logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
Deadletter-2026...

Cheap Time

Cheap Time: meubelen gered tijdens de bisronde

Geschreven door

Wat gebrek aan ervaring en een kort voordien nog gewijzigde setlist zorgden ervoor dat de motor van The Tubs soms wat sputterde. Maar ondanks wat haperingen had dit Gentse viertal genoeg sterke nummers meegebracht om ons te overtuigen. Vuile rock-'n-roll met tentakels in de blues, country en soul die me meermaals deed denken aan het recentere werk van Jack Oblivian. Hier en daar moet er nog wat aan gesleuteld worden maar het potentieel is er. Deze jongens hebben de juiste attitude en een veel betere smaak dan de gemiddelde Studio Brussel-luisteraar, getuige hiervan hun cover van Nathaniel Mayer's "Village of love". En met hun zanger hebben ze werkelijk een oertalent in huis. Het zou dan ook bijzonder jammer zijn mochten ze na een paar maanden terug in de vergetelheid belanden.

Het verschil met de hoofdgroep, het trio rond Jeffrey Novak uit Tennessee, was groot. Cheap Time is een groep die er "staat", hun motor kende dan ook geen problemen. Hun debuut op ‘In The Red’, een label dat nog steeds tot de verbeelding spreekt gezien het volle huis, vond ik nochtans maar aan de middelmatige kant. Live viel het dus heel wat beter mee hoewel ik ook nu weer enkele songs veel te licht bevond. Vooral die paar nummers waarin de zanger zijn teksten als aftelrijmpjes debiteerde zou ik het liefst in de vuilnisemmer zien verdwijnen. Cheap Time zweert bij korte (garage)punksongs met glaminvloeden (er was dus niet alleen de fysieke gelijkenis van de bassist met Marc Bolan) die regelmatig ook (en helaas) het popzwerk opzoeken. Gelukkig was er ook nog plaats voor iets ruiger werk en tijdens de zeer uitgebreide bisronde was de pop er helemaal uit verdwenen en werd ik er zowaar nog wild van ook. Helemaal op het einde viel verdomd nog Hawkwind uit de kast en hoorden we nog een rammelversie van "Silver machine" en een gitaarjam, geïnspireerd op "Brainstorm". Plots leek het leven heel wat aangenamer...

Organisatie: Pit’s Kortrijk

Franz Ferdinand

Gretige Franz Ferdinand zet l’Aéronef bijna in lichterlaaie

Geschreven door

Het is een ongeschreven wet in de muziekgeschiedenis: trends komen en gaan, de ene revival volgt de andere op, maar allen zijn ze van relatief korte duur en doorgaans overleven enkel de bands van het eerste uur. Pakweg vijf jaar terug waren de sympathieke Schotten van Franz Ferdinand bijna in hun eentje verantwoordelijk voor een hernieuwde interesse in de new wave en punkfunk van eind jaren ’70/begin jaren ’80. Na hun inmiddels klassieke titelloze debuut (’04) volgde al snel de fraaie doch minder bewierookte opvolger ‘You Could Have it so Much Better’ (’05). Terwijl volgelingen als Kaiser Chiefs en Bloc Party aan de lopende band nieuwe nummers brouwen blonk Franz Ferdinand de jongste jaren echter vooral uit in afwezigheid.
Onder hooggespannen verwachtingen verscheen dit voorjaar dan eindelijk de zogenaamde ‘moeilijke derde’: zou Franz Ferdinand definitief opteren voor een imago als feel-good singles band of werd dit het album van de radicale stijlverandering? Bij beluistering van ‘Tonight: Franz Ferdinand’ blijkt dat de waarheid ergens in het midden ligt: de groep heeft een arsenaal synths laten aanrukken wat hier en daar heeft geleid tot voorzichtig experiment, maar zoals voorheen blijven de songs catchy as hell. Het publiek lijkt de band alvast niet vergeten getuige de resem uitverkochte shows die de vier Glaswegians de jongste weken langs Europese steden afwerken. Afgelopen maandag stond Franz Ferdinand na jaren afwezigheid nog eens oog-in-oog met hun Franse fanlegioen in een tot de nok gevulde l’Aéronef.

De band mag dan al worden vereenzelvigd met de popwave scene uit de donkere 80ies, toch zijn muzikale zwaarmoedigheid en teksten-met-een-boodschap aan de Schotse meisjesidolen nooit echt besteed geweest. Franz Ferdinand is immers één van de weinige gitaarbands die het publiek kost wat kost aan het dansen wil krijgen, wat meteen ook lukte met de veilige opener “Do You Want To” en de huidige single “No You Girls”. Frontman Alex Kapranos en de zijnen hadden duidelijk zin in een stomend feestje waarbij nummers uit ‘Tonight: Franz Ferdinand’ in een verschroeiend hoog tempo werden afgewisseld met materiaal uit de eerste twee albums. De aanstekelijke mix van vrolijke gitaren en spaarzame synths tijdens de nieuwe nummers “Twilight Omens”, “Turn it on” en “Bite Hard” miste zijn effect niet: zonder dat de groep daar veel moeite moest voor doen werd het publiek spontaan meegesleurd door Franz Ferdinand’s heropgefriste groovy sound, en hier en daar spotten wij zelfs een eenzame skydiver.
Tussendoor werd gretig teruggegrepen naar ouder werk. Uit het vorige album herkenden we enkel “Walk Away” en “The Fallen”, maar het gros van de oudjes bleek afkomstig uit het titelloze debuut: “Auf Achse”, “The Dark of the Matinee”, “Take Me Out”, “40’” en “Michael”.
Zoals het elk geslaagd feestje past moet muziek primeren over woorden, en dat had de groep duidelijk goed begrepen. Kapranos & co bezondigden zich niet aan opjuttende taal of overbodige bindteksten, en konden hierdoor een strak tempo aanhouden doorheen de set. Elk feestje mag overigens ook al eens een buitensporigheid kennen; na een set van 12 puntige en meezingbare popsongs gooide de groep eensklaps het roer om tijdens “Lucid Dreams”. Dit nummer is met voorsprong het meest experimentele en atypische nummer uit de gehele Franz Ferdinand catalogus en mondde live uit in een minutenlange electrotrip waar Kapranos en gitarist McCarthy lekker loos konden gaan op een batterij analoge synths. Zowaar een mooie apotheose om een toen al geslaagde live come-back mee af te sluiten.
In de enige bisronde volgden nog het zeer hippe “Ulysses” en “What She Came For” uit het recente album en met het onvermijdelijke “This Fire” stak de groep l’Aéronef voor de laatste keer die avond in lichterlaaie.

Zou het dan toch geen toeval geweest zijn dat vlak na het aanfloepen van de zaallichten ook het brandalarm spontaan van zich deed horen? Kapranos sloot af met de sympathieke groet “We are Franz Ferdinand, vous êtes Lille!”. Hij, de groep en het publiek zijn bij deze gerustgesteld en gewaarschuwd: Franz Ferdinand is terug van weggeweest en dat zal menig festivalganger deze zomer geweten hebben!

Opwarmer van dienst was het Berlijnse trio Kissogramdat behoorlijk wat publieksrespons kond losweken dankzij hun catchy songs waar ritmische gitaren in duel gingen met analoge synths. Waar hebben we dat nog gehoord? Juist: zie hierboven. Franz Ferdinand had als voorprogramma een band geprogrammeerd wiens sound mooi aansloot bij hun eigen opgefriste geluid. Enkel tijdens de laatste nummers kon het jonge trio afstand nemen van Kapranos & co toen ze mooie dingen deden met Wagneriaanse symfo, Kraftwerk-on-speed en weerbarstige gitaren. Een band die we gerust nog wel eens willen terugzien; hoe ver ligt Berlijn trouwens verwijderd van Kiewit?

Neem gerust een kijkje naar de pics van hun optreden in de AB, Brussel onder live foto's

Organisatie: FLP (ism Aéronef), Lille

White Lies

White Lies – Indrukwekkende belofte en dat is de gehele waarheid

Geschreven door

Het concert dat White Lies vorig jaar op Pukkelpop gaf, was voor ons zowat de eerste echte kennismaking met deze uit Londen afkomstige groep. Ja, enkele maanden voordien hadden  ze weliswaar hun opwachting gemaakt in het alom vermaarde BBC-programma ‘Later … With Jools Holland’, maar op het moment dat White Lies te Kiewit op het podium van de  Chateau verscheen, waren ze in de lage landen nog een nobele onbekende.
In het programmaboekje werd de groep aangekondigd als een trio dat graag de geesten van Echo & The Bunnymen en The Teardrop Explodes oproept en ze zouden dat niet slecht doen. Wel, ze deden het inderdaad verre van slecht, integendeel zelfs. Hun kernachtige, krachtige en melodieuze mix van rock, wave en postpunk die evenzeer aanleunt bij wijlen The Sound was één van de betere dingen die we tijdens onze driedaagse wandeling op de Limburgse weide te horen kregen.
Intussen gaat het vlot vooruit met de carrière van White Lies. Hun begin dit jaar verschenen debuutplaat ‘To Lose My Life’ wordt – volkomen terecht - alom bejubeld door de internationale muziekpers en hun concerten zijn stuk voor stuk in een mum van tijd uitverkocht. Ook hun passage in de Botanique afgelopen zaterdag maakte daar geen uitzondering op.

De immer zo sfeervolle Rotonde was namelijk afgeladen volgelopen voor deze nieuwe lievelingen van de (alternatieve) muziekwereld. Vele fans vroegen zich de voorbije weken ongetwijfeld af waarom niet uitgeweken werd naar een alternatieve locatie. Een zaal met een veelvoud aan capaciteit had White Lies namelijk óók zonder verpinken gevuld gekregen. Maar door de Rotonde als arena te behouden, creëerden de organisatoren natuurlijk een ideale voedingsbodem om dit concert bij te voegen aan de reeks artiesten die op de planken van de botanische tuin de basis legden voor een latere carrière en waar jaren later nog mijmerend aan terug gedacht kan worden.
De gelukkigen die er wel in geslaagd waren om tijdig een ticket te bemachtigen, zullen het zeker niet aan hun hart laten komen want ze kregen een fantastisch concert voorgeschoteld.
Harry McVeigh (zang/gitaar), Charles Cave (basgitaar en achtergrondzang) en Jack Lawrence-Brown (drums) die op het podium steeds bijgestaan worden door keyboardspeler Tommy Bowen (voordien de toetsen bespelend bij de concerten van Mumm-Ra), speelden een korte set van 45 minuten maar gingen daarbij voluit. Het zweet druppelde volop van hun lichamen en er werd voortdurend erg geconcentreerd en intensief gemusiceerd.
Van meet af aan bij de opener “Farewell To The Fairground” zat de sfeer en het ritme goed. Strak en harmonieus kwamen met uitzondering van “Nothing To Give” alle tracks van het debuutalbum aan bod.
Bindteksten bleven grotendeels achterwege. Harry McVeigh dankte enkele malen de toeschouwers, liet weten dat het een speciaal gevoel was voor de groep om in een leuke, intieme locatie als de Botanique te kunnen spelen maar we zijn er nog steeds niet uit of de ondertoon bewondering dan wel verwondering was. Ook de blik in zijn ogen schipperde geregeld tussen verlegenheid en zelfzekerheid.
Verder vertelde McVeigh met grote voldoening terug te blikken op het verblijf vorig jaar in België. De debuutplaat van White Lies werd namelijk gedeeltelijk in onze hoofdstad en deze van Engeland opgenomen. “Fifty On Our Foreheads”, waarbij een vergelijking met de klanken van Ultravox erg voor de hand ligt, werd dan ook opgedragen aan de Brusselse ICP studio’s.
McVeigh zong nog maar eens de ziel uit zijn lijf en Charles Cave ging uit de bol met zijn basgitaar.
Na “The Price Of Love” werd de set afgesloten met het onvermijdelijke “Death”, nu al een klassieker te noemen en een song die ons bij iedere beluistering een adrenalinestoot van jewelste bezorgt.
Er wordt bij White Lies veel aandacht besteed aan het imago en dit draait vooralsnog overduidelijk om de kleuren zwart en wit. De thema’s die bezongen worden, zijn niet altijd de meest opbeurende, de muziek klinkt zwart, de uitgekiende website en de mooie videoclips zijn al even donker van aard, evenals de outfits die gedragen worden. Ook op het podium wordt de belichting sober gehouden door het plaatsen van louter witte spots.

De toekomst daarentegen ziet er voor de groep echter niet donker en somber uit. Het tourschema wordt almaar uitgebreider en er is al een plaatsje op enkele internationaal gereputeerde festivals geboekt. Ook daar zullen ze zeker schitteren. Vooralsnog is er geen Belgisch luikje aan toegevoegd maar het zou verbazend zijn indien dit niet gebeurt.
Dat het de laatste maal was dat we White Lies in een kleine zaal aan het werk hebben gezien, lijkt al even waarschijnlijk.

Dezelfde superlatieven bovenhalen voor het voorprogramma, Haunts, eveneens afkomstig uit Londen, gaan we niet doen. Hun sound is een uitgebreid amalgaam van stijlen (rock, wave, postpunk, glam, gothic) en klinkt mede door de stem van zanger Kevin Banks nog donkerder dan deze van White Lies,. We hoorden enkele goede fragmenten maar door de doffe klank, verloor een heel stuk van de set aan impact.

Setlist Haunts: London’s Burning, Bomz II Drop, Underground, Grace (Is Home Late), Battle Of Britain, Love Is Blind, Black Eyed Girl, Live Fast Die Young

Setlist White Lies: Farewell To The Fairground, To Lose My Life, From The Stars, A Place To Hide, Unfinished Business, E.S.T., Fifty On Our Foreheads, The Price Of Love, Death

Organisatie: Botanique, Brussel

The Dø

The Do: emotievolle, duivelse elfenpop

Geschreven door

Het Frans/Finse duo The Do intrigeerde vorig jaar met het verslavende plaatje ‘A mouthful’: hartverwarmende, dromerige en aanstekelijke elfenpop op plaat, live een trio die er van houdt de songs in een pittig, bedreven en breder concept te plaatsen. We zagen dit alvast toen ze op Pukkelpop een overtuigend, dynamisch sterk optreden gaven. En in zaal kwam het aspect show, jam en spelplezier en plus.
Op plaat maken we kennis met vijftien kernachtige songs, live stelden ze er twaalf voor, maar deden er anderhalf uur over. Ze werden mooi uitgediept, brachten talrijke variaties aan, kregen meer vaart of klonken levendig of intenser. In dit opzicht deden ze denken aan groepen als 65daysofstatic, Jason Molina’s Songs:Ohio en CocoRosie, die eveneens graag de songs injecteren met een dosis vurigheid en avontuur.
En het charismatische trio had de kalender bijgehouden …en gekeken … want het was Friday the 13th! De roadies, verkleed als een soort Halloweenfiguren, maakten talrijke pics van het publiek en van de band, en zorgden tussen de nummers in voor wat animo bij het aanbrengen van gitaar en het juist plaatsen van de microstatieven.

Zangeres Olivia B Merilahtin (van Finse Origine) was gekleed in een fel gekleurde lappenbloes en beantwoordde met haar hemels breekbare, dromerige stem aan Bjork, Nina Persson (Cardigans)en Karin Dreijer Andersson (The Knife). De drummer Jose Joyette zat midden in een aluminium spiraal, waaraan talrijke cimbaaltjes, staafjes, tamboerijnen en tierlantijntjes hingen om de sound kleurrijker en subtieler te laten klinken, naast het bezwerende en opzwepende drumspel. Ook de Fransman Dan Levy speelde een voorname rol door een snedig basspel, xylofoon en toetsen. En op die manier was de formule van The Do compleet, met name emotievolle duivelse elfenpop!
Anderhalf uur hadden ze het publiek in hun greep, verbaasden en overdonderden met boeiende versies van “Playground hustle” en “At last”, opgezweept door drums, bezwerende toetsen, een diepe bas, elektronica en een fris gitaarspel, waarbij distortion/fuzz effecten niet werden geschuwd. Het sfeervolle, dromerige “Bridge is broken” ging over in een r&b/hiphop/ psychedelisch gedrenkt “Queens dot kong”, die op het eind stevig rockte. De behoorlijke snedige raps van Olivia droegen bij tot de indrukwekkende brei.
The Do had de songs héél goed onder de knie, want we bleven maar de wenkbrauwen fronsen: het ingetogen “Travel light” werd bepaald door subtiele toetsen en een sober gehouden percussie, het folky “Unissasi laulelet” kreeg kleur door de dubbele percussie, het gitaargetokkel en talrijke tierlantijntjes. Wat een elegante aanpak!
En het trio stevende naar een schitterende finalereeks van “On my shoulder”, “Tammie“en “Aha”, die verrassende, avontuurlijke tot soms explosieve wendingen kregen. Het enige nieuw nummer “Bohemian” klonk groovy en dansbaar door elektronica en zwierige, opzwepende drums.
De groep werd in de goed gevulde zaal sterk onthaald en in de bis kregen we een intieme “Smash ‘em all” te horen, waarbij de stemkwaliteiten van de vrolijke Olivia nogmaals onderstreept werden; en tot slot een Mary Poppings getint “Stay just a little bit more”, alsof Olivia op balletschoentjes over het podium bewoog. Ze slaagden er opnieuw in het publiek te betrekken, want iedereen mocht het refrein acapella meezingen.

We zagen in het KC alvast een trio die goed op elkaar is afgestemd en het publiek trakteerde op een totaalspektakel van muziek en show. Kortom, een band met een ijzersterke live reputatie, wat een verdiend vijfsterren optreden opleverde. The Do deed het alweer!

Support was het Brusselse duo Yoko Sound. Yoko had iets mee van een jongere Jane Birkin. Ze werd bijgestaan door haar producer Arker op elektronica. Zij kwamen hun debuut ‘Not my enemy’ voorstellen. We zagen hen al eens toen Tricky optrad in Hof Ter Lo. Een bevreemdende mix van elektronica, wave en trippop, ergens tussen het oude Hooverphonic en Portishead zou qua intimiteit beter tot zijn recht zijn gekomen in een kleiner zaaltje, en ging dus ietwat verloren in de KC.

Organisatie: Botanique, Brussel

 

Friendly Fires

De Danskotheek van Friendly Fires

Geschreven door

Het Britse kwartet Friendly Fires plaatste zich vorig jaar in de schijnwerpers met hun titelloos debuut en wist toen al aangenaam te verrassen op Les Nuits Bota en op Festival Les Inrocks. De groep brengt aanstekelijke popdance, werkt in op de dansspieren en put rijkelijk uit de eighties. Inderdaad, het kwartet grijpt gretig uit de freakende pool van Talking Heads, ABC, Gang Of Four, A Certain Ratio, Cabaret Voltaire en New Order alsook de ‘90’s Madchester scène van Happy Mondays.

Friendy Fires’ hotte popdance voor de toekomst heet new rave … Met gemak stonden ze naast andere opwindende bands als !!!, The Klaxons, Hot Chip en The Rapture. De sfeervolle songs “Skeleton boy” en “Paris” kregen een krachtiger beat en groove en werden lekker uitgesponnen door dubbele percussie. “White diamond”, “In the hospital” en “On board” ondergingen verrassende wendingen door meer funk en groove. Ze rockten er vrolijk op los met de openingssong “Jump in the pool” en “Strobe”. Op “Photobook” en het pompende “Ex lover” (in de bis!) werden de pedaaleffects stevig ingedrukt en werden we overweldigd door gierende gitaren. Maar net de vonk van een feestelijke danskotheek moest af en toe aangewakkerd worden in de pittoreske Rotonde, ondanks het enthousiasme en de sfeerrijke belichting. De zweverige zang van Ed MacFarlane waaide over de songs en qua présence op het podium leek hij onze Stijn wel met die sensuele danspassen en fraaie kontbewegingen.

We genoten van een heerlijk setje van een frisse band die definitief kan doorbreken en terecht een breder publiek mag bereiken.

Neem gerust een kijkje naar de pics onder live foto’s.

Organisatie: Botanique, Brussel

Frank Vander Linden

Frank Vander Linden solo

Geschreven door

“Nachtwaker” ging in de Soetezaal “In de walszaal” vooraf en als vervolgens “Achtergrondgeluid” weerklonk, wist de goede verstaander dat Frank Vander Linden met terechte trots een ruime greep uit zijn recente solo-album kwam brengen.
Uiteraard hoopten velen ook dat de man een beetje De Mens wilde zijn, zij hoefden zich geen zorgen te maken want in Leuven kreeg men met “En in Gent” al vroeg één van de vele klassiekers van die immer succesvolle groep te horen.

De volledig akoestische set bevestigde dat de songs en ’s mans gitaarwerk geen bas- of drumlijn behoeven om te kunnen bekoren. Tijdens het onvolprezen “Tango zonder woorden” en “Overdag” werd even de mondharmonica beroerd maar voor het overige blonk het instrumentarium uit in gepaste soberheid.
Gespreid over dik anderhalf uur kon men genieten van maar liefst 10 nummers uit zijn laatste plaat, alsook 2 nummers (“Patti Blues” en “Dirk doet raar”) uit de solo-ep die hij in 1995 op de mensheid losliet en een 15-tal hits uit het ondertussen erg ruime oeuvre van De Mens. Het is duidelijk dat deze artiest erkentelijk is voor de groten der aarde die hem door de jaren heen beïnvloed hebben en hij was dan ook niet te beroerd om enkele covers ten berde te brengen. De vlotte overgang van Presleys “Always on my mind” naar het eigen “Lukt het met hem?” toonde aan dat hij het warm water niet wil heruitvinden en zich tevreden stelt met het bescheiden doch vakkundig imiteren van wat gewoonweg goed is. Ook zijn 2 andere coverkeuzes (Brels “Een vriend zien huilen” plus “Rolstoel” van de bezadigde Jan De Wilde) en de manier waarop hij dit alles bracht, getuigden van een diep respect voor het betere lied.
Geen hokjesdenken dus voor Frank Vander Linden, en zo zien en horen we het graag. Ook de uitverkochte Soetezaal stak zijn tevredenheid niet onder stoelen of banken want op het einde werd de zanger beloond met een staande ovatie. Alsof hij het enthousiaste publiek een wederdienst wilde bewijzen, trakteerde hij het - staande op een stoel in het midden van het publiek - op een fel gewaardeerd “Irene” dat de geslaagde avond besloot.

Blij getuige geweest te zijn van dit sterke solo-moment, kreeg deze mens goesting om binnenkort nog eens uit de bol te gaan tijdens een stevige set van De Mens. Het besef dat de kans reëel is dat dit rocktrio binnen enkele maanden de Vlaamse podia zal bevolken, maakt het lange wachten op de zomer de moeite waard.

Organisatie: STUK, Leuven

Omar Rodriguez-Lopez

Omar Rodriguez-Lopez geeft sterk improfeest onder de halfgoden

Geschreven door

Het Amerikaanse Zechs Marquise legde in de Botanique met hun progressieve jazz/rock improvisatie van de meet af aan de lat zeer hoog. De band uit El Paso/Texas speelde instrumentaal uitgesponnen songs, met de bijhorende tempowissels, gefundeerd op een stevige rockbasis en rijkelijk doorbloed met technische jazzinvloeden. Niet toevallig verzorgde ZM deze avond het voorprogramma. De band heeft zeer nauwe banden met The Mars Volta groep, met een drummer die Marcel Rodriguez-Lopez noemt, jongere broer is van Omar Rodriguez, en eveneens meespeelt als percussionist bij de The Mars Volta. ZM was dan ook overduidelijk doorspekt van de TMV invloeden, en zette hun 'Our Delicate Stranded Nightmare' uit 2008 op een overtuigende manier neer tijdens hun allereerste en korte tour in ons Europees continent. Een klasseband die de dynamiek in hun livetrip even hard deed knallen als de Vesuvius indertijd.

Omar Rodriguez-Lopez heeft weinig introductie nodig voor degenen die een beetje naamkennis hebben van de hedendaagse gitaarvirtuozen. Deze halfgod op gitaar, die dikke maatjes is met muzikaal zielsverwante John Fruciante (RHCP), bracht met zijn Quintet niemand minder dan de recentste The Mars Volta drummer Thomas Pridget, een knoert van een drumtalent uit de Amerikaanse gospel scene. Het kwintet werd voornamelijk door het basistrio gedragen - de twee toetsenisten, waaronder Marcel Rodriguez, bleven vrijwel constant op de achtergrond - en klonk als een improvisatiefeest van een buitenaards hoog niveau.
Het ontspannen gemak, het spelplezier en onverslapte focus waarmee het ORQ speelde was er om de lippen van af te likken. Complexe structuren waren naaldfijn uitgesponnen en werden nooit overstemd door onnodige moeilijkdoenerij. Geen enkele virtuoos, ook Omar Rodriguez niet, wierp zijn ego naar voor om in de spotlights te treden. De improvisatie primeerde.
Omar liet werk uit zijn zowel oud als nieuw oeuvre (maar liefst 11 soloplaten) op de talrijke TMV-fans los, en bracht als jonge kers op de taart een sympathiek tienermeisje uit Mexico City mee, die een 5-tal songs meezong, moeiteloos kon inpikken op de complexe structuren maar eerder schuchter en niet overtuigend presteerde.

Het scherp aandachtige publiek kreeg na een kleine twee uur meer dan waar voor hun geld, en als ZM de Vesuvius deed ontstomen, zorgde Omar Rodriguez voor de uitroeiing van de dinosaurussen tijdens het perm. Van mij mag Omar gerust deze zomer nog eens komen soleren op het Gentse Jazz festival!

Organisatie: Botanique, Brussel

John Legend

John Legend: Pure Passie

Geschreven door

De Ancienne Belgique kleurde zwart (van het volk en dat was letterlijk zo) en rood (van de passie en de hartjes) voor de doorgang van John Legend en zijn elfkoppige band. Een uitverkochte doorgang die twee dagen uitgesteld was, maar die de aanwezigen nog lang zal heugen. Het werd een romantisch-sensueel samenspel van een sexy meesterartiest met een nog meer opgezweept publiek.
Het zal wel aan zijn naam liggen, maar het lijkt al een eeuwigheid dat hij meedraait in het wereldje. En toch bracht John Legend amper vijf jaar geleden zijn eerste echte album ‘Get Lifted’ uit. Dat Kayne West hem toen daarvoor bij zijn handje pakte, zegt veel over de kwaliteiten van John Stephens.

En die kwaliteiten bundelde hij in de AB met een mooie rode liefdesstrik, het thema van het overgrote deel van zijn songs die floreren tussen R&B, soul, reggae, hiphop en hoe langer hoe meer funk. Muzikaal was het af en de show zelf – met videoprojecties en sterke belichting - was zo mogelijk nog rijker.
Cool was hij – zwarte jekker en dito zonnebril – toen hij opkwam en zei dat hij John Legend was. Warm werd hij na de opener “Used to love u” en “Satisfaction”. Vurig werd hij in “Alright”, “Let’s get lifted”, de funky remix van “Number one” en “Save room”. Daartussen trok hij – zoals gewoonlijk - een blikje romantiek open met een pak love songs, waarbij hij er zelfs eentje bij de Beatles ging lenen (“Here comes the sun”).
Het publiek liet zich graag verleiden tot alles wat Mister Legend uit zijn sexy body liet vloeien: opzwepende tracks, sterke intieme pianomomenten, reggaeklanken, zelfs wat politieke (Obama) boodschappen en vooral veel liefde die naar passie neigde, zeker toen hij een dame uit de zaal het podium op lonkte om met hem een “Slow dance” ten beste te geven. En toen had de loverboy al bril, jacket en hemd uitgespeeld.

Legendarisch is misschien een te groot en te vroeg woord, maar het vuur in de man is nog maar smeulend en nu al verteert het zoveel oren, voeten en harten. En het zal blijven razen, want zoals hij zelf zei: “The future started yesterday and we’re already late”.

Neem gerust een kijkje naar de pics onder live foto’s

Organisatie: Live Nation

Pagina 351 van 386