logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_08
The Wolf Banes ...
Johan Meurisse

Johan Meurisse

De Rewind concerten van de jaren ’80 Belgische bands zitten in de lift . Vóór Arbeid Adelt hadden we al succesvolle gigs van o.m. The Scabs, Neon Judgement, The Kids en een gevolg van Channel Zero’s rewind was een reünie. Mooi he!
Arbeid Adelt werd opgericht in ’81 onder Marcel Vanthilt (alias Max Georg Alexander) en Jan Van Roelen (alias David Salamon). Een handvol (soms obscure) singles en drie platen noteerden we, de ‘Jonge Helden’ EP, ‘Le chagrin en quatre-vingts’ ‘(83) en bijna tien jaar later ‘Des Duivels Oorkussen’ (’91).

Dertig jaar later was het wel leuk om samen met het iets latere groepslid Luc Van Acker en gastmuzikanten Willy Willy (The Scabs) en Dani Klein (Vaya Con Dios) nog eens op een podium te staan. Spontaan, ontspannen en doordacht moest het allemaal zijn, want de Nederlandstalige minimal wave & elektropop van Arbeid Adelt had een anarcho- absurdistisch karakter en was gekend van z’n vrolijke chaos.
Marcel kan z’n ervaring van tv, veejay en entertainer niet wegsteken. Een hyperkineut, een spraakwaterval (de link met Bart Peeters is gauw gelegd!) die graag prikjes uitdeelt (o.a. over de Belgische politiek en de Natalia’s van deze tijd), grappige weetjes vertelt en leuk intervenieert ...

Oude helden werden geëerd dus …  Arbeid Adelt deelde z’n set op in ‘Jonge Helden’ en een ‘Retrospectieve in 625 lijnen’.
De songs werden even chronologisch als op de EP gespeeld, meer doordrongen van dreigende wave, denderende beats en verwaaide saxpartijen. Opener “Ik sta scherp” scherpte letterlijk de aandacht, het traag slepende “Jonge Helden” volgde. Eén van de kortste nummers ooit “Roodborstje” kon je net gezellig meefluiten of meezingen.
Het songaspect kwam in het daaropvolgend materiaal aan bod, een spannende, broeierige “De man die alles noteert”, “Capita selecta”, “65+” en “Het meisje van mijn hart”. De drie heren waren goed op elkaar ingespeeld tijdens de sessie en de doorwinterde ‘new waver’ haalde en friste z’n nostalgisch jaren ‘80 hartje op door de forsere beats in de songs.
Vanthilt keek even op z’n uurwerk en zag net als ons dat het er na 25 minuten opzat. Ze lasten een korte break in, een drink- en plaspauze of wat nodig was op hun gezegende leeftijd, o.a. het stomazakje verversen hmhm …

In het tweede deel grossierden we door het oeuvre van de twee platen en enkele godvergeten, maar verdomd goede singles. Op het podium hingen vele verkeersborden en -signalen en toonden ze een compilatievideo op een groot scherm. Tja, waar was de tijd van Roodvonk, Popelektron en Hitring, van Vanthilt en de AA capriolen …
Het eenvoudige, bloedstollende en knap, ingenieus gevonden “Ja ja op naar de nieuwe dimensie” (Spreek Spreek nu)” werd door de repetitieve opbouwende ‘80s wave en beats lang uitgesponnen en was de ideale sfeermaker op de beelden. De ontspannende, toegankelijke en zomerse “Kort bericht” en “Lekker Westers” (door de melodica!) waren de tegenpool op de openingssong. Vóór dat ‘Des Duivels Oorkussen’ aan bod kwam, konden we genieten van de poppy en dansbaar klinkende, huidige comeback single, “Half vijf”; de krachtige beats waren een knipoog naar de dba grens van Joke Schauvlieghe.
Willy Willy en Dani Klein kwamen in de spotlights op de donkere waverock van “Congostroom” en het dromerige “Stroom/Décoiffé”, in een Nederlands- Franse samenzang en met Vanthilt in een kerstboom verlichte jas … ze klonken snedig en harder. De Monkees cover “Steppin’ stone”, die vroegere optredens afsloot, werd in een eigenbereid AA potpourri gestopt … ‘Totally weird’ door de synths en de gitaren.
Een volgend hoofdstuk vatten ze aan met een bigband, net toevallig gedirigeerd door een tweede Luc Van Acker , een blazersorkest die een nieuwe dimensie en elan gaf aan songs als “Grijp me nu”, de lekkere roadsong “Nergens heen” en “Hond”, die letterlijk in een satelliet in de ruimte bevond door de zwevende blazers. Vindingrijk alvast, die heel wat positieve reacties losweek en warm onthaald werd.
“Te pletter te Tienen”, kreeg een Neon Judgement outfit, de “Spannende angst” een 2 Unlimited deuntje en op de no-nonsens van “De dag dat het zonlicht niet meer scheen” kon John Terra en de AA fans de eerste pogo danspasjes wagen. De fors klinkende blazers injecteerden de AA ‘instant schlager’ klassieker . De ‘retrospectieve’ eindigde in schoonheid met een volgende ‘instant’ klassieker “Death disco” (remember PiL) , waarvan de Jah Wobble basstune lekker opgevangen werd door Luc Van Acker.

Er viel in die vroege jaren ’80 van onze Belpop heel wat (weemoedige) wave op te rapen. AA slaagde in een behoorlijk afwisselend en gevarieerd concert, die met de nodige flair, charme en humor sound en tekst relativeerden. Of ze een reünie zullen inluiden, blijft voorlopig een vraagteken; je kunt hen nog zien met The Lau op de Nekka Nacht. En weet ge, van onze Belpop mogen er nog zo’n bands van onder het stof komen …

Neem gerust een kijkje naar de pics die eerder werden genomen in de 4AD, Diksmuide

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Een week vóór Hooverphonic z’n clubtour definitief afschoot met de nieuwe jonge zangeres Noémie Wolfs, zocht de band den buiten op en hield halt in het pittoreske Dranouter in de Westhoek. Een ‘tryout’ concert, een warming up en een laatste vingeroefening naar het echte werk en de vuurdoop in de clubs.
Het deed de tandem Callier – Geerts deugd er opnieuw als band te kunnen zijn. Eerder werd de tienjarige carrière van de band besloten, gezien zangeres Geike Arnaert de band verliet en haar eigen weg ging, een muzikale carrière die ze startte met o.m. het Dorleac project met Spinvis.
Hooverphonic trok een streep op hun hoogtepunt met Geike, een oeuvre van fijn, uitgekristalliseerd, uitgebalanceerde materiaal van trippop en filmisch dreigende en bevreemdende sounds, soms rijkelijk ondersteund van bombast en orkestraties. Naar het eind klonken ze rauwer en kregen de songs een sterke ‘60s rock’n’roll tint.

Tja ‘that was then, this is now’ … na een reeks selectierondes kwamen de twee heren terecht bij de jonge Noémie, die wel de dochter of de veel jongere zus kon zijn van de twee andere. Haar stem klonk meer soulful, korrelig, doorleefd en was minder hemels en breekbaar. De nieuwe plaat ‘The night before’ klinkt dromerig, krijgt kleur door strijkersarrangementen en neigt niet naar bombast; een ‘80s wave referentie is aanwezig en ze durven variëren met ‘60s gitaar rock’n’roll en een filmische spaghettiwestern klank! Meeslepend materiaal, dat een opbouwende groove en een hoger tempo aankon. De plaat pint zich vast aan ‘The magnificent tree’ en ‘Jackie Cane’.
Live kunnen we U ook geruststellen, duidelijk was dat de band met hun nieuwe zangeres op elkaar was ingespeeld … en kleine foutjes mogen er zijn op een tryout. Noémie is extraverter, liet in interviews al een zelfverzekerde indruk na en was hier haar zenuwen de baas. Ze was gekleed in een rood-zwart gestreepte trui, de schouders (lichtjes) ontbloot, felrode lippen en een indringende blik, net als op de plaat … Ze benadrukte nog wel eventjes de statische, coole opstelling van Geike aan de microfoon, in het midden van de band, maar had voldoende lef om het publiek in te nemen.
Het zeskoppige Hooverphonic gaf de nummers een gepast gevoelig, snedig en subtiel gitaarspel en een diepe bastune; de toetsen en synths zorgden voor het juiste tegenwicht. Op gang kwamen ze met het nieuwere werk, waarbij al vroeg de puike single en titelsong van de cd ‘The night before’ werd gespeeld; een goede aanzet trouwens om vertrouwen te winnen. “Club Montepulciano” en “2 wicky” waren de eerste oudjes, klonken ietwat anders met de jaren en Noémie zong ze met een diepere, vollere stem, minder hoog, indringend en dreigend. Ze bleven overeind! Na het poppy “Anger never dies”, ademde de combinatie “Identical twin” (intens, broeierig, spannend, bezwerend en gedragen door piano- stem), “Expedition impossible” (repetitief opbouwend) en “George’s café” (bepaald door het akoestische gitaargetokkel en viool), de sfeer van een bruine kroeg. Ook een soundtrackgevoel en beelden van spaghetti westerns borrelden op. Het sfeervol “Encoded love” werd meer & meer opwindend door de opbouwende groove.
Wat volgde, was een ‘best of’ in een ietwat gewijzigde versie met o.m. “The world is mine” en “Jackie Cane”, de ene met het herkenbare, bepalende baslijntje, de andere door  het treffend gitaargetokkel. Het podium kreeg een rode gloed op de classics “Mad about you” en “Sometimes”, vocaal meer doorleefd, maar die eigenlijk achterna gezien enkel door Geike maar kunnen huiveren en kippenvel bezorgen. Noémie was vindingrijk genoeg om het refrein van “Sometimes” zachtjes te laten meezingen en - neuriën door het publiek.
Na iets meer dan een uur werd de set besloten. Er was ruimte, veel ruimte om nog een resem songs voor te stellen. Ze wisselden de bekende “Eden” en “Vinegar & Salt” af met het avontuurlijke “Renaissance affair” van ‘Blue wonder power milk’, een schitterende donker onheilspellende sfeermaker door de repetitieve opbouw, die mooi uitgesponnen werd.
Tot slot speelden ze nog enkele ingetogen broeierige songs van ‘The night before’, “More” en “Danger zone”. “How can you sleep” stond eerst voor de ideale nachtzoen van Noémie, maar door het poppy en de krachtiger wordende aanpak, werden we wakker geschud, en tot slot overstelpt van zich afbijtende gitaren ... Een overtuigende afsluiter …

Hooverphonic heeft het verlies van Geike verteerd en komt zelf spontaner en losser voor de dag. Ondanks het feit dat er muzikaal niet echt veel verschilpunten zijn met vroeger, is toch een nieuw hoofdstuk aangesneden …

Neem gerust een kijkje naar de pics die werden genomen tijdens hun concert in de Ancienne Belgique, Brussel op 30 januari 2011

Organisatie: Muziekcentrum Dranouter (Festival Dranouter), Dranouter

vrijdag 31 december 2010 01:00

Bibberen met Drums are for parades

De winter belooft iets minder barkoud te zijn door de Fete d’Hiver events en de Nachten van CD & Vinylvreters van de Leffingeleuren organisatie. Zij zorgden ervoor dat de jongere als doorwinterde muziekliefhebber zich niet in een winterslaap nestelden. Wij kregen alvast ‘carte blanche’ tussen kerst en nieuwjaar toen Drums are for parades paraat waren in de oubollige Terminus, een ideale locatie voor het Gentse noisecollectief, die sinds het verschijnen van hun debuut ‘Master’ (die de EP ‘Articificial sacrificial darkness in the temple of the damned’ opvolgt (- wat een titel trouwens!)) in het clubcircuit een vaste stek hebben verworven.

Hun rauw, donker, dreigend, snoeihard, apocalyptisch ‘back to basics’ geluid is opgefokt, gejaagd, opwindend en fris, en refereert aan de ‘90s noisepop van o.m. Helmet, Gore en Therapy?. De diverse tempowisselingen bieden een broeierige spanning en intensiteit, vanavond live ondersteund van een blazerssectie in monnikscape.
Zij vatten nu net de set aan en trokken de boel op gang met trage, slepende, monotone sounds. Een rookgordijn werd opgetrokken. Je kon op alle vlak niet omheen de drones van Sunn O))). De indringende blik van de bandleden boezemde angst in. Wat een adembenemende, huiveringwekkende start. Het leek eventjes vijf voor twaalf. Jawel, “Opium den idiot check” kreeg gestalte … En was zo een beetje de barometer voor het ongeveer één uur durend concert, instrumentaal, filmisch of regelmatig ondersteund van screamo’s en een vervaarlijke zang. De venijnige, scherpe, krachtige, strakke gitaren, de bas en de gortdroge, opzwepende drums gaven een energiek, loodzwaar ritme. Ze vermorzelden stoner, noise, crossover en diverse hard- en grindcores. De subtiliteit die we af en toe konden horen, waaide al gauw over in een fors, krachtig, beheerst geluid, o.m. in “The law”, “I’m not who you think you are”, “A salesman pen”, “Princess, you’re the woods”  en vooral in “The boy was in the death room”.
We voelden de bibber, de daver en de trillingen over het lichaam en kregen soms kippenvel. En oudjes als “Goatfire queens”, “Thumbsucker” en “Faking” werden sterk onthaald!
Een geslaagd, puik concert van de heren van Drums are for parades, die onderhuids de blazers lieten doorklinken. Intrigerend en spannend.

Fête d’Hiver was tijdens de kerstvakantie een erg tof initiatief van de organisatie! Na het optreden was het buiten nog donkerder dan het al was … Een eerste of laatste kwartier stand van de maan … Tja, muziekmakers van films als ‘The crow’ en ‘De sint’ kunnen een volgende keer zeker eens aankloppen bij onze Drums are for parades …

Organisatie: Leffingeleuren, Leffinge (ikv Fête d’Hiver)

donderdag 20 januari 2011 01:00

Falcon

Het Britse Courteeners uit Manchester leunt toch wel erg nauw aan de ‘90s Britpop van The Stone Roses, Wedding Present en James en later van Oasis, Pulp en Supergrass. En heeft The Smiths en Morrissey als voornaamste idool en inspiratiebron. Ze zijn toe aan de tweede cd, ‘Falcon’ volgt ‘St Jude’ van 2008 op.
Ze spelen toegankelijke, melodieuze en sfeervolle pop, met een folky ondertoon, soms ondersteund van orkestraties, o.m. op “Take over the world”, “Cross my heart & hope to fly” en “You overdid it doll”. Soberder gaan ze dan te werk op “The rest of the world”, “Cameo brooch” en “Last of ladies”. Pakkend werk dus!
Maar ze blijven niet hangen binnen dit concept en kunnen forser, harder en directer klinken, waaronder “The opener” en de extra tracks op de bonus.
In eigen land zijn ze al redelijk populair. Over de plas moet het vuur nog aangewakkerd worden!

donderdag 20 januari 2011 01:00

Crystal Castles

Het Canadese Crystal Castles, Ethan Kath en Alice Glass (beetje Karen O Yeah Yeah Yeahs lookalike), uit Toronto, klieft het muzieklandschap middendoor met hun genadeloze, tot murw geslagen, loeiharde electroclash, noise en hardcore. De synths worden aangevuld met strakke, trashy vervormde en overstuurde bleeps wat hen richting Atari Teenage Riot, Alec Empire, T. Raumschmiere en Otto Von Schirach brengt.
Vooral het begin van de tweede cd overdondert met “Fainting spells”, “Celestica”, “Doe deer”, “Baptism” en “Year of the silence”. We krijgen dan wat meer ademruimte door bezwerende, dromerige trance, punkfunk, ‘80’s wavepop en kitschpop, o.m. van nummers als “Empathy”, “Suffocation” en “Violent dreams”. De genadeslag dienen ze toe op afsluiters “Intimate” en “I am made of chalk”. “Not in love”, op single met Robert Smith van The Cure,  is een eerbetoon aan de man, en overtuigt door de brede elektronicalaag in die wavepop.
Het Canadese duo probeert, twee jaar na hun debuut, een bredere elektrosound voor te schotelen. Ze kwamen met hun experimenteel elektronische muziek in de belangstelling door Atari computerspelletjes te linken aan jaren ’80 samples.
Live wordt die elektronica wereld omgebouwd, en worden we letterlijk meegezogen in een electro ‘onder’wereld van pompende, zuigende beats, overstuurde electro en bleeps, gekrijs, gegil, gemurmel, onverstaanbaar geroep, screamo’s en een smachtende, kreunende en zuchtende zang van de hyperkinetische Alice, die vocaal leunt aan Rolo Tomassi.
Een elektronische mallemolen dus door de salvo’s, het gefreak en de screamo’s. Computergestoord, messcherp, bonkend, swingend en dansbaar! Met bokshandschoenen aan te pakken dus, me dunkt …

zaterdag 22 januari 2011 01:00

Rockhal Luxemburg: events

Nieuw
27-04-2011 – Hooverphonic
05-05-2011 – La Fouine
18-06-2011 – Flogging Molly

Concerten
13-01-2011 THE CHEMICAL BROTHERS
26-02-2011 MAROON 5
26-03-2011 CAMELIA JORDANA
01-04-2011 WITHIN TEMPTATION
21-05-2011 RAPHAEL

Rockhal Luxembourg – Luxemburg Esch Alzette
Info http://www.rockhal.lu

donderdag 13 januari 2011 01:00

Through low light and trees

Binnen de vrouwelijke sing/songwriterschap, gedrenkt in de Britse classic rock/blues & folk zijn de dames van Smoke Fairies, Jessica Davies en Katerine Blamire te situeren. Een plaat van rustige, innemende songs, gedragen door een etherische samenzang, een stemmenpracht en muzikaal perfect op elkaar ingespeeld. Elf bloedmooie dromerige, weemoedige songs, waarbij Jack White een handje meehielp. Een plaat dat put uit de traditie van Emmylou Harris, die echoes galmt van Jefferson Airplane en Fairground Attraction en mee de frisse wind kan bepalen, die we al eerder hoorden van Alele Diane, Joanna Newson, Jana Hunter, Jessica Lea Mayfield, Marie Sioux, Jolie Holland, Laura Veirs en Cocorosie.
Aantrekkelijk materiaal dus op het heerlijke debuut ‘Through low light and trees’  van twee mooi ogende ladies, die we niet mogen vergeten toe te voegen aan ons lijstje van ‘fijn debuut’…

donderdag 13 januari 2011 01:00

We can’t fly

Aeroplane debuteert met ‘We can’t fly’, die ondertussen is gereduceerd tot de Belgische producer Vito De Luca; twee maand voor de release van de debuutplaat gaf z’n kompaan Stephen Fassano er de brui aan. Wat we horen op het debuut is uiterst aantrekkelijk, leuk, broeierig, meeslepend, aanstekelijk en dansbaar! Popdance rijkelijk overgoten van diverse invloeden als electro, disco, soul, jazz en trance. Gitaarriedels, electrobeats, strijkers, ‘70s disco, Hammond en psychedelica toetsen vullen aan, zonder zich te verstappen aan kitsch!
Met een knipoog naar het werk van Giorgi Moroder en Air’s debuut ‘Moon safari’, die toen even origineel uit de hoek kwam.
“We can’t fly” en “Superstar” zijn al twee prachtige hitsingles; de  prachtige instrumental “My enemy”, omfloerst van zalvende strijkers en groovende electrodance, zal volgen. Franse tunes horen we in de filmische “The point of no return” en “Caramellas”, zo geplukt uit de ’70s Franse Z/W films of door het zwoel transpirerende karakter, uit de ‘Emmanuelle’ reeks. Of er is de souljazzy aanpak op “London bridge” en “I don’t feel”. Voldoende variatie valt te noteren dus. Ook het gastenlijstje van artiesten en vocalisten draagt bij tot het brede concept. Aeroplane staat namelijk voor een heel genre. En het klinkt als een klok!

woensdag 29 december 2010 01:00

The Accident

Spencer The Rover is het muzikale project van Koen Renders, een vakman die van vele markten thuis is. Hij is gitarist, pianist, zanger, mentor en producer van jonge talenten maar we houden het hier op een songsmid pur sang. Het was al zes jaar geleden dat hij nog iets losliet. ‘The Accident’, het lang verwachte album van Spencer The Rover, is een rijk gearrangeerd en gevarieerd album geworden, met blazers en strijkers, die oorspronkelijk geschreven werden aan de piano. Sprookjesachtig, speels en inderdaad terecht een tikkeltje Britser en lichtvoetiger dan het oude werk. Referentie vormt alvast Paul McCartney.
De sound vormt meer dan ooit een echte eenheid, zowel tekstueel als muzikaal duiken dezelfde personages, verhaallijnen en muzikale motiefjes op. Fijne samenwerkingen hield hij er op na en ook de hoes en illustraties getuigen van vindingrijkheid en zijn meer dan de moeite.
Uitnodigend om je even te laten onderdompelen in deze wereld. Ohja, de voorbije maanden trok hij voornamelijk concerterend langs kleine huiskamers.

Info op http://www.spencertherover.com

donderdag 06 januari 2011 01:00

The Sore Losers

The Sore Losers komen uit Hasselt en behaalden een tweede plaats op de recentste HRR editie. Ontstaan uit het ter ziele gegane El Guapo Stuntteam hebben ze nogal snel een debuutplaat uit. Eentje om U tegen te zeggen. Eerlijk gezegd, het kwartet klinkt niet écht Belgisch, maar Amerikaans. De productie van het debuut was in handen van Pascal Deweze.
Ze hebben schitterende aanstekelijke, broeierige retrorockende en americana songs uit, die ergens tussen White Stripes, The Raconteurs, Wolfmother, Led Zeppelin en Big Star liggen. Straf wel wat het gezelschap verwezenlijkt! Zwaar aangezette, intense retrorock, potige rock en gevoelige poprock; de ‘60s ‘70s invloeden zijn groot, bepaald door de lichthese hoge zang van Jan Straetemans. De songs hebben een bluesy ondertoon en krijgen elan door de slides en soli partijen.
Een geweldige debuut is dit met “Beyond repair”, “Silver seas”, “Born to please”, “Your smile” en “Juvenile heart”. En “Hollow tree” en “Coming home” worden overstelpt door prachtige slides en soli. Jack White mag opkijken naar dit beloftevol Belgisch bandje!

Pagina 276 van 338