logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15433 Items)

Stef Bos

TIJD om te gaan leven

Geschreven door

 

Dat Stef Bos een poëet is, een klasseverteller die op zijn gezapig en meesterlijke wijze de snaar raakt van zijn aanhoorder op een bijzondere wijze, bleek toen we de man vorig jaar zagen aantreden in OLV Hemelvaartkerk in Eksaarde (Lokeren).

Het verslag kunt u hier nog eens nalezen: http://www.musiczine.net/nl/concertreviews/item/75911-stef-bos-als-je-ruimte-zoekt-zoek-ze-dan-van-binnen-uit.html  .
Met 'TIJD om te gaan leven' slaat Stef Bos een andere bladzijde om en komt die verteller in zichzelf voortdurend bovendrijven, in een zeer positieve omkadering. De songs stralen meer dan ooit hoop uit. Hoop op betere tijden. Tijd is uiteraard de rode draad op deze plaat. Alle aspecten daarvan worden uitvoerig uit de doeken gedaan.
Na het instrumentaal “Voor De Tijd” laat Stef Bos al een tipje van de sluier horen en zien bij “Ruimte”. Hierbij geeft hij al een duidelijke boodschap mee die als volgende klinkt: '' Hoe kleiner je bent, Hoe groter de ruimte Hoe verder je gaat, Hoe dichter je komt Hoe meer dat je verzwijgt, Hoe sterker de woorden Hoe meer dat je loslaat, Hoe lichter je wordt". Een levensles die kan tellen en zoveel waarheid bevat. Of toch een soort 'waarheid' waar ik me goed kan in vinden. En we zijn er zeker van dat velen het met ons eens zullen zijn.
Stef Bos doet niet aan intensief hartenbreken, maar wel op een bijzonder ingetogen wijze snaren raken. Luister maar naar “Ons Hoofd Is Een Huis”, een duet met Diggydex, waarbij Stef verder jou, mijn en zijn verhaal vertelt op zodanige wijze dat je voortdurend zit mee te knikken, met een traan in je ogen. Het is vooral die bijzonder intieme en ingetogen wijze waarop hij het doet dat ons daarbij het meest over de streep trekt. Song na song vertelt hij een ander verhaal, zonder hoge woorden door de strot te rammen, maar wel vaak een boodschap mee te geven die je diep raakt. ''Reisde verder en verder. Volgde alleen nog een droom. Lag onder een hemel vol sterren. Maar leefde teveel in mijn hoofd. Je bent nergens geweest. Als je niemand hebt gemist". Het gaat over hoe we worden ingehaald door de tijd, door voorbij te gaan aan wat echt telt. Vaak onbewust en soms als het te laat is. Ook daar zal wellicht iemand die naar de teksten luistert zichzelf herkennen.
We kunnen nog zoveel voorbeelden geven. Het is iets wat bij elke song terugkeert. Van “Lorrlei” over 'alles wat onhaalbaar lijkt' tot “Tijd Om Te Gaan Leven”. " Op een dag dan ben je grijs En je wordt wat je verzwijgt Ik heb lang genoeg gewacht Was verdwaald in dat wat was Tijd om te gaan leven" … is niet alleen de tekst van “Tijd Om Te Gaan Leven” maar de ultieme rode draad op een plaat die ondanks alles zeer veel positiviteit uitstraalt.
'Tijd om te gaan leven' is een plaat geschreven voor iedereen die ingehaald wordt door diezelfde tijd. Elke dag opnieuw. Stef Bos verkondigt zijn boodschap zodanig ingetogen en zachtmoedig, dat je er gewoon stil van wordt in je hart en hopelijk de tijd vindt om echt te gaan leven. Want dan pas heeft de boodschap echt zin, als je hieruit lessen trekt. Want na elk einde is er altijd een nieuw begin. Elke dag opnieuw en opnieuw. Stef Bos veroordeelt trouwens ook niets of niemand. Hij houdt je enkel een spiegel voor en wil er alleen voor zorgen dat je als mens even nadenkt en tijd maakt om terug te gaan leven, maar echt leven. Een boodschap die hij dus schrijft voor zichzelf, maar dus ook voor jou en mij.

SJ Hoffman

Alright -single-

Geschreven door

Steven Borgerhoff debuteerde begin 2019 met het album ‘The Long Now’ dat op heel wat bijval van de pers en muziekliefhebbers kon rekenen. Ook op deze site overigens. Binnen enkele maanden verschijnt zijn tweede album ‘Waves Holding Time’. Als aperitiefje is er nu al de uiterst sfeervolle single “Alright”. De bijna Lou Reed-achtige stem van SJ Hoffman herken je meteen. De sound voorbij de intro is nieuw. Die komt deze keer van Pieter Van Dessel van Marble Sounds. Denk dan eerder aan “The Time To Sleep” dan aan het bekendere “Leave A Light On”. De match tussen Hoffman en Van Dessel werkt hier wonderwel. Daar willen we meer van horen.

https://www.youtube.com/watch?v=Z4y0snRNFXg

Partisan

Savage Peace

Geschreven door

Ik leerde Partisan kennen toen ze in het voorprogramma van Maudlin speelden in De Grote Post in Oostende. Ze hadden toen een EP uit ‘We Have Been So Terrible Betrayed’. Daar was ik onder de indruk van het openingsnummer “No Last Surrender”. Een catchy en gedreven nummertje. Nu is er hun eerste full album dat uitgebracht wordt door het Berlijnse label Isolation Records en de promo komt in de handen van Consouling Agency. Het betekent dat ze het iets ernstiger willen aanpakken met dit album. Niet dat ze het daarvoor niet deden, maar het is een kwestie van de juiste kanalen te vinden.
Bon, muzikaal dan… We krijgen acht tracks op ‘Savage Peace’. Allen in de stijl die we kennen van op hun vorige release: uitwaaierend gitaarwerk, heel degelijk bas- (Thijs Goethals) en drumwerk ( Ivo Debrabandere) dat de gitaar en zang ondersteunt en voortstuwt.
We kunnen na enkele beluisteringen al stellen dat alles op dit album beter uit de verf komt en consistenter klinkt. Welke tracks springen eruit? Eerst en vooral “Patience” omdat de zang van Cédric Goetgebuer hier iets anders klinkt dan we gewoon zijn van hem. Het past goed bij de song en de sfeer. De opbouw van de song zit knap in elkaar. De gitaarvervorming is hier iets minder aanwezig waardoor de song mooi kan groeien. Very nice. Ook “Heaven” drijft op een knappe ritmesectie. De zang en de gitaar heeft de handen vrij om er een galmtapijtje over heen te strooien. Ook “Without A Word” rockt op deze wijze met een nadrukkelijk aanwezige bas en drum waarover de rest dan gestrooid wordt. “Shame” is een volgend hoofdpuntje: alle Partisan-elementen komen hier goed uit de verf. Ook het gitaarwerk is hier goed gelukt. Het titelnummer sluit het album af. We krijgen hier een mooi uitgesponnen intro die de song traag op gang trekt. Opener “I Believe In You” is, net als “Fear”, een nummer dat wat tussen postpunk en shoegaze in zweeft en zo op hun vorige EP had kunnen staan. Heel degelijke nummers maar voor mij zijn al de nummers die erna komen iets sterker qua sound en mix. Maar da’s persoonlijk natuurlijk.
Partisan is met dit album ongetwijfeld gegroeid ten opzichte van hun vroeger werk. Het klinkt beter en de nummers zijn iets sterker dan op ‘We Have Been…’ uit 2017. Vooral “Patience”, “Shame” en “Heaven” zijn prijsbeestjes. Ik ben heel benieuwd om hen met dit werk live aan het werk te zien.

Noseholes

Ant And End

Geschreven door

Je kan wel stellen na het horen van hun nieuwste release dat het Hamburgse Noseholes een band is in ontwikkeling. De vorige, ‘Danger Dance’ uit 2017, klonk al coherenter en gestroomlijnder dan hun debuutEP. De gekte was gelukkig gebleven. Op ‘Ant And End’ gaan ze verder in die richting. Ze laten ditmaal negen songs op ons los. Je vindt er elementen uit de wave terug waarbij ik denk aan B52’s, The Selecter of The Go Go’s. Maar ook gelijkenissen met The Rapture of The Ting Tings. Daarmee maken ze songs die bondig, fris en puntig zijn. De opener “Snowsuit Ranger” is een uptempo nummer dat je wel tot dansen moet aanzetten. De muziek illustreert bij momenten mooi de lyrics. Op “IQ Model” weten ze een space-sfeertje neer te zetten.
Het titelnummer “Ant And End” vertoont wat gelijkenissen met het openingsnummer: het off beat-gitaartje, de wat absurd klinkende tekst… Het is eveneens ook vrij catchy. “Vacuüm Flies” is een traag nummer met een sax die een vlieg imiteert. Een goede variatie op een bestaand thema in de muziek. Denk even aan The Cramps met “The Human Fly” of “I’m Nature’s Mosquito” van Jonathan Richman and the Modern Lovers. Het is meteen, met zijn vijf minuten, het langste nummer.
De meeste songs draaien immers rond de twee minuten. De uptempo tracks zijn catchy en liggen meestal makkelijk in het gehoor. De iets tragere nummers zijn meestal iets ingenieuzer van makelij en hebben wat meer tijd nodig. Ik hoor veel fijn baswerk passeren (zoals op “Casino E Vino” of “Jackson 4”). Nu en dan hoor je waar ze hun inspiratie gehaald hebben, maar ze weten er hun eigen draai aan te geven.
Op ‘Danger Dance’ vond ik ze al amusant en gegroeid, maar met ‘Ant And End’ zijn ze volwassen geworden. En dat doet niets af van hun gekte en puntigheid. Integendeel, nu dat is gegoten in sterke en goed uitgewerkte songs komt alles nog sterker over. Heel sterke postpunkrelease!

Mind The Mill

September Flower

Geschreven door

Jerney en Pieter Molenaar vormen samen het duo Mind The Mill.

De band ontsnapte niet aan onze aandacht en kreeg van onze Waalse collega al een mooie recensie die u hier eens kunt nalezen : http://www.musiczine.net/fr/chroniques/item/77106-september-flower.html  Terugkeren in de tijd doen we zelden, maar voor dit bijzondere project maken we graag een uitzondering. 'September Flower' verscheen namelijk reeds eind vorig jaar, 2019, maar is een tijdloos pareltje.
In een mail die we te lezen krijgen, gaf Pieter aan het leuk te vinden dat er een Franstalige recensie verschijnt wegens zijn liefde voor Franse chanson en o.a. Serge Gainsbourg . Wat blijkt? Je hoort inderdaad wel een streepje Franse chanson weekeren in de kristalheldere en warme stem van Jerney, toegedekt met een warm deken van gitaarklanken die harten sneller doen slaan en zielen verwarmen. Daardoor is deze 'September Flower' een bijzonder zachtmoedige schijf geworden, die je echter niet in slaap wiegt. Integendeel zelfs. Vanaf opener “Comfort Zone” zijn we vertrokken voor een trip waar sprankelende klanken en verdovende vocalen elkaar perfect aanvullen. Een rode draad dat ook terugkeert bij songs als “Summer Is Over”, “Broke My Promise” en andere parels als “North”, “Parallel” tot afsluiter “One More Kiss”. Weemoedige songs gedrenkt in vele badjes melancholie, die echter zoveel schoonheid uitstralen waardoor je niet in een tranendal terechtkomt, maar eerder met een glimlach op de lippen ontwaakt.
Zelf omschrijven zij hun werk als filmische songs die trip-hop combineren met de sound van de sixties. Dit duo brengt echter zoveel muziekstijlen samen waardoor het onmogelijk is een label te kleven op de muziek die ze brengen. Weer een extra pluim op de hoed. Die filmische omkadering komt echter wel bovendrijven op deze plaat, song na song worden zoals we reeds aangaven, meerdere gevoelige snaren geraakt waardoor je zicht prompt beelden voor de ogen haalt. Mooie beelden trouwens, geen stormtroepen die heilige huisjes omverstampen. Maar een zonneschijn op een zondagochtend die je slaapkamer binnenwaait, na een lange werkweek en je gezicht streelt. Dat gevoel van welbehagen dat je dan overvalt, overviel ons ook bij een eerste tot meerdere luisterbeurten van deze plaat. 'September Flower' heeft daardoor een meditatieve inwerking op je gemoed, je komt tot een soort rust waaruit je niet meer wil en vooral kunt ontsnappen.

 

Michelle David

The Gospel Sessions Volume 4

Geschreven door

De New Yorkse, in Amsterdam wonende zangeres Michelle David bracht zopas ‘The Gospel Sessions Volume 4’ uit met gospel, soul en blues. Michelle David volgde les aan de befaamde Fame School (die van de films en tv-serie), maakte deel uit van verschillende Broadway-producties en verzorgde de backing vocals bij o.m. Diana Ross. Samen met Onno Smit en Paul Willemsen maakt ze vanuit Nederland een reeks albums onder de noemer The Gospel Sessions.
In dat rijtje hoort ook ‘Volume 4’ thuis, met behalve uiteraard gospel nog hoofdrollen voor soul, blues en funk. Soms een beetje retro, soms net heel modern. Mij doet dit album - op de gospel na dan - hard denken aan Sound & Color, het tweede, nogal experimentele album van Alabama Shakes. Dat had ook een krachtige, heldere stem als vertrekpunt en een uitstekende band die heel nederig alle lege vlakken daarrond inkleurt. Van dat gospel-aspect moet je overigens niet te veel schrik hebben: de typische massakoren die wij ons daar bij voorstellen, vind je hier niet. Wel zit de gospel in de typische melodielijnen en soms in de lyrics. De Heer wordt al eens rechtstreeks of onrechtstreeks vermeld en een centrale zin als ‘Am I my brother’s keeper’ kan je moeilijk anders interpreteren dan in een religieuze context. Toch is het niet zo dat je op dit album elke vijf seconden struikelt over een geloofsbelijdenis. De lyrics zijn net zo gevarieerd als het rijke buffet aan genres van waaruit Michelle de mooiste stukken op haar bord schept.
Voor fans van Aretha Franklin, Sharon Jones, Charles Bradley en het tweede album van Alabama Shakes.

The Murder Capital

The Murder Capital - Straffe Ieren - Straffe band - Straffe live reputatie!

Geschreven door

Vorig jaar bracht The Murder Capital een van de strafste debuutplaten van het jaar uit, maar op de eerste eigen zaalshow bleef het lange tijd wachten. Het vijftal uit Ierland wist bij hun vorige passage in ons land, op Sonic City, indruk te maken en kon bijgevolg op een uitverkochte Orangerie rekenen. In een vijftig minuten durende set losten ze de verwachtingen in, niet meer en niet minder!

The Murder Capital heeft voor hun gehele Europese tour de nog redelijk onbekende Junior Brother meegenomen. Een verrassende keuze, want de Ier is een singer-songwriter in hart en nier. In zijn eentje besteeg hij dan ook het podium en kreeg meer dan dertig minuten de kans om zich in de kijker te spelen. Slecht was het allesbehalve, maar toch hadden we het na een tijdje zo wel al gehoord. Technisch was er niet veel op aan te merken op de set van de Ier, al vonden we het jammer dat zijn zang soms onverstaanbaar en niet altijd even clean was. Zijn humor en het laatste nummer zullen bij ons in herinnering blijven!

Om klokslag negen uur dimden de lichten, maar van The Murder Capital was er nog geen spoor. Na twee nummers en een spanningsopbouw van jewelste, dan toch eindelijk een teken van leven. Met hun arrogante uitstraling kwamen ze op het podium gewandeld en begonnen ze er met "More is Less" meteen stevig aan. Het bier vlieg door de lucht, de pit werd geopend en voor we het goed en wel beseften stond James McGovern voor ons en jutte hij iedereen op. De gemoederen bedaarden bij "Green & Blue" en was het vooral genieten in een post-punk trip. Ogen sluiten en genieten, dat was ook de boodschap bij "Slowdance I & II". Tussendoor stook James McGovern zoals gewoonlijk een sigaret op om dan al rokend met zijn ijskoude blik in het niets te staren.

Gisteren bleek nog maar eens hoe respectvol en aandachtig het Belgisch publiek kan zijn. Bij het beklijvende "On Twisted Ground" was het muisstil en hing iedereen aan de lippen van de frontzanger. Het geroezemoes bleef gelukkig uit. De rest van de band hield zich in de achtergrond en maakten dit nummer live nog een stuk pakkender. Als volgende op de setlist prijkte "Love, Love, Love", waarbij de zaal toepasselijk helemaal rood kleurde en terug energie loswerkte bij band en publiek. Het werd zelfs nog woeliger bij het meeslepende "For Everything". De opbouw van het nummer was gisteren uiterst strak, de blik van James McGovern weer heerlijk ijzig en de gitaren van Damien Tuit en Cathal Roper scherp.
Het was de laatste avond van de Europese tour van en de routine was er hier en daar wel duidelijk aan te merken. Jammer, want spontaniteit had het optreden nog dat tikkeltje beter gemaakt. Aan intensiteit ontbrak het gisteren niet. “Don’t Cling To Life” was het nummer waar alle remmen los werden gegooid en er voorin de zaal een uitzinnige pit ontstond inclusief crowdsurfers.
Het publiek induiken deed James McGovern dan ook zelf op slotnummer “Feeling Fades” met een gigantische sprong. Een furieus slot waarmee de show na iets meer dan vijftig minuten werd afgesloten.

The Murder Capital deed hun live reputatie gisteren alle eer aan in de Botanique. De balans tussen furiositeit en intensiteit zorgde ook live voor een evenwichtig geheel. Jammer dat het optreden aan de korte kant was en de band soms iets te routineus te werk ging, maar dat heeft allemaal te maken met het feit dat de band nog maar een album heeft uitgebracht. Met meer nummers zien we de band gestaag verder groeien naar de post-punktop!

Organisatie: Botanique, Brussel

Stormzy

Stormzy - Hij kwam, hij zag en hij overdonderde

Geschreven door

Het gebeurt wel vaker dat er in de Ancienne Belqique artiesten passeren, die later uitgroeien tot muzikale monsters. Denk maar aan Adele in 2008 of aan Coldplay in 2000, maar toen Stormzy de Ancienne Belgique in 2017 bestormde, hadden we nooit durven denken dat de 'King of Grime' het genre naar een ongekend hoog niveau zou trappen. Zo hoog zelf dat hij de eerste zwarte Britse artiest werd die Glastonbury mocht headlinen. Een terugkeer naar de Ancienne Belgique voelde dan ook als een onverhoopt geschenk, waarbij de man zijn tweede plaat ‘Heavy Is the Head’ kwam voorstellen in tweemaal een uitverkochte zaal, gisteren en vandaag.

Als opwarmer kreeg de Ancienne Belgique de jonge rapper Jaykae voor de kiezen. Een jonge kerel die vooral in Engeland zijn strepen verdiende met een genre die de avond zal domineren en dat is Grime natuurlijk. De Brit betrad het podium alsof hij net zijn kantoor job had verlaten, maar aan energie ontbrak het hem niet na de zware werkdag. Een halfvolle zaal zag een vloed aan woorden, die nooit echt struikelden en dat maakte de zaal al snel los. Bij momenten waren de stembanden onstabiel, maar dat belette hem niet om ons enkele heerlijke clubschijven voor te schotelen. Het publiek dankte met een eerste moshpit en dat zou niet de laatste zijn deze avond. Jaykae was een leuke opener, maar op het podium fungeerde hij nog teveel als een dienaar van de beat, waardoor hijzelf bij momenten wat op de achtergrond van het toneel verdween. Desalniettemin maakte hij wat los bij het publiek en dat kon Stormzy alleen maar ten goede komen.

Stormzy begon zijn set oogverblindend en dat mag je haast letterlijk nemen vanwege zijn epilepsie uitlokkend lichtfestival. Hier en daar zag je al een mond openvallen en dan hadden we de protagonist nog niet eens gezien. Wanneer Stormzy effectief verscheen, aanschouwden we een wervelstorm, die zich vertaalde in ondermeer "Audacity", "Cold" en "First Things First". De zogenaamde 'Energy Crew' maakte zijn naam waar, want springen, moshpits en bakken zweet waren al na vijf nummers afgevinkt.

Er werd dus niet gekeken naar een calorie meer of minder verschieten. Stormzy zag zijn tijd dan ook mooi om een rustpauze in te lassen, die de beter getrainde stembanden dan weer wel aan het werk zette. "Do Better" en vooral "Crown" bleken andermaal een schot in de roos en met die laatste toonde de Brit hoe hij Grime verteerbaar maakte voor een enorm breed publiek. Na het knuffelmoment brak Stormzy de Ancienne Belgique gewoon verder af en daar had hij nummers als "Handsome" en "Pop Boy" voor meegebracht.
Dat de man een bijna sterrenstatus heeft bereikt , hoeft geen discussie meer, maar de gemeende bescheidenheid die Stormzy telkens toonde, was iets wat we niet meteen hadden verwacht voor een man van zijn kaliber. Zo was hij vrij open over het feit dat hij niet de beste zanger blijkt te zijn, maar we hadden hem gerust willen vertellen dat dat heus wel meevalt. Bij "Lessons" bleek hij dan nog eens zo eerlijk te zijn door te zeggen dat hij zijn tekst niet altijd juist heeft. Ook daar hoefde hij zich achteraf zeker niet over te generen. Zijn oprechtheid werkte ontwapenend en riep alleen maar meer respect op. En als we dan toch zo eerlijk mogen zijn, dan wilden we zeggen dat we eigenlijk geen enkel minpunt zagen tijdens de set en dat was enkel en alleen de verdienste van de grootmeester zelf.

De Ancienne Belgique zag een overwinningsmars van een man die na twee platen op de prime van zijn kunnen lijkt te zweven. En ook al had Stormzy een op papier visueel saaie opstelling mee, het kwam binnen als een bom. DJ Tiny, maar vooral Stormzy , palmden de zaal moeiteloos in met bakken energie, een torenhoog charisma en een présence om 'u' tegen te zeggen. De apotheose was dan ook volledig in lijn met hetgeen we al mochten aanschouwen, want iets anders zou niet op zijn plaats zijn na zo'n intense rit. "Know Me From", "Big For Your Boots" en het onvermijdelijke "Vossi Bop" deden de zaal uit zijn voegen barsten. Een ongezien energieke bedoening, waarna Stormzy zijn appreciatie niet kon verbergen.
De uitverkochte Ancienne Belgique zag een show om te koesteren en die show telde om en bij de twintig nummers. Wie er bij was mocht zich gelukkig prijzen, want iets zegt ons dat deze jonge man op weg is om iets veel groter te worden dan hij nu al is.

Neem gerust een kijkje naar de pics (set van 10 februari 2020)
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/stormzy-10-02-2020.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/jaykae-10-02-2020.html

Organisatie: Live Nation ism Ancienne Belgique, Brussel

We Are Open 2020 - Showcasefestival Trix - Een ontdekkingsreis langs Belgische omwegen

Geschreven door

We Are Open 2020 - Showcasefestival Trix - Een ontdekkingsreis langs Belgische omwegen

Sinds jaar en dag is het begin februari verzamelen geblazen voor de fijnproevers tussen de muziekliefhebber op We Are Open , die op zoek is naar nieuwe onontgonnen Belgische parels. De editie van 2020 ging door op 6, 7 & 8 februari.
Op zes februari stond er namelijk een 'secret gig' van STAKE op de planning. Deze editie was trouwens compleet uitverkocht en dat is niet enkel de verdienste van ronkende namen op de affiche. Een hele generatie jongeren is dezer dagen bovendien op zoek naar dat iets nieuw, iets uniek of dat bijzondere dat niet alleen boven de middelmaat uitsteekt, maar ook de verbeelding prikkelt. En dat vind je dus al vele jaren op We Are Open. Ook in 2020. Ook wij gingen ook op ontdekking door Belgische omwegen, en stellen weer eens vast wat voor bijzonder getalenteerde muzikanten, bands en artiesten in ons landje toch rondlopen. Artiesten die wellicht niet zullen worden genomineerd voor MIA's of dergelijke, maar zeker tot de crème de la crème van de Belgische muziekwereld behoren. Niet minder dan veertig bands stonden er verspreid over de twee dagen op uiteenlopende podia in de TRIX. Een hele opgave om daar je weg in te vinden, ook wij zullen wellicht enkele onvergetelijke optredens niet hebben gezien doordat we nu eenmaal verscheurende keuzes dienen te maken.

Een overzicht
dag 1 - vrijdag 7 februari 2020
Ratmosphere (***1/2) is een duo die zijn bandnaam niet heeft gestolen. Door uit te pakken met lekker catchy refreinen, en voortdurend te schipperen tussen zeemzoetigheid en verschroeiend uitpakken, zorgt Ratmosphere inderdaad voor een sfeervol concert dat mikt op de onderbuik van de luisteraar. Dit duo doet een beetje denken aan bands als Black Box Revelation, met een klein beetje minder oorverdovende pit maar genoeg energieke aanpak om toch al te flirten met geluidsnormen overschrijdend gedrag. Om ervoor te zorgen dat je lekker staat te headbangen, met een krop in de keel. De nog niet zo vol gelopen Bar genoot met volle teugen. En ook wij kregen al een eerste kleine adrenalinestoot, die ons met een glimlach op de lippen de zaal liet verlaten op naar een volgende ontdekking.

In zaal 'Kelder', werd je letterlijk naar beneden gezogen in de underground van de Belgische muziek. Mono-Mono (****) is een duo bevallige dames die zich niet alleen ontpoppen tot multi-instrumentalisten, er kwam zelfs een streepje viool boven drijven. Getooid in opvallend kledij, die wat deed denken aan een sciencefiction serie, strooide Mono-Mono psychedelische klanken doorheen de etter die de muren lichtjes deden daveren. Vooral zorgde het voor een bedwelmende gewaarwording waarop je niet kan stil staan. Zwevende doorheen de kelder werd je bovendien geconfronteerd met verschillende areas binnen de muziek.  Een futuristisch allegaartje dus, met een knipoog naar een psychedelisch verleden. Met beide voeten in het heden, lonkt  Mono-Mono echter ook naar de toekomst van elektronische muziek met een experimentele twist.  Wat hen een bijzonder pareltje maakt om te koesteren, we zouden er nog tegen komen op deze eerste avond.

Mirek Coutigny (****) bracht in 2018 zijn sprankelend mooi debuut uit 'Revisions #1' en is al bezig aan een nieuwe plaat. Op het podium laat hij zich omringen door celliste Jolien Deley en percussie virtuoos Jonathan Bonny die zorgen voor iets meer pit. Dit aangevuld door de magisch mooie piano klanken die Mirek over de hoofden doet waaien op een intens mooie wijze. Waardoor het stil wordt in ons hart. Net doordat elk van de muzikanten elkaar diep raken door middel van hun sprankelende instrumentale inbreng, kom je compleet tot rust. Weggevoerd naar sprookjesachtige mooie oorden. Oorden die helaas teveel werden verstoord door het teveel geroezemoes in de zaal, waardoor de magie niet compleet zijn werk kon doen. Het is een euvel waarover al veel inkt is gevloeid, een pratend publiek dat van een zaal een praat café maakt waar ze tussen pot en pint de nieuwste weetjes aan elkaar vertellen na een lange werkweek. Niets op tegen uiteraard, maar het is heel storend. In zaal 'Café' bleek dat over de gehele avond zelfs nog het meest het geval te zijn, de gezellige bar vlak naast het podium is uiteraard zeer uitnodigend om even te tot bezinning te komen. Jammer. Maar daarom zijn we zeker niet minder overtuigd van het kunnen van deze top muzikant en zijn bandleden. Integendeel zelfs.

Hip Hop is hot, ook in ons land. Uiteraard kom je in dat vaarwater veel bands en artiesten tegen die ons een soort dertien en dozijn gevoel geven. Sommige steken er echter met kop en staart bovenuit en doen iets uniek met die muziek, waardoor je met open mond vol bewondering staat te genieten tot in de toppen van je tenen. Glauque (****) staat voor een zeer goed gevulde bar het beste van zichzelf te geven, en legt binnen die hip hop gerelateerde wegen dan ook de lat enorm, maar dan ook enorm hoog. Naast de aanstekelijke muzikale aankleding bestaat de band uit twee beweeglijke zangers, die elkaar niet alleen perfect aanvullen, maar eveneens een spervuur van teksten op het publiek afvuren, waarbij heilige huisjes prompt sneuvelen. En op deze wijze op ingenieuze wijze iedereen een spiegel voorhoudt.
Kortom, op het kruispunt van rap, electro, pop, rock en het spoken word verlegt deze jonge Waalse band grenzen binnen dat genre, en daarvoor krijgen ze zeker een sterretje meer op hun plantsoen. Het lange en welgemeend applaus op het einde van de set, was dan ook gemeend en oprecht.

Ondertussen was er geen doorkomen meer aan in de Kelder. We bleven dan maar op de bovenverdieping staan kijken naar wat er beneden allemaal gebeurde. Niet dat we nog veel konden zien eigenlijk, maar wat we hoorden en voelden was voldoende om ons te overtuigen. Want het knettergekke gezelschap PAARD (*****) dreef het tempo zodanig hoog op dat er barsten ontstonden in de muur van de Trix. Door middel van een geschifte drum en percussie, lekker energieke riffs en beats werd op een intensieve wijze een oorverdovend klankentapijt uitgespreid in de kelder. Mokerslag na uppercut uitdelende, ging er een schokgolf doorheen de Trix, vergelijkbaar met een tsunami of vulkaanuitbarsting. Even tot bezinning komen is er trouwens niet bij, want PAARD blijft op dat verschroeiende tempo gewoon tot het einde van de set doorgaan. Tot daadwerkelijk niemand meer stil staat.

Toen we in september 2019 Martha Da'Ro (****) aan het werk zagen op Leffingeleuren waren we danig onder de indruk van de soulvolle, vaak breekbare stem van deze artieste. En bovendien de Afrikaanse roots die als een warme wolk een gevoelige snaar raakte. Op intieme momenten, waarop ze bijna in spoken word haar publiek aansprak, kon je bijna een speld horen vallen in de Club. En dat is een prestatie op zich. Maar eveneens werden de teugels gevierd, waarbij ze die roots eveneens niet kon verstoppen. Met als gevolg dat we een Afrikaans getint feestje voorgeschoteld krijgen, waar ook een traan wordt weggepinkt met een glimlach op je lippen. Martha Da'Ro is vooral een soul artieste die de ziel doet bloeden van innerlijk genot, dat bewees ze eerder op Leffingeleuren uitvoerig en zet ze op We Are Open in Trix nogmaals in de verf.

Roedel (***) mocht in de bar een rap/hip hop feestje bouwen. Dit collectief heeft goed gekeken en geluisterd naar acts als Zwangere Guy en weet dus hoe ze hun publiek gemakkelijk kunnen inpakken. De aanwezigen smullen ervan en gaan vanaf de eerste noot compleet uit de bol, tot het dak er bijna afvliegt. Wijzelf bleven echter niet enkel op onze honger zitten, een 'dertien-in-dozijn' gevoel overviel ons eveneens. Maar binnen die typische hip hop en rap, is Roedel zeker een collectief die potten zullen breken. Met het grootste gemak deden ze de aanwezigen uit hun hand eten. En het publiek heeft altijd gelijk. Toch?

Kwam het door de toch wel experimentele aanpak die tot de verbeelding van de aanhoorder sprak? Of doordat Susobrino (*****) een zodanig gevarieerd klankenbord voorlegde? Deze multi-instrumentalist en klanken virtuoos kreeg wonder bij wonder de zaal Café wel stil. Nochtans is zijn muziek vaak breekbaar, maar word je bovendien van je sokken geblazen op zeer onverwachte momenten. De Belgisch- Boliviaanse producer haalt zijn inspiratie uit die Boliviaanse roots, en etaleert in Trix café zijn passie voor exotische klanken en Zuid-Amerikaanse traditionele percussie. Waardoor hij tot de verbeelding van de aanhoorder spreekt, binnen een bijzonder filmische omkadering. Bij het sluiten van de ogen komen er beelden boven die al even vreemd aanvoelen als wat de man uit die instrumenten tovert. Een tovenaar met klanken die niet alleen een zaal compleet stil kan krijgen maar ook kan aanzetten tot zweven over de dansvloer? Dat is Susobrino ten voeten uit, en daarvoor trekken we graag onze dansschoenen aan terwijl kippenvelmomenten ons deel zijn.

Een meesteres in hypnotiseren , dat is Sylvie Kreusch (*****) door haar stem en bijzondere uitstraling zeker en vast. Dat bewees ze in het verleden zowel bij de bands waarmee ze aantrad, als solo, voldoende. We schreven in onze notities: “Sylvie, wat doet je toch met mijn gevoelig hart''. Eens onder invloed van Sylvie haar heldere stem, drijf je namelijk letterlijk weg naar zeer, zeer verre oorden. Als ze bovendien haar sensuele danspassen boven haalt, brengt Sylvie je in een trance waaruit ontsnappen onmogelijk blijkt. Eveneens schippert Sylvie Kreusch tussen breekbaarheid als porselein, en op de dansspieren werken waardoor je onmogelijk kan stil blijven staan. Dat voortdurende flirten met grenzen, zorgt ervoor dat je aan haar lippen gekluisterd, blijft staan luisteren, genieten en zachtjes meedeinen in de zaal. Sylvie blijkt eveneens een entertainer te zijn die haar publiek wellicht niet veel aanspreekt, ze laat gerugsteund door haar topmuzikanten, vooral de muziek voor zich spreken.
Bij de laatste song demonstreert ze echter hoe ze als een ware hogepriesteres haar publiek rond haar vingers draait. De fan mag meedansen op het podium en ze maant iedereen aan om neer te zitten. Het trukendoosje werkt, want plots gaat dat dak er in een wervelende finale compleet af. Een kers op de taart van wederom een magisch concert, waar Sylvie Kreusch een sprookjeswereld open doet, die je enerzijds bedwelmt en anderzijds doet dansen, dansen en dansen tot het einde van de rit.

Over dansen gesproken, Raveyards (*****) sluit het feest in de Trix bar af op een oorverdovende wijze, waardoor een rave feest ontstaat in je hoofd maar dus ook op de dansvloer zelf. Ook al sijpelt het publiek wat weg, het is ondertussen na middernacht, wie blijft staan, wordt door een uiterst beweeglijke Brent en de zijnen getrakteerd op een daverend elektronisch feest, zoals je dat zelden tegen komt. Brent spring niet alleen als een waanzinnige rond, hij sleurt bijna de boxen boven het podium eraf, stampt zijn microfoon omver en gaat de confrontatie met zijn publiek letterlijk aan. Als je een beetje stoom afblaast na een lange werkweek, dan is Raveyard de juiste remedie. Zo blijkt. Want prompt staat niemand meer stil, en daarom legt de band de lat nog een beetje hoger om in een wervelende finale dat dak er finaal te laten afgaan in Trix.

dag 2 - zaterdag 8 februari 2020
In de bar mocht Glass Museum (***1/2) de tweede avond openen met een jazzy/elektronisch gevecht tussen percussie en keyboard/piano klanken. Niet dat de heren elkaar in de haren vliegen. Het duo Antoine Flipo (synthesizer) en Martin Grégoire (drums) zat echter tegenover elkaar opgesteld. Door elkaar op deze wijze aan te sporen en aan te vullen spreidt Glass Museum als het ware een improviserend klankenbord in de zaal, waardoor een magie ontstaat die naar elke hoek van de zaal uit gaat. Helaas blijft Glass Museum dat trucje over de hele set herhalen, waardoor de aandacht wat verslapt naar het einde toe. Maar binnen de jazzy/elektronische muziek zien we dit duo nog potten breken. Band om in het oog te houden  dus, deze Glass Museum.

Enkele jaren geleden hield The Hickey Underworld er vroegtijdig mee op. Het bleef een beetje stil rond de bandleden, maar nu is een zeer interessant nieuw project op poten gezet rond frontman Younes Faltakh. Binnen Arabnormal (****) verwerkt de man klanken uit zijn Maghrebijnse roots. Samen met zijn kompaan Niek Meul (Das Pop) trok hij de studio in en stelde ondertussen een mooi debuut album samen. Live laat het duo zich omringen door al even sterke muzikanten als ex-Hickey Underworld gitarist Jonas Govaerts (bas), Michael Beniest (Deadsets) op toetsen en Millionaire leden Sjoerd Bruil (gitaar) en Damien Vanderhasselt (drums).
In de grote zaal kregen we met deze magistrale line-up boordevol top muzikanten dan ook een bijzonder energiek optreden voorgeschoteld. De heren amuseren zich kostelijk op dat podium, wat uiteindelijk zijn uitstraling heeft op het toch al goed opgekomen publiek in die grote zaal. Waardoor het dak er vrij vlug afgaat, mede door instrumentaal vakmanschap, dat wordt tentoon gespreid. Younes beschikt bovendien over een stem en charisma waardoor hij met het grootste gemak iedereen uit zijn hand doet eten.
Kortom, Arabnormal is geen Hickey Underworld, laat dit duidelijk zijn, maar is wel klaar om op een bijzonder gedreven en bijzonder gevarieerde wijze zijn stempel te drukken op het Belgische muziekgebeuren.

Oordopjes zijn geen overbodige luxe tijdens een optreden van YOUFF (****) . Toen we de band zagen optreden op The Sound of the Belgian Underground in de Ancienne Belgique medio 2016 schreven we daarover: ''Youff , ontstaan in 2013, brengt een potje noiserock  in zijn meest pure vorm. Oorverdovende, snoeiharde tonen doen onze oren piepen waardoor we in diepe trance belanden.'' Dat is wat YOUFF ook doet in de Club op We Are Open. Alle registers vanaf de eerst tot de laatste noot op een chaotische en oorverdovende wijze open trekken, en niet ophouden tot iedereen potdoof en compleet dooreen geschud verweesd achter blijft. Instrumentaal valt er geen speld tussen te krijgen, wat de zang betreft , vragen we ons wel af wat de man daar staat te doen buiten enkele onverstaanbare teksten schreeuwen en al waanzinnig geworden voortbewegen op dat podium. Maar ook dat is dus een belangrijk onderdeel van de act die de band opvoert. YOUFF moet het namelijk hebben van net die waanzin, letterlijk, tot een soort kunstvorm verheffen. En dit door je strot rammen tot je als aanhoorder daar zelf waanzinnig van wordt. Een opzet waar YOUFF met brio in slaagt als we op het einde van de set met tuitende oren de zaal verlaten.

Tijd voor een rustpunt in de Kelder? Min of meer dan toch. Met Nordmann, MDC III heeft Mattias De Craene voldoende zijn stempel gedrukt op het, laat ons maar stellen, free jazz en aanverwante stijlen. Ook zijn medewerking met o.a. Sylvie Kreusch is zonder meer magistraal te noemen. In de Kelder stelt hij zijn solo project voor onder de noemer Mattiasdecraene (*****). 'Onverwachts, eigen en avontuurlijk' , is hoe Mattiasdecreane wordt omschreven in de biografie op de website van We Are Open. En dat is absoluut niet ver gezocht. Wat de man doet met zijn saxofoon alleen al, is dat instrument ontleden en er klanken uit voortbrengen waarvan we het bestaan nog niet wisten. Mattias trekt dus op avontuur door het jazz landschap, en improviseert daarmee tot het oneindige. Het doet sommige wat wenkbrauwen fronsen, want men verlaat vrij vlug de kelder. Maar zij die bleven  staan - waaronder wij - voelden de intensiviteit langzaam in zijn of haar kleren kruipen, tot de ziel wordt geraakt op meerdere bijzondere plaatsen.
Mattiasdecraene flirt eveneens voortdurend met oorverdovend hard uithalen, en zachtjes strelen binnen een intieme en magische omkadering. Dit optreden van Mattiasdecraene blijft daardoor aan onze ribben kleven, de rest van de avond lang.

Dat laatste kan ook gezegd worden van The Guru Guru (*****).We leerden The Guru Guru kennen via hun debuut 'P C H E W'. Deze Limburgse formatie wist ons toen al omver te blazen met een stevige noise rock plaat, waarbij uitbundig werd geëxperimenteerd. Absurditeit tot het oneindige was toen al de rode draad. Op de nieuwste plaat 'Point Fingers' blijft The Guru Guru gewoon diezelfde weg verder bewandelen, en daar zijn wij niet treurig om.
Ook live blijkt dit dus het geval te zijn. Puur muzikaal gaat het er wellicht iets minder luidruchtig aan toe dan bij YOUFF, maar flirten met geluidsnormen overschrijdend gedrag is er zeker bij met The Guru Guru. De band haalt vanaf de eerste noot verpulverend hard uit. En laat daarbij geen spaander geheel van je vege lijf en hersenpan. Echter is het vooral de charismatische frontman die tot de verbeelding spreekt. Hij beschikt over een zeer emotioneel en uiteenlopend stembereik, dat door merg en been gaat, en beweegt op dat podium molenwiekend voort als waanzinnig geworden en blijft daarbij het publiek aansporen. Tot niemand meer stil staat. The Guru Guru doet het dan ook letterlijk aanvoelen alsof je op een achtbaan bent terecht gekomen, waarbij je niet weet hoe en waar je gaat uitkomen. Op een razend tempo word je naar alle kanten van de muur gestuurd door dit bonte gezelschap ongeregeld, die elke regel aan hun laars lapt. Dat beetje waanzin in de ogen van de frontman, drijft uiteindelijk ook de aanhoorder tot die waanzin waaruit je niet meer wil en kunt ontsnappen. Indrukwekkend!

Doordat het een nodeloos geloop zou gaan worden, en we toch de magistrale band Wallace Vanborn (****) nog eens live wilden zien, hebben we helaas Vieze Meisje, Skemer en Crackups gelaten voor wat het was. Ondanks deze verscheurende keuze, is dit gelukkig geen verkeerde beoordeling gebleken. Wat strakheid en energieke aanpak betreft, hoeft Wallace Vaborn namelijk niets meer te bewijzen, elk van hun optredens zorgde in het verleden voor bommetjes energie die voortdurend in je gezicht tot ontploffing werden gebracht. Dat is anno 2020 gelukkig nog steeds het geval. Vanaf die eerste noot legt de band de lat dan ook torenhoog en doet de zaal lekker op zijn grondvesten daveren. Er ontstaat op deze wijze een daverend rock feest waardoor de band in het verleden de festivalweide in vuur en vlam wist te zetten. Ook Trix ging volledig uit zijn dak dankzij een band die ook nu, na al die jaren, nog steeds op het scherp van de snee staat te soleren.

Onverwacht hoogtepunt in Club? Ja en Nee. Want wij kennen de top muzikant en percussie tovenaar Wim Segers al van bijvoorbeeld John Ghost en andere vele projecten en zijn danig onder de indruk van de man zijn kunnen. Binnen dit project Compro Oro (*****) worden psycho ethnojazz  paden en improvisatie wegen verder verkend. Dit allemaal gekruid met een sterke dosis Afro-Latijns, Amerikaanse invloeden. Bart Vervaeck is op gitaar een grootmeester die de ene onverwachte solo na de ander uit zijn mouw schudt, daarbij op een magistrale wijze aangevuld door Matthias De Busschere , die door middel van verdovende baslijnen de haren op je armen doet recht komen. De strijd tussen vibraphone meesterschap van Wim Segers met de percussie virtuositeit van Falk Schrauwen en de drum schoonheid van Frederik Van Den Berghe , is uiteindelijk meer dan een kers op de taart.
Samengevoegd is Compro Oro een concept waar grenzen vervagen, worden verlegd en nieuwe grenzen worden gemaakt waar er geen zijn. Zonder oponthoud worden we geconfronteerd met de ene na de andere verrassende wending die ons met verstomming slaat. Nergens valt er een speld tussen te krijgen, want deze heren trekken dus over de hele set op avontuur door het landschap dat improvisatie heet, en verheffen dit zelfs tot een ware kunstvorm. Magistraal is dan ook een understatement, met wat deze heren binnen dit concept doen. Deze Compro Oro laat in elk geval een diepe , onuitwisbare indruk op ons na die we niet gauw zullen vergeten.

Crowd Of Chairs (****) zagen we enkele jaren geleden optreden op het evenement The Sound of the Belgian Underground in de Ancienne Belgique. We schreven daarover: ''Het leek wel alsof de heren hun demonen de vrije loop lieten, zo wild om zich heen slaande. En daarbij zijn publiek letterlijk meetrekt in die draaikolk van chaotische riffs, drumsalvo's en geluiden die de trommelvliezen deden barsten. Met deze overweldigende aanpak bewees Crowd Of Chairs dus ook live een band te zijn die geluidsnormen aan hun laars veegt, en elke zaal plat speelt tot geen spaander geheel blijft." Het interessante aan Crowd Of Chairs is dat ze bovendien putten uit uiteenlopende muziekstijlen. Noiserock tot streepjes krautrock passeerden in de Trix bar de revue, tot de aanhoorder er dol van werd.

Crowd Of Chairs trad ongeveer op hetzelfde moment van Peuk die in zaal café het beste van zichzelf stond te geven; velen stonden trouwens te wachten op de ultieme headliner van We Are Open Gruppo Di Pawlowski. Wie echter bleef staan, voelde de energie opborrelen die uitmondde op een vulkaan uitbarsting en je van je sokken blies.
Het was ondertussen al na middernacht, maar tijdens Gruppo Di Pawlowski (*****) stond de grote zaal voor een laatste keer zo goed als compleet vol. Niet zo verwonderlijk, want al jaren weet Pawlowski en zijn geschift gezelschap grenzen te verleggen qua absurditeit. De man zelf laat zich molenwiekend volledig gaan, en port zijn publiek aan hetzelfde te doen. Gerugsteund door één voor één klasse muzikanten die binnen die omkadering hun eigen grenzen, en eveneens deze van het publiek aftasten tot niemand meer stil staat. Schreeuwend en stampend,  én zowel zijn muzikanten als de fans aansporen , legt Pawlowski de lat van absurditeit steeds hoger en hoger, tot het dak er compleet afgaat. Wie het al eerder heeft meegemaakt, weet het.
Een optreden van Gruppo Di Pawlowski is niet zomaar een concert. Het is een onaards aanvoelende totaalbeleving die je als aanhoorder vooral moet ondergaan. Binnen de wereld van Pawlowski zijn er namelijk geen grenzen, of ze vervagen en veranderen in een chaotische ongestructureerde brij die je nogmaals tot waanzin drijft.
Een beter einde van een bijzondere tweedaagse showcase langs Belgische omwegen konden we ons dan ook niet dromen …

Organisatie: Trix, Antwerpen

Liam Gallagher

Liam Gallagher - Scoren met meerdere hattricks

Geschreven door

Het moest eigenlijk al een half jaar eerder gebeuren, maar eindelijk stond Liam Gallagher nog eens in België en wel in een nagenoeg volgepakt Vorst Nationaal. De man kwam er zijn nieuw album ‘Why Me? Why Not.’ voorstellen, al waren het vooral de klassiekers van zijn band Oasis die de zaal in vuur en vlam zetten. Van Brexit was er allesbehalve sprake, want Britten en Belgen brulden samen de stembanden aan gort en er vloog meer bier in de lucht dan er in de kelen werd gegoten. Qua sfeer neigde dit optreden dan ook naar een Oasisshow en ook muzikaal kon de band overtuigen.

Twisted Wheel deed in het verleden nog het voorprogramma van Oasis en ondertussen zijn ze nog steeds bezig, niet doorgebroken en het voorprogramma van een van de broertjes. Dat de band de status van support niet ontgroeid is, toont aan dat het er niet echt inzit en dat hoorden we ook. Er zaten wel enkele leuke liedjes bij die bepaalde mensen aan het zingen kregen, maar over het algemeen klonk het te generisch Britpop om ons over de streep te trekken. Fijn voorprogramma met punch dus, maar een eigen identiteit vonden we niet.

De laatste keer dat Liam Gallagher in België speelde, was dat in de AB. Ook toen was de zaal volgepakt en kreeg je te maken met uitbundige taferelen. In Vorst Nationaal waren die meer dan verdubbeld, alleen al door de nummers die tussen de optredens door werden gespeeld. Zo kregen The Jam en natuurlijk The Stone Roses iedereen warm voor ‘the man of the hour’. Met een gigantische ledwall achter hem verklaarde Liam meteen wat we konden verwachten: een rasechte “Rock ‘N’ Roll Star”.

In zijn gekende stijl toonde hij meteen aan dat hij er geen gras over zou laten groeien en inderdaad, de ene na de andere song volgde elkaar in sneltempo op. Aanvankelijk passeerden er vooral solonummers, die iets minder tot de verbeelding spreken dan een Oasissong. Toch konden “Shockwave” en “Once” het publiek laten meezingen. Vooral die laatste leek een heus anthem te zijn dat evengoed van Oasis’ makelij had kunnen zijn, want de emoties laaiden hoog op.
Toch waren het nummers als een “Morning Glory” die helemaal de vlam in de pan staken. Dat kan best letterlijk genomen worden, want ondanks de strenge controle op pyro, kregen we toch wat Bengaals vuur te zien. Het was niet het enige dat ons aan een voetbalmatch deed denken; ook de zangstondes en natuurlijk minder frisse mannen hadden hun aandeel in die vergelijking. En als het gisterenavond een voetbalmatch geweest zou zijn, dan had Gallagher met gemak heel wat gescoord.
Een hattrick in de bisronde bijvoorbeeld, waarbij de grootste klassiekers van Oasis bovengehaald werden. Hoewel, het waren vooral de meest rock ‘n’ roll classics die we mochten aanschouwen en zo bleven de melige nummers achterwege, wat ook wel eens leuk is. Ook koos Gallagher ervoor om enkele minder voor de hand liggende Oasissongs te spelen. Zo kregen we met “Columbia” een van de eerste Oasisnummers ooit en ook dat klonk heerlijk strak. Petje af dus voor de band die ieder nummer nauwkeurig en glad naar voor bracht.
Gallagher had dan ook heel wat muzikanten mee: zo waren er drie achtergrondzangeressen en meerdere gitaristen. ‘Als mijn broer dat doet, dan ik ook,’ moet hij waarschijnlijk gedacht hebben. Maar ook voorts waren er leuke extra’s te vinden. Zo mocht zijn zoon meedrummen op “The River” en kregen we bij iedere Oasissong Bonehead op het podium. Die legende zorgde onder meer in “Supersonic” voor verfijnd en strak gitaarwerk. Meer hebben we soms niet nodig om helemaal omver geblazen te worden.
‘Are there any Brits here?’ riep Liam bij het begin van zijn eerste bisronde. Het applaus was zeker luider dan toen hij vroeg of er Belgen waren, en dus kunnen we zeggen dat zijn populariteit geen grenzen kent. ‘Guess we’re still in Europe then,’ was zijn kwieke opmerking. Hij hield de bindteksten beperkt en liet de muziek spreken, al mocht het publiek ook eens een karaokemoment krijgen bij “Acquiesce”. Liam kan de hoge noten van Noel duidelijk niet aan en dus moest het publiek dat maar doen. Slim gezien, en gelukkig slechts beperkt tot één keer. Ook voor de critici op zijn hoge noten had de man nog een opmerking: ‘Fokkin’ wankers’. Typisch Liam en net omwille van zijn rechtdoor attitude is hij zo geliefd.
Door “Champagne Supernova” in een eerder stripped back versie te spelen in een eerste bis, leek de set op een zachte manier te eindigen. Maar Liam wilde nog eens knallen en dus mocht “Cigarettes and Alcohol” de zaal een laatste keer in brand steken. Het werkte en met een knallende solo en meebrullende zaal verliet Liam, ondertussen met een kap op zijn hoofd, de zaal.

De zanger had duidelijk geen last meer van zijn stem die het enkele dagen begaf en bracht een erg strakke set, die de Oasisvibes van de hoogdagen terug opwekte. Ook zijn eigen nummers pasten perfect in het geheel, en dus kunnen we zeggen dat Liam het qua populariteit zeker haalt van zijn broer.
Een reünie was nog nooit zo dichtbij als nu en we hopen dat het er binnenkort van komt. Wie alvast dichtbij een Oasisconcert wilt komen, sleept best zijn ticket voor Werchter in de wacht. Want daar speelt Liam Gallagher ook en we stellen voor dat je je stembanden daarvoor goed insmeert.

Setlist: Rock ‘n’ Roll Star (Oasis) – Halo – Shockwave - Wall of Glass - Come Back to Me - For What It’s Worth - Morning Glory (Oasis nummer) - Columbia (Oasis nummer) - Stand by Me (Oasis nummer) – Once - Why Me? Why Not. - The River - Gas Panic! (Oasis nummer) - Live Forever (Oasis nummer) - Acquiesce (Oasis nummer) - Roll With It (Oasis nummer) - Supersonic (Oasis nummer) - Champagne Supernova (Oasis nummer) - Cigarettes & Alcohol (Oasis nummer)

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/vorst-nationaal-brussel/liam-gallagher-08-02-2020.html

http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/vorst-nationaal-brussel/twisted-wheel-08-02-2020.html

Organisatie: Live Nation

Angel Olsen

Angel Olsen - Raven zijn trekvogels

Geschreven door

Als klein kind groeide Angel Olsen op bij haar pleegouders terwijl ze ervan droomde om popster te worden. Kleine Angel werd ouder en begon meer interesse te krijgen in noise muziek en punk. Vooral van de noise is er vandaag nog veel te merken. In oktober bracht de Amerikaanse haar vierde album ‘All Mirrors’ uit en daarop speelde ze met contrasten. De muziek ging van stil naar luid, van licht naar duister en dat met herkenbare eightiessynths en strijkers. Er ontstond een unieke sound die bij haar speciale stem paste en beide leken met elkaar te dansen. Hoewel het album veel sterke nummers kende, waren singles “Lark” en “All Mirrors” misschien wel de twee meesterwerken waar we dan ook ongelofelijk naar uit keken om deze live te horen.

Een vrouw met jongensachtig haar, een gitaar en twee muzikanten kwamen ons opwarmen met muziek in zijn puurste vorm. Hand Habits creëerde een sfeertje dat deed denken aan Amerika uit de oude films waar een bandje rustige muziek speelt in een oud café. Zo nu en dan doorbraken de gitaarsolo’s die illusie en dat zorgde voor een mooie afwisseling met de ingetogen zang. Hoewel we genoten van de muziek, hadden we er vrede mee dat de band na een halfuurtje het podium verliet. Hand Habits maakt mooi muziek en speelt live verre van slecht, maar het is misschien wat eentonig na verloop van tijd.

Angel Olsen begon meteen met “All Mirrors” en dat met een goeie bas. Toch wist het nummer niet helemaal te overtuigen. Het leek alsof Olsen en band zich om de een of andere reden aan het inhouden waren, waardoor we pas aan het einde van “Lark” voor het eerst echt overtuigd waren. Olsen grapte dat ze op het einde van dat nummer graag iets met raven zou doen en dat had wel bij de ietwat duistere setting gepast. Achter de band hing een gigantische momentopname van een barok traphal en afhankelijk van de belichting kwam deze anders over. Zo hing er tijdens “Impasse” onder andere door de belichting een dreigende sfeer in de zaal. Gedurende het eerste deel van de set hadden we het gevoel dat de zangeres zich niet volledig liet gaan, dus deed het deugd toen ze solo aan “Summer” begon en haar stem door de prachtige Roma galmde. Voor het tweede deel van het nummer kwam de band erbij en waren we verkocht.
Verrassend vroeg in de set hoorden we “Shut Up Kiss Me” en dat was een van de weinige hoogtepunten in het optreden. Met een goeie gitaar die gerust nog wat steviger had gemogen, kreeg ze toch een groot deel van de zaal aan het bewegen. Na dit nummer passeerden opnieuw een reeks rustige nummers die meer wisten te overtuigen op de plaat dan op het optreden. Nummers als “Forgiven/Forgotten” en “Endgame” konden ons niet echt meer te boeien doordat ze langdradig en eentonig overkwamen. De liedjes kwamen niet genoeg over om ons mee te nemen in de wereld van Angel Olsen en haar raven leken terug vermist. Muziekstukjes die ons thuis tijdens verscheidene luisterbeurten wisten te fascineren, leken hier te lang gerekt.
De ludieke babbeltjes tussendoor waren aangenaam en deden ons zo nu en dan wat gniffelen, maar opnieuw niet genoeg om te zeggen dat we ervan genoten. De vriendelijke dame leek zich veel te veel in te houden en dat was jammer. De strijkers en bassiste leken veel meer te genieten en zich te smijten dan Olsen. Met momenten hadden we dan ook het gevoel dat er meer energie rond de frontvrouw heen vloog dan ze zelf uitstraalde. Olsen had geen energieke dansmoves moeten bovenhalen, maar we hadden graag meer passie gezien.
Angel Olsen stond afgelopen avond in een sfeervolle zaal met muziek die thuis zeker en vast een unieke sfeer wist neer te zetten dankzij de herkenbare strijkers, synths en stem, maar wist live jammer genoeg niet echt te overtuigen. Olsen heeft een sterke stem die we slechts enkele keren te horen kregen. De zangeres leek niet al haar capaciteiten te tonen en ook de passie leek vaak zoek te zijn. Tijdens sommige nummers waren we helemaal mee in Olsens verhaal en zagen we zwarte raven vliegen, maar tijdens de meerderheid van de nummers leek het alsof de vogels op trektocht naar warmere oorden waren.

Setlist: All Mirrors - Spring - Impasse - Lark - Summer - Tonight - Acrobat - Shut Up And Kiss Me - Forgiven/forgotten - Sweet Dreams - Windows - Endgame - Chance

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: De Roma, Antwerpen

Strand of Oaks

Strand of Oaks - Subliem en Overtuigend

Geschreven door

Strand of Oaks - Vorig jaar stonden ze op de zaterdag van Rock Werchter en waren we al laaiend enthousiast. Kort daarna kondigden ze hun concert in de AB, Brussel aan. Wij niet getalmd en daar met héél veel goesting naar toe. Een beetje vreemd was dat dit niet uitverkocht was. Wat hadden de afwezigen ongelijk en misten ze zo één van de concerten van het jaar . Ok …we zijn nog vroeg op het jaar , maar om beter te doen dan Showalter en C° zal je verdomd goed voor de dag moeten komen. De lat werd zeer hoog gelegd door z’n Strand of Oaks!

Maar eerst kregen we Squirrel Flower te verwerken. Deze jonge Amerikaanse dame , genaamd Ella O’Connor, stond moederziel alleen, enkel gewapend met een elektrische gitaar. Maar ze kweet zich fantastisch van haar taak. Meestal zong ze mooi intiem en ingetogen, maar ook als het volume van haar stem de hoogte injoeg, bleef het verassend goed klinken. Ze kreeg ook bij twee nummers de hulp van de steelgitaarspeler van Strand of Oaks. Dat het niet zomaar over een zangeresje gaat, merkten we later op de avond waar ze de helft van de nummers van de main-act kwam versterken met haar stem.

Stipt om 21u verschenen eerst de drummer, basgitarist en gitarist op de buhne van de Nederlandse blues- en hardrockband RUV. Deze kregen al een héél warm onthaal. Maar toen Timothy Showalter, de bezieler van Strand of Oaks, verscheen, was het meteen duidelijk waarom iedereen hier was. Minutenlang kreeg hij een overweldigend welkomstapplaus. Timothy zelf was de vriendelijkheid zelve, hij groette het publiek uitgebreid en nam verschillende keren zijn hoed af. De goesting om hier te spelen droop er vanaf , wat hij meerdere malen tijdens de avond liet ontvallen.
Anderhalf uur lang konden we genieten van z’n superieure muzikanten en de fantastische licht galmende zang van het opperhoofd. Soms neigend naar de War on Drugs, Bruce Springsteen en zelfs Neil Young-achtig in de nummers. Mooi. Het getuigt van klasse, inventiviteit en muzikale genialiteit.
Zonder enig probleem kreeg Tim het publiek op zijn hand . Bij de ruigere, rockende nummers klapte en schreeuwde iedereen luid enthousiast mee; bij de gevoelige, intieme , melancholische en Tim’s solo-nummers kon je een speld horen vallen. Beklijvend en pakkend telkenmale.
Waarvoor iedereen een eerste maal compleet uit de bol ging, was bij het nummer “Weird ways”, uit de nieuwste, zesde plaat ‘Eraserland’ . Dit nummer  stond weken op nummer 1 in de StuBru’s Afrekening. Timothy kondigde het aan als “This is especially for you” en de muzikale trein richting eerste hoogtepunt was vertrokken. Een geweldig nummer , maar wat een explosie live. De groep gaf zich ten volle en kreeg de op één na hoogste waardering terug.
De hoogste waardering was immers voor het laatste nummer …Na ruim een uur nam de groep een korte pauze om daarna eentje uit de kast te halen, een erg lange , aldus Tim . Zijn hoed ging eraf , zijn hemd uit en zodoende was hij klaar voor de finale. Het werd het ruim tien minuten “JM” die geen seconde verveelde. Nog maar eens liet hij zijn geweldige stem galmen door de zaal , versterkt met drums en gitaren die in crescendo gingen tot bijna oorverdovend, maar het klonk allemaal zo bijzonder goed dat het einde er veel te vlug was.
Een minutenlange staande ovatie viel hun dan ook ten deel.

Onze eindconclusie : soms dramatisch melancholisch, soms ruig schurend en rockend - wat houden wij van deze band! Graag veel meer van dit!

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Supergrass

Supergrass - Meer dan zomaar Alright

Geschreven door

Supergrass wordt traditioneel gecatalogiseerd als Britpop, en dat klopt natuurlijk wel voor een stuk, in die zin dat het een ontegensprekelijk een Britse band is uit midden jaren ’90 die ook popachtige muziek maakt. Maar binnen het hele Britpopgebeuren lijkt Supergrass toch vooral the odd one out. Terwijl Blur en Oasis - de voortrekkers van het genre - in 1995 een heuse Britpop Battle uitvochten met op voetbalstadions gerichte anthems voor Cool Britannia, kwam Supergrass in hun schaduw met ‘I Should Coco’ op de proppen. Die debuutplaat staat boordevol humoristische songs schatplichtig aan bands als Squeeze, Madness en Half Man Half Biscuit en ademt de jeugdige branie die je ook vindt bij The Buzzcocks en The Undertones. “Alright” werd tegen wil en dank wel zo’n (Britpop-)anthem, al bewees het nummer en de bijhorende absurde videoclip vooral dat Supergrass zichzelf niet al te serieus neemt. Vandaar dat ze er ook lachend mee dwepen everyone’s second favourite band te zijn, Supergrass zal je leven niet veranderen, maar je zal er altijd wel een hoop plezier mee beleven.

De band verdween na zes albums en dik vijftien jaar op de planken eerder geruisloos in 2010, en stellen dat er in het vorige decennium massaal gesnakt werd naar een Supergrass-reünie is waarheid oneer aandoen. Naar amusement en afleiding van de penibele politieke situatie snakken doen ze in thuishaven Groot-Brittannië dezer dagen wel, en dan is Supergrass met hun “laten-we-ons-bovenal-gewoon-amuseren”-ingesteldheid het perfecte tegengif voor de globale maatschappelijke tendens naar verruwing.
Ook België kan dergelijk tegengif best gebruiken, en dus hield de reünietour op 5 februari ook halt in de Ancienne Belgique.
Wie zich aan een reünietour waagt zal steevast het etiket van poenpakker opgekleefd krijgen. Supergrass beseft dat maar al te goed, en opende daarom met “In It For The Money”, in de jaren ’90 een aanklacht tegen groepen die zichzelf verloochenen in een zoektocht naar commercieel succes, anno 2020 vooral een vette knipoog naar henzelf. “We’re in it for the money, we’re in it for the money!” Op papier een grappige keuze dus, ware het niet dat het als opener vreemd genoeg niet direct binnenkwam. Ook “I’d Like To Know” werd nogal vlot afgehaspeld, van de subtiliteit op de albumversie bleef weinig over. “Diamond Hoo Ha Man” van hun gelijknamig laatste album uit 2008 klonk dan weer strakker, al leek vooral het een glamrockpastiche van The White Stripes waarin zanger Gaz Coombes z’n rockstarmoves en gitaartechnische capaciteiten mocht etaleren, en dat kan hij allemaal wel, maar het zit ‘m toch een pak minder gegoten dan het recreëren van het jeugdig enthousiasme dat de band in hun begindagen kenmerkte. Dat laatste kwam mooi tot uiting in het energiek yeah-yeah-yeah-refrein van “Mary”, het vierde nummer. Gevolgd door een op gejuich onthaald “Moving”, leek dit het echte startschot van de set, waarvan een slepend “Time” het eerste hoogtepunt was. Het nummer werd in ’94 geschreven door de piepjonge Coombes die tijdens z’n studentenjob als afwasser verlangde naar het vrijer leven van de volwassene, vijfentwintig jaar later doet het ironisch genoeg dienst als nostalgische terugblik naar diezelfde ‘onbezonnen’ jeugd. Ach, - komt-ie! - ook ‘supergras’ is altijd groener aan de overkant. De powerpop van “Mansize Rooster” ging door op datzelfde euforische elan dat na afloop wat onbegrijpelijk verstoord werd door een eerste intermezzo waarin de lichten doofden en muziek op tape afspeelde door de boxen. Verwarring: de band was amper een halfuur bezig. Het bleek niet het einde van de set maar louter een instrumentenwissel. Wat volgde was dat “Fin”, “Low C” en “Late In The Day”, nochtans allesbehalve slechte songs, de net ontwikkelde vaart uit de set haalden. De vinnigheid maakte plaats voor een traag voortkabbelend middenstuk, waarin halverwege gelukkig een verpletterend “Richard III” ervoor zorgde dat het publiek niet in slaap gewiegd werd. 
Het tweede intermezzo verliep volgens hetzelfde stramien (lichten uit, muziek op tape door de boxen, instrumentenwissel) en was ditmaal het signaal om een versnelling hoger te schakelen. Al snel werd duidelijk dat vooral de up tempo powerpopsongs van Supergrass zich in het collectieve Belgische geheugen genesteld hebben.
Het leeuwendeel van het publiek was naar de AB getrokken om met jeugdvrienden mee te brullen op de tonen van “Lose It”, “Lenny”, en “She’s So Loose”, armen en bekers bier in de lucht houdend. Een eervolle vermelding voor “Grace” ook, het nummer uit de wat vergeten plaat ‘Life On Other Planets’ (2002) wist goed stand te houden tussen deze ninetiesklassiekers. Het trio dat op de grootste respons kon rekenen hoeft niet te verbazen: “Alright” was een drie minuten lange uitbarsting van joie de vivre, dankzij het opwindende “Sun Hits The Sky” leek het alsof Gaz I’ll be your doctor Coombes alle ziektes de wereld had uitgeholpen, en wie z’n ogen sloot tijdens “Pumping Up Your Stereo” hoorde The Rolling Stones spelen.

Voor afsluiter “Strange Ones” zei Coombes: “Thank you Brussels, we were The Strange Ones.” Dit brengt ons weer bij het begin: Supergrass als de vreemde eend in de bijt, de rare kwieten van de Britpop. Everyone’s second favourite band omdat ze zichzelf niet al te serieus nemen en ook nooit je leven zullen veranderen, maar waar je wel verdomd veel plezier kan aan beleven. En daar slaagden ze anno 2020 in de AB ook in, weliswaar na een lange aanloop. Echt memorabel werd het daardoor niet, maar het was wel meer dan zomaar alright.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/supergrass-05-02-2020.html

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Strand of Oaks

Strand of Oaks - Warm-Up show - De grote Neil Young show

Geschreven door

Strand of Oaks trapte zijn Europese tournee af in Diksmuide of all places. Timothy Showalter werd hier vroeg in zijn carrière goed ontvangen en was dit niet vergeten, een select publiek kreeg dan ook de kans om de man met zijn band in een intieme omgeving aan het werk te zien voor deze try-out die hem deze week ook naar de AB bracht. Showalter’s laatste plaat ‘Eraserland’, is nogal zwaar op de hand en klinkt door de mix van keyboards en gitaar best wel donker. Hoewel hij die plaat op nam met leden van My Morning Jacket, is Strand of Oaks eigenlijk een eenmansband.
Voor het Europese deel van tour doet Showalter een beroep op de Nederlands blues- en hardrock-band RUV, vandaar ook deze try-out om goed ingespeeld te raken. Die band deed dit ook al eens in 2018, waarbij ze onder meer op het Cactusfestival stonden.

Wie hardrock zegt, zegt gitaren, de depressieve synths van ‘Eraserland’ waren dus volledig afwezig. In de plaats kregen we een gloedvolle countryrock-klank volledig in de geest van Neil Young, met pedalsteel gitaren, en af en toe stevige hardrock gitaarsolo’s. Showalter bracht een ‘best of’ uit zijn laatste drie platen, was goed bij stem, en de band weefde een gloedvol dekentje om zijn donkere teksten die daardoor toch weer iets hoopvol kregen.
De opbouw van de set stak goed in elkaar, met de deur in huis vallen met “Radio kids”,oudere en nieuwe nummers afwisselen, met in het midden een solomoment voor Showalter, waarin hij bewees dat ook enkel met een electrische gitaar hij het publiek in zijn greep kan houden. Hij bracht een nieuw nummer dat het onder meer had over het laatste concert van Jimi Hendrix in Duitsland in 1970. Bij een ander artiest zou het ten toon spreiden van rauwe emotie als ongemakkelijk overkomen, maar de eerlijkheid van Showalter wordt nooit pijnlijk, ook al maakt hij nogal gechargeerde statements zoals dat het publiek zijn leven gered heeft. “Shut in” kreeg in de solo-bewerking een trager tempo, maar bleef staan als een huis, ook zonder piano of uitgebreide gitaarsolo’s.
Hierna kwam de band terug met ”Forever chords” ,een uitgerekte slowburner die op het einde losbarst die Neil Young tot zijn handelsmerk gemaakt heeft: de piano van de plaatversie werd hier ingeruild voor de slepende steelpedal, en zangeres Ella O’Connor Williams van voorprogramma Squirrel Flower tilde het nummer naar een hoger plan met haar samenzang met Showalter.

Met “Weird ways” sloeg de vonk over op het publiek, dat enthousiast meeklapte. We hadden al gezegd dat de set heel slim in elkaar zat, van hier af ging het zonder inzakker naar de finale in de bis, via “Goshen 97” dat nu een nieuwe gitaarsolo kreeg.
Die bis kon natuurlijk niets anders zijn dan Showalter’s eigen “Cortez the killer”, namelijk “JM” het magnus opus over Jason Molina, dat iedere live-uitvoering anders is maar steeds verpletterend binnenkomt.

Setlist: Radio Kids-Same emotions-Final fires-Keys-Ruby-Eraserland- Nieuw nummer-Shut in-Forever chords-Weird ways-Goshen '97-Rest of it-
Bis:JM

Organisatie: 4ad, Diksmuide

John Blek

The Embers

Geschreven door

John Blek is een Ierse folkartiest en singer-songwriter die al menig jaren zijn sporen heeft verdiend binnen deze muziekstijl. In 2018 werd hij zelfs genomineerd voor de beste song op de Internationale Folk Music Awards voor “Salt In The Water”. Het betekende zijn doorbraak in 2019. Dit dankzij het album 'Thistle & Thorn'. Met 'The Embers' brengt John Blek zijn ondertussen vijfde plaat uit. Boeiende songs, waar de man zich profileert als een troubadour en klasseverteller.
Breekbare songs verpakt in een sound die je naar adem doet happen, worden door die bijzonder warme stem van John toegedekt met een deken tegen koude nachten. Dat is de rode draad op deze gezapige plaat, die eigenlijk wat diezelfde lijn uitgaat maar geen seconde verveelt doordat John Blek je hart vanaf de eerste tot de laatste noot letterlijk omarmt. Vanaf “Empty Pockets” voel je dan ook een intense gloed over jou neerdalen. Met de ogen gesloten wanen we ons in een toestand van complete 'zen' even weg van de harde realiteit rondom ons. Nee, de man doet niet aan scherp uithalen of geluidsmuren omver werpen., noch meningen door de strot rammen of heilige huisjes omver stampen.  Maar op een eenvoudige en sobere wijze die gevoelige snaar raken. Telkens opnieuw en opnieuw. Dat doet John Blek wel keer op keer. In die lijn gaat het dus ook uit bij “Death & His Daughter”, “Ciara Waiting” en andere “Old Hand”. Elke song opnieuw doet hij je naar adem happen, waardoor de pijn in je hart verzacht. Een opvallend mooi moment krijgen we bij “Revived”. De Ierse singer-songwriter Mick Flannery zingt met Blek een mooi duet. Flannery zijn diepe stem past perfect bij de zachte stem van John. Het zorgt voor nog een magie die de haren op je armen doet rechtkomen. Die bedwelmende sfeer keert terug tot het einde met een kers op de taart in de vorm van “Walls”.
John Blek doet je op deze 'The Embers' voortdurend naar adem happen met zijn toch wel zeer bijzondere warme stem. De dromerige en bedwelmend mooie songs op deze plaat zijn één voor één verslavend. Eens onder hypnose gebracht, pink je een traan weg door de emotionele impact van dat wondermooie en het zeer unieke stembereik dat John Blek tentoon spreidt. Het mooiste echter is dat de klasseverteller in alle eenvoud je hart doet bloeden, zonder je pijn te doen. Eerder doet hij een warme gloed over jou neerdalen, waaruit ontsnappen onmogelijk blijkt.

Gauss

Heartbeat

Geschreven door

De ‘moeilijke tweede plaat’ wordt weleens beweerd maar dat lijkt niet op te gaan voor Gauss. Het helpt misschien wel als je weet wat je wil en je je daar door niets rondom je heen laat vanaf brengen. Het feit dat bands dezer dagen veel meer in eigen handen hebben in vergelijking met vroeger waar de grote platenlabels beslisten welke producer en songs er moesten komen op je album zal er ook wel voor iets tussen zitten.
In elk geval gaat het duo van Gauss gewoon verder van waar ze stopten met hun eerste album: het maken van elektronisch sfeervolle maar alternatieve muziek. Muziek met meerdere lagen en met een heel eigen smoel. Getuige van de eenheidsworst die radiostations dezer dagen uitzenden , zijn we dan ook blij met een streepje originele muziek. En dat is bij Gauss wel het geval. De stem van Mati Le Dee is begeesterend en feeëriek.
Het doet mij soms een beetje aan SX denken. De synths van Emile Sertyn zijn groots, tegendraads, sfeerrijk… Je hoort heel veel variatie en toch vormt het geheel een mooie homogene sound. Opener “Dance” trapt Portishead-gewijs af (vooral inzake ritmiek) en is vrij introvert. De vervormde mannenstem past heel goed tussen dit grootstad geluid. “Heartbeat” drijft op een sound dat aan een hartslag/monitor refereert. Een song als “A Walk” klinkt de eerste maal wat gek en moeilijk maar zit heel clever in elkaar. De bas, de percussie en de eigenzinnige zang (Björk?!) geven een vreemde sfeer aan de song. Maar wel een topnummertje.
Tien van deze eigengereide nummers staan er op “Heartbeat”. Heerlijke songs die de middelmaat met gemak overstijgen. Ik was al mee met hun debuut en met deze tweede lijken ze nog beter geworden te zijn. In plaats van Hooverphonic naar Eurosong te sturen met een vrij onopvallend liedje hadden ze beter Gauss gestuurd. Ze zouden zeker opvallen en een resem verschillende meningen oproepen. In elk geval klinkt alles goed en zal je met elke beluistering nog nieuwe dingen ontdekken. Super plaatje!

Freak Injection

Daddy Is The Devil

Geschreven door

De band Freak Injection doet in Vlaanderen nog niet meteen een belletje rinkelen. Daar zou verandering in kunnen komen met ‘Daddy Is The Devil’, het eerste album van deze Franse bende elektrorockers. Er zijn heel wat gelijkenissen met populaire Belgische bands als Lords Of Acid en Vive La Fête, terwijl ze zelf zeggen dat ze de mosterd haalden bij o.m. David Bowie, the Prodigy, Nine Inch Nails, Nina Hagen, Madonna, Die Antwoord en Marilyn Manson. Dan zit je met Lords Of Acid, Vive La Fête, Diane Grace, Misery Loves Co-meets-No Doubt en nog Army Of Lovers juister.
Net als Lords Of Acid en Army Of Lovers flirt Freak Injection met alles wat kinky is, zowel in de look van de band als in de lyrics. Toch blijft het allemaal heel braaf, toch in vergelijking met de band van Maurice Engelen. Songtitels als “Sex Me” en “Sex Voodoo” laten uiteraard weinig aan de verbeelding over, maar dat wordt gecompenseerd door het ontbreken van vlot meezingbare refreinen en door lyrics die niet altijd vlot te volgen zijn (en die steevast eindigen in een langgerekt ‘ooohohoooh’). Dat de onderwerpen een beetje stereotiep zijn voor dit soort bands nemen we deze Fransen niet eens kwalijk. De elektrorock van Freak Injection is niet meteen de meest originele. In de jaren ’90 zouden ze hier vet mee scoren, vandaag klinken sommige beats en melodielijnen toch wat gedateerd en doorsnee.
De beste songs op ‘Daddy Is The Devil’ zijn “Evil Raccoon Party” en “Sex Me”. Live zal deze Freak Injection vast vlotter kunnen overtuigen dan op dit album, misschien in het voorprogramma van Vive La Fête of Lords Of Acid.

Dance/Elektro
Daddy Is The Devil
 

Equal Idiots

Adolescence Blues Community

Geschreven door

Je zou het niet zeggen maar het is intussen bijna drie jaar dat het debuut van Equal Idiots uitkwam. Het is sindsdien hard gegaan en het is ook nooit gestopt. Ze vulden de AB, zanger Thibault zat in allerlei tv-programma’s en presenteert momenteel op StuBru een radioprogramma op zondagavond. Toch was er gelukkig nog tijd voor muziek. Op hun tweede album wilden ze zichzelf niet heruitvinden maar wel een andere kant tonen. Benieuwd of die andere kant veel verschilt met vroeger.
De opener “Run” (en het was tevens hun eerste single) is meteen raak en klinkt helemaal Equal Idiots: puntig, een catchy refrein en met veel bravoure gespeeld. Anders? Nee, maar wel goed. Ook de productie is af. Alles klinkt haarfijn. Veel songs zitten in dit straatje en ik denk dan aan o.m. “Comfortable Home” of “Alphabet Aerobics”, maar we horen ook enkele minder energieke maar daarom niet minder intense songs zoals “Dogs”. Een song die ergens naar Iggy Pop in zijn vroege jaren ruikt. Interessante track.
Als we over een andere kant van Equal Idiots willen spreken dan is dat het geval met “Cowboy Mambo’s Desert Dream”. Het begint met een countryachtig gitaartje en neigt verder in de song soms naar rock and roll en garagerock uit de sixties. Heel geslaagd uitstapje zonder al te ver van hun geluid weg te gaan. “Knife & Gun” heeft met zijn strak gitaartje wat gelijkenissen met The Hives. “16” kennen we al van op de radio. Het klinkt iets minder fris en wat voorspelbaarder dan “Run”, maar het blijft wel een degelijke song. “Wrong” mist wat inventiviteit en is eerder heel premature punkrock met veel herhaling in de lyrics. Op “Time” gaan ze de melancholische toer op. Het blijkt te werken want het is een warm liedje geworden. Afsluiter “Adolescence Blues” is ook de moeite waard en steekt slim in elkaar.
Zeggen dat we een heel andere kant van de band horen is zeker niet waar. Maar ze hebben wel hier en daar andere elementen verwerkt in hun muziek zonder hun typische spirit te verliezen. Dat zoeken naar andere kanten in enkele songs werkt overigens goed want die behoren bij hun betere songs van dit album. Een heel fijne opvolger van hun debuut.

DDDJMX

Pray For The Rain -single-

Geschreven door

We schreven al over de eerste single (“All Is Said”) van het binnenkort te verschijnen album ‘Oceaned’; een samenwerking tussen Dirk Da Davo en Jean Marie Aerts. Nu laten ze een tweede single op ons los om ons warm te maken voor het album: “Pray For The Rain”. Hier krijgen we een pulserende beat en bass met een catchy ‘Na, na, na…’ erbovenop. De bass van JMX is samen met de elektronische beats en klanken van Da Davo de basis waarop JMX wat gitaarklanken en DDD zijn meezingbare vocals plaatst. Samen met de eerste single “All Is Said” kunnen we nu al stellen dat het terug een aangenaam, dansbaar en modern underground album lijkt te worden.
Alles werd opgenomen in de Fuerte Sound Station. In april wordt ‘Oceaned’ uitgebracht.

Dance/Elektro
Pray For The Rain -single-

Schoolboy Q

Schoolboy Q - Steengoed Hiphopfeestje in de AB

Geschreven door

Toen Schoolboy Q in 2009 bij Top Dawg Entertainment (TDE) tekende , kwam hij met het idee om een hip hop groep te vormen met enkele artiesten binnen datzelfde label. Black Hippy was geboren en moest de horizonten van de man zijn mogelijkheden verder exploreren. “The new N.W.A.” zoals sommigen het noemen wordt naast Schoolboy Q nog altijd bezet door Jay Rock, Ab-Soul en Kendrick Lamar himself. Dat grote geweld resulteerde nog niet in een album, maar het viertal was doorheen de jaren nooit te beroerd om vooral elkaars solo carrière tot een hoger niveau te tillen.

In dat opzicht was het niet meer dan logisch dat Schoolboy Q één van die homies meenam naar Brussel. Met een klepper als Jay Rock mochten de hiphop fans zich dan ook meermaals in de handen wrijven en dus was je er maar beter vroeg bij in een uitverkochte Ancienne Belgique.
Al na één nummer werd duidelijk dat er van een voorprogramma eigenlijk geen sprake was. Met "Knock It Off" zette Jay Rock de tent meteen in lichterlaaie en dat hield hij meer dan een dozijn aan nummers vol. Qua show gehalte hield de man het dan weer kurkdroog, want met enkel een licht bezopen beatmaker achter zich moest het publiek het vooral hebben van Jay Rock's vuur en dat was er gelukkig in overvloed. Nummers als "The Bloodiest", "Tap Out", "King's Dead" of"Vice City" deden de tongen twisten en de heupen dansen en dat op een maandagavond nog wel. Het boefje uit L.A. is uitgegroeid tot een graadmeter als we het hebben over hiphop en met die status mocht de man al eens een kleine speech houden over het alom gekende cliché dat je je dromen moet volgen. Voor één keer namen we het er bij. Jay Rock in één woord beschrijven wordt moeilijk, maar in drie woorden lukt nog net 'WIN WIN WIN'.

Een ander straatboefje kreeg de eer om zijn voorganger te overtreffen. Op papier misschien een lastige klus, maar daar trok Schoolboy Q zich maar weinig van aan. Wat in de man zijn voordeel speelde was dat Jay Rock het publiek meer dan alleen ontdooide en daar kon zijn maatje de vruchten van plukken. Een opener als "Gang Gang" deed wat we hadden verwacht, want die schijf hitste het publiek alleen maar meer op. Het gevolg was dat Q's hiphop en stevige trap beats voor een kolkende massa zorgden die we vroeger al eens tegenkwamen bij een stevige hardcoreshow. De grote kracht die van Schoolboy Q een straf artiest maakt was zijn overtuiging en onvermoeibaarheid, waarmee hij zelf de zitplaatsen omtoverde tot een swingende staantribune. En wanneer het bij bijvoorbeeld "CHopstix" al eens wankelde, wel dan was het diezelfde overtuiging die ons een oogje deed dichtknijpen. Nummers als "Floathing", That Part", "Man of the Year"" en "5200" kwamen wel heel stevig binnen, waarbij het publiek tussendoor wat ademruimte nodig had en kreeg in de vorm van "Dangerous" en een acapella versie van "Numb Numb Juice".

Schoolboy Q stak net als Jay Rock de keet moeiteloos in brand en deed daar een schepje bovenop wanneer hij ons nog dit jaar een nieuwe plaat beloofde. Hoera, Schoolboy Q is nog lang niet uitgezongen en dat werd ook in de Ancienne Belgique duidelijk. Wie fan is van
steengoeie hiphop moest in de Ancienne Belgique zijn en wie de trein had gemist zal hem in de nabije toekomst nog wel ergens tegenkomen op één of ander belangrijk festival. En zo werd het vanavond een Top Dawg Entertainment (TDE) feest, die we met veel plezier nog eens willen over doen, maar dan in het weekend a.u.b.

Neem gerust een kijkje naar de pics
Schoolboy Q
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/schoolboy-q-03-02-2020.html
Jay Rock
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/jay-rock-03-02-2020.html

Organisatie: Greenhouse Talent ism Ancienne Belgique, Brussel

And Then Came Fall

Should We -single-

Geschreven door

And Then Came Fall was op hun debuutalbum nog wat moeilijk te plaatsen. We bleven toen wat hangen in termen als ‘loungy’ en ‘herfstig’. Op hun nieuwe single “Should We” is hun bandgeluid nog wat puurder, maar zeker niet makkelijker te definiëren. Ergens tussen Blue Blot en SX in op deze track, beetje dansbare blues, beetje introspectieve singer-songwriter, … De urban-feel is deze keer wat verder weg dan op het vorige album en ingeruild voor een sound waarin de hele band aanwezig is. De lyrics en emoties staan iets meer centraal. Puike single. Misschien toch eerder Radio 1 dan Radio 2.

https://www.youtube.com/watch?v=NIjF9aNbmvg

Pagina 184 van 498