logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Cure
The Cure
Festivalreviews

TW Classic 2017 – Werchter Classic van de Zware Gitaren

Geschreven door

TW Classic 2017 – Werchter Classic van de Zware Gitaren
TW Classic 2017
Ferstivalterrein
Werchter
2017-06-24
Sam De Rijcke

Driewerf hoera, eindelijk hebben Slash En Axl Rose de eeuwenlange vete bijgelegd en is daar een Guns’n’Roses mega tournee van gekomen die ook België aandoet. Alleen jammer dat Izzy Stradlin bij de reünie straal werd genegeerd door de twee egotrippers. Maar goed, zijn vervanger deed het meer dan uitstekend.

Dhr Schueremans heeft de Guns’n’Roses reünie handig aangewend om er de stempel Werchter Classics op te kleven. Een aangepast voorprogramma zoeken was een koud kunstje. Eerst gauw even in de nabije omtrek kijken en dan kwam men algauw uit bij België’s metaltrots Channel Zero (bij gebrek aan iets anders in dit metaalarm landje) en Vlaanderen’s eigen metal-pastiche Fleddie Melculy. Om er nog een internationaal karakter aan te geven werden ook Wolfmother en The Pretenders er bijgehaald. Zo was er een affiche samengesteld die mocht doorgaan voor de Werchter Classic van de zware gitaren (The Pretenders dan even buiten beschouwing gelaten).

We zijn er nog altijd niet uit of Fleddie Melculy nu een eerbetoon is aan de metal of al dan niet een poging om het genre in het belachelijke te trekken. In ieder geval is dit een gezelschap met een wel heel hoog Spinal Tap gehalte. Ze doen ons trouwens denken aan Clawfinger, een band die ooit eens twee dagen hip is geweest, tot de grap er af was.

Channel Z
ero was al aardig vertrouwd met de weide van Werchter, het moet zowat de zesde keer zijn dat ze hier hun metalen tentje kwamen opslaan. Het klonk helaas ook (te) vertrouwd in de oren, de band pakte uit wet weinig of geen verrassingen en wij kregen dan ook zo een beetje het gevoel van “dit hebben we toch al een keertje te veel gezien”. Natuurlijk zijn onsterfelijke songs als “Black Fuel”, “Hail” en “Suck My Energy” Belgisch metal-erfgoed waar we best trots mogen op zijn, maar het wordt toch stilaan tijd dat daar eens iemand anders op die troon komt zitten.

De eerste act die er vandaag echt toe deed was Wolfmother, het Australische powertrio van gitaarwonder Andrew Stockdale die in 2005 een geweldige motherfucker van een debuutplaat afleverde om die later nooit meer te kunnen evenaren, laat staan overtreffen. Anno 2017 bleek dit geweldige album nog steeds de rode draad te zijn in de set met heerlijk snerende versies van “Woman”, “White Unicorn”, “Dimension” en helemaal op het eind de uitzinnige kraker “The Joker And The Thief”. Het was een verademing om te mogen vaststellen dat er nog  van die goeie ouwe hardrock met wilde haren bestaat. Stockdale haalde een salvo venijnige riffs en solo’s boven, maar het was vooral zijn bassist die de show stal. De kerel ging bij wijlen als een gek tekeer, trok meermaals een sprintje over gans het podium en bespeelde met brio zijn basgitaar en de keyboards tegelijkertijd.
Wolfmother was ouderwetse rock’n’roll zoals we die dezer dagen nog maar zelden te horen of te zien krijgen. De gedroomde opwarmer voor Guns ‘n’ Roses.

Wat te denken van The Pretenders ? Ideale band voor Werchter Classic eigenlijk, maar dan helaas niet voor deze editie. Akkoord, wij vonden Chrissie Hynde ook altijd een toffe madam, een doorleefde rock’n’roll bitch die al de zwaarste watertjes doorzwommen heeft en daarmee veel respect heeft afgedwongen. Maar haar levensstijl is altijd een stuk ruiger geweest dan haar muziek. En net die muziek mocht, zeker vandaag, toch iets meer power hebben vertoond. Een mens zou gedacht hebben dat The Pretenders voor de gelegenheid hier voor een accurate rock’n’roll benadering zouden kiezen, maar dat was een beetje te veel wishful thinking. De band hield het bij een risicoloze ‘best of’ set met voorzichtig paar nieuwe dingetjes er tussenin gesmeten. Allemaal best onderhoudend, dat wel, maar Guns’n’Roses fans hadden hier weinig boodschap aan en trokken dan ook massaal richting eetkraampjes. Hoezeer The Pretenders ook hun best deden, meer dan wat beleefd herkenningsapplaus voor hun gekende hitjes konden ze hier niet uit de brand te slepen. Volgende week mogen ze nog eens terugkomen naar de weide van Werchter, waar ze zich kunnen meten met popgroepjes in plaats van rockbands, daar komen ze gegarandeerd beter uit de verf.

Natuurlijk was Guns’n’Roses vanavond de band die alles wat er aan voorafging tot schroot herleidde. Onze grootste vrees, een arrogante vertoning van een bende omhooggevallen rocksterren, werd onmiddellijk weggeveegd. De band begon stipt op tijd, de heren hadden er bijzonder veel zin, ze grepen elkaar nooit naar de keel en vertoonden de ganse avond geen greintje arrogantie.
Akkoord, Axl Rose had bij de eerste drie songs nog niet genoeg smeerolie op zijn stembanden gegoten, maar eens dit euvel verholpen was kon de sneltrein niet meer worden gestopt. “Welcome To The Jungle” rockte als in zijn beste dagen, “Rocket Queen“ en “You Could Be Mine” sneerden en sisten als de gevaarlijkste ratelslangen. Rose zijn strot had nu wel het juiste timbre te vangen en Slash toverde het ene na het ander hoogstandje uit zijn gitaar. “You Could Be Mine”, “Civil War” en “Sweet Child Of Mine” waren briljante stukjes classic hardrock en de Misfits cover “Attitude” bracht zowaar de punkband in G’n’R naar boven, met bassist Duff McKagan op vocals die er voor de gelegenheid een flard “You Can’t Put Your Arms Around A Memory” van punkicoon Johnny Thunders in vermengde.
Ook de verdere coverkeuze mocht er best wezen. Naast de onvermijdelijke krakers “Live And Let Die” (Mc Cartney) en “Knockin’ On Heaven’s Door” (Dylan) was het best genieten van een Slash-gitaarintermezzo waarin de ultieme guitarhero Pink Floyd’s “Wish You Were Here” naadloos deed overvloeien in Clapton’s “Layla”. De heren zorgden verder nog voor een prachtig eerbetoon aan Chris Cornell met de meer dan respectvolle Soundgarden cover “Blackhole Sun”, en in de bisronde werd ook nog eens The Who geëerd met een potent “The Seeker”.
Werkelijk alles zat goed vanavond. Zelfs “November Rain”, wat wij normaal een ondraaglijke draak van een song vinden, kon ons deze keer dankzij wederom een geniale Slash overtuigen.
De ultieme uitsmijter was natuurlijk een fenomenaal “Paradise City”, een uitbundig slotfeestje bedolven onder vuurwerk en de geniale gitaarsalvo’s van Slash.

Drie uur wist Guns’n’Roses ons te entertainen, en dat was geen seconde te lang.

Organisatie: Lve Nation – Rock Werchter

Hellfest 2017 – Een geslaagde 12e editie – Overzicht van de driedaagse

Hellfest 2017 – Een geslaagde 12e editie – Overzicht van de driedaagse
Hellfest 2017
Festivalterrein
Clisson (Fr)
2017-06-16 t/m 2017-06-18
Sam Bruynooghe en Yentl Stée

15 juni was het terug zover. Het team van Musiczine.net ondernam op een ongoddelijk vroeg uur terug de bedevaart naar Clisson dat blijkbaar in Frankrijk ligt en niet op het oppervlak van de zon zoals ik dacht. Het vroeg vertrek had echter wel zijn (onverwachte) voordelen! In plaats van vroeger ons bandje te kunnen halen zodat we een mooie plaats op de camping konden bemachtigen mochten we het plezier ervaren van uren in de zon te mogen wachten omdat we vergeten waren dat de deuren maar opengingen om 16u. Jammer genoeg werd het ontwikkelen van een zonneslag onderbroken omdat die gemene security de deuren vroeger open deed.

Hetgeen wat het eerst opviel is dat er ietwat veranderingen waren in de opzet van Hellfest en waar we onze bandjes moesten gaan halen, deze nieuwe opzetting was blijkbaar nog wat wennen voor de crew aangezien het wel wat stuntelig verliep om onze bandjes te kunnen halen en we behoorlijk lang hebben mogen wachten vooraleer er wel degelijk iemand ons bandjes kon geven. De overige veranderingen betroffen voornamelijk de locatie en vormgeving van de VIP (er is nu een soort van zwembad) en de uitgang van de VIP komt nu uit tussen de Temple en de Valley ipv aan de mainstages. Dit is wel een aanzienlijke verbetering aangezien het later op de dag op vorige jaren zeer moeilijk werd om langs deze weg binnen te geraken aangezien er meestal enorm veel volk voor stond.

Graag had ik hier ook nog kort een kleine situatie besproken die ik persoonlijk absoluut niet kunnen vond naar bezoekers toe. Dat Engels geen makkelijke taal is voor Franstaligen begrijp ik absoluut dus neem ik het de crew nooit kwalijk dat communicatie voornamelijk in handgebaren moet verlopen aangezien mijn Frans een belediging is voor de Franse taal. Op een gegeven moment vroegen we echter aan één van de aanwezige security-leden voor wat hulp in het Engels, mijn collega zijn zonnebril was aan het afzakken terwijl we zwaar materiaal aan het versleuren waren en we vroegen of hij deze snel eventjes terug kon omhoog duwen. Als reactie kregen we hierop ‘je bent op een Frans festival dus je moet maar Frans leren spreken’… Vrij respectloos naar internationale gasten toe want niet iedereen is even taalvaardig. Ik wil hier wel graag aan toevoegen dat we door de rest van de crew wel correct en vriendelijk behandeld werden. (Yentl)

dag 1 - vrijdag 16 juni 2017

Op de eerste echte festivaldag waren we er als de kippen bij om het optreden van Verdun mee te pikken in The Valley, het Stoner heiligdom van Hellfest. Voor een eigen publiek speelden deze Fransmannen uit Montpellier een halfuur lang snoeiharde, gitzwarte sludgedoom. Aangezien de pre-party op Hellfest niet veel voorstelt, was het publiek nog goed wakker om de intense muziek goed in zich te laten doordringen en intensief mee te bangen. Vooral zanger Paulo Rui liet een goede indruk na: zowel screams als cleane vocalen waren erg sterk. (Sam)

Om me eventjes wakker te kloppen besloot ik om snel eventjes de Altar binnen te wippen om daar wat deathgrind/goregrind van het Franse Putrid Offal op te pikken. Zelfs op dit vroege uur slaagden ze er in om al voor wat leven in het publiek te zorgen en de tent was verbazingwekkend goed gevuld (gelijkaardige optredens in België bestaan meestal uit 15 bezoekers). Muzikaal was het niet echt iets speciaal tot eigenlijk zelfs wat middelmatig, dit werd echter goed gemaakt door het enthousiasme en de ingesteldheid van de band zelf. (Yentl)

Nu iedereen weer goed wakker was geschud, was het tijd voor nog een band van Franse bodem, maar van een heel ander kaliber: de zorgeloze happy folk punk van The Decline!. De Warzone bleek een plek vol punk, sfeer en ambiance te zijn en de Bretoenen kregen het publiek moeiteloos mee met de ene meezinger na de andere. Er werd gemoshed dat het een lieve lust was en het bier vloog in het rond, ondanks het feit dat het amper 11u was. En hoewel zanger Kevin in opnames een beetje klinkt als een Arno op Xanax, bleek hij live toch voor heel wat energie te kunnen zorgen! De Franse punkscene blijkt vol potentieel te zitten, bewijst deze band. Na afloop verliet iedereen de Warzone met een tevreden glimlach van oor tot oor. (Sam)

Hoog tijd dan voor een bezoek aan de Main Stage voor een exotische primeur: hier zou de Tunesische band Myrath voor het eerst het podium van Hellfest onveilig maken. We werden even volledig in een Oosters sfeertje ondergedompeld: een imposant Arabisch decor en, tot groot genoegen van het verrassend massaal opgedaagde publiek, een charmante buikdanseres die onder bombastische opzwepende muziek de show opende. Daarmee was de deur opengetrapt voor een halfuur symfonische oriental heavy power metal. De Oosterse gezangen en violen waren waarlijk verfrissend onder de opkomende verzengende hitte. Myrath speelt heel epische, uplifting muziek die dankzij subtiele maar gesofisticeerde pianotoetsen toch licht en luchtig blijft. Vooral het gepassioneerde discours over liefde, vrede en verdraagzaamheid van zanger Zaher Zorgati blijft ons bij. Alle respect voor deze Tunesiërs om de scene te vertegenwoordigen in een niet zo evident thuisland en te tonen dat metal overal kan gedijen! (Sam)

Na een kleine ramp (ik was alweer mijn cashless kaart kwijt geraakt waarmee je je drank betaalt ipv jetons zoals op andere festivals) waardoor ik helaas Okkultokrati moest missen kwam ik voor de eerste keer aan bij the Warzone voor de oi! van Booze & Glory. Jammer genoeg is the Warzone in de open lucht en de onvergeeflijke warmte maakte het wat moeilijk om het feestje te bouwen die deze band verdiende. Op hun optreden is er eigenlijk weinig aan te merken, ze spelen oi! zoals het hoort wat dus eigenlijk gewoon bier en meezingers betekent. Wat heeft een mens meer nodig? De band nam ook een moment om te bevestigen dat de skinhead-cultuur nogal vaak onterecht met neo-nazisme wordt verbonden door kort en duidelijk tussen de nummers door de boodschap ‘Fuck fascism, fuck sexism and fuck homophobia’ te roepen. Altijd fijn om ook te merken dat deze uitspraak nog steeds met veel gejuich ontvangen wordt. (Yentl)

Volgende band op de Warzone is onmiddellijk ook één van mijn absolute favorieten op het festival, namelijk Leftöver Crack. Voor wie hoopt wat gratis crack te scoren tijdens hun shows heb ik slecht nieuws, hun naam is gebaseerd op ‘there is no such thing as leftover crack’. Deze band is medeoprichter van het genre ‘crack rock steady’ wat een mix tussen ska, crust punk, hardcore en rocksteady is. Openen deden ze met de intro van hun (voor mij) beste album ‘Fuck World Trade’, opvallend genoeg zonder frontman Stza. Deze kwam gelukkig na de intro het podium opgestormd in een nette hemd/das combo (de eerste keer in m’n leven dat ’k een crusty in iets anders zie lopen dan aan elkaar genaaide patches). De show was een pareltje waar veel toppers passeerden zoals “Gang Control” (niets fijner dan met duizend man tegelijk ‘fuck the police’ te roepen). Opvallend was wel dat de band tussen nummers door nog relatief ‘braaf’ was qua politieke uitspraken, hun links-anarchistisch gedachtegoed is nochtans een kenmerkend deel is van hun identiteit. Het enige waar ze het over hadden was de vraag of er joodse mensen aanwezig waren en of ze zich wel veilig voelden door de aanwezigheid van sommige bands met een nogal dubieuze achtergrond en fanbase die op het festival speelden. Oja dat en dat Stza het belangrijk vindt om politie te vermoorden bij het inleiden van het laatste nummer “One Dead Cop”. Jammer genoeg werd er maar één Choking Victim cover gespeeld (één van Stza’s andere bands) en deze was niet Crack Rock Steady wat een immense teleurstelling was. Verder toch een fijne show, maar ik had zo uitgekeken naar dat nummer nog eens live te kunnen horen. (Yentl)

Onderweg terug naar The Valley pikten we nog een paar nummers van Valkyrja mee. De Zweden speelden hun dreigende brutal black metal vol energie en werden duidelijk gesmaakt. De lokroep van het Amerikaanse Subrosa werd echter te sterk. Sludgy post metal waarbij het merendeel van de snaaraframmelingen niet op gitaar maar op twee violen gebracht wordt, dat moet wel goed zijn! Subrosa speelt intense muziek waar je helemaal in wordt meegezogen, zowel bij de trage melancholische vioolpartijen als de beukende stukken. Het overmatig vioolgebruik laat het geheel baden in een ietwat filosofisch Aziatisch sfeertje. Het enige wat een beetje  verveelde was de ietwat zeurderige stem van de zangeres, zeker aangezien de violiste het heel wat zuiverder kon. Desondanks is deze band zeker een verrijking! Zie het als een soort in de kelder opgesloten monsterlijke dikke broer van Russian Circles. (Sam)

Intussen was al een immense menigte aan het samentroepen in The Temple voor de Faeröerse paganveteranen van Týr. Pagan en folk metal bands doen het op Hellfest steeds zeer goed en dat was bij Týr niet anders. Zelfs voor de artiesten hun slagveld betraden in hun uniform van zwarte marcelletjes en leren broeken, stond het publiek al minutenlang wild te scanderen en schreeuwen. Dit enthousiasme hield Týr moeiteloos in leven tot het einde van de show. Wie zegt dat metal niet gezellig kan zijn, heeft het dus bij deze hartgrondig mis! De imposante lichtshow gaf aan dat de lichttechnieker intussen eindelijk ook wakker geworden. Dit kon helaas niet gezegd worden van de Braziliaanse blackened death  metal van Krisiun, dat in Altar een teleurstellend rommelige show uitvoerde. Tijd dus om een plaatsje voor Devin Townsend Project te reserveren aan de Main Stage. (Sam)

Toen ik ze op de line-up zag staan was mijn (en waarschijnlijk die van heel wat anderen) ‘huh, die bestaan nog?’. Ik heb het over niemand anders dan Helmet die in the Valley mocht spelen. Alhoewel deze band in de jaren ’90 zowat de meest populaire band in de alternatieve metal was,  is het lang vrij stil geweest rond deze band na hun split in ’98. Alhoewel ze terug samen spelen sinds 2004 en sinds dan al 4 nieuwe albums hebben uitgebracht. Zelf ben ik niet echt heel erg bekend met deze band hun materiaal behalve hun meest gekende nummers en ik heb al reeds enkele slechte ervaringen gehad met bands die hun vroegere glorie proberen terug te krijgen zoals (vul hier band naar keuze in die afschuwelijk slecht geworden is, er zijn er genoeg). Mijn verwachtingen waren dus niet bijster hoog, maar oh boy, dat was een vergissing. Helmet mag zich tot één van de beste optredens die ik tot nu heb gezien op Hellfest rekenen. Ik had wat m’n twijfels over de locatie, een band als Helmet zou beter passen op de mainstage ipv de Valley tussen de stoner bands. Deze werden echter allemaal netjes naar huis gespeeld. Helmet zit nog vol passie en speelde de gehele tent plat. Ik heb letterlijk geen enkel zwak moment weten te bespeuren en hun nieuwe nummers stonden er fantastisch tussen hun oude toppers. Ik moet eerlijk zijn dat ik de nieuwe nummers zelfs iets beter vind. Het publiek snakte naar meer, maar na 40 minuten zat het er al weer op. Volgend jaar (of op een ander jaar) toch iets hoger op de affiche hoop ik. (Yentl)

De knotsgekke Canadezen onder leiding van – wie anders – Devin Townsend maakten de hoge verwachtingen waar. Townsend flapt er gewoon alles uit wat in zich opkomt en het werkt nog ook (het concept van DTP is dan ook een creatieve uitlaatklep te zijn). Gekke bekken, grappen over Canadese geslachtsorganen, schaamteloze verleidingspogingen naar de dames in het publiek, sneren naar de collega’s van The Dillinger Escape Plan… De ongelofelijk entertainende Devin bezorgde de toeschouwers een onvergetelijke show. Alleen jammer dat op mijn persoonlijke favoriet “March Of The Poozers” het poozerkoor zelf achterwegen werd gelaten… Verder terecht een pareltje van de progressieve metalscene. (Sam)

Eerste echte teleurstelling van de dag was voor mij Red Fang. Twee jaar geleden stonden ze nog op de mainstage (wat een afschuwelijke ervaring was door de brandende zon), maar nu stonden ze iets meer passend in de Valley. Dit had echter wel als gevolg dat de tent afgeladen vol zat en dat er niemand meer bij kon. Achteraf heb ik toch van wat mensen gehoord dat ze de show hebben moeten missen omdat ze echt op geen enkele manier binnen konden geraken. Veel gemist hebben ze niet echt. Red Fang rammelde hun set af en het was eigenlijk behoorlijk saai. Slecht spelen deden ze niet, maar het kwam allemaal nogal ongeïnspireerd over en ik was op geen enkel moment echt geprikkeld door de muziek. Toegegeven, het is best mogelijk dat mijn mening sterk beïnvloed is door de temperatuur en de grote massa volk in de tent die het heel oncomfortabel maakte. Spijtig… (Yentl)

Even later bood zich een vrij zeldzame gelegenheid aan: de kans om de middeleeuwse folk van Corvus Corax live mee te maken. Het publiek was dan ook weer vrij massaal aanwezig en zeer enthousiast, ondanks het feit dat Corvus Corax niks met metal te maken heeft. Het showgehalte van deze band is natuurlijk wel vrij groot, van het tot in detail nagebootste onweer bij de intro tot de synchrone gekke danspasjes van de doedelzakspelers. Alle instrumenten werden met veel gevoel voor drama bespeeld en alle registers werden opengetrokken, tot het niveau waarop de muzikanten zelf niet meer helemaal konden volgen. Niet alleen de instrumenten vielen ten prooi aan de Duitse heksenmeesters: ook het publiek zwaaide, klapte, wiegde en danste als marionetten mee met de bevelen van Castus Rabensang en compagnie. Leuke extra’s waren zeker hun cover van Amon Amarth’s “Twilight Of The Thundergod”, maar vooral die van het ‘Game Of Thrones theme’ song, waarin ze zouden hebben meegespeeld. (Sam)

Normaal zouden we vervolgens de altijd heerlijke show van Behemoth bijwonen, maar een of andere imbeciel had besloten dat het een goed idee was om deze oh zo atmosferische band op klaarlichte dag op de Main Stage te zetten. Om eerdere goede herinneringen niet te verpesten, gingen we dan maar terug naar de Warzone voor nog wat Bretoense folk punk: Les Ramoneurs De Menhirs. In tegenstelling tot The Decline!, is de folk hier echt uitgesproken met doedelzakken en schalmeien. De liefhebbers van deze stijl wachtte trouwens een traktatie, want blijkbaar had de band een voltallig middeleeuws instrumentenkoor uitgenodigd om met hen het podium te delen! De sfeer zat er dus weer goed in en algauw werd de eerste rolstoelcrowdsurfer van het festival gespot. Met een oeuvre van folk rock over punk tot pure folk was er voor elk wel wat wils. Er werd weer naar hartenlust gemoshed en met bier gesmeten. Tegelijk was dit ook het eerste optreden waarop ik begon te merken dat de maximale capaciteit van Hellfest bereikt, en eigenlijk al overschreden was… (Sam)

Ten slotte besloot ik nog een laatste keer af te zakken naar de Valley voor de zwarte kunsten van Electric Wizard. Bij veel bands, hoe goed ze ook zijn, komt er doorgaans een punt dat je ze teveel gehoord hebt en/of live gezien hebt. Op dat punt maakt het eigenlijk niet meer uit hoe goed een band speelt, je hebt alles al gezien/gehoord en het is dus saai. Op één of andere magische manier slaagt Electric Wizard er in om dit niet enkel te voorkomen, maar gewoon doodleuk iedere keer dat ik ze zie wat beter te zijn dan de vorige keer. Op Hellfest gingen ze mooi verder op deze en vanaf de eerste noot tot de laatste hadden ze het publiek vast in een diepe trance. De tent vulde zich met de geur van één of andere brandende plant. Zwakke momenten waren er niet te bespeuren, sterke punten wel. Uitblinker tijdens deze set was toch wel “Black Mass”, wat een fantastisch nummer (en band). (Yentl)

En daarmee naderen we het einde van de eerste dag. In de Temple gaf Marduk zoals altijd heel standvastige extreme black metal ten beste en presteerde goed zoals gewoonlijk. Ze lokken nog steeds veel volk maar de warmte liet zich wat voelen; het publiek genoot eerder passief en halverwege lasten de artiesten ook een ietwat bizarre, korte pauze in.
Rob Zombie lijkt er maar niet in te slagen om uit de impasse te geraken: zijn muziek is goed uitgevoerd, de artiesten geven zich helemaal, maar toch klopt er iets niet. Zijn grapjes werkten niet en af en toe bleef het pijnlijk stil wanneer een publieksreactie gevraagd werd. Nochtans valt de arme Rob niks te verwijten, want de show zelf was zeker in orde. Misschien de volgende keer wel die glitterbroek thuis laten, Robbie. (Sam)


In Flames krijgt de laatste tijd veel kritiek van de oudere fans dat ze veel te veel de hipstercorekaart trekken. Ze hebben blijkbaar geluisterd, want veel nummers van het laatste album werden er op de Main Stage (gelukkig) niet gespeeld. Er was een vrij goede afwisseling van songs uit zowat alle albums vanaf  ‘The Jester Race’ tot ‘Battles’. Natuurlijk geeft de vernieuwde bezetting ook aan de oude nummers een heel nieuwe toets, maar al bij al was het één van de betere shows die we van In Flames sinds lange tijd zagen. Naar goede gewoonte probeerden de Zweden, tot grote frustratie van de security, ook dit jaar het record crowdsurfen te breken, met niet zo’n groot succes op een paar memorabele rolstoelcrowdsurfers na. (Sam)

Op hetzelfde moment meerden de Schotse piraten van Alestorm aan in de Temple. De ideale feestelijke afsluiter van een geslaagde eerste dag! Voor zover het oog reikte zag je piratenvlaggen, vreemde opblaasbare voorwerpen en crowdsurfers (al dan niet op een vreemd opblaasbaar voorwerp). Christopher, conform aan zijn geboorterecht gehuld in Schotse ruit, zorgde voor heel wat leuke interacties met het publiek en riep regelmatig onze versterking in om de lyrics mee te schreeuwen en aan te vullen. Een Alestorm show is niet voor, maar mét het publiek! De sfeer spetste er dan ook van af, mede geholpen door de onderzeese omkadering van lichtshow en rookeffecten. Ik zou een paar klassiekers kunnen opnoemen die de revue passeerden (“Keelhauled”, “Shipwrecked”, “Nancy The Tavern Wench”, “Mexico”, “Drink” …), maar in feite maakt dat geen moer uit want alle nummers van Alestorm zijn evenwaardige feestschijven.
Om onbegrijpelijke redenen werd tijdens de show van Alestorm besloten om alle bars te sluiten, TIJDENS! De show van ALESTORM! Duizenden euro’s gemiste kans. Waarschijnlijk dezelfde idioot die Behemoth op de main stage zette… Toeval of niet, maar op dat moment begon Christopher de heerlijke nieuwe song “Fucked With An Anchor” in te zetten en schreeuwde de hele tent uit volle borst mee: “Fuck you, you’re a fucking wanker”! Het enige wat meer toepasselijk was geweest, was een revolutie waarbij het volk de bar veroverde onder het zingen van “we are here to drink your beer, to steal your rum at the point of a gun”. Aangezien dat helaas niet gebeurde, gingen we moe maar voldaan terug naar de camping om daar nog alcoholische geneugtes te verkennen. (Sam)


dag 2 - zaterdag 17 juni 2017

Omdat een dag beginnen zonder een suïcidale depressie een dag is dat je niet geleefd hebt besloot ik de dag te starten met de loodzware, gitzwarte blackened sludge metal van Primitive Man. Bij aankomst was de soundcheck nog bezig en was ik toch ietwat verward. De band die claimde hun inspiratie te halen uit haat bleken een stel vrolijke kerels te zijn. Was dit een voorteken? Gingen ze nu ineens poppy glamrock beginnen spelen? Gelukkig kwam bij aanvang van de set de haat terug en speelde Primitive Man zwaar genoeg om een nieuw zwart gat te vormen op de plaats waar vroeger de Valley was. Een probleem die je soms hebt met dergelijke donkere bands bij wie de juiste atmosfeer zeer belangrijk is dat ze live, en al zeker op festivals, wat uit de boot vallen tegenover hoe ze op album spelen aangezien ze niet echt in de hand hebben hoe de atmosfeer daar is. Primitive Man leek daar alvast geen last van te hebben, één van de zwaarste en donkerste shows die ik in m’n leven gezien heb. Ik kijk uit naar meer. (Yentl)

Omdat het terug nodig was om weer wat licht in m’n leven te brengen na Primitive Man besloot ik terug de brandende hitte aan de Warzone te trotseren om daar crossover thrash metal van de Zwitserse metalpunks Insanity Alert. Toen ik toekwam was Heavy Kevy al mooi in een dwangbuis over het podium aan het stuiteren en was het publiek al bezig met een stevige pit ook al was het meer dan 30 graden (in de schaduw). Insanity Alert brengt niets dat je nog niet gehoord hebt, maar ze staan altijd garant voor een hoog fun-gehalte. Ook tijdens dit optreden was het gewoon lekker headbangen en moshen zonder veel boe of bah.
Hun parodie op “Run to the Hills” (Run to the Pit) passeerde de revu. Ook kreek ik het donkerbruin vermoeden dat ze grote fans van het roken van weed waren aangezien ze het er tussen elk nummer minstens 3 keer over hadden. (Yentl)

EINDELIJK! Na al die jaren kon ik eindelijk eens de ronduit fantastische Igorrr aan het werk zien! Ik zou graag op voorhand waarschuwen dat mijn review van de show wat vertekend kon zijn omdat ik een beetje een grote fan ben (lees: ik zou met een Igorrr-bedovertrek slapen als het mogelijk was). Jammer genoeg heb ik wel Ultra Vomit moeten overslaan aangezien ik absoluut vooraan wilde staan in de Temple.  Ik kan geen andere beschrijving gebruiken dan ‘perfectie’ en dat het de beste show is die ik ooit op Hellfest heb gezien. Voor de aanvang van de show vreesde ik wat dat de meer experimentele en elektronisch gerichte nummers aan de kant gingen geschoven worden voor z’n meer metal-gerichte nummers aangezien we op een metalfestival waren. Gelukkig had ik mij schromelijk vergist en er was een mooie balans tussen de twee. Wat ook perfect verliep waren de twee vocalisten. De vocale stijlen die toegepast worden in z’n nummers zijn nu niet meteen de makkelijkste (van operazang naar pruttelende beerput), maar live lieten ze allebei geen enkele steek vallen. Afsluiten werd er gedaan met Robert, gewoon pure breakcore zonder ook maar iets van metal erbij en een klein vleugje aan vocals. Perfect. Slechts twee dingen waren eigenlijk minder aan dit optreden, Absolute Psalm werd niet gespeeld en Igorrr was geen headliner waardoor er maar 40 minuten voorzien waren voor het optreden. Dat mocht van mij een pak meer zijn. (Yentl)

Aangezien Hellfest mij blijkbaar graag ziet werd er onmiddellijk na Igorrr één van mijn andere absolute favorieten 5 meter verder geplaatst op de Altar-stage. Deze band was niemand minder dan het almachtige Nails.  Dat ik naar deze band uitkeek is nogal een understatement. Vorig jaar leek het er nog op dat er een kleine ramp gebeurd was en ze er mee gestopt waren. Alle optredens werden afgezegd zonder ook maar iets van uitleg en het bleef maanden stil tot ze weer uit het niets optredens begonnen te bevestigen. Enkele jaren terug had ik ze nog gezien op Graspop, daar was hun toegewezen speeltijd langer dan al hun nummers bij elkaar dus speelden ze alles gewoon trager. Ondertussen is er een album bijgekomen dus met dat probleem zouden we niet meer opgezadeld zitten. Opvallend was wel dat ze bijzonder goed gezind waren, iets dat je nu niet echt verwacht als je de furieuze mix van grindcore, black metal, hardcore,… hoort die ze spelen. Dit had als zij-effect dat er jammer genoeg iets teveel tussen de nummers door werd gepraat en ze dus minder nummers konden spelen. Wat ze speelden was trouwens goed, maar ik moet toch eerlijk toegeven dat er precies iets miste. Mogelijks was het de warmte die het moeilijk maakte om enthousiast aan hun tempo deel te nemen, maar de pure haat die je op album hoorde en voelde was niet aanwezig bij dit optreden. Ook hebben ze “Abandon All Life” niet gespeeld wat een onvergeeflijke misdaad is. (Yentl)

Tijd voor nog een bezoekje aan The Valley. De Amerikaanse doom cultband Bongripper was er klaar voor! Na twee dagen festival kozen heel wat mensen voor de optie om in de tent neer te gaan zitten of liggen en de slepende, langzaam opbouwende nummers over zich heen te laten daveren. De mannen uit Chicago zelf leken er alvast begrip voor te hebben: ze lieten zich niet opjagen en genoten zelf ook van het relax siëstamomentje. Met hun repetitieve stijl brachten ze het publiek langzaamaan in een trance en kon iedereen de batterijen weer opladen voor de komende dag. Deze band bewijst dat je niet altijd op de eerste rij hoeft te staan springen om een intense muziekervaring mee te maken. (Sam)

Op naar The Temple voor Ereb Altor. De Zweden waren tijdens hun Hellfest-debuut het levende bewijs dat eenvoud siert! Geen grootse decors, kostuums of andere tierlantijnen, gewoon een stijlvol gestileerde wolvenbanier en simpele zwarte kledij. Ereb Altor zit in een constant dilemma tussen pagan en oldschool black metal en dat liet zich tijdens dit optreden ook voelen. De show begon met een erg sereen pagan nummer, maar onmiddellijk daarna riep frontman Mats ons op terug te gaan naar de oldschool black metal van weleer. Onvrijwillig schoot het woord poser door mijn hoofd. Er werden inderdaad een aantal oldschool black metal nummers gespeeld, maar steeds meer drongen slepende en meer groovy stukken zich op. Deze band heeft dus meer te bieden dan stoere kopietjes van nineties black metal. Ook de pagan zanglijnen door maar liefst drie muzikanten zijn een sfeerbrenger, zeker live. Ereb Altor verwende het publiek tot slot nog met een primeur van het nieuwste album, dat de veelbelovende breuklijn tussen pagan en black metal alvast verder in de verf zette.  (Sam)

Na dit black metal intermezzo stond ons een oldschool eighties marathon op de Main Stage te wachten. Pretty Maids verbaasde ons met een onverwacht levendige show! De symfonische heavy metal van deze oude knarren onder leiding van Ronnie Atkins verdient zeker ons respect. De man heeft duidelijk al één en ander (en menige flessen alcohol) meegemaakt in zijn lange leven, maar zijn stem is nog steeds loepzuiver. De energie spatte van het podium en Atkins is en blijft een geboren entertainer. Geregeld werd het publiek wakker geschud met een wedstrijdje “om ter luidst meezingen”. Een breed scala aan nummers passeerde de revue, voornamelijk werk uit de eerste albums in de eighties maar ook recentere songs, onder andere uit het laatste album ‘Kingmaker’. Deze heren zijn nog lang niet uitgezongen!

Vervolgens was het de beurt aan Steel Panther. Zij bieden steevast een heus spektakel, dus reeds lang op voorhand werd er stevig samengedrongen aan het podium en de catwalk. Vanaf “Eyes Of A Panther” was het er boenk op en alle klassiekers passeerden de revue! Van wilde extase bij “Death To All But Metal” tot ingetogen ballade op “That’s When You Came In”, De Amerikanen doen het allemaal. Waarschuwing: Michael Starr en de zijnen hebben erg veel tijd gestoken in aangebrande mopjes (zeg maar gerust: roasts) over zichzelf, elkaar en het publiek, in die mate dat comedy bijna sterker aanwezig was dan muziek.
Wat ons betreft mocht  er wat meer gespeeld worden, maar het publiek genoot zichtbaar van de vele beschuldigingen van incest en talentloosheid. Dit is één van die zeldzame momenten waarop je luidkeels juicht en applaudisseert wanneer iemand met een ongelofelijk verwijfde outfit ermee dreigt om je vriendin te neuken waar je moeder bij zit… Interessant was ook dat het aantal gedragen vrouwelijke bovenkledingstukken omgekeerd evenredig was met het aantal gespeelde nummers, iets wat de camera’s en het publiek zeker konden appreciëren. Op “17 Girls In A Row” was het uiteraard tijd voor de obligatoire tietjes op het podium, wanneer het vrouwelijke publiek het podium werd opgevraagd voor iets wat verdacht veel op een orgie begon te lijken. Tegen die tijd werd de overbevolking op de broeierig hete festivalweide, naast de jammerlijke ongemanierdheid van een nieuwe generatie jonge Franse metalheads, echter zo onaangenaam dat we haast gedwongen werden om rustiger oorden op te zoeken. En voor wie zich afvraagt hoe het optreden van Dee Snider verliep: zet thuis eens de videoclip van “We’re Not Gonna Take It” in een loop van een uur lang en je hebt het wel gezien. De man was beter veehouder geworden want uitmelken, dat kan hij wel. (Sam)


Volgende op het lijstje was Mars Red Sky op de Valley-stage. 3 jaar terug heb ik deze band nog moeten missen op Hellfest aangezien er een ongoddelijk lange rij was aan de ingang om binnen te geraken en ik nog niet door had dat je als journalist een andere ingang mocht gebruiken. Tijd om dit goed te maken dus. Mars Red Sky was ook mooi opgeschoven, van opener naar het midden van de affiche. Terecht ook overigens aangezien ze muzikaal een frisse wind brengen in het Stoner-genre. Ze zoeken de meer psychedelische en progressieve kant van het genre op waarbij vocals slechts sporadisch gebruikt worden. Ze slagen er ook in om dit live over te brengen, niet altijd een even makkelijke opdracht. Een stevige en goeie show die bewijst dat ze één van de rijzende sterren binnen het genre zijn. (Yentl)

Na al dat jolijt op de Main Stage konden we wel een bezinning gebruiken, dus installeerden we ons in The Temple voor wat het meest serene optreden van Hellfest moet zijn geweest: Alcest. De legendarische Franse frontman Neige lokt nog steeds heel veel volk; zijn verleden als bezieler van de Franse black metal heeft daar ongetwijfeld iets mee te maken. Vanavond stonden echter geen demonen centraal, maar de elfjes van wie de brave borst werkelijk zou geloven dat ze hem in zijn kindertijd ontvoerden en naar Tir Nan Og brachten. Het door blauwige mist overgoten podium zette de toon helemaal en Alcest begon heel energiek aan de show. Het was heel wat levendiger dan wanneer je hen in een zaalshow aan het werk ziet, maar ook deze formule werkt schitterend! Bij een liveshow van Alcest merk je pas echt hoe één anders gespeelde noot een wereld van verschil kan maken en alles op zijn plaats laat vallen. De nadruk van de show lag logischerwijs op songs uit het nieuwe album ‘Kodama’ en het meer recente werk. In totaal werden er slechts een vijftal nummers gespeeld, afgewisseld met schuchtere dankbetuigingen van de immer bedeesde Neige, maar de artiesten gaven zich er helemaal aan over en het publiek liet het met volle teugen binnenstromen. (Sam)

Maar net toen we dachten dat het niet beter kon worden, was het de beurt aan Wardruna. Hun deelname aan de soundtrack van Vikings heeft hun populariteit ongetwijfeld goed gedaan, op den duur wist je niet meer of het talrijke hoorngeschal nu uit het publiek kwam of bij de intro hoorde. Onder een magische backdrop die met het ene licht een dik gebladerte was, maar met een ander een groot rotsmassief of een oud perkament vol mystieke tekens, betraden Einar Selvik en zijn cultusleden het podium voor een imposante intro met twee massieve Oud-Noorse carnyces. Een woord van bewondering voor de geluidstechnici trouwens, want ze hadden ongetwijfeld hun handen vol met al die bizarre instrumenten in tune te houden. Ook mysterieuze vuurkorven en het fantastische schimmenspel gecreëerd door twee welgemikte volgspots droeg bij aan de magie. De trage, meeslepende tonen, de langzaam opzwellende trommels en het hypnotische gezang brachten ons gestaag in een diepe trance waarbij velen met gesloten ogen stonden mee te wiegen. Dit is meer dan muziek, dit is een performance die voor iedereen openstaat die graag even onze moderne wereld wil verlaten. Dit moet je simpelweg gezien hebben! (Sam)

Tot slot nog even bekomen met het brutale geweld van Kreator. Zoals verwacht werd het een uur lang beenhard beuken. Veel nummers uit het nieuwe album, maar ongeacht welk album hun tour promoot, is er altijd wel plek voor de obligatoire gevestigde waarden die het publiek verwacht: “Hordes of Chaos”, “Phantom Antichrist”, “Enemy Of God”, “Violent Revolution” ... Het grote verschil met Slayer is dat deze Duitse Thrashveteranen werkelijk elke keer zo energiek, moordend agressief en geloofwaardig blijven! Slayer is goed op albums maar stelt live vaak teleur, Kreator is zowel op album als live steevast steengoed. Een indrukwekkende driedimensionale backdrop van de demonenkop van ‘Gods of Violence’ droeg zeker bij aan de koortsachtige sfeer die er heerst op elk Kreator-optreden: en God zag dat het brutal was. (Sam)

Afsluiter in de Temple vandaag was nog één van mijn absolute favorieten. De post-black metal giganten genaamd Deafheaven. Aangezien ik er op één of andere manier altijd in slaag hun optredens te missen was dit dus mijn eerste keer. Als Igorrr niet eerder die dag gespeeld had dan was dit nu het beste optreden die ik ooit op Hellfest heb gezien. Alles klopte, beenharde en agressieve black metal afgewisseld met mierzoete dromerige post-rock dit met een vocalist erbij die ietwat deed denken aan hoe een black metal vocalist zich zou gedragen en er zou uitzien indien deze gedeeltelijk door Tim Burton ontworpen werd. Het was een bloemlezing van hun beste nummers (“Sunbather” en “Dream House” kan je zelfs gerust als enkele van de beste nummers in het genre zien). Een optreden van Deafheaven is een belevenis die nogal moeilijk in woorden uit te drukken valt. De beste manier om het te kunnen beleven zonder geld te moeten betalen is in een donkere kamer op een deftige muziekinstallatie hun volledige discografie afspelen terwijl je een hoge dosis van één of ander dissociatief hallucinogeen middel hebt genomen en dan kom je zelfs nog niet in de buurt. Ik zal alvast dus mijn best doen om iedere show die ze in de toekomst in de buurt spelen mee te pikken. (Yentl)

dag 3 - zondag 18 juni 2017

Aangezien ik niet echt fantastisch geslapen had en koffie me doet voelen alsof ik aan het crashen ben op crystal meth heb ik dus een andere manier nodig om me wakker te maken. Gelukkig kon Hellfest mij een alternatief aanbieden in de vorm van powerviolence gebracht door Harm Done. Echt effectief kan ik het jammer genoeg niet echt noemen. Niet omdat het een slechte show was want het was ronduit fantastisch, gewoon 30 minuten aan pure furie en tuinhandschoenen met kruisen op zodat we zeker konden zien dan dat de frontman SxE was. Nee het was eerder niet echt effectief omdat na afloop m’n gezicht naar de binnenkant geklopt was en ik in een diepe coma gevallen ben waar ik pas binnen twintig jaar zal uit ontwaken. Nog een geluk dat ik niet bij bewustzijn hoef te zijn om reviews te schrijven. (Yentl)

Voor een band die een paar weken terug nog in een Gents zaaltje van veertig man speelde, kwam er toch verrassend veel volk in The Temple opdagen voor Welicoruss. Gelukkig ook niet teveel, want wie had er tenslotte al eerder gehoord van deze obscure Russische folkmetalband die over de vergane glorie van de Russische cultuur zingt? De nieuwkomers op Hellfest lieten meteen hun tanden zien, want toen Emptiness maar bleef spelen in het naburige Altar, zijn de Russen simpelweg aan hun eerste nummer begonnen zonder er zich een fluit van aan te trekken. Onder een verfrissende bries liet Welicoruss hun epische folk black metal los. Dit was ongetwijfeld één van hun grootste shows tot dusver, maar daar was niks van te merken. De nummers werden energiek gespeeld en het publiek brabbelde mee zo goed en kwaad als ze konden. Het bleef tenslotte folk metal en op folk metal brul je luidkeels mee, ongeacht de vraag of je de taal begrijpt of niet! Op albums vind ik deze jongens niet zo speciaal, maar live zeker wel eens de moeite om mee te maken. Het enige jammere is dat deze band, met muziek die volledig is opgebouwd rond keyboards, live geen toetsenist meeneemt. Dat zou het toch nog een pak beter maken. Wel hadden we met de zanger te doen, die ondanks temperaturen van 35°C  de hele dag in zijn beestenvellen bleef rondlopen. Crazy Russians! (Sam)

Om eventjes te bekomen van het feit dat ik net in coma ben geklopt was het tijd om af te zakken naar de Valley om daar The Vintage Caravan aan het werk te zien. The Vintage Caravan is zo’n band waarvan je altijd vergeet wat ze nu net spelen als je hun naam ergens op een affiche ziet staan, maar je weet wel zeker dat je ze goed vond dus je gaat toch gewoon gaan kijken. Het voordeel hieraan is dat ieder optreden altijd een aangename verrassing is. Ze spelen een heerlijke mix tussen old-school jaren ’60 Rock en modernere Stoner Rock. Dit is nu niet echt een weinig voorkomende mix in het genre, maar The Vintage Caravan weet dit op zo’n manier te spelen dat het wel nog steeds origineel is en goed. Ze zijn ook gewoon leuk om live te aanschouwen, er zijn maar weinig bands in het genre die met zoveel energie live spelen. (Yentl)

Geleidelijk stroomde er echter opnieuw steeds meer volk toe in The Temple en was het uit met de rust. De Fransmannen van Regarde Les Hommes Tomber zijn de laatste jaren immers aan een ware opmars bezig in West-Europa en het feit dat de frontman actief is binnen de organisatie van Hellfest en dus iedereen van het wereldje kent, zal ook wel geholpen hebben. We begrepen al snel waar alle heisa om ging: RLHT speelt atmosferische black metal van de bovenste plank, met een paar vleugjes doom en post metal erdoorheen gedraaid. De muziek gaat diep en is intens, maar blijft tegelijk ook lekker groovy. Wie zich ooit afvroeg hoe een optreden van Watain er zou uitzien zonder alle tierlantijntjes en special effect: zo dus! We hielden ook wel van de sympathieke attitude van de frontman, die niet te trve cvlt was om de fans hartelijk te bedanken. (Sam)

Tijd voor Trap Them! Enkele jaren terug zouden ze ook in de Warzone spelen, maar ze hebben toen helaas moeten cancellen. Dit jaar hadden ze de kans om het terug goed te maken. Zelf ben ik een grote fan van de mix van sludge, grindcore en crust punk die ze brengen, maar ik moet eerlijk toegeven dat het optreden me niet echt wist te raken. Muzikaal zat het wel allemaal goed, maar het miste net dat agressieve, duister gevoel dat zo’n optredens fantastisch maakt. Het was overduidelijk dat de locatie hier veel mee te maken had, donkere muziek spelen op een open air stage op de warmste dag die er dat weekend was maakt het nogal moeilijk om energiek te zijn. Dit gold voor zowel publiek als band. Jammer, maar ik ben er vrij zeker van dat het op een meer gepaste locatie een stuk beter zou geweest zijn. (Yentl)

De volgende shows waren weer iets minder. De thrashers van Hirax deden er alles aan om de schaars opgedaagde liefhebbers van eighties thrash metal in de stijl van een vroege Slayer te verwennen en vooral de pure Rock&Roll-attitude van zanger Katon De Pena was memorabel. De beestige Afro-Latino slaagde erin ons het gevoel te geven dat we middenin een oude Amerikaanse film zaten waarin de bad guys steevast vertolkt worden door mannen met zware motoren en een voorliefde voor zware gitaren. Het was dus wel een stevig feestje, maar bass en drums waren veel te overheersend gemixed en het was nu eenmaal leuker geweest met wat meer volk. In elk geval was Hirax pakken beter dan Il Niño. Muzikaal gezien niet veel op aan te merken, maar iemand moet Christian Machado dringend eens zeggen dat hij absoluut niet clean kan zingen. Ofwel had hij gewoon slecht geslapen ofzo, maar in elk geval was zijn kattengejank zodanig abominabel dat we even onze toevlucht tot de VIP-ruimte zochten.  (Sam)

Ghost Bath is een ietwat controversiële band binnen de Black Metal. Niet om de gebruikelijke redenen zoals met een hakenkruis op de borst in Duitsland spelen, 1 van de leden in 45 NSBM-bands speelt of er een demo genaamd Aryan Supremacy op je discografie staat. Ghost Bath krijgt voornamelijk tegenwind vanwege de muziek die ze spelen (een mix tussen DSBM en Post-Rock) niet trve genoeg is (zucht)  en omdat ze in het begin van hun carrière alsof deden dat ze uit China kwamen en dat uiteindelijk een promotie-stunt bleek te zijn (minder zucht). Controverse terzijde, het is een goeie band. Ik was dus uiteraard aanwezig om ze voor een tweede keer te aanschouwen. Op een vorige passage op Ieperfest in 2016 wisten ze me niet echt te bekoren. Of het nu aan de band of aan de geluidskerel lag, het geluid zat absoluut niet goed en ipv een emotionele ervaring was het gewoon een geluidsbrij. Op Hellfest zat het geluid jammer genoeg ook niet echt denderend, maar het was wel al beter. De emotionele stukken waren beter hoorbaar wat de kwaliteit van het optreden de hoogte deed ingaan. Topper van de show was uiteraard ‘Golden Number’ die er in slaagde om een niet nader genoemde reviewer in tranen te doen uitbarsten. (Yentl)

Naast Ufomammut zette ook A Day To Remember een heel sterke prestatie neer. De Amerikanen uit Florida verschroeiden de weide met hun poppy mengeling van zorgeloze tienerpunk en loodzware metalcore. Dat deze band bij de jeugd zeer gesmaakt wordt, was wel duidelijk aan de vloeiende toestroom van jongeren naar het podium en van anciens naar de bar! Zelf is het mijn muziek ook niet, maar je moet toegeven dat Jeremy McKinnon weet hoe hij een feestje moet bouwen! Het begon allemaal met een toespraak van het podium (jawel) over wat er komen zou, dus gewaarschuwd waren we wel. Zodra de artiesten het podium betraden, werden honderden zwarte en witte slingers met grote kanonnen de lucht in geschoten en werd alles en iedereen versierd met wapperende wimpels. Uitkijken ook voor neerstortende T-shirts die door een roadie in een vreemd pakje het volk werden ingeschoten. Er vonden opnieuw een aantal recordpogingen plaats: “slowest song on the festival” (en dat met zo’n sterke doom affiche) en “crowdsurfing on top of a crowdsurfer” (wat na een paar faliekant afgelopen pogingen algauw op een sisser uitliep). Tussendoor regende het ook nog WC-rollen en strandballen. Lichte songs die ons allemaal weer even terugbrachten naar jarenlang opgekropte tienerhormonen zoals “All I Want”, “I’m Made Of Wax”, “Naivity” en “Have Faith In Me” werden vlot afgewisseld met beukers als “Second Sucks” en “Exposed” (wat trouwens een leuk djenty toetsje had, er zit meer diversiteit in ADTR dan hen vaak wordt toegeschreven). Show van dit genre staan bekend om hun zeer goede sfeer en dat was ook deze keer niet anders. We zijn aangenaam verrast! Waarlijk a show to remember… (Sam)

Een band op wie je altijd kan rekenen om een goeie show neer te zetten is wel Pentagram. De vraag nu was echter hoe ze het er gingen vanaf brengen op Hellfest zonder Bobby Liebling. Voor wie niet onmiddellijk weet waar ik het over heb, Bobby Liebling is op 11 mei gearresteerd en zit momenteel in voorhechtenis nadat hij z’n moeder die tegen de 90 aanschurkt ineen heeft geslagen. Dat Bobby wel vaker de vrouwonvriendelijke eikel uithangt is al langer geweten, op een eerdere tour is hij er in geslaagd om de support-bands te doen vertrekken door z’n opmerkingen over vrouwen en ‘grapjes’ over verkrachting. De resterende Pentagram-leden hebben echter besloten om de Europese tour verder te zetten zonder hem. Op Hellfest maakten ze hier niet echt veel woorden aan vuil, ze vermelden dat sommige mensen eindelijk eens moesten leren dat er gevolgen hangen aan daden die je stelt. Ik moet wel toegeven, zonder Bobby Liebling is Pentagram nog steeds een goeie band. Victor Griffin is zeker ook geschikt als frontman en liet geen steken vallen in z’n gitaarspel door deze verandering. Alhoewel zonder Bobby Liebling Pentagram nog steeds goed is kan je het echter nog moeilijk Pentagram noemen. Diens stem is en uitstraling op het podium is zo’n essentieel deel van Pentagram dat zonder hem het gewoon een geheel andere ervaring is. Niettemin was het toch een goeie show en verdienen de overige bandleden zeker een dikke duim omhoog om in zo’n korte tijdsperiode dergelijke intensieve line-up verandering op te vangen. Dat hun instrumenten afgebroken werden na hun optreden kan ik wel begrijpen, het moet best wel een frustrerende situatie zijn. (Yentl)

Met het einde van het festival in zicht, begaven we ons nog één keer naar The Temple voor een laatste folk metal feestje. Showbeesten van het moment waren de Duitsers van Equilibrium. Naar goede gewoonte was zanger Robse weer behoorlijk bezopen: je zag dat het publiek zijn gebrabbelde bevelen wel wou opvolgen, maar ze begrepen hem simpelweg niet (probeer Fransen in nuchtere toestand zelfs maar eens Engels met een Duits accent te laten begrijpen). Gelukkig bood gitarist Dom zich spontaan aan als vertaler, waardoor het toch nog een feest werd. De show bleef erg rommelig met vergeten tekstpassages en vreemde tempo’s, maar gelukkig was het publiek ook al te beschonken om zich daar iets van aan te trekken. Dit resulteerde in één van de grootste walls of death van het festival, enorme circlepits en een massa crowdsurfers, onder andere een memorabel exemplaar gezeten op een witte opblaaseenhoorn die meermaals de dieperik in tuimelde en maar bleef terugkomen. Zolang klassiekers als “Blut Im Auge”, “Born To Be Epic” en “Unbesiegt“ maar gespeeld worden, steekt het allemaal zo nauw niet! Toch zouden we graag ook eens een volwaardige show zien die verloopt zoals het hoor, en nog het liefst mét live toetsenist of op z’n minst goed gemixte samples… (Sam)

Terug naar de dodelijke hitte van de Warzone om daar de Amerikaanse hardcore-jongens van Trapped Under Ice. Het is altijd wat vreemd om dergelijke band te zien met een afstand van 10 meter tussen band en publiek in vorm van een barrière en security. Deze jongens spelen hardcore in de stijl van Terror, niets unieks maar wel goed. De verzengende hitte maakte het echter moeilijk om echt in te gaan op de muziek en alhoewel er stevig gepit werd heb ik het gevoel dat het publiek met hetzelfde probleem zat. De band zelf snapte niet hoe we er nog überhaupt in slaagden om nog te bewegen. De combinatie warmte en het niet kunnen springen van een podium nam toch heel wat plezier uit de show weg. Desondanks speelde de band een stevige set, maar echt memorabel kan je het niet noemen. (Yentl)

Als iemand die begonnen is met zwaardere muziek aan twaalfjarige leeftijd binnen de H8000-hardcore scene zal Integrity altijd een speciaal plaatsje hebben door de grote invloed die hun sound op deze scene heeft gehad. Daarnaast zijn ze ook nog eens de grondleggers van de donkere metalcore gekend als holy terror. Jammer genoeg hadden ze de pech dat ze samen met Prophets of Rage en Scorn moesten spelen wat zich vertaalde in een wel erg magere opkomst in de Warzone. De weinige aanwezigen waren ook zeer moeilijk enthousiast te maken voor wat er op het podium plaats vond alhoewel het muzikaal wel dik in orde was. Met nog meer dan 20 minuten speeltijd op overschot was Integrity al weer weg, alhoewel het er op leek dat dit eerder kwam doordat de drummer het wat moeilijk begon te krijgen vanwege de overdreven hitte. Spijtig… (Yentl)

Naast Pentagram moest ook Every Time I Die het vandaag doen zonder hun frontman. Keith Buckley’s dochter was immers plots opgenomen in het ziekenhuis, dus hij is onmiddellijk terug naar de VS vertrokken wat we hem zeker niet kwalijk kunnen nemen. Every Time I Die heeft gelukkig heel wat vrienden in andere bands die met veel plezier de vocals overnamen. Dit optreden ( en enkele andere optredens in de toekomst) hebben dus zelfs iets speciaals. Dit keer werden de vocals afwisselend gedaan door Ryan McKenney (Trap Them), Jeremy DePoyster (The Devil Wears Prada), Lawrence Taylor (While She Sleeps) en Griffin Dickinson (SHVPES). Dit zorgde voor een zeer diverse en intense set, toegegeven niet iedere vocalist paste even goed bij de muziek, maar dat nam niets weg aan de kwaliteit van het optreden. Wie Every Time I Die al eens eerder aan het werk heeft gezien weet dat dit één van de meest energieke live-bands is die je kan meemaken en Hellfest was hierbij geen uitzondering. Meerdere keren werd er opgeroepen aan het publiek om compleet los te gaan en het podium op te kruipen. Dit is slechts gedeeltelijk gelukt, maar er werd toch serieus gefeest. Tegen het laatste nummer is het uiteindelijk gelukt om toch iedereen het podium op te krijgen. Een optreden om niet snel te vergeten. (Yentl)

Het gebeurt maar zelden dat een optreden van één van je favoriete artiesten een grotendeels deprimerende bedoening is ook al spelen ze uitstekend. Dit was het geval bij The Dillinger Escape Plan. Hoe graag ik ze nog eens wou zien had ik liever niet dat het op deze manier zou gebeuren, dit is immers hun laatste tour. Daarna geen TDEP meer… Om het extra pijnlijk te maken speelden ze dan nog eens een ronduit fantastische show. Was het nu nog slecht geweest kon ik nog verkroppen dat ze ermee gingen stoppen, nu moet ik mezelf de komende weken in slaap huilen. Zoals je kan verwachten van TDEP was het terug 1 grote perfect gecontroleerde chaos zoals enkel zij dit kunnen doen. Met kleppers zoals ‘Prancer’ of ‘Black Bubblegum’ was het ook niet moeilijk om het publiek (inclusief ondergetekende) te doen ontploffen. Ook hier stoorde het me wel gigantisch dat er een barrière tussen het publiek en de band stond. Bij een laatste optreden van zo’n band had ik wel eens van het podium willen springen om vervolgens m’n nek te breken zodat ik niet hoef te leven met de leegte die deze band achterlaat. We zullen je missen TDEP… (Yentl)

Conclusie: in 2017 wist Hellfest terug een fantastische editie neer te zetten. De line-up zat strak en alhoewel er organisatorisch wel nog altijd wat verbeteringen mogelijk zijn was dit toch nog altijd één van de beter georganiseerde festivals. Indien Hellfest eens een regeling kan sluiten met de zon volgend jaar zou het fantastisch zijn alsook speciaal voor mij iets ontwerpen zodat ik die cashless kaart niet meer kwijt raak (terug 50€ armer omdat ik dat kreng kwijt was). Hellfest, ons zie je volgend jaar hoogstwaarschijnlijk terug! (Yentl)

Hellfest – www.hellfest.fr

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/hellfest-2017/
Organisatie: Hellfest (Clisson (Fr))

Best Kept Secret 2017 – een overzicht van de drie dagen

Geschreven door

Best Kept Secret 2017 – Een overzicht van de drie dagen
Best Kept Secret 2017
Beekse Bergen
Hilvarenbeek
16-06-2017 t/m 18-06-2017
Jasper Verfaillie

Ook dit jaar kon je Musiczine.net ism Dansende Beren terugvinden op Best Kept Secret, het fijne festival aan het meer van de Beekse Bergen in Hilvarenbeek. Na vijf edities heeft het festival geen geheimen meer voor ons. Of toch, hoe hebben ze in godsnaam Radiohead en Arcade Fire kunnen strikken? En hoe groot zal hun omzet zijn, nu je met het cashless betalen geen idee hebt hoeveel geld je eigenlijk uitgeeft? Een antwoord op al je vragen, vind je in dit groot overzicht. Geen stress want wij delen onze jaarlijkse ‘Best of Best Kept Secret’ uit. Imaginaire awards voor al het goede en minder goede dat we de afgelopen drie dagen hoorden, zagen, proefden en wisten te smaken op het festival terrein.

dag 1 – vrijdag 16 juni 2017 - een eerste lading laureaten

Moedigste opener: Leif Vollebek
Een festival openen is altijd een ondankbare taak. Om het dan nog eens op je eentje en in de kleinste tent van het festival te moeten doen, maakt het zo mogelijk nog moeilijker. Leif Vollebek probeerde gewapend met een piano en een gitaar het publiek warm te krijgen. Jammer genoeg was datzelfde publiek zo vroeg gekomen om vooral wat bij te praten en moest Vollebek constant het gezellig gekeuvel trotseren.

Witste kostuum: Amber Arcades
Haar paasbest kostuum had Annelotte Van der Graaf aangetrokken om met haar band Amber Arcades de stage two te openen. Helaas viel haar set even bleek uit als haar hagelwit pak met olifantspijpen. Het uptempo “Right Now” bracht wel wat zoden aan de dijk, maar het constant wisselen tussen snel en traag werkte alles behalve goed. Nieuwe single “It Changes” en “Fading Lines” kwamen te laat om de sputterende motor nog op gang te krijgen.

Lekkerste baslijn: Metronomy
Welke plek is er beter om te genieten van Metronomy’s frisse, zomerse funkpop dan aan het meer van BKS? “The Bay” leek zich even verplaatst van Miami naar Tilburg al waren de snikhete temperaturen (gelukkig? jammergenoeg?) thuis gebleven. Het publiek kreeg dan wel genoeg om zich aan op te warmen: het springerige “Love Letters”, de lekkere baslijn van “The Bay” en “Night Owls”. Frontman Joseph Mount kruidde het allemaal af met op tijd en stond een solo op bongo’s of cowbell. Een zwoelere versie van LCD Soundsystem met fijne nummers die je onbewust doen dansen: meer moet dat soms ook niet zijn.

Beste karma: Sundara Karma
Dingen ook mee naar de prijs van beste willekeurige Britse band, maarde jongens van Sundara Karma verdienen meer dan dat. De gouden kopstem van frontman Lulu heeft alles om een wei in te pakken al werkte het publiek niet altijd mee. 3FM single “Flame” kreeg hen wel aan het dansen. Ook “Loveblood” en het nagelnieuwe “Exporer” kregen de beentjes los. Sundara Karma heeft de présence (die lange haren en maniertjes), de stem en het talent om het te maken. Enkel tijd zal uitwijzen hoe ver deze jongens het gaan schoppen.

Eerste crowdsurfer: The Parrots
Wie voorspelde dat een Spaanse band de eerste crowdsurfers van het festival zou hebben, zou wellicht zot verklaard worden. Maar kijk, The Parrots uit Madrid konden omstreeks 19u de eerste waaghalzen tot crowdsurfen verleiden. We zouden in een klap ook de band gek kunnen verklaren, want hun punky rockabilly raakte kant noch wal, maar was zo aanstekelijk en energiek dat niemand stil kon blijven staan. “No me gustas, te quiero” raasde als een dolleman doorheen de stage five tent en straalde zoveel energie uit dat we plots alle vermoeidheid kwijt waren.

Beste thuismatch: Millionaire
Ondanks alle Nederlandse bands op het programma was het toch een Belgische band die de grootste thuismatch mocht spelen. Wie vorig jaar op het festival vertoefde zag toen een massa Rode Duivelssupporters voor de match tegen Ierland. Bij het optreden van Millionaire zagen we gelijkaardige taferelen van blijdschap, euforie en tricolore. Tim Vanhamel, de Vlaamse Jack White zeg maar, is dan ook een Belg om trots op te zijn. Zakte de set in het midden nog wat in, dan schudde de band het publiek bruusk wakker met het furieuze een-tweetje “I’m on high” en “Champagne”. België boven!!

Beste ‘concert’: Hundred Waters
Achteraf is het altijd makkelijk praten. Vooraf twijfelden we tussen de dreampop van Real Estate of de dreampop van Hundred Waters, om dan uiteindelijk voor die laatste te zwichtten. Een keuze die we ons nu kunnen beklagen. Hoewel de band uit Florida wel probeerde, slaagden ze er niet in om te blijven boeien. De stem van Nicole Miglis klonk goed, de vele nieuwe nummers helemaal niet zo slecht en toch bleef het publiek gewoon kijken. We werden niet meegesleurd in de droomwereld van Hundred Waters. De band speelde dus gewoon een concert, niet goed, niet slecht. Gewoon een concert ¯\_(
ツ)_/¯.

Meeste ooh’s en aah’s: Kelly Lee Owens
Brits producertalent Kelly Lee Owens stond voor een moeilijke opgave. Haar minimalistische elektronische muziek werd al vroeg op de dag geserveerd wat er voor zorgde dat het publiek moeite had om los te komen. Toch slaagde Kelly erin haar duistere en ijle techno aan de man te brengen. Het materiaal uit haar debuut werd dan ook extra gespierd uitgevoerd met de nodige vocale uithalen en ooh’s en aah’s er boven op, zonder aan de intimiteit en het mysterie in te boeten. Die mix van dromerigheid en beats werkte voortreffelijk. Zo eindigde het optreden alsnog met een publiek dat danste op het ritme van Kelly’s aanstekelijk enthousiasme.

Breedste grijns: King Gizzard & The Lizard Wizard
Soms is iemand gelaatsuitdrukking een perfecte weergave van het concert. De man met de breedst mogelijke grijns op zijn gezicht die naast ons stond tijdens King Gizzard & The Lizard Wizard is zo’n voorbeeld. Niet meezingen, zachtjes headbangen maar vooral die grijns die niet van zijn gezicht weg te krijgen was. Halverwege de set verdween hij wel in wat zo mogelijk de grootste moshpit was in stage two. We hebben hem daarna niet meer terug gezien. Opgeslokt door de hongerige mond van de salamander. Mocht u zich nog afvragen of King Gizzard & The Lizard Wizard goed was: moet u dat echt nog vragen?

Beste niet-afzegging: The Japanese House
Dit tekstje hadden we eigenlijk op de vorige editie willen schrijven, want ik 2016 moest The Japanese House noodgedwongen afzeggen. Een jaar later is het project rond de Britse Amber Bain wel van de partij en ze bedankte het publiek met haar zoete dreampop die makkelijk te verteren viel. Denk aan The 1975 zonder maniertjes en met meer integriteit. De hele set baadde in een roze waas en elk nummer leek zonder einde te stoppen. Bain was wel heel dankbaar en zei haast na ieder nummer ‘Thank you’. Dat was ook het gevoel dat het publiek had na het optreden. Bedankt dat ze deze keer niet afzegde.

Beste dansfeestje: Run The Jewels
Hoe kan je zien of een headliner slaagt in zijn opzet? Als tot ver weg van het podium mensen zich laten gaan op de steenharde beats van Run The Jewels, dan weet je dat Killer Mike en El-P hun plekje zeker verdienden. Het publiek dat dicht genoeg stond, at uit hun handen en beleefde 75 minuten lang het beste hip-hop optreden uit de geschiedenis van BKS. De voze lyrics, de jongensachtige grapjes en de politieke boodschappen nam het publiek er maar al te graag bij. G – O – L – D.
Vooraf vreesden we dat RTJ de intensiteit geen uur en een kwartier zou kunnen volhouden. Ze schoten straf uit de startblokken, vuurden al snel “Legend Has It” en “Nobody Speak” af en hielden gelukkig nog wat overschot voor op het einde. Onderweg hielden “Stay Gold” en “Everybody Stay Calm” het interessant al hoefden ze echt geen tijd te maken om de moshpit-etiquette uit te leggen. Een festivalganger weet dat ondertussen wel. Met afsluiter “Run The Jewels” en bisnummer “Down” gaven RTJ een duidelijk antwoord op de vraag “Past een hip hip act als headliner van een festival?”. Ja, godverdomme ja!

dag 2 – zaterdag 17 juni 2017

Dag twee van Best Kept Secret kondigde zich aan als de overtreffende trap van dag één. Mooier en warmer weer, Arcade Fire in het vooruitzicht en tussendoor heel wat fijne bands die de verschillende podia onveilig maakten. Afwisselend tussen stage Two, Three, Five en heel af en toe One legden we ongetwijfeld heel wat kilometers af om alle bands aan het werk te zien. Maar dat was het meer dan waard. Hadden we op dag één nog wat gemengde gevoelens, dan verdwenen die als sneeuw voor de stralende zon. Dag twee werd er eentje om duimen en vingers mee af te likken, met een overheerlijke headliner als kers op de taart.

Vroegste voltreffer: Wildes
Omstreeks 12u30 besteeg Wildes het podium Three. We wreven nog maar net onze ogen uit of ze sprongen al vol tranen. Want de gevoelige pop van Wildes wist perfect onze juiste snaren te raken. Met echoënde gitaren en een straffe stem hield de band het midden tussen Daughter en London Grammer en pakte ze moeiteloos het nog slaapdronken publiek in. Afsluiter “Bare” was de mooie strik er bovenop.

Warmste tent/Beste quote: Whitney
Net toen de zon doorbrak, begon Whitney aan hun set in de overvolle tent op stage Two. Overvol én oververhit, want de combinatie van Whitney’s romantische muziek, de liefde van het publiek en de warme temperaturen deden het kwik al snel stijgen. Al van bij “Golden Days” zat de sfeer er al goed in, om pas helemaal over de rooie te gaan met een geniale cover “Magnet” en absolute prijsbeest “No Woman”. Tussendoor kregen we een mooi nieuw nummer, de theme song van The Golden Girls, een kus voor de camera en een sterke kandidaat voor quote van het festival: “Is everyone allright? This next song is about dying.”

Meeste Courtneys: The Courtneys
Soms moet je het niet ver zoeken om een bandnaam te zinnen. Drie Courtneys startten samen een band, de naam is een al even logisch gevolg. The Courtneys maken compromisloze garagerock die vooral niet te moeilijk mag zijn. Simpele drums, gitaren en schreeuwerige zang zijn ingrediënten waar wel wat mee te maken valt, maar het ontbrak hen aan de intensiteit om echt meeslepend te worden. Dan hebben we meer een boontje voor die andere Courtney (Barnett).

Grootste tegenvaller: Best Kept Secret 2018
Ja, u leest het goed. De editie van volgend jaar zal al zeker voor veel festivalgangers een tegenvaller worden. Niet omwille van een headliner die al bekend werd, maar wel omdat het festival een week vervroegd werd. Op de ommezijde van het programmaboekje viel te lezen: “see you next year, 8-9-10 June.” Omdat Pinkpop volgend jaar zich in hetzelfde weekend gaat nestelen, besloot de organisatie van BKS om de ongelijke strijd niet aan te gaan en dan ook maar te verhuizen. Slecht nieuws voor alle studenten die net gedaan hebben met examens. De kans dat je dat volgend jaar kan vieren op Best Kept Secret is heel klein.

Beste vrouwelijk duo: Honeyblood
Als er één ding is waar je Best Kept Secret niet van kunt betichten, dan is het vrouwonvriendelijkheid. Naast The Japanese House, The Courtneys, Mitski, Amber Arcades … staan er heel wat vrouwelijke (of overwegend vrouwelijke) acts op de podia. Toch gaat de hoofdprijs naar een vrouwelijk duo dat ons van bij het begin wist te overtuigen. Honeyblood is de alias van twee Glasgowse dames die aan een drum, een gitaar en tonnen energie genoeg hebben om een publiek enthousiast te maken. Met ‘Babes Never Die’ hebben ze dan ook een aanstekelijk album onder de arm. De gelijknamige single en “Killer Bangs” klonken als babykatjes die gevaarlijk kunnen klauwen.

Beste niet saaie concert: Mitski
Van Mitski hadden we al vaak gehoord dat ze live niet helemaal tot haar recht komt en zelfs ronduit saaie sets kan neerzetten. Daar kwam op zaterdagnamiddag in de Five gelukkig niets van in huis. Zagen we vorig jaar nog een artiest die moeite had met haar band, dan stond er nu wel een groep op het podium die wist wat ze deden. Haar gezicht stond nog steeds op onweer, maar de muziek klonk bijna net zo goed als op plaat. Dat nog eens het overgrote deel van de set uit het uitstekende ‘Puberty II’ kwam, deed alleen het optreden alleen maar goed. Het vlammende “Your Best American Girl”, het ironische “Happy” en kort maar krachtige “My Body’s Made of Crushed Little Stars” deden eindelijk haar potentieel openbarsten. Heeft Mitski eindelijk de juiste balans gevonden? Op Best Kept Secret deed ze ons alvast geloven van wel.

Beste concert dat we niet gezien hebben: Circa Waves
Eerlijk is eerlijk. We zagen Circa Waves de afgelopen jaren al zodanig veel dat ze een garantie zijn op stevige concerten. Daarom namen we ook de tijd om een andere band te checken en lieten we de sympathieke Britten links liggen. Toch kunnen we met al onze ervaring een berekende inschatting maken van het optreden te maken (indien u er wel bij was, voel u vrij om aan te vullen). De jonge honden begonnen met “Wake Up”, speelden tussendoor fijne meezingers “Stuck” en “Stuck In My Teeth” en brachten de weide aan het zomeren met “T-shirt Weather”. Is Circa Waves dan voorspelbaar? Misschien wel, maar de band rijgt de goeie optredens aan elkaar en zijn dus de best mogelijke vorm van voorspelbaarheid.

Beste wetenschappelijk experiment: Floating Points
Niemand wist beter waar hij mee bezig was dan Floating Points zelve. Uit bliepjes en oscillators toverde hij stevige beats om ze daarna vakkundig in de prak te rijden. Noem het een wetenschappelijk experiment waar Floating Points op zoek ging naar de meest spacey dansmuziek voor mensen die houden van Jon Hopkins of Nicolas Jaar. De wetenschappelijke visuals met geometrische figuren deden denken aan de resultaten van een leugendetector en maakten het helemaal af.

Beste imitatie van een wervelwind: Cloud Nothings
Een festival in het zand is allemaal goed en wel – het constante gevoel dat je op het strand zit is best wel fijn – maar de constante stofwolken doen niet enkel de bancontactmachientjes sputteren, het pakt ook op je adem en durft al eens voor stof in de neus en ogen zorgen. En als er dan nog eens een band als Cloud Nothings de wind doet keren en op stage Two een regelrechte wervelwind ontketent, zoek je beter dekking. Hun rammelende garagerock speelden ze aan zo’n sneltreinvaart dat het zand spontaan opsteeg. Na “Here and Nowhere Else”, “Fall In” en absoluut hoogtepunt “Wasted Days” moesten we het zand van onze lichamen schudden.

Meeste petjes/Langste haren: Andy Shauf
Dat we meer hebben zitten kijken naar Andy Shauf zijn lange haren en de petjes van zijn band, zegt misschien ook wel iets over zijn set in Three. Want als we echt eerlijk zijn, verloren we halverwege de interesse voor het optreden van Andy en band. Zijn liefelijke liedjes lagen wel goed in het oor, maar bleven daar nooit lang hangen. Op den duur begon het ook allemaal wat gelijkaardig te klinken. De fijne toevoeging van klarinet maakte het net iets anders, maar meer dan luisterliedjes om lekker in de zon te liggen chillen bracht Andy Shauf niet. En dus moesten we wel de daad bij het woord voegen en zochten we ons een geschikt plekje aan het meer.

Beste band die klinkt als die andere band waarvan we nu niet op de naam kunnen komen: Froth
De jongens van Froth zijn eigenwijs en weten wat ze willen. Met alweer hun derde album ‘Outside (Briefly)’ overtuigden ze ons onlangs nog op Les Nuits Botanique, maar hun scherpe/dromerige gitaarrock kwam nog beter tot zijn recht op een festivalpodium. Frontman JooJoo Ashworth liet zijn gitaar spreken met simpele maar effectieve gitaarsolo’s en motiefjes die hij op tijd en stond vocaal aansterkte. De band wisselde gierende gitaren af met dromerige passages en het was net dat contrast dat je bij de les hield. Ook het gierende “Post Card Radio” was een hoogtepunt in de set.

Beste 3voor12 sessie: STUFF.
Gezien we zaterdagavond voor een dilemma stonden (Floating Points vs. STUFF.), maakten we de knoop ietsje makkelijker door te hakken door de 3voor12 sessie van STUFF. mee te pikken. Of toch dat dachten we. In werkelijkheid werkte het net andersom. In het kleine kwartier dat de Belgische trots speelde, bliezen ze moeiteloos het dak van de veel te kleine en uitpuilende 3voor12 tent. “Skywalker” bracht ons meteen onder hypnose om pas bij de laatste drumslagen van “Strata” terug op aarde terug te keren. Het was met spijt in het hart dat we de volledige set van STUFF. aan ons voorbij lieten gaan.

Meest trippy visuals: Kaitlyn Aurelia Smith
Wie na Arcade Fire honger had naar experimentele elektronische muziek, was aan het juiste adres op de Five. Naast een DJ-set van Laurel Halo en een staalharde set van Vatican Shadow, was er ook plaats voor de verfijnde elektronica van Kaitlyn Aurelia Smith. Op haar analoge synthesizers wist ze te multitasken als de beste. Vooraf opgenomen lagen waren niet aan de orde. In de plaats kregen we een Kaitlyn die in volle concentratie zweefde tussen haar synths en ons doorboorde met ijle vocals. Alsof dat nog niet interessant genoeg was, werd het optreden ook een visueel feest. De trippy projecties achter haar maakten het plaatje af en brachten ons in een trance waar moeilijk aan te ontsnappen viel.

Beste band met Thurston Moore: The Thurston Moore Group
Levende legende Thurston Moore wist zo net voor de headlineset van Arcade Fire toch opvallend veel volk naar stage Five te lokken. Om een oud lid van Sonic Youth aan het werk te zien, hadden we dan ook de hele wandeling ervoor over. Moore speelde hard als het kon, zacht als het moest, maar was altijd meeslepend. Veel te vertellen had hij dan weer niet. Hij bedankte de ‘hard core motherfuckers’ die enthousiast en gefascineerd luisterden. Want er was ook veel te genieten. sterke instrumentale nummers met ongezien gitaarspel. ‘Tomorrow is Paul McCartney’s birthday, just sharing some information’ gooide Moore halverwege in het publiek waarop hij het striemende “Aphrodite” opdroeg aan de jarige Beatle. Thurston mag in november het Sonic City festival cureren in Kortrijk. Benieuwd of hij dan even sterk voor de dag komt.

Beste shlagerdisco: Arcade Fire
Zowat alles klopte tijdens de headlineset van Arcade Fire. Regine zwaaide met haar flosjen op “Sprawl II”, Win Butler gooide als een halve gare met zijn trom op afsluiter “Rebellion/Lies” en tijdens “Here Comes The Night Time” ging de zon ook daadwerkelijk onder. Alsof de band hemel en aarde kon bewegen, deden ze hetzelfde met het publiek dat zich een breuk danste op hun nieuwste disco hit mét boodschap “Everything Now”. Bijna elk nummer toverden de Canadezen om tot wereldhits. Zelfs het oude “Windowsill” kreeg de handen op elkaar.
Ook de setlist zat vernuftig in elkaar. Uit elk album werden sterke nummers geplukt die perfect hun nut hadden in de set. “Neon Bible” werd dankzij de indrukwekkende zee van lampjes een onverwacht hoogtepunt, “The Suburbs” liet ons dan weer op adem komen om meteen erna de boel weer aan te zwengelen met “Ready To Start”.
Arcade Fire liet ons geen moment met rust. De manier waarop “Creature Comforts” overliep in “Neighbourhood #3 (Power Out)” en uiteindelijk afsloot met het uitzinnige “Rebellion/Lies” was ronduit indrukwekkend. Zelden kwam de band zo krachtig en meeslepend uit de hoek. Extra toegift “Intervention” stond niet eens op de setlist en daarmee gingen ze zelfs overtijd. ‘We might get cut off’, waarschuwde Win Butler nog.

dag 3 – zondag 18 juni 2017

Op dag drie was het al Radiohead dat de klok sloeg. De gedroomde headliner stond eindelijk op het hoofdpodium en de organisatie kon zich geen beter verjaardagsgeschenk dromen. De vijfde editie van het festival blonk ook dit jaar uit in veelzijdigheid en dat was op de laatste dag niet anders. Van orkestrale minimal pop over Japanse krautrock tot baslegendes en verloren zonen. De blakende zon deed de vermoeidheid nog harder toeslaan, maar het vooruitzicht op twee en een half uur Radiohead deed ons moedig voort ploegen.

Beste manier om wakker te worden: RY X
Oké, technisch gezien is het om 13u15 geen ochtend meer, maar op een festival lopen ochtend, middag en avond na drie dagen wat door elkaar. Met zijn sferische en melancholische folkpop was het best fijn ontwaken bij RY X. Two stond de voorbije dagen nog nooit zo vroeg zo vol. Maar het had zijn redenen. “Shoreline” kreeg het publiek al meteen stil (met behulp van 5 strijkers) en de Australiër liet je niet meer los. Na “Sweat”, “Only” en “Howling” voelden we ons weer fris en monter om de laatste dag door te komen.

Meest onuitspreekbare naam: Kikagaku Moyo
Ze komen uit Japan en hebben een bandnaam waar je je tong over kan breken. Probeer het eens vijf keer snel na elkaar uit te spreken? Makkelijk? En probeer het nog eens na een aantal pintjes? De Japanners zelf waren al heel blij dat ze voor de eerste keer op het festival mochten spelen en bedankten het publiek in aandoenlijk Japanglish. Tussen de gierende gitaren, Japanse motiefjes en jazzy drums door vroegen we ons toch af of Kikagaku Moyo nu echt vijf klonen op een podium waren. Alle vijf de bandleden hadden lang sluik zwart haar, hetzelfde gezicht en identieke kleren en leken nog het meest op dat angstaanjagend meisje uit The Ring. Stay weird, Japan!

Meest enthousiaste Nederlanders: Canshaker Pi
Over het festivalterrein lopen heel wat uitbundige Nederlanders rond – hoe later op de avond, hoe meer – maar de meest enthousiaste noorderburen op een podium moeten wel die van Canshaker Pi zijn. Waren onze voeten niet al kapot van twee festivaldagen, dan deden we zeker mee met hun springerige garagerock. Een streepje “Hey Ya” van Outkast, een sound die klinkt als een volwassen Xink! en veel gusto: meer moet dat niet zijn op de laatste dag van het festival.

Beste terugkeer: Strand of Oaks
Het is altijd fijn om sympathieke peer Timothy Showalter terug te zien en dat gevoel was duidelijk wederzijds. Ondanks de bakkende zon die vele mensen richting het meer dreef, wist hij met zijn band Strand of Oaks tegen het einde van de set een gezellig hoopje publiek te verzamelen. Naast zijn charisma waren het natuurlijk ook de steengoeie nummers die het publiek konden overtuigen. Na het opruiende “Radio Kids” mende hij op “Heal” het publiek als een bezeten sjamaan. Een iets loggere versie van “JM” en “Goshen 97” deden de rest. Toffe Timothy scoorde zelfs bonuspunten met zijn bedanking om op hetzelfde podium als Radiohead te mogen staan. ‘A dream come true’.

Meest nobele onbekende: Fil Bo Riva
Hij is een Iers-Italiaanse singer-songwriter van 13 in een dozijn en was voor ons eerlijk gezegd een nobele onbekende. De kans is echter groot dat dat na zijn optreden op Best Kept Secret ook zo zal blijven. zijn combinatie van rock en pop met een soulvolle stem klinkt op papier goed, maar live is het zo clichématig dat we er al snel op uitgekeken waren. Een fijne cover van Johnny Cash’s “Folsom Prison Blues” was een zeldzaam hoogtepuntje.

Beste moment om een duikje in het meer te wagen: Kadhja Bonnet
Was het de vermoeidheid of lag het aan de lieflijke muziek van Kadhja Bonnet? Veel mensen gingen hoe dan ook tijdens haar set door de knieën en besloten het zittend te volgen. Haar loepzuivere stem en jazzy gitaar werden in het begin nog wat geplaagd door technische problemen, al werd dat vakkundig weggemoffeld. Maar zelfs daarna werd de set er niet beter op. Goeie stem, flauwe liedjes. Dat veel mensen net buiten de Three tent besloten om een duikje in het meer te wagen, had wellicht alles met het weer te maken. De muziek van Kadhja Bonnet kon hen niet tegen houden.

Meest geforceerd epische set: Zeal & Ardor
Neem de stem van Nickelback, de harde drums van System Of A Down en de gierende gitaren van een willekeurige hardrock band (denk Foo Fighters op z’n hardst) en je krijgt iets wat op Zeal & Ardor lijkt. De spetterende lichtshow maakte veel goed, al kon die toch niet verbergen dat het genre waarin Z&A toeft, al eerder en beter is gedaan. Het begin was veelbelovend, maar doorheen de set verloor de band zichzelf wat in teveel genreclichés. Brommende Latijnse teksten en metalscreams mogen dan wel episch klinken, in het geheel pasten ze nooit echt helemaal.

Vetste baslijn: Thundercat
Op dag één hadden we al meteen de award voor vetste baslijn uitgereikt aan Metronomy. Een beetje voorbarig, weten we nu. Want het verschil tussen Metronomy en Thundercat is net als dat tussen leerling en meester. Zoek bij Thundercat niet naar een vetste baslijn, het hele optreden was één vette, geile baslijn. Het eerste nummer mondde al meteen uit in een stevige jam en dat zou zo voor de rest van het concert duren. Samen met zijn al even getalenteerde pianist en drummer, nam Thundercat, getooid in korte broek, sandalen en afschuwelijk lelijk rood haar, je mee op een psychedelische trip en ontspoorden ze vakkundig elk nummer. In het middenstuk stal de drummer even de show, al was het uiteindelijk Thundercat zelf die zich als een modern basgitaargenie profileerde. Beluister die baslijnen uit “A Fan’s Mail”, “Them Changes” of “Friendzone” maar eens. Flea, eat your heart out!

Oudste nieuwkomer: American Football
Eventjes een quizvraagje. Noem een band die al 20 jaar bestaat en nu pas zijn debuut maalt op een Nederlands festival. American Football bracht in 1997 hun debuut uit, splitte al in 2000, kwam terug in 2014, bracht in 2016 de langverwachte opvolger uit en staat nu in 2017 eindelijk op Nederlandse bodem. Heel wat mensen gingen om tactische redenen naar James Blake (lees: een goed plekje voor Radiohead veroveren), maar zij mistten zowat het beste optreden van dag drie. De mooie, cleane gitaren spraken elkaar tegen en vulden elkaar aan. Alles was perfect gedoseerd, een streepje zang, een streepje piano, rustige drumfills en op tijd en stond een beetje trompet om de nummers aan elkaar te lijmen. Constante gitaarwissels gingen zo vlot dat niemand ze opmerkte. Tijdens “Desire Gets In The Way” stopte frontman Mike Kinsella zelfs eventjes het nummer om zijn gitaar juist te stemmen. Zo’n gevoel voor perfectie zien we graag. Opener “Stay Home” greep ons al meteen bij de keel om pas na afsluiter “Never Meant” los te laten.

Vervelendste naam om te typen: Junun ft. Shye Ben Tzur & The Rajashtan Express
Wie de sneltoetsen ctrl-c en ctrl-v heeft uitgevonden, verdient een standbeeld, want voor de review van Junun ft. Shye Ben Tzur & The Rajasthan Express (of kort Junun) hebben we te weinig tijd om de bandnaam steeds opnieuw te typen. Laten we het dan over de muziek hebben. Junun nam ons mee op een retourritje richting India, gaf onderweg een initiatie buikdansles en speelde muziek alsof er slangen bezworen moesten worden. Wie dicht genoeg stond, kon zien hoe Colin Greenwood langs de zijkant mee stond te kijken hoe zijn broer Johnny meespeelde met de bende leutige Indiërs. Een lekker exotisch dansfeestje dat ons inspireerde tot een eigen versie van de Bedoeïenendans.

Meest eigenzinnige setlist: Radiohead
Best Kept Secret Festival was er dit jaar al heel vroeg bij met de eerste naam. Logisch, want het feit dat niemand minder dan Radiohead deze editie zou afsluiten, was nieuws dat zowel de organisatoren als de bezoekers nooit durfden dromen. Ze zorgden ervoor dat de tickets in een mum van tijd uitverkochten. Bijgevolg stapelden de fans zich al redelijk vroeg op tijdens het optreden van James Blake om toch maar dat ideale plaatsje te bemachtigen om Thom en co. aan het werk te zien.
Dat band niet de meest voor de hand liggende set zou afleveren, stond in de sterren te schreven. Radiohead trok zich er niets van aan dat ze op een festival stonden. Hits zoals “Karma Police”, “Fake Plastic Trees” of zelfs “Creep” (dat recentelijk af en toe nog eens opduikt) ontbraken, wat waarschijnlijk niet naar de zin was van een deel van de mensen die een ticketje had bemachtigd. In de plaats kregen we een verstilde set met intiemere nummers en favorieten van de fans. Zo werd er moedig geopend met het subtiele “Daydreaming” uit hun recentste album. Ook tijdens het duistere “Climbing Up The Walls”, “Street Spirit (Fade Out)” en vooral “Exit Music (For A Film)” kon je een speld horen vallen. Daarnaast zorgden de talrijke songs uit ‘In Rainbows’ en een voortreffelijke uitvoering van “Let Down” voor een warm moment. Nummers zoals “Idioteque” en “The Gloaming” belichaamden dan weer de oncomfortabele elektronica die de groep in al die tijd gecreëerd heeft.
Een uitgelaten mood hing niet in de lucht. Radiohead staat dan ook niet bekend als de meest vrolijke band van de wereld. De band bewees met hun kwalitatief optreden waarom ze zo geliefd zijn, maar een publieksfavoriet of twee zou de twijfelaars over de streep kunnen getrokken hebben.

Ism Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/best-kept-secret-2017/
Organisatie:
Organisatie: Best Kept Secret Festival (Friendly Fire) 

Graspop Metal Meeting 2017 – Warme editie met Underdogtoppers!

Geschreven door

Graspop Metal Meeting 2017 – Warme editie met Underdogtoppers!
Graspop Metal meeting 2017
Festivalterrein
Dessel
2017-06-15 t/m 2017-06-18
Frederik Lambrecht

préday - donderdag 15 juni 2017 - Carnation een band om in de gaten te houden + Brides of Lucifer zorgen voor spektakel!

Zoals enkele jaren het geval is,  gaat Graspop in feite van start op donderdag in de late middag, waar enkele Belgische bands de kans krijgen om hun kunnen te tonen. Maar bij aankomst aan de ingang van de loketten waar de elektronische tickets werden uitgelezen, bleek dat het een eindje zou duren vooraleer je binnen zou geraken en jezelf zou kunnen settelen met de tent, om dan het ultieme moment -het betreden van het festivalterrein -kon aandoen. Gelukkig is dit voor de pers niet echt het geval, want het aanschuiven in de rij mogen wij overslaan, zodat we direct onze taak kunnen uitvoeren.
Zodoende stond ik dus bij aanvang van de Antwerpse death metal band Carnation te headbangen tijdens het nuttigen van een deugddoende pint. De op Entombed geschoold death metal klonk lekker vet, en zanger Duson was speciaal voor dit optreden met zijn hoofd in een pot rode verf gekropen zodat hij toch voor wat extra showgehalte kon zorgen. Met nog maar 1 EP achter de kiezen konden ze natuurlijk niet voor uren muziek zorgen, maar de 40 minuten hebben ze alvast met beide handen gegrepen!
Qua death metal was helaas weinig te beleven dit jaar, dus gelukkig was ik op tijd om bij dit feestje te zijn.

Voor de rest kon mij de donderdag niet veel bekoren, behalve enkele nummers die ik nog van de metalcore/melodische death metal band Hexa Mera heb beluisterd in de Metal Dome, tijdens het zoeken van wat afkoeling. Gelukkig was ook op deze vooravond de Classic Rock Café open, alwaar hitjes uit de jaren 70, 80 en 90 uit de boxen schalden. 

Wel wil ik nog meedelen dat er een surprise act gepland was, maar deze was al enkele dagen geleden uitgelekt (Brides of Lucifer), maar deze stonden later op het festival ook gepland. 13 jonge deernen stonden in fantastische kostuum uitgedost hun engelengezang op het publiek los te laten. Voor diegenen die het nog niet wisten, dit is een project met Scala zangeressen (een meisjeskoor) onder leiding van Kolacny die covers uit de metalmuziek aan de man brengt. Speciaal is een understatement, maar het sloeg in als een bom. Voor herhaling vatbaar? Zeker en vast, want de covers van Dio (“Holy Diver”), Pantera (“Walk”), Slayer (“South of Heaven”), …waren een schot in de roos.

dag 1 - vrijdag 16 juni 2017 - Twisted Sister was uitstekend…euh Dee Snider,  Emperor verwelkomt het duister op een hoofdpodium dan nog wel en Rammstein maakt minder indruk dan voorzien…

De zon warmde vlug de tenten op, dus lang blijven liggen was uit den boze op vrijdagmorgen, vooral als je de voorgaande edities vergelijk waarbij je wakker werd in de koelte maar wel de aangekoekte modder van je ellebogen moest likken. Richting festivalterrein was dus de boodschap en beginnen deed ik met de Belgische speed metal van Evil Invaders. Nog niet zo lang bezig maar nu als mogen openen op het hoofdpodium?! Wie doet hen dat na? Het klonk zoals ik ze kende…snel, heel snel, sterk uitgevoerde riffs en een stem die de zon deed verbleken. Speed metal op zijn best dus.

Ik slofte richting de Marquee alwaar Decapitated klaar stond. De technische death/groove metal knalde als een bom uit de boxen en aan sfeer was geen gebrek. Mochten we het allemaal op voorhand weten, dan stonden deze Polen zeker enkele uurtjes later geprogrammeerd, want blijkbaar lagen nog veel fans te verhitten in hun tent gezien het aantal toeschouwers dat maar opdaagden. Soit, ik heb mij alvast geamuseerd. 

Terug richting hoofdpodia, waar op Main 2 Mike Howe al klaar stond in rode broek om de set van Metal Church af te trappen. Vorig jaar op Alcatraz fest was ik fan van de show, dus hoopte ik opnieuw op een leuke show. En het is hen gelukt ook, waarbij oudjes “Beyond the Black” en “Badlands” opnieuw de toppers waren.

Onder het motto “Who’s fist is this anyway” stond ik mee te bangen en moshen tijdens Prong in de Metal Dome. Fans van gitaarwerk konden hier hun hartje ophalen en met nummers “Beg to Differ”, “Cut & Dry” en de kraker “Snap Your Fingers, Snap Your Neck” was dit een optreden van hoogstaande kwaliteit! Dank u Tommy Vicor!

Wegens enkele afzeggingen moesten nieuwe bands gezocht worden en het meest in het oog springend was uiteraard Dee Snider. Ik was overtuigd dat er geen enkel nummer van Twisted Sister ging gespeeld worden, maar man, ging ik daar serieus in de fout. “The Kids are Back”, “The Price”, “I wanna Rock” en ongetwijfeld de grootste meezinger van Graspop  “We’re Not Gonna Take it” stonden op zijn setlist. Neen, afscheid nemen is moeilijk, en Dee Snider bewees dit. Hij is ondanks zijn leeftijd nog in topform en hij rende van links naar rechts op het podium om met zijn fans leute te maken. Ook een grote duim voor de cover van Soundgarden getiteld “Outshined” als eerbetoon aan Chris Cornell.

Een optreden die niet mocht gemist worden was deze van The Dillinger Escape Plan, want na 20 jaar geven ze er de brui aan met de mededeling dat ze willen stoppen op hun hoogtepunt. De mathcore klonk overtuigend, maar voor ondergetekende was deze muziek niet echt zijn ding. De fans zullen ongetwijfeld eventjes geslikt hebben tijdens het laatste nummer maar de toekomst zal uitwijzen of ze ooit nog terugkomen.

Ik heb nog enkele nummers van rockband Europe kunnen meepikken waaronder meezinger “The Final Countdown” die gans de weide deed meezingen.

Maar ik stond aan de hoofdpodia voor een totaal andere reden want de Noorse black metal band Emperor ging bijna van start gaan. De afwezigen hebben absoluut een topoptreden gemist en zullen zich dus beklagen dat ze niet mee headbangden op “Inno A Satana”, “Curse You All Man” en “I am the Black Wizards”, tevens de beste nummers van deze band en ook de nummers die deze vette show afsloten. Wie zegt dat Black metal niet op een hoofdpodium moet geprogrammeerd staan , zal vandaag wel eens goed in zijn ogen gewreven hebben. Bij deze Graspop: Dimmu Borgir zal volgend jaar ook wel fantastisch zijn ;-)

Afsluiten deze vrijdag deden we in stijl met de spektakelband Rammstein. Hun shows zijn altijd gevolgd met nieuwe snufjes, lasers en vuur, heeeeel veeeeel vuur…gelijk dat het nog niet warm genoeg was. Het hoofdpodium waar Rammstein ging spelen was enkele meters groter dan het hoofdpodium ernaast want blijkbaar moet dit podium veel gewicht dragen, maar ik weet niet of iedereen daarop gelet heeft. Helaas was ik niet onder de indruk…neen, ik heb ze al beter gezien. Oké, de hitjes waren paraat (“Reise Reise”, “Feuer Frei” met de eerste ontbrandingen op het podium, “Links 2-3-4” die een vette knipoog is naar Duitsland, “Ich Will”, “Du Hast” met de raketten die werden afgeschoten, meezingers “Sonne” en “Engel” en een pianoversie van “Ohne Dich” die de set deed afsluiten. Het uur en een half vloog voorbij maar zoals gezegd, miste ik iets aan het optreden. Wat precies kan ik niet zeggen, maar misschien omdat we telkens meer en meer van Lindemann en co verwachten. Maar ondanks dat ze minder waren, was Rammstein wel een terechte headliner van deze dag.

dag 2 - zaterdag 17 juni 2017 - 1 woord: Mayhem!
Ook op deze zaterdag was het heel goed weer en opnieuw was lang in je tent blijven hetzelfde gevoel ondergaan als een gepocheerd eitje.
As Lions was de eerste band die ik aanschouwde en zanger Austin Dickinson heeft al vele malen aangegeven dat zijn band niet populair is door zijn achternaam, maar wel meer door de muziek zelf. Spijtig genoeg spreek ik dit wel tegen want bij het aanhoren van de muziek moest ik constant denken: jaja, hij klinkt echt wel op enkele raakvlakken als zijn vader. De hardrock op zich had weinig om het lijf helaas.

Enkele stappen verder stond er wel een band waarop aan het wachten was, want de kleurrijke en progressieve sludge/rock band Baroness ging hun kunstjes tonen in de Metal Dome. Technisch een heel sterke band, maar als je geen fan bent van de zanger dan kon dit wel eens een domper zijn. Niet voor ondergetekende, want ik vond het een puik optreden.

De gebroeders Cavalera waren ook uitgenodigd met hun nostalgische blik richting het uitstekende album ‘Roots’, maar als ik nu iets zeg van dit optreden dan komt Max mij hoogstwaarschijnlijk persoonlijk opzoeken. Neen, spijtig dat ze zelf niet doorhebben dat ze dit album onrecht aandoen, en als je dan nog een oorkonde aan Lemmy wil geven die totaal mislukt dan stopt het voor mij…

Mayhem was ook zo’n band die op mijn to-do-list stond en dus stond ik te popelen in de Marquee tot ze begonnen. En ja, er was ook een verrassing van deze Noren gepland want ze gingen integraal het album ‘De Mysteriis Dom Sathanas’ spelen. Diegenen die nog nooit van dit album gehoord hebben: get a life, maar nummers als “Funeral Fog”, “Freezing Moon”, “From the Dark Past” en het titelnummer zelf blijven mij de rillingen geven als ik ze hoor. En vandaag klonk het duister en lekker smerig, zoals het hoort! Voor mij één van de hoogtepunten deze editie! Een mix van blues, stoner en rock? Ok, Clutch levert wat je vraagt
J Lekker toegankelijk, maar toch zo goed.

Wegens weinig interessante bands voor ondergetekende ging ik naar de rustige rock van Alter Bridge kijken op een bankje die uitkijkt richting de 2 hoofdpodia, alwaar velen rustig aan het genieten waren van een deugddoende rustpauze en pintjes. Met dit weer mochten er voor mijn part wel 2 van zo’n tenten gestaan hebben. De setlist klonk nog redelijk leuk en paste perfect bij het bezinningsmomentje.

Ministry zette zich schrap in de Marquee en frontman Al Jourgensen had opnieuw vele clips mee zoals bij voorgaande optredens. “Just One Fix”, “Punch in the Face” & “Psalm 69” klonken als vanouds de beste nummers van de setlist.  Industrial metal met een hoog tripgehalte!

Deep Purple
was de ‘grootste’ afsluiter (in feite sloot In Flames af) op deze zaterdag en de oudjes bewezen dat ze nog steeds kunnen rocken! Van een originele bezetting is al lang geen sprake meer want enkel Ian Paice heeft zich staande kunnen houden. En het is ook al lang geweten dat het tijdloze nummer “Child in Time” niet meer op hun setlist staat wegens niet meer haalbaar voor de hoge uithalen. Gelukkig kunnen ze rekenen op vele anders nummers die ze in hun carrière hebben gemaakt met “Smoke on the Water” als summum. Was dit een legendarisch optreden? Nee, maar slecht was het allesbehalve. Dit blijkt hun afscheidstoer te zijn, ondanks dat ze nog maar net een nieuwe plaat getiteld ‘Infinite’ hebben gereleased. Hun oorkonde hebben ze alvast al ontvangen…een plek in de Rock and Roll Hall of Fame! En zo gingen we nog wat verder feesten tot diep in de nacht in de Classic Rock bar.

dag 3 - zondag 18 juni 2017 - Memoriam houdt Bolt Thrower levend en  Suicidal Tendencies zet de Jupiler stage droog

Vorige week stond Slayer te spelen in de Ancienne Belgique in Brussel en was het voorprogramma The Charm the Fury. Ik kon ze niet aanschouwen en had ook totaal geen idee wie deze band was. Welnu, ze openden zondag Main 2 en wat was ik onder de indruk…van de frontvrouw. Qua muziek blijkbaar in stijgende lijn betreffende populariteit, maar de Nederlandse metalcore vond ik persoonlijk wat braafjes. Maar met de frontvrouw zou ik alvast niet braaf zijn ;-) Soit, na het geilen op de frontvrouw spurtte ik naar de Marquee, want daar stond wel een band die mijn interesse opwekte.

Vorig jaar werd beslist dat Bolt Thrower er mee ging stoppen na de dood van drummer Martin Kearns. Een aderlating voor vele old school death metal fanaten, maar gelukkig wist zanger Karl Willets dat hun muziek niet mocht verloren gaan. Met enkele oud leden van BT & Benediction werd een nieuwe death metal formatie opgestart genaamd Memoriam. Ondertussen is er al 1 full-length album gereleased (‘For the Fallen’) en hij klinkt lekker log. Live werd nogmaals bevestigd dat er leven is voor old school death metal. Topoptreden!

‘You know why they call pirates pirates?? Cause they Aaaaaaarrrrrrggh en zodoende ging ik met enkelen mee richting Alestorm. In mijn ogen ludieke power/folk metal met zangteksten die niet van hoogstaande kwaliteit zijn. Helaas hadden ze mij ook te grazen, want na het optreden zong ik lustig mee met “I’m here to drink your beer”. Echte rock ’n roll? Jap!

… Echte rock ’n roll? Jap … Airbourne kan dit als geen ander…ze namen de gitaren bij de hand en plagieerden de stijl van AC/DC. Hiermee bedoel ik dus niet dat ze slecht zijn want ik hou wel van stijl van deze rockers. De bierblikjes werden gretig uitgedronken op het podium en het publiek lustte er pap van!

Ik bleef rond de mainstages staan, want nu was het de beurt aan Hatebreed. Met hun nieuw album ‘The Concrete Confessional’ konden ze nieuwe nummers aan de man brengen, maar zoals meestal wordt de meeste leute nog gemaakt bij de toppers waaronder “To the Treshold”, “Perseverance”, “Live for this “, “This is Now” en zoveel meer. One family met moshpits en circlepits die het zand van tussen je oren wegblazen. 

Suicidal Tendencies
stond geprogrammeerd op het kleinste podium – the jupiler stage, maar het kon hen zichtbaar niet deren. De sfeer was uitstekend en de band was vandaag in topform. Dit optreden vloog voorbij en voor ik het wist stond er een massa volk op het podium mee te zingen met de crossover/hardcore/thrash metal van deze Amerikanen!  Op hun menu stond een “Trip of the Brain”, gevolgd door een “War Inside My Head”. Maar ze waren zoals al vermeld “Subliminal” en ik was betoverd want ik was “Posseded to Skate”.

 Opnieuw richting Main 2 want Rob Zombie had zijn podium al klaargezet. De shockrock heeft mij zelden ontgoocheld en deed dit wederom niet. “Dragula” en de Ramones cover “Blitzkrieg Bop” deden Dessel op zijn grondvesten daveren!

Afsluiten deed ik in de Marquee met Primus  uit nostalgische overweging, maar ook omdat de headliners mij absoluut niet konden bekoren. Sorry smaken verschillen, maar Evanescence, Scorpions en Sabaton? Neen dank u. De alternative rock van Primus klinkt aanstekelijk, maar “Too Many Puppies” blijft toch hun absolute blikvanger.

Graspop editie 2017 zat er alweer op en opnieuw heb ik mij geamuseerd. De sfeer hier is subliem, enkel raakten de headliners minder dit jaar voor mij persoonlijk . Moeder natuur krijgt van mij dit jaar pluspunten, want er was enkel op donderdag bij aankomst een regenbui te bespeuren, maar dan wel een deugddoende. En we kunnen weer aftellen naar volgend jaar!

Organisatie: GMM, Dessel   

Dunk!festival 2017 – Postrock in al z’n aspecten – Op z’n ‘Postrock’ best!

Geschreven door

Dunk!festival 2017 – Postrock in al z’n aspecten – Op z’n ‘Postrock’ best!
Dunk!festival 2017
Jeugdheem De Populier
Zottegem (velzeke)
2017-05-25 t/m 2017-05-27
Simon Van Extergem

Dunk!festival is de Europese topper als het aankomt op Post-Rock en zijn genres . Het festival gaat door in Heem De Populier in Velzeke (vlakbij Zottegem). Een prachtige locatie, vlak in de natuur, die met het prachtige mooie zomer weer van dit weekend nog meer tot zijn recht kwam …
Dunk!festival blijft voor mij het aangenaamste festival. Qua sfeer kan er niets aan tippen. De gemoedelijkheid bij zowel de bezoekers als de organisatie is typerend. Waar anders krijg je nog gratis parking, gratis camping, gratis koffie en gratis ontbijt. De locatie en de integratie van het bos is een meersterzet die het festival opnieuw doen groeien. De zorg voor het podium en de geweldige lichtshow zijn bijna ongeëvenaard.
We mogen trots zijn dat dergelijk festival hier in België mogelijk blijft. Ik zie jullie allen graag volgend jaar op Dunk!festival.

dag 2 – vrijdag 26 mei 2017
Door omstandigheden op het werk moest ik, tot mijn scha en schande forfait geven door de eerste dag van hét Dunk!festival. Ook op dag 2 kan ik pas laat vertrekken. Hierdoor mis ik onder andere het optreden van All We Expected, waar ik zo hard naar heb uitgekeken. Jonge (West-)Vlaamse wolven die mijn hart altijd verblijden. En van wat ik van het publiek achteraf gehoord heb, heb ik inderdaad een fenomenale show gemist. Maar ik krijg ongetwijfeld nog wel eens een herkansing.

Gelukkig ben ik wel net op tijd voor Aidan Baker en Karen Willems. Een tijd geleden heb je ze al eens samen gezien en nu wat het opnieuw prijs. 2 grootheden uit de alternatieve scene. Hij bij onder andere Nadja, zij van onder meer Inwolves. Maar eigenlijk van zoveel meer. Een prachtige impro-set die het beste van hun twee werelden combineert. Drone en gitaarnoise, freaky jazzy drum met ongelofelijk veel gevoel,... Bevreemdend en verbijsterend. Enig nadeel van de show: deze set past veel beter in een donker zaaltje, niet in een half-open zonnige tent. Maar dat kan de pret niet drukken.

We werpen een blik op de mainstage, die ondertussen al aardig in de zon aan het bakken is. Daar speelt het Australische Meniscus. Ze zijn meegekomen in het zog van We Lost The Sea, die later deze avond nog eens langs komen. Klassieke post-rock nu, die prachtig balanceert tussen hard en zacht, tussen droom en daad, tussen gebalde vuisten of een zalvende hand. Een mooie toevoeging aan het festival en dus niet zomaar een bandje uit het package deal om de grotere band ( en hun management) tevreden te stellen.

De tijd was rijp en de temperatuur hoog genoeg, om ons te verplaatsen naar het bos. Vanaf dit jaar is het bos een integraal deel van het festival geworden. Niet alleen moet je erdoor om je te verplaatsen van de stargazer naar de main, er is ook plaats gemaakt voor een mooi podiumpje. Dit ligt diep in het bos verscholen, aan de voet van een glooiende helling. Op die manier wordt er een natuurlijk amfitheater gecreëerd. Een prachtig kader voor prachtige optredens. Daar horen we True Champions Ride On Speed. Ze brengen experimentele math-rock. Ikzelf vind math-rock op zich al vrij experimenteel, maar deze jongens gaan nog enkele stappen verder. Ze brengen nummer die alle conventionele ideeën en opvattingen over nummers overboord gooien. Nummers die wringen en botsen en die veel inspanning vragen van het publiek. Ze geven je nooit een gemakkelijk gevoel. En van waar die verwijzing naar speed komt, werd ook snel duidelijk.

Verbaasd, maar voldaan haasten we ons naar de onverwachte topper van vandaag: We Lost The Sea. Deze Australische band verlaat voor de eerste maal hun heimat. Het is dus ook vandaag hun eerste keer in Europa. Waarom het zo lang geduurd heeft is mij nog steeds een raadsel. Ze bestaan inmiddels al 10 jaar. Vandaar dat er ook van zenuwen geen sprake was. We lost the sea is een prachtige geoliede machine. Ze brengen moderne post-rock, in de lijn van landgenoten Sleepmakeswaves. Eén gigantische bal energie die de tent plat walst. Ze zien er ook niet meer van de jongste uit, maar aan kracht en motivatie geen gebrek. Dit is voor mij DE ontdekking van dit festival. Ik hoop dat ze niet nog eens 10 jaar wachten om in onze contreien te vertoeven. Ik zal er opnieuw staan.

Tijd voor iets totaal anders nu: Alma. Door de organistoren van Dunk!festival werden ze ontdekt tussen al het geweld op Arctangent. Ze hebben een a-typische sound voor een post-rockfestival en toch passen ze wonderwel in deze line-up. 3 jonge Britten, waarvan er één begunstigd is met een fenomenale stem. Hoog en ijl, maar prachtig in alle soberheid. Het doet mij ongewild denken aan Sigur Ros, bij momenten. Ook de nummers worden prachtig opgebouwd rond de stem en zorgen dat deze schittert. Ze blinken uit in eenvoud. De band brengt zeker niets nieuws, maar doet het wel op fenomenale wijze.

And So I Watch You From Afar mag als voorlaatste de mainstage entertainen. En dat is hetgeen ze het beste van al kunnen: entertainen. Het is niet de eerste keer dat ik ze zie. Ik kan het waarschijnlijk niet meer op twee handen tellen. Maar nog nooit hebben ze mij ontgoocheld. Telken male bevestigen ze hun status van topper binnen het genre. Hun mix van post- en mathrock laat je niet onbewogen. Tegenwoordig klinken ze nog strakker dan vroeger. De eerste nummers beuken er hevig op in en daarmee is ook de toon gezet voor de rest van het optreden. Met een rotvaart denderen ze doorheen hun set. De nummers met samenzang zijn nog steeds niet mijn favorieten, maar op deze avond kunnen ze zeker geen kwaad.

Malämmar mag dan al Zweeds of Deens klinken, maar ze komen gewoon uit het zonnige Spanje (Barcelona). Maar zonnige muziek is het zeker niet. We krijgen Doom- en Post-Metal te horen. In het zonnige bos op een zomerse dag, kan een gezonde dosis donkere en loodzware muziek zeker deugd doen. Ze brengen hun platen uit op het Dunk-label (want dat doen de heren van het festival ook nog) en rechtvaardigen hun plaatsje op het label en het festival zonder problemen.

Afsluiter van de avond is Earth. Reeds 30 jaar maken ze hun mooie liedjes. Ze hebben een heel typische sound. Met hun traag uitgesponnen drone-metal mocht ik ze al eens aanschouwen op Eindhoven Psychlab. Ik vond ze toen weinig overtuigend en ik moet toegeven dat het mij vanavond ook niet echt kon boeien. Ik denk dat hun traag opbouwende en zeer repetitieve sound niet echt voor mij is weggelegd. De band kwam mij ook vrij arrogant en routineus over, wat zeker ook al niet de pret bevordert. Maar geen nood, want morgen is het opnieuw vroeg dag en staan we weer klaar voor de volgende lading bands.

dag 3 – zaterdag 27 mei 2017
We openen deze bloedhete dag met een band uit eigen land. De heren/dames van Briqueville zijn de Belgische trots en de hype van het moment. Die hype werpen ze vakkundig zelf over zich door getooid te gaan in maskers en capes en hun ware identiteit nooit te onthullen. Dat idee van die maskers en capes zal hen vandaag niet zo goed bevallen zijn, want de tent is verandert in een zeer goed werkende sauna. Dus chapeau voor hen om in dergelijke omstandigheden te blijven gaan. En gaan doen ze zeker. Op hun 2e elpee bewandelen ze iets andere paden dan op de eerste. Ze gaan iets meer de prog-rock kant op. Ook horen we wat meer Oosterse invloeden en veel meer tempowisselingen. Ik ben blij met de koerswijziging, maar toch is het laatste nummer (één van hun eerste) die het meest naar de keel greep.

Daarna zoeken we onze heil op het Stargazer-podium. Daar speelt Xenon field ten dans. En dat mag vrij letterlijk genomen worden. De Ierse band brengt een mix van noise en beats, die op de betere dancefestivals zeker niet zou misstaan. Met hun manier van muziek maken creëren ze een geheel eigen sound. En hoewel het in eerste instantie vrij bizar aanvoelt om dergelijke muziek op dit festival te horen, ben ik na de eerste verbazing toch wel redelijk geïntrigeerd in deze band. Een mooie en unieke combinatie. Chapeau.

Loeiharde bassen en drum blazen ons tegemoet vanop de mainstage. Tijd dus voor Set and Setting. En dat betekent ook tijd voor post-metal. In het kielzog van bands als Russian Circles en Pelican proberen deze heren toch een apart kantje aan deze muziek toe te voegen. De rustigere stukken voelen veel meer post-rock aan. Het daverende sludge-gedeelte blijft in de oren kleven. En keihard gaat het wanneer het (post-) metalgedeelde voorbij dendert. Een mooie mix die je meeneemt doorheen de verschillende genres en een moedige poging op hun eigen sound te creëren. Niet echt muziek die je verwacht wanneer je aan Florida denkt, maar dat is wel de plek waar ze ontstaan zijn.

Barst mag het startschot geven van het heerlijke drieluik in het bos. En dat startschot wordt met verve gegeven. Een werkelijk briljante show! Woorden schieten vaak tekort wanneer ik Barst moet omschrijven, omdat de muziek eigenlijk niet echt in woorden te bevatten is. Denk aan een combinatie van noise, sludge, drone, new-wave, electro,… Een eclatante mix, die door de heren en dame tot een perfect geheel worden gekneed. Als ze dan nog eens op een subtiele manier een irritante fan afwimpelen die de show stoort, kan er zelfs een voorzichtig applaus van af bij het publiek. Voorzichtig, om de band en de muziek zeker niet te storen. Het feit dat het bos het perfecte decor vormt voor deze band, schept de sfeer enkel nog meer. “Het leek even op Live in Pompeii van Pink Floyd voor ons” hoorde ik één van de leden ontvangen. En dat was zeer terecht.

Pray for Sound mag ons even entertainen in de hoofdtent. We krijgen loepzuivere post-rock te horen. Jammer genoeg klikt alles een beetje stereotiep en voorspelbaar. De goede prestaties van de muzikanten gaat een beetje teloor door de klassieke sound van de band.

Dan toch liever Syndrome in het bos. Hij stelt nooit teleur. Naar goede gewoonte krijgen we een ingetogen set met traag opbouwende nummers die laag voor laag worden geplamuurd door de geweldige muziekstukadoor Mathieu Vandekerckhove. Zijn zwarte mist wordt tot diep in het bos gespuwd over een voorbeeldig publiek dat volledig lijkt verzwolgen door de prachtige klanken. Tijd om even te verstillen en te bewonderen en verwonderen. Mooi vakmanschap, een echte stielman.

Mooncake slaagt erin om 52 minuten te laat te beginnen. Een communicatiestoornis met de organisatie , zo bleek achterna … Omdat er op dat moment niets anders speelde, stond er heel wat volk te wachten voor de deuren, want er mocht ook niemand de soundcheck bekijken. Daardoor was de goesting bij mij al over en wou ik niet te lang blijven staan om niet te veel te missen van de volgende band. De Russen van Mooncake lieten bij mij een arrogante en ongeïnteresseerd indruk na. Het was het wachten niet waard.

Ergste van al was dat ik daardoor een groot deel van de show van CHVE heb gemist. Want zijn muziek leent zich perfect tot de setting. Gewapend met enkel een draailier trekt Colin ten strijde om heel de wereld het zwijgen op te leggen en te laten stilstaan bij zijn prachtige stem. Jammer dat hij zijn vuur niet had meegebracht want het ging nog meer sfeer geschapen hebben. De set van het in de buurt spelende Arms and Sleepers verstoorde jammer genoeg wel de verstilde pracht van CHVE. Maar hij laat het niet aan zijn hart komen. En wij ook niet. Even één worden met de natuur, de muziek en de nacht.

Het festival wordt op glorieuze wijze afgesloten door de post-rocktoppers van deze editie God is an Astronaut. Indien je deze nog niet live hebt gezien, dan moet je al heel hard je best hebben gedaan. Grootheden in het genre die terecht de toppositie mogen claimen. En ze maken hun rol meer dan waar.

Daverend de nacht in en de rest van het jaar nog teren op deze 2 dagen. Ik kijk alweer uit naar de nieuwe editie.

Neem gerust een kijkje naar enkele pics die werden genomen
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/dunk-festival-2017/

Organisatie: Dunk!festival, Zottegem

 

Wacken Battle 2017 - Speed Queen wint Belgische Wacken Battle

Geschreven door

Wacken Battle 2017 - Speed Queen wint Belgische Wacken Battle
Wacken Battle 2017
Zaal Volkskring, Zingem
27-05-2017
Filip Van der Linden

Speed Queen wint Belgische Wacken Battle
Wacken Battle 2017 - Speed Queen + Eternal Breath + Phoenix Rebellion + Barricade + As Echoes Fade + Corpse Mutilation

Speed Queen heeft zopas de finale van de Belgische Wacken Battle gewonnen en mag deze zomer op het legendarische Duitse festival gaan spelen. In een bloedhete Volkskring in Zingem haalde Speed Queen het van As Echoes Fade, Barricade, Phoenix Rebellion, Eternal Breath en Corpse Mutilation.

De zaal stond lekker vol en er was sfeer op overschot, maar het is toch opvallend hoe weinig zo’n Wacken Battle tot de verbeelding spreekt bij de lokale metalscene. Zingem ligt op een steenworp van Nazareth, Deinze en Gent, allemaal gemeentes en steden met een (ooit) bloeiende metalscene. Maar om het kruim van de Belgische metal aan het werk te zien, komen ze hun huis niet uit. En dat mag jammer genoemd worden, want aan talent en sfeer was er op deze finale van de Wacken Battle zeker geen gebrek.

Barricade mocht de avond aftrappen met zijn grinding/hardcoremetal. De leden zijn niet aan hun eerste band toe en die ervaring in o.m. Krossbreed, Everyone Dies Alone, GoreForce5 en Prophecy Of Crows komt in Barricade duidelijk boven water. De band zwoegt zich met veel energie door zijn set en doet goede pogingen om het publiek mee te krijgen, maar daarvoor is het blijkbaar nog wat te vroeg op de avond. Dat is de ondankbare taak die elke opener op zo’n battle voor de kiezen krijgt.

Eternal Breath brengt nogal klassieke heavy metal in de lijn van Iced Earth en Iron Maiden. De band draait al meer dan twintig jaar in het circuit, bracht reeds vier albums uit in eigen beheer en speelde op enkele buitenlandse festivals. Dat maakt dat deze band het klappen van de zweep kent: mooie composities, knappe solo’s en een zanger met een flinke dosis pathos en drama. Ook de jongelingen in de band doen hun best om niet de hele tijd naar hun instrument te kijken, maar oogcontact met het publiek  is niet evident.

Dat is bij Speed Queen dan weer minder een probleem. Deze band heeft duidelijk nog meer live-ervaring dan Eternal Breath, al ligt de gemiddelde leeftijd een stukje lager. Deze jonge wolven halen – afgaand op hun T-shirts - de mosterd bij Motörhead, Led Zeppelin en Iron Maiden. Zet AC/DC daar ook nog maar bij. Maar met die invloeden brouwen ze iets van dat je nog het best kan omschrijven als speedrock. Die kruising tussen snelle hardrock en heavy metal brengen ze dan ook nog eens wijdbeens en met veel branie, overgave en enthousiasme, wat dan weer overslaat op het publiek. Een terechte winnaar die het ongetwijfeld goed zal doen op Wacken Open Air.

As Echoes Fade is een melodische hardcoreband uit Lier. Ook deze band heeft branie en enthousiasme te koop en doet in zijn live-act moeite om buiten de klassieke paadjes van de hardcore te treden. De truc met de confettikanonnen was niet nieuw en mogelijk zou dat ook succes gehad hebben in Duitsland, maar dat zullen we nu niet snel te weten komen.

Phoenix Rebellion brengt klassieke heavy metal, maar wil vooral zoveel mogelijk plezier maken op en naast het podium. Ze brengen goed in het gehoor liggende meezing-hardrock en metal in de lijn van Tankard en vooral Alestorm. Tijdens de live-set verschijnt zelfs een verklede piraat op het podium, voor wie het plaatje met de muziek alleen niet zou snappen. Muzikaal en technisch was dit misschien niet de beste groep van de avond, maar met hard werken en met veel overgave kregen ze toch makkelijk de hele zaal mee. Phoenix Rebellion eindigde tweede deze avond, maar zou minstens zo goed als Speed Queen de Belgische kleuren kunnen verdedigen op Wacken.

Het afsluitende feestje van Corpse Mutilation was van een andere orde. Muzikaal-technisch was dit om duimen en vingers af te likken. Hun donkere en duistere deathcore beukte de aanwezigen in de nog steeds snikhete zaal helemaal murw. Prachtig gebracht, maar misschien niet zo toegankelijk als de andere bands. Dit is een band die ook zonder de Wacken Battle te winnen het buitenland kan veroveren.

Organisatie: vzw RTP

Psych Over 9000 Festival 2017 - Trippen door Gent

Geschreven door

Psych Over 9000 Festival 2017 - Trippen door Gent
Psych Over 9000 Festival
Diverse locaties
Gent
2017-05-24
Sam De Rijcke

De eerste editie van het Gentse Psych Over 9000 Festival, een samenwerking tussen Democrazy en vier Gentse muziekminnende café’s (Charlatan, Afsnis, Café Video en Trefpunt), mocht al meteen met het bordje ‘sold out’ uitpakken. Op de affiche vonden we voornamelijk bands uit de wereld van de garage-rock en psychedelische rock, gespreid over de vier organiserende café’s in de Gentse binnenstad. Het waren quasi allemaal boeiende acts uit binnen- en buitenland maar de simultane uurregeling zorgde er wel voor dat de concertgangers knopen moesten doorhakken en genoodzaakt waren te kiezen voor maximaal een drietal bands. Wij hadden op voorhand de nieuwe Amerikaans revelatie Ron Gallo en de Chileense triprockers van Follakzoid uitgestippeld.

Uit goede bron hadden wij al vernomen dat Ron Gallo de dag voordien in de Hasseltse Muziekodroom met de vingers in de neus hoofdact The Sha-La-Lee’s naar huis had gespeeld. Wat ons geenszins verwonderde, want met een ijzersterk debuutalbum als ‘Heavy Meta’ lonkt voor deze jonge rocker een prachtige toekomst.
In Gent mocht hij zijn ding komen doen op dat piepkleine podium van de sympathieke Café Video. Een veel te kleine ruimte voor een artiest van dat kaliber als je ’t ons vraagt, maar aan de andere kant was dit dan ook weer een unieke ervaring. Talent zat, maar of Ron Gallo echt groot zal worden is nog maar zeer de vraag, want de fel rockende afro-kop en zijn strak spelende band deden volledig hun eigen compromisloze ding, wat niet meteen een cleane naar stadiums hunkerende sound opleverde. De garage-rock klonk nog een stuk smeriger dan op het album, Gallo’s gitaar kleurde gewillig naast de lijntjes en het geheel kreeg een morsige punk uitstraling. Kortom, dit klonk zeer lekker en smaakte naar meer.

In de Charlatan mocht Follakzoid het nieuwe festival afsluiten. Als verwacht veroorzaakten de Chileense trippers een soort van aanzwellende trance met hun immer voort deinende space rock op een bedje van dansbare zweefritmes. Eentonigheid gluurde misschien wel een beetje om de hoek -zeker voor diegenen die niet echt binnen wilden treden in die meeslepende trancewereld van Follakzoid- doch de boodschap was om zich volledig over te geven aan de sound en de flow die deze drie Chilenen creëerden.
Met Follakzoid in de buurt is het altijd een beetje high worden en ook als u zelf niets had genomen heeft was trippen best mogelijk met dit soort zwevende psychedelica. Aan de reacties van de zaal te merken lukte dit dan ook bijzonder aardig, Follakzoid nam het publiek gewillig mee in hun reis door het heelal, ze deden dat in drie uitvoerige songs (noem het galactische excursies voor ons part) en nodigden er mee uit tot een soort van spirituele indianendans. De Charlatan was volledig mee, het Chileense feestje had zijn doel niet gemist.

Wij konden alvast spreken over een geslaagd Psych Over 9000, en dit met onze oprechte excuses voor Tubelight, The Cosmic Dead en The Coathangers, drie sterke bands die wij omwille van het tijdsschema uit ons verlanglijstje moesten schrappen.

Organisatie: Gentse muziekminnende café’s + Democrazy, Gent

Les Nuits Botanique 2017 - An Pierlé - La Jérôme duo - Onvergetelijk trip naar het Paradijs

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2017 - An Pierlé  - La Jérôme duo - Onvergetelijk trip naar het Paradijs
Les Nuits Botanique 2017
Kerk Van Laken
Brussel
2017-05-23
Erik Vandamme

Naar aanleiding van de voorlaatste avond Les Nuits Botanique verhuisden we naar een heel bijzondere locatie. De Onze-Lieve-Vrouwkerk van Laken is één de meest indrukwekkende gebouwen en kerken die ons land rijk is. Niet alleen door het al even rijkelijke verleden, of de nabijheid van het Koninklijk Paleis. Binnen deze kerk vind je als het ware de geschiedenis van Brussel en eigenlijk ons gehele land terug. Tot de Koninklijke Crypte en de grote orgels van Van Bever, die van historische waarde zijn. Hier kwam An Pierlé haar nieuwste werk voorstellen ‘Arches/Cluster’. Het orgel neemt daarbij een belangrijke plaats in, ook al wordt ze deze keer niet echt gebruikt binnen de set.
Deze locatie is bovendien de perfecte plaats om de muziek van An Pierlé pas echt tot zijn recht te laten komen. We willen meteen ook een pluim steken op de hoed van de lichtman/vrouw. De sfeervolle spots, zorgden dat dit magisch concert, ook visueel naar een onaards hoogtepunt werd gestuwd. Op bepaalde momenten werden buitenaards mooie beelden geprojecteerd op de grote pilaren in de kerk, die je als het ware bedwelmden tot in diepe vervoering brachten.
Waardoor we hier een meer buitengewone avond hebben meegemaakt, die nog lang zal nazinderen in hart en geheugen. Van ons en van iedereen in de overvolle kerk trouwens, daar zijn we heel zeker van.

La Jérôme Duo - Maar eerst was er het voorprogramma. Vanaf 2001, leende Jérôme haar stem voor de jazz, hip-hop, funk en rock scène. Recenter bracht deze loopbaan haar tot de ontmoeting van producer en multi-instrumentalist Pascal N Paulus, waarbij het eerste La Jérome soloproject geboren werd. La Jérôme beschikt over een warme, soulvolle stem waardoor ze in de voetsporen treedt van een andere grootheid als Aretha Franklin. Het eerste album, "Jérôme is a woman's name" wordt eind oktober dit jaar uitgebracht. In OLV kerk kwam ze op het podium gerugsteund door een gitarist, die door middel van zachte tot zweverige riffs je hart diep raakte. Echter was het vooral die indrukwekkende stem van La Jérôme die ons het meest over de streep trok.
Dit duo stond met twee voor een volle kerk te spelen, zonder rugsteun van drummers of bas. Daarvoor moet je heel sterk in de schoenen staan. Echter Jérôme duo had geen enkel probleem om een ruim publiek uit hun hand te doen eten, binnen dat half uur deed de stem van deze artieste ons niet alleen met verstomming staan, het eerste kippenvelmoment tot krop in de keel, was prompt een feit. Zonder meer hebben we in OLV kerk een ontdekking gedaan. Jérôme brengt haar songs op een zodanig warme, melancholische wijze dat harten worden gebroken. Bovendien heeft ze een hemels hoog stembereik, zoals we maar zelden zijn tegen gekomen. De vergelijking met grootheden als Aretha Franklin is zeker en vast niet uit de lucht gegrepen, meer nog we meenden de geest van Aretha en elk van die grote Soul zangeressen te zien en horen komen vanuit haar vocale capaciteiten.
Een kleine kanttekening, deze magie had gerust wat langer mogen duren dan een half uurtje. Maar houdt deze artieste in het oog de volgende maanden, ze zal zeker en vast uw hart ook breken met haar indrukwekkende mooie stem. De onze lag de eerste keer deze avond aan gruzelementen op de kerkvloer.


An Pierlé - Wat mij betreft, kon na deze wonderbaarlijke nachtegaal, de avond niet meer stuk. An Pierlé deed er met haar uitzonderlijke set, nog een paar schepjes bovenop. De goedlachse artieste, ze had er duidelijk zin in, bezorgde ons al vanaf de eerste twee songs een waar kippenvelmoment. Bijgestaan door twee dames op een orgel, een drummer die kon toveren met zijn percussie en een keyboard speler, die van tijd tot tijd zijn instrument liet klinken als een echt kerkorgel. Ontstond zowaar iets onbeschrijfelijk moois. Ademloos keken en luisterden we naar dit schouwspel van licht en geluid, dat we niet anders kunnen omschrijven als onaards.
An gooit niet alleen haar engelenstem, en talent als pianiste, in de strijd. Ze beschikt over een hoge dosis charisma, en grapte tussen de emotionele nummers door met publiek en mede muzikanten. Die ene moment doet ze je lachen, de andere pink je een traan weg. Zoals bij het wondermooie “Certain Trains of The golden Dawn”. Waarbij we in tranen dit schouwspel aanschouwen. Spelende met emoties, blijft An en haar gezelschap ons hart tot de heel gevoelige snaar, dieper en dieper raken. Tot we, compleet ver verwijderd van deze harde realiteit rondom ons. Naar een sprookjesachtige wereld worden doorverwezen.
We gaven het al aan, naast de wondermooie muzikale omlijsting. Is An ook een ware entertainer die soms grapjes uithaalt met het publiek, of hen door een kwinkslag aan het lachen brengt. Haar grappige opmerking dat ze ''in vergelijking met tien jaar geleden, wat grammetjes is bij gekomen'' - we vragen ons af waar? - zorgde voor heel wat hilariteit. Bovendien mocht er ook wat actie en plezier worden gebracht tijdens “There is No Time”. werden twee koppels, die met elkaar innig mochten dansen, en enkele 'fans die der aanbidding op de knieën mochten gaan voor An en haar gevolg' en een jonge fan op het podium geroepen. Ondertekende ging samen met een collega reporter graag op die uitnodiging in. Ik hoop alleen dat mijn echtgenote met dit niet te kwalijk neemt.
Na de regulaire set bedankt ze alle aanwezigen, door zich naar elke kant van het 'podium' - eigenlijk was dit gewoon de plaats in de kerk waar het altaar staat - te begeven. Echter, wij moeten An en haar gevolg bedanken voor deze uiterst magische, indrukwekkende en adembenemende mooie avond.

In de bisronde kregen we nog een laatste kijk in die sprookjes wereld die An Pierlé ons aanbiedt. Emotioneel gebrachte “Such A shame” , met haar bandleden die haar vocaal bijstaan, is de kers op de taart die ons naar hogere sferen brengt waar we eigenlijk al de gehele avond vertoeven.

Tijdens de treinrit, op weg naar huis, was ik nog steeds in hogere sferen. Ver van de realiteit rondom mij. Alsof de Heilige Geest op mij was neergedaald, in de vorm van één onaardse mooie Engel uit de Hemel. Bedankt An en Jérôme voor deze onvergetelijk trip naar het Paradijs.

Met dank aan Erik Vandamme -  Gigview  www.gigview.be - http://bit.ly/2qmNfWw

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/an-pierle-23-05-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/la-jer-me-23-05-2017/

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Bota 2017)
+ Ancienne Belgique, Brussel

Pagina 56 van 147