logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_18
Hooverphonic
Concertreviews

The Analogues

The Analogues - 50 year ‘Abbey road' - The Analogues doet The Beatles haast letterlijk herrijzen uit de doden

Geschreven door

The Analogues werd opgericht in 2014 en toerde langs theaters en poppodia met 'Magical mystery tour', in 2016-17 met 'Sgt. Pepper's Lonely heart Club band', in 2017-18 en 'The White album' in 2019. 'Abbey road', het officieel laatste album van The Beatles, is ook voor The Analogues het sluitstuk van deze serie. In een volgepakte Lotto Arena brengt The Analogues The Beatles haast letterlijk terug tot leven. Deze band een tribute band van The Beatles noemen is om die reden hen tekort doen. Dat bewees The Analogues op donderdagavond dan ook vanaf de eerste noot tot de laatste strofe.

Set 1 - Abbey Road - The Album
Het eerste deel van de set bestaat uit het integraal brengen van ‘Abbey Road’, dit gekruid met enkele gezapige of interessante anekdotes. Vooral valt op hoe The Beatles hun tijd ver vooruit waren, op dit album ging de band zelfs aan het experimenteren en legden de basis voor rock en pop muziek in de jaren '70. Meer nog, tegenwoordig is de muziek van The Beatles nog steeds een basis voor de doorsnee pop/rock muziek. Ook dat laatste hoor je terug in de songs als “Come Together” en “Something”, een song van George Harrison, dat zetten we bewust in de verf. Bij “Maxwell's silver hamer” wordt een aambeeld en hamer het podium op gesleept. De Moog, de allereerste synthesizer, werd ook op het album 'Abbey Road' geïntroduceerd. Het was een log onding, en moeilijk te plaatsen. Echter vonden The Analogues een zeer mooie replica, die de sound van deze Moog mooi naar voor brengt. Het bracht toen meer kleur in de sound van The Beatles, het doet het nu ook bij de muziek van The Analogues.
Ook Ringo Star bracht een mooie bijdrage aan deze schijf in de vorm van “Octopus’s garden”. Een bijzonder aanstekelijke song, die op de dansheupen werkt. Ook in Lotto Arena.
Meer hoogtepunten? “Golden Slumbers” waaruit de instrumentale perfectie, zowel wat drums als gitaar betreft, nog eens blijkt. We kunnen zo nog even doorgaan met gooien met superlatieven.
Wat vooral opvalt: de vaste bandleden zijn één voor één topmuzikanten die de muziek van The Beatles met zoveel liefde, en tot elk klein detail, naar voor brengen. Dit op een speelse wijze, en met tonnen spontaniteit. De heren laten zich echter bijstaan door strijkers en blazers die een enorme meerwaarde vormen binnen het geheel. Dat laatste komt bij elke song naar voor. Het is dus niet zo dat het album routineus wordt gebracht, en dat trok ons bij het eerste deel nog het meest over de streep. Plus hoe die songs zo tijdloos klinken, ook vijftig jaar later. Echter moest het mooiste nog komen. En dat kregen we in het tweede deel na een half uurtje pauze.
Set 2 - The Studio Years
Was het eerste deel al een adembenemend nostalgie trip, dan werden in dat tweede deel de teugels compleet gevierd, en registers volledig open getrokken. “I me mine, Taxman” tot het formidabele “Penny Lane” zijn sowieso songs die een beetje rock en pop liefhebber een krop in de keel bezorgen. Ze werden met zoveel gedrevenheid en emotie gebracht, dat je deze van het eerst tot de laatste noot mee zat te zingen alsof het weer de jaren '60 was.
Alsof The Beatles na 50 jaar uit de doden waren opgestaan, zo voelde het aan toen “Strawberry Fields Forever” uit de boxen loeide.
Enkele gast vocalisten gooiden hun bijzondere stem in de strijd. Dat zorgde voor die extra kers op de taart. Maar het is dus vooral het totaalplaatje dat klopt bij The Analogues. De samensmelting tussen zoveel talentvolle muzikanten die met hun volledig hart de muziek van The Beatles terug tot leven brengen. Dat deed ons dansen, zingen, op “Helter Skelter” genieten en een traantje op wegpinken bij “Two Of Us”. Of luidkeels meebrullen op “Get Back”. Het publiek genoot over het algemeen neerzittende, maar sprong naar het einde van de set toch wat meer recht om mee te dansen. Bij “Let It Be” gingen alle handen nog een laatste keer in de lucht. Het daverende en oorverdovende staande applaus, ook in de tribunes, bewees dat iedereen heeft genoten van deze meer dan geslaagde ode aan een band die naast Beethoven, Bach en Mozart tijdloze muziek heeft gemaakt, die 50 jaar na datum nog steeds even tijdloos klinkt. In de bisnummers wordt dat met “I am the walrus” en “All You need is Love” nog maar eens in de verf gezet.

In 2020 is The Analogues voorlopig voor het laatst te zien in Ziggo Dome, dit op 11 september. Onder de titel 'Hello Goodbye - The Very Best from the Studio Years' speelt The Analogues nog één keer alle hits uit de laatste periode van de legendarische popgroep. Ondertussen speelt de band nog in verschillende theater en concertzalen , vooral in Nederland. Op basis van dit magisch optreden van een band die zoveel meer doet dan de muziek van The Beatles terug tot leven brengen, kunnen we enkel aanraden dit concept, als u ook geen fan bent van The Beatles en wil ontdekken waarom ze zo grensverleggend waren, een aanrader. Trouwens, ook al kondigt de band aan dat dit 'Abbey Road' het sluitstuk van dit project is, hopen we stiekem - eveneens op basis van bovenstaande vaststellingen - dat er een vervolg volgt daarop. Want dit smaakt naar meer, veel meer.

Meer informatie: http://theanalogues.net/

Setlist
Set 1: Abbey Road - The Album : Come Together - Something - Maxwell's Silver Hammer - Oh! Darling - Octopus's Garden - I Want You (She's So Heavy) - Here Comes the Sun - Because - You Never Give Me Your Money - Sun King- Mean Mr. Mustard - Polythene Pam - She Came in Through the Bathroom Window - Golden Slumbers - Carry That Weight - The End - Her Majesty
Set 2: The Studio Years : I Me Mine - Taxman - Eleanor Rigby - Got to Get You Into My Life - Penny Lane - Strawberry Fields Forever - Good Morning Good Morning - Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band (Reprise) - Happiness Is a Warm Gun - Mother Nature's Son - Ob-La-Di, Ob-La-Da - Helter Skelter - Two of Us - Across the Universe - Get Back - A Day in the Life - Let It Be
ENCORE: I Am the Walrus - All You Need Is Love

Met dank aan + in samenwserking met DaMusic http://www.damusic.be

Organisatie: Rumoer!

Beoordeling

Inhaler

Inhaler - In de voetsporen van papalief Bono

Geschreven door

Dat Inhaler in de Botanique stond, deed even de wenkbrauwen fronsen; dit bandje heeft met de singles “My honest face” en “Ice cream sundae” al twee grote hits op zak. En dan denk je meteen al aan een AB … De Orangerie was dan ook meteen uitverkocht . Eerst was er nog de gedachte  dat dit opkomend jong Iers bandje in de front met de zoon van Bono, Elija Hewson., zelfs in de Rotonde zou staan, om (nog  net een laatste keer) dat eenheidsgevoel tussen band, Elija en het publiek te bekrachtigen . Maar kijk ,in de Orangerie kon hier worden op ingespeeld …

Op een goede maand tijd waren ze twee maal in ons landje . Tijdens de passage op Pukkelpop, in een volle Marquee ‘s namiddags , zagen we een stadionband in spé , groots  catchy, met die kenmerkende  melancholieke U2 ondertoon . Tja, de appel valt niet ver van de boom. Zo vader zo zoon , de twintigjarige Elija, heeft zeker diezelfde uitstraling als papalief in solidaire moves , de pasjes , de hairlooks, het publiek betrekken/ophitsen en showman spelen, de gitaar bij de hand ; en niet te vergeten er zijn diezelfde helder innemende , pakkende vocals.
Een publiek van alle leeftijden begroet hen ; ze hebben hier een all-in pakket en kunnen teruggrijpen naar de begindagen van U2 , een jonge Bono voorgesteld, dichtbij hen aan het werk.
Een klein uur lang kregen we hier goed afgelijnde gitaarpoprock . Het oude U2 ten tijde van ‘October’, ‘Boy’ en ‘War’ zijn de inspiratie, gelinkt aan Gallagher, The Verve , Starsailor en Keane. Clean, nergens uit de bocht, en een stem als papa , die fors kan uithalen.
Een rockin’ night werd het meteen met “I won’t always be like this” en “I have to move on”. De sfeer zat erin en de respons was warm . Het daaropvolgend materiaal heeft nog niet die intensiteit en is nog niet beklijvend in de stijl van de (steen)oude U2 platen en hun ‘Joshua tree’ , toch heerst er een eenzelfde rockgevoel en samenhorigheid. Net als het wat in elkaar zakt op een “Save yourself” en “This plastic house“, steken ze de handjes in de lucht , zijn er de handclaps en wordt de betrokkenheid opgeschroefd . Mooi.
Het broeierige “Ice cream sundae” doet de temperatuur stijgen en de spanning is en blijft met een “My king will be kind” en “Cheer up baby”. “My honest face” besloot de set .

Het materiaal tintelt, fonkelt, rinkelt en ronkt nog niet op het niveau van U2;  ze hebben nog niet die gitaarvirtuositeit en creativiteit van The Edge in de vingers , maar de richting groots(er) te worden, is ingeslagen  . En qua zaal zal het zeker ook groter worden dan …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/botanique-brussel/inhaler-22-09-2019.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/botanique-brussel/apre-22-09-2019.html

Organisatie: Botanique , Brussel

Beoordeling

Alice Cooper

Alice Cooper - Voorspelbaarheid, die zelfs na honderd keer nog steeds niet verveelt

Geschreven door

Hoe voorspelbare sommige acts ook zijn, ze werken zo aanstekelijk op je gemoed dat je zelfs na een etmaal te kijken en luisteren daar nooit genoeg van krijgt. Dat is een notendop hoe we het optreden van Alice Cooper in Vorst Nationaal nog het best kunnen omschrijven. De band rond Vincent Damon Furnier - ondertussen ook al 71 - verstaat al sinds meerdere decennia de kunst om door middel van een theatrale horrorshow overgoten met sausjes vol humor, ervoor te zorgen dat je oren en ogen tekort komt. Een goed vol gelopen Vorst Nationaal zat dan ook op het puntje van zijn stoel te genieten van begin tot einde.

In normale omstandigheden, zeker wat grotere evenementen betreft, is een voorprogramma doorgaans het perfecte moment om even te verpozen en tussen en pot en pint een beetje te keuvelen met elkaar. Echter slaagt een zeer strak en energiek spelende Black Stone Cherry er op een eenvoudige maar zeer gezapige wijze in de aandacht scherp te houden. Vooral de manier waarop drummer John Fred Young zijn drumvellen mishandelde, waren een streling voor oog en oor. De vele mokerslagen die hij uitdeelde, op een verschroeiende wijze, voelden aan als donderslagen bij heldere hemel. Dit gerugsteund door gitaristen die tovenaars van riffs bleken te zijn, en een zanger die charisma uitstraalt waardoor je prompt uit zijn hand gaat eten. Al gauw kreeg de band daardoor de handen moeiteloos op elkaar, en werd een daverend rock feest ingezet dat drie kwartier aanhield.
Kortom: Black Stone Cherry zorgde voor de gedroomde opwarmer voor wat nog moest komen, door een potje rock muziek te brengen dat altijd aan je vingers kleeft. Zonder veel fransje en show vertoon, maar met een dosis spelplezier die zijn uitwerking heeft op het publiek die zich gewillig liet entertainen door deze Amerikaanse rock virtuozen.

De doeken gingen naar beneden en twee griezelige ogen, ook te zien op de hoes van de recent verschenen 'Breadcrumbs', keken in het publiek, klaar om iedere aanwezige te verscheuren. Na een bevreemdend aanvoelende intro, werd de set ingezet met “Feed My Frankenstein”. Opvallend is dat Alice Cooper op zijn 71ste, nog steeds zeer scherp staat en goed bij stem is. Hoewel die stem er bij die eerste song niet zo goed doorkwam, werd dat euvel snel opgelost. “No More Mr Nice Guy” zat al vrij vroeg in de set. En het werd vlug duidelijk dat we weer een doorsnee theater show zouden krijgen zoals we dat van Alice Cooper ondertussen gewoon zijn. Inclusief rond dwarrelende dollar biljetten bij “Billion Dolar Babies” of het uit volle borst meegebrulde “Poison”. Gevolgd door een indrukwekkende solo van Nita Strauss, die over de gehele set haar immense virtuositeit zou tentoon spreiden.
Want een opvallend pluspunt is dat Alice Cooper de aandacht niet enkel naar zich toe trekt, de top muzikanten waarmee hij zich steeds laat omringen , mochten meermaals hun kunsten vertonen. Menig drum solo dat de drummer van dienst uit zijn mouw schudt,  slaat ons met verstomming.
Dat de band uit gitaristen bestaat van uitzonderlijk allooi wordt nog maar eens in de verf gezet bij een langgerekte jam in de vorm van “Devil’s Food” waarbij alle registers compleet worden open gegooid. Alice Cooper zelf is ondertussen achter de coulissen verdwenen. Maar komt vrij snel terug om de ultieme creep show die reeds een etmaal werd vertoond, maar nooit zal vervelen, in te zetten. Na het intensief gebrachte “Steven” wordt een babypop in een wieg het podium opgeduwd, waarna Alice Cooper deze ontvoert en wil doden bij “Dead Babies” wat op het nippertje wordt vermeden. Alice wordt naar de guillotine gebracht en naar goede gewoonte onthoofd. Waarna men met zijn hoofd in de hand over het podium dwaalt. Er verschijnt ook nog een drie meter hoge baby op het podium, om dat plaatje compleet te maken.
Bij “Teenage Frankenstein” verschijnt een reuzengrote Frankenstein op het podium. Waarna de finale wordt ingezet met het magische “Under My Wheels” en uiteraard “School’s out” als ultieme kers op de theatrale taart. Het dak is er al een paar keer afgevlogen op deze avond. Bij deze song was dat weer dubbel en dik het geval. Flarden “Another break in the wall” van Pink Floyd worden tussengevoegd, alsook veel confetti en reuzengrote ballons, die trouwens vakkundig door Alice Cooper werden doorprikt met een machete. We kregen een gedroomd einde van een typische Alice Cooper show.

Besluit: Wat we voorgeschoteld krijgen is een perfecte Horror show waar je na bij wijze van spreken honderd keer te hebben gezien , nog steeds niet genoeg van krijgt. Net doordat Alice Cooper op zijn 71ste nog steeds op speelse en charismatische manier op dat podium staat, en zowel het publiek als zijn band dirigeert op een al even strakke maar ook gezapige wijze. Maar vooral anno 2019 entertaint hij zijn publiek nog steeds door het brengen van een best grappige horror show die nooit verveelt.
En als kers op de taart laat hij zich omringen door topmuzikanten, die verdomd vlijmscherpe riffs en drum salvo's naar voor brengen, die je rock hart telkens sneller en sneller doen slaan. Meer hebben we niet nodig om over de streep te worden getrokken, en daar krijgen we zelfs na circa acht keer een show van Alice Cooper mee te maken die in dit verlengde ligt, nog steeds niet genoeg van.
Setlist: Feed My Frankenstein - No More Mr. Nice Guy  - Bed of Nails  - Raped and Freezin'  - Fallen in Love  - Muscle of Love  - He's Back (The Man Behind the Mask)  - I'm Eighteen  - Billion Dollar Babies  - Poison  - Guitar Solo (Nita Strauss)  - Roses on White Lace  - My Stars  - Devil's Food (band only jam)  - Black Widow Jam (with 'Black Juju' drum solo)  - Steven  - Dead Babies  - I Love the Dead (band vocals only)  - Escape  - Teenage Frankenstein
encore: Under My Wheels - School's Out (with "Another Brick in the Wall)

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/vorst-nationaal-brussel/alice-cooper-21-09-2019.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/vorst-nationaal-brussel/black-stone-cherry-21-09-2019.html

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Struggler

Struggler - 40 jaar - De appel valt nooit ver van de boom

Geschreven door

Struggler - 40 jaar - De appel valt nooit ver van de boom
Dark Entries, al vele jaren een begrip binnen het wave/gothic en postpunk gebeuren in ons land, organiseert met de regelmaat van de klok evenementen in Kinky Star. The Arch, Enzo Kreft, A slice of Life, Dead Mans Hill zijn maar enkele kleppers die ondertussen al hebben opgetreden ter gelegenheid van deze reeks evenementen.
Op vrijdag 20 september was het de buurt aan Struggler. Deze band is ondertussen 40 jaar aan de weg aan het timmeren, en is niet van plan de handdoek in de ring te gooien. In 2020 zou zelfs een nieuw album verschijnen. We waren er ook bij in Kinky Star in Gent en stellen twee dingen vast. De appel valt niet ver van de boom, en Struggler is een schoolvoorbeeld van een band die na al die jaren niet vervalt in afleveren van routineklusjes of zorgen voor een gezapig nostalgie tripje. Integendeel zelfs!

Een stuk Belgische new wave/postpunkgeschiedenis
Laten we even terugkeren in de tijd. Alles begon in Café De Kwiet in Hamot. Met De Brassers ontstond een legendarische band die ook nu nog steeds tot de verbeelding spreekt. In het kielzog van deze laatste ontstond eveneens The Suspects en Struggler. Rond de periode dat punk begon door te sijpelen , speelde bezieler René Hulsbosh bij de band Kasjmir. De man begon punk songs te schrijven, en ging op zoek naar muzikanten om een band op te richten. In maart 1979 was de band compleet en vijf weken later speelde Struggler zijn eerste optreden. Prompt groeide de band uit tot een begrip in de Belgische post punk/punk en wave middens. Songs als “Night Fever” en “Don’t Care” groeiden uit tot ware klassiekers, en de band ging op tour met die andere legendarische Limburgse band uit die periode Siglo XX. Rond eind jaren '80 / begin jaren '90 was de kern herleid tot René Hulsbuosch, Yosef en Ronnie Sevens. Later - rond 2014 - aangevuld met Kris Oversteyns op synthesizer en Alain Hulsbosch, de zoon van René, op gitaar. In de periode 1985 tot 1996 was de band minder actief, maar toch heeft Struggler altijd blijven optreden en verder bouwen. Het heeft hen geen windeieren gelegd. In 2017 was er plots een gloednieuwe schijf 'The Gap'. Waaruit blijkt dat weer een solide band staat te soleren, waarbinnen iedereen dezelfde kant uitkijkt.

De hemelse kruisbestuiving tussen jong geweld en ervaren rotten in het vak
Of dat live ook het geval was? vroegen we ons af. Het antwoord kwam vrij snel. Bij de eerste song valt al die samensmelting op tussen getalenteerde oude rotten in het vak, die op een speelse wijze elkaar aanvullen, met de aanstekelijke synthesizer inbreng van Kris en gitaar kunstjes van Alain die beide een frisse wind doen waaien in de band. Dat resulteert in gitaarlijnen en drumpartijen die ons terug doen keren in de tijd toen we zelf stonden te dansen op de post punk en punk optredens. Een ander opvallend punt is de verschillende stemmen van enerzijds René en anderzijds bassist Yosev die elkaar perfect aanvoelen. Ook daar hoor en zie je dus een kruisbestuiving van zeldzaam kaliber verschijnen. Struggler klinkt anno 2019 dus verre van gedateerd, maar eerder opvallend fris voor een band die al 40 jaar bestaat.
Dat elke schakel binnen Struggler belangrijk is, werd bewezen in het tweede deel van de set. Ook al spoot de energie al in dat eerste deel in vol ornaat uit de boxen, het was pas toen Alain zijn gitaar omgorde dat alle registers echt werden open gegooid. Alsof zijn inbreng dat nodige puzzelstuk bleek te, om de perfectie die dus al aanwezig was naar een ander niveau te doen uitstijgen. Daardoor werd het startsein gegeven voor een wervelende finale, waar je een band hoort en ziet die de jaren '80 niet alleen heruitvindt maar eveneens ver in de toekomst kijkt. De paar nieuwe songs die de band naar voor brachten klonken bovendien opvallend scherp en energiek, iets wat ons trouwens al was opgevallen bij die laatste schijf. Een eerste indruk is belangrijk, maar dat doet ons al uitzien naar die nieuwe plaat in 2020. Gecombineerd met enkele gekende kleppers, levert Struggler een zeer gedenkwaardig optreden af. Dat van begin tot einde aan je ribben kleeft.

Besluit: Struggler is anno 2019 een band die meerdere generaties met elkaar verbindt. Dat is de verdienste van topmuzikanten die nog steeds met veel respect voor dat verleden die songs naar voor brengt, waardoor de oudere fans met twinkelingen in de ogen genieten. Maar eveneens, door een opvallend fris en jonge inbreng een bepaalde grens verlegt waardoor de jongere post punk liefhebber en fan eveneens aan zijn trekken komt.
Kortom: Net als Brassers dat al bewezen op Sinnersday vorig jaar, laat Struggler eveneens zien en horen dat er nog leven is na 40 jaar op de bühne, en hoe!

Setlist: That's Your Dream - Obstacles-Intolerance - R. Doubts - The Blame-Persecute - Big Victory - Poeha! - Recrudesce - Black Age - Shrapnel - The Past Wont' Burn - The Other Side - Don’t Care - Key 17
Bis Noise what Noise? - Wanted

Achter de coulissen vernamen we ondertussen dat Struggler op 7 december zal optreden in Café Bonaparte inLokeren
Inkom: gratis.
Voor een volledig overzicht van de tourdatums en andere informatie over de band verwijzen we jullie graag door naar de facebook pagina van de band: https://www.facebook.com/strugglerofficial/
Organisatie: Dark Entries - Kinky Star, Gent

Beoordeling

Bad Breeding

Bad Breeding - Haperende stem

Geschreven door

Normaal gezien hou ik me ver weg van alles wat maar enigszins naar hardcore ruikt maar voor Bad Breeding maak ik graag een uitzondering. Bad Breeding is dan ook veel meer dan zo maar een hardcoreband. Bovendien liet de groep tijdens hun passage op Leffingeleuren vorig jaar zo’n overweldigende indruk op me na dat ik ze absoluut nog eens wou terugzien. Dat kon dus in de bar van De Kreun waar de band gewoon op de vloer mocht aantreden, zonder podium dus, zodat voor de mensen achteraan het wel wat wringen was om iets te zien.

Haemers, een viertal uit Gent, kreeg de eer om ons alvast wat op te warmen. Hun groepsnaam en één van hun songtitels: “L.G.B. (Le Grand Blond) lieten vermoeden dat de groep een gezonde dosis humor in huis heeft maar daar was live niets van te merken. Dit was meedogenloos strak gespeelde hardcore van de puurste soort met een imposante brulboei aan het roer. Goed gedaan maar echt raken deed het me niet. Misschien is het wel die ernst (eigen aan het genre?) die dit een zo moeilijk te verteren brok voor me maakt. Maar ik zag Chris Dodd, zanger van Bad Breeding, de ganse set goedkeurend mee knikken wat als waardemeter toch wel kan tellen.

Al van bij de eerste, bijna tribaal klinkende, tromroffels wisten we dat we hier ander vlees in de kuip hadden. De groep uit het Britse Stevenage begon met een atypisch lang nummer voorzien van een erg uitgebreide instrumentale outro alsof gitarist, bassist en drummer meteen wilden stellen dat zij er ook waren.
Muzikaal leek de band er inderdaad een stuk er op vooruit te zijn gegaan. Nog steeds even compromisloos maar met wat minder noise invloeden wat het punkgehalte ten goede kwam. Vanaf nummer twee koos Bad Breeding voor het vertrouwde gebalde werk: korte, explosieve charges van tussen de vuilnisbakken die hun doel nooit misten. Geregeld liepen gitarist en zanger daarbij als bezetenen door elkaar waarbij het een wonder mocht heten dat ze niet over de kabels struikelden.
Chris Dodd mag men gerust naast Joe Talbot (Idles), Jason Williamson (Sleaford Mods) bij het lijstje kwaaie Britse mannen voegen waarvan hij dan duidelijk de jongste en ook de razendste is. Met een nooit geziene grimmigheid richtte hij zijn aanvallen op de consumptiemaatschappij, de verveling in de voorsteden, de apathie, armoede, discriminatie, racisme, politiebrutaliteit,... Niet dat we in het heetst van de strijd veel van die teksten verstonden wat ook helemaal niet hoeft. Maar hier was jammer genoeg meer aan de hand. Ofwel had Dodd last van een haperende micro ofwel zat hij compleet door zijn stem. Het leek erop dat wanneer zijn razende woordenstroom in overdrive ging zijn micro niet meer kon volgen waardoor we een eind ook geen stem meer hoorden.
Mede daardoor bleef de euforie die ik vorig jaar in Leffinge mocht ervaren hier wat achterwege. Toch blijft Bad Breeding een heerlijke band.

Neem gerust een kijkje naar de pics van hun set in Magasin 4, Brussel
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/magasin-4-brussel/bad-breeding-21-09-2019.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/magasin-4-brussel/adolina-21-09-2019.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/magasin-4-brussel/crowd-of-chairs-21-09-2019.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/magasin-4-brussel/missiles-of-october-21-09-2019.html

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Beoordeling

Múm

Múm - Sereniteit aan de oppervlakte, complexe gelaagdheid in de diepte

Geschreven door

Múm - Sereniteit aan de oppervlakte, complexe gelaagdheid in de diepte
Notre Dame de Laeken
Brussel

Ik kom toe in de Notre Dame en ben al meteen onder de indruk van de prachtige locatie. Niet enkel het gebouw en de architectuur op zich, maar ook de belichting maakt alles tot een prachtig kader die meer dan gunstig lijkt voor de 20 jarige viering van Múm’s debuutplaat ‘Yesterday Was Dramatic, Today is OK’

Gyda Valtysdottir ***, frontvrouw van Múm, mocht het voorprogramma verzorgen. Iets na acht stapte ze met een rustige zelfzekerheid en één cello het kleine podium op. Haar eerste nummer start ze rustig op haar cello en laat ze opbouwen door gebruik te maken van loops. Een soort van ‘Keltische’ mystiek zindert doorheen mijn hoofd en daarna hoor ik haar hoge, fijne en o-zo-heldere stem. Het lijkt bijna op engelengezang. Het valt mij op hoe goed ze haar stem beheerst. Alsof haar stemgeluid een blokfluit is waarop ze simpelweg de gaatjes moet dichtduwen om een perfecte toonhoogte te behalen, maar dan uiteraard niet zo eenvoudig als het klinkt. Haar zijdezachte cellospel is een mooie symbiose met haar stemgeluid en zo gunt ze ons een zestal songs die de gegadigden zachtweg leiden in een soort van vredevolle extase. Haar muziek is experimenteel, minimalistisch, eerder down-tempo, maar toch kan ze ook dreigend en onheilspellend klinken. Ze danst sensueel en neemt je in. Je kan niet anders dan mee onder te dompelen in de wereld van Gyda. En alvorens ik het besef, is haar set gedaan. Ik blijf wat voor mij uitstaren en ondertussen speelt (in afwachting voor Múm) een ideale soundtrack doorheen de Notre Dame: ‘Ny Batteri’, van Sigur Rós.

Een kwartiertje later is het zover, Múm**** zal ons een integrale luistersessie van hun debuutplaat ‘Yesterday Was Dramatic, Today is OK’ schenken. Deze plaat werd al snel wereldwijd aangeprezen en zelfs door Pitchfork onthaald met de hoge score van 9,1/10. Múm werd in 1997 als experimentele popgroep opgericht door multi-instrumentisten Gunnar Örn Tynes en Örvar Þóreyjarson Smárason. De band werd al snel vervoegd door tweelingszussen Gyða en Kristín Anna Valtýsdóttir. Nadien wijzigde de band regelmatig van line-up en bestonden ze uit een steeds groter collectief van muzikanten. Tot op heden brachten ze welgeteld zes langspelers uit waarvan ‘Smilewound’ (2013) hun laatste is. De band heeft globaal enorm veel succes, waaronder ook in de Verendigde Staten, Europa en Rusland.
Deze avond spelen ze onder de huidige line-up van Örvar Þóreyjarson Smárason (frontman/keyboards/gitaar/mond-accordeon en electronics), Gunnar Örn Tynes (piano/gitaar), Hildur Gudnadottir (zang/basgitaar), Samuli Kosminen (drums/percussie) en Gyda Valtysdottir (zang/cello/gitaar).

Al vanaf de eerste song voelde hun muziek aan als een zacht schapenvel die mij verwarmde. Het publiek in de Notre Dame was muisstil, sereen en heel respectvol. Een beter publiek dan hen, die avond… kan ik mij moeilijk voorstellen. Als nieuwkomer binnen hun muziek, ontdekte ik dat Múm’s sound geen ééndagsvlieg is. Múm klinkt voor mij ietwat sereen aan de oppervlakte, maar complex gelaagd in de diepte. Dit maakt hun muziek zo boeiend om bewust te beluisteren, en beter nog… ‘Te beleven’ tijdens dit prachtige concert. Tijdens verschillende songs werd mond-accordeon gebruikt, wat hun muziek op een fragiele manier nog voller deed klinken. Als je het mij vraagt: een grote meerwaarde. De samenzang van Hildur en Gyda klonk ook ronduit hemels. Ik zag zonder twijfel, alleen maar top-muzikanten op het podium. En wat ze samen voortbrengen, is pure magie, zo fijn geslepen als een diamant. En dit blijkbaar al vanaf hun eerste langspeler, wat niet iedere band gegeven is. Hun geluid deed mij in momenten ook denken aan muziekgroepen als Low, Lamb en EF. Wat ik een groot compliment vind. Topnummer van de avond was voor mij “There Is a Number of Small Things”. Het nummer bevat fijngepolijste elektronische effecten, zo’n meeslepende melodielijn, prachtige zang en dwingt je uiteindelijk tot een mentale ‘shutdown’. Waardoor je wegzinkt in diepe rust en dankbaarheid.
Maar niet enkel de muziek stond vanavond als een huis. De integere maar toch humoristische bindteksten, de dankbare houding van de muzikanten en mooie moderne dans van Gyda maakten alles nog persoonlijker. Ook vind ik het belangrijk om de gehele organisatie even in de verf te zetten: zonder de prachtige belichting met mooie effecten/patronen, de unieke locatie en het nagenoeg perfect geregelde geluid was deze avond niet zo compleet als ze was.
Na het laatste nummer van ‘Yesterday Was Dramatic, Today is OK’, kreeg Múm van bijna iedereen en staande ovatie.

Na lang applaudisseren, werden we nog één maal verwend met “We Have a Map Of the Piano” als bonus. Na een laatste staande ovatie en diepe buiging van de muzikanten was het concert tot zijn einde. Ieder van ons keerde volgens mij, met een verzadigd gevoel van dankbaarheid en warmte naar huis.
Wie er niet bij was, mag spijt hebben. Want het was een prachtige avond. Bedankt Múm, en bedankt Botanique, voor de puike organisatie!

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Bjørn Berge

Bjørn Berge - Het perfecte huwelijk tussen Blues en rock-'n-roll

Geschreven door

Bjørn Berge is een Noorse Blues/rock artiest die van enorm vele markten thuis is. Persoonlijk leerden we Bjorn kennen via de band Vamp. Ondertussen heeft Bjørn echter al aan vele projecten deelgenomen, en bracht recent een knappe solo plaat uit 'Who Else?'.

Bjørn Berge stond helemaal alleen op het podium van N9 in Eeklo. Deze zeer gezellige zaal is perfect gelegen, en bij het binnenkomen voelde het aan als thuiskomen. Voor ondertekende was het, tot mijn schaamte, de eerste maal dat ik deze zaal heb bezocht. Het zal op basis van die bijzonder magische sfeer, binnen een intieme omgeving, niet de laatste keer zijn.
Bjørn Berge liet niet alleen zien wat voor een getalenteerd gitarist hij wel is. Eveneens viel het uitzonderlijk spelplezier dat hij uitstraalt en de dosis humor ons enorm op, wat trouwens aanstekelijke werkte op het publiek.
Bjørn liet ons in een interview vooraf weten dat hij vooral muziek is beginnen spelen omdat hij beïnvloed is door gitaar muzikanten, en dus gitaar wilde spelen. Ook live draait het dus geheel rond dat instrument. Echter krijgen we geen gezapig en relax concert aangeboden, nee het resulteert eerder in het perfecte huwelijk tussen rock en Blues. De man durft experimenteren, slaat aan het improviseren en plaagt zijn publiek voortdurend. Hij ontpopt zich dus eveneens tot een klasse entertainer, die als een clown of illusionist in het circus zijn publiek een aangename avond wil bezorgen.
Ook al klinkt in zijn muziek veel verdriet, dat laatste trok ons bij dit concert eveneens enorm over de streep. Op zijn eentje voelt hij zich bovendien als een vis in het water, zijn enthousiasme en de natuurlijke wijze waarop hij als gitarist klanken uit dat instrument tovert, waarbij vele virtuozen verbleken, is daar niet alleen het levend bewijs van. Dat liet ons eveneens met verstomming achter.
De man houdt bovendien van aangename verrassingen breien aan zijn optredens. Naast eigen werk zwiert hij daar soms stukjes “Burn/Ramblin My Mind” of “Locomotive Breath” tussen van Jethro Tull. En daarbij vertelt dat hij dat hij in zijn jeugd een uitzondering was die luisterde naar oudere muziek, beïnvloed door zijn 7 jaar oudere broer. Terwijl zijn klasgenoten luisteren naar bijvoorbeeld Bon Jovi ging hij o.a. dus voor Jethro Tull en dergelijke meer. In de bisronde doet Bjørn er nog wat scheppen bovenop door een verschroeiende versie, met toch ook een sausje Blues overgoten, te brengen van “Black Jesus” (Everlast) en “Ace of Spade” (Motorhead). Wat nog maar eens de veelzijdigheid van deze snaren plukker bewijst.

Besluit: Dat Bjørn Berge een uitzonderlijk getalenteerde gitaar virtuoos is, die zoveel emoties in zijn songs verstopt dat hij een snaar raakt van zowel de rock als Blues liefhebber, dit wisten we al dankzij zijn recente schijf. Ook live verbindt hij beide muziekstijlen alsof dat de normaalste zaak van de wereld is. Hij gooit daar tonnen charisma bovenop, waardoor je de perfecte show krijgt voorgeschoteld die je enerzijds doet headbangen en, in zoverre dat dit lukt met zitplaatsen, compleet uit de bol doet gaan. Anderzijds zit je achterover leunend te genieten van de warme blues sound die de haren op je armen doen rechtkomen van innerlijk genot. De man speelt dus niet alleen op plaat, maar ook op het podium met de emoties van de aanhoorder en bezorgt je daardoor een perfecte avond die zowel je Blues als rock hart raakt. Dit allemaal op een gevarieerde wijze.
Als klap op de vuurpijl zet hij bovendien het instrument gitaar in een zodanig daglicht dat ook daar grenzen worden afgetast en verlegd. En ook dat getuigt van pure klasse.

Knappe soloplaat ‘Who else?’ - Wij hebben de nodige aandacht besteed aan de plaat
http://www.musiczine.net/fr/chroniques/item/74740-who-else.html  
http://www.musiczine.net/nl/cd-reviews/item/75178-who-else.html

Organisatie: N9, Eeklo

Beoordeling

Föllakzoid

Föllakzoid - Twee driftige Walen spelen vier stonede Chilenen naar huis

Geschreven door

Föllakzoid - Twee driftige Walen spelen vier stonede Chilenen naar huis
La Jungle + Follakzoid
Botanique (Rotonde)
Brussel
2019-09-08
Sam De Rijcke

Bands kunnen evolueren, en dat is maar goed ook. Maar soms gaat het de verkeerde richting uit, of zelfs helemaal geen richting.

Wij houden nochtans van Föllakzoid omwille van die bedwelmende psychrock van de eerste twee platen. Maar die verdovende psychrock heeft nu moeten plaats ruimen voor een soort repetitieve psych-techno die niet bepaald overloopt in variatie. Op de plaat klinkt het nog zo slecht niet, best wel lekker relaxed en nog altijd een beetje spacy. Het album bevat eigenlijk ook geen songs, het is eerder één lange hypnotiserende trip in vier bedrijven, en dat is duidelijk ook de bedoeling.
Maar live is die nieuwe formule toch wat te dunnetjes. De band streeft datzelfde hypnotiserende effect na van de plaat, maar de machine sputtert hier en daar. In plaats van onder hypnose drijft het ons eerder naar een staat van verveling. Te lang dezelfde beat, te veel richtingloze gitaareffectjes en te weinig groove. Het ontploft nergens, het smeult alleen maar een beetje. Föllakzoid weet ons geduld danig op de proef te stellen. Toch voel je ergens wel dat ze het kunnen, mochten ze willen tenminste. Het voelt een beetje aan alsof Föllakzoid gans de tijd zit te hunkeren naar een hoogtepunt dat maar niet mag komen. Zijn ze dan echt impotent of doen ze gewoon alsof ? Wij vermoeden dat laatste. ’t Is eens iets anders, impotentie faken.
Föllakzoid brengt hoogstens wat voorzichtig heupwiegen teweeg, maar slaagt er nooit in de zaal in de juiste vibe te brengen. En een brandende kaars doorgeven in het publiek helpt al zeker niet, we zijn hier niet in Lourdes.

Hadden wij op voorhand een knoert van een joint door onze aderen gejaagd dan waren we misschien nog in de juiste flow geraakt, maar in nuchtere toestand kan Föllakzoid ons geenszins begeesteren. We schrijven hen echter niet af, daarvoor zijn we te veel fan van hun eerste plaatjes.

Des te pijnlijker is het dan ook voor deze Chilenen om nota bene door twee driftige Walen, die bij wijze van spreken met de vélo naar hun optreden konden komen, naar huis gespeeld te worden.
La Jungle is immers wel bij de les. Opzwepende songs, ritme en groove ten over en een uiterst energieke sound. Een opgehitste drummer en een frontman die zijn gitaar een geslaagd huwelijk doet aangaan met opwindende elektronica, meer heb je niet nodig om er een hitsig en aanstekelijk half uurtje van te maken. La Jungle is zoveel heter, pittiger en gejaagder dan de vele Vlaamse bandjes die dezer dagen zo gehyped worden. Het wordt zo stilaan tijd dat ze dat in Vlaanderen eens ontdekken.

Met dank aan La Jungle is dit toch nog een geslaagde avond. Voor Föllakzoid zullen we een kaarsje doen branden in de hoop naar beterschap.

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Pagina 107 van 386