logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Editors
Ora Cogan
Festivalreviews

PIAS [NITES] 2014 – Pias Nite Two – Beloftevolle en ervaren bands

Geschreven door

PIAS [NITES] 2014 – Pias Nite Two – Beloftevolle en ervaren bands
Pias Nites 2014
Tour & Taxis
Brussel
2014-03-15
Filip Saffer, Pieter Vandoorne en Jelle Berden

Play It Again Sam, beter bekend als [PIAS], de welbekende internationale platenboer vierde afgelopen weekend zijn jaarlijkse hoogmis in de gebouwen van Tour & Taxis te Brussel. Als vertegenwoordiger van de goede smaak hoeft [PIAS] weinig introductie. Het label is als een tweede thuis voor inventieve, originele en avontuurlijke muziek.
De [PIAS] Nites zijn dus dé uitgelezen manier om hun gevestigde waarden en nieuw talent op de best mogelijk manier in de verf te zetten. Vrijdag stond in het teken van de elektronische muziek, zaterdag werd er plaats gemaakt voor beloftevolle en ervaren bands uit de eigen rangen.

Het voelde als een briesje om binnen te waaien in de prachtige ruimtes van Tour & Taxis. Een lekkere akoestiek loopt er wel al gauw verloren. Iets waar Melanie De Biasio volop van kon meespreken. Na haar vorig jaar verschenen, sterk gehypte, plaat zag ik haar afgelopen zomer al eens twijfelen en weifelen op het Esperanzah podium. Ook daar kon ze het publiek niet meesleuren in haar jazzy, dreamy universum. In de kille leegte van Tour & Taxis bleek de jonge Waalse daar nog meer last van te hebben. De kracht en emotie van op haar album ‘No Deal’ waren werkelijk nergens terug te vinden.

Milky Chance
, wereldbekend dankzij hun hitje 'Stolen Dance', was de wat vreemde eend in de bijt op zaterdag. Verder dan hun hitdeuntje zijn de jonge Duitsers blijkbaar nog niet geraakt. Elke song klonk als een goedkoop doorslagje van hun radiohit. Ook de jongens zelf leken niet echt overtuigd, een mening die ook het publiek duidelijk deelde.

Ook Girls in Hawaii, onze indie van eigen bodem, had jammer genoeg weinig wind in de zeilen. De hula hoops vielen geregeld op de vloer en de rieten rokjes leken wel van bamboe gemaakt. Onder de vle
ugels van de neo-psychedelische muziek miste het de nodige explosiviteit. Het “Misses” die gelaagdheid. “Not Dead”? Het raakt niet waar het raken kan. Ze lijken wel verdwaald te zijn in “The Fog”. Het eindigde met allemaal te weinig “Flavor”. Geen rep en geen roer.

En dat is nu net wat we wel terugvonden bij John Grant! Karakter, présence, songs die menig vrouw even de beentjes doen knijpen, synths die diep willen trillen. Kortom, een poëtische zeevaarder met een verhaal! Ga dat zien! “Black Belt” gaf kribbels en “GMF” voelde imposant. Uitstekende plaat trouwens die vorig jaar verschenen 'Pale Green Ghosts'!

En het leek wel of dEUS was komen meeluisteren want we hebben rustig de tijd gekregen om mee af te ronden in wat een heuse performance was. God had er zin in en ging dwars door hun indrukwekkende repertoire heen. Wat nog relatief rustig begon ontplofte finaal bij “Instant Street”. Wat volgden waren onder andere het immer mooie “Nothing Really Ends”, de onderdrukte woede van “Roses” en het ontkurken van de “Suds & Soda”. What else! De band is gewoonweg een stukje ouder geworden, meer gerijpt, net zoals “The Architect”,  en net als wijzelf!
Het publiek ging niet uitbundig springen en gek doen. Het leek wel VZW Perte Totale, de vermoeiende beats van Day 1 had duidelijk hun sporen nagelaten. Niet helemaal geslaagd dus ons rapport. PIAS [NITES] mag terug naar de puzzeltafel, het recept staat duidelijk nog niet op punt!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/pias-nites-2014/
Organisatie: Pias

Ieperfest (wintereditie) 2014 – Ieper Hardcore/Metal Fest

Geschreven door

Ieperfest (wintereditie) 2014
JOC Perron
Ieper

Zaterdag 1 maart zakte ik met nog heel wat mensen af naar Ieper om wat oorlog te gaan voeren in het JOC. Inderdaad het was terug Ieperfest Winter. Alhoewel de reis er naartoe niet zonder kleerscheuren verliep (bedankt NMBS) en ik zowat ieder monument in de Westhoek heb gezien bij het naar Ieper gaan, raakte ik toch nog net op tijd binnen om alle bands te kunnen zien.

Opener vandaag was de Oostendse hardcore punk band DRS ( voluit Dr. Schnabbel). Openen op dit uur is nooit een makkelijke taak, het publiek moet nog toestromen, het aanwezige publiek is nog niet echt opgewarmd en het actieve publiek bestaat waarschijnlijk uit leden van je eigenste fanclub. Op zich is dit al niet leuk en al helemaal niet als je het soort band bent die het gewend is om de boel af te breken in een propvol zweterig jeugdhuis of café. DRS deed erg hun best en alhoewel de muziek niet echt origineel te noemen was, was het wel leuk. Het publiek bleef echter onaangeroerd en het was er dus akelig rustig.

Hetzelfde lot was het Amerikaanse Centuries beschoren. Alhoewel ze een verschroeiende mix van donkere Crust, D-beat en wat sludge brachten stond er hier ook nauwelijks een kat geboeid naar te kijken. Je weet wat ze zeggen ‘onbekend maakt onbemind’ en deze vlieger ging wel zeker op voor Centuries die van mij gerust wat hoger op de affiche mochten. De jongens zetten een kanjer van een show neer en alhoewel dit niet de soort muziek was waarop je volledig wild gaat mocht er toch wat meer reactie uit het publiek gekomen zijn want deze jongens verdienden het vast en zeker. Ik ga toch mijn best doen om ze in de toekomst nog eens te bekijken.

Bij de Kortrijkse H8000 hardcore van Headshot begon het volk toch al wat aan te dikken. Ikzelf meende me te herinneren dat ik de jongens best wel kon smaken op album maar dat er verder niet veel interessants aan was. Ook live was dit zo, de muziek was verdienstelijk maar na 2 nummers had je het allemaal een beetje gehoord. Ook de intensiteit in het publiek dat je anders steevast met een hardcore show associeert ontbrak alhoewel er toch een paar enkelingen zich aan een dansje waagden. Op zo een moment dan afkomen met een hardcore anthem als “Hardcore My Game” komt dan ook volledig niet over als het publiek niet meedoet. Wel pluspunten voor de Spineless cover want die was zeer goed uitgevoerd.

Ook het Finse Wasted die meer dan degelijke punk bracht werd een beetje genekt door de zwakke (edoch ondertussen grotere) publieksrespons. Zelfs was ik niet vertrouwd met het materiaal van deze band maar de punk die doorspekt was met invloeden van bands zoals Black Flag was zeker niet slecht. Je zag ook dat de jongens plezier hadden op het podium en hun hart in de muziek legden. Na een tijdje had je het echter toch wel gehoord en dreigde het wat langdradig te worden maar dat viel al bij al nog goed mee.

Ook met het materiaal van het Duitse Settle the Score was ik niet vertrouwd. In dit geval had ik dit liever ook zo gehouden want deze band krijgt van mij de prijs van saaiste band van deze editie (alsook de slechtste). Goed, van een hardcore band in deze stijl weet je al dat je niet echt veel origineels moet verwachten maar als je volledige repertoire enkel bestaat uit een herhaling van dezelfde dertien-in-een-dozijn riffs waar dan een kerel met een irritante ( dit is nog zacht uitgedrukt) stem een soort van hoge toontjes boven zit te smijten mag je je toch al eens serieus afvragen waarom deze band überhaupt fans heeft. Ok, allemaal slecht was het nu ook weer niet. Ik meen me één of twee goeie riffs te herinneren maar hiernaast was het huilen met de pet op. Ik vraag mij serieus af als die gasten nooit tijdens repetities doorhebben dat het nergens op slaat…

Om de vieze smaak van de vorige band weg te wassen was het nu tijd voor het geweldige Oathbreaker. Alhoewel ik deze band al enkele keren heb mogen aanschouwen blijft het toch fijn om ze aan het werk te zien. Hun liveshows zijn altijd fantastisch, ook deze keer was dit niet anders alhoewel het begin van de set geteisterd werd door een afschuwelijk geluid. Tegen het midden van de set werd dit gelukkig recht getrokken en maar goed ook. Op die manier kreeg Oathbreaker het geluid dat het verdiende en ze gebruikten dit ook god om een fantastische set neer te zetten. Al veel te snel was het voorbij en lieten ze mij op mijn honger zitten. Ondertussen was de zaal al heel wat voller gelopen en kregen ze de grootste publieksrespons tot nu toe.

Eerlijk gezegd had ik verwacht dat dit de kutband van de editie ging worden (dit was voordat ik Settle the Score aan het werk hoorde) en ging ik ook met zeer lage verwachtingen naar Nasty gaan kijken. De muziek is niet echt boeiend te noemen en met maar één semi-interessant album ( ‘Agression’) twijfelde ik even of ik deze band gewoon niet over zou slaan. Gelukkig deed ik dit niet want ze hebben mij enorm verrast. Goed, de muziek werd er niet beter op en veel nummers herkende ik niet maar de sfeer zat er echt in. Als ik er dan bij vertel dat Nasty zich voorneemt om de agressiefste band ter wereld te zijn kan je je al iets voorstellen. Frontman Matthi liet het publiek uit zijn hand eten en het ging hard. Zeer hard. Als je dan op een gegeven moment een kerel onder het bloed ziet afgevoerd worden weet je genoeg.

Na al die boze meneren muziek is het is tijd voor wat blij(ere) meneren muziek. Deze werd gebracht door A Wilhelm Scream. Ook bij deze band had ik oorspronkelijk niet echt bijster hoge verwachtingen maar deze verpulverden als sneeuw voor de zon vanaf de eerste noten werden ingezet. Alhoewel het publiek een stuk minder talrijk was dan bij Nasty lieten deze heren dit niet aan hun hart komen en speelden ze zich letterlijk in het zweet. Gedurende de gehele set was er geen enkel zwak moment te bekennen en de heren leken er ook plezier in te hebben (ondanks hun kater). De melodische hardcore punk van deze heren kan je nog het best beschrijven als een snellere, hardere ( en betere) versie van A Day To Remember en die werd vlekkeloos gespeeld. Die mogen zeker nog eens terugkomen.

Na een hoop afzeggingen mocht uiteindelijk het Nederlandse No Turning Back deze positie innemen om voor een laatste keer deze avond het volk te bestoken met eerder op de oude school gestoelde hardcore. Ik had deze band nog nooit eerder gezien en er werd mij een vurige show beloofd. Die heb ik eigenlijk niet gekregen. Pas op de show was niet slecht, zeker niet, maar bijzonder kon je het ook niet noemen. Het was eerder wat doorsnee en niet echt memorabel. Nochtans was er best wel wat publieksinteractie en speelden deze jongens ook de pannen van het dak. Deze energie sloeg echter niet op mij over. Jammer.

Wie bij de vorige band ‘de laatste keer’ zag staan en dacht “ Maar Yentl, er waren nog twee bands, waar heb je het over?” moet ik het volgende vertellen. Ik had het over de laatste hardcore band van de avond, nu namen de metaalhoofden het over en hoe… Exhumed mag zich onmiddellijk tot band van de dag kronen want hun show was immers fantastisch. De zaal liep aardig vol, de voorste rijen waren bezet en de pit ontplofte. De bikkelharde death metal met grind invloeden van deze heren werd enorm gesmaakt. Combineer dit met een gestoorde show ( hoe moet ik anders de kerel in dokterspak die met een kettingzaag over het podium liep en nadien de gitarist moest reanimeren noemen) en je hebt een perfect recept. Dit feestje was echter veel te vlug voorbij maar niet getreurd want nu was het tijd voor Toxic Holocaust.

Toxic Holocaust mocht de avond afsluiten en deed dit dan ook in stijl. De crossover thrash metal van deze heren zette de zaal in vuur en vlam en perste het laatste beetje energie uit de aanwezigen. Hoewel ze enorm hun best deden konden ze de show van Exhumed jammer genoeg niet evenaren. De heren deden erg hun best maar het publiek raakte niet meer op hetzelfde niveau zoals bij Exhumed. Begrijpelijk aangezien de fut bij het publiek waarschijnlijk aan het op raken was. Ook werd hun show een beetje verstoord door enkele wel zeer irritante fans die het nodig vonden om tussen de nummers door eventjes het podium op te stormen om foto’s te nemen met Joel Grind waarover de man toch ook wel zelf zijn ongenoegen liet blijken. Vreemd genoeg speelde Toxic Holocaust wel minder lang dan Exhumed alhoewel ze de headliner waren wat toch wel een beetje spijtig was.


Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/ieperfest-winter-2014/
Organisatie: Ieperfest, Ieper
(+ Genet Records)

AB-Bota 2014 @Bota – dag twee- Interessante rock uit Vlaanderen …

Geschreven door

AB-Bota 2014 @Bota – dag twee - Interessante rock uit Vlaanderen …
AB-Bota 2014

AB–Bota is al een pak jaren bezig en de formule is nog steeds even aantrekkelijk en boeiend. De krachten van beide organisaties worden gebundeld : de ene dag (vrijdag 28 februari) krijgen een reeks bands van over de taalgrens een kans, Robbing Millions, Vismets, The Feather, King Dalton en Yuko in de AB; op de tweede dag ( zaterdag 1 maart 2014) schijnen de spots over een handvol interessante bands uit Vlaanderen . Vanavond checkten we Hitsville drunks, Nicolas Michaux, Mintzkov en The Sore Losers …

De indietronica van de eerste band Billions of comrades moesten we aan ons laten voorbijgaan, gezien zij om 19h al aan de slag waren.

Iets later , ook nog erg vroeg hadden we één van Mauro’s nieuwe projecten Hitsville drunks. Artistieke duizendpoot Mauro heeft hier één van z’n meest lichtvoetige en toegankelijke projecten van z’n Mauroworld uit , wat het nauwst leunt aan Evil superstars en Mauro & The Grooms, en hem toont van z’n meest melodieuze kant. Naast het dEUS werk botviert hij maar al te graag z’n creativiteit in obscure , donkere  en experimentele acties.
Dit voorjaar komen we uit bij Gruppo di Pawlowski , waarbij hij beroep deed op Steve Albini, en de heerlijke retropop van Hitsville drunks . De plaat ‘Sincerely Avarage’ is net uit  en hij is hier samen met gitarist Sjoerd Bruil (Sukilove, Dez Mona), bassist Jan Wygers (Creature With The Atom Brain) en drummer Herman Houbrechts (o.m. vroegere Dead Man Ray).
We kregen een 45 minuten lang catchy spannende , broeierige , meeslepende poprock, indringend, intens doorleefd,  en gedragen door z’n lichthese , gruizige stem , die nergens boven de schreef ging . Jawel , de kunst van z’n popschrijven kwam hier volledig tot z’n recht, waarbij de instrumenten wat ademruimte kregen . Op ongedwongen, speelse , ontspannende wijze speelden ze boeiend materiaal , die aan de vingers bleef kleven, als “Don’t tell her”, “Clean adult fun”, “Calm love”, “Sandy coast” en “I was never there” . Ook covers van o.m. Nick Lowe’s “Cracking up” werden  ergens in de set gezwierd . Hij trakteerde ons op een overtuigend puike finale van “Distant life” en “Elsewhere” als we er de list op nahouden . Deze Hitsville drunks klinkt beduidend goed en leuk. Mauro is een muzikale Ti-Ta tovenaar die ons steeds opnieuw weet te beklijven . Sterk!

Tussen de drie bands zagen we één van de Franstalige vrienden Nicolas Michaux. Frans/Engelstalig materiaal dat meeslepend , intens gevoelig klonk en niet vies is van een electrobeat. Een muzikale veelvraat is hij wel , een ‘découverte’ voor de Franstalige aanwezigheid en die graag onze Vlaamse vrienden omarmde.

Het Antwerpse Mintzkov koesteren we door de jaren . De ex Humo Rock Rally winnaars brachten vorig jaar al hun vierde cd uit ‘Sky hits ground’. Terecht krijgen ze heel wat lof toebedeeld, maar een serieuze doorbraak bleef totnutoe uit : Ze spelen een reeks melodieus weerbarstige songs die rauw, subtiel uitgewerkt zijn , en strak, sfeervol, opwindend als gevoelig klinken. We houden van die aanpak die voldoende afwisseling biedt van springerige, slepende als innemende broeierige ritmes en kleurrijke groovende keys , samen met de overtuigend fraaie vocale harmonieën van gitarist Philip Bosschaerts en bassiste Lies Lorquet. Die dromerige pop met weerhaken palmt ons gaandeweg de set in , die een naar een schitterende climax ging , van het sfeervolle “Mimosa” naar de broeierige stekelige dynamiek van “The state we’re in” , “Returns & smile” en de uiterst originele versie van Stromae’s “Wonderful/ Formidable” , waarbij het Frans en het Engels elkaar gedegen kruisten. Oudjes als “Opening fire” en “Ruby red” hebben nog steeds die opbouwende diepe , zalvende basstunes en stuwende drums.
Tussenin toonden ze nog maar eens aan met “Author of the play”, “Word of mouth”, “Slow motion , full ahead” en “Old words“ dat ze een eigen identiteit hebben ontwikkeld, die definitief dat dEUS lint doorknipte .
Opnieuw hadden we hier een sterk gretig , gemotiveerde band die degelijk doordacht en  emotievol hun materiaal brengt!

Even sterk waren we onder de indruk van The Sore Losers , ook al een gretig spelend jong kwartet , die vier  jaar terug tweede eindigden in de Humo’s Rock Rally . Deze vier jonge, gewone gasten houden van een ruig , rauw, vettig randje in hun rock’n’roll en komen ideaal tot hun recht in een zweterige, bloedhete  Rotonde , waar ze eigenlijk liefst van al spelen . Deze mannen verwerken maar al te graag de retro van Led Zeppelin , The Who , Rolling Stones en maken de link naar  een Black Keys , QOSA , Sheila Divine (Dear Leader), en Jack White .
Een potige, vurige, dampende ; smachtende, verschroeiende set noteerden we , waarbij maar af en toe eens het gaspedaal wordt afgeremd , als op “Blue shoes” en “Gold in them hills”. Straf spul leverden ze al meteen af met “Don’t know nothing” , “Working overtime” en “Your smile” .
De vier zijn een geoliede machine , waarbij leadgitarist Cedric Maes sterk soleert, af en toe een tandje bijsteekt en het publiek hierbij opzweept; Jan Straetemans zweeft sober en elegant  over de nummers . Verdere zijn er die diepe basstunes en de strakke , hitsende drums die het materiaal uitermate boeiend en spannend houden . Muzikale kopstoten dienen ze toe! Ze worden telkens sterk onthaald en de temperatuur stijgt zelfs nog beetje in de nokvolle Rotonde met een “Girl’s gonna break it” , “Silver seas”, “Juvenile heart attack” en “Beyond repair” , niet voor niks de reeks overtuigende singles.
The Sore Losers zijn een straf bandje mensen , hun tweede plaat ‘Roslyn’ is net uit; twijfel niet: aankopen die plaat!
 
Onze eigen kweekvijver mogen we gerust koesteren. Vanavond hadden  we straffe bands  en een geslaagd AB-Bota ! Cheers!

Organisatie: Botanique – Ancienne Belgique, Brussel

Eurosonic-Noorderslag 2014 - The European Music Conference and Showcase Festival

Eurosonic-Noorderslag 2014
Diverse locaties
Groningen

Eurosonic-Noorderslag 2014 -
The European Music Conference and Showcase Festival – 15 -18 januari 2014, Groningen – overzicht EUROSONIC 16-17 JANUARI

Totaal aantal bezoekers (uitverkocht): 38.500, conferentiebezoekers (uitverkocht): 3.275, nationaliteiten: 39, acts: 337, aantal podia: 36, media & journalisten: 307, radiostations: 30,…

De 28ste editie van het Eurosonic muziek showcase festival in het Nederlandse Groningen brak opnieuw alle records. Het zijn duizelingwekkende cijfers, maar toch hoeft die typisch Hollandse gezelligheid er niet door in te boeten. “Bandjes kijken en biertjes drinken”, daar draait het hier om. En met behulp van een discodut en af en toe een eierbal valt hier een onevenaarbaar aanbod aan nieuwe, kwalitatieve muziek te ontdekken. 

Een tweedaags overzicht - donderdag 16 januari 2014

Shoegaze bands zijn nooit ware entertainers geweest op het podium, maar Oyama uit IJsland liet wel een bijzonder ongeïnteresseerde indruk na. Vorig jaar blijkbaar nog talk of the town tijdens het Airwaves festival in Reykjavik, in Groningen dreigde eerder de vergetelheid. Een grote doorbraak ligt niet meteen binnen bereik, al zal dit viertal zeker gekoesterd worden bij het (selecte) kransje liefhebbers van repetitieve, reverb gitaar partijen en droomachtige meisjesvocalen. Helaas bij Oyama niet gezongen op een sensuele maar eerder vervelende, monotone wijze, die we al eens eerder hoorden bij Nico of de betreurde Broadcast zangeres Trish Keenan. Deze band leek nog het meest van al zin te hebben om zo vlug mogelijk in bed te duiken, al dan niet met elkaar. 

Jungle, de laatste revelatie uit de Londense urban jungle bracht deze zomer nog maar net een eerste plaat uit en heeft nog niet genoeg songs om de voorziene 45 minuten vol te krijgen, maar daar was het publiek niet rouwig om. Niet dat het een half uur aan een stuk uit de bol ging, maar het liet zich duidelijk wel meeslepen. Naast het duo waar de band om draait (elk aan de toetsen en de gitaar) waren ook een percussionist, een drummer, twee backing vocalisten en nog een gitarist meegekomen. Zwoele electropop die echter niet gaat zweven, denk aan Air met meer groove en ritme. Met de tracks “Platoon” en “The Heat” ziet een luie zondagnamiddag er helemaal anders uit. Ook veel potentieel om een zomers feestje op gang te trekken.

Als The Jesus and Mary Chain met Lou Reed zaliger achter de microfoon, zo klonk en zag Black Lizard uit Helsinki eruit. Dezelfde übercoole, stoïcijnse uitstraling, met eeuwige zwarte zonnebrillen uiteraard. Dezelfde hypnotiserende ‘70ies psychedelica sound ook, met feedback distorsion en galmende Phil Spector drums die een heerlijke popmelodie verpakten. Zoals gezegd, de songs van Black Lizard knipoogden uitdrukkelijk naar TJAMC’s debuutplaat ‘Psychocandy’, weliswaar met een minder provocerende en meer radiogevoelige
inslag.  Niet bijster origineel dus, maar zeker met voldoende vakmanschap en ervaring gebracht om moeiteloos te blijven boeien tot het eind van de set. 

Van alle locaties op Eurosonic heeft de 3FM Cathedral wellicht de grootste capaciteit. Toch bleek ze amper groot genoeg om de ambities van Kodaline te herbergen. De meeste bands die hier geprogrammeerd staan hebben al een eerste (bescheiden) hitje op zak. Weinig verwonderlijk dus dat ook “Love Like This” van dit Ierse viertal op luid herkenningsapplaus onthaald werd, niet in het minst door een legertje vrouwvolk dat zich vooraan het podium geposteerd had. Kodaline bleek een complexloze popgroep die schaamteloos lonkt naar de grotere festivalpodia en die daar met hun toegankelijke sound ergens tussen Coldplay, Travis en Mumford and Sons waarschijnlijk nog in zal slagen ook.

Voor wie niet beter weet lijkt de jonge zwarte rapster Coely zo uit een Amerikaanse grootstad weggelopen. Een stem die bij momenten doet denken aan Lauren Hill of Missy Elliot, maar dan met een rauwer kantje. Maar ook een stem waarin soulinvloeden zijn te herkennen. Een ding is duidelijk: de Antwerpse met Congolese roots straalt op haar 20ste een en al zelfvertrouwen uit op het podium. Daar zullen de 33 zomeroptredens van in 2013 wel voor iets tussen zitten. Het publiek liet zich gewillig meeslepen met de opzwepende kreten “Can I get a soulfull yeah?” tussendoor en het enthousiasme van de zangeres en haar sidekick. Kortom een geroutineerde show, die geen seconde verveelt. Waarschuwing: de hit “All I do” kan verslavend in het hoofd blijven zitten!

Wie bij Circa Waves een even memorabel optreden als Palma Violets vorig jaar op ditzelfde podium in de Vera verwacht had kon niet anders dan ontgoocheld afdruipen. Dit minder dan een jaar geleden opgerichte bandje uit Liverpool probeerde met haar rammelige  punkrock nochtans uit hetzelfde vaatje van The Vaccines en bovengenoemde groep te tappen. Maar de afdronk smaakte ons een pak minder fris en vol. Al kan het zeker ook voor een deel aan de Grolsch gelegen hebben die tijdens het optreden rijkelijk vloeide. Energetisch en opwindend, dat zeker, ze hebben er tenslotte ook de leeftijd nog voor, maar echt beklijvende melodieën kregen we niet te horen. Een tip: diep dringend eens een paar platen van The Clash op.

Wat drijft het Gentse duo van Madensuyu? Is het woede, angst, iets anders? In ieder geval weten ze het perfect te kanaliseren en over te brengen op het publiek. Laat je niet misleiden door de zanger die steevast zittend de gitaar en de keys hanteert. De live optredens zijn rauw, in-your-face, dramatisch en het duurt even voor het publiek weer een hartslag onder de 160 heeft. En dan komt daar op “Give” een koorknaap tussen zingen, wat het alleen maar mysterieuzer maakt. De teksten, of zeg maar flarden woorden en kreten, komen op de tweede plaats maar geen kat die daar om maalt. De drummer (vanaf het tweede nummer nat van het zweet) grijpt het publiek aan een stuk bij de keel en laat hen pas los bij de afsluiter “Time” uit hun vorige cd. Het publiek in het smerige hol dat de Vindicat is kreeg een brok authentieke emotie voorgeschoteld en bleef in trance achter. Zoiets laat zich niet in een bepaald muziekvakje duwen.

Een optreden dat nog een tijdje zal blijven nazinderen is dat van M O N E Y uit Manchester. Niet alleen muzikaal, maar ook door de uitgesproken alcoholisch melancholische sfeer waarin het de zaal deed baden. Het gracieuze, hartverscheurende “Hold Me Forever”, waarin spookachtige gitaar en synth klanktapijten een uiterst breekbare stem vergezelden, sneed iedereen de adem af. Al was er af en toe wel een flinke scheut rode wijn en whisky vandoen om de donkere demonen in bedwang te houden. Zoals de beste muziek zocht M O N E Y een eigen, nieuw universum op, ergens tussen Elbow en The Verve, met een sliertje “Disintegration” van The Cure dat er rond kringelde. Graag vlug op een Belgisch podium!  

Drie dames met de gitaar achter de micro op een rij in schoolgirloutfits. Daarachter de vierde aan de drums van wie het gezicht achter de haren verborgen blijft. Het Zweedse ensemble van Tiger Bell omschrijft hun stijl zelf als cheerleaderpunk. De nummers zijn catchy, kort en krachtig en doorspekt met repetitief meisjesgezang. Ze willen duidelijk een middenvinger opsteken naar het publiek, maar het is niet altijd duidelijk of dat nu ironisch bedoeld is of niet. Het laatste nummer “Don’t wanna hear about your band” wordt bijvoorbeeld aangekondigd als een vaak voorkomende situatie waarin mensen hen na de show feliciteren maar tegelijk even willen meegeven dat ze zelf in een groepje spelen. Als de punkmeisjes zich niet altijd au serieux genomen voelen, moeten ze misschien hun girly image achterwege laten.

In hun thuisland behoeven de tieners van Compact Disc Dummies dankzij enkele uitstekende singles en memorabele live concerten nog weinig introductie. Al maakt dat het er natuurlijk niet minder spannend en uitdagend op om te aan kijken hoe ze het er bij onze noorderburen van af brengen. Van de nieuwe lichting jonge Belgische bands hebben Compact Disc Dummies in de slipstream van geestgenoten Goose misschien wel het grootste internationale doorbraakpotentieel. Dat bewezen ze met verve in de propvolle kelder van het hippe Café Central, die net niet afgebroken werd. Uiterst dansbaar en met een geweldige underground punkattitude waarvoor Front 242 eerder al de rode loper uitrolde. Nou, wat een feestje!   

Na de succesvolle samenwerkingen met Disclosure (“Latch”) en Naughty Boy (“La La La”) vorig jaar nu ook laureaat van de BBC Sounds of 2014. Voor Sam Smith uit de UK begint de bal steeds vlugger te rollen. Ook zonder trendy producers aan zijn zijde leek hij er tijdens Eurosonic volledig klaar voor te zijn. Muzikaal alvast, en dat niet in het minst door die indringende northern soul stem die niet alleen letterlijk hoge toppen scheerde. Maar qua uitstraling en bezieling is er nog veel werk aan de winkel. Sam Smith bleef het ganse optreden lang met een stuntelige, houterige pose en verbaasde blik in de ogen de zaal in grijnzen al leek hij net een academische lezing te hebben bijgewoond met Zijne Koninklijke Majesteit Filip. Misschien best toch eerst nog eventjes de true spirit of soul gaan opsnuiven bij grootvader Charles Bradly.

Tijdens Eurosonic circuleren altijd een paar namen in de wandelgangen (lees: de café’s voor en na de optredens) van ‘niet te missen acts’. Ásgeir is zo’n band. De IJslanders brengen een zodanig grote massa volk op de been, dat aan de prachtige Stadsschouwburg al lang voor het optreden een lange rij staat. Ondergetekende kan pas binnen halfweg het optreden, wanneer de eerste concertgangers afdruipen. De uit de kluiten gewassen zaal zit barstensvol en iedereen hangt aan de lippen van de bard. Deze maakt op het eerste zicht een bedeesde indruk en lijkt eerder voor zichzelf te spelen dan voor het publiek. De nummers in het IJslands zorgen voor extra authenticiteit en versterken het folk karakter van het album. De Engelstalige nummers doorprikken eigenlijk een beetje het mysterie maar doen geen afbreuk aan de kwaliteit. Vergelijkingen met Sigur Rós zijn onvermijdelijk, maar dan heeft Ásgeir wel een warmere stem en zijn er meer electronica-invloeden.

In de Vindicat, Eurosonic’s veruit meest beruchte rockbunker waar het bier en de urine met beken stromen en de lucht er navenant ruikt, staan doorgaans de meer gespierde acts geprogrammeerd. Een ideaal forum dus ook voor het Ierse Kid Karate, dat genoeg heeft aan een duo bezetting om met een hels lawaai onze trommelvliezen te teisteren. Associaties met The White Stripes waren vanzelfsprekend en onvermijdelijk, zowel in positieve als negatieve zin. Positief, omdat er tijdens de strakke set voldoende energie in de lucht hing om half Groningen mee te verlichten. Negatief, omdat anderen dit dus al eens eerder én beter voorgedaan hebben.   

Wie achteraf nog zin had in “sateetjes en ceedeetjes” was aan het juiste adres bij de Italiaanse afterparty duo DJ Pravda. De ene probeerde de zaal in vuur en vlam te krijgen met een bonte mix van Balkan grooves en Latin Patchanka. De andere stookte naast hem zelfs letterlijk een vuurtje om smakelijke satés samen te stellen en te braden op een geïmproviseerde grill. De doorsnee Nederlander, die qua gekte nochtans één en ander gewoon is, sloeg verbaasd en glimlachend dit schouwspel gade. En keek likkebaardend naar de sudderende sateetjes die tussen de nummers door gratis rondgedeeld werden. Zoals het Italiaanse chefs betaamt waren die trouwens perfect gebakken. 

Een tweedaags overzicht - vrijdag 17 januari 2014

Moeilijk in te schatten, het aantal jonge, ambachtelijke folkies vandaag in de UK die enkel met hun eigen kostbare stem, een gitaar en een flinke portie lef ooit in de voetsporen van Bob Dylan hopen te treden. Wat na Eurosonic wél vaststaat is dat weinigen het talent van George Ezra zullen overtreffen. De bijzonder rauwe intensiteit van dit optreden deed ons weg mijmeren naar Jeff Buckley, een eer die meer dan vijftien jaar na diens dood nog altijd voor weinigen weggelegd is. De volgepropte zaal gaf deze twintiger een bijzonder warme respons en leek nu al graag in de buidel te willen tasten voor een volgend concertticketje. Dat hij dankzij een frisse, jeugdige voetballerslook komaf maakt met het in de folk cultuur nog altijd graag geromantiseerde ideaal van aan lager wal geraakte outcast die zijn bedje liefst spreidt onder een brug, hoeft een groeiende populariteit niet eens in de weg te staan. 

Na drie platen hoeft Flying Horseman, de groep rond Antwerpenaar Bert Dockx, in België niet meer worden voorgesteld. Hun muziek onder een noemer vatten, is een ander paar mouwen. De set draait duidelijk om de leadzanger, die af en toe een duo moment opzoekt met de tweede gitarist en waarbij de backing vocalistes voor een mysterieuze ondertoon zorgen (“Walking”). De nummers worden lang uitgesponnen (6 tot 7 minuten zijn geen uitzondering) en kenmerken zich door ritmische tempoversnellingen afgewisseld met plotse trage stukken, meeslepende gitaarsolo’s en bezwerend gezang (“We care”). De duistere, mysterieuze passages doen denken aan Nick Cave, maar in de gitaarsolo’s weerklinken ook americana en blues invloeden (“Lucile”). Geen muziek om vrolijk van te worden, wel om zich te laten meeslepen onder een sterrenhemel.

Perfect gecast in de Magic Mirror, Moulin Rouge tent serveerde The Liminanas ons de meest opwindende lap rock and roll die we de voorbije jaren uit Frankrijk te horen kregen. Très psychedelique, met een meeslepend orgeltje waartegen Ennio Morricone surfgitaren steeds driester begonnen aan te schurken en niet zelden ontaarden in een zinderende climax. En uiteraard met als boegbeeld een sexy femme fatale, met knalrode lippen en ontblote schouders, kortom het type waarmee menig Groningse festivalbezoeker graag even de kroeg wil induiken. Net als The Raveonettes beschikken The Liminanas nu al over de gave om een tent langzaam maar zeker naar een kookpunt te voeren. In de gaten te houden, deze stijlvolle lolita psychedelica.

Van The Mispers uit de UK werd in de bio beweerd dat ze noodgedwongen de gitaar omarmd hebben na een misgelopen professioneel avontuur in Australië. Zo klonken ze helaas ook. Naar een eigen muzikale lijn tussen flarden The Waterboys, Mumford and Sons en The Coral was het vruchteloos zoeken in de set die al heel vlug begon te vervelen. Niet in het minst door de prominente viool die weinig harmonieus een hoofdrol opeiste.

Het piepjonge duo van Bondax uit de Uk heeft nog maar een vijftal tracks uit maar straalt al een pak zelfvertrouwen uit op het podium. Dat mag ook als de Britse pers hun muziek al evenveel potentieel toekent als Moby, LCD Soundsystem of Gorillaz. Hun stijl wordt omschreven als elektronica maar R&B en dubstep-invloeden zijn onmiskenbaar. Denk bij elektronica ook niet aan hyperkinetische ritmes, integendeel, Bondax houdt het tempo graag traag. De singles “Just smile for me” en “Give it all” klinken bijna zwoel. En een kort intermezzo met een bevallige zangeres helpt uiteraard altijd om de juiste sfeer erin te houden.

The Crambs, Bauhaus, Joy Division,… de gitzwarte steegjes die de songs van Shiny Darkly verkenden zagen er even uitzichtloos en eindeloos uit als die aan het donkere begin van de jaren ‘80. Zelfs in het welvarende Kopenhagen blijkt het leven dus niet iedere dag een pretje te zijn.  Hun gimmick gehalte speelde dit jonge trio meermaals parten, maar van de kwaliteit van het songmateriaal viel weinig tot niets af te dingen. Voor een brede doorbraak klinkt Shiny Darkly wellicht te gedateerd en gefrustreerd, maar fervente liefhebbers van het donkere, ongepolijste new wave genre, en zo lopen er nog altijd heel wat rond, moeten bij deze niet langer twijfelen om deze donkere Denen aan de borst te sluiten.

Het was een druilerige winter in Groningen maar in de Jack Daniels Barn scheen vrijdag volop de zon. We hadden ons met het Spaanse Bongo Botrako verwacht aan een variant van Mano Chao maar we kregen een speedversie daarvan te horen. De sfeer binnen de groep zit goed, zo merken we al voor het optreden, en het enthousiasme van elk van de bandleden werkt aanstekelijk. Zelden een zaal gezien waar het publiek van de eerste tot de laatste rij onophoudelijk stond te springen. In tegenstelling tot de repetitieve ritme en melodieën die de nummers van Mano Chao kenmerken, put Bonga Botrako uit heel diverse genres gaande van ska, tot reggae tot punk. Wie dezer dagen een winterdipje heeft, een remedie: “Todos los días sale el sol”.

Vertrouw nooit op je muzikale vooroordelen. Een wijze les die het Oostenrijkse Klangkarussell ons nogmaals inpeperde. Met de zomerse house hit “Sonnentanz”, goed voor liefst 22 miljoen Youtube views, in de aanbieding hadden we vooraf een soort van “handjes in de lucht DJ optreden” in gedachten. Maar Klangkarussell verraste vriend en vijand met een uitgekiende multi instrumentale live bezetting die een bijzonder warme, organische sound de volgelopen Machinefabriek inpompte. Dit was house muziek in de allerbeste Chicago traditie: rijk, zwoel en meeslepend. Gebracht door perfectionisten van wie de ambities veel verder rijken dan een one hit wonder te blijven. Het is nu al uitkijken naar hun debuutalbum begin 2014.

Led Zeppelin, Black Sabbath, Deep Purple,… hun discografie blijft al generaties lang boeien en inspireren, geheel terecht trouwens. Zo ook bij The Vintage Caravan, een piepjong trio uit Reykjavik, die de lange haren duchtig liet wapperen in de zaal. Zowel de band als het publiek leken zich prima te amuseren op de clichématige, lang uitgesponnen hardrock riffs en grooves. Ideale muziek dus om samen met kameraden knikkebollend enkele pinten op achterover te slaan, maar ook niet veel meer dan dat. We hebben al origineler stuff gehoord uit IJsland.

Het Berlijnse Ballet School kon met een recent Bella Union platencontract op zak en lofbetuigingen van de Canadese hipster Grimes al enkele geloofsbrieven voorleggen. Maar bij hun in de bio omschreven ‘Liz Frazer meets The Cranberries’ sound hadden we toch gemengde voorgevoelens. Die ons niet bedrogen, want het onverzoenlijke proberen verzoenen bleek ook voor Ballet School een lastige karwei te zijn op het podium. Té opgefokt om het etherische Cockteau Twins naar de kroon te steken. En net té braafjes en vervelend om ons een onvervalst Blondie moment in haar jonge jaren te bezorgen. Daar kon de sierlijke présence van zangeres Rosie Blair, een geboren podiumbeest, helaas weinig aan veranderen.

Aanvankelijk geprogrammeerd als vervanging voor Kid Astray stelt Nadine Shah, wiens debuutalbum uitkwam in de zomer 2013, geen moment teleur. Akkoord, soms onhandige interactie met het publiek en een verlegen lachje na elk nummer, maar wat een stem. De stijl van Nadine Shah (Noorse moeder, Pakistaanse vader en opgegroeid in de UK) leunt nog het dichtst aan bij PJ Harvey in een sombere bui. Rechtstaand aan de XL-elektrische piano, volledig strak in het zwart, heeft ze iets plechtig maar tegelijk heel toegankelijk. De donkere, bezwerende stem en songs met titels als “Dreary Town” en “Runnaway” geven niet meteen aanleiding tot een feestje. Maar dit is muziek om zich te laten meeslepen met de ogen dicht.

Het begon als een dolle derwisj act midden het publiek. Om vervolgens op het podium te ontaarden in een visueel spektakel uit een akelige nachtmerrie. Niet voor mensen met hartproblemen, werd op voorhand gewaarschuwd. Maar zelfs de meest doorwinterde concertgangers werd het eventjes witjes om de neus toen de getatoeëerde psychopaten van Fuckhead, wiens edele delen nauwelijks verhuld zaten in een doorschijnende lendendoek, hun satanische performance kunsten botvierden op de verbijsterde toeschouwers. De muziek intussen, die nog het best te omschrijven viel als een gestoorde mix van ontspoorde The Prodigy breakbeats, industrial en death metal klonk ronduit slecht, maar daar was het Fuckhead duidelijk niet om te doen. Hier moest vooral een theatraal, anarchistisch statement gemaakt worden. Wat dat statement precies inhield bleef ons onduidelijk, maar stichtend of katholiek zag het er niet uit. Een concert dus om niet zo vlug te vergeten en waar je zelf bij moet zijn om het echt te geloven. “That’s how we do it in Austria”, grijnsde de zanger achteraf. De Tiroolse Toeristische dienst zal dit voorjaar in Groningen en omstreken een fors tandje mogen bijsteken om haar marktaandeel op peil te houden.

Neem gerust een kijkje naar de pics van zaterdag 18 januari 2014
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/noorderslag-2014/
Organisatie: Eurosonic - Noorderslag

 

Modfest 2014 – Dikke line-up en goede sfeer

Geschreven door

Modfest 2014

Modfest…  De organisatie mocht van bij het begin van de avond al snel het bordje ‘sold out’ buiten hangen en alzo een 1700 feestende mensen op een vette, warme, goed gevulde en gevarieerde avond trakteren.

Bij aankomst heb ik nog net de laatste beats van Kiani & His Legion kunnen meepikken die naar verluidt een zeer strakke set  had gespeeld en dus als perfecte opwarmer heeft gefungeerd voor ancien Michel Amato alias The Hacker. Een set die ergens te plaatsen was tussen electro en techno. De man startte zeer sterk en zorgde voor enkele leuke momenten en climaxen. De set in zijn geheel was ok, maar ook niet meer dan dat. Het werd trouwens ook tijd om me naar de club te verplaatsen waar binnen een half uur Dopplereffekt zou optreden, mijn persoonlijke headliner van de avond.
Na nog wat extra wachten mocht het publiek, dat in grote getale stond te wachten voor een gesloten deur, dan toch binnen en in een mum van tijd stond de club dan ook tot de nok gevuld. Ons geduld werd echter nog verder op de proef gesteld, want het duurde  nog zo een kwartier alvorens Donald en Karli zich lieten zien op het podium. Een zeer minimale performance, twee personen steriel achter een masker en bijna onbeweeglijk achter hun synthesizers, een scherm met visuals en een rare tic nerveux in de linkerhand van Gerald Donald zorgden voor een zeer rare sfeer.
Muzikaal kwam het ook nogal traag op gang.  Ik had gehoopt op het bekendere werk van het album waar ze toch bekendheid mee verworven hadden (gesamtkunstwerk) maar het publiek kreeg in het begin vooral zeer rustige en trage nummers te horen. Na een half uurtje eens achterom gekeken en de trage start was ook de rest van het publiek niet ontgaan, veel volk dat al elders was gaan luisteren.  Ze zijn natuurlijk wel pioniers die je gezien moet hebben, en  om die reden ook zijn we ook gaan kijken, maar als je net uit een zaal komt waar stevig gefeest wordt  is het contrast met deze muziek van Dopplereffekt nogal groot .
Dé act van de avond die ons het meest bijgebleven is,  was op dat moment aan het spelen in de grote zaal. Herzblut-baas Bodzin was de volksmenner van de avond. Gewapend met een arsenaal controllers wist hij het publiek te bespelen als geen ander. De eigen nummers die hij speelde in zijn set werden on the spot ge-edit en climaxen werden uitgetrokken en bijgetweakt dat het geen naam had.  Bodzin op de dj booth met in de hand zijn light-saber controller….  En het volk zag dat het goed was. Resultaat: handjes in de lucht en de hele zaal aan het schreeuwen.  De man weet hoe hij het volk moet ophitsen. Soms was het  net iets erover en te lang uitgesponnen, maar het doel heiligt de middelen. Gevolg : de hele zaal op zijn kop. 
Een hele opgave voor Solina om na zo’n set over te nemen, waar ze trouwens in slaagde. Ze koos ervoor om iets dieper te starten, hetgeen haar toeliet om tijdens haar eigen set zelf terug voor opbouw te zorgen. En het volk was tevreden. Voor mezelf was het goed geweest en ik besloot op de opgehitste zweterige zaal te verlaten en voldaan terug huiswaarts te keren.

Modfest was zeer zeker geslaagd. Een dikke line up en een goede sfeer over het hele evenement maakten dat dit voor mij en 1700 anderen een meer dan geslaagde editie was. Op naar volgend jaar!

Organisatie: Muziekodroom, Hasselt

Eindhoven Metal Meeting 2013 – 3 dagen metalen geweld!

Geschreven door

Eindhoven Metal Meeting 2013
Effenaar
Eindhoven
2013-12-12 t/m 2013-12-14

Voor ondergetekende was het de eerste keer dat hij naar EMM kon gaan, ik probeer het al een paar jaar maar er komt altijd wel iets tussen. Gelukkig kon ik dit jaar dan toch eens afzakken naar de Effenaar in Eindhoven voor 3 dagen metalen geweld.

dag 1 – donderdag 12 december 2013
Tegen dat ik en mijn gezelschap eindelijk ingecheckt waren in het hotel, de Effenaar bereikt hadden en binnen raakten ( er stond al vrij veel volk te wachten op deze donderdagavond) hebben we helaas Downfall of Empires moeten missen. Jammer want hun met metalcore doorspekte melodic death metal klonk best wel nog een fijne opener. Ahja, we konden tenminste nog de helft van Dew-Scented zien. Wel spijtig dat ik maar de helft kon zien en dat ze ook als eerste moeten beginnen. Ik probeer namelijk al een tijdje deze band live aan het werk te zien maar loop ze altijd mis. Alhoewel ze moesten het hoofdpodium openen lieten ze het niet aan hun hart komen en speelden ze alsof hun leven ervan afhing. Hun moderne thrash metal doorspekt met invloeden van metalcore à la Heaven Shall Burn werd ook door het publiek heel erg gesmaakt. Slechts 20 minuutjes hiervan was zeker niet genoeg voor ondergetekende dus hoop ik dat ik ze gauw nog eens terug kan zien.

Op naar de kleine zaal voor Extrema dan maar. Niet dat deze Italiaanse jongens me zo boeiden maar er speelde toch niets anders op dat moment. Op album kan ik ze best wel smaken maar hun Pantera-achtige groove metal werd me toch vaak te saai na meer dan 3 nummers en dus hoopte ik dat het op podium toch iets beter werd. Vanaf ik ze op het podium zag besefte ik dat ik me vergist had toen ik zei dat ze op Pantera leken, volgens mij was het gewoon Pantera. Ok, ik moet wel eerlijk zijn dat ik het dan vooral over frontman Gianlucca Perotti heb die waarschijnlijk een verloren familielid van Phil Anselmo is. Niet enkel qua uiterlijk maar ook qua podiumgedrag en stemgeluid waren het 2 druppels water. De vrij stereotiepe groove metal die ze speelden veranderde er ook niet veel aan. Bon, originaliteitsprijzen zullen de jongens wel niet winnen maar ze zijn wel leuk om te zien spelen en dat komt dan vooral door de frontman die allerlei rare bewegingen maakt terwijl hij heen en weer over het podium huppelt. De performance kwam wel wat chaotisch over en de sfeer verkilde zelfs een beetje als de brave man plots zijn t-shirt omhoog trok om een litteken op zijn buik te tonen dat iets met zijn schizofrenie te maken had.  Gezellig…

Dan maar snel naar boven lopen om nog wat Death Angel mee te pikken. Als deze heren nog een introductie nodig hebben raad ik u aan om terug naar uw grot te gaan maar indien u uw grot niet meer kan terugvinden zal ik ze toch maar inleiden. Al sinds 1982 staan deze heren garant voor thrash metal van topkwaliteit en brengen ze regelmatig nog best wel leuke albums uit. Het voornaamste dat je bij Death Angel moet weten is dat ze live altijd top zijn en dit was ook hier niet anders. Integendeel de verwachtingen lagen al vrij hoog maar toch wisten ze me nog te verrassen. Death Angel houdt overduidelijk van Eindhoven en Eindhoven houdt ook van Death Angel want al vanaf de eerste noten brak er een mosh-pit uit die bleef gaan tot het einde van hun set. Ook de frontman van Extrema kwam een paar keer de kop op steken door op willekeurige momenten eens van het podium te springen. Normaal was ik van plan om een stukje Death Angel te zien en vervolgens naar Ostrogoth te gaan kijken maar doordat de show zo hard en intens was kon ik gewoon niet vertrekken. Ik kan gerust zeggen dat dit de beste show tot nu toe was die ik ooit van Death Angel heb gezien en het is duidelijk dat ze nog geen last hebben van metaalmoeheid.

Bon dan toch maar eventjes naar de kleine zaal om nog een stukje Ostrogoth mee te pikken. Ik kan u alvast één iets zeggen, ik heb geen spijt dat ik het grootste stuk van Ostrogoth gemist heb voor Death Angel… Ik besefte plots weer waarom ik nooit moeite doe om Ostrogoth te zien. Ergens voelde ik mij verplicht om te komen kijken omdat Ostrogoth toch wel een beetje onze Belgische ‘trots’ is. Ook had ik deze band nog nooit aan het werk gezien en wat old-school heavy metal kan ik altijd wel smaken. Helaas bleek deze band ook één van de saaiste bands in België te zijn. Al vanbij de eerste 2 minuten ben ik mij bij de bar gaan zetten in de hoop dat het toch nog wat beter werd. Nee, het bleef dezelfde saaie old-school die u al duizend keer gehoord heeft. Goed ik weet wel dat je een band niet kan afschrijven op één performance dus misschien had ik gewoon een slecht moment uitgekozen maar toch was ik tevreden dat het afgelopen was.

Voor ik aan de volgende review begin moet ik u wel alvast waarschuwen, ik vind Sabaton afschuwelijk. Naast enkele catchy meezingers ( die zodanig overspeeld worden in iedere metalbar dat ik ze ondertussen niet meer kan horen) hebben ze voor mij totaal geen goeie of unieke songs en ik snap er dan ook geen bal van dat ze in een zeer korte tijd van niemandallen tot één van de grootste namen van het moment gegroeid zijn. Er waren zelfs mede West-Vlamingen die zich naar Eindhoven hadden verplaatst enkel en alleen om Sabaton te zien. Bon de vorige keer dat ik Sabaton zag was het best wel nog een aangename show om naar te kijken dus besloot ik om toch maar eventjes te kijken. Wie weet ontdekte ik wel waarom iedereen zo fan was van Sabaton? Dat deed ik dus niet. Echt een grote show was er niet en muzikaal was het ook maar huilen met de pet op. Ze begonnen met wat nieuwer werk die voor mij niet echt anders klonk dan wat ze normaal speelden. Het publiek ging echter uit hun dak en zong woord voor woord mee. Ik besloot na een paar nummers om naar de kleine zaal te verhuizen waar een andere band ( lees: een betere) begon met spelen. Ik heb wel achteraf gehoord dat de show stukken beter werd naargelang het vorderde en dat de sfeer ook enorm verbeterde.

Niet dat ik het erg vond dat ik de ‘vette show’ boven miste want in het kleine zaaltje was het ook een vet feestje maar dan met betere muziek. Daar speelde Hatriot immers de pannen van het dak. Als de naam u niet bekend in de oren klinkt kan ik u meegeven dat het de nieuwe band van Steve ‘Zetro’ Souza ( ex-Exodus, ex-Testament, Dublin Death Patrol) en zijn 2 zonen is. Naast klinkende namen heeft deze band ook heel wat klinkende songs en dat is maar goed ook. Er zijn al genoeg van die all-star bands die teren op het succes van de andere bands van de bandleden. Bijster origineel is het nu ook weer niet, de muziek houdt ergens het midden tussen Testament en Exodus maar het wordt wel uitstekend gespeeld. Ook qua show geven kennen ze er wat van want het ging er verdomme hard aan toe. Wie zich verwachtte aan een reeks covers mocht trouwens ook lang op zijn honger blijven wachten want er werden er maar 2 gespeeld en die bevonden zich beiden op het einde van de set. De band had er zin in en het publiek had er zin in, dit werd nog eens versterkt door het feit dat het de eerste show van Hatriot op Europese bodem was. Op het laatste kwam de frontman van Extrema nog eens het podium opgelopen om een nummer mee te brullen. Hierna namen de heren afscheid met de belofte tot een spoedig weerzien onder de vorm van een nieuw album die in 2014 zal uitkomen. Ik ben alvast benieuwd.

Na deze excellente show was het de beurt aan Izegrim, het viel me wel op hoe populair deze band hier in Nederland was. Als antwoord op mijn vraag kreeg ik van een andere Nederlander “nou wat verwacht je dan, het zijn Nederlanders” toegesmeten. In tegenstelling tot in België zijn bands van eigen kweek dus echt wel geliefd. Niet dat Izegrim de fans niet verdiend natuurlijk, de muziek van deze band is meer dan degelijk en frontvrouw Marloes is altijd een plezier om op het podium te zien. Toch vond ik het ietwat raar dat ze boven Hatriot geprogrammeerd stonden. Alhoewel ik niet de volledige set kon meepikken moet ik toch wel zeggen dat Izegrim mij een beetje teleur stelde, ik heb ze al ettele keren aan het werk gezien en dit moet nu toch wel één van de slechtste shows zijn die ik ze zag geven. Er was geen vuur op het podium en alhoewel het publiek uit zijn dak ging lieten ze mij koud. Een beetje teleurgesteld besloot ik dan maar om naar boven te gaan na een paar nummers.

Toen ik boven kwam was headliner Accept nog bezig met de soundcheck waardoor het nog even wachten was voordat ze begonnen. Maar wie zit er nu eigenlijk nog anno 2013 op Accept te wachten? Het is al een eeuwigheid geleden dat ze nog iets memorabel uitbrachten. Toegegeven de nieuwe albums waren wel goed maar om nu te zeggen dat ze nog maar in de buurt kwamen van hun klassiekers is toch teveel gezegd. Zelfs de nostalgie-trippers kunnen eigenlijk beter naar een U.D.O. show gaan waarin toch 50% van het materiaal uit Accept-covers bestaat die dan aangevuld worden door toch best wel leuke nummers. Ik besloot om ze toch maar een kans te geven want er moest toch een reden zijn dat er nog zoveel volk op Accept stond te wachten. Ik kon de volledige set niet zien en vertrok dan ook met een dubbel gevoel, de band heeft duidelijk hun draai gevonden met de ‘nieuwe’ zanger want zowel de sfeer op het podium als in het publiek zat goed. Ook de vooral nieuwe nummers werden perfect gebracht maar toch slaagden ze er langs geen kanten in om ook maar eventjes onder de indruk te laten. Het zal waarschijnlijk wel aan mij liggen.

Snel naar beneden lopen voor een band die ik wel heel graag wou zien. Alhoewel Accuser de ongelukkige taak kreeg om net tijdens Accept te spelen was er toch een bescheiden fanschare aanwezig om wat voor mij toch wel de op één na beste show van de dag was. Accuser mag dan wel al van 1987 aan de slag zijn echt doorgebroken zijn ze nooit. Onterecht naar mijn mening want de band heeft toch wel een meer dan behoorlijk aantal goeie songs ( met uitzondering van die absolute flops in de jaren ’90) op zijn palmares met het meest recente album ‘Diabolic’ als absolute topper. Accuser staat voor echte teutoonse thrash en dat zal iedereen wel gemerkt hebben. Zelfs mijn compagnon die niet echt een thrash metal liefhebber is vond het een serieus goeie show. De nieuwe en oude nummers vloeiden perfect in elkaar en op het einde van de show zat ik met toch nog met zin naar meer. Hopelijk binnenkort nog eens.

dag 2 – vrijdag 13 december 2013
Lekker vroeg stond ondergetekende op om zich klaar te maken en naar de concertzaal te vertrekken om dan plots te merken dat de bands maar rond 16u begonnen. Oeps.
Toen het uiteindelijk wel tijd was om te vertrekken en ik de zaal binnenkwam was er al onmiddellijk slecht nieuws. Fleshgod Apocalypse moest noodgedwongen afzeggen wegens problemen met hun vlucht, dit was wel heel jammer want ik voorspelde dat dit toch wel één van de kleppers van het weekend zou worden. Ahja op naar de kleine zaal voor Natron dan maar. Niet dat je makkelijk binnen kon want bijna iedereen had besloten om dan maar naar Natron te kijken als Fleshgod Apocalypse niet speelde. Deze , net zoals Fleshgod Apocalypse, italiaanse band zat waarschijnlijk ook serieus op te kijken naar het volk dat kwam opdagen. Uiteindelijk heb ik mij naar het balkon moeten begeven om toch maar iets te kunnen zien. Natron brengt licht-technische death metal met een bruut Death/Grind tintje die best wel voor een feestje kan zorgen live. Inhoudelijk is het echter niet allemaal even boeiend. Op album kan ik ze best wel smaken en ook live zagen ze er wel leuk uit maar het bleef maar allemaal zeer gewoontjes.  Er was niet echt een song dat bleef hangen. Als opwarmer waren deze jongens best wel leuk maar daar bleef het ook bij.

Voordat ik mezelf terug naar de grote zaal zou begeven had ik besloten om nog een stukje Deus Mortem mee te pikken maar helaas liep de soundcheck nogal uit. Toen het duidelijk werd dat ze niet zouden beginnen voordat Morgoth zou beginnen ben ik maar vertrokken om Morgoth  te gaan zien want daar wou ik echt geen seconde van missen. Ik zocht wat plek vooraan en was er helemaal klaar voor. Teleurgesteld werd ik niet want Morgoth bracht een ijzersterke show met ( gelukkig maar) uitsluitend nummers van hun death metal periode. Echt onder de indruk was ik ook niet. Het was een goeie show maar hij was niet uitmuntend. Het kwam allemaal een beetje routineus over op het podium. Ahja ik had ook wel zeer hoge verwachtingen nadat mij meermaals was verteld dat Morgoth één van de beste live-bands in de geschiedenis was. Zo vreemd is dit nu ook weer niet als je beseft dat Morgoth niets nieuws meer heeft uitgebracht sinds ‘Feel Sorry For the Fanatic’ in 1996.

Ik bleef bij het grote podium staan voor de volgende band, niemand anders dan blackened death legende Belphegor. Dat dit een feestje zou worden was al op voorhand een zekerheid, allebei de keren dat ik ze mocht zien brachten ze het er (bij wijze van spreken) sprankelend vanaf. Het eerste wat ik kan zeggen over deze show is dat het inderdaad een feestje was, er was sprake van een vette podiumbekleding en zowel geluidstechnisch als songtechnisch zat het helemaal goed. Het publiek deed mee en er was sprake van een mooie afwisseling tussen oude en nieuwere songs. Toch slaagde Belphegor er niet in om mijn aandacht de gehele show vast te houden. Hoe het kwam weet ik niet, maar het kwam allemaal niet donker genoeg over voor mij.

Een andere verklaring kon natuurlijk ook het feit zijn dat ik gewoon veel te hard aan het uitkijken was naar Napalm Death die erna op het grote podium te zien waren. Het feit dat ik veel harder verbaasd zou zijn als het op niets zou trekken dan dat ik volledig omver geblazen werd wil al veel zeggen. Al van de eerste noten bleek al dat ik vandaag niet verbaasd zou worden en met hartenlust boos met mijn vuist naar het podium kon zwaaien. Boos met mijn vuist in de mosh pit zwaaien was nog buiten de kwestie dankzij mijn geopereerde knie maar daar dacht het publiek blijkbaar anders over. Er brak een best wel grote pit uit waardoor ik mij toch wel een beetje moest verzetten als ik geen nieuwe operatie wou. Qua setlist waren er niet echt grote verrassingen voor wie de band al eerder deze zomer aan het werk zag want die was nagenoeg identiek aan die vanop pakweg Ieperfest 2013. Enkele songs van hun recentste album ‘Utilitarian’ afgewisseld met wat ouder werk. Niet dat dat erg is want ik vind ‘Utilitarian’ persoonlijk hun sterkste album tot nu toe en voor een grindcore versie van “Nazi-punks Fuck Off” van de Dead Kennedy’s mag u mij altijd wakker maken. Het is ook altijd leuk om Barney als een epilepsie-patient over het podium te zien strompelen en Shane Embury vrolijk zien verder bassen tussen de nummers door. Zoals u wel kon verwachten werd er dus stevig uitgehaald naar alles wat naar rechts rook net zoals naar religie. Deze statements werden ook nog eens mooi versterkt door Barney die naar zijn hoofd wees en riep “Learn to fucking use it”. Kan ik alleen maar akkoord mee gaan.

Hierna was het snel naar de kleine zaal lopen om The Rotted te gaan zien. Als deze naam je onbekend in de oren klinkt herkent u misschien wel Gorerotted. Deze heren hebben zichzelf omgevormd tot The Rotted toen er geen enkel origineel Gorerotted lid nog in de band zat. Een mooie beslissing al zeg ik het zelf. Bon terug naar de show zelf, die was geweldig. De mix van Death metal en grindcore met een flinke scheut D-beat en Crust erbij kwam perfect tot zijn recht in de kleine zaal. De band had er duidelijk plezier in en dat zag je vooral aan  frontman Ben Mccrow die de energie van de band wist over te stralen op het publiek die dusdanig dan ook in vuur en vlam kwam te staan. Deze show was dan naar mijn mening ook veel te snel gedaan.

Ik besloot om nog snel even naar boven te gaan om nog een beetje Carpathian Forest mee te pikken. Makkelijk was dit niet want het volk stond tot op de trappen te kijken omdat de zaal echt stampvol zat. Toen ik er uiteindelijk toch in geslaagd was om mij min of meer tussen het publiek te wurmen was het eerste dat mij opviel dat ik een volledig verkeerd beeld had van Carpathian Forest. Ik zag ze altijd als één van de vele ‘Too kvlt for you 666’ bands die zichzelf veel te serieus namen. Dat ik me vergist had is een serieus understatement. Hun zeer punky black metal straalt ook door in hun podiumperformance die je op zijn minst wel ‘chaotisch’ kunt noemen. Ik heb het hierbij vooral over frontman Nattefrost want die is toch wel de echte blikvanger tijdens de band. Als hij geen vreemde dansjes stond te doen op het podium stond hij wel met een fleurig en kleurrijk kruis rond te zwieren om daarna met zijn kont naar de camera te schudden. Altijd leuk om een black metal band te zien die zichzelf niet te serieus neemt. Achteraf kreeg ik wel van een kennis van de band te horen dat Nattefrost zichzelf soms net ietsje serieuzer mag nemen zodat zijn bandmaten hem voor een keer niet naar de volgende show moeten dragen, oeps…

Wie het ‘briljante’ idee had om (The Church of) Pungent Stench in de kleine zaal te zetten mag voor mijn part tussen twee pletwalsen gestoken worden want zo voelde het om in de zaal te staan. Zover het mogelijk was om in de zaal te raken natuurlijk want die stond letterlijk overvol. Ik probeerde eerst nog om mij tussen het volk op het balkon te plaatsen maar daar stond het ook al overvol waardoor ik niets kon zien. Toen ik mij uiteindelijk aan de deurpost gezet had kon ik mij langzaam maar zeker naar binnen wurmen. Ik probeerde zoveel mogelijk rekening houden met het ander volk die de band probeerde te zien dus forceerde ik mezelf niet naar binnen (in tegenstelling tot een paar asociale zakken die er niets beter op vonden dan zich naar binnen te duwen doormiddel van mensen op het achterhoofd te slaan, die plots elleboog op één van die jolige kerels hun neus hadden ze dus zeker verdiend). Bon op naar de band zelf dus. Ergens had ik een veredelde coverband verwacht aangezien enkel Martin Chirenc nog als origineel lid overblijft en Pungent Stench zelf officieel nog altijd gesplit is. Wat zijn ex-bandleden ook naar hem mogen smijten in de pers kunnen mij na deze show gestolen worden want dit was veruit de show van EMM. Hun groovende death metal die je af en toe doet denken aan Entombed was geweldig en zorgde voor een gigantisch feestje. De topless crowdsurfster waarvan ik plots een tiet in mijn gezicht kreeg kan er natuurlijk ook iets mee te maken hebben maar deze show was echt geweldig. De nieuwe leden passen perfect bij de band en voor een eerste show met hen ging het echt prachtig. Hopelijk draaien de dreigementen om de band aan te klagen niets uit want ik zou ze nog graag eens aan het werk kunnen zien.

Na deze ronduit perfecte show was het de beurt voor een pijnlijk afscheid, het was namelijk de laatste show in Nederland van Vomitory. De band gaat er immers mee stoppen eind 2013. Dus nu was het ook de laatste kans om nog een stevig met de hoofden te zwieren op de retestrakke death metal van deze Zweden. De show was goed maar niet uitmuntend, ik had persoonlijk wat meer verwacht van een afscheidsshow. Qua songs was er een afwisseling tussen oud en nieuw maar het raakte mij niet echt. Ik had het gevoel gedurende de show dat de band er echt niet meer veel zin in had. Topper van de show was toch wel “Terrorize, Brutalize, Sodomize” dat luidkeels meegebruld werd.

Nu kwam er een hartverscheurende beslissing, ik had al reeds besloten dat ik Watain niet volledig zou zien maar de vraag was of het nu de moeite was om voor 10 minuutjes Watain naar boven te gaan om vervolgens terug naar beneden te komen voor het almachtige Brutal Truth. Ik koos ervoor om beneden te blijven en heb daar geen seconde spijt van gehad want Brutal Truth speelde de pannen van het dak. Alhoewel Watain boven bezig was was er serieus wat volk aanwezig voor deze Amerikaanse grindcore band. De immer sympathieke frontman Kevin Sharp ( zoals gewoonlijk blootvoets en met een cowboyhoed) zette het publiek perfect naar zijn hand. Een unicum om te zien was toch wel de drummer die de beste gezichten trok in de geschiedenis van vreemde gezichten trekken. Het komt ook niet veel voor dat de drummer ( zonder microfoon) er in slaagt om luider te roepen dan de frontman. Als hij dan plots tussen twee nummers door roept “ WE JUST CAME BACK FROM ( verstond ik niet, ik denk Istanbul) AND WE REALISED IT STILL WASN’T FUCKING LOUD AND HARD ENOUGH. RWAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAH” had ik al onmiddellijk de beste manier om deze band samen te vatten. Er werden zowel oude als nieuwere nummers gespeeld en ze waren allemaal even strak. Helaas was het feestje afgelopen om 1u maar niet zonder nog wat gratis shirts weg te geven. Je kan zeggen wat je wilt over grindcore kerels maar sympathiek zijn ze alleszins wel.

dag 3 – zaterdag 14 december 2013
De laatste dag van EMM begon het vroegst van allemaal, begrijpelijk aangezien het de enige vrije dag voor iedereen was waarop het festival viel maar dan wel weer een beetje minder begrijpelijk als je er rekening mee houdt dat er de dag ervoor een afterparty was die wel tot heel laat duurde. Verantwoordelijk zoals ik ben stond ik er al voor de eerste bands.

The Monolith Deathcult is zo een beetje een ‘love it or hate it’ band. Ik heb nog niemand tegengekomen die The Monolith Deathcult ok vond, of ze vonden het geweldig of ze vonden het talentloze herrie met op de koop toe nog eens propvol arrogante klootzakken die denken dat ze the next big thing zijn. Persoonlijk ben ik een fanboy, ik heb ze nog geen enkel teleurstellend album weten uitbrengen en iedere song heeft wel iets naar mijn mening ( Ja, zelfs” Kindertodestanz”. Dat is de geremixte versie van “Kindertodeslied”). Toch moet ik zeggen dat toen ik ze op Graspop zag ze wel stukken beter waren dan hier. Het eerste probleem was voornamelijk het geluid, het elektronische gedeelte kwam niet echt tot z’n recht en ook de vocals mochten voor mij iets luider staan. Ten tweede hadden ze de pech dat ze de dag moesten beginnen, er was niet echt veel volk aanwezig en het aanwezige volk was niet echt geïnteresseerd/ had nog last van hun kater van de dag voordien. Ook op het podium had ik het gevoel dat enkel de keyboard-speler zijn best deed om er een show van te maken. Ahja, op zich was het wel een goeie show en hun geslaagde mopje op het einde van hun set maakte al veel goed. Voor de nieuwsgierigen: “Je ziet het de laatste tijd overal op de TV, radio en in de krant. Wat deze man gedaan had voor deze wereld was geweldig. Zonder deze man had TMD nooit bestaan en we willen dan ook het laatste nummer aan hem opdragen. JOEY JORDISON IS UIT SLIPKNOT,KUT!

Volgende band op het programma was ieders favoriete black/thrash band Deströyer 666. Naar mijn persoonlijke mening geven ze nu niet bepaald de meest boeiende shows ter wereld maar ze zijn wel leuk om eventjes mee te pikken. Echt bijster hoog lagen mijn verwachtingen dus niet. De show zelf was een beetje typisch en het kon wel wat beter naar mijn mening. De heren stonden er vrij relaxed bij op het podium wat altijd goed is maar het was ietsje te relaxed waardoor er niet echt vuur in de show kwam te zitten. Ook geluidstechnisch was het iets minder, de vocals stonden veel te luid waarbij ze op sommige momenten zelfs de instrumenten volledig verdrongen. Saai was het niet maar boeiend kon je de show ook niet echt noemen. Ahja, volgende keer beter.

Ah Arkona, op album niet echt boeiend maar altijd een feestje om live te zien. Ook deze keer was het niet anders en dit komt natuurlijk vooral door frontvrouw Masha Arkhipova die naar goede gewoonte letterlijk geen seconde kon stilstaan. Ik heb serieus medelijden met de fotografen die dit probeerden te fotograferen. Het publiek at ook letterlijk uit de palm van haar hand en hoe kan het ook anders. Dit is dan ook muziek die gemaakt is om op een podium te brengen. Waar het schoentje vaak wringt bij Arkona is het abominabel geluid op hun shows waardoor alles verzakt in een geluidsbrij. Dit was niet het geval bij deze show en gelukkig maar, enkel de gitaar mocht ietsje luider staan naar mijn persoonlijke smaak maar het was niet storend. Alhoewel de show wel goed was was hij niet echt memorabel te noemen. Qua intensiteit was hij vrij normaal naar Arkona-normen. Op naar de volgende band dan maar.

Alhoewel ik wel zin had om naar Disastrous Murmur te gaan kijken besloot ik om toch maar boven te blijven omdat Elvenking en Martin Walkyier’s Skyclad vlak na elkaar gingen spelen. Ik moet zeggen dat ik enorm veel spijt heb van deze beslissing. Elvenking krijgt van mij alvast wel de prijs voor mietjesband van de editie want alstublieft zeg. Ik had ze al reeds op Velorock eerder dit jaar gezien en toen was ik al allesbehalve onder de indruk maar het werd nu nog zo mogelijk erger. Deze heren brengen naar eigen zeggen Italiaanse folk metal wat zich vertaalt in heel erg huppelige power metal met af en toe een paar fluittoontjes in. Toen ze begonnen was er precies nog hoop, een epische intro waarna de gehele band in zwarte gewaden met witte maskers het podium opkwamen. Ik hoopte eventjes dat Elvenking een interessante band geworden was maar wat had ik het verkeerd. Al vanaf de eerste noten was het duidelijk dat dit een laaaaaaaaaang optreden zou worden. Muzikaal valt het eigenlijk nog een beetje mee, de voornaamste stoorfactor is toch wel frontman Damna. Zijn stemgeluid is ronduit irritant te noemen en tussen de nummers door moest hij het dan ook nog eens villen met de meest cliché-bindteksten ooit. Was er dan toch iets positiefs aan Elvenking? Ja ze beseffen overduidelijk wel van zichzelf dat ze losers zijn aangezien ze er een song over hebben. Toen Martin Walkyier erbij kwam en ze Skyclad-covers begonnen te spelen ( het spijt me maar ik kan onmogelijk zeggen dat het Skyclad was die Skyclad nummers aan het spelen waren) werd het iets beter. Helaas werd het niveau van Skyclad nooit gehaald en dit kwam mede door Damna die zich bij iedere song er moest tussen mengen. Na een uur en 20 minuten was dit gelukkig voorbij en kon ik mijzelf naar de kleine zaal verplaatsen voor een veel betere band.

Hooded Menace was toch wel één van de bands waar ik heel hard naar uitkeek. Hun lekker slome doomy death metal is heerlijk en hun laatste album ‘Effigies of Evil’ heeft hier toch al een paar rondjes gedraaid. Muzikaal was het zo strak als een 10-jarige en de sfeer was prachtig maar toch was ik niet helemaal onder de indruk. Allereerst kwam dit een beetje door mezelf, ik had de grote fout gemaakt om deze heren nuchter te bekijken wat toch wel een beetje de sfeer wegneemt en er hadden ook 2 mannen van in de 2 meter besloten dat ze voor mijn neus gingen staan en de gehele show onophoudelijk tegen elkaar hingen praten zodat ik letterlijk niets kon zien voor het merendeel van de show. Mij verzetten was geen optie want de zaal zat propvol en ik kon letterlijk nergens heen. Langs de andere kant kwam het een beetje langdradig over.

Jaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaa, Impaled Nazarene! Ik zit toch wel al een hele tijd uit te kijken naar het moment dat ik deze heren live kan zien en nu is het eindelijk zo ver. De woeste black metal overgoten met een punky grind-sausje van deze heren is namelijk geweldig. Op album kunnen ze mij altijd overtuigen maar is dit op het podium ook zo? Tuurlijk wel en het wordt een lekker wild feestje. Ook altijd leuk om te zien dat ze zichzelf allesbehalve serieus nemen want zo een gasten hebben we al genoeg in de black metal scene. Hoe langer de show duurt hoe wilder het publiek wordt en hoe meer het ook duidelijk wordt dat de gasten op het podium zich echt amuseren. Er is af en toe plaats voor een grapje en zelfs voor twee covers, de eerste was “Let’s start a war” van The Exploited die geweldig gebracht werd. De volgende cover was van één of ander kutbandje genaamd Impaled Nazarene dat niemand kent. Hadden ze gerust mogen weglaten. Het was jammer genoeg veel te snel gedaan en van mij mochten ze gerust nog een paar nummers spelen.

Na de black metal met een serieuze scheut humor erin gaan we naar de echte Trve en frostbitten black metal legende Nargaroth. Kvlter dan deze band kan je moeilijk gaan want deze gasten zijn echt wel een legende. Eerder dit jaar hadden ze jammergenoeg hun optreden op Chaosfest moeten aflasten waardoor het even leek dat ik ze niet aan het werk zou te zien krijgen. Gelukkig hebben ze EMM wel kunnen doen en kan ik ze nu eindelijk aan het werk zien. Ik moet zeggen dat ik serieus onder de indruk was, initieel kwam ik eigenlijk enkel om maar een stuk of 3 nummers te zien maar ook de andere nummers leken me te boeien. De sfeer was echt top. Bij het betreden van het podium had de gehele band (daarmee bedoel ik dus ook de live-muzikanten) een balaclava op het gezicht en frontman (ook wel gekend als de band zelf) was kwaadaardig voor zich uit aan het staren met een zwarte vlag in zijn handen. Nadat de maskers afhingen werd de zwarte vlag nog eens vervangen door een combat knife en daar bleef het ook bij. Muzikaal zat het sterk in elkaar en zoals de black metal-traditie beaamt was contact met het publiek uit ten boze om op het einde van de show met een dank je van het toneel te verdwijnen.

Afsluiter voor mij van vandaag ( Gothminister en Islay heb ik noodgedwongen moeten overslaan) werd Aborym wat op zich toch wel een vreemde beslissing was om nog na Nargaroth te programmeren. Bon je kan de muziek wel classificeren als black metal maar met de hevige invloeden vanuit Industrial en elektronische muziek is dit eerder voor een niche-publiek. Ikzelf vind ze geweldig dus dit was geen probleem maar vanaf dat het duidelijk was dat er geen drummer aanwezig was en alles qua drums via de draaitafel van frontman/ romeinse ruimte-piraat Malfeitor Fabban zou komen verdween er toch al snel heel wat volk. Their loss, zo was er lekker meer plaats voor mij. Het was een vette show maar niet helemaal wat ik verwacht had, het geluid zat niet zo lekker waardoor het elektronische gedeelte en het instrumentale gedeelte niet echt in elkaar vloeiden. Het klonk op sommige momenten gewoon alsof je naar twee verschillende songs zat te luisteren. Dit verbeterde gelukkig wel gedurende de set. Heel leuk waren ook de projecties die op de muur achter de band werden geprojecteerd, alleen was het wel spijtig dat er een drum in de weg stond waardoor je een deel van de projecties maar moeilijk kon zien. Ook vreemd was de volledig elektronische afsluiter die enkel en alleen door de frontman werd gedaan, alhoewel ik dit zelf geweldig vond dacht het publiek hier duidelijk anders over en was het meeste volk ook weg voordat het gedaan was. Die wil ik gerust wel nog eens zien.

De 3 dagen metalen geweld in de Effenaar Eindhoven zijn alvast in het geheugen gegrift …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4469

Organisatie: EMM – Effenaar, Eindhoven

The Golden Years 2013 - de 25e en laatste editie

Geschreven door

The Golden Years 2013
In 1990 organiseerde Daniël Gardin voor de eerste maal dit event. Al die jaren zijn ‘The Golden Years’ een vaste ontmoetingsplaats gebleven voor oldiesliefhebbers. Die nemen dan plaats in de tribunes rond het middenplein, terwijl de Vips vooraan champagne kunnen drinken en met hun juwelen rammelen (wie zei dat nu ook al weer?).

Dit jaar was het de 25e (in 2001 vonden twee edities plaats) en ook de laatste keer.  Misschien wel een goed idee om te eindigen in schoonheid voor het evenement vanzelf doodbloedt. Ik heb ook de indruk dat er na al die tijd wat sleet begint te komen op de formule, hoewel er gekozen werd voor een ingekorte versie. De wisselingen verliepen heel snel en de collecte voor één of ander goed doel (via de verkoop van de programmaboekjes) werd achterwege gelaten.
De meeste artiesten in deze seventies editie waren vroeger al (meerdere keren) aan bod gekomen. En hoe kan het anders? We spreken van artiesten die veertig jaar geleden op het toppunt van hun roem stonden en nu als zestigers of zeventigers de stoere popster staan uit te hangen. Soms is dat wel potsierlijk: zestigers met carnavalspakjes uit de glitterperiode staan te springen als de jonge veulens, die ze lang geleden waren.
En ja, het was meestal een déjà vu gevoel dat overheerste, en het is absoluut een goed idee te stoppen voor het aanbod te schraal wordt.  Toch waren er enkele aangename en minder aangename verrassingen te beleven.

De covergroep, die traditioneel de show opende om het publiek wat op te warmen, werd deze keer thuis gelaten.
In de plaats daarvan vlogen we er meteen goed in met een optreden van ‘Mud II’. Na het overlijden van Les Gray startten enkele andere leden de band weer op onder deze naam. Het resultaat mag er zijn: een vakkundige rij met de bekendste hits. De sfeer zat er onmiddellijk in op die manier.

‘Alvin Stardust’ bracht dan een overzicht van zijn hits. De man had het een beetje moeilijker het publiek te overtuigen, hoewel hij heel hard zijn best deed. En het publiek is heel mild en ziet heel wat door de vingers, zodat niemand echt afgaat op dit concert.

En dan kregen we, voor de eerste keer op ‘The Golden Years’, ‘David Essex’ te zien en te horen. De man heeft een respectabele carrière opgebouwd als zanger, componist en acteur, en hij stond maar liefst 16 keer in de Engelse hitparade. Maar hier is hij bij de meeste mensen enkel gekend door zijn hit “Gonna Make You A Star”. En dat was duidelijk te merken aan het applaus.

Het hoogtepunt van de avond kwam, volgens mij, met het optreden van ‘Albert Hammond’. Hij heeft talloze hits geschreven voor andere artiesten en bouwde bovendien nog een succesvolle solocarrière uit met onvergetelijke hits als “I’m A Train”, “It Never Rains In Southern California” en “The Free Electric Band”. Een echte verpozing tussen andere artiesten die voor het gemak kiezen en proberen te scoren met rock’n’roll nummers.

‘Dave Edmunds’ is bij het grote publiek enkel bekend van zijn monsterhit “I Hear You Knocking”. Hij bracht een stevige, maar weinig verrassende set. Daarbij verloor hij op een bepaald moment de draad. Hij werd gered door een ander bandlid dat de zangpartij overnam. Maar toch had hij iets speciaals in petto. Weinigen weten dat Dave de drijvende kracht was achter de Welsche band ‘Love Sculpture’, die in 1968 scoorde met “Sabre Dance”, met stevige gitaarpartijen. Edmunds speelde het nummer op een achteloze manier en bewees wat een goede gitarist hij nog altijd is.

“The Rubettes” brachten weer eens wat we van hen gewend zijn: een aantal van hun hits, met het hoge stemmetje van Alan Williams. Maar hun witte pakken en witte petten bekoren mij al lang niet meer, evenmin als hun nummers. Maar het publiek wordt er nog altijd wild van, dus wie ben ik om hen tegen te spreken?

En wat kunnen we zeggen van topacts als “Slade” en “The Sweet”?
Dat ze duidelijk nog steeds professioneel bezig zijn, dat hun act perfect in elkaar zit en heel goed doordacht en opgebouwd is. Hun optredens zijn af, en dat wordt gesmaakt door het publiek. Maar als je hen enkele malen aan het werk gezien hebt wordt het toch wel heel erg voorspelbaar.

Tot slot werd, ter gelegenheid van deze laatste “Golden Years”, Daniël Gardin naar voor geroepen, waar hij gehuldigd werd door zijn vriend Salvatore Adamo en door de verzamelde artiesten.

Deze zetten een punt achter het concert met een gezamenlijke opvoering van “Rocking All Over The World”.

Eén vraag blijft nog: was dit echt de laatste keer? Antwoord vermoedelijk volgende herfst.


Organisatie: Sportpaleis – The Golden Years – Antwerpen
  

GlimpsGent 2013 – Luistervoer voor de toekomst

GlimpsGent 2013
All Areas
Gent

Na een succesvolle vrijdag hoopten we op een even mooie vangst op zaterdagavond. Daarvoor gingen we terug naar de Handelsbeurs, het was er de dag ervoor zo mooi geweest.

Dan kwamen we met STUFF. toch een beetje van een kale reis terug. De band speelt electronische jazz, of iets dat er op lijkt, en hadden wel een paar leuke nummers. Er was bovendien weinig tot geen zang, wat het publiek meestal wat moeilijker over de streep haalt. Dat was hier niet echt het geval. De kopjes in het publiek zweefden mee en er werd enthousiast gefloten en geroepen in de zaal. Wijzelf waren echter niet zo overtuigd, het was wachten op de saxofoon voor wat schwung, of een song waar een rapper in werd verwerkt.

Om Revere te bereiken moest we ons eerst een weg banen door de mensenmassa. Uiteindelijk geraakten we toch in de Charlaten om deze Britse groep aan het werk te kunnen zien. De band opende hun setlist met een stevig staaltje rock.
“I won’t blame you” uit ‘My Mirror / Your Target’ was één van de toppers. Op de achtergrond waren enkele coole videobeelden te bewonderen. Een detail die ervoor zorgde dat er mee voor zorgde dat wij geïntrigeerd raakten door dit stelletje ongeregeld. “Keep this channel open”, “A road from a flood”, “Don’t look up Hannah” en “Fold up your flag” waren stuk voor stuk degelijke nummers. Het meisje met het rode viooltje leverde een prachtige bijdrage in deze nummers en zorgde steeds voor een folky ondertoon. De Charlatan zat goed gevuld en het was duidelijk dat Revere een grotere zaal aankon. De netjes opgeklede bandleden sprongen in het rond en maakten af en toe even een wandeling door het publiek. Dat een camera het optreden nog eens wazig projecteerde op een scherm, zorgde voor een extra leuk effect. Tijdens “These halcyon days”, “Maybe we should step outside” en “We won’t be here tomorrow” bleef de sfeer er goed in. Zeker die laatste is het beluisteren waard. (Checken die handel, het hele album staat op spotify.) Wijzelf kijken alvast uit naar hun volgende optreden.

Het was zeker de moeite om nog even te blijven hangen in de ‘Charla’, want op het moment dat de jongens van Revere hun CD’s nog aan de man proberen te brengen, begon Mintzkov al van jetje te geven. Mintzkov is nog altijd één van de beste Belgische rockbands en dat toonden ze af en toe op deze koude zaterdagavond in Gent. “Opening fire” werd fantastisch gebracht. De zanger met de wallen onder de ogen, de basgitariste met een simpel zwart t-shirt aan… Af en toe zag Mintzkov er dus wat sjofel uit, maar dat is slechts oppervlakkig. Diezelfde elementen tonen de ongelooflijke coolness uit dat de band uitstraalt. In het echt klonken ze dan ook wat ruiger en af en toe misschien een beetje slordiger dan op de plaat. Maar het moet gezegd als je nummers als “Word of mouth”, “Opening fire” en “Slow Motion, Full Ahead” in één set van veertig minuten krijgt, dan kunnen we onszelf meer dan gelukkig noemen. Eén kleine kanttekening: deze jongens moeten echt niet meer ontdekt worden en lokken misschien wat de aandacht van minder bekende bands weg. Wij malen er echter niet om, want wij zagen een uitstekend spelend Mintzkov.

Wanneer Café Video volstroomt voor Say Yes Dog, blijkt niemand echt door te hebben dat het optreden al van start is gegaan. Hoewel de groep nogal eentonig van start ging werd de overgang naar de volgende nummers beter. De basgitaar en sambaballen werden bovengehaald waardoor de nummers toch iets meer dansbaar werden. De zanger kon echter niet te veel bewegen en stond zelfs zonder schoenen aan nog vastgenageld onder het lage plafond. De Luxemburgse groep had enkele uitblinkers zoals “Around my Neck”, “Get it” en “A friend”, maar bleek algemeen toch ietwat teleurstellend.

In een doorzichtige regenproof outfit heette V V Brown ons ‘welcome’ in de Handelsbeurs. Het is al meteen duidelijk dat deze Britse zangeres met Jamaicaanse en Puertoricaanse roots een fantastisch stemgeluid produceert. Hier geldt de omgekeerde wereld: de sterke vrouw wordt ondersteund door een mannelijke backingvocal en een dj. “Substitute for love” werd vergezeld van unieke dansbewegingen en bizarre poses. De zangeres drukte haar eigen stempel op haar performance. Tijdens “Like fire” vond er zelfs een paaldans met de microfoon plaats. In haar nummers maakte ze af en toe gebruik van passende stemeffecten en bedankte ze het publiek meermaals. De interactie zat goed. Naar eigen zeggen verschijnt het nummer “Faith” binnenkort als single, met Kele Okereke van Bloc Party in de gastrol. Hoewel niet iedereen in de zaal even grote liefhebber was, kunnen we niet ontkennen: V V Brown staat er.

En dan was het tijd voor de ontgoocheling van de avond. De Duitstalige Zwitsers van Rusconi spelen erg experimentele jazz, wat echt de oren moet worden in geramd. Als je na het eerste nummer ‘Thank you for coming… and leaving’, moet zeggen dan zit dat toch niet helemaal lekker. Het publiek in de zaal Mengal smaakte het gewoon niet. Het ergste is nog dat ze wel degelijk muziek kunnen spelen. Dat bewezen enkele stukjes van “Till Dawn” en “Tempelhof”. Maar even veel delen van de nummers deden gewoon het bloed van onder je nagels kruipen. Soms leken de muzikanten zelf niet meer te weten wat ook al weer de weg van het nummer was, wat een verwarde bassist tot gevolg had. Deze ging dan maar voor de rest van het nummer wat leuk staan kijken naar de twee andere bandleden. Nu ja, af en toe kan zoiets gebeuren op een dergelijk festival, gelukkig gebeurde het maar één keer. Dit Rusconi zal waarschijnlijk voor een zeer specifiek publiek blijven, maar als je het kan smaken, dan vind je het misschien wel geniaal. Voor ons was het alvast een absolute neen, net als voor meer dan de helft van het publiek die letterlijk opstond en de zaal verliet.

Afsluiter van het festival voor ons was het Belgische Soldier’s Heart. De jonge band stond in zaal Miry in het Conservatorium en bracht hun set met een enorm enthousiasme en overtuiging. Zangeres Sylvie zong met een mooie hoge stem, én op blote voeten. Ze is in staat om een optreden te dragen, en zette een sterke show neer. Deze jongens bewezen dat ze met recht en reden het voorprogramma van de Crystal Fighters mochten verzorgen. De jonge gitaristen wisten eveneens van aanpakken en waren, laten we zeggen, dynamisch. We hoorden constant rustige dromerige pop die af en toe een beetje uitschoot naar wat harder werk. Met “African Fire” had dit talentvolle vijftal al een hit te pakken, en deze indieband heeft zeker potentieel voor nog meer topsingles. Ook hun interpretatie van Gabriël Rios’ “Broad Daylight” mocht er zeker en vast wezen, des te meer omdat ze het nummer op het einde nog verweefden met “Daydream” van The Wallace Collection. Deze mooie band, mét krachtige songs mét inhoud en jeugdig enthousiasme gaat zeker en vast nog veel verder komen. ‘De nieuwe lichting van Studio Brussel’ mocht er zeker wezen, en maakte het Glimps festival compleet.

Deze derde editie van het Glimps festival was dus zeker een succes, kan ook moeilijk anders met dit originele concept en deze sterke en goed gescoute line-up. Nu is het uitkijken naar volgende optredens van onze talentenvangst.

Organisatie: GlimpsGent

Pagina 84 van 147