logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

dEUS - 19/03/20...
Hooverphonic
Concertreviews

Villagers

Villagers - Vertrouwde melancholie met duistere wendingen

Geschreven door

Villagers - Vertrouwde melancholie met duistere wendingen

Melancholische mijmering en een balans tussen warmte, romantiek en kille realiteit. Dit is in een notendop wat Conor O’Brien van Villagers ons serveert in ‘That Golden Time’ (2024). In deze zesde plaat diept hij zijn typische alternatieve folk verder uit met een eclectische en soms duistere sound. Een passage in de Ancienne Belgique was dus een logische zet om zijn nieuwe materiaal voor te stellen.

In een zeldzame opstelling met vooral zitplaatsen, nam Hamish Hawk de opwarming voor zijn rekening. De praatgrage en sympathieke Schot bracht zijn unieke folksongs, die vaak boeiende lyrics bevatten. Opener “Dog-Eared August” klonk als een rijkelijk beschilderd tafereeltje waarin Hawks unieke baritonstem al schitterde. De vroege muziekliefhebbers genoten merkbaar tijdens het glijdende “Bridget St. John”. Hawk was duidelijk in zijn element en bedankte ons in vloeiend Frans en Nederlands, waarna hij indrukwekkend zong in “Bakerloo, Unbecoming”. In een halfuurtje won hij heel wat zieltjes en bezorgde hij ons een meer dan geslaagd voorprogramma.

Onder een licht enge track en met de spots op de grote mot op de achtergrond, betraden O’Brien en zijn vier kompanen rustig het podium. Opener “Nothing Arrived” was meteen een verrassing en etaleerde het sterke muzikale geheel met de typerende stem van de Ier. Daarna was er veel ruimte voor nieuw materiaal met onder andere het duistere en wat vreemde “Truly Alone”, het gelaagde “First Responder” en het opwekkende “Brother Hen”. Al huppelend en met lang uitgesponnen vocals toonde de aanstekelijke frontman zijn goede humeur en enthousiasme.
Het nieuwe materiaal klonk soms ver van wat we gewend zijn van Villagers, maar dat bleek een succesformule in "That Golden Time". Ideaal om vervolgens “Everything I Am Is Yours” als publieksfavoriet gezwind en pakkend te brengen. “Pieces” moest qua overgave zeker niet onderdoen voor de langgerekte wolfkreten en de opzwepende muzikale uitspattingen van de drummer en de pianist.
Van dat gekletter gleden ze vlotjes naar het sterke “You Lucky One” dat ook een rustige, ingetogen tweede helft van de set inluidde. Innemendheid stond centraal in het pareltje “Courage” terwijl de lichte funk met altsaxofoon het vrolijke “So Simpatico” extra vulling gaf.
Als vreemde eend in de bijt klonk “No Drama”, maar het rode lichtspel en de duistere sfeer maakten het des te interessanter. Het publiek toonde zich al meermaals zeer dankbaar totdat “Twenty Seven Strangers” laaiend en enthousiast applaus losweekte.
O'Brien, die nog meer in zijn element zat, liet zijn stem nog eens de vrije loop in “Becoming A Jackal”, waarbij hij noten indrukwekkend lang aanhield. Tijdens “Waves” baadde de zaal in diepblauw licht en de licht elektronische met stevige rock-outro sloeg in als een stortgolf.
Een eigenzinnige maar geslaagde keuze in de encore met het nieuwe “Keepsake” en “Behind the Curtain” met opnieuw een freewheelende outro. De band kon zelfs tot het einde verrassen. Zo staken ze “Trick of The Light” in een volledig nieuw jasje dat nu eens sneller en funkier klonk.
Het nieuwe materiaal mag dan wel dieper en duister klinken, toch slaagde Villagers erin om een zeer uitgebalanceerd en aangenaam concert te brengen.

Setlist: Nothing Arrived - Truly Alone - First Responder - Brother Hen - That Golden Time - Everything I Am Is Yours - Pieces - You Lucky One - I Want What I Don’t Need - Courage - So Simpatico - No Drama - Twenty-Seven Strangers - Becoming A Jackal - The Waves - Keepsake - Behind That Curtain - A Trick of the Light

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Sara Salvérius

Sara Salvérius & strijkkwartet Sun*Sun*Sun - Pendulum – Intens verbonden in uitersten

Geschreven door

Sara Salvérius & strijkkwartet Sun*Sun*Sun - Pendulum – Intens verbonden in uitersten


Accordeon speelster Sara Salvérius kon vorig jaar in Ha Concerts te Gent nog bekoren met haar toch wel zeer intens accordeon spel; toen als duo met de al even grote virtuoze Aino Peltooma. Lees gerust .
 
Voor haar nieuwste project 'Pendulum' gaat ze een samenwerking aan met het strijkkwartet 'Sun*Sun*Sun, met haar echtgenoot, vioolbouwer Pieter Goossens die speciaal voor dit project deze strijkinstrumenten heeft gebouwd.
In een zeer goed gevulde Sint-Remiguskerk, Ternat werd een voortdurende verbinding gemaakt van uitersten, waarbij de slinger - het Pendulum, van links naar rechts sloeg. 'Pendulum’ is dan ook een zoektocht waarbij Sara Salvérius & het strijkkwartet deze uitersten opzocht.

In de kerk zorgde Sara Salvérius & strijkkwartet Sun*Sun*Sun (****) ervoor dat die slinger naar de positieve kant draaide. Dat was al vanaf “And So it Begins” het geval. Haar bindteksten tussen de songs door waren  gezapig, grappig, zelfs redelijk lang en hoedanook erg accuraat. Ze bedankte iedereen in de kerk uitvoerig en was vol lof sprak over haar man, haar kwartet en de entourage rond haar. Eén voor één virtuozen . Haar betoverend, melancholisch accordeonspel, deed ons vaak wegdromen. De klankentapijtjes van het strijkerskwartet waren pakkend. Toen de strijkers het alleen overnamen, klonk het erg emotioneel.
Prachtsongs waren alvast “Pendulum”, “Mother’s song” en “Aurora”. Wat een gelukzaligheid, Sara en haar kwartet hebben ons bijna twee uur lang  in de ban gehouden, door die veelzijdige aanpak.
Ze wisten een boeiend verhaal te vertellen, een verhaal dat over Sara zelf kon gaan, haar medespelers of entourage, maar ook over iedereen die in de kerk aanwezig was. Songs als “Red Choral” en “Trapped in Sight” balanceerden tussen weemoed en vrolijkheid.
Na elke song was er een luid applaus. Op het eind veerde iedereen recht. “Ray Of Light” bezorgde ons een krop in de keel.
Sara Salvérius & strijkkwartet Sun*Sun*Sun kwamen even terug met de bis “Happy Songé, en titelsong bol positieve energie …

Muziek kan bijzonder helend werken. Sara Salvérius & het strijkkwartet Sun*Sun*Sun hebben ons diep geraakt en verbonden uitersten, goed genoeg om de slinger in positie vibes te doen omslaan …

Setlist: And So it Begins //Stratocumulus//Merode//Pendulum//Mothers' Song//In the Mean Time//Aurora//Januari 21//Red Choral//Trapped in Sight//Ray of Light//Happy Song

Pics homepag @Bart Vanoutrive

Organisatie: CC De Ploter, Ternat

Beoordeling

Flat Earth Society

Flat Earth Society – Ze brengen heden, verleden en de toekomst van jazz in een notendop

Geschreven door

Flat Earth Society – Ze brengen heden, verleden en de toekomst van jazz in een notendop

De bezieler en de programmatorische duizendpoot Piet Breda neemt afscheid van de dagelijkse werking van De Casino, maar zoals hij ooit startte met de crème de la crème van de Belgische jazzwereld te programmeren in De Spiegel vzw, zal hij nu ook eindigen met een Belgische jazztopper. 
In het kader van dat nakende afscheid bij De Casino, organiseerde Piet Breda een slotconcert met een gratis show van Flat Earth Society.
We hadden hierover reeds een fijne babbel, lees gerust  ...
We waren uiteraard aanwezig op het concert zelf en ruim anderhalf uur met deze band heden, verleden en de toekomst van jazz in een notendop geserveerd.

Belgische jazz talenten samen op het podium samen zorgt voor vuurwerk … Zeg nu zelf, David Bovée (elektrische gitaar, zang & electronix), Peter Vermeersch (klarinet, zang & electronix), Mirko Banovic (elektrische bas), Kristof Roseeuw (contrabas), Peter Vandenberghe (keyboard en piano), Gert-Jan Dreessen (drums), Wim Segers (percussie en zang), Benjamin Boutreur (altsax), Michel Mast (tenorsax), Martí Melià (tenorsax), Bruno Vansina (baritonsax en fluit), Berlinde Deman (tuba en zang), Bart Maris (trompet), Pauline Leblond (trompet en zang), Peter Delannoye (trombone) en Marc Meeuwissen (trombone) … Eén voor één meesters die van een speciaal hout gesneden zijn. Het fijne aan Flat Earth Society (*****) is dat ze na ongeveer twintig jaar zichzelf nog steeds blijven heruitvinden, met een enorme speelsheid van gretige jonge wolven, het siert hen. 

Een uitverkocht De Casino kreeg een golvende, groovende, aanstekelijke, dansbare jazzsound te horen van het brede instrumentarium, die kleur kreeg door de blazers en het percussiewerk. Verder tekenden de mannelijke als vrouwelijke zangpartijen die soulvol als funky aanvoelden. Wat een magie. Hier viel muzikaal nogal wat te beleven dus. Elkeen kwam in de spotlights, o.m. de sax- en trompetspelers die vooraan een solo kwamen spelen. Hoedanook elke schakel, elk instrument had z’n belangvolle waarde
Het publiek reageerde uitbundig op al die prikkeling, heupwiegde of maakte een danspasje. Verder was het ook gewoon ingetogen genieten, naast de feestelijke stemming.
De diverse aanpak sierde. Hij kreeg hier het perfecte -verdiende- afscheidsfeestje. Een bloedstollende finale en bis volgde door een Flat Earth Society , die net als z’n programmator het boeiende karakter van jazz onderstreepte.

Neem gerust een kijkje naar de pics
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/6073-flat-earth-society-25-05-2024.html?Itemid=0

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Beoordeling

Mould

Mould - Een band waar we het laatste nog niet van gehoord hebben

Geschreven door

Mould - Een band waar we het laatste nog niet van gehoord hebben
Fire Down Below + Mould + Columbarium

De Nederlandse band Mould stelde vorige zaterdag zijn debuutalbum ‘Pull & Repulsion’ voor in De Pit in Terneuzen (Nl). De band bestaat al enkele jaren, maar met het album – waar ze jaren aan gewerkt hebben tot elke song goed zat – zetten ze zichzelf nu heel duidelijk op de kaart van ‘all things slow & heavy’. Voor deze releaseshow hadden ze de Belgische bands Columbarium en Fire Down Below uitgenodigd.

Columbarium mocht openen en deed dat met veel allure. De vorige keer dat we deze Belgische doommetalband aan het werk zagen, was op hun eigen Carousel of Doom-avond in Waregem. De carousel of muzikale kermismolen bestond uit drie podiumplekken van drie bands, die elk om de beurt een eigen nummer spelen en het publiek dat in het midden rondjes draait om alles te volgen. Een gedurfd concept en zeker een avond waar nog lang over gepraat zal worden.
In De Pit ging het er een heel stuk conventioneler aan toe: gewoon een leuke set met doom als hoofdbrok en dan nog een paar uitstapjes naar andere genres.
Vijf tracks kwamen uit het album ‘The Morbidious One’ en de zesde track op de setlist, “Longing And Regre”t, was een nieuw nummer voor de opvolger van dat album. Dat nieuwe album is al voor zowat de helft klaar. Het Belgische viertal verkeert in bloedvorm en het is nu zaak om die lijn door te trekken. “Longing And Regret” is alvast een goede aanzet daartoe. Columbarium was een prima opwarmer in De Pit en zowel de band als het publiek hebben ervan genoten.

Nu de zaal al wat op temperatuur was, mocht Mould overnemen. Er staan bij Mould vooral ervaren muzikanten op het podium en De Pit is vertrouwd terrein en dat merk je meteen. Het is dan ook gewoon jammer dat de start van het eerste nummer de mist in gaat omdat Jeska’s microfoonkabel losgekomen is. Maar daarna gaat er gelukkig niets meer verkeerd.
Het album ‘Pull & Repulsion’ – uitgebracht door het Belgische Polderrecords - werd integraal en in volgorde gebracht voor een volgelopen zaal met enthousiaste fans die smullen van de sludge en doom. Aan de setlist werd zelfs al een nieuw nummer toegevoegd. Deze “Sulphur” is overigens één van de meest intense tracks van de set. Op “Abort”, de laatste track van het album, zingt de dochter van gitarist Mark en frontvrouw Jeska een stukje mee en dat mag ze op het concert in De Pit nog eens overdoen. De twee tracks die op het album al konden bekoren, zijn ook live toppers: “To Control The Sky” en “Age of Obsidian”. Het publiek vroeg nog beleefd om een toegift, maar die kwam er niet.
Jeska is een leuke ontdekking als frontvrouw. Met een paar eenvoudige handgebaren neemt ze haar publiek op sleeptouw. Aangename vocalen, leuke bindteksten, staat heel matuur, een beetje mysterieus en met vertrouwen op een podium, … Dat laatste geldt trouwens voor zowat de hele band, met vooral Koen (bas) en Mark die met volle teugen staan te genieten. Enkel gitarist Juriën heeft nog best wat groeimarge inzake podium-attitude, maar zijn solo’s brengt hij wel vlekkeloos. Mould’s enthousiasme slaat over op het publiek en deze band lijkt daarmee helemaal klaar voor grotere feestjes als Desertfest, Dunk!fest of ArcTanGent.

De Belgische stoners van Fire Down Below mochten in Terneuzen aantreden als headliner en maakte die nominatie helemaal waar. Hun album ‘Low Desert Surf Club’ opende internationaal heel wat deuren, naar onder meer Duitsland (op Ripplefest) en Nederland (op Into The Void), en binnenkort kunnen ze daar nog een tweede keer Alcatraz in Kortrijk en hun eerste concert in de Verenigde Staten (op Planet Desert Rock Weekend) aan toe voegen.
De set van het Gentse viertal in Terneuzen bestond uit een paar klassiekers  en veel nummers uit ‘Low Desert Surf Club’. Na “Red Giant” en “Ingnition” uit hun vorige album ‘Hymn Of The Cosmic Man’ volgden “Cocaine Hippo”, “Airwolf”, “Surf Queen”, “California” en “Mantra” uit het recente album. Bij California klapte het publiek spontaan het ritme mee en werd het refrein meegebruld. De vorige keren dat we Fire Down Below live zagen, werd bij “Dashboard Jesus” een extra drum in het publiek gezet waarop bassist Bert dan als extra drummer tekeer gaat. Deze keer bleven Bert en de extra drum op het podium en dat is toch een net iets andere beleving. Frontman Jeroen maakt dat goed door bij setafsluiter “The Last Cowboy” het publiek in te wandelen voor een wijdbeens gebrachte gitaarsolo.

De drie bands brachten in De Pit elk een interessante set voor een enthousiast publiek. Van Columbarium en Fire Down Below konden we dat vooraf al een beetje voorspellen, van Mould zijn we nu zeker dat ook die band een blijvertje is.

Organisatie: De Pit, Terneuzen

Beoordeling

The Black Crowes

The Black Crowes - Straffe kraaien boven Brussel

Geschreven door

The Black Crowes - Straffe kraaien boven Brussel

Jim Jones is een ouwe rot in garagerockland, al sedert de jaren 90 maakt hij de meest vettige garagerock, eerst met de underground bands Thee Hypnotics en Black Moses, later met zijn eigen combo’s Jim Jones Revue, Jim Jones & The Righteous Mind en tenslotte Jim Jones All Stars.
Hij is trouwens een ouwe gekende van The Black Crowes, de derde plaat van Thee Hypnotics ‘The Very Crystal Speed Machine’ werd geproduced door Chris Robinson. Niet zomaar toeval dus dat Jim Jones hier nu als support act van The Crowes komt opdagen.
Met zijn All Stars voegt hij heel wat schwung toe aan zijn vuile rock’n’roll, en dat dankzij een lekker swingende band met onder meer twee saxofoonspelers. De All Stars laten met deze aanpak de songs een flink stuk zwieren en rollen, er zit met name heel wat vuur in bruisende rockers als “Parchman Farm” en “Troglodyte”. Zelfs “Run Run Run” van The Velvet Underground wordt in de swingpan gedraaid, en het klinkt prima. Stevige opwarmer, het publiek is klaargestoomd.

Na hun zeer gesmaakte doortocht eind 2022 in de Lotto Arena, waar ze ‘Shake Your Money Maker” integraal speelden, wisten we het al, The Black Crowes zijn weer helemaal alive and kicking. Met de stomende nieuwe plaat ‘Hapiness Bastards’ hebben ze daar nu een joekel van een uitroepteken bijgezet. Dit album is even sterk als die eerste twee fenomenale platen uit de jaren negentig, en dit is te merken in hun wervelende liveshow waar de nieuwe songs trots staan te schitteren tussen een hoop klassiekers.
Bij de meeste bands van hun generatie zakt de live show telkenmale ineen als er nieuwe nummers bovengehaald worden, maar bij The Black Crowes blijft de spanningsboog immer strak omdat die songs gewoon even vinnig en krachtig zijn.
Een stomend “Bedside Manners” steekt al onmiddellijk de lont aan het vuur en een geweldig rockend “Dirty Cold Sun” creëert een opwinding waar The Stones de laatste 20 jaar alleen maar konden van dromen.
Met de ultra hete rock’n’roll van “Thick and Thin” en de furie van “Twice As Hard” worden twee uiterst vitale oudjes van stal gehaald en die klinken feller dan ooit. Het nieuwe en overheerlijke “Cross Your Fingers” pakt naadloos de draad over, een heerlijke song met een bluesy intro die overgaat in een onsterfelijke riff, hier zit klasse en buskruit in.
“Thorn In My Pride” is vanavond de enige song die een lange jam uitvoering meekrijgt, en dat is net als vorig jaar in de Lotto Arena wederom een bruisend hoogtepunt waarop Chris Robinson een borrelend potje mondharmonica speelt en waarin broertje Rich zijn slide gitaar naar wonderlijke hoogtes stuurt. De bijzonder kwieke Chris Robinson is trouwens gans de avond ook bijzonder goed bij stem, zijn rauwe soulvolle vocals zijn snediger dan ooit. De Soulsong “Oh Josephine” wordt zo naar een hoger niveau getild, op de plaat ‘Warpaint’ (2008) is dit maar een matig ding, maar live schittert het door de uitmuntende zanger en bovendien mondt het uit in een spetterende gitaarapotheose. De soul blijft nog langer in de lucht hangen met de onvermijdelijke en immer splijtende Otis Redding cover “Hard To Handle” en met een wondermooi “She Talks To Angels”.
The Black Crowes worden dan nog eens geruggesteund door twee bevallige en diep gedecolleteerde backgroundzangeressen die het geheel er nog wat soulvoller en warmer op maken. 
Enkel bij “Soul Singing” blijven we een beetje op onze honger zitten. Niet omdat de song hier slecht gespeeld wordt, verre van, maar omdat we weten stiekem hopen dat The Black Crowes “Soul Singing” hier alweer zouden laten ontsporen in een hemelse jam zoals de versie op het fantastische live album ‘Freak’n’Roll into The Fog’, wat ze helaas niet doen. Geen nood, het is de flitsende nieuweling “Flesh Wound” die het tempo opschroeft om uiteindelijk te landen in een extatische finale met de kleppers “Jealous Again” en “Remedy”, kanjers die hier in hun volle glorie neergezet worden en de AB compleet uit zijn dak laten gaan.

The Black Crowes stappen er uit met een potje onvervalste en retestrakke rock’n’roll, Chuck Berry’s “Carol”. Er uitgaan met een knal, heet dat.

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Faye Webster

Faye Webster - Innemend, maar mist wat sprankel

Geschreven door

Faye Webster - Innemend, maar mist wat sprankel

Als een nobele onbekende timmert Faye Webster gestaag aan haar singer-songwriters carrière. De nog maar 23-jarige uit Atlanta, VS, kwam enkele maanden geleden met "Undressed at the Symphony" (2024) op de proppen. Op haar vijfde (!) plaat pakt ze uit met rijke instrumentatie, meer laagjes maar vooral dezelfde oprechte emotievolle songs. Een geslaagd recept dat hopelijk ook zo aanvoelde tijdens haar passage in de Botanique.

De goed gevulde Orangerie kon zich eerst plezieren aan Benét. De Amerikaan, die met trots zijn identiteit als transman uitdraagt, bracht een joviale en bondige set. Zijn lichte singer-songwriter folk klonk in “Can’t Help Myself” zeer innemend en licht breekbaar. In “Being a Demon” was de zang met lichte korrel glashelder en indrukwekkend. Ook het vleugje Bossanova in “Push Me Away” en “I Wonder” was de moeite waard. Naast de sterke muziek blonk Benét vooral uit in eerlijke en heerlijke bindteksten, waardoor hij met sprekend gemak een heleboel nieuwe volgers heeft gewonnen.

Het brede podium van de zaal werd volledig ingenomen door Faye Webster en haar vierkoppige band. Als extra vulling was er een groot opgeblazen grijze buste van Faye zelf, die ruim de achtergrond innam. Het rustige begin met “But Not Kiss” swingde goed door met snedige gitaar hooks en de golvende lap steel. Webster leek duidelijk op haar gemak toen haar fans meezongen. Ook het nieuwe “Wanna Quit All the Time” en “Thinking About You” gaven een sterk gevoel dat deed denken aan Alex G. of Cass McCombs.
Het nieuwe materiaal werd goed ontvangen door de concertgangers, maar pas met “Right Side of My Neck” leek iedereen echt gesmolten. De vele fans gingen zelfs wild, zongen mee en legden het hoogtepunt graag vast met hun smartphones. Tijdens het iets minder strakke “Better Distractions” bleek Webster goed in haar sas door even bij elk van haar backing muzikanten te gaan staan. “Kind Of” was muzikaal sterk met de strakke lap steel-solo en de vertragende muisstille outro. Niet alles was rustige folkmuziek, want invloeden van soul met een passende saxofoon-solo primeerden in “A Dream With a Baseball Player”. Of nog “Lego Ring” met de ronkende distorted bas, de gezwinde tempowisselingen en de groovy solo van de ervaren drummer.
Wat er met kop en schouders bovenuit stak, was publiekslieveling “Jonny”. Even ging Webster, deze keer zonder gitaar, op wandel om ook het publiek te laten meezingen. Om vervolgens nog wat melancholie te creëren aan de piano met een ijzersterke monoloog. Het monotone “Lifetime” brak die spanning wat, maar de vioolpartij in “In a Good Way” deed ons allemaal weer opveren. Nog voor het slotnummer baadde het duet “Feeling Good
Today” iets te veel in autotune vocals, maar dat deerde niet om in schoonheid te eindigen met het heerlijke “Kingston”. De gemeende groepsknuffel met de bandleden, Benét en zijn entourage was een leuke afsluiting van een degelijk en gezellig concert.

Setlist: But Not Kiss - Wanna Quit All the Time - Thinking About You - Right Side of My Neck - Better Distractions - Kind Of - A Dream With a Baseball Player - I Know I'm Funny haha - Lego Ring - Jonny - Lifetime - In a Good Way - He Loves Me Yeah! — Feeling Good Today – Kingston

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Florry

Florry - Freaked-out countryrock in een gedecimeerde bezetting

Geschreven door

Florry - Freaked-out countryrock in een gedecimeerde bezetting

Net als een paar weken geleden in The Pit's klopte ook hier een naam op de affiche niet. Dit keer betrof het echter geen foutje van de organisatie. De aangekondigde Vito vond er niets beters op dan enkele dagen voor dit optreden zijn naam definitief vaarwel te zeggen om voortaan als Victoria Pax door het leven te gaan. Deze transformatie van de sympathieke Gentse Oostendenaar Vito Dhaenens, nog steeds de zoon van Dirk Dhaenens (Derek & The Dirt), veroorzaakte niet meteen een grote muzikale koerswijziging. Hoewel hij laconiek beweerde enkel songs te spelen uit een twee dagen eerder in zeven haasten opgenomen nieuwe plaat, klonk zijn muziek toch heel vertrouwd in de oren. Nadat hij eerst zijn schoenen uittrok begon hij in opperste concentratie zijn set met een sober, ingetogen nummer. Niet onaardig maar dat kon niet beletten dat mijn aandacht voortdurend wegglipte en ik maakte me al op voor een lastig halfuurtje. Maar vanaf het tweede nummer greep hij me onverwacht en definitief bij de kladden. De verrassend melodieuze songs klonken nu een stuk krachtiger. De eenvoudige begeleiding op akoestische gitaar liet alle ruimte om zijn erg wendbare stem in volle glorie te laten schitteren. Bovendien wist hij ons nog eens te verbazen door een behoorlijk lang stuk te fluiten.
Op zijn eentje hield een imponerende Victoria Pax het anders soms wel rumoerige publiek in De Zwerver muisstil. Iets wat Florry daarna niet zou lukken.

Florry is een zevenkoppig gezelschap uit Philadelphia dat vorig jaar met ‘The holey bible’ een uitstekende tweede plaat maakte die in mijn eindlijstje belandde. Florry is vooral ook het vehikel van Francie Medosch die als tiener begon met het ineenknutselen van depressieve slaapkamer indierock maar uiteindelijk dankzij oude favorieten als Neil Young en Gram Parsons een totaal andere richting insloeg.
Medosch was niet langer depressief en de muziek op ‘The holey bible’ liet zich nog het best omschrijven als onstuimige freaked-out countryrock.
Maar in hoeverre was dit wel Florry die we te zien kregen in Leffinge? Francie Medosch (akoestische gitaar, mondharmonica) had enkel John Murray (gitaar, pedal steel) meegebracht. Geen viool, extra gitaar, bas,drums of tweede stem dus. Een flinke aderlating maar de songs van ‘The holey bible’ waren duidelijk sterk genoeg om dit te overleven. Het pittige "Drunk and high" met heerlijke regels als  "Well, the show was good and the beer was cheap", de zwijmelende country van "Cowgirl giving" met een jankende mondharmonica en de afsluiter, het twangy "Take my heart" bleken ook in deze afgeslankte versies onverwoestbaar. Misschien niet echt de onstuimige countryrock zoals op de plaat maar zeker even meeslepende rokerige americana. Het bleef dan ook wat onbegrijpelijk waarom het duo het bij die drie nummers hield.
Blijkbaar vonden ze het niet nodig om hun laatste plaat, die ze trouwens niet bij hadden, te promoten. Voor de rest hoorden we vooral nieuw werk, waarvan "California", dat op de volgende plaat zal prijken, eruit sprong en enkele oudere songs die ik niet meteen kon thuiswijzen.
Uit hun eerste plaat, "The Fall", uit 2021 meen ik zelfs niets gehoord te hebben. Wel vielen er een paar opmerkelijke covers te noteren.  Eerst kregen we "Speed of the sound of loneliness" van John Prine, die ze ‘the best’ vonden. Geen onvergetelijke uitvoering maar het blijft natuurlijk een schitterende song.
Even later kondigde Medosch een nummer van Bob Dylan aan waarop iemand uit het publiek suggereerde om het met zijn allen mee te zingen. De man zal waarschijnlijk wat bedrogen zijn uitgekomen, want ik denk dat er bitter weinig mensen waren die het nummer kenden. Ik ook niet trouwens, maar gelukkig had ik in mijn onmiddellijke omgeving een Dylan expert die me wist te vertellen dat het hier "Tell ol' Bill" betrof, een nummer dat his Bobness ooit schreef voor de film ‘North Country’.  
Ondanks de beperkingen en het gemis van nummers als "Hot weather" en "Cowgirl in a ditch" wisten een ontwapenende Francie Medosch, die niet te beroerd was om een net gestarte song te onderbreken om eens flink te boeren, en haar kompaan een gesmaakte set neer te poten.

Organisatie: VZW De Zwerver - Leffingeleuren, Leffinge

Beoordeling

Brant Bjork

Brant Bjork Trio - Potige desertrock

Geschreven door

Brant Bjork Trio - Potige desertrock
Brant Bjork Trio + Monkey3

Monkey3, dat is Pink Floyd in stonerspace, zeker met hun laatste album. Wie als intro “Welcome To The Machine” door de boxen laat knallen, windt er geen doekjes wie de inspiratiebron is. Nu is Monkey3 gelukkig niet de zoveelste tribute band. Integendeel, de Zwitsers hebben wel degelijk een eigen unieke sound ontwikkeld op de 9 knappe albums die ze al bij mekaar gespeeld hebben.
Vanavond starten ze vanuit Pink Floyd, trekken er mee richting Space, pluggen er de gitaar in, zetten de effectenpedalen in overdrive, voegen een vette laag psychedelica toe en laten dan het boeltje draaien. Dat resulteert in een geestrijke en volledige instrumentale trip met muzikale hoogstandjes, stomende riffs, golvende keyboards en gitaarsolo’s die met Earthless op kamp gaan. Volledig ons ding.

Brant Bjork is een dinosaurus in Stonerland, als drummer van het legendarische Kyuss heeft hij mee de lijnen uitgezet van het genre, en sedertdien is hij immer bedrijvig gebleven in het stonermilieu als lid van onder meer Fatso Jetson, Fu Manchu, Mondo Genreator, Ché en Vista Chino. Daarnaast heeft hij sedert eind jaren negentig zo een slordige 15 soloplaten gemaakt, en die zijn allemaal de moeite waard.
Het is vooral uit die rijkelijke solo albums dat hij vanavond put. Potige desertrock zonder al te veel uitweidingen. Je zal Brant Bjork niet betrappen op minutenlange solo’s of eindeloze songs.
Als gitarist zet hij een vette sound neer met heerlijke en vaak zompige riffs. Als zanger heeft hij zo zijn beperkingen, maar dat zit de songs niet in de weg, die zitten immers strak in het vel zonder daarom loeihard tegen de muren te knallen, dit is geen metal.
De prille Kyuss sound is uiteraard nog altijd ergens aanwezig, maar Brant Bjork is niet het soort muzikant die wil teren op die succesvolle sound uit het verleden. Hij creëert hier, met een stevige ritmesectie in zijn rug, een potig en ronkend geluid waarmee hij in anderhalf uur de Casino onder zijn veren krijgt.
Stomend concertje van deze ervaren rot.

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Beoordeling

Pagina 36 van 386