logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
avatar_ab_16

De Heideroosjes

De Heideroosjes - De Heideroosjes tijdelijk weer in volle bloei!

Geschreven door

Nee, de lente is nog niet in het land!  Au contraire, in Brussel had het zaterdag zelfs gesneeuwd.  En toch was er  ’s avonds enorm veel volk op de been en liep de Ancienne Belgique moeiteloos  vol voor de bekendste bloemensoort uit Nederland.  Wat? Tulpen? Bijlange niet!  Heiderozen! De Heideroosjes!
Toen de band er 7 jaar geleden mee ophield, speelde het ook al voor een uitverkochte zaal en viel het doek definitief na het nummer “United Scum”.  Precies met dat nummer werd, na intro en kort citaat van Urbanus, het reünieconcert met veel overgave en bakken energie afgetrapt!
Gezien de band dit jaar 30 kaarsjes mocht uitblazen werd het idee gelanceerd om een paar verjaardags/reünieconcerten te geven, in de hoop dat er nog voldoende mensen interesse zouden hebben.  De respons  was verbluffend!  In een paar uur verkocht de AB uit, net als de Melkweg in Amsterdam.  Bijgevolg werd intussen (gelukkig) beslist om deze zomer nog een beperkt aantal zomerfestivals aan te doen in België en Nederland.

Het voorprogramma werd met lef en enthousiasme gebracht door March.  Een Nederlandse punkrockband met vrouwelijke zang en gitaar.  Ze speelden een vinnige set met goed in het gehoor liggende songs en met een frontvrouw die een heerlijke korrel in de stem had.  Ideale opwarmer voor de hoofdact van de avond!

De Heideroosjes - De 4 jeugdvrienden uit Horst hadden er duidelijk zin in en kwamen even enthousiast het podium op als in de vroegere hoogdagen.  Frontman Marco had verrassend een ferm buikje ontwikkeld (+12 kg gaf hij zelf toe) terwijl bassist Fred  net zijn oude speklaagje was kwijt geraakt door te gaan sporten.  Verder weinig nieuws onder de zon, Fred in knotsgek maatpak, drummer Igor na enkele nummers in bloot bovenlijf en gitarist Frank de vestimentaire soberheid zelve.
Opener “United Scum” werd gevolgd door “Scapegoat Revolution” en zoals te verwachten stond de menigte van bij het begin in lichte laaie en werd elk woord meegebruld alsof de band nooit afwezig was geweest uit het rockcircuit der lage landen.
De hele show was niets minder dan een zalige uitgerekte ‘best of’.  Zonder poeha of special effects op het podium maar met een des te fijne interactie tussen fans en bandleden.  En met een zanger die het niet kan laten als een gek over het podium te hossen en zich geregeld tot het publiek wendt.  “Break the Public Peace” en “Lekker Belangrijk” zijn 2 toppers!  Bij het nummer “We’re all fucked up” deelt Marco een sneer uit aan ‘the white monkey’ of The White House en bij heel wat songs moet de frontman vaststellen dat zijn kritische teksten (helaas) bijna allemaal nog actueel zijn.  “Klapvee” krijgt een geüpdatete tekst mee en met “Listen to the Pope” haalde men een heel oud nummer vanonder het stof dat vroeger maar zelden de setlist haalde.  Het trio “Fistfuck Party at 701”, “P.C.P.O.S”  en “Iedereen is gek” wervelde door de zaal en bleek een geslaagde inleiding te zijn voor een reuze circle pit die op vraag van Marco werd ingezet tijdens “Fistfull of Ideals”.
Met “Ik zie je later” nam de band heel even wat gas terug door een meeslepende ode te brengen aan dierbaren die hen zijn ontnomen.  Bij het  donkere “Regular Day in Bosnia” werd meermaals “Syria” gedebiteerd in plaats van “Bosnia”…Andere plaats, zelfde gruwel…
Wanneer de zanger over zijn lievelingslimonade begint te vertellen weten alle fans dat “Punica” aan de beurt is.  Kort maar krachtig!  Net als opvolger “Ik wil niks”, nog zo’n typische Heideroosjes uitbarsting die de band toch wel uniek maakte in zijn soort.
“A Bag full of Stories” gunt het publiek een kort moment van rust.  Het nummer wordt akoestisch gebracht met accordeon en klassieke gitaar en heeft daardoor zelfs een lichte country en levenslied inslag.  De rust is van korte duur want het is tijd voor een “Ode to The Ramones” en voor een onvermijdbare ode aan “Sjonnie & Anita”.
“Time is ticking away” mogen we letterlijk nemen want intussen is de band ongeveer een uur aan het feesten en zaten al  25 songs in de setlist.  Het zal de menigte worst wezen!  Meer van dat aub!  Even wat New Beat uitproberen?  “Ze smelten de paashaas” was ooit als grap bedoeld om de populaire new beat stroming in de zeik te nemen maar groeide uit tot een hilarisch Heideroosjes epos.  “Tering Tyfus Takketrut” met de Urbanus intro “Madammen met een bontjas” en “Since 1989” sluiten het concert met brio af.  Bandleden en fans zweetten zich een pleuris in de ‘warme’ zaal maar hebben alsnog behoefte aan een stevige toegift.
Het bis-gedeelte wordt aandoenlijk ingezet met een onverwachte verschijning op het podium.  Dhr. Roelofs bedisselde namelijk achter de rug van bassist en compaan Fred Houben , dat diens dochter samen met de band en op mondharmonica “A Hippie Sing Along” mag begeleiden.  De gekke bassist was voor één keer sprakeloos en zonder absurde opmerking, maar ook merkbaar trots op zijn dochter.  Hij genoot overduidelijk van dit unieke moment, net als de dochter zelf trouwens.
Tijd voor het absolute slot en tevens zoveelste hoogtepunt van de avond.  De volledige zaal, incluis balkonnen en zitplaatsen gaat een laatste keer helemaal overstag bij “I’m not deaf…” en zelfs nog een graad meer als afsluiter “Damclub Hooligan” uit de boxen knalt.

Marco had het eerder op de avond over het zwarte gat waarin hij viel zo’n 7 jaar geleden.  Het maakt hem de dag van vandaag des te dankbaar voor momenten en optredens als deze en het besef dat dergelijke avonden niet zo vanzelfsprekend zijn als ze lijken, dixit de kale spreekbuis zelf.
Wij zijn alvast even dankbaar als hem voor het fantastische concert en stellen het zwarte gat graag nog even uit tot minstens deze zomer na Paaspop, Gladiolen, Jera on Air en De Lokerse Feesten!

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Death Cab For Cutie

Death Cab For Cutie - Intense melancholie

Geschreven door

Thank You For Today, zo heet de nieuwe plaat van Death Cab For Cutie en zo was ook het algemene gevoel toen iedereen De Roma verliet. Death Cab For Cutie bracht namelijk iets minder dan twee uur hun melancholische en dromerige wereld tot leven voor een uitverkochte zaal. Zoals gewoonlijk werd er een perfecte mix gebracht tussen hoop en wanhoop, liefde en verdriet en intensiteit en melancholie. Een gigantisch strakke set waarbij de band er duidelijk zin in had.

Voor we Ben Gibbard en de zijnen konden aanschouwen, kwamen eerst The Beths het podium opgedraven. De groep uit Nieuw-Zeeland konden we al eens zien in een klein café in Brussel, maar nu mochten ze op een groot podium hun kunnen tonen. En dat kunnen werd heel goed bevonden door de reeds goed gevulde zaal. Een bemoedigend applaus volgde na het einde van hun set. Die bracht een leuke afwisseling tussen aanstekelijke indie rock liedjes en zachte dreampop songs. The Beths weten alles wel meteen in je hoofd te laten nestelen, en laat dat net hun sterkte zijn.

Death Cab For Cutie had duidelijk goed geluisterd naar het voorprogramma, en ging op hetzelfde aanstekelijke elan verder. Eerst werden er twee nummers van de recente plaat voorgesteld. Daardoor viel al meteen op dat de band tegenwoordig meer focust op een diversiteit aan sounds. Glijdende gitaren, zachte synths en natuurlijk de uitgesproken stem van Gibbard gaven ons van bij het begin bemoedigende schouderklopjes. Het was alsof we even op een wolk aan het zweven waren en we op ons gemak naar de hemel konden turen.
Lang duurde dit gevoel niet, want Death Cab For Cutie ging er rats op om ook eens hard uit de hoek te komen. “Long Division” ging iets sneller te werk en tijdens het refrein werden de gitaren ook iets strakker bovengehaald. Dit was trouwens niet de enige keer, ook bij “Crooked Teeth” en “Black Sun” toonde de groep dat ze gitaren konden laten gieren. Nergens was het weliswaar te veel, en hierdoor kon DCFC een goed evenwicht vinden tussen hard en zacht. Dat was nodig, want zo dook er nergens verveling op.
De nieuwe nummers lijken ook live heel goed tot zijn recht te komen. De sterke muzikaliteit bij de muzikanten draagt hier natuurlijk aan bij. Een intense drumlijn, strakke gitaarlijnen of speelse synths, alles zorgde voor een boeiend geheel. De band had er duidelijk ook zin in en bewoog gelukkig mee op ieder nummer dat de revue passeerde. Gibbard zelf gooide zo nu en dan eens zijn gitaar in de lucht, en danste heel goed op de melodie die de band serveerde. Ook de andere bandleden konden zich behelpen met af en toe eens een dansje te placeren. Hierdoor werd het publiek nog meer meegezogen in de performance die de band hiermee neerzette.
Death Cab For Cutie is niets zonder zijn uitmuntend pianogeluid en bij “What Sarah Said” kroop Gibbard voor het eerst achter zijn piano. Wat we kregen was een hemelse opbouw naar iets episch. Dit was trouwens niet de enige keer, ook klassieker “I Will Possess Your Heart” wist weer heel wat grootsheid boven te halen. Wat een intro, wat een nummer, wat een muzikaliteit. Er werd lang opgebouwd en de groepsleden durfden het ook aan om er af en toe nog extra dreiging aan toe te voegen, straf.
Het was niet enkel intensiteit dat de klok sloeg, ook aanstekelijke nummers zoals “You Are A Tourist” en “Soul Meets Body” waarbij het publiek de stembanden kon smeren, kregen we op ons bord. Gelukzalige muziek kan dus ook, en dat toont aan dat de band van alle markten thuis is. Zo ook van marketing, want ze gaven aan dat ze het voorprogramma verplicht hadden om hun merch aan te doen om zo viraal te gaan. En zelf deden ze ook hun best, want in de bisronde verscheen iedereen met een t-shirt van The Beths. Bands die elkaar steunen, zo hebben we het graag.

Death Cab For Cutie kwam dus niet enkel muzikaal goed uit de hoek, ze wonnen ook sympathiepunten bij iedereen. Zo kon iedereen met een warm hart naar huis gaan nadat de tonen van “Transatlanticism” nog eens goed De Roma deden daveren. Het epische gitaarwerk is toch iets wat de band goed afgaat. Maar ook het melancholische en het dansbare kan de band verrassend brengen. Muzikaal gaat er nooit iets fout, en ook in de opbouw en nummerkeuze had Death Cab For Cutie alles mooi uitgedacht. Een sterke band die nog maar eens bewijst waarom ze één van de indiegrootheden zijn.

Setlist: I Dreamt We Spoke Again - Summer Years - The Ghosts of Beverly Drive - Long Division - Title And Registration - Gold Rush - Crooked Teeth – Photobooth - No Sunlight - What Sarah Said - 60 & Punk - I Will Possess Your Heart - Autumn Love - Black Love - Expo 86 - Northern Lights - You Are A Tourist – Cath - Soul Meets Body - Marching Bands Of Manhattan - I Will Follow You Into The Dark - When We Drive - Tiny Vessels – Transatlanticism

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-roma-antwerpen/death-cab-for-cutie-03-02-2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-roma-antwerpen/the-beths-03-02-2019

Organisatie: De Roma, Antwerpen

The Other Intern

The Other Intern - Interview Em Ra van The Other Intern

Geschreven door

Veelal hebben we de kans om bekende bands te interviewen. Heel bekende bands zijn meestal niet zo interessant want die doen dat zoveel dat ze in standaardzinnen antwoorden. Vandaag laat ik eens de frontman van een onbekende eclectische rockband uit West-Vlaanderen aan het woord. Em Ra is de bezieler, songschrijver, gitarist en zanger van de band.

Dag Em Ra,  hoelang ben je al bezig met de band? Had je ervoor nog andere projecten?
Ik speel ondertussen 25 jaar gitaar. Ik kocht mijn eerste gitaar tweedehands van een vriendin en leerde na wat zelfstudie wat blues van een dominee in Gent. Ik schreef toen al wat eigen teksten. Daarna- zoals elke jonge gast die gebeten is door het virus - ben ik in wat groepjes beginnen spelen. Ik herinner me vooral Lianga in Roeselare waar we rock en reggae samensmolten, de band  waar ik basgitaar speelde en ook aan de micro stond. Maar The Other Intern ( afk : TOI) is ,wat betreft eigen projecten, toch wel het eerste. De naam wordt 5 jaar oud dit jaar in april. Het stond toen voor een singer-songwriter die zich uitleefde met studiosoftware en één gitaar. Het moest een platform worden met en voor freelance muzikanten. Ik zag toen elk nummer als een apart project, zonder rode draad. Waarbij ik nu en dan andere muzikanten liet weten dat ze steeds welkom waren op mee te werken. Toen was ik nog niet bezig met de gedachte om Live dingen te gaan brengen, maar de vraag kreeg ik wel. Kortom TOI was een studiogebeuren met releases op de facebookpagina en Soundcloud. Dat veranderde al snel door de kansen om solo mijn muziek te gaan brengen.
Ik herinner mij de opening van de pop-up koffiebar van KoffieQueen in het Kortrijks begijnhof nog levendig. Nog steeds heb ik de neiging om wat strijkers en piano digitaal toe te voegen aan sommige recente opnames, maar dat doe ik dan meestal voor mezelf. Het zou niet weergeven wat we nu live doen, maar het kan nog steeds.

Wat wil je uitdrukken, vertellen met de band?
Als tekstschrijver kies ik niet zo doelgericht een bepaald thema. Ik laat me meestal overvallen door een gedachte of situatie, het hoeft ook niet altijd autobiografisch te zijn. Ik beschrijf graag zonder de oorzaak of het gevoel echt te gaan benoemen. Eigenlijk zijn het tekstuele schetsen die we dan inkleuren. Ik ben niet de man die ellenlange teksten zal afratelen in een nummer, maar wat er uit mijn mond komt moet dingen oproepen en ergens hopelijk de mensen raken. Als ik dus moet antwoorden moet ik het repertoire overlopen en zeggen dat we het hebben over de liefde, verlies, onrecht , oorlog … maar ik schrijf echt vanuit mijn ziel en die is melancholisch, wat donker … ik zoek eigenlijk steeds de essentie , maar ik probeer die letterlijk aan te voelen zoals een blinde braille leest.
Bij ons moet je niet aankloppen voor leuke liedjes over "hoe leuk het leven wel is", maar ik hoop vanuit de herkenbaarheid dat de nummers ergens ook hoop geven. Over de minder leuke dingen spreken lucht op en muziek is altijd helend. Met de overgang naar rock geven we de nodige intensiteit, soms kwaadheid, aan wat we vertellen. Evengoed zullen we intens verdriet bezingen. Ik schreef bijvoorbeeld "2soon" een nummer over wiegendood. Of ook het 3-luik over wereldoorlog 1 , met "Mothers in war" op kop.
Kortom : we brengen alles vanuit gevoeligheid en sfeer. Het is geen Rock met uitgestoken middelvinger, het is geen pop die blinkend vernis aanbied… maar het is sensitive rock. 

Hoe zou je zelf jullie muziek omschrijven?
Bij die vraag is het ook goed om te weten dat ik mijn basstem heb moeten leren gebruiken, waarbij de eerste zangeres me verloste van de hoge noten die ik onnodig probeerde te halen. Ik zeg dit omdat onze muziek op die manier al vlug naar de stijl van Leonard Cohen, Nick Cave of Gainsbourg begon te neigen. In die zin dat TOI dus begon met wat donkere luistermuziek en pas later meer en meer snedige momenten werden ingelast in de muziek. De zangeres verliet de groep tijdens een wissel van drummer. Met slechts 1 zangpartij , een gitaar en de drum kwam een ander soort energie vrij. Toen we dat zelf begonnen te beseffen ben ik ons werk "sensitive rock" gaan noemen. Ik hoor zelf de term Pop-rock niet zo heel graag voor onze muziek. Ik denk dat alternatieve rock nog beter past als beschrijving. Ik componeer in verschillende talen, de keuze daarvan laat ik afhangen van de sfeer die de muziek brengt. Of omgekeerd laat de taal me horen of de muziek al of niet klopt ….Ik hoor nu regelmatig feedback over het Arno-gehalte als ik zing in het frans. Ik tracht gewoon ook veel af te wisselen in wat we brengen. De drummer (Kris Degreef- alias Celcius Degree Farenheit) en ik zijn zeer onder invloed ook van Pink Floyd . Ook om meer diepte en variatie op podium te gaan brengen komt nu een bassist ons vervoegen.

Is het moeilijk om een band op poten te zetten en op de rails te houden?
Op zich is het beginnen met een groep niet zo moeilijk, behalve dan de zoektocht naar de muzikanten en zangeres(-sen). De keuze om niet alleen verder te gaan heeft te maken met een nood aan delen van je muziek en het nog beter te gaan maken. Eenmaal je- als enkeling met wat ervaring- die beslissing van samenwerken neemt wil je vooral letten op het talent en de motivaties dat je binnenhaalt, en bovenal of het ook "klikt" met jezelf en de ander. Ik ben nu omringd met mensen die dezelfde muziek aanvoelen en dat heb je niet zomaar in één keer. Ik ben nu bijna 45jaar oud en dat maakt je keuzes wel belangrijker en soms niet gemakkelijker om te maken. Ik ben veel bewuster bezig met mijn muziek dan vroeger. Ieder muzikant komt zijn of haar kunnen integreren , steekt zijn gevoel in de tekst en dat moet vooral resulteren in muziek dat je op jouw vel voelt. Daar waak ik dan wel over. Verder plan ik ongeveer hoe we de repetities invullen, maak ik nu en dan nieuwe songs, ik stuur de teksten vooraf samen met een muzikaal aanzet naar de bandleden, beheer ik de pagina van de groep, maak ik de video's , ik post ze op de andere media… zoek ik bepaalde wegen en mensen op die ons een podium kunnen aanbieden, ik mix en master ook de opnames in de studio ( goed genoeg om op onze believers los te laten)…
Een gekendere groep kan een CD maken en dan enkele jaren rondtoeren. Wij daarentegen moeten continu nieuwe songs aanbieden en loslaten, als we op podia staan moeten we de perfectie nastreven en haast altijd onze play-list variëren, oudere nummers aanpassen en vooral verbeteren. Voor een minder bekende band is dat een goede stimulatie en gewoon nodig om je bereik te vergroten. Wij moeten verder evolueren en onze volgers blijven verrassen . En inderdaad daar kruipt heel wat werk in, ik denk dan ook alle dagen over concepten, nummers en eventuele samenwerkingen met onze omgeving , verenigingen en zelfstandigen. Ik laat geen enkele inspiratiebron liggen maar niet alles komt daarna op de planken, op onze pagina en zelfs niet in de groep. Ik moet nu en dan op die manier herbronnen om de sterkere dingen in de studio te kunnen gaan maken , dan wel samen. Het is bijna "a way of life" geworden voor me. Een tentakel dat aan mijn lijf vastgroeide.

Jullie hebben in eigen beheer een album uitgebracht. Was dat een beetje naar wens verlopen? Wat waren de obstakels waarmee je werd geconfronteerd? En als je het achteraf bekijkt was het de moeite waard voor de band om dit te doen? Inderdaad, De cd ‘ijs’ is ondertussen een restant van de beginjaren, release 2016. Met de zangeres Inne Wyffels (alias : Double You) en nog de jonge drummer (Mathew Desmet) maakten we 9 nummers op basis van de roman van Koen D'Haene. Obstakels : goede opnames maken , leren mixen , de sound over de gehele cd krijgen,
Technisch heb ik heel veel bijgeleerd in de studio. Maar voor een volgende CD staan we best in een studio met een goede technieker, de combinatie van opnemen , mixen en spelen maakt je minder objectief en vraagt veel energie. Je merkt algauw dat je jezelf kapot wil mixen , het kan nooit goed genoeg zijn. Andere noden zoals " marketing" en "budget"  werden opgelost door samen te werken met SYL Wevelgem, waarbij kunstenaars een werk maakten rond dezelfde roman, een catalogus maakten waarin de CD werd gestoken. De hoes en de bedrukking op de cd is dan ook het werk van Bjorn Vanhamme dat als winnaar werd uitgekozen daarvoor.
De cd is geen referentie voor wat de groep nu is, maar het was een zeer leuke beleving met steun van (de bibliotheek) Wevelgem  en café ‘de barriere’ voor de release. Een immense schat aan ervaring die werd opgedaan en het kweken van de broodnodige discipline. Tenslotte is het altijd door ons gezien geweest als een apart project , dat zeker los stond van ons repertoire.
De naam The Other Intern werd wel massaal rondgestrooid en opgevangen. Ik ben nog steeds fier en dankbaar dat onze CD in de collectie van de bibliotheek werd opgenomen. Het was een zeer aanstekelijk project dat literatuur, beeldende kunst en muziek samen bracht. Op die manier was het dan ook een plaatselijk product maar daarom niet minder krachtig. Ik wil hiermee vooral zeggen dat je best samenwerkt en mensen aantrekt met uitdagingen om tot een goede presentatie te komen. En het verlicht het immens werk dat daarbij komt te kijken. Eén oplage van 100 cd's is een klein project, maar de moeite waard. Een beginnende band moet echt die stap eerst zetten voordat ze worden "overgenomen".

Gebruiken jullie ook de nieuwe media om jullie songs te promoten? Zoals Bandcamp, Spotify …
Georganiseerde promotie kan ik het niet echt noemen. Tot nu toe hecht ik niet echt veel belang aan die sites waar je probeert in de picture te staan. Ik denk dat die gewoon al bomvol staan en dat het daar even moeilijk is om je te laten opmerken als in het echte leven.
Onze Basisplatform is vooral onze FB pagina waar ook regelmatig nieuws over ons wordt gepost, nieuwe nummers die ik vooraf solo breng in overtuiging dat de groep er iets van zal maken, premieres dus, … aankondigingen van optredens, afgewerkte muziekvideo's. Op die pagina staan we het dichtst bij onze volgers en we laten die pagina op een natuurlijke manier groeien.  Er staat ook een link naar YouTube en Soundcloud. Vanuit de gedachte dat mensen je niet opzoeken als ze je niet kennen , ben ik wat pessimistisch over die databanken. Ik ben gewoon niet de man die zo ver in marketing gaat. Maar eigenlijk besef ik wel de noodzaak om onze naam maximaal te verspreiden. 
In een goede bui heb ik ons eens ingeschreven op VI.BE, tot nu toe zag ik nog geen vragen of feedback.  We zijn heel hard op zoek naar podia in onze streek omdat we overtuigd zijn dat we daardoor oprecht en eerlijk onze bekendheid laten groeien.  Ik voel het zo aan dat we nog wat bekender mogen worden  voordat we ons gaan gooien op Vlaanderen of Wallonië. Dus ik sluit die propagandamachines ook niet uit, dat is een werk voor later en misschien voor iemand anders.

Hoe proberen jullie optredens te scoren?
Rondvragen… mensen, gemeentelijke of stedelijke organisaties aanschrijven of aanspreken.
In muziekcafés ons verhaal gaan doen en adreskaartjes achterlaten. Neen, wij hebben geen geoliede machine die voor ons klaarstaat. Ikzelf heb het ook te druk met de inhoud van de groep en om ons via de pagina 'alive' te houden. We spraken er in de groep al eens over en we zouden blij zijn met iemand die ons kan gidsen in de scene en zijn /haar contacten voor ons zou willen aanwenden. Anderzijds houden we er nu van om wat exclusiever te blijven, we werken keer op keer hard aan elk volgend optreden. We evolueren sterk hiermee en vernieuwen onszelf, maar wat meer volk vóór het podium zou ons een geweldig duwtje kunnen geven. Het gaat ons niet om het aantal optredens dat we doen , eerder om  het bereik en de kwaliteit. Daar geloven we sterk in. En ook , we werden al een paar keer teruggevraagd, naast de lovende worden die we krijgen zijn dat de grootste complimenten die we kunnen krijgen en dus ook deel van podia binnenhalen.

Zijn er concrete plannen met de band voor 2019?
Onder de kreet "Here we come" word 2019 het jaar van groei en verbetering. Focus op Live-optredens en verder wat goede video's.
We hebben zonet een bassist in de groep gebracht. De uitdaging ligt dus in het eventueel wat aanpassen van de nummers, onze sfeer en sound bepalen en tegen halfweg dit jaar met een sterk gevoel op podiums te gaan staan. Optredens die ons zullen aangeboden worden zullen we zeker invullen ondertussen. We zullen de evolutie ook laten horen en zien via onze pagina. En hopelijk komen er nog nieuw sterke songs naar boven die we met ons drieën al meteen kunnen meenemen.  Ik denk dat we alle drie uitkijken naar dat moment waar we op een  samen onze eerste gig zullen spelen, en ja … we gaan er voor.
We hebben het gevoel dat een soort van doorbraak niet zo ver af meer ligt, maar we weten dat we nog werk hebben. We gaan de beer niet verkopen voordat het geschoten is.

Je bent ook schilder en je bent bezig met je songs op doek te zetten. Ga je dit ook voor de band gebruiken of is dit een gescheiden ding?
Het is eerder gescheiden van TOI, maar het vult elkaar aan. Ik volgde als kind les op de kunstacademie in Menen , werd bouwkundig tekenaar en later interieurarchitect. Ik werkte 15 jaar in de bouw als schilder waarvan de laatste 4 jaren daarvan in bijberoep als interieuradviseur. Het begon tijd te worden dat ik na die drukte terug begon op panelen te schilderen. Het lag voor de hand dat mijn eerste inspiratie de teksten zijn die ik schrijf voor de groep. Het is in mijn hoofd een aparte reeks " Painting songs of The Other Intern", maar ik kan nog vele thema's of andere reeksen aanvatten. Het schilderen dompelt me nu helemaal onder in de wereld die ik rond TOI heb gecreëerd. We hebben al eens beelden en video's geprojecteerd tijdens onze optredens en daar zou het wel eens kunnen passen. Maar voor mij hoeft het niet perse of onmiddellijk, het is niet het oorspronkelijk doel. Het is gewoon één andere zijde van de singer-songwriter.  Ik ken zelf literaire schrijvers die hun illustraties zelf verzorgen. Ik denk ook aan de beeldhouwer die Willem Vermandere is. Ik wil onze muziek niet opzadelen met deze beelden, maar in deze reeks schilderijen kan ik zeker verwijzen naar de song op de achterkant van het werk, dat lijkt me leuk.

Wat is je droom met de band/muziek?
Ik heb altijd gezegd dat het leuk zou zijn gewoon bekender en gevraagd te worden in onze streek. Zodat we al wat meer kunnen optreden op ons tempo, het mag zeker wat meer zijn.
Dat is een bescheiden uitgangspunt als motivatie ook voor onszelf en misschien te praktisch omkaderd. Dat is al een mooie droom die we zelf moeten waar maken.
Eén echte natte droom is eerder iets dat je overkomt zonder dat je het plande… Plots mogen gaan spelen onder de tenten van de grotere festivals bijvoorbeeld. En als we dan toch zo ver zijn mag het ook op een gigapodium  in open lucht met een goede repertoire en de 3 hits die België wekenlang via de top 30 in de ban heeft gehouden … Ik hoor onze muziek passen op radio 1, … denk ik … hoop ik . In ieder geval moeten we het blijven doen met veel plezier, dan komt er alleen maar meer en meer moois op ons af. En ja, neen…. Op goede muziek staat geen ouderdom.

Massive Attack

Massive Attack - De 21e eeuw in een kaleidoscopisch kijk- en klankstuk

Geschreven door

Vergeet al die triphop bullshit, spuwde toenmalig Massive Attack-bandlid Andrew Mushroom Vowles tijdens een interview met Mixmag in 1998 over ‘Mezzanine’, Massive Attacks derde album. Mezzanine is lover’s hip hop, noemde hij het album zelf, en daar zat wel iets in. De term triphop was een twintigtal jaar geleden een goedkope catchphrase geworden in de Britse muziekpers voor gehypete hotel lounge muziek. Toen die laatste met medeleden Robert ‘3D’ De Naja, Grant ‘Daddy G’ Marshall’ tegen wil en dank zeven jaar eerder met ‘Blue Lines’ (1991) een nieuw genre pionierden waar soul, dub, elektronica, psychedelica en synths in elkaar vloeiden, had hiphopbrein Mushroom nooit gedacht dat ze met ‘Mezzanine’ hun eigen genre radicaal zouden herdefiniëren.

‘Zijn we nu plots een fucking punkband geworden?’ schreeuwde hij tijdens een opname. 3D en Daddy G wilden weg van het oude Massive Attack-geluid en lieten zich inspireren door new wave-bands zoals Gang Of Four en Wire. De onenigheid over de muzikale richting die Massive Attack moest nemen, zorgde na de release van ‘Mezzanine’ voor Vowles’ exit. Diezelfde creatieve botsingen binnen Massive Attack waren ook twintig jaar na datum aanwezig in Paleis 12. Reggae botste met scheurende gitaarrock, soul met dub, en hiphop met een blend van pop-R&B-dance. Mushroom zou trots geweest zijn.
Na hun meesterwerk uit 1998 legde het duo uit Bristol de lat extreem hoog. Voor zichzelf en toekomstige triphop-projecten van andere bands. Verwachtingen werden nauwelijks tot niet ingelost door ‘100th Window’ (2003), hetgeen de facto een project is van bandlid 3D en producer Neil Davidge, of ‘Heligoland’ (2010).
Toch wist Massive Attack ons gisteren meer dan te overtuigen. En dat is op z’n minst verrassend te noemen. Artiesten die hun populairste worp opnieuw voor een publiek brengen, is vaak niets meer dan een gemakkelijke manier om geld in het laatje van de (steeds irrelevanter wordende) artiest te brengen. Goedkoop, weinig vernieuwends, en niets echt bijzonders zijn dit soort shows. Behalve dan als u als een heroïneverslaafde kickt op platte nostalgie.
Toch bleken op het einde van de avond geen enkele van dergelijke pejoratieven op Massive Attack toepasbaar. Hoe de heren uit Bristol daarin slaagden? Simpel: Massive Attack gaf méér dan alleen een show. Aangevuld met een spectaculaire lichtshow, een unieke documentaire-annex-visueel-kunstwerk van BBC-documentairemaker Adam Curtis, én legendarische guest vocalists (cultfiguur Horace Andy en dreampop-pionier Elizabeth Fraser van wijlen Cocteau Twins), oversteeg Massive Attack zichzelf.
Live klinken klassiekers “Risingson”, “Man Next Door” of “Teardrop” nog even fris als nummers die de band voor het eerst op de planken brengt. “10:15 Saturday Night” van The Cure, “I Found a Reason” van The Velvet Underground of een cover van Ultravox’ underground culthit “Rockwrok” waren daar het levende bewijs van.
Of misschien wist Massive Attack ons vooral te overtuigen door hun nummers een extra (visuele) dimensie te geven. ‘Mezzanine’ belichaamt als geen ander triphopalbum uit de jaren 1990 de beklemmendheid en claustrofobische benauwdheid van de 21e eeuw. Dat die spanning gecombineerd wordt met een intelligent, sociaal geëngageerd docu-kunstwerk van Curtis, maakt van deze show iets heel bijzonders.
Het concert is zo opgebouwd dat de band niet alleen een soort synthese maakt van zijn eigen geluid en invloeden, maar ook een kritische, confronterende blik werpt op de eerste twee decennia van het nieuwe millennium. ‘ONCE UPON A TIME,’ zien we op verschillende schermen boven het podium verschijnen, ‘DATA WAS GOING TO MAKE YOU FREE.’ Massive Attack fulmineert tegen verschijnselen die onze maatschappij in een wurggreep houdt, en construeert ook een verhaal hoe het zo ver is kunnen komen.
De sociaal-kritische beelden die Curtis cureert (bevreemdende beelden van fabriekswerkers die luxueuze poppen maken voor het Westen, Tony Blair die via reclameboodschappen een breed publiek wil manipuleren, bloederige beelden van oorlogen in het Midden-Oosten) gaan naadloos in dialoog met de claustrofobische, angstige tonen van Massive Attack. Politieke slogans, complottheorieën, het militair-industrieel complex, de financiële crisis – er is geen onderwerp dat de band en Curtis niet kritisch onder de loep nemen. Zonder ook maar een moment prekerig over te komen.

Massive Attacks maatschappijkritiek is vernietigend en bijzonder scherp. Het rijke dub-klankentapijt van “Dissolved Girl” gecombineerd met de ijzingwekkende sopranostem van Fraser klinkt nog even hypnotiserend als 20 jaar geleden. Ook de etherische zang van 3D tijdens “Risingson” of de onnavolgbare spanning die wordt opgebouwd tijdens “Angel” blijven bonafide kippenvelmomenten. Maar er is ook ruimte voor hoop. Terwijl de gitaren nog na de finale loeien en de synths weergalmen in een eindeloos noisy vacuüm, verschijnen er knalwitte drukletters in drie verschillende talen op de schermen.

‘WE ARE CAUGHT IN AN ENDLESS LOOP, LET’S LEAVE THE GHOSTS BEHIND AND BUILD A NEW FUTURE’.

Setlist: - I Found a Reason – Risingson - 10:15 Saturday Night - Man Next Door - Black Milk – Mezzanine – Exchange - See a Man’s Face - Dissolved Girl - Where Have All the Flowers Gone? - Inertia Creeps – Rockwrock – Angel – Teardrop - Group Four

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/paleis-12-brussel/massive-attack-31-01-2019
Organisatie: Greenhouse Talent

Thurston Moore

Thurston Moore - Een schroevendraaier tussen de snaren, toch één zekerheid”

Geschreven door

Hoe kan je professioneel een gitaar mishandelen? Thurston Moore gaf er met zijn pas gevormde noise ensemble alweer een spoedcursus over in de Vooruit. In oktober fantaseerde hij nog een nieuwe soundtrack voor de cultfilms van Maya Deren, het jaar daarvoor liet hij indrukken achter op Werchter en Sonic City. Dat de ex-Sonic Youth strijder de bijl er niet bij neerlegt staat vast, maar nu sloeg hij ook de handen in elkaar voor een hoger doel. James Sedwards uit zijn intussen befaamde Thurston Moore group, Deb Googe uit My Bloody Valentine en Jennifer Chochinov sloegen allemaal het resonantietuig om de nek. Niet alleen waren ze voorzien van een resem extra snaren, ze speelden ook voor het eerst één enkele compositie die Moore componeerde.

Het ensemble had deze twaalfsnaren symfonie zopas opgenomen in Brussel en had daar gelukkig hun partituren niet vergeten. Ze stonden in een cirkel gepositioneerd waardoor Moore zijn gezicht niet eens hoefde te vertonen. Foto’s met flits en vurige debatten waren voor naderhand in het café, verzoeken die de toeschouwers respecteerden al waren het heilige evidenties. Ook Wobbly figureerde mee in het gebeuren. De proto-sampler uit het voorprogramma zorgde voor atmosferische soundscapes tussen het gitaargewriemel in. Na enkele minuten leek het noise sextet een helse zonnewind te willen simuleren. Ons vermoeden werd toevallig benadrukt door de kosmische taferelen die zich op de achtergrond ontsluierden.
Het optreden kwam eerder traag op gang met tien minuten lang dreigende gitaargalmen, ook te proeven in “Exhalted” en “Turn On” uit Moore’s recente ‘Rock N Roll Consciousness’.
De mentaliteit en stijl bracht hij alvast mee: welke artiest speelt nu ook één lang nummer zonder zijn publiek aan te kijken. Toch slaagde hij erin een meertalige Vooruit te beroeren dankzij zijn concentratie en pure klankdrift. Waar James Sedwards soms voor melodie zorgt tussen de studioruis, waren onze vier snaarvrienden zo methodologisch op elkaar afgestemd dat ze de wetten van de akoestiek leken te tarten. De karikatuur zoals punk soms aanvoelt werd overschreden tot een evenknie van de beste jazz of een ritmische improvisatie.
De compositie zelf was uitgestrekt en afwisselend zoals we van de gitaarlegende gewoon zijn. Iedereen had de tijd om waar nodig pagina’s in zijn of haar studieboek te keren of een effectenpedaal af te stellen. Wij zaten nadien toch eerder in met de infrastructuur van de zaal. Anders dan de vaak misbruikte metafoor was die bijna letterlijk door een sloophamer behandeld.
Tijdens de aftershow door afro punk act Big Joanie merkten we echter dat de fundamenten van de Vooruit en Thurston Moore elkaar al vijfentwintig jaar in de oren fluisteren, en dat ze juist opgewonden worden van muzikale bulldozers.
Het stuk was als het ware ingedeeld in seizoenen, waarbij we afwisselden tussen kille drones en verkwikkend gekriebel. Moore anticipeert steeds op de hoge verwachtingen van zijn bescheiden maar extatische publiek. Zou dit soort aanvallen op het gehoor door een seniorengezelschap werken als een prikkel voor de eeuwige jeugd? We hebben het verstomd proberen gadeslaan terwijl de vloer van de theaterzaal letterlijk daverde. Naast het typische wasbordgeluid herkenden we ook een ontstemde klavecimbel, buisklokken en een grote gong, geen van welke effectief aanwezig waren. Onze visuele cortex werd gelukkig ook gestimuleerd door animaties van astronomische verschijnselen en time-lapsen van groeiend leven.

Ware het niet dat Thurston Moore een tiener was bij het verschijnen van ‘2001: A Space Odyssey’, dan had Stanley Kubrick hem waarschijnlijk gevraagd voor de soundtrack. Jem Doulton bleek het evenbeeld van Steve Shelley toen hij naast hardcore drums allerhande belletjes en percussiemateriaal bediende. Even waanden we ons in een beneveld regenwoud, wat later bekeken we een Star Trek aflevering. Uiteraard schoof Thurston Moore ook een schroevendraaier tussen zijn staren, de enige zekerheid die we bij hem toch hebben.

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Vooruit, Gent

Hersencellen + Butsenzeller

Spaarplan/Half A Century (EP + Remixes)

Geschreven door

Is het jazz? Is het noise? Is het rock 'n roll? Nee, het is waanzin. Laat ons daar maar mee beginnen bij het voorstellen van twee artiesten die absurditeit hoog in het vaandel dragen en daar bovendien graag mee improviseren tot in het oneindige.
Hersencellen bestaat uit het duo Butsenzeller en Gert Vanlerberghe. Het zijn muzikanten die ondertussen al de klappen van de zweep kennen. Gert Vanlerberghe is naast zanger/performer bovendien ook een poëet en dichter die met zijn project Ballonnenvrees hoge ogen heeft gegooid. Ook Butsenzeller is dankzij zijn deelname aan uiteenlopende projecten geen onbekende meer in de muziekwereld.
Met 'Spaarplan/Half A Century' komt nu een splitalbum op de markt die beide topartiesten samenbrengt. Deze EP dien je bij voorbaat te beluisteren met het verstand op nul, maar de ogen wijd open. Want er is van alles te zien en te horen. Ten minste als u uw fantasie de vrije loop laat en de subtiele boodschappen wil begrijpen.
Wat we bovendien zo leuk vinden aan deze schijf is dat we hier geen muziekstijl kunnen op kleven. Zowel Hersencellen als Butsenzeller vuren chaos op de aanhoorder af, maar houden je ook een spiegel voor. Maar vooral laten beide artiesten dus de deur op een kiertje om ook uw fantasie te prikkelen, met de bedoeling dat je als aanhoorder zelf kunt in te vullen waar ze het echt over hebben. Dat merken we al bij de songs van Hersencellen: “Broos”, “Spaarplan” en “De Computer”.  Een vreemde mix van allerlei geluiden en percussie komen op u af als een brij modder die je hersenpan letterlijk binnendringt. Gevolgd door een vocale inbreng die dus vooral een subtiel onderliggende boodschap bevat.
De solosongs van Butsenzeller liggen eigenlijk wat in het verlengde van Hersencellen, al ligt de focus daar toch iets meer bij jazzinvloeden, of toch eerder free jazz. Maar ook hier ligt de nadruk dus vooral op het prikkelen van de fantasie, een subtiele spiegel voorhouden en chaos zodanig te laten klinken dat je daardoor murw geslagen in de hoek van de kamer verweesd achterblijft. Ook na vier luisterbeurten doen we bovendien nog nieuwe ontdekkingen. Wat erop wijst dat deze schijf moet groeien. Een luisterbeurt is dus voldoende, maar geef de plaat toch enkele kansen om hem echt te begrijpen.
De fijne remixen zoals 'Butsenzeller - Voteshutupworkconsume (Butsenzeller act of love RFX)', 'Butsenzeller - Voteshutupworkconsume (Staatseinde Remix)  laten bovendien horen dat deze klasse artiesten nog veel meer in hun mars hebben, en hun eigen grenzen dus blijven aftasten tot in het oneindige. Wat ons dan weer doet uitzien naar meer absurditeit in de toekomst.
Prikkelingen naar je hersens sturen waardoor je eveneens de wenkbrauwen fronst is de rode draad doorheen deze split EP - ook uitgebracht op cassette met downloadlink. Nee, een gemakkelijk brokje vlees schotelen de heren je dus heel bewust niet voor. Op de koop doe zorgt dit duo ervoor dat je letterlijk even tot je positieven moet komen in de hoek van de kamer, niet goed wetende wat je net hebt meegemaakt. Wijzelf vonden dit pareltje van een schijf dan ook een heel interessant kunstwerk, in het verlengde van wat een grootmeester van absurditeit en improvisatie Mauro Pawlowski ook doet. Wie ooit een show van voornoemde Mauro Pawlowski heeft gezien, weet waar ik het over heb.

Le Butcherettes

biMENTAL

Geschreven door

De Mexicaanse band Le Butcherettes zal wel altijd een snoepje voor de kenners blijven, een curiosum waarover je kan opscheppen tegen collega-liefhebbers van afwijkende muziek. Een  doorbraak naar het grote publiek zit er niet meteen in. In 2016 stonden Le Butcherettes nog in De Kreun in Kortrijk, met een ander rariteitenkabinet (the Picturebooks) als support. De zaal was slechts half vol, maar vanwege de unaniem positieve respons kwam opper-Bucherette Teri Gender Bender, badend in het zweet en met uitgelopen make-up, na de bis-nummers iedereen  - zonder uitzondering - persoonlijk een knuffel geven.  Dat soort band is Le Butcherettes.
De Mexicanen hebben een nieuw album uit dat deze keer net iets toegankelijker is. Dat probeerden ze reeds ongeveer op vorige albums, via samenwerkingen met o.m. Iggy Pop, John Frusciante (ex-Red Hot Chili Peppers) en brulboei Henry Rollins. Deze keer pakken ze dat iets bescheidener aan, met gastrollen voor Jello Biafra (Dead Kennedys), de Chileense singer-songwriter Mon Laferte en Alice Bag (van The Bags, maar vooral een collega-feministe voor Teri). De beste zet van Le Butcherettes was echter om na drie albums Omar Rodríguez-López (van At The Drive In en The Mars Volta) uit de producersstoel te duwen en hem te vervangen door Jerry Harrison. Deze ex-Talking Head is dan wel van een andere generatie dan Le Butcherettes, hij verstaat de kunst om ‘afwijkende’ muziek toegankelijk te maken zonder dat een artiest of band zijn ziel moet verkopen.
Op het nieuwe album ‘bi/MENTAL’ krijg je als luisteraar dan ook precies dat: ‘moeilijke’ muziek die toch heel poppy klinkt en vlot binnenkomt. Dit is heerlijk rebels. Elke song gaat een nieuwe richting uit, met strakke drums en bas en Teri Gender Bender als onwelvoeglijke stoorzender op gitaar, aan de synths en achter de microfoon. Denk aan de furie en tegendraadsheid van de jongste versies van Sineaid O’Connor en PJ Harvey op een muzikaal bedje van The Gossip, David Bowie, Brian Eno en – toch wel - Talking Heads. Ook liefhebbers van pakweg de Evil Superstars zullen hier hun gading vinden.
De lekkerste brokken zitten in de eerste helft van het album. Het openingstrio met het onheilspellende “spiderWAVES” (alleen al die titel), de met metal opstartende bluesrocker “giveUP” en het stevig rockende liefdeslied “strongENOUGH” zijn om duimen en vingers van af te likken. Daar tegenover zijn “fatherELOHIM” (Blondie!) en “littleMOUSE” muzikaal niet zo overtuigend, maar toch boven de middelmaat. Eens voorbij halfweg gaat de snelheid er wat uit en dan zal het voor sommige luisteraars wel even doorbijten zijn. “struggleSTRUGGLE” maakt zijn naam helemaal waar. “motherHOLDS” kan nog net gedelibereerd worden, maar “BREATH” krijgt voor elk vak een onvoldoende, ondanks een stevig rockende finale. En “sandMan” is jammer genoeg geen cover van Metallica. Daar zouden we nochtans blij van worden: het half-verontrustende slaapliedje van James Hetfield dat door de mangel gehaald wordt door een subversieve punkrockband die niet vies is van een beetje experiment. Waar blijft dat cover-album van Le Butcherettes?

Noctulux

From The Shadows

Geschreven door

Terugkeren in de tijd is iets wat we normaal gezien niet doen. Sommige bands die ons in het overaanbod van releases wat zijn ontgaan, verdienen echter wel de nodige aandacht. Ook al dateert dit debuut van symfonisch metalband Noctulux 'From The Shadows' reeds van januari 2018, vonden we het toch nodig de plaat en band een jaar na datum even onder de loep te nemen.
Deze uit Nederland afkomstige band ontstond in 2016 en heeft, na enkele line-upveranderingen, de tijd en energie gevonden een heel knap debuut op de markt te brengen, dat vooral deuren opent naar een gouden toekomst. Laten we het daar bij houden.
Noctulux drenkt zijn songs in een atmosferisch, eerder donker aanvoelend tot intiem sfeertje, waarbij eveneens een sprankel hoop en licht te bespeuren is op het einde van de tunnel. Vooral worden heavy riffs van een heerlijk solide solerende Maarten Langeree gecombineerd met verdovende basinbreng van Ben Bruschke. Waarna eerder intieme piano- en keyboardklanken je doen wegzweven naar andere oorden. Bij die ingetogen momenten bezorgt zangeres Mirjam je als ultieme kers op de taart een krop in de keel. Sfeerschepping in de telkens een heel intimistisch aanvoelende omkadering is dan ook de rode draad doorheen songs als “Break Me Down”, “Close My Eyes” en “Raindrops”. Haar kristalheldere stem komt net bij die heel intieme songs trouwens nog het best tot zijn recht, ze raakt daarbij die gevoelige snaar telkens opnieuw.
Dat de band ook kiest voor een avontuurlijke, gevarieerde aanpak waarbij vooral een eerder aftastende houding wordt aangenomen. Het is eigenlijk het grote pluspunt aan dit debuut. De band geeft daardoor te kennen dat ze nog kunnen groeien in hun kunnen, en het eindpunt gelukkig nog niet is bereikt. Dat laatste blijkt nog het meest uit “Shadows”, een song waarbij de band plots alle registers open gooit, zonder geluidsmuren af te breken, maar wel door ons met verstomming van het kastje naar de muur te sturen en uiteindelijk totaal verweesd achter te laten. Een gegeven dat we helaas niet over de gehele schijf opmerkten, maar dat is op zich een beetje muggenziften naderhand bekeken.
‘From The Shadows' bestaat vooral uit breekbare, heel persoonlijke songs binnen een intieme sfeer die naar voor worden gebracht zonder je in slaap te wiegen, maar die wel je hart enorm diep raken. En dat is dus de grote verdienste van die eerder genoemde vocale inbreng, gecombineerd me muzikanten die op het perfecte moment inspelen op die walmen van melancholie die Mirjam daarmee naar voor brengt. Eens de juiste balans gevonden is tussen zang en instrumentale inbreng voorspellen we Noctulux op basis van dit heel intieme en fijn debuut dan ook een gouden toekomst.
Kortom: Niet elke song is even overtuigend, maar het potentieel om potten te breken naar de toekomst toe, blijkt uit dit debuut dan weer wel. Bovendien slaagt Noctulux erin je onder te dompelen in een intieme atmosfeer, die aanvoelt als een deken tegen koude nachten, zonder je in slaap te wiegen. En ook dat is eigenlijk dan weer iets om in de toekomst verder uit te werken. Want die stem van Mirjam is in dat geheel een bijzondere meerwaarde waarrond verder kan worden gewerkt om van deze Nederlandse band uiteindelijk een goudhaantje te maken dat binnen atmosferische/symfonische rock en metal potten zal en kan breken.

Tracklist: 1. Break Me Down 03:56; 2. Goodbye 03:56; 3. Broken Record  05:11; 4. Fear  04:56; 5. Something More  03:40; 6. Close My Eyes 07:32; 7. Where Darkness Is Light  06:32; 8. Raindrops  04:06; 9. Leaves In The Wind  06:04; 10. Infected  05:31; 11. Shadows  10:10.

Unleashed

The Hunt For White Christ

Geschreven door

Medio 2019 bestaat Unleashed, de Zweedse deathmetalformatie, ondertussen dertig jaar. Een feestelijk jaar moet dit worden. De band maakte furore door teksten over vikings en Scandinavische mythologie te overgieten met een typisch deathmetalsausje. Ze worden zelfs omschreven als grondleggers in dat gegeven, maar zijn helaas ondertussen een beetje ingehaald door de tijd. Vorig jaar bracht de band zijn dertiende album op de markt 'The Hunt For White Christ' via Napalm Records. Ter gelegenheid van het dertigjarige bestaan vonden we het de perfecte timing deze schijf eens onder de loep te nemen.
'The Hunt for White Christ' is een conceptalbum rond de mythologische wereld Odaleim en Midgaard. “Lead Us Into War” geeft de toon aan, laten we de strijd aangaan. Door middel van die typische energieke en krachtdadige aanpak deelt de band reeds een mokerslag van jewelste uit, en dan zijn we vertrokken voor een verschroeiende harde en meedogenloze trip die uitmondt in het verpletteren van heilige huisjes, tot er geen enkel meer recht staat. De vrij toegankelijke songs treffen je in het hart, en met de ogen gesloten voelen we ons prompt terugkeren in de tijd en gaan die strijd eveneens aan door middel van al even grote uppercuts in het gezicht uit te delen, door middel van gestroomlijnde gitaarlijnen - we waren meerdere keren onder de indruk van die verschroeiende solo's die de gitaristen van dienst uit hun instrument toveren -  bulderende vocalen en drumsalvo's die je zonder verpinken telkens opnieuw tot moes slaan.
Dankzij verpletterende songs als ''Terror Christ”, “They Rape The Land” en “The City Of Jorsala Shall Fall” blijft de band de aandacht scherp houden. Een lijn die over de gehele schijf wordt doorgetrokken. En meteen ook het grote pluspunt aan deze plaat eigenlijk.
Het grote gevaar aan zoveel jaren aan de weg timmeren, is dat je als band in de val trapt van een routineklus af te werken. Ondertussen heeft Unleashed inderdaad niets meer te bewijzen, maar toch maakt de band er zich niet gemakkelijk vanaf en straalt gelukkig nog steeds een spontaniteit uit als jonge wolven in het vak die jou zonder enig medelijden verpulveren en verscheuren zoals enkel de vikings in die gouden tijden dat konden, gerugsteund door de goden.
Laat dit nu de reden zijn waarom we door deze pracht van een schijf compleet over de streep worden getrokken, en prompt mee de strijd aangaan naar 'The Hunt For The White Christ'. Unleashed zet na dertig jaar nog steeds zijn stempel op dat deathmetalgebeuren, met een vette knipoog naar typische vikingmetal, en levert een kwalitatief hoogstaand product af zonder de spontaniteit en spelplezier uit het oog te verliezen. Dat getuigt van pure klasse, waaruit menig band met zelfs meer jaren dienst nog iets kan van leren.
Tracklist: 1. Lead Us Into War 03:28; 2. You Will Fall  03:35; 3. Stand Your Ground  03:15; 4. Gram 04:10; 5. Terror Christ 03:54; 6. They Rape The Land 04:00; 7. The City Of Jorsala Shall Fall  04:12; 8. The Hunt For White Christ  02:36; 9. Vidaurgelmthul  03:24; 10. By The Western Wall  04:17; 11. Open To All The World 04:48.

Yeggmen

Together In The Fullness Of A Solar System

Geschreven door

De Franse indie/electrorockband Yeggmen bracht in januari zijn debuut 'Together In The Fullness Of A Solar System' op de markt. In de biografie daarover lezen we het volgende: "The French band is exploring an hypnotic and dark territory. A warm and innocent voice combines with powerful electro rock rhythms and captivating synths. As a result, Yeggmen bring us somewhere between Ghinzu's frenzy, Damon Albarn's flippancy, and Nick Cave's dark romanticism." Een stelling waarin we ons zeer goed kunnen vinden. Ondanks dit debuut kunnen we trouwens stellen, de leden van deze band - Fred Ozanne (vocals/ guitars), Sofía Miguélez (keys/backing vocals), Matthias Moreno (drums/drum machine/backing vocals)  - zijn trouwens geen onbekende meer binnen dat indierockwereldje, die ervaring binnen het vak zorgt er dan ook voor dat de perfectie over de gehele lijn wordt overschreden.
Vanaf “A86” krijgen we dan ook een heel catchy, aanstekelijk, dansbaar maar ook vrij melancholisch klinkende trip voorgeschoteld die zowel de emotie als de dansspieren aanspreekt. Een beetje in verlengde van inderdaad een band als Ghinzu. Gedrenkt in de donkere weemoed van Nick Cave, al is dat eerder door middel van een subtiele knipoog naar deze laatste. Want donker klinken songs als “On The March” en “The Biggest Wave” eigenlijk niet echt. Weemoedig echter dus wel.  Dat Yeggmen bewust schippert tussen die uitersten van gevoelige snaren raken en eerder je doen dansen door de huiskamer blijkt nog maar eens uit wederom een heel aanstekelijk “Station Home” gevolgd door een bitterzoet klinkende orgelpunt in de vorm van afsluiter “Never Be Alone Again”. Een kers op die lekkere taart die smaakt naar meer.
Yeggmen brengt met 'Together In The Fullness Of A Solar System' zeker een heel leuk debuut uit, dat dus wel aan de ribben kleeft, maar waaruit eveneens blijkt dat deze band nog kan groeien. De songs zitten structureel heel goed in elkaar, dit is de betere indie/electropop dat we voorgeschoteld krijgen. Maar het eindpunt is dus nog niet bereikt, zoveel is duidelijk. Yeggmen bestaat echter uit muzikanten die de klappen van de zweep ondertussen kennen, en kunnen met dit debuut zeker hoge ogen gooien naar fans van het bijvoorbeeld Ghinzu tot Girls in Hawaii toe, twee bands die muzikaal al lang diezelfde richting uitgaan maar toch een paar treden hoger soleren dan Yeggmen. Geef deze band dus vooral de kans om open te bloeien, want het potentieel om net als voornoemde potten te breken in het typische elektronische tot indierockgebeuren. Daarover beschikt Yeggmen op basis van dit sprankelende, weemoedige en lekker aanstekelijke debuut, zeker en vast.

Tracklist: 1. A86  04:19; 2. On The March  03:19; 3. The Biggest Wave  03:18; 4. Lovely 05:01; 5. You Are Lost  04:05; 6. Ship  03:45; 7. Station Home  03:18; 8. Never Be Alone Again  05:00.

Pagina 347 van 967