logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Wolf Banes ...
Deadletter-2026...

Equilibrium

Sagas

Geschreven door

Equilibrium was een band die al een tijdje op mijn verlanglijstje stond, aangezien ik een groot liefhebber ben van Folk Metal, en nu heb ik eindelijk de kans gekregen om te horen wat ze in huis hebben. Sagas is inmiddels hun tweede album en ze hebben de weg gevonden naar Nuclear Blast.
Wel, laten we eens zien hoe ze het er vanaf gebracht hebben.
We starten met “Prolog Auf Erden”, een wat lang uitgevallen intro die een kort overzicht geeft over welk soort muziek we mogen verwachten op dit album: Epische Folk Metal met invloeden van bands als Finntroll, Moonsorrow en Ensiferum.
”Wurzelbert” begint met een onheilspellende trompetintro, maar vanaf de gitaren er in vliegen krijgen we een uptempo Folk Metal nummer te horen waarbij mijn voeten automatisch gaan bewegen.
Het feest gaat verder met “Blüt Im Nuge”, waarvan de folky melodietjes in je hoofd blijven hangen en “Unbesiegt”, met zijn exotische intro en een trompettenmiddenstuk dat me op één of andere manier wat doet denken aan de feestmuziek op het eind van ‘Star Wars Episode I: The Phantom Menace’. De kenners zullen waarschijnlijk wel weten wat ik bedoel…
”Verrat” begint als een Black Metal nummer, maar het geweld wordt gauw afgewisseld met subtiele Folk Metal en epische momenten.
Tja, ik zou zo elk nummer kunnen beschrijven. Maar dat heeft eigenlijk weinig zin, want aangezien deze cd vol hoogtepunten staat.
Het enige nummer dat nog een aparte vermelding krijgt, is afsluiter “Mana”. Dit nummer is gewoon de kroon op het werk, zestien minuten lang worden we overgebracht van de ene muzikale extase naar de andere. Pure klasse is bijvoorbeeld de fluitsolo van de bekende Ulrich Herkenhoff (o.a. van de soundtrack van ‘Lord of the Rings - Return of the King’).
De enige minpuntjes van het album zijn de ongevarieerde, welhaast overbodige zang en de productie. De productie is een beetje tè goed geworden, waardoor het geheel soms te overdonderend, te glad en te druk klinkt. Denk maar aan ‘A Night At The Opera’ van Blind Guardian.
En het artwork kent ook zijn nadelen: het is een beetje te onleesbaar en het stinkt gewoon. Dit moest ik gewoon even vermelden.
Hoe dan ook, dit is een ware topplaat die een must is voor alle liefhebbers van Folk Metal, Pagan Metal, Viking Metal, Epic Metal en de rest van het rijtje.

Santogold

Santogold

Geschreven door

De jonge Amerikaanse Santi White groeide op te Philadelphia en vestigde zich in Brooklyn, NY. Een bezig bijtje, die over een punkbandje Stiffed beschikte en songs schreef voor Lily Allen en Ashlee Simpson. Ze zong “Pretty green” op Mark Ronsons succesalbum ‘Versions’. Ze kon rekenen op een pak artiesten voor haar plaat en ze deed beroep op M.I.A. producers Diplo en Switch.
Ze rekent volgende bands tot haar helden: van Aretha Franklin, Nina Simone tot Bad Brains, Suicidal Tendencies of Devo, The Cure, Bauhaus en The Smiths.
Van haar muzikale invloeden maakte ze een melt van pop, electro, soul, funk, dubreggae, trippop en een vleugje punk. Overtuigend materiaal, een boeiende sound en een afwisselend broeierig geheel. Haar stem heeft iets mee van de Yeah Yeah Yeahs en Magnopop zangeressen.
”L.E.S Artistes” en “Say aha” werken in op de dansspieren, “You’ll find a way” rockt en pop is te horen op “Lights out” en “I’m a lady”. “Shove it” laat de dubreggae doorklinken en “Creator” lijkt een nieuwe M.I.A. song wel. Een lome, sfeervolle aanpak horen we op “My superman” en “Starstruck”. En haar ‘80’s invloeden zijn vooral te horen op “Anne”.
Een nieuwe queen is opgestaan …De Santogold-sound is er eentje om van snoepen!

Foals

Antidotes

Geschreven door

Het Brits beloftevolle Foals, een kwintet uit Oxford, heeft met ‘Antidotes’ een schitterend gevarieerde plaat uit binnen een grillig en toegankelijk concept: een freakend CYHSY, de punkfunk van !!!, de postpunk van Bloc Party en Franz Ferdinand, de postrock van Mogwai, dreunende repetitieve sounds van TV On The Radio en The Fall en tenslotte ‘80’s invloeden van Talking Heads en Gang Of Four.
Foals bundelt het in frisse, aanstekelijke, avontuurlijke songs, die hyperkinetische ritmes, een nerveuze melodie en hoekige en strakke riffs bevatten, met een portie fuzz als toegevoegde waarde.
Ze omschrijven zichzelf als ‘achterlijke, autistische sell out’ pop. Een omschrijving om maar eventjes de wenkbrauwen te fronsen, maar wat het nu ook is, ze hebben een pak interessante nummers uit: “The french open”, “Cassius”, “Olympic airways”, “Two steps twice” en “Big big love” zijn straffe kost op dit plaatje. Een verdiende airplay en een verplichte aanschaf!

Gotye

Drawing like blood

Geschreven door

Al maanden bant het hypervrolijke "Learnalilgivinanlovin" van Gotye (uit te spreken als ‘Goosjée’) moeiteloos alle economische en regeringscrisissen uit ons hoofd. Het nummer is eigenlijk al van 2006, maar dit jaar opnieuw uitgebracht, krijgt het juweeltje nu pas de nodige airplay.
Het verhaal achter Gotye leest als een mooie roman. In feite gaat het om Wally De Backer: van origine een Belg (geboren in Brugge), maar ondertussen al jaren verblijvend in het Australische Melbourne. Daar mixt hij muziek uit de sixties met persoonlijke eigenzinnige muzikale invloeden. Met succes. In 2006 viel hij in Australië al in de prijzen.
Of het hier ook zo’n vaart zal lopen, blijft af te wachten. Want het tweede album van Gotye wisselt sublieme nummers met zwakkere broertjes af.
”The only way” is zo’n strak nummer dat je geboeid doet blijven luisteren. “Thanks for your time” drijft op een zwoele drumrif en eindigt met een gepaste climax. En “Night drive” is de ideale soundtrack voor een nachtelijke autorit. Maar soms zijn de nummers iets te bleekjes. “Hearts a mess” blijft te lang doordrammen op hetzelfde thema. En ook “Coming back” probeert hartstochtelijk van de grond te komen, maar tevergeefs.
Conclusie? ‘Drawing like blood’ mist nog iets te veel samenhang. Bovendien overlaadt Gotye de nummers soms met té veel spitsvondigheden. Volgende keer één idee per nummer? Dan zijn wij zonder twijfelen al zijn trouwste fan…

Primal Scream

Beautiful Future

Geschreven door

Het immer verrassende en vernieuwende Schotse Primal Scream levert nu met ‘Beautiful Future’ een helaas middelmatig, maar toch nog te pruimen cd af. Enfin, ik ben toch beter gewoon die snaken. Geen elektrotoestanden meer, geen noiserock meer, geen vernieuwing meer, alleen maar de mooie kanten van het leven in te clean geproducete songs. Naast de enige uitschieters “Suicide Bimb” ( Velvet in een nieuw jasje) en het stevig rockende “Can’t go back” krijgen we doorslagjes van bestaande songs. Een kleine steekproef leert ons dat de titelsong eigenlijk “Virginia Plane” van Roxy Music is, “Zombie” een Stones-achtig hippiesong is (Cm,E,Bb) en “Uptown” eigenlijk euh.. Goose is.
Een doodgewone rockschijf met zwakke melodieën en akkoordenschema’s waarbij schaamteloos geput wordt uit andere bronnen: De vraag is of dit verkeerd is of niet. Tenslotte jat iedereen van elkaar. Maar zoals Einstein ooit zei: “Ware originaliteit is de kunst om uw bronnen te verbergen”. En dat doen Gillespie en co  - al dan niet opzettelijk - duidelijk niet .
Als ze zo voortdoen zal hun future helaas niet zo beautiful zijn
Allez, Bobbie en band, herpak u.

Beautiful Future - Inspiratieloos

Exit 31

Exit 31

Geschreven door

De Nederlandse hardrockformatie Exit 31 kwam onlangs op de proppen met hun nieuwe album ‘Exit 31’. Na het in 2006 uitgebrachte ‘Phonogenic’ is dit het tweede wapenfeit van deze band, toch is dit het eerste wat ik van hen hoor.
Hoewel dit album over een bijzonder hoog pop-gehalte beschikt, wist het mij ontzettend te bekoren. De melodische hardrock van deze formatie behoort niet onmiddellijk tot de origineelste of meest complexe releases, maar heeft een bijzondere aantrekkingskracht door de melancholische doch krachtige klank in de stem van zanger Ivo Penders.
Bovendien zijn de teksten zo “herkenbaar” dat ze zich al snel een weg weten te banen tot in de diepste kronkels van je hersenen. Na één luisterbeurt viel het mij op hoe vaak ik op één dag het refrein van openingstrack “About a Dream” zat te herhalen in mijn hoofd. Het krachtige nummer opent namelijk met een frequent terugkomende strofe waarbij vooral de manier waarop Ivo het nummer zingt opvalt. Bovendien is het refrein zo enthousiast en meeslepend, dat het onmogelijk vergeten kan worden. Net zoals in de rest van het album wisselen kracht en melodie elkaar voortdurend af in dit nummer.
De afwisseling tussen kracht en melodie wordt het duidelijkst wanneer we tussen “Real Disaster” en “Let U Down”, de ballad “The Minstrel” voorgeschoteld krijgen. Hoewel ik toch een voorkeur heb voor de hardere kant van deze band, slaagt dit nummer erin om mij even rustig te kunnen laten wegdromen. Toch mist dit nummer een climax, waardoor het moeilijk wordt om je aandacht erbij te houden.
Hoewel de teksten lang niet altijd even positief zijn, kenmerkt dit album zich toch door een goed aanslaand enthousiasme, zelfs waar men minder positieve gedachten aan bod laat komen. Het hopeloos klinkende “Without a Clue” groeit hierdoor uit tot één van de hoogtepunten van het album, samen met het schitterende “Just 2 Just”. Het laatstgenoemde nummer kenmerkt zich opnieuw door de melancholische stem van Ivo Penders waardoor het nummer zelfs de meest vrolijke mens kan doen stilstaan bij de vraag waarom mensen sterven: “Sometimes young and sometimes tragically”.
Het album klinkt echter niet voortdurend depressief en melancholisch. De melodische gitaarlijnen zorgen vaak voor een ondersteunende vrolijke ondertoon. Afsluiter “Life’s 2 Short” illustreert dit, waardoor het album met een vreugdevolle noot wordt afgesloten.

De productie werd toevertrouwd aan Erwin Musper (Van Halen, Scorpions), wat voor mooie resultaten zorgt. Wie van toegankelijke rock houdt, maar toch kwaliteit en af en toe een stevige riff wil horen, zal met dit album zeker aan zijn trekken komen.

The Offspring

Rise and Fall, Rage and Grace

Geschreven door

The Offspring roept pure nostalgie bij me op, want dat was mijn eerste stapje in de richting van goeie muziek. Ik herinner me nog goed dat ik op mijn negende hun toenmalig verschenen album ‘Americana’ zowaar plat draaide zonder het beu te komen. Helaas hebben ze nooit meer een album uitgebracht dat zo goed en volmaakt was…
We schrijven 10 jaar later, The Offspring brengt ‘Rise And Fall, Rage And Grace’ uit en weet me na twee middelmatige albums opnieuw te betoveren met de magie van tien jaar geleden.
Want hun nieuwe plaat is er één van topformaat!
B met “Half-Truism”, een heerlijk nummer dat me kippenvel wist te bezorgen. Onmiddellijk werd me duidelijk dat de nieuwe sound erg verzorgd is. Blijkbaar heeft producer Bob Rock geleerd uit zijn fouten na het misselijkmakende ‘St. Anger’ van Metallica. Dit nummer mag gerust een hit worden!
”Trust In You” begint met een riff die me doet denken aan het nummer “Smash”, waardoor er een glimlach op mijn gezicht wordt getoverd. En dit is niet de eerste knipoog naar het oude werk op dit album.
”You’re Gonna Go Far, Kid” is mijn persoonlijke favoriet van het album. Met een killerrefrein en lekker middenstuk kan het gewoon niet mis gaan.
”Hammerhead” is een beetje het buitenbeentje van het album. Heavy riffs, een tikkeltje agressie en melancholische ondertoon waarbij The Offspring duidelijk maakt dat dit geen typische pretpunk is. Wel jammer van de slechte videoclip trouwens.
Met “A Lot Like Me” krijgen we een commercieel rocknummer te horen dat me doet denken aan het nummer “Gone Away” van Ixnay On The Hombre. Hiermee hebben we eigenlijk de vijf beste nummers van het album gehad.
Maar dit wel niet zeggen dat de rest van het album minderwaardig is. “Takes Me Nowhere” is een typische The Offspring rocker dat me wat doet denken aan de tijden van Ignition.
”Kristy, Are You Doing Okay?” is het eerste rustige nummer van het album. Bij de eerste luisterbeurt vond ik het wat zeikerig, maar na nog enkele luisterbeurten valt het allemaal wel mee.
”Nothingtown” doet me wat denken aan het album ‘Americana’. Misschien zijn het de riffs die daar voor zorgen? Of zou het de solo zijn? In elk geval, een goed nummer dat je zeker niet mag overslaan.
Na het stevige “Stuff Is Messed Up” komen we aan “Fix You”, het rustigste nummer van de plaat. Dit is een nummer dat wat moet groeien, maar het ontbreekt zeker niet aan kwaliteit en diepgang. Ook hier wordt ik me weer bewust van het feit dat Dexter Holland nog nooit zo goed gezongen heeft als op dit album.
“Let’s Hear It For Rock Bottom” en “Rise And Fall” zijn twee simpele afsluiters die eigenlijk geen speciale vermelding verdienen.

Tot zover een lekker album boordevol leuke nummers. De fans van The Offspring mogen dit album blindelings aanschaffen. Maar je hoeft niet bekend te zijn met het oude werk om dit album te kunnen waarderen. Ik zou zeggen, geef The Offspring een kans!

The True Symphonic Rockestra

Concerto In True Minor

Geschreven door

 

Toen ik de naam van de band en de titel van het album las, was ik eigenlijk wel benieuwd wat ik zou aantreffen op dit album. The True Symphonic Rockestra is een in 2000 opgericht gezelschap. Oprichter Dirk Ulrich wordt bijgestaan door James LaBrie van Dream Theater en nog twee operazangers, namelijk Vladimir Grishko en Thomas Dewald. Het idee achter de band: ‘The best of’ van de oorspronkelijke Three Tenors (Luciano Pavarotti, Placido Domingo and Jose Carreras) in een metaljasje steken.
En dat idee is verdomd goed uitgedraaid, moet ik zeggen. Liefhebbers van Rhapsody Of Fire, Therion en Haggard zullen aan hun trekken komen, want dit is Opera Metal in zijn puurste vorm. Maar liefst 21 nummers worden onder handen genomen en bewerkt met leuke Metalriffs en een heuse ritmesectie die de nummers wat meer vaart geeft. Wie had gedacht dat operaklassieker “La Donna E Mobile” zo’n lekkere uptempo metalsong kon zijn?
Andere hoogtepunten van het album zijn “Granada”, “O Sole Mio” en “America (West Side Story)”.
En we leren ook iets bij, want Dorogoi Dlinnoyu bewijst dat “Those Were The Days” van oorsprong een Russisch lied is. Enig minpunt is de stem van James LaBrie waar ik mij soms een beetje aan erger. Waarom hebben ze juist hem gekozen in plaats van bijvoorbeeld Eric Adams van Manowar? Fabio Lione van Rhapsody Of Fire ging het ook heel goed gedaan hebben op dit album. Wie weet, misschien iets voor de volgende plaat. Hoe dan ook, dit is een goede plaat, waar zelfs Koen Crucke met genoegen naar zal luisteren.

 

Pagina 427 van 460