logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Ora Cogan
Afghan Whigs
Concertreviews

James Leg

James Leg - Nog lang niet moegestreden

Geschreven door

James Leg - Nog lang niet moegestreden
James Leg
Paulusplein + Kaffee-Ine
Oostende + Mechelen
2019-08-16 + 2019-08-17
Ollie Nollet

Eerst kreeg ik op de Paulusfeesten nog de kans om Humanga Danga, die ik op Rock Zerkegem net miste, mee te pikken. Vier heren, strak in het zwarte pak, speelden ondanks het miezerige weertje ten dans op het Paulusplein. Aanvankelijk vond ik ze wat braaf maar besefte al snel dat dit wel een beetje eigen is aan het genre. The Ventures, aan wie ze me deden denken, waren ook niet meteen branieschoppers terwijl Dick Dale, van wie ze een cover brachten, zijn muziek pas in de herfst van zijn carrière een venijnige powerinjectie gaf. Deze groep uit Gent bracht vrij authentieke surf waarin ik me steeds beter kon vinden. Af en toe hoorde ik wat exotische invloeden, iets waar de surfbandjes uit de jaren ‘60 ook niet vies van waren. Maar het was toch vooral de inventieve leadgitaar van Stefan Valenbergs die Humanga Danga ver boven de middelmaat uittilde.

Daarna toch maar eens gaan kijken naar Cosmo’s Foger-T. Nochtans moet ik niets hebben van tributebands maar het ging hier om Creedence Clearwater Revival en de bezieler van dit project was ene Frankie Saenen die nog bij The Kids en (vooral) The Scabs zou gespeeld hebben. Zo’n vijf minuten kon dit me boeien tot duidelijk werd dat de stem van John Fogerty moeilijk te imiteren valt. Het leek erop alsof drummer-zanger Saenen voortdurend op zij adem trapte. Toch was het leuk om er nog eens aan herinnerd te worden wat voor een onvoorstelbare hitmachine C.C.R. moet geweest zijn.

Volgend jaar zal het tien jaar geleden zijn dat de Black Diamond Heavies ermee ophielden, het einde van -ik wik mijn woorden- één van de beste livebands ooit. De kans op een reünie is onbestaande dus moeten we verder met frontman James Leg, die na de split gewoon bleef doorgaan. Maar het niveau van de Black Diamond Heavies bereikte hij nooit meer. Niet alleen omdat zijn drie soloplaten (en nog eentje met Left Lane Cruiser) net iets minder waren dan die van Black Diamond Heavies maar vooral omdat hij er nooit in slaagde een vaste drummer te vinden. Een probleem dat zich net voor deze korte tour opnieuw stelde. Amper enkele dagen voor het eerste optreden liet zijn Franse drummer weten ermee op te houden. Hoe hij het voor mekaar kreeg weet ik niet maar toch vond hij nog een vervanger en wat voor ene! Livia Ranalli, drumster bij The End Men, een heavy blues rock band uit Brooklyn, die onlangs naar Leipzig verhuisde. Een goeie drumster (eindelijk eens iemand zonder metal achtergrond) en esthetisch gezien zeker geen slechte zaak. Maar met beperkingen uiteraard, vooraf kende ze de muziek van James Leg totaal niet. Laat ons zeggen dat ze zich schitterend uit de brand wist te slepen.
Mooier kon James Leg zijn set niet beginnen: met twee Black Diamond Heavies klassiekers, “Take a ride” (T-Model Ford) en “Poor brown sugar”. Ondanks de gietende regen bevond ik mij in de zevende hemel maar toen sloeg het noodlot in de vorm van een blokkerende bastoets toe. Dit soort incidenten gebeuren om de haverklap met zijn Fender Rhodes maar dit keer betrof het zijn bas keyboard en dat bleek net iets lastiger om te herstellen. Dat heb je natuurlijk als je werkt met vintage materiaal dat je ergens goedkoop op de kop kon tikken. Maar het volk bleef geduldig (zo’n tien minuten) en doorweekt wachten.
Volkomen terecht want wat na de panne volgde was een James Leg grand cru. Bij een vorige keer dat ik hem zag vroeg ik me nog af of de houdbaarheidsdatum niet stilaan in zicht kwam maar hier werden alle twijfels weggeveegd. Een zichtbaar gelukkige James Leg (een nieuw lief! en nee, niet de drumster) molesteerde als vanouds en met veel souplesse zijn Fender Rhodes terwijl zijn stem opnieuw de juiste dosis rauwheid bevatte. Zijn bezeten mix van blues, soul, gospel, folk en rock-‘n-roll, gebracht met een niet aflatende gedrevenheid, kent nog steeds zijn gelijke niet. James Leg lijkt na al die jaren ook een meester in het naar zijn hand zetten van andermans nummers te zijn geworden. Zo hoorden we niet onmiddellijk herkenbare maar knappe versies van “A forest” (The Cure) en “Can’t stop thinkin’ about it” (The Gories), niet echt voor de hand liggende keuzes. En hoewel hij al enkele jaren de drank heeft afgezworen lijkt “Drinking too much” (van het Australische The Kill Devil Hills, dit jaar nog gezien op Binic Folks Blues Festival) zijn lijflied te zijn geworden. Ondanks de barre weersomstandigheden zal James Leg er in Oostende ongetwijfeld heel wat fans hebben bijgewonnen.

‘s Anderendaags sloot hij zijn tour af in Mechelen. Kaffee-Ine is een koffiebar in het centrum van Mechelen waar sinds kort ook live muziek gepresenteerd wordt. Op korte tijd konden ze zelfs twee van mijn absolute favorieten strikken: Margaret Airplaneman en nu dus James Leg. Hoog tijd voor een kennismaking. Het knap ingerichte pand leek niet meteen geschikt voor optredens (wat krappe ruimte) maar het warme onthaal maakte veel zo niet alles goed. Dat plaatsgebrek zorgde overigens wel voor een unieke opstelling. Zo stond het orgel frontaal tegen het drumstel opgesteld wat het optreden beslist een stuk intiemer maakte. De set bestond uit dezelfde songs, weliswaar in een andere volgorde geschoffeld, als in Oostende. Het is ooit anders geweest maar wat wil je met twee muzikanten die amper tien dagen geleden voor het eerst samen speelden. Een al vlug in het zweet badende James Leg en een spraakzame Livia Ranalli hadden er duidelijk zin in en maakten er een stomend feestje van in een vol gelopen Kaffee-Ine.
Het enige wat je James Leg zou kunnen verwijten is het gebrek aan nieuwe nummers. Maar achteraf beloofde hij daar werk van te maken. In de loop van dit en volgend jaar zou hij maar liefst vier singles willen uitbrengen, gevolgd door een volwaardige LP. Daarnaast zijn er ook plannen om met The Immortal Lee County Killers nieuw materiaal op te nemen. Aan grootse plannen geen gemis, zoals altijd trouwens, maar of ze ook verwezenlijkt zullen worden valt nog af te wachten …

Organisatie: Paulusfeesten, Oostende + Kaffee-Ine, Mechelen

Beoordeling

Fame The Musical

Fame The Musical - I’m gonna live forever!

Geschreven door

Het is een traditie geworden in de zomervakantie om naar het Kursaal van Oostende te trekken . Opnieuw haalde de organisatie een internationale show naar Oostende . Na o.m. Evita, Mamma Mia, Dirty dancing, Footloose en Flashdance werd dit jaar Fame gestrikt.

De zomershows zijn in het genre van musicals een succesverhaal. 7 shows werden in het Kursaal aangeboden tussen 5 en 10 augustus.

De musical is gebaseerd op de gelijknamige cultfilm uit de jaren tachtig. De film haalde twee Oscars binnen voor beste song en beste soundtrack.

“Fame - I’m gonna live forever” … De song (Irene Cara) zit in ons geheugen gegrift. De muziek wordt tijdens de musical tijdens elke performance live gebracht.

De gelijknamige musical viert momenteel haar dertigste verjaardag en kwam hiervoor exclusief naar België.. ‘Fame The Musical’ wordt gebracht in de originele Engelstalige versie. En jawel deze moet je gezien hebben …

Het verhaal
De musical Fame vertelt het verhaal over een groep studenten van de High School of Performing Arts, die les volgen in dans, muziek en zang; ze dromen van een carrière aan de top. Maar verschillende hindernissen en tegenslagen loeren om de hoek. Die problemen zijn ook vandaag nog ‘hot items’ zijn zoals identiteitscrisis, trots, seksualiteit, verslavingen, vooroordelen en doorzettingsvermogen.

Klassiek en Modern - Dansen en Zingen - de musical is in zijn geheel sprankelend, energiek, opwindend , flashy en flitsend . En evenzeer integer, pakkend , gevoelig , zeker het tweede deel zorgt voor een krop in de keel en kleeft aan de ribben, waar emotionaliteit en spanning heerst .
In de hoofdrollen zien we Mica Paris. Zij speelt Miss Sherman, één van de leerkrachten van de Fame academie, en haar stem gaat door merg en been . Met een knipoog aan haar idool Marvin Gaye, die Oostende in het hart droeg …
Fame is opnieuw een pracht van een spektakel zet van het Kursaal , door de talrijke dansmoves , wisselende zangpartijen en samenzang. Spitsvondige teksten en een dosis humor siert .
De muziek en de volledige show wordt zoals altijd helemaal live gebracht. Muzikaal spektakel, zangtalent van het hoogste niveau en fenomenale choreografie . Kortom, een prachtig dansfeest opnieuw. Sjiek!

Fame The Musical - I’m gonna live forever!
Fame The Musical
Kursaal
Oostende

Organisatie: Kursaal Oostende

Beoordeling

Flipper

Flipper - Met dank aan David Yow

Geschreven door

 Het blijft een vreemd verhaal, dat van Flipper. De band ontstond in 1979 in San Francisco en na amper zes maanden werd oprichter en bedenker van de groepsnaam reeds ontslaan wegens teveel ongeleid projectiel nadat hij onder meer tijdens een optreden al zwaaiend met zijn microfoonstandaard de bassist K.O. mepte. Met zijn vervanger, Bruce ‘Loose’ Calderwood, die eigenlijk als origineel lid mag beschouwd worden, verschenen de eerste platen en verwierf de band een zekere cultstatus tot bassist Will Shatter in 1987 stierf aan een overdosis.
Drie jaar later werd de groep heropgestart met John Dougherty tot ook die in 1993 het leven liet. Daarna duurde het twaalf jaar vooraleer Flipper terug overeind krabbelde om tot op heden stand te houden, weliswaar met een komen en gaan van bassisten, waaronder ook Krist Novoselic van Nirvana. In 2015 moest ook zanger Bruce Loose wegens rugproblemen afhaken. Hij werd door niemand minder dan David Yow (The Jesus Lizard) vervangen en sinds kort maakt ook Mike Watt (The Minutemen, fIREHOSE,..) deel uit van wat men stilaan een supergroep mag noemen. Een gouden zet om Flipper in leven te houden want sinds die eerste drie platen begin jaren ‘80 verscheen er nauwelijks nieuw werk en als er al eens iets uitkwam bleek dat steeds inferieur. Flipper wist al die jaren te overleven dankzij een stevige live reputatie en die deden ze ook in Gent alle eer aan.

Gitarist Ted Falconi zag eruit als een woudloper op leeftijd met een perkamenten huid terwijl zijn gitaar duidelijk al evenveel natuurelementen had getrotseerd. Samen met drummer Steve DePace en de immer goedlachse Mike Watt stond hij op het podium wat te keuvelen, wachtend om er dan stipt om 21u aan te beginnen met “The Light, The Sound”. Zanger David Yow ging vanaf de eerste noten meteen hangen aan een grote jongen vooraan en die innige verstrengeling werd niet meteen gelost. Meteen werd duidelijk dat het beest in de nu 59-jarige Yow nog lang niet getemd is. De gekste capriolen uithalend op het podium, worstelend met zijn microfoonstandaard maar ook veelvuldig rondhossend tussen het volk bleef hij voortdurend de aandacht naar zich toe zuigen. Dat gebeurde altijd spontaan en onvoorspelbaar zodat het nooit storend werd. Bovendien vertoonde zijn, in alcohol gemarineerde, stem geen sporen van sleet zodat je rustig kan stellen dat Yow de beste zanger is die Flipper ooit had. Er was verassend veel volk komen opdagen en ook daar zal hij wel voor iets tussen gezeten hebben.
Ver hoefde je niet te zoeken om iemand in een Jesus Lizard shirt te vinden. Met zo’n frontman zou je haast vergeten dat er ook nog een groep op het podium stond. Wat bescheiden -Ted Falconi stond meestal met zijn rug half naar het publiek gekeerd- zorgden ze voor een stevige, aanstekelijke sound. Meestal wordt Flipper onder de post hardcore gecatalogeerd. Een nogal manke omschrijving voor een mix van sludge, grunge en punk. Meestal traag, bas gestuurd en met een zichzelf voortdurend herhalende gitaar die bol stond van de distortion. Alle nummers dateerden uit de periode ‘81-‘84: de allereerste singles (die soms op latere platen opnieuw opdoken) en nummers uit de eerste twee LP’s, ‘Generic Flipper’ en ‘Gone fishin’’. Het zal wel geen toeval zijn dat het latere werk straal genegeerd werd. Het was niet alleen de enige juiste keuze, sommige van die oude nummers zoals “Sacrifice” bleken na al die jaren aan intensiteit gewonnen te hebben. “Sacrifice” werd trouwens samen met The Melvins opnieuw opgenomen voor de recente EP, ‘Hot Fish’. Logische uitsmijter werd “Sex bomb”, hun doorbraaksingle uit ’81. Niet veel meer dan een slordige riff maar wel het sein om compleet loos te gaan en waarvoor ze zelfs een jonge saxofonist bereid vonden, om net als op de plaat, wat te komen meetoeteren terwijl een ontketende David Yow zijn sex bomb tussen het volk zocht.

40 jaar bestaat Flipper intussen maar dankzij de inbreng van Mike Watt en vooral David Yow bleek de groep veel meer te zijn dan zomaar een nostalgie-act.

Vooraf zagen we nog We Are The Asteroid, een drietal uit Austin, Texas, waarvan ik toch iets verwachtte. Al was het maar omdat Amyl van The Sniffers op hun laatste single even mag meezingen. Ze begonnen mooi met een monumentaal klinkende gitaar in een volvette instrumental. Daarna bleef de stevige sound nog overeind maar de muzikale gekte waarin de groep zich wentelde was lang niet altijd even inspirerend. Soms mijmerde ik dat stadsgenoten Ed Hall dit lang geleden zoveel beter hadden gedaan. Toch had We Are The Asteroid zeker wel zijn momenten zoals in dat ene nummer dat opgehangen werd aan een verloren gewaande Black Sabbath-riff. Leuke opwarmer maar ook niet veel meer dan dat.

Organisatie: Democrazy, Gent

Beoordeling

Cloud Nothings

Cloud Nothings - Allesverslindende show op een nagelbedje van rauwe punk

Geschreven door

In plaats van een zonnige zomeravond, waar velen waarschijnlijk op hoopten, moest de zon plaats ruimen voor grijze, koelere wolken. Maar och ja, wat kon het mij eigenlijk schelen. Ik kwam gewoon voor de indie-rockband Cloud Nothings en ik vond het geen probleem om deze avond te delen in hun punkattitude.

Voorprogramma van dienst was de Gentse formatie: Teen Creeps. Een volgens hun facebook in muziekgenre omschreven ‘post-anything’ band. Omdat ik hen nog niet kende, wist ik dus lekker niet wat te verwachten. De band startte met een stevig eerste nummer dat hun volgende songs ook goed zou karakteriseren: stevig, up-tempo, melodieus en dit alles met een ‘grungy’ topping. Als ik de band toch mag categoriseren, zou ik vooral opperen voor post-punk. Teen Creeps deed mij op bepaalde momenten ook denken aan bands als Title Fight, Supergenius en Self Defense Family. De zanger heeft een ruwe stem, maar die wisselde hij vaak af met cleane vocalen, die jammer genoeg soms vals klonken (om toch maar een punt van kritiek te leveren).
Wat mij opviel was de grote hoeveelheid van mensen die ook al waren afgezakt vanaf het voorprogramma. De band werd door hen steeds onthaald met een gemeend en enthousiast applaus. Duidelijk was dat iedereen -waaronder mijzelf ook- genoot. En vooral: Teen Creeps was naar mijn bescheiden mening het ideale voorprogramma voor Cloud Nothings. Check gerust hun debuutalbum ‘Birthmarks’, ik ben geboeid en zal dit zeker ook doen.

Een dikke tien minuten vroeger dan aangegeven hoorde iedereen plots hard en straight-forward gitaarwerk vanop het podium. Geen aankondiging, niets. Het was overduidelijk ook geen soundcheck, daar klonk het te goed voor. Het was wel gewoon Cloud Nothings, die er al aan begon en zijn laars lapte aan de vooropgestelde timing. En eerlijk gezegd, ik vond dit op zich al heerlijk. Ook had Cloud Nothings geen set-list of dergelijke bij, ze wilden gewoon spelen en hun ding doen. Echt punk dus!

Na het eerste snelle nummer passeerden verschillende songs aan hoog tempo de revue. Mijn zintuigen werden geprikkeld door de strakke gitaarsolo’s, het vele jammen tussen verschillende nummers door, de verscheidene melodieën/tempo’s die elkaar afwisselden en de bijna feilloze stem van Dylan Baldi (frontman, zanger/gitarist). De vier leden van Cloud Nothings speelden hiernaast ook nagenoeg perfect samen. Voor mij zagen ze er eigenlijk als drie verjaarde studenten die een café concert kwamen geven, maar zonder enig besef van elkaar dat ze de keet wel plat speelden.
Dit was ook duidelijk zichtbaar aan het publiek die heel enthousiast genoot van het optreden. Ondanks deze de laatste van hun Europese tournee was… kwamen ze, smeten ze zich volledig en gaven ze een concert van topniveau.
Een perfecte set list heb ik niet, maar deze nummers werden ons zeker op een nagelbedje van punk gepresenteerd: “No Future/No Past” - “Separation” - “Psychic Trauma” - “Modern Act” - “I’m Not Part of Me” - “Quieter Today” - “Our Plans” en “In Shame”. Hun magnifieke set eindigde met een keihard nummer en een rauw, noisy einde. Ik voelde dat het (meer dan) goed was.

Wat een band! En wat een allesverslindende show. Hopelijk komen ze snel terug, dan zal ik zeker opnieuw van de partij zijn.

Organisatie: Democrazy, Gent

Beoordeling

All-Seeing Eyes + Margaret Airplaneman

All-Seeing Eyes + Margaret Airplaneman - Memorabele avond

Geschreven door

De wegen van Johnny Walker (All-Seeing Eyes) en Margaret Airplaneman kruisten elkaar in Lille en dat wou ik onder geen beding missen. Plaats van de afspraak was l’Imposture, een sympathieke bruine kroeg qua capaciteit te vergelijken met de Pit’s en waar de rock-‘n-roll in de vorm van talloze vergeelde affiches van de muren droop. Ik voelde me er meteen op mijn gemak en het werd bovendien een memorabele avond waar ook oude bekende James Leg getuige van was.

Niet dat we iets wereldschokkends meemaakten. Margaret Airplaneman durfde al eens een noot te missen en All-Seeing Eyes borduurden gewoon voort op de nalatenschap van de Soledad Brothers maar de passie en de liefde waarmee ze hun ding brachten maakte het onweerstaanbaar. Dit zijn van die zeldzame artiesten die je gewoon dood wil knuffelen.
Vorig jaar zag ik Mr. Airplane Man schitteren op het Binic Folks Blues Festival, voor deze tour moest Margaret het, na het afhaken van een zieke Tara McManus, alleen zien te klaren. Maar hier in Lille zorgde ze voor een unieke setting.
De eerste paar nummers liet ze zich bijstaan door drummer Matt Ayers, daarna mochten ook de overige leden van All-Seeing Eyes het podium op. Nu kennen Johnny Walker en Margaret Garrett elkaar wel en probeerden ze vroeger al eens iets samen, toch bleef deze onverwachte bezetting onuitgegeven. Het haalde wel wat de vaart uit de set - voor ieder nummer dienden er immers telkens afspraken gemaakt te worden - maar dat nam ik er graag bij.
Vooraf had Margaret haar muziek omschreven als ‘John Lee Hooker ontmoet The Velvet Underground’ en dat klopte grotendeels wel. Vooral die laatsten kwamen soms, met dank aan de band, uitdrukkelijk om de hoek piepen. Heel veel verschil met Mr. Airplane Man is er niet. Ook hier drapeerde Margaret haar zweverige zang op een bedje van gruizige gitaren met duidelijke wortels in de blues. Wellicht iets etherischer, breekbaarder en een stuk opgeschoven richting drone blues. Het kwam het hypnotiserende aspect alleen maar ten goede en zorgde voor een wat mysterieuze sfeer. Toch was het vooral die bedwelmend mooie gitaar die me aan haar voeten kluisterde. Gruizig en subtiel tegelijkertijd, ingetogen maar toch niet te verlegen om af en toe eens uit te halen.
Mijn favoriete nummers bleven, buiten “I’m in love”, achterwege en veel songs kon ik niet meteen thuiswijzen. Maar ook dat vormde geen enkel bezwaar om me in complete vervoering te laten brengen door een fenomenale Margaret Airplaneman, die nu ook een solo cd (vinyl volgt later) uit heeft: ‘Live at the Charles River Museum of Industry’.
De Soledad Brothers maakten het mooie weer tussen 1998 en 2006. Een sensationele liveband die ik toen ettelijke keren aan het werk zag. Helaas bleek het sprookje na acht jaar definitief uit. Er werd nog een reünie aangekondigd maar die werd in laatste instantie dan toch weer afgeblazen. Frontman Johnny Walker zag ik nog terug met Cut In The Hill Gang (de laatste keer samen met James Leg) en ook solo zo’n acht jaar geleden. Flink verouderd en wat bijgekomen maar het heilige vuur is hij duidelijk nog lang niet kwijt.
Hij heeft naar eigen zeggen de laatste jaren wat geld verdiend als arts zodat hij nu opnieuw kan doen wat hij graag doet. Daar kunnen we alleen maar blij mee zijn. Met drummer Matt Ayers (ook te horen op enkele platen van James Leg) en bassist Kane Kitchen (beiden van de Cincinnati, Ohio band The Guitars) heeft hij nog maar eens een nieuwe band uit de grond gestampt. Cut In The Hill Gang vond ik destijds altijd nogal stroef klinken maar met All-Seeing Eyes (uitvalsbasis Dayton, Kentucky) lijkt de souplesse van de Soledad Brothers teruggekeerd. Blues die schaamteloos mikt op de heupen, wat klonk dit weer swingend.
Uiteraard was het een feest om die paar oude Soledad Brothers songs (waaronder “Break ‘em on down”) terug te horen maar het nieuwe werk klonk minstens even geïnspireerd. Nonchalant peuterde Walker de ene na de andere infectueuze stomende riff uit zijn gitaar en daar was werkelijk geen ontkomen aan. Een scheurende mondharmonica zorgde er nog net voor dat ik niet volledig weggleed in een zaligmakende narcose. Dit was, met dank aan zijn twee kompanen, een Johnny Walker in bloedvorm, zonde dat we hier zolang op moesten wachten. De paar nummers die drummer Matt Ayers zong klonken ietsje harder en leken een voedingsbodem te hebben in de Britse sixtiesblues waarbij ik dan vooral aan Savoy Brown denk.
Het zorgde voor de nodige afwisseling maar de verrassing van de avond was zonder twijfel de cover van “Et moi, et moi, et moi”. Het werd een erg vrije, veramerikaniseerde interpretatie en een mooi eerbetoon aan monument Jacques Dutronc.

Margaret Airplaneman en All-Seeing Eyses zorgden last minute voor een zweterig avondje in Lille die nog lang zal nazinderen.

Organisatie: Imposture, Lille

Beoordeling

Rammstein

Rammstein - Hier kommt die rookpluim!

Geschreven door

Tien jaar heeft het geduurd maar dit jaar was het eindelijk zo ver. Het nieuwe album van Rammstein ligt in de rekken. Gelukkig was de inspiratie voor de nieuwe nummers groter dan bij het kiezen van hun albumnaam. ‘Rammstein’ heet de nieuwe plaat met een nieuw geluid. Meer techno en beats verweven met de vertrouwde metal en gothic.

Nog steeds in de originele bezetting schuimt dit zestal de Europese stadions af. Kilo’s vuurwerk en ontelbare gasflessen werden richting Brussel gesleurd om allemaal in rook te zien opgaan. Geen nummer gaat voorbij of er gebeurt wel iets. Dat is nu éénmaal de sterkte van Rammstein. De performance die wordt gebracht is onafscheidelijk met deze Duitsers. Het is belangrijk maar de songs zijn nog steeds het belangrijkste. In tegenstelling tot andere metalbands van middelbare leeftijd slaagt Rammstein er wel in om nieuwe nummer uit te brengen die aanslaan. Bewijs daarvan, acht van de elf nummer op de nieuwe plaat werden live gebracht. Beginnen met “Was Ich Liebe” en later met “Zeig Dich” die zelf een vleugje gospel bevat. “Diamant” was als ballade stilte voor de storm want achtereenvolgens kregen we “Deutschland” en “Radio”.
Ondertussen was de kinderwagen bij “Puppe” vakkundig in brand gestoken en gingen de handen ritmisch de lucht in bij “Mein Herz Brennt”. “Sonne” werd gebracht in een vuurzee waarbij ons haar recht kwam op onze armen en vervolgens werd afgebrand. “Ausländer” klinkt dan weer heel melodieus en doet ons een seconde denken aan Zoutelande. Op het einde galmde “Ich Will” door de boxen.
We hebben Rammstein kunnen zien, we hebben ze gehoord en ook gevoeld. Ze kennen hun gelijke niet in de metalwereld. Dat je een groot publiek kan bereiken door een perfect uitgekiende show te brengen , hebben ze perfect gesnapt. Want onder de 45000 aanwezigen zijn er zeker die het visuele primeren boven de muziek. Het is een staaltje Duitse efficiëntie, oerdegelijk gebracht door vakmannen die erin slagen om van begin tot einde te entertainen. Het is geniaal en hun nummers  zijn tegelijk zeer simplistisch. Dat hebben ze van hun landgenoten van Kraftwerk  geleerd. Een invloed die ze de jongste jaren niet meer onder stoelen of banken kunnen steken.
Rammstein zal altijd stof doen opwaaien, laat nu net dat hun bedoeling zijn. Heel wat spierballengerol en gevoelige thema’s die voor controverse zorgen , worden niet uit de weg gegaan. Hoe ver kan je daarin gaan? Op die slappe koord balanceert Rammstein al 25 jaar. Iets waar ze verdomd goed in zijn en al die tijd overal mee weg komen. Ze zijn meesters in hun vak, misschien wel enig in hun ideeën en dat heeft hen een wereldwijd monopolie bezorgd. Het is een groot toneel van choqueren waarbij de grens wordt afgetast van spot en humor. Een uitlaatklep van zes voormalige Oost-Duitsers die van horen zeggen in de normale omgang zeer rustig en zelf kunstzinnige mensen zijn. Niets is wat het lijkt maar toch is het er bij Rammstein.

Een uitgekookt Boudewijnstadion genoot van deze passage van Rammstein. Geen afscheid want volgend jaar volgt nog een passage in Oostende. Wat de toekomst dan brengt , weet niemand. Stoppen op dit nooit eerder gezien hoogtepunt of toch nog eens die grens proberen te verleggen van het toelaatbare. Als we dit hebben gezien gaan wij voor optie twee!

Organisatie: Greenhouse Talent

Beoordeling

Neil Young

Neil Young + Promise Of The Real - Nog lang geen oude man

Geschreven door

Het was ondertussen al drie jaar geleden dat Neil Young en zijn Promise Of The Real ons land een bezoekje brachten. Na een solocarrière van vijftig jaar (als je zijn jaren met Buffalo Springfield niet meetelt) en rond de veertig studioalbums hoeft de Canadees al lang niet meer te worden geïntroduceerd. Op zijn gezegende leeftijd van 73 tourt hij nog steeds lustig rond, en krijgt sinds enkele jaren hulp (alsof hij die nodig zou hebben) van Promise Of The Real. Frontman van die band? Lukas Nelson, zoon van Willie Nelson.

De eer om de avond te openen was echter weggelegd voor de Britse band Boy Azooga. Met hun energieke melodieën en bij momenten stevige doorhalen probeerden ze het bombastische Sportpaleis te vullen, al ging hun sound in het begin wat verloren. De stress was duidelijk bij de bandleden af te lezen, tot ze na enkele nummertjes hun draai vonden. Toen ze het publiek meedeelden dat ze al jaren fan zijn van Neil Young, konden ze niets meer mis doen en groeide hun vertrouwen elke minuut wat meer. Het zorgde ervoor dat de band hun voorprogramma sterk kon afsluiten.

Neil Young + The Promise Of The Real - Tien minuutjes na aanvang kwam dan de ster van de avond ten tonele, en net als het voorprogramma eerde ook Neil Young zijn helden. Een t-shirt van Howlin' Wolf met daaronder een paar hippe sneakers, Neil Young geeft echt geen moer om zijn dresscode. Het enigste dat bij de man telt, is muziek, en dat was meer dan in orde. Starten deed de man met een strakke versie van "Mansion On The Hill" waarmee hij het publiek direct meetrok in zijn verhaal. Een verhaal dat Neil Young altijd vertelt zonder al te veel woorden, zo sprak hij het publiek maar aan na een uur spelen. Het concert begon pas om negen, wat twijfels opriep over de duur van het concert. Young staat ervoor bekend shows van drie uur te spelen, maar eerder was al aangekondigd dat zijn show ten laatste om elf zou eindigen. Spoiler alert: de show eindigde niet om elf.

De set van de superster was allesbehalve een best of, zo kregen minder bekende nummers een plek in de spotlight. Grote afwezigen waren "Like A Hurricane", "Heart Of Gold" en verrassend genoeg "Down By The River". De bekende versie waarbij de gitaarvirtuoos het nummer tot twintig minuten uitrekt en daarbij verschillende gitaarsolo's op het publiek afvuurt, was dus niet te horen. Jammer, gelukkig bracht de man een wondermooie versie van "Old Man" en bracht hij iedereen aan het dansen met een lange versie van "Rockin' In The Free World". Afsluiten deed hij echter met "Roll Another Number", een iets minder bekend nummer.
Het publiek liet de nummerkeuze weinig aan hun hart komen, zo ging het dak er net niet af bij "Hey Hey, My My (Into the Black)", waarop elke ziel in de zaal het refrein meebrulde. Het publiek bestond zowel uit jongere als oudere fans, maar van die leeftijdsgrens was er meestal niks te merken. Er werd gesprongen, lustig geklapt en vooral luidkeels meegezongen. Dat was allemaal te danken aan Neil Young, maar ook aan de band, iedereen is duidelijk heel erg goed op elkaar ingespeeld. We waren vooral onder de indruk van het drumwerk, heel energiek en altijd correct. Er kon tussen Young en de rest meermaals een glimlach en een schouderklop af, wat aantoont dat iedereen zich gewoon amuseert.
De mix van meezingers, stevige rocknummers en wondermooie ballads zorgde voor een mooie afwisseling waardoor de twee en een half uur durende set als een trein voorbijraasde. Ook de afwisseling van instrumenten hield de vaart erin, zo werd ons "Are You Ready For The Country" voorgeschoteld met Young op piano. Het toonde nog maar eens aan dat Neil Young nog steeds relevant is en dat hij er duidelijk ook zelf van geniet. Na een carrière van jewelste zou je denken dat er al wat slijt op de grootvader van de country rock zou zitten, maar ook op zijn leeftijd blijft de man zijn stem onaangetast. Zelfs zonder zijn backing band hield hij het Sportpaleis in z'n greep. Hoe hij tijdens "Rockin' In The Free World" een meer dan stevige gitaarsolo uit zijn mouw schudde, deed onze mond kwijlend openvallen. Dat Neil Young nog steeds meester is over zijn instrumenten, is nog steeds een understatement.

Ondanks dat het concert niet volledig uitverkocht was, werd er toch reikhalzend uitgekeken naar de passage van Neil Young. Aanvankelijk bleef het publiek nog rustig, maar het strakke spel van de Canadees en zijn band zorgde ervoor dat het enthousiasme bij elk nummer hoger de lucht in ging. Young kon ontroeren, maar ook ouderwets rocken. Het zorgde voor een divers schouwspel, met als kers op de taart het slotstuk. Niemand weet hoe veel kansen we nog zullen krijgen om deze absolute oerlegende aan het werk te zien, maar laat ons hopen dat dit niet de laatste was.

Setlist: Mansion on the Hill - Over and Over - Mr. Soul (Buffalo Springfield cover) - Love to Burn - The Loner - When You Dance, I Can Really Love - On The Beach - Unknown Legend - From Hank to Hendrix - Old Man - Are You Ready for the Country? - Long May You Run - Fuckin' Up - Cortez the Killer - Cinnamon Girl - Danger Bird - Hey Hey, My My (Into the Black) - Throw Your Hatred Down - Rockin' in the Free World - Roll Another Number

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Gracia Live

Beoordeling

!!!

!!! - Stomend feestje liet ons eerder koud

Geschreven door

Winters weer weerhield er ons van om de aftrap van het voorprogramma, The Bewitched Hands, mee te maken. Het weinige dat we ervan konden meepikken, deed denken aan The Magic Numbers gebracht met de snedigheid van Arcade Fire. Veel wijzer worden jullie hier ongetwijfeld niet van, maar bon, zelf stellen we ons eindoordeel eveneens uit tot op het moment dat we die Franse groep ooit eens een volledig concert geproefd hebben.

Over naar de hoofdact van de avond (waar we trouwens ook niet al te veel woorden aan vuil gaan maken, ze doen dit tenslotte zelf ook niet aan hun groepsnaam): !!! kwam zijn laatste plaat, het maandagavond zeer gepast getitelde ‘Strange weather, isn’t it?’, voorstellen aan de blijkbaar ruime Belgische fanbase. Een blik op het publiek maakte duidelijk dat niet enkel jonge danslustigen, maar ook aardig wat dertig- een veertigplussers van de partij waren. Frontman Nic Offer was zijn enthousiaste zelve, in het eerste half uur – dat met o.a. “AM/FM”, “Wannagain wannagain” en “Jamie, my intentions are bass” haast integraal puurde uit hun laatste plaat - verdween hij drie keer in het publiek om enkele twijfelaars alsnog tot dansen te dwingen.
De eigenlijke set nam ongeveer 70 minuten in beslag, gans die tijd werkte Offer zichzelf, alsook een aanzienlijk deel van het publiek, letterlijk in het zweet dus gebrek aan inzet kunnen we !!! alvast niet verwijten. Andere glansrollen waren er voor de te zelden op de voorgrond tredende saxofonist en achtergrondzangeres.
Heel geslaagd vonden we het optreden echter niet, hun muziek vertoont het gebrek aan variatie dat ook het choreografisch repertoire van de zanger kenmerkt. De mix van dance en rock helt naar onze persoonlijke smaak te veel over naar dance om permanent te kunnen boeien.
In het tweede bisnummer kwamen plots enkele in berenpakken verklede dansers het podium inpalmen waardoor de sleur eindelijk toch wat doorbroken werd, het zegt veel indien we moeten toegeven dat dit één van de hoogtepunten van de avond was...
De echte fans zullen ongetwijfeld geen kwaad woord spreken over deze passage maar een twijfelaar, zoals ondergetekende, werd uiteindelijk niet over de streep getrokken. Velen genoten van een best wel stomend feestje, maar enkele jaren terug waren wijzelf veel meer onder de indruk van hun passage op Feest in het Park dan van hetgeen we nu in de uitverkochte Orangerie gepresenteerd kregen.

In tegenstelling tot toen hadden we maandagavond over het algemeen weinig moeite om onze benen in bedwang te houden. Misschien worden we gewoon oud? Of keerden we te vroeg huiswaarts want terug buiten in de vrieskou weerklonk precies nog een vervolg dat we aan ons lieten passeren omdat we onze tsjoeketsjoeketsjoek (heb je ’m?) wilden halen. We hadden ons trouwens beter de moeite bespaard want door vertragingen hebben we daar in Brussel-Noord nog een uur staan schilderen.
Jezus, hoor ons eens zagen en klagen….we worden echt wel oud, dzju toch!!!

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Pagina 116 van 395