logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

dEUS - 19/03/20...
Deadletter-2026...
Concertreviews

Raketkanon

Raketkanon - Dissonante gitaren en manische noise-rock

Geschreven door

Het ziet er naar uit dat Garet Liddiard de stekker uit The Drones heeft getrokken en, geflankeerd door drie dames, definitief zijn toevlucht heeft genomen tot zijn nieuwe band Tropical Fuck Storm. Het waarom daarvan hebben wij nog niet kunnen uitpluizen, maar als Drones-fan maakt ons dat toch wel een beetje triestig. Alhoewel, het goede nieuws is dat de debuutplaat ‘A Laughing Death In Meatspace’ toch ook wel een pittig beestje is en dat Liddiard nu ook weer niet zo gek ver is afgeweken van de schurende en vaak dissonante sound van zijn voormalige band. Al zeker in de live uitvoering herkennen wij die snijdende, vaak noisy en hier en daar wat chaotische aanpak waar wij The Drones altijd voor geadoreerd hebben. De elektronica en experimentele uitstapjes, die toch wel aanwezig zijn op de nieuwe plaat, werden live blijkbaar tot een minimum beperkt. Hier kregen we meer van dat typische Australische geluid waarvan de wortels liggen bij The Birthday Party en garage-rockgroepen als The Beasts Of Bourbon of The Scientists.
Gareth Liddiard’s vocals en gitaaruithalen zijn nog steeds even intens en zorgen voor brokjes pure emotie, met name in een pareltje als “You Let My Tyres Down” of in de ontspoorde garage-punk van “Two Afternoons”.
Voor het grootste deel van het opgekomen publiek, zeg maar zowat 99 %, was deze Australische band natuurlijk de grote onbekende. Toch wist Tropical Fuck Storm met hun zinderende set een groot deel van dat publiek voor zich te winnen. Omdat wij onszelf tot die andere 1% rekenen hadden wij sowieso al vooraan postgevat om dit fameuze concertje te ondergaan, en we waren hoegenaamd niet ontgoocheld.

Over naar Raketkanon dat hier uiteraard het thuisvoordeel had en daarbij mocht rekenen op een dolenthousiast publiek met overmatige moshpit-capriolen.
Hoewel wij wel overtuigd zijn, werd hun derde plaat niet overal op even luid gejuich onthaald, het leek wel of ze een ferm stuk van hun wilde haren waren kwijtgeraakt. Dat bleek ook letterlijk zo, quasi gans de band kwam met een proper geknipt coiffuurke op het podium. Doch dit bleek maar een afleidingsmaneuver, want Raketkanon gaf er een uur lang een ferme lap op.
De laatste plaat kwam uitvoerig aan bod, maar Raketkanon had er toch grondig aan gesleuteld, ’t is te zeggen er een stuk meer power op gezet. Dingen als “Harry”, “Fons” en “Ricky” haalden verschroeiend uit, alsof ze niet wilden onderdoen voor grote broers “Florent” en “Herman”.
Vanavond bleek dat Raketkanon toch in de eerste plaats een live band is, een horde losgeslagen Gentenaren die op een podium hun songs verbouwen tot iets metal- of hardcore-achtig, maar dan met een serieuze hoek af. Raketkanon creëerde een unieke eigen sound met geschifte keyboards, destructieve gitaren en onverstaanbare schreeuwerige over the top vocals van een zanger die zichzelf maar al te graag in het uitgelaten publiek stortte.

De Gentse Vooruit smulde ervan en maakte er mee een onvergetelijk avondje van. Voor ons was dit de eerste live kennismaking met deze Gentse wildebrassen. We hebben ons laten vertellen door fans van het eerste uur dat het er vroeger nog veel heftiger aan toe ging. We proberen ons daar iets bij voor te stellen. Hitsig bandje, dat alleszins.

Organisatie: Democrazy, Gent

Raketkanon - Dissonante gitaren en manische noise-rock
Tropical Fuck Storm , Raketkanon
Vooruit (Balzaal)
Gent

Beoordeling

Jamiroquai

Jamiroquai - De rugklachten wegdansen

Geschreven door

Na zeven jaar keerde Jay Kay aka Jamiroquai terug met een nieuw album. ‘Automaton’ bracht ons de gekende funky tunes, met hier en daar een suppositoire van elektronische beats in de poep geschoven. Of dit een meerwaarde is? Wel, aan onze poep niet echt, maar het bracht wel een verse lading nieuw werk bij het Jamiroquai-oeuvre. ‘The Space Cowboy’ is dus terug mét een tour en een nieuw futuristisch hoofddeksel.

Die tour werd eerst uitgesteld door rugproblemen - ja, zelfs Jamiroquai heeft last van zijn 49 lentes-, maar op 12 november stond hij gewoon in het Antwerpse Sportpaleis met lichtgevende kroon, een hangend buikje dat hij doorheen de jaren opbouwde en een sterk optreden waar zijn nieuwe album niet eens de hoofdrol in speelde. Zie het eerder als een ‘best of’-concert. In Vorst keerde hij terug. Wij maakten ons alvast op voor weer zo’n concert waar wij onze Londense, jaren negentig dansvingers stuk voor stuk mee zouden af likken.
Op deze mooie lenteavond koos Key om met short op het podium te komen, in trainingspak wel, zoals we gewoon zijn. Zou die slechte rug er voor iets tussen zitten? Hij bedankte de trouwste fans nog voor al de berichten toen hij buiten strijd lag met zijn rug. “Shake It On”, zouden wij dan gewoon zeggen. Schud het eruit en dat deed Jamiroquai ook.
Openen was voor de opener van zijn laatste plaat weggelegd en erna werd ‘Automanton’ doodleuk gewoon opzij geschoven. Uiteindelijk was het merendeel van het publiek ook ergens op zoek naar een revival van hun rug in de jaren 90 en bij zij waar de rug nog in goede staat verkeerde, verkozen de dansbenen ook ouder materiaal.
En dansen werd er zeker en vast gedaan. We halen dansbare herinneringen op met “Alright” en “Little L”. Vlagen nostalgie van dansavond die eeuwig mochten blijven duren, passeerden de revue op het podium en in ons hoofd. Ook in de tribunes van Vorst Nationaal werden de rugklachten even vergeten. Met Jamiroquai gaan we dansen, of wat had je anders gedacht?
Toch viel Jay Kay en zijn indrukwekkende band af en toe stil. Hij gaf ook zelf al na nummer twee toe dat hij even naar adem moest happen. Dat naar adem happen toonde zich in de vorm van de outro’s die soms werden uitgemolken alsof ze over een volle uier beschikten. “Travelling Without Moving” was daar het toonvoorbeeld van. Ondanks dat de band rond Kay uitstekend werk leverde, weergalmden de fantastische beats soms net iets te lang in Vorst.
Dansen deden we ook het liefst op één van de zo vele hits waar Jamiroquai het stoflaagje zonder problemen van afblies. “(Don’t) Give Hate a Chance” en “Runaway” met zijn funky gitaren brachten onze heupbewegingen op topsnelheid en handen in een hogere luchtruim. Zelfs het rustigere “Corner Of The Earth” werd met zijn zoete Bossanova-toets meer dan smakelijk verorberd.
Wat wil je ook als je muziek uitpuilt van de heerlijke disco-invloeden voorzien van de meest keurige beats. “Cosmic Girl” bracht ons zonder veel moeite naar a distant solar systhem en “Canned Heat” maakte indruk met een baslijn waar het vet van afdroop. Om dan nog maar te zwijgen van “Love Foolosophy” en het ultieme bis-nummer “Virtual Insanity”. Je snapt het ondertussen al wel. Als Jamiroquai zijn klassiekers meebrengt, is een feestje nooit ver weg, rugklachten of niet.

Jamiroquai bracht zijn hits mee naar Vorst Nationaal en dat voelden we aan onze benen. Na afloop moesten we net als Jay Kay even uitblazen. Af en toe viel het feestje stil, maar met zo’n sterke setlist was dat algauw vergeten.


Setlist: Shake It On - Little L - Use the Force - Main Vein - Alright - Space Cowboy - (Don’t) Give Hate a Chance - Corner of the Earth - Runaway - Cosmic Girl - Travelling Without Moving - Canned Heat - Love Foolosophy
Bis: Virtual Insanity

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/vorst-nationaal-brussel/jamiroquai-30-05-19
Organisatie: Gracia Live

Beoordeling

Stereo MC’s

Stereo MC’s - Vet dansfeestje!

Geschreven door

Eén van de leukste danssensaties van de jaren 90 waren ongetwijfeld het Britse Stereo MC’s, die de dansspieren prikkelden met hun aanstekelijke, groovy sound en songs als “Bring it on”, “Connected, “Step it up” en “Deep, down & dirty”.  Met heel veel goesting keken we dus uit om hen van onder het stof te halen en de boxen te laten knallen …

Met hun cross-over sloegen ze een brug tussen pop, elektronica, mellow hiphop, funk , dance en breakbeats . Inderdaad, toen uniek en absoluut top. Hier haalden vele huidige dansgroepen en dj’s hun inspiratie. We zagen hen meerdere malen op o.a. Werchter en Pukkelpop waar ze de weide zonder probleem tot dansen brachten. Benieuwd of ze vanavond het nog steeds kunnen waarmaken … En ja, dat was voor de Stereo MC’s geen enkel probleem. De eerste tunes en beats gooiden niet alleen het overwegend oudere publiek de heupen los , maar ook de weinig jongeren die aanwezig waren,  gingen uit de bol.
De enorme hoeveelheid energie, dynamiek en friste die het kwintet op het podium teweeg bracht, sloeg over op de volledige zaal. Niemand bleef onberoerd en statisch toekijken. De positieve vibes vlogen vanaf het podium de zaal in, en terug naar het podium. Het was genieten als in een zwoele, zomerse, hete dansclub.
De twee afrodanseressen/zangeressen brachten met hun stemmen en moves iedereen in de juiste stemming, beweging en de pezige zanger/rapper Rob Birch, keek ondanks zijn toch al behoorlijke leeftijd (58 intussen), op geen inspanning . Zijn stappenteller moet zowat tilt geslagen hebben. En met zijn scherpe, bezwerende en opjuttende krijs- stem kreeg hij iedereen mee in the mood. Positivisme en gelijkheid stonden centraal. Natuurlijk waren “Connected” , “ Deep ,down and dirty” , “Creation” , “Running” en “Step it up” de hoogtepunten, maar het was vooral het geheel die ‘em deed.
Het waren 100 minuten lang één vette dansparty. Het was meer dan genieten. Oud vertrouwd, ‘old skool’,  swingde het en was de sound lekker , goed verteerbaar …

Het was een nostalgische voltreffer die naar de keel en de benen greep. Wat een genot om dit te mogen meemaken . Tot twee maal toe werd de groep teruggeroepen. ‘t Zal dus méér dan goed geweest zijn zeker. Graag méér van dit.  We voelden ons die avond weer jong en hip. Met een knipoog aan Stereo MC’s” en de organisatie die dit vet dansfeestje verwezenlijkten.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-casino/stereo-mcs-29-05-2019
Organisatie: De Casino , Sint-Niklaas

Beoordeling

Seth Walker

Seth Walker - Rasperformer

Geschreven door

Ik ga graag ‘blind’ naar optredens. Daarmee bedoel ik: geen gesnuister vooraf op Youtube, Bandcamp of Spotify maar zich enkel baseren op een korte begeleidende omschrijving. Daarvoor moet het vertrouwen in de desbetreffende club groot zijn en de afstand ernaartoe uiteraard niet al te groot. Dat kan zeker tegenvallen maar bij een verrassing kan de pas ontdekte muziek bijzonder intens smaken en voor een zaligmakende roes zorgen. Tijd om het nog eens te proberen, dacht ik,  maar bij aankomst in Leffinge bleek er meteen iets vreemds aan de hand te zijn. Hier stonden voor een dinsdagavond wel erg veel auto’s geparkeerd en toen ik de ingang bereikte viel meteen een briefje op dat inderhaast werd opgehangen: sold out! Ik had nog nooit van Seth Walker gehoord en plots bevond ik me in een, dankzij hem, uitpuilend café. Je zou je voor minder idioot voelen maar gelukkig vond ik enkele al even verbaasde leken waardoor ik me toch wat meer op mijn gemak voelde.

Een mix van blues, soul en jazz gebracht door een rasperformer’, dat waren de woorden die me naar Leffinge hadden gelokt. Dat laatste was alleszins niet gelogen. Hier stond een uitgesproken liveartiest op de planken die duidelijk na jarenlange ervaring alle knepen van het vak kende. We werden om de haverklap uitvoerig bedankt terwijl hij voortdurend anticipeerde op zijn publiek, zelfs als hij in het West-Vlaams werd aangesproken. Ook muzikaal liet hij weinig trucs onbenut om het volk te behagen maar tot mijn eigen verbazing stoorde me dat niet eens echt.
Seth Walker was duidelijk een man die vele watertjes doorzwommen had. Opgegroeid in North Carolina, verhuisd naar Austin, Texas waar hij de wereld van de muziek ontdekte om via Nashville in New Orleans te belanden. Die zwerftocht leverde hem, naast tien platen, ook een enorme waaier aan diverse muzikale invloeden op.
Het resultaat daarvan was evenwel niet de door mij verwachtte mix van blues, soul en jazz maar funky klinkende roots die een paar keer zelfs van een dosis reggae was voorzien. Niets op tegen, als je het broeierig weet te brengen zoals The Neville Brothers of de onvolprezen JJ Grey & Mofro maar dat gebeurde hier, ondanks de intussen hoog opgelopen temperaturen, niet. Daarvoor waren de songs te mainstream en klonk de stem, ondanks die scheur, wat te vlak.
Beste moment was toen hij in zijn eentje eerst “You send me” (Sam Cooke kan er bij mij altijd in) en daarna een zelfgepende blues bracht. Waarmee ik absoluut geen afbreuk wil doen aan zijn twee kompanen: drummer Tommy Perkinson en bassist Rhees Williams (deels op staande bas) waren schitterende muzikanten. Ook het gitaarspel van Walker zelf bleef tot het einde boeien. Goed getimede solo’s met een scherpe, heldere toon en gevoel voor humor. Jammer dat de nummers op zich me koud lieten.
Helemaal op het eind leek het dan toch te lukken toen hij met een song even in de buurt van Tony Joe White kwam en hij mijn handen wat enthousiaster op elkaar kreeg. Evenwel veel te laat en een bisronde, om eventueel nog iets recht te zetten, bleef uit.

Organisatie: VZW De Zwerver - Leffingeleuren, Leffinge

Beoordeling

Big Thief

Big Thief - Op rand van grote doorbraak!

Geschreven door

Lichte verbijstering in de zaal wanneer Adrianne Lenker met kortgeschoren kopje en vormeloos gehuld in een oranje boeddha achtige tuniek op de planken van de uitverkochte Orangerie verschijnt. Is dit wel nog dezelfde ongecompliceerde indiefolkie uit Brooklyn die 2 jaar geleden grote furore maakte in de Rotonde?

Opener “UFOF” van hun derde, veelgeprezen gelijknamige plaat stelde ons meteen gerust. Big Thief schuwt hun fascinatie voor mythologische onderwerpen niet, maar van een geforceerde spirituele muzikale zoektocht was er nooit sprake, gelukkig maar. Niet zweverig maar rauw en  intens, hét handelsmerk van Big Thief, was dit memorabel concert des te meer.
Nieuwe muzikale hypes waren aan dit geolied viertal niet besteed, wel americana in de allerbeste traditie à la Neil Young en Fleetwood Mac, soms lekker gezapig of intimistisch (“Cattails”, “Paul”) dan weer zinderend met nijdige gitaarriffs (“Real Love”, “Shark Smile”, “Masterpiece”) maar altijd even overdonderend. En met een vleugje melancholie en tristesse. Tijdens “Mary” en “Orange” konden zelfs de fleurige bloemenboeketjes aan de microfoon standaarden op het podium geen enkele opbeuring brengen.   
Verbale interactie met het publiek was er amper, maar die was ook niet nodig, eerder contraproductief wanneer de songs op zich voldoende klasse hebben om als emotionele bruggenbouwers te fungeren. Dikke pluim ook voor de band, die over de zeldzame gave beschikten om geen noot te veel spelen en daardoor ruimte creëerden om Adrianne Lenker met haar verpletterende stem in de spotlights te zetten.

Op het eind mocht er toch nog eens gelachen worden ook. Hoewel dit aanvankelijk niet echt de bedoeling leek kon Big Thief het gejoel van het publiek niet langer weerstaan en gaven ze na lang  aandringen nog twee folky, tekstueel hilarische bisnummertjes prijs met de lichten in de zaal aan. Twee kersjes op een taart die naar nog veel meer smaakt. 

Pics Big Thief @ Bestkeptsecret http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/best-kept-secret-2019
Organisatie: Botanique , Brussel

Beoordeling

The Raconteurs

The Raconteurs - Onstuimig verhaal

Geschreven door

Na meer dan tien jaar radiostilte stuurde The Raconteurs op de valreep van 2018 twee nieuwe singles op de wereld af. “Sunday Driver” en “Now That You’re Gone” bleken de voorbode van het hervatte, vurige leven van de band. Op 21 juni komt hun derde plaat ‘Help Us Stranger’ uit en nu kregen we daar al heel wat voorsmaakjes uit te horen. We kunnen nu al verklappen dat die helemaal in de lijn liggen van hun nieuwe releases. Na dit furieuze optreden bestaat er geen twijfel meer over: de mannen van The Raconteurs zijn nog lang niet uitverteld.

De dames van Goat Girl begonnen aan de avond met moeilijk te doorgronden en daardoor erg intrigerende zang. We dachten dat we een schitterend voorprogramma te horen zouden krijgen, maar niets bleek minder waar. De band had moeite met timing en dat stoorde mateloos. Het leek vooral of we ruwe demoversies van hun songs te horen kregen die barstten van de schoonheidsfoutjes. Zo was de timing van de bassiste niet punctueel genoeg en speelde ze zelfs slordig. De drummer besloot dan weer om even recht te staan voor de show, maar -je raadt het al- sloeg vervolgens volop naast de tel. Gelukkig konden hun folk-achtige songs ons wel over de streep trekken. Die konden we veel beter smaken dan de nummers waarop ze enige electro-invloed lieten passeren en we kunnen de band enkel maar aanraden om die waaierige folkrichting uit te blijven gaan. Goat Girl heeft zeker iets te bieden, want in afwachting van The Raconteurs zaten die nummers dan ook nog even in ons hoofd.

Toch zou The Raconteurs de ziel uit hun lijf moeten spelen om dat weer helemaal recht te trekken. En dat deden ze ook, zonder een fractie van een seconde op de rem te gaan staan. Nog voor de eerste noot gespeeld was, smeet White een gitaar omver in zijn roekeloze enthousiasme. Die uitspatting was maar het begin van alle furore, die de set van begin tot eind zou kleuren.

Kwestie van even te tonen waar het op stond, begonnen ze eraan met het krachtige “Consoler of the Lonely”, opgevolgd door het nog onuitgebrachte ”Bored and Razed” en een stevige versie van “Level”. Niet alleen muzikaal werd van jetje gegeven, ook de hyperactieve lichten droegen bij aan dat overweldigende gevoel. Op voorhand leek het erop dat The Racs het met een minimaal decor zouden doen, maar dat was buiten de lichtshow gerekend, die heel de zaal in lichterlaaie zette.
Elke keer wanneer de intro van een oude bekende werd ingezet, voelde het een beetje als thuiskomen. Die nummers gaan dan ook al zo lang mee dat ze een soort warme evidentie geworden zijn. Zo veel jaren werd gedacht dat we deze mannen nooit samen aan het werk zouden zien, en dat maakte de ervaring des te specialer. Deze getalenteerde muzikanten zich zien amuseren op het podium terwijl ze de grootste prestaties neerzetten; je zou er bijna een bucketlist voor aanmaken.
Na de uitbarsting die “Top Yourself” geworden was, begaf White zich naar de piano voor een nieuw exemplaar. “Shine the Light on Me” scheen rustiger te worden, maar ook hier toverden de Amerikanen al gauw felle toevoegingen en een opbouw uit hun gitaren. Dat presteerden ze elke keer wanneer je dacht even adem te kunnen halen: ofwel kregen we nieuwe nummers op ons bord die sowieso alle aandacht opeisten, ofwel raasde The Raconteurs er genadeloos door. De set werd nooit eens neergelegd en intens was het zeker.
We hebben het wel over thuiskomen, maar aan rustgevende haardvuurnummers moest je je dus niet verwachten. De scheurende nummers volgden elkaar op en werden zelfs stuk voor stuk met dubbel zoveel scherpte, kracht en overtuiging gebracht dan op plaat. Ook al had Brendan Benson de tekst van “Many Shades of Black” duidelijk niet geblokt, toch stoorde dat niet. Het publiek kende de klassieker goed genoeg om de zaal bijeen te brullen. Op vele momenten werd de set een heus riff-festijn en duwden de mannen nog een opbouw in ons gezicht wanneer we dachten dat we het hoogtepunt al bereikt hadden.
Na elf nummers verliet de band het podium, en dat korte intermezzo om even te checken hoe het zat met onze hartslag, was welkom. Al zat er weinig ademruimte in voor het publiek, want er moest toch een aardig aantal minuten geschreeuwd worden vooraleer de bende terug op de bühne verscheen.
Met niets minder dan zes bisnummers sloten ze hun verhaal in Brussel af. Opnieuw volgde The Raconteurs het recept van de extra smak hevigheid op twee uitbundige klassiekers en vier exemplaren van hun nieuwe album. Recent of niet, “Help Me Stranger” en “Now That You’re Gone” werden even enthousiast meegezongen als hun decennium oude songs; een laatste bewijs dat ze niet enkel uit de oude herinneringendoos moeten puren om er iets van te maken.

The Raconteurs zette een furieuze set neer in het Koninklijk Circus. Ook al zal de opmerking gegarandeerd de kop opsteken dat ze hun grootste hit “Steady As She Goes” aan zich voorbij hebben laten gaan, toch bekijken wij het liever van de andere kant. Hun oude bekenden werden met zoveel onstuimigheid gespeeld dat je onmogelijk op je honger kon blijven zitten, en daarnaast waren de previews van de nieuwe songs die ‘Help Us Stranger’ zullen sieren meer dan veelbelovend.

Op zondag 2 juni speelt The Raconteurs op Best Kept Secret Festival.

Setlist: Consoler of the Lonely - Bored and Razed - Level - Old Enough - Somedays (I Don’t Feel Like Trying) - Top Yourself - Shine the Light on Me - Hands - Broken Boy Soldier - Many Shades of Black - Sunday Driver - Hey Gyp (Dig The Slowness) - Salute Your Solution - Only Child - Now That You’re Gone - Help Me Stranger - Carolina Drama

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Kikagaku Moyo

Wand, Wooden Shjips, Kikagaku Moyo - Psychedelica op drie verschillende wijzen

Geschreven door

Wand, Wooden Shjips, Kikagaku Moyo - Psychedelica op drie verschillende wijzen
Kikagaku Moyo
Botanique (Orangerie)
Brussel
2019-05-27
Nick Nyffels

De Botanique had een avondvullend programma rond psychedelische rock in elkaar gestoken, en hoewel de geprogrammeerde bands niet super bekend zijn, was de Orangerie toch uitverkocht voor een bijzonder boeiend trio van bands die elk een totaal andere invulling aan psychedelica gaven.

Wand, de Californische band van Cory Hanson, mocht vanavond aftrappen en speelde een korte set die voornamelijk uit hun laatste album ‘Laughing matter’ plukte. Wand komt uit de psychedelische garage-scene rond Ty Segall en Mikal Cronin, zo speelde hij nog samen met Cronin in Meatbodies en zat hij ook bij de The Muggers, de begeleidingsband van Segall die hier ook in de Orangerie stond ten tijde van het album ‘Emotional mugger’. Wand heeft echter een heel andere interpretatie ontwikkeld van psychedelische rock over de laatste platen: dit is zonnige, Californische psychedelica, met een zachte, lieflijke stem gezongen die ergens in de driehoek zit tussen The Paisley Underground, de V.U. en de Engelse gitaarpop van begin jaren negentig (Ride). Qua gevoel en ambitie doet ‘Laughing matter ‘ heel erg denken aan het neo-psychedelische meesterstuk van The Boo Radleys, ‘Giant Steps’. Een Britse manier van zingen dus, die gecountered werd door heel prikkelende gitaarsolo’s, waarbij Hanson ook zijn gitaar met een strijkstok bespeelde. De zang stuurde hij soms door een vervormer, zodat je een ijle LSD-kleur kreeg.
Hoogtepunt van de korte set was “Aeroplane”, gezongen door de keyboardspeelster, een lang stuk dat minimaal begon en ontspoorde, Yo La Tengo gewijs met verschroeiende gitaarsolo’s, zuurzoete psychedelica die je goesting gaf in meer.

Na een korte pauze was het tijd voor de tweede band van de avond. Wooden Shjips kwam zijn vijfde plaat voorstellen, het vorig jaar verschenen ‘V’. Het recept is nog altijd hetzelfde van deze band uit San Francisco: echte autosnelwegmuziek die je doet wegdromen terwijl de kilometers afgemaald worden. De band, een grijzend en baardig viertal middle aged hippies had projecties meegebracht en liet de nummers naadloos in elkaar overvloeien, met orgelklanken en de hypnotische, mid-tempo beat van de drummer als basis. De voor de hand liggende link van hun in de jaren zestig geënte geluid op een bedje van fuzz-gitaar kon je maken met een The Jesus & Mary Chain. Opnieuw was de set kort, een kleine vijfenveertig minuten, die zo  voorbij was door het hypnotische karakter van deze spacerock.

De afsluiter van de avond was het mij volledig onbekende Kikagayo Moyo, een Japans vijftal uit Tokio. De bandnaam zou iets moeten betekenen als geometrische patronen. Ze hebben al vier albums uit, waarvan het laatste ‘Masana temples’ is. Kikagayo wierp je volledig terug naar de vroege jaren zeventig, en bracht een mix van psychedelische rock en krautrock,(een nummer als “Fluffy” kosmisch is zowel een weggever als ‘mission statement’), uit een tijdperk waarin de hardrock en metal nog moesten uitgevonden worden. De band had zelfs een sitar speler, die echter wat in het groepsgeluid verzoop, maar onvermijdelijk naar The Beatles verwees.
Het was dus schaamteloos retro, zonder daarom een goedkope imitatie te zijn. Net als veel andere Japanse bands die in Europa opgemerkt worden, zit er een vreemde eigenheid in de muziek, al was het maar door de Japanse zangteksten die je in het ongewisse lieten.
Naast de lange, uitgesponnen, laid-back krautrock nummers, speelde de band ook dromerige popsongs, kwamen ze bij wijlen heel funky uit de hoek door de wah-wah gitaartjes en had ook het ook iets heel modern zoals de overgangen die bij Tortoise gejat waren. Je kan deze Japanners nog gaan ontdekken deze zomer op Pukkelpop, ga ze zeker eens gaan bekijken.

Setlist Wand: Hare / Wonder/Xoxo/Rio Grande/Scarecrow/Airplane/Melted Rope
Setlist Kikagaku Moyo: Dripping Sun/Streets of Calcutta(Ananda Shankar cover)/Cardigan Song/Blanket Song/Gatherings/Nazo Nazo/Fluffy Kosmisch/Old Snow, White Sun

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Strand of Oaks

Strand of Oaks - Hier nemen wij onze hoed voor af

Geschreven door

We trokken niet alleen massaal naar de stembus, ook in Trix was het over de koppen lopen. In de grote zaal speelde namelijk Timothy Showalter met Strand of Oaks een uitverkochte show. Met maar liefst zes albums op zak wist hij ons te overtuigen van zijn muzikale talent. Het voorprogramma van de avond werd verzorgd door zijn landgenoot Frankie Lee.

Voorzien van zijn typische witte cowboyhoed, bijhorende outfit en mondharmonica betrad Frankie Lee als eerste van de avond het podium. Vergezeld door zijn gitaar wist hij ons gedurende een half uur mee te nemen naar het Amerikaanse platteland. Als we enkel uitgingen van de look, mochten we ons verwachten aan hillbilly en country. Daarentegen kregen we een nodige dosis americana en folk, waarbij een oplettende luisteraar ook “Chains” van Fleetwood Mac en “Everytime The Sun Comes Up” van Sharon Van Etten kon herkennen.

Strand of Oaks opende hun set op een nogal gedurfde manier. De opener van de avond was namelijk meteen misschien wel hun grootste single “Weird Ways”. Het voordeel hiervan was natuurlijk dat de band direct heel het publiek mee had. De toon van de avond was hiermee gezet. Epische gitaren die op een subtiele wijze opbouwden naar een hoogtepunt waren zo goed als de rode draad van de set. “Goshen 97” en “Ruby” mondden zelfs uit in een onverwacht meezingmomentje door het publiek. Showalter en co gaven het beste van zichzelf, en tijdens die laatste mochten ook de nodige gitaarsolo’s niet ontbreken.

Timothy Showalter ziet er misschien uit als een ruige bikerboy, maar niets is minder waar. Onder zijn hoed en verstopt achter zijn grote bos haar zit eerder een grote teddybeer verstopt. Tijdens “Shut In” zagen we hem zelfs een traantje wegpinken en ook op “Wild And Willing” liet hij zich even van een andere kant zien. Bijna a capella bracht hij die song, waardoor het pure helemaal naar boven kwam. Toch voelden we ons meer verbonden met hem tijdens de uitgesponnen gitaarmomenten. “For Me” en “Radio Kids” waren hierbij misschien wel een van de betere voorbeelden.
Dat Strand of Oaks pas met hun zesde album ‘Eraserland’ bekendheid verwierf bij het grote publiek is voor ons een groot vraagstuk. Voor de fans van het bijna eerste uur begon het allemaal met het nummer “JM” op de derde plaat ‘Heal’. Vooral de liveversie bij Ayco Duyster in het gelijknamige programma Duyster kende een eigen leven op het internet. Het ging zelfs zover dat Ayco werd bedankt tijdens de show van de band op Pukkelpop enkele jaren geleden. Ook op het podium wisten ze het uitgesponnen en rauwe karakter van die song over te brengen. Met maar liefst een meer dan tien minuten durende versie sloeg de band ons met verstomming.
Voor de bisnummers bracht de band Frankie Lee met zijn mondharmonica nog eens op het podium. Tijdens “In The Blue” verliet Showalter zelfs het podium en nam Lee de vocals voor zich, al kwam hij overtuigender over zonder band. Het leek alsof hij niet opgewassen was tegen de volle klank van de band. De twee heren namen samen de zang voor zich op het laatste nummer van de avond, “Forever Chords”. Lee stond er af en toe wat ongemakkelijk bij op de momenten dat hij niet moest zingen, maar gelukkig maakte de band dat helemaal goed en lieten ze ons met een mond vol tanden achter.

We durven het bijna niet te zeggen, maar met zes albums op zijn palmares is Timothy Showalter met Strand of Oaks bijna een oude rot in het vak. Toch doet de naam van de band nog niet veel belletjes rinkelen bij de meesten onder ons en dat is een spijtige zaak. Strand of Oaks heeft een hele hoop straffe songs, die ze ook nog eens live perfect weten te vertalen. Wij roepen alvast iedereen op om te gaan kijken naar hun show op Rock Werchter.

Setlist: Weird Ways - Final Fires - Goshen 97 - Ruby - Plymouth - For Me - Wild And Willing - Radio Kids - Visions - Shut In - JM - Rest Of It - In The Blue - Forever Chords

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Trix, Antwerpen

Beoordeling

Pagina 110 van 386