Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026Stoned Jesus, Wheel, woensdag 1 april 2026, Orangerie, 20h Oliver Symons, zaterdag 4 april 2026, Witloof Bar, 20h Koma, woensdag 8 april 2026, Rotonde, 20h Son Little, vrijdag 10 april 2026, Orangerie, 20h Chalk,…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_04
Hooverphonic
Concertreviews

Arno

Arno, hommage with special guests - Hommage en honneur, een emotionele hommage met bevriende artiesten

Geschreven door

Arno, hommage with special guests - Hommage en honneur, een emotionele hommage met bevriende artiesten

Arno, hommage with special guests - Een eresaluut om U tegen te zeggen, een emotionele hommage met bevriende artiesten, die zijn laatste levenswens hebben vervuld. De man, zijn muziek en zijn solidariteitsgevoel werden omarmd. Elkaar verbinden daar ging ‘t em om. Die ‘lonesome zorro’ is nooit alleen, Godverdoeme!

Tweemaal een uitverkocht AB , tweemaal een uitverkocht Kursaal. Het waren zijn thuishavens, het multiculturele Brussel voor de samenhorigheid, de inspiratie, het nachtleven, Oostende z’n heimat, voor de mussels en om uit te waaien. De muziek was het bindmiddel in het leven van ‘le plus beau’ en was de heling in zijn de strijd tegen pancreaskanker , die hij in april 2022 verloor op 73 jarige leeftijd.
De nalatenschap van Arno is groot. Een pak artiesten eerden zijn werk tijdens z’n carrière en in deze vier concerten. Muziek die iedereen samenbrengt en diverse emoties loslaat. Een hommage en honneur, elk met zijn eigen kijk.

De hommage kreeg vaste vorm met Arno’s rechterhand Mirka Banovic en manager Cyril Prieur.
Een onvoorwaardelijk respect en liefde voor de man. In Oostende hadden we o.m. Wim Opbrouck, Stef Kamil , Stijn Meuris , PJ De Smet, BJ Scott, Zwangere Guy, Marie-Laure Béraud, Melanie de Biasio, z’n TC Matic Serge Feys - JM Aerts en de Charles et les Lulus kompanen Roland (Van Campenhout) en Ad Cominotto.
Ze brachten Arno in al z’n menselijke en muzikale gedaantes, van Tjens Couter, TC Matic , de projecten Charles et les Lulus, Charles Ernest, Subrovniks en Arno solo, in ‘t dialect , in ‘t Frans in ‘t Engels , in ‘t … . In al die nummers voelde je de aanwezigheid, de adem van onze nachtburgemeester, die innemend, somber, alleen, maatschappijkritisch, positief, extravert; swingend kon zijn en een ‘je m’en fou’ uitstraalde .

Twee en een half uur lang werden we meegevoerd in de wereld van Arno. De set startte met een video, Arno aan zee in Oostende, met het opschrift ‘Vive les moules , leve de mussels’ . Begin er maar aan  …
Een sterke begeleidingsband , mag gezegd worden , die het oeuvre van Arno in al z’n aspecten meesterlijk overtuigend speelde.
“Le java” was meteen een sterke opener van Pieter-Jan, dwingende , broeierige, groovende, smachtende funkende rock van TC Matic, met enkele meesterlijke PJ-kreten op z’n Arno’s . De kronkelpasjes van de danseressen op het podium gaven het nog meer elan. Black Box Revelation frontman Jan Paternoster behoudt die spannende intensiteit met oudjes “I can dance” en “With you”. Wat een songs  van Tjens Couter en TC Matic, die al die jaren overeind blijven. Verdomd, wat was dat toen origineel! Paternoster hitst het publiek op met deze opbouwende springerige rockers in de openingsfase. Belpop ten top! We mogen intussen het breekbare “Mourir à plusieurs” niet vergeten van één van de ex-partners, ML Béraud .
Hier werd reeds diep gegaan, het klonk hectisch, chaotisch, hyperkinetisch als ontroerend, pakkend, geordend.
“Marie tu m’as (Marie Thumas)” uit het ‘Ratata’ album van 90 (we vinden het ook terug op het ‘A la  française’ album) klonk sfeervol, intrigeerde met de keys en deed ons even afkoelen. Het was de voorzet naar Wim Opbroucks bijdrage, die een positive vibe verwezenlijkte op “Je veux nager”, “Tango de la peau” en “Vive ma liberté” ; een heupwieg , een swing door accordeon, de grappige interventies en enkele gevatte tunes als o.m. de skareggae van Selector’s “On my radio”, zorgden voor de nodige ambiance en een feestgevoel.
Gas wordt teruggenomen op “Dans mon lit”, gezongen door Patricia Kaas , de song is nachtelijk getint , donker, sfeervol , sensueel.
We worden steeds heen en weer geslingerd in stemming op deze hommage , wat de set nu net spannend en creatief houdt. Je kan je voorstellen hoe Arno zich voelde en zich uitleefde op verschillende momenten . Op doorleefde wijze krijgen we de klassieker “Lonesome zorro”, ook al van ‘Ratata’ door Stef Kamil, hier worden danspasjes gewaagd op het semi-akoestisch gitaargetokkel. Mooi overtuigend terug.
De blues is geworteld in het hart van onze Arno. Letterlijk schuimt mans Oostendse Bonsoir  op het Charles et les Lulus  project uit 91 met Roland en Ad Cominotto. Roland, bijna tachtig, heeft nog niet teveel in vocals ingeboet en is een gitaarvirtuoos zoals onze Toots op mondharmonica. Deskundig wordt hij op het podium gebracht en samen met Ad op accordeon/piano stappen we de nachtkroeg in  Na het kroeglied “Drink till I sink” is BJ Scott van de partij, die op voortreffelijke wijze “Ants in my tea” mee zingt. Het geeft dit intens bezwerende, groovy, swampy nummer nog meer zeggingskracht. BJ Scott  ontpopt zich als een diva op diverse nummers tijdens deze set , “Dancing inside my head” (uit ‘Idiots savants’ (93)), kon eigenlijk niet ruwer zijn; iets verderop kregen we het gedreven “The jean genie”, een duet met Pieter-Jan, dat buigzaam inspiratiebron David Bowie eert. En ja, vergeet nog het chanson-getinte “Ils ont changé la chanson” niet , met een smaakvolle kermistune, samen met Stephan Eicher; wat ze ook deden met deze song , het Engels en het Frans kruisen elkaar perfect.
In deze hommage gaan de begeleidingsband en de artiesten breed en geven een eigen, unieke kijk aan het materiaal o.a. Stef Kamil is er terug met eentje van TC Matic, “Living in my instinct” uit het fel gerespecteerde ‘Choco’ album (83), het gromt, knarst, tintelt, sprankelt door de diepe en snedige instrumenten; het donkere “Elle adore le noir” wordt rijkelijk gekleed door de zegzang van Melanie de Biasio, de kronkelende gitaarlicks, de diepe bas, de droge drums en de aanzwellende keys.
We halen nog terecht het muzikaal krachtvoer aan met Stijn Meuris, “The parrot brigade” en “Ha ha”, die de sleutel Feys - JM Aerts van TC Matic compleet maakte.
Wat een boeiende wisselingen steeds. Het hoofdstuk ‘Vivre’ omhelsde de laatste jaren van onze man, “Take me back” was intiem, emotioneel, pakkend door Patricia Kaas gezongen. Arno waakte over “Les yeux de ma mère”, sober, broos, elegant, enkele begeleid met Serge Feys op piano. We moesten hier even op adem komen.
De video ‘solo gigolo’ van een moegestreden Arno leidde ons naar de laatste weken. “Il est tombé le ciel” klonk nog gevoeliger door ex-partner ML Béraud. Meer dan tijd nu om opnieuw uit die gevoeligheid te stappen en in vuur en vlam te geraken met enkele classics als eindsprint: “Viva boema (Stijn Meuris) die ontaardde in noisepop, “Putain putain” (Zwangere Guy), “Oh lal la la” (Stef Kamil) en “Les filles du bord de la mer” (Opbrouck-Caminotto), songs met een meezinggehalte, die de samenhorigheid sterken en het multi-culturele binden. Hier kon het publiek zich eens volledig laten gaan. Al de guests kwamen het podium op en maakten een terechte buiging naar hun grootmeester op het grote scherm achter hen.

Arno zal erg tevreden zijn van wat hier vanavond twee en half uur werd gebracht, wat een diversiteit en creativiteit, een aanhoudend balanceren tussen innemendheid en extravertie, tussen Brussel en Oostende, een ‘lonesome zorro’ die nooit alleen is , godverdoeme; leve de mussels, vive les moules. We hebben het geweten. Schitterende hommage!

Organisatie: Kursaal, Oostende

Beoordeling

The Cult

The Cult - Punchy masterclass in afgestofte klassiekers

Geschreven door

The Cult - Punchy masterclass in afgestofte klassiekers

Tja, daar sta je dan als band met ruim vier decennia op de teller: artistiek niets meer te bewijzen, én steeds meer beseffend dat de overgebleven fans toch vooral naar je shows afzakken voor a trip down memory lane. Met het nieuwe album ‘Under the Midnight Sun’ ondernam het naar de States uitgeweken Engelse (goth)rock instituut The Cult vorig jaar toch een moedige poging om dat platgetreden pad te verlaten. Moedig, maar helaas ook wat halfslachtig: een paar puike singles die knipogen naar hun jaren ’80 heyday, maar evenzeer behoorlijk wat filler materiaal dat zelfs doorwinterde adepten naar de ‘Skip’ functie doen grijpen. De aankondiging dat er na 10 jaar eindelijk nog eens een nieuwe Cult tournee mét Belgische halte zat aan te komen deed die kritiek echter snel verstommen.

Ter aftrap van de drie weken durende Europese ‘Under the Midnight Sun’ tour sloeg het Cult circus afgelopen woensdag haar tenten op in een bloedhete AB. Bij het vastleggen van de ‘nieuwe’ setlist trekken kernleden Ian Astbury en Billy Duffy duidelijk de kaart van de veilige keuzes, hier en daar gekruid met een paar creatieve uitspattingen. Voortgestuwd door het furieuze “Rise” uit het bijna-metal album ‘Beyond Good and Evil’ (’01) schoot de band uit de startblokken met een splijtende demarrage. Nooit vies van Het Grote Gebaar of een ferme brok symboliek slingerde The Cult meteen een niet mis te verstaan statement de zaal in: ook in het post-pandemische tijdperk willen de veteranen volop blijven meedraaien in het dolle rock-’n-roll wereldje. Astbury’s bariton klonk in het prille begin van de set nog als een verkouden misthoorn, maar dat euvel werd snel rechtgezet vanaf “Sun King” wiens funky baslijn heerlijk heen en weer kaatste over een legioen ja-knikkende 40-plussers. De charismatische frontman was qua bindteksten trouwens opvallend kort van stof, wat zijn makkers alle ruimte gunde om met een rotvaart door hun impressionante back catalogue te denderen.
Het pleit in het voordeel van The Cult anno 2023 dat ze blijven puzzelen aan inventieve twists om platgespeelde nummers toch fris te houden. Zo kwam tijdens het eerste meezingmoment “Sweet Soul Sister” ineens een flard van The Doors klassieker “L.A. Woman” bovendrijven. Er is veel verloren gegaan tijdens de corona pandemie, maar Astbury’s fascinatie voor Jim Morrison zit voorgoed in ’s mans met een bandana omklemde brein gebeiteld. Ook de door wah-wah gitaar voortgestuwde non-album single “The Witch” pronkte in Brussel op de shortlist met hoogtepunten. Dichter bij de psychedelische groove van de ‘Madchester sound’ dan dit is de band niet meer geraakt. Het beste nummer dat Primal Scream nooit heeft gemaakt? Check!
Het was zonder meer opvallend dat er over het uitgangbord van de nieuwe tour, ‘Under The Midnight Sun’, maar met weinig woorden werd gerept. Met amper twee stuks waren de nummers vanop dat nieuwe album erg dun gezaaid: zouden Astbury & co dan toch recensies lezen? Het dreigende “Vendatta X” was gebouwd op een naar Depeche Mode lonkend industrial synthpop fundament, een gewaagde én geslaagde combinatie die we niet zagen aankomen. Aan de andere kant van het spectrum verscheen “Mirror”, een vrij futloze brok gitaarrock die we nu al vergeten zijn.
Op het moment dat meestergitarist Billy Duffy zijn iconische Gretsch White Falcon laat aanrukken weten de fans van het eerste uur dat er een paar 80ies gothrock classics zitten aan te komen. De band gunt zichzelf nog steeds een nostalgische terugblik naar hun turbulente begindagen door elke avond de ruim 40 jaar oude debuutsingle “Spiritwalker” uit de (Southern) Death Cult periode in de set gooien. Uit doorbraak album ‘Love’ (’85) was een halve noot van de evergreens “Rain” en “She Sells Sanctuary” genoeg voor het AB publiek om over te schakelen naar collectieve extase modus. De zelfverklaarde indie guitar hero Duffy maakte echter het meeste indruk op “Phoenix”, waar de withete riffs en licks een huilende Astbury vergezelden op zijn imaginaire trip richting vagevuur en wedergeboorte.

De uitgebreide bloemlezing uit dat andere opus magnum, ‘Electric’ (’87), mondde tijdens de korte bisronde uit in de dubbele uppercut “Peace Dog” en de Stones rip-off “Love Removal Machine”.
Met een krappe vijf kwartier op de planken leek de groep zich wat te willen sparen voor het komende Europese avontuur, maar het bleek wel meer dan voldoende om de dikke stoflaag die zich 10 jaar lang had opgehoopt op de back catalogue van The Cult met één punchy performance weg te blazen.

Organisatie: Gracia Live

Beoordeling

Tenacious D

Tenacious D - Een collectieve zangstonde

Geschreven door

Tenacious D - Een collectieve zangstonde

Hoewel Graspop pas op donderdag zijn poorten openzwaaide voor het betere metalgeweld, moesten fans van het zwaardere genre dinsdag niet op hun honger blijven zitten. Niet enkel speelde KISS die dag in Paleis 12, enkele kilometers verder gaf Tenacious D van jetje in een broeierig en uitverkocht Vorst Nationaal.
Toegegeven, de deuntjes van de comedy rockband kunnen we bij momenten bezwaarlijk als metal beschouwen, toch wordt de band in de armen gesloten door de community.

In de zaal dan ook veel zwarte T-shirts en vooral mannen rond hun veertigste, die dus jonge kerels waren toen Tenacious D in 2001 hun gelijknamig debuut ‘Tenacious D’ de wereld instuurde. De band rond Kyle Gass en filmster Jack Black was in 2020 voor het laatst te gast in een uitverkocht Vorst Nationaal en liet ook nu weer een verpletterende indruk na.

Als opwarmertje (in een al hete tent) kregen we Steel Beans voorgeschoteld. Hoewel de naam anders doet vermoeden, was de psychedelische bluesrock van Jeremy DeBardi licht verteerbaar en werd zijn set goed gesmaakt door het reeds aanwezige volk. Wat opvallend is, is dat Steel Beans een eenmansproject is. Dat betekent dat DeBardi zowel de zang en het drum- en gitaarwerk voor zijn rekening nam. Als men in de toekomst dus zegt dat enkel vrouwen kunnen multitasken, volstaan volgende twee woorden als repliek: “Steel Beans”. Vooral Molotov Cocktail Lounge kon ons uitermate bekoren en deed bij momenten denken aan The White Stripes.

Met een kwartiertje vertraging was het dan tijd voor ‘The Greatest Band in the World’, of dat is toch hoe Tenacious D zichzelf omschrijft. Een goed bebaarde Jack Black uitgedost in een vlammende outfit en een eerder casual geklede Kyle Gass begroetten hun fans en bewapenden zich vervolgens met hun akoestische gitaren alvorens de set af te trappen. Dat de heren niet van plan waren om rustig naar een hoogtepunt toe te werken, werd duidelijk toen “Kickapoo” ingezet werd als opener. Dat de song, waarbij oorspronkelijk wijlen Dio en Meatloaf ook even hun zegje doen, een van de populairste nummers van ‘the D’ is, bewees de collectieve zangstonde die spontaan uitbrak. Een zangstonde die quasi niet meer stil viel tot het doek figuurlijk viel. Ongelofelijk om zien en horen hoe het publiek de teksten, en soms zelfs bindteksten, noot voor noot kon meezingen.
Na enkele nummers viel het Jack Black op dat ondertussen de eerste hittegolf van het jaar België aan het verschroeien was. “Shit, it’s hot in Brussels”, schreeuwde de acteur en probeerde tevergeefs zijn pens af te koelen door te wapperen met zijn shirt. Desalniettemin boette Tenacious D tijdens de ganse set niet in aan energie en vuurde de ene na de andere oorwurm richting publiek. Vooral “The Metal”, “Beelzeboss (The Final Showdown)” en slotnummer “Fuck Her Gently” deden het kwik in de thermometer nog wat extra stijgen.
Grappen en grollen konden natuurlijk ook niet ontbreken tijdens een optreden van een comedy rockband. De ganse set was dan ook doorspekt met doldwaze sketches en moppen. Zo was er bijvoorbeeld de nieuwe vuurwerkverantwoordelijke Biffy Pyro die er niet in slaagde om op het juiste moment vuurwerk af te steken en daarom steeds op zijn donder kreeg van Black: “You press that damn button when we demand pyro!” Slechts op het einde, en na enkele bemoedigende woorden van Black en Gass, slaagde onze vriend erin de gaskraantjes volledig, en op het juiste moment, open te draaien.
Ook de sax-a-boom, lees: een plastieken kindersaxofoon, was opnieuw van de partij. Een trotse Black probeerde te bewijzen dat hij nog steeds een feestje kon bouwen met het niemendal, waarop Gass hem overtrof met een uit de kluiten gewassen, stoffen versie ervan en Baker Street van Gerry Rafferty inzette. “The Max-a-boom”, riep Gass trots, waarop Biffy een vuurstraal lanceerde en Black vervolgens pisnijdig over het podium sakkerde.

In iets minder dan anderhalf uur kreeg Vorst een gevarieerde en ludieke set, waarbij het stevigere werk afgewisseld werd met de zachtere klassiekers en de nieuwe hits “Videogames” en “Wicked Game” (cover Chris Isaak).
Geheel vernieuwend was Tenacious D echter niet, maar dit deerde niet. De gekende feestformule en de meezingers zorgden opnieuw voor de nodige ambiance en vertier. En laat ons eerlijk zijn, dat is toch waarom we zo houden van deze band. Keep on rockin’, D!

Neem gerust een kijkje naar de pics
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/4982-tenacious-d-13-06-2023.html?Itemid=0

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Triggerfinger

Triggerfinger - In vuur en vlam

Geschreven door

Triggerfinger - In vuur en vlam

Voor het verhaal van Triggerfinger (*****) gaan we ongeveer 25 jaar terug in de tijd, 1998 sloeg hun live performance in als een bom, de verdienste van drie muzikanten van wereldklasse: de charismatische frontman Ruben Block, de duivelse drummer Mario Goosens en Monsieur Paul, Lange Polle (Paul Van Bruystegem) die in 2003 de band vervoegde, en een blok graniet is op bas. De blindelingse afstemming en de speelsheid zorgden ervoor dat een optreden van Triggerfinger een beleving is die in je geheugen gegrift staat. Na al hun live performances worden we nog steeds even hard omver geblazen.
In een overvolle AB kwam Triggerfinger afscheid nemen van Lange Polle, die na twintig jaar de stekker er uit trekt om zich op andere projecten te concentreren. De band zal nu worden aangevuld door een andere muzikale grootheid, man-van-alle-kunstjes, Geoffrey Burton. Twee avonden lang zetten zij de AB in vuur en vlam.

In de categorie 'mogelijke opvolgers van Triggerfinger staan veel talentvolle bands aan de deur te bonken. Eén daarvan is Peuk (*****) die nu het voorprogramma van Triggerfinger speelden. Het trio bestaat uit jonge, talentvolle muzikanten die graag het gaspedaal diep indrukken en een ondoordringbare geluidsmuur weten op te bouwen. Ook in de AB voelde je de dosis adrenalinestoten. Ondanks de weinige interactie, laat dit trio z’n technische sterkte horen. Een kolkende, verschroeiende live set van zo’n half uur was meer dan voldoende om ons probleemloos te overtuigen

Triggerfinger trekt vanaf de eerste twee songs “I'm coming for You” en “First Taste” alle registers open. We zijn vertrokken voor een rollercoaster, een spervuur aan riffs en drumwerk, er is de niet-aflatende charismatische houding van Ruben die na zovele jaren nog steeds als een jonge wolf op dat podium staat. Hij is één met z’n publiek. Het helse tempo kon Triggerfinger niet steeds aanhouden. En dat hoefde ook niet. Op “By Absence of the Sun” mocht Lange Polle in de schijnwerpers staan, hij bewees nog maar eens wat voor een uitzonderlijk bassist hij wel is. Een lang, daverend applaus volgde.
“Flesh Tight” is een magisch zwoel, groovy nummer; de temperatuur steeg naar een kookpunt. “Black Panic” klonk verschroeiend. Triggerfinger deed de zaal ontploffen met een salvo strakke songs. wat stopte met “Is it”. Polle was zichtbaar geëmotioneerd. Iedereen droeg de man op handen.
In de bis volgde nog een mooi “Camaro”  en ”Man Down”, die warme Rihanna cover. Wat een portie rock-'n-roll kregen we hier.

Triggerfinger zette een overvol AB in vuur en vlam, al 25 jaar lang. Het verhaal van Triggerfinger is nog niet voorbij, en met Burton hebben ze een sterke opvolger van Polle. Duimen verder voor deze band.

Setlist: I'm Coming for You//First Taste//Let It Ride//Short Term Memory Love//By Absence of the//Sun//Perfect Match//Flesh Tight//Halfway Town//Lines//And There She Was, Lying in Wait//Black Panic//On My Knees//Colossus//All This Dancin' Around//Is It///BIS: Camaro//Man Down (Rihanna-cover)

Neem gerust een kijkje naar de pics @Dieter Boone
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/4939-triggerfinger-10-06-2023.html?ltemid=0
Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel ism Live Nation

Beoordeling

John Fogerty

John Fogerty - Nostalgische avond vol fullforce Amerikaanse rootspop

Geschreven door

John Fogerty - Nostalgische avond vol fullforce Amerikaanse rootspop

De Europese run van John Fogerty loopt ten einde na Dublin, Manchester, Londen, enkele shows in Frankrijk, Noorwegen, twee keer Zweden en dan deze laatste twee shows in Antwerpen donderdagavond, en Grolloo (Nederland) op vrijdag voor het internationale bluesfestival!
Vanaf juni 2023 gaan John Fogerty en C° verder vieren in Amerika. Deze oertypische Amerikaanse CCR-man is duidelijk zijn (gekleurde) wilde haren nog niet kwijt.
Wat is er eigenlijk te vieren? Wel, zo’n 50 jaar geleden is John Fogerty door een louche platenmaatschappij zijn rechten verloren op zijn eigen nummers en die van CCR en nog maar onlangs in januari van dit jaar heeft hij eindelijk zijn rechten terug. Dit is natuurlijk een reden om te vieren en wij mogen van geluk spreken … we kunnen hier nu bij zijn …

Iets na acht komen de zonen van John met hun groepje Hearty Hear spelen, zelf voelen ze zich een ongelofelijke sensatie live volgens hun site, maar in het echt is het gezellig, een beetje achtergrondmuziek binnen de rootssound, te horen in dezelfde stijl als straks, maar echt goed was dit niet.

Klokslag 21u start een filmpje met een levensoverzicht van John Fogerty. Zo blijkt dat hij 8 jaar oud was als hij zijn eerste nummer maakte. Het is wel echt Amerikaans hoe dit filmpje is samengesteld maar ach het past bij de gehele avond.
Plots horen we van John, ik heb nu mijn nummers terug ‘And I’m going to sing every single one of them’, en dat doen ze ook, we zijn vertrokken voor een mooie nostalgische avond.
Er is volgens mij een gelijkenis met ABBA, The Beatles en CCR, ze bestonden allemaal niet echt lang maar maakten topnummers!
We vliegen erin met “Bad Moon Rising”, “Up Around the Bend”, “Green River”, “Born on the Bayou”, en een heel mooi met saxofoon meegespeelde “Rock and Roll Girls”.
Voor een hele avond leuks zijn we vertrokken: ‘How are you doing out there’ roept hij helemaal mooi naar ons toe, en er volgt een heel verhaal over zijn ‘The man & his guitar’;
Al meerdere jaren horen we dit maar het is een prachtig verhaal: zijn vrouw heeft dit voor elkaar gebracht, na meer dan 50 jaar heeft ze zijn originele versie (waar hij ooit mee op Woodstock speelde) teruggevonden, gekocht en onder de kerstboom gelegd. Als je dit verhaal hoort is het nog meer Amerikaanser dan het al kan zijn.
En dan volgt er tussen de nummers “Who’ll stop the Rain”, “Lookin’ Out My Back Door” en “Run Through the Jungle” het volgende : ‘Kennen jullie Eric, Jef en Jimmy ?’Het blijkt over Clapton, Beck, Page te gaan die goeie vrienden zijn (waren) en dezelfde gitaren gebruiken.
Fogerty heeft een volgend verhaal klaar … Celebration is meer dan gewoon vieren … Hij heeft na een scheiding, na door een hond gebeten te zijn en na het stoppen van CCR bizarre jaren gehad. Maar had John zijn vrouw niet tegengekomen 32 jaar geleden, dan was hij er al lang niet meer; die 32 jaren, het is als 32 dagen; de tijd vliegt als je plezier hebt.
“Joy of my life” was op zich een mooi ode aan zijn vrouw, erg goed gevonden, maar miste hier muzikaal nu net wat punch. We kregen dan “Fight Fire”, “It Came out of the Sky” en “Keep on Chooglin”, samen met een echte evergreen: “Have You ever seen the Rain”, kort weliswaar, maar heel herkenbaar en mooi.
Ik zag jonge dames met hun net iets te oude partners, maar nadien had ik pas door hoe heerlijk die dochters hun jong bejaarde papa’s meebrachten en genoten van die wonderschone rootsrock!
Het brengt ons tot “Fortunate Son”, alvorens we een hoteltafeltje zien op het podium met een grote fles Leffe. Zo wil hij samen met ons zijn winst op zijn eigen nummers vieren en … samen er één op drinken!
Er volgt een kleine pauze, “Proud Mary” kwam eraan, de song, zijn eigen parel, die hij meerdere malen opdroeg aan Tina Turner de laatste weken. Een mooi overtuigend eerbetoon.

Fogerty en band zijn uitermate tevreden van de Europese Tour en ze zijn nu klaar voor alweer een Amerikaans luik. Dit was vrolijke, goeie rootspop voor een vol Antwerps Sportpaleis.

Organisatie: Gracia Live

Beoordeling

GA-20

GA-20 + Scott H. Biram - Eindelijk nog eens opwindende blues

Geschreven door

GA-20 + Scott H. Biram - Eindelijk nog eens opwindende blues

Met GA-20 en Scott H. Biram had de 4AD een gedroomde double bill beet. Twee acts met een bijzonder stevige live-reputatie die touren alsof hun leven ervan afhangt.

Bij Scott H. Biram mag je dat zelfs vrij letterlijk nemen want toen hij in 2003 na een frontale botsing met een vrachtwagen zowat verpletterd was, bevond hij zich nog geen twee maanden later al opnieuw op een podium, zij het in een rolstoel en met het infuus nog bungelend aan zijn arm. Nadat hij in 2006 zijn Belgisch debuut maakte in de Brusselse Beursschouwburg was hij een jaar later al eens te gast in de 4AD, toen in het voorprogramma van de Black Diamond Heavies.
Op die memorabele avond moest hij bij aanvang van zijn optreden het publiek nog vragen om wat dichterbij te komen. Die vraag hoefde hij dit keer alvast niet meer te stellen want intussen heeft hij een trouwe schare volgelingen die aan zijn lippen hangt.
Omringd door een resem versterkers wist The Dirty Old One Man Band, zoals de 49-jarige Scott H. Biram uit Austin, Texas zich wel eens laat noemen, een stevige en erg gruizige sound te creëren. Rammend op aftandse gitaren en af en toe briesend op de mondharmonica verkende hij het schemergebied tussen country, blues en hillbilly terwijl hij ook één keer het tempo flink de hoogte injoeg voor een dartelend bluegrassnummer. 
Zijn verwrongen songs met eigenwijze, duistere verhalen zingt hij met een akelig krassende stem. Daarbij geeft een nimmer aflatende stampende linkervoet de kadans aan op een stompbox.
Een paar keer bracht hij ook hulde aan zijn oude helden met covers van Mississippi Fred McDowell en Lightnin' Hopkins. De eerste bracht hij met een heerlijke bottleneck gitaar terwijl die van Lightnin' Hopkins, die hij trouwens vereeuwigd heeft met een tattoo op de arm, een rudimentaire uitvoering kreeg op een krakkemikkige heavy metal gitaar.
Het mooiste nummer vond ik het nieuwe "No man's land" waarin hij terugblikt op zijn jeugd en dat wellicht zal prijken op zijn, dit najaar te verschijnen, nieuwe plaat. Een intense set werd afgesloten met een begeesterende ZZ Top interpretatie. Dit was een halte in zijn 27ste (!) Europese tour en het einde lijkt nog lang niet in zicht.

Matthew Stubbs was dertien jaar lang gitarist bij blues harmonica veteraan Charlie Musselwhite totdat die laatste besloot om te gaan touren met Ben Harper en Stubbs een jaar op non-actief werd gezet. Om toch aan een inkomen te geraken besloot hij een groep te beginnen met zijn oude vriend Pat Faherty en GA-20, genoemd naar een Gibson gitaarversterker uit de jaren '50, werd geboren.
Na wat puzzelen volgde al snel de definitieve  bezetting met drummer Tim Carman. In die beginperiode grepen ze elke kans om ergens op te treden met beide handen aan en speelden zo telkens voor een publiek dat er geen flauw benul van had dat het blues hoorde want bluesclubs waren er blijkbaar niet in thuisstad Boston.
Toen hij na ieder optreden telkens moest uitleggen welke muziek ze speelden, bedacht Stubbs de slogan "If you don't like the blues you're listening to the wrong shit", die zelfs op een t-shirt werd gedrukt. Die t-shirt is intussen al lang uitverkocht maar die harde periode zal hen ongetwijfeld gesterkt hebben in hun idee hoe ze de blues moeten brengen. En die blues staat mijlenver van de Joe Bonamassa's van deze wereld, gelukkig maar.
De mannen van GA-20 openden hun set met het rauwe en wervelende "No no", dat voorlopig op geen enkel album verscheen en alleen als digitale single verkrijgbaar is. Daarna zakte het tempo flink voor "Just because", een cover van de, een paar jaar geleden, overleden Lloyd Price die meer gekend is van zijn hits "Personality" en "Lawdy miss clawdy".
De twee gitaristen, die elk om beurt op het voorplan traden, zorgden voor een magische wisselwerking. Links de statische Matthew Stubbs die zijn gitaar lekker vettig liet scheuren en net iets traditioneler klonk dan de man links. Pat Faherty, helemaal in het zwart en met een zonnebril onder de wilde krullenbol, etaleerde op zijn twee vintage gitaren, waaronder een zeldzame Stratotone Newport, een meer afgemeten en wat punkier stijl die soms aardig in de buurt van Wilko Johnson kwam. Daarnaast is hij met zijn schrille, door merg en been dringende stem een fascinerende zanger en een attractieve performer. Zo stuiterde hij af en toe als een springveer over het podium. Tijdens de apotheose sprong hij zelfs het publiek in om al gitaarspelend even door de knieën te gaan tot groot jolijt van enkele vrouwelijke fans. Daarna vertrok hij solerend door de zaal en zowaar naar buiten maar dat was zonder de geluiddichte deuren van de 4AD gerekend die het signaal tussen gitaar en versterker doorknipten.
Twee gitaristen en een drummer (Tim Carman die voorheen als sessiemuzikant en drumleraar aan de bak kwam deed het trouwens uitstekend), dat was ook de bezetting van Hound Dog Taylor (and The HouseRockers) één van hun grote voorbeelden. In 2021 maakten ze zelfs een tributeplaat voor hem, ‘Try it... you might like it!’waaruit we drie nummers hoorden. Het explosieve "Give me back my wig", het gruizig doordenderende "She's gone" en de ultieme  Hound Dog Taylor song "Let's get funky", vier en een halve minuut scheurend gitaargeweld met wat opzwepende kreten en de intensiteit van de Ramones.
Een andere opmerkelijke cover was "I don't mind" van James Brown, waarmee GA-20 nog maar eens bewees zoveel meer te zijn dan een doorsnee bluesband.
Maar ook met eigen nummers zoals "Fairweather friend", een melodieuze garage rocksong die van The Black Keys had kunnen zijn of het behoorlijk swampy klinkende "Dry run" kleuren ze buiten de lijntjes.
Bovendien blijft de groep voortdurend zoekende. Zo is Pat Faherty momenteel volop R.L. Burnside aan het ontdekken wat hier in het solo gebrachte "Come on in" resulteerde.

Dit was opnieuw een adembenemende set van een groep die ik reeds voor de vierde keer zag. De beste keer ook waarmee ik niet wil zeggen dat de vorige optredens minder waren. Maar dit was de eerste keer dat ik ze zag in een kleine club en dat bleek nog maar eens de meest geschikte plaats om live muziek te consumeren.

Organisatie: 4AD, Diksmuide

Beoordeling

Peter Gabriel

Peter Gabriel - i/o Tour - Nog steeds creatief, eigenzinnig en absoluut i.o.

Geschreven door

Peter Gabriel - i/o Tour - Nog steeds creatief, eigenzinnig en absoluut i.o.

Aan een flinke dosis creativiteit heeft de bij pers en publiek gewaardeerde Britse artiest Peter Gabriel,  nooit een gebrek gehad. Evenmin aan durf en diversiteit. Terwijl hij zich als ex-frontman van de progformatie Genesis van de andere bands binnen het genre onderscheidde door heel wat theatrale elementen (zoals make-up, maskers en kostuums) aan de concerten toe te voegen, paste hij dit na zijn plotse vertrek, ook op zijn solowerk toe en nam het eclecticisme qua geluid en stijlen almaar toe. Via het album ‘So’ (1986) dat miljoenen keer over de toonbank ging, werd hij zelfs een echte wereldster mede gegangmaakt door innovatieve en vooruitstrevende videoclips (zie o.a. “Sledgehammer”) die het tijdens het toenmalige MTV-tijdperk uiterst goed deden. Ook componeerde hij enkele soundtracks en was hij één van de eerste Europese pop- en rockartiesten waarbij wereldmuziek steeds nadrukkelijker een symbiotische relatie met zijn eigen westerse werkstukken aanging.  

Maar even hoog als het inventieve, karakteriseert Gabriel zich ook als een bijzonder eigenzinnig artiest. Hij liet al meermaals optekenen dat hij zelf wil beslissen wat, hoe en wanneer hij iets wenst te doen zonder daarbij enige compromissen te hoeven sluiten. Via de oprichting van ‘Real World’, een eigen platenlabel waarbij hij wereldmuzikanten zoals bv. Nusrat Fateh Ali Khan, Geoffrey Oryema of Papa Wemba een platform tot grote(re) naambekendheid aanbood en het inrichten van een bijhorende studio, kon hij zich deze vorm van vrijheid nog meer als voorheen toe-eigenen. Het heeft hem qua carrière heel ver gebracht maar zijn attitude leverde ook maar al te vaak bepaalde frustraties en onbegrip op. Niet enkel bij collega’s en medemuzikanten, maar ook bij de fans.
Zo is het ruim negen jaar geleden dat hij nog in een België een concert gaf. Van september 2003 om precies te zijn toen hij in Vorst Nationaal optrad. En het laatste officiële album dat Gabriel uitbracht, ‘Up’, dateert ook reeds van 2002. Hierna volgden ‘louter’ een compilatiealbum (‘Hit’), enkele live-registraties,  liet hij nummers door anderen coveren (‘Scratch My Back’) en bracht hij bestaand werk in orkestrale versies uit (‘New Blood’).  
Eind dit jaar zou er eindelijk wel een nieuw album, ‘i/o’ (als de werktitel ook de eindtitel wordt tenminste, met Gabriel weet men nooit), het levenslicht zien. In aanloop hier naartoe brengt hij momenteel elke maand bij volle maan een nieuw nummer uit, telkens voorzien van een Bright-Side mix en een Dark-Side mix. Ook vond Gabriel tot grote tevredenheid van zijn fans, daarbij het moment passend om er alsnog een gelijknamige tour aan te verbinden. Deze bracht Gabriel afgelopen dinsdag ook naar het Antwerpse Sportpaleis.

Op de huidige ‘i/o-tour’ laat Gabriel zich opnieuw omringen door ‘oude’ getrouwen Tony Levin (bas), David Rhodes (gitaar) en Manu Katché (drums), alsook met enkele nieuwe leden zoals Josh Shpak (blaasinstrumenten), Don E (keyboards) en Ayanna Witter-Johnson (zang en cello). Deze fungeerden ook in Antwerpen (nog) steeds als een omkadering vol precisie en regelmaat. Maar ook de intussen 73-jarige Gabriel gaf blijk nog niks van de pluimen die hem als artiest steeds deden schitteren, verloren te hebben. Zijn afwezige haardos even buiten beschouwing gelaten.
Ook zijn voormelde inventiviteit en creativiteit waren meegereisd. Net als zijn eigengereidheid. Zo zou de helft van de set bestaan uit nummers uit het nog te verschijnen album. Een album dat zelfs nog niet vooraf besteld kan worden en waarvan slechts 6 nummers tot dusver bekend zijn. Als beproeving van het publiek kan dit tellen natuurlijk. Ook is het zo dat waar het gros van de artiesten in het Sportpaleis hun set zouden starten met een knaller van formaat om van bij aanvang de adrenaline doorheen de muzikale aderen van het publiek te laten stromen, Gabriel omhuld in nagenoeg complete duisternis, rustig het podium kwam opgestapt om verpakt in droge humor en enige zelfspot, verhalend uit te weiden over het ontstaan van de Aarde, de opkomst van dinosauriërs (om in één link en kwinkslag aandacht te vragen voor zijn jarige compagnon de route, Tony Levin) en het aanwenden van avatars in de muziekwereld. Al even sober zette hij samen met Levin, als rond een nachtelijk kampvuur onder spaarzaam licht en de afbeelding van een volle maan (opnieuw die verwijzing) gezeten, “Washing of the Water” (‘Us’) in waarna de overige bandleden hen kwamen vergezellen. Op dezelfde akoestische leest was “Growing Up” (‘Up’) geschoeid.
Daarna was het tijd om enkele nieuwe nummers op het publiek los te laten, steeds ingeleid door wat achtergrondinfo of toelichting bij de bron van ideeën. Zoals de AI technologie bij de eerste single van het nieuwe album, “Panopticom”. Door de wisselwerking tussen de gitaar van Rhodes en de bas van Levin neigde dit heel erg naar progrock. Het donkere, dreigende “Four Kinds Of Horses” mede door elektronica en strijkers, kronkelde als een slang behoedzaam maar gericht richting onze oren. Ook via de toevoeging van trompet bespeeld door Shpak, toonde Gabriel aan om na vier decennia nog steeds een meester te zijn in het verbinden van moderne en klassieke klanken. Dit was ook zo bij het meezingbare “i/o” (input/output), alwaar de trompet sfeerbepalend was.
Bij “Digging In The Dirt” (‘US’) mochten de registers de eerste keer opengetrokken worden. Door (opnieuw) een overstuurde trompet en enkele stevige gitaar- en baspartijen, neigde dit op bepaalde ogenblikken zelfs naar free jazz.   
Het melancholische “Playing For Time” met Levin op de Chapman Stick, stond tien jaar geleden bij de vorige Belgische passage reeds op de setlist maar bereikte pas nu door een tekstuele invulling, een definitieve status en zal aldus ook op het nieuwe album verschijnen. Al even nieuw waren “Olive Tree” (goed maar niet beklijvend)  en “This Is Home” met een mooie bluesy ondertoon.
Het eerste luik  van de set bereikte haar apotheose met een puntige versie van de crowdpleaser “Sledgehammer”, het eerste van vijf vertolkte songs uit ‘So’. Daarbij maakten de gesynchroniseerde bewegingen van Gabriel het geheel des te meer aanstekelijker en kon er opnieuw genoten worden van de bijzonder fraaie baspartij van Levin.
Na een ruime pauze bleken er enkele reusachtige panelen als een scherm tussen de band en het publiek opgesteld te zijn. Daarvan maakte Gabriel gebruik om tijdens “Darkness” (‘Up’) een schaduwspel op te voeren en tijdens het nieuwe, innemende “Love Can Heal” hierop met een soort spuitbus rode kleuren aan te brengen. Eveneens terug te vinden op het nog te verschijnen album ‘i/o’, kwam vervolgens het funky “Road To Joy” (gebaseerd op het locked-in-syndroom) aan bod dat door de inbreng van de gitaarsynthesizer van Don E, heel sterk aanleunde bij de jaren ’80.
Tevens uit de jaren ’80 was de instant klassieker “Don’t Give Up” die vanaf de eerste basaanslagen van Levin, meteen op heel wat herkenning en applaus mocht rekenen. En terecht, want hoewel de studioversie van dit duet met de onnavolgbare stem van Kate Bush uitgevoerd wordt, kweet Ayanna Wither-Johnson zich uitstekend van haar taak als vervanger van dienst. Daarbij gaf zij het nummer een extra soulinjectie die in deze helemaal niet misstond. Ook niet toen er als extraatje een uptempo slot aan toegevoegd werd.   

Wat in de tweede set volgde, was een afwisseling tussen nogmaals nummers uit het nieuwe, nog te verschijnen album en enkele classics. Tot de eerste categorie behoorden “The Court”, het bijna filmische “And Still” (ter nagedachtenis van Gabriel’s overleden moeder en waarbij integriteit centraal stond mede door inbreng van klassieke elementen zoals hoorn, cello en piano) en “Live And Let Live” dat gedragen door subtiele elektronica, uitmondde in een gospelsong. Reden om rechtop te veren was er dan weer bij nummers als “Red Rain” (‘So’) (dat door een erg strakke uitvoering toch wel wat subtiliteit van het origineel wegkaapte); het funky en dansbare “Big Time” (‘So’) en het onvermijdelijke “Solsbury Hill” (‘Peter Gabriel / 1’) dat door zowat de hele zaal luidkeels meegezongen werd.
“Solsbury Hill” verhief zich opnieuw als een van de absolute hoogtepunten van de avond maar werd naar onze mening nog net overtroffen door de eerste toegift, het ruim tien minuten durende “In Your Eyes” (‘So’), een vocale mede-hoofdrol voor Wither-Johnson incluis.
Ook de afsluiter, “Biko” (‘Peter Gabriel / 3’) was opnieuw van uitstekende makelij. Geïnspireerd door het overlijden van de Zuid-Afrikaanse anti-apartheidsactivist Steve Biko, die op 12 september 1977 overleed aan zijn verwondingen nadat politieagenten hem na zijn arrestatie zwaar en herhaaldelijk mishandelden. 43 jaar na releasedatum geldt dit nog steeds als een van de meest imponerende protestsongs en groeide dit uit tot één van de populairste songs van Gabriel, zelf een uitgesproken mensenrechtenactivist. De projectie van een reusachtige foto van Biko in combinatie met de rake drumslagen van Manu Katché die finaal en sologewijs a.h.w. het stoppen van het kloppen van een hart symboliseerden, waren impressionant.  

Tijdens deze i/o-tour kiest Gabriel niet voor de gemakkelijkste weg. Hij hult zich niet in nostalgie en herleidt de show niet tot een greatest hits. Integendeel, Gabriel blijft meer voor- dan achteruit kijken, zowel tekstueel als muzikaal, en etaleert dit door de helft van de setlist in te vullen met nummers die pas enkele maanden of zelfs weken op de wereld losgelaten werden dan wel waarvan de studioversie zelfs nog een goed bewaard geheim uitmaakt. Op die manier bleef het Sportpaleis jammer genoeg verstoken van prachtige liedjes zoals “Shock The Monkey”; "Games Without Frontiers”; “Lay Your Hands On Me”; “Mercy Street” of het opzwepende “Steam”. Niet alle nieuwe werk kon hiermee wedijveren maar daar tegenover staat dat Gabriel afgelopen dinsdag nog steeds goed bij stem was, zijn begeleidingsgroep de hele avond fantastisch en vakkundig musiceerde (en dit beloond zag met een herhaaldelijke en ruime appreciatie en dankbetuiging van Gabriel zelf) en ook de aangewende visuals van o.m. Maarten Baas, Cornelia Parker en Robert Lepage, er telkens toe deden zonder te vervallen in bombast. Door het theatrale met het muzikale te verweven, maakte Gabriel hiermee de cirkel rond.
Wat ons betreft, mag deze i/o (input/output) tour dan ook helemaal i.o. (in orde) genoemd worden.

Setlist
Set 1: Washing Of The Water / Growing Up / Panopticom / Four Kinds Of Horses / i/o / Digging In The Dirt / Playing For Time / Olive Tree / This Is Home / Sledgehammer
Set 2: Darkness / Love Can Heal / Road To Joy / Don't Give Up / The Court / Red Rain / And Still / Big Time / Live And Let Live / Solsbury Hill /
Encore 1: In Your Eyes
Encore 2 : Biko

Organisatie : Live Nation

Beoordeling

Alvvays

Alvvays - Een eerst keer in Brussel en meteen een voltreffer

Geschreven door

Alvvays - Een eerst keer in Brussel en meteen een voltreffer

Met één van de beste platen van 2022 onder de arm, zakte het Canadese Alvvays met ‘Blue Rev’ af naar Brussel voor een van de meest geanticipeerde concerten van dit jaar. Hun derde en dus meest recente langspeler is meer van wat hen uniek maakt: dromerige, speelse en lichte shoegaze pop, maar nog verder uitgediept met surfrock en 80's electro pop. U hoort het, Alvvays is binnen hun genre reeds een straffe band die nu pas voor het eerst op Brusselse bodem optrad.

Eerst was Katie Malco aan de beurt. Solo en gewapend met een Stratocaster bracht ze breekbare indie pop die uit dezelfde vijver vist als Phoebe Bridgers of Waxahatchee. Haar set kabbelde rustig terwijl de zaal zich goed vulde. Met halfweg een cover van Kate Bush’s "Cloudbusting" maakte ze voor het eerst indruk. Een cover die ze, voor de betere verstandhouding, heeft geschreven nog voor de ‘Running Up That Hill’-hype.
In het slot haalde ze al haar charmes naar boven waarmee ze tijdens de afsluiter het publiek volledig inpakte. Een mooi beschrijvend plaatje dat zo bij de keel greep. Katie Malco kreeg de zaal - als voorprogramma nota bene - stil en daardoor liet ze een blijvende indruk achter.

Gelukkig was er genoeg spanning om het podium over te laten aan het vijftal van Alvvays.
Tijdens de intro van pompende wereldmuziek werden de lichten voor het eerst getest. Het dan al enthousiaste publiek kreeg als opener “Pharmacist” en al meteen een eerste aardverschuiving met “After the Earthquake”. De intenties waren duidelijk: de nieuwe plaat ‘Blue Rev’ goed laten ronken. Toch was er met “In the Undertow” uit ‘Antisocialites’ (2017) al een eerste terugblik dat aanstekelijk werkte. De visuals waren tot op de puntjes uitgekiend waardoor “Many Mirrors” niet enkel voor het oor maar ook voor het oog strelend was.
De blitse 80s electro synthpop die de laatste plaat zo kenmerkt, zat helemaal vervat in “Very Online Guy”. Een gewaagd, ietwat vreemd nummer, maar live stond dit als een huis. Uit het niets kwam “Adult Diversion” uit hun allereerste titelloze plaat (2014). Al bijna een decennium oud, maar op dat moment klonk dit kraakvers.
Frontvrouw Molly Rankin was ook losgekomen en ging voor het eerst eens wild. Een tweede publiekslieveling was daar met “Not My Baby” waar Rankin zonder verpinken de hoge noten vlot haalde. De band hield alles strak bij elkaar en werkte steeds op naar die explosieve solo’s die Alvvays ook kenmerkend inzette.
Terug wat wilder, luider en sneller ging het eraan toe met “Hey”. Vervolgens was “Tom Verlaine”, een dikke knipoog naar My Bloody Valentine en Television, de ultieme indie pop song overgoten met een 80s synth-sausje.
Niet alleen blonken ze uit wanneer ze knalden en ronkten, maar ze waren ook groots bij de wat stillere momenten waar de spanning om de hoek loerde. “Belinda Says” was daar het treffend voorbeeld van waarmee het eerste half uur zo voorbij raasde.
Terug wat meer elektroshoegazing met “Bored in Bristol” en de treffende visuals. Het spookachtige van Twin Peaks loerde om de hoek bij de balad “Fourth Figure”. Daar was de synth outro het ideale opstapje naar het hoogtepunt van de avond met “Archie, Marry Me” dat niemand in de zaal onberoerd liet. Meteen erna en zonder aarzelen schoot de band “Pomeranian Spinster” op ons af, een opzwepende punk song die al eens aan Vaccines of The Strokes deed denken. Contrasterend waren het melancholische “Tile by Tile” en het zalig ronkende en drone-achtige “Pressed”. Nog enkele trapjes hoger qua beleving was het zachte en immens populaire “Dreams Tonite” dat na een lange zachte intro vervelde tot een pareltje waar iedereen meezong.
Opnieuw sterke visuals en vleugjes surfrock hoorden afsluiters “Easy On Your Own?” en in het veel te korte “Saved by a Waif”.
Op het prachtige “Velveteen” na voelde de bisronde misschien wel wat overbodig. Toch deden ze hun nieuw materiaal volledig uit de doeken en gezien de (te?) strakke tourschema, konden we het hen zeker vergeven.
Ze hadden voldoende pluspunten gescoord en spontaniteit getoond om er echt een geslaagd concert van te maken en het publiek met een gelukzalig gevoel achter te laten.

Setlist
Pharmacist - After the Earthquake - In Undertow - Many Mirrors - Very Online Guy - Adult Diversion - Not My Baby - Hey - Tom Verlaine - Belinda Says - Bored in Bristol - Fourth Figure - Archie, Marry Me - Pomeranian Spinster - Tile by Tile - Pressed - Dreams Tonite - Easy On Your Own? - Saved by a Waif  - - - Next of Kin - Velveteen - Lottery Noises

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Pagina 50 van 386