logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
Hooverphonic

Triggerfinger

Triggerfinger - Europese clubtournee met volle power ingezet

Geschreven door

Bij ons is Triggerfinger ondertussen al een mega-groep geworden, in Rock Werchter werd voor dit zwaar rockende trio de mainstage voorbehouden en in december is de rocktempel Vorst Nationaal aan de beurt.
Wie Triggerfinger graag ietwat kleinschaliger wou aanschouwen moest dus de grens over. In Tourcoing startte de band hun eigenste Tour De France, en gezien dit gehucht op amper een kwartiertje rijden ligt van Kortrijk mocht men zich hier wel aan een flinke opkomst van Belgen verwachten. Niet te verwonderen dus dat het bordje Sold Out al enkele weken geleden werd bovengehaald.

Triggerfinger had er goesting in, heel veel goesting. Hier was geen sprake van eventuele vermoeidheid na een drukke zomer, het krachtige trio speelde gretiger dan ooit. Na al die open air optredens van de afgelopen maanden vond de band het inspirerend om eindelijk nog eens het echte zweet van een clubzaal te mogen proeven. Ook wij mochten dat letterlijk meevoelen in die stomend hete Grand Mix, een uiterst aangenaam concertzaaltje waar al een resem puike bands zijn gepasseerd.
Triggerfinger stoomde , kolkte en bruiste als nooit tevoren.
Le Grand Mix ontplofte met furieuze rockuitbarstingen als “Black Panic”, “On My Knees”, “There She Was Lying in Wait”, “Is It”, “First Taste” en “Let it Ride”. Tempo, power, adrenaline en geestdrift, daar kwam het op aan, Triggerfinger ging recht op doel af en de motor draaide op volle toeren.
Stilaan een constante in elke set, “My Baby’s Got A Gun”, Triggerfinger’s versmachtende interpretatie van de blues, was nog maar eens het ultieme hoogtepunt van de avond.
Ruben Block liet zich vanavond ook meermaals verleiden tot een stel scherpe en scheurende gitaarsolo’s, onder meer in een openbarstend “Camaro” en in de withete funk van “All This Dancin’ Around Again”, waarin trouwens ook de drumsolo van Mario Goossens voor één keer niet op de zenuwen werkte. Ook de flauwe grap “I Follow Rivers” was nu eindelijk uit de setlist geweerd, dus bijna alles zat perfect vanavond. We merkten welgeteld één klein haperingetje, de niet te bijster fantastisch klinkende nieuwe single en halve Bowie persiflage “Of The Rack” kwam ook in zijn live versie niet van de grond. Maar aan het eind van zo een verpletterende show konden ze zich dat missertje wel permitteren.

Als ze dit tempo en die brute power blijven aanhouden zal ook de rest van Europa voor de bijl gaan. We hebben er het volste vertrouwen in.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/triggerfinger-02-10-2014/
Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

The Libertines

The Libertines - 10 jaar na de witloofbar nog even rommelig en fantastisch

Geschreven door

The Libertines - De reünie waar we jarenlang op hebben moeten wachten. Eindelijk hebben Carl Barat en Pete Doherty besloten om terug samen op tour te gaan.
Als er iets was dat op mijn lijstje ontbrak was het wel The Libertines. Na hun jarenlange vete stonden Pete Doherty en Carl Barat terug samen op het podium. Een goed halfgevuld Vorst Nationaal stond in volle spanning te wachten op dit legendarische duo.

Na een introductie filmpje startten deze helden met “Delaney”. Schot in de roos, zo bleek, want het nummer was nog niet half begonnen en Vorst stond al helemaal op zijn kop. Alhoewel we niet altijd even goed verstonden wat Pete aan het zingen was, bleek het geen enkel probleem om de teksten luidkeels mee te brullen. ‘Punk is not dead’ wordt er wel eens gezegd! En zeker niet als je deze vier mannen in uw zaal programmeert.
De liefde voor de ongewassen rock'n’roll droop er bij Pete en Carl van af, die unieke band tussen de twee kemphanen was volledig terug. Een vrij rommelig en chaotisch showtje, dat wel, maar hé, dit is toch net waarom wij The Libertines zo goed vinden! “Can't stand me now”, “Up The Bracket”, “Don't Look Back Into The Sun” en “Death on The Stairs” deden nostalgische gevoelens oplaaien en als totale verrassing vuurde Doherty een wonderlijke akoestische versie van het Babyshambles nummer “Fuck Forever” op ons af.
Verder lieten ze ons hoegenaamd niet op onze honger zitten en kregen we nog een hele resem ruwe pareltjes op ons bord, eigenlijk quasi alles wat we wilden horen. Doherty verwees tussendoor nog eens naar hun eerste optreden op Belgische bodem in de Witloof Bar van de Brusselse Botanique. Dat hij zich dat zelf nog herinnerde was op zich al een wonder, Pete was toen immers zo stoned als een garnaal, maar wat een optreden !
(so says daddy, and daddy’s always right).

Is dit een geslaagde comeback? Zeker en vast! Wie weet wat we in de toekomst nog mogen verwachten van deze legendarische band.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/the-libertines-01-10-2014/
Organisatie: Botanique, Brussel 

Suuns

Suuns - Sonische krautrock

Geschreven door

Het Canadese Suuns had met hun tweede plaat ‘Images Du Futur’ al één van de betere albums van 2013 uitgebracht. Beetje eigenaardig dat de zomerfestivals deze band links lieten liggen (zeker Pukkelpop heeft hier een kans gemist), maar nu mocht Suuns in de Gentse Vooruit  één en ander komen bewijzen, en ze hebben die kans met beide handen gegrepen.

De band leek ondertussen al een opwindende live sound te hebben ontwikkeld, een bruisende mengeling van elektronica, dissonante gitaren, psychedelische soundscapes en licht opzwepende beats, en dit alles in de juiste verhoudingen. Suuns leek veel te hebben opgestoken van de Duitse krautrock pioniers Neu! en van de neurotische klanken van Suicide. Met deze ingrediënten plus een stel verkwikkende hedendaagse klanken en psychedelische diafragma-beelden op de achtergrond, slaagde Suuns er in om de halfvolle Balzaal mee te nemen in een aangename trip. Als de beats de bovenhand voerden zat Suuns in de buurt van pakweg Caribou en Jagwar Ma, als de gitaren overheersten kwam zowaar een scheut onvervalste Sonic Youth naar boven.
Er zat heel wat groove in songs als “2020”, “Arena” en een zeer opzwepend “Bambi”, maar evenzeer passeerden er snerende gitaren die helse geluidsgolven veroorzaakten in “Powers of Ten” en in de stomende herrie van een haast niet te herkennen “Sunspot”. Suuns week dus bij een hoop songs nogal wat af van de studioversies, er werd flink wat sonische power en experiment toegevoegd, en dat maakte het geheel bijzonder borrelend en scherp.

Een knap en bedrijvig concert dus van een band die met diverse invloeden bijzonder creatief omspringt. Geen idee wanneer er een nieuwe plaat uitkomt, maar het wordt iets om naar uit te kijken.

Organisatie: Vooruit Gent

Fritz Kalkbrenner

Ways over water

Geschreven door

We kennen allemaal dat singletje “Sky and sand “ van broer Paul Kalkbrenner (2009) (vocals btw van Fritz) . Beide DJs  zijn vaandeldragers van de Berlijnse dancescene en het lijkt erop dat Fritz de laatste tijd zijn broer nu bijbeent .
Hij brengt op de nieuwe plaat een reeks warme, soulvolle deephouse door de groovy, bezwerende, aangename beats . Ook zijn er enkele nummers van vocals voorzien , als “Back home” (één van de singles), “Heart of the city”, “The sun” en “Front of the world”. Een mooie combinatie van pop en clubtracks , met o.m. ook die prachtsingle “Void”, waarbij verder ruimte is voor rustgevender werk.
Op die manier is Kalkbrenner binnen het genre niet in een hokje te duwen , maar is er een universeler kader in z’n muziek .

Eels

The cautionary tales of Mark Oliver Everett

Geschreven door

Een nieuwe autobio horen we op Mark E Everett’s plaat , met een serie herinneringen en overpeinzingen , een intiem verslag van een persoonlijke strijd . De vorige ‘Wonderful , glorious’, die deel uitmaakte van een drieluik , klonk extravert , rammelde, rommelde en rockte .
Hier hebben we ingenomen werk , sfeervol gehouden door de omzichtig gespeelde, ingehouden, subtiele sounds . De geluidjes van gitaar , piano , strijkers en verdwaalde blazers vallen  allemaal wel op hun plaats in die intieme songs. Openers “Parallels”, “Lockdown hurricane” en “Agatha Chang” geven een zalvende klankkleur en sfeer weer ; “Series of misunderstandings” is geleest op een speelgoedpiano. Een breder, voller instrumentarium hebben we dan op “Where I’m from” en “Kindred spirit”, die ruiken naar lentebloesems. De “Mistakes of my youth” en de bijkomende track “Where I’m going” zijn de uitnodigende, emotievolle, poppy songs . “Gentlermen’s choice” en “Dead reckoning” zijn gelinkt aan het werk van Randy Newman en zijn de meest donkere .
De in het leven zo geplaagde E heeft opnieuw een reeks pareltjes klaar …

 

Sohn (SOHN)

Tremors

Geschreven door

SOHN is muzikaal best te plaatsen binnen het rijtje van James Blake en Jamie Woon en dan zitten we in de richting van de UK trippop/postdubstep . Christopher Taylor aka SOHN, een Brits producer ook , houdt het op gevoelige , dromerige, sfeervolle , spaarzame minimalistische sounds .
De naar Wenen uitgeweken geluidskunstenaar en eletrotechneut  stoeit er graag met ambient soundscapes , op elkaar gestapelde lagen elektronica , toegankelijke melodieën , verknipte in reverb gedrenkte beats, die een gevoel van slowmotion ademen en zalvend , slepend, prikkelend , dansbaar zijn. De bewerkte zangpartijen en hoog uithalende zang bieden duidelijk een meerwaarde.
In het genre worden voldoende variaties aangeboden van de dromerige “Tempest” , “Ramson notes” , “Paralysed” naar de knisperende , neurotische “The wheel”, “Bloodflows” tot het groovy “Artifice”.
Een klanken- en kleurenpalet dus ,  een elektronisch web van aangename, heerlijke  soundscapes , filmische pop en allerhande experimentjes hebben we; en soms het lijkt erop dat hij ginder in Wenen wel eens Anja Plaschg (Soap & Skin) tegen het lijf is gelopen …
Hij is een talentvol artiest en veelzijdig performer, die graag speelt met sounds en beats , een collectieve trance verwezenlijkt , er wat meer pit , dynamiek soms weet in te steken  en een bijzonder sfeertje weet  te creëren dat innemend , emotievol, intens pakkend en beklijvend kan zijn.

Swans

Swans - De soundtrack van de apocalyps

Geschreven door

Er zijn zo van die bands die nooit echt bovengronds komen, die in alle omstandigheden hun eigenheid behouden en steeds hun eigen dwarse ding doen, maakt niet uit of de mensen hun platen kopen of niet. Swans is zo een band die al jaren in de underground vertoeft, het daar helemaal naar zijn zin heeft, en inmiddels al een enorme cultstatus heeft verworven. Wereldwijd zijn er zonderlinge vleermuizen die de volledige collectie van Swans in hun kast hebben staan, ook in België leken er volgelingen genoeg te zijn om de AB quasi vol te laten lopen voor de pikdonkere Swans hoogmis.

U kwam maar beter op tijd, want reeds om 20.15 hr. begon Swans aan een bezweringsronde die bijna twee en een half uur zou duren, en dit in amper zes songs. Zes lange brokken onheil, noise, dreiging, donder, overstuurde gitaren, drone geluiden, diepe bassen en bezeten vocals. Kortom, Swans op zijn best, een band die met niets of niemand te vergelijken is, wegens nog krankzinniger dan het smerigste van Grinderman, Einsturzende Neubauten, Sonic Youth, Birthday Party en Foetus.
Uit deze imposante avond halen we gewoon geen hoogtepunten, dit was een monumentale totaalbeleving die we moesten ondergaan en waar we niet heelhuids uitkwamen, een ontzagwekkende hoogmis voor allerlei gespuis die zich niet graag aan het daglicht blootstelt. Wie niet vertrouwd was met Swans’ donkere, onheilspellende en meedogenloze muziek was hier waarschijnlijk al na tien minuten in paniek de zaal uitgerend, doch alle aanwezigen waren doorleefde Swans adepten die uit Michael Gira’s handen aten, die openstonden voor zoveel hemels lawaai, die zich lieten verzwelgen in die verslavende sound en die Swans adoreerden in alles wat ze deden.
En Swans gaf veel terug, de band speelde woest en bezeten, ging de strijd aan met al hun demonen en kleurde meer buiten de lijnen dan er binnen. Michael Gira zette geregeld zijn gitaar aan de kant om zich te bezondigen aan een soort indianendans om zo het sjamanistische karakter van de set nog wat kracht bij te zetten. Swans scheurden hun songs open en lieten ze bloeden tot in het oneindige, tot boven de pijngrens en terug. Striemende noise ging over in onheilspellende post-rock of gitzwarte blues, maar dan de blues die in stukken werd gereten en met een voorhamer en roeste klinknagels terug in elkaar gezet. Wij lieten ons hier zo onverbiddelijk en hardvochtig in meegaan dat wanneer u ons met een loden staaf op de kop zou hebben geslagen, we het nog niet eens gevoeld hadden.

Na twee en een half uur van het meest indrukwekkende kabaal volgde vanuit de zaal een minutenlang hartstochtelijk applaus. Toen wisten wij dat iedereen -maar dan ook iedereen- dit even straf, majestueus en overweldigend vond als wij.
Dit was onze eerste live kennismaking met Swans, wij waren compleet overdonderd, we hadden zopas de perfecte soundtrack bij de ondergang van de wereld meegemaakt. Een unieke, haast bovennatuurlijke ervaring.

Als toemaatje kregen we op de terugweg nog een onverwacht gevolg op deze apocalyptische avond. Op de E40 was een vrachtwagen zijn lading slachtafval verloren. Bijzondere ervaring, zo na een avondje moordende Swans-waanzin tussen de rottende kadavers en de stinkende beuling terug naar huis rijden. Perfect timing.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/swans-25-09-2014/
Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Bootleg Beatles

Bootleg Beatles - Van tributeband naar muziekgeschiedenisles

Geschreven door

Sedert maart 1980 gaan The Bootleg Beatles met licht wijzigende bezettingen de hort op met hun redelijk fantastische show. Let op de woordkeuze: show.  Toen George Harrisson nog tekenen van leven vertoonde, promoveerde hij deze coverband tot enige officiële Beatlescoverband. Meer nog, deze voortreffelijke gitarist liet zich ooit eens ontvallen dat ze beter de songs en de akkoorden kenden dan de Beatles zelf. Deze keer geen voorbeeld van die typische Beatleshumor.

Deze bootleggers hebben dan ook al meer dan 5000 optredens achter de kiezen, tot en met het voorprogramma van de Beatlesklonen Oasis. In een afgeladen volle Schouwburg bieden The BB’s u een show aan in vijf blokken en wandelen op die manier redelijk chronologisch door de ganse Beatlescatalogus. Met alles erop en eraan. Er wordt gretig van kostuums en pruiken gewisseld waardoor het nochtans voortreffelijke muziekgehalte het ietwat moet afleggen van het showgehalte. Maar toch kan je de carnavaleske verkleedpartijen vergeten als je de angstig goede vertolkingen hoort van pakweg “Strawberry Fields”, “Paperback Writer” en “the Ballad of John and Yoko”. Zoals het een echte Beatle betaamt, gaan ze ook tussendoor grappen. Deel 1 beschrijft de Beatlemania, twee vertrekt vanuit ‘Revolver’ (nog steeds veruit het beste Beatleswerk als je het mij vraagt), drie verkent ‘Sgt Pepper’, vier brengt hulde aan ‘All you need is love’. Vijf: ‘Let it be’.

Een ei zona perfecte show, goed voor de kenners en verkenners. Gelukkig heeft niemand het idee gehad om op het einde een kwelende Yoko-lookalike op het podium te sleuren, anders waren ze ook al gesplit. In tegendeel, met “Hey Jude” komt een einde aan een unieke live ervaring.

Organisatie: Schouwburg Kortrijk, Kortrijk

Pharrell Williams

Pharrell Williams – Wat een vreemd optreden, wat een vreemd, vreemd optreden…

Geschreven door

Als je een bepaalde leeftijd hebt bereikt is het niet onwaarschijnlijk dat je al eens van Pharrell Williams hebt gehoord vòòr de invasie van dat ene liedje “Whose name must not be spoken off”. Of je kent hem toch misschien als het eeuwig 17 jaar uitziende jong slank ventje dat je in het net nog MTV-tijdperk zag opduiken in clips van Snoop Dogg, Jay Z, Madonna, Justin Timberlake of zijn eigen N*E*R*D. En was dat ook niet die ene gast die er eigenlijk nog altijd een beetje 17 jaar uitziet die je onlangs nog tegenkomt in de clips komt van Daft Punk en Robin Thicke? Willen we maar zeggen: sinds eind jaren ’90 heeft Pharrell Williams een serieuze cv bij mekaar geproduceerd en geschreven. 
In maart heeft hij zijn tweede plaat ‘G I R L’ onder zijn eigen naam op de markt gebracht, een ode aan alle vrouwen in alle maten en vormen.

Dat hij die maten en vormen letterlijk neemt, merk je direct bij de start van het optreden (half elf starten is niet zo vroeg voor de kinderen die hun eerste optreden mee maken), want op de tonen van een mysterieus aandoende tune komen de vijf danseressen op die volgens de zanger een grote rol spelen in het optreden, ze zijn namelijk de base, wat dat ook mag zijn, en het is een bijna perfecte diversiteit van nationaliteit, huids- en haarkleur en vormen (ze zijn wel allemaal zeker kleiner dan de niet zo grote Williams) .
Ze doen een paar Walk like an Egyptian-typerende moves, shaken hun achterste en dan komt de zanger met hoed onder luid gejoel op de begintonen van “Come get it bae” op. Al heel vlug heb je door dat live zingen niet zo nodig is voor een producer, een beetje overdub of zelfs regelrechte playback is blijkbaar zeker toegestaan.
Afsluiten met een ietwat kleffe “thank you  thank you thank you”-serenade zorgt voor nog meer enthousiasme bij een grote groep mensen in het bijna uitverkochte Sportpaleis. Werkelijk in ieder liedje dat volgt doen de base-danseressen hun shakes op een soort soundmix-show van “Frontin’”, “Hunter”, “Monroe”, “Hot in herr” en “Give it to me”,  terwijl Pharrell ietwat houterig van de ene naar de andere kant van het podium gaat.
Na een dikke 25 minuten concert is het podium volledig voor de danseressen die hun getwerk nog eens extra mogen voorstellen en bij het tonen van de voornamen van de danseressen op het grote scherm merk je duidelijk dat er een directe correlatie is tussen de grootte van de boezem van de danseres en het volume van het applaus, want ja, het is een ode aan de vrouw.
En dan is het N*E*R*D-tijd, en gaat het nu over de vrouw die een lapdance for free geeft. Samen met Shay Haley zorgt de zanger nu wel voor een regelrecht en authentiek concertmoment en merk je duidelijk enthousiasme en vuur bij Williams, zeker als hij het optreden even stil legt om een fan die met nog een tiental anderen op het podium mag de levieten te lezen dat je het niet kan maken om toeristische foto’s te trekken terwijl Pharrell Williams op een meter van je staat. Onder andere “Rock star” en “She wants to move” passeren en na deze wervelwind passeren de “Hollaback Girl” (opnieuw mag er een groepje fans het podium op), “Blurred Lines” (ook zo’n regelrechte ode aan de vrouw) en “Get lucky”.
Nog even plichtsgetrouw doen alsof het concert gedaan is om dan na 30 seconden op te komen voor een bissetje, want er was toch nog dat ene liedje dat hij te spelen had. Gelukkig start hij met een superstrakke en funky versie van “Loose yourself to dance” met nu wel een mooie interactie met de band.
En dan is het daar, waar blijkbaar zeer veel mensen op hebben gewacht, hét liedje, met op het grote scherm zeer lelijke visuals die wel goed zouden staan op een dekbedovertrek voor kleuters. Echter is het tegelijkertijd ook een prachtmoment, want twee kinderen in rolstoel mogen samen met de zanger op het podium de boodschap van “Happy” verkondigen, heeft hij zeer mooi en puur contact met hen en betrekt hij ook het publiek erbij, en krijg je potverdikke dan toch wel zeker een krop in de keel en gaat de aanwezige scepsis uiteindelijk dan toch een beetje overboord.
Daar komt ook nog bij dat ik nog nooit een artiest zo lang heb zien blijven hangen op het podium, want toen het Sportpaleis al voor de helft leeggelopen was stond Williams nog te signeren, te zwaaien, te babbelen met fans en na te genieten.
Faut le faire : hoe je mak en een beetje als een houten marionet start en uiteindelijk toch er in slaagt om overtuigend de boodschap van “Happy” te kunnen overbrengen.

Wat een vreemd optreden, wat een vreemd, vreemd optreden…

Organisatie: Live Nation

Leffingeleuren 2014 thru the eyes & ears of Ollie Nollet

Geschreven door

Het Brusselse duo Hydrogen Sea had zeker iets geweest kunnen zijn. De breekbare vocals van Birsen Uçar waren niet onaardig en deden me zelfs heel even aan Nico denken maar uiteindelijk viel het muzikaal veel te licht uit. Ondanks een molenwiekende PJ Seaux, het leek wel Pete Townsend. Veel luchtverplaatsing om dan één enkele onnozele toets aan te slaan. Even leek het tij na drie nummers te keren toen hij een gitaar beetnam. Maar voor ik het goed en wel besefte had hij het ding al teruggezet en wist ik niet eens wat hij ermee gedaan had.

Intergalatic Lovers brachten doodbrave pop maar voor die vier saaie mussen stond wel ene Lara Chedraoui. Een fantastische zangeres waar velen een moord voor over zouden hebben om haar in hun groep te krijgen. Deze spontane, charismatische verschijning liet de intussen volgelopen tent uit haar hand eten.

Daarna volgden Trentemoller en Magnus die het ongetwijfeld goed deden (hoewel over die laatste de meningen verdeeld waren) maar waar ik met de beste wil van de wereld geen voeling mee kan krijgen.

Dan maar even Robbing Millions (uit Brussel) geprobeerd om na één nummer onthutst de zaal uit te spurten. Pop voor de kleuterklas waarbij ik nog het gevaar loop de intelligentie van onze kleuters te onderschatten.

Intussen was het middernacht geworden en had ik bitter weinig gezien waaraan ik me kon opwarmen. Maar dan verscheen een zootje ongewassen tuig uit Austin, Texas op het kleine podium van het café en viel er eindelijk iets te beleven. In die mate zelfs dat al snel alle ellende vergeten was. Holy Wave heette het bandje en ze bracht beklijvende psychrock die de ene keer dromerig klonk om even later lekker door te drammen. Er werd nogal wat van instrumenten gewisseld en blijkbaar werd iedereen behalve de drummer eens verbannen naar de keyboard, die nochtans erg bepalend was voor hun geluid. Te vergelijken met Jacco Gardner, Morgan Delt, The Warlocks en The Velvet Underground. Een cover van die laatsten kon dan ook niet uitblijven en we kregen een hypnotiserende uitvoering van “Foggy notion”, waarna de gelukzalige grijns op mijn smoel niet meer verdween.

Na een teleurstellende vrijdag kon het op zaterdag alleen maar beter gaan, dacht ik. Maar ook deze tweede dag begon in mineur toen bleek dat BRNS, waarvoor ik mijn middagdutje had opgegeven, verstek liet gaan. Maar dat leverde dan weer een ideale gelegenheid op om eens kennis te maken met Busker Street, het nieuwe en piepkleine podium waarop jong, aanstormend talent het beste van zichzelf mocht geven. Een mooi initiatief dat ik best kon appreciëren en waardoor ik gespaard bleef van één van dé sensaties van het festival, Dotan!

De zanger van het Londense Childhood had, zo te zien, de zoon van Phil Lynott kunnen zijn maar dan was de appel wel heel ver van de boom gevallen. Nee, deze vier hielden het bij lome gitaarpop die erg Brits klonk en waaraan niemand zich een buil kon vallen. Alleen wanneer de leiband van de gitaren wat losser gelaten werd leek er wat meer in te zitten maar vraag me niet wat.

Voor een eerste hoogtepunt moesten we in de tent bij Bombino (een touareg uit Agadez, Niger) zijn. Een aparte verschijning : gehuld in een wit gewaad, met voortdurend een kamerbrede glimlach om de lippen terwijl de communicatie met het publiek zich beperkte tot één enkel prevelend “merci”. Maar de muziek die stond er : aanstekelijke woestijnblues, die de heupen niet onbewogen liet, met in de hoofdrol die eeuwig swingende gitaar van Bombino. Wat een verfijnde schoonheid wist die man uit zijn snaren te knijpen, haast achteloos terwijl hij voortdurend bleef dansen. Misschien had het wel wat ruwer gemogen maar daar wil ik nu niet over kniezen. Eén keer werden we nog opgeschrikt toen de bassist ons plots in bijna vlekkeloos Nederlands toesprak maar voor de rest deden ze er het zwijgen toe en lieten ze de muziek primeren.

The Wytches zijn een trio, afkomstig uit het Engelse Peterborough, dat flink met de haren schudde. Hier zat duidelijk pit in : een diepe bas, een gewelddadige gitaar en een krijsende zanger die soms aan Jack White deed denken. Anderen hoorden dan weer duidelijke sporen van Nirvana. Enkel wanneer ze het tempo lieten zakken liep het grondig fout. Er is duidelijk nog wat werk aan de winkel maar de kiemen waren alvast veelbelovend.

Woods (uit Brooklyn) was de groep waar ik het meest naar uitkeek. Net voor het optreden vernam ik nog het slechte nieuws dat hun vierde man hals over kop naar huis was moeten vertrekken. Toch was het de basiskern die op het podium verscheen : zijnde Jeremy Earl (gitaar, zang), Jarvis Taveniere (bas, gitaar) en Aaron Neveu (drums). Jeremy Earl begon de set op akoestische gitaar voor een drietal folksongs, schitterend gezongen met die unieke hoge stem van hem. Na die schijnbaar simpele songs nam hij zijn elektrische gitaar en waren we vertrokken voor een ellenlang maar steeds boeiend epos op de snaren. De nummers die daarop volgden waren opnieuw gebald en telkens van een superieure klasse. Misschien wat jammer dat Jeremy Earl, die wat weg had van een ernstige professor, geen contact zocht met zijn publiek maar op de muziek viel alleszins niets af te dingen, ondanks die amputatie waar trouwens met geen woord over gerept werd. Dit was misschien wel het mooiste op deze editie van Leffingeleuren.

Op basis van hun laatste plaat had ik van The John Steel Singers (genoemd naar het gelijknamige speelgoedpaard van zanger Tim Morrissey) niet zo gek veel verwacht. Maar op het kleine podium van het café kwamen de vijf uit het Australische Brisbane verrassend sterk uit de hoek. En dat zeker niet met de meest voor de hand liggende muziek. De harmonieuze samenzang van de vier frontmannen, die herinnerde aan The Mama’s and The Papa’s moest het opnemen tegen dwarsliggende gitaren. Een enkele keer klonk het wat melig maar voor het overige klonk dit verbazend fris en zelfs feestelijk wanneer Scott Bromiley zijn trompet bovenhaalde. Een herbeluistering van die laatste plaat dringt zich op!

Op zondag mocht Het Zesde Metaal van Wannes Cappelle de spits afbijten en ze deden dat met verve. Net als Flip Kowlier in het sappige West-Vlaams maar dan wat meer ingetogen. Maar Het Zesde Metaal is veel meer dan allen maar goeie teksten. De songs zitten ook muzikaal bijzonder sterk in elkaar. Filip Wauters (op gitaar en lapsteel) en Tom Pintens op piano en één keer op gitaar (meteen het mooiste nummer van de set) wisten het geheel prachtig in te kleuren.

En ook op deze derde dag werden we aangenaam verrast in het café. Verantwoordelijk hiervoor was de verstilde pracht van Quilt, een kwartet uit Boston, Massachusetts. Een miniatuurmeisje, met ogen waarin je moeiteloos kon verdwalen, zong, was actief op gitaar en orgel en leek de drijvende kracht achter dit gezelschap. Hierbij kreeg ze de hulp van een gitarist (tevens tweede zanger), een bassist en een drummer. Psychedelische folk die weeral eens uit de sixties leek te komen en waarbij ik spontaan aan één van de grootste iconen uit die tijd, Love, moest denken. Het lijkt er intussen op alsof er op iedere hoek van de straat een psych band staat te spelen maar dit Quilt was zeker het ontdekken waard.

De tijd van het geweldige Sixteen Horsepower ligt al een eeuwigheid achter ons en hetgeen David Eugene Edwards tegenwoordig met Wovenhand uitspookt heeft daar nog bijzonder weinig mee gemeen. Americana kun je dit bezwaarlijk noemen, eerder Gothic rock, bijna drone rock. Alle nummers waren gehuld in een donkere, zware sound. Edwards haalde wel zijn mandoline nog eens boven maar het geluid ervan was nauwelijks te herkennen. Impressionant, dat zeker maar ook zwaar op de hand. Ideaal voor in een duistere zaal waarin je je volledig kan laten meezuigen in hun pikzwarte universum. Maar toch iets minder geschikt voor een festival want dit was niet meteen het soort muziek waar je vrolijker van wordt. En toch was ik blij dat ik ze zag. Kan dat?

Neem gerust een kijkje naar de pics (dag 2)
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/leffingeleuren-2014/
Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

Pagina 565 van 966