments and singing together’. Dit werd onthaald door een oorverdovend applaus van het publiek. Op een paar publiek vermakende momenten na, hielden ze zich hier steevast aan. Wie hier was voor een grootse show met toeters en bellen, ging ongetwijfeld teleurgesteld naar huis. Het ging deze avond namelijk enkel en alleen om de muziek. Henley vroeg de fans dan ook om in het moment te leven en niet via het filmende scherm van hun gsm’s het concert te volgen. Een verzoek dat opvallend goed werd opgevolgd. Je zag nog nooit zo weinig smartphones tijdens een concert de lucht in rijzen.
Niet alleen vocaal zat het goed, ook instrumentaal was alles heel straf. Na zo veel jaren ervaring kan het natuurlijk niet anders dan dat de muzikanten enorm goed op elkaar ingespeeld zijn. Akoestische gitaren werden vlekkeloos afgewisseld met de elektrische. Meer rockende nummers werden gevolgd door sfeervolle, trage songs. Er was voor elk wat wils door de enorme variatie in de songs die ze brachten. Voor je het wist was het bijna drie uur durende optreden dan ook voorbij. Opmerkelijk is ook dat bijna elke muzikant op het podium het instrumentale en het vocale combineert, iets wat echt niet te onderschatten is. Dit alles tijdens een immens lange show én wetende dat de muzikanten, op Deacon na, niet meer van de jongste zijn, toont weer eens aan waarom de Eagles terecht iconen genoemd worden.
Niet enkel de nummers van Eagles passeerden de revue, ook enkele solonummers werden deze avond gebracht. Tijdens “In The City” liet Joe Walsh de hoogste registers van zijn stem horen en bespeelde hij zijn gitaar op een enorm aanstekelijk manier waarbij hij telkens de ogen sloot en zich voluit gaf. Natuurlijk kon ook een schitterende live versie van Don Henley’s “Boys Of Summer” deze avond niet ontbreken, met Henley deze keer op de gitaar. Don’s scherpe stem raakte tijdens het refrein het hart van de toeschouwers van de voorste tot en met de laatste rij. Dat was zeker niet alles, want er stonden ook nog enkele funky covers van James Gang op de planning.
Het werd gezegd dat de prijzen van de tickets aan de dure kant waren, maar met zo’n goed gevuld programma van twee en een half uur kreeg het publiek wel degelijk waar voor zijn geld. Zeker toen de band nog tot drie keer toe enkele bisnummers kwam brengen zoals “Desperado” en het ontegensprekelijk legendarische “Hotel California”.

Eagles waren, zijn en blijven één van de grootste rockbands aller tijden (hun album ‘Their Greatest Hits’ (1971–1975) wist onlangs zelfs terug de titel van best verkochte plaat ooit te veroveren). Fans zullen deze wonderlijke avond in het Sportpaleis dan ook niet snel vergeten. Drummer Don Henley vertelde ons tijdens dit optreden dat dit waarschijnlijk hun laatste Europese tour ooit zal zijn, maar vrij snel liet hij ons toch blijken dat hij hier zelf over twijfelt. Wij hopen alvast dat ze een terugkomst effectief in overweging nemen en snel weer in België van zich laten horen!

Setlist: Seven Bridges Road (Steve Young cover) - Take It Easy - One of These Nights - Take It to the Limit - Tequila Sunrise - Witchy Woman - In the City (Joe Walsh song) - I can’t tell you why - New Kid in Town - Peaceful Easy Feeling - Love Will Keep Us Alive - Lyin’ Eyes - Don’t Let Our Love Start Slippin’ Away (Vince Gill cover) - Those Shoes - Already Gone - Walk Away (James Gang cover) - Life’s Been Good (Joe Walsh song) - The Boys of Summer (Don Henley song) - Heartache Tonight - Funk #49 (James Gang cover) - Life in the Fast Lane - Hotel California - Rocky Mountain Way (Joe Walsh song) – Desperado - Best of My Love

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/sportpaleis-antwerpen/eagles-26-05-2019
Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Amenra

Amenra - Beyond The Spoken & Toni Kanwa Adikusu - Het alles overstijgende vuurritueel

Geschreven door

Amenra - Beyond The Spoken & Toni Kanwa Adikusu - Het alles overstijgende vuurritueel
Amenra
Citadelpark
2019-05-25
Hans Devriendt

22u20 … Ik kom aan in het Gentse’ Citadelpark’ en parkeer gehaast mijn fiets aan de site tussen het S.M.A.K. & Monterey. Ver hoef ik niet te zoeken. Ik wandel gewoon richting de vele stemmen.
22u25 … Rustig sluit ik aan bij de massa publiek, die zich achter een lang, cirkelvormig koord bevindt. We staren met z’n allen naar een podium en naar het beeldhouwwerk van Toni Kanwa Adikusumah: ‘Een Indonesische kunstenaar die al jarenlang de rituelen van de Sunda-traditie (een eilanden groep ten oosten van Bali waar ze bewust kiezen om primitief te blijven leven) probeert te verbinden met de hedendaagse kunstwereld’ (Bron: Vooruit, Gent). Toni Kanwa A. heeft dit beeldbouwwerk (uit hout) gemaakt om het niet-erkend verlies van ieder onder ons te symboliseren. Het beeld wordt binnen enkele minuten ritueel verbrand. Dit kan velen onder ons helpen in het loslaten van ons innerlijke verdriet en pijn. De combinatie van vuur, ritueel en muzikale begeleiding van Amenra zal straks zorgen voor samenhorigheidsgevoel. Samen, zullen we de kans krijgen om onze demonen te laten oplossen tot niets. Ik voel een emotioneel beladen sfeer in de lucht hangen. Er wordt gepraat, maar niet veel. En eerder stil, dan luid.
22u30 … Barbara Raes (curator van de Amen & Beyond tiendaagse, samen met C.H.V.E.) doet nog een laatste ronde langs het publiek. Ze vraagt ons om -tot en met het doven van de vuren- rustig achter het koord te blijven. Tegenspraak krijgt ze niet. Enkel een respectvolle knik. Iedereen begrijpt elkaar.
22u40 … Colin H. Van Eeckhout stapt het podium op, neemt zijn instrument (draailier) en gaat op een stoel zitten. Beperkt licht afkomstig van één spot valt op hem neer. Hij start met draaien en ik laat mij geheel onverwacht overvallen door een opmerkelijk gevoel van rust en veiligheid. Langzaam bereikt het repetitief geluid van de mechanisch aangedreven viool mijn oren. Het podium staat misschien 30 meter verder, maar toch lijkt de muziek zo nabij.
22u45 … Rond het beeldhouwwerk bevinden zich zes vuren, allen verbonden met een koord tot het werk zelf. Twee mensen in witte gewaden steken de eerste vuren aan. Ondertussen komen ook de andere bandleden het podium op. Vervolgens komt Barbara Raes ten tonele en ontsteekt ze een volgend vuur. Zoals de anderen, groet ze het vuur ook, met een bepaalde blik van dankbaarheid in haar ogen. Hierna stapt ook Colin op de vuren af en geeft hij een ander vuur ook zijn vlam.
23u00 … Langzaam aan branden de vuren verder, nog één van de kleinere vuren wordt aangestoken. Ondertussen wordt de intensiteit van de muziek opgevoerd. Ze bevat steeds meer melodie en complexiteit.
23u05 … Toni Kanwa A. begeeft zich tot het laatste kleinere vuur en ontsteekt deze. Een diepe groet volgt. Het publiek staart emotioneel naar het gehele gebeuren.
23u10 … De muziek vult steeds meer de grote ruimte en Colin spreekt verschillende versen uit. Versen die ik hier liever niet neerschrijf. Deze waren één element van het groter geheel dat ons in extase bracht en behoren ook nog steeds daar toe. Ondertussen ontsteekt iemand anders in wit gewaad het bovenste gedeelte van het beeldhouwwerk, de toorts. Nu branden alle vuren geven ze de muziek met hun geknetter extra warmte en geladenheid.
23u20 … Mijn ogen vallen dicht. Ik herbeleef. Vele momenten. Die mij zwaar vielen. Die mij intens verdriet gaven. Af en toe kijk ik naar de vuren, ieder vuur stel ik symboliek voor één van mijn moeilijke momenten. Het lijkt nu alsof de vuren mijn negatieve energie opslorpen.
23u25 … Ik word stiekem benieuwd hoe het ongekende nummer zal evolueren. Toch kan ik moeilijk afgeleid worden. De teksten die Colin voorleest, nemen mijn gedachten opnieuw in en komen genadeloos hard binnen.
23u27 … De muziek bevat nu nog een extra melodielijn, het tempo neemt toe. De tonen worden hoger, harder en nemen mij mee, 20 meter verder… Alsof ik mentaal naar de vuren wordt gesleurd.
23u30 … Het nummer ontploft. De vuren branden nu hard. Colin schreeuwt, vanuit zijn diepe zelf. Ik voel nog meer verdriet, pijn en woede in mij opkomen. Ik probeer ze in het vuur te kwijt te spelen. De volgende minuten verlies ik mijzelf volledig in het transcenderend geheel. Het staat boven mij
23u35 … Het tot nu toe, ongekende nummer “I” eindigt na de laatste zware, verpletterende drumslagen. Het tweede ongekende nummer start met een ritmische basdrum. Het gekraak van de vuren klinkt steeds luider. Alsof het onze collectieve pijn al voor een deel heeft opgeslorpt maar veel werk heeft om het te laten opbranden tot as. Donker. As.
23u38 … C.H.V.E. leest opnieuw een langere tekst voor. De muziek wordt langzaamaan melodieuzer maar de basdrum blijft aanwezig. Ik krijg het zelfde gevoel dat “Ritual” (Mass II, 2005) mij ook geeft. Iets later begint Colin ook te zingen. Hoog maar vol emotie. Hij beleeft duidelijk ook één en ander.
23u40 … Toni Kanwa A. komt opnieuw naar het beeldhouwwerk, hij baant zich een weg door de andere vuren, de springende vonken en het rookgordijn. Vervolgens steekt hij nu de basis van de hoge toorts aan. Hij groet de vlammen die zich nu op hun hoogtepunt bevinden.
23u43 … De muziek ontploft genadeloos, de vlammen en het geknetter maken het gehele -ongrijpbare- gebeuren nog invasiever. Ik voel nu mijn laatste negatieve stromen ontsnappen. Het vuur heeft mij in zijn klauwen. Ik beweeg heftig en ritmisch mee op de muziek. Of ik morgen pijn zal voelen? Daar denk ik nu zelfs niet aan. De muziek komt tot rust. Ik kan mij net onttrekken van het vuur en en alles wordt stiller. Op het podium, maar ook in mijn hoofd en lijf.
23u47 … Een herkenbaar geluid stroomt mijn richting uit. Ik hoef er niet over na te denken. Het is de repetitieve melodielijn van “The Longest Night” (‘Alive’, 2016). Bewuste keuze? Ik veronderstel van wel. Na enkele minuten stopt de melodie. Het publiek applaudisseert, maar ik ben niet meer in staat om zomaar te ontsnappen uit wat er zonet gebeurde. Ik sluit opnieuw even m’n ogen. Een traan rolt over m’n wangen.
23u50 … Ik ga op de grond zitten en kijk verbouwereerd naar de laatste vlammen. Nu valt ook het beeldhouwwerk vol destructiviteit op de grond. Een poosje later moet ik wel vertrekken richting thuis en kruip ik verslagen maar vol dankbaarheid de fiets op. Enkele dagen later kon ik een deel van deze avond verwerken en voelde ik mij een heel stuk ‘lichter’.

Wat Amenra heeft gedaan, verbindt ons en staat ver boven ons. Het vuurritueel was een unieke en beklijvende afsluiter na zo’n intense tiendaagse doorheen verdriet en pijn.
Ik ben Amenra zelf, alsook alle personen/muzikanten/kunstenaars die met Amen & Beyond betrokken waren, heel diep dankbaar.

Setlist: ongekend nummer I / ongekend nummer II / (melodielijn) The Longest Night

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/vooruit-gent/amenra-25-05-2019
Organisatie: Vooruit , Gent ikv ‘Amen & Beyond’ (Colin H. Van Eeckhout & Barbara Raes (curatoren))

Beoordeling

Claw Boys Claw

Claw Boys Claw - Ervaren rotten in topvorm!

Geschreven door

Na een up-tempo, cathy en vooral poppy voorprogramma dat verzorgd werd door EUT  stond het publiek enthousiast klaar voor Claw Boys Claw! Deze garagepunk band is reeds 35 jaar een gevestigde waarde in de Nederlandse (underground) muziekscene. Ondanks hun eerder gestage doorbraak werd Claw Boys Claw toch gesmaakt door een steeds breder publiek. Zo speelden ze o.a. op Roskilde Festival (Denemarken), Pinkpop,… en verzorgden ze in 1986 zelfs onder alias ‘Hipcats’ het voorprogramma van Nick Cave and the Bad Seeds! Dit is niet iedere muziekgroep gegeven. De jaren daaropvolgend brachten ze nog vele platen uit, wisselde de groep af en toe van bezetting en namen ze ook een pauze. Toch bewees deze avond dat hun fans ook na al die jaren trouw bleven…

Claw Boys Claw stak meteen stevig van wal met het up-tempo “It’s Not Me, the Horse is Not Me”, ook meteen het titelnummer van hun nieuwste plaat uit 2018. De rock ’n roll vibe werd meteen gezet en Peter Te Bos -lees: zanger met veel allure- had er duidelijk veel goesting in. De daaropvolgende nummers waren “Seaweed” en “Dakota Chill”. Zo maakten de enkele nieuwelingen onder ons alvast kennis met hun laatste langspeler. Tijdens die eerste nummers was het geluid nog niet tip-top. Peter’s stem klonk niet luid genoeg. Maar al snel werd dit op punt gezet en klonk alles nagenoeg perfect. Die Peter, in kostuum, vol wijsheid in pacht en naast fantastische zang ook narratieve vocalen schreeuwen. Hij deed mij af en toe denken aan Nick Cave. En dit is een compliment dat hij echt wel verdiend.
Ondanks de groep al decennia lang bestaat, leken alle bandleden nog in topvorm als bij de beginperiode. Daarom was het ook een groot plezier om hen te aanschouwen. Toen de eerste riffs van “Troglodyte” mijn slakkenhuis bereikten, moest ik instant toegeven hoe kwalitatief en uniek het gitaarwerk van John Cameron wel niet is. Af en toe moest ik zelfs even denken aan Tom Morello’s (Rage Against the Machine) speelstijl. Na “Hammer” vertelde Peter Te Bos dat hun laatste optreden in ons Belgenlandje vijf jaar geleden was. Hij bedankte de Casino voor hun puike organisatie en goede zaal, hij bedankte het publiek, hij stelde z’n bandleden voor en vroeg hieraan gelinkt een groot applaus voor de verjaardag van Marcus Bruystens (bassist). Tot slot vroeg hij het publiek of hij niet te veel “lulde”, want “hoe minder ik lul tussen elk nummer, hoe meer we kunnen jammen”! Het publiek juichte dit alleen maar toe en de groep speelde zo nog vele nummers aan een hoog, maar toch heel aangenaam tempo. Het fijne hierbij is, dat ze zich deze uitgebreide setlist weldegelijk kunnen permitteren. Want de band heeft zo’n straf, uitgebreid en gevarieerd repertoire dat bestaat uit uptempo-, bluesy-, punk-nummers en zelfs enkele ballads.
The Claw Boys’ speelden hiernaast ook echt met hun songs: tempo’s wisselden elkaar vlotjes af, het speelvolume kon van heel luid naar heel stil gaan en zelfs op Peter’s vocalen werden af en toe effecten gezet. Tussendoor werd de sfeer in de zaal alleen maar intenser: “Komen jullie dichterbij? Ik doe echt wel niets.”, mompelde de zanger na “My Beautiful Carpet”. Af en toe ging hij ook tussen het publiek door lopen en aanschouwden de diehard fans hem als het ware voor een God. De frontman speelde met het publiek en heeft de gave om ieder van ons te imponeren.
Gevoelsmatig (lees: 16 nummers later) startte het laatste nummer van hun set: “Wild Voo Doo”. Het publiek ontplofte nu helemaal. Enkele pilsjes in de lucht, een mosh-pit en vier minuten later eindigde het optreden in grootsheid. Toch zag ik meteen bij iedereen die gekende blik van ongeloof. De menigte moest niet lang applaudisseren en Claw Boys Claw keerde terug voor enkele bisnummers. Het verbaasde mij niet dat hun grote hit “Rosie” als eerste aan de beurt was. Bij sommigen onder ons kwamen enkele tranen in de ogen op. Dit nummer bracht duidelijk herinneringen terug. Dit moment ontroerde mij ook, vooral omdat de kracht van muziek nu zo duidelijk zichtbaar was. Er werd rustig gedanst, gemijmerd, gewalst en vooral: in stilte -maar heel intens- genoten. Na dit nummer kwam er een heel luid applaus en werd door hun fans heel luid om “Superkid” gevraagd. De band gaf hier gehoor aan en iedereen zong het refrein van dit nummer luidkeels mee. Na “So Mean” zat het concert er dan echt op.

Na afloop bezocht ik nog even de toilet en hier lagen duidelijk enkele plasjes overgeefsel. Maar so what. Punk never dies! Deze avond was AF. Graag tot een volgende keer, Claw Boys Claw!

Setlist: It’s Not Me, the Horse is Not Me / Seaweed / Dakota Chill -Troglodyte / Suck Up the Mountain / Hammer / Zoo / Wade / Throw Me a Bone / Red Letter / Bite the Dice / My Beautiful Carpet / Monkey One / Polly Maggoo / Weatherman / Indian Wallpaper / Wild Voo Doo // Bonus: Echo Echo / Rosie / Superkid / So Mean

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-casino/claw-boys-claw-24-05-2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-casino/eut-25-05-2019

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Beoordeling

Nick Mulvey

Nick Mulvey - Op de koffie bij Nick

Geschreven door

Nick Mulvey - Op de koffie bij Nick
Nick Mulvey
Ancienne Belgique (Club)
Brussel
2019-05-23
Katrijn Vermoesen

Normaal gezien wordt Nick Mulvey vergezeld door een band of maakte hij deel uit van een band, in het verleden was hij terug te vinden op het podium bij Portico Quartet. Gisteren pakte hij het net even anders aan en trok hij moederziel alleen naar de club van de Ancienne Belgique in Brussel. Zijn vorige passage dateerde alweer uit 2014, toen stond hij in de Botanique, dus het concert was in een mum van tijd uitverkocht.

Nick Mulvey - Niet alleen stond hij in zijn eentje op het podium, ook een voorprogramma liet hij achterwege. Dat hield in dat hij ons maar liefst twee én een half uur (inclusief een kleine pauze tussendoor van vijftien minuten) moest entertainen met zijn songs. Echt helemaal alleen was hij gelukkig niet, want al snel wist het publiek tijdens openers “Never Really Apart”, “Myela” en “Meet Me There” dienst te doen als het nodige achtergrondkoor.

Het podium was voorzien van de nodige wandtapijten als backdrop en vloerbekleding. Het leek even alsof Nick ons had uitgenodigd voor koffie en thee om nog eens gezellig bij te praten. Dat laatste gebeurde vast en zeker. Vijftien nummers passeerden die avond de revue. Dat wil dus ook zeggen dat hij de rest volpraatte over van alles en nog wat. Zo gingen we op één avond tijd van David Bowie die Mulvey toesprak in een droom om “Transform Your Game” te schrijven naar de huidige vluchtelingencrisis.
Vooral tijdens het nieuwe “In The Anthropocene”, waarbij hij voor de verandering eens zijn ukelele bovenhaalde, kwam naar boven wat voor een wereldverbeteraar Mulvey eigenlijk is. Van klimaatacties in het museum met de enige echte David Attenborough tot een maatschappij waarin iedereen gelijk is. Natuurlijk moet het niet altijd zo diepgaand zijn. “Imogen” vernoemd naar de gelijknamige storm die de UK teisterde enkele jaren geleden, ging dan weer over de lichtere zaken in het leven zoals drugs en kinderen krijgen.
Gedurende de hele set bleef hij zijn bescheiden zelve en ook zijn muziek monde nooit echt uit in iets super dramatisch. “In Your Hands”, de hele reden van deze tour, was intiem en al stak het publiek soms een stokje voor dat intieme gevoel tijdens “Cucurucu” en “Unconditional”, meezingen was toevallig één van hun sterkste punten. Al zorgde dat net voor de nodige verbondenheid tussen hem en het publiek. Al bleef hij niet altijd zijn brave zelve. Tijdens de bisnummers toverde hij zichzelf ook tijdelijk om in een rocker, en het stond hem ook nog eens.
Je zou denken dat twee en een half uur Nick Mulvey net dat te veel van het goeie is, maar niets is minder waar. Gedurende die tijd wist hij een perfecte balans te brengen van verhalen en muziek. Al hadden we soms wel het gevoel dat we op een praatavond waren in plaats van op een concert.

Setlist: Never Really Apart-Myela - Meet Me There-Unconditional - Transform Your Game - The Doing is done
Pauze
Cucurucu - In Your Hands - In The Anthropocene-Juramidam-Imogen
Bis
Moment Of Surrender - Mountain To Move

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be
Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Pagina 111 van 386