logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Kreator - 25/03...
Stereolab

Blast From The Past 2019 - Nostalgietrip met voldoende sausjes boordevol jeugdige spontaniteit

Geschreven door

Blast From The Past 2019 - Nostalgietrip met voldoende sausjes boordevol jeugdige spontaniteit

Blast From The Past is een festival waarbij metal en hard rock liefhebbers een nostalgietrip wordt aangeboden naar lang vervlogen tijden. Dit festival gaat door sinds 2013, toen in Harelbeke. Naast het eigenlijke festival zijn er doorheen het jaar ook club shows gepland rond het thema 'Old School Rock en Metal'. Sinds 2017 gaat Blast From the Past festival door in Kubox in Kuurne. Vooral wordt hierbij dus gelonkt naar de jaren '80 en de NWOBHM scene. Dat zie je ook aan de opkomst van een toch iets ouder publiek. Echter stopt het daar niet bij. Wij kregen op deze zaterdag vooral een nostalgietrip voorgeschoteld, boordevol voldoende sausjes jeugdige spontaniteit om ons bij de les te houden.

Eternal Breath (****) - Meer dan ooit een goed geoliede machine, die spelplezier uitstraalt
Hoewel Eternal Breath, die eigenlijk een beetje mede in de organisatie van dit evenement zit, een thuismatch speelt, dient zo een wedstrijd altijd eerst te worden gespeeld. Het publiek was langzaam aan het binnen sijpelen, maar de zaal stond eigenlijk al zeer goed gevuld. Aanvankelijk had de band het een beetje moeilijk om de handen op elkaar te krijgen, maar gelukkig beschikt Eternal Breath over een imposante frontman met niet alleen een stem als een klok maar vooral een charismatische uitstraling. De man vuurt zijn publiek aan alsof hij staat te spelen voor 10 000 wilde fans, en daarvoor krijgt hij toch een sterretje extra op zijn plantsoen. Eternal Breath bestaat eveneens uit top muzikanten, ware tovenaars met riffs en een drummer van dienst die zijn drumvellen met zoveel enthousiasme bedient, dat de adrenaline al vroeg op de dag door onze aders stroomt. Eternal Breath heeft sinds 2017 een nieuwe adem gevonden, merkten we in het verleden op. Op hun laatste EP bewezen ze eveneens dat iedereen binnen de band, meer dan ooit tevoren,  dezelfde richting uit kijkt. Ook live zie je een goed geoliede machine op dat podium staan waarbinnen iedereen inderdaad diezelfde kant uitkijkt. Daardoor zien we anno 2019 dan ook een band die enorm zeer zelfverzekerd op het podium staat en bovendien tonnen spelplezier uitstraalt en daardoor met het grootste gemak iedere aanwezige, waaronder wij zelf, over de streep trekt.

Troyen (***1/2) - Technisch hoogstaande riffs, die door je ribben snijden
De NWOBHM band Troyen zag het levenslicht in 1981 maar hield er in 1982 vroegtijdig mee op na het uitbrengen van twee demo's. Pas in 2014 herrees de band uit zijn as. Onder impuls van twee originele leden Steve McGuire (gitaar) en Jeff Badley (vocalist) werd daar nieuw bloed aan toegevoegd. Sinds 2018 is de band versterkt met gitarist Steve Haslam en recent bassist Mark Notley. Samen vormen ze een motor die niet alleen op volle toeren draait, maar ook toveren de heren enorm hoogstaande manier riffs uit hun instrumenten die door je ribben snijden als een bot mes. Meermaals stonden bij menig solo's de haren op onze armen recht, van innerlijk genot. Ook al ging dat allemaal wat diezelfde strakke lijn uit, het stoort net door het brengen van een set boordevol voornoemde technisch vernuft totaal niet. De lat wordt dan ook zeer hoog gelegd, en er valt nergens een speld tussen te krijgen. Iets meer spontaniteit had wellicht gemogen, maar riff liefhebbers die houden van een potje snedige gitaar partijen die hen koude rillingen bezorgen, kwamen bij deze band zeker aan hun trekken.

Asomvel (****) - In het voetspoor van Lemmy
De Engelse heavy metal formatie  Asomvel doet al sinds 1993 de grond onder onze voeten daveren. In 2010 kwam de voormalige zanger en bassist om in een auto ongeluk. De band rekruteerde daarop Ralph Robinson, wiens vader gitaar speelt in de band. De band bracht dit jaar zelfs een nieuwe schijf op de markt. 'World Shaker'. Waarmee ze bewijzen niet te teren op oude successen alleen, maar ook vooruit te kijken. Een toverwoord dat voor Asomvel wordt gebruikt is 'Motörhead", schreven we in onze preview over deze band.  De zeer beweeglijke frontman/zanger stormt tijdens de set van de ene naar de andere kant van het podium. Niet alleen is hij zeer beweeglijk, wat uitstraling betreft doet de man aan een jonge versie van Lemmy denken. In het voetspoor van Motörhead haalt Asomvel even verschroeiend en snel uit als hun voorbeelden. De geluidsmeter staat te trillen, dankzij het oorverdovend klankenbord dat de band uitspreidt in de zaal. Zonder opkijken gaat Asomvel van begin tot einde op dat verschroeiend snel tempo door, tot geen geluidsmuur meer recht staat. Een mokerslag in je gezicht, waardoor je compleet murw wordt geslagen , dat schotelt de band ons voor. Motörhead 2.0 gaan we dit niet direct noemen, maar in de Geest van hun grote helden slaat Asomvel wel degelijk even grote gensters in ons rock hart.

Dark Sky Choir (*****) - De absolute ontdekking van Blast From the Past 2019
Dark Sky Choir, die op de valreep FIST kwam vervangen op Blast from the past, ontpoppen zich tot een van de absolute hoogtepunten van Blast From the past 2019. Deze vrij jonge band, pas ontstaan in 2016, legt de lat vanaf de eerste noot enorm hoog. Niet alleen hun laatste plaat 'End of Days' is een mijlpaal, ook live blijkt deze band meesters te zijn in het doen opborrelen van adrenalinestoten, die zorgen voor menig kippenvelmomenten. Elk van de bandleden heeft echter het nodige metal water doorzwommen. Zo is vocalist Brian Allen een vroeger lid van Vicious Rumours en heeft ook gitarist Ira Black zijn sporen verdiend bij voornoemde, maar ook heeft ie in enkele andere prestigieuze projecten zijn kunnen getoond. Die tonnen ervaring in het vak, zorgt gelukkig niet voor het brengen van een routineklus. Integendeel zelfs. Dat de heren een potje gitaar en drum kunnen spelen, bewezen ze trouwens uitvoerig door menig solo op de planken te brengen, waar grenzen werden verlegd.
Drummer Jordan Cannate jutte het publiek op, en bespeelde zijn drums niet alleen met handen maar ook met de voeten. We hebben nog maar zelden een publiek zo wild zien worden van een drum solo, bij deze solo ging het dak er zelfs prompt af.
Ook gitarist Ira Black mocht door een meesterlijke solo tonen wat hij in zijn mars heeft, en ontpopt zich tot een tovenaar met riffs. De al even verschroeiende baslijnen, en bijzonder hoge stem van Brian Allen zorgen voor een kers op de taart, die ons met verstomming achterlaat. Wat ons echter nog het meest over de streep trekt, ook al ligt het technisch vernuft zeer hoog, het wordt met zoveel spelplezier gebracht dat de band er moeiteloos in slaagt iedereen uit hun hand te doen eten.
Meer nog , de heren voelen aan dat ze hun publiek gemakkelijk kunnen inpakken, en doen er prompt een paar schepjes bovenop. Daardoor ontpopt Dark Sky Choir  zich zowaar tot DE ontdekking van Blast From the Past 2019 door een verschroeiend hete mokerslag uit te delen, die ons compleet van de kaart doet achterblijven naderhand.

Cage (***1/2) - Strak in het pak heavy/power metal dat aan de ribben kleeft
Heavy/Power metal band Cage is al sinds 1992 actief. De band heeft ondertussen talloze platen uitgebracht, en menig podia onveilig gemaakt. In 2015 bracht de band, in een heel andere line-up maar met nog steeds twee originele leden in hun midden, een nieuwe mijlpaal van een plaat uit 'Ancient Evil'. Het heeft hen geen windeieren gelegd, want de band werd daardoor eigenlijk prompt nieuw leven ingeblazen. De heren brengen een potje strakke power overgoten met de nodige heavy metal riffs. Zonder daar eigenlijk meer of minder aan toe te voegen.
Sean Peck beschikt bovendien over een bijzonder uiteenlopende stembereik, dat sterk aanleunt bij die typische heavy/power metal stijl. Die typische Amerikaanse heavy/power metal zorgt dus wel degelijk voor menig adrenalinestoten, maar door daar niet echt iets nieuws aan toe te voegen, blijven we lichtjes op onze honger zitten.  Het zal het publiek echter worst wezen, want die stonden lekker te headbangen op de strakke en energieke set die Cage hen voorschotelde. Over het technisch hoogstaand vernuft, en dat zanger Sean een ware klasse entertainer is die zijn publiek voortdurend aanport, bestaat namelijk het minste twijfel.
Besluit: Een gewoon fijn concert van een band die strak in het pak heavy/power metal brengt dat daardoor zeker aan je ribben kleeft. Dat is wat Cage ons voorschotelt op Blast From the Past.

Trance (*****) - De Hemelse kruisbestuiving tussen jonge wolven in het vak, en top muzikanten met levenservaring werkt!
Hoogtepunt nummer twee kwam van de hand van de epische band Trance. Deze Duitse band timmert eigenlijk al sinds 1978 noest aan de heavy metal weg. In 1989 was dat onder de naam Trancemission. Het jaar daarna terug onder Trance. De band hield er in 1998 mee op. Terwijl oorspronkelijke leden Antoni en Meyer Trancemission hervormden in 2000, was het eigenlijk een nieuwe band en geen naam verandering. Markus Berger en Thomas Klein vormden Trance in eveneens een nieuwe line up en brachten onder die naam in 2017 een plaat op de markt 'The Loser Strikes back'. Het meest opvallende bij Trance is die meesterlijke kruisbestuiving tussen de inbreng van oude rotten in het vak met oprichters Berger en Klein op het voorplan, en jonge wolven die het tempo zelfs nog naar omhoog duwen. In grote mate is dit de verdienste van frontman Nick Holleman, die van veel markten thuis is. Niet alleen beschikt Nick over een hoog stembereik, hij straalt eveneens tonnen charisma uit. Hij spreekt het publiek voortdurend aan, beweegt als een wervelwind over het podium, en ontpopt zich tot een klasse entertainer. Dankzij die samensmelting tussen jonge virtuozen, met muzikanten die zoveel ervaring tentoon spreiden, ontstaat een indrukwekkende magie, die dan weer zorgt voor een wervelend heavy metal feest van vooraan tot ver achteraan de zaal. Trance laat daardoor een onuitwisbare indruk achter, die we niet gauw zullen vergeten.

Praying Mantis (***1/2) - Een verdiend herkenningsapplaus tot op de hoogste tribunes
De legendarische band Praying Mantis viert zijn veertigste verjaardag, met een knaller van formaat. De band brengt het soort heavy metal dat zeer goed in het gehoor ligt, je brult de songs dan ook prompt uit volle borst mee. Elk van de bandleden doen er op hun eigen wijze alles aan om het publiek warm te houden. Niet alleen toveren de muzikanten meesterlijke riffs uit hun instrumenten, de bijzonder goed bij stem zijnde frontman doet menig hart sneller slaan door zich te ontpoppen tot een klasse entertainer. Die jarenlange ervaring heeft ook nu weer niet gezorgd voor het afleveren van een routineklus. Het zou naderhand zelfs een rode draad blijken op elk van de concerten, want spontaniteit kwam overal om de hoek kijken. Het meest memorabele moment was toen de band een prachtige versie bracht van “Simple Man”, een song van Lynyrd Skynyrd . Een song die door de hele zaal werd meegebruld. Wat dan weer zorgde voor een ware golf aan kippenvelmomenten. Praying Mantis breit daar een mooi vervolg aan met songs als “Children of Earth”, die werden gevolgd door een daverend herkenningsapplaus en de old school heavy metal fan in ons, weer een oorgasme van jewelste bezorgde.

Exiter (****1/2) - Snel, sneller, snelst
Plots werden alle registers compleet open gegooid, met dank aan de Canadese speed metal pioniers Exiter. Deze legendarische band, gevormd in 1978, heeft een grote invloed gehad op thrash metal gebeuren. En dat zetten ze door middel van een verschroeiende harde, snelle en oorverdovende set dan ook meermaals in de verf. 'Of het dak er gaat afgaan? Daar bestaat het minste twijfel over' , schreven we in onze preview. Nu Exiter legt de speed metal lat inderdaad enorm hoog en laat er geen twijfel over bestaan dat ze ook anno 2019, ondanks vele personeelswissels, nog steeds stevig in hun schoenen staan. Exiter is zo een band die je letterlijk bij de strot grijpt, en niet meer loslaat tot niemand meer stil staat. Ook nu weer verdrijft spontaniteit elke vorm van het afleveren van routine klussen, en daar zijn we zeker niet rauwig om. Mokerslag na uppercut deelt Exiter uit, van begin tot einde gaat de band als een alles vernietigende pletwals tekeer. Het publiek wordt volledig wild, en Exiter voelt prompt aan dat ze het publiek gemakkelijk mee krijgen en blijft dus gewoon doorgaan tot inderdaad niemand meer stil staat. Het zorgt zelfs voor enkele stevige moshpits. Er vliegen wat bekertjes in de lucht, samen met de meerdere daken.
Kortom: Zoals was te verwachten, doet dit aantreden van Exiter de zaal op zijn grondvesten daveren. Waardoor je naderhand totaal verweest achterblijft.

Grave Digger (***1/2) - Herkenbare songs met een hoog meebrul gehalte, zorgen voor een nostalgische kers op de taart
De Duitse band Grave Digger zijn door de jaren heen uitgegroeid tot pioniers wat betreft power/speed metal en het maken van mythologische en historische teksten en onderwerpen binnen hun muziek. Het zorgt voor knappe platen als 'Heavy Metal Breakdown' (1984), 'Witch Hunter' (1985), 'War Games' (1986), 'The Reaper' (1993). Eén voor één schijven die zijn uitgegroeid tot ware klassiekers binnen hun genre. 
Grave Digger verstopt veel sage en ridderverhalen in hun muziek, dat zie je niet alleen aan de teksten. Ook de manier waarop de songs worden gebracht, doen je terugkeren naar de Middeleeuwen.
Naar goede gewoonte was de podium aankleding vrij sober. Enkel de opkomst van de gemaskerde 'reaper' in monnik pij zorgde voor een beetje visueel effect. Grave Digger heeft echter nooit die  visuele effecten nodig gehad om je met hun toch herkenbare songs compleet murw te slaan. Dat laatste is ook nu weer het geval. De band rond een nog steeds vrij goed bij stem zijnde Chris Bolthendahl, die zijn publiek voortdurend aanport, doet dan ook een wervelend power/speed metal feest ontstaan waarbij de haren op onze armen nog een laatste keer omhoog kwamen te staan.
Ook al zitten er veel clichés in zowel de songs, als de bindteksten van Chris. Het zorgt ervoor dat je die songs als “The Dark of the sun”, “Exhalibur” en ander moois van begin tot einde staat mee te brullen. Ook al was dat publiek naar het einde toe, het was toch al rond middernacht, sterk uitgedund.
Grave Digger zorgde uiteindelijk met het overbekende “Heavy Metal Breakdown' voor een nostalgische kers op de taart, om deze zeer geslaagde editie van Blast from the Past met een knaller van formaat af te sluiten.

Organisatie: Blast From the Past + Loud & Proud VZW

Mark Lanegan

Mark Lanegan Band - Mark Lanegan krijgt De Spil helemaal stil

Geschreven door

Le nouveau Mark Lanegan est arrivé. Hij heeft een (vaste) vriendin, doet geen drugs meer, en stelt zijn nieuwe plaat ‘Somebody’s Knocking’ voor in kleine, gezellige zalen. Zo ook op een druilerige zaterdagavond in het landelijke Roeselare. Het komt wat vreemd en zelfs bizar over om een rauwe rock ’n roller als Mark zittend te aanschouwen, enkele minuten voor de start is er dan ook weinig ambiance in de zaal.
De show opent met “Knuckles”, en na het ook al recente “Disbelief Suspension” volgt het legendarische “Hit the City”. Toch komt het energieke van deze song niet echt naar voor, er zit duidelijk meer in, maar het komt er voorlopig niet uit. Bij “Stitch it Up”, de single van zijn nieuwe worp, krijgen we dat gevoel voor het eerst wel. Met de hilarische clip in gedachten , genieten we van dit blues-nummer. Ook “Burning Jacob’s Ladder” vanop ‘Blues Funeral’ is heerlijk meeslepend, en de akoestische sfeerimpressies daartussen zijn zeker en vast te pruimen, net als het nieuwe album in zijn totaliteit, trouwens.
Tijdens de melancholische synths op “Beehive” menen we een beetje Ian McCulloch van newwave-grootheid Echo & The Bunnymen te herkennen, maar wat Mark van Ian onderscheidt, is toch wel die extreem schorre stem. Op “Bleeding Muddy Water” trakteert Zijne Heesheid ons op geschreeuw van de bovenste plank, zijn grafstem (en dit is niet negatief bedoeld) gaat door merg en been. De voornamelijk Belgische begeleidingsband verdient ook een noemenswaardige vermelding. Uit Seattle, Gent, Antwerpen en Brussel, allen steengoed, allen tillen ze dit optreden naar een hoger niveau.  
Deepest Shade”, een cover van The Twilight Singers, “Dark Disco Jag” en “Death Trip to Tusla” doen ons verlangen naar meer, en tijdens de bonustracks krijgen we met “Hangin’ Tree” een ware Queens of the Stone Age-klassieker voorgeschoteld. Het blijft jammer dat we ondertussen moeten blijven zitten, net zoals het spijtig is dat Mark niet graag in de spotlights staat, en de belichting eerder aan de duistere kant is. Dit helpt natuurlijk om de muziek sterker naar voor te laten komen, zo kan het bloedmooie “The Killing Season” als afsluiter wel tellen!

Hij mag dan wel gesetteld en clean zijn, die doorleefde rokerszang vanuit zijn stoflongen blijft onweerstaanbaar. Waar er gedurende het concert slechts af en toe een rauwe ‘thank you very much’ vanaf kan, laat Mark daarna wel de vrolijke speelvogel in zichzelf los. De verjaardag van de gitarist wordt gevierd met een groot stuk taart, ongetwijfeld zal ook de drank rijkelijk gevloeid hebben tijdens het feestje backstage. Santé, Mark!

Organisatie: De Spil, Roeselare

SONS

SONS - Een betere muzikale Sint was er niet

Geschreven door

StuBru gaat sinds 2013 op zoek naar nieuw muzikaal talent via ‘De Nieuwe Lichting’. Eén van de drie winnaars van 2018, SONS, stond in de Vooruit te Gent nu , om hun debuutalbum ‘Family Dinner’ te ondersteunen . Wij zagen hen vorig jaar al bij hun vijftigste concert op de Lokerse Feesten. Toen waren ze een voorbeeld van hoe garagerock, pop en punk aan de man moet gebracht worden, met name rétestrak, luid en met volle overgave! Benieuwd wat het nu zou worden …

De vier vrienden uit Melsele stonden pas om 22u30 geprogrammeerd. Als support kwam het uit Antwerpen  afkomstig kwartet, Those Who Didn’t. Dit viertal begon eraan om tien uur en bracht zware, luide, soms deprimerende instrumentale doommusic die af en toe neigde naar Korn maar dan zonder zang. Tussen de nummers door, terwijl de gitaristen hun instrumenten op punt stedlen en de razende drummer op adem kwam, hoorden we Franse, Engelse en Duitse weergalmende teksten. Origineel. Het was een half uurtje dat deze mannen onze trommelvliezen geselden , maar het sloeg aan en ze kregen terecht héél wat respons bij het publiek.

Een klein kwartier later verschenen de vier van SONS op het podium. Ze grepen ons meteen bij de keel met het strakke “Family Dinner”. En het zou niet meer stoppen.  Met hun energieke, opzwepende  speelstijl kregen ze iedereen zonder problemen volop mee.
De nummers volgden mekaar in hoog tempo op. Er werd volop gesprongen en geschreeuwd  Af en toe lieten de bassist en de zanger hun dank blijken door een korte ‘merci’ of ‘dank u Gent’. Ze waren letterlijk van plan om er niet te veel woorden aan vuil te maken en zoveel mogelijk te spelen. En zo hoort het !
De powergitaarrock dweepte het publiek op; een eerste moshpit werd gevormd tijdens “Naughty”. Er werd naar een climax gespeeld en die kwam er. Het dak , toch wel vrij hoog in de Vooruit, moest er bijna af bij hun doorbraak-nummer “Ricochet”. Zowat de hele zaal deed mee aan het moshen. Wat is dit toch een oersterk nummer!!!
Gelukkig was er toen een korte pauze om zowel de groep als het publiek op adem te laten komen. Maar de zweetdruppels waren nog niet opgedroogd toen het viertal alweer op het podium verscheen en “I wanna be your dog” van The Stooges inzette. Met nog twee hitsende powernummers erna bleek hoe goed deze groep is, wat een energiebom ze zijn en hoe makkelijk ze dit kunnen brengen naar hun publiek.

Dit debuut is zondermeer uitstekend en hopelijk mag dit voortduren. We konden echt geen beter Sinterklaasgeschenk krijgen.

Setlist: Family Dinner - Wanted Dead - Altruist - Concrete Waves - I need a gun - Sunday - Naughty - White city - Skin - Tube Spit -  Keep on going - Wiating on my own - Ricochet - I wanna be your Dog - Sneaky snake - Do they see me

Organisatie: Democrazy, Gent

Dead Man Ray

Dead Man Ray - Middelbare leeftijd overstijgt ruimschoots de middelmaat

Geschreven door

Muziekhistorici en popquizzers die zich maar wat graag verdiepen in het fenomeen ‘supergroepen’ hebben aan de Belgische scene doorgaans maar een magere kluif. De reïncarnatie van ’s lands belangrijkste indie superband van de afgelopen drie decennia, Dead Man Ray, is dus niet enkel goed nieuws voor bovengenoemde factcheckers, maar tevens een signaal dat de middelbare leeftijd zijn mannetje kan staan tussen de Balthazars, SX’en en (Whispering) Sons van tegenwoordig. Komt daar bovenop dat het comeback album ‘Over’, alhoewel een typisch geval van een lastig te doorgronden groeiplaat, met sprekend gemak de vaderlandse top van de eindejaarslijstjes haalt.

In een matig gevulde Handelsbeurs troffen we afgelopen vrijdag hetzelfde gezelschap aan dat deze aardkloot 17 jaar geleden verblijdde met ‘Cago’, het laatste deel van hun indrukwekkende trilogie die tussen ’98 en ’02 werd ingeblikt. Voor de nieuwkomers: Dead Man Ray laat zich niet simpelweg catalogeren als ‘Daan en de rest’. De anders zo flamboyante frontman deelde in Gent gewillig de aandacht met partner-in-crime Rudy Trouvé, die vastgekluisterd aan zijn eeuwige stoel vanaf de zijlijn allerhande zelfrelativerende nonsens richting publiek brabbelde. Zijn aritmische gitaaruithalen waren en zijn nog steeds onmisbaar voor het groepsgeluid en vormen een prettig gestoord tegengewicht voor de ongenaakbare techniciteit van stringmaster Elko Blijweert. Voeg daarbij de trefzekere elegantie van drummer Karel De Backer en de elektronische soundscapes en beats van sterproducer Wouter Van Belle (aangevuld met een extra kracht op toetsen) en je krijgt een super(groep) ‘gerechtje’ voor fijnproevers.
Wie al even kon spieken richting setlist kwam al snel tot de vaststelling dat Dead Man Ray v2.0 niet teert op oude glorie. De groep maakte daar zelfs een officiële statement van: nog vooraleer er een noot was gespeeld merkte Trouvé droogjes op dat de set op een handvol oude nummers na uitsluitend zou bestaan uit ‘nief materioal’. Eén van die zeldzame oude bekenden, “Landslide”, trok de avond rustig op gang, maar vanaf het dreigende “Monochrome” trok de groep het laken resoluut naar zich toe. Dit was een vintage Dead Man Ray nummer zoals er nog vele zouden volgen: eigenzinnige indiepop die laagje na laagje wordt opgebouwd tot het geheel van tegendraadse ritmes en welgemikte soundinjecties mooi op zijn plaats valt. Veel bands zouden maar wat graag hun cultuursubsidies laten schieten in ruil voor zoveel creativiteit in één en dezelfde repetitiehok, en dat is dan nog zonder de veelzijdigheid van Daan gerekend. Van falsetto (“The Flock”) naar David Sylvian (“Sunny Side Down”) en terug, het lukt hem allemaal. Rust en levenswijsheid hebben zich klaarblijkelijk meester gemaakt van de man, en even kwam hij zelfs in de buurt van puur sentiment toen de bijna-comback hit “Out” werd opgedragen aan zijn dochtertje Samuelle.
Als Daan de melancholische crooner is van de band, dan loopt Blijweert weg met de titel van beste muzikant. We vermoeden ergens dat de stergitarist thuis redelijk wat progplaten op de plank heeft staan, vooral onder de ‘K’ van King Crimson. Welnu, horen is geloven: de spooky gitaaruithalen in “Half Inch Ice” en in het bijna 10 minuten durende “Blisters” hadden zo maar even uit de koker van grootmeester Robert Fripp kunnen komen. Zonder Blijweert verbleekt “The Ladder” tot een saaie popsong, mét hem zou de song niet misstaan op één van Bowie’s Berlijn trilogie albums. Zijn kompaan Trouvé speelde op zijn beurt geregeld de nar van het gezelschap. Wie anders informeert het publiek dat binnen drie nummers “Chemical” de revue zal passeren? Ook in de licht herwerkte versie bleef die Belpop classic overigens moeiteloos overeind, alleen jammer dat het publiek er zoals de rest van de avond wat apatisch bij stond.
De fans van het eerste uur deden er goed aan om op post te blijven tot aan de bissen, want met het epische  “Brenner” en vooral het aan een disco infuus gekluisterde “Copy of ‘78” werden twee oudjes van formaat opgespaard tot de finale.

Slotconclusie: Dead Man Ray heeft zichzelf opnieuw uitgevonden en had vanavond eigenlijk geen oude nummers nodig om te overtuigen. Inmiddels zijn de rimpels dieper, de geesten rijper en de songs scherper: middelbare leeftijd en middelmaat zijn vooralsnog geen synoniemen.

Neem gerust een kijkje naar de pics van hun set in Kreun, Kortrijk http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-kreun-kortrijk/dead-man-ray-5-12-2019.html

Organisatie: Democrazy, Gent

Le Ravage d'Ali Baba

Le Ravage d'Ali Baba - Als het boek beter is dan de film

Geschreven door

Le Ravage d'Ali Baba is een project van ‘De Koffie Van Morgen’, een creatief platform rond de Brusselse drummer en vormgever Simon Plancke. Hij vormt een kwartet met Hendrik Lasure, Thijs Troch en Elias Devoldere (jonge wolven van bij onder meer SCHNTZL, Nordmann en Hypochristmutreefuzz). Le Ravage d'Ali Baba kaart de wantoestanden in de vluchtelingenkampen van Noord-Frankrijk en Brussel aan, met verhalen van de mensen die er vertoeven. Samples uit veldonderzoek vormen de basis waarrond wordt gemusiceerd, maar de muzikale koers ligt niet vast. Naast foto's die de vluchtelingenkinderen maakten, spelen ook teksten van onder meer Rachida Lamrabet en beeldmateriaal van Lisa Tahon een bepalende rol. (Bron: De Casino)

Het project 'De Koffie van Morgen' is dus ontstaan uit het meesterbrein van drummer en grafisch artiest Simon Plancke. Hij laat zich omringen door top muzikanten binnen jazz middens, waar grenzen worden afgetast en verlegd. Hendrik Lasure, Thijs Troch en Elias Devoldere, bekend van o.m. SCHNTZL, An Pierlé Quartet, Nordmann, Hypochristmutreefuzz zijn inderdaad één voor één muzikanten die binnen het jazz gebeuren hun stempel hebben gedrukt. Net dat samenvloeien van vaak confronterende gesprekken met vluchtelingen op het terrein, met die bijzonder intensieve muzikale omlijsting zorgt ervoor dat het boek/CD een pareltje is om te koesteren. We schreven daarover: 'Le Ravage d'Ali Baba' is een gevarieerde plaat waar spoken word inbreng en muzikale pracht wordt samen gesmolten tot een experimenteel geheel. Dit project brengt dan ook letterlijk mensen samen, zonder angst voor de onbekende, eerder met de bedoeling dat onbekende te ontdekken’ .
Een gevoel dat we ook live hoopten te beleven in een goed gevulde Concertzaal de Casino in Sint-Niklaas. Helaas bleek het boek iets beter te zijn dan de film. Begrijp ons niet verkeerd, over de virtuositeit van de muzikanten op het podium bestaat geen enkel twijfel. Ook de toespraak vooraf klonk veelbelovend. En de best pakkende teksten en enkele foto's op het scherm deden je naar adem happen. Die hemelse kruisbestuiving tussen Elias en Simon met toetsen van Thijs en Hendrik zorgde dus zeker en vast voor het opborrelen van kippenvelmomenten, en ontstaan van menig kroppen in de keel. De heren voelen trouwens elkaar blindelings aan, en gaan een ware strijd aan door een intens klankentapijt uit te spreiden dat ons naar verre oorden zou moeten doen weg drijven. Ook het beeldmateriaal was best indrukwekkend, en sluit daar eveneens mooi op aan. Beter was echter geweest als we daadwerkelijk getuigenissen zouden hebben gehoord of gezien van diezelfde vluchtelingen die hun verhaal komen vertellen op het podium, met die intensieve muziek op de achtergrond. Het ontbreken van die ene schakel, de vluchteling zelf op dat podium, zorgde er dan ook voor dat je een gezapig jazz concert voorgeschoteld kreeg met inderdaad een verwijzing daar naartoe. Maar de gelei op de boterham ontbrak, en dat is bijzonder jammer. Uiteraard lijkt zoiets verwezenlijken gezien het feit dat de band hiermee verschillende podia en clubs aandoet, eigenlijk een moeilijke tot onmogelijke opgave. Een gegeven waarvoor we zeker begrip kunnen opbrengen.
Besluit: Al te vaak kregen we het gevoel dat we eerder naar een veredelde jam sessie van bijzonder hoog niveau aan het kijken en luisteren waren, met visuele effecten als extraatje daarbovenop. Daar is niets mis mee uiteraard, echter ontbrak dus dat extra confronterende gevoel dat je met de neus op de feiten drukt en waardoor je een spiegel wordt voorgehouden dat we wel tegen komen op die pracht van een cd. Waardoor we helaas een beetje op onze honger blijven zitten.

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Dead Man Ray

Dead Man Ray - Superlatief!

Geschreven door

Na een korte pauze van een slordige zeventien jaar staan Daan Stuyven, Rudy Trouvé, Elko Blijweert, Karel De Backer en Wouter Van Belle weer op het podium. En hoe! Daan is intussen uitgegroeid tot een meesterlijk entertainer en performer, en had voor de gelegenheid zijn gigantisch ego thuis gelaten.
Een gezellige pint in de legendarische kroeg Den Bras kon Zijne Eigenzinnige Touretteheid niet weerstaan. Trouvé gaf een heerlijke nonchalante aankondiging en bracht meteen het publiek op de gewenste temperatuur. Een aantal van de veertien pareltjes van hun langverwachte onverwachte comeback ‘Over’ sluipen subtiel in een voor mij perfect uitgebalanceerde set met dito sound en visuals. Het nieuwe werk overtuigt live dus meer dan op de plaat zelf.
Zoals de titel vermeldt, superlatieven schieten te kort. Meesterlijke arrangementen en klanktapijten door vijf toppers waarvan het speelplezier er gewoon van afdruipt. “Monochrome” maakt meteen het opzet duidelijk. Lange nummers, tempoverwisselingen en abrupte eindes met een Daan die zowaar een kruisbestuiving wordt tussen Cash en, ja, Stuart Staples. Karl De Backer mept er niet bepaald naast en de Rudy dirigeert alles met een verbazend gemak.
Dead Man Ray genereert een warm, begeesterd concert van een ongekend niveau. De subtiliteit en tegelijkertijd de grootsheid van “Chemical” verwordt in een heerlijk georkestreerde chaos terwijl het opvolgend instrumentaaltje getooid wordt met visuals waarbij artiesten zoals Pop en Dylan verouderen. Heerlijke electronica intermezzo met de “Waving Song’ .
Daan weet zijn West-Vlaams publiek danig te enthousiasmeren  en mokert datzelfde publiek nog eens met de weergaloze uitsmijter “Copy of 78”. Superlatief!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-kreun-kortrijk/dead-man-ray-5-12-2019.html

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Trixie Whitley

Trixie Whitley - Een makkelijke thuisoverwinning voor Trixie

Geschreven door

Soms hoor je een stem die je onmiddellijk in een houdgreep neemt. Je verweren is zinloos, het enige wat je kan doen, is ademloos luisteren. Zo'n klankbord heeft de Belgisch-Amerikaanse Trixie Whitley, dochter van de veel te jong overleden singer-songwriter Chris Whitley. Haar muzikale genen benutte ze al op jonge leeftijd, zo stond ze als vierjarige kleuter al aan vaders zijde op het podium in de Gentse Vooruit, op haar tiende begon ze te drummen, en enkele jaren later tourde ze de wereld rond als frontvrouw van de superband Black Dub (met andere zwaargewichten als Daniel Lanois, Brian Blade en Daryl Johnson).

Haar solodebuut kon niet uitblijven, en in 2013 verbaasde ze met het indrukwekkende ‘Fourth Corner’. In muzikaal opzicht kiest de in Gent opgegroeide maar tegenwoordig vanuit New York opererende zangeres voor een eigenwijze mix van soul, triphop, en uiterst ingetogen songs. Het donkere blues-randje heeft ze duidelijk van haar vader geërfd. Haar grote zangkwaliteiten staan buiten kijf, en live maakt ze veel indruk. Toch polariseert haar stem: sommigen ergeren zich mateloos aan haar vocale manierismen, waarbij ze tijdens sobere nummers de toonladder op en af klimt om aan de buitenwereld te tonen dat ze weldegelijk een geweldig stembereik heeft.
Zo start het concert ook: de intro voelt aan als een soort stemtraining, maar het daaropvolgende “Heartbeat” zet meteen de toon voor de rest van het concert: Rechttoe rechtaan zingt ze “You ain’t got no thing on me”, een stevige synth-bas en een beest van een drummer staan haar bij. Met “Long Time Coming” en het energieke “May Cannan” volgen de twee singles vanop haar derde worp ‘Lacuna’. De afgelopen jaren was het wat stil rond haar, maar Trixie is ‘back in town’, en we zullen het geweten hebben. Ze neemt wat meer afstand van de rootsmuziek en flirt nog openlijker met zwoele soul,  maar dit vol en opwindend geluid op haar nieuwe plaat slaat echt aan.
Haar beweeglijke lange benen en armen bepalen het strakke ritme, een ook “Touch” palmt het publiek makkelijk in. De gitaren hebben plaats geruimd voor hypnotiserende beats, waarbij de ondertussen 32-jarige Trixie de grenzen van een aantal genres verkent en aftast. De moeder van een vierjarig dochtertje voelt zich op haar gemak in de Vooruit, en bij een thuismatch als deze mogen de schoenen dan ook uit na een aantal liedjes. Op het sobere, ingetogen “Fishing for Stars” raakt ze ons met fraai akoestisch gitaarspel, ze vertelt ook over haar drang om haar creaties te delen sinds het moederschap, en het dubbel gevoel van thuiskomen in Gent en tegelijk haar kind missen in de Verenigde Staten.
De band brengt iets unieks, de duistere sound kruipt onder de huid, bedwelmt je. “Soft Spoken Words” vanop ‘Porta Bohemica’ vormt een eerste hoogtepunt, meteen daarna weet het drietal dit moment zo mogelijk zelfs te overtreffen met een prachtige versie van “Breathe You in My Dreams”. Trixie loopt doorheen het publiek, tot bij de public address. “Are you receiving it?”, gilt ze? Het zal wel zijn! “Merci, gasten! Gent is mijn geboortestad, en ‘k heb d’r een dikke vette “r” aan overgehouden”, grapt ze nog. Daarna verdwijnt ze even in de coulissen, en steekt haar arm uit het gordijn om het publiek te laten beslissen: “Wilde of wilde nie?”.  
Natuurlijk willen we meer. Trixie is duidelijk in haar sas, te midden “Oh, the Joy” krijgt ze de zaal voor een volle minuut muisstil, vol kippenvel snakken we naar het vervolg. Op het laatste bisnummer drumt ze er zelf op los en trakteert ze ons op een uptempo elektronisch einde. Haar stem, haar sound, haar overgave, ik geef me gewonnen. Hupsakee, weer een thuismatch winnend afgesloten, en weer een schare nieuwe fans erbij. Proficiat Trixie!.

Neem gerust een kijkje naar de pics van de set in De Casino, Sint-Niklaas op 3 december 2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-casino/trixie-whitley-03-12-2019.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-casino/juicy-03-12-2019.html

Organisatie: Democrazy, Gent

blackwave.

blackwave. - De droom gaat verder

Geschreven door

Na een grandioze set op het hoofdpodium van Pukkelpop keert het Antwerpse rappersduo blackwave. terug naar de Ancienne Belgique. En ja, ook dit keer is die tot in de nok gevuld. Will & Jay presenteren er hun debuutalbum dat enkele weken geleden uitkwam: ‘ARE WE STILL DREAMING?’.

Wanneer blackwave. een avond in de AB boekt, dompelen ze de muziektempel volledig onder in hun sfeer. Een arcademachine in de hal en een voorprogramma dat in hun stijl past. Cantrell, de rapper uit de Verenigde Staten, heeft geen enkele link met de gelijknamige paddenstoelen - behalve dan dat hij zelf aangeeft klein van gestalte te zijn en een rode muts draagt. De songs die hij en zijn MC brengen zijn loungy, jazzy en hebben een verhaal. ‘We bounce back. To haters we say: fuck off!’ Zijn stem is er een die graag rapt, maar hij kan ook prachtig zingen. Met zijn subtiele beats en energieke podiumpresence pakte hij het blackwave. publiek helemaal in.

Met het grote gordijn begon blackwave. aan hun show. Dat ging langzaam open op een trage intro. Achter het gordijn zat een zeskoppige band verscholen. Zij zetten het eerste lied in en “Arp299” is meteen een knaller van formaat. Jammer genoeg zakt die energie een beetje met het rustige “Realize Now”. Het Antwerps rappersduo wil absoluut laten horen dat ze even sterk zijn in loungy, jazzy vibes als in hiphop. Toch heeft het publiek er niet veel oor naar. Even later is het geroezemoes ook tijdens “In the Middle” een teken aan de wand. blackwave. moet versnellen en dat doen ze met “GoodEnough” en “Listen To The Kids”.
Will en Jay hebben jaren geoefend om op Pukkelpop een perfecte set neer te zetten. Voor hun show in de AB hadden ze die luxe niet. We merken dan ook wat zenuwen op. De twee hebben amper interactie en een klein detail: hun kleren zijn niet langer afgestemd op elkaar. Van nature zijn het ieder op zichzelf wel nog steeds goeie performers, wat de kleine details snel doet vergeten.
blackwave. beloofde ons eerder deze maand dat hun albumvoorstelling meer om de muziek zou draaien en minder om de show. De productie is met een bewegende lampenopstelling dan ook niet meer dan dat. En de band staat inderdaad op een verhoogd podium. Ze krijgen de ruimte om hun individuele skills te laten horen. Naast een gitaar, bas, piano, drummer en blazersduo zijn ook de stemmen van de band een meerwaarde. Will en Jay klinken namelijk niet zo fris als anders wanneer ze samen proberen te zingen. Op “Smoke Out/True Colors” komt Wills stem er wel mooi door dankzij zijn achterban. Het einde van dit lied wordt plots heel persoonlijk, net zoals de rest van het debuutalbum.
blackwave. blijkt na een moeilijke start zijn tweede adem gevonden te hebben. Will kondigt “SWISH” aan als ‘iet anders’. Het duo heeft inderdaad iets anders geprobeerd op deze song: drum ’n’ bass gemixt met jazz en hiphop. Heel de AB bouncet mee. De solo’s van piano en drums geven het geheel een extraatje. “The Antidote” draait dan weer 180 graden richting funk. Met “In the Middle” lukte het Blackwave. niet om de zaal stil te krijgen; herkansing “Lava”, met een in het donker gehuld podium, slaagt er wel in. Na die rustpauze nodigen de rappers Caleborate uit voor “Flow”, een sterkhouder in hun liveshows die ze niet konden missen in de tweede keer AB. Ook “Whasgood” en “BIG Dreams”, die niet op het album staan, worden erbij gesleurd en voor de sfeer is dit een schot in de roos. “Up There” moet voor velen het hoogtepunt zijn, want dan duiken gastrappers K1D, voorprogramma Cantrell en Caleborate samen met Will en Jay het publiek in.

Afsluiten doet blackwave. in een tweede bisronde met “Elusive”, zonder David Ngyah. Waar hij is weten we niet, maar het publiek kan het niet veel deren. Zij zingen even luid als anders mee met het refrein.
Na een uitgebreid dankwoord voelt deze show ietwat vreemd aan. De afwerking ontbrak her en der, waardoor we soms zelfs wilden teruggrijpen naar die vette set van vorig jaar. Of het aan de kleren lag, het mindere showgehalte of de wisselende setlist of een combinatie van dat alles, laten we in het midden. We hadden gewoon iets meer verwacht van de debuutplaatshow van blackwave. Afgezien van die details was het natuurlijk, zoals altijd, een geslaagd feestje.

Setlist: Art299 - Realize Now - GoodEnough - Listen To The Kids - In the Middle - Smoke Out/True Colors – SWISH - The Antidote - Lava - Ay Ay - Flow (Caleborate) - Up There (Cantrell, Caleborate, K1D) - Whasgood - Figure - BIG Dreams - Elusive

Dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics (@Dieter Boone)
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/blackwave-04-12-2019.html

Organisatie: Live Nation + Ancienne Belgique, Brussel

Growing Horns

The Nobility of Pain

Geschreven door

Het is feitelijk wel slim bekeken: eerst enkele jaren de clubs en dergelijke afschuimen om op menig podia je kunnen te tonen aan een ruim publiek. En daardoor een stempel drukken op het doom/sludgemetalgebeuren. Om daarna pas een album op de markt te brengen. Dat is net wat Growing Horns heeft gedaan. De band timmert namelijk al sinds 2015 aan de weg en vond nu dus ook zijn weg naar de studio. Het resulteert in een schijf die perfectie uitstraalt, vooral wat de productie betreft. En dat is de verdienste van de band zelf, maar dus ook van Jonas Nyaar die in zijn GAM studio de sound heeft geperfectioneerd.
“We’re All Made Of Scars” is geen gewoon doommetalsong. Hier worden al grenzen verlegd binnen doom  en sludge waardoor diezelfde grenzen vervagen. Dat is de verdienste van een griezelige en bijzonder koud aanvoelende vocale inbreng. Maar vooral van een gevarieerde instrumentale aankleding. De muzikanten van dienst kleuren namelijk buiten de lijntjes van de doorgaans trage en lome doom metal en durven al eens zorgen voor enige tempowisseling binnen die songs. We waarderen dit enorm want het zorgt ervoor dat Growing Horns toch een vrij unieke parel kan genoemd worden in dat grote bos van doommetalbands. Uiteraard zijn er die typische riffs en traag opborrelende sound, en vocale inbreng die aanvoelt alsof donkere walmen je de adem benemen. Luister maar naar “Mountains Of Pain” of “Butcher ’s Blues”, één voor één unieke pareltjes van pure duisternis.
Het zwarte doomtapijt wordt verder uitgespreid binnen een omkadering die je koude rillingen zal bezorgen en uiteindelijk tot waanzin drijft. Telkens wordt de perfectie niet benaderd, maar overschreden. Ook na meerdere luisterbeurten kun je er gewoon geen speld tussen krijgen. En dat is niet enkel de verdienste van Dafus Demon die met zijn bijzondere stem de haren op je armen doet rechtkomen van pure angst. Meerdere keren waren we onder de indruk van de ritmesectie binnen de band: drummer Simon Vandoom en bassist Wim Vekemans die duidelijk durven buiten de comfortzone van doommetal treden, door zich niet voortdurend vast te pinnen op die typische trage aanpak. Er mag al eens wat meer schwung inzitten en daar zorgen beide met brio voor. Didier Cottenis’ verschroeiende gitaarriffs zijn de extra kers op de donkere taart die je dus uiteindelijk tot voornoemde waanzin drijft. Luister maar naar afsluiter “2084”. Waar al die voornoemde superlatieven nog maar eens uit de doeken worden gedaan, binnen telkens die bijzonder intensieve omkadering die we live ook al merkten bij deze band.
Ik geef toe, toen we Growing Horns live zagen was het die tot de verbeelding sprekende act van Dafus, die door middel van grimassen en demonische bewegingen je achterliet met angstzweet op de lippen, wat het meest in het oog sprong. Op plaat blijkt het echter vooral een samensmelting van muzikanten die elkaar perfect vinden binnen dat donker badje van intensieve doom, waarbij dus ook op avontuur wordt getrokken naar andere donkere muziekstijlen, wat het meest opvalt. Met dank aan de voornoemde ritmesectie van de band. Maar vooral is het de kruisbestuiving tussen elk van hen dat ons over de streep trekt. Elke schakel binnen Growing Horns is namelijk even belangrijk en dat laatste wordt voortdurend in de zwarte verf gezet.
Kortom. Wie houdt van grensverleggende doommetal, waarbij ook buiten de lijntjes daarvan wordt gekleurd, zal in deze 'The Nobility Of Pain' zeker zijn gading vinden.

Monochromie

Beyond Frontiers

Geschreven door

Monochromie is het project rond de in Frankrijk verblijvende visuele artiest Wilson Trouvé. De man is niet aan zijn proefstuk toe. Hij levert sinds 2012 meesterwerken af binnen filmische ambient, postrock en experimentele elektronische muziek. Met zijn nieuwste schijf 'Beyond Frontiers' bewandelt Monochromie verder die heel visueel aanvoelende wegen. Deze muziek prikkelt dan ook alle zintuigen. Op een uiterst intensieve tot intieme wijze worden toch geluidsmuren afgebroken. Van zijn schijf ‘Enlighten Yourself While You Sleep' (2013) verschenen opvallend veel positieve recensies. Met zijn nieuwste parel verlegt Monochromie wederom nieuwe grenzen.
De schijf start met een klepper van meer dan twaalf minuten: “Permafrost”. Het lijkt wel alsof Monochromie je bewust onder hypnose brengt en meetrekt naar je diepste innerlijke onderbewustzijn. Eens daar aanbeland bespeelt Wilson je emoties op een intense wijze waardoor inderdaad die stilte eerder klinkt als een oorverdovende mokerslag die je prompt omverblaast. Luister maar naar parels als “Solstice (part 1 &2)” en “High Hopes”. Eén voor één langgerekte songs die zodanig meesterlijk in elkaar steken dat je in een diepe trance terechtkomt die je tot rust brengt maar dus ook aanvoelt alsof je trommelvliezen gaan barsten. En dat is toch zeer opmerkelijk. De experimentele tongval, die telkens terugkeert, voelt zeer visueel aan. Zoals we aangaven, alle zintuigen worden daardoor geprikkeld. Van je ogen - want met de ogen gesloten doet deze muziek een sprookjesachtige wereld opengaan - tot de oren die tuiten en het hart dat sneller slaat, wordt ook het innerlijke gevoel van welbehagen aangesproken. Monochromie maakt het zijn publiek niet gemakkelijk. Je moet je echt laten meedrijven op die verdovende tot oorverdovende klanken om het concept echt te begrijpen. Maar eens gegrepen door de ambient, gedrenkt in voldoende experimentele postrock, is er geen terugweg meer mogelijk. Luister maar naar de daarop volgende parels als “Diphda”, “A Peaceful Place” en “The Last Journey' en voel vooral hoe je wegglijdt, ver weg van de harde realiteit van het leven naar een wereld die je jezelf voor de geest moet halen. De schijf eindigt met weer zo een twaalf minuten lange trip, in de vorm van “Burning Landscapes”, waar alle voordien ingenomen stellingen nog eens op een hoopje worden gegooid.
Het meest verbluffende aan 'Beyond Frontiers' is inderdaad dat deze schijf zo goed in elkaar zit dat uw fantasie wordt geprikkeld  binnen een omkadering die het midden houdt tussen verdovend je tot rust brengen. Maar, telkens zeer subtiel, eveneens zodanig verschroeiend hard klinkt dat de aarde onder je voeten wegzakt. En dat is toch zeer uitzonderlijk, het geeft tevens aan hoe filmisch en visueel deze plaat wel klinkt. Zeker geen gemakkelijk brokje vleest biedt Monochromie je aan. Maar eens je deze trip ondergaat, gaat dus een heel bijzondere wereld voor je open. Waardoor je , willen of niet, letterlijk vertoeft in diezelfde wereld die je je voor de geest haalt.

Elektro/Dance
Beyond Frontiers
Monochromie
 

Pagina 295 van 966