logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Jon Spencer
Biohazard 8/8/2...
Festivalreviews

Eurosonic - Noorderslag 2015 - The European Music Conference and Showcase Festival


Eurosonic-Noorderslag 2014 - The European Music Conference and Showcase Festival – 14 -17 januari 2014, Groningen –
Overzicht EUROSONIC 15-16 JANUARI 2015

Naar jaarlijkse gewoonte was Groningen tussen 15 en 17 januari 2015 weer the place to be om de groepen van morgen te ontdekken. Dit jaar hadden de meer dan 41000 muziekliefhebbers keuze tussen 345 acts. De 29ste editie van het showcase festival trok een recordaantal van 3900 muziekprofessionals uit de hele wereld. Focusland IJsland vaardigde een delegatie af van maar liefst 19 bands. Niet mis voor een land met een bevolkingsaantal zo groot als pakweg de stad Utrecht. De voorbije edities leverde ontdekkingen op als Ásgeir, Coely, George Ezra, Hozier, Jungle, Milky Chance en nog veel meer.

Organisatorisch verliep het even gesmeerd als anders, al was het artiesten- en persdorp verhuisd van de Oosterpoort naar het Ebbingekwartier, iets buiten het centrum. Temperaturen zoals op een zomerfestival kan je natuurlijk nooit verwachten in januari. Maar dit is juist de charme van Eurosonic: van de vriestemperaturen buiten een gezellige kroeg induiken en onderweg een bak kibbeling scoren. Of een eierbal uit de muur, smaken verschillen. Om tot slot alles door te spoelen met een glas Zundert.

Donderdag 15 januari 2015
Hoewel Mammut uit gastland IJsland al meer dan 10 jaar actief is (sinds 2003 onder de naam ROK, sinds 2004 als Mammút) en al 3 CD's op het actief heeft, zijn ze nog vrij onbekend in de rest van Europa. In eigen land won de groep vorig jaar op de IJslandse Music Awards drie prijzen (beste album, beste song en beste album cover). De drie frontdames vormen de kern van de groep en worden geflankeerd door een drummer en een gitarist. De meeste nummers worden in het IJslands gebracht waarbij de manier van zingen nog het meest de stempel van Björk draagt. Denk daarbij aan schreeuwerige uithalen die overgaan in de gitaar. De theatrale bewegingen van frontvrouw Katrína Kata Mogensen doen vermoeden dat het best verscheurende teksten moeten zijn. Hoewel de zaal halfweg begon leeg te lopen, vonden we deze melodieuze postpunk best onderhoudend.

Veel muzikale overeenkomsten tussen 'Sea Change’, de memorabele classic waarop Beck zijn gebroken hart uitstort en het gelijknamige hippe koffiebar trio (met obligate Apple laptop uiteraard) uit Oslo moeten niet direct gezocht worden. Tenzij misschien een zekere aanleg voor tristesse en weemoed. Tot halverwege de set bleven de blonde lokken van de jonge zangeres goed verborgen onder een zware cape. De futuristische dreampop gaf zich niet minder gemakkelijk prijs. Bijster origineel klonk dit evenmin binnen het elektronische universum dat al goed bevolkt wordt door zielsverwanten als Grimes en Purity Rings. De elektronische drumpads brachten een zekere swung in de set, maar echt beklijvende songs kregen we van Sea Change (nog) niet te horen.

Het Belgische mannentrio van Pomrad had voor de gelegenheid hun outfit uit dezelfde kleerkast gevist: zanger aan de keytar in het rood, gitarist in het geel en drummer in het blauw. Hoewel frontman Adriaan van de Velde een jazzopleiding aan het conservatorium achter de rug heeft, springt Pomrad qua genre met alle gemak van 80's funk over naar 90's hip hop. Af en toe klinkt er zelfs dub step door. Ondanks de vele samples blijft de live reputatie van Pomrad moeiteloos overeind. De special effecten uit de talkbox en de synthesizer die klanken voortbrengt die nog het meest aan ruimtegeluiden doen denken, zorgen voor een eclectische mix. Pomrad is Netsky meets Daft Punk meets hip hop meets Hudson Mohawke. En meer was er niet nodig om de sfeer er goed in te krijgen bij het publiek.

Wie dacht dat de Estlandse muziekscène enkel bevolkt wordt door alcoholische hair metal bands verdwaald uit het noorden mocht bij Odd Hugo rap zijn vooroordelen opbergen. Poëtische, indringende samenzang van twee charismatische frontmannen, vakkundig en subtiel gebrachte dessert folk arrangementen en trompetten uit de Calexico en Giant Sand stal,… tijdens Odd Hugo waanden we ons eerder verloren gelopen in een kurkdroge woestijn waar het gevaar van slangen en schorpioenen constant op de loer ligt. Odd Hugo bleef ons intrigeren en verbazen tot het eind van de set. Wie reikhalzend uitkijkt naar een nieuwe plaat van Beirut kan zich tussendoor laven aan songs als “Kissing in The Falling Rain” en “Mumblewalk” die een doorbraak potentieel buiten de Baltische staten verbergen.

De Letten van Carnival Youth stonden zo fier als een gieter op het Mutua Fides podium te blinken. Geheel terecht, want dit viertal had op piepjonge leeftijd al enkele knappe indie pop songs met leuke hooks en catchy refreinen in de vingers. Gekoppeld aan een gezonde dosis charisma en zelfvertrouwen maakte deze band ons benieuwd naar wat de muziek scene in en rond Riga nog zoal te bieden heeft. Op de opzwepende afsluiter “Never Have Enough” werd het publiek zelfs aangemoedigd tot uitbundig meezingen. Waar ze tot hun eigen verbazing nog in slaagden ook. Carnival Youth maakte een goede indruk op Eurosonic en hun honger lijkt na de passage in Groningen nog zeker niet gestild.

Deze Ieren uit Dublin, ooit begonnen als straatmuzikanten, kenden de voorbije jaren een gestage groei en zijn in hun thuisland al lang een gevestigde waarde. 2014 was een heus topjaar voor The Riptide Movement: hun derde album ‘Getting Through’ scoorde een nummer 1 in de Ierse hitlijst, ze stonden op Glastonbury en speelden oa. in het voorprogramma van The Rolling Stones in Hyde Park. Verder sleepten ze een nominatie voor The Choice Music Prize in de wacht (jaarlijkse muziekprijs voor beste album uit Ierland) – net zoals Hozier by the way. De vierkoppige rockband was in Groningen uitgebreid met twee trompettisten en twee vrouwelijke backing vocals. De mondharmonica gaf het geheel een country sound. Het publiek werd op z'n wenken bedient met als hoogtepunt de oorworm “You and I” en als afsluiter de hit “All work out”.

Het muzikale equivalent van pure razernij. Meer dan een gitaar en een drumstel had Fossils, een noise rock duo uit Kopenhagen, niet nodig om een verpletterende wall of sound op te trekken waarin punk en metal volledig inwisselbaar leken. Bijzonder stevig dus, maar nooit rommelig en inzake complexiteit zelfs eerder richting hardcore/straight edge neigend. Geen enkel nummer klokte af boven anderhalve minuut, maar rustpauzes tussendoor vielen er nauwelijks te noteren. Na ongeveer 10 songs kondigde de zanger met een zweem van trots aan dat ze halverwege de set beland waren. Wie dringend op zoek is naar een meer gespierd underground alternatief voor Royal Blood moet Fossils beslist ontdekken. Op eigen risico wel te verstaan. Want na de set was het voorzichtig richting uitgang laveren tussen een slagveld van gescheurde trommelvliezen op de vloer.

Jett Rebel (echte naam Jelte Tuinstra) uit Nederland werd aangekondigd als “Alle jongens willen hem zijn, alle meisjes willen bij hem zijn”. De androgyne frontman had dus een reputatie waar te maken. En inderdaad, hij betrad het podium als een tieneridool, zonnebril op (maar niet voor lang, het was immers rond middernacht), lederen jasje (ook niet voor lang, hij had zijn begeerlijk lijf te tonen) en hij bespeelde het publiek met seksuele allusies en bewegingen. Oppervlakkig individu? Niets van, een gitaarvirtuoos! Van de opener “Tonight” tot het laatste nummer, met en passant nog een ode aan zijn held met het opschrift ‘Brian Wilson is my God’ op zijn t-shirt. Op het einde volgde zowaar nog een oproep tot verdraagzaamheid. Die was waarschijnlijk wel gemeend, maar bleek het publiek toch wat te verrassen.

Met IJsland als gastland creëerde Eurosonic 2015 als vanzelf hooggespannen verwachtingen. Zit er geen nieuwe Sigur Rós tussen? Een band die lak heeft aan conventies, laat staan anderen na aapt, maar liever een eigen universum creëert? We hebben niet alle inzendingen kunnen bekijken, maar Low Roar zat waarschijnlijk het dichtst in de buurt. Geen strijkstok postrock, maar toch even intens en out of this world. Akoestische gitaar, drums, spaarzame subtiele elektronische arrangementen en een kippenvel stem… meer had dit trio niet nodig om ons te betoveren met hun epische grandeur. De magistrale climax op “Dreamer” deed naar adem happen en “Easy Way Out” had het debuut van Other Lives nóg tijdlozer doen klinken. Wat een zonde dat Low Roar (nog) een nobele onbekende is in onze contreien. Dringend verzocht dus op een schemerig Belgisch podium!     

De jonge snaakjes van Urban Cone recycleerden hippe acts als MGMT en Daft Punk net iets té gretig. Die psychedelische orgeltjes en stemmetjes, zonder de toegankelijke pop regie die zo typerend is voor thuisland Zweden uit het oog te verliezen. Die vette disco baslijntjes die around the world fel gesmaakt worden. Het jeugdige, blonde charisma dat niet veel moest onderdoen voor de jonge Duran Duran en dat niet enkel het vrouwvolk maar ook sommigen onder het mannenvolk gemakkelijk ophitst. Succes ligt ook buiten Scandinavië in het verschiet voor Urban Cone, maar wij hebben al originelere laat staan meer beklijvende muziek uit deze contreien horen overwaaien.

Vrijdag 16 januari 2015
Kaleo
slaagde erin om de Grand Theatre al van bij het begin van de avond volledig te doen vollopen. Dat het debuut van deze IJslanders volgens de presentator binnenkort meteen bij het major platenlabel Atlantic Records zal verschijnen maakte de verwachtingen er niet bepaald kleiner op. Aanvankelijk werden die ook ruimschoots ingelost. Op opener “All The Pretty Girls”, dat vocaal dicht aanleunde bij de fenomenale James Vincent McMorrow, werd de zaal meteen muisstil. Geen geringe prestatie in het luidruchtige Holland dat op dat moment nog massaal aan het inpilsen was. Helaas schakelde Kaleo daarna over op een weinig geïnspireerd blues rock genre waarvoor Kings Of Leon de neus zou ophalen. Van pure verveling gingen we vlug ander oorden opzoeken.

Isaac Delusion verwierf in thuisland Frankrijk al enige bekendheid sinds hun EP “Midnight Sun” uitkwam in 2012 en toerden al rond in de Verenigde Staten en (verrassend) India. In Groningen tonen ze dan ook de nodige podium présence. De dromerige electropop van het Parijse duo is een symbiose van de electro- en hip hop wereld van Jules Paco (aan de synthesizer) en de voorkeur voor folk singer-songwriters van zanger Loic Fleury. Aphex Twin meets Elliot Smith zeg maar. Het meest kenmerkende hierbij is echter de kopstem van Fleury. Dit geeft een ietwat ijl karakter aan de zangpartijen, die lijken te zweven boven de soms nerveuze ritmes. Het centrale duo werd in Groningen versterkt door Nicolas aan de bas en Bastien aan de mengtafel.

Bilderbuch was één van de groepjes die getipt werden door meerdere radiostations als must see act. Nog vóór het concert begon rolden ze dus al vlotjes over de tongen. Soms in het Engels, dan weer in het Duits, maar altijd even aanstekelijkheid. Bilderbuch leverde topentertainment eerste klas af. Wars van enige pretentie. Een band met een eigen, grappige smoel ook. David Byrne, Kanye West en Hot Chip zijn niet meer dan vage aanknopingspunten. Zo mogen er gerust wat meer op een podium staan. “Maschin”, “OM” en “Soft Drink” klonken even arty als banaal en toverden de volgepakte Vera rockbunker om tot één brede glimlach. Tegen alle vooroordelen in promootte Bilderbuch thuisstad Wenen als een anarchistische plek waar humor en excentriciteit hand in hand gaan. Of zoals de Süddeutschen Zeitung over deze band zei: “Diese Musik ist geil, weil sie geil ist. Man muss das hören".

De fans van het Eurovisiesongfestival hebben de Finse jongens van Softengine in 2014 zien passeren met het nummer “Something better”. Dat leverde Finland een verdienstelijke elfde plaats op en de band een platenlabel bij Sony. Hoewel ze al van 2011 samen spelen, kwam het eerste album ‘We created the World’ pas in 2014 uit. Blijkbaar was dit een springplank naar meer bekendheid, want ondertussen is de band genomineerd voor een “Nieuwkomer van het jaar”-award en kunnen ze nog een “Band van het jaar”-award binnenrijven ook. Hun alternatieve poprock, met synthesizer en samenzang, klinkt eenvoudig en licht verteerbaar maar het strakke tempo van de meeste nummers staan garant voor een boeiend optreden.

Nog voor ze een noot gespeeld hadden in Groningen, was de eerste prijs al binnen voor de Belgen van Oscar and the Wolf: die voor de langste wachtrij van het festival. En het was alsof zanger Max Colombie wist aan welke hoge verwachtingen hij moest voldoen: glitterpak aan en van bij het eerste nummer sensueel dansend. Zoals hij zelf eerder toelichtte staat de bandnaam voor twee personages: Oscar is licht en poëtisch, zijn alter ego de Wolf is de sombere kant, die de eenzaamheid opzoekt. Een dualiteit die tijdens de set terugkeert, zoals de afwisseling tussen het vlotte “Strange entity” enerzijds en het mysterieuze “Joaquim” en “Undress” anderzijds. En dan, uit het niets, was daar een hip hop fragment uit “Be Faitfull” van Fatman Scoop, gevolgd door een stukje “Jenny from the block” en een herwerkte versie van “Freed from desire”. Het zou een magistrale opbouw blijken naar “Princes” als afsluiter, op sensuele en bijna mysterieuze wijze gebracht en waarschijnlijk een van de hoogtepunten van het festival.

De IJslandse reïncarnatie van Bauhaus en Joy Division. Deze dark wave omschrijving van Fufanu prikkelde, maar schiep ook hoge verwachtingen. Veel te hoog, bleek al vlug. In de gitaren zat diezelfde angstige, uitzichtloze early eighties galm en het bandlid dat aan de zijkant de synths liet zoemen leek weggelopen uit The Cure. Maar toch bleef het saaiheid troef in de zaal. Blijkbaar had Fufanu nog niet ontdekt dat de beste new wave bands met diepe wortels vertakt zijn in de punk. En daar live volop gebruik van maken om een energieke en opwindende show te brengen. Dat de jonge zanger er eerder uitzag als een blonde koorknaap dan als een suïcidale neuroot speelde binnen dit genre evenmin in hun voordeel. Nooit wist Fufanu de set naar een hoger niveau te stuwen, tot grote gelatenheid van het publiek.

De vier Luxemburgse punk rockers van Versus You timmeren al tien jaar en vier albums aan de weg en er lijkt nog lang geen sleet op te zitten. Als hun inspiratie vermelden ze 90's punk in het algemeen en Chicago- en Berkeleypunk in het bijzonder. Veel zwart op het podium dus en een zanger met het stemgeluid van een rasp en een halsslagader chronisch onder druk. Normaal is er op de akoestiek niets aan te merken in Groningen, maar hier kon het zaaltje eronder meegenieten. Jammer dat we geen oordopjes voorzien hadden. Net toen we vonden dat deze jongens zichzelf best wel au serieus nemen, weerklonk de kreet: “This one is for Tom Petty!”. Jeugdsentiment of Luxemburgse humor, wie zal het zeggen?

Bohemien maatpakken, moderne haarsnits en beleefde manieren. Het Britse The Slow Show scoorde zeer hoog in het lijstje ‘stijlvolste acts’ editie 2015. In het lijstje ‘beste acts tout court’ eveneens. Opener “Dresden” was meteen een visitekaartje van jewelste. Een song die langzaam opgebouwd werd ronde de prachtige, diepe baritonstem van zanger Rob Goodwin en uitmondde in een hemelse climax van koperblazers die onder de hoge gewelven van de sobere AA kerk prachtig weerkaatsten. Qua topakoestiek onevenaarbaar. De Slow Show leek zich goed bewust van dit privilege en dankten de organisatoren trouwens uitbundig voor deze unieke setting.  Het vervolg van de set werd nóg beter. De grote schare fans van The National en Tindersticks mogen reikhalzend uitkijken naar de debuutplaat van The Slow Show op 9 maart 2015.

Carmen Villain had als doel dromerig te klinken, maar het effect was  eerder slaperig. Als je eventjes wou uitblazen tijdens een uitputtende Eurosonic marathon kwam de slowcore shoegaze van dit engelachtige blondine duo uit Noorwegen echter niet ongelegen. Geen easy listening nochtans, meer impressies dan afgewerkte songs, weinig tot geen interactie met het publiek en luid, bij wijlen oorverdovend zelfs. The Velvet Underground en My Bloody Valentine moeten ongetwijfeld de favoriete bands zijn die Carmen Villain het liefst afspelen in hun knus ingerichte huiskamertjes. Een echte doorbraak lijkt er niet meteen in te zitten en was wellicht ook niet de bedoeling, maar één of ander artistiek concept zat er alleszins achter. Vraag ons alleen niet welk.

De vier Deense hardrockers van Förtress stonden op het podium in bloot bovenlijf vol tatoeages. Tot daar niets nieuws onder de zon. Dat de drummer alleen een zwarte slip aan heeft, doet bij sommigen al een belletje rinkelen. Als ze dan beginnen overacten en te grimassen weet je: deze band steekt lekker de draad met zichzelf en de hele hardrock scene. Los daarvan, wat de sound betreft, komt Motörhead het dichtst in de buurt. Lange gitaarsolo's, energieke riffpartijen aan een vaart die je hoofd geen nanoseconde rust laat.

Organisatie: Eurosonic – Noorderslag

Fête d'Hiver 2015 – Kerstballen Rocken!

Geschreven door


Fête d'Hiver 2014
Reeds enkele jaren organiseert De Zwerver, samen met Jong Oostende een festival rond de kerstperiode. Altijd een ideaal cadeau om in de kerststemming te komen. Verwacht geen kertbomen, -ballen of –stallen, maar een stevige affiche waarop de beste rock die in België te horen is, graag ten dans speelt. Zo ook weer deze avond.

Betonkopf
Stevige stoner-mokerslagen om je oren al te laten wennen aan het geweld van deze avond. Expressieve frontman, die charisma uitstraalt en ondanks de gitaar die om zijn nek hangt zich toch waagt enkele danspasjes en allerhande armbewegingen. Ze zijn gemaakt om grote zalen te vullen, want genoeg gezonde bombast in hun muziek en de nodige arrogantie om dit aan te kunnen. Ze spelen niet altijd vlekkeloos, maar laten dat niet aan hun hart komen. Kop omhoog en blazen. Wars van alles. Hier en daar zelf een speelse knipoog naar de pop, zonder dat het stoort. Je moet het maar kunnen. De knipogen naar allerhande genres neemt toe naarmate de set vordert. De muziek hotst en botst een beetje alle kanten op. En daar verliezen ze mij een beetje. Een beetje veel in één set en in één nummer gestoken waardoor de rode draad soms wat zoek raakt.

BRUTUS
Powertrio, maar niet in zijn dagdagelijkse vorm. Een gitarist, bassist en een vrouwelijke drumster, die ook nog eens zingt. Haar herken je misschien van the Spectors, waar ze ook beide combineert. Ook muzikaal is dit geen klassiek powertrio. Een bonte mengeling van genres, niet alleen de nummers onderling, maar ook binnen de nummers zelf. Maar de samenhang is voor mij soms zoek. Alle drie zijn het wel getalenteerde muzikanten. Maar het lijkt mij nu meer een zoektocht naar een eigen gezicht. Wel een mooie stijloefening. En de drumster, zij beheerst zowel haar drum als haar drumstel.

King Hiss
Strak, ik zou zelfs durven zeggen retestrak. Alice in chains, Stone Temple Pilots,... De invloeden uit de jaren 90 zijn duidelijk hoorbaar. Een band met een verwoestende kracht die hoge maturiteit en professionaliteit uitstraalt. Wat de band echter boven de rest van het peloton doet uitstijgen (want er zijn veel bands die iets dergelijks brengen) is de voortreffelijke frontman en zanger. Met Jan hebben ze een topper in huis. De reïncarnatie van Layne Staley is opgestaan en komt weldegelijk uit België. Luister zeker ook eens naar hun laatste cd: Sadlands. De rest moest u al in uw bezit hebben.

Big Bussiness
Een gestripte metalband. Enkel bas en gitaar, meer niet, op een sampletje na. Mochten al mee in het voorprogramma van Mastodon en Tool. Bassist stopt dit niet weg, want hij loopt te pronken met zijn Mastodon T-shirt. Maar aangezien ik weinig heb met en aan metal, zal ik mijn oordeel over deze band niet vellen.

Wallace Vanborn (zie pics homepag)
Als ik eerlijk ben: voor deze band ben ik vandaag naar Oostende afgezakt. Wallace Vanborn heeft mij live nog nooit teleurgesteld. En ook nu weer niet. Met een nieuwe plaat onder de arm toeren ze dit en volgend jaar het hele clubcircuit plat. En iedereen gaat plat. ‘Welcome to the Wastelands’ heet de tour. En dat mag je letterlijk nemen. Want de zaal wordt vernietigd achter gelaten. Neem een steengoede drummer, een schitterende bassist, een fenomenale gitarist die mogelijks nog beter zingt dan gitaar speelt en je weet het: Wallace Vanborn is de parel aan de Belgische rock ’n roll-hemel. Een greep uit het nieuwste album ‘The Orb We Absorb’ laat ons het beste vermoeden voor deze jongens. Niet alleen heden ten dage, maar ook voor de toekomst. Ze zullen nog hoge toppen scheren en niet alleen in België, maar ver daarbuiten. Om dat te accentueren hebben ze dan ook Chris Goss uitgenodigd om de plaat te produceren. Een producer die perfect bij hun muziek past. Want Wallace Vanborn is stoner, is swampy, is hard en is het waard om een groot producer achter de knoppen te hebben. Prachtprestatie.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/fete-dhivers-2014/
Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge ism Jong Oostende

GlimpsGent 2014 – Luistervoer voor de toekomst

Geschreven door

GlimpsGent 2014 – Luistervoer voor de toekomst
GlimpsGent 2014
All Areas
Gent
2014-12-12
Gent
Stan Vanhecke

GlimpsGent staat garant voor veel muziek in veel zalen. 29 verschillende bands uit verschillende Europese landen traden vrijdagavond op in 11 zalen. Wij pikten er een vijftal uit:

In het Charlatan Café trapten de Nederlandse jongens van Afterpartees de avond keurig af. Jonge Hollandse arrogantie gecombineerd met uitstekend gitaarspel zorgde voor een leuk optreden, hoewel de punkachtige indievibe en songs niet bijster origineel waren. De sound valt ergens tussen The Hives of The Strypes. Hun beste nummers waren “Girls Like You” en “That’s What You Said”. Daarin toonde de zanger zijn talent en leken de nummers te kloppen. Met wat geduld kunnen de babyfaces van Afterpartees zeker een blijver worden.

Daarna haastten we ons naar de Zaal van de Charlatan. Daar waren de Denen van Get Your Gun al aan hun set begonnen. Het contrast met de vorige band kon bijna niet groter zijn. Twee duistere vikingen – één met wilde baard, de ander met witte snor – en hun drummer maakten het soort muziek dat ook terug te horen is in de intro van de serie ‘Vikings’, gemaakt door Fever Ray. De legerdrom, het lage neuriën en constante zware elektronische ondertoon hielden de volledige set aan terwijl de bebaarde man het merendeel van de zang verzorgde. De nummers werden lang uitgesponnen en hoorden allemaal samen in de set. Dat kwam het optreden ten goede, al was er daardoor weinig interactie met het publiek. Het album van Get Your Gun heet ‘The Worrying Kid’,  beste songs waren “Staying for a while” en “Sea of Sorrow”.

Niet alles kan een klaterend succes zijn natuurlijk. Het Duitse Aloa Input zag er tijdens het testen terecht zenuwachtig uit. Van een publiek van vijf man sterk in de Handelsbeurs wordt natuurlijk niemand vrolijk. Gelukkig kwamen er bij het begin van het optreden nog wat extra mensen opdagen. De lichtzinnige elektronica en de twee hoog zingende kerels konden niet echt overtuigen. Er waren een paar klankprobleempjes en over het algemeen was de set gewoon saai. De Duitsers waren dus geen hoogvliegers, al had “Radio” een leuk tempo en waren hier en daar leuke riedeltjes te horen. Bovendien heeft hun nieuwe plaat ‘Anysome’ een mooie hoes, leuk voor de extreme platenverzamelaars.

Daarna repten we ons naar de Mengalzaal in het Conservatorium. Daar stelde Gentenaar Sioen enkele nummers van zijn nieuwe album voor, dat in maart uitkomt. Daardoor kreeg het publiek ook hier weer iets onbekends op zijn bord. Sioen bevestigde zijn talent in een intieme sfeer. Iets ruiger dan normaal en met zijn elektrische gitaar kon hij onze nieuwsgierigheid zeker prikkelen. We hoorden beats, goed opgebouwde songs, eens sterke band en een stevige stem. Kortom, niets op aan te merken, gewoon genieten. Daarbij onthouden we vooral “Panic Mountain” en “Pharaoh”.

Jammer genoeg duren de mooiste liedjes niet lang want Hong Kong Dong was ondertussen al begonnen in de Handelsbeurs. Daar was ondertussen al wat meer volk toegestroomd. De speelse Boris en Sarah Yu Zeebroek maakten hun muziek duidelijk met plezier, wat ook het publiek onmiddellijk inpalmde. Gitarist Geoffrey Burton maakte het geheel af. De heerlijk chaotische manier van optreden is heel amusant om naar te kijken. En de muziek was goed. Ze kunnen met hun drietjes heel wat aangenaam kabaal maken. Het tempo was haast niet bij te houden, al leken de jongelingen dat makkelijk aan te kunnen. Het spelen met de voicechangers namen we er graag bij. “Hurricane” en “Postcard” waren de climax van een denderend optreden van Hong Kong Dong.


Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/glimps-2014/
Organisatie: GlimpsGent

Autumn Falls 2014 – Drie muzikale duo’s - Madensuyu – Thus Owls – She Keeps Bees

Geschreven door

Autumn Falls 2014 – Drie muzikale duo’s - Madensuyu – Thus Owls – She Keeps Bees
Autumn Falls 2014
Vooruit
Gent
2014-12-05
Geert Huys

Aan de vooravond van de laatste en erg aangrijpende public performance van Vossie Boy viel afgelopen vrijdag tevens het doek over Autumn Falls editie 2014, een eigenzinnige concertenreeks annex festival dat sinds eind oktober onze muziekclubs en concertzalen aandoet. Wie de affiche eventjes onder de loep nam merkte al vlug dat de meeste namen op één of andere manier de Duyster stempel dragen. En ja, ook tijdens de closing night in de Balzaal van de Vooruit bleken ‘weemoed’ en ‘grilligheid’ de belangrijkste codewoorden.

Wegens een plots opgedoken gordiaanse knoop in het spoorwegennet zagen we de set van opener She Keeps Bees  nagenoeg volledig door de neus geboord. Erg klote, want we zijn behoorlijk onder de indruk van ‘Eight Houses’, het tweede album waarmee dit New Yorkse m/v duo (live bijgestaan door een extra gitarist) uitdrukkelijk solliciteert naar een stek in de albumlijstjes. Hun finale in Gent doet alvast vermoeden dat de band ook live potten kan breken. Nogmaals, onze impressie was veel te kort, maar met “Greasy Grass” en “Raven” leverde de boomlange frontvrouw Jessica Larrabee twee staaltjes minimale bluesrock af die als een bezwerende sidderaal meteen onder de huid gingen zitten. Kortom, wie heimwee heeft naar het debuut van Cat Power of wijlen Madrugada werd bij deze op zijn/haar wenken bediend.

Ook in Thus Owls worden de artistieke lijnen uitgezet door een duo. De Canadese gitarist David Angell maakte jaren lang deel uit van de groep rond Patrick Watson vooraleer hij op de Zweedse zangeres/toetseniste Erika
Alexandersson botste, er mee trouwde, en met zijn nieuwe verovering intussen al drie platen als Thus Owls heeft ingeblikt. Op papier een interessante combinatie dus, die live echter slechts sporadisch vonken opleverde. De catchy single “How, In My Bones” uit het recentste album ‘Turning Rocks’ was een eenzaam hoogtepunt, maar de naar Kate Bush en Siouxie neigende stemacrobatie van Alexandersson pakte niet altijd even goed uit. Ook de grillige gitaarcapriolen van Angell kwamen soms wat te gekunsteld over om de set naar een hoger niveau te tillen. Tijdens de innemende afsluiter “As Long As We Try A Little” was iedereen wel terug bij de les, drummer Stef Schneider incluis die het nummer een episch slot bezorgde.

Als één van de meest unieke bands die in Gent ooit het levenslicht hebben gezien konden de kerels van Madensuyu (zie pics homepag) zich in ‘hun’ Vooruit geen beter slot van de ‘Stabat Mater’ tour indenken. Bij wie voor het eerst kennis maakt met dit eigenzinnige duo komt Sonic Youth al snel als meest uitgesproken muzikale referentie de kop op steken, maar wie verder graaft botst evengoed op invloeden uit postpunk, krautrock en klassieke muziek.
‘Stabat Mater’ verwijst naar een middeleeuwse hymne over het hartverscheurend verlies van een kind die eerder al op muziek werd gezet door componisten als Pergolesi, Vivaldi en Pärt. De kans dat je Madensuyu in de playlist van Klara aantreft is echter nihil. Pieterjan Vervondel en Stijn De Gezelle opereren vanuit een eigen muzikaal universum waarin ze zich niet zomaar
laten vastpinnen binnen de format van om het even welke vaderlandse radio.
Naast klassieke oudjes als “
Fafafafuckin”  en “TI:ME” passeerden zowat alle essentiële stukken uit de ‘Stabat Mater’ songcyclus de revue. En ook deze keer liet het duo niet na om alle uitersten van het emotionele spectrum op te zoeken. Vastgelijmd op een krukje, broederlijk naast elkaar en in opperste staat van concentratie laveerden zanger/gitarist De Gezelle en vellengeselaar Vervondel  schijnbaar moeiteloos tussen de orkaankracht van “Dolorosa” en “Crucem” en de weemoed van “On The Long Run”.
Meer nog, een Madensuyu song kan zelfs door merg en been snijden zonder dat er ook maar één instrument wordt aangeraakt. Dat kregen ze voor elkaar door
Pelle Van den Steen van het knapenkoor In Dulci Jubilo solo op te voeren voor “Hush Hum”, oftewel 38 seconden onaards engelengezang dat zelfs het grootste ijskonijn spontaan doet ontdooien.
Helemaal op het eind had het duo nog meer gasten uitgenodigd in de persoon van
oerlid Frans Van Isacker (sax) en Nic Rosseeuw (bassax). Het kwartet bedacht de bis “My” met een weerbarstige avant-garde versie waarin wij zelfs echo’s van wijlen X-Legged Sally ontwaarden.

De Toutpartout DJs deden er vervolgens alles aan om de 20 kaarsjes die hun werkgever mocht uitblazen niet geruisloos te laten uitdoven, maar het was genoeg geweest. With a little help from their friends hadden drie muzikale duo’s vanavond bewezen dat less wel degelijk more kan zijn, warempel een geruststellende gedachte in tijden van crisis.

Organisatie: Vooruit Gent (ism Toutpartout)

Sonic City Festival 2014 – zondag 23 november 2014 - James Holden speelt en cureert

Geschreven door

Sonic City Festival 2014 – zondag 23 november 2014 - James Holden speelt en cureert
Sonic City Festival 2014
Kreun
Kortrijk
2014-11-23
Nick Nyffels

Dag twee van Sonic City was heel avontuurlijk, en kleurde buiten de typische electronicalijnen.

Zombie Zombie is een Frans duo, maar live waren ze met drie. Wat ze brachten was best avontuurlijk: acid met live drums en zang bijvoorbeeld, maar ook een mix van spacerock en cosmic disco. Een van de nummers ging over Venus en had vervormde raps in een retro-futuristisch sausje. Het werd pas echt top toen ze een orientaalse sax op een acid beat zetten. Da kinda muzik i like.

Pional is net als John Talabot een Spaanse producer die al een remix maakte voor The XX. Met keyboards en zang speelde hij electropop, met zware subwoofers, een beetje zoals James Blake maar dan toegankelijker. Naast de poppy nummers die heel erg op jarentachtig electropop geent waren, denk Hurts of Sam Sparro, had hij ook een aantal instrumentale nummers. In een van zijn nummers zong hij, “I”ll be watching you”, en het is zeker een artiest om in de gaten te houden.

Silver Apples moest oorspronkelijk op zaterdag spelen, maar had zich vergist in het tourschema, en speelde daarom op zondag. Deze band maakte tussen 1967 en 1969 proto-electronica, met veel psychedelica invloeden en invloeden uit de musique concrete van bv een Pierre Henry. Het enig overlevende lid, Simeon is ondertussen zesenzeventig en tekende voor het meest experimentele optreden van Sonic City. De man, met breed gerande hoed, kon best doorgaan voor William Burroughs. Bij momenten klonk hij als een spaced out David Bowie, maar verder zat er weinig jaren zestig psychedelica in zijn set. De man draaide aan zijn knoppen en zong “I dont care what people say”, en dat vertaalde zich ook in de muziek, dit was compromisloze avantgarde.

De grote verrassing van Sonic City was ongetwijfeld Dean Blunt. We stonden aan de toog, toen de lichtman kwam vragen om ook alle lichten aan de bar uit te doen. In het pikdonker startte een tape met het geluid van een regenbui, occasioneel hoorde je subtiel geroffel, een saxofoonstoot en een vrouw die zong. Na meer dan vijf minuten priemde een schaarse spotlicht plots op, maar door de vele rook bleef het toch halfdonker. We ontwaarden een bodyguard, een saxofoonspeler en een zangeres, en Dean Blunt , die half rapte en half zong. Blunt zette meteen de sfeer met “Call me when your heart is empty”. Dit was een film noir, en dit optreden in het duister maakte dat je zintuigen op scherp stonden. Er passeerde een goflslag, fragmenten van telefoongesprekken waar Blunt op reageerde en de zangeres zong plots als een operasopraan. Die zangeres speelde dan ook nog eens elektrische gitaar, Mazzy Star die in dialoog ging met een soulzanger. David Lynch had het niet beter kunnen brengen. Het absolute hoogtepunt bestond uit dik tien minuten stroboscooplichten. De hele zaal was serieus onder de indruk. Dit was een optreden dat over de tongen ging.

Gold Panda knalde direct met zware beats die toch filmisch en organisch klonken. Tegen hoog tempo passeerden junglegeluiden van insecten en tropische kikkers. Toch was dit geen nerveuze set, op meta niveau transformeerde ieder nummer langzaam als een rups naar een pop tot vlinder, met behoud van de basiselementen in iedere song. De man sloot af met “You”, het sonische equivalent van een extacypil met zijn hooggepitchte en euforische refreintje.

De afsluiter van Sonic City 2014 was natuurlijk curator James Holden. Zijn laatste worp ‘The inheritors’ klokt af boven de 70 minuten waarvan vooral het laatste halfuur top is. We zagen reeds een stukje van zijn set op Pukkelpop en waren daar best onder de indruk. Ook in De Kreun was dit een sterk optreden. Holden werd begeleid door een drummer en de saxofoonspeler van Zombie Zombie. Holden bouwde zijn nummers laagje voor laagje op, mengde een beetje krautrock in zijn electronica, en de saxmodulaties  deden aan de topjaren van Laurent Garnier denken. We herkenden nummers zoals “Renata”, “Gone Feral”  met zijn rondwervelende beats die best van Thom Yorke had kunnen zijn, als je je ogen sloot, kon je zo Yorke’s schuddende kop zien loos gaan op dit nummer. “The inheritors” was dreigende, manische proto-electro en “Blackpool late eighties” had dat ochtendgloren clubgevoel. De climax was opgebouwd rond de sax van de man van Zombie Zombie. Het was al goed 24 november toen het publiek James Holden trakteerde op een warm applaus, voor zowel zijn eigen optreden als zijn meer dan geslaagde curatorschap van Sonic City 2014.

De balans van deze tweedaagse: nog meer dan andere jaren veel onbekende namen van hoge kwaliteit. De publiekstrekkers als James Holden en Neneh Cherry stonden er, Dean Blunt ging bij iedereen over de tongen door zijn unieke duistere set. De tweede dag was avontuurlijker en verrassender dan de eerste door zijn ruime programmatie en uitstapjes naar compleet andere genres.

Neem gerust een kijkje naar de pics (Xavier Marquis – Indiestyle)
http://www.indiestyle.be/live/fotos-sonic-city-festival-de-kreun-kortrijk-23-november-2014

Organisatie: Kreun , Kortrijk

Sonic City Festival 2014 – zaterdag 22 november 2014 - James Holden cureert - Neneh Cherry vindt zich opnieuw uit

Geschreven door

Sonic City Festival 2014 – zaterdag 22 november 2014 - James Holden cureert - Neneh Cherry vindt zich opnieuw uit
Sonic City Festival 2014
Kreun
Kortrijk
2014-11-22
Nick Nyffels

Het was druk in Kortrijk. Rond het Conservatoriumplein en in de rest van de binnenstad braakten vintage rally-auto’s rook en lawaai uit want er was de 6 Uren van Kortrijk, een rally tweedaagse. Even verder aan den Appel konden de jonge Kortrijkzaantjes de Sint hun brief gaan afgeven. Daarvoor waren we echter niet naar Kortrijk afgezakt, wel voor Sonic City, een tweedaagse alternatief festival dat dit jaar gecureerd werd door James Holden. Met al die drukte was een parkeerplaatsje vinden niet zo gemakkelijk.
Wie James Holden zegt, zegt Border Community, het electronica label van de man. Er stonden bijgevolg een aantal artiesten van dit label op de affiche, maar ook een publiekstrekker zoals Neneh Cherry, en de jarenzestig electronicapionier Silver Apples. Verrassing van het festival voor ons was ongetwijfeld Dean Blunt, die op zondag kwam spelen. Ik denk niet dat Sonic City dit jaar op voorhand uitverkocht was, maar geslaagd en gezellig druk was het wel.

dag 1 – Sonic City Festival 2014 – zaterdag 22 november 2014

We vingen dag een aan met RocketNumberNine, de begeleidingsband van Neneh Cherry die later op de avond als hoofdact geprogrammeerd stond. De bandnaam verwijst naar een nummer van Sun Ra.  De broertjes Ben en Tom Page spelen live, de een op drums, de andere op keyboards en andere electronica. Met een zoemende toon waren we vertrokken voor een door kosmische musik en krautrock geinspireerde set. De drummer speelde rustig, soms met paukenstokken of met borstels in een teutoons klankspel dat goed uit Kraftwerk’s  KlingKlang studios had kunnen komen. Andere nummers waren meer up tempo, met beats die a la Laurent Garnier’s “Crispy Bacon” over elkaar struikelden. We hoorden ook mijmerende composities en de finale was industrieel getint: RocketNumberNine als  klankfabriek die stoomt en blaast. Knap.

Het is twintig jaar geleden dat ambient doorbrak en met Pye Corner Audio leken die tijden teruggekeerd. Martin Jenkins bouwde traag op, maar zijn soundscapes waren heel visueel. Pulserende beats vertelden een verhaal waar je goed kon bij wegdromen. Pete Namlook was nooit ver weg. Mooi hoe Pye Corner Audio hier progressies in klank deed evolueren en openbloeien. Luistermuziek die ik best kon smaken was dit.

De decibels gingen de hoogte in bij Vessel: dreunende superbassen die de lucht haast vloeibaar maakten zodat dit een heel erg fysieke ervaring werd. Sebastian Gainsborough speelt Motormusik,, waarin ook breakbeats opdoken zonder dat er dubstep gespeeld werd. Dit was het geluid van een staalwalserij, industriële klanken die in de eenentwintigste eeuw naar het verleden verwezen.

Silver Apples had zich van dag vergist, dus mocht Luke Abbott een tweede keer optreden vanavond. Luke Abbott zit op James Holden’s Border Community label, en zijn track Amphis vinden we super interessant. Vanavond kon hij ons echter niet bekoren,  zijn set had heel veel chaos en te weinig melodie. Net iets te weinig toegangelijk voor ons.

De hoofact vanavond was Neneh Cherry. 18 jaar na haar vorige album staat ze er weer met Blank Project, een album geproduceerd door Kieran Hebden van Four Tet, dat ze samen maakte met Rocketnumbernine. Volgens sommigen is dit de plaat van het jaar, maar wij vinden dat net iets te veel eer: de plaat heeft daarvoor wel heel weinig melodie en is toch wel echt weerbarstig. Cherry begon er aan met het openingsnummer van haar plaat, “Across the water”. Ze had er zin in, want dit was haar laatste optreden dit jaar. Ze stak haar optreden vol gekke rijmpjes die ze nog van haar overgrootmoeder geleerd had. “Spit three times” kreeg een brommende bas die al het rallygeweld buiten moeiteloos overstemde. In “Everything” smokkelde Cherry een stukje “The Creator has a masterplan” van Leon Thomas binnen. Het beste vanavond waren de meer melodieuze nummers zoals “Out of the black” en de Rocketnumbernine versie van “Buffalo Stance”, dat als een wervelwind te keer ging, het publiek naar een climax bracht en smeekt om als remix uitgebracht te worden.En ja, Neneh Cherry draagt nog altijd basketsloefkes, net zoals in 1988.

Nathan Fake mocht de eerste avond van Sonic City afsluiten. We zagen hem nu al de derde keer, sinds zijn eerste passage in Petrol ten tijde van “The Sky is pink”. En we moeten zeggen, dit was de beste keer. Kortrijk had voor eens een echte discotheek, anders moesten de Kortrijkzanen de taalgrens over richting Pecq, nu bracht Nathan Fake een heel dansbare set, met songs met duidelijke thema’s die langzaam transformeerden. Mooi einde van dag een van Sonic City.

Neem gerust een kijkje naar de pics (Xavier Marquis – Indiestyle)
http://www.indiestyle.be/live/fotos-sonic-city-festival-de-kreun-kortrijk-22-november-2014

Organisatie: Kreun , Kortrijk

Festival les inrocks 2014 - Palma Violets – Parquet Courts - The Orwells

Geschreven door

Festival les inrocks 2014 - Palma Violets – Parquet Courts - The Orwells
Palma Violets speelt de rest naar huis

Bij The Orwells kon je gerust stellen dat hun gitaarrock live een pak meer rammelde dan op hun frisse debuutplaat ‘Disgraceland’. Of dat nu ook de bedoeling was is iets anders. De band, en dus ook de songs, waren duidelijk onder invloed van drank en eventuele andere substanties, bij momenten werd er tamelijk richtingloos gemusiceerd. Soms ging het wel de goede richting uit en ontsproot er een gloed van acute energie uit The Orwells, maar over ’t algemeen werd er iets te veel geknoeid met de eigen songs waardoor wij deze overigens talentrijke band met spijt in het hart naar de herkansingen moesten verwijzen. Naar verluidt hadden ze de dag voordien een betere indruk gemaakt in de Brusselse Botanique, de off day was dus misschien te wijten aan een kater ten gevolge van een nachtje stappen in Brussel. Let wel, er zat duidelijk iets in, het kwam er alleen maar bij momenten een beetje gekunsteld uit.

Er zat behoorlijk wat leven in Parquet Courts, één van de interessantste bands die tegenwoordig in het indie-circuit floreren. Ze hadden meteen onze aandacht vast met de geweldige opener “Ducking & Dodging”. Parquet Courts bleek een bandje te zijn met diverse gezichten, op hun meest felle momenten betraden ze resoluut het pad van de snedige indie-punk met “Sunbathing Animal” (Velvet Underground on speed), “Master Of My Craft” en “Light Up Gold II”, elders neigden ze dan weer naar het nonchalante vernuft van Television en de ongedwongen romantiek van The Modern Lovers (“Dear Ramona”). Misschien haalden ze net iets te vaak de vaart uit hun set om van een echt memorabel concertje te spreken, maar dit was alleszins een frisse performance met een stel bruisende songs die in bed gelegen hebben met Pavement, Feelies, Sonic Youth.DIIV en Traams.

Le Grand Mix stond pas helemaal in vuur en vlam met de frontale Britrock van Palma Violets. Yep, wij spreken hier liever van Britrock want het etiket Britpop is voor zo een geweldige groep eerder een affront (ter info, ook The Libertines, een bandje waar die van Palma Violets toch wel sterk naar geluisterd en gekeken hebben, sorteren wij ook graag bij Britrock).
Hier stond een band die rockte, brieste en gedurig ontplofte. Sorry voor de zeer verdienstelijke Parquet Courts, maar Palma Violets speelde met de vingers in de neus en dynamiet in de anus de twee vorige bands moeiteloos naar huis. De immer vitale songs zorgden in de frontzone voor een hartig moshpit-feestje, bommetjes als “Rattlesnake Highway”, “Best Of Friends”, “I Found Love” deden het kot uit al zijn voegen barsten. Palma Violets had ook wat vers materiaal meegebracht, een stel uiterst kwieke nieuwe songs deden ons het beste hopen voor de volgende plaat. De band ging er stijlvol uit met het anthem “14”, ondertussen uitgegroeid tot een heuse klassieker, een krachtig slot van een zeer dynamisch concertje. Eentje om in te kaderen.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/les-inrocks-2014/
Organisatie: Grand Mix, Tourcoing + Les Inrocks

 

I Love Techno 2014 – Keep On Loving …

Geschreven door

I Love Techno 2014 – Keep On Loving …
I Love Techno 2014
Flanders Expo
Gent
2014-11-08
Ilse Verzieren

E17 vanuit Kortrijk, richting Gent. Als je de weg naar Flanders Expo nog niet kende, dan kon je gewoon de auto’s met Franse nummerplaat volgen. Niet alleen de Fransen komen massaal naar dit technofestival, I Love Techno kent vele buitenlandse bezoekers. In totaal vonden 26.000 mensen hun weg naar Gent om een hele avond op pompende beats te dansen.

Als je aankomt op in Flanders Expo weet je al meteen dat dit niet zomaar een technofuif is. Het is één groot verkleedfeest. Daar spelen de merchandisers maar al te graag op in. Mocht je voor de gelegenheid geen supermanpak, hondenpak en feeënjurk gevonden hebben, kon je altijd bij de Eristoff-stand terecht voor een lekkere warme wolvenmuts, of je kon je haar laten bijwerken bij de kapper.

Naar aanloop van de negentiende editie van I Love Techno werden de Red Bull Elektropedia Awards uitgereikt. Lefto, een Studio Brussel-dj, werd bekroond tot beste dj van het jaar. Dit jaar was er geen Redbull Elektropediazaal, maar de Black Room bevond zich voor de gelegenheid in het middenstuk. Daar mocht de winnaar van de Jim Contest Janick Megroot de aftrap geven. De zaal stond niet vol voor Megroot, maar het enthousiasme van de jongeman werkte aanstekelijk. Wat hij deed, deed hij met veel goesting. Dat kon het publiek wel lusten.

Wij waren alvast gestart bij de ervaren rot Marco Bailey. Raving George had de Red Room voor geopend verklaard en ze had daar het publiek opgewarmd voor Marco Bailey. De Belgische dj Marco Bailey draait in clubs over de hele wereld en I Love Techno is voor hem toch een beetje thuiskomen. De sfeer in de Red Room was heel goed, dat voelde je aan de warmte als je de zaal binnenkwam. De zeshoeken in de zaal flitsten doorheen het publiek, op het ritme van de beats.
Op het einde van de set ruilden we de Red Room in voor de Blue Room, want daar ging Underworld aan hun set beginnen.  Al meer dan 20 jaar gaan zij de wereld rond om fantastische dancemuziek te verspreiden. De Blue Room was dit jaar heel groot, maar dat was zeker nodig om zo’n grote naam te ontvangen. De intro schepte al een magische sfeer in het publiek, dat wild werd bij de eerste tonen. “Praise The Lord”, zongen ze, en vele aanwezigen waren inderdaad dankbaar voor hun komst. Zanger Karl Hyde is ondertussen al de vijftig gepasseerd, maar hij nam het publiek op zijn wenken mee. Het wekt heel wat respect op om te zien hoe hij zich kan inleven in de muziek en zich laat meeslepen op de beats. De komst van Underworld was wel een verademing tegenover de zwaardere technobeats. We hebben de set jammer genoeg niet uitgedaan, waardoor we de grote klepper “Born Slippy” hebben gemist, maar we hebben in ieder geval genoten van het Britse trio.

Wie genoeg had van de rust en zin had in een feestje, kon zeker bij Vitalic zijn gading vinden. De warmte die we daarvoor bij Marco Bailey hadden gevoeld, had plaats gemaakt voor zwetende en plakkende lijven. Daardoor was het al snel tijd geworden voor verfrissing. De drukte aan de togen deed ons aanschuiven aan een toog waar het minder druk was en die vonden we in de Black Room. Op dat moment was KR!Z daar bezig aan zijn set, maar die kon ons niet overtuigen om in de Black Room te blijven.

Duke Dumont wouden we niet missen. De Britse DJ heeft een Grammynominatie in de wacht kunnen slepen voor zijn hit “Need U 100%” en het is vooral hierdoor dat hij naambekendheid verwierf. Het duurde zelfs niet lang vooraleer hij de topper op het publiek losliet. De zangeres was fantastisch om live te horen, wat een stem was dat! Zeker toen ze I Got U zong, leek het alsof de echte Whitney Houston daar stond. Daarna werd de set iets vlakker en het publiek kalmer, ondanks de vele aanmoedigingen à la ‘Make some noise’! Daarna hebben ze ons eigenlijk nooit meer echt kunnen overtuigen. Hetzelfde gevoel hadden we bij Klangkarussell. Wanneer de kleppers aan bod kwamen was de sfeer heel intens, maar voor de rest bleven we eigenlijk wat op onze honger zitten.

Aan de t-shirts te zien was er ook veel volk aanwezig voor Paul Kalkbrenner. Het grootste verschil tussen het publiek van Klangkarussell & Duke Dumont en Paul Kalkbrenner & Underworld is ongetwijfeld het leeftijdsverschil.  Hoe dan ook, Paul Kalkbrenner blijft een grote meneer, ook voor de jongere generatie. Als je de Blue Room binnenkwam, kon je alleen maar vaststellen dat die hele grote zaal ook helemaal vol zat. Kalkbrenner voelt ook helemaal niet de neiging om zijn set vloeiend te laten doorlopen. Meermaals liet hij gewoon de muziek stoppen om dan een andere plaat te starten. Het publiek was Paul heel dankbaar en hij kon vaak op luid gejuich en applaus rekenen. Een kwartiertje voor het einde kwam dan toch het moment waar velen op gewacht hadden: “Sky + Sand”. Camera’s gingen in de lucht, iedereen wou dit stukje Paul meenemen naar huis.

Na Kalkbrenner hadden we een beetje moeite om ons nog te vestigen op één plaats. Boys Noize was heel goed bezig in de Yellow Room, met leuke visuals erbij. Jeff Mills in de Red Room was nog zo’n klepper, maar daarna zijn we toch nog eens teruggekeerd naar de Yellow Room om naar de set van Audion & Tiga te gaan. Waar we wel mee wouden afsluiten was Ten Walls. Tegenwoordig staan ze in de hitlijsten met “Walking With Elephants” en iedereen is er gek van. Hun set had een beetje een gelijkaardige stijl, maar opnieuw werd het pas echt goed als het nummer zelf aan de orde kwam. Daar is nu eenmaal niks aan te doen. Scoor je als dj een hit in het commerciële circuit, dan wil iedereen die horen.

Deze editie van I Love Techno zullen we ons zeker blijven herinneren. Het blijft een festival dat altijd zal fascineren en tot de verbeelding zal spreken …

Organisatie: I Love Techno - Live Nation

Pagina 73 van 147